2007-10-18 | BWBR0022635 | Beleidsregels bestuurlijke boeten S&O-afdrachtvermindering
This commit is contained in:
parent
025cf7ce74
commit
503addba82
1 changed files with 12 additions and 13 deletions
|
|
@ -16,36 +16,35 @@ In deze beleidsregels wordt verstaan onder wet: de Wet vermindering afdracht loo
|
|||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
Bij het vaststellen van een bestuurlijke boete op grond van artikel 26, eerste of tweede lid, van de wet, zijn de bepalingen van het bij koninklijke boodschap van 22 juli 2004 ingediende voorstel van wet tot aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht (Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht) van overeenkomstige toepassing, zolang dit voorstel nog niet tot wet is verheven en in werking is getreden.
|
||||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
Bij het vaststellen van een bestuurlijke boete op grond van artikel 26, eerste lid, van de wet, wordt betrokken in hoeverre de overtreding licht verwijtbaar, verwijtbaar of ernstig verwijtbaar is.
|
||||
Bij het vaststellen van een bestuurlijke boete op grond van artikel 26, eerste of tweede lid, van de wet, wordt betrokken in hoeverre de overtreding verwijtbaar of ernstig verwijtbaar is.
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
Bestuurlijke boeten worden afgerond op hele bedragen van € 100, met een minimumbedrag van € 100.
|
||||
Bestuurlijke boeten worden, tenzij zij rechtstreeks zijn afgeleid van een percentage, afgerond op hele bedragen van € 100.
|
||||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
De bestuurlijke boete wegens overtreding van artikel 24, eerste lid, en van artikel 25, tweede lid, onder a, van de wet, wordt op nihil vastgesteld indien:
|
||||
|
||||
a. er sprake is van lichte verwijtbaarheid, en
|
||||
b. de minister de S&O-inhoudingsplichtige in de periode vijf jaar voorafgaande aan de vaststelling van de bestuurlijke boete niet eerder een bestuurlijke boete heeft opgelegd wegens overtreding van de desbetreffende bepaling.
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
**1.** Na het verlopen van de termijn, bedoeld in artikel 24, derde en vierde lid, van de wet, volgt een rappel waarin wordt aangegeven dat indien de mededeling niet wordt gedaan binnen de gestelde termijn, aannemelijk wordt bevonden dat het aantal bestede S&O-uren 0 is en, ingeval aan de S&O-inhoudingsplichtige een S&O-verklaring is afgegeven die ook een bedrag aan kosten en uitgaven bevat, tevens aannemelijk wordt bevonden dat het bedrag aan kosten en uitgaven 0 is.
|
||||
**1.** Bij het vaststellen van een bestuurlijke boete wegens het niet doen van de mededeling als bedoeld in artikel 24, tweede lid, van de wet, wordt voor de vraag of er sprake is van ‘geringe ernst’ in ieder geval in aanmerking genomen of de S&O-inhoudingsplichtige feitelijk S&O-afdrachtvermindering heeft toegepast op basis van de S&O-verklaring met betrekking waartoe hij de mededeling niet heeft gedaan.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De hoogte van de op grond van artikel 26, tweede lid, van de wet op te leggen bestuurlijke boete bedraagt voor de volgende categorieën:
|
||||
Bij het vaststellen van een bestuurlijke boete wegens het te laat doen van de mededeling als bedoeld in artikel 24, derde lid, van de wet, wordt voor de vraag of er sprake is van ‘geringe ernst’ in ieder geval in aanmerking genomen of
|
||||
|
||||
a. geen mededeling: € 300;
|
||||
b. niet tijdige mededeling, waarbij de realisatie van het bedrag aan S&O-afdrachtvermindering lager is dan het bedrag dat op de S&O-verklaring is vermeld als bedrag aan S&O-afdrachtvermindering: € 200;
|
||||
c. niet tijdige mededeling, waarbij de realisatie van het bedrag aan S&O-afdrachtvermindering tenminste gelijk is aan het bedrag dat op de S&O-verklaring is vermeld als bedrag aan S&O-afdrachtvermindering: € 100;
|
||||
d. niet tijdige mededeling na beëindig inhoudingsplicht als bedoeld in artikel 24, vierde lid, van de wet: € 100.
|
||||
a. de termijnoverschrijding beperkt is gebleven tot maximaal twee maanden;
|
||||
b. de S&O-inhoudingsplichtige feitelijk S&O-afdrachtvermindering heeft toegepast op basis van de S&O-verklaring met betrekking waartoe hij de mededeling te laat heeft gedaan.
|
||||
|
||||
**3.** In geval van een herhaalde overtreding wordt de laatst opgelegde boete vermenigvuldigd met factor 2 totdat het wettelijk maximum, genoemd in artikel 26, tweede lid, van de wet is bereikt.
|
||||
|
||||
**4.** Onder herhaalde overtreding wordt verstaan een meer dan eenmaal binnen een periode van vijf opeenvolgende jaren geconstateerde en beboete overtreding van de norm, bedoeld in artikel 24, tweede, derde of vierde lid, van de wet.
|
||||
**3.** Indien de SO-inhoudingsplichtige de mededeling, bedoeld in artikel 24, tweede lid, van de wet, heeft gedaan vóórdat aan hem bekend is gemaakt dat het voornemen bestaat om over te gaan tot het vaststellen van een bestuurlijke boete, wordt de bestuurlijke boete vastgesteld wegens het te laat doen van de mededeling.
|
||||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue