2025-01-01 | BWBR0011545 | Besluit studiefinanciering 2000
This commit is contained in:
parent
3bda069058
commit
513ef36319
1 changed files with 19 additions and 5 deletions
|
|
@ -243,7 +243,7 @@ Het verstrekken van inlichtingen, benodigd voor de uitvoering van de wet, door o
|
|||
|
||||
**1.** Onze Minister past de bedragen, genoemd in de artikelen 3.9, tweede lid, en 3.9a, van de wet, per 1 januari van ieder kalenderjaar aan met de procentuele wijziging die het indexcijfer van de CAO-lonen in het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar heeft ondergaan.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister past de bedragen, genoemd in de artikelen 3.18, met uitzondering van de maximale aanvullende beurs, 3.27, tweede lid, 4.7, 4.18, 5.2, 12.14, tweede lid, 12.15, derde lid, 12.16, eerste en tweede lid, en 12.31, tweede lid, van de wet, per 1 januari van ieder kalenderjaar aan met de procentuele wijziging die de consumentenprijsindex over het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar heeft ondergaan.
|
||||
**2.** Onze Minister past de bedragen, genoemd in de artikelen 3.18, met uitzondering van de maximale aanvullende beurs, 3.27, tweede lid, 4.7, 4.18, 5.2, 12.14, tweede lid, 12.15, derde lid, 12.16, eerste en tweede lid, 12.30, derde lid, en 12.31, tweede lid, van de wet, per 1 januari van ieder kalenderjaar aan met de procentuele wijziging die de consumentenprijsindex over het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar heeft ondergaan.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling wordt bepaald wat onder de consumentenprijsindex en het indexcijfer van de CAO-lonen wordt verstaan.
|
||||
|
||||
|
|
@ -323,19 +323,33 @@ b. een bijschrijving op de bij Onze Minister voor de toekenning van studiefinanc
|
|||
|
||||
**2.** Indien bij Onze Minister de benodigde gegevens van de rechthebbende op een tegemoetkoming over de bankrekening waarop de tegemoetkoming kan worden uitbetaald niet bekend zijn, wordt de rechthebbende verzocht deze gegevens binnen twaalf maanden te verstrekken. Indien de rechthebbende op een tegemoetkoming niet binnen deze termijn de gegevens aanvult, vervalt de aanspraak op de tegemoetkoming op grond van een daartoe strekkend besluit van Onze Minister.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 8a
|
||||
## Hoofdstuk 8a. Tegemoetkoming voor cohorten onder het studievoorschot hoger onderwijs
|
||||
|
||||
### Artikel 21a
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
In dit hoofdstuk wordt onder tegemoetkoming verstaan: tegemoetkoming als bedoeld in artikel 12.30, eerste lid, van de wet.
|
||||
|
||||
### Artikel 21b
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
**1.** De tegemoetkoming wordt uiterlijk per 1 januari van het kalenderjaar volgend op het jaar waarin Onze Minister over de voor vaststelling van de aanspraak benodigde gegevens beschikt, ambtshalve toegekend, met dien verstande dat de toekenning aan een rechthebbende waarvan Onze Minister reeds voor of op 31 december 2024 over de voor vaststelling van de aanspraak benodigde gegevens beschikt, geschiedt in 2025.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid wordt de tegemoetkoming op aanvraag toegekend voor de periode waarover Onze Minister niet over de voor vaststelling van de aanspraak van een rechthebbende benodigde gegevens beschikt.
|
||||
|
||||
**3.** De rechthebbende, bedoeld in het tweede lid, dient uiterlijk binnen drie maanden na het verstrijken van de diplomatermijn hoger onderwijs of, indien hij geen studiefinanciering heeft aangevraagd, uiterlijk binnen tien jaar en drie maanden nadat hij zich voor het eerst heeft ingeschreven voor het hoger onderwijs, op een bij ministeriële regeling te bepalen wijze een aanvraag in. Onze Minister besluit uiterlijk per 1 januari van het kalenderjaar volgend op de aanvraag.
|
||||
|
||||
### Artikel 21c
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De tegemoetkoming wordt verstrekt in de vorm van:
|
||||
|
||||
a. een kwijtschelding van de openstaande studieschuld of een deel daarvan; of
|
||||
b. een bijschrijving op de bij de Onze Minister voor de toekenning van studiefinanciering bekende bankrekening, indien:
|
||||
|
||||
1° er op het moment van toekenning geen studieschuld openstaat; of
|
||||
2° er na de kwijtschelding, bedoeld in onderdeel a, nog aanspraak op een deel van de tegemoetkoming bestaat.
|
||||
|
||||
**2.** Indien bij Onze Minister de benodigde gegevens van de rechthebbende op een tegemoetkoming over de bankrekening waarop de tegemoetkoming kan worden uitbetaald niet bekend zijn, wordt de rechthebbende verzocht deze gegevens binnen twaalf maanden te verstrekken. Indien de rechthebbende op een tegemoetkoming niet binnen deze termijn de gegevens aanvult, vervalt de aanspraak op de tegemoetkoming op grond van een daartoe strekkend besluit van Onze Minister.
|
||||
|
||||
### Artikel 22
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue