diff --git a/wet/wet-lokaal-spoor/BWBR0034363/README.md b/wet/wet-lokaal-spoor/BWBR0034363/README.md index 532bd568330..a71ac99ae3b 100644 --- a/wet/wet-lokaal-spoor/BWBR0034363/README.md +++ b/wet/wet-lokaal-spoor/BWBR0034363/README.md @@ -18,6 +18,7 @@ In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - *beheerder:* beheerder van de lokale spoorweginfrastructuur die als zodanig is aangewezen op grond van artikel 18, eerste lid; - *dagelijks bestuur:* dagelijks bestuur van een openbaar lichaam als bedoeld in artikel 20, derde lid, van de Wet personenvervoer 2000; +- *interoperabiliteitsrichtlijn:* richtlijn (EU) 2016/797 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende de interoperabiliteit van het spoorwegsysteem in de Europese Unie (PbEU L 2016, 138); - *Locaalspoor- en Tramwegwet:* Wet van 9 juli 1900, houdende nadere regeling van den dienst en het gebruik van spoorwegen, waarop uitsluitend met beperkte snelheid wordt vervoerd (Stb. 1900, 118); - *lokaal spoorwegverkeerssysteem:* verkeerssysteem van de krachtens artikel 2, eerste lid, als zodanig aangewezen lokale spoorweg; @@ -29,14 +30,11 @@ In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - *rechthebbende:* eigenaar, bezitter of degene die een recht van erfpacht, opstal, vruchtgebruik, gebruik, huur of pacht heeft; - *Reglement dienst hoofd- en lokaalspoorwegen:* Besluit van 25 januari 1977, houdende vaststelling van een algemeen reglement voor de dienst op de hoofd- en lokaalspoorwegen (Stb. 1977, 152); -- *richtlijn 2004/49/EG:* - richtlijn 2004/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 inzake de veiligheid op de communautaire spoorwegen en tot wijziging van Richtlijn 95/18/EG van de Raad betreffende de verlening van vergunningen aan spoorwegondernemingen, en van Richtlijn 2001/14/EG van de Raad inzake de toewijzing van spoorweginfrastructuurcapaciteit en de heffing van rechten voor het gebruik van spoorweginfrastructuur alsmede inzake veiligheidscertificering (PbEG 2004, L 164); - *richtlijn 2007/59/EG:* richtlijn 2007/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 oktober 2007 inzake de certificering van machinisten die locomotieven en treinen op het spoorwegsysteem van de Gemeenschap besturen (PbEU 2007, L 315); -- *richtlijn 2008/57/EG:* - richtlijn 2008/57/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 17 juni 2008 betreffende de interoperabiliteit van het spoorwegsysteem in de Gemeenschap (PbEU 2008, L 191); - *richtlijn 2012/34/EU:* richtlijn 2012/34/EU van het Europees Parlement en de Raad van 21 november 2012 tot instelling van één Europese spoorwegruimte (PbEU L 2012, 343/32); - *spoorvoertuig:* voertuig, bestemd voor verkeer over de lokale spoorweg; +- *spoorwegveiligheidsrichtlijn:* richtlijn (EU) 2016/798 van het Europees Parlement en de Raad inzake veiligheid op het spoor (PbEU L 2016, 138); - *toezichthouder:* de bij besluit van Onze Minister aangewezen personen, bedoeld in artikel 42, eerste lid; - *vervoerder:* onderneming die met een spoorvoertuig vervoer verricht over een lokale spoorweg; - *wegbeheerder:* overheden, genoemd in de artikelen 15 tot en met 17 van de Wegenwet of, indien van toepassing, het openbaar lichaam als bedoeld in artikel 20, derde lid van de Wet personenvervoer 2000 voor zover het wegbeheer aan het openbaar lichaam is overgedragen; @@ -65,15 +63,16 @@ b. geen hoofdspoorweg is als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Spoorwegwe ### Artikel 3 -**1.** De hoofdstukken 2 tot en met 10 zijn van toepassing op lokale spoorwegen die uitgesloten kunnen worden van het toepassingsgebied van de artikelen 7, 8 en 13 en hoofdstuk IV van richtlijn 2012/34/EU en van de uitvoeringsmaatregelen bij richtlijn 2008/57/EG en bij richtlijn 2004/49/EG. +**1.** Deze wet is van toepassing op lokale spoorwegen. -**2.** Tenzij bij of krachtens deze wet anders is bepaald, zijn lokale spoorwegen als bedoeld in het eerste lid uitgesloten van het toepassingsgebied van de artikelen 7, 8 en 13 en hoofdstuk IV van richtlijn 2012/34/EU en van de uitvoeringsmaatregelen bij richtlijn 2008/57/EG en bij richtlijn 2004/49/EG. Tenzij bij of krachtens deze wet anders is bepaald, zijn vervoerders die gebruik maken van een dergelijke lokale spoorweg uitgesloten van het toepassingsgebied van de hoofdstukken II en III van richtlijn 2012/34/EU. Tenzij bij of krachtens deze wet anders is bepaald, zijn bestuurders op een dergelijke spoorweg vrijgesteld van de uitvoeringsmaatregelen bij richtlijn 2007/59/EG. +**2.** -**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over lokale spoorwegen die niet uitgesloten kunnen worden van het toepassingsgebied van de artikelen 7, 8 en 13 en hoofdstuk IV van richtlijn 2012/34/EU en van de uitvoeringsmaatregelen bij richtlijn 2008/57/EG en richtlijn 2004/49/EG. +Indien de interoperabiliteitsrichtlijn, de spoorveiligheidsrichtlijn, richtlijn 2007/59/EG of richtlijn 2012/34/EU vanwege het toepassingsgebied van de desbetreffende richtlijn geheel of gedeeltelijk van toepassing is op een lokale spoorweg, worden, voor zover dit voor een goede toepassing van deze richtlijn nodig is, bij of krachtens algemene maatregel van bestuur regels gesteld. Deze regels kunnen in ieder geval strekken tot: -**4.** De regels, bedoeld in het derde lid, kunnen in ieder geval inhouden het geheel of gedeeltelijk van toepassing verklaren van deze wet, de Spoorwegwet of de op die wetten berustende bepalingen. +a. het geheel of gedeeltelijk buiten toepassing laten van het bij of krachtens deze wet bepaalde op de desbetreffende lokale spoorweg; +b. het geheel of gedeeltelijk van toepassing verklaren van het bij of krachtens de Spoorwegwet bepaalde op de desbetreffende lokale spoorweg. -**5.** In het koninklijk besluit, bedoeld in artikel 2, wordt aangeduid of een spoorweg onder het eerste of het derde lid valt. +**3.** Een lokale spoorweg is uitgesloten van de reikwijdte van een richtlijn genoemd in het tweede lid, indien de desbetreffende richtlijn deze mogelijkheid biedt, tenzij bij of krachtens algemene maatregel van bestuur anders is bepaald. ## Hoofdstuk 2. Zorg voor de veiligheid op en nabij de lokale spoorwegen @@ -282,7 +281,7 @@ b. niet meer voldoet aan de in artikel 19 bedoelde eisen. Het veiligheidsbeheersysteem van de beheerder: -a. voldoet aan artikel 9, tweede lid, van richtlijn 2004/49/EG met uitzondering van de verwijzing naar bijlage III, onderdeel 2, onder c; +a. voldoet aan artikel 9, derde en vierde lid, van de spoorwegveiligheidsrichtlijn, met uitzondering van het derde lid, onderdeel c; b. bevat procedures om te voldoen aan het bepaalde in het tweede lid en het krachtens het derde lid bepaalde; c. bevat, voor zover op grond van artikel 9, vierde lid, beperkingen of voorschriften zijn verbonden aan een vergunning voor indienststelling, procedures om te voldoen aan die beperkingen of voorschriften; d. bevat, voor zover op grond van artikel 18, zesde lid, voorschriften zijn verbonden aan de aanwijzing van de beheerder, procedures om te voldoen aan die voorschriften; en @@ -446,7 +445,7 @@ b. het verkeer dat wordt verricht in het kader van de uitvoering van de beheerta Het veiligheidsbeheersysteem van de vervoerder: -a. voldoet aan artikel 9, tweede lid, van richtlijn 2004/49/EG met uitzondering van de verwijzing naar bijlage III, onderdeel 2, onder c; +a. voldoet aan artikel 9, derde en vierde lid, van de spoorwegveiligheidsrichtlijn, met uitzondering van het derde lid, onderdeel c; b. bevat procedures om te voldoen aan het bepaalde in het tweede lid en aan de ministeriële regeling, bedoeld in het derde lid; c. bevat, voor zover op grond van artikel 32, vijfde lid, beperkingen of voorschriften zijn verbonden aan een vergunning voor indienststelling, procedures om te voldoen aan die beperkingen of voorschriften; d. bevat procedures om te voldoen aan artikel 35, eerste lid. @@ -545,7 +544,7 @@ d. voldoet aan de bij of krachtens artikel 31 gestelde eisen met betrekking tot **8.** Het eerste lid is niet van toepassing op het verrichten van proefritten met het oog op het opdoen van ervaring met spoorvoertuigen of het testen van procedures in het kader van het veiligheidsbeheersysteem. -**9.** Gedeputeerde staten onderscheidenlijk het dagelijks bestuur kunnen ontheffing verlenen van het eerste lid, indien voor een spoorvoertuig reeds een vergunning voor indienststelling of een aanvullende vergunning voor indienststelling is verleend als bedoeld in artikel 36 van de Spoorwegwet. +**9.** Gedeputeerde staten onderscheidenlijk het dagelijks bestuur kunnen ontheffing verlenen van het eerste lid, indien voor een spoorvoertuig reeds een voertuigvergunning als bedoeld in artikel 26k, eerste lid, van de Spoorwegwet. ### Artikel 33 @@ -758,7 +757,7 @@ b. een onderneming € 225.000,–. ### Artikel 50 -Voor de toepassing van het bepaalde bij of krachtens deze wet gaat een wijziging van richtlijn 2004/49/EG gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld. +Voor de toepassing van het bepaalde bij of krachtens deze wet gaat een wijziging van de spoorwegveiligheidsrichtlijn gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld. ### Artikel 51