2020-01-01 | BWBR0021670 | Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden

This commit is contained in:
Coornhert 2020-01-01 12:00:00 +00:00
parent 7ceee5cec0
commit 53cd284c3b

View file

@ -22,7 +22,7 @@ apparatuur voor de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen: apparaat dat specif
behandeld voorwerp: behandeld voorwerp als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder 1, van verordening (EU) Nr. 528/2012;
biociden: biociden als bedoeld in artikel 3, eerste lid onder a, van verordening (EU) Nr. 528/2012;
biociden: biociden als bedoeld in artikel 3, eerste lid onder a, van verordening (EU) Nr. 528/2012;
college: College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden, genoemd in artikel 3;
@ -46,11 +46,11 @@ Onze Ministers: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Onze Min
professionele gebruiker: persoon die in de landbouwsector of in een andere sector, gewasbeschermingsmiddelen gebruikt in het kader van zijn beroepsactiviteiten, met inbegrip van bedieners van toepassingsapparatuur, technici, werkgevers en zelfstandigen;
richtlijn 2009/128/EG: Richtlijn 2009/128/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van een kader voor communautaire actie ter verwezenlijking van een duurzaam gebruik van pesticiden (PbEU L 309);
richtlijn 2009/128/EG: Richtlijn 2009/128/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van een kader voor communautaire actie ter verwezenlijking van een duurzaam gebruik van pesticiden (PbEU L 309);
verordening (EG) nr. 1107/2009: Verordening (EG) Nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU, L 309);
verordening (EG) nr. 1107/2009: Verordening (EG) Nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU, L 309);
verordening (EU) Nr. 528/2012: Verordening (EU) Nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (PbEU, L 167).
verordening (EU) Nr. 528/2012: Verordening (EU) Nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (PbEU, L 167).
verpakking: omhulsel waarin een gewasbeschermingsmiddel of biocide aan of ten behoeve van een gebruiker wordt afgeleverd, of dat daartoe is bestemd;
@ -76,13 +76,13 @@ Er is een College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden. H
**1.** Het college wordt aangewezen als de bevoegde autoriteit voor Nederland in de zin van artikel 75 van verordening (EG) 1107/2009. Het college is in dat kader belast met het optreden als rapporteur lidstaat voor de beoordeling van werkzame stoffen, beschermstoffen en synergisten, alsmede met de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en toevoegingsstoffen, overeenkomstig verordening (EG) 1107/2009.
**2.** Het college wordt aangewezen als de bevoegde autoriteit voor Nederland in de zin van artikel 81, eerste lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012, tenzij in deze wet anders is bepaald.
**2.** Het college wordt aangewezen als de bevoegde autoriteit voor Nederland in de zin van artikel 81, eerste lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012, tenzij in deze wet anders is bepaald.
**3.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen aan het college andere taken worden opgedragen, die samenhangen met het op de markt brengen of het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen of biociden.
**4.** In afwijking van het eerste lid is Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit belast met het verstrekken van informatie als bedoeld in artikel 67, eerste lid, derde tekstblok, van verordening (EG) 1107/2009.
**5.** In afwijking van het eerste lid verstrekt de houder van een toelating aan Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit informatie over het verkoopvolume van gewasbeschermingsmiddelen als bedoeld in artikel 67, derde lid, van Verordening (EG) nr. 1107/2009.
**5.** In afwijking van het eerste lid verstrekt de houder van een toelating aan Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit informatie over het verkoopvolume van gewasbeschermingsmiddelen als bedoeld in artikel 67, derde lid, van Verordening (EG) nr. 1107/2009.
### Artikel 5
@ -108,7 +108,7 @@ Vervallen
**1.** Het college heeft een secretaris en een secretariaat. Het secretariaat is belast met de ondersteuning van het college.
**2.** De secretaris wordt op voordracht van het college benoemd door Onze Minister. Hij kan worden geschorst of ontslagen door Onze Minister.
**2.** Na instemming van Onze Minister sluit, wijzigt en beëindigt het college de arbeidsovereenkomst met de secretaris.
**3.** De secretaris van het college is tevens directeur van het secretariaat. Hij is belast met de dagelijkse leiding daarvan.
@ -137,7 +137,7 @@ Vervallen
### Artikel 10
**1.** Het college stelt zijn tarieven vast in verband met de uitvoering van de in artikel 4 bedoelde wettelijke taken. Het tarief omvat een jaarlijkse bijdrage ten laste van de houder van een toelating voor ieder toegelaten gewasbeschermingsmiddel dat op 1 februari is opgenomen in het register van het college.
**1.** Het college stelt zijn tarieven vast in verband met de uitvoering van de in artikel 4 bedoelde wettelijke taken. Het tarief omvat een jaarlijkse bijdrage ten laste van de houder van een toelating voor ieder toegelaten gewasbeschermingsmiddel dat op 1 februari is opgenomen in het register van het college.
**2.** De tarieven, bedoeld in het eerste lid, bedragen niet meer dan nodig is ter dekking van de gemaakte kosten in verband met de verrichte activiteiten.
@ -365,40 +365,40 @@ In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
### Artikel 43
**1.** Het is verboden in strijd te handelen met de artikelen 17, eerste, vijfde en zesde lid, artikel 27, eerste lid, 47, eerste lid, 56, 58, eerste tot en met het zesde lid, 62, 68, eerste lid, 69, eerste en tweede lid, 72, eerste en derde lid en 95, tweede lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012 of de ter uitvoering daarvan vastgestelde verordeningen.
**1.** Het is verboden in strijd te handelen met de artikelen 17, eerste, vijfde en zesde lid, artikel 27, eerste lid, 47, eerste lid, 56, 58, eerste tot en met het zesde lid, 62, 68, eerste lid, 69, eerste en tweede lid, 72, eerste en derde lid en 95, tweede lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012 of de ter uitvoering daarvan vastgestelde verordeningen.
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing indien het handelen, bedoeld in het eerste lid overeenkomstig verordening (EU) Nr. 528/2012 is toegestaan.
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing indien het handelen, bedoeld in het eerste lid overeenkomstig verordening (EU) Nr. 528/2012 is toegestaan.
**3.** Het is verboden biociden zonder toelating voorhanden of op voorraad te hebben.
**4.** Het is verboden in strijd te handelen met een passende voorlopige maatregel, bedoeld in artikel 88 van verordening (EU) Nr. 528/2012.
**4.** Het is verboden in strijd te handelen met een passende voorlopige maatregel, bedoeld in artikel 88 van verordening (EU) Nr. 528/2012.
### Artikel 44
De in artikel 43 bedoelde verboden gelden niet in de respijtperiode bedoeld in artikel 52 van verordening (EU) Nr. 528/2012.
De in artikel 43 bedoelde verboden gelden niet in de respijtperiode bedoeld in artikel 52 van verordening (EU) Nr. 528/2012.
### Artikel 45
Bij regeling van Onze Minister kunnen ter uitvoering van verordening (EU) Nr. 528/2012 regels worden gesteld over:
Bij regeling van Onze Minister kunnen ter uitvoering van verordening (EU) Nr. 528/2012 regels worden gesteld over:
a. vrijstellingen van verordening (EU) Nr. 528/2012 met betrekking tot bepaalde biociden vanwege belangen op het gebied van defensie, bedoeld in artikel 2, achtste lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012;
b. de etikettering van biociden, bedoeld in artikel 69, derde lid, onder b, van verordening (EU) Nr. 528/2012.
a. vrijstellingen van verordening (EU) Nr. 528/2012 met betrekking tot bepaalde biociden vanwege belangen op het gebied van defensie, bedoeld in artikel 2, achtste lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012;
b. de etikettering van biociden, bedoeld in artikel 69, derde lid, onder b, van verordening (EU) Nr. 528/2012.
### Artikel 46
**1.** Onze Minister kan ter uitvoering van artikel 55 van verordening (EU) Nr. 528/2012 ambtshalve of op aanvraag vrijstelling verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 43, eerste lid, om te handelen in strijd met artikel 17, eerste lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012 en van de voorwaarden van artikel 19 van verordening (EU) Nr. 528/2012 inzake het verlenen van een toelating voor een biocide.
**1.** Onze Minister kan ter uitvoering van artikel 55 van verordening (EU) Nr. 528/2012 ambtshalve of op aanvraag vrijstelling verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 43, eerste lid, om te handelen in strijd met artikel 17, eerste lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012 en van de voorwaarden van artikel 19 van verordening (EU) Nr. 528/2012 inzake het verlenen van een toelating voor een biocide.
**2.** Indien een onverwijlde voorziening noodzakelijk is, kan Onze Minister bepalen dat de vrijstelling onmiddellijk in werking treedt. In dat geval wordt het vrijstellingsbesluit, in afwijking van artikel 3:42, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht op elektronische wijze bekendgemaakt.
**2.** Indien een onverwijlde voorziening noodzakelijk is, kan Onze Minister bepalen dat de vrijstelling onmiddellijk in werking treedt. In dat geval wordt het vrijstellingsbesluit, in afwijking van artikel 3:42, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht op elektronische wijze bekendgemaakt.
**3.** Bij regeling van Onze Minister kan worden bepaald dat een aanvraag eerst in behandeling wordt genomen nadat een bij die regeling vastgesteld bedrag is voldaan op een daarbij te bepalen wijze. Bij regeling van Onze Minister kunnen tevens regels worden gesteld omtrent de te volgen procedure en de minimumvoorwaarden voor vrijstelling.
### Artikel 47
Het college is belast met de uitvoering van artikel 27 van verordening (EU) Nr. 528/2012.
Het college is belast met de uitvoering van artikel 27 van verordening (EU) Nr. 528/2012.
### Artikel 48
Het college is belast met de uitvoering van artikel 88 van verordening (EU) Nr. 528/2012.
Het college is belast met de uitvoering van artikel 88 van verordening (EU) Nr. 528/2012.
### Artikel 49
@ -964,11 +964,11 @@ Vervallen
**1.** De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en de daarop berustende bepalingen, zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van de Wet van 24 maart 2011 houdende wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in verband met de implementatie van Europese regelgeving op het gebied van het op de markt brengen en het duurzame gebruik van gewasbeschermingsmiddelen (Stb. 235) blijft voor zover nodig van toepassing in de in artikel 80, eerste lid, van verordening (EG) 1107/2009 bedoelde gevallen.
**2.** Op de voet van artikel 8o, tweede lid, van verordening (EG) 1107/2009 blijft het bepaalde bij of krachtens de artikelen 25 en 27 van toepassing zoals deze bepalingen luidden voor de inwerkingtreding van de Wet van 24 maart 2011 houdende wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in verband met de implementatie van Europese regelgeving op het gebied van het op de markt brengen en het duurzame gebruik van gewasbeschermingsmiddelen (Stb. 235).
**2.** Op de voet van artikel 8o, tweede lid, van verordening (EG) 1107/2009 blijft het bepaalde bij of krachtens de artikelen 25 en 27 van toepassing zoals deze bepalingen luidden voor de inwerkingtreding van de Wet van 24 maart 2011 houdende wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in verband met de implementatie van Europese regelgeving op het gebied van het op de markt brengen en het duurzame gebruik van gewasbeschermingsmiddelen (Stb. 235).
**3.** De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en de daarop berustende bepalingen, zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van de Wet van 24 maart 2011 houdende wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in verband met de implementatie van Europese regelgeving op het gebied van het op de markt brengen en het duurzame gebruik van gewasbeschermingsmiddelen (Stb. 235), blijft van toepassing op aanvragen tot toelating, in de in artikel 80, vijfde lid, van verordening (EG) 1107/2009 bedoelde gevallen, totdat op die aanvragen is beslist.
**4.** De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en de daarop berustende bepalingen, zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van de Wet van 6 november 2013 houdende wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter uitvoering van Verordening (EU) Nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (PbEU, L 167) (Stb. 459) blijven voor zover nodig van toepassing in de in artikelen 89, tweede lid, en 93 van verordening (EG) Nr. 528/2012 bedoelde gevallen.
**4.** De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en de daarop berustende bepalingen, zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van de Wet van 6 november 2013 houdende wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter uitvoering van Verordening (EU) Nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (PbEU, L 167) (Stb. 459) blijven voor zover nodig van toepassing in de in artikelen 89, tweede lid, en 93 van verordening (EG) Nr. 528/2012 bedoelde gevallen.
### Paragraaf 2. Wijzigingsbepalingen