2013-08-07 | BWBR0020892 | Besluit uitvoering Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling

This commit is contained in:
Coornhert 2013-08-07 12:00:00 +00:00
parent 3ed1cfb88f
commit 54941d03e1

View file

@ -222,6 +222,8 @@ g. de wijze waarop de overeenkomst wordt beëindigd, en de wijze waarop wordt ge
**3.** Een fonds beschikt over toereikende procedures, maatregelen, deskundigheid en informatie om de uitvoering van de uitbestede werkzaamheden te kunnen beoordelen.
**4.** Een fonds heeft zicht op het beloningsbeleid van de derde aan wie werkzaamheden worden uitbesteed, betrekt het beloningsbeleid bij de keuze voor de derde waaraan de werkzaamheden worden uitbesteed en maakt zijn beleid dienaangaande openbaar.
## Hoofdstuk 5. Uitruil, afkoop en gelijke behandeling
### Artikel 15
@ -374,37 +376,17 @@ Indien bij een uitkeringsovereenkomst, een uitkeringsregeling of een premieovere
**4.** In een pensioenregeling die voor de pensioenopbouw rekent met een maximaal te bereiken aantal dienstjaren, geldt dat, indien toepassing van het tweede lid leidt tot meer dan het maximale aantal dienstjaren, het meerdere wordt behandeld als een bij ontslag verkregen pensioenaanspraak in die regeling.
## Hoofdstuk 7. Eisen ten aanzien van deskundigheid en betrouwbaarheid
## Hoofdstuk 7. Geschiktheid, betrouwbaarheid en tijdsbeslag
### Artikel 29
Voorafgaand aan de benoeming van een persoon die het beleid van een fonds gaat bepalen of mede bepalen toetst de Nederlandsche Bank de deskundigheid en betrouwbaarheid van die persoon, bedoeld in artikel 105 van de Pensioenwet dan wel artikel 110 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling.
**1.** De Nederlandsche Bank toetst de geschiktheid en de betrouwbaarheid van een persoon die het beleid van een fonds bepaalt of mede bepaalt, bedoeld in artikel 105 van de Pensioenwet dan wel artikel 110 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling, voorafgaand aan de benoeming van deze persoon en op ieder ander moment, indien daar, naar het oordeel van de Nederlandsche Bank, aanleiding toe bestaat.
**2.** De Nederlandsche Bank toetst de geschiktheid en betrouwbaarheid van een persoon die het intern toezicht van een fonds door een visitatiecommissie uitoefent, bedoeld in artikel 105 van de Pensioenwet dan wel artikel 110 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling, indien daar, naar het oordeel van de Nederlandsche Bank, aanleiding toe bestaat.
### Artikel 30
**1.** Voor het voldoen aan de vereiste deskundigheid is er in de kring van personen die het beleid van het fonds bepalen of mede bepalen ten minste een zodanig niveau van kennis en ervaring aanwezig dat het fonds, mede gelet op artikel 105, tweede lid, van de Pensioenwet dan wel artikel 110, tweede lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling, behoorlijk wordt bestuurd.
**2.** Ten minste twee personen in de kring van personen die het beleid van het fonds bepalen of mede bepalen dienen meerjarige ervaring te hebben in het besturen van een organisatie.
**3.**
De in het eerste lid bedoelde deskundigheid heeft betrekking op:
a. het besturen van een organisatie;
b. relevante wet- en regelgeving;
c. pensioenregelingen en pensioensoorten;
d. financieel technische en actuariële aspecten, waaronder financiering, beleggingen, actuariële principes en herverzekering;
e. administratieve organisatie en interne controle; en
f. communicatie.
**4.**
Het fonds geeft op verzoek van de Nederlandsche Bank aan:
a. hoe het beleid van het fonds ter bevordering en handhaving van het vereiste deskundigheidsniveau luidt;
b. welke personen belast zijn met welke beleidsbepalende taken;
c. welke personen over welke deskundigheid beschikken; en
d. hoe en binnen welke termijn bepaalde tekortkomingen in de vereiste deskundigheid opgeheven zullen worden.
Vervallen
### Artikel 31
@ -442,9 +424,16 @@ c. de aard van de nadere gegevens of inlichtingen.
### Artikel 34
**1.** De betrouwbaarheid van een persoon als bedoeld in artikel 31 staat niet buiten twijfel als deze veroordeeld is terzake van een misdrijf, genoemd in onderdeel 1 van de bijlage bij dit besluit, tenzij er sinds het onherroepelijk worden van de uitspraak acht jaren of meer zijn verstreken.
**1.**
**2.** De Nederlandsche Bank kan op grond van de omstandigheden of belangen, genoemd in artikel 35, afwijken van het eerste lid.
De betrouwbaarheid van een persoon als bedoeld in artikel 31 staat niet buiten twijfel indien:
a. deze onherroepelijk veroordeeld is ter zake van een misdrijf, genoemd in onderdeel 1 van bijlage A, waarbij sinds het onherroepelijk worden van de uitspraak minder dan acht jaren zijn verstreken;
b. deze veroordeeld is ter zake van een misdrijf, genoemd in onderdeel 1 van bijlage A, waarbij de uitspraak nog niet onherroepelijk is of waarbij sinds het onherroepelijk worden van de uitspraak acht of meer jaren zijn verstreken;
c. deze veroordeeld is ter zake van een overtreding van artikel 69 van de Algemene wet inzake de rijksbelastingen of artikel 65 van de Invorderingswet 1990, waarbij betrokkene veroordeeld is tot een gevangenisstraf of boete; of
d. deze een vergrijpboete van meer dan € 62.500 opgelegd heeft gekregen ter zake van een feit, genoemd in onderdeel 5 van bijlage A, en het besluit waarbij de vergrijpboete is opgelegd onherroepelijk is geworden of waarbij ten minste de rechter in eerste aanleg uitspraak heeft gedaan.
**2.** De Nederlandsche Bank kan op grond van de omstandigheden of belangen, genoemd in artikel 35, afwijken van het eerste lid, ten aanzien van de onderdelen b, c en d.
### Artikel 35
@ -454,9 +443,52 @@ a. het onderlinge verband tussen de aan een antecedent ten grondslag liggende ge
b. de belangen die de Pensioenwet en de Wet verplichte beroepspensioenregeling beogen te beschermen; en
c. de overige belangen van het fonds en de betrokkene.
### Artikel 35a
**1.** Tot bestuurder of lid van de raad van toezicht van een fonds kunnen in ieder geval niet worden benoemd personen die door deze benoeming meer dan 1 voltijd equivalent aan werkzaamheden als bestuurder of in een toezichthoudend orgaan zouden verrichten.
**2.**
Voor de toepassing van het eerste lid telt als voltijd equivalent bij rechtspersonen een functie als:
a. bestuursvoorzitter of bestuurder ten minste als 0,6;
b. voorzitter van een toezichthoudend orgaan ten minste als 0,4; en
c. lid van een toezichthoudend orgaan ten minste als 0,2.
**3.**
Voor de toepassing van het eerste lid telt als voltijd equivalent bij grote fondsen een functie als:
a. bestuursvoorzitter ten minste als 0,6;
b. bestuurder ten minste als 0,4;
c. voorzitter van een raad van toezicht ten minste als 0,2; en
d. lid van een raad van toezicht ten minste als 0,1.
**4.**
Voor de toepassing van het eerste lid telt als voltijd equivalent bij kleine fondsen een functie als:
a. bestuursvoorzitter ten minste als 0,3;
b. bestuurder ten minste als 0,2;
c. voorzitter van een raad van toezicht ten minste als 0,2; en
d. lid van een raad van toezicht ten minste als 0,1.
**5.**
Voor de toepassing van dit artikel:
a. wordt verstaan onder een klein fonds: een fonds met een beheerd vermogen van niet meer dan € 10 miljard;
b. wordt verstaan onder een groot fonds: een fonds met meer dan € 10 miljard beheerd vermogen;
c. betreft de verwijzing naar rechtspersonen de rechtsvorm van de naamloze vennootschap en de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die op twee opeenvolgende balansdata, zonder onderbreking nadien op twee opeenvolgende balansdata, niet heeft voldaan aan ten minste twee van de vereisten, bedoeld in artikel 397, eerste en tweede lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, onderscheidenlijk de stichting, bedoeld in artikel 297a, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, niet zijnde een fonds;
d. telt de benoeming bij verschillende rechtspersonen die met elkaar in een groep zijn verbonden, als één benoeming;
e. wordt verstaan onder toezichthoudend orgaan: een raad van toezicht, een raad van commissarissen of indien bij een rechtspersoon de bestuurstaken zijn verdeeld over uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders, niet uitvoerende bestuurders;
f. geldt een tijdelijke aanstelling overeenkomstig artikel 349a, tweede lid, of artikel 356, onder c, van Boek 2 van het Burgerlijk wetboek, niet als benoeming.
**6.** De nietigheid van de benoeming op grond van de vorige leden heeft geen gevolgen voor de rechtsgeldigheid van de besluitvorming waaraan is deelgenomen.
## Hoofdstuk 8. Toedeling taken toezichthouders
### Artikel 35a
### Artikel 35b
**1.** De Nederlandsche Bank verleent de verklaring van geen bezwaar, bedoeld in artikel 108a van de Pensioenwet en artikel 113a van de Wet verplichte beroepspensioenregeling.
@ -633,7 +665,7 @@ Overtreding van een voorschrift, gesteld in een hierna genoemd artikel van de Pe
| 129 | 1 |
| 130 | 1 |
| 134, tweede, vierde en vijfde lid | 1 |
| 135, eerste lid | 1 |
| 135, eerste en vierde lid | 1 |
| 136, eerste lid | 1 |
| 137, eerste lid | 1 |
| 138, eerste t/m vierde lid | 2 |
@ -716,7 +748,7 @@ Overtreding van een voorschrift, gesteld in een hierna genoemd artikel van de We
| 124 | 1 |
| 125 | 1 |
| 129, tweede, vierde en vijfde lid | 1 |
| 130, eerste lid | 1 |
| 130, eerste en vierde lid | 1 |
| 131, eerste lid | 1 |
| 132, eerste lid | 1 |
| 133, eerste tot en met vierde lid | 2 |
@ -790,7 +822,7 @@ Overtreding van een voorschrift gesteld in een hierna genoemd artikel van het Be
### Artikel 52a
Vervallen
Artikel 35a is niet van toepassing op benoemingen tot bestuurder of lid van de raad van toezicht van een fonds voor 1 juli 2014.
### Artikel 53