diff --git a/pbo/nadere-voorschriften-controle-en-overige-standaarden/BWBR0038000/README.md b/pbo/nadere-voorschriften-controle-en-overige-standaarden/BWBR0038000/README.md index 65555cf1f67..75649a7fa70 100644 --- a/pbo/nadere-voorschriften-controle-en-overige-standaarden/BWBR0038000/README.md +++ b/pbo/nadere-voorschriften-controle-en-overige-standaarden/BWBR0038000/README.md @@ -10,7 +10,7 @@ citeertitel: Nadere voorschriften controle- en overige Standaarden # Nadere voorschriften controle- en overige Standaarden -## . Nadere voorschriften controle- en overige standaarden (NV COS) vastgesteld bij bestuursbesluit van 5 april 2016 +## . Nadere voorschriften controle- en overige standaarden (NV COS) vastgesteld bij bestuursbesluit van 5 april 2016 Het bestuur van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), @@ -418,7 +418,7 @@ a. in een direct reporting-opdracht verantwoordelijk is (zijn) voor het object v b. in een assertion based-opdracht verantwoordelijk is (zijn) voor de informatie omtrent het object van onderzoek (de bewering) en verantwoordelijk kan zijn voor het object van onderzoek. De verantwoordelijke partij kan al dan niet degene zijn die aan de accountant de opdracht verstrekt (de opdrachtgever). -- *Verbonden partij* – Hetzij een partij die: (Zie Par. A4–A7) +- *Verbonden partij* – Hetzij een partij die: (Zie Par. A4–A7) a. een verbonden partij is zoals omschreven in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; of b. waar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving minimale of geen vereisten inzake verbonden partijen vaststelt: @@ -453,16 +453,16 @@ Entiteiten die echter onder de gemeenschappelijke zeggenschap van een overheidsi #### . Een controle van financiële overzichten -3 Het doel van een controle is bij te dragen aan de mate van vertrouwen dat de beoogde gebruikers stellen in de financiële overzichten. Dit wordt bewerkstelligd doordat de accountant een oordeel tot uitdrukking brengt over de vraag of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten opgesteld zijn in overeenstemming met een van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving. Bij het merendeel van de stelsels inzake financiële verslaggeving voor algemene doeleinden heeft dat oordeel betrekking op de vraag of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten getrouw zijn weergegeven, of een getrouw beeld geven in overeenstemming met dat stelsel. Een overeenkomstig de Standaarden en relevante ethische voorschriften uitgevoerde controle stelt de accountant in staat dat oordeel te vormen. (Zie Par. A1) -4 De financiële overzichten die onderworpen zijn aan controle zijn die van de entiteit, opgesteld door het management van de entiteit onder de supervisie van de met governance belaste personen. De Standaarden leggen het management of de met governance belaste personen geen verantwoordelijkheden op en doen geen afbreuk aan wet- en regelgeving die deze verantwoordelijkheden bepalen. Een overeenkomstig de Standaarden uitgevoerde controle vertrekt echter van het uitgangspunt dat het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen, bepaalde verantwoordelijkheden hebben erkend die vanuit het oogpunt van de uitvoering van de controle fundamenteel zijn. De controle van de financiële overzichten ontslaat noch het management noch de met governance belaste personen van hun verantwoordelijkheden. (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9, A10 en A11) -5 De Standaarden schrijven voor dat de accountant als basis voor zijn oordeel een redelijke mate van zekerheid moet verkrijgen over de vraag of de financiële overzichten als geheel vrij zijn van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid. Dit wordt verkregen wanneer de accountant voldoende en geschikte controle-informatie heeft verkregen teneinde het controlerisico (en dit is het risico dat een accountant een onjuist oordeel tot uitdrukking brengt wanneer de financiële overzichten een afwijking van het materieel belang bevatten) terug te brengen tot een aanvaardbaar laag niveau. Een redelijke mate van zekerheid is echter geen absolute mate van zekerheid omdat er inherente beperkingen aan een controle verbonden zijn die als gevolg hebben dat het grootste deel van de controle-informatie op basis waarvan de accountant zijn conclusies trekt en zijn oordeel vormt, eerder overtuigend is dan dat het sluitend bewijsmateriaal verschaft. (Zie Par. A28, A29, A30, A31, A32, A33, A34, A35, A36, A37, A38, A39, A40, A41, A42, A43, A44, A45, A46, A47, A48, A49, A50, A51 en A52) +3 Het doel van een controle is bij te dragen aan de mate van vertrouwen dat de beoogde gebruikers stellen in de financiële overzichten. Dit wordt bewerkstelligd doordat de accountant een oordeel tot uitdrukking brengt over de vraag of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten opgesteld zijn in overeenstemming met een van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving. Bij het merendeel van de stelsels inzake financiële verslaggeving voor algemene doeleinden heeft dat oordeel betrekking op de vraag of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten getrouw zijn weergegeven, of een getrouw beeld geven in overeenstemming met dat stelsel. Een overeenkomstig de Standaarden en relevante ethische voorschriften uitgevoerde controle stelt de accountant in staat dat oordeel te vormen. (Zie Par. A1) +4 De financiële overzichten die onderworpen zijn aan controle zijn die van de entiteit, opgesteld door het management van de entiteit onder de supervisie van de met governance belaste personen. De Standaarden leggen het management of de met governance belaste personen geen verantwoordelijkheden op en doen geen afbreuk aan wet- en regelgeving die deze verantwoordelijkheden bepalen. Een overeenkomstig de Standaarden uitgevoerde controle vertrekt echter van het uitgangspunt dat het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen, bepaalde verantwoordelijkheden hebben erkend die vanuit het oogpunt van de uitvoering van de controle fundamenteel zijn. De controle van de financiële overzichten ontslaat noch het management noch de met governance belaste personen van hun verantwoordelijkheden. (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9, A10 en A11) +5 De Standaarden schrijven voor dat de accountant als basis voor zijn oordeel een redelijke mate van zekerheid moet verkrijgen over de vraag of de financiële overzichten als geheel vrij zijn van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid. Dit wordt verkregen wanneer de accountant voldoende en geschikte controle-informatie heeft verkregen teneinde het controlerisico (en dit is het risico dat een accountant een onjuist oordeel tot uitdrukking brengt wanneer de financiële overzichten een afwijking van het materieel belang bevatten) terug te brengen tot een aanvaardbaar laag niveau. Een redelijke mate van zekerheid is echter geen absolute mate van zekerheid omdat er inherente beperkingen aan een controle verbonden zijn die als gevolg hebben dat het grootste deel van de controle-informatie op basis waarvan de accountant zijn conclusies trekt en zijn oordeel vormt, eerder overtuigend is dan dat het sluitend bewijsmateriaal verschaft. (Zie Par. A28, A29, A30, A31, A32, A33, A34, A35, A36, A37, A38, A39, A40, A41, A42, A43, A44, A45, A46, A47, A48, A49, A50, A51 en A52) 6 Het begrip materialiteit wordt door de accountant toegepast zowel bij het plannen en uitvoeren van de controle als bij het evalueren van het effect dat geconstateerde afwijkingen op de controle hebben en dat eventuele ongecorrigeerde afwijkingen van materieel belang op de financiële overzichten hebben.19Standaard 320, *Materialiteit bij de planning en uitvoering van een controle* en Standaard 450, *Evaluatie van tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen*. Over het algemeen worden afwijkingen, met inbegrip van weglatingen, afzonderlijk of gezamenlijk, van materieel belang geacht indien daarvan redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij een invloed hebben op de economische beslissingen die gebruikers op basis van de financiële overzichten nemen. Oordeelsvormingen met betrekking tot de materialiteit worden gemaakt in het licht van de gegeven omstandigheden en worden beïnvloed door de perceptie die de accountant heeft van de behoeften aan financiële informatie die de gebruikers van de financiële overzichten hebben, alsmede door de omvang en de aard van een afwijking, of door een combinatie van beide. Het oordeel van de accountant heeft betrekking op de financiële overzichten als geheel, en daarom is de accountant niet verantwoordelijk voor het detecteren van afwijkingen die niet van materieel belang zijn voor de financiële overzichten als geheel. 7 De Standaarden bevatten doelstellingen, vereisten en toepassingsgerichte en overige verklarende teksten die erop gericht zijn de accountant te ondersteunen bij het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid. De Standaarden vereisen van de accountant dat hij professionele oordeelsvorming toepast en dat hij tijdens het plannen en uitvoeren van de controle een professioneel-kritische instelling handhaaft, waaronder: • het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten, op basis van inzicht in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van de interne beheersing van de entiteit; • het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie over de vraag of er afwijkingen van materieel belang bestaan, door het opzetten en implementeren van passende manieren van inspelen op de ingeschatte risico’s; • het vormen van een oordeel over de financiële overzichten op basis van conclusies die uit de verkregen controle-informatie worden getrokken. -8 De vorm van het oordeel dat door de accountant tot uitdrukking wordt gebracht zal afhankelijk zijn van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving alsmede van eventuele van toepassing zijnde wet- of regelgeving. (Zie Par. A12 en A13) +8 De vorm van het oordeel dat door de accountant tot uitdrukking wordt gebracht zal afhankelijk zijn van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving alsmede van eventuele van toepassing zijnde wet- of regelgeving. (Zie Par. A12 en A13) 9 De accountant kan ook bepaalde andere communicatie- en verslaggevingsverantwoordelijkheden hebben jegens gebruikers, het management, de met governance belaste personen of partijen buiten de entiteit met betrekking tot aangelegenheden die bij de controle aan de orde komen. Deze kunnen worden bepaald door de Standaarden of door de van toepassing zijnde wet- of regelgeving20Zie bijvoorbeeld Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen* en paragraaf 43 van Standaard 240, *De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten*.. #### . Ingangsdatum @@ -526,56 +526,56 @@ o. *de met governance belaste personen* – De persoon (personen) of organisatie #### . Ethische voorschriften die betrekking hebben op een controle van financiële overzichten -14 De accountant dient relevante ethische voorschriften na te leven, inclusief die inzake onafhankelijkheid, met betrekking tot opdrachten voor de controle van financiële overzichten. (Zie Par. A14, A15, A16 en A17) +14 De accountant dient relevante ethische voorschriften na te leven, inclusief die inzake onafhankelijkheid, met betrekking tot opdrachten voor de controle van financiële overzichten. (Zie Par. A14, A15, A16 en A17) #### . Professioneel-kritische instelling -15 De accountant dient een controle met een professioneel-kritische instelling te plannen en uit te voeren, waarbij hij er rekening mee houdt dat er omstandigheden kunnen bestaan die ertoe leiden dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten. (Zie Par. A18, A19, A20, A21 en A22) +15 De accountant dient een controle met een professioneel-kritische instelling te plannen en uit te voeren, waarbij hij er rekening mee houdt dat er omstandigheden kunnen bestaan die ertoe leiden dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten. (Zie Par. A18, A19, A20, A21 en A22) #### . Professionele oordeelsvorming -16 De accountant dient bij het plannen en uitvoeren van een controle van de financiële overzichten professionele oordeelsvorming toe te passen. (Zie Par. A23, A24, A25, A26 en A27) +16 De accountant dient bij het plannen en uitvoeren van een controle van de financiële overzichten professionele oordeelsvorming toe te passen. (Zie Par. A23, A24, A25, A26 en A27) #### . Voldoende en geschikte controle-informatie en controlerisico -17 Om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen, dient de accountant voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen teneinde het controlerisico naar een aanvaardbaar laag niveau terug te brengen en daarmee de accountant in staat te stellen om redelijke conclusies te trekken, waarop hij zijn oordeel kan baseren. (Zie Par. A28, A29, A30, A31, A32, A33, A34, A35, A36, A37, A38, A39, A40, A41, A42, A43, A44, A45, A46, A47, A48, A49, A50, A51 en A52) +17 Om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen, dient de accountant voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen teneinde het controlerisico naar een aanvaardbaar laag niveau terug te brengen en daarmee de accountant in staat te stellen om redelijke conclusies te trekken, waarop hij zijn oordeel kan baseren. (Zie Par. A28, A29, A30, A31, A32, A33, A34, A35, A36, A37, A38, A39, A40, A41, A42, A43, A44, A45, A46, A47, A48, A49, A50, A51 en A52) #### . Het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden ##### . Voldoen aan Standaarden die relevant zijn voor de controle -18 De accountant dient te voldoen aan alle Standaarden die relevant zijn voor de controle. Een Standaard is relevant voor de controle wanneer de Standaard van kracht isen de in de Standaard aangegeven omstandigheden bestaan. (Zie Par. A53, A54, A55, A56 en A57) -19 De accountant dient inzicht te hebben in de gehele tekst van een Standaard, met inbegrip van de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten teneinde de doelstellingen te begrijpen en de vereisten naar behoren toe te passen. (Zie Par. A58, A59, A60, A61, A62, A63, A64, A65 en A66) +18 De accountant dient te voldoen aan alle Standaarden die relevant zijn voor de controle. Een Standaard is relevant voor de controle wanneer de Standaard van kracht isen de in de Standaard aangegeven omstandigheden bestaan. (Zie Par. A53, A54, A55, A56 en A57) +19 De accountant dient inzicht te hebben in de gehele tekst van een Standaard, met inbegrip van de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten teneinde de doelstellingen te begrijpen en de vereisten naar behoren toe te passen. (Zie Par. A58, A59, A60, A61, A62, A63, A64, A65 en A66) 20 De accountant dient niet in zijn controleverklaring te vermelden dat de controle is uitgevoerd in overeenstemming met de Standaarden, tenzij hij deze heeft uitgevoerd in overeenstemming met de vereisten van deze Standaard en met alle andere voor de controle relevante Standaarden. ##### . Doelstellingen die in individuele Standaarden worden vermeld -21 Om de algehele doelstellingen van de accountant te bereiken, dient de accountant bij het plannen en uitvoeren van de controle de in de relevante Standaarden vermelde doelstellingen te hanteren, rekening houdend met de onderlinge relaties tussen de Standaarden, om: (Zie Par. A67, A68 en A69) +21 Om de algehele doelstellingen van de accountant te bereiken, dient de accountant bij het plannen en uitvoeren van de controle de in de relevante Standaarden vermelde doelstellingen te hanteren, rekening houdend met de onderlinge relaties tussen de Standaarden, om: (Zie Par. A67, A68 en A69) -a. vast te stellen of het noodzakelijk is om aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren naast die welke door de Standaarden zijn vereist, teneinde de in de Standaarden vermelde doelen te bereiken; en (Zie Par. A70) -b. te evalueren of er voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen. (Zie Par. A71) +a. vast te stellen of het noodzakelijk is om aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren naast die welke door de Standaarden zijn vereist, teneinde de in de Standaarden vermelde doelen te bereiken; en (Zie Par. A70) +b. te evalueren of er voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen. (Zie Par. A71) ##### . Het voldoen aan relevante vereisten 22 Behoudens paragraaf 23 dient de accountant te voldoen aan alle vereisten van een Standaard, tenzij in de omstandigheden van de controle: a. de Standaard in zijn geheel niet relevant is; of -b. het vereiste niet relevant is omdat die van voorwaardelijke aard is en de voorwaarde niet is vervuld. (Zie Par. A72 en A73) -23 In uitzonderlijke omstandigheden kan de accountant het noodzakelijk achten om af te wijken van een relevant vereiste van een Standaard. In dergelijke omstandigheden dient de accountant alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren om het oogmerk van dit vereiste te bereiken. De noodzaak dat de accountant van een relevant vereiste moet afwijken, komt naar verwachting alleen voor wanneer wordt vereist dat een specifieke maatregel wordt uitgevoerd en, in de specifieke omstandigheden van de controle, deze maatregel niet effectief zou zijn om het oogmerk van het vereiste te bereiken. (Zie Par. A74) +b. het vereiste niet relevant is omdat die van voorwaardelijke aard is en de voorwaarde niet is vervuld. (Zie Par. A72 en A73) +23 In uitzonderlijke omstandigheden kan de accountant het noodzakelijk achten om af te wijken van een relevant vereiste van een Standaard. In dergelijke omstandigheden dient de accountant alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren om het oogmerk van dit vereiste te bereiken. De noodzaak dat de accountant van een relevant vereiste moet afwijken, komt naar verwachting alleen voor wanneer wordt vereist dat een specifieke maatregel wordt uitgevoerd en, in de specifieke omstandigheden van de controle, deze maatregel niet effectief zou zijn om het oogmerk van het vereiste te bereiken. (Zie Par. A74) ##### . Het niet bereiken van een doelstelling -24 Wanneer een doelstelling van een relevante Standaard niet kan worden bereikt, dient de accountant te evalueren of dit de accountant ervan weerhoudt de algehele doelstellingen van de accountant te bereiken en daarmee vereist dat de accountant, overeenkomstig de Standaarden, zijn oordeel aanpast of de opdracht teruggeeft (in het geval teruggeven mogelijk is overeenkomstig de van toepassing zijnde wet- of regelgeving). Het niet bereiken van een doelstelling vormt een belangrijke aangelegenheid die documentatie vereist overeenkomstig Standaard 23022Standaard 230, *Controledocumentatie*, paragraaf 8(c).. (Zie Par. A75 en A76) +24 Wanneer een doelstelling van een relevante Standaard niet kan worden bereikt, dient de accountant te evalueren of dit de accountant ervan weerhoudt de algehele doelstellingen van de accountant te bereiken en daarmee vereist dat de accountant, overeenkomstig de Standaarden, zijn oordeel aanpast of de opdracht teruggeeft (in het geval teruggeven mogelijk is overeenkomstig de van toepassing zijnde wet- of regelgeving). Het niet bereiken van een doelstelling vormt een belangrijke aangelegenheid die documentatie vereist overeenkomstig Standaard 23022Standaard 230, *Controledocumentatie*, paragraaf 8(c).. (Zie Par. A75 en A76) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten #### . Een controle van financiële overzichten -##### . Reikwijdte van de controle (Zie Par. 3) +##### . Reikwijdte van de controle (Zie Par. 3) A1 Het oordeel van de accountant over de financiële overzichten behandelt de vraag of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Een dergelijk oordeel wordt gebruikt bij alle controles van financiële overzichten. Om die reden biedt het oordeel van de accountant geen zekerheid, over bijvoorbeeld de toekomstige levensvatbaarheid van de entiteit, noch over de doelmatigheid dan wel de effectiviteit waarmee het management leiding heeft gegeven aan de entiteit. In sommige rechtsgebieden kan van toepassing zijnde wet- of regelgeving echter van de accountant vereisen dat hij een oordeel geeft over andere specifieke aangelegenheden zoals de effectiviteit van de interne beheersing of de mate van consistentie tussen een afzonderlijk managementrapport en de financiële overzichten. Hoewel de Standaarden vereisten en leidraden met betrekking tot dergelijke aangelegenheden bevatten, voor zover deze relevant zijn voor het vormen van een oordeel over de financiële overzichten, wordt van de accountant vereist verdere werkzaamheden uit te voeren indien hij aanvullende verantwoordelijkheden heeft om dergelijke oordelen te geven. -##### . Het opstellen van de financiële overzichten (Zie Par. 4) +##### . Het opstellen van de financiële overzichten (Zie Par. 4) A2 Bij wet- of regelgeving kunnen de verantwoordelijkheden van het management en, in voorkomend geval, van de met governance belaste personen worden vastgesteld met betrekking tot de financiële verslaggeving. De omvang van deze verantwoordelijkheden of de wijze waarop zij worden beschreven, kan evenwel verschillen tussen rechtsgebieden. Ongeacht deze verschillen wordt een overeenkomstig de Standaarden uitgevoerde controle uitgevoerd vanuit het uitgangspunt dat het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen hebben erkend en begrepen dat zij de verantwoordelijkheid hebben: @@ -628,12 +628,12 @@ A10 Vanwege de significantie van het uitgangspunt voor de uitvoering van een con A11 De mandaten voor controles van de financiële overzichten van entiteiten in de publieke sector kunnen ruimer zijn dan die van andere entiteiten. Als gevolg daarvan kan het uitgangspunt met betrekking tot de verantwoordelijkheden van het management, op basis waarvan een controle van de financiële overzichten wordt uitgevoerd, een aantal aanvullende verantwoordelijkheden bevatten, zoals de verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van transacties en gebeurtenissen in overeenstemming met de wet- en regelgeving of met andere van kracht zijnde voorschriften26Zie paragraaf A57.. -##### . De vorm van het oordeel van de accountant (Zie Par. 8) +##### . De vorm van het oordeel van de accountant (Zie Par. 8) A12 Het oordeel dat door de accountant tot uitdrukking wordt gebracht, heeft betrekking op de vraag of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten zijn opgesteld in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. De vorm van het oordeel van de accountant is echter wel afhankelijk van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en van eventuele van toepassing zijnde wet- of regelgeving. De meeste stelsels inzake financiële verslaggeving bevatten vereisten die betrekking hebben op de presentatie van de financiële overzichten; voor dergelijke stelsels houdt het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving ook de presentatie in. A13 Wanneer het stelsel inzake financiële verslaggeving een getrouw-beeld-stelsel is, wat in het algemeen het geval is voor financiële overzichten voor algemene doeleinden, heeft het door de Standaarden vereiste oordeel betrekking op de vraag of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten getrouw zijn weergegeven, dan wel of zij een getrouw beeld geven. Wanneer het stelsel inzake financiële verslaggeving een compliance-stelsel is, heeft het vereiste oordeel betrekking op de vraag of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming met het stelsel zijn opgesteld. Tenzij het duidelijk anders is aangegeven, omvatten verwijzingen in de Standaarden naar het oordeel van de accountant beide vormen van het oordeel van de accountant. -#### . Ethische voorschriften die betrekking hebben op een controle van financiële overzichten (Zie Par. 14) +#### . Ethische voorschriften die betrekking hebben op een controle van financiële overzichten (Zie Par. 14) A14 De accountant is onderworpen aan relevante ethische voorschriften, inclusief die inzake onafhankelijkheid, met betrekking tot opdrachten voor de controle van financiële overzichten. Relevante ethische voorschriften omvatten gewoonlijk de Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants (VGBA) betreffende een controle van financiële overzichten tezamen met nationale voorschriften die strikter zijn. A15 De VGBA bevat de fundamentele beginselen van de beroepsethiek die relevant zijn voor de accountant wanneer hij een controle van financiële overzichten uitvoert en verschaft een conceptueel raamwerk voor de toepassing van die beginselen. De fundamentele beginselen die van de accountant worden vereist om aan de VGBA te voldoen zijn: @@ -646,7 +646,7 @@ e. vertrouwelijkheid. A16 Bij een controleopdracht is het in het algemeen belang, en daarom door de VGBA vereist dat de accountant onafhankelijk is van de entiteit die aan de controle is onderworpen. In de VGBA wordt onafhankelijkheid beschreven als enerzijds onafhankelijkheid in wezen en anderzijds onafhankelijkheid in schijn. De onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht waarborgt de mogelijkheid van de eindverantwoordelijke accountant om zich een oordeel te vormen zonder zich te laten leiden door invloeden die zijn oordeel zouden kunnen aantasten. Onafhankelijkheid versterkt het vermogen van de accountant om met integriteit te handelen, om objectief te zijn en om een professioneel-kritische instelling te handhaven. A17 De wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing27Afhankelijk van de situatie *Wet toezicht accountantsorganisaties *(Wta)*/Besluit toezicht accountantsorganisaties *(Bta)/*Verordening accountantsorganisaties *(VAO) of *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten* (NVAK assurance).^,28Standaard 220, *Kwaliteitsbeheersing voor een controle van financiële overzichten*, paragraaf 2., behandelen de verantwoordelijkheden van het kantoor om zijn systeem van kwaliteitsbeheersing voor controleopdrachten vast te stellen en te onderhouden. De wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing bepaalt de verantwoordelijkheden van het kantoor om beleidslijnen en procedures vast te stellen die zijn opgezet om aan het kantoor een redelijke mate van zekerheid te verschaffen dat het kantoor en het personeel ervan relevante ethische voorschriften naleven, inclusief inzake onafhankelijkheid29Wta, artikel 19/Bta, artikel 27–28/VAO, artikel 15–30, respectievelijk NVAK assurance, artikel 12 en 32–56.. In Standaard 220 worden de verantwoordelijkheden van de opdrachtpartner met betrekking tot relevante ethische voorschriften uiteengezet. Deze omvatten het alert blijven, middels waarneming en het verzoeken om inlichtingen naargelang noodzakelijk, op informatie die het niet naleven door leden van het opdrachtteam van relevante ethische voorschriften aantoont, het bepalen van de passende actie wanneer aangelegenheden onder de aandacht van de opdrachtpartner worden gebracht die erop wijzen dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften niet hebben nageleefd, alsmede het vormen van een conclusie omtrent het naleven van de onafhankelijkheidsvoorschriften die op de controleopdracht van toepassing zijn.30Standaard 220, paragraaf 9, 10 en 11. In Standaard 220 wordt erkend dat het opdrachtteam het recht heeft om te steunen op een stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor om zijn verantwoordelijkheden na te komen betreffende kwaliteitsbeheersingsprocedures die van toepassing zijn op de individuele controleopdracht, tenzij de informatie die door het kantoor of andere partijen verstrekt wordt, het tegendeel doet veronderstellen. -#### . Professioneel-kritische instelling (Zie Par. 15) +#### . Professioneel-kritische instelling (Zie Par. 15) A18 Een professioneel-kritische instelling houdt onder meer het alert zijn op het volgende in: @@ -663,7 +663,7 @@ A20 Een professioneel-kritische instelling is noodzakelijk voor de kritische eva A21 De accountant mag de vastleggingen en documenten als echt beschouwen tenzij hij redenen heeft om het tegendeel te denken. Van de accountant wordt niettemin vereist dat hij de betrouwbaarheid overweegt van de informatie die als controle-informatie wordt gebruikt31Standaard 500, *Controle-informatie*, paragraaf 7, 8 en 9.. In geval van twijfel aan de betrouwbaarheid van de informatie of in geval van aanwijzingen van mogelijke fraude (bijvoorbeeld als situaties die tijdens de controle geïdentificeerd zijn ertoe leiden dat de accountant ervan overtuigd is dat het document niet authentiek is of dat termen in een document vervalst zouden kunnen zijn), vereisen de Standaarden van de accountant dat hij verder onderzoek doet en bepaalt welke wijzigingen van of toevoegingen aan de controlewerkzaamheden noodzakelijk zijn om de aangelegenheid op te lossen32Standaard 240, paragraaf 13; Standaard 500, paragraaf 11; en Standaard 505, *Externe bevestigingen*, paragraaf 10, 11 en 16.. A22 Van de accountant kan niet worden verwacht dat hij eerdere ervaringen met de eerlijkheid en integriteit van het management en de met governance belaste personen negeert. De opvatting dat het management en de met governance belaste personen eerlijk en integer zijn, ontslaat de accountant evenwel niet van de noodzaak om een professioneel-kritische instelling te handhaven of staat niet toe dat hij zich tevreden stelt met minder dan overtuigende controle-informatie bij het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid. -#### . Professionele oordeelsvorming (Zie Par. 16) +#### . Professionele oordeelsvorming (Zie Par. 16) A23 Professionele oordeelsvorming is van essentieel belang voor het op passende wijze uitvoeren van een controle. Dit is zo omdat de interpretatie van relevante ethische vereisten en de Standaarden en de weloverwogen beslissingen die tijdens een controle vereist zijn, niet kunnen worden gemaakt zonder een beroep te doen op een relevante kennis van zaken en op relevante ervaring met de feiten en de omstandigheden. Professionele oordeelsvorming is in het bijzonder noodzakelijk betreffende beslissingen over: @@ -677,7 +677,7 @@ A25 Het toepassen van professionele oordeelsvorming in welke zaak dan ook is geb A26 Professionele oordeelsvorming kan worden geëvalueerd op basis van de vraag of de bereikte oordeelsvorming een deskundige toepassing van de controle- en verslaggevingsbeginselen weerspiegelt en passend is in het licht van, en consistent is met de feiten en omstandigheden die bekend zijn bij de accountant tot aan de datum van de controleverklaring. A27 Professionele oordeelsvorming moet worden toegepast tijdens het gehele verloop van de controle. Zij dient tevens op een passende wijze te worden gedocumenteerd. In dit opzicht wordt er van de accountant vereist om voldoende controledocumentatie op te stellen teneinde een ervaren accountant die niet eerder met de controle te maken heeft gehad, in staat te stellen, de significante professionele oordeelsvormingen te begrijpen die gemaakt worden om tot conclusies te komen over significante aangelegenheden die tijdens de controle aan het licht komen34Standaard 230, paragraaf 8.. Professionele oordeelsvorming mag niet worden aangevoerd ter rechtvaardiging van beslissingen die niet op andere wijze door de feiten en de omstandigheden van de opdracht of door voldoende en geschikte controle-informatie worden onderbouwd. -#### . Voldoende en geschikte controle-informatie en controlerisico (Zie Par. 5 en 17) +#### . Voldoende en geschikte controle-informatie en controlerisico (Zie Par. 5 en 17) ##### . Het voldoende en geschikt zijn van controle-informatie @@ -765,7 +765,7 @@ A52 Vanwege de inherente beperkingen van een controle bestaat een onvermijdbaar #### . Het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden -##### . Aard van de Standaarden (Zie Par. 18) +##### . Aard van de Standaarden (Zie Par. 18) A53 Als geheel genomen, voorzien de Standaarden in standaarden voor de werkzaamheden van de accountant met het oog op het bereiken van de algehele doelstellingen van de accountant. De Standaarden hebben zowel betrekking op de algemene verantwoordelijkheden van de accountant als op de verdere overwegingen van de accountant die relevant zijn voor het toepassen van die verantwoordelijkheden op specifieke onderwerpen. A54 De reikwijdte, de ingangsdatum, en elke specifieke beperking van de toepasbaarheid van een specifieke Standaard wordt in de Standaard verduidelijkt. Tenzij dit in de Standaard anders wordt aangegeven, is het de accountant toegestaan een Standaard toe te passen vόόr de ingangsdatum die daarin is bepaald. @@ -776,7 +776,7 @@ A56 De accountant kan de controle ook in overeenstemming met zowel de Standaarde A57 De Standaarden zijn relevant voor opdrachten in de publieke sector. De verantwoordelijkheden van de accountant in de publieke sector kunnen echter mede worden bepaald door het controlemandaat of door verplichtingen voor entiteiten in de publieke sector die voortkomen uit wet- en regelgeving of uit andere van kracht zijnde voorschriften (zoals ministeriële aanwijzingen, vereisten op grond van het overheidsbeleid, of besluiten van de wetgever) die een bredere reikwijdte kunnen hebben dan een overeenkomstig de Standaarden uitgevoerde controle van financiële overzichten. Deze aanvullende verantwoordelijkheden worden in de Standaarden niet behandeld. Ze worden mogelijk behandeld in de publicaties van de International Organization of Supreme Audit Institutions of van nationale organisaties die standaarden vaststellen, of in leidraden die ontwikkeld zijn door controle-instanties binnen de overheid. -##### . Inhoud van de Standaarden (Zie Par. 19) +##### . Inhoud van de Standaarden (Zie Par. 19) A58 Naast doelstellingen en vereisten (vereisten worden in de Standaarden aangegeven door middel van een formulering met ‘dienen’) bevat een Standaard ook leidraden in de vorm van toepassingsgerichte en overige verklarende teksten. Een Standaard kan ook inleidende teksten bevatten die de context verschaffen die relevant is om de Standaard en de definities goed te kunnen begrijpen. De gehele tekst van een Standaard is derhalve relevant voor het begrijpen van de doelstellingen die in een Standaard worden vermeld en voor de behoorlijke toepassing van de vereisten van een Standaard. A59 Indien noodzakelijk bevatten de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten verdere uitleg over de vereisten van een Standaard en leidraden bij het uitvoeren ervan. In het bijzonder kan deze informatie: @@ -813,7 +813,7 @@ Deze kwalitatieve kenmerken zijn niet uitputtend, zij hebben niet uitsluitend be A65 De specifiek voor kleinere entiteiten geldende overwegingen die in de Standaarden zijn opgenomen, zijn hoofdzakelijk ontwikkeld met niet-beursgenoteerde entiteiten voor ogen. Bepaalde overwegingen zouden echter nuttig kunnen zijn bij controles van kleinere beursgenoteerde entiteiten. A66 De Standaarden refereren aan de eigenaar van een kleinere entiteit die als de ‘eigenaar-bestuurder’ dagelijks bij het beheer van de entiteit betrokken is. -##### . Doelstellingen vermeld in individuele Standaarden (Zie Par. 21) +##### . Doelstellingen vermeld in individuele Standaarden (Zie Par. 21) A67 Iedere Standaard bevat één of meerdere doelstellingen die het verband leggen tussen de vereisten en de algehele doelstellingen van de accountant. De in de individuele Standaarden vermelde doelstellingen dienen om de aandacht van de accountant te vestigen op de gewenste uitkomst van de Standaard en zijn tegelijk specifiek genoeg om de accountant te helpen bij: @@ -822,11 +822,11 @@ A67 Iedere Standaard bevat één of meerdere doelstellingen die het verband legg A68 Doelstellingen moeten worden begrepen in de context van de algehele doelstellingen van de accountant, beschreven in paragraaf 11 van deze Standaard. Net als met de algehele doelstellingen van de accountant is de mogelijkheid om een individuele doelstelling te bereiken tevens afhankelijk van de inherente beperkingen van een controle. A69 Bij het hanteren van de doelstellingen wordt van de accountant vereist dat hij rekening houdt met de onderlinge verbanden tussen de Standaarden. De reden hiervoor is dat de Standaarden in sommige gevallen, zoals aangegeven in paragraaf A53, betrekking hebben op algemene verantwoordelijkheden en in andere gevallen op het toepassen van die verantwoordelijkheden op specifieke onderwerpen. Deze Standaard vereist bijvoorbeeld dat een accountant een professioneel-kritische instelling aanneemt; dit is noodzakelijk bij alle aspecten van het plannen en uitvoeren van een controle, maar wordt niet herhaald als een vereiste van iedere Standaard. Op een meer gedetailleerd niveau bevatten de Standaarden 315 en 330 onder meer doelstellingen en vereisten die betrekking hebben op de verantwoordelijkheden van de accountant om respectievelijk de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten, alsmede om verdere controlewerkzaamheden die inspelen op de ingeschatte risico’s, op te zetten en uit te voeren; deze doelstellingen en vereisten zijn tijdens de gehele controle van toepassing. In een Standaard die betrekking heeft op specifieke aspecten van de controle (bijvoorbeeld Standaard 540) kan nader worden ingegaan op de manier waarop de doelstellingen en vereisten van Standaarden zoals Standaard 315 en Standaard 330 ten aanzien van het door de Standaard behandelde onderwerp moeten worden toegepast, maar worden deze niet herhaald. Teneinde de in Standaard 540 vermelde doelstelling te bereiken, neemt de accountant derhalve de doelstellingen en vereisten van andere relevante Standaarden in aanmerking. -###### . Het hanteren van de doelstellingen om de noodzaak van aanvullende controlewerkzaamheden te bepalen (Zie Par. 21(a)) +###### . Het hanteren van de doelstellingen om de noodzaak van aanvullende controlewerkzaamheden te bepalen (Zie Par. 21(a)) A70 De vereisten van de Standaarden zijn erop gericht de accountant in staat te stellen de in de Standaarden gespecificeerde doelstellingen, en daarmee de algehele doelstellingen van de accountant te bereiken. De behoorlijke toepassing door de accountant van de vereisten van de Standaarden wordt daarom geacht een toereikende basis te bieden voor het bereiken van de doelstellingen door de accountant. Omdat de omstandigheden van controleopdrachten echter ver uiteenlopen en op al die omstandigheden in de Standaarden niet kan worden geanticipeerd, is de accountant verantwoordelijk voor het bepalen van de controlewerkzaamheden die noodzakelijk zijn om te voldoen aan de vereisten van de Standaarden en om de doelstellingen te bereiken. In de omstandigheden van een opdracht kan er sprake zijn van bijzondere aangelegenheden waardoor van de accountant wordt vereist om aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren naast die welke door de Standaarden zijn vereist om de in de Standaarden gespecificeerde doelstellingen te bereiken. -###### . Het hanteren van doelstellingen teneinde te evalueren of voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen (Zie Par. 21(b)) +###### . Het hanteren van doelstellingen teneinde te evalueren of voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen (Zie Par. 21(b)) A71 Van de accountant wordt vereist dat hij de doelstellingen hanteert teneinde te evalueren of er in de context van de doelstellingen van de accountant voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen. Wanneer als gevolg daarvan de accountant tot de conclusie komt dat de controle-informatie niet voldoende en geschikt is, mag de accountant één of meer van de volgende benaderingen volgen teneinde aan het vereiste van paragraaf 21(b) te voldoen: @@ -838,7 +838,7 @@ Wanneer van geen van bovenstaande wordt verwacht dat ze in de gegeven omstandigh ##### . Naleven van relevante vereisten -###### . Relevante vereisten (Zie Par. 22) +###### . Relevante vereisten (Zie Par. 22) A72 In sommige gevallen is het mogelijk dat een Standaard (en daarmee alle vereisten die daarin zijn opgenomen) in de gegeven omstandigheden niet relevant is. Wanneer een entiteit bijvoorbeeld geen interne auditfunctie heeft, is niets in Standaard 61044Standaard 610, *Gebruikmaken van de werkzaamheden van interne auditors*. relevant. A73 Een relevante Standaard kan voorwaardelijke vereisten bevatten. Een dergelijk vereiste is relevant wanneer de in het vereiste beoogde omstandigheden gelden en de voorwaarde is vervuld. In het algemeen zal het voorwaardelijke karakter van een vereiste hetzij expliciet hetzij impliciet zijn. Voorbeelden: @@ -848,11 +848,11 @@ A73 Een relevante Standaard kan voorwaardelijke vereisten bevatten. Een dergelij In bepaalde gevallen kan een vereiste worden omschreven als voorwaardelijk ten aanzien van de van toepassing zijnde wet- of regelgeving. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat van de accountant wordt vereist om de controleopdracht terug te geven, *indien het teruggeven mogelijk is overeenkomstig de van kracht zijnde wet- of regelgeving*, of om iets te ondernemen, *tenzij dit is verboden door wet- of regelgeving*. Afhankelijk van het rechtsgebied, kan de toestemming of het verbod op grond van de wet- en regelgeving expliciet dan wel impliciet zijn. -###### . Het afwijken van een vereiste (Zie Par. 23) +###### . Het afwijken van een vereiste (Zie Par. 23) A74 Standaard 230 stelt documentatievereisten vast voor uitzonderlijke omstandigheden waarin de accountant afwijkt van een relevante vereiste48Standaard 230, paragraaf 12.. De Standaarden schrijven niet voor dat zou worden voldaan aan een vereiste die in de omstandigheden van de controle niet relevant is. -##### . Het niet bereiken van een doelstelling (Zie Par. 24) +##### . Het niet bereiken van een doelstelling (Zie Par. 24) A75 De vraag of een doelstelling is bereikt, is een kwestie van professionele oordeelsvorming door de accountant. Bij deze oordeelsvorming wordt rekening gehouden met de bevindingen van de controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd in overeenstemming met de vereisten van de Standaarden, met de evaluatie van de accountant of er voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen en met de vraag of er in de bijzondere omstandigheden van de controle nog meer moet worden gedaan teneinde de in de Standaarden vermelde doelstellingen te bereiken. Bijgevolg zijn omstandigheden die kunnen leiden tot het niet bereiken van een doelstelling onder meer die welke: @@ -866,7 +866,7 @@ A76 Controledocumentatie die voldoet aan de vereisten van Standaard 230 en aan d #### . Toepassingsgebied van deze Standaard -1 Deze Standaard behandelt de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot het overeenkomen van de voorwaarden van een controleopdracht met het management en, in voorkomend geval, met de met governance belaste personen. Dit omvat het vaststellen dat bepaalde randvoorwaarden voor een controle, waarvoor de verantwoordelijkheid bij het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen ligt, aanwezig zijn. Standaard 22049Standaard 220, *Kwaliteitsbeheersing voor een controle van financiële overzichten*. behandelt die aspecten van opdrachtaanvaarding die binnen de zeggenschap van de accountant liggen. (Zie Par. A1) +1 Deze Standaard behandelt de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot het overeenkomen van de voorwaarden van een controleopdracht met het management en, in voorkomend geval, met de met governance belaste personen. Dit omvat het vaststellen dat bepaalde randvoorwaarden voor een controle, waarvoor de verantwoordelijkheid bij het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen ligt, aanwezig zijn. Standaard 22049Standaard 220, *Kwaliteitsbeheersing voor een controle van financiële overzichten*. behandelt die aspecten van opdrachtaanvaarding die binnen de zeggenschap van de accountant liggen. (Zie Par. A1) #### . Ingangsdatum @@ -892,11 +892,11 @@ b. het confirmeren dat er een gemeenschappelijk begrip bestaat tussen de account 6 Teneinde vast te stellen of de randvoorwaarden voor een controle aanwezig zijn, dient de accountant: -a. te bepalen of het stelsel inzake financiële verslaggeving dat bij het opstellen van de financiële overzichten zal worden toegepast, aanvaardbaar is; en (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9 en A10) -b. de overeenstemming van het management te verkrijgen dat het zijn verantwoordelijkheid erkent en begrijpt: (Zie Par. A11, A12, A13, A14 en A20) +a. te bepalen of het stelsel inzake financiële verslaggeving dat bij het opstellen van de financiële overzichten zal worden toegepast, aanvaardbaar is; en (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9 en A10) +b. de overeenstemming van het management te verkrijgen dat het zijn verantwoordelijkheid erkent en begrijpt: (Zie Par. A11, A12, A13, A14 en A20) -1. voor het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, met inbegrip van de getrouwe weergave daarvan, indien relevant; (Zie Par. A15) -2. voor de interne beheersing die het management noodzakelijk acht om het opstellen mogelijk te maken van de financiële overzichten die vrij zijn van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten; en (Zie Par. A16, A17, A18 en A19) +1. voor het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, met inbegrip van de getrouwe weergave daarvan, indien relevant; (Zie Par. A15) +2. voor de interne beheersing die het management noodzakelijk acht om het opstellen mogelijk te maken van de financiële overzichten die vrij zijn van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten; en (Zie Par. A16, A17, A18 en A19) 3. om de accountant: a. toegang te verschaffen tot alle informatie waarvan het management kennis heeft en die relevant is voor het opstellen van de financiële overzichten, zoals de vastleggingen, documentatie en andere aangelegenheden; @@ -916,25 +916,25 @@ b. indien de in paragraaf 6(b) bedoelde overeenstemming niet is verkregen. #### . Overeenkomen van de voorwaarden van de controleopdracht -9 De accountant dient de voorwaarden van de controleopdracht overeen te komen met het management of met de met governance belaste personen, naargelang passend. (Zie Par. A21) -10 Behoudens het bepaalde in paragraaf 11 dienen de overeengekomen voorwaarden van de controleopdracht in een opdrachtbevestiging voor een controleopdracht of in een andere geschikte vorm van schriftelijke overeenkomst te worden vastgelegd, en dienen deze het volgende te bevatten: (Zie Par. A22, A23, A24 en A25) +9 De accountant dient de voorwaarden van de controleopdracht overeen te komen met het management of met de met governance belaste personen, naargelang passend. (Zie Par. A21) +10 Behoudens het bepaalde in paragraaf 11 dienen de overeengekomen voorwaarden van de controleopdracht in een opdrachtbevestiging voor een controleopdracht of in een andere geschikte vorm van schriftelijke overeenkomst te worden vastgelegd, en dienen deze het volgende te bevatten: (Zie Par. A22, A23, A24 en A25) a. de doelstelling en reikwijdte van de controle van de financiële overzichten; b. de verantwoordelijkheden van de accountant; c. de verantwoordelijkheden van het management; d. vermelding van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving voor het opstellen van de financiële overzichten; en e. verwijzing naar de verwachte vorm en inhoud van alle verklaringen die door de accountant moeten worden uitgebracht, alsmede een vermelding dat er omstandigheden kunnen zijn waarin een verklaring niet de verwachte vorm en inhoud kan hebben. -11 Indien de voorwaarden van de controleopdracht zoals beschreven in paragraaf 10 voldoende gedetailleerd in wet- of regelgeving zijn vastgelegd, hoeft de accountant deze niet in een schriftelijke overeenkomst vast te leggen, maar wel het feit dat dergelijke wet- of regelgeving van toepassing is en dat het management zijn verantwoordelijkheden zoals aangegeven in paragraaf 6(b) erkent en begrijpt. (Zie Par. A22, A26 en A27) -12 Indien bij wet- of regelgeving verantwoordelijkheden van het management zijn vastgelegd die gelijk zijn aan die beschreven in paragraaf 6(b), kan de accountant vaststellen dat de wet- of regelgeving verantwoordelijkheden bevat die, op grond van de oordeelsvorming van de accountant, een gelijkwaardige uitwerking hebben als die welke in genoemde paragraaf zijn beschreven. Voor die verantwoordelijkheden die gelijkwaardig zijn, kan de accountant de bewoordingen van die wet- of regelgeving gebruiken om ze in de schriftelijke overeenkomst te beschrijven. Voor die verantwoordelijkheden die niet zodanig bij wet- of regelgeving zijn vastgelegd dat hun uitwerking gelijkwaardig is, dient in de schriftelijke overeenkomst de beschrijving in paragraaf 6(b) te worden gebruikt. (Zie Par. A26) +11 Indien de voorwaarden van de controleopdracht zoals beschreven in paragraaf 10 voldoende gedetailleerd in wet- of regelgeving zijn vastgelegd, hoeft de accountant deze niet in een schriftelijke overeenkomst vast te leggen, maar wel het feit dat dergelijke wet- of regelgeving van toepassing is en dat het management zijn verantwoordelijkheden zoals aangegeven in paragraaf 6(b) erkent en begrijpt. (Zie Par. A22, A26 en A27) +12 Indien bij wet- of regelgeving verantwoordelijkheden van het management zijn vastgelegd die gelijk zijn aan die beschreven in paragraaf 6(b), kan de accountant vaststellen dat de wet- of regelgeving verantwoordelijkheden bevat die, op grond van de oordeelsvorming van de accountant, een gelijkwaardige uitwerking hebben als die welke in genoemde paragraaf zijn beschreven. Voor die verantwoordelijkheden die gelijkwaardig zijn, kan de accountant de bewoordingen van die wet- of regelgeving gebruiken om ze in de schriftelijke overeenkomst te beschrijven. Voor die verantwoordelijkheden die niet zodanig bij wet- of regelgeving zijn vastgelegd dat hun uitwerking gelijkwaardig is, dient in de schriftelijke overeenkomst de beschrijving in paragraaf 6(b) te worden gebruikt. (Zie Par. A26) #### . Doorlopende controles -13 Bij doorlopende controles dient de accountant in te schatten of de omstandigheden vereisen dat de voorwaarden van de controleopdracht worden herzien en of het noodzakelijk is de entiteit aan de bestaande voorwaarden van de controleopdracht te herinneren. (Zie Par. A28) +13 Bij doorlopende controles dient de accountant in te schatten of de omstandigheden vereisen dat de voorwaarden van de controleopdracht worden herzien en of het noodzakelijk is de entiteit aan de bestaande voorwaarden van de controleopdracht te herinneren. (Zie Par. A28) #### . Aanvaarding van een wijziging in de voorwaarden van de controleopdracht -14 De accountant dient niet met een wijziging in de voorwaarden van de controleopdracht in te stemmen wanneer er geen redelijke rechtvaardiging bestaat om dat te doen. (Zie Par. A29, A30 en A31) -15 Indien er voorafgaand aan de afronding van de controleopdracht aan de accountant wordt gevraagd om de controleopdracht te wijzigen in een opdracht die een lager niveau van zekerheid inhoudt, dient de accountant vast te stellen of er een redelijke rechtvaardiging bestaat om dat te doen. (Zie Par. A32 en A33) +14 De accountant dient niet met een wijziging in de voorwaarden van de controleopdracht in te stemmen wanneer er geen redelijke rechtvaardiging bestaat om dat te doen. (Zie Par. A29, A30 en A31) +15 Indien er voorafgaand aan de afronding van de controleopdracht aan de accountant wordt gevraagd om de controleopdracht te wijzigen in een opdracht die een lager niveau van zekerheid inhoudt, dient de accountant vast te stellen of er een redelijke rechtvaardiging bestaat om dat te doen. (Zie Par. A32 en A33) 16 Indien de voorwaarden van de controleopdracht worden gewijzigd, dienen de accountant en het management de nieuwe voorwaarden van de opdracht overeen te komen en deze vast te leggen in een opdrachtbevestiging of een andere passende vorm van schriftelijke overeenkomst. 17 Indien de accountant niet kan instemmen met een wijziging in de voorwaarden van de controleopdracht en hem door het management niet wordt toegestaan om de oorspronkelijke controleopdracht voort te zetten, dient de accountant: @@ -950,11 +950,11 @@ b. vast te stellen of er een eventuele verplichting bestaat, hetzij contractueel a. aan de aanvullende vereisten kan worden voldaan door aanvullende toelichtingen in de financiële overzichten op te nemen; of b. de beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dienovereenkomstig kan worden aangepast; -Indien geen van de bovengenoemde opties mogelijk is, dient de accountant vast te stellen of het noodzakelijk is om het oordeel van de accountant aan te passen overeenkomstig Standaard 70551Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*.. (Zie Par. A34) +Indien geen van de bovengenoemde opties mogelijk is, dient de accountant vast te stellen of het noodzakelijk is om het oordeel van de accountant aan te passen overeenkomstig Standaard 70551Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*.. (Zie Par. A34) ##### . Stelsel inzake financiële verslaggeving voorgeschreven bij wet- of regelgeving – Andere aangelegenheden die op de aanvaarding van invloed zijn -19 Indien de accountant heeft vastgesteld dat het bij wet- of regelgeving voorgeschreven stelsel inzake financiële verslaggeving niet aanvaardbaar zou zijn maar gezien het feit dat het bij wet- of regelgeving is voorgeschreven, dient de accountant de controleopdracht uitsluitend te aanvaarden indien de volgende voorwaarden aanwezig zijn: (Zie Par. A35) +19 Indien de accountant heeft vastgesteld dat het bij wet- of regelgeving voorgeschreven stelsel inzake financiële verslaggeving niet aanvaardbaar zou zijn maar gezien het feit dat het bij wet- of regelgeving is voorgeschreven, dient de accountant de controleopdracht uitsluitend te aanvaarden indien de volgende voorwaarden aanwezig zijn: (Zie Par. A35) a. het management stemt ermee in om aanvullende toelichtingen in de financiële overzichten op te nemen die vereist zijn om te voorkomen dat de financiële overzichten misleidend zijn; en b. er wordt in de voorwaarden van de controleopdracht opgenomen dat: @@ -973,17 +973,17 @@ b. in de voorwaarden van de controleopdracht een passende verwijzing naar deze a a. of de gebruikers de zekerheid die uit de controle van de financiële overzichten is verkregen, verkeerd zouden kunnen begrijpen; en, zo ja, b. of een aanvullende uiteenzetting in de controleverklaring de kans op misverstanden kan beperken53Standaard 706.. -Indien de accountant concludeert dat aanvullende uiteenzetting in de controleverklaring de kans op misverstanden niet kan beperken, dient de accountant de controleopdracht niet te aanvaarden, tenzij hij door wet- of regelgeving vereist wordt dit wel te doen. Een controle die in overeenstemming met dergelijke wet- of regelgeving wordt uitgevoerd, is niet in overeenstemming met de Standaarden. Bijgevolg dient de accountant in de controleverklaring op geen enkele manier te kennen te geven dat de controle overeenkomstig de Standaarden zou zijn uitgevoerd54Zie ook Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten*, paragraaf 43.. (Zie Par. A36 en A37) +Indien de accountant concludeert dat aanvullende uiteenzetting in de controleverklaring de kans op misverstanden niet kan beperken, dient de accountant de controleopdracht niet te aanvaarden, tenzij hij door wet- of regelgeving vereist wordt dit wel te doen. Een controle die in overeenstemming met dergelijke wet- of regelgeving wordt uitgevoerd, is niet in overeenstemming met de Standaarden. Bijgevolg dient de accountant in de controleverklaring op geen enkele manier te kennen te geven dat de controle overeenkomstig de Standaarden zou zijn uitgevoerd54Zie ook Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten*, paragraaf 43.. (Zie Par. A36 en A37) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1) +#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1) A1 Assuranceopdrachten, welke controleopdrachten omvatten, mogen alleen worden aanvaard wanneer de accountant van mening is dat aan ethische voorschriften als onafhankelijkheid en vakbekwaamheid zal worden voldaan en wanneer de opdracht bepaalde kenmerken vertoont55*Stramien voor assuranceopdrachten*, paragraaf 17.. De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot ethische voorschriften in de context van de aanvaarding van een controleopdracht en voor zover zij onder de zeggenschap van de accountant vallen, worden behandeld in Standaard 22056Standaard 220, paragraaf 9, 10 en 11.. Deze Standaard behandelt die aangelegenheden (of randvoorwaarden) die onder de zeggenschap van de entiteit vallen en waarover het management en de accountant overeenstemming dienen te bereiken. #### . Randvoorwaarden voor een controle -##### . Het stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 6(a)) +##### . Het stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 6(a)) A2 Een voorwaarde voor aanvaarding van een assuranceopdracht is dat de criteria waaraan in de definitie van een assuranceopdracht wordt gerefereerd, toepasbaar en toegankelijk zijn voor de beoogde gebruikers57*Stramien voor assuranceopdrachten*, paragraaf 17(b)(ii).. Criteria zijn de *benchmarks* die worden gebruikt om het object van onderzoek te evalueren of de waarde ervan te bepalen en omvatten *benchmarks* voor presentatie en toelichting wanneer dit relevant is. Geschikte criteria maken een redelijk consistente evaluatie of waardering van een object van onderzoek mogelijk in de context van professionele oordeelsvorming. Voor de toepassing van de Standaarden voorziet het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in de criteria die de accountant hanteert om de financiële overzichten te controleren, met inbegrip van de getrouwe weergave ervan, indien dit relevant is. A3 Zonder een aanvaardbaar stelsel inzake financiële verslaggeving heeft het management geen geschikte basis om de financiële overzichten op te stellen en heeft de accountant geen geschikte criteria voor het controleren van de financiële overzichten. In veel gevallen kan de accountant ervan uitgaan dat het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving aanvaardbaar is, zoals beschreven in de paragrafen A8–A9. @@ -1018,33 +1018,33 @@ A9 Overeenkomstig paragraaf 6(a) wordt van de accountant vereist dat hij vastste A10 Wanneer een entiteit geregistreerd staat of werkzaam is in een rechtsgebied dat geen bevoegde of erkende organisatie heeft die standaarden vaststelt, of waar het gebruik van het stelsel inzake financiële verslaggeving niet bij wet- of regelgeving wordt voorgeschreven, bepaalt het management welk stelsel inzake financiële verslaggeving bij het opstellen van de financiële overzichten moet worden toegepast. Bijlage 2 bevat leidraden voor het bepalen van de aanvaardbaarheid van de stelsels inzake financiële verslaggeving in dergelijke omstandigheden. -###### . Overeenstemming over de verantwoordelijkheden van het management (Zie Par. 6(b)) +###### . Overeenstemming over de verantwoordelijkheden van het management (Zie Par. 6(b)) A11 Een controle overeenkomstig de Standaarden wordt uitgevoerd met als uitgangspunt dat het management de verantwoordelijkheden die in paragraaf 6(b)59Standaard 200, paragraaf A2. zijn weergegeven, heeft erkend en begrijpt. In bepaalde rechtsgebieden kunnen dergelijke verantwoordelijkheden in wet- of regelgeving zijn gespecificeerd. In andere rechtsgebieden kan er weinig of geen wettelijke of regelgevende definiëring van dergelijke verantwoordelijkheden bestaan. Standaarden prevaleren in dergelijke aangelegenheden niet boven wet- of regelgeving. Het concept van een onafhankelijke controle vereist echter dat de rol van de accountant niet inhoudt dat verantwoordelijkheid wordt genomen voor het opstellen van de financiële overzichten of voor de daarmee verband houdende interne beheersing van de entiteit, alsmede dat de accountant een redelijke verwachting heeft omtrent het verkrijgen van de informatie die noodzakelijk is voor de controle, voor zover het management in staat is die te verstrekken of te verkrijgen. Derhalve is het uitgangspunt fundamenteel voor het uitvoeren van een onafhankelijke controle. Om misverstanden te voorkomen, wordt er in het kader van het overeenkomen en vastleggen van de voorwaarden van de controleopdracht als bedoeld in de paragrafen 9–12 overeenstemming met het management bereikt over het feit dat het erkent en begrijpt dat het dergelijke verantwoordelijkheden heeft. A12 De manier waarop de verantwoordelijkheden voor financiële verslaggeving zijn verdeeld tussen het management en de met governance belaste personen zal variëren naar gelang van de middelen en de structuur van de entiteit en van eventuele relevante wet- of regelgeving, alsmede van de respectieve rol van het management en de met governance belaste personen. In de meeste gevallen is het management verantwoordelijk voor de uitvoering terwijl de met governance belaste personen toezicht op het management uitoefenen. In sommige gevallen zullen de met governance belaste personen de verantwoordelijkheid hebben of op zich nemen om de financiële overzichten goed te keuren of om de interne beheersing van de entiteit met betrekking tot de financiële verslaggeving te monitoren. In grotere entiteiten of entiteiten in de publieke sector kan een subgroep van de met governance belaste personen, zoals een auditcomité, met bepaalde toezichtverantwoordelijkheden worden belast. A13 Standaard 580 vereist dat de accountant het management vraagt schriftelijke bevestigingen te verstrekken van het feit dat het bepaalde van zijn verantwoordelijkheden heeft vervuld60Standaard 580, *Schriftelijke Bevestigingen*, paragraaf 10 en 11.. Het kan derhalve passend zijn om het management ervan in kennis te stellen dat ontvangst van dergelijke schriftelijke bevestigingen en van de door andere Standaarden vereiste schriftelijke bevestigingen wordt verwacht, alsmede, daar waar noodzakelijk, van schriftelijke bevestigingen om overige controle-informatie te onderbouwen die relevant is voor de financiële overzichten of voor een of meer specifieke beweringen in de financiële overzichten. A14 Wanneer het management zijn verantwoordelijkheden niet erkent of weigert de schriftelijke bevestigingen te verstrekken, is de accountant niet in staat om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen61Standaard 580, paragraaf A26.. In die omstandigheden is het voor de accountant niet passend om de controleopdracht te aanvaarden, tenzij van de accountant bij wet- of regelgeving wordt vereist dit wel te doen. In gevallen waarin van de accountant wordt vereist dat hij de controleopdracht aanvaardt, kan het noodzakelijk zijn dat de accountant het belang van deze aangelegenheden aan het management uiteenzet, alsmede de implicaties voor de controleverklaring. -###### . Het opstellen van de financiële overzichten (Zie Par. 6(b)(i)) +###### . Het opstellen van de financiële overzichten (Zie Par. 6(b)(i)) A15 De meeste stelsels inzake financiële verslaggeving omvatten vereisten die betrekking hebben op de presentatie van de financiële overzichten; voor dergelijke stelsels omvat het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het stelsel inzake financiële verslaggeving de presentatie. In het geval van een getrouw-beeld-stelsel is het belang van de verslaggevingsdoelstelling van getrouwe weergave zodanig dat het met het management overeengekomen uitgangspunt een specifieke verwijzing naar getrouwe weergave omvat, dan wel naar de verantwoordelijkheid om te waarborgen dat de financiële overzichten ‘een getrouw beeld geven’ in overeenstemming met het stelsel inzake financiële verslaggeving. -###### . Interne Beheersing (Zie Par. 6(b)(ii)) +###### . Interne Beheersing (Zie Par. 6(b)(ii)) A16 Het management onderhoudt de interne beheersing die het nodig acht om het opstellen van financiële overzichten mogelijk te maken die vrij zijn van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten. Vanwege de inherente beperkingen van interne beheersing kan interne beheersing, ongeacht hoe effectief die is, een entiteit slechts een redelijke mate van zekerheid bieden aangaande het bereiken van de financiële verslaggevingsdoelstellingen van de entiteit62Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*, paragraaf A46.. A17 Een onafhankelijke controle die overeenkomstig de Standaarden wordt uitgevoerd, vormt geen substituut voor het onderhouden van de interne beheersing die noodzakelijk is voor het opstellen door het management van de financiële overzichten. Derhalve wordt van de accountant vereist dat hij de overeenstemming van het management verkrijgt dat het zijn verantwoordelijkheid voor de interne beheersing erkent en begrijpt. De overeenstemming die op grond van paragraaf 6(b)(ii) wordt vereist, impliceert echter niet dat de accountant tot de conclusie komt dat de interne beheersing van het management haar doel heeft bereikt of vrij van tekortkomingen is. A18 Het is aan het management om vast te stellen welke interne beheersing noodzakelijk is om het opstellen van de financiële overzichten mogelijk te maken. De term ‘interne beheersing’ omvat een breed scala aan activiteiten binnen de componenten die kunnen worden beschreven als de interne beheersingsomgeving; het risico-inschattingsproces van de entiteit; het informatiesysteem, met inbegrip van de daarmee samenhangende bedrijfsprocessen die relevant zijn voor de financiële verslaggeving, alsmede communicatie; interne beheersingsactiviteiten; alsmede het monitoren van de interne beheersingsmaatregelen. Deze verdeling weerspiegelt echter niet noodzakelijkerwijs de wijze waarop een bepaalde entiteit haar interne beheersing kan opzetten, implementeren en onderhouden, dan wel de wijze waarop zij een bepaalde component kan classificeren63Standaard 315, paragraaf A51 en bijlage 1.. De interne beheersing van een entiteit (in het bijzonder haar administratie en vastleggingen of administratieve systemen) zal een weergave zijn van de behoeften van het management, de complexiteit van de bedrijfsactiviteit, de aard van de risico’s waaraan de entiteit onderhevig is, alsmede relevante wet- of regelgeving. A19 In sommige rechtsgebieden kan wet- of regelgeving refereren aan de verantwoordelijkheid van het management voor de adequaatheid van administratie en vastleggingen, dan wel van administratieve systemen. In sommige gevallen kan de algemene praktijk het onderscheid veronderstellen tussen administratie en vastleggingen of administratieve systemen aan de ene kant en de interne beheersing of interne beheersingsmaatregelen aan de andere kant. Aangezien administratie en vastleggingen, of administratieve systemen, een integrerend onderdeel zijn van de interne beheersing als omschreven in paragraaf A18, wordt hiernaar in paragraaf 6(b)(ii) geen specifieke verwijzing gemaakt voor de beschrijving van de verantwoordelijkheid van het management. Om misverstanden te voorkomen, kan het passend zijn dat de accountant aan het management de reikwijdte van deze verantwoordelijkheid uiteenzet. -##### . Voor kleinere entiteit geldende overwegingen (Zie Par. 6(b)) +##### . Voor kleinere entiteit geldende overwegingen (Zie Par. 6(b)) A20 Een van de doelen van het overeenkomen van de voorwaarden van een controleopdracht is het vermijden van misverstanden over de respectieve verantwoordelijkheden van het management en de accountant. Bijvoorbeeld, wanneer een derde partij ondersteuning heeft geboden bij het opstellen van de financiële overzichten kan het nuttig zijn om het management eraan te herinneren dat het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving zijn verantwoordelijkheid blijft. -#### . Overeenkomen van de voorwaarden van de controleopdracht (Zie Par. 9) +#### . Overeenkomen van de voorwaarden van de controleopdracht (Zie Par. 9) A21 De rol van het management en van de met governance belaste personen bij het overeenkomen van de voorwaarden van de controleopdracht namens de entiteit is afhankelijk van de governancestructuur van de entiteit en relevante wet- of regelgeving. -##### . Opdrachtbevestiging voor een controleopdracht of een andere vorm van een schriftelijke overeenkomst (Zie Par. 10 en 11) +##### . Opdrachtbevestiging voor een controleopdracht of een andere vorm van een schriftelijke overeenkomst (Zie Par. 10 en 11) A22 Het is in het belang van zowel de entiteit als de accountant dat de accountant een opdrachtbevestiging voor een controleopdracht verstuurt voor de aanvang van de controle teneinde misverstanden met betrekking tot de controle te voorkomen. In sommige landen kunnen de doelstelling en de reikwijdte van een controle en de verantwoordelijkheden van het management en van de accountant evenwel voldoende door de wet zijn vastgesteld; dat wil zeggen dat zij de in paragraaf 10 beschreven aangelegenheden voorschrijven. Hoewel in deze omstandigheden paragraaf 11 toestaat dat de accountant in de schriftelijke opdrachtbevestiging slechts een verwijzing opneemt naar het feit dat de relevante wet- of regelgeving van toepassing is en dat het management zijn verantwoordelijkheden erkent en begrijpt zoals die in paragraaf 6(b) zijn uiteengezet, kan de accountant het toch passend achten om de in paragraaf 10 beschreven aangelegenheden in een opdrachtbevestiging voor een controleopdracht op te nemen ter informatie van het management. @@ -1056,7 +1056,7 @@ A23 De vorm en inhoud van de opdrachtbevestiging voor een controleopdracht kunne • de vorm van iedere andere communicatie van resultaten van de controleopdracht; • het feit dat vanwege de inherente beperkingen van een controle, samen met de inherente beperkingen van de interne beheersing, het onvermijdbare risico bestaat dat bepaalde van materieel belang zijnde afwijkingen niet kunnen worden gedetecteerd, zelfs wanneer de controle naar behoren is gepland en uitgevoerd overeenkomstig de Standaarden; • afspraken met betrekking tot het plannen en uitvoeren van de controle, met inbegrip van de samenstelling van het controleteam; -• de verwachting dat het management schriftelijke bevestigingen zal verstrekken (zie ook Par. A13); +• de verwachting dat het management schriftelijke bevestigingen zal verstrekken (zie ook Par. A13); • de overeenstemming van het management om aan de accountant tijdig in concept de financiële overzichten en alle begeleidende andere informatie ter beschikking te stellen teneinde de accountant in staat te stellen de controle in overeenstemming met het voorgestelde tijdschema af te ronden; • de overeenstemming van het management om de accountant te informeren over feiten die op de financiële overzichten van invloed kunnen zijn en waarvan het management kennis kan krijgen gedurende de periode tussen de datum van de controleverklaring en de datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd; • de basis waarop de vergoedingen worden berekend en eventuele factureringsafspraken; @@ -1082,7 +1082,7 @@ A25 Wanneer de accountant van een moedermaatschappij ook de accountant van een g • mate van eigendom door de moedermaatschappij; en • mate van onafhankelijkheid van het management van het groepsonderdeel ten opzichte van de moedermaatschappij. -###### . Verantwoordelijkheden van het management die bij wet- of regelgeving worden voorgeschreven (Zie Par. 11 en 12) +###### . Verantwoordelijkheden van het management die bij wet- of regelgeving worden voorgeschreven (Zie Par. 11 en 12) A26 Indien de accountant in de in de paragrafen A22 en A27 beschreven omstandigheden concludeert dat het niet noodzakelijk is om bepaalde voorwaarden van de controleopdracht vast te leggen in een opdrachtbevestiging voor een controleopdracht wordt bij paragraaf 11 toch van de accountant vereist dat hij de schriftelijke bevestiging van het management krijgt dat het erkent en begrijpt dat het de in paragraaf 6(b) beschreven verantwoordelijkheden heeft. Overeenkomstig paragraaf 12 kan een dergelijke schriftelijke overeenkomst echter de bewoordingen van de wet- of regelgeving gebruiken indien dergelijke wet- of regelgeving de verantwoordelijkheden van het management vaststelt die in hun uitwerking gelijkwaardig zijn aan de in paragraaf 6(b) beschreven verantwoordelijkheden. De beroepsorganisatie voor accountants, de organisatie die controlestandaarden vaststelt, of de regelgever of toezichthouder op het gebied van de controle binnen een rechtsgebied kunnen leidraden hebben verschaft over de vraag of de beschrijving in wet- of regelgeving gelijkwaardig is. @@ -1090,7 +1090,7 @@ A26 Indien de accountant in de in de paragrafen A22 en A27 beschreven omstandigh A27 Wet- of regelgeving die de werking van controles in de publieke sector regelt, stelt over het algemeen het aanstellen van een accountant voor de publieke sector verplicht en geeft gewoonlijk de verantwoordelijkheden en de bevoegdheden van de accountant weer, met inbegrip van de bevoegdheid tot toegang tot de vastleggingen en andere informatie van een entiteit. Wanneer de voorwaarden van de controleopdracht voldoende gedetailleerd in wet- of regelgeving zijn beschreven, kan de accountant in de publieke sector evenwel van oordeel zijn dat er voordelen verbonden zijn aan het verstrekken van een uitgebreidere opdrachtbevestiging voor een controleopdracht dan wordt toegestaan op grond van paragraaf 11. -#### . Doorlopende controles (Zie Par. 13) +#### . Doorlopende controles (Zie Par. 13) A28 De accountant kan beslissen om niet iedere periode een nieuwe opdrachtbevestiging voor een controleopdracht of een andere schriftelijke overeenkomst te sturen. De volgende factoren kunnen het passend maken om de voorwaarden van de controleopdracht te herzien of om de entiteit aan de bestaande voorwaarden te herinneren: @@ -1105,13 +1105,13 @@ A28 De accountant kan beslissen om niet iedere periode een nieuwe opdrachtbevest #### . Aanvaarding van een wijziging in de voorwaarden van de controleopdracht -##### . Verzoek tot wijziging in de voorwaarden van de controleopdracht (Zie Par. 14) +##### . Verzoek tot wijziging in de voorwaarden van de controleopdracht (Zie Par. 14) A29 Een verzoek van de entiteit aan de accountant om de voorwaarden van de controleopdracht te wijzigen, kan voortkomen uit een verandering in de omstandigheden die van invloed is op de noodzaak voor de dienst, een misverstand aangaande de aard van de controle zoals die oorspronkelijk was gevraagd dan wel een beperking in de reikwijdte van de controleopdracht, hetzij opgelegd door het management, hetzij veroorzaakt door andere omstandigheden. Zoals vereist op grond van paragraaf 14 neemt de accountant de rechtvaardiging voor het verzoek in overweging, in het bijzonder de gevolgen van een beperking in de reikwijdte van de controleopdracht. A30 Een verandering in omstandigheden die invloed heeft op de vereisten van de entiteit of een misverstand aangaande de aard van de oorspronkelijk aangevraagde dienst kan worden beschouwd als een redelijke basis voor een verzoek tot een wijziging in de voorwaarden van de controleopdracht. A31 Een wijziging kan daarentegen niet als redelijk worden beschouwd indien blijkt dat de wijziging betrekking heeft op informatie die incorrect, onvolledig of anderszins onbevredigend is. Een voorbeeld zou kunnen zijn wanneer de accountant niet in staat is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot debiteuren en de entiteit vraagt of de controleopdracht kan worden gewijzigd in een beoordelingsopdracht teneinde een oordeel met beperking of een oordeelonthouding te vermijden. -##### . Verzoek tot wijziging in een beoordelingsopdracht of in een aan assurance verwante opdracht (Zie Par. 15) +##### . Verzoek tot wijziging in een beoordelingsopdracht of in een aan assurance verwante opdracht (Zie Par. 15) A32 Voordat een wijziging van een controleopdracht in een beoordelingsopdracht of een aan assurance verwante opdracht kan worden overeengekomen, is het mogelijk dat een accountant die de opdracht had een controle overeenkomstig de Standaarden uit te voeren, naast de aangelegenheden waarnaar in de bovenstaande paragrafen A29–A31 wordt verwezen, de wettelijke of contractuele implicaties van de wijziging moet inschatten. A33 Indien de accountant tot de conclusie komt dat er een redelijke rechtvaardiging is om de controleopdracht te wijzigen in een beoordelingsopdracht of een aan assurance verwante opdracht, kunnen de tot de wijzigingsdatum verrichte controlewerkzaamheden relevant zijn voor de gewijzigde opdracht; het uit te voeren werk en de uit te brengen rapportage moeten echter zodanig zijn dat zij passend zijn voor de herziene opdracht. Om te voorkomen dat de lezer in verwarring wordt gebracht, zal de rapportering over de aan assurance verwante opdracht geen verwijzingen bevatten naar: @@ -1121,15 +1121,15 @@ b. alle werkzaamheden die tijdens de oorspronkelijke controleopdracht uitgevoerd #### . Aanvullende overwegingen bij opdrachtaanvaarding -##### . Financiële verslaggevingsstandaarden aangevuld door wet- of regelgeving (Zie Par. 18) +##### . Financiële verslaggevingsstandaarden aangevuld door wet- of regelgeving (Zie Par. 18) A34 In sommige rechtsgebieden kan wet- of regelgeving de financiële verslaggevingsstandaarden die zijn vastgesteld door een bevoegde of erkende organisatie die standaarden vaststelt, aanvullen met aanvullende vereisten die betrekking hebben op het opstellen van financiële overzichten. In die rechtsgebieden omvat het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in het kader van het toepassen van de Standaarden zowel het aangegeven stelsel inzake financiële verslaggeving als die aanvullende vereisten, op voorwaarde dat zij niet in strijd zijn met het aangegeven stelsel inzake financiële verslaggeving. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer bij wet- of regelgeving toelichtingen worden voorgeschreven naast die welke vereist zijn bij financiële verslaggevingstandaarden of wanneer bij wet- of regelgeving het scala wordt beperkt van de aanvaardbare keuzes die binnen de stelsels inzake financiële verslaggeving kunnen worden gemaakt66Standaard 700, paragraaf 15, omvat een vereiste met betrekking tot de evaluatie of de financiële overzichten adequaat verwijzen naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving of dit stelsel voorschrijven.. -##### . Stelsel inzake financiële verslaggeving voorgeschreven bij wet- of regelgeving – Andere aangelegenheden die op de aanvaarding van invloed zijn (Zie Par. 19) +##### . Stelsel inzake financiële verslaggeving voorgeschreven bij wet- of regelgeving – Andere aangelegenheden die op de aanvaarding van invloed zijn (Zie Par. 19) -A35 Bij wet- of regelgeving kan worden voorgeschreven dat in de bewoordingen van het oordeel van de accountant de formuleringen ‘vormt in alle van materieel belang zijnde opzichten een getrouwe weergave’ of ‘geeft een getrouw beeld’ worden gehanteerd ingeval de accountant tot de conclusie komt dat het stelsel inzake financiële verslaggeving dat bij wet- of regelgeving is voorgeschreven anders onaanvaardbaar zou zijn geweest. In dit geval verschillen de termen van de voorgeschreven bewoordingen van de controleverklaring significant van de vereisten van de Standaarden (Zie Par. 21). +A35 Bij wet- of regelgeving kan worden voorgeschreven dat in de bewoordingen van het oordeel van de accountant de formuleringen ‘vormt in alle van materieel belang zijnde opzichten een getrouwe weergave’ of ‘geeft een getrouw beeld’ worden gehanteerd ingeval de accountant tot de conclusie komt dat het stelsel inzake financiële verslaggeving dat bij wet- of regelgeving is voorgeschreven anders onaanvaardbaar zou zijn geweest. In dit geval verschillen de termen van de voorgeschreven bewoordingen van de controleverklaring significant van de vereisten van de Standaarden (Zie Par. 21). -##### . De controleverklaring voorgeschreven bij wet- of regelgeving (Zie Par. 21) +##### . De controleverklaring voorgeschreven bij wet- of regelgeving (Zie Par. 21) A36 Overeenkomstig de Standaarden dient de accountant niet te vermelden dat de Standaarden zijn nageleefd, tenzij de accountant heeft voldaan aan alle Standaarden die relevant zijn voor de controle67Standaard 200, paragraaf 20.. Wanneer de opmaak of de bewoordingen van de controleverklaring bij wet- of regelgeving worden voorgeschreven in een vorm of in termen die significant verschillen van de vereisten van de Standaarden en de accountant tot de conclusie komt dat aanvullende uitleg in de controleverklaring de kans op misverstanden niet kan beperken, kan de accountant overwegen een vermelding in de controleverklaring op te nemen die aangeeft dat de controle niet overeenkomstig de Standaarden is uitgevoerd. De accountant wordt echter aangemoedigd om de Standaarden toe te passen, met inbegrip van de Standaarden die betrekking hebben op de controleverklaring, voor zover dat praktisch uitvoerbaar is, niettegenstaande het feit dat het de accountant niet is toegestaan om te vermelden dat de controle overeenkomstig de Standaarden is uitgevoerd. @@ -1141,12 +1141,12 @@ A37 In de publieke sector kunnen er specifieke vereisten bestaan binnen de wetge Voor voorbeeldteksten van opdrachtbevestigingen voor een controleopdracht wordt verwezen naar HRA deel 3. -### 2:. Het bepalen van de aanvaardbaarheid van stelsels voor algemene doeleinden (Zie Par. A10) +### 2:. Het bepalen van de aanvaardbaarheid van stelsels voor algemene doeleinden (Zie Par. A10) #### . Rechtsgebieden zonder organisaties die bevoegd of erkend zijn om standaarden uit te vaardigen of zonder stelsels inzake financiële verslaggeving die bij wet- of regelgeving zijn voorgeschreven 1. Zoals in paragraaf A10 van deze Standaard is uitgelegd, bepaalt het management welk van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving wordt toegepast wanneer een entiteit geregistreerd of werkzaam is in een rechtsgebied dat geen bevoegde of erkende organisatie heeft die standaarden vaststelt, of waar het gebruik van het stelsel inzake financiële verslaggeving niet bij wet- of regelgeving wordt voorgeschreven. In dergelijke rechtsgebieden is het vaak vaste praktijk om de financiële verslaggevingstandaarden te gebruiken die door één van de in paragraaf A8 beschreven organisaties zijn vastgesteld. -2. Bij wijze van alternatief kunnen er in een bepaald rechtsgebied conventies inzake administratieve verwerking bestaan die algemeen worden beschouwd als het stelsel inzake financiële verslaggeving voor financiële overzichten voor algemene doeleinden die worden opgesteld door bepaalde gespecificeerde entiteiten die in dat rechtsgebied actief zijn. Wanneer een dergelijk stelsel inzake financiële verslaggeving wordt toegepast, wordt van de accountant op grond van paragraaf 6(a) van deze Standaard vereist dat hij vaststelt of het geheel van de conventies inzake administratieve verwerking als een aanvaardbaar stelsel inzake financiële verslaggeving voor financiële overzichten voor algemene doeleinden kan worden beschouwd. Wanneer de conventies inzake administratieve verwerking in een bepaald rechtsgebied op brede schaal worden gehanteerd, is het mogelijk dat de beroepsorganisatie van accountants in dat rechtsgebied de aanvaardbaarheid van het stelsel inzake financiële verslaggeving namens de accountants heeft overwogen. Een andere mogelijkheid is dat de accountant de aanvaardbaarheid bepaalt door te overwegen of de conventies inzake administratieve verwerking kenmerken vertonen die aanvaardbare stelsels inzake financiële verslaggeving gewoonlijk hebben (Zie Par. 3), of door het vergelijken van de conventies inzake administratieve verwerking met de vereisten van een als aanvaardbaar beschouwd bestaand stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 4). +2. Bij wijze van alternatief kunnen er in een bepaald rechtsgebied conventies inzake administratieve verwerking bestaan die algemeen worden beschouwd als het stelsel inzake financiële verslaggeving voor financiële overzichten voor algemene doeleinden die worden opgesteld door bepaalde gespecificeerde entiteiten die in dat rechtsgebied actief zijn. Wanneer een dergelijk stelsel inzake financiële verslaggeving wordt toegepast, wordt van de accountant op grond van paragraaf 6(a) van deze Standaard vereist dat hij vaststelt of het geheel van de conventies inzake administratieve verwerking als een aanvaardbaar stelsel inzake financiële verslaggeving voor financiële overzichten voor algemene doeleinden kan worden beschouwd. Wanneer de conventies inzake administratieve verwerking in een bepaald rechtsgebied op brede schaal worden gehanteerd, is het mogelijk dat de beroepsorganisatie van accountants in dat rechtsgebied de aanvaardbaarheid van het stelsel inzake financiële verslaggeving namens de accountants heeft overwogen. Een andere mogelijkheid is dat de accountant de aanvaardbaarheid bepaalt door te overwegen of de conventies inzake administratieve verwerking kenmerken vertonen die aanvaardbare stelsels inzake financiële verslaggeving gewoonlijk hebben (Zie Par. 3), of door het vergelijken van de conventies inzake administratieve verwerking met de vereisten van een als aanvaardbaar beschouwd bestaand stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 4). 3. Aanvaardbare stelsels inzake financiële verslaggeving die resulteren in voor de beoogde gebruikers bruikbare informatie die in de financiële overzichten wordt verstrekt, hebben over het algemeen de volgende kenmerken: a. relevantie, waarbij de informatie die in de financiële overzichten wordt verstrekt, relevant is voor de aard van de entiteit en het doel van de financiële overzichten. In het geval van een onderneming die de financiële overzichten voor algemene doeleinden opstelt, wordt relevantie bijvoorbeeld beoordeeld op basis van de informatie die noodzakelijk is om te voorzien in de gemeenschappelijke informatiebehoeften van een brede groep gebruikers voor het nemen van economische beslissingen. In deze behoeften wordt gewoonlijk voorzien door het presenteren van de financiële positie, de financiële prestaties en de kasstromen van de onderneming; @@ -1175,9 +1175,9 @@ e. begrijpelijkheid, waarbij de informatie in de financiële overzichten duideli a. het kantoor en zijn personeel voldoen aan professionele standaarden en door van toepassing zijnde wet- en regelgeving gestelde vereisten; en b. de door het kantoor of opdrachtpartners uitgebrachte rapportages in de gegeven omstandigheden passend zijn.69Wta Artikel 18/Bta, artikel 8 respectievelijk NVAK assurance, artikel 4. -Deze Standaard hanteert als uitgangspunt dat het kantoor onderworpen is aan de wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing. (Zie Par. A1 en A1A) +Deze Standaard hanteert als uitgangspunt dat het kantoor onderworpen is aan de wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing. (Zie Par. A1 en A1A) 3 In de context van het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor hebben opdrachtteams een verantwoordelijkheid om kwaliteitsbeheersingsprocedures te implementeren die van toepassing zijn op de controleopdracht en die het kantoor van relevante informatie voorzien om het functioneren mogelijk te maken van dat gedeelte van het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor dat gericht is op onafhankelijkheid. -4 Het is opdrachtteams toegestaan te steunen op het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor, tenzij informatie die door het kantoor of door derden wordt verschaft, het tegendeel suggereert. (Zie Par. A2) +4 Het is opdrachtteams toegestaan te steunen op het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor, tenzij informatie die door het kantoor of door derden wordt verschaft, het tegendeel suggereert. (Zie Par. A2) #### . Ingangsdatum @@ -1221,12 +1221,12 @@ p. *toereikend gekwalificeerde externe persoon* – Een persoon van buiten het k #### . Verantwoordelijkheden van de leiding voor de kwaliteit van controles -8 De opdrachtpartner dient de verantwoordelijkheid te nemen voor de algehele kwaliteit van iedere controleopdracht waaraan die partner wordt toegewezen. (Zie Par. A3) +8 De opdrachtpartner dient de verantwoordelijkheid te nemen voor de algehele kwaliteit van iedere controleopdracht waaraan die partner wordt toegewezen. (Zie Par. A3) #### . Relevante ethische voorschriften -9 Gedurende de controleopdracht dient de opdrachtpartner, door middel van waarneming en het verzoeken om inlichtingen naargelang noodzakelijk, alert te blijven op informatie die aantoont dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften niet hebben nageleefd. (Zie Par. A4 en A5) -10 Indien via het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor of anderszins aangelegenheden onder de aandacht van de opdrachtpartner komen die erop wijzen dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften niet hebben nageleefd, dient hij in consultatie met anderen binnen het kantoor de passende actie te bepalen. (Zie Par. A5) +9 Gedurende de controleopdracht dient de opdrachtpartner, door middel van waarneming en het verzoeken om inlichtingen naargelang noodzakelijk, alert te blijven op informatie die aantoont dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften niet hebben nageleefd. (Zie Par. A4 en A5) +10 Indien via het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor of anderszins aangelegenheden onder de aandacht van de opdrachtpartner komen die erop wijzen dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften niet hebben nageleefd, dient hij in consultatie met anderen binnen het kantoor de passende actie te bepalen. (Zie Par. A5) ##### . Onafhankelijkheid @@ -1234,19 +1234,19 @@ p. *toereikend gekwalificeerde externe persoon* – Een persoon van buiten het k a. relevante informatie te verkrijgen vanuit het kantoor en, waar van toepassing, van kantoren die tot het netwerk behoren, teneinde omstandigheden en relaties die bedreigingen voor de onafhankelijkheid vormen, te identificeren en te evalueren; b. informatie over eventuele vastgestelde overtredingen, van de beleidslijnen en procedures van het kantoor met betrekking tot de onafhankelijkheid te evalueren teneinde te bepalen of deze overtredingen een bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid in het kader van de controleopdracht; en -c. passende actie te ondernemen om dergelijke bedreigingen weg te nemen, door het toepassen van maatregelen, of, indien dit passend wordt geacht, door de controleopdracht terug te geven indien teruggave krachtens van toepassing zijnde wet- en regelgeving mogelijk is. De opdrachtpartner dient het kantoor onmiddellijk in kennis te stellen van de onmogelijkheid om de aangelegenheid op te lossen, zodat passende actie kan worden ondernomen. (Zie Par. A5, A6 en A7) +c. passende actie te ondernemen om dergelijke bedreigingen weg te nemen, door het toepassen van maatregelen, of, indien dit passend wordt geacht, door de controleopdracht terug te geven indien teruggave krachtens van toepassing zijnde wet- en regelgeving mogelijk is. De opdrachtpartner dient het kantoor onmiddellijk in kennis te stellen van de onmogelijkheid om de aangelegenheid op te lossen, zodat passende actie kan worden ondernomen. (Zie Par. A5, A6 en A7) #### . Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en controleopdrachten -12 De opdrachtpartner dient ervan overtuigd te zijn dat passende procedures met betrekking tot aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en controleopdrachten zijn gevolgd, en dient vast te stellen dat conclusies die hieromtrent zijn getrokken, passend zijn. (Zie Par. A8 en A9) -13 Indien de opdrachtpartner informatie verkrijgt die ertoe zou hebben geleid dat het kantoor de controleopdracht zou hebben geweigerd als die informatie eerder beschikbaar zou zijn geweest, dient de opdrachtpartner deze informatie onmiddellijk aan het kantoor mee te delen, zodat het kantoor en de opdrachtpartner de noodzakelijke actie kunnen ondernemen. (Zie Par. A9) +12 De opdrachtpartner dient ervan overtuigd te zijn dat passende procedures met betrekking tot aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en controleopdrachten zijn gevolgd, en dient vast te stellen dat conclusies die hieromtrent zijn getrokken, passend zijn. (Zie Par. A8 en A9) +13 Indien de opdrachtpartner informatie verkrijgt die ertoe zou hebben geleid dat het kantoor de controleopdracht zou hebben geweigerd als die informatie eerder beschikbaar zou zijn geweest, dient de opdrachtpartner deze informatie onmiddellijk aan het kantoor mee te delen, zodat het kantoor en de opdrachtpartner de noodzakelijke actie kunnen ondernemen. (Zie Par. A9) #### . Toewijzing van opdrachtteams 14 De opdrachtpartner dient ervan overtuigd te zijn dat het opdrachtteam en eventuele door de accountant ingeschakelde deskundigen die geen deel uitmaken van het opdrachtteam, gezamenlijk over de passende competentie en capaciteiten beschikken teneinde: a. de controleopdracht overeenkomstig professionele standaarden en in overeenstemming met door wet- en regelgeving gestelde vereisten uit te voeren; en -b. een controleverklaring mogelijk te maken waarvan het in de gegeven omstandigheden passend is dat deze wordt uitgebracht. (Zie Par. A10, A11 en A12) +b. een controleverklaring mogelijk te maken waarvan het in de gegeven omstandigheden passend is dat deze wordt uitgebracht. (Zie Par. A10, A11 en A12) #### . Uitvoering van de opdracht @@ -1254,13 +1254,13 @@ b. een controleverklaring mogelijk te maken waarvan het in de gegeven omstandigh 15 De opdrachtpartner dient verantwoordelijkheid te nemen voor: -a. de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de controleopdracht in overeenstemming met professionele standaarden en door wet- en regelgeving gestelde vereisten; en (Zie Par. A13, A14, A15 en A20) +a. de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de controleopdracht in overeenstemming met professionele standaarden en door wet- en regelgeving gestelde vereisten; en (Zie Par. A13, A14, A15 en A20) b. de controleverklaring die onder de gegeven omstandigheden passend is. ##### . Beoordelingen -16 De opdrachtpartner dient verantwoordelijkheid te nemen voor beoordelingen die worden uitgevoerd in overeenstemming met de beleidslijnen en procedures van het kantoor inzake beoordelingen. (Zie Par. A16, A17 en A20) -17 Op of voorafgaand aan de datum van de controleverklaring dient de opdrachtpartner, door middel van een beoordeling van de controledocumentatie en besprekingen met het opdrachtteam, ervan overtuigd te zijn dat voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen ter onderbouwing van de conclusies die zijn getrokken, alsmede voor de uit te brengen controleverklaring. (Zie Par. A18, A19 en A20) +16 De opdrachtpartner dient verantwoordelijkheid te nemen voor beoordelingen die worden uitgevoerd in overeenstemming met de beleidslijnen en procedures van het kantoor inzake beoordelingen. (Zie Par. A16, A17 en A20) +17 Op of voorafgaand aan de datum van de controleverklaring dient de opdrachtpartner, door middel van een beoordeling van de controledocumentatie en besprekingen met het opdrachtteam, ervan overtuigd te zijn dat voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen ter onderbouwing van de conclusies die zijn getrokken, alsmede voor de uit te brengen controleverklaring. (Zie Par. A18, A19 en A20) ##### . Consultatie @@ -1269,7 +1269,7 @@ b. de controleverklaring die onder de gegeven omstandigheden passend is. a. verantwoordelijkheid te nemen voor het feit dat het opdrachtteam passende consultatie pleegt over moeilijke of omstreden aangelegenheden; b. ervan overtuigd te zijn dat leden van het opdrachtteam in de loop van de opdracht passende consultatie hebben gepleegd, zowel binnen het opdrachtteam als tussen het opdrachtteam en anderen van het passende niveau binnen of buiten het kantoor; c. ervan overtuigd te zijn dat de aard en reikwijdte van een dergelijke consultatie en de daaruit voortkomende conclusies zijn afgestemd met de geconsulteerde partij; en -d. vast te stellen dat de uit een dergelijke consultatie voortkomende conclusies zijn doorgevoerd. (Zie Par. A21 en A22) +d. vast te stellen dat de uit een dergelijke consultatie voortkomende conclusies zijn doorgevoerd. (Zie Par. A21 en A22) ##### . Opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling @@ -1277,18 +1277,18 @@ d. vast te stellen dat de uit een dergelijke consultatie voortkomende conclusies a. vast te stellen dat een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar is aangesteld; b. significante aangelegenheden die tijdens de uitvoering van de controleopdracht aan de orde zijn gekomen, met inbegrip van aangelegenheden die tijdens de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling zijn vastgesteld, met de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar te bespreken; en -c. de controleverklaring niet te dateren voordat de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling is afgerond. (Zie Par. A23, A24 en A25) +c. de controleverklaring niet te dateren voordat de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling is afgerond. (Zie Par. A23, A24 en A25) 20 De opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar dient een objectieve evaluatie uit te voeren van de significante oordeelsvormingen van het opdrachtteam en de conclusies die zijn getrokken bij de formulering van de controleverklaring. Deze evaluatie dient het volgende in te houden: a. bespreking van significante aangelegenheden met de opdrachtpartner; b. beoordeling van de financiële overzichten en van de voorgestelde controleverklaring; c. beoordeling van geselecteerde controledocumentatie met betrekking tot de significante oordeelsvormingen van het opdrachtteam en de conclusies die zijn getrokken; en -d. evaluatie van de conclusies die zijn getrokken bij het formuleren van de controleverklaring, alsmede overweging of de voorgestelde controleverklaring passend is. (Zie Par. A26, A27, A27A, A29, A30 en A31) +d. evaluatie van de conclusies die zijn getrokken bij het formuleren van de controleverklaring, alsmede overweging of de voorgestelde controleverklaring passend is. (Zie Par. A26, A27, A27A, A29, A30 en A31) 21 Voor controles van financiële overzichten van oob’s75In de ISA’s wordt gesproken over ‘listed entities’. dient de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar bij het uitvoeren van een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling tevens rekening te houden met het volgende: a. de evaluatie van het opdrachtteam van de onafhankelijkheid van het kantoor met betrekking tot de controleopdracht; b. de vraag of passende consultatie heeft plaatsgevonden over aangelegenheden die betrekking hebben op verschillen van mening of andere moeilijke of omstreden aangelegenheden, alsmede de conclusies die uit deze consultatie voortkomen; en -c. de vraag of de voor de beoordeling geselecteerde controledocumentatie een goede weergave is van de uitgevoerde werkzaamheden met betrekking tot significante oordeelsvormingen en of deze de conclusies onderbouwt die zijn getrokken. (Zie Par. A28, A29, A30 en A31) +c. de vraag of de voor de beoordeling geselecteerde controledocumentatie een goede weergave is van de uitgevoerde werkzaamheden met betrekking tot significante oordeelsvormingen en of deze de conclusies onderbouwt die zijn getrokken. (Zie Par. A28, A29, A30 en A31) ##### . Verschillen van mening @@ -1296,7 +1296,7 @@ c. de vraag of de voor de beoordeling geselecteerde controledocumentatie een goe #### . Monitoring -23 Onder een effectief stelsel van kwaliteitsbeheersing valt een monitoringproces dat is opgezet voor het verschaffen van een redelijke mate van zekerheid aan het kantoor dat de beleidslijnen en procedures met betrekking tot het stelsel van kwaliteitsbeheersing relevant en adequaat zijn en effectief werken. De opdrachtpartner dient de bevindingen uit het monitoringproces van het kantoor die blijken uit de meest recente informatie die door het kantoor en, indien van toepassing, andere kantoren die tot het netwerk behoren is uitgebracht, in aanmerking te nemen, alsmede de vraag of tekortkomingen die in deze informatie zijn opgemerkt van invloed kunnen zijn op de controleopdracht. (Zie Par. A32, A33 en A34) +23 Onder een effectief stelsel van kwaliteitsbeheersing valt een monitoringproces dat is opgezet voor het verschaffen van een redelijke mate van zekerheid aan het kantoor dat de beleidslijnen en procedures met betrekking tot het stelsel van kwaliteitsbeheersing relevant en adequaat zijn en effectief werken. De opdrachtpartner dient de bevindingen uit het monitoringproces van het kantoor die blijken uit de meest recente informatie die door het kantoor en, indien van toepassing, andere kantoren die tot het netwerk behoren is uitgebracht, in aanmerking te nemen, alsmede de vraag of tekortkomingen die in deze informatie zijn opgemerkt van invloed kunnen zijn op de controleopdracht. (Zie Par. A32, A33 en A34) #### . Documentatie @@ -1305,7 +1305,7 @@ c. de vraag of de voor de beoordeling geselecteerde controledocumentatie een goe a. kwesties die met betrekking tot het naleven van relevante ethische voorschriften zijn vastgesteld en de wijze waarop deze werden opgelost; b. conclusies met betrekking tot de naleving van onafhankelijkheidsvoorschriften die van toepassing zijn op de controleopdracht, alsmede eventuele relevante besprekingen met het kantoor die deze conclusies onderbouwen; c. conclusies die zijn getrokken met betrekking tot de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en controleopdrachten; -d. de aard en reikwijdte van en de conclusies gebaseerd op de consultatie die in de loop van de controleopdracht werd gepleegd. (Zie Par. A35) +d. de aard en reikwijdte van en de conclusies gebaseerd op de consultatie die in de loop van de controleopdracht werd gepleegd. (Zie Par. A35) 25 Voor de controleopdracht die is beoordeeld, dient de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar te documenteren dat: a. de procedures die door de beleidslijnen van het kantoor met betrekking tot een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling worden vereist, uitgevoerd zijn; @@ -1314,7 +1314,7 @@ c. de beoordelaar geen kennis heeft van onopgeloste aangelegenheden die bij de b ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Stelsel van kwaliteitsbeheersing en rol van opdrachtteams (Zie Par. 2) +#### . Stelsel van kwaliteitsbeheersing en rol van opdrachtteams (Zie Par. 2) A1 De wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing77Afhankelijk van de situatie *Wet toezicht accountantsorganisaties* (Wta)/*Besluit toezichtaccountantsorganisaties *(Bta)/*Verordening accountantsorganisaties* (VAO) of *Nadere voorschriftenaccountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten*(NVAK assurance). behandelt de verantwoordelijkheden van het kantoor om zijn stelsel van kwaliteitsbeheersing voor controleopdrachten op te zetten en te onderhouden. Het stelsel van kwaliteitsbeheersing omvat beleidslijnen en procedures die op de volgende elementen betrekking hebben: @@ -1334,7 +1334,7 @@ A1A *Op grond van artikel 18 van de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta) d *De door de wetgever en de beroepsorganisatie aan het stelsel van kwaliteitsbeheersing gestelde eisen zijn verspreid over de Wta, het Bta en de Verordening accountantsorganisaties (VAO). Deze eisen zijn in de Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten van overeenkomstige toepassing verklaard op accountantskantoren die assurance-opdrachten anders dan wettelijke controles in de zin van de Wta, of aan assurance verwante opdrachten uitvoeren.* -##### . Steunen op het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor (Zie Par. 4) +##### . Steunen op het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor (Zie Par. 4) A2 Tenzij informatie die door het kantoor of door derden wordt verschaft het tegendeel suggereert, kan het opdrachtteam steunen op het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor, bijvoorbeeld met betrekking tot: @@ -1343,7 +1343,7 @@ A2 Tenzij informatie die door het kantoor of door derden wordt verschaft het teg • het onderhouden van cliëntrelaties op grond van systemen voor aanvaarding en continuering daarvan; • het in acht nemen van door wet- en regelgeving gestelde vereisten op grond van het monitoringproces. -#### . Verantwoordelijkheden van de leiding voor kwaliteit van controles (Zie Par. 8) +#### . Verantwoordelijkheden van de leiding voor kwaliteit van controles (Zie Par. 8) A3 Bij het nemen van de verantwoordelijkheid voor de algehele kwaliteit van elke controleopdracht, wordt door de handelingen van de opdrachtpartner en in passende boodschappen aan de andere leden van het opdrachtteam het volgende benadrukt: @@ -1357,7 +1357,7 @@ b. het feit dat kwaliteit essentieel is bij het uitvoeren van controleopdrachten #### . Relevante ethische voorschriften -##### . Het naleven van relevante ethische voorschriften (Zie Par. 9) +##### . Het naleven van relevante ethische voorschriften (Zie Par. 9) A4 De VGBA stelt de fundamentele beginselen van de beroepsethiek vast, waartoe behoren: @@ -1367,11 +1367,11 @@ c. objectiviteit; d. vakbekwaamheid en zorgvuldigheid; en e. vertrouwelijkheid. -##### . Definities van ‘kantoor’, ‘netwerk’ en ‘kantoor dat tot een netwerk behoort’ (Zie Par. 9, 10 en 11) +##### . Definities van ‘kantoor’, ‘netwerk’ en ‘kantoor dat tot een netwerk behoort’ (Zie Par. 9, 10 en 11) A5 De definities van ‘kantoor’, ‘netwerk’ en ‘kantoor dat tot een netwerk behoort’ in de Verordening op de ledengroepen en relevante ethische voorschriften zoals de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) kunnen afwijken van die welke in deze Standaard zijn opgenomen. Bij het naleven van de in de paragrafen 9–11 genoemde vereisten zijn de definities die gebruikt zijn in de relevante ethische voorschriften van toepassing, naargelang dat nodig is om die ethische voorschriften te interpreteren. -##### . Bedreigingen voor de onafhankelijkheid (Zie Par. 11(c)) +##### . Bedreigingen voor de onafhankelijkheid (Zie Par. 11(c)) A6 Het is mogelijk dat de opdrachtpartner een bedreiging voor de onafhankelijkheid met betrekking tot de controleopdracht vaststelt die niet door maatregelen kan worden weggenomen. Zoals vereist op grond van paragraaf 11(c) rapporteert in een dergelijk geval de opdrachtpartner aan de relevante persoon (personen) binnen het kantoor om een passende actie te bepalen, die de beëindiging kan inhouden van de activiteit die of het belang dat de bedreiging veroorzaakt, of het teruggeven kan inhouden van de controleopdracht, wanneer het teruggeven (van de controleopdracht) krachtens van toepassing zijnde wet- of regelgeving mogelijk is. @@ -1379,7 +1379,7 @@ A6 Het is mogelijk dat de opdrachtpartner een bedreiging voor de onafhankelijkhe A7 Wetgeving kan voorzien in maatregelen voor de onafhankelijkheid van accountants van de publieke sector. Voor accountants van de publieke sector dan wel auditkantoren die controles in de publieke sector uitvoeren namens de door de wetgever aangestelde accountant, is het echter mogelijk, afhankelijk van de voorwaarden van het mandaat binnen een bepaald rechtsgebied, dat zij hun aanpak moeten aanpassen teneinde de naleving van paragraaf 11 naar de geest te bevorderen. Indien het mandaat van de accountant van de publieke sector het teruggeven van de opdracht niet toestaat, kan dit onder meer inhouden dat door middel van een openbare rapportage de ontstane omstandigheden worden toegelicht die, indien zij in de private sector waren voorgekomen, tot het teruggeven van de controleopdracht door de accountant zouden leiden. -#### . Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en controleopdrachten (Zie Par. 12) +#### . Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en controleopdrachten (Zie Par. 12) A8 De wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing vereist van78Afhankelijk van de situatie *Wet toezicht accountantsorganisaties* (Wta)/*Besluit toezicht accountantsorganisaties* (Bta)/*Verordening accountantsorganisaties* (VAO) of *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten *(NVAK assurance). het kantoor informatie verkrijgen die in de gegeven omstandigheden noodzakelijk wordt geacht alvorens een opdracht met een nieuwe cliënt te aanvaarden, ingeval er besloten wordt een bestaande opdracht wel of niet te continueren, alsmede wanneer het aanvaarden van een nieuwe opdracht van een bestaande cliënt wordt overwogen79Bta, artikel 12 respectievelijk NVAK assurance, artikel 12.. Informatie zoals die hieronder beschreven, helpt de opdrachtpartner bepalen of de conclusies die met betrekking tot het aanvaarden en continueren van cliëntrelaties en controleopdrachten zijn getrokken, passend zijn: @@ -1388,11 +1388,11 @@ A8 De wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing vereist van78Af • de vraag of het kantoor en het opdrachtteam relevante ethische voorschriften kunnen naleven; en • significante aangelegenheden die tijdens de huidige of vorige controleopdracht aan de orde zijn gekomen, alsmede de implicaties daarvan voor het continueren van de relatie. -##### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 12 en 13) +##### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 12 en 13) A9 In de publieke sector kunnen accountants aangesteld worden in overeenstemming met wettelijke procedures. Het is derhalve mogelijk dat bepaalde vereisten en overwegingen betreffende de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en van controleopdrachten zoals vermeld in de paragrafen 12, 13 en A8 niet relevant zijn. Niettemin kan informatie die als gevolg van het beschreven proces is verzameld, waardevol zijn voor accountants van de publieke sector bij het uitvoeren van risico-inschattingen alsmede bij het uitoefenen van rapporteringsverantwoordelijkheden. -#### . Toewijzing van opdrachtteams (Zie Par. 14) +#### . Toewijzing van opdrachtteams (Zie Par. 14) A10 Een persoon die deskundigheid in een gespecialiseerd gebied van financiële verslaggeving of controle aanwendt, die ingeschakeld is of in dienst is genomen door het kantoor en die controlewerkzaamheden met betrekking tot de opdracht uitvoert, maakt deel uit van het opdrachtteam. Een persoon met dergelijke deskundigheid van wie de betrokkenheid bij het opdrachtteam enkel uit consultatie bestaat, is geen lid van het opdrachtteam. Consultatie wordt behandeld in paragraaf 18 en in de paragrafen A21–A22. A11 Bij het overwegen van de passende competentie en capaciteiten die van het opdrachtteam als geheel worden verwacht, kan de opdrachtpartner de volgende aangelegenheden met betrekking tot het team in aanmerking nemen: @@ -1410,7 +1410,7 @@ A12 In de publieke sector kunnen tot aanvullende passende competentie vaardighed #### . Uitvoering van de opdracht -##### . Aansturing, toezicht en uitvoering (Zie Par. 15(a)) +##### . Aansturing, toezicht en uitvoering (Zie Par. 15(a)) A13 Het aansturen van het opdrachtteam omvat het informeren van de leden van het opdrachtteam over onder meer de volgende aangelegenheden: @@ -1433,7 +1433,7 @@ A15 Toezicht omvat aangelegenheden zoals: ##### . Beoordelingen -###### . Beoordelingsverantwoordelijkheden (Zie Par. 16) +###### . Beoordelingsverantwoordelijkheden (Zie Par. 16) A16 Onder de wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing81Afhankelijk van de situatie *Wet toezicht accountantsorganisaties* (Wta)/*Besluit toezicht accountantsorganisaties *(Bta)/*Verordening accountantsorganisaties* (VAO) of *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten* (NVAK assurance). zijn de beleidslijnen en procedures voor de beoordelingsverantwoordelijkheden van het kantoor vastgesteld met als uitgangspunt dat werkzaamheden die door minder ervaren teamleden zijn uitgevoerd, door meer ervaren teamleden worden beoordeeld.82Bta, artikel 16 respectievelijk NVAK, artikel 14. A17 Bij een beoordeling wordt bijvoorbeeld overwegen of: @@ -1446,7 +1446,7 @@ A17 Bij een beoordeling wordt bijvoorbeeld overwegen of: • de verkregen informatie voldoende en geschikt is om de controleverklaring te onderbouwen; en • de doelstellingen van de in het kader van de opdracht uitgevoerde werkzaamheden zijn bereikt. -###### . Beoordeling door de opdrachtpartner van uitgevoerde werkzaamheden (Zie Par. 17) +###### . Beoordeling door de opdrachtpartner van uitgevoerde werkzaamheden (Zie Par. 17) A18 Tijdige beoordelingen van de volgende aspecten door de opdrachtpartner, die op passende momenten gedurende de opdracht worden uitgevoerd, maken het mogelijk dat significante aangelegenheden tijdig naar tevredenheid van de opdrachtpartner worden opgelost op of voorafgaand aan de datum van de controleverklaring: @@ -1459,14 +1459,14 @@ Het is niet noodzakelijk dat de opdrachtpartner een beoordeling van alle control 230 wordt vereist, documenteert de partner echter wel de omvang en timing van de beoordelingen83Standaard 230, paragraaf 9(c).. A19 Een opdrachtpartner die gedurende de opdracht een controle overneemt, kan de in paragraaf A18 beschreven beoordelingsprocedures toepassen om de werkzaamheden te beoordelen die tot aan de datum van overdracht zijn verricht, teneinde de verantwoordelijkheden van een opdrachtpartner over te nemen. -##### . Overwegingen die relevant zijn wanneer een lid van het opdrachtteam met deskundigheid in een gespecialiseerd gebied van financiële verslaggeving of controle wordt ingezet (Zie Par. 15, 16 en 17) +##### . Overwegingen die relevant zijn wanneer een lid van het opdrachtteam met deskundigheid in een gespecialiseerd gebied van financiële verslaggeving of controle wordt ingezet (Zie Par. 15, 16 en 17) A20 Ingeval een lid van het opdrachtteam met deskundigheid in een gespecialiseerd gebied van financiële verslaggeving of controle wordt ingezet, kunnen aansturing, toezicht en beoordeling van de werkzaamheden van dit lid van het opdrachtteam onder meer het volgende inhouden: • het met dat lid tot overeenstemming komen over de aard, reikwijdte en doelstellingen van de werkzaamheden van dat lid; alsmede de respectieve rollen van, en de aard, timing en mate van communicatie tussen dat lid en andere leden van het opdrachtteam; • het evalueren van de mate waarin de werkzaamheden van dat lid adequaat zijn, met inbegrip van de relevantie en redelijkheid van de bevindingen of conclusies van dat lid, alsmede de consistentie ervan met andere controle-informatie. -##### . Consultatie (Zie Par. 18) +##### . Consultatie (Zie Par. 18) A21 Er is sprake van effectieve consultatie over significante vaktechnische, ethische en andere aangelegenheden binnen het kantoor of, indien van toepassing buiten het kantoor, indien de personen die worden geconsulteerd: @@ -1476,19 +1476,19 @@ A22 Het kan passend zijn dat het opdrachtteam consultatie pleegt buiten het kant ##### . Opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling -###### . Afronding van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling voorafgaand aan het dateren van de controleverklaring (Zie Par. 19(c)) +###### . Afronding van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling voorafgaand aan het dateren van de controleverklaring (Zie Par. 19(c)) A23 Overeenkomstig Standaard 700 mag de controleverklaring niet eerder worden gedateerd dan op de datum waarop de accountant voldoende en geschikte informatie heeft verkregen om daarop zijn oordeel over de financiële overzichten te baseren84Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten*, paragraaf 41.. In het geval van een controle van financiële overzichten van oob’s85In de ISA’s wordt gesproken over ‘listed entities’. of wanneer een opdracht voldoet aan de criteria voor een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling, helpt een dergelijke beoordeling de accountant bepalen of voldoende en geschikte informatie is verkregen. A24 Het tijdig en op passende momenten gedurende de opdracht uitvoeren van een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling maakt het mogelijk significante aangelegenheden onmiddellijk naar tevredenheid van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar op te lossen op of voorafgaand aan de datum van de controleverklaring. A25 Afronding van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling houdt de afronding door de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar van de vereisten in de paragrafen 20–21 in, en waar van toepassing de inachtneming van paragraaf 22. Documentatie van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling kan worden afgerond na de datum van de controleverklaring in het kader van de samenstelling van het definitieve controledossier. Standaard 230 stelt vereisten vast en verschaft leidraden in dit verband86Standaard 230, paragraaf 14, 15 en 16.. -###### . Aard, omvang en timing van opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling (Zie Par. 20) +###### . Aard, omvang en timing van opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling (Zie Par. 20) A26 Alert blijven op veranderingen in omstandigheden stelt de opdrachtpartner in staat te bepalen in welke situaties een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling noodzakelijk is, zelfs als een dergelijke kwaliteitsbeoordeling bij de aanvang van de opdracht niet werd vereist. A27 De omvang van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling kan afhankelijk zijn van onder meer de complexiteit van de controleopdracht, van de vraag of de entiteit beursgenoteerd is, en van het risico dat de controleverklaring in de gegeven omstandigheden niet passend kan zijn. De uitvoering van een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling doet niets af aan de verantwoordelijkheden van de opdrachtpartner voor de controleopdracht en de uitvoering daarvan. A27A *Voor overige voorschriften met betrekking tot opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling wordt verwezen naar paragraaf 5 van het Bta en hoofdstuk 2 van de Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten.* -###### . Opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling van oob’s (Zie Par. 21) +###### . Opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling van oob’s (Zie Par. 21) A28 Overige aangelegenheden die relevant zijn voor het evalueren van de significante oordeelsvormingen van het opdrachtteam die in beschouwing kunnen worden genomen in een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling van een beursgenoteerde entiteit, zijn onder meer: @@ -1499,16 +1499,16 @@ A28 Overige aangelegenheden die relevant zijn voor het evalueren van de signific Afhankelijk van de omstandigheden kunnen deze overige aangelegenheden tevens van toepassing zijn op opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelingen van controles van financiële overzichten van andere entiteiten. -###### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten gelden (Zie Par. 20 en 21) +###### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten gelden (Zie Par. 20 en 21) A29 Naast de controles van financiële overzichten van oob’s91In de ISA’s wordt gesproken over ‘listed entities’. wordt een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling eveneens vereist voor controleopdrachten die voldoen aan de criteria die zijn opgesteld door een kantoor dat opdrachten aan een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling onderwerpt. In sommige gevallen zal geen van de controleopdrachten van het kantoor voldoen aan de criteria die vereisen dat zij aan een dergelijke kwaliteitsbeoordeling moeten worden onderworpen. -###### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 20 en 21) +###### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 20 en 21) A30 In de publieke sector kan een door de wetgever aangestelde accountant (bijvoorbeeld een voorzitter van de Rekenkamer of een ander toereikend gekwalificeerd persoon die namens de voorzitter van de Rekenkamer is aangesteld) een rol vervullen die gelijk is aan de rol van een opdrachtpartner die de algehele verantwoordelijkheid draagt voor controles in de publieke sector. Indien van toepassing houdt in dergelijke omstandigheden de keuze van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar in dat er rekening wordt gehouden met de noodzaak van onafhankelijkheid ten opzichte van de entiteit die wordt gecontroleerd, alsmede met de mogelijkheid van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar om een objectieve evaluatie te verschaffen. A31 Oob’s92In de ISA’s wordt gesproken over ‘listed entities’., waarnaar in de paragrafen 21 en A28 wordt verwezen, zijn in de publieke sector niet gebruikelijk93Artikel 2, Wta geeft de mogelijkheid om openbare lichamen aan te wijzen als oob.. Niettemin kunnen er andere entiteiten in de publieke sector voorkomen die significant zijn vanwege omvang, complexiteit of aspecten van openbaar belang en die ten gevolge daarvan een grote verscheidenheid aan belanghebbenden hebben. Voorbeelden zijn samenwerkingsverbanden die staatseigendom zijn en openbare nutsbedrijven. Aanhoudende verschuivingen binnen de publieke sector kunnen tevens leiden tot nieuwe soorten van significante entiteiten. Er bestaan geen vaste objectieve criteria waarmee de mate van significantie kan worden bepaald. Niettemin evalueren accountants van de publieke sector welke entiteiten van voldoende significantie kunnen zijn om de uitvoering van een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling te rechtvaardigen. -#### . Monitoring (Zie Par. 23) +#### . Monitoring (Zie Par. 23) A32 De wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing94Afhankelijk van de situatie *Wet toezicht accountantsorganisaties* (Wta)/*Besluit toezicht accountantsorganisaties *(Bta)/*Verordening accountantsorganisaties* (VAO) of *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten* (NVAK assurance). vereist van het kantoor om een monitoringproces vast te stellen dat een redelijke mate van zekerheid verschaft dat de beleidslijnen en procedures met betrekking tot het stelsel van kwaliteitsbeheersing relevant en adequaat zijn en effectief werken95Bta, artikel 18–22 /VAO, artikel 4,9 respectievelijk NVAK assurance, artikel 8, 18–23.. A33 Bij het overwegen van tekortkomingen die op de controleopdracht van invloed kunnen zijn, kan de opdrachtpartner rekening houden met eventuele maatregelen die het kantoor heeft genomen om de situatie te rectificeren en die de opdrachtpartner in de context van die controle voldoende acht. @@ -1516,7 +1516,7 @@ A34 Een tekortkoming in het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor wij #### . Documentatie -##### . Documentatie van consultatie (Zie Par. 24(d)) +##### . Documentatie van consultatie (Zie Par. 24(d)) A35 Documentatie die betrekking heeft op met andere beroepsbeoefenaren gepleegde consultatie over moeilijke of omstreden aangelegenheden en die voldoende compleet en gedetailleerd is, draagt bij aan inzicht in: @@ -1574,33 +1574,33 @@ c. *ervaren accountant* – Een persoon (binnen of buiten het kantoor) die prakt #### . Tijdig opstellen van de controledocumentatie -7 De accountant dient de controledocumentatie tijdig op te stellen. (Zie Par. A1) +7 De accountant dient de controledocumentatie tijdig op te stellen. (Zie Par. A1) #### . Documentatie van de uitgevoerde controlewerkzaamheden en van de verkregen controle-informatie ##### . Vorm, inhoud en omvang van de controledocumentatie -8 De accountant dient de controledocumentatie zo op te stellen dat die voldoende is om een ervaren accountant die niet eerder bij de controle betrokken was, in staat te stellen inzicht te verwerven in: (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A16 en A17) +8 De accountant dient de controledocumentatie zo op te stellen dat die voldoende is om een ervaren accountant die niet eerder bij de controle betrokken was, in staat te stellen inzicht te verwerven in: (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A16 en A17) -a. de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd overeenkomstig de Standaarden en de van toepassing zijnde door wet- en regelgeving gestelde vereisten; (Zie Par. A6 en A7) +a. de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd overeenkomstig de Standaarden en de van toepassing zijnde door wet- en regelgeving gestelde vereisten; (Zie Par. A6 en A7) b. de uitkomsten van de uitgevoerde controlewerkzaamheden, alsmede de verkregen controle-informatie; en c. significante aangelegenheden die tijdens de controle aan de orde zijn gekomen, de daaruit getrokken conclusies; en -d. significante professionele oordeelsvormingendie tot die conclusies hebben geleid. (Zie Par. A8, A9, A10 en A11) +d. significante professionele oordeelsvormingendie tot die conclusies hebben geleid. (Zie Par. A8, A9, A10 en A11) 9 Bij het documenteren van de aard, timing en omvang van de uitgevoerde controlewerkzaamheden dient de accountant het volgende vast te leggen: -a. de onderscheidende kenmerken van de specifieke getoetste elementen of aangelegenheden; (Zie Par. A12) +a. de onderscheidende kenmerken van de specifieke getoetste elementen of aangelegenheden; (Zie Par. A12) b. wie de controlewerkzaamheden heeft uitgevoerd en de datum waarop deze werden afgerond; en -c. wie de uitgevoerde controlewerkzaamheden heeft beoordeeld alsmede de datum en de omvang van deze beoordeling. (Zie Par. A13) -10 De accountant dient met het management, de met governance belaste personen en anderen gevoerde besprekingen van significante aangelegenheden te documenteren, met inbegrip van de aard van de besproken significante aangelegenheden, het tijdstip van bespreking en de namen van de personen die hieraan hebben deelgenomen. (Zie Par. A14) -11 Indien de accountant informatie heeft geïdentificeerd die inconsistent is met zijn eindconclusie met betrekking tot een significante aangelegenheid, dient hij te documenteren op welke wijze hij met deze inconsistentie is omgegaan. (Zie Par. A15) +c. wie de uitgevoerde controlewerkzaamheden heeft beoordeeld alsmede de datum en de omvang van deze beoordeling. (Zie Par. A13) +10 De accountant dient met het management, de met governance belaste personen en anderen gevoerde besprekingen van significante aangelegenheden te documenteren, met inbegrip van de aard van de besproken significante aangelegenheden, het tijdstip van bespreking en de namen van de personen die hieraan hebben deelgenomen. (Zie Par. A14) +11 Indien de accountant informatie heeft geïdentificeerd die inconsistent is met zijn eindconclusie met betrekking tot een significante aangelegenheid, dient hij te documenteren op welke wijze hij met deze inconsistentie is omgegaan. (Zie Par. A15) ##### . Het afwijken van een relevant vereiste -12 Indien de accountant het in uitzonderlijke omstandigheden noodzakelijk acht om af te wijken van een in een Standaard bepaald relevant vereiste, dient hij te documenteren op welke wijze de uitgevoerde alternatieve controlewerkzaamheden het oogmerk van het vereiste bereiken, alsmede om welke redenen is afgeweken. (Zie Par. A18 en A19) +12 Indien de accountant het in uitzonderlijke omstandigheden noodzakelijk acht om af te wijken van een in een Standaard bepaald relevant vereiste, dient hij te documenteren op welke wijze de uitgevoerde alternatieve controlewerkzaamheden het oogmerk van het vereiste bereiken, alsmede om welke redenen is afgeweken. (Zie Par. A18 en A19) ##### . Aangelegenheden die na de datum van de controleverklaring aan de orde komen -13 Indien in uitzonderlijke omstandigheden de accountant na de datum van de controleverklaring nieuwe of aanvullende controlewerkzaamheden uitvoert of tot nieuwe conclusies komt, dient hij het volgende te documenteren: (Zie Par. A20) +13 Indien in uitzonderlijke omstandigheden de accountant na de datum van de controleverklaring nieuwe of aanvullende controlewerkzaamheden uitvoert of tot nieuwe conclusies komt, dient hij het volgende te documenteren: (Zie Par. A20) a. de omstandigheden die zich hebben voorgedaan; b. de nieuwe of aanvullende controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd, de verkregen controle-informatie en de getrokken conclusies, alsmede de gevolgen daarvan voor de controleverklaring; en @@ -1608,22 +1608,22 @@ c. wanneer en door wie de daaruit voortvloeiende wijzigingen in de controledocum #### . Samenstellen van het definitieve controledossier -14 De accountant dient de controledocumentatie samen te voegen in een controledossier en het administratieve proces van het samenstellen van het definitieve controledossier tijdig na de datum van de controleverklaring te voltooien. (Zie Par. A21 en A22) -15 Nadat het samenstellen van het definitieve controledossier is voltooid, dient de accountant niet enkele controledocumentatie, van welke aard ook, te vernietigen of te verwijderen voordat de bewaartermijn is afgelopen. (Zie Par. A23) -16 In andere dan de in paragraaf 13 bedoelde omstandigheden waarin de accountant het noodzakelijk acht om veranderingen in de bestaande controledocumentatie aan te brengen dan wel om nieuwe elementen aan de controledocumentatie toe te voegen nadat de samenstelling van het definitieve controledossier is voltooid, dient hij, ongeacht de aard van de veranderingen of toevoegingen, het volgende te documenteren: (Zie Par. A24) +14 De accountant dient de controledocumentatie samen te voegen in een controledossier en het administratieve proces van het samenstellen van het definitieve controledossier tijdig na de datum van de controleverklaring te voltooien. (Zie Par. A21 en A22) +15 Nadat het samenstellen van het definitieve controledossier is voltooid, dient de accountant niet enkele controledocumentatie, van welke aard ook, te vernietigen of te verwijderen voordat de bewaartermijn is afgelopen. (Zie Par. A23) +16 In andere dan de in paragraaf 13 bedoelde omstandigheden waarin de accountant het noodzakelijk acht om veranderingen in de bestaande controledocumentatie aan te brengen dan wel om nieuwe elementen aan de controledocumentatie toe te voegen nadat de samenstelling van het definitieve controledossier is voltooid, dient hij, ongeacht de aard van de veranderingen of toevoegingen, het volgende te documenteren: (Zie Par. A24) a. de specifieke redenen voor het aanbrengen daarvan; en b. wanneer en door wie zij werden aangebracht en beoordeeld. ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Tijdig opstellen van de controledocumentatie (Zie Par. 7) +#### . Tijdig opstellen van de controledocumentatie (Zie Par. 7) A1 Het tijdig opstellen van voldoende en geschikte controledocumentatie komt ten goede aan de kwaliteit van de controle alsmede aan de effectieve beoordeling en evaluatie van de verkregen controle-informatie en van de conclusies die worden getrokken voordat de controleverklaring voltooid is. Van documentatie die na de uitvoering van de controlewerkzaamheden wordt opgesteld, kan worden verwacht dat deze minder accuraat zal zijn dan documentatie die tijdens de uitvoering van deze werkzaamheden wordt opgesteld. #### . Documentatie van de uitgevoerde controlewerkzaamheden en van de verkregen controle-informatie -##### . Vorm, inhoud en omvang van de controledocumentatie (Zie Par. 8) +##### . Vorm, inhoud en omvang van de controledocumentatie (Zie Par. 8) A2 De vorm, inhoud en omvang van controledocumentatie zijn afhankelijk van factoren als: @@ -1648,7 +1648,7 @@ De accountant kan uittreksels of kopieën van vastleggingen van de entiteit (bij A4 Achterhaalde versies van werkdocumenten en van financiële overzichten, aantekeningen die een weergave zijn van een onvolledige of voorlopige gedachtegang, eerdere kopieën van documenten die zijn verbeterd op typefouten of andere fouten, en duplicaten van documenten hoeft de accountant niet in de controledocumentatie op te nemen. A5 Mondelinge toelichtingen door de accountant vormen op zichzelf geen adequate onderbouwing voor de werkzaamheden die hij heeft verricht of voor de conclusies die hij heeft getrokken, maar kunnen worden gebruikt om informatie die in de controledocumentatie is opgenomen, uit te leggen of te verduidelijken. -##### . Documentatie inzake het naleven van de Standaarden (Zie Par. 8(a)) +##### . Documentatie inzake het naleven van de Standaarden (Zie Par. 8(a)) A6 In beginsel zal het naleven van de vereisten van deze Standaard resulteren in controledocumentatie die in de gegeven omstandigheden voldoende en geschikt is. Andere Standaarden bevatten specifieke documentatievereisten die bedoeld zijn om de toepassing van deze Standaard in de specifieke omstandigheden van die andere Standaarden te verduidelijken. De specifieke documentatievereisten van andere Standaarden beperken de toepassing van deze Standaard niet. Verder is het ontbreken van een documentatievereiste in een specifieke Standaard niet bedoeld om te suggereren dat bij het voldoen aan deze Standaard geen documentatie zal worden opgesteld. A7 Controledocumentatie verschaft informatie die aantoont dat de controle aan de Standaarden voldoet. Het is echter noch noodzakelijk noch uitvoerbaar dat de accountant bij een controle alle nagegane aangelegenheden of elke professionele oordeelsvorming documenteert. Verder hoeft de accountant niet apart te documenteren (bijvoorbeeld in een checklist) dat aan de Standaarden is voldaan wat betreft aangelegenheden waarvan dit al wordt aangetoond door documenten die deel uitmaken van het controledossier. Als voorbeelden zijn te noemen: @@ -1661,7 +1661,7 @@ A7 Controledocumentatie verschaft informatie die aantoont dat de controle aan de • het kan bijvoorbeeld voorkomen dat op geen enkele manier is gedocumenteerd dat de accountant blijk heeft gegeven van een professioneel-kritische instelling. Niettemin kan de controledocumentatie informatie verschaffen die aantoont dat de accountant overeenkomstig de Standaarden een professioneel-kritische instelling aanneemt. Het betreft hier onder meer informatie over uitgevoerde werkzaamheden ter ondersteuning van de reactie van het management op de door de accountant gestelde vragen; • tevens kan op verschillende manieren in de controledocumentatie worden aangetoond dat de opdrachtpartner de verantwoordelijkheid op zich heeft genomen voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van een controle overeenkomstig de Standaarden. De controledocumentatie kan onder meer documentatie bevatten van de tijdige betrokkenheid van de opdrachtpartner bij verschillende aspecten van de controle, zoals het deelnemen aan de teambesprekingen die vereist zijn op grond van Standaard 315100Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*, paragraaf 10.. -##### . Documentatie van significante aangelegenheden en van daarop betrekking hebbende significante professionele oordeelsvormingen (Zie Par. 8(c)) +##### . Documentatie van significante aangelegenheden en van daarop betrekking hebbende significante professionele oordeelsvormingen (Zie Par. 8(c)) A8 Het beoordelen van de significantie van een aangelegenheid vereist een objectieve analyse van de feiten en omstandigheden. Voorbeelden van significante aangelegenheden zijn onder meer: @@ -1677,31 +1677,31 @@ A10 Enkele voorbeelden van situaties waarin het overeenkomstig paragraaf 8 passe • de basis voor de conclusie van de accountant inzake de authenticiteit van een document ingeval verder onderzoek wordt verricht (zoals het op passende wijze gebruikmaken van de werkzaamheden van een deskundige dan wel van procedures inzake externe bevestigingen) om in te spelen op situaties die tijdens de controle zijn vastgesteld en die ertoe hebben geleid dat de accountant van mening was dat het document mogelijk niet authentiek is. A11 De accountant kan het nuttig achten als onderdeel van de controledocumentatie een samenvatting (soms bekend als een afsluitend memorandum) op te stellen en te bewaren waarin een beschrijving wordt gegeven van de significante aangelegenheden die tijdens de controle zijn vastgesteld en van de wijze waarop daarmee is omgegaan, of die kruisverwijzingen bevat naar andere relevante onderbouwende elementen van de controledocumentatie die in deze informatie voorzien. Een dergelijke samenvatting kan doeltreffende en doelmatige beoordelingen en inspecties van de controledocumentatie vergemakkelijken, in het bijzonder voor omvangrijke en gecompliceerde controles. Verder kan het opstellen van een dergelijke samenvatting de accountant helpen bij het overwegen van significante aangelegenheden. Zij kan de accountant tevens helpen bij het overwegen of er, in het licht van de uitgevoerde controlewerkzaamheden en de getrokken conclusies, een bepaalde relevante doelstelling van de Standaard is die de accountant niet kan bereiken, zodat dit de accountant zou beletten zijn algehele doelstellingen te bereiken. -##### . Het bepalen van de getoetste specifieke onderwerpen of aangelegenheden alsmede het aanwijzen van de opsteller en beoordelaar (Zie Par. 9) +##### . Het bepalen van de getoetste specifieke onderwerpen of aangelegenheden alsmede het aanwijzen van de opsteller en beoordelaar (Zie Par. 9) A12 Het in het dossier vastleggen van onderscheidende kenmerken dient een aantal doelen. Het stelt bijvoorbeeld het opdrachtteam in staat verantwoording af te leggen over de uitgevoerde werkzaamheden en vergemakkelijkt het onderzoek naar uitzonderingen en inconsistenties. Onderscheidende kenmerken zullen variëren naar gelang van de aard van de controlehandeling en het element dat, of de aangelegenheid die wordt getoetst. Als voorbeeld zijn te noemen: • voor het in detail toetsen van door de entiteit aangemaakte inkoopopdrachten kan de accountant bepalen welke documenten voor de toetsing worden geselecteerd, aan de hand van de datum en het individuele nummer van deze inkoopopdrachten; • voor werkzaamheden waarbij een selectie of een beoordeling van alle journaalposten boven een bepaald bedrag in een gegeven populatie vereist is, kan de accountant de reikwijdte van de werkzaamheden in het dossier vastleggen en de populatie bepalen (bijvoorbeeld alle journaalposten boven een bepaald bedrag vanuit de dagboeken); -• voor werkzaamheden waarbij een systematische steekproef moet worden getrokken uit een populatie van documenten, kan de accountant de geselecteerde documenten bepalen door vastlegging van de bron, het startpunt en het steekproefinterval (bijvoorbeeld een systematische steekproef van verzenddocumenten getrokken uit het verzendregister voor de periode van 1 april tot 30 september, te beginnen bij documentnummer 12345 en vervolgens ieder 125ste document); +• voor werkzaamheden waarbij een systematische steekproef moet worden getrokken uit een populatie van documenten, kan de accountant de geselecteerde documenten bepalen door vastlegging van de bron, het startpunt en het steekproefinterval (bijvoorbeeld een systematische steekproef van verzenddocumenten getrokken uit het verzendregister voor de periode van 1 april tot 30 september, te beginnen bij documentnummer 12345 en vervolgens ieder 125ste document); • voor werkzaamheden waarbij inlichtingen moeten worden ingewonnen bij bepaalde personeelsleden van de entiteit, kan de accountant in het dossier een vastlegging maken van de data van deze verzoeken en van de namen en functieomschrijvingen van de personeelsleden van de entiteit; • voor waarnemingswerkzaamheden kan de accountant in het dossier een vastlegging maken van het proces of het object van onderzoek, van de relevante personen, van hun respectieve verantwoordelijkheden, alsmede van de plaats en het tijdstip waarop de waarneming is uitgevoerd. A13 Standaard 220 vereist dat de accountant de uitgevoerde controlewerkzaamheden beoordeelt door de controledocumentatie te beoordelen102Standaard 220, paragraaf 17.. Het vereiste om te documenteren wie de uitgevoerde controlewerkzaamheden heeft beoordeeld, houdt geen verplichting in om in ieder specifiek werkdocument informatie op te nemen die deze beoordeling aantoont. Het vereiste houdt echter wel in dat moet worden gedocumenteerd welke controlewerkzaamheden zijn beoordeeld, wie deze werkzaamheden heeft beoordeeld en op welk tijdstip dit is gebeurd. -##### . Documentatie van besprekingen van significante aangelegenheden met het management, met de met governance belaste personen, alsmede met anderen (Zie Par. 10) +##### . Documentatie van besprekingen van significante aangelegenheden met het management, met de met governance belaste personen, alsmede met anderen (Zie Par. 10) A14 De documentatie is niet beperkt tot de vastleggingen die door de accountant zijn opgesteld, maar kan ook andere geschikte documenten bevatten zoals notulen van vergaderingen die door personeelsleden van de entiteit zijn opgesteld en door de accountant zijn aanvaard. Anderen met wie de accountant significante aangelegenheden kan bespreken, kunnen onder meer overige personeelsleden binnen de entiteit zijn, alsmede externe partijen, zoals personen die professioneel advies aan de entiteit verstrekken. -###### . Documentatie van de wijze waarop met inconsistenties is omgegaan (Zie Par. 11) +###### . Documentatie van de wijze waarop met inconsistenties is omgegaan (Zie Par. 11) A15 Het vereiste om te documenteren op welke wijze de accountant is omgegaan met inconsistenties die in de informatie werden vastgesteld, houdt niet in dat de accountant documentatie moet bewaren die foutief of intussen achterhaald is. -###### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten gelden (Zie Par. 8) +###### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten gelden (Zie Par. 8) A16 De controledocumentatie voor een controle van kleinere entiteiten is in het algemeen minder omvangrijk dan voor de controle van een grotere entiteit. Verder zal in geval van een controle waarbij de opdrachtpartner alle werkzaamheden zelf uitvoert, de documentatie geen aangelegenheden bevatten die zouden moeten worden vastgelegd uitsluitend om de leden van een opdrachtteam te informeren of te instrueren, dan wel om informatie te verschaffen die een beoordeling door andere leden van het team aantoont (er zullen bijvoorbeeld geen te documenteren aangelegenheden zijn met betrekking tot teambesprekingen of het houden van toezicht). Niettemin voldoet de opdrachtpartner aan het in paragraaf 8 bepaalde overheersende vereiste om controledocumentatie op te stellen waaruit een ervaren accountant inzicht kan verwerven, omdat de controledocumentatie onderworpen kan zijn aan beoordelingen door externe partijen voor regelgevings- of andere doeleinden. A17 Bij het opstellen van controledocumentatie kan de accountant van een kleinere entiteit het nuttig en doelmatig achten om verschillende aspecten van de controle vast te leggen in één enkel document met, naargelang passend, kruisverwijzingen naar ondersteunende werkdocumenten. Voorbeelden van aangelegenheden die bij een controle van een kleinere entiteit gezamenlijk kunnen worden gedocumenteerd zijn onder meer het verwerven van inzicht in de entiteit en haar interne beheersing, de algehele controleaanpak en het controleprogramma, de overeenkomstig Standaard 320103Standaard 320, *Materialiteit bij planning en uitvoering van een controle*. vastgestelde materialiteit, de ingeschatte risico’s, significante aangelegenheden die tijdens de controle zijn vastgesteld, alsmede de getrokken conclusies. -###### . Het afwijken van een relevant vereiste (Zie Par. 12) +###### . Het afwijken van een relevant vereiste (Zie Par. 12) A18 De vereisten van de Standaarden zijn erop gericht de accountant in staat te stellen om de in de Standaarden gespecificeerde doelstellingen en derhalve de algehele doelstellingen van de accountant te bereiken. Daarom veronderstellen de Standaarden, uitzonderlijke omstandigheden daargelaten, de naleving van ieder vereiste dat in de omstandigheden van de controle relevant is. A19 Het documentatievereiste is alleen van toepassing op vereisten die in de gegeven omstandigheden relevant zijn. Vereisten zijn slechts in die gevallen niet relevant104Standaard 200, paragraaf 22. waarin: @@ -1709,13 +1709,13 @@ A19 Het documentatievereiste is alleen van toepassing op vereisten die in de geg a. de gehele Standaard niet relevant is (bijvoorbeeld indien een entiteit niet over een interne auditfunctie beschikt, is niets van Standaard 610105Standaard 610, *Gebruikmaken van de werkzaamheden van interne auditors*. relevant); of b. het voorwaardelijke vereisten betreft en de voorwaarde niet is vervuld (bijvoorbeeld het vereiste om het oordeel aan te passen wanneer er een onmogelijkheid bestaat om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, terwijl deze onmogelijkheid niet bestaat). -##### . Aangelegenheden die na de datum van de controleverklaring aan de orde komen (Zie Par. 13) +##### . Aangelegenheden die na de datum van de controleverklaring aan de orde komen (Zie Par. 13) A20 Buitengewone omstandigheden zijn bijvoorbeeld ook de gebeurtenissen waarvan de accountant na de datum van de controleverklaring kennis verkrijgt maar die op die datum wel bestonden en die, wanneer ze op die datum bekend waren geweest, een wijziging van de financiële overzichten dan wel een aanpassing door de accountant van het oordeel in de controleverklaring tot gevolg zouden kunnen hebben gehad.106Standaard 560, *Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode*, paragraaf 14. De daaruit voortvloeiende veranderingen in de controledocumentatie worden overeenkomstig de in Standaard 220107Standaard 220, paragraaf 16. beschreven verantwoordelijkheden inzake de beoordelingsopdracht beoordeeld, terwijl de opdrachtpartner de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor de aangebrachte veranderingen op zich neemt. -#### . Samenstellen van het definitieve controledossier (Zie Par. 14, 15 en 16) +#### . Samenstellen van het definitieve controledossier (Zie Par. 14, 15 en 16) -A21 Wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing108*Besluit toezicht accountantsorganisaties* (Bta). vereist van de kantoren dat zij beleidslijnen en procedures vaststellen voor het tijdig voltooien van de samenstelling van controledossiers.109Bta, artikel 11. Een geschikte termijn waarbinnen de samenstelling van het definitieve controledossier moet worden afgerond, is in het algemeen een termijn van niet meer dan 2 maanden110De Standaarden spreken van een periode van 60 dagen. na de datum van de controleverklaring.111Bta, artikel 11. +A21 Wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing108*Besluit toezicht accountantsorganisaties* (Bta). vereist van de kantoren dat zij beleidslijnen en procedures vaststellen voor het tijdig voltooien van de samenstelling van controledossiers.109Bta, artikel 11. Een geschikte termijn waarbinnen de samenstelling van het definitieve controledossier moet worden afgerond, is in het algemeen een termijn van niet meer dan 2 maanden110De Standaarden spreken van een periode van 60 dagen. na de datum van de controleverklaring.111Bta, artikel 11. A22 Het voltooien van de samenstelling van het definitieve controledossier na de datum van de controleverklaring is een administratief proces dat geen betrekking heeft op de uitvoering van nieuwe controlewerkzaamheden of op het trekken van nieuwe conclusies. Tijdens de definitieve samenstelling van het controledossier kunnen echter nog wijzigingen in de controledocumentatie worden aangebracht, mits zij van administratieve aard zijn. Voorbeelden van dergelijke wijzigingen zijn: • het vernietigen of verwijderen van intussen achterhaalde documentatie; @@ -1725,9 +1725,9 @@ A22 Het voltooien van de samenstelling van het definitieve controledossier na de A23 Wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing vereist112Afhankelijk van de situatie *Wet toezicht accountantsorganisaties* (Wta)/*Besluit toezicht accountantsorganisaties *(Bta)/*Verordening accountantsorganisaties* (VAO) of *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten *(NVAK assurance). van de kantoren dat zij beleidslijnen en procedures voor het bewaren van opdrachtdocumentatie vaststellen.113Bta, artikel 11 respectievelijk NVAK assurance, artikel 15. De bewaartermijn voor controleopdrachten is gewoonlijk niet korter dan zeven jaar114In de Standaarden is er sprake van een periode van vijf jaar. vanaf de datum van de controleverklaring of de datum van de controleverklaring over de geconsolideerde financiële overzichten indien deze later valt.115Bta, artikel 11 respectievelijk NVAK assurance, artikel 15. A24 Een voorbeeld van een situatie waarin de accountant het noodzakelijk kan achten om veranderingen in de bestaande controledocumentatie aan te brengen dan wel om nieuwe controledocumentatie toe te voegen nadat de samenstelling van het definitieve controledossier is voltooid, betreft de noodzaak om de bestaande controledocumentatie te verduidelijken vanwege opmerkingen die zijn ontvangen tijdens door interne of externe partijen uitgevoerde monitoringinspecties. -### 1:. In andere Standaarden voorkomende specifieke vereisten inzake controledocumentatie (Zie Par. 1) +### 1:. In andere Standaarden voorkomende specifieke vereisten inzake controledocumentatie (Zie Par. 1) -In deze bijlage wordt vermeld welke paragrafen van andere Standaarden die van toepassing zijn op controles van financiële overzichten voor verslagperioden die op of na 15 december 2009 aanvangen, specifieke vereisten inzake documentatie bevatten. Deze lijst is geen substituut voor het overwegen van de in de Standaarden voorkomende vereisten en daarop betrekking hebbende, toepassingsgerichte en overige verklarende teksten. +In deze bijlage wordt vermeld welke paragrafen van andere Standaarden die van toepassing zijn op controles van financiële overzichten voor verslagperioden die op of na 15 december 2009 aanvangen, specifieke vereisten inzake documentatie bevatten. Deze lijst is geen substituut voor het overwegen van de in de Standaarden voorkomende vereisten en daarop betrekking hebbende, toepassingsgerichte en overige verklarende teksten. – Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten,* paragraaf 10, 11 en 12; – Standaard 220, *Kwaliteitsbeheersing voor een controle van financiële overzichten,* paragraaf 24 en 25; @@ -1755,7 +1755,7 @@ In deze bijlage wordt vermeld welke paragrafen van andere Standaarden die van to #### . Kenmerken van fraude 2 Afwijkingen in financiële overzichten kunnen het gevolg zijn van fraude of fouten. De onderscheidende factor tussen fraude en fouten is het al dan niet opzettelijke karakter van de handeling die aan de afwijking in de financiële overzichten ten grondslag ligt. -3 Hoewel ‘fraude’ een ruim juridisch begrip is, is de accountant in het kader van de Standaarden gericht op fraude die een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten veroorzaakt. Twee soorten opzettelijke afwijkingen zijn voor de accountant van belang, namelijk afwijkingen die voortkomen uit frauduleuze financiële verslaggeving en afwijkingen die voortkomen uit de oneigenlijke toe-eigening van activa. De accountant kan vermoeden of, in zeldzame gevallen, identificeren dat fraude heeft plaatsgevonden, maar stelt niet juridisch vast of er al dan niet echt fraude heeft plaatsgevonden. (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5 en A6) +3 Hoewel ‘fraude’ een ruim juridisch begrip is, is de accountant in het kader van de Standaarden gericht op fraude die een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten veroorzaakt. Twee soorten opzettelijke afwijkingen zijn voor de accountant van belang, namelijk afwijkingen die voortkomen uit frauduleuze financiële verslaggeving en afwijkingen die voortkomen uit de oneigenlijke toe-eigening van activa. De accountant kan vermoeden of, in zeldzame gevallen, identificeren dat fraude heeft plaatsgevonden, maar stelt niet juridisch vast of er al dan niet echt fraude heeft plaatsgevonden. (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5 en A6) #### . Verantwoordelijkheid voor het voorkomen en detecteren van fraude @@ -1791,13 +1791,13 @@ b. *frauderisicofactoren* – gebeurtenissen of omstandigheden die wijzen op een #### . Professioneel-kritische instelling -12 Overeenkomstig Standaard 200 dient de accountant gedurende de gehele controle een professioneel-kritische instelling te handhaven, rekening houdend met de mogelijkheid van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude, ook als hij in het verleden heeft ervaren dat het management van de entiteit en de met governance belaste personen eerlijk en integer waren. (Zie Par. A7 en A8) -13 De accountant mag de vastleggingen en documenten als authentiek aanvaarden, tenzij hij aanwijzingen heeft om het tegendeel te veronderstellen. Als de accountant op grond van omstandigheden die hij tijdens de controle heeft vastgesteld veronderstelt dat een document mogelijk niet authentiek is of dat de in een document vastgelegde voorwaarden zijn gewijzigd maar hem niet ter kennis zijn gebracht, dient hij aanvullend onderzoek te verrichten. (Zie Par. A9) +12 Overeenkomstig Standaard 200 dient de accountant gedurende de gehele controle een professioneel-kritische instelling te handhaven, rekening houdend met de mogelijkheid van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude, ook als hij in het verleden heeft ervaren dat het management van de entiteit en de met governance belaste personen eerlijk en integer waren. (Zie Par. A7 en A8) +13 De accountant mag de vastleggingen en documenten als authentiek aanvaarden, tenzij hij aanwijzingen heeft om het tegendeel te veronderstellen. Als de accountant op grond van omstandigheden die hij tijdens de controle heeft vastgesteld veronderstelt dat een document mogelijk niet authentiek is of dat de in een document vastgelegde voorwaarden zijn gewijzigd maar hem niet ter kennis zijn gebracht, dient hij aanvullend onderzoek te verrichten. (Zie Par. A9) 14 Indien de antwoorden die zijn verstrekt op het verzoeken om inlichtingen bij het management of de met governance belaste personen, inconsistent zijn, dient de accountant deze inconsistenties te onderzoeken. #### . Besprekingen tussen de leden van het opdrachtteam -15 Standaard 315 vereist dat een bespreking tussen de leden van het opdrachtteam wordt gehouden en dat de opdrachtpartner bepaalt welke aangelegenheden uit deze bespreking worden meegedeeld aan de niet bij de bespreking betrokken leden van het team.120Standaard 315, paragraaf 10. Bij deze bespreking dient specifiek aandacht te worden besteed aan hoe en waar de financiële overzichten van de entiteit vatbaar kunnen zijn voor een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude, met inbegrip van de wijze waarop de fraude zou kunnen worden gepleegd. Bij de bespreking mag geen rekening worden gehouden met de eventuele mening van de leden van het opdrachtteam dat het management en de met governance belaste personen eerlijk en integer zijn. (Zie Par. A10 en A11) +15 Standaard 315 vereist dat een bespreking tussen de leden van het opdrachtteam wordt gehouden en dat de opdrachtpartner bepaalt welke aangelegenheden uit deze bespreking worden meegedeeld aan de niet bij de bespreking betrokken leden van het team.120Standaard 315, paragraaf 10. Bij deze bespreking dient specifiek aandacht te worden besteed aan hoe en waar de financiële overzichten van de entiteit vatbaar kunnen zijn voor een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude, met inbegrip van de wijze waarop de fraude zou kunnen worden gepleegd. Bij de bespreking mag geen rekening worden gehouden met de eventuele mening van de leden van het opdrachtteam dat het management en de met governance belaste personen eerlijk en integer zijn. (Zie Par. A10 en A11) #### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden @@ -1807,16 +1807,16 @@ b. *frauderisicofactoren* – gebeurtenissen of omstandigheden die wijzen op een 17 De accountant dient het management om inlichtingen te verzoeken met betrekking tot: -a. de inschatting door het management van het risico dat de financiële overzichten mogelijk een afwijking van materieel belang bevatten die het gevolg is van fraude, met inbegrip van de aard, omvang en frequentie van deze inschattingen; (Zie Par. A12 en A13) -b. de werkwijze die het management volgt om de risico’s op fraude in de entiteit te identificeren en erop in te spelen, met inbegrip van eventuele specifieke frauderisico’s die het management heeft geïdentificeerd of die onder zijn aandacht zijn gebracht of van transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen waarvoor waarschijnlijk een frauderisico bestaat; (Zie Par. A14) +a. de inschatting door het management van het risico dat de financiële overzichten mogelijk een afwijking van materieel belang bevatten die het gevolg is van fraude, met inbegrip van de aard, omvang en frequentie van deze inschattingen; (Zie Par. A12 en A13) +b. de werkwijze die het management volgt om de risico’s op fraude in de entiteit te identificeren en erop in te spelen, met inbegrip van eventuele specifieke frauderisico’s die het management heeft geïdentificeerd of die onder zijn aandacht zijn gebracht of van transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen waarvoor waarschijnlijk een frauderisico bestaat; (Zie Par. A14) c. de informatie die het management eventueel aan de met governance belaste personen heeft meegedeeld over zijn processen om de risico’s op fraude in de entiteit te identificeren en erop in te spelen; en d. de informatie die het management eventueel aan zijn werknemers heeft meegedeeld over zijn visie op bedrijfspraktijken en ethisch gedrag. -18 De accountant dient het management en, naargelang passend, anderen binnen de entiteit om inlichtingen te verzoeken om vast te stellen of zij op de hoogte zijn van feitelijke, vermoede of vermeende fraude die op de entiteit van invloed is. (Zie Par. A15, A16 en A17) -19 Bij entiteiten die over een interne auditfunctie beschikken dient de accountant de interne auditfunctie om inlichtingen te verzoeken om vast te stellen of zij op de hoogte zijn van feitelijke, vermoede of vermeende fraude die op de entiteit van invloed is, alsmede om te informeren naar hun visie over de risico’s op fraude. (Zie Par. A18) +18 De accountant dient het management en, naargelang passend, anderen binnen de entiteit om inlichtingen te verzoeken om vast te stellen of zij op de hoogte zijn van feitelijke, vermoede of vermeende fraude die op de entiteit van invloed is. (Zie Par. A15, A16 en A17) +19 Bij entiteiten die over een interne auditfunctie beschikken dient de accountant de interne auditfunctie om inlichtingen te verzoeken om vast te stellen of zij op de hoogte zijn van feitelijke, vermoede of vermeende fraude die op de entiteit van invloed is, alsmede om te informeren naar hun visie over de risico’s op fraude. (Zie Par. A18) ##### . Met governance belaste personen -20 Tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit122Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 13., dient de accountant inzicht te verwerven in de wijze waarop de met governance belaste personen toezicht uitoefenen op de door het management gevolgde processen om de risico’s op fraude in de entiteit te identificeren en hierop in te spelen, alsmede in de interne beheersing die het management heeft opgezet om deze risico’s te beperken. (Zie Par. A19, A20 en A21) +20 Tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit122Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 13., dient de accountant inzicht te verwerven in de wijze waarop de met governance belaste personen toezicht uitoefenen op de door het management gevolgde processen om de risico’s op fraude in de entiteit te identificeren en hierop in te spelen, alsmede in de interne beheersing die het management heeft opgezet om deze risico’s te beperken. (Zie Par. A19, A20 en A21) 21 Tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit, dient de accountant bij de met governance belaste personen om inlichtingen te verzoeken om te bepalen of zij op de hoogte zijn van feitelijke, vermoede of vermeende fraude die op de entiteit van invloed is. Deze inlichtingen worden deels gevraagd ter ondersteuning van de verstrekte antwoorden op het verzoeken om inlichtingen bij het management. ##### . Geïdentificeerde ongebruikelijke of onverwachte verbanden @@ -1825,32 +1825,32 @@ d. de informatie die het management eventueel aan zijn werknemers heeft meegedee ##### . Overige informatie -23 De accountant dient te overwegen of andere informatie die hij heeft verkregen wijst op risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. (Zie Par. A22) +23 De accountant dient te overwegen of andere informatie die hij heeft verkregen wijst op risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. (Zie Par. A22) ##### . Evaluatie van frauderisicofactoren -24 De accountant dient te evalueren of de informatie die is verkregen uit andere uitgevoerde risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden wijst op het bestaan van een of meer frauderisicofactoren. Hoewel frauderisicofactoren niet noodzakelijkerwijs wijzen op het bestaan van fraude, komen ze vaak voor in gevallen waarin fraude daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en kunnen ze daarom een aanwijzing zijn voor risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. (Zie Par. A23, A24, A25, A26 en A27) +24 De accountant dient te evalueren of de informatie die is verkregen uit andere uitgevoerde risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden wijst op het bestaan van een of meer frauderisicofactoren. Hoewel frauderisicofactoren niet noodzakelijkerwijs wijzen op het bestaan van fraude, komen ze vaak voor in gevallen waarin fraude daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en kunnen ze daarom een aanwijzing zijn voor risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. (Zie Par. A23, A24, A25, A26 en A27) #### . Het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude 25 Overeenkomstig Standaard 315 dient de accountant de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude op het niveau van financiële overzichten en van beweringen met betrekking tot transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen, te identificeren en in te schatten.123Standaard 315, paragraaf 25. -26 Bij het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude dient de accountant, uitgaande van de veronderstelling dat er bij de opbrengstverantwoording frauderisico’s bestaan, beoordelen welke soorten opbrengsten, opbrengsttransacties of beweringen aanleiding geven tot deze risico’s. Paragraaf 47 specificeert welke documentatie vereist is indien de accountant concludeert dat de veronderstelling niet van toepassing is in de voor de opdracht gegeven omstandigheden en hij, als gevolg daarvan, de opbrengstverantwoording niet heeft geïdentificeerd als een risico op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. (Zie Par. A28, A29 en A30) -27 De accountant dient de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude te beschouwen als significante risico’s en bijgevolg dient hij, voor zover dit nog niet is gebeurd, inzicht te verwerven in de daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen van de entiteit, met inbegrip van de interne beheersingsactiviteiten, die op dergelijke risico’s betrekking hebben. (Zie Par. A31 en A32) +26 Bij het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude dient de accountant, uitgaande van de veronderstelling dat er bij de opbrengstverantwoording frauderisico’s bestaan, beoordelen welke soorten opbrengsten, opbrengsttransacties of beweringen aanleiding geven tot deze risico’s. Paragraaf 47 specificeert welke documentatie vereist is indien de accountant concludeert dat de veronderstelling niet van toepassing is in de voor de opdracht gegeven omstandigheden en hij, als gevolg daarvan, de opbrengstverantwoording niet heeft geïdentificeerd als een risico op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. (Zie Par. A28, A29 en A30) +27 De accountant dient de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude te beschouwen als significante risico’s en bijgevolg dient hij, voor zover dit nog niet is gebeurd, inzicht te verwerven in de daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen van de entiteit, met inbegrip van de interne beheersingsactiviteiten, die op dergelijke risico’s betrekking hebben. (Zie Par. A31 en A32) #### . Manieren om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude ##### . Algehele manieren -28 Overeenkomstig Standaard 330 dient de accountant algehele manieren te bepalen om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten die het gevolg is van fraude.124Standaard 330, paragraaf 5. (Zie Par. A33) +28 Overeenkomstig Standaard 330 dient de accountant algehele manieren te bepalen om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten die het gevolg is van fraude.124Standaard 330, paragraaf 5. (Zie Par. A33) 29 Bij het bepalen van algehele manieren om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten die het gevolg is van fraude dient de accountant: -a. personeel in te schakelen en toezicht op hen uit te oefenen rekening houdend met de kennis, vaardigheden en bekwaamheden van de personen aan wie significante verantwoordelijkheden voor de opdracht zullen worden toevertrouwd alsmede met de inschatting door de accountant van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude in het kader van de betrokken opdracht; (Zie Par. A34 en A35) +a. personeel in te schakelen en toezicht op hen uit te oefenen rekening houdend met de kennis, vaardigheden en bekwaamheden van de personen aan wie significante verantwoordelijkheden voor de opdracht zullen worden toevertrouwd alsmede met de inschatting door de accountant van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude in het kader van de betrokken opdracht; (Zie Par. A34 en A35) b. te evalueren of de keuze en toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving door de entiteit, met name die welke betrekking hebben op subjectieve waarderingen en complexe transacties, mogelijk wijzen op frauduleuze financiële verslaggeving als gevolg van pogingen van het management om de winst te manipuleren; en -c. een element van onvoorspelbaarheid in te bouwen bij het kiezen van de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden. (Zie Par. A36) +c. een element van onvoorspelbaarheid in te bouwen bij het kiezen van de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden. (Zie Par. A36) ##### . Controlewerkzaamheden die inspelen op ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen die het gevolg is van fraude -30 Overeenkomstig Standaard 330 dient de accountant verdere controlewerkzaamheden op te zetten en uit te voeren waarvan de aard, timing en omvang inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen die het gevolg is van fraude125Standaard 330, paragraaf 6.. (Zie Par. A37, A38, A39 en A40) +30 Overeenkomstig Standaard 330 dient de accountant verdere controlewerkzaamheden op te zetten en uit te voeren waarvan de aard, timing en omvang inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen die het gevolg is van fraude125Standaard 330, paragraaf 6.. (Zie Par. A37, A38, A39 en A40) ##### . Controlewerkzaamheden die inspelen op risico’s met betrekking tot het doorbreken van interne beheersingsmaatregelen door het management @@ -1861,20 +1861,20 @@ a. te toetsen of de in het grootboek vastgelegde journaalposten en andere aanpas 1. bij het proces van financiële verslaggeving betrokken personen om inlichtingen te verzoeken over ongepaste of ongebruikelijke activiteiten met betrekking tot de verwerking van journaalboekingen en andere aanpassingen; 2. een selectie te maken van journaalboekingen en andere aanpassingen die aan het einde van een verslagperiode zijn aangebracht; en -3. te overwegen of het nodig is journaalboekingen en andere aanpassingen die gedurende de verslagperiode zijn aangebracht, te toetsen. (Zie Par. A41, A42, A43 en A44) +3. te overwegen of het nodig is journaalboekingen en andere aanpassingen die gedurende de verslagperiode zijn aangebracht, te toetsen. (Zie Par. A41, A42, A43 en A44) b. de schattingen te beoordelen op tendenties en te beoordelen of de eventuele omstandigheden die tot de tendentie hebben geleid een risico vormen op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. Bij de uitvoering van deze beoordeling dient de accountant: 1. te evalueren of de oordeelsvormingen en beslissingen van het management bij het maken van de in de financiële overzichten opgenomen schattingen, ook als deze op zichzelf beschouwd redelijk zijn, wijzen op een mogelijke tendentie bij het management van de entiteit die mogelijk een risico vormt op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. Als dit het geval is, dient de accountant de schattingen als geheel te herbeoordelen; en -2. een retrospectieve beoordeling uit te voeren van de oordeelsvormingen en veronderstellingen van het management met betrekking tot significante schattingen die in de financiële overzichten van het voorgaande boekjaar zijn weerspiegeld. (Zie Par. A45 en A46) -c. Voor significante transacties die buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit vallen of die in een ander opzicht ongebruikelijk lijken in het licht van zowel het inzicht van de accountant in de entiteit en haar omgeving als andere tijdens de controle verkregen informatie, dient de accountant te beoordelen of de zakelijke beweegredenen (of het ontbreken daarvan) voor de transacties doen vermoeden dat ze mogelijk zijn aangegaan met het oog op frauduleuze financiële verslaggeving of het verhullen van een oneigenlijke toe-eigening van activa. (Zie Par. A48) +2. een retrospectieve beoordeling uit te voeren van de oordeelsvormingen en veronderstellingen van het management met betrekking tot significante schattingen die in de financiële overzichten van het voorgaande boekjaar zijn weerspiegeld. (Zie Par. A45 en A46) +c. Voor significante transacties die buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit vallen of die in een ander opzicht ongebruikelijk lijken in het licht van zowel het inzicht van de accountant in de entiteit en haar omgeving als andere tijdens de controle verkregen informatie, dient de accountant te beoordelen of de zakelijke beweegredenen (of het ontbreken daarvan) voor de transacties doen vermoeden dat ze mogelijk zijn aangegaan met het oog op frauduleuze financiële verslaggeving of het verhullen van een oneigenlijke toe-eigening van activa. (Zie Par. A48) 33 De accountant dient te bepalen of hij, teneinde in te spelen op de geïdentificeerde risico’s dat het management interne beheersingsmaatregelen doorbreekt, andere controlewerkzaamheden dient uit te voeren naast de hierboven specifiek genoemde werkzaamheden (dat wil zeggen als er specifieke aanvullende risico’s bestaan dat het management interne beheersingsmaatregelen doorbreekt en die risico’s niet zijn afgedekt als onderdeel van de werkzaamheden die worden uitgevoerd om aan de in paragraaf 32 genoemde vereisten te voldoen). -#### . Het evalueren van de controle-informatie (Zie Par. A49) +#### . Het evalueren van de controle-informatie (Zie Par. A49) -34 Bij het trekken van een algehele conclusie over de vraag of de financiële overzichten in overeenstemming zijn met zijn inzicht in de entiteit, dient de accountant te evalueren of de aan het einde van de controle uitgevoerde cijferanalyses wijzen op een niet eerder gedetecteerd risico op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. (Zie: Par. A50) -35 Als de accountant een afwijking identificeert, dient hij te evalueren of deze een aanwijzing vormt voor fraude. Als een dergelijke aanwijzing bestaat, dient de accountant de gevolgen van de afwijking voor andere aspecten van de controle evalueren, met name de betrouwbaarheid van de bevestigingen van het management, rekening houdend met het feit dat een geval van fraude waarschijnlijk geen geïsoleerde gebeurtenis is. (Zie Par. A51 en A51A) -36 Als de accountant een afwijking identificeert, ongeacht of deze van materieel belang is, en reden heeft om aan te nemen dat deze het gevolg van fraude is of kan zijn en dat het management (in het bijzonder het senior management) daarbij betrokken is, dient hij de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude te herevalueren, alsook het effect daarvan op de aard, timing en omvang van controlewerkzaamheden om op de ingeschatte risico’s in te spelen. De accountant dient ook te overwegen of omstandigheden of voorwaarden wijzen op mogelijke samenspanning waarbij werknemers, het management of derden betrokken zijn wanneer hij de betrouwbaarheid van eerder verkregen controle-informatie heroverweegt. (Zie Par. A52) -37 Als de accountant tot de conclusie komt dat, of niet in staat is te concluderen of, de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten die het gevolg is van fraude, dient hij de gevolgen daarvan voor de controle te evalueren. (Zie Par. A53) +34 Bij het trekken van een algehele conclusie over de vraag of de financiële overzichten in overeenstemming zijn met zijn inzicht in de entiteit, dient de accountant te evalueren of de aan het einde van de controle uitgevoerde cijferanalyses wijzen op een niet eerder gedetecteerd risico op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. (Zie: Par. A50) +35 Als de accountant een afwijking identificeert, dient hij te evalueren of deze een aanwijzing vormt voor fraude. Als een dergelijke aanwijzing bestaat, dient de accountant de gevolgen van de afwijking voor andere aspecten van de controle evalueren, met name de betrouwbaarheid van de bevestigingen van het management, rekening houdend met het feit dat een geval van fraude waarschijnlijk geen geïsoleerde gebeurtenis is. (Zie Par. A51 en A51A) +36 Als de accountant een afwijking identificeert, ongeacht of deze van materieel belang is, en reden heeft om aan te nemen dat deze het gevolg van fraude is of kan zijn en dat het management (in het bijzonder het senior management) daarbij betrokken is, dient hij de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude te herevalueren, alsook het effect daarvan op de aard, timing en omvang van controlewerkzaamheden om op de ingeschatte risico’s in te spelen. De accountant dient ook te overwegen of omstandigheden of voorwaarden wijzen op mogelijke samenspanning waarbij werknemers, het management of derden betrokken zijn wanneer hij de betrouwbaarheid van eerder verkregen controle-informatie heroverweegt. (Zie Par. A52) +37 Als de accountant tot de conclusie komt dat, of niet in staat is te concluderen of, de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten die het gevolg is van fraude, dient hij de gevolgen daarvan voor de controle te evalueren. (Zie Par. A53) #### . Onvermogen van de accountant om de opdracht voort te zetten @@ -1885,7 +1885,7 @@ b. te overwegen of het passend is de opdracht terug te geven indien dit op grond c. indien hij de opdracht teruggeeft: 1. met het management op het passende niveau en met de met governance belaste personen het teruggeven van zijn opdracht en de redenen daarvoor te bespreken; en -2. na te gaan of er een professionele of wettelijke verplichting bestaat om aan de persoon (personen) die de controle-opdracht heeft (hebben) toegewezen of, in bepaalde gevallen, aan de regelgevende of toezichthoudende instanties, het teruggeven van zijn opdracht en de redenen daarvoor te melden. (Zie Par. A54, A55, A56 en A57) +2. na te gaan of er een professionele of wettelijke verplichting bestaat om aan de persoon (personen) die de controle-opdracht heeft (hebben) toegewezen of, in bepaalde gevallen, aan de regelgevende of toezichthoudende instanties, het teruggeven van zijn opdracht en de redenen daarvoor te melden. (Zie Par. A54, A55, A56 en A57) #### . Schriftelijke bevestigingen @@ -1898,23 +1898,23 @@ c. zij de accountant op de hoogte hebben gesteld van eventuele fraude of vermoed 1. het management; 2. werknemers die een significante rol spelen bij de interne beheersing; of 3. anderen indien de fraude een materieel effect zou kunnen hebben op de financiële overzichten; en -d. zij de accountant in kennis hebben gesteld van eventuele aantijgingen van fraude of vermoede fraude die op de financiële overzichten van de entiteit van invloed is en waarvan zij kennis hebben gekregen via werknemers, voormalige werknemers, analisten, regelgevende of toezichthoudende instanties of anderen. (Zie Par. A58 en A59) +d. zij de accountant in kennis hebben gesteld van eventuele aantijgingen van fraude of vermoede fraude die op de financiële overzichten van de entiteit van invloed is en waarvan zij kennis hebben gekregen via werknemers, voormalige werknemers, analisten, regelgevende of toezichthoudende instanties of anderen. (Zie Par. A58 en A59) #### . Mededelingen aan het management en de met governance belaste personen -40 Als de accountant fraude heeft geïdentificeerd of informatie heeft verkregen die wijst op het mogelijke bestaan van fraude, dient hij deze aangelegenheden tijdig aan het management op het passende niveau mee te delen teneinde de personen die de primaire verantwoordelijkheid dragen voor het voorkomen en detecteren van fraude te informeren over aangelegenheden die relevant zijn voor hun verantwoordelijkheden. (Zie Par. A60) +40 Als de accountant fraude heeft geïdentificeerd of informatie heeft verkregen die wijst op het mogelijke bestaan van fraude, dient hij deze aangelegenheden tijdig aan het management op het passende niveau mee te delen teneinde de personen die de primaire verantwoordelijkheid dragen voor het voorkomen en detecteren van fraude te informeren over aangelegenheden die relevant zijn voor hun verantwoordelijkheden. (Zie Par. A60) 41 Tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit, dient de accountant, indien hij fraude heeft geïdentificeerd of vermoedt waarbij betrokken zijn: a. het management; b. werknemers die een significante rol spelen bij de interne beheersing; of c. anderen indien de fraude leidt tot een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten, deze aangelegenheden tijdig mee te delen aan de met governance belaste personen. Als de accountant fraude vermoedt waarbij het management betrokken is, -dient hij dit vermoeden aan de met governance belaste personen mee te delen en dient hij met hen de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het voltooien van de controle te bespreken. (Zie Par. A61, A62 en A63) -42 De accountant dient aan de met governance belaste personen alle andere aangelegenheden met betrekking tot fraude die op grond van zijn oordeelsvorming relevant zijn voor hun verantwoordelijkheden mee te delen. (Zie Par. A64) +dient hij dit vermoeden aan de met governance belaste personen mee te delen en dient hij met hen de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het voltooien van de controle te bespreken. (Zie Par. A61, A62 en A63) +42 De accountant dient aan de met governance belaste personen alle andere aangelegenheden met betrekking tot fraude die op grond van zijn oordeelsvorming relevant zijn voor hun verantwoordelijkheden mee te delen. (Zie Par. A64) #### . Mededelingen aan regelgevende of toezichthoudende en met handhaving belaste instanties -43 Als de accountant fraude heeft geïdentificeerd of vermoedt, dient hij na te gaan of hij verplicht is het bestaan of vermoeden daarvan aan een instantie buiten de entiteit te melden. Hoewel de beroepsplicht van de accountant om informatie van cliënten geheim te houden dergelijke mededeling in de weg kan staan, is het mogelijk dat de wettelijke verplichtingen van de accountant in sommige gevallen prevaleren boven zijn geheimhoudingsplicht. (Zie Par. A65, A66 en A67) +43 Als de accountant fraude heeft geïdentificeerd of vermoedt, dient hij na te gaan of hij verplicht is het bestaan of vermoeden daarvan aan een instantie buiten de entiteit te melden. Hoewel de beroepsplicht van de accountant om informatie van cliënten geheim te houden dergelijke mededeling in de weg kan staan, is het mogelijk dat de wettelijke verplichtingen van de accountant in sommige gevallen prevaleren boven zijn geheimhoudingsplicht. (Zie Par. A65, A66 en A67) #### . Documentatie @@ -1931,7 +1931,7 @@ b. de resultaten van de controlewerkzaamheden, met inbegrip van die welke bedoel ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Kenmerken van fraude (Zie Par. 3) +#### . Kenmerken van fraude (Zie Par. 3) A1 Bij fraude, of het nu gaat om frauduleuze financiële verslaggeving of de oneigenlijke toe-eigening van activa, is er sprake van een stimulans of druk om te frauderen, een waargenomen gelegenheid om te frauderen en bepaalde argumenten ter rechtvaardiging van het plegen van fraude. Bijvoorbeeld: @@ -1964,7 +1964,7 @@ A5 Oneigenlijke toe-eigening van activa houdt diefstal van activa van een entite A6 De verantwoordelijkheden van de accountant in de publieke sector met betrekking tot fraude kunnen voortvloeien uit wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften die op publieke entiteiten van toepassing zijn, of kunnen afzonderlijk onder het mandaat van de accountant vallen. Bijgevolg zijn de verantwoordelijkheden van de accountant in de publieke sector mogelijk niet beperkt tot het inschatten van de risico’s dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten, maar houden zij mogelijk ook ruimere verantwoordelijkheden in voor het inschatten van frauderisico’s. -#### . Professioneel-kritische instelling (Zie Par. 12, 13 en 14) +#### . Professioneel-kritische instelling (Zie Par. 12, 13 en 14) A7 Het handhaven van een professioneel-kritische instelling vereist dat de accountant zich voortdurend afvraagt of de verkregen informatie en controle-informatie erop wijst dat er mogelijk een afwijking van materieel belang bestaat die het gevolg is van fraude. Dit omvat het overwegen van de betrouwbaarheid van de als controle-informatie te gebruiken informatie en, indien relevant, de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot het opstellen en het onderhouden daarvan. Vanwege de kenmerken van fraude is een professioneel-kritische instelling van de accountant bijzonder belangrijk bij het inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. A8 Hoewel van de accountant niet kan worden verwacht dat hij de in het verleden opgedane ervaring inzake de eerlijkheid en integriteit van het management van de entiteit en de met governance belaste personen naast zich neerlegt, is zijn professioneel-kritische instelling bijzonder belangrijk bij het inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude, aangezien de omstandigheden mogelijk zijn gewijzigd. @@ -1973,7 +1973,7 @@ A9 Een overeenkomstig de Standaarden uitgevoerde controle houdt zelden in dat de • directe navraag bij de betrokken derde; • inschakeling van een deskundige om te laten onderzoeken of het document authentiek is. -#### . Besprekingen tussen de leden van het opdrachtteam (Zie Par. 15) +#### . Besprekingen tussen de leden van het opdrachtteam (Zie Par. 15) A10 De bespreking met de leden van het opdrachtteam van de mate waarin de financiële overzichten van de entiteit vatbaar zijn voor afwijkingen van materieel belang die het gevolg zijn van fraude: @@ -1998,7 +1998,7 @@ A11 De bespreking kan onder meer de volgende aangelegenheden betreffen: ##### . Het verzoeken om inlichtingen bij het management -###### . De inschatting door het management van het risico op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude (Zie Par. 17(a)) +###### . De inschatting door het management van het risico op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude (Zie Par. 17(a)) A12 Het management aanvaardt de verantwoordelijkheid voor de interne beheersing van de entiteit en voor het opstellen van de financiële overzichten van de entiteit. Daarom is het passend dat de accountant bij het management om inlichtingen verzoekt omtrent de inschatting door het management van het risico op fraude en omtrent de interne beheersingsmaatregelen die zijn opgezet om fraude te voorkomen en te detecteren. De aard, omvang en frequentie van de inschatting door het management van een dergelijk risico en de beheersingsmaatregelen kunnen per entiteit verschillen. In sommige entiteiten maakt het management gedetailleerde inschattingen op jaarlijkse basis of als onderdeel van een systeem van continue monitoring. In andere entiteiten kan de inschatting door het management minder gestructureerd zijn en minder vaak plaatsvinden. De aard, omvang en frequentie van de inschatting door het management zijn relevant voor het inzicht van de accountant in de interne beheersingsomgeving van de entiteit. Zo kan het feit dat het management het frauderisico niet heeft ingeschat in sommige omstandigheden erop wijzen dat het management te weinig belang hecht aan de interne beheersing. @@ -2006,11 +2006,11 @@ A12 Het management aanvaardt de verantwoordelijkheid voor de interne beheersing A13 In sommige entiteiten, met name in kleinere entiteiten, kan de inschatting door het management zich concentreren op de risico’s op personeelsfraude of oneigenlijke toe-eigening van activa. -###### . Het door het management gevolgde proces voor het identificeren van en inspelen op frauderisico’s (Zie Par. 17(b)) +###### . Het door het management gevolgde proces voor het identificeren van en inspelen op frauderisico’s (Zie Par. 17(b)) A14 In het geval van entiteiten met meerdere vestigingen kunnen de door het management gevolgde processen verschillende niveaus voor het monitoren van bedrijfslocaties of bedrijfssegmenten omvatten. Het management kan ook specifieke bedrijfslocaties of bedrijfssegmenten hebben geïdentificeerd waarvan het waarschijnlijker is dat er een frauderisico bestaat. -##### . Het verzoeken om inlichtingen bij het management en anderen binnen de entiteit (Zie Par. 18) +##### . Het verzoeken om inlichtingen bij het management en anderen binnen de entiteit (Zie Par. 18) A15 De inlichtingen die de accountant aan het management vraagt, kunnen nuttige informatie opleveren over de risico’s op afwijkingen van materieel belang in de financiële overzichten als gevolg van personeelsfraude. Het is echter onwaarschijnlijk dat dergelijke inlichtingen nuttige informatie opleveren over de risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten als gevolg van managementfraude. Het verzoeken om inlichtingen bij anderen binnen de entiteit kan voor bepaalde personen een gelegenheid zijn om aan de accountant informatie te verstrekken die anders niet zou worden meegedeeld. A16 Voorbeelden van anderen binnen de entiteit bij wie de accountant inlichtingen zou kunnen inwinnen over het bestaan of vermoeden van fraude zijn: @@ -2023,14 +2023,14 @@ A16 Voorbeelden van anderen binnen de entiteit bij wie de accountant inlichtinge • de persoon of personen belast met het afhandelen van aantijgingen van fraude. A17 Het management verkeert vaak in de beste positie om fraude te plegen. Daarom is het mogelijk dat de accountant, wanneer hij de door het management verstrekte antwoorden op het verzoeken om inlichtingen evalueert met een professioneel-kritische instelling, het noodzakelijk acht om de verstrekte antwoorden op het verzoeken om inlichtingen met andere informatie te staven. -##### . Het verzoeken om inlichtingen bij de interne audit (Zie Par. 19) +##### . Het verzoeken om inlichtingen bij de interne audit (Zie Par. 19) A18 Standaard 315 en Standaard 610 stellen vereisten vast en verschaffen leidraden voor de controle van entiteiten die over een interne auditfunctie beschikken.130Standaard 315, paragraaf 23, en Standaard 610, *Gebruikmaken van de werkzaamheden van interne auditors*. Bij de uitvoering van de werkzaamheden die op grond van deze Standaarden in de context van fraude vereist zijn, kan de accountant verzoeken om inlichtingen over specifieke activiteiten van de interne auditfunctie, zoals: • de eventuele werkzaamheden die door de interne auditfunctie in de loop van het jaar zijn uitgevoerd met het oog op het detecteren van fraude; • de vraag of het management naar tevredenheid op eventuele bevindingen uit deze werkzaamheden heeft ingespeeld. -##### . Het verwerven van inzicht in het door de met governance belaste personen uitgeoefende toezicht (Zie Par. 20) +##### . Het verwerven van inzicht in het door de met governance belaste personen uitgeoefende toezicht (Zie Par. 20) A19 De met governance belaste personen van een entiteit houden toezicht op de systemen van de entiteit voor risicomonitoring, het financieel beheer en het naleven van de wet. In veel landen zijn praktijken inzake *corporate governance *goed ontwikkeld en spelen de met governance belaste personen een actieve rol bij het toezicht op de inschatting door de entiteit van de risico’s op fraude alsmede de daarop betrekking hebbende interne beheersingsmaatregelen. Omdat de verantwoordelijkheden van de met governance belaste personen en het management per entiteit en per land kunnen verschillen, is het belangrijk dat de accountant hun respectieve verantwoordelijkheden kent om inzicht te kunnen verwerven in het toezicht dat door de daartoe aangewezen personen wordt uitgeoefend.131In Standaard 260, paragraaf A1, A2, A3, A4, A5, A6, A7 en A8, wordt besproken met wie de accountant communiceert wanneer de governancestructuur van de entiteit niet goed is gedefinieerd. A20 Inzicht in het toezicht dat door de met governance belaste personen wordt uitgeoefend kan inzichten verschaffen met betrekking tot de vatbaarheid van de entiteit voor managementfraude, de adequaatheid van interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot frauderisico’s, en de bekwaamheid en integriteit van het management. De accountant kan dit inzicht op verschillende manieren verkrijgen, zoals door het bijwonen van vergaderingen waarop deze aangelegenheden worden besproken, het lezen van de notulen van deze vergaderingen of het verzoeken om inlichtingen bij de met governance belaste personen. @@ -2039,11 +2039,11 @@ A20 Inzicht in het toezicht dat door de met governance belaste personen wordt ui A21 In sommige gevallen zijn alle met governance belaste personen betrokken bij het leiden van de entiteit. Dit kan zich voordoen in een kleine entiteit die door één eigenaar wordt bestuurd en waar niemand anders met governance is belast. In die gevallen onderneemt de accountant gewoonlijk geen actie omdat er geen toezicht wordt uitgeoefend dat losstaat van het management. -##### . Overwegen van andere informatie (Zie Par. 23) +##### . Overwegen van andere informatie (Zie Par. 23) A22 Naast de informatie die is verkregen bij het uitvoeren van cijferanalyses kan andere verkregen informatie over de entiteit en haar omgeving nuttig zijn bij het identificeren van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. De bespreking tussen de leden van het opdrachtteam kan informatie verschaffen die nuttig is bij het identificeren van deze risico’s. Voorts is het mogelijk dat de informatie die in het kader van het proces van aanvaarding en voortzetting van de cliënt is verkregen en de ervaring die bij het uitvoeren van andere opdrachten voor de entiteit, zoals opdrachten voor de beoordeling van tussentijdse financiële informatie, is opgedaan relevant is bij het identificeren van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. -##### . Het evalueren van frauderisicofactoren (Zie Par. 24) +##### . Het evalueren van frauderisicofactoren (Zie Par. 24) A23 Het feit dat fraude gewoonlijk wordt verhuld, kan het zeer moeilijk maken deze te detecteren. Niettemin kan de accountant gebeurtenissen of omstandigheden identificeren die wijzen op een stimulans of druk om fraude te plegen of die een gelegenheid scheppen om te frauderen (frauderisicofactoren). Bijvoorbeeld: @@ -2072,20 +2072,20 @@ A27 In het geval van een kleine entiteit is het mogelijk dat sommige van of al d #### . Het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude -##### . Risico’s op fraude bij de verantwoording van opbrengsten (Zie Par. 26) +##### . Risico’s op fraude bij de verantwoording van opbrengsten (Zie Par. 26) A28 Een afwijking van materieel belang die het gevolg is van frauduleuze financiële verslaggeving met betrekking tot de verantwoording van opbrengsten is vaak terug te voeren tot de te hoge opgave van opbrengsten door ze bijvoorbeeld te vroeg op te nemen of door fictieve opbrengsten te boeken. Zij kan ook het gevolg zijn van de te lage opgave van opbrengsten door ze bijvoorbeeld ten onrechte naar een latere verslagperiode door te schuiven. A29 De risico’s op fraude bij de verantwoording van opbrengsten kunnen in sommige entiteiten groter zijn dan in andere. Het management kan bijvoorbeeld aan stimulansen of druk onderhevig zijn om zich schuldig te maken aan frauduleuze financiële verslaggeving door een onjuiste verantwoording van opbrengsten in het geval van beursgenoteerde entiteiten wanneer bijvoorbeeld de prestaties worden gemeten in termen van omzet- of winststijging ten opzichte van het voorgaande jaar. Het is eveneens mogelijk dat er grotere risico’s op fraude bij de verantwoording van opbrengsten bestaan bij entiteiten die een aanzienlijk deel van hun opbrengsten door middel van contante verkopen realiseren. A30 Het is mogelijk dat de veronderstelling dat bij de verantwoording van opbrengsten frauderisico’s bestaan wordt weerlegd. De accountant kan bijvoorbeeld tot de conclusie komen dat er met betrekking tot de verantwoording van opbrengsten geen risico bestaat op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude als er sprake is van één soort van eenvoudige opbrengstgenererende transacties, bijvoorbeeld de huuropbrengst voor één bepaald onroerend goed. -##### . Het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude en het verwerven van inzicht in de daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen van de entiteit (Zie Par. 27) +##### . Het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude en het verwerven van inzicht in de daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen van de entiteit (Zie Par. 27) A31 Het management kan oordeelsvormingen maken over de aard en omvang van de interne beheersingsmaatregelen die het wil implementeren en over de aard en omvang van de risico’s die het wil aanvaarden.132Standaard 315, paragraaf A48. Bij het bepalen van de interne beheersingsmaatregelen die moeten worden geïmplementeerd om fraude te voorkomen en te detecteren, houdt het management rekening met de risico’s dat de financiële overzichten mogelijk een afwijking van materieel belang als gevolg van fraude bevatten. In dit verband kan het management tot de conclusie komen dat het niet kosteneffectief is om een specifieke interne beheersingsmaatregel te implementeren en in stand te houden in verhouding tot de afname van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg van fraude is. A32 Derhalve is het belangrijk dat de accountant inzicht verwerft in de interne beheersingsmaatregelen die het management heeft opgezet, heeft geïmplementeerd en onderhouden teneinde fraude te voorkomen en te detecteren. Daarbij kan de accountant bijvoorbeeld vaststellen dat het management er bewust voor heeft gekozen de risico’s te aanvaarden die met een gebrek aan functiescheiding gepaard gaan. De informatie die uit dit inzicht voortkomt, kan tevens nuttig zijn bij het identificeren van frauderisicofactoren die van invloed kunnen zijn op de inschatting door de accountant van de risico’s dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten die het gevolg is van fraude. #### . Manieren om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude -##### . Algehele manieren (Zie Par. 28) +##### . Algehele manieren (Zie Par. 28) A33 Bij het bepalen van de algehele manieren om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude wordt over het algemeen rekening gehouden met de wijze waarop de algehele uitvoering van de controle een intensivering van de professioneel-kritische instelling kan weerspiegelen, bijvoorbeeld door middel van: @@ -2094,12 +2094,12 @@ A33 Bij het bepalen van de algehele manieren om in te spelen op de ingeschatte r Dit houdt ook meer algemene overwegingen in naast de specifieke werkzaamheden die voor het overige waren gepland; deze overwegingen betreffen onder meer de in paragraaf 29 genoemde aangelegenheden, die hierna worden besproken. -##### . Toewijzing en toezicht houden op het personeel (Zie Par. 29(a)) +##### . Toewijzing en toezicht houden op het personeel (Zie Par. 29(a)) A34 De accountant kan op de geïdentificeerde risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude inspelen door bijvoorbeeld aanvullende personen met specifieke deskundigheid en kennis, zoals forensisch deskundigen en IT-experts, of meer ervaren personen aan de opdracht toe te wijzen. A35 De mate van toezicht weerspiegelt de inschatting door de accountant van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude alsmede van de competenties van de leden van het opdrachtteam die de controle uitvoeren. -##### . Onvoorspelbaarheid bij de keuze van controlewerkzaamheden (Zie Par. 29(c)) +##### . Onvoorspelbaarheid bij de keuze van controlewerkzaamheden (Zie Par. 29(c)) A36 Bij het bepalen van de aard, timing en omvang van de uit te voeren controlewerkzaamheden is het belangrijk een element van onvoorspelbaarheid in te bouwen, omdat het mogelijk is dat personen binnen de entiteit die vertrouwd zijn met de werkzaamheden die in het kader van een controleopdracht gewoonlijk worden uitgevoerd beter in staat zijn frauduleuze financiële verslaggeving te verhullen. Dit kan bijvoorbeeld worden bereikt door: @@ -2108,7 +2108,7 @@ A36 Bij het bepalen van de aard, timing en omvang van de uit te voeren controlew • verschillende steekproefmethoden te hanteren; • op verschillende locaties of op niet aangekondigde locaties controlewerkzaamheden uit te voeren. -##### . Controlewerkzaamheden die inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen die het gevolg is van fraude (Zie Par. 30) +##### . Controlewerkzaamheden die inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen die het gevolg is van fraude (Zie Par. 30) A37 De accountant kan op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen die het gevolg is van fraude inspelen door bijvoorbeeld de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden op de volgende manieren te wijzigen: @@ -2124,7 +2124,7 @@ A40 Voorbeelden van mogelijke controlewerkzaamheden om in te spelen op de ingesc ##### . Controlewerkzaamheden die inspelen op risico’s met betrekking tot het doorbreken van interne beheersingsmaatregelen door het management -###### . Journaalboekingen en andere aanpassingen (Zie Par. 32(a)) +###### . Journaalboekingen en andere aanpassingen (Zie Par. 32(a)) A41 Afwijkingen van materieel belang in financiële overzichten die het gevolg zijn van fraude, gaan vaak gepaard met het manipuleren van het proces van financiële verslaggeving door middel van het vastleggen van onjuiste of niet-geautoriseerde journaalboekingen. Dit kan zich voordoen in de loop van het jaar of aan het einde van de verslagperiode, of doordat het management aanpassingen aanbrengt in in de financiële overzichten gerapporteerde bedragen die niet in journaalboekingen worden weerspiegeld, zoals aanpassingen en herclassificaties in het kader van een consolidatie. A42 Voorts is het belangrijk dat de accountant de risico’s overweegt op een afwijking van materieel belang die verband houdt met een ongeoorloofd doorbreken van interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot journaalboekingen, omdat geautomatiseerde processen en interne beheersingsmaatregelen het risico op onopzettelijke fouten weliswaar kunnen beperken maar het risico niet uitsluiten dat iemand op ongeoorloofde wijze dergelijke geautomatiseerde processen doorbreekt, bijvoorbeeld door de bedragen te wijzigen die automatisch in het grootboek of in het systeem voor financiële verslaggeving worden geboekt. Indien informatie op een geautomatiseerde wijze wordt doorgeboekt, is het bovendien mogelijk dat er weinig of geen zichtbare controle-informatie voor een dergelijke interventie in de informatiesystemen zijn. @@ -2138,13 +2138,13 @@ A43 Bij het bepalen en selecteren van journaalboekingen en andere aanpassingen v • *journaalboekingen of andere aanpassingen die buiten het kader van de normale bedrijfsvoering worden verwerkt *– het is mogelijk dat journaalboekingen die geen standaardjournaalboekingen zijn niet in dezelfde mate aan interne beheersingsmaatregelen zijn onderworpen als terugkerende journaalboekingen die worden gebruikt om transacties zoals maandelijkse verkopen, inkopen en kasuitgaven te boeken. A44 De accountant past professionele oordeelsvorming toe bij het bepalen van de aard, timing en omvang van de toetsingen van journaalboekingen en andere aanpassingen. Omdat frauduleuze journaalboekingen en andere aanpassingen vaak aan het einde van een verslagperiode worden geboekt, is echter op grond van paragraaf 32(a)(ii) vereist dat de accountant de rond die tijd verrichte journaalboekingen en andere aanpassingen selecteert. Aangezien afwijkingen van materieel belang in de financiële overzichten die het gevolg zijn van fraude zich gedurende de gehele periode kunnen voordoen en gepaard kunnen gaan met omvangrijke pogingen om de wijze waarop de fraude is uitgevoerd te verhullen, is op grond van paragraaf 32(a)(iii) vereist dat de accountant overweegt of het eveneens noodzakelijk is om de tijdens de verslagperiode verrichte journaalboekingen en andere aanpassingen te toetsen. -##### . Schattingen (Zie Par. 32(b)) +##### . Schattingen (Zie Par. 32(b)) A45 Bij de opstelling van financiële overzichten moet het management een aantal oordeelsvormingen maken of veronderstellingen doen die van invloed zijn op significante schattingen, en moet het management voortdurend monitoren of deze schattingen redelijk zijn. Frauduleuze financiële verslaggeving komt vaak tot stand door middel van opzettelijke afwijkingen in schattingen. Dit kan bijvoorbeeld worden gerealiseerd door alle voorzieningen of reserves op dezelfde wijze te onder- of overwaarderen om de winst gelijkmatig te verdelen over twee of meer verslagperioden of om een vooraf bepaald winstniveau te bereiken met het oog op het misleiden van de gebruikers van de financiële overzichten door hun perceptie van de prestaties en winstgevendheid van de entiteit te beïnvloeden. A46 Een retrospectieve beoordeling van de oordeelsvormingen en veronderstellingen van het management met betrekking tot significante schattingen die in de financiële overzichten van het voorgaande boekjaar zijn weerspiegeld, heeft tot doel te bepalen of er aanwijzingen bestaan voor een mogelijke tendentie bij het management. Ze is niet bedoeld om de in het voorgaande boekjaar door de accountant toegepaste professionele oordeelsvormingen die op de destijds beschikbare informatie waren gebaseerd in twijfel te trekken. A47 Een retrospectieve beoordeling is tevens vereist op grond van Standaard 540.133Standaard 540, *De controle van schattingen, met inbegrip van schattingen van reële waarde, alsmede van de toelichtingen daarop*, paragraaf 9. Deze beoordeling wordt in het kader van de risico-inschattingswerkzaamheden uitgevoerd teneinde informatie te verkrijgen over de effectiviteit van het schattingsproces dat tijdens de voorgaande verslagperiode door het management werd gevolgd, controle-informatie te verkrijgen over de uitkomst of, indien van toepassing, de herschatting van schattingen van de voorgaande verslagperiode die relevant zijn voor het bepalen van de schattingen van de lopende verslagperiode, en controle-informatie te verkrijgen over aangelegenheden zoals schattingsonzekerheid, die mogelijk in de financiële overzichten moeten worden toegelicht. Vanuit praktisch oogpunt kan de door de accountant overeenkomstig deze Standaard uitgevoerde beoordelingen van de oordeelsvormingen en veronderstellingen door het management op tendenties die mogelijk een risico vormen op een afwijking van materieel belang die het gevolg van fraude is, tegelijk worden uitgevoerd met de beoordeling die op grond van Standaard 540 vereist is. -##### . Zakelijke beweegredenen voor significante transacties (Zie Par. 32(c)) +##### . Zakelijke beweegredenen voor significante transacties (Zie Par. 32(c)) A48 Indicatoren die erop kunnen wijzen dat significante transacties die buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit vallen of die om een andere reden ongebruikelijk lijken te zijn, mogelijk zijn aangegaan met het oog op frauduleuze financiële verslaggeving of het verhullen van een oneigenlijke toe-eigening van activa, zijn onder meer: @@ -2154,15 +2154,15 @@ A48 Indicatoren die erop kunnen wijzen dat significante transacties die buiten h • transacties waarbij niet-geconsolideerde verbonden partijen, met inbegrip van voor een bijzonder doel opgerichte entiteiten (‘special purpose entities’), zijn betrokken, zijn niet naar behoren geëvalueerd of goedgekeurd door de met governance belaste personen binnen de entiteit; • bij de transacties zijn niet eerder geïdentificeerde verbonden partijen betrokken of partijen die niet voldoende gewicht of financiële draagkracht hebben om de transactie zonder steun van de gecontroleerde entiteit af te wikkelen. -#### . Het evalueren van controle-informatie (Zie Par. 34, 35, 36 en 37) +#### . Het evalueren van controle-informatie (Zie Par. 34, 35, 36 en 37) A49 Standaard 330 vereist dat de accountant op basis van de uitgevoerde controlewerkzaamheden en de verkregen controle-informatie evalueert of de inschattingen van de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen nog steeds passend zijn.134Standaard 330, paragraaf 25. Deze evaluatie is vooral kwalitatief van aard en is gebaseerd op de door de accountant toegepaste oordeelsvorming. Deze evaluatie kan verder inzicht verschaffen in de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude alsmede in de noodzaak om aanvullende of andere controlewerkzaamheden uit te voeren. Bijlage 3 bevat voorbeelden van omstandigheden die een aanwijzing kunnen vormen voor de mogelijkheid van fraude. -##### . Het uitvoeren van cijferanalyses aan het einde van de controle bij het trekken van een algehele conclusie (Zie Par. 34) +##### . Het uitvoeren van cijferanalyses aan het einde van de controle bij het trekken van een algehele conclusie (Zie Par. 34) A50 Bij het bepalen welke specifieke ontwikkelingen en relaties mogelijk wijzen op een risico op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude, is professionele oordeelsvorming vereist. Ongebruikelijke relaties waarbij opbrengsten en baten aan het einde van het boekjaar een rol spelen, zijn bijzonder relevant. Voorbeelden zijn: de rapportering van ongewoon hoge baten tijdens de laatste weken van de verslagperiode, ongebruikelijke transacties of baten die niet consistent zijn met ontwikkelingen in de kasstroom uit operationele activiteiten. -##### . Rekening houden met geïdentificeerde afwijkingen (Zie Par. 35, 36 en 37) +##### . Rekening houden met geïdentificeerde afwijkingen (Zie Par. 35, 36 en 37) A51 Omdat fraude gepaard gaat met een stimulans of druk om fraude te plegen, een waargenomen gelegenheid om te frauderen of de rechtvaardiging van het plegen van fraude, is het onwaarschijnlijk dat een geval van fraude een geïsoleerde gebeurtenis is. Bijgevolg wijzen afwijkingen, zoals talrijke afwijkingen op een specifieke locatie ook al is het totale effect ervan niet van materieel belang, mogelijk op het risico op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. A51A *De accountant gaat na of de aanwijzing voor fraude betrekking heeft op een ongebruikelijke transactie zoals bedoeld in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme Indien en voor zover dit het geval is handelt hij overeenkomstig deze wet.* @@ -2173,7 +2173,7 @@ A53 Standaard 450 Standaard 450, *Evaluatie van tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen*. en Standaard 700136Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten*. stellen vereisten vast en verschaffen leidraden voor de evaluatie en afhandeling van afwijkingen en het effect op het oordeel in de controleverklaring. -#### . Onvermogen van de accountant om de opdracht voort te zetten (Zie Par. 38) +#### . Onvermogen van de accountant om de opdracht voort te zetten (Zie Par. 38) A54 Voorbeelden van uitzonderlijke omstandigheden die zich kunnen voordoen en die de mogelijkheid van de accountant om de opdracht voort te zetten ter discussie stellen, zijn: @@ -2188,7 +2188,7 @@ A56A *De meldingsplicht bij wettelijke controleopdrachten, als gedefinieerd in a A57 In veel gevallen is het in de publieke sector voor de accountant niet mogelijk om de opdracht terug te geven vanwege de aard van het mandaat of overwegingen van algemeen belang. -#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 39) +#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 39) A58 Standaard 580 @@ -2202,17 +2202,17 @@ b. alle hun bekende gevallen van feitelijke, vermoede of vermeende fraude die op #### . Mededelingen aan het management en de met governance belaste personen -##### . Mededelingen aan het management (Zie Par. 40) +##### . Mededelingen aan het management (Zie Par. 40) A60 Wanneer de accountant controle-informatie heeft verkregen waaruit blijkt dat fraude bestaat of zou kunnen bestaan, is het belangrijk dat dit zo snel mogelijk als praktisch uitvoerbaar is ter kennis wordt gebracht van het management op het passende verantwoordelijkheidsniveau, ook al lijkt het een onbeduidende zaak te betreffen (bijvoorbeeld een ontvreemding van een klein bedrag door een werknemer op een laag niveau in de organisatie). Het bepalen welk managementniveau het passende is, is een kwestie van professionele oordeelsvorming en wordt beïnvloed door factoren zoals de waarschijnlijkheid van samenspanning alsmede de aard en omvang van de vermoede fraude. Gewoonlijk is het passende managementniveau ten minste één niveau hoger dan het niveau van de personen die bij de vermoede fraude betrokken lijken te zijn. -##### . Mededelingen aan de met governance belaste personen (Zie Par. 41) +##### . Mededelingen aan de met governance belaste personen (Zie Par. 41) A61 De accountant kan mondeling of schriftelijk met de met governance belaste personen communiceren. In Standaard 260 is beschreven met welke factoren de accountant rekening moet houden bij het bepalen of de communicatie mondeling dan wel schriftelijk moet verlopen.138Standaard 260, paragraaf A38. Vanwege de aard en gevoeligheid van fraude waarbij het senior management betrokken is of fraude die tot een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten leidt, rapporteert de accountant deze aangelegenheden tijdig en kan hij het noodzakelijk achten om deze aangelegenheden ook schriftelijk te rapporteren. A62 In sommige gevallen kan de accountant het passend achten om de met governance belaste personen op de hoogte te stellen wanneer hij zich bewust wordt van fraude waarbij andere werknemers dan leden van het management betrokken zijn en die niet leidt tot een afwijking van materieel belang. Het is evenzeer mogelijk dat de met governance belaste personen het op prijs stellen van deze situaties op de hoogte te worden gesteld. Het komt het communicatieproces ten goede als de accountant en de met governance belaste personen in een vroeg stadium van de controle afspraken maken over de aard en omvang van deze communicatie door de accountant. A63 In de uitzonderlijke gevallen waarin de accountant twijfelt aan de integriteit of eerlijkheid van het management of de met governance belaste personen, kan hij het passend achten om juridisch advies in te winnen als hulpmiddel bij het bepalen van de passende te ondernemen actie. -##### . Andere aangelegenheden met betrekking tot fraude (Zie Par. 42) +##### . Andere aangelegenheden met betrekking tot fraude (Zie Par. 42) A64 Andere aangelegenheden met betrekking tot fraude die met de met governance belaste personen van de entiteit moeten worden besproken, zijn bijvoorbeeld: @@ -2222,7 +2222,7 @@ A64 Andere aangelegenheden met betrekking tot fraude die met de met governance b • handelingen door het management die een aanwijzing kunnen vormen voor frauduleuze financiële verslaggeving, zoals de keuze en toepassing van grondslagen voor financiële verslaggeving die kunnen wijzen op een poging van het management om de winst te manipuleren teneinde de gebruikers van de financiële overzichten te misleiden door hun perceptie van de prestaties en winstgevendheid van de entiteit te beïnvloeden; • twijfels bij de adequaatheid en volledigheid van de autorisatie van transacties die buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit lijken te vallen. -#### . Mededelingen aan regelgevende of toezichthoudende en met handhaving belaste instanties (Zie Par. 43) +#### . Mededelingen aan regelgevende of toezichthoudende en met handhaving belaste instanties (Zie Par. 43) A65 De beroepsplicht van de accountant om gegevens van de cliënt geheim te houden, kan hem beletten om fraude te rapporteren aan een derde buiten de entiteit van die cliënt. De wettelijke verplichtingen van de accountant verschillen echter per land, en in bepaalde omstandigheden is het mogelijk dat verordeningen, wetten of rechterlijke uitspraken prevaleren boven de geheimhoudingsplicht. In bepaalde landen is de accountant van een financiële instelling wettelijk verplicht om het bestaan van fraude aan de toezichthoudende instanties te melden. Tevens is de accountant in bepaalde landen verplicht afwijkingen aan instanties te melden indien het management en de met governance belaste personen geen corrigerende maatregelen nemen. A66 De accountant kan het passend achten juridisch advies in te winnen om te bepalen wat in de gegeven omstandigheden de passende te ondernemen actie is, teneinde de noodzakelijke stappen te bepalen bij het overwegen van de aspecten van openbaar belang van de geïdentificeerde fraude. @@ -2231,7 +2231,7 @@ A66 De accountant kan het passend achten juridisch advies in te winnen om te bep A67 In de publieke sector is het mogelijk dat de verplichting om fraude te rapporteren, ongeacht of deze tijdens het controleproces is ontdekt, onderworpen is aan specifieke bepalingen van het controlemandaat of daarmee verband houdende wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften. -### 1:. Voorbeelden van frauderisicofactoren (Zie Par. A25) +### 1:. Voorbeelden van frauderisicofactoren (Zie Par. A25) De in deze bijlage vermelde frauderisicofactoren zijn voorbeelden van factoren waarmee accountants in een groot aantal verschillende situaties kunnen worden geconfronteerd. Los daarvan worden voorbeelden gepresenteerd van twee soorten fraude die relevant zijn voor de accountant, namelijk frauduleuze financiële verslaggeving en oneigenlijke toe-eigening van activa. Voor beide soorten fraude worden de risicofactoren verder ingedeeld op basis van de drie omstandigheden die gewoonlijk aanwezig zijn wanneer afwijkingen van materieel belang die het gevolg zijn van fraude zich voordoen: (a) stimulansen/druk, (b) gelegenheden en (c) instelling/rechtvaardiging. Hoewel de risicofactoren een breed scala aan omstandigheden beslaan, gaat het slechts om voorbeelden. Het is dan ook mogelijk dat de accountant aanvullende of andere risicofactoren vaststelt. Niet al deze voorbeelden zijn in alle omstandigheden relevant, en sommige kunnen meer of minder significant zijn afhankelijk van de grootte van de entiteit, de eigendomskenmerken van de entiteit of de omstandigheden. Voorts weerspiegelt de volgorde waarin de voorbeelden van risicofactoren worden beschreven niet het relatieve belang ervan of de frequentie waarmee ze voorkomen. @@ -2358,7 +2358,7 @@ Inadequate interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot activa kunnen die a – veranderingen in het gedrag of in de levensstijl die een aanwijzing kunnen vormen voor het feit dat activa oneigenlijk zijn toegeëigend; – het tolereren van kruimeldiefstal. -### 2:. Voorbeelden van mogelijke controlewerkzaamheden om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude (Zie Par. A40) +### 2:. Voorbeelden van mogelijke controlewerkzaamheden om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude (Zie Par. A40) Hieronder worden voorbeelden gegeven van mogelijke controlewerkzaamheden om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude die voortkomt uit zowel frauduleuze financiële verslaggeving als oneigenlijke toe-eigening van activa. Hoewel deze werkzaamheden een breed scala van omstandigheden beslaan, gaat het slechts om voorbeelden. Derhalve is het mogelijk dat deze niet in alle omstandigheden de meest geschikte of noodzakelijke werkzaamheden zijn. Voorts weerspiegelt de volgorde waarin de werkzaamheden worden beschreven niet het relatieve belang ervan. @@ -2430,7 +2430,7 @@ Voorbeelden van manieren om in te spelen op de inschatting door de accountant va – het beoordelen van de autorisatie en boekwaarde van leningen aan het senior management en verbonden partijen; – het onderzoeken van de omvang en juistheid van onkostendeclaraties van het senior management. -### 3:. Voorbeelden van omstandigheden die wijzen op de mogelijkheid van fraude (Zie Par. A49) +### 3:. Voorbeelden van omstandigheden die wijzen op de mogelijkheid van fraude (Zie Par. A49) #### . Voorbeelden van omstandigheden die op de mogelijkheid van fraude wijzen. @@ -2491,7 +2491,7 @@ Andere voorbeelden: 2 De invloed van wet- en regelgeving op de financiële overzichten loopt aanzienlijk uiteen. De wet- en regelgeving waaraan een entiteit is onderworpen, vormt het wet- en regelgevingskader. Sommige bepalingen van wet- en regelgeving zijn van directe invloed op de financiële overzichten omdat zij de gerapporteerde bedragen en toelichtingen in de financiële overzichten van een entiteit bepalen. Overige wet- en regelgeving dient door het management te worden nageleefd of stelt de bepalingen vast waaronder het de entiteit wordt toegestaan haar activiteiten uit te oefenen, maar heeft geen directe invloed op de financiële overzichten van een entiteit. Sommige entiteiten zijn actief in streng gereguleerde sectoren (zoals banken en bedrijven in de chemie). Andere zijn slechts onderworpen aan veel wet- en regelgeving die in het algemeen betrekking heeft op de operationele aspecten van de activiteiten (zoals bepalingen inzake arbeidsveiligheid en -gezondheid en gelijke kansen op werk). Het niet naleven vanwet- en regelgeving kan leiden tot boetes, rechtszaken of andere gevolgen voor de entiteit die een van materieel belang zijnde invloed kunnen hebben op de financiële overzichten. -#### . Verantwoordelijkheid voor het naleven van wet- en regelgeving (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5, A6) +#### . Verantwoordelijkheid voor het naleven van wet- en regelgeving (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5, A6) 3 Het is de verantwoordelijkheid van het management, onder het toezicht van de met governance belaste personen, om ervoor te zorgen dat de activiteiten van de entiteit worden uitgevoerd in overeenstemming met de bepalingen van wet- en regelgeving, met inbegrip van de bepalingen van wet- en regelgeving die de gerapporteerde bedragen en toelichtingen in de financiële overzichten van een entiteit vaststellen. @@ -2507,8 +2507,8 @@ Andere voorbeelden: Doorgaans geldt dat hoe verder de niet-naleving afstaat van de gebeurtenissen en transacties die in de financiële overzichten zijn weerspiegeld, des te onwaarschijnlijker het is dat de accountant zich hiervan bewust wordt of dat hij de niet-naleving zal herkennen. 6 In deze Standaard wordt het volgende onderscheid gemaakt in de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot het naleven van twee verschillende categorieën van wet- en regelgeving: -a. de bepalingen van die wet- en regelgeving die in het algemeen geacht worden van directe invloed te zijn op de vaststelling van bedragen en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen die van materieel belang zijn, zoals wet- en regelgeving op het gebied van belastingen en pensioenen (Zie Par. 13); en -b. overige wet- en regelgeving die geen directe invloed heeft op de vaststelling van de bedragen en toelichtingen in de financiële overzichten, maar waarvan het naleven van fundamenteel belang kan zijn voor de operationele aspecten van het bedrijf, voor de mogelijkheid van een entiteit om haar activiteiten voort te zetten, dan wel voor het voorkomen van sancties van materieel belang (bijvoorbeeld het naleven van de voorwaarden van een vergunning voor het uitvoeren van een activiteit, het naleven van door een regelgevende of toezichthoudende instantie gestelde solvabiliteitseisen, of het naleven van regelgeving betreffende het milieu); niet-naleving van dergelijke wet- en regelgeving kan daarom van materieel belang zijnde invloed hebben op de financiële overzichten. (Zie Par. 14) +a. de bepalingen van die wet- en regelgeving die in het algemeen geacht worden van directe invloed te zijn op de vaststelling van bedragen en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen die van materieel belang zijn, zoals wet- en regelgeving op het gebied van belastingen en pensioenen (Zie Par. 13); en +b. overige wet- en regelgeving die geen directe invloed heeft op de vaststelling van de bedragen en toelichtingen in de financiële overzichten, maar waarvan het naleven van fundamenteel belang kan zijn voor de operationele aspecten van het bedrijf, voor de mogelijkheid van een entiteit om haar activiteiten voort te zetten, dan wel voor het voorkomen van sancties van materieel belang (bijvoorbeeld het naleven van de voorwaarden van een vergunning voor het uitvoeren van een activiteit, het naleven van door een regelgevende of toezichthoudende instantie gestelde solvabiliteitseisen, of het naleven van regelgeving betreffende het milieu); niet-naleving van dergelijke wet- en regelgeving kan daarom van materieel belang zijnde invloed hebben op de financiële overzichten. (Zie Par. 14) 7 In deze Standaard zijn verschillende vereisten gespecificeerd voor elk van de beide hierboven genoemde categorieën van wet- en regelgeving. Voor de categorie waarnaar in paragraaf 6(a) wordt verwezen, is het de verantwoordelijkheid van de accountant om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen omtrent het naleven van de bepalingen van die wet- en regelgeving. Voor de categorie waarnaar in paragraaf 6(b) wordt verwezen, is de verantwoordelijkheid van de accountant beperkt tot het uitvoeren van gespecificeerde controlewerkzaamheden ter bevordering van het identificeren van niet-naleving van wet- en regelgeving die een invloed van materieel belang kan hebben op de financiële overzichten. 8 Deze Standaard vereist dat de accountant alert blijft op de mogelijkheid dat andere controlewerkzaamheden, uitgevoerd met als doel een oordeel over de financiële overzichten te vormen, gevallen van geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving onder de aandacht van de accountant kunnen brengen. Het handhaven van een professioneel-kritische instelling gedurende de gehele controle, zoals is voorgeschreven door Standaard 200142Standaard 200, paragraaf 15., is in deze context belangrijk, gezien de omvang van de wet- en regelgeving die van invloed is op de entiteit. @@ -2537,25 +2537,25 @@ c. het op passende wijze inspelen op tijdens de controle geïdentificeerde niet- 12 In het kader van het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving overeenkomstig Standaard 315,143Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*, paragraaf 11. dient de accountant een algemeen inzicht te verwerven in: a. het wet- en regelgevingskader dat van toepassing is op de entiteit en de branche of sector waarbinnen de entiteit actief is; en -b. de manier waarop de entiteit dat kader naleeft. (Zie Par. A7) -13 De accountant dient voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen omtrent het naleven van de bepalingen van die wet- en regelgeving die gewoonlijk wordt geacht van directe invloed te zijn op de vaststelling van bedragen en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen die van materieel belang zijn. (Zie Par. A8) +b. de manier waarop de entiteit dat kader naleeft. (Zie Par. A7) +13 De accountant dient voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen omtrent het naleven van de bepalingen van die wet- en regelgeving die gewoonlijk wordt geacht van directe invloed te zijn op de vaststelling van bedragen en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen die van materieel belang zijn. (Zie Par. A8) 14 Ter bevordering van het identificeren van gevallen van niet-naleving van overige wet- en regelgeving die een invloed van materieel belang kan hebben op de financiële overzichten, dient de accountant de volgende controlewerkzaamheden uit te voeren: a. het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen vragen of de entiteit dergelijke wet- en regelgeving naleeft; en -b. de eventuele correspondentie met de desbetreffende vergunningverlenende of regelgevende of toezichthoudende instanties inspecteren. (Zie Par. A9, A10) -15 De accountant dient gedurende de controle alert te blijven op de mogelijkheid dat andere controlewerkzaamheden die worden uitgevoerd, de niet-naleving of vermoedens van niet-naleving van wet- en regelgeving onder de aandacht van de accountant kunnen brengen. (Zie Par. A11) -16 De accountant dient het management en in voorkomend geval, de met governance belaste personen, te verzoeken om schriftelijke bevestigingen te verstrekken dat alle bekende gevallen van niet-naleving of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving waarmee bij het opstellen van de financiële overzichten rekening moet worden gehouden, de accountant ter kennis zijn gebracht. (Zie Par. A12) +b. de eventuele correspondentie met de desbetreffende vergunningverlenende of regelgevende of toezichthoudende instanties inspecteren. (Zie Par. A9, A10) +15 De accountant dient gedurende de controle alert te blijven op de mogelijkheid dat andere controlewerkzaamheden die worden uitgevoerd, de niet-naleving of vermoedens van niet-naleving van wet- en regelgeving onder de aandacht van de accountant kunnen brengen. (Zie Par. A11) +16 De accountant dient het management en in voorkomend geval, de met governance belaste personen, te verzoeken om schriftelijke bevestigingen te verstrekken dat alle bekende gevallen van niet-naleving of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving waarmee bij het opstellen van de financiële overzichten rekening moet worden gehouden, de accountant ter kennis zijn gebracht. (Zie Par. A12) 17 Indien er geen sprake is van geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving wordt niet van de accountant vereist dat hij andere controlewerkzaamheden uitvoert met betrekking tot het naleven van wet- en regelgeving door de entiteit, dan die werkzaamheden die zijn uiteengezet in de paragrafen 12–16. #### . Controlewerkzaamheden bij het identificeren of vermoeden van niet-naleving -18 Indien de accountant zich bewust wordt van informatie omtrent een geval of vermoeden van niet-naleving van wet- en regelgeving, dient de accountant het volgende te verkrijgen: (Zie Par. A13) +18 Indien de accountant zich bewust wordt van informatie omtrent een geval of vermoeden van niet-naleving van wet- en regelgeving, dient de accountant het volgende te verkrijgen: (Zie Par. A13) a. inzicht in de aard van de handeling en de omstandigheden waaronder deze heeft plaatsgevonden; en -b. verdere informatie om de mogelijke invloed op de financiële overzichten te evalueren. (Zie Par. A14) -19 Indien de accountant vermoedt dat er sprake kan zijn van niet-naleving, dient de accountant de aangelegenheid met het management en, in voorkomend geval, met de met governance belaste personen te bespreken. Indien het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen niet voldoende informatie verstrekt (verstrekken) waaruit blijkt dat de entiteit de wet- en regelgeving naleeft, en indien op grond van de oordeelsvorming van de accountant het effect van vermoedens van niet-naleving voor de financiële overzichten van materieel belang kan zijn, dient de accountant de noodzaak te overwegen om juridisch advies in te winnen. (Zie Par. A15, A16) +b. verdere informatie om de mogelijke invloed op de financiële overzichten te evalueren. (Zie Par. A14) +19 Indien de accountant vermoedt dat er sprake kan zijn van niet-naleving, dient de accountant de aangelegenheid met het management en, in voorkomend geval, met de met governance belaste personen te bespreken. Indien het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen niet voldoende informatie verstrekt (verstrekken) waaruit blijkt dat de entiteit de wet- en regelgeving naleeft, en indien op grond van de oordeelsvorming van de accountant het effect van vermoedens van niet-naleving voor de financiële overzichten van materieel belang kan zijn, dient de accountant de noodzaak te overwegen om juridisch advies in te winnen. (Zie Par. A15, A16) 20 Indien niet voldoende informatie omtrent vermoedens van niet-naleving kan worden verkregen, dient de accountant de invloed van het gebrek aan voldoende en geschikte controle-informatie op zijn oordeel te evalueren. -21 De accountant dient de gevolgen van niet-naleving met betrekking tot de andere aspecten van de controle te evalueren, met inbegrip van de risico-inschatting van de accountant en de betrouwbaarheid van schriftelijke bevestigingen, alsmede passende actie te ondernemen. (Zie Par. A17, A18) +21 De accountant dient de gevolgen van niet-naleving met betrekking tot de andere aspecten van de controle te evalueren, met inbegrip van de risico-inschatting van de accountant en de betrouwbaarheid van schriftelijke bevestigingen, alsmede passende actie te ondernemen. (Zie Par. A17, A18) #### . Het rapporteren van geïdentificeerde of vermoede niet-naleving @@ -2573,15 +2573,15 @@ b. verdere informatie om de mogelijke invloed op de financiële overzichten te e ##### . Het rapporteren van niet-naleving aan regelgevende of toezichthoudende en met handhaving belaste instanties -28 Indien de accountant gevallen van niet-naleving van wet- en regelgeving heeft geïdentificeerd of indien hij deze vermoedt, dient de accountant te bepalen of hij een verantwoordelijkheid heeft om deze geïdentificeerde of vermoede niet-naleving te rapporteren aan partijen buiten de entiteit. (Zie Par. A19, A20) +28 Indien de accountant gevallen van niet-naleving van wet- en regelgeving heeft geïdentificeerd of indien hij deze vermoedt, dient de accountant te bepalen of hij een verantwoordelijkheid heeft om deze geïdentificeerde of vermoede niet-naleving te rapporteren aan partijen buiten de entiteit. (Zie Par. A19, A20) #### . Documentatie -29 De accountant dient in de controledocumentatie geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving op te nemen, alsmede de resultaten van de bespreking met het management en, indien van toepassing, met de met governance belaste personen en andere partijen buiten de entiteit.146Standaard 230, *Controledocumentatie, *paragraaf 8, 9, 10, 11 en A6. (Zie Par. A21) +29 De accountant dient in de controledocumentatie geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving op te nemen, alsmede de resultaten van de bespreking met het management en, indien van toepassing, met de met governance belaste personen en andere partijen buiten de entiteit.146Standaard 230, *Controledocumentatie, *paragraaf 8, 9, 10, 11 en A6. (Zie Par. A21) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Verantwoordelijkheid voor het naleven van wet- en regelgeving (Zie Par. 3, 4, 5, 6, 7, 8) +#### . Verantwoordelijkheid voor het naleven van wet- en regelgeving (Zie Par. 3, 4, 5, 6, 7, 8) A1 Het is de verantwoordelijkheid van het management, onder het toezicht van de met governance belaste personen, om ervoor te zorgen dat de activiteiten van de entiteit in overeenstemming met de wet- en regelgeving worden uitgevoerd. Wet- en regelgeving kan de financiële overzichten van een entiteit op verschillende manieren beïnvloeden: op de meest directe manier kan zij bijvoorbeeld van invloed zijn op specifieke van de entiteit vereiste toelichtingen in de financiële overzichten, of kan zij het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving voorschrijven. Zij kan tevens bepaalde juridische rechten en verplichtingen van de entiteit vaststellen, waarvan sommige in de financiële overzichten van de entiteit zullen worden opgenomen. Bovendien kunnen bij wet- en regelgeving sancties worden opgelegd in geval van niet-naleving. A2 Ter bevordering van het voorkómen en het detecteren van niet-naleving van wet- en regelgeving kan een entiteit bijvoorbeeld de volgende soorten beleidslijnen en procedures implementeren: @@ -2612,7 +2612,7 @@ A6 In de publieke sector kan er sprake zijn van aanvullende controleverantwoorde #### . Het overwegen door de accountant van het naleven van wet- en regelgeving -##### . Het verwerven van inzicht in het wet- en regelgevingskader (Zie Par. 12) +##### . Het verwerven van inzicht in het wet- en regelgevingskader (Zie Par. 12) A7 Voor het verwerven van een algemeen inzicht in het wet- en regelgevingskader, en in de wijze waarop de entiteit dat kader naleeft, kan de accountant bijvoorbeeld: @@ -2622,7 +2622,7 @@ A7 Voor het verwerven van een algemeen inzicht in het wet- en regelgevingskader, • bij het management inlichtingen inwinnen over de beleidslijnen en procedures van de entiteit inzake het naleven van wet- en regelgeving; en • bij het management inlichtingen inwinnen over de beleidslijnen en procedures die zijn vastgesteld ten aanzien van het identificeren, evalueren en administratief verwerken van claims die voortvloeien uit rechtszaken. -##### . Wet- en regelgeving waarvan in het algemeen wordt aangenomen dat zij een directe invloed heeft op het bepalen van bedragen en toelichtingen in de financiële overzichten die van materieel belang zijn (Zie Par. 13) +##### . Wet- en regelgeving waarvan in het algemeen wordt aangenomen dat zij een directe invloed heeft op het bepalen van bedragen en toelichtingen in de financiële overzichten die van materieel belang zijn (Zie Par. 13) A8 Bepaalde wet- en regelgeving is goed ontwikkeld, bekend bij de entiteit en binnen haar branche of sector en relevant voor de financiële overzichten (zoals beschreven in paragraaf 6(a)). Dergelijke wet- en regelgeving kan onder meer betrekking hebben op: @@ -2635,12 +2635,12 @@ Sommige bepalingen in deze wet- en regelgeving kunnen op directe wijze relevant Niet-naleving van andere bepalingen van dergelijke en overige wet- en regelgeving kan leiden tot boetes, rechtszaken of andere gevolgen voor de entiteit, waarvan de kosten mogelijk in de financiële overzichten moeten worden opgenomen, maar die niet worden geacht een directe invloed op de financiële overzichten te hebben zoals beschreven in paragraaf 6(a). -##### . Procedures gericht op het identificeren van gevallen van niet-naleving – Overige wet- en regelgeving (Zie Par. 14) +##### . Procedures gericht op het identificeren van gevallen van niet-naleving – Overige wet- en regelgeving (Zie Par. 14) A9 Bepaalde overige wet- en regelgeving vergt mogelijk bijzondere aandacht van de accountant omdat zij een fundamentele invloed heeft op de activiteiten van de entiteit (zoals beschreven in paragraaf 6(b)). Niet-naleving van wet- en regelgeving die een fundamentele invloed heeft op de activiteiten van de entiteit kan ertoe leiden dat de entiteit haar activiteiten moet beëindigen of dat het handhaven van de continuïteit van de entiteit in het geding komt. Zo kan niet-naleving van de vereisten op grond van de vergunning of een andere machtiging van de entiteit om haar activiteiten uit te oefenen, een dergelijk gevolg hebben (bijvoorbeeld voor een bank: niet-naleving van de kapitaal- of beleggingsvereisten). Er is ook veel wet- en regelgeving, in hoofdzaak met betrekking op de operationele aspecten van de entiteit, die door de aard daarvan geen invloed heeft op de financiële overzichten en die niet in de voor de financiële verslaggeving relevante informatiesystemen van de entiteit is vastgelegd. A10 Omdat overige wet- en regelgeving verschillende gevolgen kan hebben voor de financiële verslaggeving naar gelang van de activiteiten van de entiteit, zijn de op grond van paragraaf 14 vereiste controlewerkzaamheden gericht op het onder de aandacht van de accountant brengen van gevallen van niet-naleving van wet- en regelgeving die een invloed van materieel belang kan hebben op de financiële overzichten. -##### . Gevallen van niet-naleving die als gevolg van andere controlewerkzaamheden onder de aandacht van de accountant zijn gebracht (Zie Par. 15) +##### . Gevallen van niet-naleving die als gevolg van andere controlewerkzaamheden onder de aandacht van de accountant zijn gebracht (Zie Par. 15) A11 Controlewerkzaamheden die worden uitgevoerd om een oordeel over de financiële overzichten te vormen, kunnen gevallen van gedetecteerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving onder de aandacht van de accountant brengen. Dergelijke controlewerkzaamheden zijn bijvoorbeeld: @@ -2648,13 +2648,13 @@ A11 Controlewerkzaamheden die worden uitgevoerd om een oordeel over de financië • het vragen aan het management en de interne of externe juridisch adviseur van de entiteit naar rechtszaken, claims en inschattingen; en • het uitvoeren van gegevensgerichte detailcontroles op categorieën van transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen. -##### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 16) +##### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 16) A12 Omdat de invloed van wet- en regelgeving op financiële overzichten aanzienlijk kan verschillen, verschaffen schriftelijke bevestigingen noodzakelijke controle-informatie over de kennis van het management over geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving, waarvan de gevolgen van materieel belang zijnde invloed kunnen hebben op de financiële overzichten. Schriftelijke bevestigingen op zichzelf voorzien evenwel niet in voldoende en geschikte controle-informatie en hebben bijgevolg geen invloed op de aard en omvang van andere controle-informatie die door de accountant moet worden verkregen.149Standaard 580, *Schriftelijke bevestigingen*, paragraaf 4. #### . Controlewerkzaamheden bij het identificeren of vermoeden van niet-naleving -##### . Aanwijzingen voor niet-naleving van wet- en regelgeving (Zie Par. 18) +##### . Aanwijzingen voor niet-naleving van wet- en regelgeving (Zie Par. 18) A13 Indien de accountant zich bewust wordt van het bestaan van of van informatie over de volgende aangelegenheden, kan dit een aanwijzing zijn voor niet-naleving van wet- en regelgeving: @@ -2670,7 +2670,7 @@ A13 Indien de accountant zich bewust wordt van het bestaan van of van informatie • niet-geautoriseerde transacties of niet naar behoren vastgelegde transacties; • negatieve publiciteit in de media. -##### . Aangelegenheden die relevant zijn voor de evaluatie door de accountant (Zie Par. 18(b)) +##### . Aangelegenheden die relevant zijn voor de evaluatie door de accountant (Zie Par. 18(b)) A14 Aangelegenheden die relevant zijn voor het evalueren door de accountant van de mogelijke invloed op de financiële overzichten zijn onder meer: @@ -2678,19 +2678,19 @@ A14 Aangelegenheden die relevant zijn voor het evalueren door de accountant van • de vraag of de potentiële financiële gevolgen toelichting vereisen; • de vraag of de potentiële financiële gevolgen zo ernstig zijn dat de getrouwe weergave van de financiële overzichten ter discussie komt te staan, of dat de financiële overzichten anderszins een misleidend karakter krijgen. -##### . Controlewerkzaamheden (Zie Par. 19) +##### . Controlewerkzaamheden (Zie Par. 19) A15 De accountant kan de bevindingen bespreken met de met governance belaste personen wanneer zij in staat kunnen zijn aanvullende controle-informatie te geven. De accountant kan bijvoorbeeld bevestigen dat de met governance belaste personen hetzelfde begrip hebben van de feiten en omstandigheden die relevant zijn voor transacties of gebeurtenissen die hebben geleid tot de mogelijkheid van niet-naleving van wet- en regelgeving. A16 Indien het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen, aan de accountant geen voldoende informatie verstrekt (verstrekken) waaruit blijkt dat de entiteit wel degelijk wet- en regelgeving naleeft, kan de accountant het passend achten om de interne of externe juridisch adviseur van de entiteit te raadplegen omtrent het toepassen van de wet- en regelgeving op de omstandigheden, met inbegrip van de mogelijkheid van fraude, alsmede omtrent de mogelijke gevolgen voor de financiële overzichten. Indien het niet passend wordt geacht de juridisch adviseur van de entiteit te raadplegen of indien de accountant niet tevreden is met het advies dat is verstrekt door de juridisch adviseur, kan de accountant het passend achten de eigen juridisch adviseur te raadplegen over de vraag of er sprake is van schending van een wet of regel, wat de mogelijke juridische gevolgen daarvan kunnen zijn, met inbegrip van de mogelijkheid van fraude, en welke verdere actie de accountant eventueel zou moeten ondernemen. -##### . Het evalueren van de gevolgen van niet-naleving (Zie Par. 21) +##### . Het evalueren van de gevolgen van niet-naleving (Zie Par. 21) A17 Zoals in paragraaf 21 is voorgeschreven, evalueert de accountant de gevolgen van niet-naleving met betrekking tot andere aspecten van de controle, met inbegrip van de risico-inschatting door de accountant en de betrouwbaarheid van schriftelijke bevestigingen. De gevolgen van bepaalde gevallen van niet-naleving die door de accountant zijn geïdentificeerd, zullen afhangen van de verhouding tussen het plegen van de handeling en het eventueel verhullen ervan voor de specifieke interne beheersingsactiviteiten en het niveau van het management of werknemers dat (die) daarbij betrokken is (zijn), in het bijzonder de gevolgen die voortvloeien uit de betrokkenheid van het hoogste gezag binnen de entiteit. A18 In uitzonderlijke gevallen kan de accountant overwegen of het teruggeven van de opdracht, indien dit overeenkomstig de van toepassing zijnde wet- of regelgeving mogelijk is, noodzakelijk is wanneer het management of de met governance belaste personen niet de corrigerende actie onderneemt (ondernemen) die de accountant in de gegeven omstandigheden passend acht, zelfs wanneer niet-naleving niet van materieel belang is voor de financiële overzichten. Bij het beslissen of het teruggeven van de opdracht noodzakelijk is, kan de accountant overwegen juridisch advies in te winnen. Indien het teruggeven van de opdracht niet mogelijk is, kan de accountant alternatieve acties overwegen, waaronder het omschrijven van de niet-naleving in een paragraaf inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring.150Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, paragraaf 8. #### . Het rapporteren van geïdentificeerde of vermoede niet-naleving -##### . Het rapporteren van niet-naleving aan regelgevende of toezichthoudende en met handhaving belaste instanties (Zie Par. 28) +##### . Het rapporteren van niet-naleving aan regelgevende of toezichthoudende en met handhaving belaste instanties (Zie Par. 28) A19 De beroepsplicht van de accountant om informatie over zijn cliënten geheim te houden kan verhinderen dat de accountant geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving aan een partij buiten de entiteit rapporteert. De wettelijke verplichtingen van de accountant verschillen echter per rechtsgebied en er zijn bepaalde omstandigheden waarin wetgeving of rechtspraak prevaleert boven de geheimhoudingsplicht. In sommige rechtsgebieden heeft de accountant van een financiële instelling bovendien de wettelijke plicht om werkelijke of vermoede gevallen van niet-naleving van wet- en regelgeving aan toezichthoudende instanties te rapporteren. In sommige rechtsgebieden heeft de accountant tevens de plicht om afwijkingen aan de instanties te rapporteren in die gevallen waarin het management en, indien van toepassing, de met governance belaste personen, nalaten om corrigerende acties te ondernemen. De accountant kan het passend achten om juridisch advies in te winnen teneinde te bepalen wat de passende te ondernemen actie is. @@ -2698,7 +2698,7 @@ A19 De beroepsplicht van de accountant om informatie over zijn cliënten geheim A20 Een accountant van de publieke sector kan de verplichting hebben om gevallen van niet-naleving te rapporteren aan de wetgever of een andere bevoegde instantie dan wel om deze gevallen in de controleverklaring te rapporteren. -#### . Documentatie (Zie Par. 29) +#### . Documentatie (Zie Par. 29) A21 De documentatie van de accountant van de bevindingen omtrent geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving kan bijvoorbeeld omvatten: @@ -2713,7 +2713,7 @@ A21 De documentatie van de accountant van de bevindingen omtrent geïdentificeer 1 Deze Standaard behandelt de communicatieverantwoordelijkheid van de accountant ten aanzien van de met governance belaste personen bij een controle van financiële overzichten. Hoewel deze Standaard van toepassing is ongeacht de governancestructuur of de omvang van een entiteit, zijn er bijzondere overwegingen van toepassing wanneer alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit, alsmede voor beursgenoteerde entiteiten. Deze Standaard stelt geen vereisten vast met betrekking tot de communicatie van de accountant met het management of met de eigenaren van een entiteit tenzij zij ook een rol hebben in het kader van governance. 2 Deze Standaard is opgesteld in de context van een controle van financiële overzichten maar kan ook, naargelang nodig aangepast aan de omstandigheden, van toepassing zijn op controles van andere historische financiële informatie wanneer de met governance belaste personen een verantwoordelijkheid hebben om toezicht uit te oefenen op het opstellen van die informatie. -3 Vanuit het inzicht dat effectieve wederzijdse communicatie bij een controle van financiële overzichten belangrijk is, voorziet deze Standaard in een algemeen kader voor de communicatie van de accountant met de met governance belaste personen en stelt hij enkele specifieke aangelegenheden vast die aan de met governance belaste personen moeten worden meegedeeld. In andere Standaarden zijn aangelegenheden vastgesteld die in aanvulling op de vereisten van deze Standaard moeten worden meegedeeld (zie bijlage 1). Daarnaast stelt Standaard 265151Standaard 265, *Het meedelen van tekortkomingen in de interne beheersing aan de met governance belaste personen en het management*. specifieke vereisten vast inzake het meedelen aan de met governance belaste personen van significante tekortkomingen in de interne beheersing die de accountant tijdens de controle heeft geïdentificeerd. Het meedelen van overige aangelegenheden, hoewel niet vereist op grond van deze of andere Standaarden, kan wel vereist zijn op grond van wet- of regelgeving, op grond van afspraken met de entiteit of op grond van aanvullende vereisten die op de opdracht van toepassing zijn, bijvoorbeeld de standaarden van een nationale beroepsorganisatie voor accountancy. Niets in deze Standaard belet de accountant enige andere aangelegenheid aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A24, A25, A26, A27) +3 Vanuit het inzicht dat effectieve wederzijdse communicatie bij een controle van financiële overzichten belangrijk is, voorziet deze Standaard in een algemeen kader voor de communicatie van de accountant met de met governance belaste personen en stelt hij enkele specifieke aangelegenheden vast die aan de met governance belaste personen moeten worden meegedeeld. In andere Standaarden zijn aangelegenheden vastgesteld die in aanvulling op de vereisten van deze Standaard moeten worden meegedeeld (zie bijlage 1). Daarnaast stelt Standaard 265151Standaard 265, *Het meedelen van tekortkomingen in de interne beheersing aan de met governance belaste personen en het management*. specifieke vereisten vast inzake het meedelen aan de met governance belaste personen van significante tekortkomingen in de interne beheersing die de accountant tijdens de controle heeft geïdentificeerd. Het meedelen van overige aangelegenheden, hoewel niet vereist op grond van deze of andere Standaarden, kan wel vereist zijn op grond van wet- of regelgeving, op grond van afspraken met de entiteit of op grond van aanvullende vereisten die op de opdracht van toepassing zijn, bijvoorbeeld de standaarden van een nationale beroepsorganisatie voor accountancy. Niets in deze Standaard belet de accountant enige andere aangelegenheid aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A24, A25, A26, A27) #### . De rol van communicatie @@ -2750,15 +2750,15 @@ b. *het management* – De persoon (personen) met de met het dagelijks bestuur v #### . De met governance belaste personen -11 De accountant dient te bepalen wie de geschikte persoon (personen) binnen de governancestructuur van de entiteit is (zijn) om mee te communiceren. (Zie Par. A1, A2, A3, A4) +11 De accountant dient te bepalen wie de geschikte persoon (personen) binnen de governancestructuur van de entiteit is (zijn) om mee te communiceren. (Zie Par. A1, A2, A3, A4) ##### . Het communiceren met een subgroep van de met governance belaste personen -12 Indien de accountant met een subgroep van de met governance belaste personen communiceert, bijvoorbeeld een auditcomité, of met een individu, dient de accountant te bepalen of het noodzakelijk is dat hij eveneens communiceert met de hele groep van met governance belaste personen. (Zie Par. A5, A6, A7) +12 Indien de accountant met een subgroep van de met governance belaste personen communiceert, bijvoorbeeld een auditcomité, of met een individu, dient de accountant te bepalen of het noodzakelijk is dat hij eveneens communiceert met de hele groep van met governance belaste personen. (Zie Par. A5, A6, A7) ##### . Wanneer alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit -13 In bepaalde gevallen zijn alle met governance belaste personen, betrokken bij het leiden van de entiteit, bijvoorbeeld een kleine onderneming waar een enkele eigenaar leiding geeft aan de entiteit en niemand anders een rol in het kader van governance vervult. Indien aangelegenheden die op grond van deze Standaard zijn vereist, worden meegedeeld aan een persoon (personen) met leidinggevende verantwoordelijkheden en die persoon (personen) tevens met governance verband houdende verantwoordelijkheden heeft (hebben), hoeven in deze gevallen de aangelegenheden niet opnieuw te worden meegedeeld aan dezelfde persoon (personen) in zijn (hun) rol in het kader van governance. Deze aangelegenheden zijn toegelicht in paragraaf 16(c). De accountant dient desalniettemin ervan overtuigd te zijn dat de mededeling die gericht is aan de persoon (personen) met leidinggevende verantwoordelijkheden, leidt tot het adequaat informeren van al degenen met wie de accountant in andere omstandigheden zou communiceren in hun rol in het kader van governance. (Zie Par. A8) +13 In bepaalde gevallen zijn alle met governance belaste personen, betrokken bij het leiden van de entiteit, bijvoorbeeld een kleine onderneming waar een enkele eigenaar leiding geeft aan de entiteit en niemand anders een rol in het kader van governance vervult. Indien aangelegenheden die op grond van deze Standaard zijn vereist, worden meegedeeld aan een persoon (personen) met leidinggevende verantwoordelijkheden en die persoon (personen) tevens met governance verband houdende verantwoordelijkheden heeft (hebben), hoeven in deze gevallen de aangelegenheden niet opnieuw te worden meegedeeld aan dezelfde persoon (personen) in zijn (hun) rol in het kader van governance. Deze aangelegenheden zijn toegelicht in paragraaf 16(c). De accountant dient desalniettemin ervan overtuigd te zijn dat de mededeling die gericht is aan de persoon (personen) met leidinggevende verantwoordelijkheden, leidt tot het adequaat informeren van al degenen met wie de accountant in andere omstandigheden zou communiceren in hun rol in het kader van governance. (Zie Par. A8) #### . Mee te delen aangelegenheden @@ -2767,20 +2767,20 @@ b. *het management* – De persoon (personen) met de met het dagelijks bestuur v 14 De accountant dient zijn verantwoordelijkheden met betrekking tot de controle van financiële overzichten aan de met governance belaste personen mee te delen, met inbegrip van het feit dat: a. hij verantwoordelijk is voor het vormen en het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de financiële overzichten die onder het toezicht van de met governance belaste personen door het management zijn opgesteld; en -b. de controle van de financiële overzichten het management of de met governance belaste personen niet ontslaat van hun verantwoordelijkheden. (Zie Par. A9, A10) +b. de controle van de financiële overzichten het management of de met governance belaste personen niet ontslaat van hun verantwoordelijkheden. (Zie Par. A9, A10) ##### . De geplande reikwijdte en timing van de controle -15 De accountant dient een overzicht van de geplande reikwijdte en de timing van de controle aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A11, A12, A13, A14, A15) -16 De accountant dient de volgende aangelegenheden aan de met governance belaste personen mee te delen: (Zie Par. A16) +15 De accountant dient een overzicht van de geplande reikwijdte en de timing van de controle aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A11, A12, A13, A14, A15) +16 De accountant dient de volgende aangelegenheden aan de met governance belaste personen mee te delen: (Zie Par. A16) -a. de zienswijze van de accountant over significante kwalitatieve aspecten met betrekking tot de praktijken inzake administratieve verwerking van de entiteit, met inbegrip van de grondslagen voor financiële verslaggeving, de schattingen en de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen. Indien van toepassing, dient de accountant aan de met governance belaste personen uit te leggen waarom hij een significante praktijk inzake administratieve verwerking, die aanvaardbaar is overeenkomstig het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, niet beschouwt als de meest passende in de specifieke omstandigheden van de entiteit; (Zie Par. A17) -b. eventuele significante problemen die zich gedurende de controle hebben voorgedaan; (Zie Par. A18) +a. de zienswijze van de accountant over significante kwalitatieve aspecten met betrekking tot de praktijken inzake administratieve verwerking van de entiteit, met inbegrip van de grondslagen voor financiële verslaggeving, de schattingen en de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen. Indien van toepassing, dient de accountant aan de met governance belaste personen uit te leggen waarom hij een significante praktijk inzake administratieve verwerking, die aanvaardbaar is overeenkomstig het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, niet beschouwt als de meest passende in de specifieke omstandigheden van de entiteit; (Zie Par. A17) +b. eventuele significante problemen die zich gedurende de controle hebben voorgedaan; (Zie Par. A18) c. tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit: -1. eventuele bij de controle aan de orde gekomen significante aangelegenheden die met het management werden besproken of onderwerp van correspondentie met het management zijn geweest; en (Zie Par. A19) +1. eventuele bij de controle aan de orde gekomen significante aangelegenheden die met het management werden besproken of onderwerp van correspondentie met het management zijn geweest; en (Zie Par. A19) 2. schriftelijke bevestigingen die de accountant heeft gevraagd; en -d. eventuele andere bij de controle aan de orde gekomen aangelegenheden die op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant significant zijn voor het toezicht op het proces van financiële verslaggeving. (Zie Par. A20). +d. eventuele andere bij de controle aan de orde gekomen aangelegenheden die op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant significant zijn voor het toezicht op het proces van financiële verslaggeving. (Zie Par. A20). ##### . Onafhankelijkheid van de accountant @@ -2789,34 +2789,34 @@ d. eventuele andere bij de controle aan de orde gekomen aangelegenheden die op g a. een verklaringdat het opdrachtteam en, indien passend, andere personen binnen het kantoor, het kantoor, en, indien van toepassing, de kantoren die tot het netwerk behoren, hebben voldaan aan relevante ethische voorschriften met betrekking tot onafhankelijkheid; 1. alle relaties en andere aangelegenheden tussen het kantoor, de kantoren die tot het netwerk behoren en de entiteit waarvan op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij consequenties hebben voor de onafhankelijkheid. Hieronder vallen ook alle vergoedingen die gedurende de verslagperiode waarop de financiële overzichten betrekking hebben, in rekening zijn gebracht voor op controle en niet op controle gerichte diensten die door het kantoor en de tot het netwerk behorende kantoren zijn verleend aan de entiteit en aan de groepsonderdelen waarover de entiteit zeggenschap heeft. Deze vergoedingen dienen in geschikte categorieën te worden ondergebracht om de met governance belaste personen te helpen het effect inschatten van de dienstverlening op de onafhankelijkheid van de accountant; en -2. de daarmee verband houdende maatregelen die zijn getroffen om de geïdentificeerde bedreigingen van de onafhankelijkheid weg te nemen (Zie Par. A21, A22, A23). +2. de daarmee verband houdende maatregelen die zijn getroffen om de geïdentificeerde bedreigingen van de onafhankelijkheid weg te nemen (Zie Par. A21, A22, A23). #### . Het communicatieproces ##### . Het tot stand brengen van het communicatieproces -18 De accountant dient aan de met governance belaste personen de vorm, de timing en de verwachte algemene inhoud van de communicatie mee te delen. (Zie Par. A28, A29, A30, A31, A32, A33, A34, A35, A36) +18 De accountant dient aan de met governance belaste personen de vorm, de timing en de verwachte algemene inhoud van de communicatie mee te delen. (Zie Par. A28, A29, A30, A31, A32, A33, A34, A35, A36) ##### . Vormen van communicatie -19 De accountant dient significante bevindingen uit de controle schriftelijk aan de met governance belaste personen mee te delen indien, op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant, mondeling communiceren niet adequaat zou zijn. In schriftelijke mededelingen hoeven niet alle aangelegenheden te worden opgenomen die in de loop van de controle aan de orde zijn gekomen. (Zie Par. A37, A38, A39) +19 De accountant dient significante bevindingen uit de controle schriftelijk aan de met governance belaste personen mee te delen indien, op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant, mondeling communiceren niet adequaat zou zijn. In schriftelijke mededelingen hoeven niet alle aangelegenheden te worden opgenomen die in de loop van de controle aan de orde zijn gekomen. (Zie Par. A37, A38, A39) 20 De accountant dient schriftelijk met de met governance belaste personen te communiceren over de onafhankelijkheid van de accountant indien dit vereist is op grond van paragraaf 17. ##### . Timing van communicatie -21 De accountant dient tijdig met de met governance belaste personen te communiceren. (Zie Par. A40, A41) +21 De accountant dient tijdig met de met governance belaste personen te communiceren. (Zie Par. A40, A41) ##### . De adequaatheid van het communicatieproces -22 De accountant dient te evalueren of de wederzijdse communicatie tussen de accountant en de met governance belaste personen adequaat is geweest voor het doel van de controle. Indien dat niet het geval is geweest, dient de accountant een evaluatie te maken van het eventuele effect daarvan op zijn inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang alsmede op de mogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, en dient hij de passende actie te ondernemen. (Zie Par. A42, A43, A44) +22 De accountant dient te evalueren of de wederzijdse communicatie tussen de accountant en de met governance belaste personen adequaat is geweest voor het doel van de controle. Indien dat niet het geval is geweest, dient de accountant een evaluatie te maken van het eventuele effect daarvan op zijn inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang alsmede op de mogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, en dient hij de passende actie te ondernemen. (Zie Par. A42, A43, A44) #### . Documentatie -23 Wanneer aangelegenheden die overeenkomstig deze Standaard dienen te worden meegedeeld, mondeling worden meegedeeld, dient de accountant deze in de controledocumentatie op te nemen, alsmede het tijdstip waarop en de namen van de personen aan wie ze zijn meegedeeld. Wanneer aangelegenheden schriftelijk zijn meegedeeld, dient de accountant een kopie van de mededeling te bewaren als onderdeel van de controledocumentatie.152Standaard 230, *Controledocumentatie*, paragraaf 8, 9, 10, 11, en A6. (Zie Par. A45) +23 Wanneer aangelegenheden die overeenkomstig deze Standaard dienen te worden meegedeeld, mondeling worden meegedeeld, dient de accountant deze in de controledocumentatie op te nemen, alsmede het tijdstip waarop en de namen van de personen aan wie ze zijn meegedeeld. Wanneer aangelegenheden schriftelijk zijn meegedeeld, dient de accountant een kopie van de mededeling te bewaren als onderdeel van de controledocumentatie.152Standaard 230, *Controledocumentatie*, paragraaf 8, 9, 10, 11, en A6. (Zie Par. A45) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . De met governance belaste personen (Zie Par. 11) +#### . De met governance belaste personen (Zie Par. 11) A1 Governancestructuren verschillen per rechtsgebied en per entiteit en worden onder meer beïnvloed door verschillende culturele en juridische achtergronden, omvang en eigendomskenmerken. Bijvoorbeeld: @@ -2828,7 +2828,7 @@ A2 In de meeste entiteiten is governance een collectieve verantwoordelijkheid va A3 Een dergelijke diversiteit betekent dat het niet mogelijk is om in deze Standaard voor alle controles de persoon (personen) te specificeren aan wie de accountant bepaalde aangelegenheden moet meedelen. Tevens is het mogelijk dat in sommige gevallen de geschikte personen om mee te communiceren niet duidelijk te bepalen zijn aan de hand van het van toepassing zijnde juridische kader of aan de hand van andere omstandigheden met betrekking tot de opdracht, bijvoorbeeld bij entiteiten waar de governancestructuur niet formeel is vastgelegd, zoals bij sommige familiebedrijven, sommige non-profitorganisaties alsmede sommige entiteiten binnen de overheid. In dergelijke gevallen kan het voor de accountant noodzakelijk zijn om met de opdrachtgevende partij te bespreken en overeen te komen met welke relevante persoon (personen) moet worden gecommuniceerd. Bij het bepalen van de personen met wie moet worden gecommuniceerd, is het inzicht van de accountant in de governancestructuur en -processen van een entiteit, dat is verworven in overeenstemming met Standaard 315154Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*, paragraaf 32., relevant. De geschikte persoon (personen) om mee te communiceren kan (kunnen) verschillen afhankelijk van de aangelegenheid waarover moet worden gecommuniceerd. A4 Standaard 600 bevat specifieke aangelegenheden die door de groepsaccountants aan de met governance belaste personen moeten worden meegedeeld155Standaard 600, *Bijzondere overwegingen – Controles van financiële overzichten van een groep (inclusief de werkzaamheden van accountants van groepsonderdelen*, paragraaf 46, 47, 48 en 49.. Indien de entiteit een onderdeel uitmaakt van een groep, is (zijn) voor de accountant van het groepsonderdeel de geschikte persoon (personen) om mee te communiceren, afhankelijk van de omstandigheden van de opdracht en van de aangelegenheid waarover moet worden gecommuniceerd. In sommige gevallen kan een aantal groepsonderdelen dezelfde activiteiten uitvoeren binnen hetzelfde systeem van interne beheersing en dezelfde praktijken inzake administratieve verwerking hanteren. Wanneer de met governance belaste personen van deze groepsonderdelen dezelfde zijn (bijvoorbeeld een gemeenschappelijke raad van bestuur) kan overlapping worden voorkomen door in het kader van de communicatie deze groepsonderdelen gezamenlijk te behandelen. -##### . Communiceren met een subgroep van de met governance belaste personen (Zie Par. 12) +##### . Communiceren met een subgroep van de met governance belaste personen (Zie Par. 12) A5 Wanneer de accountant overweegt om met een subgroep van de met governance belaste personen te communiceren, kan hij rekening houden met aangelegenheden als: @@ -2843,13 +2843,13 @@ A7 Auditcomités (of gelijksoortige subgroepen met andere namen) bestaan in veel • de voorzitter van het auditcomité en, wanneer dit relevant is, de andere leden van het auditcomité regelmatig contact onderhouden met de accountant; • het auditcomité ten minste eenmaal per jaar met de accountant zal vergaderen zonder de aanwezigheid van het management. -##### . Gevallen waarin alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit (Zie Par. 13) +##### . Gevallen waarin alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit (Zie Par. 13) A8 In sommige situaties zijn alle met governance belaste personen betrokken bij het leiden van de entiteit en wordt de toepassing van de communicatievereisten aan deze situatie aangepast. In dergelijke gevallen is het mogelijk dat bij het communiceren met de persoon (personen) met leidinggevende verantwoordelijkheden niet alle personen met wie de accountant in andere omstandigheden in hun governancefunctie zou communiceren, op adequate wijze worden geïnformeerd. Wanneer bijvoorbeeld in een vennootschap alle bestuurders zijn betrokken bij het leiden van de entiteit, is het mogelijk dat sommige bestuurders (bijvoorbeeld degene die verantwoordelijk is voor marketing) niet op de hoogte zijn van significante aangelegenheden die met een andere bestuurder zijn besproken (bijvoorbeeld degene die verantwoordelijk is voor het opstellen van de financiële overzichten). #### . Mee te delen aangelegenheden -##### . De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot de controle van financiële overzichten (Zie Par. 14) +##### . De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot de controle van financiële overzichten (Zie Par. 14) A9 De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot de controle van financiële overzichten worden dikwijls vermeld in de opdrachtbrief of in een andere passende vorm van een schriftelijke overeenkomst waarin de overeengekomen opdrachtvoorwaarden worden vastgelegd. Het verstrekken van een kopie van deze opdrachtbrief of een andere geschikte vorm van een schriftelijke overeenkomst aan de met governance belaste personen kan een passende manier zijn om met hen te communiceren over aangelegenheden als: @@ -2858,7 +2858,7 @@ A9 De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot de controle van • indien van toepassing, de verantwoordelijkheid van de accountant voor het meedelen van specifieke aangelegenheden die vereist zijn op grond van wet- of regelgeving, op grond van afspraken met de entiteit of op grond van aanvullende vereisten die van toepassing zijn op de opdracht, bijvoorbeeld de standaarden van een nationale beroepsorganisatie voor accountancy. A10 Bij wet- of regelgeving, een overeenkomst met de entiteit dan wel aanvullende vereisten die op de opdracht van toepassing zijn, kan een ruimere communicatie met de met governance belaste personen zijn voorgeschreven. Als voorbeelden zijn te noemen, (a) een overeenkomst met de entiteit kan bepalen dat specifieke aangelegenheden moeten worden meegedeeld wanneer zij aan de orde komen bij andere diensten dan de controle van financiële overzichten die worden verleend door een kantoor of een kantoor dat tot het netwerk behoort; of (b) de opdracht van een accountant in de publieke sector kan bepalen dat aangelegenheden moeten worden meegedeeld die onder de aandacht van de accountant komen als gevolg van andere werkzaamheden, zoals doelmatigheidscontroles. -##### . De geplande reikwijdte en timing van de controle (Zie Par. 15) +##### . De geplande reikwijdte en timing van de controle (Zie Par. 15) A11 Communicatie met betrekking tot de geplande reikwijdte en timing van de controle kan: @@ -2893,11 +2893,11 @@ A15 Hoewel de communicatie met de met governance belaste personen de accountant A16 Het meedelen van bevindingen uit de controle kan inhouden dat de met governance belaste personen om verdere informatie wordt verzocht teneinde de verkregen controle-informatie aan te vullen. De accountant kan bijvoorbeeld vaststellen dat de met governance belaste personen hetzelfde inzicht als de accountant hebben in de feiten en omstandigheden die betrekking hebben op specifieke transacties en gebeurtenissen. -##### . Significante kwalitatieve aspecten van praktijken inzake administratieve verwerking (Zie Par. 16(a)) +##### . Significante kwalitatieve aspecten van praktijken inzake administratieve verwerking (Zie Par. 16(a)) A17 Stelsels inzake financiële verslaggeving bieden de entiteit gewoonlijk de mogelijkheid om schattingen te maken, alsmede oordeelsvormingen te maken met betrekking tot de grondslagen voor financiële verslaggeving en de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen. In een open en constructieve communicatie over significante kwalitatieve aspecten van praktijken van de entiteit inzake administratieve verwerking kunnen onder meer opmerkingen worden gemaakt over de aanvaardbaarheid van significante praktijken inzake administratieve verwerking. In bijlage 2 worden de aangelegenheden genoemd die bij deze communicatie aan bod kunnen komen. -##### . Significante problemen die zich gedurende de controle voordoen (Zie Par. 16(b)) +##### . Significante problemen die zich gedurende de controle voordoen (Zie Par. 16(b)) A18 Significante problemen die zich gedurende de controle voordoen, kunnen aangelegenheden inhouden zoals: @@ -2910,7 +2910,7 @@ A18 Significante problemen die zich gedurende de controle voordoen, kunnen aange In sommige situaties kunnen dergelijke problemen een beperking van de reikwijdte van de controle vormen die leidt tot een aanpassing van het oordeel van de accountant158Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.*. -##### . Significante aangelegenheden die met het management zijn besproken of onderwerp van correspondentie zijn geweest (Zie Par. 16(c)(ii) +##### . Significante aangelegenheden die met het management zijn besproken of onderwerp van correspondentie zijn geweest (Zie Par. 16(c)(ii) A19 Significante aangelegenheden die met het management zijn besproken of onderwerp van correspondentie zijn geweest, kunnen onder meer zijn: @@ -2918,11 +2918,11 @@ A19 Significante aangelegenheden die met het management zijn besproken of onderw • punten van zorg over het raadplegen door het management van andere accountants inzake aangelegenheden op het gebied van financiële verslaggeving en controle; • besprekingen of correspondentie in samenhang met het verstrekken van de eerste of doorlopende opdracht aan de accountant die betrekking hebben op praktijken inzake administratieve verwerking, het toepassen van controlestandaarden dan wel vergoedingen in verband met controle- en andere verleende diensten. -##### . Andere significante aangelegenheden die relevant zijn voor het proces van financiële verslaggeving (Zie Par. 16(d)) +##### . Andere significante aangelegenheden die relevant zijn voor het proces van financiële verslaggeving (Zie Par. 16(d)) A20 Andere significante aangelegenheden die bij de controle aan de orde komen en die direct relevant zijn voor de met governance belaste personen bij hun toezicht op het proces van financiële verslaggeving zijn onder meer van materieel belang zijnde onjuiste weergaven van feiten dan wel van materieel belang zijnde inconsistenties in bij de gecontroleerde financiële overzichten gevoegde informatie die gecorrigeerd zijn. -##### . Onafhankelijkheid van de accountant (Zie Par. 17) +##### . Onafhankelijkheid van de accountant (Zie Par. 17) A21 Van de accountant wordt vereist dat hij voldoet aan relevante ethische voorschriften, voor opdrachten inzake de controle van financiële overzichten159Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden*, paragraaf 14., met inbegrip van de onafhankelijkheidsvoorschriften. A22 De relaties en andere aangelegenheden, alsmede de maatregelen die moeten worden meegedeeld, zijn afhankelijk van de omstandigheden van de opdracht, maar hebben in het algemeen betrekking op: @@ -2933,7 +2933,7 @@ b. maatregelen die door het beroep, de wet- of regelgeving tot stand zijn gebrac De communicatie die is vereist op grond van paragraaf 17(a), kan betrekking hebben op een onbewuste schending van relevante ethische voorschriften betreffende de onafhankelijkheid van de accountant, alsmede op eventuele ondernomen of voorgestelde actie ter correctie daarvan. A23 De communicatievereisten met betrekking tot de onafhankelijkheid van de accountant die van toepassing zijn op beursgenoteerde entiteiten, kunnen ook relevant zijn voor bepaalde andere entiteiten, met name die entiteiten die van significant openbaar belang kunnen zijn omdat zij als gevolg van hun activiteiten, hun omvang of hun juridische vorm een brede kring van belanghebbenden hebben. Voorbeelden van entiteiten die niet beursgenoteerd zijn, maar waarbij communicatie over de onafhankelijkheid van de accountant passend kan zijn, zijn onder meer entiteiten in de publieke sector, kredietinstellingen, verzekeringsmaatschappijen en pensioenfondsen. Er kunnen echter ook situaties bestaan waarin communicatie over onafhankelijkheid mogelijk niet relevant is, bijvoorbeeld wanneer alle met governance belaste personen op grond van hun leidinggevende activiteiten zijn geïnformeerd over de betrokken feiten. Dit is bijzonder waarschijnlijk wanneer de entiteit wordt geleid door de eigenaar, alsmede wanneer het kantoor van de accountant en de kantoren die tot het netwerk behoren, naast de controle van de financiële overzichten weinig bij de entiteit betrokken zijn. -##### . Aanvullende aangelegenheden (Zie Par. 3) +##### . Aanvullende aangelegenheden (Zie Par. 3) A24 Het door de met governance belaste personen uitgeoefende toezicht op het management houdt onder meer in dat erop wordt toegezien dat de entiteit een interne beheersing opzet, implementeert en onderhoudt met betrekking tot de betrouwbaarheid van de financiële verslaggeving, de effectiviteit en doelmatigheid van haar activiteiten alsmede het naleven van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. A25 De accountant kan zich bewust worden van aanvullende aangelegenheden die niet noodzakelijkerwijze verband houden met het toezicht op het proces van financiële verslaggeving maar die niettemin naar alle waarschijnlijkheid significant zijn voor de verantwoordelijkheden van de met governance belaste personen bij het toezicht houden op de strategische richting of de verantwoordingsplicht van de entiteit. Dergelijke aangelegenheden zijn bijvoorbeeld kwesties inzake governancestructuren en -processen, alsmede significante beslissingen of acties van het senior management waarvoor de passende autorisatie ontbreekt. @@ -2946,7 +2946,7 @@ c. er geen werkzaamheden zijn uitgevoerd om vast te stellen of vergelijkbare aan #### . Het communicatieproces -##### . Het tot stand brengen van het communicatieproces (Zie Par. 18) +##### . Het tot stand brengen van het communicatieproces (Zie Par. 18) A28 Het duidelijk meedelen van de verantwoordelijkheden van de accountant, de geplande reikwijdte en timing van de controle, alsmede van de verwachte algemene inhoud van de communicatie helpt een basis te leggen voor een effectieve wederzijdse communicatie. A29 Aangelegenheden waarvan de bespreking eveneens kan bijdragen aan een effectieve wederzijdse communicatie, zijn onder meer: @@ -2957,7 +2957,7 @@ A29 Aangelegenheden waarvan de bespreking eveneens kan bijdragen aan een effecti • de verwachting van de accountant dat de communicatie wederzijds zal zijn en dat de met governance belaste personen aangelegenheden die zij voor de controle als relevant beschouwen, aan de accountant zullen meedelen, bijvoorbeeld de strategische beslissingen die een significante invloed kunnen hebben op de aard, timing en omvang van controlewerkzaamheden, het vermoeden of detecteren van fraude, en punten van zorg over de integriteit of competenties van het senior management; • het te volgen proces van actie ondernemen en terug rapporteren inzake aangelegenheden die de accountant heeft meegedeeld; • het te volgen proces van actie ondernemen en terug rapporteren inzake aangelegenheden die de met governance belaste personen hebben meegedeeld. -A30 Het communicatieproces zal afhangen van de omstandigheden, met inbegrip van de omvang en de governancestructuur van de entiteit, van de wijze waarop de met governance belaste personen te werk gaan, alsmede van de visie van de accountant op de significantie van mee te delen aangelegenheden. Problemen bij het opzetten van een effectieve wederzijdse communicatie kunnen erop wijzen dat de communicatie tussen de accountant en de met governance belaste personen niet adequaat is voor het doel van de controle. (Zie Par. A44) +A30 Het communicatieproces zal afhangen van de omstandigheden, met inbegrip van de omvang en de governancestructuur van de entiteit, van de wijze waarop de met governance belaste personen te werk gaan, alsmede van de visie van de accountant op de significantie van mee te delen aangelegenheden. Problemen bij het opzetten van een effectieve wederzijdse communicatie kunnen erop wijzen dat de communicatie tussen de accountant en de met governance belaste personen niet adequaat is voor het doel van de controle. (Zie Par. A44) ##### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten gelden @@ -2984,7 +2984,7 @@ In sommige landen heeft de accountant bijvoorbeeld de plicht om afwijkingen te r • ten behoeve van de met governance belaste personen opgestelde rapporten openbaar beschikbaar stelt. A36 Tenzij het op grond van wet- of regelgeving is vereist aan derden een kopie te verstrekken van de ten behoeve van de met governance belaste personen opgestelde schriftelijke mededeling van de accountant, kan de accountant een voorafgaande toestemming nodig hebben van de met governance belaste personen alvorens dit te doen. -##### . Vormen van communicatie (Zie Par. 19, 20) +##### . Vormen van communicatie (Zie Par. 19, 20) A37 Effectieve communicatie kan bestaan uit gestructureerde presentaties en schriftelijke rapporten, alsook uit minder gestructureerde communicatie, zoals besprekingen. De accountant kan andere dan in de paragrafen 19 en 20 genoemde aangelegenheden op mondelinge dan wel op schriftelijke wijze meedelen. Een voorbeeld van een schriftelijke mededeling is een opdrachtbrief die aan de met governance belaste personen wordt verstrekt. A38 Naast de significantie van een specifieke aangelegenheid kunnen ook andere factoren van invloed zijn op de communicatievorm (bijvoorbeeld de vraag of op mondelinge dan wel op schriftelijke wijze moet worden gecommuniceerd, de mate waarin details en samenvattingen in de mededeling worden opgenomen, alsmede de vraag of op een gestructureerde dan wel op een ongestructureerde wijze moet worden gecommuniceerd), bijvoorbeeld: @@ -2999,7 +2999,7 @@ A38 Naast de significantie van een specifieke aangelegenheid kunnen ook andere f • de vraag of er significante wijzigingen zijn geweest in de leden van de groep van met governance belaste personen. A39 Wanneer een significante aangelegenheid wordt besproken met één individueel lid van de met governance belaste personen, bijvoorbeeld met de voorzitter van het auditcomité, kan het passend zijn dat de accountant deze aangelegenheid in latere mededelingen samenvat zodat alle met governance belaste personen over volledige en afgewogen informatie beschikken. -##### . Timing van de communicatie (Zie Par. 21) +##### . Timing van de communicatie (Zie Par. 21) A40 De geschikte timing voor communicatie zal afhankelijk zijn van de omstandigheden van de opdracht. Relevante omstandigheden zijn onder meer de significantie en de aard van de aangelegenheid, alsmede de acties die van de met governance belaste personen worden verwacht. Bijvoorbeeld: @@ -3014,7 +3014,7 @@ A41 Andere factoren die relevant kunnen zijn voor de timing van de communicatie • de verwachtingen van de met governance belaste personen, met inbegrip van afspraken die zijn gemaakt over periodieke vergaderingen of periodieke communicatie met de accountant; • het tijdstip waarop de accountant bepaalde aangelegenheden identificeert. Zo is het mogelijk dat het identificeren van een specifieke aangelegenheid (zoals het niet naleven van een wettelijke bepaling) door de accountant niet tijdig genoeg is voor het nemen van preventieve maatregelen, maar dat de accountant door het meedelen van de aangelegenheid ervoor zorgt dat corrigerende maatregelen kunnen worden genomen. -##### . De adequaatheid van het communicatieproces (Zie Par. 22) +##### . De adequaatheid van het communicatieproces (Zie Par. 22) A42 De accountant hoeft geen specifieke werkzaamheden op te zetten ter ondersteuning van de evaluatie van de wederzijdse communicatie tussen de accountant en de met governance belaste personen; deze evaluatie kan worden gebaseerd op waarnemingen die voortkomen uit voor andere doeleinden uitgevoerde controlewerkzaamheden. Dergelijke waarnemingen kunnen de volgende aangelegenheden betreffen: @@ -3033,11 +3033,11 @@ A44 Indien wederzijdse communicatie tussen de accountant en de met governance be • het communiceren met derden (bijvoorbeeld een toezichthouder) of met een ten aanzien van de entiteit externe instantie met een hoger niveau van verantwoordelijkheid binnen de governancestructuur, zoals de eigenaren van een onderneming (bijvoorbeeld aandeelhouders tijdens een algemene vergadering) of in de publieke sector de verantwoordelijke minister in de regering dan wel het parlement; • het teruggeven van de opdracht wanneer dat op grond van de van toepassing zijnde wet- of regelgeving mogelijk is. -#### . Documentatie (Zie Par. 23) +#### . Documentatie (Zie Par. 23) A45 Documentatie van mondelinge communicatie kan onder meer bestaan uit een kopie van de notulen die zijn opgesteld door de entiteit en die als onderdeel van de controledocumentatie wordt bewaard indien deze notulen een passende vastlegging van de communicatie vormen. -### 1:. Specifieke vereisten in wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing en in Standaarden met betrekking tot de communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 3) +### 1:. Specifieke vereisten in wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing en in Standaarden met betrekking tot de communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 3) In deze bijlage wordt vermeld welke paragrafen in wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing162Afhankelijk van de situatie *Wet toezicht accountantsorganisaties* (Wta)/*Besluit toezichtaccountantsorganisaties *(Bta) / *Verordening accountantsorganisaties* (VAO) of *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten *(NVAK assurance). en in andere Standaarden die het meedelen van specifieke aangelegenheden aan de met governance belaste personen vereisen. Deze opsomming is geen substituut voor het in aanmerking nemen van de in de Standaarden voorkomende vereisten en daarmee verband houdende toepassingsgerichte en overige verklarende teksten. @@ -3057,7 +3057,7 @@ In deze bijlage wordt vermeld welke paragrafen in wet- en regelgeving op het geb – Standaard 710, *Ter vergelijking opgenomen informatie – Overeenkomstige cijfers en vergelijkende financiële overzichten,* paragraaf 18; – Standaard 720, *De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot andere informatie in documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen,* de paragrafen 10, 13 en 16. -### 2:. Kwalitatieve aspecten van praktijken inzake administratieve verwerking (Zie Par. 16(a), A17) +### 2:. Kwalitatieve aspecten van praktijken inzake administratieve verwerking (Zie Par. 16(a), A17) De communicatie die op grond van paragraaf 16(a) is vereist en die in paragraaf A17 behandeld is, kan aangelegenheden betreffen als: @@ -3116,21 +3116,21 @@ a. * tekortkoming in de interne beheersing* – Deze bestaat wanneer: 1. een interne beheersingsmaatregel op dusdanige wijze is opgezet, geïmplementeerd of operationeel is dat deze niet in staat is om afwijkingen in de financiële overzichten tijdig te voorkomen, of te detecteren en te corrigeren; of 2. een interne beheersingsmaatregel ontbreekt die nodig is om afwijkingen in de financiële overzichten tijdig te voorkomen, of te detecteren en te corrigeren. -b. *significante tekortkoming in de interne beheersing* – Een tekortkoming of een combinatie van tekortkomingen in de interne beheersing die, op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant, voldoende belangrijk is om de aandacht van de met governance belaste personen te verdienen. (Zie Par. A5) +b. *significante tekortkoming in de interne beheersing* – Een tekortkoming of een combinatie van tekortkomingen in de interne beheersing die, op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant, voldoende belangrijk is om de aandacht van de met governance belaste personen te verdienen. (Zie Par. A5) ### . Vereisten -7 De accountant dient te bepalen of, op basis van de uitgevoerde controlewerkzaamheden, de accountant één of meer tekortkomingen in de interne beheersing heeft geïdentificeerd. (Zie Par. A1, A2, A3, A4) -8 Indien de accountant één of meer tekortkomingen in de interne beheersing heeft geïdentificeerd, dient de accountant, op basis van de uitgevoerde controlewerkzaamheden te bepalen of deze hetzij individueel, hetzij gecombineerd significante tekortkomingen vormen. (Zie Par. A5, A6, A7, A8, A9, A10, A11) -9 De accountant dient significante tekortkomingen in de interne beheersing die hij tijdens de controle heeft geïdentificeerd, tijdig schriftelijk aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A12, A13, A14, A15, A16, A17, A18, A27) -10 De accountant dient tevens tijdig het volgende aan het management op het passende verantwoordelijkheidsniveau mee te delen: (Zie Par. A19, A27) +7 De accountant dient te bepalen of, op basis van de uitgevoerde controlewerkzaamheden, de accountant één of meer tekortkomingen in de interne beheersing heeft geïdentificeerd. (Zie Par. A1, A2, A3, A4) +8 Indien de accountant één of meer tekortkomingen in de interne beheersing heeft geïdentificeerd, dient de accountant, op basis van de uitgevoerde controlewerkzaamheden te bepalen of deze hetzij individueel, hetzij gecombineerd significante tekortkomingen vormen. (Zie Par. A5, A6, A7, A8, A9, A10, A11) +9 De accountant dient significante tekortkomingen in de interne beheersing die hij tijdens de controle heeft geïdentificeerd, tijdig schriftelijk aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A12, A13, A14, A15, A16, A17, A18, A27) +10 De accountant dient tevens tijdig het volgende aan het management op het passende verantwoordelijkheidsniveau mee te delen: (Zie Par. A19, A27) -a. schriftelijk, significante tekortkomingen in de interne beheersing die de accountant heeft meegedeeld of voornemens is aan de met governance belaste personen mee te delen, tenzij het in de gegeven omstandigheden niet passend zou zijn om dit rechtstreeks aan het management mee te delen; en (Zie Par. A14, A20, A21, A22, A23, A24, A25, A26, A27) -b. andere tijdens de controle geïdentificeerde tekortkomingen in de interne beheersing die niet door andere partijen aan het management zijn meegedeeld en die, op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant, voldoende belangrijk zijn om de aandacht van het management te verdienen. (Zie Par. A22, A23, A24, A25, A26) +a. schriftelijk, significante tekortkomingen in de interne beheersing die de accountant heeft meegedeeld of voornemens is aan de met governance belaste personen mee te delen, tenzij het in de gegeven omstandigheden niet passend zou zijn om dit rechtstreeks aan het management mee te delen; en (Zie Par. A14, A20, A21, A22, A23, A24, A25, A26, A27) +b. andere tijdens de controle geïdentificeerde tekortkomingen in de interne beheersing die niet door andere partijen aan het management zijn meegedeeld en die, op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant, voldoende belangrijk zijn om de aandacht van het management te verdienen. (Zie Par. A22, A23, A24, A25, A26) 11 De accountant dient in de schriftelijke communicatie over significante tekortkomingen in de interne beheersing het volgende op te nemen: -a. een omschrijving van de tekortkomingen en een uitleg over de mogelijke gevolgen ervan; en (Zie Par. A28) -b. voldoende informatie om de met governance belaste personen en het management inzicht in de context van de communicatie te verschaffen. De accountant dient in het bijzonder uit te leggen dat: (Zie Par. A29, A30) +a. een omschrijving van de tekortkomingen en een uitleg over de mogelijke gevolgen ervan; en (Zie Par. A28) +b. voldoende informatie om de met governance belaste personen en het management inzicht in de context van de communicatie te verschaffen. De accountant dient in het bijzonder uit te leggen dat: (Zie Par. A29, A30) 1. het doel van de controle was dat de accountant een oordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking brengt; 2. de controle onder meer betrekking had op het overwegen van de interne beheersing die voor het opstellen van de financiële overzichten relevant is teneinde controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden passend zijn, maar niet met het doel een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing tot uitdrukking te brengen; en @@ -3138,9 +3138,9 @@ b. voldoende informatie om de met governance belaste personen en het management ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Bepalen of tekortkomingen in de interne beheersing geïdentificeerd zijn (Zie Par. 7) +#### . Bepalen of tekortkomingen in de interne beheersing geïdentificeerd zijn (Zie Par. 7) -A1 Bij het bepalen of de accountant één of meerdere tekortkomingen in de interne beheersing heeft geïdentificeerd, is het mogelijk dat de accountant de relevante feiten en omstandigheden van zijn bevindingen bespreekt met het management op het passende verantwoordelijkheidsniveau. Deze bespreking verschaft de accountant de gelegenheid om het management tijdig attent te maken op tekortkomingen waarvan het management mogelijk nog geen kennis had. Het passende managementniveau om de bevindingen te bespreken, is het niveau dat bekend is met het betrokken gebied van de interne beheersing en dat de bevoegdheid heeft om corrigerende maatregelen te nemen tegen alle geïdentificeerde tekortkomingen in de interne beheersing. In sommige omstandigheden kan het niet passend zijn dat de accountant zijn bevindingen rechtstreeks met het management bespreekt, bijvoorbeeld indien de bevindingen de integriteit of competentie van het management in twijfel trekken. (Zie Par. A20) +A1 Bij het bepalen of de accountant één of meerdere tekortkomingen in de interne beheersing heeft geïdentificeerd, is het mogelijk dat de accountant de relevante feiten en omstandigheden van zijn bevindingen bespreekt met het management op het passende verantwoordelijkheidsniveau. Deze bespreking verschaft de accountant de gelegenheid om het management tijdig attent te maken op tekortkomingen waarvan het management mogelijk nog geen kennis had. Het passende managementniveau om de bevindingen te bespreken, is het niveau dat bekend is met het betrokken gebied van de interne beheersing en dat de bevoegdheid heeft om corrigerende maatregelen te nemen tegen alle geïdentificeerde tekortkomingen in de interne beheersing. In sommige omstandigheden kan het niet passend zijn dat de accountant zijn bevindingen rechtstreeks met het management bespreekt, bijvoorbeeld indien de bevindingen de integriteit of competentie van het management in twijfel trekken. (Zie Par. A20) A2 Bij het bespreken met het management van de feiten en omstandigheden van de bevindingen van de accountant kan de accountant andere relevante informatie verkrijgen voor verdere overweging, zoals: • het inzicht dat het management heeft in de feitelijke of vermoede oorzaken van de tekortkomingen; @@ -3152,7 +3152,7 @@ A2 Bij het bespreken met het management van de feiten en omstandigheden van de b A3 Hoewel de aan interne beheersingsmaatregelen ten grondslag liggende concepten in kleinere entiteiten waarschijnlijk vergelijkbaar zijn met die van grotere entiteiten, zal de mate van formaliteit waarmee deze worden toegepast, verschillen. Daarnaast kunnen kleinere entiteiten bepaalde interne beheersingsmaatregelen niet nodig achten vanwege de interne beheersingsmaatregelen die door het management worden toegepast. Zo is het mogelijk dat de exclusieve bevoegdheid van het management om krediet aan cliënten te verstrekken en om significante aankopen goed te keuren, in een doeltreffende interne beheersing van belangrijke rekeningsaldi en transacties resulteert, waardoor minder of geen behoefte is aan meer gedetailleerde interne beheersingsactiviteiten. A4 Ook hebben kleinere entiteiten vaak minder werknemers, hetgeen de mate waarin functiescheiding praktisch uitvoerbaar is, kan beperken. In een kleine entiteit waarvan de bestuurder tevens eigenaar is, kan de eigenaar-bestuurder evenwel in staat zijn effectiever toezicht uit te oefenen dan in een grotere entiteit. Het is nodig deze verhoogde vorm van toezicht van het management af te wegen tegen de grotere kans dat het management interne beheersingsmaatregelen doorbreekt. -#### . Significante tekortkomingen in de interne beheersing (Zie Par. 6(b), 8) +#### . Significante tekortkomingen in de interne beheersing (Zie Par. 6(b), 8) A5 De significantie van een tekortkoming of van een combinatie van tekortkomingen in de interne beheersing hangt niet alleen af van de vraag of een afwijking echt heeft plaatsgevonden, maar ook van de waarschijnlijkheid dat een afwijking zou kunnen plaatsvinden, alsmede van de potentiële orde van grootte van de afwijking. Er kan derhalve van significante tekortkomingen sprake zijn, ook al heeft de accountant gedurende de controle geen afwijkingen geïdentificeerd. A6 Voorbeelden van aangelegenheden die de accountant in overweging kan nemen bij het bepalen of een tekortkoming of combinatie van tekortkomingen in de interne beheersing een significante tekortkoming vormt, zijn onder meer: @@ -3192,7 +3192,7 @@ A11 De vereisten van deze Standaard blijven van toepassing, ondanks het feit dat #### . Meedelen van tekortkomingen in de interne beheersing -##### . Meedelen van significante tekortkomingen in de interne beheersing aan de met governance belaste personen (Zie Par. 9) +##### . Meedelen van significante tekortkomingen in de interne beheersing aan de met governance belaste personen (Zie Par. 9) A12 Het schriftelijk meedelen van significante tekortkomingen aan de met governance belaste personen geeft het belang van deze aangelegenheden aan en vormt een hulpmiddel voor de met governance belaste personen bij het uitvoeren van hun toezichtstaken. In Standaard 260 worden relevante overwegingen vastgesteld betreffende de communicatie met de met governance belaste personen in het geval zij allemaal bij het leiden van de entiteit betrokken zijn168Standaard 260, paragraaf 13.. A13 Bij het bepalen wanneer schriftelijke communicatie zal worden uitgebracht, kan de accountant in overweging nemen of het ontvangen van dergelijke communicatie een belangrijke factor zou zijn om de met governance belaste personen in staat te stellen hun toezichtstaken te vervullen. Daarnaast is het mogelijk dat bij beursgenoteerde entiteiten in bepaalde rechtsgebieden, de met governance belaste personen de schriftelijke communicatie vóór de datum van goedkeuring van de financiële overzichten moeten ontvangen om op grond van regelgeving dan wel om andere redenen specifieke verantwoordelijkheden in verband met de interne beheersing te vervullen. Bij andere entiteiten kan de accountant de schriftelijke communicatie op een latere datum uitbrengen. Niettemin is in het laatstgenoemde geval de schriftelijke communicatie onderhevig aan het overheersende vereiste169Standaard 230, *Controledocumentatie*, paragraaf 14. voor de accountant om het samenstellen van het definitieve controledossier tijdig af te ronden, aangezien de schriftelijke mededeling door de accountant van significante tekortkomingen deel uitmaakt van het definitieve controledossier. Overeenkomstig Standaard 230 is een passende termijn om het definitieve controledossier af te ronden gewoonlijk niet meer dan *twee maanden* na de datum van de controleverklaring is170Standaard 230, paragraaf A21.. @@ -3211,16 +3211,16 @@ A17 Het feit dat de accountant in een eerdere controle een significante tekortko A18 In het geval van controles van kleinere entiteiten kan de accountant op een minder gestructureerde wijze communiceren met de met governance belaste personen dan indien het grotere entiteiten betreft. -##### . Meedelen van tekortkomingen in de interne beheersing aan het management (Zie Par. 10) +##### . Meedelen van tekortkomingen in de interne beheersing aan het management (Zie Par. 10) A19 Het management op het passende verantwoordelijkheidsniveau is gewoonlijk het management dat de verantwoordelijkheid en de bevoegdheid heeft om de tekortkomingen in de interne beheersing te evalueren en om de noodzakelijke corrigerende maatregelen te nemen. Voor significante tekortkomingen is het passende verantwoordelijkheidsniveau doorgaans de chief executive officer of de chief financial officer (of het equivalent daarvan), aangezien deze aangelegenheden tevens aan de met governance belaste personen moeten worden meegedeeld. Voor andere tekortkomingen in de interne beheersing kan het passende verantwoordelijkheidsniveau het operationele management zijn dat directer bij de getroffen deelgebieden van de interne beheersing betrokken is en dat de bevoegdheid heeft om passende corrigerende acties te ondernemen. -##### . Meedelen van significante tekortkomingen in de interne beheersing aan het management (Zie Par. 10(a)) +##### . Meedelen van significante tekortkomingen in de interne beheersing aan het management (Zie Par. 10(a)) A20 Door bepaalde geïdentificeerde significante tekortkomingen in de interne beheersing kan de integriteit of deskundigheid van het management ter discussie komen te staan. Er kan bijvoorbeeld informatie bestaan die fraude of opzettelijke niet-naleving van wet- en regelgeving door het management aantoont, of het management kan blijk geven van onmogelijkheid om toezicht te houden op het opstellen van adequate financiële overzichten, waardoor de accountant een reden heeft om de competentie van het management in twijfel te trekken. Bijgevolg is het mogelijk niet passend om dergelijke tekortkomingen direct aan het management mee te delen. A21 Standaard 250 stelt vereisten vast en verschaft leidraden omtrent het rapporteren van een geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving, met inbegrip van gevallen waarin de met governance belaste personen zelf bij een dergelijke niet-naleving betrokken zijn171Standaard 250, *Het in aanmerking nemen van wet- en regelgeving bij een controle van financiële overzichten*, paragraaf 22, 23, 24, 25, 26, 27 en 28.. Standaard 240 stelt vereisten vast en verschaft leidraden betreffende de communicatie aan de met governance belaste personen wanneer de accountant een fraude of een vermoede fraude heeft geïdentificeerd waarbij het management betrokken is.172Standaard 240, *De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten*, paragraaf 41. -##### . Meedelen van andere tekortkomingen in de interne beheersing aan het management (Zie Par. 10(b)) +##### . Meedelen van andere tekortkomingen in de interne beheersing aan het management (Zie Par. 10(b)) A22 Tijdens de controle kan de accountant andere tekortkomingen in de interne beheersing identificeren die geen significante tekortkomingen zijn, maar die mogelijk van voldoende belang zijn om de aandacht van het management te verdienen. Het bepalen welke andere tekortkomingen in de interne beheersing de aandacht van het management verdienen, is een kwestie van professionele oordeelsvorming in de gegeven omstandigheden, rekening houdend met de waarschijnlijkheid en potentiële orde van grootte van afwijkingen die als gevolg van deze tekortkomingen in de financiële overzichten kunnen voorkomen. A23 Andere tekortkomingen in de interne beheersing die de aandacht van het management verdienen, hoeven niet schriftelijk maar kunnen ook mondeling worden meegedeeld. Ingeval de accountant de feiten en omstandigheden van de bevindingen van de accountant met het management heeft besproken, is het mogelijk dat de accountant overweegt dat de andere tekortkomingen op het moment van deze besprekingen mondeling zijn meegedeeld. Bijgevolg hoeft geen formele mededeling meer te worden verricht. @@ -3228,11 +3228,11 @@ A24 Indien de accountant in een voorgaande periode tekortkomingen in de interne A25 In sommige omstandigheden kunnen de met governance belaste personen wensen te worden ingelicht over de details van andere tekortkomingen in de interne beheersing die de accountant aan het management heeft meegedeeld, dan wel om op beknopte wijze over de aard van de overige tekortkomingen te worden geïnformeerd. Daarnaast kan de accountant het ook passend achten om de met governance belaste personen op de hoogte te stellen van de mededeling van overige tekortkomingen aan het management. In beide gevallen kan de accountant, naargelang passend is, mondeling of schriftelijk aan de met governance belaste personen rapporteren. A26 Standaard 260 geeft relevante overwegingen omtrent het communiceren met de met governance belaste personen in het geval al deze personen bij het leiden van de entiteit betrokken zijn173Standaard 260, paragraaf 9.. -##### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 9, 10) +##### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 9, 10) A27 Accountants van de publieke sector kunnen aanvullende verantwoordelijkheden hebben omtrent het meedelen van door de accountant tijdens de controle geïdentificeerde tekortkomingen in de interne beheersing op een wijze, in een mate van detaillering, en aan partijen die niet in deze Standaard zijn vermeld. Zo is het mogelijk dat significante tekortkomingen aan de wetgever of een andere bevoegde instantie moeten worden meegedeeld. Krachtens wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften kan tevens van accountants van de publieke sector worden vereist dat zij over tekortkomingen in de interne beheersing rapporteren, ongeacht de significantie van de potentiële gevolgen van die tekortkomingen. Daarnaast is het mogelijk dat bij wetgeving van accountants van de publieke sector wordt vereist dat zij over een breder spectrum aan met de interne beheersing verband houdende aangelegenheden rapporteren dan enkel de tekortkomingen in de interne beheersing die volgens deze Standaard dienen te worden meegedeeld, zoals interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot het naleven van wet- en regelgeving of het naleven van bepalingen van contracten of van subsidieovereenkomsten. -##### . Inhoud van de schriftelijke mededeling van significante tekortkomingen in de interne beheersing (Zie Par. 11) +##### . Inhoud van de schriftelijke mededeling van significante tekortkomingen in de interne beheersing (Zie Par. 11) A28 Bij het uitleggen van de potentiële gevolgen van de significante tekortkomingen behoeft de accountant deze niet te kwantificeren. De significante tekortkomingen kunnen, indien passend, voor rapportagedoeleinden samen worden gegroepeerd. De accountant kan in de schriftelijke mededeling tevens suggesties inzake corrigerende maatregelen voor de tekortkomingen, de feitelijke of voorgestelde maatregelen van het management, en een vermelding opnemen of de accountant al dan niet stappen heeft ondernomen om te verifiëren of de maatregelen van het management zijn geïmplementeerd. A29 De accountant kan het passend achten om de volgende informatie als aanvullende contextinformatie bij de mededeling te voegen: @@ -3251,7 +3251,7 @@ A30 Op grond van wet- of regelgeving kan van de accountant of het management wor #### . De rol en timing van de planning -2 De planning van een controle omvat het vaststellen van de algehele controleaanpak voor de opdracht, alsmede het ontwikkelen van een controleprogramma. Een adequate planning bevordert de controle van financiële overzichten op verschillende manieren, onder meer door: (Zie Par. A1, A2, A3) +2 De planning van een controle omvat het vaststellen van de algehele controleaanpak voor de opdracht, alsmede het ontwikkelen van een controleprogramma. Een adequate planning bevordert de controle van financiële overzichten op verschillende manieren, onder meer door: (Zie Par. A1, A2, A3) • ertoe bij te dragen dat de accountant de nodige aandacht besteedt aan belangrijke deelgebieden van de controle; • ertoe bij te dragen dat de accountant mogelijke problemen tijdig identificeert en oplost; @@ -3272,7 +3272,7 @@ A30 Op grond van wet- of regelgeving kan van de accountant of het management wor #### . Betrokkenheid van kernleden van het opdrachtteam -5 De opdrachtpartner en andere kernleden van het opdrachtteam dienen te worden betrokken bij de planning van de controle, met inbegrip van de planning van en de deelname aan de bespreking tussen de leden van het opdrachtteam. (Zie Par. A4) +5 De opdrachtpartner en andere kernleden van het opdrachtteam dienen te worden betrokken bij de planning van de controle, met inbegrip van de planning van en de deelname aan de bespreking tussen de leden van het opdrachtteam. (Zie Par. A4) #### . Voorbereidende opdrachtactiviteiten @@ -3280,7 +3280,7 @@ A30 Op grond van wet- of regelgeving kan van de accountant of het management wor a. werkzaamheden uit te voeren die vereist zijn op grond van Standaard 220 betreffende het voortzetten van de relatie met de cliënt en van de specifieke controleopdracht174Standaard 220, *Kwaliteitsbeheersing voor een controle van financiële overzichten*, paragraaf 12 en 13.; b. overeenkomstig Standaard 220175Standaard 220, paragraaf 9, 10 en 11. de naleving van relevante ethische voorschriften, waaronder de onafhankelijkheidsvoorschriften te evalueren; en -c. overeenstemming te bereiken over de voorwaarden van de controleopdracht, zoals vereist op grond van Standaard 210176Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van de controleopdracht*, paragraaf 9, 10, 11, 12 en 13.. (Zie Par. A5, A6, A7) +c. overeenstemming te bereiken over de voorwaarden van de controleopdracht, zoals vereist op grond van Standaard 210176Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van de controleopdracht*, paragraaf 9, 10, 11, 12 en 13.. (Zie Par. A5, A6, A7) #### . Planningswerkzaamheden @@ -3291,14 +3291,14 @@ a. te identificeren welke kenmerken van de opdracht de reikwijdte ervan bepalen; b. zich te vergewissen van de rapportagedoelstellingen van de opdracht teneinde de timing van de controle te plannen en de vereiste soort communicatie te bepalen; c. te overwegen welke factoren op grond van de professionele oordeelsvorming van de accountant significant zijn voor het aansturen van de door het opdrachtteam uit te voeren werkzaamheden; d. de uitkomsten van de voorbereidende opdrachtactiviteiten in overweging te nemen en, indien van toepassing, na te gaan of de kennis die is vergaard bij andere opdrachten die de opdrachtpartner voor de entiteit heeft uitgevoerd, relevant is; en -e. de aard, timing en omvang van de voor de uitvoering van de opdracht benodigde middelen te bepalen. (Zie Par. A8, A9, A10, A11) +e. de aard, timing en omvang van de voor de uitvoering van de opdracht benodigde middelen te bepalen. (Zie Par. A8, A9, A10, A11) 9 De accountant dient een controleprogramma te ontwikkelen dat een beschrijving dient te bevatten van: a. de aard, timing en omvang van de geplande risico-inschattingswerkzaamheden, zoals bepaald in Standaard 315177Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*.; b. de aard, timing en omvang van de geplande verdere controlewerkzaamheden op het niveau van beweringen, zoals bepaald in Standaard 330178Standaard 330, *Inspelen door de accountant op ingeschatte risico’s*.; -c. de geplande overige controlewerkzaamheden die moeten worden verricht zodat de opdracht conform de Standaarden wordt uitgevoerd. (Zie Par. A12) -10 De accountant dient de algehele controleaanpak en het controleprogramma te actualiseren en aan te passen wanneer dat in de loop van de controle noodzakelijk is. (Zie Par. A13) -11 De accountant dient de aard, timing en omvang van de aansturing van en het toezicht op de leden van het opdrachtteam alsmede van de beoordeling van hun werkzaamheden te plannen. (Zie Par. A14, A15) +c. de geplande overige controlewerkzaamheden die moeten worden verricht zodat de opdracht conform de Standaarden wordt uitgevoerd. (Zie Par. A12) +10 De accountant dient de algehele controleaanpak en het controleprogramma te actualiseren en aan te passen wanneer dat in de loop van de controle noodzakelijk is. (Zie Par. A13) +11 De accountant dient de aard, timing en omvang van de aansturing van en het toezicht op de leden van het opdrachtteam alsmede van de beoordeling van hun werkzaamheden te plannen. (Zie Par. A14, A15) #### . Documentatie @@ -3306,18 +3306,18 @@ c. de geplande overige controlewerkzaamheden die moeten worden verricht zodat de a. de algehele controleaanpak; b. het controleprogramma; en -c. alle belangrijke wijzigingen die tijdens de controleopdracht in de algehele controleaanpak en het controleprogramma zijn aangebracht, alsmede de redenen van dergelijke wijzigingen. (Zie Par. A16, A17, A18, A19) +c. alle belangrijke wijzigingen die tijdens de controleopdracht in de algehele controleaanpak en het controleprogramma zijn aangebracht, alsmede de redenen van dergelijke wijzigingen. (Zie Par. A16, A17, A18, A19) #### . Aanvullende overwegingen bij initiële controleopdrachten 13 Alvorens een initiële controleopdracht aan te vangen, dient de accountant: a. werkzaamheden uit te voeren die op grond van Standaard 220 zijn vereist met betrekking tot het aanvaarden van de relatie met de cliënt alsmede van de specifieke controleopdracht180Standaard 220, paragraaf12 en 13.; en -b. wanneer een wisseling van accountant heeft plaatsgevonden, overeenkomstig relevante ethische voorschriften, met de voorgaande accountant te communiceren. (Zie Par. A20) +b. wanneer een wisseling van accountant heeft plaatsgevonden, overeenkomstig relevante ethische voorschriften, met de voorgaande accountant te communiceren. (Zie Par. A20) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . De rol en timing van de planning (Zie Par. 2) +#### . De rol en timing van de planning (Zie Par. 2) A1 De aard en omvang van planningswerkzaamheden zullen afhankelijk zijn van de omvang en de complexiteit van de entiteit, van de eerdere ervaringen van de kernleden van het opdrachtteam met de entiteit, alsmede van wijzigingen in omstandigheden die zich tijdens de controleopdracht voordoen. A2 Planning is geen afzonderlijke fase van een controle maar veeleer een voortdurend en iteratief proces dat vaak kort na (of in samenhang met) de afronding van de voorgaande controle begint en verder gaat tot de afronding van de lopende controleopdracht. Planning houdt echter ook het overwegen in van de timing van bepaalde activiteiten en controlewerkzaamheden die afgerond moeten zijn voordat de verdere controlewerkzaamheden worden uitgevoerd. Planning houdt bijvoorbeeld in dat, voorafgaand aan het onderkennen en inschatten door de accountant van de risico’s op een afwijking van materieel belang, het volgende nodig is om te overwegen: @@ -3329,11 +3329,11 @@ A2 Planning is geen afzonderlijke fase van een controle maar veeleer een voortdu • het uitvoeren van overige risico-inschattingswerkzaamheden. A3 De accountant kan besluiten bepaalde elementen van de planning met het management van de entiteit te bespreken teneinde het uitvoeren en leiden van de controleopdracht te bevorderen (bijvoorbeeld om bepaalde geplande controlewerkzaamheden af te stemmen op het door het personeel van de entiteit zelf uitgevoerde werk). Hoewel dergelijke besprekingen veelvuldig plaatsvinden, blijft de algehele controleaanpak en het controleprogramma de verantwoordelijkheid van de accountant. Wanneer besprekingen plaatsvinden over aangelegenheden met betrekking tot de algehele controleaanpak of het controleprogramma moet erop worden gelet dat de effectiviteit van de controle niet in het gedrang komt. Zo kan het in detail bespreken van de aard en timing van controlewerkzaamheden met het management de effectiviteit van de controle in het gedrang brengen omdat de controlewerkzaamheden daardoor te voorspelbaar worden. -#### . Betrokkenheid van kernleden van het opdrachtteam (Zie Par. 5) +#### . Betrokkenheid van kernleden van het opdrachtteam (Zie Par. 5) A4 Door de opdrachtpartner en kernleden van het opdrachtteam bij de planning van de controle te betrekken, worden hun ervaring en inzicht ten volle benut, hetgeen bijdraagt aan de effectiviteit en doelmatigheid van het planningsproces181Standaard 315, paragraaf 10 stelt vereisten vast en verschaft leidraden over de bespreking door het opdrachtteam van de vatbaarheid van de financiële overzichten van de entiteit voor afwijkingen van materieel belang. Paragraaf 15 van Standaard 240, *De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten* verschaft leidraden over de nadruk die tijdens deze bespreking wordt gelegd op de vatbaarheid van de financiële overzichten van de entiteit voor een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude.. -#### . Voorbereidende opdrachtactiviteiten (Zie Par. 6) +#### . Voorbereidende opdrachtactiviteiten (Zie Par. 6) A5 Door aan het begin van de lopende controleopdracht de in paragraaf 6 gespecificeerde voorbereidende opdrachtactiviteiten uit te voeren, kan de accountant beter bepalen en evalueren welke gebeurtenissen of omstandigheden een ongunstige invloed kunnen hebben op zijn mogelijkheid om de controleopdracht te plannen en uit te voeren. A6 Door deze voorbereidende opdrachtactiviteiten uit te voeren, kan de accountant een controleopdracht plannen waarvoor bijvoorbeeld: @@ -3345,7 +3345,7 @@ A7 Telkens wanneer zich in de loop van de controleopdracht veranderingen in de c #### . Planningswerkzaamheden -##### . De algehele controleaanpak (Zie Par. 7, 8) +##### . De algehele controleaanpak (Zie Par. 7, 8) A8 Het proces waarbij de algehele controleaanpak wordt vastgesteld, helpt de accountant, onder voorbehoud van het afronden van de risico-inschattingswerkzaamheden, onder meer het volgende te bepalen: @@ -3360,15 +3360,15 @@ A10 Wanneer de algehele controleaanpak eenmaal is vastgesteld, kan een controlep A11 Bij kleine entiteiten kan de gehele controle door een zeer klein opdrachtteam worden uitgevoerd. Bij veel controles van kleine entiteiten wordt de opdracht volledig uitgevoerd door de opdrachtpartner (die een zelfstandige accountant kan zijn), samenwerkend met één lid van het opdrachtteam (of zonder leden van het opdrachtteam). Bij een kleiner opdrachtteam verlopen de coördinatie van en de communicatie tussen de teamleden eenvoudiger. Voor deze entiteiten behoeft het vaststellen van de algehele controleaanpak voor de opdracht niet ingewikkeld of tijdrovend te zijn; dit zal afhankelijk zijn van de grootte van de entiteit, de complexiteit van de controle en de omvang van het opdrachtteam. Zo kan bij de afronding van de voorafgaande controle aan de hand van de werkdocumenten een kort memorandum worden opgesteld waarin de aandacht wordt gevestigd op de problemen die tijdens de pas afgeronde controle zijn geïdentificeerd en dat tijdens de lopende periode op basis van besprekingen met de eigenaar-bestuurder wordt bijgewerkt. Voor zover dit de in paragraaf 8 genoemde aangelegenheden behandelt, kan dit dan dienen als de documentatie voor de controleaanpak voor de lopende controleopdracht. -##### . Het controleprogramma (Zie Par. 9) +##### . Het controleprogramma (Zie Par. 9) A12 Het controleprogramma is in die zin meer gedetailleerd dan de algehele controleaanpak dat het de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden beschrijft die door de leden van het opdrachtteam moeten worden uitgevoerd. Planning van deze controlewerkzaamheden vindt plaats tijdens de controle, naarmate het controleprogramma voor de opdracht vorm krijgt. Zo vindt de planning van de risico-inschattingswerkzaamheden meestal in de beginfase van de controle plaats. De planning van de aard, timing en omvang van specifieke verdere controlewerkzaamheden is echter afhankelijk van de uitkomsten van deze risico-inschattingswerkzaamheden. Bovendien kan de accountant verdere controlewerkzaamheden aanvangen betreffende bepaalde transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen voordat hij een planning maakt van alle overige verdere controlewerkzaamheden. -##### . Wijzigingen die in de loop van de controle zijn aangebracht in beslissingen betreffende de planning (Zie Par. 10) +##### . Wijzigingen die in de loop van de controle zijn aangebracht in beslissingen betreffende de planning (Zie Par. 10) A13 Ten gevolge van onverwachte gebeurtenissen, wijzigingen in de omstandigheden of controle-informatie verkregen uit de uitgevoerde controlewerkzaamheden, kan de accountant genoodzaakt zijn op basis van een herziene inschatting van de risico’s de algehele controleaanpak en het controleprogramma en daarbij ook de aard, timing en omvang van de verdere controlewerkzaamheden aan te passen. Dit kan zich voordoen wanneer informatie onder de aandacht van de accountant komt die aanmerkelijk afwijkt van die waarover hij beschikte toen hij de controlewerkzaamheden plande. Controle-informatie die is verkregen bij de uitvoering van gegevensgerichte controlewerkzaamheden, kan bijvoorbeeld afwijken van de controle-informatie die voortkomt uit het toetsen van interne beheersingsmaatregelen. -##### . Aansturing, toezicht en beoordeling (Zie Par. 11) +##### . Aansturing, toezicht en beoordeling (Zie Par. 11) A14 De aard, timing en omvang van de aansturing van en het toezicht op de leden van het opdrachtteam alsmede van de beoordeling van hun werkzaamheden zijn afhankelijk van vele factoren, waaronder: @@ -3383,7 +3383,7 @@ Standaard 220 bevat verdere leidraden over de aansturing van, het toezicht op en A15 Indien een controle volledig wordt uitgevoerd door de opdrachtpartner, zijn de vragen met betrekking tot de aansturing van en het toezicht op de leden van het opdrachtteam alsmede tot de beoordeling van hun werkzaamheden niet aan de orde. In dergelijke omstandigheden zal de opdrachtpartner, die in eigen persoon alle aspecten van de controle heeft uitgevoerd, kennis hebben van alle kwesties die van materieel belang zijn. Het innemen van een objectief standpunt over de geschiktheid van de tijdens de controle toegepaste oordeelsvormingen kan praktische problemen veroorzaken wanneer dezelfde persoon alle controlewerkzaamheden heeft uitgevoerd. Wanneer er sprake is van bijzonder gecompliceerde of ongebruikelijke kwesties en de controle is uitgevoerd door een zelfstandig werkende accountant, kan het wenselijk zijn om andere accountants die over de noodzakelijke ervaring beschikken, dan wel de beroepsorganisatie waartoe de accountant behoort, te consulteren. -#### . Documentatie (Zie Par. 12) +#### . Documentatie (Zie Par. 12) A16 De documentatie van de algehele controleaanpak bestaat uit een vastlegging van de kernbeslissingen die nodig werden geacht om de controle naar behoren te plannen en om belangrijke aangelegenheden aan het opdrachtteam mede te delen. De accountant kan de algehele controleaanpak bijvoorbeeld samenvatten in de vorm van een memorandum waarin kernbeslissingen betreffende de totale reikwijdte, de timing en de uitvoering van de controle zijn opgenomen. A17 De documentatie van het controleprogramma bestaat uit een vastlegging van de geplande aard, timing en omvang van de risico-inschattingswerkzaamheden, alsmede van de verdere controlewerkzaamheden op het niveau van beweringen die worden uitgevoerd om in te spelen op de ingeschatte risico’s. Zij doet tevens dienst als een vastlegging van de behoorlijke planning van de controlewerkzaamheden die voorafgaand aan de uitvoering daarvan kan worden geëvalueerd en goedgekeurd. De accountant kan gebruikmaken van standaardcontroleprogramma’s of van checklists voor de afronding van de controle, die, naargelang nodig, aan de specifieke omstandigheden van de opdracht zijn aangepast. @@ -3391,9 +3391,9 @@ A18 In de vastlegging van de belangrijke wijzigingen in de algehele controleaanp ##### . Overwegingen die specifiek voor kleine entiteiten gelden -A19 Zoals is besproken in paragraaf A11, kan een geschikt kort memorandum dienen als documentatie van de aanpak voor de controle van een kleine entiteit. Voor het controleprogramma kunnen standaardcontroleprogramma’s of checklists (Zie Par. A17) worden gehanteerd die zijn opgesteld in de veronderstelling dat het om een beperkt aantal relevante interne beheersingsactiviteiten gaat, hetgeen bij een kleine entiteit doorgaans het geval is, mits zij aan de omstandigheden van de opdracht, met inbegrip van de risico-inschatting door de accountant, worden aangepast. +A19 Zoals is besproken in paragraaf A11, kan een geschikt kort memorandum dienen als documentatie van de aanpak voor de controle van een kleine entiteit. Voor het controleprogramma kunnen standaardcontroleprogramma’s of checklists (Zie Par. A17) worden gehanteerd die zijn opgesteld in de veronderstelling dat het om een beperkt aantal relevante interne beheersingsactiviteiten gaat, hetgeen bij een kleine entiteit doorgaans het geval is, mits zij aan de omstandigheden van de opdracht, met inbegrip van de risico-inschatting door de accountant, worden aangepast. -#### . Aanvullende overwegingen bij initiële controleopdrachten (Zie Par. 13) +#### . Aanvullende overwegingen bij initiële controleopdrachten (Zie Par. 13) A20 Het doel en de doelstelling van de planning van de controle bij een initiële controleopdracht zijn dezelfde als bij een doorlopende controleopdracht. Bij een initiële controleopdracht kan de accountant het echter noodzakelijk achten de planningswerkzaamheden uit te breiden omdat hij gewoonlijk niet beschikt over eerdere ervaring met de entiteit waarop hij een beroep kan doen bij de planning van een doorlopende controleopdracht. Voor een initiële controleopdracht kan de accountant aanvullende aangelegenheden overwegen bij het vaststellen van de algehele controleaanpak en het opstellen van het controleprogramma, waaronder: @@ -3402,7 +3402,7 @@ A20 Het doel en de doelstelling van de planning van de controle bij een initiël • de controlewerkzaamheden die vereist zijn voor het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de beginsaldi183Standaard 510, *Initiële controleopdrachten – Beginsaldi*.; • andere werkzaamheden die moeten worden uitgevoerd op grond van het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor met betrekking tot initiële controleopdrachten (zo is het mogelijk dat het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor vereist dat een andere partner of ervaren persoon wordt ingeschakeld voor de beoordeling van de algehele controleaanpak alvorens belangrijke controlewerkzaamheden aan te vangen, of rapporten te beoordelen voordat deze worden uitgebracht). -### . Overwegingen bij het vaststellen van de algemene controleaanpak (Zie Par. 7, 8, A8, A9, A10 en A11) +### . Overwegingen bij het vaststellen van de algemene controleaanpak (Zie Par. 7, 8, A8, A9, A10 en A11) Deze bijlage bevat voorbeelden van aangelegenheden die de accountant in overweging kan nemen bij het vaststellen van de algehele controleaanpak. Veel van deze aangelegenheden zijn eveneens van invloed op het gedetailleerde controleprogramma van de accountant. De gegeven voorbeelden dekken een breed scala aan aangelegenheden die op vele opdrachten van toepassing zijn. Hoewel sommige van de hieronder genoemde aangelegenheden door andere Standaarden worden opgelegd, zijn niet alle aangelegenheden relevant voor elke controleopdracht en is de lijst niet noodzakelijkerwijs volledig. @@ -3487,16 +3487,16 @@ e. *significant risico* – een geïdentificeerd en ingeschat risico op een afwi #### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden -5 De accountant dient risico-inschattingswerkzaamheden uit te voeren om een basis te verkrijgen voor het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten en beweringen. Risico-inschattingswerkzaamheden op zich verschaffen echter geen voldoende en geschikte controle-informatie waarop de accountant zijn controleoordeel kan baseren. (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5) +5 De accountant dient risico-inschattingswerkzaamheden uit te voeren om een basis te verkrijgen voor het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten en beweringen. Risico-inschattingswerkzaamheden op zich verschaffen echter geen voldoende en geschikte controle-informatie waarop de accountant zijn controleoordeel kan baseren. (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5) 6 De risico-inschattingswerkzaamheden dienen het volgende te omvatten: -a. verzoeken om inlichtingen bij het management, bij de juiste personen binnen de interne auditfunctie (indien deze functie bestaat), en bij anderen binnen de entiteit die in de oordeelsvorming van de accountant over informatie kunnen beschikken die waarschijnlijk ondersteunend is bij het identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten; (Zie Par. A6, A7, A8, A9, A10, A11, A12 en A13) -b. cijferanalyses; (Zie Par. A14, A15, A16 en A17) -c. waarneming en inspectie. (Zie Par. A18) +a. verzoeken om inlichtingen bij het management, bij de juiste personen binnen de interne auditfunctie (indien deze functie bestaat), en bij anderen binnen de entiteit die in de oordeelsvorming van de accountant over informatie kunnen beschikken die waarschijnlijk ondersteunend is bij het identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten; (Zie Par. A6, A7, A8, A9, A10, A11, A12 en A13) +b. cijferanalyses; (Zie Par. A14, A15, A16 en A17) +c. waarneming en inspectie. (Zie Par. A18) 7 De accountant dient te overwegen of de informatie die hij uit het proces van aanvaarding of continuering van de cliëntrelatie heeft verkregen relevant is voor het identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang. 8 Indien de opdrachtpartner andere opdrachten voor de entiteit heeft uitgevoerd, dient hij te overwegen of de verkregen informatie relevant is voor het identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang. -9 Indien de accountant voornemens is gebruik te maken van informatie die is verkregen uit eerdere ervaringen met de entiteit en/of uit controlewerkzaamheden die bij eerdere controles zijn uitgevoerd, dient hij na te gaan of er zich na de vorige controle veranderingen hebben voorgedaan die een effect kunnen hebben op de relevantie van deze informatie voor de lopende controle. (Zie Par. A19 en A20) -10 De opdrachtpartner en de andere kernleden van het opdrachtteam dienen te bespreken in welke mate de financiële overzichten van de entiteit vatbaar zijn voor een afwijking van materieel belang, en dienen de toepassing van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving op de feiten en omstandigheden van de entiteit te bespreken. De opdrachtpartner dient te bepalen welke aangelegenheden moeten worden meegedeeld aan de leden van het opdrachtteam die niet aan deze bespreking hebben deelgenomen. (Zie Par. A21, A22 en A23) +9 Indien de accountant voornemens is gebruik te maken van informatie die is verkregen uit eerdere ervaringen met de entiteit en/of uit controlewerkzaamheden die bij eerdere controles zijn uitgevoerd, dient hij na te gaan of er zich na de vorige controle veranderingen hebben voorgedaan die een effect kunnen hebben op de relevantie van deze informatie voor de lopende controle. (Zie Par. A19 en A20) +10 De opdrachtpartner en de andere kernleden van het opdrachtteam dienen te bespreken in welke mate de financiële overzichten van de entiteit vatbaar zijn voor een afwijking van materieel belang, en dienen de toepassing van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving op de feiten en omstandigheden van de entiteit te bespreken. De opdrachtpartner dient te bepalen welke aangelegenheden moeten worden meegedeeld aan de leden van het opdrachtteam die niet aan deze bespreking hebben deelgenomen. (Zie Par. A21, A22 en A23) #### . Het vereiste inzicht in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van haar interne beheersing @@ -3504,7 +3504,7 @@ c. waarneming en inspectie. (Zie Par. A18) 11 De accountant dient inzicht te verwerven in: -a. de relevante sectorspecifieke factoren, regelgeving en andere externe factoren, met inbegrip van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; (Zie Par. A24, A25, A26, A27, A28 en A29) +a. de relevante sectorspecifieke factoren, regelgeving en andere externe factoren, met inbegrip van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; (Zie Par. A24, A25, A26, A27, A28 en A29) b. de aard van de entiteit, met inbegrip van: 1. haar activiteiten; @@ -3512,18 +3512,18 @@ b. de aard van de entiteit, met inbegrip van: 3. de soorten investeringen die de entiteit doet en voornemens is te doen, met inbegrip van investeringen in voor een bijzonder doel opgerichte entiteiten; en 4. de wijze waarop de entiteit is gestructureerd en wordt gefinancierd; -teneinde in staat te zijn inzicht te verwerven in de transactiestromen, rekeningsaldi en toelichtingen die in de financiële overzichten zijn te verwachten; (Zie Par. A30, A31, A32, A33 en A34) -c. de keuze en toepassing door de entiteit van grondslagen voor financiële verslaggeving, met inbegrip van de redenen voor wijzigingen in die grondslagen. De accountant dient te evalueren of de door de entiteit gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving geschikt zijn voor haar activiteiten en in overeenstemming zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en met de grondslagen voor financiële verslaggeving die in de desbetreffende sector worden gebruikt; (Zie Par. A35) -d. de doelstellingen en strategieën van de entiteit alsmede de daarmee verband houdende bedrijfsrisico’s die tot risico’s op een afwijking van materieel belang kunnen leiden; (Zie Par. A36, A37, A38, A39, A40, A41 en A42) -e. de wijze waarop de entiteit haar financiële prestaties meet en beoordeelt. (Zie Par. A43, A44, A45, A46, A47 en A48) +teneinde in staat te zijn inzicht te verwerven in de transactiestromen, rekeningsaldi en toelichtingen die in de financiële overzichten zijn te verwachten; (Zie Par. A30, A31, A32, A33 en A34) +c. de keuze en toepassing door de entiteit van grondslagen voor financiële verslaggeving, met inbegrip van de redenen voor wijzigingen in die grondslagen. De accountant dient te evalueren of de door de entiteit gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving geschikt zijn voor haar activiteiten en in overeenstemming zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en met de grondslagen voor financiële verslaggeving die in de desbetreffende sector worden gebruikt; (Zie Par. A35) +d. de doelstellingen en strategieën van de entiteit alsmede de daarmee verband houdende bedrijfsrisico’s die tot risico’s op een afwijking van materieel belang kunnen leiden; (Zie Par. A36, A37, A38, A39, A40, A41 en A42) +e. de wijze waarop de entiteit haar financiële prestaties meet en beoordeelt. (Zie Par. A43, A44, A45, A46, A47 en A48) ##### . De interne beheersing van de entiteit -12 De accountant dient inzicht te verwerven in de interne beheersing die relevant is voor de controle. Hoewel de meeste voor een controle relevante interne beheersingsmaatregelen betrekking hebben op de financiële verslaggeving, zijn niet alle interne beheersingsmaatregelen die betrekking hebben op de financiële verslaggeving relevant voor de controle. Of een interne beheersingsmaatregel, alleen of in combinatie met andere interne beheersingsmaatregelen, relevant is voor de controle, is een kwestie van professionele oordeelsvorming door de accountant. (Zie Par. A49, A50, A51, A52, A53, A54, A55, A56, A57, A58, A59, A60, A61, A62, A63, A64, A65, A66, A67, A68, A69, A70, A71 en A72) +12 De accountant dient inzicht te verwerven in de interne beheersing die relevant is voor de controle. Hoewel de meeste voor een controle relevante interne beheersingsmaatregelen betrekking hebben op de financiële verslaggeving, zijn niet alle interne beheersingsmaatregelen die betrekking hebben op de financiële verslaggeving relevant voor de controle. Of een interne beheersingsmaatregel, alleen of in combinatie met andere interne beheersingsmaatregelen, relevant is voor de controle, is een kwestie van professionele oordeelsvorming door de accountant. (Zie Par. A49, A50, A51, A52, A53, A54, A55, A56, A57, A58, A59, A60, A61, A62, A63, A64, A65, A66, A67, A68, A69, A70, A71 en A72) ###### . Aard en omvang van het inzicht in relevante interne beheersingsmaatregelen -13 Tijdens het verwerven van inzicht in de interne beheersingsmaatregelen die voor de controle relevant zijn, dient de accountant de opzet van deze beheersingsmaatregelen te evalueren en na te gaan of ze zijn geïmplementeerd, door werkzaamheden uit te voeren in aanvulling op het verzoeken om inlichtingen bij personeelsleden van de entiteit. (Zie Par. A73, A74 en A75) +13 Tijdens het verwerven van inzicht in de interne beheersingsmaatregelen die voor de controle relevant zijn, dient de accountant de opzet van deze beheersingsmaatregelen te evalueren en na te gaan of ze zijn geïmplementeerd, door werkzaamheden uit te voeren in aanvulling op het verzoeken om inlichtingen bij personeelsleden van de entiteit. (Zie Par. A73, A74 en A75) ###### . Componenten van de interne beheersing @@ -3532,7 +3532,7 @@ e. de wijze waarop de entiteit haar financiële prestaties meet en beoordeelt. ( 14 De accountant dient inzicht te verwerven in de interne beheersingsomgeving. Als onderdeel van het verwerven van inzicht in de interne beheersingsomgeving dient de accountant te evalueren of: a. het management, onder het toezicht van de met governance belaste personen, een cultuur van eerlijkheid en ethisch gedrag heeft gecreëerd en in stand houdt; en -b. de sterke punten in de elementen van de interne beheersingsomgeving samen een geschikte basis vormen voor de andere componenten van de interne beheersing, en of deze andere componenten niet door tekortkomingen in de interne beheersingsomgeving worden aangetast. (Zie Par. A76, A77, A78, A79, A80, A81, A82, A83, A84, A85 en A86) +b. de sterke punten in de elementen van de interne beheersingsomgeving samen een geschikte basis vormen voor de andere componenten van de interne beheersing, en of deze andere componenten niet door tekortkomingen in de interne beheersingsomgeving worden aangetast. (Zie Par. A76, A77, A78, A79, A80, A81, A82, A83, A84, A85 en A86) ####### . Het risico-inschattingsproces van de entiteit @@ -3541,9 +3541,9 @@ b. de sterke punten in de elementen van de interne beheersingsomgeving samen een a. het identificeren van bedrijfsrisico’s die relevant zijn voor de doelstellingen van de financiële verslaggeving; b. het inschatten van de significantie van deze risico’s; c. het inschatten van de waarschijnlijkheid dat deze risico’s zich zullen voordoen; en -d. het nemen van beslissingen over te ondernemen acties om op deze risico’s in te spelen. (Zie Par. A87) +d. het nemen van beslissingen over te ondernemen acties om op deze risico’s in te spelen. (Zie Par. A87) 16 Indien de entiteit een dergelijk proces heeft vastgesteld (hierna het risico-inschattingsproces van de entiteit genoemd), dient de accountant inzicht te verwerven in dat proces en in de resultaten ervan. Indien de accountant risico’s op een afwijking van materieel belang identificeert die door het management niet zijn geïdentificeerd, dient hij te evalueren of er een onderliggend risico bestond van een type waarvan de accountant verwacht dat het door het risico-inschattingsproces van de entiteit wordt geïdentificeerd. Indien een dergelijk risico bestaat, dient de accountant inzicht te verwerven in de reden waarom het risico-inschattingsproces dat risico niet heeft geïdentificeerd, en dient hij te evalueren of het proces in de gegeven omstandigheden geschikt is of dient hij te bepalen of er sprake is van een significante tekortkoming in de interne beheersing met betrekking tot het risico-inschattingsproces van de entiteit. -17 Indien de entiteit geen dergelijk proces heeft vastgesteld of indien de entiteit over een ad-hocproces beschikt, dient de accountant met het management te bespreken of er bedrijfsrisico’s zijn geïdentificeerd die relevant zijn voor de doelstellingen van de financiële verslaggeving en hoe daarop is ingespeeld. De accountant dient te evalueren of het ontbreken van een gedocumenteerd risico-inschattingsproces passend is in de gegeven omstandigheden, dan wel een significante tekortkoming in de interne beheersing vormt. (Zie Par. A88) +17 Indien de entiteit geen dergelijk proces heeft vastgesteld of indien de entiteit over een ad-hocproces beschikt, dient de accountant met het management te bespreken of er bedrijfsrisico’s zijn geïdentificeerd die relevant zijn voor de doelstellingen van de financiële verslaggeving en hoe daarop is ingespeeld. De accountant dient te evalueren of het ontbreken van een gedocumenteerd risico-inschattingsproces passend is in de gegeven omstandigheden, dan wel een significante tekortkoming in de interne beheersing vormt. (Zie Par. A88) ####### . Het voor de financiële verslaggeving relevante informatiesysteem, met inbegrip van de daarmee verband houdende bedrijfsprocessen, en de communicatie @@ -3554,36 +3554,36 @@ b. de procedures, binnen zowel de IT- als handmatige systemen, waardoor de trans c. de daarmee verband houdende administratieve vastleggingen, onderbouwende informatie en specifieke in de financiële overzichten opgenomen rekeningen die voor het tot stand brengen, vastleggen, verwerken en rapporteren van transacties worden gebruikt; dit omvat de correctie van onjuiste informatie en de wijze waarop informatie in het grootboek wordt verwerkt. De vastleggingen kunnen handmatig of elektronisch tot stand worden gebracht; d. de wijze waarop in het informatiesysteem gebeurtenissen en omstandigheden, uitgezonderd transacties, die significant zijn voor de financiële overzichten worden vastgelegd; e. het proces van financiële verslaggeving dat wordt gebruikt om de financiële overzichten van de entiteit op te stellen, met inbegrip van significante schattingen en toelichtingen; en -f. interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot journaalboekingen, met inbegrip van journaalboekingen die geen standaardjournaalboekingen zijn en worden gebruikt om eenmalige, ongebruikelijke transacties of correcties vast te leggen. (Zie Par. A89, A90, A91, A92 en A93) -19 De accountant dient inzicht te verwerven in de wijze waarop de entiteit taken en verantwoordelijkheden met betrekking tot de financiële verslaggeving alsmede significante zaken in verband met de financiële verslaggeving meedeelt, met inbegrip van: (Zie Par. A94 en A95) +f. interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot journaalboekingen, met inbegrip van journaalboekingen die geen standaardjournaalboekingen zijn en worden gebruikt om eenmalige, ongebruikelijke transacties of correcties vast te leggen. (Zie Par. A89, A90, A91, A92 en A93) +19 De accountant dient inzicht te verwerven in de wijze waarop de entiteit taken en verantwoordelijkheden met betrekking tot de financiële verslaggeving alsmede significante zaken in verband met de financiële verslaggeving meedeelt, met inbegrip van: (Zie Par. A94 en A95) a. communicatie tussen het management en de met governance belaste personen; en b. externe communicatie, bijvoorbeeld met regelgevende of toezichthoudende instanties. ####### . Interne beheersingsactiviteiten die relevant zijn voor de controle -20 De accountant dient inzicht te verwerven in interne beheersingsactiviteiten die voor de controle relevant zijn, te weten die waarvan hij van oordeel is dat het noodzakelijk is dat hij er inzicht in krijgt om de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen in te schatten en om verdere controlewerkzaamheden die op de ingeschatte risico’s inspelen op te zetten. Een controle vereist niet dat de accountant inzicht verwerft in alle interne beheersingsactiviteiten die betrekking hebben op alle significante transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen of op elke bewering die daarvoor relevant is. (Zie Par. A96, A97, A98, A99, A100, A101 en A102) -21 Bij het verwerven van inzicht in de interne beheersingsactiviteiten van de entiteit dient de accountant inzicht te verwerven in de wijze waarop de entiteit op uit IT voortkomende risico’s heeft ingespeeld. (Zie Par. A103, A104 en A105) +20 De accountant dient inzicht te verwerven in interne beheersingsactiviteiten die voor de controle relevant zijn, te weten die waarvan hij van oordeel is dat het noodzakelijk is dat hij er inzicht in krijgt om de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen in te schatten en om verdere controlewerkzaamheden die op de ingeschatte risico’s inspelen op te zetten. Een controle vereist niet dat de accountant inzicht verwerft in alle interne beheersingsactiviteiten die betrekking hebben op alle significante transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen of op elke bewering die daarvoor relevant is. (Zie Par. A96, A97, A98, A99, A100, A101 en A102) +21 Bij het verwerven van inzicht in de interne beheersingsactiviteiten van de entiteit dient de accountant inzicht te verwerven in de wijze waarop de entiteit op uit IT voortkomende risico’s heeft ingespeeld. (Zie Par. A103, A104 en A105) ####### . Monitoring van interne beheersingsmaatregelen -22 De accountant dient inzicht te verwerven in de belangrijkste activiteiten die de entiteit uitvoert om de interne beheersing met betrekking tot de financiële verslaggeving te monitoren, met inbegrip van de activiteiten die verband houden met de interne beheersingsactiviteiten die voor de controle relevant zijn, alsmede in de wijze waarop de entiteit acties onderneemt ter correctie van tekortkomingen in haar interne beheersing. (Zie Par. A106, A107 en A108) -23 Indien de entiteit over een interne auditfunctie beschikt, dient de accountant inzicht te verwerven in de aard van de verantwoordelijkheden en de organisatorische positie van de interne auditfunctie, alsmede in de activiteiten die zijn uitgevoerd of die zijn uit te voeren. (Zie Par. A109, A110, A111, A112, A113, A114, A115 en A116) -24 De accountant dient inzicht te verwerven in de bronnen van de informatie die bij de monitoringactiviteiten van de entiteit wordt gebruikt en in de basis waarop het management de informatie voldoende betrouwbaar acht voor het doel. (Zie Par. A117) +22 De accountant dient inzicht te verwerven in de belangrijkste activiteiten die de entiteit uitvoert om de interne beheersing met betrekking tot de financiële verslaggeving te monitoren, met inbegrip van de activiteiten die verband houden met de interne beheersingsactiviteiten die voor de controle relevant zijn, alsmede in de wijze waarop de entiteit acties onderneemt ter correctie van tekortkomingen in haar interne beheersing. (Zie Par. A106, A107 en A108) +23 Indien de entiteit over een interne auditfunctie beschikt, dient de accountant inzicht te verwerven in de aard van de verantwoordelijkheden en de organisatorische positie van de interne auditfunctie, alsmede in de activiteiten die zijn uitgevoerd of die zijn uit te voeren. (Zie Par. A109, A110, A111, A112, A113, A114, A115 en A116) +24 De accountant dient inzicht te verwerven in de bronnen van de informatie die bij de monitoringactiviteiten van de entiteit wordt gebruikt en in de basis waarop het management de informatie voldoende betrouwbaar acht voor het doel. (Zie Par. A117) #### . Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten 25 De accountant dient de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van: -a. de financiële overzichten; en (Zie Par. A118, A119, A120 en A121) -b. de beweringen met betrekking tot transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen, (Zie Par. A122, A123, A124, A125 en A126) +a. de financiële overzichten; en (Zie Par. A118, A119, A120 en A121) +b. de beweringen met betrekking tot transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen, (Zie Par. A122, A123, A124, A125 en A126) te identificeren en in te schatten om een basis voor het opzetten en uitvoeren van verdere controlewerkzaamheden te verkrijgen. 26 Hiertoe dient de accountant: -a. risico’s te identificeren gedurende het gehele proces van het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van relevante interne beheersingsmaatregelen die betrekking hebben op deze risico’s, rekening houdend met de transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen; (Zie Par. A127 en A128) +a. risico’s te identificeren gedurende het gehele proces van het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van relevante interne beheersingsmaatregelen die betrekking hebben op deze risico’s, rekening houdend met de transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen; (Zie Par. A127 en A128) b. de geïdentificeerde risico’s in te schatten en te evalueren of ze een diepgaande invloed op de financiële overzichten als geheel hebben en of ze mogelijk van invloed zijn op een groot aantal beweringen; -c. de geïdentificeerde risico’s te relateren aan wat op het niveau van beweringen verkeerd kan gaan, rekening houdend met de relevante interne beheersingsmaatregelen die de accountant voornemens is te toetsen; en (Zie Par. A129, A130 en A131) +c. de geïdentificeerde risico’s te relateren aan wat op het niveau van beweringen verkeerd kan gaan, rekening houdend met de relevante interne beheersingsmaatregelen die de accountant voornemens is te toetsen; en (Zie Par. A129, A130 en A131) d. de waarschijnlijkheid van een afwijking in aanmerking te nemen, met inbegrip van de mogelijkheid van meerdere afwijkingen, en te overwegen of de mogelijke afwijking van een orde van grootte is dat ze tot een afwijking van materieel belang zou kunnen leiden. ##### . Risico’s waaraan tijdens de controle speciale aandacht moet worden besteed @@ -3596,16 +3596,16 @@ b. de vraag of het risico verband houdt met recente significante ontwikkelingen c. de complexiteit van transacties; d. de vraag of het risico verband houdt met significante transacties met verbonden partijen; e. de mate van subjectiviteit bij het waarderen van financiële informatie met betrekking tot het risico, vooral als de waardering veel onzekerheid inhoudt; en -f. de vraag of het risico verband houdt met significante transacties die buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit vallen of die anderszins ongebruikelijk lijken. (Zie Par. A132, A133, A134, A135 en A136) -29 Indien de accountant heeft bepaald dat er een significant risico bestaat, dient hij inzicht te verwerven in de interne beheersingsactiviteiten van de entiteit die op dat risico betrekking hebben. (Zie Par. A137, A138 en A139) +f. de vraag of het risico verband houdt met significante transacties die buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit vallen of die anderszins ongebruikelijk lijken. (Zie Par. A132, A133, A134, A135 en A136) +29 Indien de accountant heeft bepaald dat er een significant risico bestaat, dient hij inzicht te verwerven in de interne beheersingsactiviteiten van de entiteit die op dat risico betrekking hebben. (Zie Par. A137, A138 en A139) ##### . Risico’s waarvoor gegevensgerichte controles alleen geen voldoende en geschikte controle-informatie verschaffen -30 Bij sommige risico’s kan de accountant van oordeel zijn dat het niet mogelijk of praktisch uitvoerbaar is voldoende, en geschikte controle-informatie te verkrijgen door middel van gegevensgerichte controles alleen. Dergelijke risico’s kunnen verband houden met de onnauwkeurige of onvolledige vastlegging van routinematige en significante transactiestromen of rekeningsaldi, waarvan de kenmerken vaak een hoge mate van geautomatiseerde gegevensverwerking met weinig of geen handmatige interventie mogelijk maken. In dergelijke gevallen zijn de interne beheersingsmaatregelen van de entiteit die op dergelijke risico’s betrekking hebben relevant voor de controle en dient de accountant er inzicht in te verwerven. (Zie Par. A140, A141 en A142) +30 Bij sommige risico’s kan de accountant van oordeel zijn dat het niet mogelijk of praktisch uitvoerbaar is voldoende, en geschikte controle-informatie te verkrijgen door middel van gegevensgerichte controles alleen. Dergelijke risico’s kunnen verband houden met de onnauwkeurige of onvolledige vastlegging van routinematige en significante transactiestromen of rekeningsaldi, waarvan de kenmerken vaak een hoge mate van geautomatiseerde gegevensverwerking met weinig of geen handmatige interventie mogelijk maken. In dergelijke gevallen zijn de interne beheersingsmaatregelen van de entiteit die op dergelijke risico’s betrekking hebben relevant voor de controle en dient de accountant er inzicht in te verwerven. (Zie Par. A140, A141 en A142) ##### . Bijstelling van de risico-inschatting -31 De door de accountant gemaakte inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen kan in de loop van de controle veranderen naarmate aanvullende controle-informatie wordt verkregen. Indien de accountant uit de uitvoering van verdere controlewerkzaamheden controle-informatie verkrijgt, of als nieuwe controle-informatie wordt verkregen, en deze informatie niet in overeenstemming is met de controle-informatie waarop hij zijn eerste inschatting heeft gebaseerd, dient hij zijn inschatting bij te stellen en de verdere geplande controlewerkzaamheden daarop af te stemmen. (Zie Par. A143) +31 De door de accountant gemaakte inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen kan in de loop van de controle veranderen naarmate aanvullende controle-informatie wordt verkregen. Indien de accountant uit de uitvoering van verdere controlewerkzaamheden controle-informatie verkrijgt, of als nieuwe controle-informatie wordt verkregen, en deze informatie niet in overeenstemming is met de controle-informatie waarop hij zijn eerste inschatting heeft gebaseerd, dient hij zijn inschatting bij te stellen en de verdere geplande controlewerkzaamheden daarop af te stemmen. (Zie Par. A143) #### . Documentatie @@ -3614,11 +3614,11 @@ f. de vraag of het risico verband houdt met significante transacties die buiten a. de bespreking tussen de leden van het opdrachtteam indien vereist op grond van paragraaf 10, en de significante beslissingen die zijn genomen; b. de belangrijke elementen van het verworven inzicht in elk van de in paragraaf 11 gespecificeerde aspecten van de entiteit en haar omgeving alsmede in elk van de in de paragrafen 14–24 gespecificeerde componenten van de interne beheersing; de informatiebronnen waaruit dat inzicht werd verkregen; en de uitgevoerde risico-inschattingswerkzaamheden; c. de geïdentificeerde en ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten en beweringen zoals op grond van paragraaf 25 vereist; en -d. de risico’s, en daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen waarin de accountant inzicht heeft verworven, die zijn geïdentificeerd als gevolg van de vereisten in de paragrafen 27–30. (Zie Par. A144, A145, A146 en A147) +d. de risico’s, en daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen waarin de accountant inzicht heeft verworven, die zijn geïdentificeerd als gevolg van de vereisten in de paragrafen 27–30. (Zie Par. A144, A145, A146 en A147) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden (Zie Par. 5) +#### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden (Zie Par. 5) A1 Het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van de interne beheersing van de entiteit (hierna ‘inzicht in de entiteit’ genoemd) is een continu, dynamisch proces van het verzamelen, actualiseren en analyseren van informatie gedurende de gehele controle. Het inzicht vormt een referentiekader waarbinnen de accountant de controle plant en professionele oordeelsvorming toepast gedurende de gehele controle, bijvoorbeeld bij: @@ -3632,12 +3632,12 @@ A1 Het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van d A2 De informatie die is verkregen uit het uitvoeren van risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden kan door de accountant worden gebruikt als controle-informatie ter onderbouwing van de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang. Bovendien kan de accountant controle-informatie verkrijgen over transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen en daarmee verband houdende beweringen alsmede over de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen, zelfs indien deze werkzaamheden niet specifiek als gegevensgerichte controles of als toetsingen van interne beheersingsmaatregelen waren gepland. De accountant kan er om redenen van efficiëntie ook voor opteren om gegevensgerichte controles of toetsingen van interne beheersingsmaatregelen gelijktijdig met risico-inschattingswerkzaamheden uit te voeren. A3 De accountant past professionele oordeelsvorming toe om de omvang van het vereiste inzicht te bepalen. Het belangrijkste aandachtspunt van de accountant is of het verworven inzicht volstaat om aan de in deze Standaard vermelde doelstelling te voldoen. Het algehele inzicht dat de accountant nodig heeft is minder diepgaand dan het inzicht dat het management bezit bij het leiden van de entiteit. A4 De in te schatten risico’s omvatten zowel die welke het gevolg zijn van fouten, als die welke het gevolg zijn van fraude. Beide worden in deze Standaard behandeld. De significantie van fraude is echter zodanig dat in Standaard 240 verdere vereisten en leidraden zijn opgenomen met betrekking tot inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden voor het verkrijgen van informatie die wordt gebruikt om de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude te identificeren.188Standaard 240, *De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten*, paragraaf 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23 en 24. -A5 Hoewel van de accountant vereist wordt alle in paragraaf 6 beschreven risico-inschattingswerkzaamheden uit te voeren tijdens het verwerven van het vereiste inzicht in de entiteit (Zie Par. 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23 en 24), wordt niet van de accountant vereist dat hij voor elk aspect van deze kennisverwerving al deze werkzaamheden uitvoert. Er kunnen andere werkzaamheden worden uitgevoerd indien de informatie die daaruit kan worden verkregen nuttig kan zijn bij het identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang. Voorbeelden van dergelijke werkzaamheden zijn: +A5 Hoewel van de accountant vereist wordt alle in paragraaf 6 beschreven risico-inschattingswerkzaamheden uit te voeren tijdens het verwerven van het vereiste inzicht in de entiteit (Zie Par. 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23 en 24), wordt niet van de accountant vereist dat hij voor elk aspect van deze kennisverwerving al deze werkzaamheden uitvoert. Er kunnen andere werkzaamheden worden uitgevoerd indien de informatie die daaruit kan worden verkregen nuttig kan zijn bij het identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang. Voorbeelden van dergelijke werkzaamheden zijn: • het beoordelen van informatie verkregen uit externe bronnen, zoals handels- en economische tijdschriften; rapporten van analisten, banken of kredietbeoordelaars; of publicaties van regelgevende of toezichthoudende instanties of financiële publicaties; • het verzoeken om inlichtingen bij de externe juridisch adviseur van de entiteit of bij deskundigen op het gebied van waardering op wie de entiteit een beroep heeft gedaan. -##### . Verzoeken om inlichtingen bij het management en bij anderen binnen de entiteit (Zie Par. 6(a)) +##### . Verzoeken om inlichtingen bij het management en bij anderen binnen de entiteit (Zie Par. 6(a)) A6 Een groot deel van de informatie die de accountant uit zijn verzoeken om inlichtingen heeft verkregen, is afkomstig van het management en van degenen die verantwoordelijk zijn voor de financiële verslaggeving. De accountant kan ook informatie verkrijgen door middel van verzoeken om inlichtingen bij de interne auditfunctie, indien de entiteit over een dergelijke functie beschikt, en ook bij anderen binnen de entiteit. A7 De accountant kan tevens informatie verkrijgen, of een ander perspectief bij het identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang, door middel het verzoeken om inlichtingen bij anderen binnen de entiteit en ook bij andere werknemers met verschillende bevoegdheidsniveaus. Bijvoorbeeld: @@ -3656,11 +3656,11 @@ A10 Indien op basis van de reacties op de verzoeken om inlichtingen van de accou A11 Bovendien, overeenkomstig Standaard 240191Standaard 240, paragraaf 19, indien de interne auditfunctie informatie aan de accountant verschaft met betrekking tot feitelijke, vermoede of vermeende fraude, houdt de accountant hier rekening mee bij het door de accountant identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten. A12 Juiste personen binnen de interne auditfunctie bij wie verzoeken om inlichtingen worden gedaan, zijn degenen die, naar het oordeel van de accountant, over passende kennis, ervaring en autoriteit beschikken zoals de chief internal audit executive, of, afhankelijk van de omstandigheden, overige medewerkers binnen de interne auditfunctie. De accountant kan het tevens passend achten om met deze personen periodiek overleg te plegen. -##### . Overwegingen specifiek voor entiteiten in de publieke sector (Zie Par. 6) +##### . Overwegingen specifiek voor entiteiten in de publieke sector (Zie Par. 6) A13 Accountants van entiteiten in de publieke sector hebben vaak aanvullende verantwoordelijkheden met betrekking tot interne beheersing en het naleven van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Verzoeken om inlichtingen bij juiste personen van de interne auditfunctie kunnen de accountant ondersteunen bij het identificeren van het risico van het materiële niet-naleven van van toepassing zijnde wet- en regelgeving, alsmede van het risico van tekortkomingen in de interne beheersing inzake de financiële verslaggeving. -##### . Cijferanalyses (Zie Par. 6(b)) +##### . Cijferanalyses (Zie Par. 6(b)) A14 Als risico-inschattingswerkzaamheden uitgevoerde cijferanalyses kunnen aspecten van de entiteit aan het licht brengen waarvan de accountant niet op de hoogte was en kunnen helpen bij het inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang teneinde een basis te verkrijgen voor het opzetten en implementeren van manieren om op de ingeschatte risico’s in te spelen. Als risico-inschattingswerkzaamheden uitgevoerde cijferanalyses kunnen zowel financiële als niet-financiële informatie omvatten, bijvoorbeeld het verband tussen omzet en de oppervlakte van de verkoopruimte of het volume van de verkochte goederen. A15 Cijferanalyses kunnen helpen bij het identificeren van het bestaan van ongebruikelijke transacties of gebeurtenissen, alsmede bedragen, ratio’s en trends die kunnen duiden op aangelegenheden die gevolgen hebben voor de controle. Geïdentificeerde ongebruikelijke of onverwachte verbanden kunnen de accountant helpen bij het identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang, met name risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. @@ -3670,7 +3670,7 @@ A16 Als deze cijferanalyses echter gebruikmaken van op een hoog niveau samengevo A17 Sommige kleinere entiteiten hebben geen tussentijdse of maandelijkse financiële informatie die voor cijferanalyses kan worden gebruikt. In dat geval is het mogelijk dat, hoewel de accountant in staat kan zijn om beperkte cijferanalyses voor de planning van de controle uit te voeren dan wel om bepaalde informatie te verkrijgen via het inwinnen van inlichtingen, de accountant de uitvoering van cijferanalyses moet plannen om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten indien een voorlopig concept van de financiële overzichten van de entiteit beschikbaar is. -##### . Waarneming en inspectie (Zie Par. 6(c)) +##### . Waarneming en inspectie (Zie Par. 6(c)) A18 Waarnemingen en inspecties kunnen het verzoeken om inlichtingen bij het management en bij anderen ondersteunen, en kunnen tevens informatie verschaffen over de entiteit en haar omgeving. Voorbeelden van dergelijke controlewerkzaamheden zijn de waarneming of inspectie van: @@ -3679,7 +3679,7 @@ A18 Waarnemingen en inspecties kunnen het verzoeken om inlichtingen bij het mana • verslagen opgesteld door het management (zoals kwartaalverslagen van het management en tussentijdse financiële overzichten) en de met governance belaste personen (zoals notulen van vergaderingen van de raad van bestuur); • de panden en fabrieksinstallaties van de entiteit. -##### . In eerdere verslagperiodes verkregen informatie (Zie Par. 9) +##### . In eerdere verslagperiodes verkregen informatie (Zie Par. 9) A19 De ervaring van de accountant met de entiteit en de controlewerkzaamheden die bij eerdere controles zijn uitgevoerd, kunnen de accountant informatie verschaffen over zaken als: @@ -3688,7 +3688,7 @@ A19 De ervaring van de accountant met de entiteit en de controlewerkzaamheden di • significante wijzigingen in de entiteit of haar activiteiten sinds de vorige verslagperiode die de accountant kunnen helpen bij het verwerven van voldoende inzicht in de entiteit om risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten. A20 Van de accountant wordt vereist dat deze bepaalt of de in eerdere verslagperiodes verkregen informatie nog steeds relevant is indien hij voornemens is die informatie in het kader van de lopende controle te gebruiken. De reden hiervoor is dat wijzigingen in de interne beheersingsomgeving bijvoorbeeld van invloed kunnen zijn op de relevantie van de informatie die in het voorgaande jaar is verkregen. Om na te gaan of er zich wijzigingen hebben voorgedaan die mogelijk van invloed zijn op de relevantie van deze informatie, kan de accountant om inlichtingen verzoeken en andere passende controlewerkzaamheden uitvoeren, zoals lijncontroles van relevante systemen. -##### . Bespreking tussen de leden van het opdrachtteam (Zie Par. 10) +##### . Bespreking tussen de leden van het opdrachtteam (Zie Par. 10) A21 De bespreking tussen de leden van het opdrachtteam van de mate waarin de financiële overzichten van de entiteit vatbaar zijn voor een afwijking van materieel belang: @@ -3707,7 +3707,7 @@ A23 Veel controles van kleine entiteiten worden volledig uitgevoerd door de opdr ##### . De entiteit en haar omgeving -###### . Sectorgebonden factoren, regelgevingsfactoren en andere externe factoren (Zie Par. 11(a)) +###### . Sectorgebonden factoren, regelgevingsfactoren en andere externe factoren (Zie Par. 11(a)) ####### . Sectorgebonden factoren @@ -3739,7 +3739,7 @@ A28 Bij controles van entiteiten in de publieke sector is het mogelijk dat wet- A29 Voorbeelden van andere externe factoren die op de entiteit van invloed zijn en waarmee de accountant rekening kan houden, zijn de algemene economische omstandigheden, de rentevoeten, de beschikbaarheid van financiering, de inflatie en de revaluatie van een munteenheid. -##### . Aard van de entiteit (Zie Par. 11(b)) +##### . Aard van de entiteit (Zie Par. 11(b)) A30 Inzicht in de aard van een entiteit stelt de accountant in staat zaken te begrijpen zoals: @@ -3783,7 +3783,7 @@ A32 Significante wijzigingen binnen de entiteit ten opzichte van voorgaande vers A33 Een voor een bijzonder doel opgerichte entiteit (ook wel *special-purposeentity* of *special-purpose vehicle* genoemd) is een entiteit die doorgaans voor een zeer beperkt en welomschreven doel wordt opgericht, zoals een leasing of securitisatie van financiële activa, dan wel om onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten uit te voeren. Zij kan de vorm aannemen van een vennootschap, een trust, een maatschap of een entiteit zonder rechtspersoonlijkheid. Vaak is het zo dat de entiteit namens welke de voor een bijzonder doel opgerichte entiteit tot stand is gebracht activa transfereert naar deze laatste (bijvoorbeeld als onderdeel van een transactie waarbij financiële activa van de balans worden gehaald), het recht verkrijgt om de activa van de voor een bijzonder doel opgerichte entiteit te gebruiken, of diensten uitvoert voor de voor een bijzonder doel opgerichte entiteit, terwijl andere partijen mogelijk financiering verschaffen aan de voor een bijzonder doel opgerichte entiteit. Zoals Standaard 550 aangeeft, kan een voor een bijzonder doel opgerichte entiteit in bepaalde omstandigheden een verbonden partij van de entiteit zijn.196Standaard 550, paragraaf A7. A34 Stelsels inzake financiële verslaggeving specificeren vaak gedetailleerde voorwaarden die geacht worden vergelijkbaar te zijn met die van zeggenschap, of omstandigheden waaronder moet worden overwogen om de voor een bijzonder doel opgerichte entiteit in de consolidatiekring op te nemen. De interpretatie van de door dergelijke stelsels gestelde vereisten vergt vaak een gedetailleerde kennis van de relevante overeenkomsten waarbij de voor een bijzonder doel opgerichte entiteit is betrokken. -##### . De keuze en toepassing door de entiteit van grondslagen voor financiële verslaggeving (Zie Par. 11(c)) +##### . De keuze en toepassing door de entiteit van grondslagen voor financiële verslaggeving (Zie Par. 11(c)) A35 Inzicht in de keuze en toepassing door de entiteit van grondslagen voor financiële verslaggeving kan aangelegenheden omvatten als: @@ -3820,7 +3820,7 @@ A41 Gewoonlijk identificeert het management bedrijfsrisico’s en ontwikkelt het A42 Bij controles van entiteiten in de publieke sector kunnen de ‘doelstellingen van het management’ worden beïnvloed door punten van zorg over de publieke verantwoordingsplicht en kunnen ze doelstellingen bevatten die hun oorsprong vinden in wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften. -##### . Meting en beoordeling van de financiële prestaties van de entiteit (Zie Par. 11(e)) +##### . Meting en beoordeling van de financiële prestaties van de entiteit (Zie Par. 11(e)) A43 Het management en anderen meten en beoordelen elementen die zij belangrijk achten. Prestatiemetingen, zowel externe als interne, leggen druk op de entiteit. Deze druk kan het management ertoe aanzetten maatregelen te nemen om de bedrijfsprestaties te verbeteren of om in de financiële overzichten afwijkingen op te nemen. Daarom kan het verwerven van inzicht in de prestatiemetingen van de entiteit de accountant helpen bij het overwegen of de druk om prestatiedoelstellingen te realiseren tot gevolg kan hebben dat het management maatregelen neemt die de risico’s op een afwijking van materieel belang vergroten, waaronder die welke het gevolg zijn van fraude. Zie Standaard 240 voor vereisten en leidraden met betrekking tot frauderisico’s. A44 De meting en beoordeling van financiële prestaties is niet hetzelfde als het monitoren van interne beheersingsmaatregelen (besproken als een onderdeel van de interne beheersing in de paragrafen A106–A117), hoewel ze mogelijk overlappende doelstellingen hebben: @@ -3843,7 +3843,7 @@ A47 Interne metingen kunnen de aandacht vestigen op onverwachte resultaten of tr A48 Kleinere entiteiten hebben vaak geen processen voor het meten en beoordelen van financiële prestaties. Het verzoeken om inlichtingen bij het management kan aan het licht brengen dat het management zich baseert op bepaalde belangrijke indicatoren voor het beoordelen van financiële prestaties en het nemen van passende maatregelen. Indien dergelijke verzoeken aan het licht brengen dat er geen prestatiemetingen of -beoordelingen bestaan, kan er een verhoogd risico bestaan dat afwijkingen niet worden gedetecteerd en gecorrigeerd. -#### . Interne beheersing van de entiteit (Zie Par. 12) +#### . Interne beheersing van de entiteit (Zie Par. 12) A49 Inzicht in de interne beheersing is voor de accountant een hulpmiddel bij het identificeren van soorten mogelijke afwijkingen en factoren die van invloed zijn op de risico’s op een afwijking van materieel belang, alsmede bij het bepalen van de aard, timing en omvang van verdere controlewerkzaamheden. A50 De volgende toepassingsgerichte teksten met betrekking tot interne beheersing worden in de volgende vier secties weergegeven: @@ -3952,7 +3952,7 @@ A71 Een entiteit heeft gewoonlijk interne beheersingsmaatregelen die betrekking A72 Accountants in de publieke sector hebben vaak aanvullende verplichtingen met betrekking tot interne beheersing, bijvoorbeeld het rapporteren over de naleving van een vastgestelde gedragscode. Accountants in de publieke sector kunnen ook verplicht zijn te rapporteren over de naleving van wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften. Bijgevolg kan hun beoordeling van de interne beheersing uitgebreider en gedetailleerder zijn. -###### . Aard en omvang van het verwerven van inzicht in relevante interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 13) +###### . Aard en omvang van het verwerven van inzicht in relevante interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 13) A73 Bij de evaluatie van de opzet van een interne beheersingsmaatregel wordt overwogen of die maatregel afzonderlijk dan wel in combinatie met andere interne beheersingsmaatregelen afwijkingen van materieel belang op effectieve wijze kan voorkomen of detecteren en corrigeren. De implementatie van een interne beheersingsmaatregel houdt in dat deze bestaat en dat de entiteit deze ook toepast. Het heeft weinig zin de implementatie te beoordelen van een interne beheersingsmaatregel die niet effectief is, en daarom wordt eerst de opzet van een interne beheersingsmaatregel overwogen. Een niet-adequaat opgezette interne beheersingsmaatregel kan een significante tekortkoming in de interne beheersing vormen. A74 Risico-inschattingswerkzaamheden die gericht zijn op het verkrijgen van controle-informatie over de opzet en implementatie van relevante interne beheersingsmaatregelen kunnen de volgende werkzaamheden omvatten: @@ -3963,7 +3963,7 @@ A74 Risico-inschattingswerkzaamheden die gericht zijn op het verkrijgen van cont • het traceren van transacties met behulp van het informatiesysteem dat relevant is voor de financiële verslaggeving. Het verzoeken om inlichtingen alleen volstaat niet voor deze doeleinden. A75 Het verwerven van inzicht in de interne beheersingsmaatregelen van een entiteit volstaat niet om hun effectieve werking te toetsen, tenzij er een bepaalde automatisering bestaat dat de consistente werking van de interne beheersingsmaatregelen garandeert. Zo levert het verkrijgen van controle-informatie over de implementatie van een handmatige interne beheersingsmaatregel op een bepaald tijdstip geen controle-informatie op over de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregel op andere tijdstippen tijdens de gecontroleerde periode. Vanwege de inherente consistentie van geautomatiseerde gegevensverwerking (zie paragraaf A62) kan het uitvoeren van controlewerkzaamheden om na te gaan of een geautomatiseerde interne beheersingsmaatregel is geïmplementeerd echter wel dienen als een toetsing van de effectieve werking van die interne beheersingsmaatregel, afhankelijk van de inschatting van de accountant en het toetsen door de accountant van interne beheersingsmaatregelen zoals die welke betrekking hebben op programmawijzigingen. De toetsing van de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen wordt nader beschreven in Standaard 330.197Standaard, *Inspelen door de accountant op ingeschatte risico’s*. -##### . Componenten van de interne beheersing – Interne beheersingsomgeving (Zie Par. 14) +##### . Componenten van de interne beheersing – Interne beheersingsomgeving (Zie Par. 14) A76 De interne beheersingsomgeving omvat de governance-en managementfuncties alsmede de houding, de bekendheid met en de acties van de met governance belaste personen en het management met betrekking tot de interne beheersing van de entiteit en het belang daarvan in de entiteit. De interne beheersingsomgeving zet de toon van een organisatie en beïnvloedt daarmee het bewustzijn van de interne beheersing onder haar medewerkers. A77 Elementen van de interne beheersingsomgeving die relevant kunnen zijn bij het verwerven van inzicht in de interne beheersingsomgeving omvatten: @@ -4007,17 +4007,17 @@ A84 De interne beheersingsomgeving van kleinere entiteiten verschilt meestal van A85 Bovendien is controle-informatie voor elementen van de interne beheersingsomgeving in kleinere entiteiten niet altijd beschikbaar in de vorm van documenten, met name als de communicatie tussen het management en het overige personeel informeel verloopt maar toch effectief is. Zo is het mogelijk dat kleine entiteiten niet over een schriftelijke gedragscode beschikken, maar in plaats daarvan een cultuur ontwikkelen die het belang van integriteit en ethisch gedrag onderstreept via mondelinge communicatie en doordat het management het goede voorbeeld geeft. A86 Bijgevolg zijn de houding, de kennis en de handelingen van het management of de eigenaar-bestuurder van bijzonder belang voor het inzicht van de accountant in de interne beheersingsomgeving van een kleinere entiteit. -##### . Componenten van de interne beheersing – Het risico-inschattingsproces van de entiteit (Zie Par. 15) +##### . Componenten van de interne beheersing – Het risico-inschattingsproces van de entiteit (Zie Par. 15) A87 Het risico-inschattingsproces van de entiteit vormt de basis voor de wijze waarop het management de te beheersen risico’s bepaalt. Als dat proces in de gegeven omstandigheden, met inbegrip van de aard, omvang en complexiteit van de entiteit, passend is, is het voor de accountant een hulpmiddel bij het identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang. Of het risico-inschattingsproces van de entiteit in de gegeven omstandigheden geschikt is, is een kwestie van oordeelsvorming. -###### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten gelden (Zie Par. 17) +###### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten gelden (Zie Par. 17) A88 Het is onwaarschijnlijk dat in een kleine entiteit een vastgesteld risico-inschattingsproces bestaat. In dat geval is het waarschijnlijk dat het management risico’s zal identificeren door directe persoonlijke betrokkenheid bij de bedrijfsactiviteiten. Ongeacht de omstandigheden zal het toch noodzakelijk zijn inlichtingen in te winnen over de geïdentificeerde risico’s en de wijze waarop er door het management op wordt ingespeeld. ##### . Componenten van de interne beheersing – Het voor de financiële verslaggeving relevante informatiesysteem, met inbegrip van de daarmee verband houdende bedrijfsprocessen, en communicatie -###### . Het voor de financiële verslaggeving relevante informatiesysteem, met inbegrip van de daarmee verband houdende bedrijfsprocessen (Zie Par. 18) +###### . Het voor de financiële verslaggeving relevante informatiesysteem, met inbegrip van de daarmee verband houdende bedrijfsprocessen (Zie Par. 18) A89 Het informatiesysteem dat relevant is voor de doelstellingen van de financiële verslaggeving, met inbegrip van het administratieve systeem, bestaat uit de procedures en vastleggingen die zijn opgezet en ingericht teneinde: @@ -4045,7 +4045,7 @@ A92 De bedrijfsprocessen van een entiteit zijn de activiteiten die erop gericht A93 Informatiesystemen en daarmee verband houdende bedrijfsprocessen die relevant zijn voor de financiële verslaggeving in kleine entiteiten zijn meestal minder geavanceerd dan bij grotere entiteiten, maar het belang ervan is even groot. Kleine entiteiten met een actieve betrokkenheid van het management hebben mogelijk geen behoefte aan uitgebreide beschrijvingen van administratieve-verwerkingsprocedures, ingewikkelde administratieve vastleggingen of uitgeschreven beleidslijnen. Bijgevolg is het mogelijk dat het verwerven van inzicht in de systemen en processen van de entiteit bij een controle van kleinere entiteiten gemakkelijker is en in grotere mate afhankelijk is van het verzoeken om inlichtingen dan van het beoordelen van documenten. De noodzaak om inzicht te verwerven blijft echter belangrijk. -###### . Communicatie (Zie: Par. 19) +###### . Communicatie (Zie: Par. 19) A94 Communicatie door de entiteit over de taken en verantwoordelijkheden inzake financiële verslaggeving en over significante zaken met betrekking tot financiële verslaggeving houdt in dat inzicht wordt verschaft in individuele taken en verantwoordelijkheden die verband houden met de interne beheersing met betrekking tot de financiële verslaggeving. Dit omvat aangelegenheden zoals de mate waarin werknemers begrijpen hoe hun activiteiten in het systeem van financiële verslaggeving zich verhouden tot de werkzaamheden van anderen en de middelen om uitzonderingen aan een passend hoger niveau binnen de entiteit te rapporteren. Deze communicatie kan bijvoorbeeld de vorm aannemen van handboeken over beleidsprocedures of over financiële verslaggeving. Open communicatiekanalen helpen ervoor te zorgen dat uitzonderingen worden gerapporteerd en dat erop wordt gereageerd. @@ -4053,7 +4053,7 @@ A94 Communicatie door de entiteit over de taken en verantwoordelijkheden inzake A95 Het is mogelijk dat de communicatie minder gestructureerd en makkelijker te bereiken is in een kleine entiteit dan in een grotere entiteit vanwege het kleinere aantal verantwoordelijkheidsniveaus en de grotere zichtbaarheid en beschikbaarheid van het management. -##### . Componenten van de interne beheersing – Interne beheersingsactiviteiten (Zie Par. 20) +##### . Componenten van de interne beheersing – Interne beheersingsactiviteiten (Zie Par. 20) A96 Interne beheersingsactiviteiten zijn de beleidslijnen en -procedures die ervoor helpen te zorgen dat de instructies van het management worden uitgevoerd. Interne beheersingsactiviteiten, hetzij in IT-systemen, hetzij in handmatige systemen, hebben verschillende doelstellingen en worden op verschillende organisatie- en functieniveaus uitgevoerd. Voorbeelden van specifieke interne beheersingsactiviteiten zijn die welke betrekking hebben op: @@ -4075,7 +4075,7 @@ A100 De kennis van de accountant over het bestaan of ontbreken van interne behee A101 De concepten die aan interne beheersingsactiviteiten bij kleine entiteiten ten grondslag liggen zijn waarschijnlijk vergelijkbaar met die bij grotere entiteiten, maar de wijze waarop ze werken kan verschillen. Voorts is het mogelijk dat kleine entiteiten bepaalde soorten interne beheersingsactiviteiten niet relevant vinden vanwege de door het management toegepaste interne beheersingsmaatregelen. Zo is het mogelijk dat de exclusieve bevoegdheid van het management om aan klanten krediet te verstrekken en om significante aankopen goed te keuren leidt tot een effectieve interne beheersing van belangrijke rekeningsaldi en transacties, waardoor minder of geen behoefte is aan meer gedetailleerde interne beheersingsactiviteiten. A102 Interne beheersingsactiviteiten die relevant zijn voor de controle van een kleinere entiteit hebben waarschijnlijk betrekking op de belangrijkste transactiecycli, zoals opbrengsten, inkopen en personeelskosten. -###### . Risico’s die voortkomen uit IT (Zie Par. 21) +###### . Risico’s die voortkomen uit IT (Zie Par. 21) A103 Het gebruik van IT is van invloed op de wijze waarop interne beheersingsactiviteiten worden geïmplementeerd. Vanuit het gezichtspunt van de accountant zijn interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot IT-systemen effectief als ze de integriteit van de informatie en de beveiliging van de door dergelijke systemen verwerkte gegevens handhaven en ze effectieve *general IT controls* en *application controls *omvatten. A104 *General IT controls *zijn beleidslijnen en procedures die betrekking hebben op een groot aantal toepassingen en die de effectieve werking van *application controls *ondersteunen. Ze zijn van toepassing op mainframe-, miniframe- en eindgebruikersomgevingen. *General IT controls *die de integriteit van de informatie en de beveiliging van gegevens handhaven, omvatten gewoonlijk: @@ -4089,7 +4089,7 @@ A104 *General IT controls *zijn beleidslijnen en procedures die betrekking hebbe Ze worden over het algemeen geïmplementeerd om in te spelen op de risico’s die hierboven in paragraaf A63 zijn genoemd. A105 *Application controls *zijn handmatige of geautomatiseerde procedures die doorgaans op het niveau van een bedrijfsproces werken en van toepassing zijn op de verwerking van transacties door individuele toepassingen. *Application controls *kunnen preventief of detecterend van aard zijn, en zijn opgezet om te zorgen voor de integriteit van de administratieve vastleggingen. *Application controls* hebben derhalve betrekking op procedures die worden gehanteerd om transacties of andere financiële gegevens tot stand te brengen, vast te leggen, te verwerken en te rapporteren. Deze interne beheersingsmaatregelen helpen ervoor te zorgen dat transacties die zich hebben voorgedaan worden geautoriseerd en volledig en nauwkeurig worden vastgelegd en verwerkt. Voorbeelden zijn wijzigingscontroles van invoergegevens en controles op nummervolgorde met handmatige opvolging van uitzonderingsrapporten of correctie van gegevens op het moment waarop ze worden ingevoerd. -##### . Componenten van de interne beheersing – monitoring van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 22) +##### . Componenten van de interne beheersing – monitoring van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 22) A106 Het monitoren van interne beheersingsmaatregelen is een proces om de effectieve werking van de interne beheersing in de tijd in te schatten. Dit houdt onder meer in dat de effectiviteit van interne beheersingsmaatregelen tijdig wordt ingeschat en dat de noodzakelijke corrigerende maatregelen worden genomen. Het management monitort interne beheersingsmaatregelen door middel van doorlopende activiteiten, afzonderlijke evaluaties of een combinatie van beide. Doorlopende monitoringactiviteiten worden vaak in de normale terugkerende activiteiten van een entiteit geïntegreerd en omvatten reguliere management- en toezichthoudende activiteiten. A107 Tot de monitoringactiviteiten van het management kan behoren het gebruikmaken van informatie die uit communicatie met derden is verkregen, zoals klachten van klanten en opmerkingen van regelgevende instanties die kunnen duiden op problemen of die de aandacht vestigen op gebieden waarop verbeteringen nodig zijn. @@ -4098,7 +4098,7 @@ A107 Tot de monitoringactiviteiten van het management kan behoren het gebruikmak A108 Het monitoren van de interne beheersing door het management komt vaak tot stand door de nauwe betrokkenheid van het management of de eigenaar-bestuurder bij de bedrijfsactiviteiten. Deze betrokkenheid zal vaak significante afwijkingen van verwachtingen en onjuistheden in financiële gegevens aan het licht brengen en tot corrigerende maatregelen leiden. -##### . Interne auditfuncties (Zie Par. 23) +##### . Interne auditfuncties (Zie Par. 23) A109 Indien de entiteit over een interne auditfunctie beschikt, draagt het verwerven van inzicht in die functie bij aan het inzicht van de accountant in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van de interne beheersing, in het bijzonder de rol die de interne auditors spelen bij het monitoren van de interne beheersing van de entiteit inzake de financiële verslaggeving. Dit inzicht, gezamenlijk met de informatie die is verkregen door middel van de verzoeken om inlichtingen in paragraaf 6(a) van deze Standaard, kan tevens informatie verschaffen die direct relevant is voor het door de accountant identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang. A110 De doelstellingen en reikwijdte van een interne auditfunctie, de aard van haar verantwoordelijkheden en haar status binnen de organisatie, met inbegrip van de bevoegdheid en verantwoordingsplicht van de functie, variëren in grote mate en zijn afhankelijk van de omvang en structuur van de entiteit en van de vereisten van het management en, voor zover van toepassing, van de met governance belaste personen. Deze aangelegenheden kunnen worden uiteengezet in een internal audit charter of taakomschrijving. @@ -4109,7 +4109,7 @@ A114 Indien, op basis van het voorlopige inzicht van de accountant in de interne A115 Zoals verder in Standaard 610 (Herzien) wordt besproken, verschillen de werkzaamheden van een interne auditfunctie van andere op monitoring gerichte interne beheersingsmaatregelen die voor de financiële verslaggeving relevant kunnen zijn, zoals de beoordelingen van management accounting informatie die zijn opgezet om bij te dragen aan de wijze waarop de entiteit afwijkingen voorkomt of detecteert. A116 Het vroegtijdig in de opdracht tot stand brengen van communicatie met de juiste personen binnen een interne auditfunctie van een entiteit, en het onderhouden van deze communicatie gedurende de opdracht, kan het effectief delen van informatie bevorderen. Het creëert een omgeving waarin de accountant kan worden geïnformeerd over significante aangelegenheden die onder de aandacht van de interne auditfunctie kunnen komen, wanneer dergelijke aangelegenheden de werkzaamheden van de accountant kunnen beïnvloeden. Standaard 200 behandelt het belang van de accountant om de controle te plannen en uit te voeren met een professioneel kritische instelling, met inbegrip van het alert zijn op informatie die de betrouwbaarheid van documenten en reacties op verzoeken om inlichtingen die als controle-informatie worden gebruikt, ter discussie stelt. Dienovereenkomstig kan overleg met de interne auditfunctie gedurende de opdracht aan de interne accountants de gelegenheid bieden om dergelijke informatie onder de aandacht van de accountant te brengen. De accountant is dan in staat om dergelijke informatie in overweging te nemen bij het door de accountant identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang. -###### . Informatiebronnen (Zie Par. 24) +###### . Informatiebronnen (Zie Par. 24) A117 Het is mogelijk dat een groot deel van de voor monitoringdoeleinden gebruikte informatie afkomstig is uit het informatiesysteem van de entiteit. Als het management ervan uitgaat dat de voor monitoringdoeleinden gebruikte gegevens nauwkeurig zijn maar het management geen basis heeft voor deze veronderstelling, kunnen eventuele fouten in de informatie ertoe leiden dat het management verkeerde conclusies trekt uit zijn monitoringactiviteiten. Derhalve is inzicht vereist in: @@ -4118,7 +4118,7 @@ A117 Het is mogelijk dat een groot deel van de voor monitoringdoeleinden gebruik #### . Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten -##### . Het inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten (Zie Par. 25 (a)) +##### . Het inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten (Zie Par. 25 (a)) A118 Risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten betreffen risico’s die een diepgaande invloed hebben op de financiële overzichten als geheel en die mogelijk op een groot aantal beweringen van invloed zijn. @@ -4134,7 +4134,7 @@ A121 Standaard 705 Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant. * stelt vereisten vast en verschaft leidraden voor het bepalen of het noodzakelijk is dat de accountant een oordeel met beperking tot uitdrukking brengt of een oordeelonthouding formuleert of, zoals in sommige situaties is vereist, de opdracht teruggeeft indien dat op grond van de van toepassing zijnde wet- of regelgeving mogelijk is. -##### . Het inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen (Zie Par. 25(b)) +##### . Het inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen (Zie Par. 25(b)) A122 De risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen met betrekking tot transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen moeten worden ingeschat, omdat een dergelijke inschatting direct helpt bij het bepalen van de aard, timing en omvang van verdere controlewerkzaamheden op het niveau van beweringen die nodig zijn om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. Bij het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen kan de accountant tot de conclusie komen dat de geïdentificeerde risico’s een diepgaandere invloed hebben op de financiële overzichten als geheel en mogelijk op een groot aantal beweringen van invloed zijn. @@ -4168,12 +4168,12 @@ A125 De accountant kan gebruikmaken van de beweringen zoals hierboven beschreven A126 Indien het management naast de in paragraaf A124 uiteengezette beweringen ook beweringen doet over de financiële overzichten van entiteiten in de publieke sector, houden die beweringen vaak in dat transacties en gebeurtenissen zijn uitgevoerd in overeenstemming met de wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften. Het is mogelijk dat dergelijke beweringen binnen de reikwijdte van de controle van financiële overzichten vallen. -##### . Het proces van identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 26(a)) +##### . Het proces van identificeren van risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 26(a)) A127 Informatie verzameld tijdens het uitvoeren van risico-inschattingswerkzaamheden, met inbegrip van de controle-informatie die is verkregen bij het evalueren van de opzet van interne beheersingsmaatregelen en het nagaan of deze zijn geïmplementeerd, wordt als controle-informatie gebruikt ter onderbouwing van de risico-inschatting. De risico-inschatting bepaalt de aard, timing en omvang van de verdere controlewerkzaamheden die zullen worden uitgevoerd. A128 Bijlage 2 geeft voorbeelden van omstandigheden en gebeurtenissen die kunnen duiden op het bestaan van risico’s op een afwijking van materieel belang. -##### . Interne beheersingsmaatregelen in verband brengen met beweringen (Zie Par. 26(c)) +##### . Interne beheersingsmaatregelen in verband brengen met beweringen (Zie Par. 26(c)) A129 Tijdens de uitvoering van risico-inschattingen is het mogelijk dat de accountant identificeert welke interne beheersingsmaatregelen waarschijnlijk een afwijking van materieel belang in specifieke beweringen voorkomen, of detecteren en corrigeren. Doorgaans is het nuttig inzicht te verwerven in interne beheersingsmaatregelen en ze in verband te brengen met beweringen in de context van processen en systemen waarin ze bestaan, omdat afzonderlijke interne beheersingsactiviteiten op zich vaak niet op een risico inspelen. Vaak zijn alleen meerdere interne beheersingsactiviteiten, samen met andere componenten van de interne beheersing, voldoende om op een risico in te spelen. A130 Daartegenover staat dat bepaalde interne beheersingsactiviteiten een specifiek effect kunnen hebben op een afzonderlijke bewering die in een bepaalde transactiestroom of een bepaald rekeningsaldo vervat is. Zo houden de interne beheersingsactiviteiten die een entiteit heeft ingesteld om ervoor te zorgen dat haar werknemers de fysieke voorraad naar behoren opnemen en vastleggen rechtstreeks verband met de beweringen ‘bestaan’ en ‘volledigheid’ voor het rekeningsaldo van de voorraad. @@ -4181,7 +4181,7 @@ A131 Interne beheersingsmaatregelen kunnen direct of indirect verband houden met ##### . Significante risico’s -###### . Significante risico’s identificeren (Zie Par. 28) +###### . Significante risico’s identificeren (Zie Par. 28) A132 Significante risico’s hebben vaak betrekking op significante niet-routinematige transacties of op aangelegenheden die oordeelsvorming vereisen. Niet-routinematige transacties zijn transacties die vanwege hun omvang of aard ongebruikelijk zijn en bijgevolg zelden voorkomen. Aangelegenheden die de toepassing van oordeelsvorming vereisen zijn onder meer de ontwikkeling van schattingen waarvoor significante onzekerheid omtrent de waardering bestaat. Bij routinematige, niet-complexe transacties die systematisch worden verwerkt is de kans kleiner dat ze aanleiding geven tot significante risico’s. A133 De risico’s op een afwijking van materieel belang kunnen groter zijn voor significante niet-routinematige transacties die voortkomen uit aangelegenheden als: @@ -4200,7 +4200,7 @@ A135 Standaard 330 beschrijft welke gevolgen het aanwijzen van een risico als zi A136 Standaard 240 stelt verdere vereisten vast en verschaft leidraden met betrekking tot het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude.201Standaard 240, paragraaf 25, 26 en 27. -###### . Inzicht in interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot significante risico’s (Zie Par. 29) +###### . Inzicht in interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot significante risico’s (Zie Par. 29) A137 Hoewel risico’s met betrekking tot significante niet-routinematige aangelegenheden of inschattingsaangelegenheden minder vaak aan routinematige interne beheersingsmaatregelen worden onderworpen, is het mogelijk dat het management op een andere wijze op deze risico’s inspeelt. Bijgevolg heeft het inzicht van de accountant in de vraag of de entiteit interne beheersingsmaatregelen heeft opgezet en geïmplementeerd voor significante risico’s die voortkomen uit niet-routinematige aangelegenheden of inschattingsaangelegenheden, onder meer betrekking op de vraag of en hoe het management op de risico’s inspeelt. De manieren om op risico’s in te spelen kunnen het volgende omvatten: @@ -4210,7 +4210,7 @@ A137 Hoewel risico’s met betrekking tot significante niet-routinematige aangel A138 Indien er bijvoorbeeld eenmalige gebeurtenissen zijn geweest, zoals de ontvangst van de kennisgeving van een significante rechtszaak, kan bij het overwegen van de wijze waarop de entiteit hierop heeft ingespeeld onder meer rekening worden gehouden met aangelegenheden zoals de vraag of de entiteit al dan niet geschikte deskundigen (zoals interne of externe juridisch adviseurs) heeft ingeschakeld, de vraag of er een inschatting is gemaakt van de mogelijke gevolgen, en de vraag hoe het management deze situatie denkt toe te lichten in de financiële overzichten. A139 In sommige gevallen heeft het management mogelijk niet op passende wijze ingespeeld op significante risico’s op een afwijking van materieel belang door interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot deze significante risico’s te implementeren. Indien het management nalaat dergelijke interne beheersingsmaatregelen te implementeren, wijst dat op een significante tekortkoming in de interne beheersing.202Standaard 265, *Meedelen van tekortkomingen in de interne beheersing aan de met governance belaste personen en het management*, paragraaf A7. -##### . Risico’s waarvoor gegevensgerichte controles alleen geen voldoende en geschikte controle-informatie verschaffen (Zie Par. 30) +##### . Risico’s waarvoor gegevensgerichte controles alleen geen voldoende en geschikte controle-informatie verschaffen (Zie Par. 30) A140 Risico’s op een afwijking van materieel belang kunnen rechtstreeks verband houden met de vastlegging van routinematige transactiestromen of rekeningsaldi en met de opstelling van betrouwbare financiële overzichten. Voorbeelden van dergelijke risico’s zijn het risico op een onnauwkeurige of onvolledige verwerking van routinematige en significante transactiestromen, zoals de opbrengsten, inkopen en contante ontvangsten of betalingen van een entiteit. A141 Indien dergelijke routinematige zakelijke transacties het voorwerp uitmaken van een in hoge mate geautomatiseerde verwerking met weinig of geen handmatige interventie, is het niet altijd mogelijk om alleen gegevensgerichte controles in verband met het risico uit te voeren. De accountant kan dit bijvoorbeeld van toepassing achten in situaties waar een significant gedeelte van de informatie van de entiteit alleen in elektronische vorm tot stand wordt gebracht, vastgelegd, verwerkt of gerapporteerd, zoals in een geïntegreerd systeem. In dergelijke gevallen: @@ -4219,18 +4219,18 @@ A141 Indien dergelijke routinematige zakelijke transacties het voorwerp uitmaken • is de kans dat informatie onjuist tot stand wordt gebracht of gewijzigd zonder dat de fout wordt gedetecteerd mogelijk groter als geschikte interne beheersingsmaatregelen niet effectief werken. A142 In Standaard 330 is beschreven welke gevolgen het identificeren van dergelijke risico’s heeft voor de verdere controlewerkzaamheden.203Standaard 330, paragraaf 8. -##### . Bijstelling van de risico-inschatting (Zie Par. 31) +##### . Bijstelling van de risico-inschatting (Zie Par. 31) A143 Tijdens de controle kan informatie onder de aandacht van de accountant komen die op significante wijze afwijkt van de informatie waarop de risico-inschatting werd gebaseerd. De risico-inschatting kan bijvoorbeeld gebaseerd zijn op de verwachting dat bepaalde interne beheersingsmaatregelen effectief werken. Bij het toetsen van deze interne beheersingsmaatregelen is het mogelijk dat de accountant controle-informatie verkrijgt dat de interne beheersingsmaatregelen op relevante momenten tijdens de controle niet effectief werkten. Zo ook kan de accountant tijdens de uitvoering van gegevensgerichte controles afwijkingen detecteren die hogere bedragen vertegenwoordigen of vaker voorkomen dan wat hij op basis van zijn risico-inschatting kon verwachten. In dat geval is het mogelijk dat de risico-inschatting de werkelijke omstandigheden van de entiteit niet passend weerspiegelt en dat de geplande verdere controlewerkzaamheden mogelijk niet effectief zijn wat betreft het detecteren van afwijkingen van materieel belang. Zie Standaard 330 voor verdere leidraden. -#### . Documentatie (Zie Par. 32) +#### . Documentatie (Zie Par. 32) A144 Het is de accountant die op basis van professionele oordeelsvorming bepaalt op welke wijze de vereisten van paragraaf 32 worden gedocumenteerd. Zo kan hij de documentatie bij de controle van kleine entiteiten opnemen in zijn documentatie van de algehele controleaanpak en het controleprogramma.204Standaard 300, *Planning van een controle van financiële overzichten*, paragraaf 7 en 9. Zo kan hij de resultaten van de risico-inschatting afzonderlijk documenteren, of documenteren als onderdeel van zijn documentatie van de verdere werkzaamheden.205Standaard 330, paragraaf 28. De vorm en omvang van de documentatie wordt mede bepaald door de aard, omvang en complexiteit van de entiteit en haar interne beheersing, de beschikbaarheid van informatie bij de entiteit en de in de loop van de controle gehanteerde controlemethodologie en -technieken. A145 Bij entiteiten die ongecompliceerde bedrijfsactiviteiten en processen hebben met betrekking tot financiële verslaggeving, kan de documentatie in eenvoudige vorm worden opgesteld en relatief beknopt zijn. De accountant hoeft niet zijn volledige kennis van de entiteit en aangelegenheden die daarmee verband houden te documenteren. Belangrijke elementen van de door de accountant gedocumenteerde kennis zijn onder meer de elementen waarop hij de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang heeft gebaseerd. A146 De omvang van de documentatie kan ook een afspiegeling zijn van de ervaring en capaciteiten van de leden van het controleteam. Mits altijd aan de vereisten van Standaard 230 is voldaan, kan een controle uitgevoerd door een opdrachtteam bestaande uit minder ervaren personen meer gedetailleerde documentatie vereisen die hen helpt een juist inzicht in de entiteit te verwerven dan wanneer het opdrachtteam uit ervaren personen bestaat. A147 Bij doorlopende controles kan bepaalde documentatie worden overgenomen uit de voorgaande periode en, naargelang dit noodzakelijk is, worden geactualiseerd teneinde veranderingen in de activiteiten of processen van de entiteit te weerspiegelen. -### 1:. Componenten van de interne beheersing (Zie Par. 4(c), 14–24 en A76– ) +### 1:. Componenten van de interne beheersing (Zie Par. 4(c), 14–24 en A76– ) 1. Deze bijlage geeft verdere uitleg over de componenten van de interne beheersing, zoals in de paragrafen 4(c), 14–24 en A71–A117 uiteengezet, die relevant zijn voor een controle van financiële overzichten. @@ -4302,7 +4302,7 @@ Monitoring moet er ook voor zorgen dat interne beheersingsmaatregelen effectief Ook kunnen regelgevende instanties met de entiteit aangelegenheden bespreken die de werking van de interne beheersing beïnvloeden, zoals mededelingen met betrekking tot onderzoeken door regelgevende of toezichthoudende instanties voor de banksector. Tevens kan het management bij de uitvoering van monitoringactiviteiten rekening houden met mededelingen door accountants met betrekking tot de interne beheersing. -### 2:. Omstandigheden en gebeurtenissen die kunnen wijzen op risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. A40 en A128) +### 2:. Omstandigheden en gebeurtenissen die kunnen wijzen op risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. A40 en A128) Hieronder volgen voorbeelden van omstandigheden en gebeurtenissen die kunnen wijzen op het bestaan van risico’s op een afwijking van materieel belang. De lijst beslaat een breed scala van omstandigheden en gebeurtenissen. Niet alle omstandigheden en gebeurtenissen zijn echter relevant voor elke controleopdracht, en de lijst met voorbeelden is niet noodzakelijk volledig. @@ -4357,7 +4357,7 @@ a. een redelijke kennis hebben van bedrijfs- en economische activiteiten, alsmed b. begrijpen dat financiële overzichten worden opgesteld, gepresenteerd en gecontroleerd overeenkomstig materialiteitsniveaus; c. de onzekerheden erkennen die inherent zijn aan het bepalen van bedragen op basis van schattingen, beoordelingen en het in aanmerking nemen van toekomstige gebeurtenissen; en d. redelijke economische beslissingen nemen op basis van de informatie in de financiële overzichten. -5 Het begrip materialiteit wordt door de accountant toegepast zowel bij het plannen en uitvoeren van de controle, als bij het evalueren van het effect van de geïdentificeerde afwijkingen op de controle en van eventuele niet-gecorrigeerde afwijkingen op de financiële overzichten, alsmede bij het vormen van het oordeel in de controleverklaring. (Zie Par. A1) +5 Het begrip materialiteit wordt door de accountant toegepast zowel bij het plannen en uitvoeren van de controle, als bij het evalueren van het effect van de geïdentificeerde afwijkingen op de controle en van eventuele niet-gecorrigeerde afwijkingen op de financiële overzichten, alsmede bij het vormen van het oordeel in de controleverklaring. (Zie Par. A1) 6 Bij het plannen van de controle past de accountant oordeelsvorming toe betreffende de omvang van de afwijkingen die van materieel belang zullen worden geacht. Deze oordeelsvormingen vormen de basis voor: a. het bepalen van de aard, timing en omvang van de risico-inschattingswerkzaamheden; @@ -4382,26 +4382,26 @@ De vastgestelde materialiteit bij het plannen van de controle hoeft niet noodzak #### . Het bepalen van materialiteit en uitvoeringsmaterialiteit bij het plannen van de controle -10 Bij het vaststellen van de algehele controleaanpak dient de accountant de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel te bepalen. Het kan zijn dat, in de specifieke omstandigheden van de entiteit, er sprake is van één of meer bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen waarvoor afwijkingen van kleinere bedragen dan de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel redelijkerwijs kunnen worden verondersteld de economische beslissingen van gebruikers die genomen zijn op basis van de financiële overzichten te zullen beïnvloeden. In deze gevallen dient de accountant tevens het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus te bepalen die van toepassing zijn op die bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen. (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9, A10 en A11) -11 De accountant dient de uitvoeringsmaterialiteit voor de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang en de bepaling van de aard, timing en omvang van verdere controlewerkzaamheden te bepalen. (Zie Par. A12) +10 Bij het vaststellen van de algehele controleaanpak dient de accountant de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel te bepalen. Het kan zijn dat, in de specifieke omstandigheden van de entiteit, er sprake is van één of meer bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen waarvoor afwijkingen van kleinere bedragen dan de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel redelijkerwijs kunnen worden verondersteld de economische beslissingen van gebruikers die genomen zijn op basis van de financiële overzichten te zullen beïnvloeden. In deze gevallen dient de accountant tevens het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus te bepalen die van toepassing zijn op die bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen. (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9, A10 en A11) +11 De accountant dient de uitvoeringsmaterialiteit voor de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang en de bepaling van de aard, timing en omvang van verdere controlewerkzaamheden te bepalen. (Zie Par. A12) #### . Herziening naarmate de controle vordert -12 De accountant dient de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (en, indien van toepassing, het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus van bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen) te herzien wanneer hij tijdens de controle kennis heeft gekregen van informatie op grond waarvan hij initieel een ander bedrag (of bedragen) zou hebben bepaald. (Zie Par. A13) +12 De accountant dient de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (en, indien van toepassing, het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus van bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen) te herzien wanneer hij tijdens de controle kennis heeft gekregen van informatie op grond waarvan hij initieel een ander bedrag (of bedragen) zou hebben bepaald. (Zie Par. A13) 13 Indien de accountant tot de conclusie komt dat een lagere materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (alsmede, indien van toepassing, het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus van bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen) dan initieel is vastgesteld passend is, dient hij te bepalen of het nodig is de uitvoeringsmaterialiteit te herzien, alsmede of de aard, timing en omvang van de verdere controlewerkzaamheden passend blijven. #### . Documentatie 14 De accountant dient in de controledocumentatie de volgende bedragen en de factoren die bij het vaststellen hiervan in overweging zijn genomen, op te nemen:209Standaard 230, *Controledocumentatie*, paragraaf 8, 9, 10, 11, en A6. -a. materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (Zie Par. 10); -b. indien van toepassing, het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus voor bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen (Zie Par. 10); -c. de uitvoeringsmaterialiteit (Zie Par. 11); en -d. alle herzieningen van (a)-(c) naarmate de controle vordert (Zie Par. 12 en 13). +a. materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (Zie Par. 10); +b. indien van toepassing, het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus voor bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen (Zie Par. 10); +c. de uitvoeringsmaterialiteit (Zie Par. 11); en +d. alle herzieningen van (a)-(c) naarmate de controle vordert (Zie Par. 12 en 13). ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Materialiteit en controlerisico (Zie Par. 5) +#### . Materialiteit en controlerisico (Zie Par. 5) A1 Bij het uitvoeren van een controle van financiële overzichten zijn de algehele doelstellingen van de accountant het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid of de financiële overzichten als geheel geen afwijking van materieel belang bevatten als gevolg van fraude of van fouten, waardoor de accountant in staat wordt gesteld om een oordeel tot uitdrukking te brengen over de vraag of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met een van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving, het rapporteren over de financiële overzichten en het communiceren zoals vereist is op grond van de Standaarden, in overeenstemming met de bevindingen van de accountant210Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden*, paragraaf 11.. De accountant verkrijgt een redelijke mate van zekerheid door het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie teneinde het controlerisico tot een aanvaardbaar laag niveau terug te brengen211Standaard 200, paragraaf 17.. Het controlerisico is het risico dat de accountant een onjuist controleoordeel tot uitdrukking brengt wanneer de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten. Het controlerisico is een functie van de risico’s op een afwijking van materieel belang en van het ontdekkingsrisico212Standaard 200, paragraaf 13(c).. Materialiteit en controlerisico worden gedurende de controle in acht genomen, in het bijzonder bij: @@ -4411,11 +4411,11 @@ c. het evalueren van het effect van eventuele niet-gecorrigeerde afwijkingen op #### . Het bepalen van materialiteit en de uitvoeringsmaterialiteit bij het plannen van de controle -##### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 10) +##### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 10) A2 In het geval van een entiteit in de publieke sector zijn wet- en regelgevende of toezichthoudende instanties vaak de belangrijkste gebruikers van haar financiële overzichten. Bovendien kunnen de financiële overzichten worden gebruikt bij het nemen van andere dan economische beslissingen. Het bepalen van de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (en, indien van toepassing, het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus voor bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen) bij een controle van de financiële overzichten van een entiteit in de publieke sector wordt daarom beïnvloed door wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften; alsmede door de behoeften aan financiële informatie van wetgevers en het publiek in verband met de programma’s van de publieke sector. -##### . Gebruik van benchmarks bij het bepalen van materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (Zie Par. 10) +##### . Gebruik van benchmarks bij het bepalen van materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (Zie Par. 10) A3 Het bepalen van de materialiteit houdt het toepassen van professionele oordeelsvorming in. Er wordt vaak een percentage op een bepaalde benchmark toegepast als uitgangspunt bij het bepalen van de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel. Factoren die het vaststellen van een geschikte benchmark kunnen beïnvloeden zijn onder meer: @@ -4437,7 +4437,7 @@ A8 Wanneer de winst vóór belastingen uit voortgezette bedrijfsactiviteiten van A9 Bij een controle van een entiteit in de publieke sector kunnen de totale kosten of de nettokosten (lasten minus opbrengsten of uitgaven minus ontvangsten) geschikte benchmarks zijn voor op programma’s gebaseerde activiteiten. Als publieke activa in bewaring zijn bij een entiteit in de publieke sector, kunnen activa een geschikte benchmark zijn. -##### . Materialiteitsniveau of materialiteitsniveaus voor bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen (Zie Par. 10) +##### . Materialiteitsniveau of materialiteitsniveaus voor bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen (Zie Par. 10) A10 Factoren die kunnen wijzen op het bestaan van één of meer bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat afwijkingen onder het materialiteitsniveau voor de financiële overzichten als geheel van invloed zijn op de economische beslissingen die door gebruikers op basis van de financiële overzichten worden genomen, zijn onder meer: @@ -4446,11 +4446,11 @@ A10 Factoren die kunnen wijzen op het bestaan van één of meer bijzondere trans • de vraag of de aandacht wordt gericht op een bijzonder aspect van de activiteiten van de entiteit dat afzonderlijk wordt toegelicht in de financiële overzichten (bijvoorbeeld: een nieuw verworven bedrijfsactiviteit). A11 Wanneer wordt overwogen of, in de specifieke omstandigheden van de entiteit, zulke transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen bestaan, kan de accountant het nuttig achten inzicht te verwerven in de opvattingen en verwachtingen van de met governance belaste personen en het management. -##### . Uitvoeringsmaterialiteit (Zie Par. 11) +##### . Uitvoeringsmaterialiteit (Zie Par. 11) A12 Wanneer de planning van de controle er alleen op gericht is individuele afwijkingen van materieel belang te detecteren, wordt voorbijgegaan aan het feit dat het totaal van de individuele afwijkingen die niet van materieel belang zijn, ertoe kan leiden dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten, en wordt geen speelruimte gelaten voor mogelijke niet-gedetecteerde afwijkingen. Uitvoeringsmaterialiteit (die gedefinieerd is als één of meer bedragen) wordt vastgesteld om de waarschijnlijkheid dat het totaal van niet-gecorrigeerde en niet-gedetecteerde afwijkingen in de financiële overzichten de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel overschrijdt, tot een passend laag niveau terug te brengen. Op gelijksoortige wijze wordt uitvoeringsmaterialiteit met betrekking tot een materialiteitsniveau dat voor bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen bepaald is, vastgesteld teneinde de waarschijnlijkheid dat het totaal van niet-gecorrigeerde en niet-gedetecteerde afwijkingen in die bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen het materialiteitsniveau voor die specifieke transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen overschrijdt, tot een passend laag niveau terug te brengen. Het bepalen van uitvoeringsmaterialiteit is geen eenvoudige mechanische berekening en houdt het toepassen van professionele oordeelsvorming in. Het wordt beïnvloed door het door de accountant verworven inzicht in de entiteit, dat wordt geactualiseerd tijdens het uitvoeren van de risico-inschattingswerkzaamheden, alsmede door de aard en omvang van de afwijkingen die zijn vastgesteld bij eerdere controles en aldus door de verwachtingen van de accountant met betrekking tot afwijkingen in de huidige verslagperiode. -#### . Herziening naarmate de controle vordert (Zie Par. 12) +#### . Herziening naarmate de controle vordert (Zie Par. 12) A13 Het kan gebeuren dat het nodig is dat de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (en, indien van toepassing, het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus voor bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen) moet worden herzien ten gevolge van wijzigingen in omstandigheden die tijdens de controle zijn opgetreden (bijvoorbeeld: een beslissing om een groot deel van de activiteiten van de entiteit af te stoten), nieuwe informatie of een wijziging in het door de accountant verworven inzicht in de entiteit en haar activiteiten ten gevolge van het uitvoeren van verdere controlewerkzaamheden. Indien bijvoorbeeld tijdens de controle blijkt dat de werkelijke financiële resultaten naar alle waarschijnlijkheid aanzienlijk zullen verschillen van de verwachte financiële resultaten aan het eind van de verslagperiode die initieel zijn gebruikt om de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel vast te stellen, zal de accountant die materialiteit herzien. @@ -4484,26 +4484,26 @@ b. *toetsingen van interne beheersingsmaatregelen* – een controlemaatregel die #### . Algehele manieren om op risico’s in te spelen -5 De accountant dient algehele manieren op te zetten en te implementeren om op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten in te spelen. (Zie Par. A1, A2 en A3) +5 De accountant dient algehele manieren op te zetten en te implementeren om op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten in te spelen. (Zie Par. A1, A2 en A3) #### . Controlewerkzaamheden gericht op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen -6 De accountant dient verdere controlewerkzaamheden op te zetten en uit te voeren waarvan de aard, timing en omvang worden gebaseerd op, en een reactie zijn op, de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen. (Zie Par. A4, A5, A6, A7 en A8) +6 De accountant dient verdere controlewerkzaamheden op te zetten en uit te voeren waarvan de aard, timing en omvang worden gebaseerd op, en een reactie zijn op, de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen. (Zie Par. A4, A5, A6, A7 en A8) 7 Bij het opzetten van verdere controlewerkzaamheden die zullen worden uitgevoerd dient de accountant: a. de redenen te overwegen die hebben geleid tot de inschatting van het risico op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen voor elk(e) transactiestroom, rekeningsaldo en in de financiële overzichten opgenomen toelichting, waaronder: 1. de waarschijnlijkheid dat een afwijking van materieel belang zich voordoet op grond van de specifieke kenmerken van de transactiestroom, het rekeningsaldo of de in de financiële overzichten opgenomen toelichting die op deze afwijking betrekking heeft (dat wil zeggen het inherente risico); en -2. de vraag in hoeverre bij de risico-inschatting rekening is gehouden met de relevante interne beheersingsmaatregelen (dat wil zeggen het interne beheersingsrisico), waarbij wordt vereist dat de accountant controle-informatie verkrijgt om te bepalen of deze interne beheersingsmaatregelen effectief werken (dat wil zeggen dat de accountant voornemens is te steunen op de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen bij het bepalen van de aard, timing en omvang van de gegevensgerichte controles); en (Zie Par. A9, A10, A11, A12, A13, A14, A15, A16, A17 en A18) -b. overtuigender controle-informatie te verkrijgen naarmate het risico door de accountant hoger wordt ingeschat. (Zie Par. A19) +2. de vraag in hoeverre bij de risico-inschatting rekening is gehouden met de relevante interne beheersingsmaatregelen (dat wil zeggen het interne beheersingsrisico), waarbij wordt vereist dat de accountant controle-informatie verkrijgt om te bepalen of deze interne beheersingsmaatregelen effectief werken (dat wil zeggen dat de accountant voornemens is te steunen op de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen bij het bepalen van de aard, timing en omvang van de gegevensgerichte controles); en (Zie Par. A9, A10, A11, A12, A13, A14, A15, A16, A17 en A18) +b. overtuigender controle-informatie te verkrijgen naarmate het risico door de accountant hoger wordt ingeschat. (Zie Par. A19) ##### . Toetsingen van interne beheersingsmaatregelen 8 De accountant dient toetsingen van de interne beheersingsmaatregelen op te zetten en uit te voeren om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de effectieve werking van relevante interne beheersingsmaatregelen indien: a. de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen de verwachting omvat dat de interne beheersingsmaatregelen effectief werken (dat wil zeggen dat de accountant voornemens is te steunen op de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen bij het bepalen van de aard, timing en omvang van gegevensgerichte controlewerkzaamheden); of -b. gegevensgerichte controlewerkzaamheden alleen geen voldoende en geschikte controle-informatie op het niveau van beweringen kunnen verschaffen. (Zie Par. A20, A21, A23 en A24) -9 Bij het opzetten en uitvoeren van systeemgerichte controles dient de accountant overtuigender controle-informatie te verkrijgen naarmate hij in sterkere mate wil steunen op de effectiviteit van een interne beheersingsmaatregel. (Zie Par. A25) +b. gegevensgerichte controlewerkzaamheden alleen geen voldoende en geschikte controle-informatie op het niveau van beweringen kunnen verschaffen. (Zie Par. A20, A21, A23 en A24) +9 Bij het opzetten en uitvoeren van systeemgerichte controles dient de accountant overtuigender controle-informatie te verkrijgen naarmate hij in sterkere mate wil steunen op de effectiviteit van een interne beheersingsmaatregel. (Zie Par. A25) ###### . Aard en omvang van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen @@ -4513,19 +4513,19 @@ a. in combinatie met het verzoeken om inlichtingen ook andere controlewerkzaamhe 1. de wijze waarop de interne beheersingsmaatregelen zijn toegepast op relevante tijdstippen gedurende de verslagperiode waarop de controle betrekking heeft; 2. de consistentie waarmee ze zijn toegepast; en -3. de vraag door wie of met welke middelen deze zijn toegepast. (Zie Par. A26, A27, A28 en A29) -b. vast te stellen of de te toetsen interne beheersingsmaatregelen afhankelijk zijn van andere interne beheersingsmaatregelen (indirecte interne beheersingsmaatregelen) en zo ja, of het noodzakelijk is controle-informatie te verkrijgen die de effectieve werking van die indirecte interne beheersingsmaatregelen onderbouwt. (Zie Par. A30, ). +3. de vraag door wie of met welke middelen deze zijn toegepast. (Zie Par. A26, A27, A28 en A29) +b. vast te stellen of de te toetsen interne beheersingsmaatregelen afhankelijk zijn van andere interne beheersingsmaatregelen (indirecte interne beheersingsmaatregelen) en zo ja, of het noodzakelijk is controle-informatie te verkrijgen die de effectieve werking van die indirecte interne beheersingsmaatregelen onderbouwt. (Zie Par. A30, ). ###### . Timing van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen -11 Wanneer de accountant voornemens is te steunen op de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot een bepaald moment of een bepaalde periode, dient hij deze te toetsen volgens de hierna volgende paragrafen 12 en 15, teneinde een juiste basis te verkrijgen voor het feit dat hij voornemens is daarop te steunen. (Zie Par. A32) +11 Wanneer de accountant voornemens is te steunen op de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot een bepaald moment of een bepaalde periode, dient hij deze te toetsen volgens de hierna volgende paragrafen 12 en 15, teneinde een juiste basis te verkrijgen voor het feit dat hij voornemens is daarop te steunen. (Zie Par. A32) ###### . Gebruikmaken van controle-informatie die in de loop van een tussentijdse periode is verkregen 12 Indien de accountant controle-informatie verkrijgt over de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen gedurende een tussentijdse periode, dient hij: a. controle-informatie te verkrijgen over significante wijzigingen die zich na afloop van de tussentijdse periode in deze interne beheersingsmaatregelen hebben voorgedaan; en -b. te bepalen welke aanvullende controle-informatie voor de resterende verslagperiode moet worden verkregen. (Zie Par. A33–A34) +b. te bepalen welke aanvullende controle-informatie voor de resterende verslagperiode moet worden verkregen. (Zie Par. A33–A34) ###### . Gebruikmaken van controle-informatie die tijdens vorige controles is verkregen @@ -4536,11 +4536,11 @@ b. de risico’s die voortkomen uit de kenmerken van de interne beheersingsmaatr c. de effectiviteit van de *general IT controls*; d. de effectiviteit van de interne beheersingsmaatregel en het gebruik daarvan door de entiteit, met inbegrip van de aard en omvang van deviaties in de toepassing van de maatregel die gebleken zijn bij vorige controles, alsmede de vraag of er wijzigingen in het personeel hebben plaatsgevonden die een significante invloed hebben op de toepassing van de interne beheersingsmaatregel; e. de vraag of het achterwege blijven van wijzigingen in een bepaalde interne beheersingsmaatregel een risico vormt als gevolg van gewijzigde omstandigheden; en -f. de risico’s op een afwijking van materieel belang en de mate waarin wordt gesteund op de interne beheersingsmaatregel. (Zie Par. A35) +f. de risico’s op een afwijking van materieel belang en de mate waarin wordt gesteund op de interne beheersingsmaatregel. (Zie Par. A35) 14 Indien de accountant voornemens is de in het kader van vorige controles verkregen controle-informatie over de effectieve werking van specifieke interne beheersingsmaatregelen te gebruiken, dient hij de blijvende relevantie van deze controle-informatie vast te stellen door controle-informatie te verkrijgen in verband met de vraag of zich na afloop van de vorige controle significante wijzigingen in die interne beheersingsmaatregelen hebben voorgedaan. De accountant dient controle-informatie te verkrijgen over de vraag of dergelijke wijzigingen hebben plaatsgevonden door het verzoeken om inlichtingen in combinatie met waarneming of inspectie om het inzicht in deze specifieke maatregelen te bevestigen en hij dient: -a. wanneer zich wijzigingen hebben voorgedaan die van invloed zijn op de blijvende relevantie van deze controle-informatie die in vorige controles is verkregen, de interne beheersingsmaatregelen voor de lopende controle te toetsen; en (Zie Par. A36) -b. wanneer zich geen wijzigingen hebben voorgedaan, de interne beheersingsmaatregelen ten minste één keer per drie controles te toetsen en bij iedere controle een deel van de interne beheersingsmaatregelen te toetsen om de mogelijkheid te voorkomen dat in één afzonderlijke controleperiode alle interne beheersingsmaatregelen worden getoetst waarop hij voornemens is te steunen, zonder interne beheersingsmaatregelen te toetsen in de twee daaropvolgende controleperioden. (Zie Par. A37, A38 en A39) +a. wanneer zich wijzigingen hebben voorgedaan die van invloed zijn op de blijvende relevantie van deze controle-informatie die in vorige controles is verkregen, de interne beheersingsmaatregelen voor de lopende controle te toetsen; en (Zie Par. A36) +b. wanneer zich geen wijzigingen hebben voorgedaan, de interne beheersingsmaatregelen ten minste één keer per drie controles te toetsen en bij iedere controle een deel van de interne beheersingsmaatregelen te toetsen om de mogelijkheid te voorkomen dat in één afzonderlijke controleperiode alle interne beheersingsmaatregelen worden getoetst waarop hij voornemens is te steunen, zonder interne beheersingsmaatregelen te toetsen in de twee daaropvolgende controleperioden. (Zie Par. A37, A38 en A39) ###### . Interne beheersingsmaatregelen voor significante risico’s @@ -4548,8 +4548,8 @@ b. wanneer zich geen wijzigingen hebben voorgedaan, de interne beheersingsmaatre ###### . Evalueren van de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen -16 Bij het evalueren van de effectieve werking van relevante interne beheersingsmaatregelen dient de accountant te evalueren of de afwijkingen die door middel van gegevensgerichte controles zijn gedetecteerd, een aanwijzing zijn voor het niet effectief werken van deze interne beheersingsmaatregelen. Wanneer er door middel van gegevensgerichte controles geen afwijkingen worden gedetecteerd, verschaft dit echter nog geen controle-informatie die aantoont dat de interne beheersingsmaatregelen die op de te toetsen bewering betrekking hebben, effectief zijn. (Zie Par. A40) -17 Indien wordt gedetecteerd dat er deviaties zijn van de interne beheersingsmaatregelen waarop de accountant voornemens is te steunen, dient hij om specifieke inlichtingen te verzoeken teneinde kennis te verkrijgen over deze aangelegenheden en over de potentiële gevolgen daarvan. Tevens dient hij te bepalen of: (Zie Par. A41) +16 Bij het evalueren van de effectieve werking van relevante interne beheersingsmaatregelen dient de accountant te evalueren of de afwijkingen die door middel van gegevensgerichte controles zijn gedetecteerd, een aanwijzing zijn voor het niet effectief werken van deze interne beheersingsmaatregelen. Wanneer er door middel van gegevensgerichte controles geen afwijkingen worden gedetecteerd, verschaft dit echter nog geen controle-informatie die aantoont dat de interne beheersingsmaatregelen die op de te toetsen bewering betrekking hebben, effectief zijn. (Zie Par. A40) +17 Indien wordt gedetecteerd dat er deviaties zijn van de interne beheersingsmaatregelen waarop de accountant voornemens is te steunen, dient hij om specifieke inlichtingen te verzoeken teneinde kennis te verkrijgen over deze aangelegenheden en over de potentiële gevolgen daarvan. Tevens dient hij te bepalen of: (Zie Par. A41) a. de toetsingen van interne beheersingsmaatregelen die zijn uitgevoerd, een passende basis vormen voor het steunen op deze interne beheersingsmaatregelen; b. aanvullende toetsingen van interne beheersingsmaatregelen noodzakelijk zijn; of @@ -4557,36 +4557,36 @@ c. het nodig is op de mogelijke risico’s op een afwijking in te spelen door he ##### . Gegevensgerichte controles -18 Ongeacht de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant gegevensgerichte controles op te zetten en uit te voeren voor elk van de transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen die van materieel belang zijn. (Zie Par. A42, A43, A44, A45, A46 en A47) -19 De accountant dient te overwegen of werkzaamheden inzake externe bevestigingen moeten worden uitgevoerd als gegevensgerichte controles (Zie Par. A48, A49, A50 en A51). +18 Ongeacht de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant gegevensgerichte controles op te zetten en uit te voeren voor elk van de transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen die van materieel belang zijn. (Zie Par. A42, A43, A44, A45, A46 en A47) +19 De accountant dient te overwegen of werkzaamheden inzake externe bevestigingen moeten worden uitgevoerd als gegevensgerichte controles (Zie Par. A48, A49, A50 en A51). ###### . Gegevensgerichte controles met betrekking tot het proces van het opstellen van de financiële overzichten 20 De gegevensgerichte controles die de accountant uitvoert, dienen in ieder geval de volgende controlewerkzaamheden bij het proces van het opstellen van de financiële overzichten te omvatten: a. het aansluiten of afstemmen van de financiële overzichten op de onderliggende administratieve vastleggingen; en -b. het onderzoeken van journaalboekingen van materieel belang en van andere aanpassingen die tijdens het opstellen van de financiële overzichten zijn gemaakt. (Zie Par. A52) +b. het onderzoeken van journaalboekingen van materieel belang en van andere aanpassingen die tijdens het opstellen van de financiële overzichten zijn gemaakt. (Zie Par. A52) ###### . Gegevensgerichte controles die op significante risico’s inspelen -21 Indien de accountant heeft bepaald dat een ingeschat risico op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen een significant risico vormt, dient hij gegevensgerichte controles uit te voeren die specifiek op dat risico inspelen. Wanneer de aanpak van een significant risico slechts uit gegevensgerichte controles bestaat, dienen de werkzaamheden onder meer te bestaan uit detailcontroles. (Zie Par. A53) +21 Indien de accountant heeft bepaald dat een ingeschat risico op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen een significant risico vormt, dient hij gegevensgerichte controles uit te voeren die specifiek op dat risico inspelen. Wanneer de aanpak van een significant risico slechts uit gegevensgerichte controles bestaat, dienen de werkzaamheden onder meer te bestaan uit detailcontroles. (Zie Par. A53) ###### . Timing van de gegevensgerichte controles 22 Indien op een tussentijdse datum gegevensgerichte controles worden uitgevoerd, dient de accountant het resterende deel van de verslagperiode te bestrijken door: a. het uitvoeren van gegevensgerichte controles in combinatie met toetsingen van interne beheersingsmaatregelen voor de resterende periode; of -b. indien de accountant bepaalt dat dit voldoende is, het slechts uitvoeren van verdere gegevensgerichte controles die een redelijke basis verschaffen voor het doortrekken van zijn conclusies van de tussentijdse datum naar de einddatum van de verslagperiode. (Zie Par. A54, A55, A56 en A57) -23 Indien de accountant op een tussentijdse datum afwijkingen detecteert die hij niet had verwacht tijdens de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang, dient hij te evalueren of de desbetreffende inschatting van het risico en de voor de resterende periode in de planning opgenomen aard, timing en omvang van de gegevensgerichte controles moeten worden aangepast. (Zie Par. A58) +b. indien de accountant bepaalt dat dit voldoende is, het slechts uitvoeren van verdere gegevensgerichte controles die een redelijke basis verschaffen voor het doortrekken van zijn conclusies van de tussentijdse datum naar de einddatum van de verslagperiode. (Zie Par. A54, A55, A56 en A57) +23 Indien de accountant op een tussentijdse datum afwijkingen detecteert die hij niet had verwacht tijdens de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang, dient hij te evalueren of de desbetreffende inschatting van het risico en de voor de resterende periode in de planning opgenomen aard, timing en omvang van de gegevensgerichte controles moeten worden aangepast. (Zie Par. A58) #### . Adequaatheid van de presentatie en van de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen -24 De accountant dient controlewerkzaamheden uit te voeren om te evalueren of de presentatie van de financiële overzichten als geheel, met inbegrip van de toelichtingen daarop, in overeenstemming is met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A59) +24 De accountant dient controlewerkzaamheden uit te voeren om te evalueren of de presentatie van de financiële overzichten als geheel, met inbegrip van de toelichtingen daarop, in overeenstemming is met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A59) #### . Evaluatie van het voldoende en geschikt zijn van controle-informatie -25 De accountant dient op basis van de uitgevoerde controlewerkzaamheden en de verkregen controle-informatie, voorafgaand aan de afronding van de controle, te evalueren of de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen nog steeds geldt. (Zie Par. A60, ) -26 De accountant dient te concluderen of voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen. Bij het vormen van zijn oordeel dient de accountant alle relevante controle-informatie te overwegen, ongeacht of die de in de financiële overzichten opgenomen beweringen ondersteunen of daarmee in tegenspraak lijken te zijn. (Zie Par. A62) +25 De accountant dient op basis van de uitgevoerde controlewerkzaamheden en de verkregen controle-informatie, voorafgaand aan de afronding van de controle, te evalueren of de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen nog steeds geldt. (Zie Par. A60, ) +26 De accountant dient te concluderen of voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen. Bij het vormen van zijn oordeel dient de accountant alle relevante controle-informatie te overwegen, ongeacht of die de in de financiële overzichten opgenomen beweringen ondersteunen of daarmee in tegenspraak lijken te zijn. (Zie Par. A62) 27 Indien de accountant geen voldoende en geschikte controle-informatie heeft verkregen met betrekking tot een van materieel belang zijnde en in de financiële overzichten opgenomen bewering, dient hij te proberen om verdere controle-informatie te verkrijgen. Indien de accountant niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, dient hij over de financiële overzichten een oordeel met beperking of een oordeelonthouding te formuleren. #### . Documentatie @@ -4595,13 +4595,13 @@ b. indien de accountant bepaalt dat dit voldoende is, het slechts uitvoeren van a. de algehele manieren om op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten in te spelen, alsmede de aard, timing en omvang van de verdere controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd; b. de samenhang van deze werkzaamheden met de ingeschatte risico’s op het niveau van beweringen; en -c. de uitkomsten van de controlewerkzaamheden, met inbegrip van de conclusies wanneer deze niet anderszins duidelijk zijn. (Zie Par. A63) +c. de uitkomsten van de controlewerkzaamheden, met inbegrip van de conclusies wanneer deze niet anderszins duidelijk zijn. (Zie Par. A63) 29 Indien de accountant voornemens is gebruik te maken van bij vorige controles verkregen controle-informatie over de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen, dient hij de bereikte conclusies betreffende het steunen op dergelijke in het kader van een voorgaande controle getoetste maatregelen in de controledocumentatie op te nemen. 30 In de documentatie van de accountant dient duidelijk naar voren te komen dat de financiële overzichten in overeenstemming zijn met of aansluiten op de onderliggende administratieve vastleggingen. ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Algehele manieren om op risico’s in te spelen (Zie Par. 5) +#### . Algehele manieren om op risico’s in te spelen (Zie Par. 5) A1 Algehele manieren om op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten in te spelen, kunnen het volgende inhouden: @@ -4619,7 +4619,7 @@ A3 Dergelijke overwegingen zijn daarom in significante mate van invloed op de al #### . Controlewerkzaamheden gericht op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen -##### . De aard, timing en omvang van verdere controlewerkzaamheden (Zie Par. 6) +##### . De aard, timing en omvang van verdere controlewerkzaamheden (Zie Par. 6) A4 De inschatting door de accountant van de geïdentificeerde risico’s op het niveau van beweringen vormt de basis voor het bepalen van de passende controleaanpak voor de opzet en uitvoering van verdere controlewerkzaamheden. De accountant kan bijvoorbeeld bepalen dat: @@ -4633,7 +4633,7 @@ A6 De timing van een controlemaatregel verwijst naar het moment waarop de maatre A7 De omvang van een controlemaatregel heeft betrekking op het aantal elementen dat wordt gecontroleerd, bijvoorbeeld de steekproefomvang of het aantal uit te voeren waarnemingen van een interne beheersingsactiviteit. A8 Door het opzetten en uitvoeren van verdere controlewerkzaamheden waarvan de aard, timing en omvang gebaseerd zijn op en die inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen wordt een duidelijk verband gelegd tussen de verdere controlewerkzaamheden en de risico-inschatting. -###### . Manieren om op de ingeschatte risico’s op het niveau van beweringen in te spelen (Zie Par. 7(a)) +###### . Manieren om op de ingeschatte risico’s op het niveau van beweringen in te spelen (Zie Par. 7(a)) ####### . Aard @@ -4669,13 +4669,13 @@ A17 Bij het uitvoeren van controles van entiteiten in de publieke sector kunnen A18 Bij zeer kleine entiteiten kunnen mogelijk niet veel interne beheersingsactiviteiten door de accountant worden geïdentificeerd, of kan de door de entiteit vastgelegde documentatie daarvan beperkt zijn. Daarom kan het efficiënter zijn dat de accountant verdere controlewerkzaamheden uitvoert die hoofdzakelijk bestaan uit gegevensgerichte controles. In sommige zeldzame gevallen maakt het ontbreken van interne beheersingsactiviteiten of van andere componenten van interne beheersing het onmogelijk om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. -###### . Het hoger inschatten van het risico (Zie Par. 7(b)) +###### . Het hoger inschatten van het risico (Zie Par. 7(b)) A19 Wanneer overtuigender controle-informatie moet worden verkregen omdat het risico hoger wordt ingeschat, kan de accountant de hoeveelheid controle-informatie vergroten, dan wel controle-informatie verkrijgen die relevanter of betrouwbaarder is, bijvoorbeeld door meer nadruk te leggen op het verkrijgen van controle-informatie van derden of door het verkrijgen vanuit een aantal onafhankelijke bronnen van ondersteunende informatie. ##### . Toetsingen van interne beheersingsmaatregelen -###### . Het opzetten en uitvoeren van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 8) +###### . Het opzetten en uitvoeren van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 8) A20 Toetsingen van interne beheersingsmaatregelen worden alleen uitgevoerd voor die interne beheersingsmaatregelen waarvan de accountant heeft vastgesteld dat deze zodanig zijn opgezet dat ze een afwijking van materieel belang in een bewering kunnen voorkomen, of detecteren en corrigeren. Indien op verschillende momenten van de gecontroleerde periode in belangrijke mate verschillende interne beheersingsmaatregelen werden gehanteerd, worden zij allemaal afzonderlijk overwogen. A21 Het toetsen van de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen verschilt van het verwerven van inzicht bij het evalueren van de opzet en implementatie van interne beheersingsmaatregelen. Dezelfde soorten controlewerkzaamheden worden evenwel gehanteerd. Daarom kan de accountant beslissen dat het efficiënt is de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen op hetzelfde moment te toetsen als het evalueren van de opzet daarvan en het vaststellen dat die zijn geïmplementeerd. @@ -4689,7 +4689,7 @@ Deze controlewerkzaamheden verschaffen informatie met betrekking tot de opzet va A23 Daarnaast kan de accountant een toetsing van interne beheersingsmaatregelen opzetten die gelijktijdig wordt uitgevoerd met een detailcontrole voor dezelfde transactie. Hoewel het doel van een toetsing van interne beheersingsmaatregelen verschilt van het doel van een detailcontrole, kunnen beide gelijktijdig worden bereikt door het uitvoeren van een toetsing van interne beheersingsmaatregelen en een detailcontrole voor dezelfde transactie, ook wel bekend als de ‘*dual-purpose test’*. Zo kan de accountant een toetsing opzetten ten behoeve van het onderzoeken van een factuur alsmede de uitkomsten daarvan evalueren om vast te stellen of deze is goedgekeurd en om gegevensgerichte controle-informatie over de transactie te verkrijgen. Een ‘*dual-purpose test’* wordt opgezet en geëvalueerd door elke doelstelling van de toetsing afzonderlijk in acht te nemen. A24 Zoals is besproken in Standaard 315, kan de accountant in sommige gevallen tot de conclusie komen dat het onmogelijk is om effectieve gegevensgerichte controles op te zetten waarmee voldoende en geschikte controle-informatie op het niveau van beweringen kan worden verkregen.219Standaard 315, paragraaf 30. Dit kan zich voordoen wanneer de entiteit met een geautomatiseerd systeem werkt en van de transacties geen documentatie wordt vervaardigd of bewaard, anders dan via het geautomatiseerde systeem zelf. In dergelijke gevallen is op grond van paragraaf 8(b) vereist dat de accountant de relevante interne beheersingsmaatregelen toetst. -###### . Controle-informatie en de voorgenomen mate waarin op interne beheersingsmaatregelen wordt gesteund (Zie Par. 9) +###### . Controle-informatie en de voorgenomen mate waarin op interne beheersingsmaatregelen wordt gesteund (Zie Par. 9) A25 Er kan naar een hoger betrouwbaarheidsniveau inzake de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen worden gestreefd wanneer de gekozen controlebenadering voornamelijk bestaat uit toetsingen van interne beheersingsmaatregelen, met name wanneer het niet mogelijk of wanneer het niet realiseerbaar is om uit alleen gegevensgerichte controles voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. @@ -4722,18 +4722,18 @@ A29 Vanwege de inherente consistentie van geautomatiseerde gegevensverwerking be • dat andere relevante ‘*generalcontrols*’effectief werken; • tot dergelijke toetsingen ook het vaststellen zou kunnen behoren dat geen wijzigingen in de programma’s zijn aangebracht, hetgeen bijvoorbeeld het geval kan zijn als de entiteit van standaardsoftwaretoepassingen gebruikmaakt zonder dat wijzigingen worden aangebracht of onderhoud wordt uitgevoerd. Zo kan de accountant de registratie van de ’*IT security’* inspecteren om controle-informatie te verkrijgen dat gedurende de periode geen ongeoorloofde toegang heeft plaatsgevonden. -###### . Het toetsen van indirecte interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 10(b)) +###### . Het toetsen van indirecte interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 10(b)) A30 In sommige gevallen kan het noodzakelijk zijn controle-informatie te verkrijgen ter ondersteuning van de effectieve werking van indirecte beheersingsmaatregelen. Wanneer bijvoorbeeld de accountant besluit een toetsing uit te voeren op de effectiviteit van een beoordeling door een gebruiker van een uitzonderingsrapportage waarin verkopen staan vermeld die de toegestane kredietlimiet overschrijden, vormen zowel de beoordeling door de gebruiker als de daarmee verband houdende opvolging de interne beheersingsmaatregel die voor de accountant van direct belang is. Interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de nauwkeurigheid van de in de rapportage opgenomen informatie (bijvoorbeeld de *general IT controls*) worden aangeduid als ‘indirecte’ interne beheersingsmaatregelen. A31 Als gevolg van de inherente consistentie bij geautomatiseerde gegevensverwerking kan controle-informatie over de implementatie van geautomatiseerde *applicationcontrols*, gezien in combinatie met controle-informatie over de effectieve werking van de *generalcontrols* van de entiteit (in het bijzonder de interne beheersingsmaatregelen betreffende wijzigingen binnen de geautomatiseerde systemen) tevens belangrijke controle-informatie verschaffen met betrekking tot de effectieve werking daarvan. ###### . Timing van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen -####### . Periode waarin op de interne beheersingsmaatregelen zal worden gesteund (Zie Par. 11) +####### . Periode waarin op de interne beheersingsmaatregelen zal worden gesteund (Zie Par. 11) A32 Controle-informatie die alleen op een bepaald moment betrekking heeft, kan voldoende zijn voor het door de accountant beoogde doel, bijvoorbeeld het toetsen van de interne beheersingsmaatregelen betreffende de voorraadopname op de einddatum van de verslagperiode. Indien de accountant echter voornemens is gedurende een bepaalde periode op een interne beheersingsmaatregel te steunen, is het passender controles uit te voeren die het mogelijk maken controle-informatie te verschaffen die aantoont dat de interne beheersingsmaatregel op relevante momenten tijdens die periode effectief heeft gewerkt. Deze controles kunnen onder meer bestaan uit het toetsen van de wijze waarop deze entiteit de interne beheersingsmaatregelen monitort. -###### . Gebruikmaken van controle-informatie die tijdens een tussentijdse periode is verkregen (Zie Par. 12 (b)) +###### . Gebruikmaken van controle-informatie die tijdens een tussentijdse periode is verkregen (Zie Par. 12 (b)) A33 Relevante factoren bij het bepalen welke aanvullende controle-informatie moet worden verkregen over interne beheersingsmaatregelen die gedurende de periode na de tussentijdse periode hebben gewerkt, zijn onder meer: @@ -4745,15 +4745,15 @@ A33 Relevante factoren bij het bepalen welke aanvullende controle-informatie moe • de interne beheersingsomgeving. A34 Aanvullende controle-informatie kan bijvoorbeeld worden verkregen door toetsingen van interne beheersingsmaatregelen uit te voeren voor het resterende deel van de periode, dan wel door te toetsen hoe de entiteit de interne beheersingsmaatregelen monitort. -###### . Gebruikmaken van controle-informatie die tijdens vorige controles is verkregen (Zie Par. 13) +###### . Gebruikmaken van controle-informatie die tijdens vorige controles is verkregen (Zie Par. 13) A35 In sommige omstandigheden kan controle-informatie die bij vorige controles is verkregen controle-informatie verschaften wanneer de accountant controlewerkzaamheden uitvoert om de blijvende relevantie daarvan vast te stellen. Zo kan de accountant tijdens het uitvoeren van een vorige controle hebben vastgesteld dat een geautomatiseerde interne beheersingsmaatregel naar behoren werkte. De accountant kan vervolgens controle-informatie verkrijgen om vast te stellen of er in de geautomatiseerde interne beheersingsmaatregel wijzigingen zijn aangebracht die van invloed zijn op de doorlopende effectieve werking, bijvoorbeeld door het verzoeken om inlichtingen bij het management alsmede door logboeken te inspecteren teneinde vast te stellen welke interne beheersingsmaatregelen werden gewijzigd. Het overwegen van de controle-informatie over deze wijzigingen kan leiden tot een toe- of afname van de in de lopende periode te verkrijgen controle-informatie over de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen. -###### . Interne beheersingsmaatregelen die zijn gewijzigd sinds vorige controles (Zie Par. 14(a)) +###### . Interne beheersingsmaatregelen die zijn gewijzigd sinds vorige controles (Zie Par. 14(a)) A36 Wijzigingen kunnen de relevantie van de bij vorige controles verkregen controle-informatie aantasten zodat hierop niet langer kan worden gesteund. Zo hebben wijzigingen in een systeem die een entiteit in staat stellen een nieuw verslag uit dit systeem te verkrijgen, waarschijnlijk geen invloed op de relevantie van de bij een vorige controle verkregen controle-informatie; een wijziging waardoor data op een andere manier worden gegroepeerd of berekend heeft hierop echter wel een invloed. -###### . Interne beheersingsmaatregelen die niet zijn gewijzigd sinds vorige controles (Zie Par. 14(b)) +###### . Interne beheersingsmaatregelen die niet zijn gewijzigd sinds vorige controles (Zie Par. 14(b)) A37 De beslissing van de accountant om al dan niet te steunen op de controle-informatie die bij vorige controles is verkregen voor interne beheersingsmaatregelen die: @@ -4769,12 +4769,12 @@ A38 In het algemeen geldt dat hoe groter het risico op een afwijking van materie • tekortschietende general IT controls. A39 Indien de accountant voornemens is voor een aantal interne beheersingsmaatregelen op de bij vorige controles verkregen controle-informatie te steunen, verschaft het toetsen van een aantal van deze interne beheersingsmaatregelen gedurende elke controleperiode bevestigende informatie over de blijvende effectieve werking van de interne beheersingsomgeving. Dit levert een bijdrage aan de beslissing van de accountant of het passend is te steunen op de bij vorige controles verkregen controle-informatie. -###### . Het evalueren van de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 16–17) +###### . Het evalueren van de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 16–17) A40 Een afwijking van materieel belang die door de werkzaamheden van de accountant wordt gedetecteerd, is een sterke aanwijzing van het bestaan van een significante tekortkoming in de interne beheersing. A41 Het begrip effectiviteit van de werking van interne beheersingsmaatregelen erkent dat er enige deviaties kunnen optreden in de wijze waarop de interne beheersingsmaatregelen door de entiteit worden toegepast. Deviaties ten opzichte van de voorgeschreven interne beheersingsmaatregelen kunnen worden veroorzaakt door factoren als wijzigingen in de personeelsbezetting van belangrijke functies, significante seizoensgebonden fluctuaties in het aantal transacties en menselijke fouten. De gedetecteerde mate waarin wordt afgeweken, met name in vergelijking met de verwachte mate, kan een aanwijzing zijn dat niet kan worden gesteund op de interne beheersingsmaatregel, om het risico op het niveau van beweringen terug te brengen naar het niveau dat door de accountant was ingeschat. -##### . Gegevensgerichte controles (Zie Par. 18) +##### . Gegevensgerichte controles (Zie Par. 18) A42 Op grond van paragraaf 18 is vereist dat de accountant gegevensgerichte controles opzet en uitvoert voor elk van de van materieel belang zijnde transactiestromen, rekeningsaldi en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen, ongeacht de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang. Dit vereiste geeft weer dat: @@ -4793,7 +4793,7 @@ A45 De aard van het risico en van de bewering is van belang voor het opzetten va A46 Omdat bij de inschatting van het risico op een afwijking van materieel belang rekening wordt gehouden met de interne beheersing, moet de omvang van de gegevensgerichte controles mogelijk worden vergroot wanneer de uitkomsten uit de toetsingen van interne beheersingsmaatregelen onbevredigend zijn. Het vergroten van de omvang van een controlemaatregel is echter alleen passend als deze gcontrolemaatregel zelf relevant is voor het specifieke risico. A47 Bij het opzetten van detailcontroles wordt de omvang van de te toetsen elementen gewoonlijk uitgedrukt in termen van de steekproefomvang. Andere aangelegenheden zijn daarbij echter ook relevant, waaronder de vraag of het effectiever is andere selectiemethoden gericht op toetsing te hanteren. Standaard 500 verschaft hierover aanvullende leidraden.222Standaard 500, *Controle-informatie*, paragraaf 10. -###### . Overwegen of werkzaamheden inzake externe bevestiging moeten worden uitgevoerd (Zie Par. 19) +###### . Overwegen of werkzaamheden inzake externe bevestiging moeten worden uitgevoerd (Zie Par. 19) A48 Werkzaamheden inzake externe bevestiging zijn veelal relevant bij beweringen geassocieerd met rekeningsaldi en de elementen daarvan, maar behoeven niet tot deze elementen te worden beperkt. Zo is het mogelijk dat de accountant verzoekt om externe bevestiging van de voorwaarden van overeenkomsten, contracten of transacties afgesloten tussen een entiteit en andere partijen. Werkzaamheden inzake externe bevestiging kunnen tevens worden uitgevoerd om controle-informatie te verkrijgen over het niet vervuld zijn van bepaalde voorwaarden. Zo kan een verzoek specifiek de bevestiging nastreven dat er geen nevenovereenkomsten bestaan die relevant kunnen zijn voor de afgrenzingsbewering voor de opbrengsten van een entiteit. Andere situaties waarin werkzaamheden inzake externe bevestigingen relevante controle-informatie kunnen verschaffen bij het inspelen op ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang zijn onder meer: @@ -4821,19 +4821,19 @@ In dergelijke situaties is het mogelijk dat bevestigende partijen geen antwoord • de objectiviteit van de beoogde bevestigende partij – indien de bevestigende partij een verbonden partij is van de entiteit, kunnen antwoorden op verzoeken tot bevestigingen minder betrouwbaar zijn. -###### . Gegevensgerichte controles met betrekking tot het proces van het opstellen van de financiële overzichten (Zie Par. 20(b)) +###### . Gegevensgerichte controles met betrekking tot het proces van het opstellen van de financiële overzichten (Zie Par. 20(b)) A52 De aard en ook de omvang van het onderzoek door de accountant van de journaalboekingen en de andere aanpassingen zijn afhankelijk van de aard en complexiteit van het proces van financiële verslaggeving van de entiteit en de daarmee samenhangende risico’s op een afwijking van materieel belang. -###### . Gegevensgerichte controles die inspelen op significante risico’s (Zie Par. 21) +###### . Gegevensgerichte controles die inspelen op significante risico’s (Zie Par. 21) A53 Paragraaf 21 van deze Standaard vereist van de accountant dat deze gegevensgerichte controles uitvoert die specifiek inspelen op de risico’s die hij als significant heeft aangemerkt. Controle-informatie in de vorm van externe bevestigingen die rechtstreeks door de accountant van passende bevestigende partijen wordt verkregen, vormt voor de accountant een hulpmiddel bij het verkrijgen van controle-informatie met het betrouwbaarheidsniveau dat de accountant nodig heeft om in te spelen op significante risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten. Indien de accountant bijvoorbeeld constateert dat het management onder druk staat om aan winstverwachtingen te voldoen, kan er een risico zijn dat het management het opnemen van opbrengsten te hoog voorstelt door ten onrechte reeds winst op te nemen uit hoofde van verkoopsovereenkomsten met voorwaarden die slechts een latere winstopname toestaan, dan wel door te factureren voorafgaand aan de verzending. In deze omstandigheden kan de accountant bijvoorbeeld werkzaamheden inzake externe bevestigingen opzetten, niet alleen om de openstaande saldi te bevestigen, maar ook om de details van de verkoopsovereenkomsten, met inbegrip van de datum, de mogelijkheden van retourneren en de leveringsvoorwaarden te bevestigen. Bovendien kan de accountant het nuttig achten om dergelijke werkzaamheden inzake externe bevestigingen aan te vullen met het verzoeken om inlichtingen over wijzigingen in de verkoopovereenkomsten en de leveringsvoorwaarden bij personeelsleden binnen de entiteit die niet bij de financiële activiteiten zijn betrokken. Gegevensgerichte controles met betrekking tot significante risico’s worden meestal zodanig opgezet dat zij zeer betrouwbare controle-informatie opleveren. -###### . Timing van gegevensgerichte controles (Zie Par. 22–23) +###### . Timing van gegevensgerichte controles (Zie Par. 22–23) A54 In de meeste gevallen verschaft controle-informatie uit gegevensgerichte controles die in het kader van vorige controles zijn verricht, weinig of geen controle-informatie voor de lopende periode. Er zijn echter uitzonderingen. Zo is het mogelijk dat een in het kader van een voorgaande controle verkregen standpunt van een juridisch raadgever met betrekking tot de structuur van een securitisatie waarin geen wijzigingen zijn opgetreden, relevant is voor de lopende periode. In dergelijke gevallen kan het passend zijn controle-informatie uit gegevensgerichte controles die in het kader van een vorige controle zijn verricht, te gebruiken indien die controle-informatie en het object van onderzoek niet wezenlijk zijn gewijzigd en indien controlewerkzaamheden worden uitgevoerd om de blijvende relevantie gedurende de lopende periode vast te stellen. -###### . Gebruikmaken van controle-informatie die gedurende een tussentijdse periode is verkregen (Zie Par. 22) +###### . Gebruikmaken van controle-informatie die gedurende een tussentijdse periode is verkregen (Zie Par. 22) A55 In sommige situaties kan de accountant bepalen dat het effectief is op een tussentijdse datum gegevensgerichte controlewerkzaamheden uit te voeren, en informatie inzake het saldo aan het einde van de verslagperiode te vergelijken met en af te stemmen op de vergelijkbare informatie met betrekking tot de tussentijdse datum, teneinde: @@ -4858,15 +4858,15 @@ a. significante ongebruikelijke transacties of boekingen (met inbegrip van die o b. andere oorzaken van significante fluctuaties of verwachte fluctuaties, die niet zijn opgetreden; en c. veranderingen in de samenstelling van de transactiestromen of de rekeningsaldi. -###### . Afwijkingen die op een tussentijdse datum zijn gedetecteerd (Zie Par. 23) +###### . Afwijkingen die op een tussentijdse datum zijn gedetecteerd (Zie Par. 23) A58 Wanneer de accountant besluit dat de geplande aard, timing en omvang van de gegevensgerichte controlewerkzaamheden die op het resterende gedeelte van de verslagperiode betrekking hebben, moeten worden aangepast als gevolg van onverwachte afwijkingen die op een tussentijdse datum zijn gedetecteerd, kunnen dergelijke aanpassingen een uitbreiding of een herhaling aan het einde van de verslagperiode inhouden van de werkzaamheden die op de tussentijdse datum zijn uitgevoerd. -#### . Adequaatheid van de presentatie en van de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen (Zie Par. 24) +#### . Adequaatheid van de presentatie en van de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen (Zie Par. 24) A59 Het evalueren van de algehele presentatie van de financiële overzichten, met inbegrip van de toelichtingen daarop, heeft betrekking op de vraag of de individuele financiële overzichten zodanig zijn gepresenteerd dat zij de financiële informatie correct rubriceren en beschrijven, alsmede op de vorm, de rangschikking en de inhoud van de financiële overzichten en de daarbij horende toelichtingen. Dit omvat bijvoorbeeld de gebruikte terminologie, de hoeveelheid verstrekte detailinformatie, de rubricering van elementen in de overzichten, alsmede de grondslagen van de gepresenteerde bedragen. -#### . Evaluatie van de toereikendheid en geschiktheid van de controle-informatie (Zie Par. 25, 26 en 27) +#### . Evaluatie van de toereikendheid en geschiktheid van de controle-informatie (Zie Par. 25, 26 en 27) A60 Een controle van de financiële overzichten is een cumulatief en iteratief proces. Tijdens de uitvoering van de geplande controlewerkzaamheden kan de verkregen controle-informatie de accountant ertoe brengen de aard, timing of omvang van andere geplande werkzaamheden aan te passen. Er kan informatie onder zijn aandacht komen die significant verschilt van de informatie waarop de risico-inschatting was gebaseerd. Bijvoorbeeld: @@ -4885,7 +4885,7 @@ A62 De oordeelsvorming van de accountant ten aanzien van het voldoende en geschi • het overtuigende karakter van de controle-informatie; • het inzicht in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van haar interne beheersing. -#### . Documentatie (Zie Par. 28) +#### . Documentatie (Zie Par. 28) A63 De vorm en omvang van controledocumentatie is een kwestie van professioneleoordeelsvorming en wordt mede bepaald door de aard, omvang en complexiteit van de entiteit en haar interne beheersing, de informatie die vanuit de entiteit ter beschikking staat, en de controlemethodologie en -technieken die bij de controle zijn gehanteerd. @@ -4946,39 +4946,39 @@ i. *gebruikersorganisatie* – Een entiteit die gebruikmaakt van een serviceorga #### . Het verwerven van inzicht in de diensten die worden verleend door een serviceorganisatie met inbegrip van de interne beheersing -9 Bij het verwerven van inzicht in de gebruikersorganisatie overeenkomstig Standaard 315226Standaard 315, paragraaf 11. dient de accountant van de gebruikersorganisatie inzicht te verwerven in de wijze waarop die organisatie bij haar activiteiten gebruikmaakt van de diensten van een serviceorganisatie, waaronder: (Zie Par. A1, A2) +9 Bij het verwerven van inzicht in de gebruikersorganisatie overeenkomstig Standaard 315226Standaard 315, paragraaf 11. dient de accountant van de gebruikersorganisatie inzicht te verwerven in de wijze waarop die organisatie bij haar activiteiten gebruikmaakt van de diensten van een serviceorganisatie, waaronder: (Zie Par. A1, A2) -a. de aard van de diensten die door de serviceorganisatie worden verleend en de significantie van die diensten voor de gebruikersorganisatie, met inbegrip van het effect ervan op de interne beheersing van de gebruikersorganisatie; (Zie Par. A3, A4 en A5) -b. de aard en de materialiteit van de verwerkte transacties, rekeningen of financiële verslaggevingsprocessen waarop de serviceorganisatie invloed heeft; (Zie Par. A6) -c. de mate waarin er interactie bestaat tussen de activiteiten van de serviceorganisatie en die van de gebruikersorganisatie; en (Zie Par. A7) -d. de aard van de relatie tussen de gebruikersorganisatie en de serviceorganisatie, met inbegrip van de relevante contractuele voorwaarden betreffende de door de serviceorganisatie uitgevoerde werkzaamheden. (Zie Par. A8, A9, A10 en A11) -10 Bij het verwerven van inzicht in de voor de controle relevante interne beheersing overeenkomstig Standaard 315227Standaard 315, paragraaf 12. dient de accountant van de gebruikersorganisatie een evaluatie te verrichten van de opzet en de implementatie van de relevante interne beheersingsmaatregelen bij de gebruikersorganisatie die betrekking hebben op de door de serviceorganisatie verleende diensten, met inbegrip van de maatregelen die worden toegepast op de door de serviceorganisatie verwerkte transacties. (Zie Par. A12, A13 en A14) +a. de aard van de diensten die door de serviceorganisatie worden verleend en de significantie van die diensten voor de gebruikersorganisatie, met inbegrip van het effect ervan op de interne beheersing van de gebruikersorganisatie; (Zie Par. A3, A4 en A5) +b. de aard en de materialiteit van de verwerkte transacties, rekeningen of financiële verslaggevingsprocessen waarop de serviceorganisatie invloed heeft; (Zie Par. A6) +c. de mate waarin er interactie bestaat tussen de activiteiten van de serviceorganisatie en die van de gebruikersorganisatie; en (Zie Par. A7) +d. de aard van de relatie tussen de gebruikersorganisatie en de serviceorganisatie, met inbegrip van de relevante contractuele voorwaarden betreffende de door de serviceorganisatie uitgevoerde werkzaamheden. (Zie Par. A8, A9, A10 en A11) +10 Bij het verwerven van inzicht in de voor de controle relevante interne beheersing overeenkomstig Standaard 315227Standaard 315, paragraaf 12. dient de accountant van de gebruikersorganisatie een evaluatie te verrichten van de opzet en de implementatie van de relevante interne beheersingsmaatregelen bij de gebruikersorganisatie die betrekking hebben op de door de serviceorganisatie verleende diensten, met inbegrip van de maatregelen die worden toegepast op de door de serviceorganisatie verwerkte transacties. (Zie Par. A12, A13 en A14) 11 De accountant van de gebruikersorganisatie dient te bepalen of hij een toereikend inzicht heeft verworven in de aard en significantie van de door de serviceorganisatie verleende diensten en het effect ervan op de voor de controle relevante interne beheersing van de gebruikersorganisatie, dat hem in staat stelt de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten. 12 Wanneer de accountant van de gebruikersorganisatie geen toereikend inzicht kan verwerven via de gebruikersorganisatie, dient hij dit inzicht te verwerven via een of meer van de volgende werkzaamheden: a. het verkrijgen van een type 1- of type 2-rapport, indien beschikbaar; b. het opnemen van contact met de serviceorganisatie, via de gebruikersorganisatie, om specifieke informatie te verkrijgen; c. het bezoeken van de serviceorganisatie en het uitvoeren van werkzaamheden die de noodzakelijke informatie zullen verschaffen over de relevante interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie; of -d. het gebruikmaken van een andere accountant om werkzaamheden te laten uitvoeren die de noodzakelijke informatie zullen verschaffen over de relevante interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie. (Zie Par. A15, A16, A17, A18, A19 en A20) +d. het gebruikmaken van een andere accountant om werkzaamheden te laten uitvoeren die de noodzakelijke informatie zullen verschaffen over de relevante interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie. (Zie Par. A15, A16, A17, A18, A19 en A20) ##### . Gebruik van een type 1- of type 2-rapport door de accountant van de gebruikersorganisatie om zijn inzicht in de serviceorganisatie te ondersteunen 13 Bij het bepalen of de controle-informatie in een type 1- of type 2-rapport voldoende en geschikt is, dient de accountant van de gebruikersorganisatie ervan overtuigd te zijn dat: a. de accountant van de serviceorganisatie vakbekwaam is en onafhankelijk van de serviceorganisatie; en -b. de standaarden op basis waarvan het type 1- of type 2-rapport is uitgebracht, adequaat zijn. (Zie Par. A21) +b. de standaarden op basis waarvan het type 1- of type 2-rapport is uitgebracht, adequaat zijn. (Zie Par. A21) 14 Wanneer de accountant van de gebruiker van plan is om een type 1- of type 2-rapport te gebruiken als controle-informatie teneinde het inzicht van de accountant in de opzet en het bestaan van interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie te ondersteunen, dient hij: a. te evalueren of de beschrijving en de opzet van de interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie van een datum zijn of voor een periode gelden die passend is voor zijn doeleinden; b. te evalueren of de informatie in het rapport voldoende en geschikt is om inzicht te verwerven in de voor de controle relevante interne beheersing van de gebruikersorganisatie; en -c. te bepalen of de aanvullende interne beheersingsmaatregelen van de gebruikersorganisatie die door de serviceorganisatie zijn vermeld, relevant zijn voor de gebruikersorganisatie en, zo ja, inzicht te verwerven wat betreft vraag of de gebruikersorganisatie dergelijke interne beheersingsmaatregelen heeft opgezet en geïmplementeerd. (Zie Par. A22, A23) +c. te bepalen of de aanvullende interne beheersingsmaatregelen van de gebruikersorganisatie die door de serviceorganisatie zijn vermeld, relevant zijn voor de gebruikersorganisatie en, zo ja, inzicht te verwerven wat betreft vraag of de gebruikersorganisatie dergelijke interne beheersingsmaatregelen heeft opgezet en geïmplementeerd. (Zie Par. A22, A23) #### . Manieren om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang 15 Bij het inspelen op ingeschatte risico’s overeenkomstig Standaard 330 dient de accountant van de gebruikersorganisatie: a. te bepalen of er voldoende en geschikte controle-informatie over de relevante in de financiële overzichten opgenomen beweringen beschikbaar is op basis van vastleggingen bij de gebruikersorganisatie; en, zo niet, -b. verdere controlewerkzaamheden uit te voeren om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen dan wel gebruik te maken van een andere accountant om die werkzaamheden namens hem bij de serviceorganisatie te laten uitvoeren. (Zie Par. A24, A25, A26, A27 en ) +b. verdere controlewerkzaamheden uit te voeren om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen dan wel gebruik te maken van een andere accountant om die werkzaamheden namens hem bij de serviceorganisatie te laten uitvoeren. (Zie Par. A24, A25, A26, A27 en ) ##### . Toetsingen van interne beheersingsmaatregelen @@ -4986,7 +4986,7 @@ b. verdere controlewerkzaamheden uit te voeren om voldoende en geschikte control a. het verkrijgen van een type 2-rapport, indien beschikbaar; b. het verrichten van passende toetsingen op interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie; of -c. het gebruikmaken van een andere accountant om namens hem toetsingen op interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie te laten verrichten. (Zie Par. A29 en A30) +c. het gebruikmaken van een andere accountant om namens hem toetsingen op interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie te laten verrichten. (Zie Par. A29 en A30) ##### . Gebruik van een type 2-rapport als controle-informatie voor de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie @@ -4995,27 +4995,27 @@ c. het gebruikmaken van een andere accountant om namens hem toetsingen op intern a. te evalueren of de beschrijving, de opzet en de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie van een datum zijn of voor een periode gelden die passend is voor zijn doeleinden; b. te bepalen of de aanvullende interne beheersingsmaatregelen van de gebruikersorganisatie die door de serviceorganisatie zijn vermeld, relevant zijn voor de gebruikersorganisatie en, zo ja, inzicht te verwerven in de vraag of de gebruikersorganisatie dergelijke interne beheersingsmaatregelen heeft opgezet en geïmplementeerd en, zo ja, de effectieve werking ervan te toetsen; c. te evalueren of de periode waarop de toetsingen van de interne beheersingsmaatregelen betrekking hebben adequaat is en de tijd te evalueren die is verstreken sinds het verrichten van de toetsingen; en -d. te evalueren of de door de accountant van de serviceorganisatie verrichte toetsingen van de interne beheersingsmaatregelen en de resultaten daarvan, zoals die in diens rapport zijn beschreven, relevant zijn voor de beweringen in de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie en of zij voldoende en geschikte controle-informatie verschaffen om zijn risico-inschatting te ondersteunen. (Zie Par. A31, A32, A33, A34, A35, A36, A37, A38 en A39) +d. te evalueren of de door de accountant van de serviceorganisatie verrichte toetsingen van de interne beheersingsmaatregelen en de resultaten daarvan, zoals die in diens rapport zijn beschreven, relevant zijn voor de beweringen in de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie en of zij voldoende en geschikte controle-informatie verschaffen om zijn risico-inschatting te ondersteunen. (Zie Par. A31, A32, A33, A34, A35, A36, A37, A38 en A39) #### . Type 1- en type 2-rapporten waarin de diensten van een subserviceorganisatie worden uitgesloten -18 Indien de accountant van de gebruikersorganisatie van plan is gebruik te maken van een type 1- of type 2-rapport waarin de diensten van een subserviceorganisatie worden uitgesloten en die diensten zijn relevant voor de controle van de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie, dient hij de vereisten van deze Standaard toe te passen met betrekking tot de door de subserviceorganisatie verleende diensten. (Zie Par. A40) +18 Indien de accountant van de gebruikersorganisatie van plan is gebruik te maken van een type 1- of type 2-rapport waarin de diensten van een subserviceorganisatie worden uitgesloten en die diensten zijn relevant voor de controle van de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie, dient hij de vereisten van deze Standaard toe te passen met betrekking tot de door de subserviceorganisatie verleende diensten. (Zie Par. A40) #### . Fraude, niet-naleving van wet- en regelgeving en niet-gecorrigeerde afwijkingen met betrekking tot activiteiten bij de serviceorganisatie -19 De accountant van de gebruikersorganisatie dient bij het management van deze organisatie inlichtingen in te winnen over de vraag of de serviceorganisatie haar melding heeft gedaan, dan wel of zij anderszins kennis heeft, van fraude, niet-naleving van wet- en regelgeving of niet-gecorrigeerde afwijkingen die op de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie van invloed zijn. De accountant van de gebruikersorganisatie dient te evalueren op welke wijze dergelijke aangelegenheden invloed hebben op de aard, timing en omvang van zijn verdere controlewerkzaamheden, met inbegrip van het effect op zijn conclusies en op zijn controleverklaring. (Zie Par. A41) +19 De accountant van de gebruikersorganisatie dient bij het management van deze organisatie inlichtingen in te winnen over de vraag of de serviceorganisatie haar melding heeft gedaan, dan wel of zij anderszins kennis heeft, van fraude, niet-naleving van wet- en regelgeving of niet-gecorrigeerde afwijkingen die op de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie van invloed zijn. De accountant van de gebruikersorganisatie dient te evalueren op welke wijze dergelijke aangelegenheden invloed hebben op de aard, timing en omvang van zijn verdere controlewerkzaamheden, met inbegrip van het effect op zijn conclusies en op zijn controleverklaring. (Zie Par. A41) #### . Rapportage door de accountant van de gebruikersorganisatie -20 De accountant van de gebruikersorganisatie dient het oordeel in zijn controleverklaring overeenkomstig Standaard 705228Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, paragraaf 6. aan te passen indien hij niet in staat is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de diensten die door de serviceorganisatie worden verleend en die relevant zijn voor de controle van de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie. (Zie Par. A42) -21 De accountant van de gebruikersorganisatie dient in zijn controleverklaring waarin een goedkeurend oordeel is opgenomen, niet naar de door een accountant van een serviceorganisatie uitgevoerde werkzaamheden te verwijzen, tenzij dit wordt vereist door wet- of regelgeving. Wanneer een dergelijke verwijzing door wet- en regelgeving wordt vereist, dient de accountant van de gebruikersorganisatie in zijn controleverklaring te vermelden dat die verwijzing niets afdoet aan zijn verantwoordelijkheid voor zijn controleoordeel. (Zie Par. A43) -22 Wanneer een verwijzing naar de door een accountant van een serviceorganisatie uitgevoerde werkzaamheden relevant is voor een inzicht in een aanpassing van het oordeel van de accountant van de gebruikersorganisatie, dient de accountant van de gebruikersorganisatie in zijn controleverklaring te vermelden dat die verwijzing niets afdoet aan zijn verantwoordelijkheid voor dat oordeel. (Zie Par. A44) +20 De accountant van de gebruikersorganisatie dient het oordeel in zijn controleverklaring overeenkomstig Standaard 705228Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, paragraaf 6. aan te passen indien hij niet in staat is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de diensten die door de serviceorganisatie worden verleend en die relevant zijn voor de controle van de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie. (Zie Par. A42) +21 De accountant van de gebruikersorganisatie dient in zijn controleverklaring waarin een goedkeurend oordeel is opgenomen, niet naar de door een accountant van een serviceorganisatie uitgevoerde werkzaamheden te verwijzen, tenzij dit wordt vereist door wet- of regelgeving. Wanneer een dergelijke verwijzing door wet- en regelgeving wordt vereist, dient de accountant van de gebruikersorganisatie in zijn controleverklaring te vermelden dat die verwijzing niets afdoet aan zijn verantwoordelijkheid voor zijn controleoordeel. (Zie Par. A43) +22 Wanneer een verwijzing naar de door een accountant van een serviceorganisatie uitgevoerde werkzaamheden relevant is voor een inzicht in een aanpassing van het oordeel van de accountant van de gebruikersorganisatie, dient de accountant van de gebruikersorganisatie in zijn controleverklaring te vermelden dat die verwijzing niets afdoet aan zijn verantwoordelijkheid voor dat oordeel. (Zie Par. A44) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten #### . Het verwerven van inzicht in de diensten die worden verleend door een serviceorganisatie, met inbegrip van de interne beheersing -##### . Bronnen van informatie (Zie Par. 9) +##### . Bronnen van informatie (Zie Par. 9) A1 Informatie over de aard van de door een serviceorganisatie verleende diensten kan uit een breed scala aan bronnen worden verkregen, zoals: @@ -5027,7 +5027,7 @@ A1 Informatie over de aard van de door een serviceorganisatie verleende diensten • rapporten van de accountant van de serviceorganisatie, met inbegrip van managementletters, indien beschikbaar. A2 Kennis verkregen uit de ervaring die de accountant van de gebruikersorganisatie met de serviceorganisatie heeft, bijvoorbeeld via andere controleopdrachten, kan ook nuttig zijn om inzicht te verwerven in de aard van de door de serviceorganisatie verleende diensten. Dit kan met name nuttig zijn als de diensten en de desbetreffende interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie in hoge mate gestandaardiseerd zijn. -##### . Aard van de door de serviceorganisatie verleende diensten (Zie Par. 9(a)) +##### . Aard van de door de serviceorganisatie verleende diensten (Zie Par. 9(a)) A3 Een gebruikersorganisatie kan gebruikmaken van een serviceorganisatie zoals een organisatie die transacties verwerkt en de daarmee verband houdende verantwoordingsplicht handhaaft of die transacties vastlegt en daaraan gerelateerde gegevens verwerkt. Onder serviceorganisaties die dergelijke diensten verlenen, vallen bijvoorbeeld trustafdelingen van banken die activa voor beloningsregelingen voor het personeel of voor anderen beleggen en beheren, hypotheekbankiers die hypotheken voor anderen beheren, en application service providers die softwarepakketten en een technische infrastructuur ter beschikking stellen zodat cliënten financiële en operationele transacties kunnen verwerken. A4 Voorbeelden van voor de controle relevante diensten van een serviceorganisatie zijn: @@ -5040,15 +5040,15 @@ A4 Voorbeelden van voor de controle relevante diensten van een serviceorganisati A5 Kleinere entiteiten kunnen gebruikmaken van externe boekhoudkundige diensten variërend van het verwerken van bepaalde transacties (bijvoorbeeld de betaling van loonbelasting) en het bijhouden van de administratieve vastleggingen tot het opstellen van financiële overzichten. Wanneer een kleinere entiteit gebruikmaakt van een dergelijke serviceorganisatie om haar financiële overzichten op te stellen, ontheft dit haar management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen niet van hun verantwoordelijkheden voor de financiële overzichten.229Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden*, paragraaf 4,A2 en A3. -##### . Aard en materialiteit van door de serviceorganisatie verwerkte transacties (Zie Par. 9 (b)) +##### . Aard en materialiteit van door de serviceorganisatie verwerkte transacties (Zie Par. 9 (b)) A6 Een serviceorganisatie kan beleidslijnen en procedures vaststellen die van invloed zijn op de interne beheersing van de gebruikersorganisatie. Deze beleidslijnen en procedures staan ten minste gedeeltelijk fysiek en operationeel apart van de gebruikersorganisatie. De significantie van de interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie voor die van de gebruikersorganisatie hangt af van de aard van de door de serviceorganisatie verleende diensten, met inbegrip van de aard en de materialiteit van de transacties die zij voor de gebruikersorganisatie verwerkt. In bepaalde situaties kunnen de door de serviceorganisatie verwerkte transacties en de daardoor beïnvloede rekeningen niet van materieel belang lijken te zijn voor de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie, maar de aard van de verwerkte transacties kan significant zijn en de accountant van de gebruikersorganisatie kan bepalen dat inzicht in die interne beheersingsmaatregelen in de omstandigheden noodzakelijk is. -##### . Mate van interactie tussen de activiteiten van de serviceorganisatie en de gebruikersorganisatie (Zie Par. 9(c)) +##### . Mate van interactie tussen de activiteiten van de serviceorganisatie en de gebruikersorganisatie (Zie Par. 9(c)) A7 De significantie van de interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie voor die van de gebruikersorganisatie hangt ook af van de mate van interactie tussen de activiteiten van beide organisaties. De mate van interactie verwijst naar in hoeverre de gebruikersorganisatie effectieve interne beheersingsmaatregelen voor de door de serviceorganisatie uitgevoerde verwerking kan toepassen en daadwerkelijk implementeert. Zo bestaat er een hoge mate van interactie tussen de activiteiten van de gebruikersorganisatie en die van de serviceorganisatie wanneer de gebruikersorganisatie transacties autoriseert en de serviceorganisatie die transacties verwerkt en de administratieve verwerking ervan verzorgt. In deze omstandigheden kan het voor de gebruikersorganisatie praktisch uitvoerbaar zijn om effectieve interne beheersingsmaatregelen te implementeren voor die transacties. Wanneer de serviceorganisatie daarentegen transacties voor de gebruikersorganisatie tot stand brengt, of die transacties aanvankelijk vastlegt, verwerkt en de administratieve verwerking ervan verzorgt, is er een kleinere mate van interactie tussen de twee organisaties. In deze omstandigheden kan de gebruikersorganisatie niet in staat zijn om binnen de eigen organisatie effectieve interne beheersingsmaatregelen toe te passen voor deze transacties, of kan zij ervoor kiezen dit niet te doen, en kan zij steunen op interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie. -##### . Aard van de relatie tussen de gebruikersorganisatie en de serviceorganisatie (Zie Par. 9(d)) +##### . Aard van de relatie tussen de gebruikersorganisatie en de serviceorganisatie (Zie Par. 9(d)) A8 Het contract of de servicelevel-agreement tussen de gebruikersorganisatie en de serviceorganisatie kan aangelegenheden regelen zoals: @@ -5068,7 +5068,7 @@ b. gegevensgerichte controles met betrekking tot de door een serviceorganisatie A10 Accountants in de publieke sector hebben over het algemeen ruime toegangsrechten die bij wet zijn vastgesteld. Er kunnen zich echter situaties voordoen waarin van dergelijke toegangsrechten geen gebruik kan worden gemaakt, bijvoorbeeld wanneer de serviceorganisatie in een ander rechtsgebied is gevestigd. In dergelijke gevallen kan een accountant in de publieke sector het noodzakelijk vinden om inzicht te verwerven in de wetgeving die van toepassing is in het andere rechtsgebied om na te gaan of passende toegangsrechten kunnen worden verkregen. Een accountant in de publieke sector kan ook toegangsrechten verkrijgen krachtens, of aan de gebruikersorganisatie vragen om deze op te nemen in, een contractuele overeenkomst tussen de gebruikersorganisatie en de serviceorganisatie. A11 Accountants in de publieke sector kunnen ook gebruikmaken van een andere accountant om toetsingen van interne beheersingsmaatregelen of gegevensgerichte controles te laten uitvoeren die betrekking hebben op de naleving van wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften. -##### . Inzicht in de interne beheersingsmaatregelen die betrekking hebben op door de serviceorganisatie verleende diensten (Zie Par. 10) +##### . Inzicht in de interne beheersingsmaatregelen die betrekking hebben op door de serviceorganisatie verleende diensten (Zie Par. 10) A12 De gebruikersorganisatie kan interne beheersingsmaatregelen voor diensten van de serviceorganisatie vaststellen die door de accountant van de gebruikersorganisatie kunnen worden getoetst, zodat deze kan concluderen dat de interne beheersingsmaatregelen van de gebruikersorganisatie effectief werken voor sommige of alle daarmee verband houdende beweringen, ongeacht de bij de serviceorganisatie bestaande interne beheersingsmaatregelen. Wanneer een gebruikersorganisatie bijvoorbeeld gebruikmaakt van een serviceorganisatie om haar loontransacties te verwerken, kan zij interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de verzending en ontvangst van looninformatie vaststellen die afwijkingen van materieel belang kunnen voorkomen of detecteren. Onder deze interne beheersingsmaatregelen vallen: @@ -5077,7 +5077,7 @@ A12 De gebruikersorganisatie kan interne beheersingsmaatregelen voor diensten va A13 In deze situatie kan de accountant van de gebruikersorganisatie toetsingen van de interne beheersingsmaatregelen van de gebruikersorganisatie met betrekking tot de loonadministratie verrichten zodat hij kan concluderen dat de interne beheersingsmaatregelen van de gebruikersorganisatie effectief werken voor de beweringen die betrekking hebben op de loontransacties. A14 Zoals uiteengezet in Standaard 315230Standaard 315, paragraaf 30., kan de accountant van de gebruikersorganisatie bij sommige risico’s van oordeel zijn dat het niet mogelijk of praktisch uitvoerbaar is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen door middel van gegevensgerichte controles alleen. Dergelijke risico’s kunnen verband houden met de onnauwkeurige en onvolledige vastlegging van routinematige en significante transactiestromen of rekeningsaldi, waarvan de kenmerken vaak een hoge mate van geautomatiseerde gegevensverwerking met weinig of geen handmatige interventie mogelijk maken. Er kan met name sprake zijn van dergelijke geautomatiseerde verwerking wanneer de gebruikersorganisatie gebruikmaakt van serviceorganisaties. In dergelijke gevallen zijn de interne beheersingsmaatregelen van de gebruikersorganisatie die op dergelijke risico’s betrekking hebben, relevant voor de controle en wordt van de accountant van de gebruikersorganisatie vereist dat hij inzicht verwerft in en een beoordeling verricht van dergelijke interne beheersingsmaatregelen overeenkomstig de paragrafen 9 en 10 van deze Standaard. -##### . Verdere werkzaamheden wanneer er niet voldoende inzicht in de gebruikersorganisatie kan worden verkregen (Zie Par. 12) +##### . Verdere werkzaamheden wanneer er niet voldoende inzicht in de gebruikersorganisatie kan worden verkregen (Zie Par. 12) A15 De beslissing van de accountant van de gebruikersorganisatie over het controlemiddel dat hij, afzonderlijk of in combinatie, in het geval van paragraaf 12 zal inzetten om de noodzakelijke informatie te verkrijgen op basis waarvan hij de risico’s op een afwijking van materieel belang kan identificeren en inschatten die betrekking heeft op het feit dat de gebruikersorganisatie gebruikmaakt van een serviceorganisatie, kan worden beïnvloed door aangelegenheden zoals: @@ -5092,7 +5092,7 @@ A18 In sommige omstandigheden kan een gebruikersorganisatie een of meer signific A19 Er kan van een andere accountant gebruik worden gemaakt om werkzaamheden te laten verrichten die de noodzakelijke informatie over de relevante interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie verschaffen. Wanneer een type 1-of type 2-rapport is uitgebracht, kan de accountant van de gebruikersorganisatie gebruikmaken van de accountant van de serviceorganisatie om deze werkzaamheden uit te voeren omdat de accountant van de serviceorganisatie een bestaande relatie heeft met de serviceorganisatie. Wanneer de accountant van de gebruikersorganisatie zich op de werkzaamheden van een andere accountant baseert, kunnen de leidraden in Standaard 600232In Standaard 600, *Bijzondere overwegingen – Controles van financiële overzichten van de groep (inclusief de werkzaamheden van accountants van groepsonderdelen)*, paragraaf 2, is bepaald: ‘Een accountant kan deze Standaard, naargelang nodig aan de omstandigheden aangepast, nuttig achten wanneer hij andere accountants betrekt bij de controle van financiële overzichten die niet tot de financiële overzichten van de groep behoren (...)’. Zie ook paragraaf 19 van Standaard 600. nuttig zijn, aangezien deze verband houden met het verwerven van inzicht in een andere accountant (met inbegrip van diens onafhankelijkheid en vakbekwaamheid) en met de betrokkenheid bij de werkzaamheden van een andere accountant bij het plannen van de aard, omvang en timing van dergelijke werkzaamheden en bij het evalueren van het voldoende en geschikt zijn van de verkregen controle-informatie. A20 Een gebruikersorganisatie kan gebruikmaken van een serviceorganisatie, die op haar beurt gebruikmaakt van een subserviceorganisatie voor het verlenen van sommige aan de gebruikersorganisatie verleende diensten die deel uitmaken van het voor de financiële verslaggeving relevante informatiesysteem. De subserviceorganisatie kan een entiteit zijn die losstaat van dan wel verbonden is met de serviceorganisatie. Een accountant van de gebruikersorganisatie kan het noodzakelijk vinden de interne beheersingsmaatregelen van de subserviceorganisatie te beschouwen. In omstandigheden waarbij er van een of meer subserviceorganisaties gebruik wordt gemaakt, wordt de interactie tussen de activiteiten van de gebruikersorganisatie en die van de serviceorganisatie uitgebreid tot de interactie tussen de gebruikersorganisatie, de serviceorganisatie en de subserviceorganisaties. De mate van interactie alsmede de aard en materialiteit van de door de serviceorganisatie en de subserviceorganisaties verwerkte transacties zijn de belangrijkste factoren die de accountant van de gebruikersorganisatie moet overwegen om de significantie van de interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie en de subserviceorganisatie voor de interne beheersingsmaatregelen van de gebruikersorganisatie te bepalen. -##### . Gebruik van een type 1- of type 2-rapport door de accountant van de gebruikersorganisatie ter ondersteuning van zijn inzicht in de serviceorganisatie (Zie Par. 13–14) +##### . Gebruik van een type 1- of type 2-rapport door de accountant van de gebruikersorganisatie ter ondersteuning van zijn inzicht in de serviceorganisatie (Zie Par. 13–14) A21 De accountant van de gebruikersorganisatie kan verzoeken om inlichtingen over de accountant van de serviceorganisatie bij diens beroepsorganisatie of bij andere beroepsbeoefenaren en verzoeken om inlichtingen over de vraag of de accountant van de serviceorganisatie aan toezicht onderworpen is. De accountant van de serviceorganisatie kan werkzaam zijn in een rechtsgebied waar andere standaarden worden gevolgd met betrekking tot rapportages over interne beheersingsmaatregelen bij een serviceorganisatie, en de accountant van de gebruikersorganisatie kan informatie over de door de accountant van de serviceorganisatie gebruikte standaarden verkrijgen bij de organisatie die deze standaarden vaststelt. A22 Een type 1- of type 2-rapport kan, samen met informatie over de gebruikersorganisatie, de accountant van de gebruikersorganisatie inzicht helpen verwerven in: @@ -5109,7 +5109,7 @@ A23 Een type 1- of type 2-rapport dat van een datum is dan wel voor een periode • het beoordelen van actuele documentatie en correspondentie die uitgaat van de serviceorganisatie; of • het bespreken van de wijzigingen met medewerkers van de serviceorganisatie. -#### . Manieren om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 15) +#### . Manieren om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 15) A24 Of het gebruikmaken van een serviceorganisatie het risico op afwijkingen van materieel belang bij een gebruikersorganisatie vergroot, is afhankelijk van de aard van de verleende diensten en de interne beheersingsmaatregelen voor deze diensten; in sommige gevallen kan het gebruikmaken van een serviceorganisatie het risico op een afwijking van materieel belang bij een gebruikersorganisatie verkleinen, met name wanneer de gebruikersorganisatie zelf niet de noodzakelijke deskundigheid bezit om bepaalde activiteiten te verrichten, zoals het tot stand brengen, verwerken en vastleggen van transacties, of niet over de adequate middelen beschikt (bijvoorbeeld een IT-systeem). A25 Wanneer de serviceorganisatie van materieel belang zijnde elementen van de administratieve vastleggingen van de gebruikersorganisatie beheert, is het mogelijk dat de accountant van de gebruikersorganisatie directe toegang tot die vastleggingen moet hebben om voldoende en geschikte controle-informatie te kunnen verkrijgen met betrekking tot de werking van de interne beheersingsmaatregelen voor de vastleggingen of om de daarin vastgelegde transacties en saldi te kunnen onderbouwen, of beide. Een dergelijke toegang kan mede inhouden dat een fysieke inspectie van de vastleggingen wordt verricht in de kantoren van de serviceorganisatie of dat de elektronisch beheerde vastleggingen worden onderzocht vanuit de gebruikersorganisatie of vanuit een andere locatie, of beide. Wanneer de directe toegang langs elektronische weg is verkregen, kan de accountant van de gebruikersorganisatie controle-informatie verkrijgen over de geschiktheid van de door de serviceorganisatie toegepaste interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de volledigheid en de integriteit van de gegevens van de gebruikersorganisatie waarvoor de serviceorganisatie verantwoordelijk is. @@ -5124,7 +5124,7 @@ d. het uitvoeren van cijferanalyses op de door de gebruikersorganisatie bijgehou A27 Een andere accountant kan werkzaamheden die gegevensgericht van aard zijn, uitvoeren ten behoeve van een accountant van een gebruikersorganisatie. Een dergelijke opdracht kan inhouden dat die andere accountant werkzaamheden uitvoert die door de gebruikersorganisatie en haar accountant en door de serviceorganisatie en haar accountant zijn overeengekomen. De bevindingen van de door de andere accountant uitgevoerde werkzaamheden worden door de accountant van de gebruikersorganisatie beoordeeld om te bepalen of zij voldoende en geschikte controle-informatie vormen. Voorts kunnen er door de overheid of door contractuele overeenkomsten vereisten worden opgelegd waarbij een accountant van de serviceorganisatie aangewezen werkzaamheden uitvoert die gegevensgericht van aard zijn. De resultaten van deze vereiste werkzaamheden met betrekking tot saldi en transacties die door de serviceorganisatie zijn verwerkt, kunnen door accountants van gebruikersorganisaties worden gebruikt als deel van de noodzakelijke informatie ter onderbouwing van hun controleoordeel. In deze omstandigheden kan het zinvol zijn dat de accountant van de gebruikersorganisatie en de accountant van de serviceorganisatie, vóór het uitvoeren van de werkzaamheden, afspraken maken over de controledocumentatie of de toegang tot de controledocumentatie die aan de accountant van de gebruikersorganisatie zal worden verstrekt. A28 In bepaalde omstandigheden, met name wanneer een gebruikersorganisatie haar financiële functie gedeeltelijk of volledig aan een serviceorganisatie uitbesteedt, kan de accountant van de gebruikersorganisatie geconfronteerd worden met een situatie waarbij een significant gedeelte van de controle-informatie bij de serviceorganisatie aanwezig is. Het is mogelijk dat de accountant van de gebruikersorganisatie of een andere accountant namens hem gegevensgerichte controles bij de serviceorganisatie moet uitvoeren. Een accountant van de serviceorganisatie kan een type 1- of type 2-rapport uitbrengen en daarnaast ook gegevensgerichte controles uitvoeren namens de accountant van de gebruikersorganisatie. De betrokkenheid van een andere accountant doet niets af aan de verantwoordelijkheid van de accountant van de gebruikersorganisatie om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen dat hem een redelijke basis verschaft om zijn oordeel te ondersteunen. Wanneer de accountant van de gebruikersorganisatie overweegt of er voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen en of hij verdere gegevensgerichte controles dient uit te voeren, houdt hij derhalve rekening met zijn eigen betrokkenheid bij, of controle-informatie voor, de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van door een andere accountant uitgevoerde gegevensgerichte controles. -##### . Toetsingen van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 16) +##### . Toetsingen van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 16) A29 Krachtens Standaard 330233Standaard 330, paragraaf 8. wordt van de accountant van de gebruikersorganisatie vereist dat hij in bepaalde omstandigheden toetsingen van de interne beheersingsmaatregelen opzet en uitvoert om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de effectieve werking van relevante interne beheersingsmaatregelen. In de context van een serviceorganisatie is dit vereiste van toepassing wanneer: @@ -5132,7 +5132,7 @@ a. de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang door d b. gegevensgerichte controles alleen, of in combinatie met toetsingen van de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen bij de gebruikersorganisatie, geen voldoende en geschikte controle-informatie kunnen verschaffen op het niveau van beweringen. A30 Indien er geen type 2-rapport beschikbaar is, kan een accountant van een gebruikersorganisatie via die organisatie contact opnemen met de serviceorganisatie met het verzoek dat de serviceorganisatie een accountant de opdracht geeft om een type 2-rapport af te geven dat toetsingen van de effectieve werking van de relevante interne beheersingsmaatregelen omvat, of kan de accountant van de gebruikersorganisatie gebruikmaken van een andere accountant om werkzaamheden bij de serviceorganisatie te laten uitvoeren die de effectieve werking van die interne beheersingsmaatregelen toetsen. Een accountant van een gebruikersorganisatie kan de serviceorganisatie ook bezoeken en toetsingen van relevante interne beheersingsmaatregelen verrichten indien de serviceorganisatie daarmee instemt. De accountant van de gebruikersorganisatie baseert zijn risico-inschattingen op de combinatie van de controle-informatie die wordt verkregen uit de werkzaamheden van een andere accountant en uit zijn eigen werkzaamheden. -##### . Gebruik van een type 2-rapport als controle-informatie dat interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie effectief werken (Zie Par. 17) +##### . Gebruik van een type 2-rapport als controle-informatie dat interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie effectief werken (Zie Par. 17) A31 Een type 2-rapport kan bedoeld zijn om aan de behoeften van accountants van verschillende gebruikersorganisaties te voldoen; daarom is het mogelijk dat toetsingen van interne beheersingsmaatregelen en resultaten die beschreven zijn in het rapport van de accountant van de serviceorganisatie, niet relevant zijn voor beweringen die significant zijn in de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie. De relevante toetsingen van interne beheersingsmaatregelen en resultaten worden geëvalueerd om te bepalen of het rapport van de accountant van de serviceorganisatie voldoende en geschikte controle-informatie verschaft over de effectiviteit van de interne beheersingsmaatregelen om de risico-inschatting van de accountant van de gebruikersorganisatie te ondersteunen. Daarbij kan de accountant van de gebruikersorganisatie de volgende factoren in overweging nemen: @@ -5162,15 +5162,15 @@ A39 Van de accountant van de gebruikersorganisatie wordt vereist dat hij signifi • gevallen waarin aanvullende interne beheersingsmaatregelen van de gebruikersorganisatie in het type 1- of type 2-rapport worden vermeld maar niet door de gebruikersorganisatie zijn geïmplementeerd; en • interne beheersingsmaatregelen die noodzakelijk kunnen zijn bij de serviceorganisatie, maar blijkbaar niet geïmplementeerd zijn of niet specifiek in een type 2-rapport zijn behandeld. -#### . Type 1- en type 2-rapporten waarin de diensten van een subserviceorganisatie worden uitgesloten (Zie Par. 18) +#### . Type 1- en type 2-rapporten waarin de diensten van een subserviceorganisatie worden uitgesloten (Zie Par. 18) A40 Indien een serviceorganisatie gebruikmaakt van een subserviceorganisatie, kan de accountant van de serviceorganisatie in zijn rapport de relevante interne beheersingsdoelstellingen van de subserviceorganisatie en de daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen opnemen in de beschrijving van het systeem van de serviceorganisatie en in de reikwijdte van zijn opdracht dan wel deze uitsluiten. Deze twee rapportagemethoden staan bekend als de *inclusive* methode en de *carve-out* methode. Indien het type 1- of type 2-rapport de interne beheersingsmaatregelen bij een subserviceorganisatie uitsluit en de door de subserviceorganisatie verleende diensten relevant zijn voor de controle van de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie, wordt van de accountant van de gebruikersorganisatie vereist dat hij de vereisten van deze Standaard op de subserviceorganisatie toepast. De aard en de omvang van de door de accountant van de gebruikersorganisatie uit te voeren werkzaamheden met betrekking tot de door een subserviceorganisatie verleende diensten zijn afhankelijk van de aard en de significantie van die diensten voor de gebruikersorganisatie en de relevantie van die diensten voor de controle. De toepassing van het vereiste van paragraaf 9 kan de accountant van de gebruikersorganisatie het effect van de subserviceorganisatie en van de aard en de omvang van de uit te voeren werkzaamheden helpen bepalen. -#### . Fraude, niet-naleving van wet- en regelgeving en niet-gecorrigeerde afwijkingen met betrekking tot activiteiten bij de serviceorganisatie (Zie Par. 19) +#### . Fraude, niet-naleving van wet- en regelgeving en niet-gecorrigeerde afwijkingen met betrekking tot activiteiten bij de serviceorganisatie (Zie Par. 19) A41 Op grond van de contractuele voorwaarden met haar gebruikersorganisaties kan een serviceorganisatie ertoe gehouden zijn om de betrokken gebruikersorganisaties in kennis te stellen van alle gevallen van fraude, niet-naleving van wet- en regelgeving of ongecorrigeerde afwijkingen die aan haar management of werknemers zijn toe te schrijven. Overeenkomstig paragraaf 19 moet de accountant van de gebruikersorganisatie bij het management van die organisatie navragen of de serviceorganisatie dergelijke aangelegenheden heeft gerapporteerd en evalueert hij of eventuele door de serviceorganisatie gerapporteerde aangelegenheden de aard, timing en omvang van zijn verdere controlewerkzaamheden beïnvloeden. In bepaalde omstandigheden kan de accountant van de gebruikersorganisatie aanvullende informatie nodig hebben om deze evaluatie te verrichten en hij kan de gebruikersorganisatie vragen contact op te nemen met de serviceorganisatie om de noodzakelijke informatie te verkrijgen. -#### . Rapportage door de accountant van de gebruikersorganisatie (Zie Par. 20) +#### . Rapportage door de accountant van de gebruikersorganisatie (Zie Par. 20) A42 Wanneer een accountant van een gebruikersorganisatie niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de door de serviceorganisatie verleende diensten die relevant zijn voor de controle van de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie, vormt dit een beperking voor de reikwijdte van de controle. Dit kan het geval zijn wanneer: @@ -5180,7 +5180,7 @@ A42 Wanneer een accountant van een gebruikersorganisatie niet in staat is voldoe Of de accountant van de gebruikersorganisatie een oordeel met beperking tot uitdrukking brengt dan wel een oordeelonthouding formuleert, is afhankelijk van zijn conclusie of de mogelijke effecten op de financiële overzichten van materieel belang of van diepgaande invloed zijn. -##### . Verwijzing naar de door een accountant van een serviceorganisatie uitgevoerde werkzaamheden (Zie Par. 21, ) +##### . Verwijzing naar de door een accountant van een serviceorganisatie uitgevoerde werkzaamheden (Zie Par. 21, ) A43 In sommige gevallen kan van de accountant van de gebruikersorganisatie uit hoofde van wet- of regelgeving een verwijzing naar de werkzaamheden van een accountant van een serviceorganisatie vereist worden in zijn controleverklaring op te nemen, bijvoorbeeld omwille van de transparantie in de publieke sector. In dergelijke omstandigheden kan hij voor die verwijzing de voorafgaande toestemming van de accountant van de serviceorganisatie nodig hebben. A44 Wanneer een gebruikersorganisatie gebruikmaakt van een serviceorganisatie, doet dit niets af aan de verantwoordelijkheid die de accountant van de gebruikersorganisatie uit hoofde van de Standaarden heeft om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen zodat hij over een redelijke basis beschikt om zijn oordeel te ondersteunen. Om die reden verwijst de accountant van de gebruikersorganisatie niet naar de rapportage van de accountant van de serviceorganisatie als basis, al dan niet gedeeltelijk, voor zijn oordeel over de financiële overzichten van de gebruikersorganisatie. Wanneer de accountant van de gebruikersorganisatie echter een aangepast oordeel tot uitdrukking brengt op grond van een aangepast oordeel in een rapport van de accountant van de serviceorganisatie, vormt dit geen beletsel voor hem om te verwijzen naar het rapport van de accountant van de serviceorganisatie wanneer die verwijzing zijn aangepaste oordeel mede motiveert. In dergelijke omstandigheden kan hij voor die verwijzing de voorafgaande toestemming van de accountant van de serviceorganisatie nodig hebben. @@ -5208,7 +5208,7 @@ b. de invloed van eventuele niet-gecorrigeerde afwijkingen op de financiële ove 4 Voor de toepassing van de Standaarden hebben onderstaande termen de volgende betekenis: -a. *afwijking* – Een verschil tussen het bedrag, de rubricering, de presentatie of de toelichting van een gerapporteerd element in een financieel overzicht en het bedrag, de rubricering, de presentatie of de toelichting dat/die vereist is opdat dit element in overeenstemming is met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Afwijkingen kunnen het gevolg zijn van fouten of van fraude; (Zie Par. A1) +a. *afwijking* – Een verschil tussen het bedrag, de rubricering, de presentatie of de toelichting van een gerapporteerd element in een financieel overzicht en het bedrag, de rubricering, de presentatie of de toelichting dat/die vereist is opdat dit element in overeenstemming is met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Afwijkingen kunnen het gevolg zijn van fouten of van fraude; (Zie Par. A1) Wanneer de accountant een oordeel tot uitdrukking brengt over de vraag of de financiële overzichten een getrouw beeld geven dan wel of zij in alle van materieel belang zijnde opzichten een getrouwe weergave vormen, omvatten afwijkingen ook de aanpassingen van bedragen, rubriceringen, presentatie of toelichtingen die, op grond van de oordeelsvorming van de accountant, noodzakelijk zijn opdat de financiële overzichten een getrouw beeld geven dan wel in alle van materieel belang zijnde opzichten een getrouwe weergave vormen. b. *niet-gecorrigeerde afwijkingen* – Afwijkingen die de accountant tijdens de controle heeft geaccumuleerd en die niet gecorrigeerd zijn. @@ -5217,50 +5217,50 @@ b. *niet-gecorrigeerde afwijkingen* – Afwijkingen die de accountant tijdens de #### . Accumuleren van geïdentificeerde afwijkingen -5 De accountant dient tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen te accumuleren, met uitzondering van afwijkingen die duidelijk triviaal zijn. (Zie Par. A2, A3) +5 De accountant dient tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen te accumuleren, met uitzondering van afwijkingen die duidelijk triviaal zijn. (Zie Par. A2, A3) #### . In aanmerking nemen van geïdentificeerde afwijkingen naarmate de controle vordert 6 De accountant dient te bepalen of de algehele controleaanpak en het controleprogramma moeten worden herzien indien: -a. de aard van de geïdentificeerde afwijkingen en de omstandigheden waarin deze voorkomen, erop wijzen dat andere afwijkingen kunnen bestaan die, indien samengevoegd bij tijdens de controle geaccumuleerde afwijkingen, van materieel belang kunnen zijn; of (Zie Par. A4) -b. het totaal van de tijdens de controle geaccumuleerde afwijkingen de overeenkomstig Standaard 320 bepaalde materialiteit benadert. (Zie Par. A5) -7 Indien het management op verzoek van de accountant een transactiestroom, een rekeningsaldo of een in de financiële overzichten opgenomen toelichting heeft onderzocht en gedetecteerde afwijkingen heeft gecorrigeerd, dient de accountant aanvullende controlewerkzaamheden te verrichten om te bepalen of er nog afwijkingen resteren. (Zie Par. A6) +a. de aard van de geïdentificeerde afwijkingen en de omstandigheden waarin deze voorkomen, erop wijzen dat andere afwijkingen kunnen bestaan die, indien samengevoegd bij tijdens de controle geaccumuleerde afwijkingen, van materieel belang kunnen zijn; of (Zie Par. A4) +b. het totaal van de tijdens de controle geaccumuleerde afwijkingen de overeenkomstig Standaard 320 bepaalde materialiteit benadert. (Zie Par. A5) +7 Indien het management op verzoek van de accountant een transactiestroom, een rekeningsaldo of een in de financiële overzichten opgenomen toelichting heeft onderzocht en gedetecteerde afwijkingen heeft gecorrigeerd, dient de accountant aanvullende controlewerkzaamheden te verrichten om te bepalen of er nog afwijkingen resteren. (Zie Par. A6) #### . Communicatie en correctie van afwijkingen -8 De accountant dient alle afwijkingen die tijdens de controle zijn geaccumuleerd, tijdig aan het management op het passende niveau mee te delen, tenzij dit op grond van wet- of regelgeving238Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 7. verboden is. De accountant dient het management te verzoeken deze afwijkingen te corrigeren. (Zie Par. A7, A8 en A9) -9 Indien het management weigert om sommige of alle door de accountant meegedeelde afwijkingen te corrigeren, dient de accountant inzicht te verwerven in de redenen van het management om de correcties niet uit voeren, en dient hij met dat inzicht rekening te houden bij het evalueren of de financiële overzichten als geheel geen afwijking van materieel belang bevatten. (Zie Par. A10) +8 De accountant dient alle afwijkingen die tijdens de controle zijn geaccumuleerd, tijdig aan het management op het passende niveau mee te delen, tenzij dit op grond van wet- of regelgeving238Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 7. verboden is. De accountant dient het management te verzoeken deze afwijkingen te corrigeren. (Zie Par. A7, A8 en A9) +9 Indien het management weigert om sommige of alle door de accountant meegedeelde afwijkingen te corrigeren, dient de accountant inzicht te verwerven in de redenen van het management om de correcties niet uit voeren, en dient hij met dat inzicht rekening te houden bij het evalueren of de financiële overzichten als geheel geen afwijking van materieel belang bevatten. (Zie Par. A10) #### . Evaluatie van de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen -10 Voordat hij de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen evalueert, dient de accountant de overeenkomstig Standaard 320 bepaalde materialiteit opnieuw te beoordelen om zich ervan te vergewissen dat deze passend blijft in de context van de feitelijke financiële resultaten van de entiteit. (Zie Par. A11, A12) +10 Voordat hij de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen evalueert, dient de accountant de overeenkomstig Standaard 320 bepaalde materialiteit opnieuw te beoordelen om zich ervan te vergewissen dat deze passend blijft in de context van de feitelijke financiële resultaten van de entiteit. (Zie Par. A11, A12) 11 De accountant dient te bepalen of niet-gecorrigeerde afwijkingen, afzonderlijk of gezamenlijk, van materieel belang zijn. Hierbij dient hij het volgende te overwegen: -a. de omvang en de aard van de afwijkingen, zowel in relatie tot bepaalde transactiestromen, rekeningsaldi of toelichtingen en de financiële overzichten als geheel als in relatie tot de specifieke omstandigheden waarin zij voorkomen; en (Zie Par. A13, A14, A15, A16, A17, A19 en A20) -b. de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen die verband houden met voorgaande verslagperioden, op de relevante transactiestromen, rekeningsaldi of toelichtingen en de financiële overzichten als geheel. (Zie Par. A18) +a. de omvang en de aard van de afwijkingen, zowel in relatie tot bepaalde transactiestromen, rekeningsaldi of toelichtingen en de financiële overzichten als geheel als in relatie tot de specifieke omstandigheden waarin zij voorkomen; en (Zie Par. A13, A14, A15, A16, A17, A19 en A20) +b. de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen die verband houden met voorgaande verslagperioden, op de relevante transactiestromen, rekeningsaldi of toelichtingen en de financiële overzichten als geheel. (Zie Par. A18) ##### . Communicatie met de met governance belaste personen -12 De accountant dient niet-gecorrigeerde afwijkingen alsmede de invloed die deze, afzonderlijk of gezamenlijk, op zijn oordeel in de controleverklaring kunnen hebben, aan de met governance belaste personen mee te delen, tenzij dit op grond van wet- of regelgeving239Zie voetnoot bij paragraaf 8. verboden is. In deze mededeling dient de accountant niet-gecorrigeerde afwijkingen die van materieel belang zijn, afzonderlijk te vermelden. De accountant dient te verzoeken om de niet-gecorrigeerde afwijkingen te corrigeren. (Zie Par. A21, A22 en A23) +12 De accountant dient niet-gecorrigeerde afwijkingen alsmede de invloed die deze, afzonderlijk of gezamenlijk, op zijn oordeel in de controleverklaring kunnen hebben, aan de met governance belaste personen mee te delen, tenzij dit op grond van wet- of regelgeving239Zie voetnoot bij paragraaf 8. verboden is. In deze mededeling dient de accountant niet-gecorrigeerde afwijkingen die van materieel belang zijn, afzonderlijk te vermelden. De accountant dient te verzoeken om de niet-gecorrigeerde afwijkingen te corrigeren. (Zie Par. A21, A22 en A23) 13 De accountant dient ook de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen die verband houden met voorgaande verslagperioden, op de relevante transactiestromen, rekeningsaldi of toelichtingen en de financiële overzichten als geheel aan de met governance belaste personen mee te delen. #### . Schriftelijke bevestiging -14 De accountant dient bij het management en, in voorkomend geval, bij de met governance belaste personen om een schriftelijke bevestiging te verzoeken dat zij van oordeel zijn dat de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen, afzonderlijk of gezamenlijk, niet van materieel belang is voor de financiële overzichten als geheel. Een overzicht van deze elementen dient te worden opgenomen in of toegevoegd aan de schriftelijke bevestiging. (Zie Par. A24) +14 De accountant dient bij het management en, in voorkomend geval, bij de met governance belaste personen om een schriftelijke bevestiging te verzoeken dat zij van oordeel zijn dat de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen, afzonderlijk of gezamenlijk, niet van materieel belang is voor de financiële overzichten als geheel. Een overzicht van deze elementen dient te worden opgenomen in of toegevoegd aan de schriftelijke bevestiging. (Zie Par. A24) #### . Documentatie -15 De accountant dient in de controledocumentatie op te nemen:240Standaard 230, *Controledocumentatie*, paragraaf 8, 9, 10, 11 en A6. (Zie Par. A25) +15 De accountant dient in de controledocumentatie op te nemen:240Standaard 230, *Controledocumentatie*, paragraaf 8, 9, 10, 11 en A6. (Zie Par. A25) -a. het bedrag waaronder afwijkingen als duidelijk triviaal worden beschouwd; (Zie Par. 5) -b. alle afwijkingen die tijdens de controle geaccumuleerd zijn, met de vermelding of zij gecorrigeerd zijn; (Zie Par. 5, 8 en 12) en -c. zijn conclusie met betrekking tot de vraag of niet-gecorrigeerde afwijkingen, afzonderlijk of gezamenlijk, van materieel belang zijn, en de basis voor die conclusie. (Zie Par. 11) +a. het bedrag waaronder afwijkingen als duidelijk triviaal worden beschouwd; (Zie Par. 5) +b. alle afwijkingen die tijdens de controle geaccumuleerd zijn, met de vermelding of zij gecorrigeerd zijn; (Zie Par. 5, 8 en 12) en +c. zijn conclusie met betrekking tot de vraag of niet-gecorrigeerde afwijkingen, afzonderlijk of gezamenlijk, van materieel belang zijn, en de basis voor die conclusie. (Zie Par. 11) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Definitie van afwijking (Zie Par. 4(a)) +#### . Definitie van afwijking (Zie Par. 4(a)) A1 Afwijkingen kunnen het gevolg zijn van: @@ -5271,7 +5271,7 @@ d. oordeelsvormingen van het management met betrekking tot schattingen die de ac Voorbeelden van afwijkingen die het gevolg zijn van fraude, worden gegeven in Standaard 240.241Standaard 240, *Verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten*, paragraaf A1, A2, A3, A4, A5 en A6. -#### . Accumuleren van geïdentificeerde afwijkingen (Zie Par. 5) +#### . Accumuleren van geïdentificeerde afwijkingen (Zie Par. 5) A2 De accountant kan een bedrag vaststellen waaronder afwijkingen duidelijk triviaal zijn en niet hoeven te worden geaccumuleerd omdat hij verwacht dat het accumuleren van zulke bedragen duidelijk geen invloed van materieel belang zal hebben op de financiële overzichten. ‘Duidelijk triviaal’ is niet een andere wijze om ‘niet van materieel belang’ tot uitdrukking te brengen. Duidelijk triviale aangelegenheden zijn van een geheel andere (kleinere) orde van grootte dan de overeenkomstig Standaard 320 bepaalde materialiteit en zijn duidelijk onbeduidend, ongeacht of ze afzonderlijk dan wel gezamenlijk in overweging worden genomen, en ongeacht of ze naar omvang, aard of omstandigheden worden beoordeeld. Wanneer er enige onzekerheid bestaat over de vraag of een of meerdere elementen duidelijk triviaal zijn, wordt de aangelegenheid niet als duidelijk triviaal beschouwd. A3 Als hulp voor de accountant bij het evalueren van de invloed van tijdens de controle geaccumuleerde afwijkingen en bij het meedelen van afwijkingen aan het management en aan de met governance belaste personen kan het zinvol zijn een onderscheid te maken tussen feitelijke afwijkingen, inschattingsafwijkingen en geprojecteerde afwijkingen: @@ -5280,20 +5280,20 @@ A3 Als hulp voor de accountant bij het evalueren van de invloed van tijdens de c • inschattingsafwijkingen zijn verschillen die ontstaan door oordeelsvormingen van het management met betrekking tot schattingen die de accountant onredelijk acht of met betrekking tot de keuze of toepassing van grondslagen voor financiële verslaggeving die de accountant als niet passend beschouwt; • geprojecteerde afwijkingen zijn de beste schatting die een accountant van afwijkingen in populaties kan maken, waarbij in controlesteekproeven geïdentificeerde afwijkingen worden geprojecteerd op de populaties als geheel waaruit de steekproeven werden getrokken. Standaard 530242Standaard 530, *Het gebruiken van steekproeven bij een controle*, paragraaf 14 en 15. geeft een leidraad voor het vaststellen van geprojecteerde afwijkingen en de evaluatie van de resultaten. -#### . In aanmerking nemen van geïdentificeerde afwijkingen naarmate de controle vordert (Zie Par. 6 en 7) +#### . In aanmerking nemen van geïdentificeerde afwijkingen naarmate de controle vordert (Zie Par. 6 en 7) A4 Een afwijking is niet noodzakelijk een op zichzelf staande gebeurtenis. Wanneer de accountant bijvoorbeeld vaststelt dat een afwijking het gevolg was van het niet meer functioneren van de interne beheersing of van niet passende veronderstellingen of waarderingsmethoden die breed door de entiteit zijn toegepast, kan dit mogelijkerwijs op het bestaan van andere afwijkingen wijzen. A5 Indien de tijdens de controle geaccumuleerde afwijkingen gezamenlijk de overeenkomstig Standaard 320 bepaalde materialiteit benaderen, kan er sprake zijn van een groter dan aanvaardbaar laag risiconiveau dat mogelijkerwijs niet-gedetecteerde afwijkingen, indien samengevoegd bij alle tijdens de controle geaccumuleerde afwijkingen, de materialiteit overschrijden. Het steekproefrisico en het uitvoeringsrisico243Standaard 530, paragraaf 5(c) en (d). kunnen tot gevolg hebben dat er niet-gedetecteerde afwijkingen voorkomen. A6 De accountant kan het management verzoeken om een transactiestroom, rekeningsaldo of in de financiële overzichten opgenomen toelichting te onderzoeken opdat het inzicht zou verwerven in de oorzaak van een door hem geïdentificeerde afwijking, om werkzaamheden te verrichten om het bedrag van de feitelijke afwijking in de transactiestroom, het rekeningsaldo of de in de financiële overzichten opgenomen toelichting te bepalen, alsmede om passende aanpassingen in de financiële overzichten aan te brengen. Een dergelijk verzoek kan bijvoorbeeld worden gedaan op basis van een door de accountant verrichte projectie van in een controlesteekproef geïdentificeerde afwijkingen op de gehele populatie waaruit de steekproef werd getrokken. -#### . Communicatie en correctie van afwijkingen (Zie Par. 8 en 9) +#### . Communicatie en correctie van afwijkingen (Zie Par. 8 en 9) A7 Het is belangrijk dat afwijkingen tijdig worden meegedeeld aan het management op het passende niveau, omdat dit het management in staat stelt te evalueren of de elementen afwijkingen zijn, de accountant te informeren indien het een andere mening is toegedaan, en zo nodig actie te ondernemen. Gewoonlijk is het passende managementniveau het niveau dat de verantwoordelijkheid en bevoegdheid heeft om de afwijkingen te evalueren en de noodzakelijke actie te ondernemen. A8 De mededeling van bepaalde afwijkingen door de accountant aan het management of anderen binnen de entiteit kan op grond van wet- en regelgeving beperkt worden. Zo kan bij wet- of regelgeving specifiek zijn verboden dat een mededeling wordt gedaan of een andere actie wordt ondernomen die een nadelige invloed zou kunnen hebben op een onderzoek door een bevoegde instantie naar een feitelijke of vermoede illegale handeling. In bepaalde omstandigheden kunnen potentiële conflicten tussen de geheimhoudings- en de communicatieverplichtingen van de accountant complex van aard zijn. In dergelijke gevallen kan de accountant overwegen om juridisch advies in te winnen. A9 Wanneer het management alle afwijkingen, met inbegrip van de door de accountant meegedeelde afwijkingen, corrigeert, kan het de administratie en de vastleggingen accuraat houden en verminderen de risico’s op een afwijking van materieel belang in toekomstige financiële overzichten vanwege de cumulatieve invloed van niet van materieel belang zijnde niet-gecorrigeerde afwijkingen die verband houden met eerdere verslagperioden. A10 Overeenkomstig Standaard 700 wordt van de accountant vereist dat hij evalueert of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten zijn opgesteld en gepresenteerd in overeenstemming met de door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving gestelde vereisten. Bij deze evaluatie dient de accountant rekening te houden met de kwalitatieve aspecten van de praktijken inzake administratieve verwerking van de entiteit, met inbegrip van aanwijzingen voor mogelijke tendentie in de oordeelsvormingen van het management244Standaard 700, paragraaf 12., waarbij het inzicht dat hij heeft verworven in de redenen van het management om die correcties niet aan te brengen, een rol kan spelen. -#### . Evaluatie van de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen (Zie Par. 10 en 11) +#### . Evaluatie van de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen (Zie Par. 10 en 11) A11 Voor het bepalen van de materialiteit overeenkomstig Standaard 320 baseert de accountant zich vaak op schattingen van de financiële resultaten van de entiteit, omdat de werkelijke financiële resultaten mogelijkerwijs nog niet bekend zijn. Daarom kan het noodzakelijk zijn dat de accountant, voordat hij de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen evalueert, de overeenkomstig Standaard 320 bepaalde materialiteit herziet op basis van de werkelijke financiële resultaten. A12 In Standaard 320 is uiteengezet dat, naarmate de controle vordert, de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel (en, indien van toepassing, het (de) niveau(s) van materialiteit voor bepaalde transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen) wordt herzien wanneer de accountant tijdens de controle zich bewust wordt van informatie op basis waarvan hij oorspronkelijk een ander bedrag (of andere bedragen) zou hebben bepaald245Standaard 320, paragraaf 12.. Het is derhalve waarschijnlijk dat als er van een significante bijstelling sprake is, deze heeft plaatsgevonden voordat de accountant de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen evalueert. Indien de herbeoordeling van de overeenkomstig Standaard 320 bepaalde materialiteit door de accountant (zie paragraaf 10 van deze Standaard) evenwel tot een lager bedrag (of lagere bedragen) leidt, worden de uitvoeringsmaterialiteit en de geschiktheid van de aard, timing en omvang van de verdere controlewerkzaamheden opnieuw overwogen teneinde voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen waarop de accountant zijn controleoordeel kan baseren. @@ -5323,17 +5323,17 @@ A18 Niet van materieel belang zijnde niet-gecorrigeerde afwijkingen die verband A19 Bij controles van entiteiten in de publieke sector kan de evaluatie of een afwijking van materieel belang is, ook worden beïnvloed door de bij wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften vastgestelde meldplicht van de accountant ten aanzien van specifieke aangelegenheden, met inbegrip van bijvoorbeeld fraude. A20 Verder kunnen kwesties zoals openbaar belang, verantwoordingsplicht, integriteit en met name het verzekeren van effectief wettelijk toezicht van invloed zijn op de beoordeling of een element van materieel belang is krachtens zijn aard. Dit is met name het geval voor elementen die betrekking hebben op de naleving van wet- en regelgeving of andere van kracht zijnde voorschriften. -##### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 12) +##### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 12) A21 Indien niet-gecorrigeerde afwijkingen zijn meegedeeld aan een persoon (personen) met leidinggevende verantwoordelijkheden en die persoon (personen) heeft (hebben) ook verantwoordelijkheden op het gebied van governance, dan hoeven zij niet opnieuw te worden meegedeeld aan diezelfde persoon (personen) in de uitoefening van zijn (hun) rol in het kader van governance. De accountant dient er evenwel van overtuigd te zijn dat door de mededeling aan (een) persoon (personen) met leidinggevende verantwoordelijkheden op adequate wijze alle personen worden geïnformeerd met wie de accountant anders zou hebben gecommuniceerd in de uitoefening van hun functie in het kader van governance.249Standaard 260, paragraaf 13. A22 Wanneer er een groot aantal afzonderlijke niet van materieel belang zijnde niet-gecorrigeerde afwijkingen bestaat, kan de accountant het aantal en het totale monetaire effect van de niet-gecorrigeerde afwijkingen meedelen in plaats van de details van elke afzonderlijke niet-gecorrigeerde afwijking. A23 Overeenkomstig Standaard 260 wordt van de accountant vereist dat hij de schriftelijke bevestigingen waarom hij verzoekt, meedeelt aan de met governance belaste personen (zie paragraaf 14 van deze Standaard)250Standaard 260, paragraaf 16(c)(ii).. De accountant kan de redenen voor, en de gevolgen van, een verzuim om afwijkingen te corrigeren, bespreken met de met governance belaste personen, rekening houdend met de omvang en de aard van de afwijking in het licht van de gegeven omstandigheden en met de mogelijke gevolgen voor toekomstige financiële overzichten. -#### . Schriftelijke bevestiging (Zie Par. 14) +#### . Schriftelijke bevestiging (Zie Par. 14) A24 Omdat het opstellen van de financiële overzichten van het management en, in voorkomend geval, van de met governance belaste personen vereist dat zij de financiële overzichten aanpassen om van materieel belang zijnde afwijkingen te corrigeren, wordt van de accountant vereist dat hij hen verzoekt om een schriftelijke bevestiging te verschaffen met betrekking tot niet-gecorrigeerde afwijkingen. In bepaalde omstandigheden is het mogelijk dat het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen van mening zijn dat bepaalde niet-gecorrigeerde afwijkingen geen afwijkingen zijn. Om die reden kunnen zij ervoor kiezen formuleringen zoals: ‘Wij zijn het er niet mee eens dat de elementen... en ... een afwijking vormen omdat [opgaaf van redenen]’ aan hun schriftelijke bevestiging toe te voegen. Wanneer een accountant deze bevestiging krijgt, betekent dat evenwel niet dat hij geen conclusie meer hoeft te trekken over de invloed van niet-gecorrigeerde afwijkingen. -#### . Documentatie (Zie Par. 15) +#### . Documentatie (Zie Par. 15) A25 In de documentatie van de accountant van niet-gecorrigeerde afwijkingen kan rekening worden gehouden met: @@ -5372,24 +5372,24 @@ e. *het voldoende zijn (van controle-informatie)* – De maatstaf voor de hoevee #### . Voldoende en geschikte controle-informatie -6 De accountant dient controlewerkzaamheden op te zetten en uit te voeren die in de omstandigheden geschikt zijn om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9, A10, A11, A12, A13, A14, A15, A16, A17, A18, A19, A20, A21, A22, A23, A24 en A25) +6 De accountant dient controlewerkzaamheden op te zetten en uit te voeren die in de omstandigheden geschikt zijn om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9, A10, A11, A12, A13, A14, A15, A16, A17, A18, A19, A20, A21, A22, A23, A24 en A25) #### . Als controle-informatie te gebruiken informatie -7 Bij het opzetten en uitvoeren van controlewerkzaamheden dient de accountant te overwegen in welke mate de informatie die als controle-informatie zal worden gebruikt, relevant en betrouwbaar is. (Zie Par. A26, A27, A28, A29, A30, A31, A32 en A33) -8 Als informatie die als controle-informatie zal worden gebruikt, voortkomt uit het werk van een door het management ingeschakelde deskundige, dient de accountant voor zover nodig en rekening houdend met de significantie van het werk van de deskundige voor de doeleinden van de accountant: (Zie Par. A34, A35 en A36) +7 Bij het opzetten en uitvoeren van controlewerkzaamheden dient de accountant te overwegen in welke mate de informatie die als controle-informatie zal worden gebruikt, relevant en betrouwbaar is. (Zie Par. A26, A27, A28, A29, A30, A31, A32 en A33) +8 Als informatie die als controle-informatie zal worden gebruikt, voortkomt uit het werk van een door het management ingeschakelde deskundige, dient de accountant voor zover nodig en rekening houdend met de significantie van het werk van de deskundige voor de doeleinden van de accountant: (Zie Par. A34, A35 en A36) -a. de competentie, capaciteiten en objectiviteit van die deskundige te evalueren; (Zie Par. A37, A38, A39, A40, A41, A42 en A43) -b. inzicht te verwerven in het werk van die deskundige; en (Zie Par. A44, A45, A46 en A47) -c. te evalueren in welke mate het werk van die deskundige geschikt is als controle-informatie voor de desbetreffende bewering. (Zie Par. A48) +a. de competentie, capaciteiten en objectiviteit van die deskundige te evalueren; (Zie Par. A37, A38, A39, A40, A41, A42 en A43) +b. inzicht te verwerven in het werk van die deskundige; en (Zie Par. A44, A45, A46 en A47) +c. te evalueren in welke mate het werk van die deskundige geschikt is als controle-informatie voor de desbetreffende bewering. (Zie Par. A48) 9 Wanneer de accountant gebruikmaakt van informatie die afkomstig is van de entiteit, dient hij te evalueren of die informatie voldoende betrouwbaar is voor de doeleinden van de accountant, en dient hij naargelang nodig in de gegeven omstandigheden: -a. controle-informatie te verkrijgen over de nauwkeurigheid en volledigheid van de informatie; en (Zie Par. A49 en A50) -b. te evalueren of de informatie voldoende nauwkeurig en gedetailleerd is voor de doeleinden van de accountant. (Zie Par. A51) +a. controle-informatie te verkrijgen over de nauwkeurigheid en volledigheid van de informatie; en (Zie Par. A49 en A50) +b. te evalueren of de informatie voldoende nauwkeurig en gedetailleerd is voor de doeleinden van de accountant. (Zie Par. A51) #### . Elementen selecteren die moeten worden getoetst om controle-informatie te verkrijgen -10 Bij het opzetten van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen en detailcontroles dient de accountant methodes voor het selecteren van te toetsen elementen te bepalen die effectief zijn om het doel van de controlewerkzaamheden te bereiken. (Zie Par. A52, A53, A54, A55 en A56) +10 Bij het opzetten van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen en detailcontroles dient de accountant methodes voor het selecteren van te toetsen elementen te bepalen die effectief zijn om het doel van de controlewerkzaamheden te bereiken. (Zie Par. A52, A53, A54, A55 en A56) #### . Inconsistentie in, of twijfels over de betrouwbaarheid van, controle-informatie @@ -5398,11 +5398,11 @@ b. te evalueren of de informatie voldoende nauwkeurig en gedetailleerd is voor d a. uit een bepaalde bron verkregen controle-informatie inconsistent is met uit een andere bron verkregen controle-informatie; of b. de accountant twijfelt aan de betrouwbaarheid van de informatie die als controle-informatie zal worden gebruikt, -dient de accountant te bepalen welke aanpassingen of toevoegingen aan de controlewerkzaamheden nodig zijn om deze aangelegenheid op te lossen en dient hij te overwegen welk effect deze aangelegenheid eventueel heeft op andere aspecten van de controle. (Zie Par. A57) +dient de accountant te bepalen welke aanpassingen of toevoegingen aan de controlewerkzaamheden nodig zijn om deze aangelegenheid op te lossen en dient hij te overwegen welk effect deze aangelegenheid eventueel heeft op andere aspecten van de controle. (Zie Par. A57) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Voldoende en geschikte controle-informatie (Zie Par. 6) +#### . Voldoende en geschikte controle-informatie (Zie Par. 6) A1 Controle-informatie is noodzakelijk om het oordeel van de accountant en de controleverklaring te onderbouwen. Controle-informatie is cumulatief van aard en wordt primair verkregen uit controlewerkzaamheden die in de loop van de controle worden uitgevoerd. Controle-informatie kan echter ook informatie omvatten die is verkregen uit andere bronnen, zoals eerdere controles (op voorwaarde dat de accountant heeft bepaald of er sinds de vorige controle veranderingen hebben plaatsgevonden die de relevantie ervan voor de lopende controle kunnen beïnvloeden256Standaard 315, paragraaf 9.) of kwaliteitsbeheersingsprocedures van een kantoor voor cliëntaanvaarding en -continuering. Naast andere bronnen binnen en buiten de entiteit, zijn de administratieve vastleggingen van de entiteit een belangrijke bron van controle-informatie. Informatie die als controle-informatie kan worden gebruikt, kan ook voortkomen uit het werk van een door het management ingeschakelde deskundige. Controle-informatie omvat zowel informatie die de beweringen van het management onderbouwt en bevestigt als alle informatie die dergelijke beweringen tegenspreekt. Bovendien wordt in sommige gevallen het ontbreken van informatie (bijvoorbeeld wanneer het management een gevraagde bevestiging weigert te verschaffen) door de accountant in aanmerking genomen, wat betekent dat het feit dat informatie ontbreekt ook controle-informatie vormt. A2 Het meeste werk van de accountant bij het vormen van zijn oordeel bestaat uit het verkrijgen en evalueren van controle-informatie. Controlewerkzaamheden om controle-informatie te verkrijgen kunnen bestaan uit inspecties, waarneming, bevestigingen, herberekeningen, cijferanalyses en het opnieuw uitvoeren, vaak in een bepaalde combinatie, naast het verzoeken om inlichtingen. Het verzoeken om inlichtingen kan belangrijke controle-informatie verschaffen en kan zelfs controle-informatie voor een afwijking leveren, maar verschaft op zichzelf gewoonlijk niet voldoende controle-informatie over de afwezigheid van een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen, noch over de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen. @@ -5465,7 +5465,7 @@ A25 Met betrekking tot bepaalde aangelegenheden kan de accountant het noodzakeli #### . Als controle-informatie te gebruiken informatie -##### . Relevantie en betrouwbaarheid (Zie Par. 7) +##### . Relevantie en betrouwbaarheid (Zie Par. 7) A26 Zoals in paragraaf A1 vermeld, kan controle-informatie, hoewel deze primair uit tijdens de controle uitgevoerde controlewerkzaamheden wordt verkregen, ook informatie omvatten die is verkregen uit andere bronnen, zoals eerdere controles, in bepaalde omstandigheden, en de kwaliteitsbeheersingswerkzaamheden van een kantoor voor cliëntaanvaarding en -continuering. De kwaliteit van alle controle-informatie wordt beïnvloed door de relevantie en betrouwbaarheid van de informatie waarop deze is gebaseerd. @@ -5488,7 +5488,7 @@ A31 De betrouwbaarheid van informatie die als controle-informatie zal worden geb A32 Standaard 520 verschaft verdere leidraden met betrekking tot de betrouwbaarheid van gegevens die worden gebruikt met het oog op het opzetten van cijferanalyses als gegevensgerichte controles263Standaard 520, paragraaf 5(a).. A33 Standaard 240 behandelt omstandigheden waarin de accountant reden heeft om aan te nemen dat een document mogelijk niet authentiek is of is aangepast zonder dat die aanpassing de accountant ter kennis is gebracht264Standaard 240, *Verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten*, paragraaf 13.. -##### . Betrouwbaarheid van informatie die afkomstig is van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. 8) +##### . Betrouwbaarheid van informatie die afkomstig is van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. 8) A34 De opstelling van de financiële overzichten van een entiteit kan deskundigheid vereisen op een ander gebied dan administratieve verwerking of controle, zoals actuariële berekeningen, waarderingen of technische gegevens. De entiteit kan deskundigen op deze gebieden in dienst nemen of inschakelen om de nodige deskundigheid te verkrijgen voor het opstellen van de financiële overzichten. Indien dergelijke deskundigheid nodig is maar de entiteit nalaat een deskundige in te schakelen, nemen de risico’s op een afwijking van materieel belang toe. A35 Wanneer als controle-informatie te gebruiken informatie voortkomt uit het werk van een door het management ingeschakelde deskundige, is het vereiste in paragraaf 8 van deze Standaard van toepassing. Zo kan een persoon of organisatie beschikken over deskundigheid op het gebied van de toepassing van modellen voor het schatten van de reële waarde van effecten waarvoor geen waarneembare markt bestaat. Past de persoon of organisatie die deskundigheid toe bij het maken van een schatting die de entiteit bij de opstelling van haar financiële overzichten gebruikt, is de persoon of organisatie een door het management ingeschakelde deskundige en is paragraaf 8 van toepassing. Indien de persoon of organisatie echter alleen maar prijsgegevens verschaft over private transacties die anders niet voor de entiteit beschikbaar zijn en die de entiteit in haar eigen schattingsmethoden gebruikt, valt die informatie, indien ze als controle-informatie wordt gebruikt, onder paragraaf 7 van deze Standaard, maar is dit niet hetzelfde als het gebruikmaken van een door het management ingeschakelde deskundige door de entiteit. @@ -5505,7 +5505,7 @@ A36 De aard, timing en omvang van controlewerkzaamheden met betrekking tot het v • de kennis en ervaring van de accountant op het deskundigheidsgebied van de door het management ingeschakelde deskundige; • de eerdere ervaring van de accountant met het werk van die deskundige. -###### . De competentie, capaciteiten en objectiviteit van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. 8(a)) +###### . De competentie, capaciteiten en objectiviteit van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. 8(a)) A37 Competentie heeft betrekking op de aard en het niveau van de deskundigheid van de door het management ingeschakelde deskundige. Capaciteit heeft betrekking op de mogelijkheid van de door het management ingeschakelde deskundige om die competentie in de omstandigheden uit te oefenen. Voorbeelden van factoren die de capaciteit kunnen beïnvloeden, zijn de geografische locatie en de beschikbaarheid van tijd en middelen. Objectiviteit heeft betrekking op de mogelijke effecten die oneigenlijke tendentie, een belangenconflict of de invloed van anderen kunnen hebben op de professionele of zakelijke oordeelsvorming van de door het management ingeschakelde deskundige. De competentie, capaciteiten en objectiviteit van een door het management ingeschakelde deskundige, alsmede eventuele interne beheersingsmaatregelen binnen de entiteit met betrekking tot het werk van de deskundige zijn belangrijke factoren voor de betrouwbaarheid van informatie die afkomstig is van een door het management ingeschakelde deskundige. A38 Informatie over de competentie, capaciteiten en objectiviteit van een door het management ingeschakelde deskundige kan uit verschillende bronnen komen, zoals: @@ -5530,7 +5530,7 @@ A43 Bij het evalueren van de objectiviteit van een door de entiteit ingeschakeld • zakelijke en persoonlijke relaties; • de verlening van andere diensten. -###### . Het verwerven van inzicht in het werk van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. 8(b)) +###### . Het verwerven van inzicht in het werk van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. 8(b)) A44 Inzicht in het werk van de door het management ingeschakelde deskundige omvat inzicht in het relevante deskundigheidsgebied. Inzicht in het relevante deskundigheidsgebied kan worden verkregen in samenhang met het bepalen door de accountant of de accountant de deskundigheid bezit om het werk van de door het management ingeschakelde deskundige te evalueren, of dat de accountant hiervoor een door de accountant ingeschakelde deskundige nodig heeft265Standaard 620, *Gebruikmaken van de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige*, paragraaf 7.. A45 Aspecten van het deskundigheidsgebied van de door het management ingeschakelde deskundige die relevant zijn voor het inzicht van de accountant zijn onder meer: @@ -5546,7 +5546,7 @@ A46 Als de entiteit een door het management ingeschakelde deskundige inschakelt, • de aard, timing en omvang van communicatie tussen het management en die deskundige, met inbegrip van de vorm van ieder verslag dat door die deskundige zal worden verstrekt. A47 Indien een door het management ingeschakelde deskundige in dienst is bij de entiteit, is het minder waarschijnlijk dat er een schriftelijke overeenkomst van deze aard bestaat. Het verzoeken om inlichtingen bij de deskundige en andere leden van het management kan voor de accountant de meest geschikte manier zijn om het noodzakelijke inzicht te verwerven. -###### . Het evalueren van de geschiktheid van het werk van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. 8(c)) +###### . Het evalueren van de geschiktheid van het werk van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. 8(c)) A48 Overwegingen bij het evalueren van de geschiktheid van het werk van een door het management ingeschakelde deskundige als controle-informatie voor de desbetreffende bewering kunnen omvatten: @@ -5554,13 +5554,13 @@ A48 Overwegingen bij het evalueren van de geschiktheid van het werk van een door • indien het werk van de deskundige het gebruik van significante veronderstellingen en methoden inhoudt, de relevantie en redelijkheid van die veronderstellingen en methoden; en • indien het werk van die deskundige een significant gebruik van brongegevens inhoudt, de relevantie, volledigheid en nauwkeurigheid van die brongegevens. -##### . Door de entiteit gegenereerde informatie die voor de doeleinden van de accountant wordt gebruikt (Zie Par. 9(a)–(b)) +##### . Door de entiteit gegenereerde informatie die voor de doeleinden van de accountant wordt gebruikt (Zie Par. 9(a)–(b)) A49 De accountant kan pas betrouwbare controle-informatie verkrijgen als de door de entiteit gegenereerde informatie die voor het uitvoeren van controlewerkzaamheden wordt gebruikt voldoende volledig en nauwkeurig is. De effectiviteit van de controle van opbrengsten door het toepassen van standaardprijzen op vastleggingen van verkoopvolumes wordt bijvoorbeeld beïnvloed door de nauwkeurigheid van de prijsinformatie en de volledigheid en nauwkeurigheid van de gegevens over verkoopvolumes. Zo ook geldt dat als de accountant voornemens is een populatie (bijvoorbeeld betalingen) op een bepaald kenmerk (bijvoorbeeld autorisatie) te toetsen, de resultaten van de toetsing minder betrouwbaar zullen zijn als de populatie waaruit elementen ter toetsing zijn geselecteerd, niet compleet is. A50 Het verkrijgen van controle-informatie over de nauwkeurigheid en volledigheid van dergelijke informatie kan gelijktijdig worden uitgevoerd met de feitelijke controlemaatregel die wordt toegepast op de informatie wanneer het verkrijgen van die controle-informatie een integrerend onderdeel uitmaakt van de controlemaatregel zelf. In andere situaties kan de accountant controle-informatie hebben verkregen over de nauwkeurigheid en volledigheid van dergelijke informatie door toetsingen van interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot het opstellen en onderhouden van die informatie. In sommige situaties kan de accountant echter bepalen dat aanvullende controlewerkzaamheden nodig zijn. A51 In bepaalde gevallen kan de accountant voornemens zijn om door de entiteit gegenereerde informatie te gebruiken voor andere controledoeleinden. De accountant kan bijvoorbeeld voornemens zijn om gebruik te maken van prestatiemetingen van de entiteit voor het doel van cijferanalyses, of om gebruik te maken van informatie die door de entiteit is gegenereerd voor monitoringactiviteiten, zoals rapporten van de interne auditfunctie. In dergelijke gevallen wordt de geschiktheid van de verkregen controle-informatie beïnvloed door de vraag of de informatie voldoende nauwkeurig of gedetailleerd is voor de doeleinden van de accountant. Door het management gebruikte prestatiemetingen zijn bijvoorbeeld mogelijkerwijs niet nauwkeurig genoeg om een afwijking van materieel belang te detecteren. -#### . Elementen selecteren die moeten worden getoetst om controle-informatie te verkrijgen (Zie Par. 10) +#### . Elementen selecteren die moeten worden getoetst om controle-informatie te verkrijgen (Zie Par. 10) A52 Een doeltreffende toetsing verschaft geschikte controle-informatie die, samen met andere verkregen of nog te verkrijgen controle-informatie, volstaat voor de doeleinden van de accountant. Bij het selecteren van te toetsen elementen wordt van de accountant vereist dat hij op grond van paragraaf 7 de relevantie en betrouwbaarheid van de als controle-informatie te gebruiken informatie vaststelt; het andere aspect van effectiviteit (het voldoende zijn) is een belangrijke overweging bij het selecteren van de te toetsen elementen. De accountant beschikt over de volgende middelen om te toetsen elementen te selecteren: @@ -5591,7 +5591,7 @@ A55 Een selectief onderzoek van specifieke elementen van een transactiestroom of A56 Het gebruiken van steekproeven bij een controle is bedoeld om het mogelijk te maken conclusies te trekken over een gehele populatie op basis van toetsingen van een uit die populatie getrokken steekproef. Het gebruik van steekproeven bij een controle wordt besproken in Standaard 530.266Standaard 530, *Het gebruiken van steekproeven bij een controle*. -#### . Inconsistentie in, of twijfels over de betrouwbaarheid van, controle-informatie (Zie Par. 11) +#### . Inconsistentie in, of twijfels over de betrouwbaarheid van, controle-informatie (Zie Par. 11) A57 Het verkrijgen van controle-informatie uit verschillende bronnen of van een verschillende aard kan erop wijzen dat een individueel element van de controle-informatie niet betrouwbaar is, zoals wanneer controle-informatie verkregen uit een bepaalde bron inconsistent is met controle-informatie verkregen uit een andere bron. Dit kan het geval zijn wanneer antwoorden op het verzoeken om inlichtingen bij het management, interne auditors en anderen inconsistent zijn, of wanneer antwoorden op het verzoeken om inlichtingen bij de met governance belaste personen ter bevestiging van de antwoorden op het verzoeken om inlichtingen bij het management inconsistent zijn met het antwoord van het management. Standaard 230 bevat een specifiek documentatievereiste indien de accountant informatie heeft geïdentificeerd die inconsistent is met zijn eindconclusie met betrekking tot een significante267Standaard 230, *Controledocumentatie*, paragraaf 11. aangelegenheid. @@ -5621,29 +5621,29 @@ c. presentatie en toelichting van gesegmenteerde informatie in overeenstemming m 4 Indien de voorraad van materieel belang is voor de financiële overzichten dient de accountant voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot het bestaan en de conditie van de voorraad door: -a. het bijwonen van de fysieke voorraadopname, tenzij dit praktisch onuitvoerbaar is, teneinde: (Zie Par. A1, A2 en A3) +a. het bijwonen van de fysieke voorraadopname, tenzij dit praktisch onuitvoerbaar is, teneinde: (Zie Par. A1, A2 en A3) -1. de instructies en procedures van het management voor het vastleggen en beheersen van de resultaten van de fysieke voorraadopname van de entiteit te evalueren; (Zie Par. A1, A2 en A3) -2. de uitvoering van de voorraadopnameprocedures van het management bij te wonen; (Zie Par. A5) -3. de voorraad te inspecteren; (Zie Par. A6) en -4. tellingen ter toetsing uit te voeren; (Zie Par. A7 en A8) en +1. de instructies en procedures van het management voor het vastleggen en beheersen van de resultaten van de fysieke voorraadopname van de entiteit te evalueren; (Zie Par. A1, A2 en A3) +2. de uitvoering van de voorraadopnameprocedures van het management bij te wonen; (Zie Par. A5) +3. de voorraad te inspecteren; (Zie Par. A6) en +4. tellingen ter toetsing uit te voeren; (Zie Par. A7 en A8) en b. controlewerkzaamheden uit te voeren met betrekking tot de definitieve voorraadregistraties van de entiteit om te bepalen of zij een accurate weergave zijn van de werkelijke resultaten van de voorraadopname. -5 Indien de fysieke voorraadopname wordt uitgevoerd op een andere datum dan de datum van de financiële overzichten, dient de accountant, in aanvulling op de werkzaamheden die vereist zijn op grond van paragraaf 4, controlewerkzaamheden uit te voeren om controle-informatie te verkrijgen over de vraag of voorraadwijzigingen tussen de opnamedatum en de datum van de financiële overzichten naar behoren zijn vastgelegd. (Zie Par. A9, A10 en A11) +5 Indien de fysieke voorraadopname wordt uitgevoerd op een andere datum dan de datum van de financiële overzichten, dient de accountant, in aanvulling op de werkzaamheden die vereist zijn op grond van paragraaf 4, controlewerkzaamheden uit te voeren om controle-informatie te verkrijgen over de vraag of voorraadwijzigingen tussen de opnamedatum en de datum van de financiële overzichten naar behoren zijn vastgelegd. (Zie Par. A9, A10 en A11) 6 Indien de accountant niet in staat is om de fysieke voorraadopname bij te wonen als gevolg van onvoorziene omstandigheden, dient de accountant bepaalde fysieke opnames te doen of waar te nemen op een alternatieve datum, alsmede controlewerkzaamheden op de tussenliggende transacties uit te voeren. -7 Indien het bijwonen van de fysieke voorraadopname praktisch onuitvoerbaar is, dient de accountant alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren om voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot het bestaan en de conditie van de voorraad te verkrijgen. Indien dit niet mogelijk is, dient de accountant het oordeel in de controleverklaring te wijzigen overeenkomstig Standaard 705270Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.*. (Zie Par. A12, A13 en A14) +7 Indien het bijwonen van de fysieke voorraadopname praktisch onuitvoerbaar is, dient de accountant alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren om voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot het bestaan en de conditie van de voorraad te verkrijgen. Indien dit niet mogelijk is, dient de accountant het oordeel in de controleverklaring te wijzigen overeenkomstig Standaard 705270Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.*. (Zie Par. A12, A13 en A14) 8 Indien de door een derde partij in bewaring genomen en beheerde voorraad van materieel belang is voor de financiële overzichten, dient de accountant voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot het bestaan en de conditie van die voorraad door het uitvoeren van één of beide van de volgende werkzaamheden: -a. het verzoeken om externe bevestiging bij de derde partij van de hoeveelheden en de conditie van de voorraad die namens de entiteit wordt gehouden; (Zie Par. A15) -b. het uitvoeren van inspectie of andere controlewerkzaamheden die passend zijn in de gegeven omstandigheden. (Zie Par. A16) +a. het verzoeken om externe bevestiging bij de derde partij van de hoeveelheden en de conditie van de voorraad die namens de entiteit wordt gehouden; (Zie Par. A15) +b. het uitvoeren van inspectie of andere controlewerkzaamheden die passend zijn in de gegeven omstandigheden. (Zie Par. A16) #### . Rechtszaken en claims -9 De accountant dient controlewerkzaamheden op te zetten en uit te voeren gericht op het vaststellen van rechtszaken en claims waarbij de entiteit betrokken is en die mogelijk een risico op een afwijking van materieel belang doen ontstaan, met inbegrip van: (Zie Par. A17, A18 en A19) +9 De accountant dient controlewerkzaamheden op te zetten en uit te voeren gericht op het vaststellen van rechtszaken en claims waarbij de entiteit betrokken is en die mogelijk een risico op een afwijking van materieel belang doen ontstaan, met inbegrip van: (Zie Par. A17, A18 en A19) a. het verzoeken om inlichtingen bij het management en, indien van toepassing, bij anderen binnen de entiteit, met inbegrip van de interne juridisch adviseur; b. het doornemen van de notulen van de vergaderingen van de met governance belaste personen, alsmede van de correspondentie tussen de entiteit en haar externe juridisch adviseur; en -c. het doornemen van kostenrekeningen met betrekking tot juridische kosten. (Zie Par. A20) -10 Indien de accountant een inschatting maakt van een risico van materieel belang dat betrekking heeft op vastgestelde rechtszaken en claims of wanneer uitgevoerde controlewerkzaamheden een indicatie geven van het feit dat andere van materieel belang zijnde rechtszaken en claims kunnen bestaan, dient de accountant, in aanvulling op de werkzaamheden die overeenkomstig andere Standaarden zijn vereist, te trachten direct met de externe juridisch adviseur van de entiteit te communiceren. De accountant dient dit te doen door middel van een schriftelijk verzoek om inlichtingen, door het management opgesteld en door de accountant verzonden, waarbij de externe juridisch adviseur wordt verzocht om rechtstreeks met de accountant te communiceren. Indien wet- of regelgeving dan wel de betreffende juridische beroepsorganisatie het verbiedt dat de juridisch adviseur van de entiteit rechtstreeks met de accountant communiceert, dient de accountant alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren. (Zie Par. A21, A22, A23, A24 en A25) +c. het doornemen van kostenrekeningen met betrekking tot juridische kosten. (Zie Par. A20) +10 Indien de accountant een inschatting maakt van een risico van materieel belang dat betrekking heeft op vastgestelde rechtszaken en claims of wanneer uitgevoerde controlewerkzaamheden een indicatie geven van het feit dat andere van materieel belang zijnde rechtszaken en claims kunnen bestaan, dient de accountant, in aanvulling op de werkzaamheden die overeenkomstig andere Standaarden zijn vereist, te trachten direct met de externe juridisch adviseur van de entiteit te communiceren. De accountant dient dit te doen door middel van een schriftelijk verzoek om inlichtingen, door het management opgesteld en door de accountant verzonden, waarbij de externe juridisch adviseur wordt verzocht om rechtstreeks met de accountant te communiceren. Indien wet- of regelgeving dan wel de betreffende juridische beroepsorganisatie het verbiedt dat de juridisch adviseur van de entiteit rechtstreeks met de accountant communiceert, dient de accountant alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren. (Zie Par. A21, A22, A23, A24 en A25) 11 Indien: a. het management weigert om aan de accountant de toestemming te verlenen om te communiceren met de externe juridisch adviseur van de entiteit, dan wel om met deze persoon te overleggen, of indien de externe juridisch adviseur van de entiteit weigert om op passende wijze een antwoord te geven op het schriftelijk verzoek om inlichtingen, dan wel indien het hem is verboden om een antwoord te geven; en @@ -5657,9 +5657,9 @@ dient de accountant het oordeel in de controleverklaring aan te passen overeenko #### . Gesegmenteerde informatie -13 De account dient voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot de presentatie en toelichting van gesegmenteerde informatie in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, door: (Zie Par. A26) +13 De account dient voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot de presentatie en toelichting van gesegmenteerde informatie in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, door: (Zie Par. A26) -a. inzicht te verwerven in de door het management gebruikte methoden voor het vaststellen van gesegmenteerde informatie, en: (Zie Par. A27) +a. inzicht te verwerven in de door het management gebruikte methoden voor het vaststellen van gesegmenteerde informatie, en: (Zie Par. A27) 1. het evalueren of dergelijke methoden naar alle waarschijnlijkheid resulteren in een toelichting in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; en indien passend 2. het toetsen van de toepassing van dergelijke methoden; en @@ -5669,7 +5669,7 @@ b. het uitvoeren van cijferanalyses of andere controlewerkzaamheden die passend #### . Voorraad -##### . Het bijwonen van fysieke voorraadopname (Zie Par. 4(a)) +##### . Het bijwonen van fysieke voorraadopname (Zie Par. 4(a)) A1 Het management zet gewoonlijk procedures op waarbij de voorraad minstens één keer per jaar fysiek wordt opgenomen teneinde als basis te dienen voor het opstellen van de financiële overzichten en, indien van toepassing, om de betrouwbaarheid van het permanent voorraadbeheersysteem vast te stellen. A2 Het bijwonen van de fysieke voorraadopname houdt het volgende in: @@ -5689,7 +5689,7 @@ A3 Aangelegenheden die relevant zijn bij het plannen van het bijwonen van de fys • de locaties waar de voorraad zich bevindt, met inbegrip van de materialiteit van de voorraad en de risico’s op een afwijking van materieel belang op de verschillende locaties, bij het nemen van een beslissing over de vraag bij welke locaties het bijwonen van de voorraadopname passend is. Standaard 600271Standaard 600, *Bijzondere overwegingen – Controles van financiële overzichten van een groep (inclusief de werkzaamheden van accountants van groepsonderdelen).* behandelt de betrokkenheid van andere accountants en kan dientengevolge relevant zijn indien een dergelijke betrokkenheid te maken heeft met het bijwonen van de fysieke voorraadopname op een afgelegen locatie; • of de assistentie van een door de accountant ingeschakelde deskundige nodig is. Standaard 620272Standaard 620, *Gebruikmaken van de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige.* behandelt het gebruikmaken van een door de accountant ingeschakelde deskundige om de accountant te assisteren bij het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie. -###### . Het evalueren van de instructies en procedures van het management (Zie Par. 4(a)(i)) +###### . Het evalueren van de instructies en procedures van het management (Zie Par. 4(a)(i)) A4 Relevant bij het evalueren van de instructies en procedures van het management voor het vastleggen en beheersen van de fysieke voorraadopname is onder meer de vraag of zij gericht zijn op, bijvoorbeeld: @@ -5698,20 +5698,20 @@ A4 Relevant bij het evalueren van de instructies en procedures van het managemen • de procedures aangewend om de fysieke hoeveelheden in te schatten, indien van toepassing, zoals nodig kan zijn bij het inschatten van de fysieke hoeveelheid van een berg steenkool; • beheersing over het verplaatsen van voorraad tussen locaties en het transport en de ontvangst van de voorraad vóór en na de afgrenzingsdatum. -###### . Het waarnemen van de uitvoering van de opnameprocedures van het management (Zie Par. 4(a)(ii)) +###### . Het waarnemen van de uitvoering van de opnameprocedures van het management (Zie Par. 4(a)(ii)) A5 Het waarnemen van de uitvoering van de opnameprocedures van het management, bijvoorbeeld procedures die betrekking hebben op de beheersing over het verplaatsen van de voorraad vóór, tijdens en na de opname, vormt voor de accountant een hulpmiddel bij het verkrijgen van controle-informatie dat de instructies en de opnameprocedures van het management op adequate wijze opgezet en geïmplementeerd zijn. Bovendien is het mogelijk dat de accountant kopieën van afgrenzingsinformatie verkrijgt, zoals details van de verplaatsing van de voorraad, teneinde voor de accountant een hulpmiddel te vormen bij het uitvoeren van controlewerkzaamheden met betrekking tot het op een latere datum administratief verwerken van dergelijke verplaatsingen. -##### . Inspectie van de voorraad (Zie Par. 4(a)(iii)) +##### . Inspectie van de voorraad (Zie Par. 4(a)(iii)) A6 Het inspecteren van de voorraad bij het bijwonen van de fysieke voorraadopname vormt voor de accountant een hulpmiddel bij het vaststellen van het bestaan van de voorraad (doch niet noodzakelijk van de eigendom daarvan), en bij het vaststellen van bijvoorbeeld incourante, beschadigde of verouderende voorraad. -###### . Het uitvoeren van opnames ter toetsing (Zie Par. 4(a)(iv)) +###### . Het uitvoeren van opnames ter toetsing (Zie Par. 4(a)(iv)) A7 Door het uitvoeren van tellingen ter toetsing, door bijvoorbeeld het in de fysieke voorraad traceren van elementen die uit de voorraadregistraties van het management geselecteerd zijn, alsmede door het in de voorraadregistraties van het management traceren van elementen die uit de fysieke voorraad geselecteerd zijn, wordt controle-informatie aangaande de volledigheid en nauwkeurigheid van deze vastleggingen verstrekt. A8 In aanvulling op het vastleggen van de tellingen van de accountant ter toetsing, vormt het verkrijgen van kopieën van de definitieve fysieke gebruikte opnamelijsten voor de accountant een hulpmiddel bij het uitvoeren van daarop volgende controlewerkzaamheden om te bepalen of de definitieve voorraadregistraties de werkelijke voorraadopnameresultaten accuraat weerspiegelen. -##### . Fysieke voorraadopname uitgevoerd op een andere datum dan de datum van de financiële overzichten (Zie Par. 5) +##### . Fysieke voorraadopname uitgevoerd op een andere datum dan de datum van de financiële overzichten (Zie Par. 5) A9 Om praktische redenen is het mogelijk dat de fysieke voorraadopname wordt uitgevoerd op een andere datum of op andere data dan de datum van de financiële overzichten. Dit kan worden gedaan ongeacht of het management de voorraadhoeveelheden bepaalt middels een jaarlijkse fysieke voorraadopname, dan wel of het management een permanent voorraadbeheersysteem onderhoudt. In beide gevallen bepaalt de effectiviteit van de opzet, de implementatie en het onderhouden van de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot voorraadmutaties of het uitvoeren van de fysieke voorraadopname op een andere datum of op andere data dan de datum van de financiële overzichten passend is voor de doeleinden van de controle. Standaard 330 stelt vereisten vast en geeft leidraden over gegevensgerichte controles uitgevoerd op een tussentijdse datum.273Standaard 330, paragraaf 22 en 23 A10 In het geval een permanent voorraadbeheersysteem wordt onderhouden, is het mogelijk dat het management fysieke voorraadopnames of andere toetsingen uitvoert om de betrouwbaarheid van de in de permanente voorraadregistraties van de entiteit opgenomen informatie over de voorraadhoeveelheid na te gaan. In bepaalde gevallen is het mogelijk dat het management of de accountant verschillen identificeert tussen de permanente voorraadregistraties en de werkelijke beschikbare fysieke voorraadhoeveelheden; dit kan een aanwijzing vormen voor het feit dat de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot voorraadmutaties niet effectief werken. @@ -5721,7 +5721,7 @@ A11 Relevante aangelegenheden ter overweging bij het opzetten van controlewerkza • de betrouwbaarheid van de permanente voorraadregistraties van de entiteit; • de redenen voor significante verschillen tussen de tijdens de fysieke voorraadopname verkregen informatie en de permanente voorraadregistraties. -##### . Het bijwonen van de fysieke voorraadopname is praktisch onuitvoerbaar (Zie Par. 7) +##### . Het bijwonen van de fysieke voorraadopname is praktisch onuitvoerbaar (Zie Par. 7) A12 In bepaalde gevallen is het mogelijk praktisch onuitvoerbaar om de fysieke voorraadopname bij te wonen. Dit kan toe te schrijven zijn aan factoren zoals de aard en locatie van de voorraad, bijvoorbeeld in het geval de voorraad zich op een locatie bevindt die mogelijk een bedreiging vormt voor de veiligheid van de accountant. Het feit dat het de accountant om welke reden dan ook slecht uitkomt, is evenwel onvoldoende om een beslissing van de accountant te onderbouwen dat het bijwonen praktisch onuitvoerbaar is. Zoals in Standaard 200274Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden*, paragraaf A48. is uiteengezet, is de moeilijkheidsgraad, tijd of kosten daarvan op zichzelf geen geldige basis voor de accountant om controlewerkzaamheden waarvoor geen alternatief bestaat, achterwege te laten, dan wel om genoegen te nemen met controle-informatie die minder dan overtuigend is. A13 In bepaalde gevallen waar het bijwonen praktisch onuitvoerbaar is, is het mogelijk dat alternatieve controlewerkzaamheden, bijvoorbeeld het inspecteren van documentatie van de daarop volgende verkoop van specifiek verworven voorraadelementen of van elementen die aangekocht zijn voorafgaand aan de fysieke voorraadopname, voldoende en geschikte controle-informatie verschaffen over het bestaan en de conditie van de voorraad. @@ -5729,7 +5729,7 @@ A14 In andere gevallen kan het evenwel niet mogelijk zijn om voldoende en geschi ##### . Voorraad in bewaring bij en onder beheer van een derde partij -###### . Externe bevestiging (Zie Par. 8(a)) +###### . Externe bevestiging (Zie Par. 8(a)) A15 Standaard 505 @@ -5737,7 +5737,7 @@ A15 Standaard 505 Standaard 505, *Externe bevestigingen*. stelt vereisten vast en geeft leidraden bij het uitvoeren van werkzaamheden inzake externe bevestigingen. -###### . Andere controlewerkzaamheden (Zie Par. 8(b)) +###### . Andere controlewerkzaamheden (Zie Par. 8(b)) A16 Afhankelijk van de omstandigheden, bijvoorbeeld in het geval waarin informatie is verkregen die twijfel doet rijzen over de integriteit en objectiviteit van de derde partij, kan de accountant het passend achten om andere controlewerkzaamheden uit te voeren in plaats van, of in aanvulling op, de externe bevestiging met de derde partij. Voorbeelden van andere controlewerkzaamheden zijn: @@ -5748,17 +5748,17 @@ A16 Afhankelijk van de omstandigheden, bijvoorbeeld in het geval waarin informat #### . Rechtszaken en claims -##### . Volledigheid van rechtszaken en claims (Zie Par. 9) +##### . Volledigheid van rechtszaken en claims (Zie Par. 9) A17 Rechtszaken en claims waarbij de entiteit betrokken is, kunnen een van materieel belang zijnd effect hebben op de financiële overzichten en het kan derhalve vereist zijn dat zij in de financiële overzichten toegelicht of administratief verwerkt worden. A18 In aanvulling op de in paragraaf 9 vastgestelde werkzaamheden, zijn andere relevante werkzaamheden onder meer het gebruikmaken van informatie verkregen uit uitgevoerde risico-inschattingswerkzaamheden die deel uitmaken van het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving, ter ondersteuning van de accountant bij het kennis krijgen van rechtszaken en claims waarbij de entiteit betrokken is. A19 Controle-informatie die verkregen is ten behoeve van het vaststellen van rechtszaken en claims welke mogelijk een risico op een afwijking van materieel belang doen ontstaan, kunnen tevens controle-informatie verschaffen met betrekking tot andere relevante overwegingen inzake rechtszaken en claims, zoals waardering of waardebepaling. Standaard 540277Standaard 540, *De controle van schattingen, met inbegrip van schattingen van reële waarde, alsmede van de toelichtingen daarop*. stelt vereisten vast en verschaft leidraden die relevant zijn voor het in aanmerking nemen door de accountant van rechtszaken en claims die schattingen of daarmee verband houdende toelichtingen in de financiële overzichten vereisen. -##### . Het beoordelen van de rekeningen met betrekking tot juridische kosten (Zie Par. 9(c)) +##### . Het beoordelen van de rekeningen met betrekking tot juridische kosten (Zie Par. 9(c)) A20 Afhankelijk van de omstandigheden kan de accountant het passend achten om de daarmee verband houdende brondocumenten, zoals facturen voor kosten met betrekking tot juridische adviezen, in het kader van het door de accountant doornemen van de rekeningen met betrekking tot juridische kosten te onderzoeken. -##### . Communicatie met de externe juridisch adviseur van de entiteit (Zie Par. 10 en 11) +##### . Communicatie met de externe juridisch adviseur van de entiteit (Zie Par. 10 en 11) A21 Directe communicatie met de externe juridisch adviseur van de entiteit vormt voor de accountant een hulpmiddel bij het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie over de vraag of mogelijk van materieel belang zijnde rechtszaken en claims bekend zijn en of de schattingen van het management omtrent de financiële implicaties, met inbegrip van kosten, redelijk zijn. A22 In bepaalde gevallen is het mogelijk dat de accountant directe communicatie tracht te bewerkstelligen met de externe juridisch adviseur van de entiteit door middel van een algemeen schriftelijk verzoek om inlichtingen. Voor dit doel wordt via een algemeen schriftelijk verzoek om inlichtingen aan de externe juridisch adviseur van de entiteit gevraagd om de accountant te informeren over alle rechtszaken en claims waarvan de adviseur kennis heeft, samen met een inschatting van de afloop van de rechtszaken en claims, en een schatting van de financiële implicaties, met inbegrip van de daarop betrekking hebbende kosten. @@ -5780,7 +5780,7 @@ A25 Overeenkomstig Standaard 700278Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en A26 Afhankelijk van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, kan van de entiteit worden vereist of aan de entiteit worden toegestaan gesegmenteerde informatie in de financiële overzichten toe te lichten. De verantwoordelijkheid van de accountant inzake de presentatie en toelichting van gesegmenteerde informatie houdt verband met de financiële overzichten als geheel. Dienovereenkomstig wordt niet van de accountant vereist dat hij controlewerkzaamheden uitvoert die noodzakelijk zijn om een oordeel tot uitdrukking te brengen over de gesegmenteerde informatie die op stand alonebasis wordt gepresenteerd. -##### . Inzicht in de door het management gebruikte methoden (Zie Par. 13(a)) +##### . Inzicht in de door het management gebruikte methoden (Zie Par. 13(a)) A27 Afhankelijk van de omstandigheden kunnen de volgende aangelegenheden relevant zijn bij het verwerven van inzicht in de door het management gebruikte methoden bij het bepalen van gesegmenteerde informatie, alsmede de vraag of dergelijke methoden naar alle waarschijnlijkheid zullen resulteren in toelichtingen in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving: @@ -5837,42 +5837,42 @@ e. *uitzondering* – Een reactie waaruit een verschil blijkt tussen informatie 7 Bij het gebruikmaken van werkzaamheden inzake externe bevestiging dient de accountant de verzoeken om externe bevestiging te blijven beheersen, waaronder: -a. het vaststellen van de te bevestigen of te vragen informatie; (Zie Par. A1) -b. het selecteren van de geschikte bevestigende partij; (Zie Par. A2) -c. het opzetten van de verzoeken om bevestiging, waaronder het vaststellen dat verzoeken naar behoren zijn geadresseerd en informatie bevatten waaruit blijkt dat reacties rechtstreeks aan de accountant moeten worden gezonden; en (Zie Par. A3, A4, A5 en A6) -d. het zenden van de verzoeken, waaronder eventuele follow-upverzoeken, aan de bevestigende partij. (Zie Par. A7) +a. het vaststellen van de te bevestigen of te vragen informatie; (Zie Par. A1) +b. het selecteren van de geschikte bevestigende partij; (Zie Par. A2) +c. het opzetten van de verzoeken om bevestiging, waaronder het vaststellen dat verzoeken naar behoren zijn geadresseerd en informatie bevatten waaruit blijkt dat reacties rechtstreeks aan de accountant moeten worden gezonden; en (Zie Par. A3, A4, A5 en A6) +d. het zenden van de verzoeken, waaronder eventuele follow-upverzoeken, aan de bevestigende partij. (Zie Par. A7) #### . Weigering van het management om aan de accountant toestemming te geven een verzoek om bevestiging te zenden 8 Indien het management de accountant weigert toestemming te verlenen voor het zenden van een verzoek om bevestiging, dient de accountant: -a. bij het management inlichtingen in te winnen over de redenen voor de weigering en te trachten controle-informatie te verkrijgen over de geldigheid en de redelijkheid daarvan; (Zie Par. A8) -b. de implicaties te evalueren van de weigering van het management voor de inschatting door de accountant van de relevante risico’s op een afwijking van materieel belang, waaronder het risico op fraude, en voor de aard, timing en omvang van overige controlewerkzaamheden; en (Zie Par. A9) -c. alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren om relevante en betrouwbare controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A10) +a. bij het management inlichtingen in te winnen over de redenen voor de weigering en te trachten controle-informatie te verkrijgen over de geldigheid en de redelijkheid daarvan; (Zie Par. A8) +b. de implicaties te evalueren van de weigering van het management voor de inschatting door de accountant van de relevante risico’s op een afwijking van materieel belang, waaronder het risico op fraude, en voor de aard, timing en omvang van overige controlewerkzaamheden; en (Zie Par. A9) +c. alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren om relevante en betrouwbare controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A10) 9 Indien de accountant tot de conclusie komt dat de weigering van het management om de accountant toe te staan een verzoek om bevestiging te zenden onredelijk is, of indien de accountant niet in staat is aan de hand van alternatieve controlewerkzaamheden relevante en betrouwbare controle-informatie te verkrijgen, dient de accountant overeenkomstig Standaard 260290Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 16. met de met governance belaste personen te communiceren. Tevens dient de accountant overeenkomstig Standaard 705291Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*. de implicaties voor de controle en voor het oordeel van de accountant te bepalen. #### . Uitkomsten van de werkzaamheden inzake externe bevestiging ##### . Betrouwbaarheid van reacties op verzoeken om bevestiging -10 Indien de accountant factoren identificeert die aanleiding geven tot twijfels over de betrouwbaarheid van de reactie op een verzoek om bevestiging, dient de accountant verdere controle-informatie te verkrijgen om deze twijfels weg te nemen. (Zie Par. A11, A12, A13, A14, A15 en A16) -11 Indien de accountant vaststelt dat een reactie op een verzoek om bevestiging niet betrouwbaar is, dient de accountant de implicaties voor de inschatting van de relevante risico’s op een afwijking van materieel belang, waaronder het risico op fraude, en de implicaties daarvan op de daarmee verband houdende aard, timing en omvang van overige controlewerkzaamheden te evalueren. (Zie Par. A17) +10 Indien de accountant factoren identificeert die aanleiding geven tot twijfels over de betrouwbaarheid van de reactie op een verzoek om bevestiging, dient de accountant verdere controle-informatie te verkrijgen om deze twijfels weg te nemen. (Zie Par. A11, A12, A13, A14, A15 en A16) +11 Indien de accountant vaststelt dat een reactie op een verzoek om bevestiging niet betrouwbaar is, dient de accountant de implicaties voor de inschatting van de relevante risico’s op een afwijking van materieel belang, waaronder het risico op fraude, en de implicaties daarvan op de daarmee verband houdende aard, timing en omvang van overige controlewerkzaamheden te evalueren. (Zie Par. A17) ##### . Non-respons -12 Bij elke non-respons dient de accountant alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren om relevante en betrouwbare controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A18 en A19) +12 Bij elke non-respons dient de accountant alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren om relevante en betrouwbare controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A18 en A19) ##### . Wanneer een reactie op een verzoek om positieve bevestiging noodzakelijk is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen -13 Indien de accountant heeft vastgesteld dat een reactie op een verzoek om positieve bevestiging noodzakelijk is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, zullen alternatieve controlewerkzaamheden niet de controle-informatie opleveren die de accountant vereist. Indien de accountant geen reactie op een verzoek om positieve bevestiging ontvangt, dient de accountant overeenkomstig Standaard 705 de implicaties voor de controle en voor het oordeel van de accountant te bepalen. (Zie Par. A20) +13 Indien de accountant heeft vastgesteld dat een reactie op een verzoek om positieve bevestiging noodzakelijk is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, zullen alternatieve controlewerkzaamheden niet de controle-informatie opleveren die de accountant vereist. Indien de accountant geen reactie op een verzoek om positieve bevestiging ontvangt, dient de accountant overeenkomstig Standaard 705 de implicaties voor de controle en voor het oordeel van de accountant te bepalen. (Zie Par. A20) ##### . Uitzonderingen -14 De accountant dient uitzonderingen te onderzoeken om vast te stellen of deze al dan niet een aanwijzing zijn voor afwijkingen. (Zie Par. A21 en A22) +14 De accountant dient uitzonderingen te onderzoeken om vast te stellen of deze al dan niet een aanwijzing zijn voor afwijkingen. (Zie Par. A21 en A22) #### . Negatieve bevestigingen -15 Negatieve bevestigingen leveren minder overtuigende controle-informatie op dan positieve bevestigingen. De accountant dient verzoeken om negatieve bevestiging dan ook niet als enige gegevensgerichte controlemaatregel om een ingeschat risico op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen aan te pakken, te gebruiken tenzij aan alle volgende voorwaarden is voldaan: (Zie Par. A23) +15 Negatieve bevestigingen leveren minder overtuigende controle-informatie op dan positieve bevestigingen. De accountant dient verzoeken om negatieve bevestiging dan ook niet als enige gegevensgerichte controlemaatregel om een ingeschat risico op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen aan te pakken, te gebruiken tenzij aan alle volgende voorwaarden is voldaan: (Zie Par. A23) a. de accountant heeft het risico op een afwijking van materieel belang als laag ingeschat en heeft voldoende en geschikte controle-informatie omtrent de effectieve werking van voor de bewering relevante beheersingsmaatregelen verkregen; b. de populatie van aan werkzaamheden inzake negatieve bevestiging onderworpen elementen bevat een groot aantal kleine en homogene rekeningsaldi, transacties of voorwaarden; @@ -5881,21 +5881,21 @@ d. de accountant heeft geen kennis van omstandigheden of voorwaarden die ertoe z #### . Evalueren van de verkregen controle-informatie -16 De accountant dient te evalueren of de uitkomsten van de werkzaamheden inzake externe bevestiging relevante en betrouwbare controle-informatie opleveren, dan wel of verdere controle-informatie nodig is. (Zie Par. A24 en A25) +16 De accountant dient te evalueren of de uitkomsten van de werkzaamheden inzake externe bevestiging relevante en betrouwbare controle-informatie opleveren, dan wel of verdere controle-informatie nodig is. (Zie Par. A24 en A25) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten #### . Werkzaamheden inzake externe bevestiging -##### . Bepalen van de informatie die bevestigd of gevraagd moet worden (Zie Par. 7(a)) +##### . Bepalen van de informatie die bevestigd of gevraagd moet worden (Zie Par. 7(a)) A1 Werkzaamheden inzake externe bevestiging worden dikwijls uitgevoerd om informatie met betrekking tot rekeningsaldi en onderdelen daarvan te bevestigen of te vragen. Tevens kunnen zij worden gebruikt om voorwaarden van overeenkomsten, contracten of transacties tussen een entiteit en andere partijen te bevestigen, dan wel om te bevestigen dat bepaalde voorwaarden, zoals een nevenovereenkomst, niet bestaan. -##### . Selecteren van de geschikte bevestigende partij (Zie Par. 7(b)) +##### . Selecteren van de geschikte bevestigende partij (Zie Par. 7(b)) A2 Reacties op verzoeken om bevestiging leiden tot meer relevante en betrouwbare controle-informatie wanneer deze verzoeken aan een bevestigende partij worden gezonden die volgens de accountant goed bekend is met de informatie die moet worden bevestigd. Een functionaris bij een financiële instelling die goed bekend is met de transacties of regelingen waarvoor om bevestiging wordt verzocht, is daar mogelijk de meest geschikte persoon om bevestiging te vragen. -##### . Opzetten van verzoeken om bevestiging (Zie Par. 7(c)) +##### . Opzetten van verzoeken om bevestiging (Zie Par. 7(c)) A3 De wijze waarop een verzoek om bevestiging is opgezet, kan direct van invloed zijn op het percentage bevestigingsreacties alsmede op de betrouwbaarheid en de aard van de controle-informatie die daarbij wordt verkregen. A4 Factoren die bij het opzetten van verzoeken om bevestiging in overweging moeten worden genomen, zijn onder meer: @@ -5910,27 +5910,27 @@ A4 Factoren die bij het opzetten van verzoeken om bevestiging in overweging moet A5 Bij een verzoek om positieve externe bevestiging wordt aan de bevestigende partij gevraagd de accountant in alle gevallen te antwoorden, hetzij door aan te geven met de informatie in te stemmen hetzij door zelf informatie te verstrekken. Een reactie op een verzoek om positieve bevestiging wordt gewoonlijk geacht betrouwbare controle-informatie op te leveren. Er bestaat echter een risico dat een bevestigende partij het verzoek om bevestiging beantwoordt zonder te verifiëren of de informatie correct is. De accountant kan dit risico verminderen door in verzoeken om positieve bevestiging geen bedragen (of andere informatie) te vermelden en de bevestigende partij te verzoeken het bedrag in te vullen of andere informatie te verstrekken. Wel kan dit soort ‘blanco’verzoeken om bevestiging ertoe leiden dat het percentage reacties lager is omdat van de bevestigende partijen een extra inspanning wordt gevraagd. A6 Bepalen dat de adressering naar behoren is uitgevoerd houdt onder meer in de geldigheid te testen van sommige of alle adressen van de verzoeken om bevestigingen voordat ze worden verzonden. -##### . Follow-up van verzoeken om bevestiging (Zie Par. 7(d)) +##### . Follow-up van verzoeken om bevestiging (Zie Par. 7(d)) A7 De accountant kan een aanvullend verzoek om bevestiging zenden wanneer een reactie op een eerder verzoek niet binnen een redelijke termijn is ontvangen. De accountant kan bijvoorbeeld, na opnieuw te hebben gecontroleerd of het oorspronkelijk gebruikte adres juist was, een aanvullend of een follow-upverzoek zenden. #### . Weigering van het management om aan de accountant toestemming te geven een verzoek om bevestiging te zenden -##### . Redelijkheid van de weigering van het management (Zie Par. 8(a)) +##### . Redelijkheid van de weigering van het management (Zie Par. 8(a)) A8 Een weigering van het management om aan de accountant toestemming te geven voor het zenden van een verzoek om bevestiging houdt in dat de controle-informatie die de accountant mogelijk wenst, beperkt wordt. De accountant dient dan ook inlichtingen in te winnen over de redenen voor deze beperking. Hetgeen vaak voorkomt, is dat met de beoogde bevestigende partij een juridisch dispuut of een onderhandeling loopt waarvan de uitkomst door een ongelegen komend verzoek om bevestiging kan worden beïnvloed. Van de accountant wordt vereist dat hij tracht controle-informatie met betrekking tot de geldigheid en redelijkheid van de redenen te verkrijgen, omdat het kan gebeuren dat het management probeert de accountant de toegang te ontzeggen tot controle-informatie die fraude of van fouten aan het licht brengt. -##### . Implicaties voor de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 8(b)) +##### . Implicaties voor de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 8(b)) A9 De accountant kan uit de evaluatie in paragraaf 8(b) de conclusie trekken dat het passend zou zijn om de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen te herzien en geplande controlewerkzaamheden aan te passen overeenkomstig Standaard 315.292Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*, paragraaf 31. Indien bijvoorbeeld het verzoek van het management om niet te bevestigen onredelijk is, kan dit op een risico op fraude wijzen waarbij evaluatie overeenkomstig Standaard 240293Standaard 240, paragraaf 24. vereist is. -##### . Alternatieve controlewerkzaamheden (Zie Par. 8(c)) +##### . Alternatieve controlewerkzaamheden (Zie Par. 8(c)) A10 De uitgevoerde alternatieve controlewerkzaamheden kunnen de vorm aannemen van werkzaamheden die geschikt zijn bij non-respons, zoals beschreven in de paragrafen A18 en A19 van deze Standaard. In het kader van die werkzaamheden wordt tevens rekening gehouden met de resultaten van de evaluatie van de accountant als bedoeld in paragraaf 8(b) van deze Standaard. #### . Uitkomsten van de werkzaamheden inzake externe bevestiging -##### . Betrouwbaarheid van reacties op verzoeken om bevestiging (Zie Par. 10) +##### . Betrouwbaarheid van reacties op verzoeken om bevestiging (Zie Par. 10) A11 Volgens Standaard 500 kunnen er, zelfs wanneer controle-informatie van bronnen buiten de entiteit wordt verkregen, omstandigheden bestaan die van invloed zijn op de betrouwbaarheid ervan.294Standaard 500, paragraaf A31. Bij een reactie bestaat altijd enig risico op onderschepping, wijziging of fraude, ongeacht of een reactie op papier of op elektronische of andere gegevensdragers wordt verkregen. Factoren die aanleiding kunnen geven tot twijfel aan de betrouwbaarheid van een reactie zijn onder meer dat: @@ -5946,11 +5946,11 @@ A14 Op grond van Standaard 500 wordt van de accountant vereist dat hij bepaalt o A15 Op zich valt een mondelinge reactie op een verzoek om bevestiging niet onder de definitie van een externe bevestiging, omdat dit geen rechtstreeks schriftelijke reactie op het verzoek van de accountant is. Na het verkrijgen van een mondelinge reactie op een verzoek om bevestiging kan de accountant echter, afhankelijk van de omstandigheden, de bevestigende partij verzoeken rechtstreeks schriftelijk aan de accountant te reageren. Indien een dergelijke reactie niet wordt ontvangen, tracht de accountant overeenkomstig paragraaf 12 andere controle-informatie te verkrijgen om de informatie in de mondelinge reactie te staven. A16 Een reactie op een verzoek om bevestiging kan beperkende bewoordingen bevatten met betrekking tot het gebruik ervan. Dergelijke beperkingen doen niet noodzakelijk afbreuk aan de betrouwbaarheid van de reactie als controle-informatie. -##### . Onbetrouwbare reacties (Zie Par. 11) +##### . Onbetrouwbare reacties (Zie Par. 11) A17 Wanneer de accountant tot de conclusie komt dat een reactie onbetrouwbaar is, kan het noodzakelijk zijn dat de accountant de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen herziet en als gevolg daarvan geplande controlewerkzaamheden aanpast, overeenkomstig Standaard 315.296Standaard 315, paragraaf 31. Een onbetrouwbare reactie kan bijvoorbeeld wijzen op een frauderisicofactor die evaluatie vereist overeenkomstig Standaard 240297Standaard 240, paragraaf 24.. -##### . Non-respons (Zie Par. 12) +##### . Non-respons (Zie Par. 12) A18 Voorbeelden van alternatieve controlewerkzaamheden die de accountant kan uitvoeren, zijn: @@ -5958,14 +5958,14 @@ A18 Voorbeelden van alternatieve controlewerkzaamheden die de accountant kan uit • voor crediteurensaldi – het onderzoeken van latere kasbetalingen of correspondentie afkomstig van derde partijen, alsmede overige vastleggingen, zoals ontvangstmeldingen van goederen. A19 De aard en omvang van alternatieve controlewerkzaamheden worden beïnvloed door de desbetreffende rekening en bewering. Een non-respons op een verzoek om bevestiging kan wijzen op een eerder niet-geïdentificeerd risico op een afwijking van materieel belang. In dergelijke situaties kan het noodzakelijk zijn dat de accountant het ingeschatte risico op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen herziet en dat hij de geplande controlewerkzaamheden aanpast overeenkomstig Standaard 315.298Standaard 315, paragraaf 31. Het feit dat op verzoeken om bevestiging minder of meer reacties komen dan verwacht, kan wijzen op een niet eerder geïdentificeerde frauderisicofactor die evaluatie vereist overeenkomstig Standaard 240299Standaard 240, paragraaf 24.. -##### . Wanneer een reactie op een verzoek om positieve bevestiging nodig is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen (Zie Par. 13) +##### . Wanneer een reactie op een verzoek om positieve bevestiging nodig is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen (Zie Par. 13) A20 In bepaalde omstandigheden kan de accountant een ingeschat risico op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen identificeren waarvoor een reactie op een verzoek om positieve bevestiging nodig is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. Dergelijke omstandigheden zijn onder meer: • de beschikbare informatie om de bewering(en) van het management te bevestigen is alleen buiten de entiteit beschikbaar; • wegens specifieke frauderisicofactoren, zoals het risico dat het management interne beheersingsmaatregelen doorbreekt of het risico op samenspanning waarbij (een) medewerker(s) en/of het management betrokken kunnen zijn, kan de accountant niet op controle-informatie van de entiteit vertrouwen. -##### . Uitzonderingen (Zie Par. 14) +##### . Uitzonderingen (Zie Par. 14) A21 In reacties op verzoeken om bevestiging kunnen uitzonderingen worden vermeld die wijzen op afwijkingen of potentiële afwijkingen in de financiële overzichten. Wanneer een afwijking wordt geïdentificeerd, wordt van de accountant op grond van Standaard 240 vereist dat hij evalueert of een dergelijke afwijking indicatief is voor fraude.300Standaard 240, paragraaf 35. Uitzonderingen kunnen een aanwijzing vormen voor de kwaliteit van reacties van gelijksoortige bevestigende partijen of voor gelijksoortige rekeningen. Uitzonderingen kunnen tevens wijzen op een tekortkoming, of tekortkomingen, in de interne beheersing van de entiteit met betrekking tot financiële verslaggeving. A22 Bepaalde uitzonderingen vormen geen afwijkingen. De accountant kan bijvoorbeeld tot de conclusie komen dat verschillen in reacties op verzoeken om bevestiging aan timing, waardering of administratieve fouten in de werkzaamheden inzake externe bevestigingen zijn toe te schrijven. @@ -5974,7 +5974,7 @@ A22 Bepaalde uitzonderingen vormen geen afwijkingen. De accountant kan bijvoorbe A23 Wanneer geen reactie op een verzoek om negatieve bevestiging wordt ontvangen, wijst dit er niet expliciet op dat de beoogde bevestigende partij het verzoek om bevestiging heeft ontvangen of dat de informatie in het verzoek op nauwkeurigheid is geverifieerd. Wanneer een bevestigende partij niet op een verzoek om negatieve bevestiging reageert, levert dit dan ook significant minder overtuigende controle-informatie op dan een reactie op een verzoek om positieve bevestiging. Mogelijk zullen bevestigende partijen ook vaker reageren en aangeven dat ze het met een verzoek om bevestiging niet eens zijn wanneer de informatie in dat verzoek niet in hun voordeel is, dan wanneer dat wel het geval is. Zo zullen houders van depositorekeningen bij een bank wellicht vaker reageren wanneer zij vinden dat het saldo van hun rekening in het verzoek om bevestiging te laag is weergegeven, maar minder vaak reageren wanneer zij vinden dat het saldo te hoog is opgenomen. Daarom kan het zenden van een verzoek om negatieve bevestiging aan een houder van een depositorekening bij een bank een nuttige handeling zijn bij het overwegen of dergelijke saldi mogelijk te laag zijn weergegeven, maar zal dit waarschijnlijk niet effectief zijn indien de accountant controle-informatie tracht te verkrijgen over het feit of saldi te hoog zijn weergegeven. -#### . Evalueren van de verkregen controle-informatie (Zie Par. 16) +#### . Evalueren van de verkregen controle-informatie (Zie Par. 16) A24 Bij het evalueren van de uitkomsten van individuele verzoeken om externe bevestiging kan de accountant deze uitkomsten als volgt onderverdelen: @@ -6021,11 +6021,11 @@ c. *voorgaande accountant* – De accountant van een ander auditkantoor die de f ##### . Beginsaldi 5 De accountant dient de meest recente financiële overzichten, voor zover deze bestaan, en de eventuele daarbij horende controleverklaring van de voorgaande accountant te lezen op informatie die relevant is voor de beginsaldi, met inbegrip van de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen. -6 De accountant dient voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de vraag of de beginsaldi afwijkingen bevatten die een van materieel belang zijnde invloed hebben op de financiële overzichten van de lopende verslagperiode door: (Zie Par. A1 en A2) +6 De accountant dient voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de vraag of de beginsaldi afwijkingen bevatten die een van materieel belang zijnde invloed hebben op de financiële overzichten van de lopende verslagperiode door: (Zie Par. A1 en A2) a. te bepalen of de eindsaldi van de voorgaande verslagperiode op correcte wijze naar de lopende verslagperiode zijn overgedragen of, in voorkomend geval, zijn aangepast; b. te bepalen of uit de beginsaldi blijkt dat passende grondslagen voor financiële verslaggeving zijn toegepast; en -c. een of meer van onderstaande werkzaamheden te verrichten: (Zie Par. A3, A4, A5, A6 en A7) +c. een of meer van onderstaande werkzaamheden te verrichten: (Zie Par. A3, A4, A5, A6 en A7) 1. ingeval de financiële overzichten van het voorgaande jaar zijn gecontroleerd, de werkdocumenten van de voorgaande accountant evalueren teneinde controle-informatie over de beginsaldi te verkrijgen; 2. evalueren of de in de lopende verslagperiode uitgevoerde controlewerkzaamheden voor de beginsaldi relevante informatie verschaffen; of @@ -6044,7 +6044,7 @@ c. een of meer van onderstaande werkzaamheden te verrichten: (Zie Par. A3, A4, ##### . Beginsaldi -10 Indien de accountant niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie over de beginsaldi te verkrijgen, dient de accountant overeenkomstig Standaard 705306Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.* een oordeel met beperking tot uitdrukking te brengen dan wel een oordeelonthouding met betrekking tot de financiële overzichten te formuleren, naargelang passend. (Zie Par. A8) +10 Indien de accountant niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie over de beginsaldi te verkrijgen, dient de accountant overeenkomstig Standaard 705306Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.* een oordeel met beperking tot uitdrukking te brengen dan wel een oordeelonthouding met betrekking tot de financiële overzichten te formuleren, naargelang passend. (Zie Par. A8) 11 Indien de accountant concludeert dat de beginsaldi een afwijking bevatten die een van materieel belang zijnde invloed op de financiële overzichten van de lopende verslagperiode hebben, en het effect van de afwijking niet op passende wijze is verwerkt dan wel niet op adequate wijze is weergegeven of toegelicht, dient de accountant overeenkomstig Standaard 705 een oordeel met beperking of een afkeurend oordeel tot uitdrukking te brengen, naargelang passend. ##### . Consistentie van grondslagen voor financiële verslaggeving @@ -6058,18 +6058,18 @@ dient de accountant overeenkomstig Standaard 705 naargelang passend een oordeel ##### . Aanpassing van het oordeel in de controleverklaring van de voorgaande accountant -13 Indien het oordeel van de voorgaande accountant over de financiële overzichten die betrekking hebben op de voorgaande verslagperiode, een aanpassing bevat die nog steeds relevant en van materieel belang is voor de financiële overzichten van de lopende verslagperiode, dient de accountant overeenkomstig Standaard 705 en Standaard 710 zijn oordeel over de financiële overzichten van de lopende verslagperiode aan te passen. (Zie Par. A9) +13 Indien het oordeel van de voorgaande accountant over de financiële overzichten die betrekking hebben op de voorgaande verslagperiode, een aanpassing bevat die nog steeds relevant en van materieel belang is voor de financiële overzichten van de lopende verslagperiode, dient de accountant overeenkomstig Standaard 705 en Standaard 710 zijn oordeel over de financiële overzichten van de lopende verslagperiode aan te passen. (Zie Par. A9) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten #### . Controlewerkzaamheden -##### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 6) +##### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden (Zie Par. 6) A1 In de publieke sector kunnen er, op grond van wet- of regelgeving, beperkingen gelden op de informatie die de accountant van een voorgaande accountant kan verkrijgen. Indien bijvoorbeeld een entiteit in de publieke sector die eerder is gecontroleerd door een op grond van de wet aangestelde accountant (bijvoorbeeld een voorzitter van de Rekenkamer, of een ander toereikend gekwalificeerd persoon die is aangesteld namens de voorzitter van de Rekenkamer) wordt geprivatiseerd, is de mate van toegang tot de werkdocumenten of de andere informatie die een voorgaande accountant aan de nieuw aangestelde accountant uit de private sector kan verstrekken, mogelijk beperkt door wet- of regelgeving inzake privacy of geheimhouding. In situaties waar dergelijke communicatie aan beperkingen onderworpen is, is het mogelijk dat de controle-informatie op een andere wijze moet worden verkregen en dat, indien geen voldoende en geschikte controle-informatie kan worden verkregen, de gevolgen voor het oordeel van de accountant moeten worden overwogen. A2 Indien de op grond van de wet aangestelde accountant een controleopdracht van een entiteit in de publieke sector uitbesteedt aan een auditkantoor uit de private sector en de op grond van de wet aangestelde accountant hiervoor een ander auditkantoor aanstelt dan het kantoor dat de financiële overzichten van de entiteit in de publieke sector in de voorgaande verslagperiode heeft gecontroleerd, wordt dit doorgaans niet beschouwd als een verandering van accountants. Afhankelijk van de aard van de uitbestedingsovereenkomst kan deze controleopdracht vanuit het gezichtspunt van de accountant uit de private sector bij het nakomen van zijn verantwoordelijkheden echter als een initiële controleopdracht worden beschouwd, en is deze Standaard daarom van toepassing. -##### . Beginsaldi (Zie Par. 6(c)) +##### . Beginsaldi (Zie Par. 6(c)) A3 De aard en omvang van controlewerkzaamheden die nodig zijn om voldoende en geschikte controle-informatie over beginsaldi te verkrijgen, hangt af van aangelegenheden als: @@ -6088,7 +6088,7 @@ A7 Met betrekking tot niet-vlottende activa en passiva, zoals materiële vaste a #### . Controleconclusies en het rapporteren over de controle -##### . Beginsaldi (Zie Par. 10) +##### . Beginsaldi (Zie Par. 10) A8 Standaard 705 stelt vereisten en leidraden vast omtrent omstandigheden die tot een aanpassing van het oordeel van de accountant over de financiële overzichten kunnen leiden, omtrent het soort oordeel dat in die omstandigheden passend is, alsmede omtrent de inhoud van de controleverklaring wanneer het oordeel van de accountant wordt aangepast. Het onvermogen van de accountant om voldoende en geschikte controle-informatie over de beginsaldi te verkrijgen, kan leiden tot een van de volgende aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring: @@ -6098,11 +6098,11 @@ b. een 1. goedkeurend oordeel met betrekking tot de financiële positie, tenzij dit op grond van wet- en regelgeving verboden is; en 2. een oordeel met beperking dan wel een oordeelonthouding, naar gelang passend, met betrekking tot de resultaten van de activiteiten, alsmede, wanneer relevant, de kasstromen. -##### . Aanpassing van het oordeel in de controleverklaring van de voorgaande accountant (Zie Par. 13) +##### . Aanpassing van het oordeel in de controleverklaring van de voorgaande accountant (Zie Par. 13) A9 In sommige gevallen is het mogelijk dat een aanpassing van het oordeel van de voorgaande accountant niet relevant en niet van materieel belang is voor het oordeel over de financiële overzichten van de lopende verslagperiode. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer er in de voorgaande verslagperiode sprake was van een beperking in de reikwijdte van de controle, maar de aangelegenheid die tot deze beperking aanleiding heeft gegeven, binnen de lopende verslagperiode is opgelost. -### . Voorbeeldteksten van controleverklaringen met een aangepast oordeel (Zie Par. A8) +### . Voorbeeldteksten van controleverklaringen met een aangepast oordeel (Zie Par. A8) Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen met een aangepast oordeel wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -6127,33 +6127,33 @@ b. het opzetten en uitvoeren van cijferanalyses op het einde van de controle die ### . Definitie -4 Voor de toepassing van de Standaarden wordt onder de term ‘cijferanalyses’ verstaan evaluaties van financiële informatie door analyse van plausibele relaties tussen zowel financiële als niet-financiële gegevens. Voor zover noodzakelijk worden bij cijferanalyses tevens geïdentificeerde fluctuaties of relaties onderzocht die inconsistent zijn met andere relevante informatie of die significant verschillen van de verwachte waarden. (Zie Par. A1, A2 en A3) +4 Voor de toepassing van de Standaarden wordt onder de term ‘cijferanalyses’ verstaan evaluaties van financiële informatie door analyse van plausibele relaties tussen zowel financiële als niet-financiële gegevens. Voor zover noodzakelijk worden bij cijferanalyses tevens geïdentificeerde fluctuaties of relaties onderzocht die inconsistent zijn met andere relevante informatie of die significant verschillen van de verwachte waarden. (Zie Par. A1, A2 en A3) ### . Vereisten #### . Gegevensgerichte cijferanalyses -5 Bij het opzetten en uitvoeren van gegevensgerichte cijferanalyses, alleen dan wel in combinatie met detailcontroles, als gegevensgerichte controles overeenkomstig Standaard 330309Standaard 330, paragraaf 18. dient de accountant: (Zie Par. A4 en A5) +5 Bij het opzetten en uitvoeren van gegevensgerichte cijferanalyses, alleen dan wel in combinatie met detailcontroles, als gegevensgerichte controles overeenkomstig Standaard 330309Standaard 330, paragraaf 18. dient de accountant: (Zie Par. A4 en A5) -a. de geschiktheid van bepaalde gegevensgerichte cijferanalyses voor gegeven beweringen te bepalen, rekening houdend met de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang en met eventuele detailcontroles voor deze beweringen; (Zie Par. A6, A7, A8, A9, A10 en A11) -b. de betrouwbaarheid van de gegevens waarop zijn verwachting ten aanzien van vastgelegde bedragen of verhoudingscijfers is gebouwd, te evalueren, rekening houdend met de bron, de vergelijkbaarheid en de aard en relevantie van de beschikbare informatie, alsmede met interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de opstelling van die informatie; (Zie Par. A12, A13 en A14) -c. een verwachting ten aanzien van vastgelegde bedragen of verhoudingscijfers op te bouwen, en te evalueren of die verwachting voldoende nauwkeurig is om een afwijking te kunnen identificeren die, afzonderlijk of gezamenlijk met andere afwijkingen, ertoe kan leiden dat de financiële overzichten een van materieel belang zijnde afwijking bevatten; en (Zie Par. A15) -d. een bedrag te bepalen van eventuele verschillen tussen de vastgelegde bedragen en de verwachte waarden aanvaardbaar zijn zonder verder onderzoek zoals vereist op grond van paragraaf 7. (Zie Par. A16) +a. de geschiktheid van bepaalde gegevensgerichte cijferanalyses voor gegeven beweringen te bepalen, rekening houdend met de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang en met eventuele detailcontroles voor deze beweringen; (Zie Par. A6, A7, A8, A9, A10 en A11) +b. de betrouwbaarheid van de gegevens waarop zijn verwachting ten aanzien van vastgelegde bedragen of verhoudingscijfers is gebouwd, te evalueren, rekening houdend met de bron, de vergelijkbaarheid en de aard en relevantie van de beschikbare informatie, alsmede met interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de opstelling van die informatie; (Zie Par. A12, A13 en A14) +c. een verwachting ten aanzien van vastgelegde bedragen of verhoudingscijfers op te bouwen, en te evalueren of die verwachting voldoende nauwkeurig is om een afwijking te kunnen identificeren die, afzonderlijk of gezamenlijk met andere afwijkingen, ertoe kan leiden dat de financiële overzichten een van materieel belang zijnde afwijking bevatten; en (Zie Par. A15) +d. een bedrag te bepalen van eventuele verschillen tussen de vastgelegde bedragen en de verwachte waarden aanvaardbaar zijn zonder verder onderzoek zoals vereist op grond van paragraaf 7. (Zie Par. A16) #### . Cijferanalyses als hulpmiddel bij het trekken van een algehele conclusie -6 De accountant dient op het einde van de controle cijferanalyses op te zetten en uit te voeren die hem helpen een algehele conclusie te trekken over de vraag of de financiële overzichten consistent zijn met zijn inzicht in de entiteit. (Zie Par. A17, A18 en A19) +6 De accountant dient op het einde van de controle cijferanalyses op te zetten en uit te voeren die hem helpen een algehele conclusie te trekken over de vraag of de financiële overzichten consistent zijn met zijn inzicht in de entiteit. (Zie Par. A17, A18 en A19) #### . Het onderzoeken van resultaten van cijferanalyses 7 Indien overeenkomstig deze Standaard uitgevoerde cijferanalyses fluctuaties of relaties aan het licht brengen die inconsistent zijn met andere relevante informatie of die significant verschillen van de verwachte waarden, dient de accountant deze verschillen te onderzoeken door: a. navraag te doen bij het management en geschikte controle-informatie te verkrijgen die relevant is voor de antwoorden van het management; en -b. andere controlewerkzaamheden te verrichten naargelang noodzakelijk in de gegeven omstandigheden. (Zie Par. A20 en A21) +b. andere controlewerkzaamheden te verrichten naargelang noodzakelijk in de gegeven omstandigheden. (Zie Par. A20 en A21) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Definitie van cijferanalyses (Zie Par. 4) +#### . Definitie van cijferanalyses (Zie Par. 4) A1 Cijferanalyses omvatten het overwegen van de financiële informatie van de entiteit in vergelijking met bijvoorbeeld: @@ -6166,12 +6166,12 @@ A2 Cijferanalyses omvatten ook het overwegen van verbanden, bijvoorbeeld: • tussen financiële informatie en relevante niet-financiële informatie, zoals de loon- en salariskosten in vergelijking met het aantal werknemers. A3 Cijferanalyses kunnen volgens verschillende methoden worden uitgevoerd. Deze methoden variëren van eenvoudige vergelijkingen tot complexe analyses met behulp van geavanceerde statistische technieken. Cijferanalyses kunnen worden toegepast op geconsolideerde financiële overzichten, groepsonderdelen en individuele informatie-elementen. -#### . Gegevensgerichte cijferanalyses (Zie Par. 4) +#### . Gegevensgerichte cijferanalyses (Zie Par. 4) A4 De gegevensgerichte controles van de accountant op het niveau van beweringen kunnen bestaan uit detailcontroles, gegevensgerichte cijferanalyses of een combinatie van beide. De accountant baseert zijn beslissing over de te verrichten controlewerkzaamheden, met inbegrip van de vraag of hij gegevensgerichte cijferanalyses zal uitvoeren, op zijn oordeelsvorming inzake de verwachte effectiviteit en efficiëntie van de beschikbare controlewerkzaamheden die erop gericht zijn het controlerisico op het niveau van beweringen tot een aanvaardbaar laag niveau terug te brengen. A5 De accountant kan bij het management inlichtingen inwinnen over de beschikbaarheid en betrouwbaarheid van de informatie die noodzakelijk is om gegevensgerichte cijferanalyses uit te voeren, en over de resultaten van eventueel door de entiteit uitgevoerde cijferanalyses. Het kan effectief zijn om gebruik te maken van door het management opgestelde analytische gegevens, op voorwaarde dat de accountant ervan overtuigd is dat deze gegevens naar behoren zijn opgesteld. -##### . Geschiktheid van bepaalde cijferanalyses voor gegeven beweringen (Zie Par. 5(a)) +##### . Geschiktheid van bepaalde cijferanalyses voor gegeven beweringen (Zie Par. 5(a)) A6 Gegevensgerichte cijferanalyses zijn over het algemeen beter toepasbaar op grote hoeveelheden van transacties die doorgaans voorspelbaar zijn in de tijd. Bij geplande cijferanalyses wordt uitgegaan van de verwachting dat er relaties tussen gegevens bestaan en dat deze blijven bestaan zolang het tegendeel niet is gebleken. De geschiktheid van een bepaalde cijferanalyse zal evenwel afhangen van de mate waarin de accountant die analyse effectief acht voor het detecteren van een afwijking die, afzonderlijk of gezamenlijk met andere afwijkingen, ertoe kan leiden dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten. A7 In sommige gevallen kan zelfs een eenvoudig voorspellend model effectief zijn als cijferanalyse. Zo is het mogelijk dat de accountant, wanneer een entiteit een bekend aantal werknemers met een vaste vergoeding gedurende de verslagperiode heeft, deze gegevens gebruikt om met een hoge mate van nauwkeurigheid de totale loon- en salariskosten voor de verslagperiode te schatten, hetgeen hem controle-informatie voor een significant element in de financiële overzichten verschaft en de noodzaak beperkt om detailcontroles op de loon- en salariskosten uit te voeren. Bij gegevensgerichte cijferanalyses kan vaak effectief gebruik worden gemaakt van breed erkende handelsverhoudingscijfers (zoals winstmarges voor verschillende soorten entiteiten in de detailhandel) om informatie te verkrijgen die de redelijkheid van de vastgelegde bedragen onderbouwt. @@ -6183,7 +6183,7 @@ A10 Bepaalde gegevensgerichte cijferanalyses kunnen mede als geschikt worden bes A11 De relaties tussen individuele elementen in financiële overzichten die doorgaans bij de controle van bedrijven worden overwogen, zijn niet altijd relevant bij de controle van overheden of van andere niet-zakelijke entiteiten in de publieke sector; zo bestaat er bij vele entiteiten in de publieke sector vaak geen direct verband tussen opbrengsten en uitgaven. Ook is het mogelijk dat er, omdat de uitgaven voor het verwerven van activa mogelijk niet geactiveerd worden, geen verband bestaat tussen de uitgaven voor bijvoorbeeld voorraden en vaste activa en de in de financiële overzichten gerapporteerde bedragen voor deze activa. In de publieke sector kan het ook voorkomen dat er geen gegevens of statistieken op sectorniveau beschikbaar zijn voor vergelijkingsdoeleinden. Andere relaties kunnen daarentegen wel relevant zijn, zoals variaties in de kilometerkostprijs van wegenaanleg of het aantal aangekochte voertuigen in vergelijking met het aantal uit roulatie genomen voertuigen. -##### . De betrouwbaarheid van de gegevens (Zie Par. 5(b)) +##### . De betrouwbaarheid van de gegevens (Zie Par. 5(b)) A12 De betrouwbaarheid van de gegevens wordt beïnvloed door de bron en de aard van de gegevens en is afhankelijk van de omstandigheden waarin deze zijn verkregen. Dienovereenkomstig is het volgende relevant bij het bepalen of de gegevens betrouwbaar zijn voor het opzetten van gegevensgerichte cijferanalyses: @@ -6194,7 +6194,7 @@ d. interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot het opstellen van de inform A13 De accountant kan overwegen om een toetsing te verrichten van de effectieve werking van eventuele interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de opstelling door de entiteit van informatie waarop hij gegevensgerichte cijferanalyses toepast om in te spelen op ingeschatte risico’s. Wanneer die interne beheersingsmaatregelen effectief zijn, heeft de accountant over het algemeen een groter vertrouwen in de betrouwbaarheid van de informatie en daarom ook in de resultaten van de cijferanalyses. De effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot niet-financiële informatie kan vaak worden getoetst in combinatie met andere toetsingen van interne beheersingsmaatregelen. Zo kan een entiteit bij het opzetten van interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de verwerking van de verkoopfacturen ook voorzien in interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de vastlegging van de verkochte eenheden. In deze omstandigheden kan de accountant de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen met betrekking de vastlegging van de verkochte eenheden toetsen samen met de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen voor de verwerking van de verkoopfacturen. Als alternatief kan de accountant overwegen of de informatie onderworpen werd aan detailcontroles. In Standaard 500 zijn vereisten vastgesteld en worden leidraden gegeven om de uit te voeren controlewerkzaamheden te bepalen op de informatie die voor gegevensgerichte cijferanalyses zal worden gebruikt311Standaard 500, paragraaf 10.. A14 De in de paragrafen A12(a)–A12(d) besproken aangelegenheden zijn relevant, ongeacht of de accountant gegevensgerichte cijferanalyses verricht op de financiële overzichten van de entiteit aan het einde van de verslagperiode dan wel op een tussentijdse datum en hij van plan is gegevensgerichte cijferanalyses te verrichten voor de resterende periode. In Standaard 330 zijn vereisten vastgesteld en worden leidraden gegeven voor gegevensgerichte controles die op een tussentijdse datum worden verricht.312Standaard 330, paragraaf 22 en 23. -##### . Evaluatie of de verwachting voldoende nauwkeurig is (Zie Par. 5(c)) +##### . Evaluatie of de verwachting voldoende nauwkeurig is (Zie Par. 5(c)) A15 Wanneer de accountant evalueert of de verwachting op voldoende nauwkeurige wijze kan worden ontwikkeld voor het identificeren van een afwijking die, gezamenlijk met andere afwijkingen, ertoe kan leiden dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten, zijn de volgende aangelegenheden relevant: @@ -6202,11 +6202,11 @@ A15 Wanneer de accountant evalueert of de verwachting op voldoende nauwkeurige w • de mate waarin informatie kan worden uitgesplitst. Zo kunnen gegevensgerichte cijferanalyses effectiever zijn wanneer ze worden toegepast op financiële informatie over afzonderlijke gedeelten van een bedrijfsactiviteit of op financiële overzichten van groepsonderdelen van een gediversifieerde entiteit dan wanneer ze worden toegepast op de financiële overzichten van de entiteit als geheel; • de beschikbaarheid van zowel financiële als niet-financiële informatie. Zo kan de accountant overwegen of er financiële informatie, zoals budgetten of prognoses, en niet-financiële informatie, zoals het aantal geproduceerde of verkochte eenheden, beschikbaar is om gegevensgerichte cijferanalyses op te zetten. Indien de informatie beschikbaar is, kan de accountant tevens de betrouwbaarheid van de informatie overwegen zoals uiteengezet in de paragrafen A12 en A13 hierboven. -##### . Aanvaardbaar verschil tussen vastgelegde bedragen en verwachte waarden (Zie Par. 5(d)) +##### . Aanvaardbaar verschil tussen vastgelegde bedragen en verwachte waarden (Zie Par. 5(d)) A16 Wanneer de accountant bepaalt welke mate van verschil met de verwachting aanvaardbaar is zonder verder onderzoek, houdt hij rekening met materialiteit313Standaard 320, *Materialiteit bij de planning en uitvoering van een controle*, paragraaf A13. en verenigbaarheid met het gewenste niveau van zekerheid, omdat een afwijking, afzonderlijk of gezamenlijk met andere afwijkingen, ertoe kan leiden dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten. Overeenkomstig Standaard 330 wordt van de accountant vereist dat hij meer overtuigende controle-informatie verkrijgt naarmate hij het risico hoger inschat314Standaard 330, paragraaf 7(b). . Dienovereenkomstig wordt het verschil dat zonder onderzoek als aanvaardbaar wordt beschouwd, kleiner naarmate het ingeschatte risico hoger wordt, teneinde het gewenste niveau van overtuigende controle-informatie te bereiken315Standaard 330, paragraaf A19.. -#### . Cijferanalyses als hulpmiddel bij het trekken van een algehele conclusie (Zie Par. 6) +#### . Cijferanalyses als hulpmiddel bij het trekken van een algehele conclusie (Zie Par. 6) A17 De conclusies uit de resultaten van de overeenkomstig paragraaf 6 opgezette en uitgevoerde cijferanalyses zijn bedoeld als bevestiging van conclusies die bij de controle van afzonderlijke groepsonderdelen of elementen van de financiële overzichten zijn gevormd. Zij vormen een hulpmiddel voor de accountant om redelijke conclusies te trekken waarop hij zijn oordeel kan baseren. A18 De resultaten van dergelijke cijferanalyses kunnen een niet eerder geïdentificeerd risico op een afwijking van materieel belang aan het licht brengen. In dergelijke omstandigheden wordt van de accountant vereist dat hij overeenkomstig Standaard 315 zijn inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang bijstelt en de verdere geplande controlewerkzaamheden daarop afstemt316Standaard 315, paragraaf 31.. @@ -6244,67 +6244,67 @@ c. *steekproefrisico* – Het risico dat de conclusie van de accountant op basis 1. bij het toetsen van interne beheersingsmaatregelen, dat deze maatregelen effectiever zijn dan zij in werkelijkheid zijn, of bij het verrichten van een detailcontrole, dat er geen afwijking van materieel belang bestaat terwijl deze wel bestaat. De accountant is in eerste instantie alert op dit soort foutieve conclusies, omdat zij de effectiviteit van de controle beïnvloeden en de kans groter is dat zij tot een onjuist controleoordeel leiden; 2. bij het toetsen van interne beheersingsmaatregelen, dat deze maatregelen minder effectief zijn dan zij in werkelijkheid zijn, of bij het verrichten van een detailcontrole, dat er een afwijking van materieel belang bestaat terwijl deze niet bestaat. Dit soort foutieve conclusies beïnvloedt de efficiëntie van de controle omdat dit doorgaans tot aanvullende werkzaamheden leidt om vast te stellen dat de aanvankelijke conclusies niet correct waren. -d. *Uitvoeringsrisico* – Het risico dat de accountant een foutieve conclusie trekt om redenen die geen verband houden met het steekproefrisico; (Zie Par. A1) +d. *Uitvoeringsrisico* – Het risico dat de accountant een foutieve conclusie trekt om redenen die geen verband houden met het steekproefrisico; (Zie Par. A1) e. *atypische fout* – Een afwijking of deviatie die aantoonbaar niet representatief is voor afwijkingen of deviaties in een populatie; -f. *steekproefeenheid* – De afzonderlijke elementen waaruit een populatie bestaat; (Zie Par. A2) +f. *steekproefeenheid* – De afzonderlijke elementen waaruit een populatie bestaat; (Zie Par. A2) g. *statistische steekproef* – Een steekproefmethode die de volgende kenmerken heeft: 1. aselecte trekking van de steekproefeenheden; en 2. het gebruik van waarschijnlijkheidstheorieën bij de evaluatie van de steekproefresultaten, met inbegrip van het meten van het steekproefrisico. 3. Een steekproefmethode die niet aan de kenmerken (i) en (ii) voldoet, wordt als een niet-statistische steekproefmethode beschouwd. h. *Stratificatie* – Het opdelen van een populatie in deelpopulaties die elk een groep van steekproefeenheden met gelijksoortige kenmerken vormen (meestal geldwaarde); -i. *toelaatbare afwijking* – Een door de accountant vastgesteld bedrag ten aanzien waarvan hij eenpassend niveau van zekerheid wil verkrijgen dat het door hem vastgestelde bedrag niet wordt overschreden door de daadwerkelijke afwijking in de populatie; (Zie Par. A3) +i. *toelaatbare afwijking* – Een door de accountant vastgesteld bedrag ten aanzien waarvan hij eenpassend niveau van zekerheid wil verkrijgen dat het door hem vastgestelde bedrag niet wordt overschreden door de daadwerkelijke afwijking in de populatie; (Zie Par. A3) j. *toelaatbare mate van deviatie* – Een door de accountant vastgestelde mate waarin mag worden afgeweken van voorgeschreven interne beheersingsproceduresten aanzien waarvan hij een passende mate van zekerheid wil verkrijgen dat de door hem vastgestelde mate van deviatie niet wordt overschreden door de daadwerkelijke mate van deviatie in de populatie. ### . Vereisten #### . Steekproefopzet en -omvang en selectie van de te toetsen elementen -6 Bij het opzetten van een steekproef dient de accountant te overwegen wat het doel van de controlewerkzaamheden is en welke de kenmerken zijn van de populatie waaruit de steekproef zal worden getrokken. (Zie Par. A4, A5, A6, A7, A8 en A9) -7 De accountant dient een steekproefomvang vast te stellen die voldoende is om het steekproefrisico tot een aanvaardbaar laag niveau terug te brengen. (Zie Par. A10 en A11) -8 De accountant dient de te toetsen elementen op zodanige wijze te selecteren dat elke steekproefeenheid in de populatie geselecteerd kan worden. (Zie Par. A12 en A13) +6 Bij het opzetten van een steekproef dient de accountant te overwegen wat het doel van de controlewerkzaamheden is en welke de kenmerken zijn van de populatie waaruit de steekproef zal worden getrokken. (Zie Par. A4, A5, A6, A7, A8 en A9) +7 De accountant dient een steekproefomvang vast te stellen die voldoende is om het steekproefrisico tot een aanvaardbaar laag niveau terug te brengen. (Zie Par. A10 en A11) +8 De accountant dient de te toetsen elementen op zodanige wijze te selecteren dat elke steekproefeenheid in de populatie geselecteerd kan worden. (Zie Par. A12 en A13) #### . Uitvoering van controlewerkzaamheden 9 De accountant dient op elk geselecteerd element controlewerkzaamheden uit te voeren die passend zijn voor het beoogde doel. -10 Indien de controlewerkzaamheden niet toepasbaar zijn op het geselecteerde element, dient de accountant deze werkzaamheden op een vervangend element uit te voeren. (Zie Par. A14) -11 Indien de accountant niet in staat is om de opgezette controlewerkzaamheden dan wel passende alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren op een geselecteerd element, dient hij dat element, in het geval van een toetsing van interne beheersingsmaatregelen, als een deviatie van de voorgeschreven interne beheersingsmaatregel te behandelen, en in het geval van een detailcontrole, als een afwijking. (Zie Par. A15 en A16) +10 Indien de controlewerkzaamheden niet toepasbaar zijn op het geselecteerde element, dient de accountant deze werkzaamheden op een vervangend element uit te voeren. (Zie Par. A14) +11 Indien de accountant niet in staat is om de opgezette controlewerkzaamheden dan wel passende alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren op een geselecteerd element, dient hij dat element, in het geval van een toetsing van interne beheersingsmaatregelen, als een deviatie van de voorgeschreven interne beheersingsmaatregel te behandelen, en in het geval van een detailcontrole, als een afwijking. (Zie Par. A15 en A16) #### . Aard en oorzaak van deviaties en afwijkingen -12 De accountant dient de aard en de oorzaak van alle geïdentificeerde deviaties of afwijkingen te onderzoeken, alsmede de mogelijke effecten ervan op de doelstelling van de controlewerkzaamheden en op andere deelgebieden van de controle te evalueren. (Zie Par. A17) +12 De accountant dient de aard en de oorzaak van alle geïdentificeerde deviaties of afwijkingen te onderzoeken, alsmede de mogelijke effecten ervan op de doelstelling van de controlewerkzaamheden en op andere deelgebieden van de controle te evalueren. (Zie Par. A17) 13 In het zeer zeldzame geval dat de accountant een in een steekproef ontdekte deviatie of afwijking als een atypische fout aanmerkt, dient hij een hoge mate van zekerheid te verkrijgen dat die afwijking of deviatie niet representatief is voor de populatie. De accountant dient deze mate van zekerheid te verkrijgen door aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren teneinde voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen dat de afwijking of deviatie geen invloed heeft op het resterende deel van de populatie. #### . Projectie van afwijkingen -14 Voor detailcontroles dient de accountant in de steekproef ontdekte afwijkingen te projecteren op de populatie. (Zie Par. A18, A19 en A20) +14 Voor detailcontroles dient de accountant in de steekproef ontdekte afwijkingen te projecteren op de populatie. (Zie Par. A18, A19 en A20) #### . Evaluatie van steekproefresultaten 15 De accountant dient te evalueren: -• de resultaten van de steekproef; en (Zie Par. A21 en A22) -• of het gebruik van steekproeven bij de controle een redelijke basis heeft verschaft voor conclusies over de getoetste populatie. (Zie Par. A23) +• de resultaten van de steekproef; en (Zie Par. A21 en A22) +• of het gebruik van steekproeven bij de controle een redelijke basis heeft verschaft voor conclusies over de getoetste populatie. (Zie Par. A23) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten #### . Definities -##### . Uitvoeringsrisico (Zie Par. 5(d)) +##### . Uitvoeringsrisico (Zie Par. 5(d)) A1 Voorbeelden van het uitvoeringsrisico zijn het gebruikmaken van niet passendecontrolewerkzaamheden, het verkeerd interpreteren van controle-informatie of het niet detecteren van een afwijking of deviatie. -##### . Steekproefeenheid (Zie Par. 5(f)) +##### . Steekproefeenheid (Zie Par. 5(f)) A2 De steekproefeenheden kunnen bestaan uit fysieke elementen (zoals cheques op borderellen, creditboekingen op bankafschriften, verkoopfacturen of debiteurensaldi) of uit geldeenheden. -###### . Toelaatbare afwijking (Zie Par. 5(i)) +###### . Toelaatbare afwijking (Zie Par. 5(i)) A3 Bij het opzetten van een steekproef bepaalt de accountant de toelaatbare afwijking om in te spelen op het risico dat de aggregatie van de afwijkingen die afzonderlijk niet van materieel belang zijn, ertoe kan leiden dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten, en om een marge in te bouwen voor mogelijk niet gedetecteerde afwijkingen. De toelaatbare afwijking wordt bepaald aan de hand van de uitvoeringsmaterialiteit zoals gedefinieerd in Standaard 320318Standaard 320, *Materialiteit bij de planning en uitvoering van een controle*, paragraaf 9. met betrekking tot een bepaalde steekproefprocedure. De toelaatbare afwijking kan gelijk zijn aan of lager dan het niveau van de uitvoeringsmaterialiteit. #### . Steekproefopzet en -omvang en selectie van de te toetsen elementen -##### . Steekproefopzet (Zie Par. 6) +##### . Steekproefopzet (Zie Par. 6) A4 Het gebruiken van steekproeven bij een controle stelt de accountant in staat controle-informatie over bepaalde kenmerken van de geselecteerde elementen te verkrijgen en deze te evalueren, hetgeen hem in staat stelt of helpt een conclusie te trekken over de populatie waaruit de steekproef is getrokken is. Wanneer steekproeven worden gebruikt, kan zowel een statistische als een niet-statistische benadering worden toegepast. A5 Bij het opzetten van een steekproef overweegt de accountant zowel wat het specifiek te bereiken doel is, als met welke combinatie van controlewerkzaamheden dat doel het beste kan worden bereikt. Door de aard van de te verkrijgen controle-informatie en de omstandighedendie tot een deviatie of afwijking kunnen leiden dan wel andere kenmerken die verband houden met die controle-informatie, te overwegen, kan de accountant beter definiëren wat een deviatie of een afwijking vormt, en bepalen welke populatie hij voor (het trekken van) de steekproef zal gebruiken. Om te voldoen aan het vereiste van paragraaf 10 van Standaard 500 bij het gebruik van steekproeven bij een controle, verricht de accountant controlewerkzaamheden om controle-informatie te verkrijgen dat de populatie waaruit de steekproef wordt getrokken, volledig is. @@ -6313,33 +6313,33 @@ A7 Wanneer hij de kenmerken van een populatie overweegt om een toetsing van de i A8 Wanneer hij de kenmerken overweegt van de populatie waaruit de steekproef zal worden getrokken, kan de accountant bepalen dat een stratificatie van deze populatie of een selectie op basis van gewogen waarden passend is. Bijlage 1 gaat dieper in op de stratificatie en op de selectie op basis van gewogen waarden. A9 Het is aan de accountant om op grond van zijn oordeelsvorming te besluiten of hij gebruik maakt van een statistische dan wel een niet-statistische steekproefmethode. De steekproefomvang is echter geen geldig criterium om een onderscheid te maken tussen een statistische en een niet-statistische aanpak. -##### . Steekproefomvang (Zie Par. 7) +##### . Steekproefomvang (Zie Par. 7) A10 Het niveau van het steekproefrisico dat de accountant bereid is te aanvaarden, beïnvloedt de vereiste steekproefomvang. Hoe lager het risico dat de accountant bereid is te aanvaarden, des te groter zal de steekproefomvang moeten zijn. A11 De steekproefomvang kan worden bepaald door middel van een op statistische criteria gebaseerde formule of door toepassing van professionele oordeelsvorming. In de bijlagen 2 en 3 is uiteengezet welke invloed diverse factoren gewoonlijk hebben op het bepalen van de steekproefomvang. Bij vergelijkbare omstandigheden is het effect van factoren zoals die welke in de bijlagen 2 en 3 worden genoemd, op de steekproefomvang ook vergelijkbaar, ongeacht of voor een statistische dan wel een niet-statistische aanpak wordt gekozen. -##### . Selectie van de te toetsen elementen (Zie Par. 8) +##### . Selectie van de te toetsen elementen (Zie Par. 8) A12 Bij een statistische steekproef worden steekproefelementen op zodanige wijze geselecteerd dat elk steekproefelement in de populatie een bekende selectiekans heeft. Bij een niet-statistische steekproef wordt voor de selectie van steekproefelementen oordeelsvorming toegepast. Omdat het doel van een steekproef is om de accountant een redelijke basis te verschaffen voor conclusies over de populatie waaruit de steekproef is getrokken, is het belangrijk dat de accountant een representatieve steekproef trekt zodat tendentie wordt vermeden, door steekproefelementen te kiezen waarvan de kenmerken typerend zijn voor de populatie. A13 De belangrijkste methoden voor het trekken van steekproeven zijn aselecte trekking, systematische trekking en willekeurige trekking. Elk van deze methoden wordt beschreven in bijlage 4. -#### . Uitvoering van controlewerkzaamheden (Zie Par. 10–11) +#### . Uitvoering van controlewerkzaamheden (Zie Par. 10–11) A14 Een voorbeeld van een geval waarbij het noodzakelijk is dat de controlemaatregel op een vervangend element wordt uitgevoerd, is de situatie waarbij een ongeldig gemaakte cheque wordt geselecteerd in het kader van een toetsing van informatie die autorisatie voor betaling aantoont. Indien de accountant ervan overtuigd is dat de cheque naar behoren ongeldig is gemaakt, zodat dit geen deviatie vormt, wordt een passend vervangend element onderzocht. A15 Een voorbeeld van een geval waarbij de accountant niet in staat is de opgezette controlewerkzaamheden op een geselecteerd element toe te passen, is de situatie waarbij de documentatie met betrekking tot dat element verloren is gegaan. A16 Een voorbeeld van een geschikte alternatieve controlemaatregel, in het geval dat geen antwoord is ontvangen op een positief verzoek tot saldobevestiging, zou kunnen bestaan in het onderzoeken van de latere kasontvangstenin combinatie met de controle-informatie die de herkomst ervan staaft en met de elementen die zij beogen te vereffenen. -#### . Aard en oorzaak van deviaties en afwijkingen (Zie Par. 12) +#### . Aard en oorzaak van deviaties en afwijkingen (Zie Par. 12) A17 Bij het analyseren van de geïdentificeerde deviaties en afwijkingenkan de accountant opmerken dat vele daarvan een gemeenschappelijk kenmerk hebben, zoals soort transactie, plaats van handeling, productlijn of tijdsperiode. In die omstandigheden kan de accountant besluiten om alle elementen van de populatie met het gemeenschappelijke kenmerk op te sporen en in de controlewerkzaamheden te betrekken. Bovendien kunnen zulke deviaties en afwijkingen opzettelijk zijn en een aanwijzing vormen voor het mogelijke bestaan van fraude. -#### . Projectie van afwijkingen (Zie Par. 14) +#### . Projectie van afwijkingen (Zie Par. 14) A18 Van de accountant wordt vereist dat hij afwijkingen op de populatie projecteert om een totaal beeld te krijgen van de omvang ervan, maar deze projectie kan ontoereikend zijn om het vast te leggen bedrag te bepalen. A19 Wanneer is vastgesteld dat een afwijking een atypische fout is, kan zij worden uitgesloten bij de projectie van afwijkingen op de populatie. Het zal evenwel nodig zijn om met het effect van een dergelijke afwijking, indien deze niet werd gecorrigeerd, rekening te houden als aanvulling op de projectie van afwijkingen die niet als atypische fout werden aangemerkt. A20 Bij toetsingen van interne beheersingsmaatregelen is geen expliciete projectie van deviaties noodzakelijk aangezien de mate van deviatie in de steekproef tevens de mate is van deviatie zoals geprojecteerd op de populatie als geheel. Standaard 330319Standaard 330, *Inspelen door de accountant op ingeschatte risico’s, *paragraaf 17. verschaft leidraden voor de gevallen waarbij deviaties worden gedetecteerd in de interne beheersingsmaatregelenwaarop de accountant voornemens is te steunen. -#### . Evaluatie van steekproefresultaten (Zie Par. 15) +#### . Evaluatie van steekproefresultaten (Zie Par. 15) A21 Bij toetsingen van interne beheersingsmaatregelen kan een onverwacht hoge mate van deviatie in de steekproef leiden tot een verhoging van het ingeschatte risico op een afwijking van materieel belang, tenzij nadere controle-informatie wordt verkregen die de oorspronkelijke inschatting onderbouwt. Bij detailcontroles kan een onverwacht hoge afwijking in een steekproef de accountant tot de veronderstelling brengen dat een transactiestroom of een rekeningsaldo een afwijking van materieel belang bevat, als er geen nadere controle-informatie voorhanden is dat er geen afwijking van materieel belang bestaat. A22 In geval van detailcontroles vormt de som van de geprojecteerde afwijkingen en de eventuele atypische fouten voor de accountant de beste schatting van de afwijking in de populatie. Wanneer de som van de geprojecteerde afwijkingen en de eventuele atypische fouten de toelaatbare afwijking overschrijdt, biedt de steekproef geen redelijke basis voor conclusies over de getoetste populatie. Hoe kleiner het verschil tussen de som van de geprojecteerde afwijkingen en de eventuele atypische fouten enerzijds en de toelaatbare afwijking anderzijds, des te groter is de waarschijnlijkheid dat de werkelijke afwijkingen in de populatie de toelaatbare afwijking overschrijden. Ook wanneer de geprojecteerde afwijking groter is dan de door de accountant verwachte afwijking op basis waarvan de steekproefomvang is bepaald, kan de accountant tot de conclusie komen dat er een onaanvaardbaar steekproefrisico bestaat dat de werkelijke afwijking in de populatie de toelaatbare afwijking overschrijdt. Door de uitkomsten van andere controlewerkzaamheden te overwegen, kan de accountant het risico dat de werkelijke afwijking in de populatie de toelaatbare afwijking overschrijdt, beter inschatten, en kan dit risico worden verkleind indien nadere controle-informatie wordt verkregen. @@ -6348,7 +6348,7 @@ A23 Indien de accountant concludeert dat het gebruiken van steekproeven bij een • het management verzoeken om de geïdentificeerde afwijkingen en de mogelijkheid van verdere afwijkingen te onderzoeken, alsmede om de nodige correcties aan te brengen; of • de aard, timing en omvang van die verdere controlewerkzaamheden zo inrichten dat hij de vereiste mate van zekerheid zo goed mogelijk kan verkrijgen. Bij toetsingen van interne beheersingsmaatregelen kan hij bijvoorbeeld de steekproefomvang uitbreiden, een alternatieve interne beheersingsmaatregel toetsen of de desbetreffende gegevensgerichte controles aanpassen. -### 1:. Stratificatie en selectie op basis van gewogen waarden (Zie Par. A8) +### 1:. Stratificatie en selectie op basis van gewogen waarden (Zie Par. A8) Bij het overwegen van de kenmerken van de populatie waaruit de steekproef zal worden getrokken, kan de accountant bepalen dat een stratificatie of een selectie op basis van gewogen waarden passend is. Deze bijlage verschaft de accountant leidraden over het gebruik van stratificatie en over steekproeftechnieken op basis van gewogen waarden. @@ -6363,7 +6363,7 @@ Bij het overwegen van de kenmerken van de populatie waaruit de steekproef zal wo 1. Bij het uitvoeren van detailcontroles kan het efficiënt zijn om de individuele geldeenheden waaruit de populatie bestaat, als steekproefeenheid te definiëren. Na het selecteren van specifieke geldeenheden uit de populatie, bijvoorbeeld het saldo van de openstaande handelsvorderingen, kan de accountant de specifieke elementen controleren, bijvoorbeeld de individuele saldi, waarin deze eenheden voorkomen. Een voordeel van deze aanpak ter definiëring van de steekproefeenheid is dat de controle-inspanning gericht wordt op de elementen met een hogere waarde omdat zij een grotere kans hebben om te worden geselecteerd, hetgeen kan leiden tot een kleinere steekproefomvang. Deze aanpak kan worden gebruikt in combinatie met de methode van systematische steekproeftrekking (beschreven in bijlage 4) en is het efficiëntst wanneer de elementen aselect worden getrokken. -### 2:. Voorbeelden van factoren die de steekproefomvang bij toetsingen van interne beheersingsmaatregelen beïnvloeden (Zie Par. A11) +### 2:. Voorbeelden van factoren die de steekproefomvang bij toetsingen van interne beheersingsmaatregelen beïnvloeden (Zie Par. A11) Hieronder worden factoren opgesomd waarmee de accountant rekening kan houden bij het bepalen van de steekproefomvang voor toetsingen van interne beheersingsmaatregelen. Bij deze factoren, die gezamenlijk in aanmerking moeten worden genomen, wordt ervan uitgegaan dat de accountant de aard of de timing van de toetsingen van de interne beheersingsmaatregelen niet wijzigt noch anderszins de aanpak met betrekking tot gegevensgerichte controles om in te spelen op de ingeschatte risico’s, wijzigt. @@ -6375,7 +6375,7 @@ Hieronder worden factoren opgesomd waarmee de accountant rekening kan houden bij | 4 Toename van het door de accountant gewenste niveau van zekerheid dat de toelaatbare mate van mate van deviatie niet wordt overschreden door de werkelijke mate van mate van deviatie in de populatie | **Toename** | Hoe hoger het door de accountant gewenste niveau van zekerheid dat de steekproefresultaten een concrete aanwijzing vormen voor het werkelijk voorkomen van deviaties in de populatie, des te groter moet de steekproefomvang zijn. | | 5 Toename van het aantal steekproefeenheden in de populatie | **Te verwaarlozen effect** | Bij grote populaties heeft de werkelijke omvang van de populatie nauwelijks of geen invloed op de steekproefomvang. Bij kleine populaties kan het gebruik van steekproeven bij een controle echter minder efficiënt zijn dan alternatieve methoden om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. | -### 3:. Voorbeelden van factoren die de steekproefomvang bij detailcontroles beïnvloeden (Zie Par. A11) +### 3:. Voorbeelden van factoren die de steekproefomvang bij detailcontroles beïnvloeden (Zie Par. A11) Hieronder worden factoren opgesomd waarmee de accountant rekening kan houden bij het bepalen van de steekproefomvang voor detailcontroles. Bij deze factoren, die gezamenlijk in aanmerking moeten worden genomen, wordt ervan uitgegaan dat de accountant de aanpak met betrekking tot toetsingen van interne beheersingsmaatregelen niet wijzigt noch anderszins de aard of de timing van de gegevensgerichte controles om in te spelen op de ingeschatte risico’s, wijzigt. @@ -6389,7 +6389,7 @@ Hieronder worden factoren opgesomd waarmee de accountant rekening kan houden bij | 6 Stratificatie van de populatie indien passend | **Afname** | Als er een brede spreiding (variabiliteit) in de geldwaarde van de elementen in een populatie bestaat, kan het nuttig zijn de populatie te stratificeren. Als een populatie op passende wijze kan worden gestratificeerd, is de totale steekproefomvang van de verschillende strata doorgaans kleiner dan de steekproefomvang die nodig zou zijn geweest om een bepaald niveau van steekproefrisico te bereiken, indien slechts één steekproef uit de populatie als geheel was getrokken. | | 7 Het aantal steekproefeenheden in de populatie | **Te verwaarlozen effect** | Bij grote populaties heeft de werkelijke omvang van de populatie nauwelijks of geen invloed op de steekproefomvang. Bij kleine populaties is het gebruik van steekproeven in een controle bijgevolg minder efficiënt dan alternatieve methoden om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. (Wanneer echter wordt geselecteerd op geldeenheden, zal een toename van de geldwaarde van de populatie tevens de steekproefomvang doen toenemen, tenzij dit wordt gecompenseerd door een evenredige toename van het materialiteitsniveau voor de financiële overzichten als geheel (en, indien van toepassing, het (de) materialiteitsniveau(s) voor bepaalde transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen). | -### 4:. Manieren voor het trekken van een steekproef (Zie Par. A13) +### 4:. Manieren voor het trekken van een steekproef (Zie Par. A13) Er bestaan talrijke methoden om steekproeven te trekken. De belangrijkste methoden zijn: @@ -6409,7 +6409,7 @@ e. Blokselectie omvat het selecteren van een of meer blokken van opeenvolgende e #### . De aard van schattingen -2 Sommige elementen in de financiële overzichten kunnen niet precies worden gewaardeerd, maar kunnen slechts worden geschat. Voor de toepassing van deze Standaard worden dergelijke elementen in de financiële overzichten aangeduid als schattingen. De aard en betrouwbaarheid van voor het management beschikbare informatie ter ondersteuning bij het maken van schattingen lopen sterk uiteen, hetgeen daardoor van invloed is op de mate van schattingsonzekerheid die samenhangt met het maken van schattingen. De mate van schattingsonzekerheid beïnvloedt op haar beurt de risico’s op een afwijking van materieel belang bij schattingen, met inbegrip van hun vatbaarheid voor onopzettelijke of opzettelijke tendentie bij het management. (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9, A10 en A11) +2 Sommige elementen in de financiële overzichten kunnen niet precies worden gewaardeerd, maar kunnen slechts worden geschat. Voor de toepassing van deze Standaard worden dergelijke elementen in de financiële overzichten aangeduid als schattingen. De aard en betrouwbaarheid van voor het management beschikbare informatie ter ondersteuning bij het maken van schattingen lopen sterk uiteen, hetgeen daardoor van invloed is op de mate van schattingsonzekerheid die samenhangt met het maken van schattingen. De mate van schattingsonzekerheid beïnvloedt op haar beurt de risico’s op een afwijking van materieel belang bij schattingen, met inbegrip van hun vatbaarheid voor onopzettelijke of opzettelijke tendentie bij het management. (Zie Par. A1, A2, A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9, A10 en A11) 3 De waarderingsdoelstelling van schattingen kan variëren afhankelijk van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en het financiële element waarover wordt gerapporteerd. De waarderingsdoelstelling voor sommige schattingen is het voorspellen van het resultaat van een of meer transacties, gebeurtenissen of omstandigheden die aanleiding geven tot de noodzaak om een schatting te maken. Voor andere schattingen, met inbegrip van veel schattingen van de reële waarde is de waarderingsdoelstelling verschillend en wordt deze uitgedrukt in termen van de waarde van een lopende transactie of een element in de financiële overzichten op basis van omstandigheden die gelden op de waarderingsdatum, zoals de geschatte marktprijs voor een bepaald type actief of verplichting. Het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving kan bijvoorbeeld waardering tegen reële waarde vereisen op basis van een veronderstelde hypothetische huidige transactie tussen goed ingelichte, tot de transactie bereid zijnde partijen (soms aangeduid als ‘marktpartijen’ of daarmee vergelijkbare termen) in een marktconforme transactie, eerder dan de afwikkeling van een transactie op een bepaalde datum in het verleden of in de toekomst.322Het is mogelijk dat verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving andere definities van reële waarde hanteren. 4 Een verschil tussen het schattingsresultaat en het bedrag dat oorspronkelijk in de financiële overzichten is opgenomen of toegelicht houdt niet noodzakelijkerwijs een afwijking in de financiële overzichten in. Dit is in het bijzonder het geval bij schattingen van de reële waarde waarbij ieder waargenomen resultaat steevast wordt beïnvloed door gebeurtenissen of omstandigheden na de datum waarop een schatting van de waarde is gemaakt ten behoeve van de financiële overzichten. @@ -6439,93 +6439,93 @@ f. *schattingsuitkomst* – Het feitelijke bedrag dat voortvloeit uit de afwikke #### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden -8 Bij het uitvoeren van risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden voor het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van de interne beheersing van de entiteit, zoals vereist is op grond van Standaard 315323Standaard 315, paragraaf 5, 6, 11 en 12., dient de accountant inzicht te verkrijgen in de onderstaande punten teneinde een basis te verschaffen voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang bij schattingen: (Zie Par. A12) +8 Bij het uitvoeren van risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden voor het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving, met inbegrip van de interne beheersing van de entiteit, zoals vereist is op grond van Standaard 315323Standaard 315, paragraaf 5, 6, 11 en 12., dient de accountant inzicht te verkrijgen in de onderstaande punten teneinde een basis te verschaffen voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang bij schattingen: (Zie Par. A12) -a. de voor de schattingen relevant zijnde vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, met inbegrip van de daarmee verband houdende toelichtingen; (Zie Par. A13, A14 en A15) -b. de wijze waarop het management die transacties, gebeurtenissen en omstandigheden bepaalt die aanleiding kunnen geven tot de noodzaak om schattingen in de financiële overzichten op te nemen of toe te lichten. Bij het verkrijgen van dit inzicht dient de accountant bij het management om inlichtingen te verzoeken over veranderingen in omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot nieuwe schattingen of tot de noodzaak om bestaande schattingen te herzien. (Zie Par. A16, A17, A18, A19, A20 en A21) -c. de wijze waarop het management de schattingen maakt, alsmede inzicht in de gegevens waarop deze zijn gebaseerd, met inbegrip van: (Zie Par. A22 en A23) +a. de voor de schattingen relevant zijnde vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, met inbegrip van de daarmee verband houdende toelichtingen; (Zie Par. A13, A14 en A15) +b. de wijze waarop het management die transacties, gebeurtenissen en omstandigheden bepaalt die aanleiding kunnen geven tot de noodzaak om schattingen in de financiële overzichten op te nemen of toe te lichten. Bij het verkrijgen van dit inzicht dient de accountant bij het management om inlichtingen te verzoeken over veranderingen in omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot nieuwe schattingen of tot de noodzaak om bestaande schattingen te herzien. (Zie Par. A16, A17, A18, A19, A20 en A21) +c. de wijze waarop het management de schattingen maakt, alsmede inzicht in de gegevens waarop deze zijn gebaseerd, met inbegrip van: (Zie Par. A22 en A23) -1. de methode, met inbegrip van het model, indien van toepassing, die bij het maken van de schatting is gehanteerd; (Zie Par. A24, A25 en A26) -2. de relevante interne beheersingsmaatregelen; (Zie Par. A27 en A28) -3. de vraag of het management gebruik heeft gemaakt van een deskundige; (Zie Par. A29 en A30) -4. de veronderstellingen die aan de schattingen ten grondslag liggen; (Zie Par. A31, A32, A33, A34, A35 en A36) -5. de vraag of er een verandering ten opzichte van de voorgaande verslagperiode is geweest, dan wel had moeten zijn, in de methoden voor het maken van schattingen en zo ja, waarom; en (Zie Par. A37) +1. de methode, met inbegrip van het model, indien van toepassing, die bij het maken van de schatting is gehanteerd; (Zie Par. A24, A25 en A26) +2. de relevante interne beheersingsmaatregelen; (Zie Par. A27 en A28) +3. de vraag of het management gebruik heeft gemaakt van een deskundige; (Zie Par. A29 en A30) +4. de veronderstellingen die aan de schattingen ten grondslag liggen; (Zie Par. A31, A32, A33, A34, A35 en A36) +5. de vraag of er een verandering ten opzichte van de voorgaande verslagperiode is geweest, dan wel had moeten zijn, in de methoden voor het maken van schattingen en zo ja, waarom; en (Zie Par. A37) 6. de vraag of, en zo ja, op welke wijze, het management een inschatting heeft gemaakt -7. van het effect van schattingsonzekerheid. (Zie Par. A38) -9 De accountant dient de schattingsuitkomst die is opgenomen in de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode dan wel, indien van toepassing, de latere herschatting ervan ten behoeve van de huidige verslagperiode te beoordelen. De aard en omvang van deze beoordeling door de accountant houdt rekening met de aard van de schattingen en met de vraag of de uit de beoordeling verkregen informatie relevant zou zijn voor het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang in schattingen die in de financiële overzichten over de huidige verslagperiode zijn gemaakt. Deze beoordeling is echter niet bedoeld om de in voorgaande verslagperioden gemaakte oordeelsvormingen, die waren gebaseerd op informatie die op dat moment beschikbaar was, ter discussie te stellen. (Zie Par. A39, A40, A41, A42, A43 en A44) +7. van het effect van schattingsonzekerheid. (Zie Par. A38) +9 De accountant dient de schattingsuitkomst die is opgenomen in de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode dan wel, indien van toepassing, de latere herschatting ervan ten behoeve van de huidige verslagperiode te beoordelen. De aard en omvang van deze beoordeling door de accountant houdt rekening met de aard van de schattingen en met de vraag of de uit de beoordeling verkregen informatie relevant zou zijn voor het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang in schattingen die in de financiële overzichten over de huidige verslagperiode zijn gemaakt. Deze beoordeling is echter niet bedoeld om de in voorgaande verslagperioden gemaakte oordeelsvormingen, die waren gebaseerd op informatie die op dat moment beschikbaar was, ter discussie te stellen. (Zie Par. A39, A40, A41, A42, A43 en A44) #### . Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten -10 Bij het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang, zoals vereist is op grond van Standaard 315324Standaard 315, paragraaf 25., dient de accountant de mate van schattingsonzekerheid die samenhangt met het maken van een schatting te evalueren. (Zie Par. A45 en A46) -11 De accountant dient te bepalen of, naar het oordeel van de accountant, enige van deze schattingen waarvan is onderkend dat zij een hoge mate van schattingsonzekerheid vertonen, aanleiding geven tot significante risico’s. (Zie Par. , A48, A49, A50 en A51) +10 Bij het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang, zoals vereist is op grond van Standaard 315324Standaard 315, paragraaf 25., dient de accountant de mate van schattingsonzekerheid die samenhangt met het maken van een schatting te evalueren. (Zie Par. A45 en A46) +11 De accountant dient te bepalen of, naar het oordeel van de accountant, enige van deze schattingen waarvan is onderkend dat zij een hoge mate van schattingsonzekerheid vertonen, aanleiding geven tot significante risico’s. (Zie Par. , A48, A49, A50 en A51) #### . Het inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang -12 Op basis van de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant te bepalen: (Zie Par. A52) +12 Op basis van de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant te bepalen: (Zie Par. A52) -a. of het management de door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving gestelde vereisten met betrekking tot schattingen op passende wijze heeft toegepast; en (Zie Par. A53, A54, A55 en A56) -b. of de methoden voor het maken van schattingen passend zijn en op consistente wijze zijn toegepast, alsmede of eventuele wijzigingen in de schattingen of in de methode voor het maken daarvan ten opzichte van de voorgaande verslagperiode in de gegeven omstandigheden passend zijn. (Zie Par. A57 en A58) -13 Bij het inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang, zoals vereist is op grond van Standaard 330325Standaard 330, paragraaf 5. dient de accountant een of meer van de volgende acties te ondernemen, rekening houdend met de aard van de schatting: (Zie Par. A59, A60 en A61) +a. of het management de door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving gestelde vereisten met betrekking tot schattingen op passende wijze heeft toegepast; en (Zie Par. A53, A54, A55 en A56) +b. of de methoden voor het maken van schattingen passend zijn en op consistente wijze zijn toegepast, alsmede of eventuele wijzigingen in de schattingen of in de methode voor het maken daarvan ten opzichte van de voorgaande verslagperiode in de gegeven omstandigheden passend zijn. (Zie Par. A57 en A58) +13 Bij het inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang, zoals vereist is op grond van Standaard 330325Standaard 330, paragraaf 5. dient de accountant een of meer van de volgende acties te ondernemen, rekening houdend met de aard van de schatting: (Zie Par. A59, A60 en A61) -a. bepalen of gebeurtenissen die zich voordoen tot aan de datum van de controleverklaring controle-informatie verschaffen met betrekking tot de schatting; (Zie Par. A62, A63, A64, A65, A66 en A67) -b. toetsen hoe het management de schatting heeft gemaakt, en toetsen van de gegevens waarop de schatting is gebaseerd. Daarbij dient de accountant te evalueren of: (Zie Par. A68, A69 en A70) +a. bepalen of gebeurtenissen die zich voordoen tot aan de datum van de controleverklaring controle-informatie verschaffen met betrekking tot de schatting; (Zie Par. A62, A63, A64, A65, A66 en A67) +b. toetsen hoe het management de schatting heeft gemaakt, en toetsen van de gegevens waarop de schatting is gebaseerd. Daarbij dient de accountant te evalueren of: (Zie Par. A68, A69 en A70) -1. de gebruikte waarderingsmethode in de gegeven omstandigheden passend is; en (Zie Par. A71, A72, A73, A74, A75 en A76) -2. de door het management gehanteerde veronderstellingen redelijk zijn in het licht van de waarderingsdoelstellingen van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A77, A78, A79, A80, A81, A82 en A83) -c. toetsen van de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de wijze waarop het management de schatting heeft gemaakt, samen met het uitvoeren van passende gegevensgerichte controles; (Zie Par. A84, A85 en A86) -d. ontwikkelen van een puntschatting of een schattingsinterval om de puntschatting van het management te evalueren. Hiertoe dient de accountant: (Zie Par. A87, A88, A90 en A91) +1. de gebruikte waarderingsmethode in de gegeven omstandigheden passend is; en (Zie Par. A71, A72, A73, A74, A75 en A76) +2. de door het management gehanteerde veronderstellingen redelijk zijn in het licht van de waarderingsdoelstellingen van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A77, A78, A79, A80, A81, A82 en A83) +c. toetsen van de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de wijze waarop het management de schatting heeft gemaakt, samen met het uitvoeren van passende gegevensgerichte controles; (Zie Par. A84, A85 en A86) +d. ontwikkelen van een puntschatting of een schattingsinterval om de puntschatting van het management te evalueren. Hiertoe dient de accountant: (Zie Par. A87, A88, A90 en A91) -1. als hij gebruik maakt van veronderstellingen of methoden die verschillen van die van het management, voldoende inzicht in de veronderstellingen of methoden van het management te verkrijgen om vast te stellen dat de puntschatting of het schattingsinterval van de accountant rekening houdt met relevante variabelen en om alle significante verschillen ten opzichte van de puntschatting van het management te evalueren; (Zie Par. A92) -2. als hij tot de conclusie komt dat het passend is een schattingsinterval te hanteren, het schattingsinterval op basis van de beschikbare controle-informatie zodanig te verkleinen dat alle resultaten binnen het interval als redelijk worden beschouwd. (Zie Par. A93, A94 en A95) -14 Bij het bepalen van de in paragraaf 12 genoemde aangelegenheden of bij het inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang in overeenstemming met paragraaf 13 dient de accountant te overwegen of specialistische vaardigheden of kennis met betrekking tot een of meer aspecten van de schattingen vereist zijn teneinde voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A96, A97, A98, A99, A100 en A101) +1. als hij gebruik maakt van veronderstellingen of methoden die verschillen van die van het management, voldoende inzicht in de veronderstellingen of methoden van het management te verkrijgen om vast te stellen dat de puntschatting of het schattingsinterval van de accountant rekening houdt met relevante variabelen en om alle significante verschillen ten opzichte van de puntschatting van het management te evalueren; (Zie Par. A92) +2. als hij tot de conclusie komt dat het passend is een schattingsinterval te hanteren, het schattingsinterval op basis van de beschikbare controle-informatie zodanig te verkleinen dat alle resultaten binnen het interval als redelijk worden beschouwd. (Zie Par. A93, A94 en A95) +14 Bij het bepalen van de in paragraaf 12 genoemde aangelegenheden of bij het inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang in overeenstemming met paragraaf 13 dient de accountant te overwegen of specialistische vaardigheden of kennis met betrekking tot een of meer aspecten van de schattingen vereist zijn teneinde voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A96, A97, A98, A99, A100 en A101) #### . Verdere gegevensgerichte controles om op significante risico’s in te spelen ##### . Schattingsonzekerheid -15 Voor schattingen die tot significante risico’s leiden, dient de accountant naast andere gegevensgerichte controles die worden uitgevoerd om aan de vereisten van Standaard 330326Standaard 330, paragraaf 18. te voldoen de volgende zaken te evalueren: (Zie Par. A102) +15 Voor schattingen die tot significante risico’s leiden, dient de accountant naast andere gegevensgerichte controles die worden uitgevoerd om aan de vereisten van Standaard 330326Standaard 330, paragraaf 18. te voldoen de volgende zaken te evalueren: (Zie Par. A102) -a. de wijze waarop het management alternatieve veronderstellingen of resultaten heeft overwogen en de redenen waarom het deze heeft verworpen, dan wel op welke andere wijze het management bij het maken van een schatting is omgegaan met schattingsonzekerheid; (Zie Par. A103, A104, A105 en A106) -b. de vraag of de door het management gehanteerde significante veronderstellingen redelijk zijn; (Zie Par. A107, A108 en A109) -c. waar relevant voor de redelijkheid van de door het management gehanteerde significante veronderstellingen of voor de geschikte toepassing van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, het voornemen van het management om bepaalde handelingen uit te voeren en de mogelijkheid van het management dit ook tot uitvoer te brengen. (Zie Par. A110) -16 Als de accountant op grond van zijn oordeelsvorming van mening is dat het management de effecten van schattingsonzekerheid op schattingen die aanleiding geven tot significante risico’s niet adequaat heeft aangepakt, dient hij, als dat noodzakelijk wordt geacht, een interval te ontwikkelen om daarmee de redelijkheid van de schatting te evalueren. (Zie Par. A111 en A112) +a. de wijze waarop het management alternatieve veronderstellingen of resultaten heeft overwogen en de redenen waarom het deze heeft verworpen, dan wel op welke andere wijze het management bij het maken van een schatting is omgegaan met schattingsonzekerheid; (Zie Par. A103, A104, A105 en A106) +b. de vraag of de door het management gehanteerde significante veronderstellingen redelijk zijn; (Zie Par. A107, A108 en A109) +c. waar relevant voor de redelijkheid van de door het management gehanteerde significante veronderstellingen of voor de geschikte toepassing van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, het voornemen van het management om bepaalde handelingen uit te voeren en de mogelijkheid van het management dit ook tot uitvoer te brengen. (Zie Par. A110) +16 Als de accountant op grond van zijn oordeelsvorming van mening is dat het management de effecten van schattingsonzekerheid op schattingen die aanleiding geven tot significante risico’s niet adequaat heeft aangepakt, dient hij, als dat noodzakelijk wordt geacht, een interval te ontwikkelen om daarmee de redelijkheid van de schatting te evalueren. (Zie Par. A111 en A112) ##### . Criteria voor opname en waardering 17 Voor schattingen die aanleiding geven tot significante risico’s dient de accountant voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de vraag of: -a. de beslissing van het management om de schattingen al dan niet in de financiële overzichten op te nemen; en (Zie Par. A113 en A114) -b. de gekozen waarderingsgrondslag voor de schattingen, (Zie Par. A115) +a. de beslissing van het management om de schattingen al dan niet in de financiële overzichten op te nemen; en (Zie Par. A113 en A114) +b. de gekozen waarderingsgrondslag voor de schattingen, (Zie Par. A115) in overeenstemming zijn met de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. #### . Het evalueren van de redelijkheid van de schattingen en het vaststellen van afwijkingen -18 De accountant dient op basis van de controle-informatie te evalueren of de schattingen in de financiële overzichten redelijk zijn in de context van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dan wel of ze een afwijking bevatten. (Zie Par. A116, A117, A118 en A119) +18 De accountant dient op basis van de controle-informatie te evalueren of de schattingen in de financiële overzichten redelijk zijn in de context van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dan wel of ze een afwijking bevatten. (Zie Par. A116, A117, A118 en A119) #### . Toelichtingen met betrekking tot schattingen -19 De accountant dient voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de vraag of de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen met betrekking tot schattingen in overeenstemming zijn met de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A120 en A121) -20 Voor schattingen die aanleiding geven tot significante risico’s dient de accountant eveneens te evalueren of de schattingsonzekerheid adequaat is toegelicht in de financiële overzichten in de context van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A122 en A123) +19 De accountant dient voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de vraag of de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen met betrekking tot schattingen in overeenstemming zijn met de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A120 en A121) +20 Voor schattingen die aanleiding geven tot significante risico’s dient de accountant eveneens te evalueren of de schattingsonzekerheid adequaat is toegelicht in de financiële overzichten in de context van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A122 en A123) #### . Indicaties voor mogelijke tendentie bij het management -21 De accountant dient de oordeelsvormingen en besluiten van het management bij het maken van schattingen te beoordelen om vast te stellen of er indicaties voor mogelijke tendentie bij het management zijn. Indicaties voor mogelijke tendentie bij het management vormen op zichzelf geen afwijkingen bij het trekken van conclusies over de redelijkheid van individuele schattingen. (Zie Par. A124 en A125) +21 De accountant dient de oordeelsvormingen en besluiten van het management bij het maken van schattingen te beoordelen om vast te stellen of er indicaties voor mogelijke tendentie bij het management zijn. Indicaties voor mogelijke tendentie bij het management vormen op zichzelf geen afwijkingen bij het trekken van conclusies over de redelijkheid van individuele schattingen. (Zie Par. A124 en A125) #### . Schriftelijke bevestigingen -22 De accountant dient van het management en, in voorkomend geval, van de met governance belaste personen, schriftelijke bevestigingen te verkrijgen of het van mening is dat significante veronderstellingen die bij het maken van schattingen zijn gehanteerd, redelijk zijn. (Zie Par. A126 en A127) +22 De accountant dient van het management en, in voorkomend geval, van de met governance belaste personen, schriftelijke bevestigingen te verkrijgen of het van mening is dat significante veronderstellingen die bij het maken van schattingen zijn gehanteerd, redelijk zijn. (Zie Par. A126 en A127) #### . Documentatie 23 De accountant dient in de controledocumentatie op te nemen:327Standaard 230 *Controledocumentatie*, paragraaf 8, 9, 10, 11 en A6. a. de grondslag voor de conclusies van de accountant omtrent de redelijkheid van schattingen en de toelichtingen daarop die aanleiding geven tot significante risico’s; en -b. indicaties voor mogelijke tendentie bij het management. (Zie Par. A128) +b. indicaties voor mogelijke tendentie bij het management. (Zie Par. A128) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . De aard van schattingen (Zie Par. 2) +#### . De aard van schattingen (Zie Par. 2) A1 Vanwege de onzekerheden die inherent zijn aan zakelijke activiteiten kunnen sommige elementen in financiële overzichten slechts worden geschat. Verder kunnen de specifieke kenmerken van een actief, een verplichting of een component van het eigen vermogen, dan wel de door het stelsel inzake financiële verslaggeving voorgeschreven waarderinggrondslag of -methode aanleiding geven tot de noodzaak om een element in de financiële overzichten te schatten. Sommige stelsels inzake financiële verslaggeving schrijven voor welke specifieke waarderingsmethoden en welke toelichtingen in de financiële overzichten nodig zijn, terwijl andere stelsels inzake financiële verslaggeving daarover minder specifiek zijn. De bijlage bij deze Standaard bespreekt waarderingen tegen reële waarde en toelichtingen daarop overeenkomstig verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving. A2 Sommige schattingen houden een betrekkelijk lage schattingsonzekerheid in en kunnen aanleiding geven tot lagere risico’s op afwijkingen van materieel belang, bijvoorbeeld: @@ -6569,11 +6569,11 @@ A10 Tendentie bij het management kan op rekeningniveau moeilijk te detecteren zi A11 Entiteiten in de publieke sector kunnen significante posities in gespecialiseerde activa hebben waarvoor geen direct beschikbare en betrouwbare informatiebronnen bestaan ten behoeve van de waardering tegen reële waarde of andere grondslagen van actuele waarde, dan wel een combinatie van deze twee. Vaak genereren specialistische activa geen kasstromen en bestaat er geen actieve markt voor. Waardering tegen reële waarde vereist daarom gewoonlijk een schatting en kan complex of in bepaalde zeldzame gevallen zelfs totaal onmogelijk zijn. -#### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden (Zie Par. 8) +#### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden (Zie Par. 8) A12 De risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden die op grond van paragraaf 8 van deze Standaard vereist zijn, ondersteunen de accountant bij het ontwikkelen van een verwachting omtrent de aard en het soort van schattingen die binnen een entiteit kunnen bestaan. Het belangrijkste dat de accountant moet overwegen, is of het inzicht dat hij heeft verkregen volstaat om de risico’s op een afwijking van materieel belang in schattingen te identificeren en in te schatten, alsmede om de aard, timing en omvang van verdere controlewerkzaamheden te plannen. -##### . Het verwerven van inzicht in de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 8(a)) +##### . Het verwerven van inzicht in de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 8(a)) A13 Het verwerven van inzicht in de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving ondersteunt de accountant bij het vaststellen of dat stelsel bijvoorbeeld: @@ -6585,7 +6585,7 @@ Het verkrijgen van dit inzicht verschaft de accountant tevens een basis om met h A14 Stelsels inzake financiële verslaggeving kunnen het management leidraden verschaffen voor het maken van puntschattingen als er alternatieven bestaan. Bepaalde stelsels inzake financiële verslaggeving vereisen bijvoorbeeld dat de gekozen puntschatting het alternatief is dat de inschatting door het management van het meest waarschijnlijke resultaat weerspiegelt.329Het is mogelijk dat verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving andere termen gebruiken om de op deze wijze vastgestelde puntschattingen te beschrijven. Andere stelsels vereisen bijvoorbeeld het gebruik van een verdisconteerde, kansgewogen verwachte waarde. In sommige gevallen is het management in staat direct een puntschatting te maken. In andere gevallen kan het management pas een betrouwbare puntschatting maken nadat het alternatieve veronderstellingen of resultaten heeft overwogen op basis waarvan het in staat is een puntschatting te maken. A15 Stelsels inzake financiële verslaggeving kunnen vereisen dat toelichtingen worden opgenomen met betrekking tot de significante veronderstellingen waarvoor de schatting bijzonder gevoelig is. Daarnaast staan bepaalde stelsels inzake financiële verslaggeving, als er een hoge mate van schattingsonzekerheid bestaat, niet toe dat in de financiële overzichten een schatting wordt opgenomen, maar kunnen ze vereisen dat in de toelichtingen op de financiële overzichten bepaalde informatie wordt verstrekt. -##### . Het verwerven van inzicht in de wijze waarop het management bepaalt of al dan niet schattingen moeten worden gemaakt (Zie Par. 8(b)) +##### . Het verwerven van inzicht in de wijze waarop het management bepaalt of al dan niet schattingen moeten worden gemaakt (Zie Par. 8(b)) A16 Het opstellen van de financiële overzichten vereist van het management om na te gaan of een transactie, gebeurtenis of omstandigheid aanleiding geeft tot de noodzaak om een schatting te maken, en of alle noodzakelijke schattingen zijn opgenomen, bepaald en toegelicht in de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. A17 Het bepalen door het management van transacties, gebeurtenissen en omstandigheden die aanleiding geven tot de noodzaak om schattingen te maken, wordt waarschijnlijk gebaseerd op: @@ -6609,7 +6609,7 @@ A20 De accountant kan tijdens de controle transacties, gebeurtenissen of omstand A21 Het verkrijgen van dit inzicht is bij kleinere entiteiten vaak minder complex omdat hun bedrijfsactiviteiten vaak beperkt en hun transacties minder complex zijn. Bovendien bepaalt vaak één persoon, bijvoorbeeld de eigenaar-bestuurder, of het nodig is een schatting te maken, waardoor de accountant gerichter om inlichtingen kan verzoeken. -##### . Het verwerven van inzicht in de wijze waarop het management schattingen maakt (Zie Par. 8(c)) +##### . Het verwerven van inzicht in de wijze waarop het management schattingen maakt (Zie Par. 8(c)) A22 Het opstellen van financiële overzichten vereist ook dat het management financiële verslaggevingsprocessen voor het maken van schattingen vaststelt, met inbegrip van een adequate interne beheersing. Deze processen omvatten het volgende: @@ -6622,7 +6622,7 @@ A23 Aangelegenheden waarmee de accountant rekening kan houden bij het verwerven • de vraag of, en zo ja, op welke wijze het management gebruik heeft gemaakt van erkende waarderingstechnieken voor het maken van bepaalde schattingen; • de vraag of de schattingen werden gemaakt op basis van gegevens die op een tussentijdse datum beschikbaar waren en, zo ja, of en op welke wijze het management rekening heeft gehouden met het effect van gebeurtenissen, transacties en veranderingen in omstandigheden die zich tussen die datum en het einde van de verslagperiode hebben voorgedaan. -##### . Waarderingsmethode, met inbegrip van het gebruik van modellen (Zie Par. 8(c)(i)) +##### . Waarderingsmethode, met inbegrip van het gebruik van modellen (Zie Par. 8(c)(i)) A24 In sommige gevallen kan het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving de waarderingssmethode voor een schatting voorschrijven, bijvoorbeeld een bepaald model dat bij het schatten van de reële waarde moet worden gebruikt. In veel gevallen schrijft het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving de waarderingsmethode echter niet voor of kan het alternatieve waarderingsmethoden specificeren. A25 Als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving niet een bepaalde methode voorschrijft die in de gegeven omstandigheden moet worden gevolgd, kan de accountant bij het verwerven van inzicht in de methode die of, indien van toepassing, het model dat voor het maken van schattingen is gehanteerd, onder meer rekening houden met: @@ -6631,7 +6631,7 @@ A25 Als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving niet • de vraag of de entiteit actief is in een bepaalde bedrijfstak, sector of omgeving waar methoden bestaan die gewoonlijk worden gehanteerd bij het maken van de specifieke soort schatting. A26 Er kunnen grotere risico’s op een afwijking van materieel belang bestaan bijvoorbeeld wanneer het management intern een model heeft ontwikkeld dat bij het maken van de schatting wordt gehanteerd of als het management afwijkt van een methode die in een bepaalde sector of omgeving gewoonlijk wordt gehanteerd. -###### . Relevante interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 8(c)(ii)) +###### . Relevante interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 8(c)(ii)) A27 Bij het verwerven van inzicht in relevante interne beheersingsmaatregelen kan de accountant onder meer de ervaring en competentie van de personen die de schattingen maken overwegen, alsook de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot: @@ -6644,7 +6644,7 @@ A28 Andere interne beheersingsmaatregelen kunnen, afhankelijk van de omstandighe • het gebruikmaken van het model; • het onderhouden en periodiek valideren van de integriteit van het model. -###### . Inschakeling van deskundigen door het management (Zie Par. 8(c)(iii)) +###### . Inschakeling van deskundigen door het management (Zie Par. 8(c)(iii)) A29 Het is mogelijk dat het management beschikt over, of dat de entiteit personen in dienst heeft die beschikken over, de ervaring en competentie die nodig zijn om de vereiste puntschattingen te maken. In sommige gevallen kan het management echter genoodzaakt zijn een deskundige in te schakelen om deze schattingen te maken of om het management daarbij te helpen. Dit kan bijvoorbeeld nodig zijn vanwege: @@ -6656,7 +6656,7 @@ A29 Het is mogelijk dat het management beschikt over, of dat de entiteit persone A30 In kleinere entiteiten zijn de omstandigheden die een schatting noodzakelijk maken vaak van dien aard dat de eigenaar-bestuurder in staat is de vereiste puntschatting te maken. In sommige gevallen zal echter een deskundige nodig zijn. Een bespreking met de eigenaar-bestuurder in een vroeg stadium van de controle over de aard van eventuele schattingen, de volledigheid van de vereiste schattingen alsmede de adequaatheid van het schattingsproces kan de eigenaar-bestuurder helpen bepalen of het nodig is een deskundige in te schakelen. -###### . Veronderstellingen (Zie Par. 8(c)(iv)) +###### . Veronderstellingen (Zie Par. 8(c)(iv)) A31 Veronderstellingen zijn integrerende onderdelen van schattingen. De accountant kan bij het verwerven van inzicht in de aan de schattingen ten grondslag liggende veronderstellingen onder meer rekening houden met: @@ -6678,11 +6678,11 @@ b. zij die de eigen oordeelsvormingen van de entiteit weergeven met betrekking t In de praktijk is het verschil tussen (a) en (b) niet altijd duidelijk. Daarnaast kan het voor het management noodzakelijk zijn een keuze te maken uit verschillende veronderstellingen die door verschillende marktpartijen worden gehanteerd. A36 De mate van subjectiviteit, zoals de vraag of een veronderstelling of een *input* waarneembaar is, is van invloed op de mate van schattingsonzekerheid en daardoor op de inschatting door de accountant van de risico’s op een afwijking van materieel belang voor een bepaalde schatting. -###### . Wijzigingen in methoden voor het maken van schattingen (Zie Par. 8(c)(v)) +###### . Wijzigingen in methoden voor het maken van schattingen (Zie Par. 8(c)(v)) A37 Bij het evalueren van de wijze waarop het management schattingen maakt, wordt van de accountant vereist dat hij weet of er al dan niet een wijziging in de methoden voor het maken van schattingen ten opzichte van de voorgaande verslagperiode is geweest dan wel had moeten zijn. Het kan noodzakelijk zijn dat een bepaalde schattingsmethode gewijzigd moet worden om in te spelen op veranderingen in de omgeving of omstandigheden die van invloed zijn op de entiteit dan wel in de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Als het management de methode voor het maken van een schatting heeft gewijzigd, is het belangrijk dat het management kan aantonen dat de nieuwe methode passender is, dan wel dat deze inspeelt op dergelijke veranderingen. Als het management bijvoorbeeld de grondslag voor het maken van een schatting wijzigt van een *mark-to-market* benadering naar een specifiek schattingsmodel, onderzoekt de accountant op kritische wijze of de veronderstellingen van het management omtrent de markt redelijk zijn in het licht van de economische omstandigheden. -###### . Schattingsonzekerheid (Zie Par. 8(c)(vi)) +###### . Schattingsonzekerheid (Zie Par. 8(c)(vi)) A38 Bij het verwerven van inzicht met betrekking tot de vraag of en, zo ja, op welke wijze het management het effect van een schattingsonzekerheid heeft ingeschat, kan de accountant onder meer rekening houden met: @@ -6690,7 +6690,7 @@ A38 Bij het verwerven van inzicht met betrekking tot de vraag of en, zo ja, op w • de wijze waarop het management de schatting vaststelt als de analyse twee of meer mogelijke resultaten aangeeft; • de vraag of het management de in de voorgaande verslagperiode gemaakte schattingsresultaten monitort, en de vraag of het management op passende wijze heeft ingespeeld op de resultaten van die monitoringprocedure. -##### . Het beoordelen van schattingen uit de voorgaande verslagperiode (Zie Par. 9) +##### . Het beoordelen van schattingen uit de voorgaande verslagperiode (Zie Par. 9) A39 Vaak zal het schattingsresultaat verschillen van de schatting die in de financiële overzichten van de voorgaande verslagperiode is opgenomen. Door het uitvoeren van risico-inschattingswerkzaamheden teneinde de redenen voor die verschillen te bepalen en te begrijpen, kan de accountant: @@ -6705,7 +6705,7 @@ A44 Een verschil tussen het schattingsresultaat en het bedrag dat in de financi #### . Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten -##### . Schattingsonzekerheid (Zie Par. 10) +##### . Schattingsonzekerheid (Zie Par. 10) A45 De mate van schattingsonzekerheid kan onder meer worden beïnvloed door: @@ -6724,7 +6724,7 @@ A46 Bij het inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang k • de vraag of het management bij het maken van de schatting een deskundige heeft ingeschakeld; • het resultaat van de beoordeling van schattingen uit een voorgaande verslagperiode. -##### . Grote schattingsonzekerheid en significante risico’s (Zie Par. 11) +##### . Grote schattingsonzekerheid en significante risico’s (Zie Par. 11) A47 Voorbeelden van schattingen die mogelijk met een grote schattingsonzekerheid gepaard gaan, zijn: @@ -6733,27 +6733,27 @@ A47 Voorbeelden van schattingen die mogelijk met een grote schattingsonzekerheid • schattingen waarbij de resultaten van de beoordeling door de accountant van soortgelijke schattingen die in de financiële overzichten van een voorgaande verslagperiode zijn opgenomen duiden op een substantieel verschil tussen de oorspronkelijke schatting en het feitelijke resultaat; • schattingen van de reële waarde waarvoor een zeer gespecialiseerd, door de entiteit ontwikkeld model wordt gebruikt of waarvoor er geen waarneembare *inputs* zijn. A48 Een schijnbaar niet van materieel belang zijnde schatting kan resulteren in een afwijking van materieel belang als gevolg van de schattingsonzekerheid die ermee samenhangt, met andere woorden de omvang van het bedrag dat als schatting in de financiële overzichten is opgenomen of toegelicht is mogelijk geen indicatie voor de schattingsonzekerheid die ermee samenhangt. -A49 In bepaalde omstandigheden is de schattingsonzekerheid zo groot dat geen redelijke schatting kan worden gemaakt. Daarom kan het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving verbieden dat het element in de financiële overzichten wordt opgenomen of dat het tegen reële waarde wordt gewaardeerd. In dergelijke gevallen hebben de significante risico’s niet alleen betrekking op de vraag of een schatting dient te worden opgenomen of tegen reële waarde moet worden gewaardeerd, maar ook op de adequaatheid van de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen. Wat dergelijke schattingen betreft, kan het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving vereisen dat de schattingen en de grote schattingsonzekerheid die ermee samenhangt worden toegelicht (Zie Par. , A121, A122 en A123). +A49 In bepaalde omstandigheden is de schattingsonzekerheid zo groot dat geen redelijke schatting kan worden gemaakt. Daarom kan het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving verbieden dat het element in de financiële overzichten wordt opgenomen of dat het tegen reële waarde wordt gewaardeerd. In dergelijke gevallen hebben de significante risico’s niet alleen betrekking op de vraag of een schatting dient te worden opgenomen of tegen reële waarde moet worden gewaardeerd, maar ook op de adequaatheid van de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen. Wat dergelijke schattingen betreft, kan het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving vereisen dat de schattingen en de grote schattingsonzekerheid die ermee samenhangt worden toegelicht (Zie Par. , A121, A122 en A123). A50 Als de accountant vaststelt dat een schatting aanleiding geeft tot een significant risico, wordt van de accountant vereist dat hij inzicht verkrijgt in de interne beheersingsmaatregelen van de entiteit, met inbegrip van de interne beheersingsactiviteiten332Standaard 315, paragraaf 29.. A51 In bepaalde gevallen kan de schattingsonzekerheid aanzienlijke twijfel doen rijzen over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te waarborgen. Standaard 570333Standaard 570, *Continuïteit*. stelt vereisten vast en verschaft leidraden in dergelijke situaties. -#### . Het inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 12) +#### . Het inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 12) A52 Standaard 330 vereist dat de accountant controlewerkzaamheden opzet en uitvoert waarvan de aard, timing en omvang inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang met betrekking tot schattingen op het niveau van zowel financiële overzichten als beweringen334Standaard 330, paragraaf5 en 6.. De paragrafen A53 en A115 zijn alleen gericht op specifieke manieren van inspelen op het niveau van beweringen. -##### . Het toepassen van de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 12(a)) +##### . Het toepassen van de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 12(a)) A53 Veel stelsels inzake financiële verslaggeving schrijven bepaalde voorwaarden voor de opname van schattingen voor en specificeren de methoden voor het maken van schattingen en voor vereiste toelichtingen. Deze vereisten kunnen complex zijn en vereisen de toepassing van oordeelsvorming. Op basis van het inzicht dat bij de uitvoering van risico-inschattingswerkzaamheden is verkregen, richt de aandacht van de accountant zich op de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving die vatbaar zijn voor verkeerde toepassing of afwijkende interpretaties. A54 Het bepalen of het management de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving op passende wijze heeft toegepast is deels gebaseerd op het inzicht van de accountant in de entiteit en haar omgeving. Zo kan de waardering van de reële waarde van sommige elementen, zoals immateriële vaste activa die bij een bedrijfscombinatie zijn verworven, bijzondere overwegingen met zich meebrengen die door de aard van de entiteit en haar activiteiten worden beïnvloed. A55 In bepaalde gevallen kunnen aanvullende controlewerkzaamheden, zoals het inspecteren door de accountant van de huidige fysieke toestand van een actief, noodzakelijk zijn om vast te stellen of het management de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving op passende wijze heeft toegepast. A56 Bij het toepassen van de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving moet het management rekening houden met veranderingen in de omgeving of omstandigheden die op de entiteit van invloed zijn. Zo kan de introductie van een actieve markt voor een bepaalde categorie activa of verplichtingen erop wijzen dat het gebruik van verdisconteerde kasstromen voor het schatten van de reële waarde van dergelijke activa of verplichtingen niet langer passend is. -##### . Consistentie in methoden en basis voor wijzigingen (Zie Par. 12(b)) +##### . Consistentie in methoden en basis voor wijzigingen (Zie Par. 12(b)) A57 De beoordeling door de accountant van een wijziging in een schatting of in de methode voor het maken van een schatting ten opzichte van de voorgaande verslagperiode is belangrijk omdat een wijziging die niet gebaseerd is op een verandering in omstandigheden of nieuwe informatie als arbitrair wordt beschouwd. Arbitraire wijzigingen in een schatting resulteren in financiële overzichten die in de tijd gezien niet consistent zijn en kunnen aanleiding geven tot een afwijking in de financiële overzichten dan wel een indicatie vormen voor mogelijke tendentiebij het management. A58 Het management is vaak in staat een goede reden aan te voeren voor een wijziging in een schatting of in de methode voor het maken van een schatting ten opzichte van een andere verslagperiode op basis van een verandering in omstandigheden. Wat een goede reden vormt en hoe adequaat de onderbouwing van de bewering van het management is dat er een verandering in omstandigheden is opgetreden die een wijziging in een schatting of in de methode voor het maken van een schatting rechtvaardigt, is een kwestie van oordeelsvorming. -##### . Het inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 13) +##### . Het inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 13) A59 De beslissing van de accountant over de in paragraaf 13 genoemde acties die, afzonderlijk of in combinatie met elkaar, moeten worden ondernomen om in te spelen op de risico’s op een afwijking van materieel belang, kan onder meer worden beïnvloed door: @@ -6763,7 +6763,7 @@ A59 De beslissing van de accountant over de in paragraaf 13 genoemde acties die, A60 Bijvoorbeeld bij het evalueren van de redelijkheid van de voorziening voor dubieuze vorderingen kunnen effectieve controlewerkzaamheden bestaan uit het beoordelen van latere geldontvangsten in combinatie met andere werkzaamheden. Als de schattingsonzekerheid die met het maken van een bepaalde schatting samenhangt groot is, bijvoorbeeld een schatting op basis van een intern ontwikkeld model waarvoor niet-waarneembare *inputs* bestaan, kan het voorkomen dat een combinatie van de in paragraaf 13 genoemde manieren om in te spelen op de ingeschatte risico’s noodzakelijk is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. A61 Aanvullende leidraden ter toelichting van de omstandigheden waarin elk van de acties passend kan zijn, zijn vermeld in de paragrafen A62–A95. -###### . Gebeurtenissen die zich voordoen tot aan de datum van de controleverklaring (Zie Par. 13(a)) +###### . Gebeurtenissen die zich voordoen tot aan de datum van de controleverklaring (Zie Par. 13(a)) A62 Het vaststellen of gebeurtenissen die zich voordoen tot aan de datum van de controleverklaring controle-informatie met betrekking tot de schatting verschaffen, kan een passende reactie zijn als verwacht wordt dat dergelijke gebeurtenissen: @@ -6778,7 +6778,7 @@ A66 Ook al kan de accountant besluiten om deze benadering met betrekking tot bep A67 Als er een langere periode bestaat tussen de balansdatum en de datum van de controleverklaring kan de beoordeling door de accountant van de gebeurtenissen in deze periode een effectieve manier van inspelen zijn op schattingen die geen schattingen van de reële waarde zijn. Dit kan met name het geval zijn bij bepaalde kleinere entiteiten waarvan de bestuurder tevens eigenaar is, vooral als het management geen interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot schattingen heeft geformaliseerd. -###### . Het toetsen van de wijze waarop het management een schatting heeft gemaakt (Zie Par. 13(b)) +###### . Het toetsen van de wijze waarop het management een schatting heeft gemaakt (Zie Par. 13(b)) A68 Het toetsen van de wijze waarop het management een schatting heeft gemaakt en van de gegevens waarop deze is gebaseerd kan een passende manier van inspelen zijn als de schatting een schatting van de reële waarde is die voortkomt uit een model waarin zowel waarneembare als niet-waarneembare *inputs* worden gebruikt. Het kan ook een passende methode van inspelen zijn als bijvoorbeeld: @@ -6796,7 +6796,7 @@ A69 Het toetsen van de wijze waarop het management de schatting heeft gemaakt, k A70 In kleinere entiteiten is het proces voor het maken van schattingen doorgaans minder gestructureerd dan in grotere entiteiten. Kleinere entiteiten met een actieve betrokkenheid van het management beschikken mogelijk niet over uitgebreide beschrijvingen van administratieve-verwerkingsprocedures, een geavanceerde administratie of schriftelijke beleidslijnen. Zelfs als de entiteit geen formele vastgestelde procedure heeft, betekent dit niet dat het management niet in staat is een basis te verschaffen op grond waarvan de accountant de schatting kan toetsen. -###### . Het evalueren van de waarderingsmethode (Zie Par. 13(b)(i)) +###### . Het evalueren van de waarderingsmethode (Zie Par. 13(b)(i)) A71 Als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving de waarderingsmethode niet voorschrijft, is het evalueren of de gehanteerde methode, met inbegrip van het eventueel gehanteerde model, in de gegeven omstandigheden passend is een kwestie van professionele oordeelsvorming. A72 In dit kader kan de accountant bijvoorbeeld de volgende gelegenheden in aanmerking nemen: @@ -6823,7 +6823,7 @@ A76 Afhankelijk van de omstandigheden kan de accountant bij het toetsen van het • aanpassingen worden aangebracht in de *output* van het model en, in het geval van schattingen van de reële waarde, of die aanpassingen de veronderstellingen weerspiegelen die marktpartijen in soortgelijke omstandigheden zouden hanteren; • het model adequaat is gedocumenteerd, met inbegrip van de beoogde toepassingen en beperkingen van het model alsmede zijn belangrijkste parameters, vereiste *inputs* en resultaten van eventueel uitgevoerde validatieanalyses. -###### . Door het management gehanteerde veronderstellingen (Zie Par. 13(b)(ii)) +###### . Door het management gehanteerde veronderstellingen (Zie Par. 13(b)(ii)) A77 De evaluatie door de accountant van de door het management gehanteerde veronderstellingen is slechts gebaseerd op informatie die voor de accountant beschikbaar is op het moment van de controle. Controlewerkzaamheden met betrekking tot veronderstellingen van het management worden uitgevoerd in het kader van de controle van de financiële overzichten van de entiteit en niet met het doel een oordeel te geven over de veronderstellingen zelf. A78 Bij het evalueren van de redelijkheid van de door het management gehanteerde veronderstellingen kan de accountant bijvoorbeeld overwegen: @@ -6864,7 +6864,7 @@ A82 Verder kunnen schattingen van de reële waarde zowel waarneembare als niet-w Als er niet-waarneembare *inputs* zijn, is het waarschijnlijker dat de evaluatie door de accountant van de veronderstellingen moet worden gecombineerd met andere manieren van inspelen op de conform paragraaf 13 ingeschatte risico’s teneinde voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. In dergelijke gevallen kan het noodzakelijk zijn dat de accountant andere controlewerkzaamheden uitvoert, bijvoorbeeld het onderzoeken van documentatie ter onderbouwing van de beoordeling en goedkeuring van de schatting door de passende managementniveaus en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen. A83 Bij het evalueren van de redelijkheid van de veronderstellingen ter onderbouwing van een schatting kan de accountant een of meer significante veronderstellingen vaststellen. Dit kan erop wijzen dat de schatting een hoge mate van schattingsonzekerheid heeft en derhalve aanleiding kan geven tot een significant risico. Aanvullende manieren om op significante risico’s in te spelen worden in de paragrafen A102 tot A115 beschreven. -###### . Het toetsen van de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 13(c)) +###### . Het toetsen van de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 13(c)) A84 Het toetsen van de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot de wijze waarop het management de schatting heeft gemaakt, kan een passende manier van inspelen zijn als het proces van het management goed is opgezet, geïmplementeerd en onderhouden, bijvoorbeeld: @@ -6879,7 +6879,7 @@ b. gegevensgerichte controles op zich niet voldoende en geschikte controle-infor A86 Het is mogelijk dat in kleinere entiteiten interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot het schattingsproces bestaan, maar de wijze waarop ze werken verschilt. Verder kunnen kleinere entiteiten bepalen dat bepaalde soorten interne beheersingsmaatregelen niet nodig zijn omdat het management actief betrokken is bij het proces van financiële verslaggeving. In het geval van zeer kleine entiteiten is het echter mogelijk dat de accountant niet veel interne beheersingsmaatregelen kan vaststellen. Daarom zal de manier waarmee de accountant op de ingeschatte risico’s inspeelt waarschijnlijk gegevensgericht zijn, waarbij de accountant een of meer van de andere in paragraaf 13 genoemde werkzaamheden uitvoert. -###### . Het ontwikkelen van een puntschatting of interval (Zie Par. 13(d)) +###### . Het ontwikkelen van een puntschatting of interval (Zie Par. 13(d)) A87 Het ontwikkelen van een puntschatting of interval voor het evalueren van een puntschatting door het management kan een passende manier van inspelen zijn als bijvoorbeeld: @@ -6898,11 +6898,11 @@ A91 De accountant kan een puntschatting of interval op verschillende manieren on • een persoon met gespecialiseerde deskundigheid in dienst te nemen of in te schakelen om het model te ontwikkelen of uit te voeren, of om relevante veronderstellingen te verschaffen; • te refereren aan andere vergelijkbare situaties, transacties of gebeurtenissen dan wel, indien relevant, aan markten voor vergelijkbare activa of verplichtingen. -###### . Inzicht verkrijgen in de veronderstellingen of methode van het management (Zie Par. 13(d)(i)) +###### . Inzicht verkrijgen in de veronderstellingen of methode van het management (Zie Par. 13(d)(i)) A92 Als de accountant een puntschatting of interval maakt en gebruikmaakt van veronderstellingen of een methode verschillend van die welke door het management worden (wordt) gebruikt, vereist paragraaf 13(d)(i)) dat de accountant voldoende inzicht verkrijgt in de door het management gehanteerde veronderstellingen of methode bij het maken van de schatting. Dit inzicht verschaft de accountant informatie die relevant kan zijn voor zijn ontwikkeling van een passende puntschatting of een passend interval. Verder helpt dit de accountant om eventuele significante verschillen ten opzichte van de puntschatting van het management te begrijpen en evalueren. Er kan bijvoorbeeld een verschil ontstaan omdat de accountant andere maar even geldige veronderstellingen hanteerde in vergelijking met de door het management gehanteerde veronderstellingen. Dit kan aantonen dat de schatting in hoge mate gevoelig is voor bepaalde veronderstellingen en derhalve onderhevig is aan een hoge schattingsonzekerheid, wat erop wijst dat de schatting een significant risico kan vormen. Aan de andere kant kan er een verschil ontstaan als gevolg van een feitelijke fout die door het management is gemaakt. Afhankelijk van de omstandigheden kan de accountant het bij het trekken van conclusies nuttig achten om met het management van gedachten te wisselen over de basis van de gehanteerde veronderstellingen en de validiteit daarvan, alsmede over het eventuele verschil in de benadering die bij het maken van de schatting is gevolgd. -###### . Verkleinen van een interval (Zie Par. 13(d)(ii)) +###### . Verkleinen van een interval (Zie Par. 13(d)(ii)) A93 Als de accountant concludeert dat het passend is een interval te hanteren om de redelijkheid van de puntschatting van het management te evalueren (het door de accountant gehanteerde interval), vereist paragraaf 13(d)(ii) dat het genoemde interval alle ‘redelijke uitkomsten’ omvat, in plaats van alle mogelijke uitkomsten. Het interval kan niet alle mogelijke uitkomsten omvatten wil het bruikbaar zijn, omdat het anders te groot is om effectief te zijn voor de doeleinden van de controle. Het door de accountant gehanteerde interval is bruikbaar en effectief als het klein genoeg is om hem in staat te stellen te concluderen of de schatting een afwijking bevat. A94 Een interval dat dusdanig is verkleind dat het gelijk is aan of kleiner is dan het niveau van uitvoeringsmaterialiteit, is gewoonlijk adequaat voor het evalueren van de redelijkheid van de puntschatting van het management. Met name in bepaalde sectoren kan een dergelijke verkleining echter onmogelijk zijn. Dit sluit niet noodzakelijkerwijs de opname van de schatting uit. Het kan er echter op wijzen dat de met de schatting verbonden schattingsonzekerheid zodanig is dat deze een significant risico doet ontstaan. Aanvullende manieren om op significante risico’s in te spelen worden in de paragrafen A102 tot A115 beschreven. @@ -6911,7 +6911,7 @@ A95 Het interval kan zodanig worden verkleind dat alle schattingsresultaten binn a. de schattingsresultaten aan de uiteinden van het interval die de accountant onwaarschijnlijk acht uit het interval te verwijderen; en b. het interval op basis van de beschikbare controle-informatie verder te verkleinen tot de accountant tot de conclusie komt dat alle resultaten binnen het interval redelijk lijken. In bepaalde zeldzame gevallen kan de accountant in staat zijn het interval zodanig te verkleinen dat de controle-informatie een puntschatting oplevert. -##### . Overwegen of specialistische vaardigheden en kennis vereist zijn (Zie Par. 14) +##### . Overwegen of specialistische vaardigheden en kennis vereist zijn (Zie Par. 14) A96 Bij het plannen van de controle wordt van de accountant vereist dat hij de aard, timing en omvang vaststelt van de middelen die nodig zijn om de controleopdracht uit te voeren339Standaard 300, *Planning van een controle van financiële overzichten*, paragraaf 8(e).. Dit kan zo nodig de betrokkenheid inhouden van personen met specialistische vaardigheden of kennis. Bovendien vereist Standaard 220 dat de opdrachtpartner ervan overtuigd is dat het opdrachtteam en de eventuele door de accountant aangestelde externe deskundigen die geen deel uitmaken van het opdrachtteam, samen beschikken over de passende competenties en bekwaamheden om de controleopdracht uit te voeren340Standaard 220, *Kwaliteitsbeheersing voor een controle van financiële overzichten*, paragraaf 14.. Tijdens de controle van schattingen kan de accountant in het licht van zijn ervaring en de omstandigheden van de opdracht tot de vaststelling komen dat een of meer aspecten van de schattingen specialistische vaardigheden en kennis vereisen. A97 De overweging door de accountant of specialistische vaardigheden en kennis vereist zijn, kan bijvoorbeeld worden beïnvloed door: @@ -6926,7 +6926,7 @@ A99 De accountant bezit mogelijk niet de vereiste specialistische vaardigheden o A100 Verder kan de accountant in bepaalde gevallen besluiten dat het noodzakelijk is specialistische vaardigheden of kennis te verkrijgen met betrekking tot specifieke gebieden van administratieververwerking of controle. Personen met dergelijke vaardigheden of kennis kunnen door het kantoor van de accountant in dienst worden genomen of kunnen worden ingeschakeld vanuit een externe organisatie die geen deel uitmaakt van het kantoor van de accountant. Als dergelijke personen in het kader van de opdracht controlewerkzaamheden uitvoeren, maken zij deel uit van het opdrachtteam en zijn ze derhalve onderworpen aan de vereisten van Standaard 220. A101 Afhankelijk van het inzicht van de accountant en zijn werkervaring met de door hem ingeschakelde deskundige of de andere personen met specialistische vaardigheden of kennis kan de accountant het passend achten om aangelegenheden zoals de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving met de betrokken personen te bespreken om ervoor te zorgen dat hun werkzaamheden relevant zijn voor de doeleinden van de controle. -#### . Verdere gegevensgerichte controles om op significante risico’s in te spelen (Zie Par. 15) +#### . Verdere gegevensgerichte controles om op significante risico’s in te spelen (Zie Par. 15) A102 Bij het controleren van schattingen die aanleiding geven tot significante risico’s zijn verdere gegevensgerichte controles van de accountant gericht op het evalueren van: @@ -6935,7 +6935,7 @@ b. de adequaatheid van de daarmee verband houdende toelichtingen. ##### . Schattingsonzekerheid -###### . Overwegen door het management van de schattingsonzekerheid (Zie Par. 15(a)) +###### . Overwegen door het management van de schattingsonzekerheid (Zie Par. 15(a)) A103 Het management kan alternatieve veronderstellingen of resultaten van de schattingen evalueren door middel van een aantal methoden, afhankelijk van de omstandigheden. Een van de door het management gehanteerde mogelijke methoden is het uitvoeren van een gevoeligheidsanalyse. Dit zou kunnen inhouden dat wordt nagegaan op welke wijze het bedrag van een schatting varieert met verschillende veronderstellingen. Zelfs bij tegen reële waarde gewaardeerde schattingen kan er een variatie zijn omdat verschillende marktpartijen verschillende veronderstellingen zullen hanteren. Een gevoeligheidsanalyse zou kunnen leiden tot de ontwikkeling van een aantal mogelijke resultaten, die soms door het management worden gekenmerkt als een interval van resultaten, zoals ‘pessimistische’ en ‘optimistische’ scenario’s. A104 Een gevoeligheidsanalyse kan aantonen dat een schatting niet gevoelig is voor veranderingen in bepaalde veronderstellingen. Anderzijds kan een gevoeligheidsanalyse aantonen dat de schatting gevoelig is voor een of meer veronderstellingen, waarop de accountant zich vervolgens concentreert. @@ -6945,17 +6945,17 @@ A105 Dit heeft niet de bedoeling te suggereren dat een bepaalde methode om met s A106 Het is mogelijk dat kleinere entiteiten gebruikmaken van eenvoudige middelen om de schattingsonzekerheid in te schatten. In aanvulling op de beoordeling door de accountant van de beschikbare documentatie kan hij andere controle-informatie verkrijgen omtrent de overweging door het management van alternatieve veronderstellingen of resultaten door bij het management om inlichtingen te verzoeken. Daarnaast bezit het management mogelijk niet de deskundigheid om alternatieve resultaten te overwegen of om anderszins om te gaan met de schattingsonzekerheid die met de schatting samenhangt. In dergelijke gevallen kan de accountant aan het management uitleg geven over het proces, de verschillende daarvoor beschikbare methoden en de documentatie daarvan. Dit zou echter niets veranderen aan de verantwoordelijkheden van het management voor het opstellen van de financiële overzichten. -###### . Significante veronderstellingen (Zie Par. 15(b)) +###### . Significante veronderstellingen (Zie Par. 15(b)) A107 Een bij het maken van een schatting gehanteerde veronderstelling kan significant worden geacht als een redelijke variatie in de veronderstelling een van materieel belang zijnde invloed zou kunnen hebben op de waardering van de schatting. A108 Significante veronderstellingen die gebaseerd zijn op de kennis van het management kunnen worden onderbouwd vanuit de doorlopende processen van het management voor strategische analyse en risicomanagement. Zelfs zonder formeel vastgestelde processen, zoals dat het geval kan zijn bij kleinere entiteiten, kan de accountant in staat zijn de veronderstellingen te evalueren door het verzoeken om inlichtingen bij en het houden van besprekingen met het management, naast andere controlewerkzaamheden, teneinde voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. A109 De overwegingen van de accountant bij het evalueren van door het management gemaakte veronderstellingen zijn beschreven in de paragrafen A77 tot A83. -###### . Het voornemen en de mogelijkheid van het management (Zie Par. 15(c)) +###### . Het voornemen en de mogelijkheid van het management (Zie Par. 15(c)) A110 De overwegingen van de accountant met betrekking tot door het management gemaakte veronderstellingen, alsmede het voornemen en de mogelijkheid van het management zijn beschreven in de paragrafen A13 en A80. -##### . Het ontwikkelen van een interval (Zie Par. 16) +##### . Het ontwikkelen van een interval (Zie Par. 16) A111 Bij het opstellen van de financiële overzichten kan het management zich ervan hebben vergewist dat het op adequate wijze is omgegaan met de effecten van schattingsonzekerheid die samenhangt met de schattingen die aanleiding geven tot significante risico’s. In bepaalde omstandigheden is het echter mogelijk dat de accountant de inspanningen van het management als inadequaat beschouwt. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als op grond van de oordeelsvorming van de accountant: @@ -6967,16 +6967,16 @@ A112 De punten die de accountant bij het in dit kader bepalen van een interval m ##### . Criteria voor opname en waardering -###### . Opname van schattingen in de financiële overzichten (Zie Par. 17(a)) +###### . Opname van schattingen in de financiële overzichten (Zie Par. 17(a)) A113 Als het management in de financiële overzichten een schatting heeft opgenomen, moet de evaluatie door de accountant zich toespitsen op de vraag of de waardering van de schatting voldoende betrouwbaar is om aan de opnamecriteria van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving te voldoen. A114 In het geval van schattingen die niet zijn opgenomen, moet de evaluatie door de accountant zich toespitsen op de vraag of al dan niet aan de opnamecriteria van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving is voldaan. Zelfs als een schatting niet is opgenomen en de accountant tot de conclusie komt dat deze verwerkingswijze passend is, kan het nodig zijn de omstandigheden in de toelichtingen op de financiële overzichten uiteen te zetten. De accountant kan ook bepalen dat het nodig is de aandacht van de lezer te vestigen op een significante onzekerheid door aan de controleverklaring een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden toe te voegen. Standaard 706342Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*. stelt vereisten vast en verschaft leidraden met betrekking tot dergelijke paragrafen. -###### . Waarderingsgrondslag voor de schattingen (Zie Par. 17(b)) +###### . Waarderingsgrondslag voor de schattingen (Zie Par. 17(b)) A115 Wat schattingen van de reële waarde betreft, veronderstellen bepaalde stelsels inzake financiële verslaggeving dat de reële waarde betrouwbaar kan worden bepaald als voorwaarde voor het vereisen of toestaan van waarderingen tegen reële waarde en de toelichtingen daarop. In sommige gevallen kan deze veronderstelling worden verworpen als er bijvoorbeeld geen passende waarderingsmethode of -grondslag bestaat. In dergelijke gevallen moet de evaluatie door de accountant zich toespitsen op de vraag of de basis van het management voor het verwerpen van de in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving uiteengezette veronderstelling met betrekking tot het gebruik van de reële waarde passend is. -#### . Het evalueren van de redelijkheid van schattingen en het vaststellen van afwijkingen (Zie Par. 18) +#### . Het evalueren van de redelijkheid van schattingen en het vaststellen van afwijkingen (Zie Par. 18) A116 Op basis van de verkregen controle-informatie kan de accountant tot de conclusie komen dat de informatie wijst op een schatting die verschilt van de puntschatting van het management. Als de controle-informatie een onderbouwing is voor een puntschatting, vormt het verschil tussen de puntschatting van de accountant en die van het management een afwijking. Als de accountant tot de conclusie is gekomen dat het gebruik van zijn interval voldoende en geschikte controle-informatie verschaft, wordt een puntschatting van het management die buiten dat interval ligt, niet door controle-informatie onderbouwd. In dergelijke gevallen is de afwijking niet kleiner dan het verschil tussen de puntschatting van het management en het dichtstbijzijnde punt van het door de accountant gehanteerde interval. A117 Als het management een schatting, of de methode om die schatting te maken, ten opzichte van de voorgaande verslagperiode heeft gewijzigd op basis van een subjectieve inschatting dat de omstandigheden zijn veranderd, kan de accountant op basis van de controle-informatie tot de conclusie komen dat de schatting een afwijking bevat als gevolg van een arbitraire wijziging door het management, of kan hij dit beschouwen als een indicatie voor mogelijke tendentie bij het management (zie de paragrafen A124 en A125). @@ -6995,7 +6995,7 @@ A119 Het evalueren van de redelijkheid van schattingen en de daarmee verband hou #### . Toelichtingen met betrekking tot schattingen -##### . Toelichtingen in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 19) +##### . Toelichtingen in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 19) A120 De presentatie van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving omvat adequate toelichting van aangelegenheden die van materieel belang zijn. Het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving kan toestaan of voorschrijven dat toelichtingen met betrekking tot schattingen wordt verstrekt, en sommige entiteiten verstrekken vrijwillig aanvullende informatie in de toelichtingen op de financiële overzichten. Deze toelichtingen kunnen bijvoorbeeld omvatten: @@ -7014,12 +7014,12 @@ A121 In bepaalde gevallen kan het van toepassing zijnde stelsel inzake financië • kwalitatieve toelichtingen worden verstrekt, zoals de blootstelling aan risico en de wijze waarop die blootstelling ontstaat, de doelstellingen, beleidslijnen en procedures van de entiteit om dit risico te managen, en de methoden die zijn gebruikt om het risico en eventuele veranderingen van deze kwalitatieve begrippen ten opzichte van de voorgaande verslagperiode te waarderen; • kwantitatieve toelichtingen worden verstrekt, zoals de mate waarin de entiteit is blootgesteld aan risico, op basis van informatie die intern is verstrekt aan managers van de entiteit op sleutelposities, met inbegrip van het kredietrisico, liquiditeitsrisico en marktrisico. -##### . Het verstrekken van toelichtingen over schattingsonzekerheid in verband met schattingen die aanleiding geven tot significante risico’s (Zie Par. 20) +##### . Het verstrekken van toelichtingen over schattingsonzekerheid in verband met schattingen die aanleiding geven tot significante risico’s (Zie Par. 20) A122 Met betrekking tot schattingen waaraan een significant risico is verbonden kan de accountant, zelfs als de verstrekte toelichtingen in overeenstemming zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, tot de conclusie komen dat de toelichting van schattingsonzekerheid inadequaat is in het licht van de omstandigheden en de betrokken feiten. De evaluatie door de accountant van de adequaatheid van de toelichting van schattingsonzekerheid wordt belangrijker naarmate het interval van mogelijke resultaten van de schatting groter wordt in verhouding tot de materialiteit (zie de daarmee verband houdende bespreking in paragraaf A94). A123 In bepaalde gevallen kan de accountant het passend achten het management aan te sporen om in de toelichtingen op de financiële overzichten een beschrijving te geven van de omstandigheden met betrekking tot de schattingsonzekerheid. Standaard 705344Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.* verschaft leidraden inzake de implicaties voor het oordeel van de accountant als de accountant van mening is dat de toelichting van schattingsonzekerheid die het management in de financiële overzichten heeft verstrekt inadequaat of misleidend is. -#### . Indicaties voor mogelijke tendentie bij het management (Zie Par. 21) +#### . Indicaties voor mogelijke tendentie bij het management (Zie Par. 21) A124 Het is mogelijk dat de accountant tijdens de controle zich bewust wordt van oordeelsvormingen en beslissingen door het management die aanleiding geven tot indicaties voor mogelijke tendentie bij het management. Dergelijke indicaties kunnen van invloed zijn op de conclusie van de accountant over de vraag of de risico-inschatting van de accountant en de methode waarmee daarop is ingespeeld nog steeds passend zijn, en mogelijk moet de accountant de implicaties voor de het resterende gedeelte van de controle overwegen. Verder kunnen ze van invloed zijn op de evaluatie door de accountant van de vraag of de financiële overzichten als geheel vrij zijn van een afwijking van materieel belang zoals besproken in Standaard 700345Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten*.. A125 Indicaties voor mogelijke tendentie bij het management met betrekking tot schattingen zijn bijvoorbeeld: @@ -7029,7 +7029,7 @@ A125 Indicaties voor mogelijke tendentie bij het management met betrekking tot s • het kiezen of opzetten van significante veronderstellingen die leiden tot een puntschatting die gunstig is voor de doelstellingen van het management; • het kiezen van een puntschatting die op een patroon van optimisme of pessimisme kan wijzen. -#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 22) +#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 22) A126 Standaard 580 @@ -7043,14 +7043,14 @@ A126 Standaard 580 • dat geen gebeurtenis na de einddatum van de verslagperiode een aanpassing van de in de financiële overzichten opgenomen schattingen en toelichtingen vereist. A127 Voor niet in de financiële overzichten opgenomen of toegelichte schattingen kunnen schriftelijke bevestigingen ook bevestigingen inhouden omtrent: -• de passendheid van de basis die het management heeft gehanteerd bij het bepalen dat niet is voldaan aan de criteria voor opname of toelichting van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. A114). -• de passendheid van de door het management gehanteerde basis om de veronderstelling te verwerpen die betrekking heeft op het gebruik van de reële waarde zoals uiteengezet in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, voor die schattingen die niet tegen reële waarde zijn gewaardeerd of toegelicht. (Zie Par. A115) +• de passendheid van de basis die het management heeft gehanteerd bij het bepalen dat niet is voldaan aan de criteria voor opname of toelichting van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. A114). +• de passendheid van de door het management gehanteerde basis om de veronderstelling te verwerpen die betrekking heeft op het gebruik van de reële waarde zoals uiteengezet in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, voor die schattingen die niet tegen reële waarde zijn gewaardeerd of toegelicht. (Zie Par. A115) -#### . Documentatie (Zie Par. 23) +#### . Documentatie (Zie Par. 23) A128 Het documenteren van tijdens de controle vastgestelde indicaties voor mogelijke tendentie bij het management helpt de accountant bij het trekken van zijn conclusie over de vraag of zijn risico-inschatting en de manier waarmee daarop is ingespeeld nog steeds passend zijn, alsmede bij het evalueren van de vraag of de financiële overzichten als geheel vrij zijn van afwijkingen van materieel belang. Zie paragraaf A125 voor voorbeelden van indicaties voor mogelijke tendentie bij het management. -### . Waarderingen tegen reële waarde en toelichtingen overeenkomstig verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving (Zie Par. A1) +### . Waarderingen tegen reële waarde en toelichtingen overeenkomstig verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving (Zie Par. A1) Deze bijlage is slechts bedoeld als algemene uiteenzetting van waarderingen tegen reële waarde en toelichtingen van reële waarde overeenkomstig verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving teneinde achtergrondinformatie en context te verschaffen. @@ -7098,10 +7098,10 @@ Deze bijlage is slechts bedoeld als algemene uiteenzetting van waarderingen tege #### . Verantwoordelijkheden van de accountant 3 Omdat verbonden partijen niet onafhankelijk zijn van elkaar, stellen veel stelsels inzake financiële verslaggeving specifieke vereisten vast inzake administratieve verwerking en toelichting van relaties tussen, transacties met en saldi van verbonden partijen teneinde de gebruikers van de financiële overzichten in staat te stellen inzicht te verwerven in de aard daarvan alsmede in de feitelijke of potentiële effecten op de financiële overzichten. Als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dergelijke vereisten omvat, is de accountant verantwoordelijk voor de uitvoering van controlewerkzaamheden om de risico’s op een afwijking van materieel belang die voortkomen uit het nalaten door de entiteit om relaties tussen, transacties met en saldi van verbonden partijen op passende wijze administratief te verwerken of toe te lichten in overeenstemming met de door dat stelsel gestelde vereisten te identificeren en in te schatten, alsmede om daarop in te spelen. -4 Zelfs indien het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving minimale of geen vereisten inzake verbonden partijen vaststelt, dient de accountant voldoende inzicht in de relaties en transacties van de entiteit met verbonden partijen te verwerven om daaruit te kunnen opmaken of de financiële overzichten, voor zover deze door deze relaties en transacties beïnvloed zijn, (Zie Par. A1) +4 Zelfs indien het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving minimale of geen vereisten inzake verbonden partijen vaststelt, dient de accountant voldoende inzicht in de relaties en transacties van de entiteit met verbonden partijen te verwerven om daaruit te kunnen opmaken of de financiële overzichten, voor zover deze door deze relaties en transacties beïnvloed zijn, (Zie Par. A1) -a. een getrouwe weergave vormen (voor getrouw-beeld-stelsels); of (Zie Par. A2) -b. niet misleidend zijn (voor compliance-stelsels). (Zie Par. A3) +a. een getrouwe weergave vormen (voor getrouw-beeld-stelsels); of (Zie Par. A2) +b. niet misleidend zijn (voor compliance-stelsels). (Zie Par. A3) 5 Daarnaast is inzicht in relaties en transacties van de entiteit met verbonden partijen van belang voor de evaluatie door de accountant overeenkomstig Standaard 240351Standaard 240, paragraaf 24. of een of meer frauderisicofactoren aanwezig zijn omdat het plegen van fraude via verbonden partijen misschien gemakkelijker is. 6 Door de inherente beperkingen van een controle bestaat er een onvermijdbaar risico dat bepaalde afwijkingen van materieel belang niet worden gedetecteerd, ook al wordt de controle naar behoren gepland en overeenkomstig de Standaarden uitgevoerd352Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden*, paragraaf A52.. In de context van verbonden partijen zijn de potentiële invloeden van inherente beperkingen op de mogelijkheid van de accountant om afwijkingen van materieel belang te detecteren, groter door factoren zoals de volgende: @@ -7131,7 +7131,7 @@ b. bovendien, als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslagge 10 Voor de toepassing van de Standaarden wordt verstaan onder: a. *marktconforme transactie* – Een transactie die wordt afgesloten onder voorwaarden die worden overeengekomen tussen een tot de transactie bereid zijnde koper en verkoper welke niet met elkaar in relatie staan, op een van elkaar onafhankelijke wijze handelen en hun eigenbelang nastreven; -b. *verbonden partij* – Hetzij een partij die: (Zie Par. A4, A5, A6 en A7) +b. *verbonden partij* – Hetzij een partij die: (Zie Par. A4, A5, A6 en A7) 1. een verbonden partij is zoals omschreven in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; of 2. als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving minimale of geen vereisten inzake verbonden partijen vaststelt: @@ -7150,62 +7150,62 @@ Entiteiten die echter onder gemeenschappelijke zeggenschap van een overheidsinst #### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden -11 In het kader van de risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden die de accountant tijdens de controle354Standaard 315, paragraaf 5; en Standaard 240, paragraaf 16. op grond van de Standaarden 315 en 240 moet verrichten, dient de accountant de controlewerkzaamheden en de daarmee verband houdende werkzaamheden uit te voeren zoals uiteengezet in de paragrafen 12 tot 17 teneinde informatie die relevant is voor het identificeren van de risico’s op een afwijking van materieel belang met betrekking tot relaties en transacties met verbonden partijen te verkrijgen. (Zie Par. A8) +11 In het kader van de risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden die de accountant tijdens de controle354Standaard 315, paragraaf 5; en Standaard 240, paragraaf 16. op grond van de Standaarden 315 en 240 moet verrichten, dient de accountant de controlewerkzaamheden en de daarmee verband houdende werkzaamheden uit te voeren zoals uiteengezet in de paragrafen 12 tot 17 teneinde informatie die relevant is voor het identificeren van de risico’s op een afwijking van materieel belang met betrekking tot relaties en transacties met verbonden partijen te verkrijgen. (Zie Par. A8) ##### . Verwerven van inzicht in de relaties en transacties met verbonden partijen van de entiteit -12 Bij de op grond van Standaard 315 en Standaard 240 vereiste bespreking tussen de leden van het opdrachtteam355Standaard 315, paragraaf 10; en Standaard 240, paragraaf 15. dient met name te worden overwogen of de financiële overzichten vatbaar zijn voor een afwijking van materieel belang ten gevolge van fraude of van fouten die uit relaties en transacties met verbonden partijen kunnen resulteren. (Zie Par. A9-A10) +12 Bij de op grond van Standaard 315 en Standaard 240 vereiste bespreking tussen de leden van het opdrachtteam355Standaard 315, paragraaf 10; en Standaard 240, paragraaf 15. dient met name te worden overwogen of de financiële overzichten vatbaar zijn voor een afwijking van materieel belang ten gevolge van fraude of van fouten die uit relaties en transacties met verbonden partijen kunnen resulteren. (Zie Par. A9-A10) 13 De accountant dient het management om inlichtingen te verzoeken: -a. over de identiteit van verbonden partijen van de entiteit, met name of er zich veranderingen ten opzichte van de voorgaande verslagperiode hebben voorgedaan; (Zie Par. A11, A12, A13 en A14) +a. over de identiteit van verbonden partijen van de entiteit, met name of er zich veranderingen ten opzichte van de voorgaande verslagperiode hebben voorgedaan; (Zie Par. A11, A12, A13 en A14) b. over de aard van de relaties tussen de entiteit en deze verbonden partijen; en c. over de vraag of de entiteit tijdens de verslagperiode transacties met deze verbonden partijen is aangegaan en, zo ja, de aard en het doel van de transacties. -14 De accountant dient (bij) het management en (bij) anderen binnen de entiteit om inlichtingen te verzoeken alsmede andere risico-inschattingprocedures uit te voeren die als passend worden beschouwd om inzicht te verwerven in de eventuele interne beheersingsmaatregelen die het management heeft opgesteld om (Zie Par. A15, A16, A17, A18, A19 en A20): +14 De accountant dient (bij) het management en (bij) anderen binnen de entiteit om inlichtingen te verzoeken alsmede andere risico-inschattingprocedures uit te voeren die als passend worden beschouwd om inzicht te verwerven in de eventuele interne beheersingsmaatregelen die het management heeft opgesteld om (Zie Par. A15, A16, A17, A18, A19 en A20): a. relaties en transacties met verbonden partijen aan te wijzen, administratief te verwerken en toe te lichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; -b. significante transacties en afspraken met verbonden partijen te autoriseren en goed te keuren; en (Zie Par. A21) +b. significante transacties en afspraken met verbonden partijen te autoriseren en goed te keuren; en (Zie Par. A21) c. significante transacties en afspraken buiten het normale verloop van bedrijfsactiviteiten te autoriseren en goed te keuren. ##### . Alert blijven op informatie over verbonden partijen bij het beoordelen van vastleggingen en documenten -15 Tijdens de controle dient de accountant bij het inspecteren van vastleggingen of documenten alert te blijven op afspraken of andere informatie die een aanwijzing kunnen vormen voor het bestaan van relaties en transacties met verbonden partijen welke het management niet eerder heeft geïdentificeerd of de accountant ter kennis heeft gebracht. (Zie Par. A22 en A23) +15 Tijdens de controle dient de accountant bij het inspecteren van vastleggingen of documenten alert te blijven op afspraken of andere informatie die een aanwijzing kunnen vormen voor het bestaan van relaties en transacties met verbonden partijen welke het management niet eerder heeft geïdentificeerd of de accountant ter kennis heeft gebracht. (Zie Par. A22 en A23) De accountant dient in het bijzonder de volgende elementen te onderzoeken op indicaties voor het bestaan van relaties en transacties met verbonden partijen die het management niet eerder heeft geïdentificeerd of de accountant ter kennis heeft gebracht: a. in het kader van de controlewerkzaamheden van de accountant verkregen externe bevestigingen van banken en juridisch adviseurs; b. notulen van vergaderingen van de aandeelhouders en van de met governance belaste personen; en c. de overige vastleggingen of documenten die de accountant noodzakelijk acht in de omstandigheden waarin de entiteit verkeert. -16 Indien de accountant bij de uitvoering van op grond van paragraaf 15 vereiste controlewerkzaamheden of andere controlewerkzaamheden significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit vaststelt, dient hij bij het management inlichtingen in te winnen over: (Zie Par. A24 en A25) +16 Indien de accountant bij de uitvoering van op grond van paragraaf 15 vereiste controlewerkzaamheden of andere controlewerkzaamheden significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit vaststelt, dient hij bij het management inlichtingen in te winnen over: (Zie Par. A24 en A25) -a. de aard van deze transacties; en (Zie Par. A26) -b. het feit of verbonden partijen hierbij betrokken kunnen zijn. (Zie Par. A27) +a. de aard van deze transacties; en (Zie Par. A26) +b. het feit of verbonden partijen hierbij betrokken kunnen zijn. (Zie Par. A27) ##### . Delen van informatie inzake verbonden partijen met het opdrachtteam -17 De accountant dient over de verbonden partijen van de entiteit verkregen relevante informatie met de andere leden van het opdrachtteam te delen. (Zie Par. A28) +17 De accountant dient over de verbonden partijen van de entiteit verkregen relevante informatie met de andere leden van het opdrachtteam te delen. (Zie Par. A28) #### . Identificeren en inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen 18 Bij het voldoen aan het vereiste van Standaard 315 om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten,356Standaard 315, paragraaf 25. dient de accountant de risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen te identificeren en in te schatten, alsmede vast te stellen of deze risico’s significante risico’s zijn. Hierbij dient de accountant aangewezen significante transacties met verbonden partijen die buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit plaatshebben, te behandelen als factoren die significante risico’s doen ontstaan. -19 Indien de accountant tijdens het uitvoeren van risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden in verband met verbonden partijen frauderisicofactoren (waaronder omstandigheden betreffende het bestaan van een verbonden partij met dominante invloed) vaststelt, dient hij overeenkomstig Standaard 240 met die informatie rekening te houden bij het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang ten gevolge van fraude. (Zie Par. A6 en A29 en A30) +19 Indien de accountant tijdens het uitvoeren van risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden in verband met verbonden partijen frauderisicofactoren (waaronder omstandigheden betreffende het bestaan van een verbonden partij met dominante invloed) vaststelt, dient hij overeenkomstig Standaard 240 met die informatie rekening te houden bij het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang ten gevolge van fraude. (Zie Par. A6 en A29 en A30) #### . Inspelen op de risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen -20 In het kader van het vereiste uit Standaard 330 dat de accountant op ingeschatte risico’s dient in te spelen,357Standaard 330, de paragrafen 5 en 6. zet de accountant verdere controlewerkzaamheden op en voert deze uit om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen. Deze controlewerkzaamheden dienen de op grond van de paragrafen 21 tot 24 vereiste werkzaamheden te omvatten. (Zie Par. A31, A32, A33 en A34) +20 In het kader van het vereiste uit Standaard 330 dat de accountant op ingeschatte risico’s dient in te spelen,357Standaard 330, de paragrafen 5 en 6. zet de accountant verdere controlewerkzaamheden op en voert deze uit om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen. Deze controlewerkzaamheden dienen de op grond van de paragrafen 21 tot 24 vereiste werkzaamheden te omvatten. (Zie Par. A31, A32, A33 en A34) ##### . Identificeren van niet eerder aangewezen of toegelichte verbonden partijen of significante transacties met verbonden partijen 21 Indien de accountant afspraken of informatie vaststelt die erop wijzen dat er relaties en transacties met verbonden partijen bestaan welke het management niet eerder heeft geïdentificeerd of de accountant ter kennis heeft gebracht, dient hij te bepalen of de onderliggende omstandigheden het bestaan van deze relaties en transacties bevestigen. 22 Indien de accountant verbonden partijen of significante transacties met verbonden partijen vaststelt die het management niet eerder heeft geïdentificeerd of de accountant ter kennis heeft gebracht, dient de accountant: -a. onmiddellijk de relevante informatie aan de andere leden van het opdrachtteam mee te delen; (Zie Par. A35) +a. onmiddellijk de relevante informatie aan de andere leden van het opdrachtteam mee te delen; (Zie Par. A35) b. als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving vereisten inzake verbonden partijen omvat: 1. het management te verzoeken mededeling te doen van alle transacties met de nieuw aangewezen verbonden partijen met het oog op verdere evaluatie door de accountant; en 2. om inlichtingen te verzoeken over de reden waarom ondanks de interne beheersingsmaatregelen inzake relaties en transacties met verbonden partijen van de entiteit de relaties of transacties met de verbonden partij niet zijn aangewezen of toegelicht. -c. passende gegevensgerichte controles in verband met deze nieuw aangewezen verbonden partijen of significante transacties met verbonden partijen uit te voeren; (Zie Par. A36) +c. passende gegevensgerichte controles in verband met deze nieuw aangewezen verbonden partijen of significante transacties met verbonden partijen uit te voeren; (Zie Par. A36) d. opnieuw het risico te overwegen dat andere verbonden partijen of andere significante transacties met partijen bestaan die het management niet eerder heeft geïdentificeerd of de accountant ter kennis heeft gebracht, alsmede, naargelang nodig, aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren; en -e. indien het ernaar uitziet dat het management met opzet informatie niet heeft toegelicht (hetgeen een indicatie vormt voor een risico op een afwijking van materieel belang ten gevolge van fraude) de implicaties voor de controle te evalueren. (Zie Par. A37) +e. indien het ernaar uitziet dat het management met opzet informatie niet heeft toegelicht (hetgeen een indicatie vormt voor een risico op een afwijking van materieel belang ten gevolge van fraude) de implicaties voor de controle te evalueren. (Zie Par. A37) ##### . Geïdentificeerde significante transacties met verbonden partijen buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit @@ -7213,20 +7213,20 @@ e. indien het ernaar uitziet dat het management met opzet informatie niet heeft a. de eventuele onderliggende contracten of overeenkomsten te inspecteren, alsmede te evalueren of: -1. de zakelijke beweegredenen (of het ontbreken daarvan) voor de transacties doen vermoeden dat deze eventueel met het oog op frauduleuze financiële verslaggeving of het verhullen van een oneigenlijke toe-eigening van activa zijn aangegaan;358Standaard 240, paragraaf 32(c) (Zie Par. A38 en A39) +1. de zakelijke beweegredenen (of het ontbreken daarvan) voor de transacties doen vermoeden dat deze eventueel met het oog op frauduleuze financiële verslaggeving of het verhullen van een oneigenlijke toe-eigening van activa zijn aangegaan;358Standaard 240, paragraaf 32(c) (Zie Par. A38 en A39) 2. de voorwaarden van de transacties consistent zijn met de uitleg die het management daarover heeft verstrekt; en 3. de transacties op een passende wijze administratief zijn verwerkt en toegelicht in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; en -b. controle-informatie te verkrijgen dat de transacties op een passende wijze zijn geautoriseerd en goedgekeurd. (Zie Par. A40 en A41) +b. controle-informatie te verkrijgen dat de transacties op een passende wijze zijn geautoriseerd en goedgekeurd. (Zie Par. A40 en A41) ##### . Beweringen dat transacties met verbonden partijen onder dezelfde voorwaarden als een marktconforme transactie zijn uitgevoerd -24 Indien het management in de financiële overzichten een bewering heeft opgenomen die erop neerkomt dat een transactie met een verbonden partij onder dezelfde voorwaarden als een marktconforme transactie is uitgevoerd, dient de accountant voldoende en geschikte controle-informatie over de bewering te verkrijgen. (Zie Par. A42, A43, A44 en A45) +24 Indien het management in de financiële overzichten een bewering heeft opgenomen die erop neerkomt dat een transactie met een verbonden partij onder dezelfde voorwaarden als een marktconforme transactie is uitgevoerd, dient de accountant voldoende en geschikte controle-informatie over de bewering te verkrijgen. (Zie Par. A42, A43, A44 en A45) #### . Evaluatie van de administratieve verwerking en toelichting van geïdentificeerde relaties en transacties met verbonden partijen -25 Bij het vormen van een oordeel over de financiële overzichten overeenkomstig Standaard 700359Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten*, de paragrafen 10 tot 15 dient de accountant te evalueren: (Zie Par. A46) +25 Bij het vormen van een oordeel over de financiële overzichten overeenkomstig Standaard 700359Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten*, de paragrafen 10 tot 15 dient de accountant te evalueren: (Zie Par. A46) -a. of de geïdentificeerde relaties en transacties met verbonden partijen op een passende wijze administratief zijn verwerkt en toegelicht in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; en (Zie Par. A47) +a. of de geïdentificeerde relaties en transacties met verbonden partijen op een passende wijze administratief zijn verwerkt en toegelicht in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; en (Zie Par. A47) b. of de relaties en transacties met verbonden partijen er de oorzaak van zijn dat: 1. de financiële overzichten geen getrouwe weergave vormen (voor getrouw-beeld-stelsels); of @@ -7234,14 +7234,14 @@ b. of de relaties en transacties met verbonden partijen er de oorzaak van zijn d #### . Schriftelijke bevestigingen -26 Als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving vereisten inzake verbonden partijen vaststelt, dient de accountant van het management en, in voorkomend geval, van de met governance belaste personen schriftelijke bevestigingen te verkrijgen dat: (Zie Par. A48 en A49) +26 Als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving vereisten inzake verbonden partijen vaststelt, dient de accountant van het management en, in voorkomend geval, van de met governance belaste personen schriftelijke bevestigingen te verkrijgen dat: (Zie Par. A48 en A49) a. zij de identiteit van de verbonden partijen alsmede alle relaties en transacties met de verbonden partijen van de entiteit waarvan zij kennis hebben, de accountant ter kennis hebben gebracht; en b. zij die relaties en transacties op passende wijze administratief hebben verwerkt en toegelicht in overeenstemming met de uit hoofde van het stelsel gestelde vereisten. #### . Communicatie met de met governance belaste personen -27 Tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit360Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 13. dient de accountant aan de met governance belaste personen significante aangelegenheden mee te delen die tijdens de controle met betrekking tot de verbonden partijen van de entiteit aan de orde komen. (Zie Par. A50) +27 Tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit360Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 13. dient de accountant aan de met governance belaste personen significante aangelegenheden mee te delen die tijdens de controle met betrekking tot de verbonden partijen van de entiteit aan de orde komen. (Zie Par. A50) #### . Documentatie @@ -7251,19 +7251,19 @@ b. zij die relaties en transacties op passende wijze administratief hebben verwe #### . Verantwoordelijkheden van de accountant -##### . Stelsels inzake financiële verslaggeving die minimale vereisten inzake verbonden partijen stellen (Zie Par. 4) +##### . Stelsels inzake financiële verslaggeving die minimale vereisten inzake verbonden partijen stellen (Zie Par. 4) A1 Een van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving waarin minimale vereisten inzake verbonden partijen worden gesteld, is een stelsel dat een definitie van verbonden partij omvat die echter een substantieel beperktere strekking heeft dan de definitie in paragraaf 10(b)(ii) van deze Standaard, zodat een in dat stelsel gesteld vereiste om relaties en transacties met verbonden partijen toe te lichten op een substantieel kleiner aantal relaties en transacties met verbonden partijen van toepassing is. -##### . Getrouw-beeld-stelsels (Zie Par. 4(a)) +##### . Getrouw-beeld-stelsels (Zie Par. 4(a)) A2 In de context van een getrouw-beeld-stelsel362Standaard 200, paragraaf 13(a), definieert de betekenis van getrouw-beeld-stelsels en van compliance-stelsels. kunnen relaties en transacties met verbonden partijen, met name indien de economische realiteit van die relaties en transacties niet op passende wijze in de financiële overzichten is weerspiegeld, er de oorzaak van zijn dat de financiële overzichten geen getrouwe weergave vormen. Dit is mogelijk het geval indien de verkoop van een onroerend goed door de entiteit aan een zeggenschap uitoefenende aandeelhouder voor een prijs boven of onder de reële marktwaarde administratief als een winst- of verliestransactie voor de entiteit is verwerkt, terwijl deze een kapitaalstorting of kapitaaluitkering of de betaling van een dividend kan uitmaken. -##### . Compliance-stelsels (Zie Par. 4(b)) +##### . Compliance-stelsels (Zie Par. 4(b)) A3 In de context van een compliance-stelsel hangt het feit of de relaties en transacties met verbonden partijen er de oorzaak van kunnen zijn dat de financiële overzichten misleidend zijn zoals behandeld in Standaard 700 af van de bijzondere omstandigheden van de opdracht. Zo is het mogelijk, ook al is het niet toelichten van transacties met verbonden partijen in de financiële overzichten in overeenstemming met het stelsel en met de van toepassing zijnde wet- of regelgeving, dat financiële overzichten misleidend zijn indien de entiteit een zeer substantieel deel van haar inkomsten aan transacties met verbonden partijen ontleent en dit niet toelicht. Een accountant zal in overeenstemming met een compliance-stelsel opgestelde en gepresenteerde financiële overzichten zelden als misleidend beschouwen indien hij overeenkomstig Standaard 210363Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten*, paragraaf 6. heeft vastgesteld dat het stelsel aanvaardbaar is.364Standaard 700, paragraaf A12. -#### . Definitie van een verbonden partij (Zie Par. 10(b) +#### . Definitie van een verbonden partij (Zie Par. 10(b) A4 In veel stelsels inzake financiële verslaggeving worden de begrippen zeggenschap en significante invloed behandeld. Hoewel daarbij de formuleringen kunnen verschillen, is de strekking meestal dat: @@ -7287,7 +7287,7 @@ A7 In bepaalde omstandigheden kan een voor een bijzonder doel opgerichte entitei #### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden -##### . Risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen (Zie Par. 11) +##### . Risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen (Zie Par. 11) ###### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden @@ -7295,7 +7295,7 @@ A8 De verantwoordelijkheden van de accountant in de publieke sector betreffende ##### . Verwerven van inzicht in de relaties en transacties met verbonden partijen van de entiteit -###### . Bespreking tussen de leden van het opdrachtteam (Zie Par. 12) +###### . Bespreking tussen de leden van het opdrachtteam (Zie Par. 12) A9 Onder meer de volgende aangelegenheden kunnen bij de bespreking tussen de leden van het opdrachtteam worden behandeld: @@ -7309,7 +7309,7 @@ A10 Daarnaast kan bij de bespreking in de context van fraude met name worden ove • hoe voor een bijzonder doel opgerichte entiteiten waarover het management zeggenschap heeft, gebruikt zouden kunnen worden om winstmanipulatie te faciliteren; • hoe transacties tussen de entiteit en een bekende zakenpartner van een kernlid van het management geregeld zouden kunnen worden om oneigenlijke toe-eigening van de activa van de entiteit te faciliteren. -###### . De identiteit van de verbonden partijen van de entiteit (Zie Par. 13(a)) +###### . De identiteit van de verbonden partijen van de entiteit (Zie Par. 13(a)) A11 Als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving vereisten inzake verbonden partijen omvat, is informatie in verband met de identiteit van de verbonden partijen van de entiteit waarschijnlijk gemakkelijk beschikbaar voor het management, omdat de relaties en transacties met verbonden partijen door de informatiesystemen van de entiteit moeten worden vastgelegd, administratief verwerkt en samengevat wil de entiteit aan de door het stelsel gestelde vereisten inzake administratieve verwerking en toelichting kunnen voldoen. Het management is daardoor waarschijnlijk in het bezit van een volledige lijst van verbonden partijen en wijzigingen daarvan ten opzichte van de voorgaande verslagperiode. Bij doorlopende opdrachten kan door het verzoeken om inlichtingen de door het management verstrekte informatie met de vastlegging door de accountant van tijdens eerdere controles aangewezen verbonden partijen worden vergeleken. A12 Als het stelsel echter geen vereisten inzake verbonden partijen omvat, is het mogelijk dat de entiteit niet over dergelijke informatiesystemen beschikt. In die omstandigheden is het mogelijk dat het management geen kennis heeft van alle bestaande verbonden partijen. Het vereiste om inlichtingen in te winnen als bedoeld in paragraaf 13 blijft echter van kracht omdat het management kennis kan hebben van partijen die voldoen aan de definitie van verbonden partijen in deze Standaard. In dat geval maakt het door de accountant verzoeken om inlichtingen betreffende de identiteit van de verbonden partijen van de entiteit waarschijnlijk deel uit van de overeenkomstig Standaard 315 uit te voeren risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden van de accountant om informatie te verkrijgen betreffende: @@ -7322,7 +7322,7 @@ In het specifieke geval van gemeenschappelijke zeggenschapsverhoudingen zal het A13 In de context van een groepscontrole is op grond van Standaard 600 vereist dat het opdrachtteam op groepsniveau aan iedere accountant van een groepsonderdeel een lijst verstrekt van verbonden partijen die door het management op groepsniveau is opgesteld en alle andere verbonden partijen waarvan het opdrachtteam op groepsniveau kennis heeft366Standaard 600, *Bijzondere overwegingen – Controles van financiële overzichten van een groep (inclusief de werkzaamheden van accountants van groepsonderdelen)*, paragraaf 40(e).. Als de entiteit een onderdeel is binnen een groep, vormt deze informatie een nuttige basis voor het verzoeken om inlichtingen door de accountant bij het management betreffende de identiteit van verbonden partijen van de entiteit. A14 De accountant kan ook bepaalde informatie verkrijgen betreffende de identiteit van verbonden partijen van de entiteit door middel van het verzoeken om inlichtingen bij het management tijdens het proces van aanvaarding of continuering van de opdracht. -###### . De interne beheersingsmaatregelen van de entiteit inzake relaties en transacties met verbonden partijen (Zie Par. 14) +###### . De interne beheersingsmaatregelen van de entiteit inzake relaties en transacties met verbonden partijen (Zie Par. 14) A15 Anderen binnen de entiteit worden geacht waarschijnlijk kennis te hebben van de relaties en transacties met verbonden partijen en van de interne beheersingsmaatregelen van de entiteit inzake die relaties en transacties. Dit kunnen, voor zover zij geen deel uitmaken van het management, onder meer zijn: @@ -7361,7 +7361,7 @@ A19 Frauduleuze financiële verslaggeving houdt vaak in dat het management inter A20 Interne beheersingsactiviteiten binnen kleinere entiteiten zullen waarschijnlijk minder formeel zijn, en kleinere entiteiten kennen mogelijk geen gedocumenteerd proces voor het omgaan met relaties en transacties met verbonden partijen. Een eigenaar-bestuurder kan sommige risico’s die het gevolg zijn van transacties met verbonden partijen beperken of deze risico’s vergroten door actieve deelname aan alle belangrijke aspecten van de transacties. Ten aanzien van die entiteiten kan de accountant in de relaties en transacties met verbonden partijen en de eventuele interne beheersingsmaatregelen in dat verband inzicht verwerven door het verzoeken om inlichtingen bij het management in combinatie met andere werkzaamheden zoals het waarnemen van de toezichthoudende en beoordelingsactiviteiten van het management en het inspecteren van de beschikbare relevante documentatie. -###### . Autorisatie en goedkeuring van significante transacties en afspraken (Zie Par. 14(b)) +###### . Autorisatie en goedkeuring van significante transacties en afspraken (Zie Par. 14(b)) A21 Autorisatie houdt in dat een partij of partijen met de passende bevoegdheid (het management, de met governance belaste personen of de aandeelhouders van de entiteit) de entiteit toestemming verlenen om bepaalde transacties aan te gaan in overeenstemming met vooraf vastgestelde criteria, ongeacht of hierbij beoordelingen worden gemaakt. Goedkeuring houdt in dat deze partijen de transacties aanvaarden die de entiteit is aangegaan waarbij aan de criteria is voldaan op basis waarvan autorisatie was verleend. Voorbeelden van interne beheersingsmaatregelen die de entiteit kan hebben vastgesteld om significante transacties en afspraken met verbonden partijen of significante transacties en afspraken buiten het kader van de normale bedrijfsvoering te autoriseren en goed te keuren, zijn: @@ -7370,7 +7370,7 @@ A21 Autorisatie houdt in dat een partij of partijen met de passende bevoegdheid ##### . Handhaven van alertheid op informatie over verbonden partijen tijdens het beoordelen van vastleggingen of documenten -###### . Vastleggingen of documenten die de accountant kan onderzoeken (Zie Par. 15) +###### . Vastleggingen of documenten die de accountant kan onderzoeken (Zie Par. 15) A22 Tijdens de controle kan de accountant vastleggingen of documenten onderzoeken die informatie kunnen bevatten over relaties en transacties met verbonden partijen, bijvoorbeeld: @@ -7399,7 +7399,7 @@ A23 Een regeling houdt een formele of informele overeenkomst tussen de entiteit • overeenkomsten voor het verlenen van diensten aan bepaalde partijen onder voorwaarden die buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit vallen; • relaties uit hoofde van verstrekte of ontvangen borgstellingen. -###### . Aanwijzen van significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering (Zie Par. 16) +###### . Aanwijzen van significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering (Zie Par. 16) A24 Door het verkrijgen van verdere informatie over significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit kan de accountant evalueren of eventuele frauderisicofactoren aanwezig zijn en, als het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving vereisten inzake verbonden partijen omvat, de risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren. A25 Voorbeelden van transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit zijn: @@ -7411,15 +7411,15 @@ A25 Voorbeelden van transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering • transacties met circulaire afspraken, bijvoorbeeld verkopen met terugkoopverplichting; • transacties op grond van contracten waarvan de voorwaarden voor afloop worden gewijzigd. -###### . Inzicht verwerven in de aard van significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering (Zie Par. 16(a)) +###### . Inzicht verwerven in de aard van significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering (Zie Par. 16(a)) A26 Het verzoeken om inlichtingen over de aard van de significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit houdt in dat inzicht wordt verworven in de zakelijke beweegredenen voor de transacties en de voorwaarden waaronder deze zijn aangegaan. -###### . Verzoeken om inlichtingen of verbonden partijen bij een transactie betrokken kunnen zijn (Zie Par. 16(b)) +###### . Verzoeken om inlichtingen of verbonden partijen bij een transactie betrokken kunnen zijn (Zie Par. 16(b)) A27 Een verbonden partij zou bij een significante transactie buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit niet alleen door directe beïnvloeding van de transactie als partij bij de transactie, maar ook door indirecte beïnvloeding van de transactie via een tussenpersoon betrokken kunnen zijn. Die beïnvloeding kan een indicatie zijn voor de aanwezigheid van een frauderisicofactor. -##### . Delen van informatie over verbonden partijen met het opdrachtteam (Zie Par. 17) +##### . Delen van informatie over verbonden partijen met het opdrachtteam (Zie Par. 17) A28 Relevante informatie inzake verbonden partijen die gedeeld kan worden onder de bij de controleopdracht betrokken teamleden is bijvoorbeeld: @@ -7429,7 +7429,7 @@ A28 Relevante informatie inzake verbonden partijen die gedeeld kan worden onder #### . Identificeren en inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen -##### . Frauderisicofactoren die verband houden met een verbonden partij met dominante invloed (Zie Par. 19) +##### . Frauderisicofactoren die verband houden met een verbonden partij met dominante invloed (Zie Par. 19) A29 Het domineren van het management zonder compenserende interne beheersingsmaatregelen door één persoon of een kleine groep personen is een frauderisicofactor371Standaard 240, Bijlage 1.. Indicatoren dat door een verbonden partij dominante invloed wordt uitgeoefend, zijn onder meer dat: @@ -7445,7 +7445,7 @@ A30 Bij de aanwezigheid van andere risicofactoren kan het bestaan van een verbon • de inschakeling van zakelijke tussenpersonen voor significante transacties waarvoor geen duidelijke zakelijke beweegreden lijkt te bestaan, kan erop wijzen dat de verbonden partij voor frauduleuze doeleinden een belang in die transacties kan hebben door middel van zeggenschap over die tussenpersonen; • controle-informatie over bovenmatige betrokkenheid of preoccupatie van verbonden partijen met betrekking tot de keuze van grondslagen voor financiële verslaggeving of de bepaling van significante schattingen kan op mogelijke frauduleuze financiële verslaggeving wijzen. -#### . Inspelen op de risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen (Zie Par. 20) +#### . Inspelen op de risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen (Zie Par. 20) A31 De aard, timing en omvang van de verdere controlewerkzaamheden die de accountant kan selecteren om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang die verband houden met relaties en transacties met verbonden partijen, hangen af van de aard van die risico’s en de omstandigheden waarin de entiteit verkeert372Standaard 330 verschaft nadere leidraden betreffende het overwegen van de aard, timing en omvang van verdere controlewerkzaamheden. Standaard 240 omvat vereisten en leidraden betreffende het passend inspelen op ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang ten gevolge van fraude.. A32 De accountant kan onder meer de volgende gegevensgerichte controles uitvoeren wanneer de accountant een risico als significant heeft ingeschat dat het management bepaalde transacties met verbonden partijen (die het gevolg is van fraude of van fouten) niet op passende wijze in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving administratief heeft verwerkt of toegelicht: @@ -7464,11 +7464,11 @@ A34 Afhankelijk van de resultaten van de risico-inschattingswerkzaamheden van de ##### . Aanwijzen van niet eerder aangewezen of toegelichte verbonden partijen of significante transacties met verbonden partijen -###### . Mededeling van informatie over nieuw aangewezen verbonden partijen aan het opdrachtteam (Zie Par. 22(a)) +###### . Mededeling van informatie over nieuw aangewezen verbonden partijen aan het opdrachtteam (Zie Par. 22(a)) A35 Het spoedig meedelen van het bestaan van nieuw aangewezen verbonden partijen aan de andere leden van het opdrachtteam helpt hen na te gaan of deze informatie de resultaten van en conclusies uit reeds uitgevoerde risico-inschattingswerkzaamheden beïnvloedt en of de risico’s op een afwijking van materieel belang opnieuw moeten worden ingeschat. -##### . Gegevensgerichte controles betreffende nieuw aangewezen verbonden partijen of significante transacties met verbonden partijen (Zie Par. 22(c)) +##### . Gegevensgerichte controles betreffende nieuw aangewezen verbonden partijen of significante transacties met verbonden partijen (Zie Par. 22(c)) A36 De accountant kan onder meer de volgende gegevensgerichte controles betreffende nieuw aangewezen verbonden partijen of significante transacties met verbonden partijen uitvoeren: @@ -7476,13 +7476,13 @@ A36 De accountant kan onder meer de volgende gegevensgerichte controles betreffe • analyseren van de administratieve vastleggingen op transacties met de nieuw aangewezen verbonden partijen. Die analyse kan vergemakkelijkt worden door gebruik te maken van auditsoftwaretoepassingen; • verifiëren van de voorwaarden van de nieuw aangewezen transacties met verbonden partijen en het evalueren of de transacties op passende wijze administratief zijn verwerkt en toegelicht in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. -###### . Opzettelijke niet-toelichting door het management (Zie Par. 22(e)) +###### . Opzettelijke niet-toelichting door het management (Zie Par. 22(e)) A37 De vereisten en leidraden in Standaard 240 betreffende de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten zijn relevant als het management opzettelijk lijkt te hebben nagelaten aan de accountant verbonden partijen of significante transacties met verbonden partijen toe te lichten. De accountant kan ook overwegen of het nodig is of de betrouwbaarheid van de antwoorden van het management op het verzoeken om inlichtingen door de accountant en de bevestigingen van het management aan de accountant opnieuw te evalueren. ##### . Geïdentificeerde significante transacties met verbonden partijen buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit -###### . Evalueren van de zakelijke beweegredenen voor significante transacties met verbonden partijen (Zie Par. 23) +###### . Evalueren van de zakelijke beweegredenen voor significante transacties met verbonden partijen (Zie Par. 23) A38 Bij het evalueren van de zakelijke beweegredenen voor een significante transactie met een verbonden partij buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de entiteit kan de accountant overwegen: @@ -7499,7 +7499,7 @@ A38 Bij het evalueren van de zakelijke beweegredenen voor een significante trans Indien de toelichting van het management materieel inconsistent is met de voorwaarden van de transactie met de verbonden partij, wordt van de accountant vereist dat hij, overeenkomstig Standaard 500374Standaard 500, *Controle-informatie*, paragraaf 11., overweegt of de toelichting en bevestigingen van het management over andere significante aangelegenheden betrouwbaar zijn. A39 De accountant kan ook trachten de zakelijke beweegredenen achter een dergelijke transactie te begrijpen vanuit het perspectief van de verbonden partij, aangezien dit de accountant kan helpen meer inzicht te verwerven in de economische realiteit achter de transactie en de reden waarom deze is uitgevoerd. Een zakelijke beweegreden die vanuit het perspectief van de verbonden partij inconsistent met de aard van haar activiteiten lijkt, kan een frauderisicofactor vormen. -###### . Autorisatie en goedkeuring van significante transacties met verbonden partijen (Zie Par. 23(b)) +###### . Autorisatie en goedkeuring van significante transacties met verbonden partijen (Zie Par. 23(b)) A40 Autorisatie en goedkeuring door het management, de met governance belaste personen of, indien van toepassing, de aandeelhouders van significante transacties met verbonden partijen die buiten het normale verloop van de bedrijfsvoering van de entiteit vallen, kunnen controle-informatie opleveren over het feit dat de transacties op de passende niveaus binnen de entiteit naar behoren zijn overwogen en dat de desbetreffende voorwaarden op passende wijze in de financiële overzichten zijn weerspiegeld. Wanneer dergelijke transacties niet zijn geautoriseerd en goedgekeurd en het management of de met governance belaste personen daar geen redelijke argumenten voor blijken te kunnen aanvoeren, kan dit een indicatie zijn voor risico’s op een afwijking van materieel belang ten gevolge van fouten of fraude. In dat geval kan de accountant het nodig achten alert te zijn op andere dergelijke transacties. Wel is het feit dat transacties zijn geautoriseerd en goedgekeurd mogelijk niet voldoende om er een conclusie aan te verbinden met betrekking tot het bestaan van risico’s op een afwijking van materieel belang ten gevolge van fraude, omdat autorisatie en goedkeuring ineffectief kunnen zijn indien verbonden partijen hebben samengespannen of indien de entiteit aan de dominante invloed van een verbonden partij blootstaat. @@ -7507,7 +7507,7 @@ A40 Autorisatie en goedkeuring door het management, de met governance belaste pe A41 Een kleinere entiteit beschikt mogelijk niet over dezelfde, met de verschillende bevoegdheids- en goedkeuringniveaus samenhangende, interne beheersingsmaatregelen als een grotere entiteit. De accountant kan bij de controle van een kleinere entiteit voor het verkrijgen van controle-informatie betreffende de geldigheid van significante transacties met verbonden partijen die buiten het normale verloop van de bedrijfsvoering van de entiteit vallen, dan ook in mindere mate op autorisatie en goedkeuring terugvallen. In plaats daarvan kan de accountant het uitvoeren van andere controlewerkzaamheden in overweging nemen zoals onderzoek van relevante documenten, bevestiging van specifieke aspecten van de transacties met relevante partijen of waarneming van betrokkenheid van de eigenaar-bestuurder bij de transacties. -##### . Beweringen dat transacties met een verbonden partij onder dezelfde voorwaarden als een marktconforme transactie zijn uitgevoerd (Zie Par. 24) +##### . Beweringen dat transacties met een verbonden partij onder dezelfde voorwaarden als een marktconforme transactie zijn uitgevoerd (Zie Par. 24) A42 Hoewel controle-informatie om de prijs van een transactie met een verbonden partij en die van een vergelijkbare marktconforme transactie te vergelijken wellicht gemakkelijk beschikbaar is, is het voor de accountant in de praktijk vaak moeilijk om voldoende controle-informatie te verkrijgen waaruit blijkt dat de transactie met de verbonden partij en de marktconforme transactie in alle opzichten equivalent zijn. Hoewel de accountant mogelijk in staat is te laten bevestigen dat een transactie met een verbonden partij tegen een marktprijs is uitgevoerd, kan het bijvoorbeeld praktisch onuitvoerbaar zijn te laten bevestigen of andere voorwaarden van de transactie (zoals kredietvoorwaarden, voorwaardelijke gebeurtenissen en specifieke lasten) normale marktvoorwaarden tussen onafhankelijke partijen zijn. Het risico bestaat derhalve dat de bewering van het management dat een transactie met een verbonden partijen onder dezelfde voorwaarden als een marktconforme transactie is uitgevoerd, een afwijking van materieel belang inhoudt. A43 Bij het opstellen van de financiële overzichten dient het management een bewering dat een transactie met een verbonden partij onder dezelfde voorwaarden als een marktconforme transactie is uitgevoerd, te staven. Daartoe kan het management onder meer: @@ -7524,18 +7524,18 @@ A45 Op grond van bepaalde stelsels inzake financiële verslaggeving moeten trans #### . Evaluatie van de administratieve verwerking en toelichting van geïdentificeerde relaties en transacties met verbonden partijen -##### . Overwegingen van materialiteit bij het evalueren van afwijkingen (Zie Par. 25) +##### . Overwegingen van materialiteit bij het evalueren van afwijkingen (Zie Par. 25) A46 Volgens Standaard 450 wordt van de accountant vereist dat hij bij de evaluatie of een afwijking al dan niet van materieel belang is zowel de omvang en de aard van een afwijking als de bijzondere omstandigheden waarin deze optreedt, overweegt375Standaard 450, *Evaluatie van tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen*, paragraaf 11(a). Paragraaf A16 van Standaard 450 verschaft leidraden betreffende de omstandigheden die de evaluatie van een afwijking kunnen beïnvloeden.. De significantie van de transactie voor gebruikers van het financiële overzicht kan niet alleen van het vastgelegde bedrag van de transactie, maar ook van bepaalde andere relevante factoren, zoals de aard van de relatie met de verbonden partij, afhankelijk zijn. -##### . Evaluatie van toelichtingen van verbonden partijen (Zie Par. 25(a)) +##### . Evaluatie van toelichtingen van verbonden partijen (Zie Par. 25(a)) A47 Bij het evalueren van toelichtingen van verbonden partijen in de context van de krachtens het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving geldende toelichtingsvereisten dient te worden overwogen of de feiten en omstandigheden van de relaties en transacties met de verbonden partijen van de entiteit op een passende wijze zijn samengevat en gepresenteerd zodat de toelichtingen begrijpelijk zijn. Toelichtingen van transacties met verbonden partijen kunnen onbegrijpelijk zijn indien: a. de zakelijke beweegredenen en de effecten van de transacties op de financiële overzichten onduidelijk zijn of verkeerd zijn voorgesteld; of b. kernvoorwaarden, condities of andere belangrijke elementen van de transacties die noodzakelijk zijn om deze te begrijpen niet op een passende wijze zijn toegelicht. -#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 26) +#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 26) A48 In onder meer de volgende omstandigheden kan het passend zijn schriftelijke bevestigingen van de met governance belaste personen te verkrijgen: @@ -7544,7 +7544,7 @@ A48 In onder meer de volgende omstandigheden kan het passend zijn schriftelijke • wanneer zij financiële of andere belangen in de verbonden partijen of in de transacties met de verbonden partijen hebben. A49 De accountant kan ook besluiten om schriftelijke bevestigingen te verkrijgen betreffende specifieke beweringen die het management kan hebben geuit, zoals een bevestiging dat specifieke transacties met verbonden partijen geen geheime nevenovereenkomsten omvatten. -#### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 27) +#### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 27) A50 Door significante tijdens de controle376Standaard 230, paragraaf A8, verschaft nadere leidraden betreffende de aard van significante aangelegenheden die tijdens de controle aan de orde komen. in verband met verbonden partijen van de entiteit aan de orde komende aangelegenheden mee te delen, helpt de accountant bij de met governance belaste personen gemeenschappelijk begrip tot stand te brengen over de aard en oplossing van deze aangelegenheden. Voorbeelden van belangrijke aangelegenheden inzake verbonden partijen zijn onder meer: @@ -7560,7 +7560,7 @@ A50 Door significante tijdens de controle376Standaard 230, paragraaf A8, verscha #### . Toepassingsgebied van deze Standaard -1 Deze Standaard behandelt de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode bij een controle van financiële overzichten (Zie Par. A1). +1 Deze Standaard behandelt de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode bij een controle van financiële overzichten (Zie Par. A1). #### . Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode @@ -7587,21 +7587,21 @@ b. het op passende wijze inspelen op feiten die de accountant bekend worden na d 5 Voor de toepassing van de Standaarden hebben de volgende termen de hierna weergegeven betekenis: a. *datum van de financiële overzichten* – De einddatum van de laatste verslagperiode waarop de financiële overzichten betrekking hebben; -b. *goedkeuringsdatum van de financiële overzichten* – De datum waarop alle overzichten die de financiële overzichten vormen, inclusief de daarbij horende toelichtingen, zijn opgesteld en de personen met de erkende bevoegdheid hebben verklaard dat zij de verantwoordelijkheid voor deze financiële overzichten op zich hebben genomen; (Zie Par. A2) -c. *datum van de controleverklaring* – De datum waarop de accountant de verklaring bij de financiële overzichten dateert overeenkomstig Standaard 700; (Zie Par. A3) -d. *datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd* – De datum waarop de controleverklaring en de gecontroleerde financiële overzichten aan derden ter beschikking worden gesteld; (Zie Par. A4 en A5) +b. *goedkeuringsdatum van de financiële overzichten* – De datum waarop alle overzichten die de financiële overzichten vormen, inclusief de daarbij horende toelichtingen, zijn opgesteld en de personen met de erkende bevoegdheid hebben verklaard dat zij de verantwoordelijkheid voor deze financiële overzichten op zich hebben genomen; (Zie Par. A2) +c. *datum van de controleverklaring* – De datum waarop de accountant de verklaring bij de financiële overzichten dateert overeenkomstig Standaard 700; (Zie Par. A3) +d. *datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd* – De datum waarop de controleverklaring en de gecontroleerde financiële overzichten aan derden ter beschikking worden gesteld; (Zie Par. A4 en A5) e. *gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode* – Gebeurtenissen die zich voordoen tussen de datum van de financiële overzichten en de datum van de controleverklaring, alsmede feiten die de accountant bekend worden na de datum van de controleverklaring. ### . Vereisten #### . Gebeurtenissen die zich voordoen tussen de datum van de financiële overzichten en de datum van de controleverklaring -6 De accountant dient controlewerkzaamheden uit te voeren om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen dat alle gebeurtenissen die zich tussen de datum van de financiële overzichten en de datum van de controleverklaring voordoen en een aanpassing van of een toelichting in de financiële overzichten vereisen, zijn geïdentificeerd. Van de accountant wordt echter niet verwacht dat hij aanvullende controlewerkzaamheden uitvoert inzake aangelegenheden waarvoor eerder toegepaste controlewerkzaamheden bevredigende conclusies hebben opgeleverd. (Zie Par. A6) -7 De accountant dient de op grond van paragraaf 6 vereiste werkzaamheden uit te voeren zodanig dat zij betrekking hebben op de periode vanaf de datum van de financiële overzichten tot aan de datum van de controleverklaring of een periode die daarmee zoveel mogelijk samenvalt als vanuit praktisch oogpunt uitvoerbaar is. De accountant dient rekening te houden met zijn risico-inschatting bij het bepalen van de aard en omvang van deze controlewerkzaamheden, die het volgende dienen te omvatten: (Zie Par. A7 en A8) +6 De accountant dient controlewerkzaamheden uit te voeren om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen dat alle gebeurtenissen die zich tussen de datum van de financiële overzichten en de datum van de controleverklaring voordoen en een aanpassing van of een toelichting in de financiële overzichten vereisen, zijn geïdentificeerd. Van de accountant wordt echter niet verwacht dat hij aanvullende controlewerkzaamheden uitvoert inzake aangelegenheden waarvoor eerder toegepaste controlewerkzaamheden bevredigende conclusies hebben opgeleverd. (Zie Par. A6) +7 De accountant dient de op grond van paragraaf 6 vereiste werkzaamheden uit te voeren zodanig dat zij betrekking hebben op de periode vanaf de datum van de financiële overzichten tot aan de datum van de controleverklaring of een periode die daarmee zoveel mogelijk samenvalt als vanuit praktisch oogpunt uitvoerbaar is. De accountant dient rekening te houden met zijn risico-inschatting bij het bepalen van de aard en omvang van deze controlewerkzaamheden, die het volgende dienen te omvatten: (Zie Par. A7 en A8) a. het verwerven van inzicht in de procedures die het management heeft ingesteld om ervoor te zorgen dat gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode worden geïdentificeerd; -b. het verzoeken om inlichtingen bij het management en, in voorkomend geval, bij de met governance belaste personen omtrent de vraag of zich na de einddatum van de verslagperiode gebeurtenissen hebben voorgedaan die van invloed kunnen zijn op de financiële overzichten; (Zie Par. A9) -c. het lezen van eventuele notulen van na de datum van de financiële overzichten gehouden vergaderingen van de eigenaren van de entiteit, het management en de met governance belaste personen en het verzoeken om inlichtingen inzake aangelegenheden die in dergelijke vergaderingen zijn besproken en waarvan nog geen notulen beschikbaar zijn; (Zie Par. A10) +b. het verzoeken om inlichtingen bij het management en, in voorkomend geval, bij de met governance belaste personen omtrent de vraag of zich na de einddatum van de verslagperiode gebeurtenissen hebben voorgedaan die van invloed kunnen zijn op de financiële overzichten; (Zie Par. A9) +c. het lezen van eventuele notulen van na de datum van de financiële overzichten gehouden vergaderingen van de eigenaren van de entiteit, het management en de met governance belaste personen en het verzoeken om inlichtingen inzake aangelegenheden die in dergelijke vergaderingen zijn besproken en waarvan nog geen notulen beschikbaar zijn; (Zie Par. A10) d. het lezen van de eventuele meest recente tussentijdse financiële overzichten na de einddatum van de verslagperiode. 8 Indien de accountant, als gevolg van de controlewerkzaamheden die op grond van de paragrafen 6 en 7 vereist zijn, gebeurtenissen identificeert die aanpassing van of toelichting in de financiële overzichten noodzakelijk maken, dient de accountant te bepalen of elk van deze gebeurtenissen op passende wijze in die financiële overzichten is weerspiegeld in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. @@ -7611,7 +7611,7 @@ d. het lezen van de eventuele meest recente tussentijdse financiële overzichten #### . Feiten die de accountant bekend worden na de datum van de controleverklaring, maar vóór de datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd -10 De accountant is niet verplicht na de datum van de controleverklaring controlewerkzaamheden met betrekking tot de financiële overzichten uit te voeren. Echter, indien na de datum van de controleverklaring, maar vóór de datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd, een feit bij de accountant bekend wordt dat, mocht het de accountant op de datum van de controleverklaring bekend zijn geweest, tot een wijziging door de accountant van de controleverklaring had kunnen leiden, dient de accountant: (Zie Par. A11) +10 De accountant is niet verplicht na de datum van de controleverklaring controlewerkzaamheden met betrekking tot de financiële overzichten uit te voeren. Echter, indien na de datum van de controleverklaring, maar vóór de datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd, een feit bij de accountant bekend wordt dat, mocht het de accountant op de datum van de controleverklaring bekend zijn geweest, tot een wijziging door de accountant van de controleverklaring had kunnen leiden, dient de accountant: (Zie Par. A11) a. de aangelegenheid te bespreken met het management en, in voorkomend geval, met de met governance belaste personen; b. te bepalen of het noodzakelijk is dat een wijziging in de financiële overzichten wordt aangebracht en zo ja; @@ -7625,12 +7625,12 @@ b. tenzij de omstandigheden als bedoeld in paragraaf 12 van toepassing zijn: 2. een nieuwe controleverklaring over de gewijzigde financiële overzichten te verstrekken. De nieuwe controleverklaring dient niet eerder gedateerd zijn dan de goedkeuringsdatum van de gewijzigde financiële overzichten. 12 Als wet-, regelgeving of het stelsel inzake financiële verslaggeving het management niet verbiedt de wijziging van de financiële overzichten te beperken tot de effecten van de gebeurtenis of gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode die tot die wijziging leidt (leiden) en het degenen die verantwoordelijk zijn voor de goedkeuring van de financiële overzichten niet verbiedt hun goedkeuring tot die ene wijziging te beperken, is het de accountant toegestaan de op grond van paragraaf 11(b)(i) vereiste controlewerkzaamheden inzake gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode tot die wijziging te beperken. In dergelijke gevallen dient de accountant hetzij: -a. de controleverklaring te wijzigen door een aanvullende datum op te nemen die beperkt is tot die wijziging, waarmee wordt aangegeven dat de werkzaamheden van de accountant inzake gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode beperkt zijn tot de wijziging van de financiële overzichten zoals omschreven in de desbetreffende toelichting in de financiële overzichten; hetzij (Zie Par. A12) +a. de controleverklaring te wijzigen door een aanvullende datum op te nemen die beperkt is tot die wijziging, waarmee wordt aangegeven dat de werkzaamheden van de accountant inzake gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode beperkt zijn tot de wijziging van de financiële overzichten zoals omschreven in de desbetreffende toelichting in de financiële overzichten; hetzij (Zie Par. A12) b. een nieuwe of gewijzigde controleverklaring te verstrekken die in een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden380Zie Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*. dan wel in een paragraaf inzake overige aangelegenheden een vermelding bevat waarin bekend wordt gemaakt dat de werkzaamheden van de accountant inzake gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode beperkt zijn tot de wijziging van de financiële overzichten zoals omschreven in de desbetreffende toelichting bij de financiële overzichten. -13 In sommige rechtsgebieden is het management op grond van wet-, regelgeving of het stelsel inzake financiële verslaggeving mogelijk niet verplicht gewijzigde financiële overzichten te publiceren en is de accountant dienovereenkomstig niet gehouden een gewijzigde of nieuwe controleverklaring te verstrekken. Indien het management de financiële overzichten echter niet wijzigt in omstandigheden waarin de accountant van mening is dat ze gewijzigd moeten worden en: (Zie Par. A13 en A14) +13 In sommige rechtsgebieden is het management op grond van wet-, regelgeving of het stelsel inzake financiële verslaggeving mogelijk niet verplicht gewijzigde financiële overzichten te publiceren en is de accountant dienovereenkomstig niet gehouden een gewijzigde of nieuwe controleverklaring te verstrekken. Indien het management de financiële overzichten echter niet wijzigt in omstandigheden waarin de accountant van mening is dat ze gewijzigd moeten worden en: (Zie Par. A13 en A14) a. indien de controleverklaring nog niet aan de entiteit is verstrekt, dient de accountant het oordeel aan te passen zoals is vereist in Standaard 705381Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.* en vervolgens de controleverklaring te verstrekken; of -b. indien de controleverklaring reeds aan de entiteit is verstrekt, dient de accountant het management en de met governance belaste personen, tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit, mee te delen de financiële overzichten niet voor derden te publiceren voordat de noodzakelijke wijzingen zijn aangebracht. Indien niettemin de financiële overzichten vervolgens zonder de noodzakelijke wijzigingen worden gepubliceerd, dient de accountant passende maatregelen te treffen om te trachten te voorkomen dat op de controleverklaring wordt gesteund. (Zie Par. A15 en A) +b. indien de controleverklaring reeds aan de entiteit is verstrekt, dient de accountant het management en de met governance belaste personen, tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit, mee te delen de financiële overzichten niet voor derden te publiceren voordat de noodzakelijke wijzingen zijn aangebracht. Indien niettemin de financiële overzichten vervolgens zonder de noodzakelijke wijzigingen worden gepubliceerd, dient de accountant passende maatregelen te treffen om te trachten te voorkomen dat op de controleverklaring wordt gesteund. (Zie Par. A15 en A) #### . Feiten die de accountant bekend worden na de publicatie van de financiële overzichten @@ -7641,25 +7641,25 @@ b. indien de controleverklaring reeds aan de entiteit is verstrekt, dient de acc *In het geval dat zijn opdrachtgever medewerking weigert distantieert de accountant zich van de openbaar gemaakte stukken. Wanneer het bij een openbaar register gedeponeerde stukken betreft kan dit bijvoorbeeld door dit register schriftelijk te berichten dat de verklaring ten onrechte openbaar gemaakt is. In andere gevallen kan bijvoorbeeld publicatie in een landelijk dagblad worden overwogen.* 15 – 16 – -17 Indien het management niet de noodzakelijke stappen onderneemt om ervoor te zorgen dat allen die in het bezit zijn van de eerder gepubliceerde financiële overzichten van de situatie op de hoogte worden gebracht en de financiële overzichten niet wijzigt in omstandigheden waarin de accountant van mening is dat ze gewijzigd moeten worden, dient de accountant aan het management en aan de met governance belaste personen, tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit382Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 13., te melden dat de accountant maatregelen zal nemen om te trachten te voorkomen dat in de toekomst op de controleverklaring wordt gesteund. Indien het management of de met governance belaste personen, ondanks deze melding, niet de noodzakelijke stappen ondernemen, dient de accountant passende maatregelen te treffen om te trachten te voorkomen dat op de controleverklaring wordt gesteund. (Zie Par. A18) +17 Indien het management niet de noodzakelijke stappen onderneemt om ervoor te zorgen dat allen die in het bezit zijn van de eerder gepubliceerde financiële overzichten van de situatie op de hoogte worden gebracht en de financiële overzichten niet wijzigt in omstandigheden waarin de accountant van mening is dat ze gewijzigd moeten worden, dient de accountant aan het management en aan de met governance belaste personen, tenzij alle met governance belaste personen betrokken zijn bij het leiden van de entiteit382Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 13., te melden dat de accountant maatregelen zal nemen om te trachten te voorkomen dat in de toekomst op de controleverklaring wordt gesteund. Indien het management of de met governance belaste personen, ondanks deze melding, niet de noodzakelijke stappen ondernemen, dient de accountant passende maatregelen te treffen om te trachten te voorkomen dat op de controleverklaring wordt gesteund. (Zie Par. A18) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1) +#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1) A1 Wanneer de gecontroleerde financiële overzichten na de publicatie van de financiële overzichten in andere documenten worden opgenomen, kan de accountant aanvullende verantwoordelijkheden hebben met betrekking tot de gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode waarmee de accountant mogelijk rekening moet houden, zoals vereisten op grond van wet- en regelgeving met betrekking tot de openbare uitgifte van effecten in rechtsgebieden waarin de effecten worden uitgegeven. Van de accountant kan bijvoorbeeld vereist worden aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren tot aan de datum van het definitieve emissieprospectus. Hiertoe kunnen werkzaamheden behoren als bedoeld in de paragrafen 6 en 7, uitgevoerd tot op of nabij de datum waarop het definitieve emissieprospectus van kracht wordt, alsmede het lezen van het emissieprospectus om in te schatten of de overige informatie die in het emissieprospectus is opgenomen verenigbaar is met de financiële informatie waarmee de accountant in verband kan worden gebracht383Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden*, paragraaf 2.. #### . Definities -##### . Goedkeuringsdatum van de financiële overzichten (Zie Par. 5(b)) +##### . Goedkeuringsdatum van de financiële overzichten (Zie Par. 5(b)) A2 In bepaalde rechtsgebieden wordt door wet- of regelgeving aangegeven welke personen of organen (bijvoorbeeld het management of de met governance belaste personen) verantwoordelijk zijn voor het vaststellen dat alle overzichten die tezamen de financiële overzichten vormen, inclusief de daartoe behorende toelichtingen, zijn opgesteld en wordt het noodzakelijke goedkeuringsproces gespecificeerd. In andere rechtsgebieden wordt het goedkeuringsproces niet voorgeschreven door wet- of regelgeving en volgt de entiteit haar eigen procedures bij het opstellen en afronden van de financiële overzichten rekening houdend met haar management- en governancestructuur. In bepaalde rechtsgebieden is de finale goedkeuring van de financiële overzichten door de aandeelhouders vereist. In deze rechtsgebieden is de finale goedkeuring door de aandeelhouders niet nodig wil de accountant kunnen vaststellen dat voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen teneinde daarop zijn oordeel over de financiële overzichten te baseren. Voor de toepassing van de Standaarden is de goedkeuringsdatum van de financiële overzichten de vroegste datum waarop de personen met de erkende bevoegdheid hebben verklaard dat alle overzichten die tezamen de financiële overzichten vormen, inclusief de daarbij horende toelichtingen, zijn opgesteld en waarop de daartoe bevoegde personen de verantwoordelijkheid voor die financiële overzichten op zich hebben genomen. -##### . Datum van de controleverklaring (Zie Par. 5(c)) +##### . Datum van de controleverklaring (Zie Par. 5(c)) A3 De controleverklaring kan niet eerder worden gedateerd dan op de datum waarop de accountant voldoende en geschikte controle-informatie heeft verkregen om daarop zijn oordeel over de financiële overzichten te baseren. Voldoende en geschikte controle-informatie omvat de controle-informatie dat alle overzichten die tezamen de financiële overzichten vormen, inclusief de daarbij behorende toelichtingen, zijn opgesteld en dat de personen met de erkende bevoegdheid hebben verklaard dat zij de verantwoordelijkheid voor die financiële overzichten op zich hebben genomen.384Standaard 700, paragraaf 41: In sommige gevallen geeft wet- of regelgeving ook het moment in het verslaggevingsproces aan waarop de controle geacht wordt te zijn afgerond. Dientengevolge kan de datum van de controleverklaring niet liggen vóór de goedkeuringsdatum van de financiële overzichten als bedoeld in paragraaf 5(b). Als gevolg van administratieve kwesties kan er tijd zitten tussen de datum van de controleverklaring als bedoeld in paragraaf 5(c)en de datum waarop de controleverklaring aan de entiteit wordt verstrekt. -##### . Datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd (Zie Par. 5(d)) +##### . Datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd (Zie Par. 5(d)) A4 De datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd, hangt normaliter af van het regelgevingskader dat van toepassing is voor de entiteit. In bepaalde omstandigheden kan de datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd, de datum zijn waarop ze bij een regelgevende of toezichthoudende instantie worden gedeponeerd. Omdat gecontroleerde financiële overzichten niet gepubliceerd kunnen worden zonder een controleverklaring moet de datum waarop de gecontroleerde financiële overzichten worden gepubliceerd, niet alleen op of na de datum van de controleverklaring liggen, maar ook op of na de datum waarop de controleverklaring aan de entiteit wordt verstrekt. @@ -7667,7 +7667,7 @@ A4 De datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd, hangt normali A5 In het geval van de publieke sector kan de datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd, de datum zijn waarop de gecontroleerde financiële overzichten en de daarbij horende controleverklaring worden aangeboden aan de wetgever of op een andere wijze worden gepubliceerd. -#### . Gebeurtenissen die zich voordoen tussen de datum van de financiële overzichten en de datum van de controleverklaring (Zie Par. 6, 7, 8 en 9) +#### . Gebeurtenissen die zich voordoen tussen de datum van de financiële overzichten en de datum van de controleverklaring (Zie Par. 6, 7, 8 en 9) A6 Afhankelijk van de risico-inschatting van de accountant kunnen de op grond van paragraaf 6 vereiste controlewerkzaamheden ook werkzaamheden omvatten die noodzakelijk zijn om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot de beoordeling of toetsing van administratieve vastleggingen of transacties die zich voordoen tussen de datum van de financiële overzichten en de datum van de controleverklaring. De op grond van de paragrafen 6 en 7 vereiste controlewerkzaamheden komen bovenop werkzaamheden die de accountant voor andere doeleinden kan uitvoeren en die niettemin informatie kunnen opleveren over gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode (bijvoorbeeld voor het verkrijgen van controle-informatie over rekeningsaldi op de datum van de financiële overzichten, zoals afgrenzingswerkzaamheden of werkzaamheden met betrekking tot ontvangsten van vorderingen na de einddatum van de verslagperiode). A7 Paragraaf 7 bepaalt bepaalde controlewerkzaamheden in deze context die de accountant ingevolge paragraaf 6 moet uitvoeren. De werkzaamheden die de accountant uitvoert met betrekking tot gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode kunnen echter afhangen van de informatie die beschikbaar is en in het bijzonder van de mate waarin de administratie is opgesteld na de datum van de financiële overzichten. Wanneer de administratie niet is bijgewerkt en dienovereenkomstig geen tussentijdse financiële overzichten (noch voor interne noch voor externe doeleinden) zijn opgesteld, dan wel wanneer er geen notulen van vergaderingen van het management of van de met governance belaste personen zijn opgesteld, kunnen relevante controlewerkzaamheden de vorm aannemen van het inspecteren van beschikbare administratieve documenten en vastleggingen, met inbegrip van bankafschriften. In paragraaf A8 zijn voorbeelden opgenomen van de aanvullende aangelegenheden die de accountant bij deze onderzoeken in overweging kan nemen. @@ -7677,7 +7677,7 @@ A8 Naast de op grond van de paragraaf 7 vereiste controlewerkzaamheden kan de ac • bij de juridisch adviseur van de entiteit inlichtingen betreffende rechtszaken en claims in te winnen, dan wel eerder mondeling of schriftelijk ingewonnen inlichtingen uit te breiden; of • overwegen of schriftelijke bevestigingen die betrekking hebben op bepaalde gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode noodzakelijk kunnen zijn teneinde andere controle-informatie te staven en daardoor voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. -##### . Verzoeken om inlichtingen (Zie Par. 7(b)) +##### . Verzoeken om inlichtingen (Zie Par. 7(b)) A9 Bij het verzoeken om inlichtingen bij het management en, in voorkomend geval, bij de met governance belaste personen, of zich gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode hebben voorgedaan die van invloed kunnen zijn op de financiële overzichten, kan de accountant inlichtingen inwinnen over de actuele stand van de elementen die op basis van voorlopige of niet overtuigende gegevens in overweging waren genomen en kan hij met name naar de volgende aangelegenheden navraag doen: @@ -7691,7 +7691,7 @@ A9 Bij het verzoeken om inlichtingen bij het management en, in voorkomend geval, • of zich gebeurtenissen hebben voorgedaan die betrekking hebben op het waarderen van schattingen of voorzieningen die in de financiële overzichten zijn opgenomen; • of zich gebeurtenissen hebben voorgedaan die relevant zijn voor de realisatiewaarde van activa. -##### . Het lezen van notulen (Zie Par. 7(c)) +##### . Het lezen van notulen (Zie Par. 7(c)) ###### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden @@ -7699,17 +7699,17 @@ A10 In de publieke sector kan de accountant de officiële vastleggingen lezen va #### . Feiten die de accountant bekend worden na de datum van de controleverklaring, maar vóór de datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd -##### . De verantwoordelijkheid van het management tegenover de accountant (Zie Par. 10) +##### . De verantwoordelijkheid van het management tegenover de accountant (Zie Par. 10) A11 Zoals uiteengezet in Standaard 210, is in de voorwaarden van de controleopdracht opgenomen dat het management ermee instemt de accountant te informeren over feiten die de financiële overzichten kunnen beïnvloeden en waarvan het management zich mogelijk bewust wordt gedurende de periode vanaf de datum van de controleverklaring tot de datum waarop de financiële overzichten worden gepubliceerd385Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten*, paragraaf A23.. -##### . Tweevoudige datering (Zie Par. 12(a)) +##### . Tweevoudige datering (Zie Par. 12(a)) A12 Wanneer de accountant, in de omstandigheden als beschreven in paragraaf 12(a), de controleverklaring wijzigt teneinde een aanvullende datum op te nemen die enkel op die wijziging betrekking heeft, blijft de datum van de controleverklaring bij de financiële overzichten voorafgaand aan de later door het management aangebrachte wijzigingen ongewijzigd omdat deze datum de lezer informeert over het moment waarop de controlewerkzaamheden met betrekking tot die financiële overzichten waren afgerond. In de controleverklaring wordt echter een aanvullende datum opgenomen om de gebruikers te informeren dat de werkzaamheden van de accountant na de eerstgenoemde datum enkel betrekking hadden op de latere wijziging van de financiële overzichten. Het volgende is een voorbeeld van een dergelijke aanvullende datum: ‘(Datum van de controleverklaring), behalve met betrekking tot toelichting Y, die per (datum van afronding van de controlewerkzaamheden die enkel betrekking hebben op de wijziging zoals omschreven in toelichting Y) is.’ -##### . Geen wijziging van de financiële overzichten door het management (Zie Par. 13) +##### . Geen wijziging van de financiële overzichten door het management (Zie Par. 13) A13 In sommige rechtsgebieden is het management wellicht niet verplicht om op grond van wet-, regelgeving of het stelsel inzake financiële verslaggeving gewijzigde financiële overzichten te publiceren. Dit is dikwijls het geval wanneer de publicatie van de financiële verslaggeving over de volgende verslagperiode ophanden is, mits in die overzichten de passende toelichtingen worden gegeven. @@ -7717,20 +7717,20 @@ A13 In sommige rechtsgebieden is het management wellicht niet verplicht om op gr A14 In de publieke sector kunnen de maatregelen die worden genomen in overeenstemming met paragraaf 13 in het geval dat het management de financiële overzichten niet wijzigt ook een afzonderlijke rapportering inhouden aan de wetgevende instantie(s) dan wel aan een andere relevante instantie in de verslaggevingshiërarchie over de implicaties van de gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode voor de financiële overzichten en de controleverklaring. -##### . Maatregelen van de accountant om te trachten te voorkomen dat op de controleverklaring wordt gesteund (Zie Par. 13(b)) +##### . Maatregelen van de accountant om te trachten te voorkomen dat op de controleverklaring wordt gesteund (Zie Par. 13(b)) A15 De accountant zal mogelijk moeten voldoen aan aanvullende wettelijke verplichtingen zelfs wanneer de accountant het management erop heeft gewezen de financiële overzichten niet te publiceren en het management dit verzoek heeft geaccepteerd. A16 Als het management de financiële overzichten heeft gepubliceerd ondanks het feit dat de accountant erop heeft gewezen de financiële overzichten niet aan derden ter beschikking te stellen, zijn de door de accountant te treffen maatregelen om te voorkomen dat op de controleverklaring bij de financiële overzichten wordt gesteund, afhankelijk van de wettelijke rechten en verplichtingen van de accountant. Daarom kan de accountant het passend achten om juridisch advies in te winnen. #### . Feiten die de accountant bekend worden na de publicatie van de financiële overzichten -##### . Geen wijziging van de financiële overzichten door het management (Zie Par. 15) +##### . Geen wijziging van de financiële overzichten door het management (Zie Par. 15) ###### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden A17 – -##### . Maatregelen van de accountant om te trachten te voorkomen dat op de controleverklaring wordt gesteund (Zie Par. 17) +##### . Maatregelen van de accountant om te trachten te voorkomen dat op de controleverklaring wordt gesteund (Zie Par. 17) A18 Als de accountant van mening is dat het management dan wel de met governance belaste personen er niet in geslaagd zijn de nodige maatregelen te treffen om te voorkomen dat op de controleverklaring bij de eerder door de entiteit gepubliceerde financiële overzichten wordt gesteund ondanks het feit dat de accountant eerder bekend heeft gemaakt dat hij maatregelen zal nemen om te trachten te voorkomen dat hierop wordt gesteund, zijn de door de accountant te treffen maatregelen afhankelijk van de wettelijke rechten en verplichtingen van de accountant. Daarom kan de accountant het passend achten om juridisch advies in te winnen. @@ -7744,11 +7744,11 @@ A18 Als de accountant van mening is dat het management dan wel de met governance #### . Continuïteitsveronderstelling -2 De continuïteitsveronderstelling houdt in dat een entiteit wordt geacht haar activiteiten in de voorzienbare toekomst voort te zetten. Financiële overzichten voor algemene doeleinden worden opgesteld op basis van continuïteit, tenzij het management voornemens is de entiteit te liquideren of de activiteiten te beëindigen dan wel hiervoor geen realistisch alternatief heeft. Bij het opstellen van financiële overzichten voor speciale doeleinden kan, gezien het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, de continuïteitsbasis al dan niet relevant zijn (bijvoorbeeld in sommige rechtsgebieden is de continuïteitsbasis niet van belang voor bepaalde financiële overzichten die zijn opgesteld op basis van een fiscale grondslag). Wanneer het hanteren van de continuïteitsveronderstelling passend is, worden activa en passiva opgenomen uitgaande van de veronderstelling dat de entiteit in staat zal zijn in het kader van de normale bedrijfsvoering haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. (Zie Par. A1) +2 De continuïteitsveronderstelling houdt in dat een entiteit wordt geacht haar activiteiten in de voorzienbare toekomst voort te zetten. Financiële overzichten voor algemene doeleinden worden opgesteld op basis van continuïteit, tenzij het management voornemens is de entiteit te liquideren of de activiteiten te beëindigen dan wel hiervoor geen realistisch alternatief heeft. Bij het opstellen van financiële overzichten voor speciale doeleinden kan, gezien het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, de continuïteitsbasis al dan niet relevant zijn (bijvoorbeeld in sommige rechtsgebieden is de continuïteitsbasis niet van belang voor bepaalde financiële overzichten die zijn opgesteld op basis van een fiscale grondslag). Wanneer het hanteren van de continuïteitsveronderstelling passend is, worden activa en passiva opgenomen uitgaande van de veronderstelling dat de entiteit in staat zal zijn in het kader van de normale bedrijfsvoering haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. (Zie Par. A1) #### . Verantwoordelijkheid voor het beoordelen van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven -3 Bepaalde stelsels inzake financiële verslaggeving bevatten een expliciet vereiste dat het management een specifieke beoordeling maakt van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, alsook standaarden met betrekking tot de aangelegenheden die moeten worden overwogen en de toelichtingen die moeten worden verstrekt in verband met continuïteit. Zo vereist International Accounting Standard (IAS) 1 dat het management een beoordeling maakt van de mogelijkheid van een entiteit om haar continuïteit te handhaven386IAS 1, *Presentatie van de jaarrekening* per 1 januari 2009, de paragrafen 25 en 26.. De nadere vereisten met betrekking tot de verantwoordelijkheid van het management om een beoordeling te maken van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven en de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de financiële overzichten kunnen ook in wet- of regelgeving zijn opgenomen. +3 Bepaalde stelsels inzake financiële verslaggeving bevatten een expliciet vereiste dat het management een specifieke beoordeling maakt van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, alsook standaarden met betrekking tot de aangelegenheden die moeten worden overwogen en de toelichtingen die moeten worden verstrekt in verband met continuïteit. Zo vereist International Accounting Standard (IAS) 1 dat het management een beoordeling maakt van de mogelijkheid van een entiteit om haar continuïteit te handhaven386IAS 1, *Presentatie van de jaarrekening* per 1 januari 2009, de paragrafen 25 en 26.. De nadere vereisten met betrekking tot de verantwoordelijkheid van het management om een beoordeling te maken van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven en de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de financiële overzichten kunnen ook in wet- of regelgeving zijn opgenomen. 4 Andere stelsels inzake financiële verslaggeving vereisen mogelijk niet expliciet dat het management een specifieke beoordeling maakt van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. Aangezien de continuïteitsveronderstelling niettemin van fundamenteel belang is bij het opstellen van de financiële overzichten, zoals in paragraaf 2 besproken, moet het management bij het opstellen van de financiële overzichten een beoordeling maken van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, zelfs indien het stelsel inzake financiële verslaggeving dit niet expliciet vereist. 5 De beoordeling door het management van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, houdt in dat het op een bepaald moment een inschatting maakt van inherent onzekere toekomstige uitkomsten van gebeurtenissen of omstandigheden. De volgende factoren zijn hierbij relevant: @@ -7777,29 +7777,29 @@ c. het bepalen van de implicaties voor de controleverklaring. #### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden -10 Bij het uitvoeren van risico-inschattingswerkzaamheden zoals vereist op grond van Standaard 315388Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*, paragraaf 5. dient de accountant te overwegen of er gebeurtenissen of omstandigheden zijn die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. Hierbij dient de accountant te bepalen of het management reeds een voorlopige beoordeling heeft gemaakt van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, en dient hij: (Zie Par. A2, A3, A4 en A5) +10 Bij het uitvoeren van risico-inschattingswerkzaamheden zoals vereist op grond van Standaard 315388Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*, paragraaf 5. dient de accountant te overwegen of er gebeurtenissen of omstandigheden zijn die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. Hierbij dient de accountant te bepalen of het management reeds een voorlopige beoordeling heeft gemaakt van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, en dient hij: (Zie Par. A2, A3, A4 en A5) a. indien een dergelijke beoordeling is gemaakt, de beoordeling met het management te bespreken en na te gaan of het management gebeurtenissen en omstandigheden heeft geïdentificeerd die, afzonderlijk of collectief, gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, en zo ja, hoe het management voornemens is hierop te reageren; of b. indien nog geen beoordeling is gemaakt, de basis voor het voorgenomen hanteren van de continuïteitsveronderstelling met het management te bespreken, alsmede bij het management inlichtingen in te winnen over de vraag of er gebeurtenissen of omstandigheden bestaan die, afzonderlijk of collectief, gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. -11 De accountant dient gedurende de controle alert te blijven op controle-informatie inzake gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. (Zie Par. A6) +11 De accountant dient gedurende de controle alert te blijven op controle-informatie inzake gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. (Zie Par. A6) #### . Het evalueren van de beoordeling door het management -12 De accountant dient de beoordeling door het management met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, te evalueren. (Zie Par. A7, A8, A9, A11 en A12) -13 Bij het evalueren van de beoordeling door het management van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, dient de accountant dezelfde periode te hanteren als de periode die het management heeft gehanteerd om zijn beoordeling te maken zoals vereist door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, dan wel door wet of regelgeving indien een langere periode gespecificeerd wordt. Indien de beoordeling door het management met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven betrekking heeft op een periode van minder dan twaalf maanden vanaf de einddatum van de financiële overzichten zoals vastgesteld in Standaard 560389Standaard 560, *Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode*, paragraaf 5(a)., dient de accountant het management te verzoeken om zijn beoordelingsperiode uit te breiden tot ten minste twaalf maanden vanaf die datum. (Zie Par. A10, A11 en A12) +12 De accountant dient de beoordeling door het management met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, te evalueren. (Zie Par. A7, A8, A9, A11 en A12) +13 Bij het evalueren van de beoordeling door het management van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, dient de accountant dezelfde periode te hanteren als de periode die het management heeft gehanteerd om zijn beoordeling te maken zoals vereist door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, dan wel door wet of regelgeving indien een langere periode gespecificeerd wordt. Indien de beoordeling door het management met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven betrekking heeft op een periode van minder dan twaalf maanden vanaf de einddatum van de financiële overzichten zoals vastgesteld in Standaard 560389Standaard 560, *Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode*, paragraaf 5(a)., dient de accountant het management te verzoeken om zijn beoordelingsperiode uit te breiden tot ten minste twaalf maanden vanaf die datum. (Zie Par. A10, A11 en A12) 14 Bij het evalueren van de beoordeling door het management dient de accountant te overwegen of de beoordeling door het management alle relevante informatie omvat waarvan de accountant als gevolg van de controle kennis heeft. #### . De periode na de beoordeling door het management -15 De accountant dient bij het management inlichtingen in te winnen over zijn kennis van gebeurtenissen of omstandigheden na de periode waarvoor het management een beoordeling heeft gemaakt die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. (Zie Par. A13 en A14) +15 De accountant dient bij het management inlichtingen in te winnen over zijn kennis van gebeurtenissen of omstandigheden na de periode waarvoor het management een beoordeling heeft gemaakt die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. (Zie Par. A13 en A14) #### . Aanvullende controlewerkzaamheden wanneer gebeurtenissen of omstandigheden worden geïdentificeerd -16 Indien gebeurtenissen of omstandigheden worden geïdentificeerd die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, dient de accountant, om te bepalen of er al dan niet van een onzekerheid van materieel belang sprake is, voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen door aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren en na te gaan of er beperkende factoren in het spel zijn. Daartoe dienen de volgende werkzaamheden te worden uitgevoerd: (Zie Par. A15) +16 Indien gebeurtenissen of omstandigheden worden geïdentificeerd die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, dient de accountant, om te bepalen of er al dan niet van een onzekerheid van materieel belang sprake is, voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen door aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren en na te gaan of er beperkende factoren in het spel zijn. Daartoe dienen de volgende werkzaamheden te worden uitgevoerd: (Zie Par. A15) a. het verzoeken aan het management zijn beoordeling te maken als het management nog geen beoordeling heeft gemaakt van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven; -b. het evalueren van de plannen van het management voor toekomstige maatregelen met betrekking tot zijn beoordeling van de continuïteit, het evalueren van het feit of de uitkomsten van deze plannen de situatie waarschijnlijk kunnen verbeteren en of de plannen van het management in de gegeven omstandigheden haalbaar zijn; (Zie Par. A16) -c. als de entiteit een kasstroomprognose heeft opgesteld en analyse van de prognose een significante factor is bij het overwegen van toekomstige uitkomsten van gebeurtenissen of omstandigheden in het kader van de evaluatie van de plannen van het management voor toekomstige maatregelen: (Zie Par. A17 en A18) +b. het evalueren van de plannen van het management voor toekomstige maatregelen met betrekking tot zijn beoordeling van de continuïteit, het evalueren van het feit of de uitkomsten van deze plannen de situatie waarschijnlijk kunnen verbeteren en of de plannen van het management in de gegeven omstandigheden haalbaar zijn; (Zie Par. A16) +c. als de entiteit een kasstroomprognose heeft opgesteld en analyse van de prognose een significante factor is bij het overwegen van toekomstige uitkomsten van gebeurtenissen of omstandigheden in het kader van de evaluatie van de plannen van het management voor toekomstige maatregelen: (Zie Par. A17 en A18) 1. het evalueren van de betrouwbaarheid van de onderliggende gegevens die zijn gegenereerd om de prognose op te stellen; en 2. het vaststellen of er adequate onderbouwing is voor de veronderstellingen die aan de prognose ten grondslag liggen; @@ -7811,27 +7811,27 @@ e. het verzoeken om schriftelijke bevestigingen van het management en, in voorko 17 Op basis van de verkregen controle-informatie dient de accountant een conclusie te trekken of er op grond van zijn oordeelsvorming sprake is van een onzekerheid van materieel belang die verband houdt met gebeurtenissen of omstandigheden welke, afzonderlijk of collectief, gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. Er is sprake van een onzekerheid van materieel belang wanneer de omvang van de mogelijke impact ervan en de waarschijnlijkheid dat zij zich voordoet van dien aard is dat, op grond van de oordeelsvorming van de accountant, een passende toelichting over de aard en implicaties van de onzekerheid noodzakelijk is voor: a. de getrouwe weergave van de financiële overzichten in het geval van een getrouw-beeld-stelsel; of -b. het niet misleidend zijn van de financiële overzichten in het geval van een compliance-stelsel. (Zie Par. A19) +b. het niet misleidend zijn van de financiële overzichten in het geval van een compliance-stelsel. (Zie Par. A19) #### . Het hanteren van de continuïteitsveronderstelling is passend, maar er is sprake van een onzekerheid van materieel belang 18 Indien de accountant concludeert dat het hanteren van de continuïteitsveronderstelling in de gegeven omstandigheden passend is, maar dat er sprake is van een onzekerheid van materieel belang, dient de accountant vast te stellen of de financiële overzichten: a. een adequate beschrijving vormen van de belangrijkste gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven en de plannen van het management om met deze gebeurtenissen of omstandigheden om te gaan; en -b. duidelijk toelichten dat er sprake is van een onzekerheid van materieel belang met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven en dat daardoor de entiteit mogelijk niet in staat zal zijn in het kader van de normale bedrijfsvoering haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. (Zie Par. A20) +b. duidelijk toelichten dat er sprake is van een onzekerheid van materieel belang met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven en dat daardoor de entiteit mogelijk niet in staat zal zijn in het kader van de normale bedrijfsvoering haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. (Zie Par. A20) 19 Indien de financiële overzichten een adequate toelichting daarover bevatten, dient de accountant een goedkeurend oordeel te formuleren en een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden in de controleverklaring op te nemen teneinde: a. te benadrukken dat er sprake is van een onzekerheid van materieel belang met betrekking tot de gebeurtenis of omstandigheid die gerede twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven; en -b. de aandacht te vestigen op de toelichting in de financiële overzichten waarin de in paragraaf 18 genoemde aangelegenheden worden toegelicht. (Zie Standaard 706390Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*.) (Zie Par. A21 en A22) -20 Indien de financiële overzichten geen adequate toelichting bevatten, dient de accountant indien passend een oordeel met beperking dan wel een afkeurend oordeel te formuleren overeenkomstig Standaard 705.391Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.* De accountant dient in de controleverklaring te vermelden dat er sprake is van een onzekerheid van materieel belang die gerede twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. (Zie Par. A23 en A24) +b. de aandacht te vestigen op de toelichting in de financiële overzichten waarin de in paragraaf 18 genoemde aangelegenheden worden toegelicht. (Zie Standaard 706390Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*.) (Zie Par. A21 en A22) +20 Indien de financiële overzichten geen adequate toelichting bevatten, dient de accountant indien passend een oordeel met beperking dan wel een afkeurend oordeel te formuleren overeenkomstig Standaard 705.391Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.* De accountant dient in de controleverklaring te vermelden dat er sprake is van een onzekerheid van materieel belang die gerede twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. (Zie Par. A23 en A24) #### . Het hanteren van de continuïteitsveronderstelling is niet passend -21 Indien bij het opstellen van de financiële overzichten van continuïteit is uitgegaan, maar het hanteren door het management in de financiële overzichten van de continuïteitsveronderstelling op grond van de oordeelsvorming van de accountant niet passend is, dient de accountant een afkeurend oordeel te formuleren. (Zie Par. A25 en A26) +21 Indien bij het opstellen van de financiële overzichten van continuïteit is uitgegaan, maar het hanteren door het management in de financiële overzichten van de continuïteitsveronderstelling op grond van de oordeelsvorming van de accountant niet passend is, dient de accountant een afkeurend oordeel te formuleren. (Zie Par. A25 en A26) #### . Het management is niet bereid zijn beoordeling te maken of uit te breiden -22 Indien het management niet bereid is zijn beoordeling te maken of uit te breiden wanneer het daar door de accountant om verzocht wordt, dient de accountant de implicaties voor de controleverklaring te overwegen. (Zie Par. A27) +22 Indien het management niet bereid is zijn beoordeling te maken of uit te breiden wanneer het daar door de accountant om verzocht wordt, dient de accountant de implicaties voor de controleverklaring te overwegen. (Zie Par. A27) #### . Communicatie met de met governance belaste personen @@ -7847,15 +7847,15 @@ c. of de desbetreffende toelichtingen in de financiële overzichten adequaat zij ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Continuïteitsveronderstelling (Zie Par. 2) +#### . Continuïteitsveronderstelling (Zie Par. 2) ##### . Overwegingen die specifiek voor entiteiten in de publieke sector gelden -A1 Het hanteren van de continuïteitsveronderstelling door het management is ook relevant voor entiteiten in de publieke sector. Zo behandelt de International Public Sector Accounting Standard (IPSAS) 1 de kwestie van de mogelijkheid van een entiteit in de publieke sector om haar continuïteit te handhaven.393IPSAS 1, *Presentation of Financial Statements* per 1 januari 2007, de paragrafen 38–41. Risico’s met betrekking tot continuïteit kunnen zich voordoen, maar zijn niet beperkt tot, situaties waarin entiteiten in de publieke sector een winstoogmerk hebben, overheidssteun eventueel wordt verminderd of beëindigd, dan wel in het geval van privatisering. Als gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit in de publieke sector om haar continuïteit te handhaven, gelden onder meer situaties waarin de entiteit in de publieke sector niet over de financiële middelen beschikt om te kunnen voortbestaan of wanneer beleidsbesluiten worden genomen die van invloed zijn op de diensten die door de entiteit in de publieke sector worden verleend. +A1 Het hanteren van de continuïteitsveronderstelling door het management is ook relevant voor entiteiten in de publieke sector. Zo behandelt de International Public Sector Accounting Standard (IPSAS) 1 de kwestie van de mogelijkheid van een entiteit in de publieke sector om haar continuïteit te handhaven.393IPSAS 1, *Presentation of Financial Statements* per 1 januari 2007, de paragrafen 38–41. Risico’s met betrekking tot continuïteit kunnen zich voordoen, maar zijn niet beperkt tot, situaties waarin entiteiten in de publieke sector een winstoogmerk hebben, overheidssteun eventueel wordt verminderd of beëindigd, dan wel in het geval van privatisering. Als gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit in de publieke sector om haar continuïteit te handhaven, gelden onder meer situaties waarin de entiteit in de publieke sector niet over de financiële middelen beschikt om te kunnen voortbestaan of wanneer beleidsbesluiten worden genomen die van invloed zijn op de diensten die door de entiteit in de publieke sector worden verleend. #### . Risico-inschattingswerkzaamheden en daarmee verband houdende werkzaamheden -##### . Gebeurtenissen of omstandigheden die twijfel kunnen doen ontstaan over de continuïteitsveronderstelling (Zie Par. 10) +##### . Gebeurtenissen of omstandigheden die twijfel kunnen doen ontstaan over de continuïteitsveronderstelling (Zie Par. 10) A2 Hierna volgen voorbeelden van gebeurtenissen of omstandigheden die, afzonderlijk of collectief, gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de continuïteitsveronderstelling. Deze opsomming is niet limitatief, noch impliceert het feit dat een of meer van deze gebeurtenissen of omstandigheden optreedt altijd dat er van een onzekerheid van materieel belang sprake is. @@ -7891,33 +7891,33 @@ A3 De risico-inschattingswerkzaamheden zoals vereist op grond van paragraaf 10 h A4 De omvang van een entiteit kan van invloed zijn op haar mogelijkheid om weerstand te bieden aan nadelige omstandigheden. Kleine entiteiten zijn mogelijk in staat snel te reageren om kansen ten volle te benutten, maar beschikken mogelijk niet over voldoende reserves om hun activiteiten voort te zetten. A5 Omstandigheden die voor kleine entiteiten in hoge mate relevant zijn, zijn onder meer het risico dat banken en overige kredietverschaffers hun steun aan de entiteit stopzetten, alsmede het eventuele verlies van een belangrijke leverancier, een grote afnemer, een sleutelfunctionaris of het recht om te werken onder licentie, op franchisebasis of op grond van een andere juridische overeenkomst. -##### . Het tijdens de controle alert blijven op controle-informatie over gebeurtenissen of omstandigheden (Zie Par. 11) +##### . Het tijdens de controle alert blijven op controle-informatie over gebeurtenissen of omstandigheden (Zie Par. 11) A6 Standaard 315 vereist van de accountant om zijn risico-inschatting te herzien en de verdere geplande controlewerkzaamheden dienovereenkomstig aan te passen wanneer in de loop van de controle aanvullende controle-informatie wordt verkregen die van invloed is op de risico-inschatting van de accountant.394Standaard 315, paragraaf 31. Indien, nadat de accountant de risico-inschatting heeft gemaakt, gebeurtenissen of omstandigheden worden geïdentificeerd die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, kan het naast het uitvoeren van de in paragraaf 16 opgenomen procedures noodzakelijk zijn de inschatting door de accountant van de risico’s van een afwijking van materieel belang te herzien. Het bestaan van dergelijke gebeurtenissen of omstandigheden kan ook van invloed zijn op de aard, timing en omvang van de verdere werkzaamheden van de accountant om op de ingeschatte risico’s in te spelen. Standaard 330395Standaard 330, *Inspelen door de accountant op ingeschatte risico’s*. stelt hierover vereisten en leidraden vast. #### . Het evalueren van de beoordeling door het management -##### . Beoordeling en onderbouwende analyse van het management en de evaluatie door de accountant (Zie Par. 12) +##### . Beoordeling en onderbouwende analyse van het management en de evaluatie door de accountant (Zie Par. 12) A7 De beoordeling door het management van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, is een cruciaal element bij het overwegen door de accountant van de wijze waarop het management de continuïteitsveronderstelling hanteert. A8 Het is niet aan de accountant om het ontbreken van analyses van het management recht te zetten. In bepaalde omstandigheden is het echter mogelijk dat, ondanks het feit dat het management zijn beoordeling niet met een gedetailleerde analyse heeft onderbouwd, de accountant een conclusie formuleert betreffende het feit of de continuïteitsveronderstelling door het management in de gegeven omstandigheden passend is gehanteerd. Bijvoorbeeld wanneer een onderneming in het verleden steeds winstgevend is geweest en steeds over voldoende financiële middelen heeft beschikt, kan het management zonder verregaande analyse zijn beoordeling maken. In dat geval kan de accountant zonder nadere evaluatiewerkzaamheden de beoordeling door het management op haar geschiktheid evalueren indien de accountant uit zijn overige controlewerkzaamheden voldoende kan concluderen dat het management in de gegeven omstandigheden bij het opstellen van de financiële overzichten op passende wijze van continuïteit is uitgegaan. A9 In andere omstandigheden kan het evalueren van de beoordeling door het management met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, zoals vereist op grond van paragraaf 12, inhouden dat een evaluatie wordt gemaakt van het proces dat het management heeft gevolgd om de beoordeling te maken, van de veronderstellingen waarop de beoordeling wordt gebaseerd, alsmede van plannen van het management voor toekomstige maatregelen en van de vraag of plannen van het management in de gegeven omstandigheden haalbaar zijn. -##### . De periode van de beoordeling door het management (Zie Par. 13) +##### . De periode van de beoordeling door het management (Zie Par. 13) A10 De meeste stelsels inzake financiële verslaggeving die een expliciete beoordeling van het management vereisen, geven de periode aan waarover het management met alle beschikbare informatie rekening is vereist te houden.396Volgens IAS 1 bijvoorbeeld dient het om een periode van ten minste twaalf maanden vanaf de einddatum van de verslagperiode te gaan. -##### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten gelden (Zie Par. 12 en 13) +##### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten gelden (Zie Par. 12 en 13) A11 In veel gevallen is het mogelijk dat het management bij kleinere entiteiten geen gedetailleerde beoordeling heeft gemaakt van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, maar in plaats daarvan op een diepgaande kennis van de bedrijfsactiviteit en verwachte toekomstige ontwikkelingen steunt. Desondanks dient, overeenkomstig de vereisten van deze Standaard, de accountant een evaluatie te maken van de beoordeling door het management met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. Voor kleinere entiteiten kan het passend zijn om de middellange- en langetermijnfinanciering van de entiteit met het management te bespreken, onder de voorwaarde dat de beweringen van het management door voldoende documentaire informatie onderbouwd kunnen worden en niet strijdig zijn met het inzicht van de accountant in de entiteit. Daarom is het mogelijk om aan het in paragraaf 13 opgenomen vereiste dat de accountant het management verzoekt zijn beoordeling uit te breiden bijvoorbeeld te voldoen door met betrekking tot onderbouwende documentatie, zoals nieuwe leveringsorders, die op hun haalbaarheid geëvalueerd zijn of anderszins zijn onderbouwd, besprekingen te houden, inlichtingen in te winnen en inspecties te verrichten. A12 Voortdurende steun door eigenaar-bestuurders is vaak belangrijk voor de mogelijkheid van kleine entiteiten om hun continuïteit te handhaven. Als een kleine entiteit grotendeels uit een lening van de eigenaar-bestuurder wordt gefinancierd, kan het van belang zijn dat deze fondsen niet worden teruggetrokken. Het voortbestaan van een kleine entiteit in financiële moeilijkheden kan bijvoorbeeld afhangen van het feit dat een eigenaar-bestuurder een lening aan de entiteit ten gunste van banken of andere crediteuren achterstelt, of een lening aan de entiteit ondersteunt door er met zijn persoonlijke bezittingen als onderpand borg voor te staan. In dergelijke omstandigheden kan de accountant geschikte documentaire informatie over de achterstelling van de lening van de eigenaar-bestuurder of van de borgstelling verkrijgen. Als een entiteit afhankelijk is van aanvullende steun van de eigenaar-bestuurder kan de accountant de mogelijkheid van de eigenaar-bestuurder om aan de steunverplichtingen te voldoen evalueren. Bovendien kan de accountant om schriftelijke bevestiging van de voorwaarden van die steun en de intentie of de afspraak van de eigenaar-bestuurder verzoeken. -#### . De periode na de beoordeling door het management (Zie Par. 15) +#### . De periode na de beoordeling door het management (Zie Par. 15) A13 Zoals op grond van paragraaf 11 vereist, blijft de accountant alert op de mogelijkheid dat er na de door het management gehanteerde beoordelingsperiode bekende, al dan niet geplande, gebeurtenissen of omstandigheden plaatsvinden die vragen kunnen oproepen over de vraag of het passend is dat het management bij het opstellen van de financiële overzichten de continuïteitsveronderstelling hanteert. Omdat bij het rekening houden met gebeurtenissen of omstandigheden die zich verder in de toekomst afspelen de mate van onzekerheid in verband met de uitkomst van een gebeurtenis of omstandigheid toeneemt naarmate de gebeurtenis of omstandigheid verder in de toekomst ligt, is het nodig dat de aanwijzingen voor continuïteitsproblemen significant zijn voordat de accountant verdere maatregelen dient te overwegen. Indien dergelijke gebeurtenissen of omstandigheden worden geïdentificeerd, kan het nodig zijn dat de accountant het management verzoekt bij de beoordeling van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven de mogelijke significantie van de gebeurtenis of omstandigheid te evalueren. In die omstandigheden zijn de procedures van paragraaf van toepassing. A14 Behalve het verzoeken om inlichtingen bij het management draagt de accountant geen verantwoordelijkheid om andere controlewerkzaamheden uit te voeren voor het identificeren van gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om na de door het management beoordeelde periode die, zoals besproken in paragraaf 13, ten minste twaalf maanden vanaf de datum van de financiële overzichten bedraagt, haar continuïteit te handhaven. -#### . Aanvullende controlewerkzaamheden wanneer gebeurtenissen of omstandigheden worden geïdentificeerd (Zie Par. 16) +#### . Aanvullende controlewerkzaamheden wanneer gebeurtenissen of omstandigheden worden geïdentificeerd (Zie Par. 16) A15 Onder meer de volgende controlewerkzaamheden zijn relevant voor het vereiste in paragraaf 16: @@ -7933,11 +7933,11 @@ A15 Onder meer de volgende controlewerkzaamheden zijn relevant voor het vereiste • het verkrijgen en beoordelen van rapportages over regelgevende/toezichthoudende acties; • het bepalen van de adequaatheid van steun voor de eventuele geplande afstoting van activa. -##### . Het evalueren van de plannen van het management voor toekomstige maatregelen (Zie Par. 16(b)) +##### . Het evalueren van de plannen van het management voor toekomstige maatregelen (Zie Par. 16(b)) A16 In het kader van de evaluatie van plannen van het management voor toekomstige maatregelen kan bij het management navraag worden gedaan naar zijn plannen voor toekomstige maatregelen, waaronder bijvoorbeeld zijn plannen om activa te liquideren, geld te lenen of schulden te herstructureren, uitgaven te verminderen of te vertragen dan wel het kapitaal uit te breiden. -##### . De periode van beoordeling door het management (Zie Par. 16(c)) +##### . De periode van beoordeling door het management (Zie Par. 16(c)) A17 Naast de op grond van paragraaf 16(c) vereiste werkzaamheden kan de accountant een vergelijking maken tussen: @@ -7945,42 +7945,42 @@ A17 Naast de op grond van paragraaf 16(c) vereiste werkzaamheden kan de accounta • de toekomstgerichte financiële informatie betreffende de lopende periode en de tot op heden behaalde resultaten. A18 Als het management onder meer van blijvende ondersteuning door derden uitgaat, hetzij door het achterstellen van leningen, verbintenissen tot het behouden van of het voorzien in aanvullende financiering, dan wel borgstellingen, en die ondersteuning van belang is voor de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, kan het voor de accountant noodzakelijk zijn om te overwegen een schriftelijke bevestiging (van onder meer de voorwaarden) door die derden te vragen en informatie te verkrijgen over hun mogelijkheid om dergelijke ondersteuning te verschaffen. -#### . Controleconclusies en het rapporteren over de controle (Zie Par. 17) +#### . Controleconclusies en het rapporteren over de controle (Zie Par. 17) A19 De uitdrukking ‘onzekerheid van materieel belang’ wordt in IAS 1 gebruikt bij het behandelen van de onzekerheden die verband houden met gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven en waarover in de financiële overzichten informatie dient te worden verstrekt. In sommige andere stelsels inzake financiële verslaggeving wordt in dergelijke omstandigheden de term ‘significante onzekerheid’ gebruikt. #### . Het hanteren van de continuïteitsveronderstelling is passend, maar er bestaat een onzekerheid van materieel belang -##### . De adequaatheid van een toelichting over een onzekerheid van materieel belang (Zie Par. 18) +##### . De adequaatheid van een toelichting over een onzekerheid van materieel belang (Zie Par. 18) A20 Het vaststellen van de adequaatheid van de in het financiële overzicht opgenomen toelichting kan inhouden dat dient te worden vastgesteld of de informatie de aandacht van de lezer expliciet vestigt op de mogelijkheid dat de entiteit mogelijk niet in staat is om in het kader van de normale bedrijfsvoering haar activa te blijven realiseren en haar verplichtingen te blijven nakomen. -##### . Controlerapportering wanneer een toelichting over een onzekerheid van materieel belang adequaat is (Zie Par. 19) +##### . Controlerapportering wanneer een toelichting over een onzekerheid van materieel belang adequaat is (Zie Par. 19) A21 Hierna volgt een voorbeeld van een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden wanneer de accountant zich heeft vergewist van de adequaatheid van de informatie in de toelichting: -Zonder een beperking aan te brengen in ons oordeel vestigen wij de aandacht op toelichting X in de financiële overzichten waarin vermeld wordt dat de vennootschap tijdens het boekjaar dat eindigde op 31 december 20X1 een nettoverlies van ZZZ heeft geleden en op die datum de schulden op korte termijn van de vennootschap de totale activa met YYY overschreden. Deze omstandigheden, tezamen met overige aangelegenheden die in toelichting X uiteengezet zijn, wijzen op het bestaan van een onzekerheid van materieel belang die gerede twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven.’ +Zonder een beperking aan te brengen in ons oordeel vestigen wij de aandacht op toelichting X in de financiële overzichten waarin vermeld wordt dat de vennootschap tijdens het boekjaar dat eindigde op 31 december 20X1 een nettoverlies van ZZZ heeft geleden en op die datum de schulden op korte termijn van de vennootschap de totale activa met YYY overschreden. Deze omstandigheden, tezamen met overige aangelegenheden die in toelichting X uiteengezet zijn, wijzen op het bestaan van een onzekerheid van materieel belang die gerede twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven.’ A22 In situaties waarin meerdere onzekerheden van materieel belang bestaan welke significant zijn voor de financiële overzichten als geheel, kan de accountant het passend achten in buitengewoon zeldzame gevallen een oordeelonthouding te formuleren in plaats van een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden op te nemen. Standaard 705 verschaft dienaangaande leidraden. -##### . Controlerapportering wanneer een toelichting over een onzekerheid van materieel belang niet adequaat is (Zie Par. 20) +##### . Controlerapportering wanneer een toelichting over een onzekerheid van materieel belang niet adequaat is (Zie Par. 20) A23 Hierna volgt een voorbeeld van relevante paragrafen wanneer een oordeel met beperking dient te worden geformuleerd: -De financieringsovereenkomsten van de vennootschap lopen af en de uitstaande bedragen dienen op 19 maart 20X1 te worden betaald. De vennootschap is niet in staat geweest om een nieuwe overeenkomst of vervangende financiering te verkrijgen. Deze situatie wijst op het bestaan van een onzekerheid van materieel belang die gerede twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de vennootschap om haar continuïteit te handhaven, waardoor de vennootschap mogelijk niet in staat is in het kader van de normale bedrijfsvoering haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. De financiële overzichten (en de daarbij horende toelichting) verschaffen geen volledige informatie over dit feit. +De financieringsovereenkomsten van de vennootschap lopen af en de uitstaande bedragen dienen op 19 maart 20X1 te worden betaald. De vennootschap is niet in staat geweest om een nieuwe overeenkomst of vervangende financiering te verkrijgen. Deze situatie wijst op het bestaan van een onzekerheid van materieel belang die gerede twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de vennootschap om haar continuïteit te handhaven, waardoor de vennootschap mogelijk niet in staat is in het kader van de normale bedrijfsvoering haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. De financiële overzichten (en de daarbij horende toelichting) verschaffen geen volledige informatie over dit feit. -Naar ons oordeel vormen de financiële overzichten, met uitzondering van de onvolledige toelichting van de informatie als bedoeld in de paragraaf ‘Onderbouwing van het oordeel met beperking’, in alle van materieel belang zijnde opzichten een getrouwe weergave (dan wel ‘geven zij een getrouw beeld’) van de financiële positie van de vennootschap per 31 december 20X0, alsmede van haar financiële prestaties en haar kasstromen over het op die datum afgesloten boekjaar in overeenstemming met ...’ +Naar ons oordeel vormen de financiële overzichten, met uitzondering van de onvolledige toelichting van de informatie als bedoeld in de paragraaf ‘Onderbouwing van het oordeel met beperking’, in alle van materieel belang zijnde opzichten een getrouwe weergave (dan wel ‘geven zij een getrouw beeld’) van de financiële positie van de vennootschap per 31 december 20X0, alsmede van haar financiële prestaties en haar kasstromen over het op die datum afgesloten boekjaar in overeenstemming met ...’ A24 Hierna volgt een voorbeeld van de relevante paragrafen wanneer een afkeurend oordeel dient te worden geformuleerd: -De financieringsovereenkomsten van de vennootschap zijn komen af te lopen en het uitstaande bedrag diende op 31 december 20X0 te worden betaald. De vennootschap is niet in staat geweest een nieuwe overeenkomst of vervangende financiering te verkrijgen en overweegt het faillissement aan te vragen. Deze gebeurtenissen wijzen op een onzekerheid van materieel belang die gerede twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de vennootschap om haar continuïteit te handhaven, waardoor zij mogelijk niet in staat is in het kader van de normale bedrijfsvoering haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. De financiële overzichten (en de daarbij horende toelichting) verschaffen geen informatie over dit feit. +De financieringsovereenkomsten van de vennootschap zijn komen af te lopen en het uitstaande bedrag diende op 31 december 20X0 te worden betaald. De vennootschap is niet in staat geweest een nieuwe overeenkomst of vervangende financiering te verkrijgen en overweegt het faillissement aan te vragen. Deze gebeurtenissen wijzen op een onzekerheid van materieel belang die gerede twijfel kan doen ontstaan over de mogelijkheid van de vennootschap om haar continuïteit te handhaven, waardoor zij mogelijk niet in staat is in het kader van de normale bedrijfsvoering haar activa te realiseren en haar verplichtingen na te komen. De financiële overzichten (en de daarbij horende toelichting) verschaffen geen informatie over dit feit. -Naar ons oordeel vormen de financiële overzichten als gevolg van het ontbreken van de in de paragraaf ‘Onderbouwing van het afkeurende oordeel’ genoemde informatie geen getrouwe weergave (dan wel ‘geven zij geen getrouw beeld’) van de financiële positie van de vennootschap per 31 december 20X0, noch van haar financiële prestaties en haar kasstromen over het op die datum afgesloten boekjaar in overeenstemming met ... +Naar ons oordeel vormen de financiële overzichten als gevolg van het ontbreken van de in de paragraaf ‘Onderbouwing van het afkeurende oordeel’ genoemde informatie geen getrouwe weergave (dan wel ‘geven zij geen getrouw beeld’) van de financiële positie van de vennootschap per 31 december 20X0, noch van haar financiële prestaties en haar kasstromen over het op die datum afgesloten boekjaar in overeenstemming met ... -#### . Het hanteren van de continuïteitsveronderstelling is niet passend (Zie Par. 21) +#### . Het hanteren van de continuïteitsveronderstelling is niet passend (Zie Par. 21) A25 Indien de financiële overzichten op basis van continuïteit zijn opgesteld, maar het hanteren door het management van de continuïteitsveronderstelling in de financiële overzichten op grond van de oordeelsvorming van de accountant niet passend is, is het vereiste op grond van paragraaf 21 dat de accountant een afkeurend oordeel formuleert, van toepassing, ongeacht of de financiële overzichten toelichtingen bevatten inzake het niet passend zijn van het hanteren door het management van de continuïteitsveronderstelling. A26 Indien van het management van de entiteit wordt vereist, dan wel indien het management ervoor kiest, om financiële overzichten op te stellen wanneer het hanteren van de continuïteitsveronderstelling in de gegeven omstandigheden niet passend is, worden de financiële overzichten opgesteld op een alternatieve basis (bijvoorbeeld op liquidatiebasis). De accountant kan in staat zijn om een controle uit te voeren op die financiële overzichten op voorwaarde dat de accountant vaststelt dat de alternatieve basis in de omstandigheden een aanvaardbaar stelsel inzake financiële verslaggeving is. De accountant kan in staat zijn om een goedkeurend oordeel over die financiële overzichten te formuleren, op voorwaarde dat daarin een adequate toelichting is opgenomen, maar hij kan het passend of noodzakelijk achten om een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden in de controleverklaring op te nemen teneinde de aandacht van de gebruikers te vestigen op die alternatieve basis en op de redenen om deze te hanteren. -#### . Het management is niet bereid om zijn beoordeling te maken of uit te breiden (Zie Par. 22) +#### . Het management is niet bereid om zijn beoordeling te maken of uit te breiden (Zie Par. 22) A27 In bepaalde omstandigheden kan de accountant het noodzakelijk achten het management te verzoeken zijn beoordeling te maken of uit te breiden. Indien het management daartoe niet bereid is, kan een oordeel met beperking of een oordeelonthouding in de controleverklaring passend zijn, omdat de accountant misschien in de onmogelijkheid verkeert om voldoende en geschikte controle-informatie betreffende het hanteren van de continuïteitsveronderstelling bij het opstellen van de financiële overzichten te verkrijgen, zoals controle-informatie met betrekking tot het bestaan van plannen die het management heeft opgesteld of met betrekking tot het bestaan van andere beperkende factoren. @@ -7995,7 +7995,7 @@ A27 In bepaalde omstandigheden kan de accountant het noodzakelijk achten het man #### . Schriftelijke bevestigingen als controle-informatie -3 Controle-informatie is de informatie die door de accountant wordt gebruikt om te komen tot de conclusies waarop hij zijn oordeel baseert397Standaard 500, *Controle-informatie*, paragraaf 5(c).. Schriftelijke bevestigingen zijn noodzakelijke informatie die de accountant nodig heeft in samenhang met de controle van de financiële overzichten van de entiteit. Daarom zijn schriftelijke bevestigingen, net zoals dit het geval is voor verstrekte antwoorden op het verzoeken om inlichtingen, controle-informatie. (Zie Par. A1) +3 Controle-informatie is de informatie die door de accountant wordt gebruikt om te komen tot de conclusies waarop hij zijn oordeel baseert397Standaard 500, *Controle-informatie*, paragraaf 5(c).. Schriftelijke bevestigingen zijn noodzakelijke informatie die de accountant nodig heeft in samenhang met de controle van de financiële overzichten van de entiteit. Daarom zijn schriftelijke bevestigingen, net zoals dit het geval is voor verstrekte antwoorden op het verzoeken om inlichtingen, controle-informatie. (Zie Par. A1) 4 Hoewel schriftelijke bevestigingen noodzakelijke controle-informatie verschaffen, verschaffen zij op zichzelf niet voldoende en geschikte controle-informatie over de aangelegenheden waarop zij betrekking hebben. Verder heeft het feit dat het management betrouwbare schriftelijke bevestigingen heeft verschaft, geen invloed op de aard en omvang van de andere controle-informatie die de accountant verkrijgt over het feit dat het management zijn verantwoordelijkheden nakomt dan wel over specifieke beweringen. #### . Ingangsdatum @@ -8021,43 +8021,43 @@ c. op passende wijze in te spelen op de door het management en, in voorkomend ge #### . Het management waarvan schriftelijke bevestigingen worden gevraagd -9 De accountant dient schriftelijke bevestigingen te vragen van het management met de passende verantwoordelijkheden inzake de financiële overzichten en kennis van de desbetreffende aangelegenheden. (Zie Par. A2, A3, A4, A5 en A6) +9 De accountant dient schriftelijke bevestigingen te vragen van het management met de passende verantwoordelijkheden inzake de financiële overzichten en kennis van de desbetreffende aangelegenheden. (Zie Par. A2, A3, A4, A5 en A6) #### . Schriftelijke bevestigingen aangaande de verantwoordelijkheden van het management ##### . Het opstellen van de financiële overzichten -10 De accountant dient het management te vragen een schriftelijke bevestiging te verstrekken dat het zijn verantwoordelijkheden voor het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel van financiële verslaggeving is nagekomen, inclusief, indien relevant, de getrouwe weergave ervan, zoals is omschreven in de voorwaarden van de controleopdracht.398Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten*, paragraaf 6(b)(i). (Zie Par. A7, A8 en A9, A14 en A22) +10 De accountant dient het management te vragen een schriftelijke bevestiging te verstrekken dat het zijn verantwoordelijkheden voor het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel van financiële verslaggeving is nagekomen, inclusief, indien relevant, de getrouwe weergave ervan, zoals is omschreven in de voorwaarden van de controleopdracht.398Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten*, paragraaf 6(b)(i). (Zie Par. A7, A8 en A9, A14 en A22) ##### . Verschafte informatie en volledigheid van transacties 11 De accountant dient het management te verzoeken een schriftelijke bevestiging te verschaffen dat: a. het de accountant alle relevante informatie en toegang heeft verschaft zoals is overeengekomen in de voorwaarden van de controleopdracht399Standaard 210, paragraaf 6(b)(ii).; en -b. alle transacties zijn geboekt en in de financiële overzichten zijn weergegeven. (Zie Par. A7, A8, A9, A14 en A22) +b. alle transacties zijn geboekt en in de financiële overzichten zijn weergegeven. (Zie Par. A7, A8, A9, A14 en A22) ##### . Beschrijving van de verantwoordelijkheden van het management in de schriftelijke bevestigingen -12 De verantwoordelijkheden van het management dienen te worden beschreven in de op grond van de paragrafen 10 en 11 vereiste schriftelijke bevestigingen op de wijze waarop deze verantwoordelijkheden zijn beschreven in de voorwaarden van de controleopdracht. (Zie Par. A3) +12 De verantwoordelijkheden van het management dienen te worden beschreven in de op grond van de paragrafen 10 en 11 vereiste schriftelijke bevestigingen op de wijze waarop deze verantwoordelijkheden zijn beschreven in de voorwaarden van de controleopdracht. (Zie Par. A3) #### . Andere schriftelijke bevestigingen -13 Andere Standaarden vereisen dat de accountant om schriftelijke bevestigingen verzoekt. Indien de accountant, in aanvulling op dergelijke vereiste bevestigingen, bepaalt dat het noodzakelijk is één of meer schriftelijke bevestigingen te verkrijgen ter onderbouwing van andere controle-informatie die relevant is voor de financiële overzichten of voor één of meer specifieke beweringen in de financiële overzichten dient de accountant om dergelijke andere schriftelijke bevestigingen te verzoeken. (Zie Par. A10, A11A12, A13, A14 en A22) +13 Andere Standaarden vereisen dat de accountant om schriftelijke bevestigingen verzoekt. Indien de accountant, in aanvulling op dergelijke vereiste bevestigingen, bepaalt dat het noodzakelijk is één of meer schriftelijke bevestigingen te verkrijgen ter onderbouwing van andere controle-informatie die relevant is voor de financiële overzichten of voor één of meer specifieke beweringen in de financiële overzichten dient de accountant om dergelijke andere schriftelijke bevestigingen te verzoeken. (Zie Par. A10, A11A12, A13, A14 en A22) #### . De datum van schriftelijke bevestigingen en de periode(n) waarop zij betrekking hebben -14 De datum van de schriftelijke bevestigingen dient zo dicht als praktisch uitvoerbaar is bij, maar niet na, de datum van de controleverklaring, bij de financiële overzichten te liggen. De schriftelijke bevestigingen dienen te slaan op alle financiële overzichten en alle perioden die in de controleverklaring worden genoemd. (Zie Par. A15, A16, A17 en A18) +14 De datum van de schriftelijke bevestigingen dient zo dicht als praktisch uitvoerbaar is bij, maar niet na, de datum van de controleverklaring, bij de financiële overzichten te liggen. De schriftelijke bevestigingen dienen te slaan op alle financiële overzichten en alle perioden die in de controleverklaring worden genoemd. (Zie Par. A15, A16, A17 en A18) #### . De vorm van schriftelijke bevestigingen -15 De schriftelijke bevestigingen dienen de vorm te hebben van een bevestigingsbrief gericht aan de accountant. Indien wet- of regelgeving vereist dat het management schriftelijke openbare verklaringen omtrent zijn verantwoordelijkheden aflegt, en indien de accountant bepaalt dat deze verklaringen voorzien in sommige of alle bevestigingen die vereist zijn op grond van de paragrafen 10 en 11, hoeven de relevante aangelegenheden waarop deze verklaringen betrekking hebben, niet in de bevestigingsbrief te worden opgenomen. (Zie Par. A19, A20 en A21) +15 De schriftelijke bevestigingen dienen de vorm te hebben van een bevestigingsbrief gericht aan de accountant. Indien wet- of regelgeving vereist dat het management schriftelijke openbare verklaringen omtrent zijn verantwoordelijkheden aflegt, en indien de accountant bepaalt dat deze verklaringen voorzien in sommige of alle bevestigingen die vereist zijn op grond van de paragrafen 10 en 11, hoeven de relevante aangelegenheden waarop deze verklaringen betrekking hebben, niet in de bevestigingsbrief te worden opgenomen. (Zie Par. A19, A20 en A21) #### . Twijfel omtrent de betrouwbaarheid van schriftelijke bevestigingen en gevraagde schriftelijke bevestigingen die niet zijn verstrekt ##### . Twijfel omtrent de betrouwbaarheid van schriftelijke bevestigingen -16 Indien de accountant punten van zorg heeft over de bekwaamheid, integriteit, ethische waarden of zorgvuldigheid van het management, dan wel over zijn inzet hiervoor of zijn handhaving daarvan, dient de accountant het effect te bepalen dat deze punten van zorg kunnen hebben op de betrouwbaarheid van de (mondelinge of schriftelijke) bevestigingen en op de controle-informatie in het algemeen. (Zie Par. A24 en A25) -17 In het bijzonder dient de accountant, indien schriftelijke bevestigingen inconsistent zijn met andere controle-informatie, controlewerkzaamheden uit te voeren om te trachten deze aangelegenheid op te lossen. Indien de aangelegenheid onopgelost blijft, dient de accountant de beoordeling van de bekwaamheid, integriteit, ethische waarden of zorgvuldigheid van het management, dan wel van zijn inzet hiervoor of van de handhaving daarvan te heroverwegen, en dient hij het effect te bepalen dat dit kan hebben op de betrouwbaarheid van de (mondelinge of schriftelijke) bevestigingen en op de controle-informatie in het algemeen. (Zie Par. A23) +16 Indien de accountant punten van zorg heeft over de bekwaamheid, integriteit, ethische waarden of zorgvuldigheid van het management, dan wel over zijn inzet hiervoor of zijn handhaving daarvan, dient de accountant het effect te bepalen dat deze punten van zorg kunnen hebben op de betrouwbaarheid van de (mondelinge of schriftelijke) bevestigingen en op de controle-informatie in het algemeen. (Zie Par. A24 en A25) +17 In het bijzonder dient de accountant, indien schriftelijke bevestigingen inconsistent zijn met andere controle-informatie, controlewerkzaamheden uit te voeren om te trachten deze aangelegenheid op te lossen. Indien de aangelegenheid onopgelost blijft, dient de accountant de beoordeling van de bekwaamheid, integriteit, ethische waarden of zorgvuldigheid van het management, dan wel van zijn inzet hiervoor of van de handhaving daarvan te heroverwegen, en dient hij het effect te bepalen dat dit kan hebben op de betrouwbaarheid van de (mondelinge of schriftelijke) bevestigingen en op de controle-informatie in het algemeen. (Zie Par. A23) 18 Indien de accountant tot de conclusie komt dat de schriftelijke bevestigingen niet betrouwbaar zijn, dient de accountant passende acties te ondernemen, met inbegrip van het bepalen van het mogelijke effect op het oordeel dat in de controleverklaring tot uitdrukking wordt gebracht, in overeenstemming met Standaard 705400Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant.*, gelet op het vereiste in paragraaf 20 van deze Standaard. ##### . Gevraagde schriftelijke bevestigingen die niet zijn verstrekt @@ -8073,15 +8073,15 @@ c. de passende acties te ondernemen, met inbegrip van het bepalen van het mogeli 20 De accountant dient in overeenstemming met Standaard 705 een oordeelonthouding over de financiële overzichten te formuleren indien: a. hij tot de conclusie komt dat er voldoende twijfel bestaat omtrent de integriteit van het management om te besluiten dat de op grond van de paragrafen 10 en 11 vereiste schriftelijke bevestigingen niet betrouwbaar zijn; of -b. het management de op grond van de paragrafen 10 en 11 vereiste schriftelijke bevestigingen niet verschaft. (Zie Par. A26 en A27) +b. het management de op grond van de paragrafen 10 en 11 vereiste schriftelijke bevestigingen niet verschaft. (Zie Par. A26 en A27) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Schriftelijke bevestigingen als controle-informatie (Zie Par. 3) +#### . Schriftelijke bevestigingen als controle-informatie (Zie Par. 3) A1 Schriftelijke bevestigingen zijn een belangrijke bron van controle-informatie. Indien het management wijzigingen aanbrengt in de gevraagde schriftelijke bevestigingen of deze niet verschaft, dan kan dit voor de accountant een indicatie zijn dat er één of meer significante kwesties kunnen bestaan. Verder kan een verzoek om schriftelijke bevestigingen, eerder dan mondelinge, in veel gevallen het management ertoe aanzetten aan dergelijke aangelegenheden nadrukkelijker aandacht te besteden, hetgeen de kwaliteit van de bevestigingen ten goede komt. -#### . Het management waarvan schriftelijke bevestigingen worden gevraagd (Zie Par. 9) +#### . Het management waarvan schriftelijke bevestigingen worden gevraagd (Zie Par. 9) A2 Schriftelijke bevestigingen worden gevraagd van degenen die verantwoordelijk zijn voor het opstellen en de presentatie van de financiële overzichten. Deze personen kunnen verschillen naar gelang van de governancestructuur van de entiteit alsmede van de relevante wet- of regelgeving; vaak is het management (eerder dan de met governance belaste personen) echter de verantwoordelijke partij. Schriftelijke bevestigingen kunnen daarom gevraagd worden van de chief executive officer van de entiteit en van de chief financial officer van de entiteit, dan wel van andere gelijkwaardige personen in entiteiten die deze titels niet hanteren. In sommige situaties zijn echter eveneens andere partijen, zoals de met governance belaste personen, verantwoordelijk voor het opstellen en de presentatie van de financiële overzichten. A3 Op grond van zijn verantwoordelijkheid voor het opstellen en de presentatie van de financiële overzichten, alsmede voor het zakelijk handelen van de entiteit wordt het management verondersteld voldoende kennis te bezitten van het proces dat door de entiteit wordt gevolgd bij het opstellen en de presentatie van de financiële overzichten en van de daarin opgenomen beweringen waarop de schriftelijke bevestigingen worden gebaseerd. @@ -8093,7 +8093,7 @@ A4 In sommige gevallen kan het management echter besluiten om inlichtingen te ve A5 In sommige gevallen kan het management in de schriftelijke bevestigingen een voorbehoud in de formulering opnemen waaruit blijkt dat de bevestigingen naar beste weten worden opgesteld. Het is redelijk dat de accountant dergelijke bewoordingen aanvaardt indien hij ervan overtuigd is dat de bevestigingen worden gedaan door de personen met de passende verantwoordelijkheden voor en de passende kennis van de aangelegenheden die in die bevestigingen worden behandeld. A6 Teneinde de noodzaak voor het management te versterken om onderbouwde bevestigingen te verstrekken, kan de accountant vragen dat het management in de schriftelijke bevestigingen expliciet opneemt dat het die inlichtingen heeft ingewonnen die het passend achtte om in staat te zijn de gevraagde schriftelijke bevestigingen te kunnen verstrekken. Dit verzoeken om inlichtingen zal gewoonlijk geen formele interne procedure vereisen die verder gaat dan de procedure die al door de entiteit is ingevoerd. -#### . Schriftelijke bevestigingen aangaande de verantwoordelijkheden van het management (Zie Par. 10–11) +#### . Schriftelijke bevestigingen aangaande de verantwoordelijkheden van het management (Zie Par. 10–11) A7 Tijdens de controle verkregen controle-informatie die aangeeft dat het management de in de paragrafen 10 en 11 genoemde verantwoordelijkheden is nagekomen, is niet voldoende zonder het verkrijgen van een bevestiging van het management dat het van mening is deze verantwoordelijkheden te zijn nagekomen. Dit komt doordat de accountant niet in staat is om zelf op grond van andere controle-informatie te beoordelen of het management de financiële overzichten heeft opgesteld en gepresenteerd alsmede informatie aan de accountant heeft verstrekt op basis van zijn overeenstemming dat het zijn verantwoordelijkheden erkent en begrijpt. De accountant kan bijvoorbeeld niet vaststellen dat het management hem alle relevante informatie heeft verschaft zoals overeengekomen in de voorwaarden van de controleopdracht, zonder dat hij het management vraagt of en de bevestiging ontvangt dat deze informatie aan hem is verschaft. A8 De op grond van de paragrafen 10 en 11 vereiste schriftelijke bevestigingen berusten op voorwaarden van de controleopdracht met daarin de instemming van het management dat het zijn verantwoordelijkheden erkent en begrijpt. Op verzoek van de accountant bevestigt het management dat het deze verantwoordelijkheden is nagekomen. De accountant kan eveneens het management vragen opnieuw via schriftelijke bevestigingen te bevestigen dat het deze verantwoordelijkheden erkent en begrijpt. Dit is gebruikelijk in bepaalde rechtsgebieden maar kan in elk geval bijzonder geschikt zijn wanneer: @@ -8109,7 +8109,7 @@ In overeenstemming met het vereiste in Standaard 210401Standaard 210, paragraaf A9 De mandaten voor controles van financiële overzichten van entiteiten in de publieke sector kunnen ruimer zijn dan die voor andere entiteiten. Ten gevolge daarvan kan het uitgangspunt met betrekking tot de verantwoordelijkheden van het management op basis waarvan een controle van de financiële overzichten van een entiteit in de publieke sector wordt uitgevoerd, aanleiding geven tot aanvullende schriftelijke bevestigingen. Hierbij kan het onder meer gaan om schriftelijke bevestigingen waarin wordt bevestigd dat transacties en gebeurtenissen in overeenstemming met de wet- en regelgeving of met andere van kracht zijnde voorschriften zijn uitgevoerd. -#### . Andere schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 13) +#### . Andere schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 13) ##### . Aanvullende schriftelijke bevestigingen inzake de financiële overzichten @@ -8137,18 +8137,18 @@ A12 Wanneer de accountant informatie verkrijgt over gemaakte oordeelsvormingen o • het bestaan van of het ontbreken van enige andere informatie die in de loop van de controle had kunnen worden verkregen en die inconsistent zou kunnen zijn met de beoordelingen of de voornemens van het management. A13 Bovendien kan de accountant het noodzakelijk achten het management te verzoeken schriftelijke bevestigingen te verschaffen inzake specifieke beweringen in de financiële overzichten; in het bijzonder ter onderbouwing van een inzicht dat de accountant uit andere controle-informatie heeft verkregen met betrekking tot de beoordelingen of de voornemens van het management inzake een bepaalde bewering dan wel inzake de volledigheid van een bepaalde bewering. Bijvoorbeeld, indien de voornemens van het management belangrijk zijn voor de basis voor waardering van investeringen kan het onmogelijk zijn voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen zonder schriftelijke bevestigingen van het management inzake zijn intenties. Hoewel dergelijke schriftelijke bevestigingen noodzakelijke controle-informatie verschaffen, verschaffen zij op zichzelf niet voldoende en geschikte controle-informatie voor die bewering. -#### . Het meedelen van een grensbedrag (Zie Par. 10–11, 13) +#### . Het meedelen van een grensbedrag (Zie Par. 10–11, 13) A14 Standaard 450 vereist van de accountant dat hij de tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen accumuleert, met uitzondering van die welke duidelijk triviaal zijn.402Standaard 450, *Evaluatie van tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen*, paragraaf 5. De accountant kan een grensbedrag bepalen waarboven afwijkingen niet als duidelijk triviaal kunnen worden aangemerkt. Op dezelfde wijze kan de accountant overwegen aan het management een grensbedrag mee te delen voor de doeleinden van de gevraagde schriftelijke bevestigingen. -#### . De datum van schriftelijke bevestigingen en de periode(n) waarop zij betrekking hebben (Zie Par. 14) +#### . De datum van schriftelijke bevestigingen en de periode(n) waarop zij betrekking hebben (Zie Par. 14) A15 Omdat schriftelijke bevestigingen noodzakelijke controle-informatie vormen, kan het oordeel van de accountant niet tot uitdrukking worden gebracht en kan de controleverklaring niet worden gedateerd vóór de datum van de schriftelijke bevestigingen. Verder worden, omdat de accountant bedacht is op gebeurtenissen die zich voordoen tot aan de datum van de controleverklaring en die mogelijk een aanpassing van of een toelichting in de financiële overzichten vereisen, de schriftelijke bevestigingen gedateerd zo dicht als praktisch uitvoerbaar is bij, maar niet na, de datum van de controleverklaring over de financiële overzichten. A16 In sommige situaties kan het voor de accountant passend zijn tijdens de uitvoering van de controle een schriftelijke bevestiging te ontvangen inzake een specifieke bewering in de financiële overzichten. Wanneer dit het geval is, kan het noodzakelijk zijn om een geactualiseerde versie van de schriftelijke bevestiging te verzoeken. A17 De schriftelijke bevestigingen hebben betrekking op alle verslagperioden waarnaar in de controleverklaring wordt verwezen omdat het management opnieuw moet bevestigen dat de schriftelijke bevestigingen die het eerder heeft verstrekt met betrekking tot voorgaande perioden, passend blijven. De accountant en het management kunnen overeenstemming bereiken over een vorm van schriftelijke bevestigingen die de schriftelijke bevestigingen met betrekking tot voorgaande verslagperioden actualiseert door middel van het vermelden of er eventuele veranderingen zijn ten opzichte van deze schriftelijke bevestigingen en zo ja, welke dat zijn. A18 Er kunnen zich situaties voordoen waarin het huidige management niet in functie was gedurende alle perioden waarop de controleverklaring betrekking heeft. Deze personen kunnen beweren dat zij niet in staat zijn om bepaalde of alle schriftelijke bevestigingen te verschaffen omdat zij gedurende die periode niet in functie waren. Deze situatie neemt echter niet de verantwoordelijkheden van deze personen voor de financiële overzichten als geheel weg. Bijgevolg is het vereiste nog steeds van toepassing dat de accountant aan hen schriftelijke bevestigingen vraagt die betrekking hebben op de totaliteit van de desbetreffende periode(n). -#### . De vorm van schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 15) +#### . De vorm van schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 15) A19 Schriftelijke bevestigingen zijn vereist te worden opgenomen in een bevestigingsbrief gericht aan de accountant. In sommige rechtsgebieden kan bij wet- of regelgeving zijn bepaald dat van het management is vereisteen schriftelijke openbare verklaringomtrent zijn verantwoordelijkhedenaf te leggen. Hoewel een dergelijke verklaring een bevestiging inhoudt aan de gebruikers van de financiële overzichten, dan wel aan de desbetreffende instanties, kan de accountant beslissen dat dit een geschikte vorm van een schriftelijke bevestiging is met betrekking tot bepaalde of alle bevestigingen die vereist zijn op grond van paragraaf 10 of 11. Als gevolg daarvan hoeven de betrokken aangelegenheden waarop een dergelijke verklaring betrekking heeft, niet in de bevestigingsbrief te worden opgenomen. @@ -8156,23 +8156,23 @@ Factoren die van invloed kunnen zijn op de beslissing van de accountant zijn ond • de vraag of de verklaringeen bevestiging inhoudt van het nakomen van verantwoordelijkheden zoals bedoeld in de paragrafen 10 en 11; • de vraag of de verklaring is verstrekt of goedgekeurd door degene van wie de accountant de desbetreffende schriftelijke bevestigingen vraagt; -• de vraag of een kopie van de verklaring aan de accountant is verstrekt zo dicht als praktisch uitvoerbaar is bij, maar niet na, de datum van de controleverklaring bij de financiële overzichten (Zie Par. 14). +• de vraag of een kopie van de verklaring aan de accountant is verstrekt zo dicht als praktisch uitvoerbaar is bij, maar niet na, de datum van de controleverklaring bij de financiële overzichten (Zie Par. 14). A20 Een formele verklaring inzake het naleven van wet- of regelgeving, dan wel het goedkeuren van de financiële overzichten, zou niet voldoende informatie bevatten voor de accountant om ervan overtuigd te zijn dat alle noodzakelijke bevestigingen weloverwogen zijn verstrekt. De formulering van de verantwoordelijkheden van het management in wet- of regelgeving is evenmin een vervanging voor de gevraagde schriftelijke bevestigingen. A21 Bijlage 2 geeft een voorbeeld van een bevestigingsbrief. -#### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 10, 11 en 13) +#### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 10, 11 en 13) A22 Standaard 260 vereist dat de accountant de schriftelijke bevestigingen die hij van het management heeft gevraagd, meedeelt aan de met governance belaste personen403Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 16(c)(ii).. #### . Twijfel omtrent de betrouwbaarheid van schriftelijke bevestigingen en gevraagde schriftelijke bevestigingen die niet zijn verstrekt -##### . Twijfel omtrent de betrouwbaarheid van schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 16–17) +##### . Twijfel omtrent de betrouwbaarheid van schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 16–17) A23 In het geval van geïdentificeerde inconsistenties tussen één of meer schriftelijke bevestigingen en controle-informatie die vanuit een andere bron is verkregen, kan de accountant overwegen of de risico-inschatting juist blijft en zo niet, de risico-inschatting herzien en de aard, timing en omvang van verdere controlewerkzaamheden bepalen om op de ingeschatte risico’s in te spelen. A24 Twijfels over de bekwaamheid, integriteit, ethische waarden of zorgvuldigheid van het management, dan wel bij zijn inzet hiervoor of bij de handhaving daarvan, kunnen de accountant doen besluiten dat het risico op het geven van een verkeerde voorstelling in de financiële overzichten door het management zodanig is dat de controle niet kan worden uitgevoerd. In een dergelijk geval kan de accountant overwegen om, indien dat mogelijk is binnen de van toepassing zijnde wet- of regelgeving, de opdracht terug te geven, tenzij de met governance belaste personen daarvoor de passende correctieve maatregelen implementeren. Dergelijke maatregelen kunnen echter onvoldoende zijn om de accountant in staat te stellen een niet aangepast controleoordeel te geven. A25 Standaard 230 vereist dat de accountant belangrijke aangelegenheden die tijdens de controle aan de orde komen, de conclusies die daarover zijn getrokken, alsmede de significante professionele oordeelsvormingen die zijn gemaakt om tot deze conclusies te komen,404Standaard 230, *Controledocumentatie*, de paragrafen 8(c) en 10. documenteert. De accountant kan significante kwesties hebben geïdentificeerd met betrekking tot de bekwaamheid, integriteit, ethische waarden of zorgvuldigheid van het management, dan wel met betrekking tot zijn inzet hiervoor of zijn handhaving daarvan, maar hij kan niettemin tot de conclusie zijn gekomen dat de schriftelijke bevestigingen desondanks betrouwbaar zijn. In een dergelijke situatie wordt deze belangrijke aangelegenheid gedocumenteerd in overeenstemming met Standaard 230. -##### . Schriftelijke bevestigingen aangaande de verantwoordelijkheden van het management (zie Par. 20) +##### . Schriftelijke bevestigingen aangaande de verantwoordelijkheden van het management (zie Par. 20) A26 Zoals is uiteengezet in paragraaf A7, is de accountant niet in staat alleen op grond van andere controle-informatie te beoordelen of het management de verantwoordelijkheden zoals bedoeld in de paragrafen 10 en 11, is nagekomen. Daarom is de accountant, indien hij, zoals is omschreven in paragraaf 20(a), tot de conclusie komt dat de schriftelijke bevestigingen met betrekking tot deze aangelegenheden niet betrouwbaar zijn, dan wel indien het management deze schriftelijke bevestigingen niet verschaft, niet in staat voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. De mogelijke effecten daarvan op de financiële overzichten zijn niet beperkt tot bepaalde elementen, rekeningen of posten van de financiële overzichten en hebben daarom een diepgaande invloed. Standaard 705 vereist dat de accountant in dergelijke situaties een oordeelonthouding over de financiële overzichten formuleert.405Standaard 705, paragraaf 9. A27 Een schriftelijke bevestiging die is aangepast ten opzichte van de door de accountant gevraagde bevestiging betekent niet noodzakelijkerwijs dat het management de schriftelijke bevestiging niet heeft verschaft. De onderliggende reden voor een dergelijke aanpassing kan van invloed zijn op het oordeel in de controleverklaring. Bijvoorbeeld: @@ -8180,7 +8180,7 @@ A27 Een schriftelijke bevestiging die is aangepast ten opzichte van de door de a • de schriftelijke bevestiging omtrent het door het management nakomen van zijn verantwoordelijkheden voor het opstellen en de presentatie van de financiële overzichten kan vermelden dat het management van mening is dat de financiële overzichten zijn opgesteld en gepresenteerd in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, uitgezonderd het van materieel belang zijnde feit dat niet voldaan is aan een specifiek vereiste van dat stelsel. Hetgeen op grond van paragraaf 20 wordt vereist, is niet van toepassing omdat de accountant tot de conclusie is gekomen dat het management betrouwbare schriftelijke bevestigingen heeft verschaft. Van de accountant wordt echter vereist dat hij overeenkomstig Standaard 705 rekening houdt met het effect van dit geval van niet naleven op het oordeel in de controleverklaring. • de schriftelijke bevestiging omtrent de verantwoordelijkheid van het management voor het aan de accountant verschaffen van alle relevante informatie zoals overeengekomen in de voorwaarden van de controleopdracht, kan vermelden dat het management van mening is dat het, uitgezonderd informatie die door brand is vernietigd, de accountant deze informatie heeft verschaft. Hetgeen op grond van paragraaf 20 wordt vereist is niet van toepassing omdat de accountant tot de conclusie is gekomen dat het management betrouwbare schriftelijke bevestigingen heeft verschaft. Van de accountant wordt echter vereist dat hij overeenkomstig Standaard 705 rekening houdt met de diepgaande invloed van de door de brand vernietigde informatie op de financiële overzichten en het gevolg daarvan voor het oordeel in de controleverklaring. -### 1:. Lijst van Standaarden die vereisten voor schriftelijke bevestigingen bevatten (Zie Par. 2) +### 1:. Lijst van Standaarden die vereisten voor schriftelijke bevestigingen bevatten (Zie Par. 2) Deze bijlage vermeldt welke paragrafen van de andere Standaarden onderwerp-specifieke schriftelijke bevestigingen vereisen. Deze opsomming is geen vervanging voor het in aanmerking nemen van de vereisten en de daarmee verband houdende toepassingsgerichte en overige verklarende teksten in de Standaarden. @@ -8194,9 +8194,9 @@ Deze bijlage vermeldt welke paragrafen van de andere Standaarden onderwerp-speci – Standaard 570, *Continuïteit* – paragraaf 16(e) – Standaard 710, *Ter vergelijking opgenomen informatie- Overeenkomstige cijfers en vergelijkende financiële overzichten* – paragraaf 9 -### 2:. Voorbeeld van bevestigingsbrief (Zie: Par. A23) +### 2:. Voorbeeld van bevestigingsbrief (Zie: Par. A23) -Voor voorbeeldteksten van bevestigingsbrieven wordt verwezen naar HRA deel 3. +Voor voorbeeldteksten van bevestigingsbrieven wordt verwezen naar HRA deel 3. ## 600. Bijzondere overwegingen – controles van financiële overzichten van een groep (inclusief de werkzaamheden van accountants van groepsonderdelen) @@ -8206,7 +8206,7 @@ Voor voorbeeldteksten van bevestigingsbrieven wordt verwezen naar HRA deel 3. 1 De Standaarden zijn van toepassing op groepscontroles. Deze Standaard behandelt bijzondere overwegingen die van toepassing zijn op groepscontroles, in het bijzonder die groepscontroles waarbij accountants van groepsonderdelen betrokken zijn. 2 Een accountant kan deze Standaard, naargelang nodig aan de omstandigheden aangepast, nuttig achten wanneer hij andere accountants betrekt bij de controle van financiële overzichten die niet tot de financiële overzichten van de groep behoren. Een accountant kan bijvoorbeeld een andere accountant betrekken bij het waarnemen van de voorraadopname of bij het inspecteren van fysieke vaste activa op een afgelegen locatie. -3 Van een accountant van een groepsonderdeel kan op grond van wet- of regelgeving of om een andere reden worden vereist een controleoordeel over de financiële overzichten van een groepsonderdeel tot uitdrukking te brengen. Het opdrachtteam op groepsniveau kan besluiten om gebruik te maken van de controle-informatie waarop het controleoordeel over de financiële overzichten van het groepsonderdeel is gebaseerd teneinde controle-informatie voor de groepscontrole te verschaffen, maar de vereisten van deze Standaard blijven onverkort van toepassing. (Zie Par. A1) +3 Van een accountant van een groepsonderdeel kan op grond van wet- of regelgeving of om een andere reden worden vereist een controleoordeel over de financiële overzichten van een groepsonderdeel tot uitdrukking te brengen. Het opdrachtteam op groepsniveau kan besluiten om gebruik te maken van de controle-informatie waarop het controleoordeel over de financiële overzichten van het groepsonderdeel is gebaseerd teneinde controle-informatie voor de groepscontrole te verschaffen, maar de vereisten van deze Standaard blijven onverkort van toepassing. (Zie Par. A1) 4 Overeenkomstig Standaard 220406Standaard 220, *Kwaliteitsbeheersing voor een controle van financiële overzichten*, paragraaf 14 en 15. wordt van de opdrachtpartner op groepsniveau vereist dat hij ervan overtuigd is dat de personen die de controleopdracht op groepsniveau uitvoeren, met inbegrip van de accountants van groepsonderdelen, gezamenlijk de geschikte competentie en capaciteiten hebben. De opdrachtpartner op groepsniveau is tevens verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de controleopdracht op groepsniveau. 5 De opdrachtpartner op groepsniveau past de vereisten van Standaard 220 toe, ongeacht of het opdrachtteam op groepsniveau dan wel een accountant van een groepsonderdeel de werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van een groepsonderdeel uitvoert. Deze Standaard helpt de opdrachtpartner op groepsniveau aan de vereisten van Standaard 220 te voldoen indien accountants van groepsonderdelen werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van groepsonderdelen uitvoeren. 6 Het controlerisico is een functie van het risico op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten en het risico dat de accountant dergelijke afwijkingen niet zal detecteren.407Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden*, paragraaf A32. Bij een groepscontrole omvat dit het risico dat de accountant van een groepsonderdeel een afwijking in de financiële informatie van het groepsonderdeel die een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep zou kunnen veroorzaken, niet detecteert, en het risico dat het opdrachtteam op groepsniveau deze afwijking niet detecteert. Deze Standaard zet de aangelegenheden uiteen die het opdrachtteam op groepsniveau overweegt bij het bepalen van de aard, timing en omvang van zijn betrokkenheid bij de risico-inschattingswerkzaamheden en de verdere controlewerkzaamheden die door de accountants van groepsonderdelen met betrekking tot de financiële informatie van groepsonderdelen worden uitgevoerd. Deze betrokkenheid is gericht op het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie om daarop het controleoordeel over de financiële overzichten van de groep te baseren. @@ -8229,8 +8229,8 @@ b. indien hij fungeert als de accountant van de financiële overzichten van de g 9 Voor de toepassing van de Standaarden hebben de volgende termen de hierna weergegeven betekenis: -a. *groepsonderdeel* – Een entiteit of zakelijke activiteit waarvoor het management op groepsniveau of op het niveau van een groepsonderdeel financiële informatie opstelt die in de financiële overzichten van de groep moet worden opgenomen; (Zie Par. A2, A3 en A4) -b. *accountant van een groepsonderdeel* – Een accountant die, op verzoek van het opdrachtteam op groepsniveau, ten behoeve van de groepscontrole werkzaamheden uitvoert met betrekking tot financiële informatie die verband houdt met een groepsonderdeel; (Zie Par. A7) +a. *groepsonderdeel* – Een entiteit of zakelijke activiteit waarvoor het management op groepsniveau of op het niveau van een groepsonderdeel financiële informatie opstelt die in de financiële overzichten van de groep moet worden opgenomen; (Zie Par. A2, A3 en A4) +b. *accountant van een groepsonderdeel* – Een accountant die, op verzoek van het opdrachtteam op groepsniveau, ten behoeve van de groepscontrole werkzaamheden uitvoert met betrekking tot financiële informatie die verband houdt met een groepsonderdeel; (Zie Par. A7) c. *management van een groepsonderdeel* – Het management dat verantwoordelijk is voor het opstellen van de financiële informatie van een groepsonderdeel; d. *materialiteit voor een groepsonderdeel* – De materialiteit voor een groepsonderdeel dat door het opdrachtteam op groepsniveau is bepaald; e. *groep* – Alle groepsonderdelen waarvan de financiële informatie in de financiële overzichten van de groep is opgenomen. Een groep heeft altijd meer dan een groepsonderdeel; @@ -8241,7 +8241,7 @@ i. *opdrachtteam op groepsniveau* – Partners, onder wie de opdrachtpartner op j. *financiële overzichten van de groep* – Financiële overzichten die de financiële informatie van meer dan een groepsonderdeel omvatten. De term ‘financiële overzichten van de groep’ verwijst ook naar gecombineerde financiële overzichten waarin de financiële informatie is samengevoegd die is opgesteld door groepsonderdelen waarvoor geen moedermaatschappij bestaat maar waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend; k. *management op groepsniveau* – Het management dat verantwoordelijk is voor het opstellen van de financiële overzichten van de groep; l. *interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel* – Interne beheersingsmaatregelen die door het management op groepsniveau zijn opgezet en worden geïmplementeerd en onderhouden ten behoeve van de financiële verslaggeving van de groep; -m. *significant groepsonderdeel* – Een door het opdrachtteam op groepsniveau aangewezen groepsonderdeel dat (i) individueel financieel significant is voor de groep of (ii) op grond van zijn bijzondere aard of omstandigheden waarschijnlijk significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep inhoudt. (Zie Par. A5–A6) +m. *significant groepsonderdeel* – Een door het opdrachtteam op groepsniveau aangewezen groepsonderdeel dat (i) individueel financieel significant is voor de groep of (ii) op grond van zijn bijzondere aard of omstandigheden waarschijnlijk significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep inhoudt. (Zie Par. A5–A6) 10 Een verwijzing naar ‘het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving’ doelt op het stelsel inzake financiële verslaggeving dat op de financiële overzichten van de groep van toepassing is. Een verwijzing naar ‘het consolidatieproces’ omvat: a. de opname van, de waardering van, de presentatie van en de toelichtingen opgenomen in de financiële informatie van de groepsonderdelen in de financiële overzichten van de groep door middel van integrale of proportionele consolidatie, of van de equity-methode of de kostprijsmethode; en @@ -8251,58 +8251,58 @@ b. de samenvoeging in de gecombineerde financiële overzichten van de financiël #### . Verantwoordelijkheid -11 De opdrachtpartner op groepsniveau is verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de controleopdracht op groepsniveau in overeenstemming met professionele standaarden en de van toepassing zijnde vereisten op grond van wet- en regelgeving, alsmede voor de vraag of de uitgebrachte controleverklaring in de gegeven omstandigheden passend is.408Standaard 220, paragraaf 15. Als gevolg daarvan dient in de controleverklaring bij de financiële overzichten van de groep niet te worden verwezen naar een accountant van een groepsonderdeel, tenzij de opname van een dergelijke verwijzing op grond van wet- of regelgeving vereist is. Indien een dergelijke verwijzing op grond van wet- of regelgeving vereist is, dient de controleverklaring aan te geven dat de verwijzing de verantwoordelijkheid van de opdrachtpartner op groepsniveau dan wel zijn kantoor voor het controleoordeel op groepsniveau niet vermindert. (Zie Par. A8, ) +11 De opdrachtpartner op groepsniveau is verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de controleopdracht op groepsniveau in overeenstemming met professionele standaarden en de van toepassing zijnde vereisten op grond van wet- en regelgeving, alsmede voor de vraag of de uitgebrachte controleverklaring in de gegeven omstandigheden passend is.408Standaard 220, paragraaf 15. Als gevolg daarvan dient in de controleverklaring bij de financiële overzichten van de groep niet te worden verwezen naar een accountant van een groepsonderdeel, tenzij de opname van een dergelijke verwijzing op grond van wet- of regelgeving vereist is. Indien een dergelijke verwijzing op grond van wet- of regelgeving vereist is, dient de controleverklaring aan te geven dat de verwijzing de verantwoordelijkheid van de opdrachtpartner op groepsniveau dan wel zijn kantoor voor het controleoordeel op groepsniveau niet vermindert. (Zie Par. A8, ) #### . Aanvaarding en continuering -12 Bij de toepassing van Standaard 220 dient de opdrachtpartner op groepsniveau te bepalen of redelijkerwijs kan worden verwacht dat voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot het consolidatieproces en de financiële informatie van de groepsonderdelen wordt verkregen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren. Hiertoe dient het opdrachtteam op groepsniveau voldoende inzicht in de groep, haar onderdelen en hun omgevingen te verwerven om de groepsonderdelen aan te wijzen die waarschijnlijk significante groepsonderdelen zijn. Wanneer accountants van groepsonderdelen werkzaamheden uitvoeren met betrekking tot de financiële informatie van deze groepsonderdelen, dient de opdrachtpartner op groepsniveau te evalueren of het opdrachtteam op groepsniveau in staat zal zijn in een zodanige mate bij de werkzaamheden van de accountants van die groepsonderdelen te worden betrokken dat het voldoende en geschikte controle-informatie kan verkrijgen. (Zie Par. A10, A11 en A12) +12 Bij de toepassing van Standaard 220 dient de opdrachtpartner op groepsniveau te bepalen of redelijkerwijs kan worden verwacht dat voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot het consolidatieproces en de financiële informatie van de groepsonderdelen wordt verkregen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren. Hiertoe dient het opdrachtteam op groepsniveau voldoende inzicht in de groep, haar onderdelen en hun omgevingen te verwerven om de groepsonderdelen aan te wijzen die waarschijnlijk significante groepsonderdelen zijn. Wanneer accountants van groepsonderdelen werkzaamheden uitvoeren met betrekking tot de financiële informatie van deze groepsonderdelen, dient de opdrachtpartner op groepsniveau te evalueren of het opdrachtteam op groepsniveau in staat zal zijn in een zodanige mate bij de werkzaamheden van de accountants van die groepsonderdelen te worden betrokken dat het voldoende en geschikte controle-informatie kan verkrijgen. (Zie Par. A10, A11 en A12) 13 Indien de opdrachtpartner op groepsniveau tot de conclusie komt dat: a. het voor het opdrachtteam op groepsniveau niet mogelijk zal zijn voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen vanwege beperkingen die door het management op groepsniveau zijn opgelegd; en b. het mogelijke effect hiervan zal leiden tot een oordeelonthouding over de financiële overzichten van de groep409Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*.; dient de opdrachtpartner op groepsniveau ofwel: • indien het een nieuwe opdracht betreft, deze niet te aanvaarden, of indien het een doorlopende opdracht betreft, deze terug te geven indien dat overeenkomstig de van toepassing zijnde wet- of regelgeving mogelijk is; of -• indien wet- of regelgeving een accountant verbiedt om een opdracht te weigeren of indien het niet anderszins mogelijk is een opdracht terug te geven, een oordeelonthouding te formuleren bij de financiële overzichten van de groep nadat hij voor zover mogelijk de controle van de financiële overzichten van de groep heeft uitgevoerd. (Zie Par. A13, A14, A15, A16, A17, A18 en A19) +• indien wet- of regelgeving een accountant verbiedt om een opdracht te weigeren of indien het niet anderszins mogelijk is een opdracht terug te geven, een oordeelonthouding te formuleren bij de financiële overzichten van de groep nadat hij voor zover mogelijk de controle van de financiële overzichten van de groep heeft uitgevoerd. (Zie Par. A13, A14, A15, A16, A17, A18 en A19) ##### . Opdrachtvoorwaarden -14 De opdrachtpartner op groepsniveau dient overeenstemming te bereiken over de voorwaarden van de controleopdracht op groepsniveau overeenkomstig Standaard 210.410Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten*. (Zie Par. A20, A21) +14 De opdrachtpartner op groepsniveau dient overeenstemming te bereiken over de voorwaarden van de controleopdracht op groepsniveau overeenkomstig Standaard 210.410Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten*. (Zie Par. A20, A21) #### . Algemene controleaanpak en controleprogramma 15 Het opdrachtteam op groepsniveau dient een algehele aanpak voor de groepscontrole vast te stellen en dient een controleprogramma op groepsniveau te ontwikkelen overeenkomstig Standaard 300411Standaard 300, *Planning van een controle van financiële overzichten*, paragraaf 7, 8, 9, 10, 11 en 12.. -16 De opdrachtpartner op groepsniveau dient de algehele aanpak voor de groepscontrole en het controleprogramma op groepsniveau te beoordelen. (Zie Par. A22) +16 De opdrachtpartner op groepsniveau dient de algehele aanpak voor de groepscontrole en het controleprogramma op groepsniveau te beoordelen. (Zie Par. A22) #### . Inzicht in de groep, haar onderdelen en hun omgevingen 17 Van de accountant wordt vereist dat hij de risico’s op een afwijking van materieel belang identificeert en inschat door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving.412Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*. Het opdrachtteam op groepsniveau dient: a. zijn tijdens de fase van aanvaarding en continuering van de opdracht verworven inzicht in de groep, haar onderdelen en hun omgevingen, met inbegrip van de interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel, te verdiepen; en -b. inzicht te verwerven in het consolidatieproces, met inbegrip van de instructies van het management op groepsniveau aan groepsonderdelen. (Zie Par. A23, A24, A25, A26, A27, A28 en A29) +b. inzicht te verwerven in het consolidatieproces, met inbegrip van de instructies van het management op groepsniveau aan groepsonderdelen. (Zie Par. A23, A24, A25, A26, A27, A28 en A29) 18 Het opdrachtteam op groepsniveau dient inzicht te verwerven dat volstaat om: a. de initiële aanwijzing van groepsonderdelen die waarschijnlijk significant zijn te bevestigen of te herzien; en -b. de risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep als gevolg van fraude of fouten in te schatten. 413Standaard 315. (Zie Par. A30 en ) +b. de risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep als gevolg van fraude of fouten in te schatten. 413Standaard 315. (Zie Par. A30 en ) #### . Inzicht betreffende de accountant van een groepsonderdeel -19 Indien het opdrachtteam op groepsniveau voornemens is aan de accountant van een groepsonderdeel te verzoeken werkzaamheden uit te voeren met betrekking tot de financiële informatie van een groepsonderdeel, dient het opdrachtteam op groepsniveau inzicht te verwerven in: (Zie Par. A32, A33, A34 en A35) +19 Indien het opdrachtteam op groepsniveau voornemens is aan de accountant van een groepsonderdeel te verzoeken werkzaamheden uit te voeren met betrekking tot de financiële informatie van een groepsonderdeel, dient het opdrachtteam op groepsniveau inzicht te verwerven in: (Zie Par. A32, A33, A34 en A35) -a. de vraag of de accountant van het groepsonderdeel de voor de groepscontrole relevante ethische voorschriften begrijpt en zal naleven en, met name, of hij onafhankelijk is; (Zie Par. A37) -b. de vakbekwaamheid van de accountant van het groepsonderdeel; (Zie Par. A38) +a. de vraag of de accountant van het groepsonderdeel de voor de groepscontrole relevante ethische voorschriften begrijpt en zal naleven en, met name, of hij onafhankelijk is; (Zie Par. A37) +b. de vakbekwaamheid van de accountant van het groepsonderdeel; (Zie Par. A38) c. de vraag of het opdrachtteam op groepsniveau in staat zal zijn dermate bij de werkzaamheden van de accountant van het groepsonderdeel te worden betrokken dat het voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgt; -d. de vraag of de accountant van het groepsonderdeel actief is in een regelgevingskader waarin actief toezicht op accountants wordt uitgeoefend. (Zie Par. A36) -20 Indien een accountant van een groepsonderdeel niet voldoet aan de voor de groepscontrole relevante onafhankelijkheidsvoorschriften, of indien het opdrachtteam op groepsniveau ernstige punten van zorg heeft over de andere aangelegenheden die in paragraaf 19(a)–(c) zijn vermeld, dient het opdrachtteam op groepsniveau voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot de financiële informatie van het groepsonderdeel zonder de accountant van dat groepsonderdeel te verzoeken werkzaamheden uit te voeren met betrekking tot de financiële informatie van dat groepsonderdeel. (Zie Par. A39, A40 en A41) +d. de vraag of de accountant van het groepsonderdeel actief is in een regelgevingskader waarin actief toezicht op accountants wordt uitgeoefend. (Zie Par. A36) +20 Indien een accountant van een groepsonderdeel niet voldoet aan de voor de groepscontrole relevante onafhankelijkheidsvoorschriften, of indien het opdrachtteam op groepsniveau ernstige punten van zorg heeft over de andere aangelegenheden die in paragraaf 19(a)–(c) zijn vermeld, dient het opdrachtteam op groepsniveau voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot de financiële informatie van het groepsonderdeel zonder de accountant van dat groepsonderdeel te verzoeken werkzaamheden uit te voeren met betrekking tot de financiële informatie van dat groepsonderdeel. (Zie Par. A39, A40 en A41) #### . Materialiteit -21 Het opdrachtteam op groepsniveau dient het volgende te bepalen: (Zie Par. A42) +21 Het opdrachtteam op groepsniveau dient het volgende te bepalen: (Zie Par. A42) a. de materialiteit voor de financiële overzichten van de groep als geheel bij het vaststellen van de algehele aanpak voor de groepscontrole; b. indien, in de specifieke omstandigheden van de groep, de financiële overzichten van de groep specifieke transactiestromen, rekeningsaldi of toelichtingen bevatten waarvoor redelijkerwijs kan worden verwacht dat afwijkingen van kleinere bedragen dan het materialiteitsniveau voor de financiële overzichten van de groep als geheel invloed hebben op de economische beslissingen die gebruikers op basis van de financiële overzichten van de groep nemen, het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus die op deze bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of toelichtingen moeten worden toegepast; -c. de materialiteit voor die groepsonderdelen waar de accountants van een groepsonderdeel een controle of een beoordelingsopdracht zullen uitvoeren ten behoeve van de groepscontrole. Om de waarschijnlijkheid dat het totaal van niet gecorrigeerde en niet-gedetecteerde afwijkingen in de financiële overzichten van de groep het materialiteitsniveau voor de financiële overzichten van de groep als geheel overschrijdt tot een passend laag niveau terug te brengen, dient het materialiteitsniveau voor het groepsonderdeel lager te zijn dan het materialiteitsniveau voor de financiële overzichten van de groep als geheel. (Zie Par. A43, ) -d. de grenswaarde waarboven afwijkingen niet als duidelijk triviaal voor de financiële overzichten van de groep kunnen worden beschouwd. (Zie Par. A45) -22 Wanneer accountants van groepsonderdelen een controle zullen uitvoeren ten behoeve van een groepscontrole, dient het opdrachtteam op groepsniveau de geschiktheid van de uitvoeringsmaterialiteit zoals bepaald op het niveau van het groepsonderdeel te evalueren. (Zie Par. A46) +c. de materialiteit voor die groepsonderdelen waar de accountants van een groepsonderdeel een controle of een beoordelingsopdracht zullen uitvoeren ten behoeve van de groepscontrole. Om de waarschijnlijkheid dat het totaal van niet gecorrigeerde en niet-gedetecteerde afwijkingen in de financiële overzichten van de groep het materialiteitsniveau voor de financiële overzichten van de groep als geheel overschrijdt tot een passend laag niveau terug te brengen, dient het materialiteitsniveau voor het groepsonderdeel lager te zijn dan het materialiteitsniveau voor de financiële overzichten van de groep als geheel. (Zie Par. A43, ) +d. de grenswaarde waarboven afwijkingen niet als duidelijk triviaal voor de financiële overzichten van de groep kunnen worden beschouwd. (Zie Par. A45) +22 Wanneer accountants van groepsonderdelen een controle zullen uitvoeren ten behoeve van een groepscontrole, dient het opdrachtteam op groepsniveau de geschiktheid van de uitvoeringsmaterialiteit zoals bepaald op het niveau van het groepsonderdeel te evalueren. (Zie Par. A46) 23 Indien een groepsonderdeel op grond van wet- of regelgeving dan wel om een andere reden aan een controle onderworpen is en het opdrachtteam op groepsniveau die controle besluit te gebruiken om controle-informatie voor de groepscontrole te verschaffen, dient het opdrachtteam op groepsniveau te bepalen of: a. de materialiteit voor de financiële overzichten van het groepsonderdeel als geheel; en @@ -8312,10 +8312,10 @@ aan de vereisten van deze Standaard voldoen. #### . Het inspelen op ingeschatte risico’s -24 Van de accountant wordt vereist dat hij manieren opzet en implementeert om op passende wijze op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten in te spelen. Het opdrachtteam op groepsniveau dient het soort werkzaamheden te bepalen dat door het opdrachtteam op groepsniveau, of door de accountants van de groepsonderdelen namens dit team, moet worden uitgevoerd met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen (Zie Par. 26, 27, 28 en 29). Het opdrachtteam op groepsniveau dient eveneens de aard, timing en omvang van zijn betrokkenheid bij de werkzaamheden van de accountants van groepsonderdelen te bepalen. (Zie Par. 30, ). +24 Van de accountant wordt vereist dat hij manieren opzet en implementeert om op passende wijze op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten in te spelen. Het opdrachtteam op groepsniveau dient het soort werkzaamheden te bepalen dat door het opdrachtteam op groepsniveau, of door de accountants van de groepsonderdelen namens dit team, moet worden uitgevoerd met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen (Zie Par. 26, 27, 28 en 29). Het opdrachtteam op groepsniveau dient eveneens de aard, timing en omvang van zijn betrokkenheid bij de werkzaamheden van de accountants van groepsonderdelen te bepalen. (Zie Par. 30, ). 25 Indien de aard, timing en omvang van de werkzaamheden die moeten worden uitgevoerd met betrekking tot het consolidatieproces of de financiële informatie van de groepsonderdelen zijn gebaseerd op een verwachting dat de interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel effectief werken, of indien gegevensgerichte controles alleen geen voldoende en geschikte controle-informatie op het niveau van beweringen kunnen verschaffen, dient het opdrachtteam op groepsniveau de effectieve werking van deze interne beheersingsmaatregelen te toetsen of de accountant van een groepsonderdeel te verzoeken deze te toetsen. -##### . Het bepalen van het soort werkzaamheden dat met betrekking tot de financiële informatie van groepsonderdelen moet worden uitgevoerd (Zie: Par. A47) +##### . Het bepalen van het soort werkzaamheden dat met betrekking tot de financiële informatie van groepsonderdelen moet worden uitgevoerd (Zie: Par. A47) ###### . Significante groepsonderdelen @@ -8323,19 +8323,19 @@ aan de vereisten van deze Standaard voldoen. 27 Voor een groepsonderdeel dat vanwege zijn specifieke aard of omstandigheden significant is omdat het waarschijnlijk significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep inhoudt, dient het opdrachtteam op groepsniveau, of een accountant van het groepsonderdeel namens dit team, een of meer van de volgende werkzaamheden uit te voeren: a. een controle van de financiële informatie van het groepsonderdeel met gebruikmaking van de materialiteit voor het groepsonderdeel; -b. een controle van een of meer rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen met betrekking tot de waarschijnlijke significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep; (Zie Par. A48) -c. gespecificeerde controlewerkzaamheden met betrekking tot de waarschijnlijke significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep. (Zie Par. A49) +b. een controle van een of meer rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen met betrekking tot de waarschijnlijke significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep; (Zie Par. A48) +c. gespecificeerde controlewerkzaamheden met betrekking tot de waarschijnlijke significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep. (Zie Par. A49) ###### . Groepsonderdelen die niet significante groepsonderdelen zijn -28 Voor groepsonderdelen die geen significante groepsonderdelen zijn, dient het opdrachtteam op groepsniveau cijferanalyses op groepsniveau uit te voeren. (Zie Par. A50) +28 Voor groepsonderdelen die geen significante groepsonderdelen zijn, dient het opdrachtteam op groepsniveau cijferanalyses op groepsniveau uit te voeren. (Zie Par. A50) 29 Indien het opdrachtteam op groepsniveau niet van mening is dat uit: a. de werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van significante groepsonderdelen; b. de werkzaamheden met betrekking tot interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel en het consolidatieproces; en c. de op groepsniveau uitgevoerde cijferanalyses; -voldoende en geschikte controle-informatie zal worden verkregen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren, dient het opdrachtteam op groepsniveau groepsonderdelen te selecteren die geen significante groepsonderdelen zijn en dient het een of meer van de volgende werkzaamheden uit te voeren met betrekking tot de financiële informatie van de individuele geselecteerde groepsonderdelen, of dient het aan een accountant van een groepsonderdeel te verzoeken deze uit te voeren: (Zie Par. A51, A52 en A53) +voldoende en geschikte controle-informatie zal worden verkregen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren, dient het opdrachtteam op groepsniveau groepsonderdelen te selecteren die geen significante groepsonderdelen zijn en dient het een of meer van de volgende werkzaamheden uit te voeren met betrekking tot de financiële informatie van de individuele geselecteerde groepsonderdelen, of dient het aan een accountant van een groepsonderdeel te verzoeken deze uit te voeren: (Zie Par. A51, A52 en A53) • een controle van de financiële informatie van het groepsonderdeel met gebruikmaking van de materialiteit voor het groepsonderdeel; • een controle van een of meer transactiestromen, rekeningsaldi of in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen; @@ -8344,7 +8344,7 @@ voldoende en geschikte controle-informatie zal worden verkregen om daarop het co Het opdrachtteam op groepsniveau dient de selectie van groepsonderdelen in de tijd te variëren. -##### . Betrokkenheid bij de werkzaamheden van de accountants van de groepsonderdelen (Zie Par. A54 en A55) +##### . Betrokkenheid bij de werkzaamheden van de accountants van de groepsonderdelen (Zie Par. A54 en A55) ###### . Significante groepsonderdelen – Risico-inschatting @@ -8362,9 +8362,9 @@ c. het beoordelen van de door de accountant van het groepsonderdeel opgestelde d 32 Overeenkomstig paragraaf 17 verwerft het opdrachtteam op groepsniveau inzicht in de interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel en in het consolidatieproces, met inbegrip van de instructies van het management op groepsniveau aan groepsonderdelen. In overeenstemming met paragraaf 25 toetst het opdrachtteam op groepsniveau, of de accountant van een groepsonderdeel op verzoek van het opdrachtteam op groepsniveau, de effectieve werking van de interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel indien de aard, timing en omvang van de werkzaamheden die met betrekking tot het consolidatieproces moeten worden uitgevoerd, zijn gebaseerd op de verwachting dat de interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel effectief werken, of indien gegevensgerichte controlewerkzaamheden alleen geen voldoende en geschikte controle-informatie kunnen verschaffen op het niveau van beweringen. 33 Het opdrachtteam op groepsniveau dient verdere controlewerkzaamheden met betrekking tot het consolidatieproces op te zetten en uit te voeren om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep die uit het consolidatieproces voortkomen. Deze werkzaamheden dienen een evaluatie te omvatten of alle groepsonderdelen in de financiële overzichten van de groep zijn opgenomen. -34 Het opdrachtteam op groepsniveau dient de geschiktheid, volledigheid en nauwkeurigheid van consolidatieaanpassingen en herrubriceringen te evalueren, en dient te evalueren of er frauderisicofactoren of indicaties voor een mogelijke tendentie bij het management bestaan. (Zie Par. A56) +34 Het opdrachtteam op groepsniveau dient de geschiktheid, volledigheid en nauwkeurigheid van consolidatieaanpassingen en herrubriceringen te evalueren, en dient te evalueren of er frauderisicofactoren of indicaties voor een mogelijke tendentie bij het management bestaan. (Zie Par. A56) 35 Indien de financiële informatie van een groepsonderdeel niet is opgesteld in overeenstemming met dezelfde grondslagen voor financiële verslaggeving die op de financiële overzichten van de groep zijn toegepast, dient het opdrachtteam op groepsniveau te evalueren of de financiële informatie van dat groepsonderdeel op passende wijze is aangepast met het oog op het opstellen en presenteren van de financiële overzichten van de groep. -36 Het opdrachtteam op groepsniveau dient te bepalen of de financiële informatie die in de communicatie van de accountant van het groepsonderdeel is vermeld (Zie Par. (c)) dezelfde is als de financiële informatie die in de financiële overzichten van de groep is opgenomen. +36 Het opdrachtteam op groepsniveau dient te bepalen of de financiële informatie die in de communicatie van de accountant van het groepsonderdeel is vermeld (Zie Par. (c)) dezelfde is als de financiële informatie die in de financiële overzichten van de groep is opgenomen. 37 Indien de financiële overzichten van de groep de financiële overzichten omvatten van een groepsonderdeel waarvan de einddatum van de verslagperiode verschilt van die van de groep, dient het opdrachtteam op groepsniveau te evalueren of passende aanpassingen in de financiële overzichten van dat groepsonderdeel zijn aangebracht in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. #### . Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode @@ -8374,20 +8374,20 @@ c. het beoordelen van de door de accountant van het groepsonderdeel opgestelde d #### . Communicatie met de accountant van een groepsonderdeel -40 Het opdrachtteam op groepsniveau dient zijn vereisten tijdig aan de accountant van het groepsonderdeel mee te delen. Deze mededeling dient een uiteenzetting te bevatten van de uit te voeren werkzaamheden, het gebruik dat van die werkzaamheden zal worden gemaakt en de vorm en inhoud van de communicatie van de accountant van het groepsonderdeel met het opdrachtteam op groepsniveau. Deze mededeling dient ook het volgende te omvatten: (Zie Par. A57, A58, A60) +40 Het opdrachtteam op groepsniveau dient zijn vereisten tijdig aan de accountant van het groepsonderdeel mee te delen. Deze mededeling dient een uiteenzetting te bevatten van de uit te voeren werkzaamheden, het gebruik dat van die werkzaamheden zal worden gemaakt en de vorm en inhoud van de communicatie van de accountant van het groepsonderdeel met het opdrachtteam op groepsniveau. Deze mededeling dient ook het volgende te omvatten: (Zie Par. A57, A58, A60) -a. een verzoek dat de accountant van het groepsonderdeel, wetende in welke context het opdrachtteam op groepsniveau van zijn werkzaamheden gebruik zal maken, bevestigt dat hij met het opdrachtteam op groepsniveau zal samenwerken; (Zie Par. A59) +a. een verzoek dat de accountant van het groepsonderdeel, wetende in welke context het opdrachtteam op groepsniveau van zijn werkzaamheden gebruik zal maken, bevestigt dat hij met het opdrachtteam op groepsniveau zal samenwerken; (Zie Par. A59) b. de ethische voorschriften die relevant zijn voor de groepscontrole en, in het bijzonder, de onafhankelijkheidsvoorschriften; c. in het geval van een controle of beoordeling van de financiële informatie van een groepsonderdeel, het materialiteitsniveau voor het groepsonderdeel (en indien van toepassing het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus voor bijzondere transactiestromen, rekeningsaldi of op te nemen toelichtingen) en de grenswaarde waarboven een afwijking niet als duidelijk triviaal voor de financiële overzichten van de groep kan worden beschouwd; d. geïdentificeerde significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep, als gevolg van fraude of van fouten, die relevant zijn voor de werkzaamheden van de accountant van het groepsonderdeel. Het opdrachtteam op groepsniveau dient de accountant van het groepsonderdeel te verzoeken om tijdig te communiceren over alle andere geïdentificeerde significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep, als gevolg van fraude of fouten, in het groepsonderdeel, alsmede over het inspelen door de accountant van het groepsonderdeel op deze risico’s; e. een door het management op groepsniveau opgestelde lijst van verbonden partijen en elke andere verbonden partij waarvan het opdrachtteam op groepsniveau kennis heeft. Het opdrachtteam op groepsniveau dient de accountant van het groepsonderdeel te verzoeken om tijdig te communiceren over verbonden partijen die niet eerder door het management op groepsniveau of het opdrachtteam op groepsniveau waren geïdentificeerd. Het opdrachtteam op groepsniveau dient te bepalen of het dergelijke aanvullende verbonden partijen bekendmaakt aan andere accountants van groepsonderdelen. -41 Het opdrachtteam op groepsniveau dient de accountant van het groepsonderdeel te verzoeken om aangelegenheden mee te delen die relevant zijn voor de conclusie van het opdrachtteam op groepsniveau met betrekking tot de groepscontrole. Een dergelijke mededeling dient te omvatten: (Zie Par. A60) +41 Het opdrachtteam op groepsniveau dient de accountant van het groepsonderdeel te verzoeken om aangelegenheden mee te delen die relevant zijn voor de conclusie van het opdrachtteam op groepsniveau met betrekking tot de groepscontrole. Een dergelijke mededeling dient te omvatten: (Zie Par. A60) a. de vraag of de accountant van het groepsonderdeel zich heeft gehouden aan ethische voorschriften die voor de groepscontrole relevant zijn, met inbegrip van voorschriften inzake onafhankelijkheid en vakbekwaamheid; b. de vraag of de accountant van het groepsonderdeel de vereisten van het opdrachtteam op groepsniveau heeft nageleefd; c. de vermelding van de financiële informatie van het groepsonderdeel waarover de accountant van het groepsonderdeel verslag uitbrengt; d. informatie over gevallen van het niet naleven van wet- of regelgeving die aanleiding zouden kunnen geven tot een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep; -e. een lijst van niet-gecorrigeerde afwijkingen in de financiële informatie van het groepsonderdeel (de lijst hoeft geen afwijkingen te bevatten onder de grenswaarde voor duidelijk triviale afwijkingen die door het opdrachtteam op groepsniveau is meegedeeld (Zie Par. 40(c)); +e. een lijst van niet-gecorrigeerde afwijkingen in de financiële informatie van het groepsonderdeel (de lijst hoeft geen afwijkingen te bevatten onder de grenswaarde voor duidelijk triviale afwijkingen die door het opdrachtteam op groepsniveau is meegedeeld (Zie Par. 40(c)); f. indicaties voor mogelijke tendentie bij het management; g. een beschrijving van alle geïdentificeerde significante tekortkomingen in de interne beheersing op het niveau van het groepsonderdeel; h. andere belangrijke aangelegenheden die de accountant van het groepsonderdeel heeft meegedeeld of verwacht mee te delen aan de met governance belaste personen van het groepsonderdeel, met inbegrip van fraude of vermoede fraude waarbij het management van het groepsonderdeel, werknemers die een belangrijke rol spelen bij de interne beheersing op het niveau van het groepsonderdeel of andere personen betrokken zijn indien de fraude heeft geleid tot een afwijking van materieel belang in de financiële informatie van het groepsonderdeel; @@ -8398,16 +8398,16 @@ j. het totaal van de bevindingen, de conclusies of het oordeel van de accountant ##### . Het evalueren van de communicatie van de accountant van een groepsonderdeel en het adequaat zijn van zijn werkzaamheden -42 Het opdrachtteam op groepsniveau dient de communicatie van de accountant van het groepsonderdeel te evalueren. (Zie Par. 41) Het opdrachtteam op groepsniveau dient: +42 Het opdrachtteam op groepsniveau dient de communicatie van de accountant van het groepsonderdeel te evalueren. (Zie Par. 41) Het opdrachtteam op groepsniveau dient: a. significante aangelegenheden die bij die evaluatie aan de orde komen, te bespreken met de accountant van het groepsonderdeel, het management van het groepsonderdeel of het management op groepsniveau, naargelang passend; en -b. te bepalen of het noodzakelijk is andere relevante delen van de controledocumentatie van de accountant van het groepsonderdeel te beoordelen. (Zie Par. A61) +b. te bepalen of het noodzakelijk is andere relevante delen van de controledocumentatie van de accountant van het groepsonderdeel te beoordelen. (Zie Par. A61) 43 Als het opdrachtteam op groepsniveau tot de conclusie komt dat de werkzaamheden van de accountant van het groepsonderdeel niet volstaan, dient dit team te bepalen welke aanvullende werkzaamheden moeten worden uitgevoerd en of deze door de accountant van het groepsonderdeel dan wel door het opdrachtteam op groepsniveau moeten worden uitgevoerd. ##### . Het voldoende en geschikt zijn van de controle-informatie -44 Van de accountant wordt vereist dat hij voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgt teneinde het controlerisico tot een aanvaardbaar laag niveau terug te brengen, hetgeen hem in staat stelt redelijke conclusies te trekken ter onderbouwing van zijn oordeel. Het opdrachtteam op groepsniveau dient te evalueren of uit de controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd met betrekking tot het consolidatieproces en uit de door het opdrachtteam op groepsniveau en de accountants van de groepsonderdelen uitgevoerde werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren. (Zie Par. A62) -45 De opdrachtpartner op groepsniveau dient te evalueren wat het effect op het controleoordeel op groepsniveau is van eventuele niet gecorrigeerde afwijkingen (geïdentificeerd door het opdrachtteam op groepsniveau of meegedeeld door accountants van groepsonderdelen) en eventuele gevallen waarin het niet mogelijk is gebleken voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A63) +44 Van de accountant wordt vereist dat hij voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgt teneinde het controlerisico tot een aanvaardbaar laag niveau terug te brengen, hetgeen hem in staat stelt redelijke conclusies te trekken ter onderbouwing van zijn oordeel. Het opdrachtteam op groepsniveau dient te evalueren of uit de controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd met betrekking tot het consolidatieproces en uit de door het opdrachtteam op groepsniveau en de accountants van de groepsonderdelen uitgevoerde werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren. (Zie Par. A62) +45 De opdrachtpartner op groepsniveau dient te evalueren wat het effect op het controleoordeel op groepsniveau is van eventuele niet gecorrigeerde afwijkingen (geïdentificeerd door het opdrachtteam op groepsniveau of meegedeeld door accountants van groepsonderdelen) en eventuele gevallen waarin het niet mogelijk is gebleken voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. (Zie Par. A63) #### . Communicatie met het management op groepsniveau en de met governance belaste personen op groepsniveau @@ -8418,12 +8418,12 @@ b. te bepalen of het noodzakelijk is andere relevante delen van de controledocum a. tekortkomingen in de interne beheersing geldend voor de groep als geheel die het opdrachtteam op groepsniveau heeft onderkend; b. tekortkomingen die het opdrachtteam op groepsniveau heeft onderkend in de interne beheersingsmaatregelen bij groepsonderdelen; en c. tekortkomingen in de interne beheersing die de accountants van groepsonderdelen onder de aandacht van het opdrachtteam op groepsniveau hebben gebracht. -47 Indien fraude door het opdrachtteam op groepsniveau is geïdentificeerd dan wel door een accountant van een groepsonderdeel onder de aandacht van het opdrachtteam op groepsniveau is gebracht (Zie Par. 41(h)), of indien informatie erop wijst dat er fraude kan bestaan, dient het opdrachtteam op groepsniveau dit tijdig mee te delen aan het passende verantwoordelijkheidsniveau van het management op groepsniveau teneinde de personen die in eerste instantie verantwoordelijk zijn voor het voorkomen en detecteren van fraude te informeren over aangelegenheden die in het kader van hun verantwoordelijkheden relevant zijn. (Zie Par. A64) -48 Van een accountant van een groepsonderdeel kan op grond van wet- of regelgeving of om een andere reden vereist worden een controleoordeel over de financiële overzichten van een groepsonderdeel tot uitdrukking te brengen. In dat geval dient het opdrachtteam op groepsniveau het management op groepsniveau te verzoeken om het management van het groepsonderdeel op de hoogte te stellen van elke aangelegenheid waarvan het opdrachtteam op groepsniveau zich bewust wordt en die mogelijk significant is voor de financiële overzichten van het groepsonderdeel maar waarvan het management van het groepsonderdeel mogelijk niet op de hoogte is. Indien het management op groepsniveau weigert deze aangelegenheid aan het management van het groepsonderdeel mee te delen, dient het opdrachtteam op groepsniveau deze aangelegenheid te bespreken met de met governance belaste personen op groepsniveau. Als deze aangelegenheid onopgelost blijft, dient het opdrachtteam op groepsniveau, behoudens juridische overwegingen en overwegingen inzake professionele geheimhouding, te overwegen of het de accountant van het groepsonderdeel al dan niet zal aanraden om de controleverklaring bij de financiële overzichten van het groepsonderdeel niet uit te brengen totdat de aangelegenheid is opgelost. (Zie Par. A65) +47 Indien fraude door het opdrachtteam op groepsniveau is geïdentificeerd dan wel door een accountant van een groepsonderdeel onder de aandacht van het opdrachtteam op groepsniveau is gebracht (Zie Par. 41(h)), of indien informatie erop wijst dat er fraude kan bestaan, dient het opdrachtteam op groepsniveau dit tijdig mee te delen aan het passende verantwoordelijkheidsniveau van het management op groepsniveau teneinde de personen die in eerste instantie verantwoordelijk zijn voor het voorkomen en detecteren van fraude te informeren over aangelegenheden die in het kader van hun verantwoordelijkheden relevant zijn. (Zie Par. A64) +48 Van een accountant van een groepsonderdeel kan op grond van wet- of regelgeving of om een andere reden vereist worden een controleoordeel over de financiële overzichten van een groepsonderdeel tot uitdrukking te brengen. In dat geval dient het opdrachtteam op groepsniveau het management op groepsniveau te verzoeken om het management van het groepsonderdeel op de hoogte te stellen van elke aangelegenheid waarvan het opdrachtteam op groepsniveau zich bewust wordt en die mogelijk significant is voor de financiële overzichten van het groepsonderdeel maar waarvan het management van het groepsonderdeel mogelijk niet op de hoogte is. Indien het management op groepsniveau weigert deze aangelegenheid aan het management van het groepsonderdeel mee te delen, dient het opdrachtteam op groepsniveau deze aangelegenheid te bespreken met de met governance belaste personen op groepsniveau. Als deze aangelegenheid onopgelost blijft, dient het opdrachtteam op groepsniveau, behoudens juridische overwegingen en overwegingen inzake professionele geheimhouding, te overwegen of het de accountant van het groepsonderdeel al dan niet zal aanraden om de controleverklaring bij de financiële overzichten van het groepsonderdeel niet uit te brengen totdat de aangelegenheid is opgelost. (Zie Par. A65) ##### . Communicatie met de met governance belaste personen op groepsniveau -49 Het opdrachtteam op groepsniveau dient de volgende aangelegenheden aan de met governance belaste personen op groepsniveau mee te delen naast de aangelegenheden die op grond van Standaard 260415Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*. en andere Standaarden vereist zijn: (Zie Par. A66) +49 Het opdrachtteam op groepsniveau dient de volgende aangelegenheden aan de met governance belaste personen op groepsniveau mee te delen naast de aangelegenheden die op grond van Standaard 260415Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*. en andere Standaarden vereist zijn: (Zie Par. A66) a. een overzicht van het soort werkzaamheden dat met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen moet worden uitgevoerd; b. een overzicht van de aard van de geplande betrokkenheid van het opdrachtteam op groepsniveau bij de werkzaamheden die door de accountants van de groepsonderdelen moeten worden uitgevoerd met betrekking tot de financiële informatie van significante groepsonderdelen; @@ -8441,7 +8441,7 @@ c. schriftelijke communicatie tussen het opdrachtteam op groepsniveau en de acco ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Groepsonderdelen die op grond van wet- of regelgeving of om andere redenen aan een controle onderworpen zijn (Zie Par. 3) +#### . Groepsonderdelen die op grond van wet- of regelgeving of om andere redenen aan een controle onderworpen zijn (Zie Par. 3) A1 Factoren die van invloed kunnen zijn op de beslissing van het opdrachtteam op groepsniveau om al dan niet gebruik te maken van een controle die op grond van wet- of regelgeving of om andere redenen is vereist teneinde controle-informatie voor de groepscontrole te verschaffen, zijn onder meer: @@ -8451,29 +8451,29 @@ A1 Factoren die van invloed kunnen zijn op de beslissing van het opdrachtteam op #### . Definities -##### . Groepsonderdeel (Zie Par. 9(a)) +##### . Groepsonderdeel (Zie Par. 9(a)) A2 De structuur van een groep is van invloed op de wijze waarop groepsonderdelen worden aangewezen. Het systeem van financiële verslaggeving van de groep kan bijvoorbeeld gebaseerd zijn op een organisatiestructuur waarin financiële informatie wordt opgesteld door een moedermaatschappij en een of meer dochtermaatschappijen, joint ventures of deelnemingen die volgens de equity- of kostprijsmethode worden verwerkt; door het hoofdkantoor en een of meer divisies of filialen; of door een combinatie van beide. Sommige groepen organiseren hun systeem van financiële verslaggeving echter naar functie, proces, product of dienst (of groep producten of diensten) of geografische locatie. In deze gevallen kan de entiteit of de zakelijke activiteit waarvoor het management op groepsniveau of het management van het groepsonderdeel de in de financiële overzichten van de groep opgenomen financiële informatie opstelt, een functie, proces, product of dienst (of groep producten of diensten) of geografische locatie zijn. A3 Binnen het systeem van financiële verslaggeving van de groep kunnen verschillende niveaus van groepsonderdelen bestaan, in welk geval het geschikter kan zijn groepsonderdelen op bepaalde samenvoegingsniveaus in plaats van individueel aan te wijzen. A4 Groepsonderdelen die op een bepaald niveau zijn samengevoegd, kunnen voor de doeleinden van de groepscontrole een groepsonderdeel vormen; het is echter ook mogelijk dat een dergelijk groepsonderdeel ook financiële overzichten van de groep opstelt waarin de financiële informatie van de daartoe behorende groepsonderdelen is opgenomen (dat wil zeggen een subgroep). Deze Standaard kan daarom worden toegepast door verschillende opdrachtpartners op groepsniveau en opdrachtteams op groepsniveau voor verschillende subgroepen binnen een grotere groep. -##### . Significant groepsonderdeel (Zie Par. 9(m)) +##### . Significant groepsonderdeel (Zie Par. 9(m)) A5 Naarmate de individuele financiële significantie van een groepsonderdeel toeneemt, nemen gewoonlijk ook de risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep toe. Het opdrachtteam op groepsniveau kan op een gekozen benchmark een percentage toepassen als hulpmiddel bij het aanwijzen van groepsonderdelen die individueel financieel significant zijn. Het vaststellen van een benchmark en het bepalen van een daarop toe te passen percentage houden in dat professionele oordeelsvorming wordt toegepast. Afhankelijk van de aard en omstandigheden van de groep kunnen de activa, verplichtingen, kasstromen, winst of omzet van de groep geschikte benchmarks zijn. Zo kan het opdrachtteam op groepsniveau bijvoorbeeld oordelen dat groepsonderdelen die 15% van de gekozen benchmark overschrijden significante groepsonderdelen zijn. In de gegeven omstandigheden kan een hoger of lager percentage echter als geschikt worden beschouwd. A6 Het opdrachtteam op groepsniveau kan een groepsonderdeel ook aanwijzen als een groepsonderdeel dat waarschijnlijk significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep inhoudt als gevolg van zijn specifieke aard of omstandigheden (dat wil zeggen risico’s waaraan tijdens de controle speciale aandacht moet worden besteed).417Standaard 315, paragraaf 27, 28, 29. Een groepsonderdeel zou bijvoorbeeld verantwoordelijk kunnen zijn voor valutahandel en daardoor de groep blootstellen aan een significant risico op een afwijking van materieel belang, ook al is dit groepsonderdeel niet anderszins individueel financieel significant voor de groep. -##### . Accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 9(b)) +##### . Accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 9(b)) A7 Een lid van het opdrachtteam op groepsniveau kan op verzoek van het opdrachtteam op groepsniveau werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van een groepsonderdeel uitvoeren ten behoeve van de groepscontrole. In dat geval is dat lid van het opdrachtteam ook een accountant van een groepsonderdeel. -#### . Verantwoordelijkheid (Zie Par. 11) +#### . Verantwoordelijkheid (Zie Par. 11) A8 Hoewel accountants van groepsonderdelen werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen kunnen uitvoeren ten behoeve van de groepscontrole en als zodanig verantwoordelijk zijn voor hun algehele bevindingen, conclusies of oordelen, is de opdrachtpartner op groepsniveau of het kantoor van deze partner verantwoordelijk voor het controleoordeel op groepsniveau. A9 Indien het controleoordeel op groepsniveau wordt aangepast omdat het opdrachtteam op groepsniveau geen voldoende en geschikte controle-informatie kon verkrijgen met betrekking tot de financiële informatie van een of meer groepsonderdelen, beschrijft de accountant in de controleverklaring bij de financiële overzichten van de groep opgenomen paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing de redenen voor deze onmogelijkheid zonder te verwijzen naar de accountant van het groepsonderdeel, tenzij die verwijzing noodzakelijk is voor een adequate uiteenzetting van de omstandigheden.418Standaard 705, paragraaf 20. #### . Aanvaarding en continuering -##### . Verwerven van inzicht tijdens de fase van aanvaarding en continuering (Zie Par. 12) +##### . Verwerven van inzicht tijdens de fase van aanvaarding en continuering (Zie Par. 12) A10 In het geval van een nieuwe opdracht kan het opdrachtteam op groepsniveau inzicht verwerven in de groep, haar groepsonderdelen en hun omgevingen via: @@ -8501,14 +8501,14 @@ A12 In geval van een doorlopende opdracht kan de mogelijkheid van het opdrachtte • wijzigingen in interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel; • wijzigingen in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. -##### . De verwachting dat voldoende en geschikte controle-informatie wordt verkregen (Zie Par. 13) +##### . De verwachting dat voldoende en geschikte controle-informatie wordt verkregen (Zie Par. 13) A13 Het is mogelijk dat een groep alleen bestaat uit groepsonderdelen die niet als significante groepsonderdelen worden beschouwd. In dat geval kan de opdrachtpartner op groepsniveau redelijkerwijs verwachten dat hij voldoende en geschikte controle-informatie zal verkrijgen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren indien het opdrachtteam op groepsniveau in staat zal zijn: a. de werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van een aantal van deze groepsonderdelen uit te voeren; en b. op een zodanige wijze te worden betrokken bij de werkzaamheden die door accountants van groepsonderdelen met betrekking tot de financiële informatie van andere groepsonderdelen worden uitgevoerd als nodig is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. -##### . De toegang tot informatie (Zie Par. 13) +##### . De toegang tot informatie (Zie Par. 13) A14 De toegang van het opdrachtteam op groepsniveau tot informatie kan worden beperkt door omstandigheden waarover het management op groepsniveau geen invloed heeft, zoals wetten met betrekking tot geheimhouding en privacy van gegevens of een weigering door de accountant van een groepsonderdeel om toegang te verlenen tot relevante controledocumentatie die het opdrachtteam op groepsniveau tracht te verkrijgen. Deze toegang kan ook door het management op groepsniveau worden beperkt. A15 Indien de toegang tot informatie wordt beperkt door omstandigheden, is het mogelijk dat het opdrachtteam op groepsniveau nog steeds in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen; dit is echter minder waarschijnlijk naarmate de significantie van het groepsonderdeel toeneemt. Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat het opdrachtteam op groepsniveau geen toegang heeft tot de met governance belaste personen, het management of de accountant (met inbegrip van relevante controledocumentatie die het opdrachtteam op groepsniveau tracht te verkrijgen) van een groepsonderdeel dat volgens de ‘equity’-methode wordt verwerkt. Als het groepsonderdeel geen significant groepsonderdeel is en het opdrachtteam op groepsniveau in het bezit is van een volledige set financiële overzichten van het groepsonderdeel, met inbegrip van de daarbij horende controleverklaring, alsmede toegang heeft tot informatie met betrekking tot dat groepsonderdeel die in het bezit is van het management op groepsniveau, kan het opdrachtteam op groepsniveau tot de conclusie komen dat deze informatie voldoende en geschikte controle-informatie vormt met betrekking tot dat groepsonderdeel. Is het groepsonderdeel echter een significant groepsonderdeel, dan zal het opdrachtteam op groepsniveau echter niet in staat zijn te voldoen aan de vereisten van deze Standaard die relevant zijn in de situatie van een groepscontrole. Het opdrachtteam op groepsniveau zal bijvoorbeeld niet in staat zijn te voldoen aan het in de paragrafen 30–31 opgenomen vereiste om bij de werkzaamheden van de accountant van het groepsonderdeel te worden betrokken. Het opdrachtteam op groepsniveau zal daarom niet in staat zijn voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot dat groepsonderdeel. Het effect van het feit dat het opdrachtteam op groepsniveau niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, wordt in Standaard 705 behandeld. @@ -8517,7 +8517,7 @@ A17 Hoewel het opdrachtteam op groepsniveau in staat kan zijn voldoende en gesch A18 Het is mogelijk dat wet- of regelgeving de opdrachtpartner op groepsniveau verbiedt om een opdracht te weigeren of terug te geven. Zo wordt in sommige rechtsgebieden de accountant voor een bepaalde periode aangesteld en is het hem verboden de opdracht vóór het einde van die periode terug te geven. Tevens kan het in de publieke sector voorkomen dat de accountant niet beschikt over de optie om een opdracht te weigeren of terug te geven vanwege de aard van het mandaat of vanwege overwegingen van openbaar belang. In dergelijke omstandigheden is deze Standaard nog steeds op de groepscontrole van toepassing en wordt het effect van het feit dat het opdrachtteam op groepsniveau niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen in Standaard 705 behandeld. A19 Bijlage 1 bevat een voorbeeld van een controleverklaring die een oordeel met beperking bevat dat is gebaseerd op het feit dat het opdrachtteam op groepsniveau niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen met betrekking tot een significant groepsonderdeel dat volgens de ‘equity’-methode wordt verwerkt, maar waarbij op grond van de oordeelsvorming van het opdrachtteam op groepsniveau het effect van materieel belang is maar geen diepgaande invloed heeft. -##### . Opdrachtvoorwaarden (Zie Par. 14) +##### . Opdrachtvoorwaarden (Zie Par. 14) A20 In de opdrachtvoorwaarden wordt het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving genoemd.419Standaard 210, paragraaf 8. Aanvullende aangelegenheden kunnen in de voorwaarden van een controleopdracht op groepsniveau worden opgenomen, zoals het feit dat: @@ -8532,17 +8532,17 @@ A21 Beperkingen die worden opgelegd met betrekking tot: • de toegang van het opdrachtteam op groepsniveau tot informatie van groepsonderdelen, de met governance belaste personen van groepsonderdelen, het management van een groepsonderdeel of de accountants van groepsonderdelen (met inbegrip van relevante controledocumentatie die het team tracht te verkrijgen); of • de werkzaamheden die met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen moeten worden uitgevoerd, nadat de opdrachtpartner op groepsniveau de controleopdracht op groepsniveau heeft aanvaard, vormen een onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen die van invloed kan zijn op het controleoordeel op groepsniveau. In uitzonderlijke omstandigheden kan dit zelfs leiden tot het teruggeven van de opdracht indien dit overeenkomstig wet- of regelgeving mogelijk is. -#### . Algehele controleaanpak en controleprogramma (Zie Par. 16) +#### . Algehele controleaanpak en controleprogramma (Zie Par. 16) A22 Het beoordelen door de opdrachtpartner op groepsniveau van de algehele controleaanpak en het controleprogramma voor de groep vormt een belangrijk deel van het nemen van verantwoordelijkheid door de opdrachtpartner op groepsniveau voor het aansturen van de controleopdracht op groepsniveau. #### . Inzicht in de groep, haar onderdelen en hun omgevingen -##### . Aangelegenheden waarover het opdrachtteam op groepsniveau inzicht verwerft (Zie Par. 17) +##### . Aangelegenheden waarover het opdrachtteam op groepsniveau inzicht verwerft (Zie Par. 17) A23 Standaard 315 verschaft leidraden met betrekking tot aangelegenheden die de accountant kan overwegen bij het verwerven van inzicht in de sector, de regelgeving en andere externe factoren die van invloed zijn op de entiteit, met inbegrip van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, de aard van de entiteit, doelstellingen en strategieën en de daarmee verband houdende bedrijfsrisico’s, alsmede het meten en het beoordelen van de financiële prestaties van de entiteit.420Standaard 315, paragraaf A17-A41. Bijlage 2 van deze Standaard bevat leidraden met betrekking tot aangelegenheden die specifiek zijn voor een groep, met inbegrip van het consolidatieproces. -##### . Instructies door het management op groepsniveau uitgevaardigd aan groepsonderdelen (Zie Par. 17) +##### . Instructies door het management op groepsniveau uitgevaardigd aan groepsonderdelen (Zie Par. 17) A24 Teneinde uniformiteit en vergelijkbaarheid van financiële informatie te bereiken, vaardigt het management op groepsniveau gewoonlijk instructies uit aan de groepsonderdelen. Deze instructies specificeren de vereisten voor financiële informatie van de groepsonderdelen die in de financiële overzichten van de groep moet worden opgenomen en bevatten dikwijls handboeken met procedures voor de financiële verslaggeving alsmede een rapporteringspakket. Een rapporteringspakket bestaat gewoonlijk uit modellen voor het verschaffen van financiële informatie die in de financiële overzichten van de groep moet worden verwerkt. Rapporteringspakketten hebben echter in het algemeen niet de vorm van volledige financiële overzichten die in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving zijn opgesteld en gepresenteerd. A25 De instructies hebben gewoonlijk betrekking op: @@ -8565,7 +8565,7 @@ A26 Het inzicht van het opdrachtteam op groepsniveau in de instructies kan het v • voorzien in het bepalen van consolidatieaanpassingen, bijvoorbeeld intragroepstransacties en niet-gerealiseerde winsten, alsmede intragroepsrekeningsaldi; en • voorzien in de goedkeuring van de financiële informatie door het management van het groepsonderdeel. -##### . Fraude (Zie Par. 17) +##### . Fraude (Zie Par. 17) A27 Van de accountant wordt vereist dat hij de risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten als gevolg van fraude identificeert en inschat, en dat hij passende manieren van inspelen op de ingeschatte risico’s opzet en implementeert.421Standaard 240, *De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten*. Informatie die wordt gebruikt om risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep die het gevolg is van fraude te identificeren, kan het volgende omvatten: @@ -8575,7 +8575,7 @@ A27 Van de accountant wordt vereist dat hij de risico’s op een afwijking van m • op welke wijze de met governance belaste personen op groepsniveau de door het management op groepsniveau gevolgde processen voor het identificeren van en inspelen op de risico’s van fraude in de groep monitoren, alsmede de interne beheersingsmaatregelen die het management op groepsniveau heeft opgezet teneinde deze risico’s te beperken; • antwoorden van de met governance belaste personen op groepsniveau, het management op groepsniveau, de juiste personen binnen de interne auditfunctie (en indien passend geacht, het management van de groepsonderdelen de accountants van de groepsonderdelen en anderen) op de door het opdrachtteam op groepsniveau gestelde vraag of zij kennis hebben van bekende gevallen van fraude, vermoede fraude of aantijgingen van fraude die op een groepsonderdeel of de groep van invloed zijn. -##### . Bespreking tussen leden van het opdrachtteam op groepsniveau en accountants van de groepsonderdelen met betrekking tot de risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep, met inbegrip van risico’s op fraude (Zie Par. 17) +##### . Bespreking tussen leden van het opdrachtteam op groepsniveau en accountants van de groepsonderdelen met betrekking tot de risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep, met inbegrip van risico’s op fraude (Zie Par. 17) A28 Van de kernleden van het opdrachtteam wordt vereist dat zij bespreken of een entiteit vatbaar is voor afwijkingen van materieel belang in de financiële overzichten die het gevolg zijn van fraude of van fouten, met specifieke nadruk op de risico’s als gevolg van fraude. Bij een groepscontrole kunnen ook de accountants van groepsonderdelen bij deze besprekingen worden betrokken. De beslissing van de opdrachtpartner op groepsniveau over de vraag wie bij deze besprekingen zal worden betrokken, hoe en wanneer de besprekingen zullen plaatshebben en wat hun omvang zal zijn, wordt beïnvloed door factoren zoals eerdere ervaringen met de groep. A29 De besprekingen zijn een gelegenheid voor: @@ -8590,22 +8590,22 @@ A29 De besprekingen zijn een gelegenheid voor: • het bespreken van in groepsonderdelen geïdentificeerde fraude of van informatie die een aanwijzing vormt voor het bestaan van fraude bij een groepsonderdeel; • het uitwisselen van informatie die een aanwijzing kan vormen voor het niet naleven van nationale wet- of regelgeving, bijvoorbeeld het betalen van steekpenningen en ongeoorloofde praktijken inzake de vaststelling van interne verrekenprijzen. -##### . Risicofactoren (Zie Par. 18) +##### . Risicofactoren (Zie Par. 18) A30 Bijlage 3 geeft voorbeelden van omstandigheden of gebeurtenissen die afzonderlijk of samen kunnen wijzen op risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep, met inbegrip van risico’s die het gevolg zijn van fraude. -##### . Risico-inschatting (Zie Par. 18) +##### . Risico-inschatting (Zie Par. 18) A31 De inschatting op groepsniveau door het opdrachtteam op groepsniveau van de risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep wordt gebaseerd op informatie zoals: • informatie verkregen uit het inzicht in de groep, haar onderdelen en hun omgevingen, en in het consolidatieproces, met inbegrip van controle-informatie verkregen bij het evalueren van de opzet en implementatie van interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel en interne beheersingsmaatregelen die relevant zijn voor de consolidatie; • informatie verkregen van de accountants van groepsonderdelen. -#### . Inzicht betreffende de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 19) +#### . Inzicht betreffende de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 19) A32 Het opdrachtteam op groepsniveau verwerft alleen inzicht betreffende de accountant van een groepsonderdeel wanneer het voornemens is de accountant van een groepsonderdeel te verzoeken werkzaamheden uit te voeren met betrekking tot de financiële informatie van een groepsonderdeel ten behoeve van de groepscontrole. Het is bijvoorbeeld niet noodzakelijk inzicht te verwerven betreffende de accountants van die groepsonderdelen waarvoor het opdrachtteam op groepsniveau voornemens is alleen cijferanalyses op groepsniveau uit te voeren. -##### . Werkzaamheden van het opdrachtteam op groepsniveau om inzicht te verwerven betreffende de accountant van een groepsonderdeel en bronnen van controle-informatie (Zie Par. 19) +##### . Werkzaamheden van het opdrachtteam op groepsniveau om inzicht te verwerven betreffende de accountant van een groepsonderdeel en bronnen van controle-informatie (Zie Par. 19) A33 De aard, timing en omvang van de werkzaamheden van het opdrachtteam op groepsniveau om inzicht te verwerven betreffende de accountant van een groepsonderdeel worden beïnvloed door factoren zoals eerdere ervaring met of kennis betreffende de accountant van een groepsonderdeel, alsmede de mate waarin het opdrachtteam op groepsniveau en de accountant van het groepsonderdeel aan gemeenschappelijke beleidslijnen en procedures zijn onderworpen, bijvoorbeeld: @@ -8634,11 +8634,11 @@ A35 Het opdrachtteam op groepsniveau kan op verschillende manieren inzicht verwe In de jaren daarna kan het inzicht betreffende de accountant van het groepsonderdeel worden gebaseerd op de eerder opgedane ervaringen van het opdrachtteam op groepsniveau met de accountant van het groepsonderdeel. Het opdrachtteam op groepsniveau kan de accountant van het groepsonderdeel verzoeken om te bevestigen of er ten opzichte van het voorgaande jaar iets is veranderd met betrekking tot de in paragraaf 19 (a)–(c) genoemde aangelegenheden. A36 Indien onafhankelijke toezichthoudende instanties zijn opgericht om toezicht te houden op het accountantsberoep en om de kwaliteit van controles te monitoren, kan kennis van het regelgevingskader het opdrachtteam op groepsniveau helpen bij het evalueren van de onafhankelijkheid en competentie van de accountant van het groepsonderdeel. Informatie over het regelgevingskader kan worden verkregen van de accountant van het groepsonderdeel of vanuit informatie die door de onafhankelijke toezichthoudende instanties wordt verstrekt. -##### . Ethische voorschriften die relevant zijn bij de groepscontrole (Zie Par. 19(a)) +##### . Ethische voorschriften die relevant zijn bij de groepscontrole (Zie Par. 19(a)) A37 Bij het uitvoeren van werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van een groepsonderdeel ten behoeve van een groepscontrole is de accountant van het groepsonderdeel onderworpen aan ethische voorschriften die relevant zijn bij de groepscontrole. Deze voorschriften kunnen afwijken van of bestaan naast die welke op de accountant van het groepsonderdeel van toepassing zijn bij het uitvoeren van een wettelijke controle in het rechtsgebied van de accountant van het groepsonderdeel. Om die reden verwerft het opdrachtteam op groepsniveau inzicht in de vraag of de accountant van het groepsonderdeel de ethische voorschriften die relevant zijn bij de groepscontrole voldoende begrijpt en naleeft om zijn verantwoordelijkheden binnen de groepscontrole te vervullen. -##### . De vakbekwaamheid van de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 19(b)) +##### . De vakbekwaamheid van de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 19(b)) A38 Het verwerven van inzicht door het opdrachtteam op groepsniveau in de vakbekwaamheid van de accountant van het groepsonderdeel kan de vraag omvatten of de accountant van het groepsonderdeel: @@ -8646,13 +8646,13 @@ A38 Het verwerven van inzicht door het opdrachtteam op groepsniveau in de vakbek • de bijzondere vaardigheden (bijvoorbeeld sectorspecifieke kennis) bezit die nodig zijn om de werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van het desbetreffende groepsonderdeel uit te voeren; en • indien relevant, voldoende kennis heeft van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving om zijn verantwoordelijkheden binnen de groepscontrole te vervullen (instructies van het management op groepsniveau aan de groepsonderdelen beschrijven vaak de kenmerken van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving). -##### . Het toepassen door het opdrachtteam op groepsniveau van het inzicht betreffende de accountant van het groepsonderdeel (Zie Par. 20) +##### . Het toepassen door het opdrachtteam op groepsniveau van het inzicht betreffende de accountant van het groepsonderdeel (Zie Par. 20) A39 Het opdrachtteam op groepsniveau kan het feit dat een accountant van een groepsonderdeel niet onafhankelijk is, niet ondervangen door betrokken te zijn bij de werkzaamheden van die accountant of door het uitvoeren van aanvullende risico-inschattingswerkzaamheden of verdere controlewerkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van het groepsonderdeel. A40 Het opdrachtteam op groepsniveau kan echter in staat zijn minder ernstige punten van zorg over de vaktechnische bekwaamheid van de accountant van een groepsonderdeel (bijvoorbeeld een gebrek aan sectorspecifieke kennis) of inzake het feit dat de accountant van een groepsonderdeel niet werkzaam is in een omgeving waarin actief toezicht op accountants wordt gehouden, te ondervangen, door betrokken te zijn bij de werkzaamheden van de accountant van het groepsonderdeel of door het uitvoeren van aanvullende risico-inschattingswerkzaamheden of verdere controlewerkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van het groepsonderdeel. A41 Wanneer wet- of regelgeving toegang tot relevante delen van de controledocumentatie van de accountant van een groepsonderdeel verbiedt, kan het opdrachtteam op groepsniveau de accountant van een groepsonderdeel verzoeken dit te ondervangen door een memorandum op te stellen dat de relevante informatie omvat. -#### . Materialiteit (Zie Par. 21, 22 en 23) +#### . Materialiteit (Zie Par. 21, 22 en 23) A42 Van de accountant wordt vereist423Standaard 320, *Materieel belang bij de planning en uitvoering van een controle*, paragraaf 10 en 11.: @@ -8670,7 +8670,7 @@ A46 In het geval van een controle van de financiële informatie van een groepson #### . Het inspelen op ingeschatte risico’s -##### . Het bepalen van het soort van werkzaamheden dat met betrekking tot de financiële informatie van een groepsonderdeel moet worden uitgevoerd (Zie Par. 26 en 27) +##### . Het bepalen van het soort van werkzaamheden dat met betrekking tot de financiële informatie van een groepsonderdeel moet worden uitgevoerd (Zie Par. 26 en 27) A47 Het bepalen door het opdrachtteam op groepsniveau van het soort werkzaamheden dat met betrekking tot de financiële informatie van een groepsonderdeel moet worden uitgevoerd en de betrokkenheid van het opdrachtteam op groepsniveau bij de werkzaamheden van de accountant van het groepsonderdeel worden beïnvloed door: @@ -8681,12 +8681,12 @@ d. het inzicht van het opdrachtteam op groepsniveau betreffende de accountant va Het in bijlage 6 van deze standaard opgenomen schema geeft weer op welke wijze de significantie van het groepsonderdeel van invloed is op het bepalen door het opdrachtteam op groepsniveau van het soort werkzaamheden dat met betrekking tot de financiële informatie van dit groepsonderdeel moet worden uitgevoerd. -##### . Significante groepsonderdelen (Zie Par. 27(b)–(c)) +##### . Significante groepsonderdelen (Zie Par. 27(b)–(c)) -A48 Het opdrachtteam op groepsniveau kan een groepsonderdeel als significant aanwijzen omdat dat groepsonderdeel vanwege zijn specifieke aard of omstandigheden waarschijnlijk significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep inhoudt. In dat geval kan het opdrachtteam op groepsniveau in staat zijn de door de waarschijnlijke significante risico’s beïnvloede rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen aan te wijzen. Als dat het geval is, kan het opdrachtteam op groepsniveau besluiten een controle uit te voeren, of de accountant van een groepsonderdeel te verzoeken een controle uit te voeren, op alleen die rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen. In de in paragraaf A6 beschreven situatie kunnen de werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van het groepsonderdeel bijvoorbeeld worden beperkt tot een controle van de rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen die worden beïnvloed door de valutahandel van dat groepsonderdeel. Indien het opdrachtteam op groepsniveau aan de accountant van een groepsonderdeel een verzoek richt om een controle uit te voeren op een of meer specifieke rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen, houdt de communicatie van het opdrachtteam op groepsniveau (Zie Par. 40) rekening met het feit dat veel elementen in de financiële overzichten verband houden met elkaar. +A48 Het opdrachtteam op groepsniveau kan een groepsonderdeel als significant aanwijzen omdat dat groepsonderdeel vanwege zijn specifieke aard of omstandigheden waarschijnlijk significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep inhoudt. In dat geval kan het opdrachtteam op groepsniveau in staat zijn de door de waarschijnlijke significante risico’s beïnvloede rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen aan te wijzen. Als dat het geval is, kan het opdrachtteam op groepsniveau besluiten een controle uit te voeren, of de accountant van een groepsonderdeel te verzoeken een controle uit te voeren, op alleen die rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen. In de in paragraaf A6 beschreven situatie kunnen de werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van het groepsonderdeel bijvoorbeeld worden beperkt tot een controle van de rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen die worden beïnvloed door de valutahandel van dat groepsonderdeel. Indien het opdrachtteam op groepsniveau aan de accountant van een groepsonderdeel een verzoek richt om een controle uit te voeren op een of meer specifieke rekeningsaldi, transactiestromen of toelichtingen, houdt de communicatie van het opdrachtteam op groepsniveau (Zie Par. 40) rekening met het feit dat veel elementen in de financiële overzichten verband houden met elkaar. A49 Het opdrachtteam op groepsniveau kan controlewerkzaamheden opzetten die inspelen op een waarschijnlijk significant risico op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep. Zo kan het opdrachtteam op groepsniveau in geval van een waarschijnlijk significant risico op incourante voorraden gespecificeerde controlewerkzaamheden uitvoeren, of de accountant van een groepsonderdeel verzoeken deze uit te voeren, met betrekking tot de waardering van voorraden bij een groepsonderdeel dat beschikt over een grote hoeveelheid potentieel incourante voorraden, maar dat niet anderszins significant is. -##### . Groepsonderdelen die niet significant zijn (Zie Par. 28 en 29) +##### . Groepsonderdelen die niet significant zijn (Zie Par. 28 en 29) A50 Afhankelijk van de omstandigheden van de opdracht kan de financiële informatie van de groepsonderdelen op verschillende niveaus worden samengevoegd ten behoeve van de cijferanalyses. De resultaten van de cijferanalyses staven de conclusies van het opdrachtteam op groepsniveau dat er geen significante risico’s op een afwijking van materieel belang bestaan in de samengevoegde financiële informatie van groepsonderdelen die geen significante groepsonderdelen zijn. A51 De beslissing van het opdrachtteam op groepsniveau omtrent het aantal groepsonderdelen dat in overeenstemming met paragraaf 29 moet worden geselecteerd, de te selecteren groepsonderdelen en het soort werkzaamheden dat met betrekking tot de financiële informatie van de geselecteerde individuele groepsonderdelen moet worden uitgevoerd, kan onder meer worden beïnvloed door: @@ -8705,7 +8705,7 @@ Het inbouwen van een element van onvoorspelbaarheid bij het selecteren van groep A52 Een beoordeling van de financiële informatie van een groepsonderdeel kan worden uitgevoerd overeenkomstig Standaard 2400424Standaard 2400, *Opdrachten tot het beoordelen van financiële overzichten*. of Standaard 2410425Standaard 2410, *Het beoordelen van tussentijdse financiële informatie door de accountant van de entiteit*., naargelang nodig aan de omstandigheden aangepast. Het opdrachtteam op groepsniveau kan naast deze werkzaamheden ook aanvullende werkzaamheden specificeren. A53 Zoals in paragraaf A13 uiteengezet, is het mogelijk dat een groep alleen bestaat uit groepsonderdelen die geen significante groepsonderdelen zijn. In die omstandigheden kan het opdrachtteam op groepsniveau voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren door het soort werkzaamheden vast te stellen die met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met paragraaf 29. Het is niet waarschijnlijk dat het opdrachtteam op groepsniveau voldoende en geschikte controle-informatie zal verkrijgen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren indien het opdrachtteam op groepsniveau of de accountant van een groepsonderdeel slechts interne beheersingsmaatregelen geldend voor de groep als geheel toetst en cijferanalyses met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen uitvoert. -##### . Betrokkenheid bij de door de accountants van de groepsonderdelen uitgevoerde werkzaamheden (Zie Par. 30–31) +##### . Betrokkenheid bij de door de accountants van de groepsonderdelen uitgevoerde werkzaamheden (Zie Par. 30–31) A54 De betrokkenheid van het opdrachtteam op groepsniveau bij de werkzaamheden van de accountant van het groepsonderdeel kan worden beïnvloed door factoren als: @@ -8725,7 +8725,7 @@ f. het beoordelen van andere relevante delen van de controledocumentatie van de #### . Consolidatieproces -##### . Consolidatieaanpassingen en -herrubriceringen (Zie Par. 34) +##### . Consolidatieaanpassingen en -herrubriceringen (Zie Par. 34) A56 Het consolidatieproces kan vereisen dat aan bedragen die in de financiële overzichten van de groep zijn gerapporteerd, aanpassingen worden aangebracht die niet lopen via de gebruikelijke transactieverwerkingssystemen en die mogelijk niet onderworpen zijn aan dezelfde interne beheersingsmaatregelen waaraan andere financiële informatie onderworpen is. De evaluatie door het opdrachtteam op groepsniveau van de geschiktheid, volledigheid en nauwkeurigheid van de aanpassingen kan omvatten: @@ -8734,7 +8734,7 @@ A56 Het consolidatieproces kan vereisen dat aan bedragen die in de financiële o • het vaststellen of significante aanpassingen naar behoren zijn onderbouwd en voldoende zijn gedocumenteerd; en • het controleren van de aansluiting en eliminatie van intragroepstransacties, niet-gerealiseerde winsten en intragroeprekeningsaldi. -#### . Communicatie met de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 40 en 41) +#### . Communicatie met de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 40 en 41) A57 Indien er geen effectieve wederzijdse communicatie bestaat tussen het opdrachtteam op groepsniveau en de accountants van de groepsonderdelen, bestaat het risico dat het opdrachtteam op groepsniveau geen voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgt om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren. Duidelijke en tijdige mededeling van de vereisten van het opdrachtteam op groepsniveau vormt de basis voor een effectieve wederzijdse communicatie tussen het opdrachtteam op groepsniveau en de accountant van een groepsonderdeel. A58 De vereisten van het opdrachtteam op groepsniveau worden vaak meegedeeld in een instructiebrief. Bijlage 5 bevat leidraden met betrekking tot vereiste en aanvullende aangelegenheden die in een dergelijke instructiebrief kunnen worden opgenomen. De communicatie van de accountant van een groepsonderdeel met het opdrachtteam op groepsniveau verloopt vaak in de vorm van een memorandum of rapport van uitgevoerde werkzaamheden. De communicatie tussen het opdrachtteam op groepsniveau en de accountant van een groepsonderdeel verloopt echter niet altijd schriftelijk. Het opdrachtteam op groepsniveau kan bijvoorbeeld een bezoek brengen aan de accountant van een groepsonderdeel om geïdentificeerde significante risico’s te bespreken of relevante delen van de controledocumentatie van de accountant van een groepsonderdeel te beoordelen. Niettemin zijn de documentatievereisten van deze en andere Standaarden van toepassing. @@ -8746,18 +8746,18 @@ A60 Als een lid van het opdrachtteam op groepsniveau ook een accountant van een #### . Het evalueren van het voldoende en geschikt zijn van de verkregen controle-informatie -##### . Het beoordelen van de controledocumentatie van de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 42(b)) +##### . Het beoordelen van de controledocumentatie van de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. 42(b)) A61 Welke delen van de controledocumentatie van de accountant van een groepsonderdeel relevant zullen zijn voor de groepscontrole kan variëren naar gelang van de omstandigheden. Vaak ligt de nadruk op controledocumentatie die relevant is voor de significante risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van de groep. De omvang van de beoordeling kan worden beïnvloed door het feit dat de controledocumentatie van de accountant van een groepsonderdeel onderworpen is geweest aan beoordelingswerkzaamheden van zijn kantoor. -##### . Voldoende en geschikte controle-informatie (Zie Par. 44 en 45) +##### . Voldoende en geschikte controle-informatie (Zie Par. 44 en 45) A62 Indien het opdrachtteam op groepsniveau tot de conclusie komt dat geen voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren, kan het opdrachtteam op groepsniveau de accountant van het groepsonderdeel verzoeken om aanvullende werkzaamheden uit te voeren. Als dat ondoenlijk is, kan het opdrachtteam op groepsniveau zijn eigen werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van het groepsonderdeel uitvoeren. A63 De evaluatie door de opdrachtpartner op groepsniveau van het totaaleffect van eventuele afwijkingen (geïdentificeerd door het opdrachtteam op groepsniveau of meegedeeld door accountants van groepsonderdelen) stelt de opdrachtpartner op groepsniveau in staat te bepalen of de financiële overzichten van de groep als geheel een afwijking van materieel belang bevatten. #### . Communicatie met het management op groepsniveau en de met governance belaste personen op groepsniveau -##### . Communicatie met het management op groepsniveau (Zie Par. 46, 47 en 48) +##### . Communicatie met het management op groepsniveau (Zie Par. 46, 47 en 48) A64 Standaard 240 bevat vereisten en leidraden met betrekking tot de mededeling van fraude aan het management en, indien het management mogelijk bij de fraude is betrokken, aan de met governance. belaste personen.426Standaard 240, paragraaf 40, 41 en 42. A65 Het kan voorkomen dat het management op groepsniveau van materieel belang zijnde gevoelige informatie geheim moet houden. Aangelegenheden die significant kunnen zijn voor de financiële overzichten van het groepsonderdeel en waarvan het management van het groepsonderdeel mogelijk niet op de hoogte is, zijn bijvoorbeeld: @@ -8767,15 +8767,15 @@ A65 Het kan voorkomen dat het management op groepsniveau van materieel belang zi • gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode; • significante juridische overeenkomsten. -##### . Communicatie met de met governance belaste personen op groepsniveau (Zie: Par. 49) +##### . Communicatie met de met governance belaste personen op groepsniveau (Zie: Par. 49) A66 De aangelegenheden die het opdrachtteam op groepsniveau aan de met governance belaste personen op groepsniveau meedeelt, zijn onder meer die aangelegenheden die door accountants van groepsonderdelen onder de aandacht van het opdrachtteam op groepsniveau zijn gebracht en waarvan het opdrachtteam op groepsniveau van oordeel is dat deze significant zijn voor de verantwoordelijkheid van de met governance belaste personen op groepsniveau. Communicatie met de met governance belaste personen op groepsniveau vindt plaats op verschillende momenten tijdens de groepscontrole. De aangelegenheden waarnaar in paragraaf 49(a)-(b) wordt verwezen kunnen bijvoorbeeld worden meegedeeld nadat het opdrachtteam op groepsniveau de werkzaamheden heeft bepaald die met betrekking tot de financiële informatie van de groepsonderdelen moeten worden uitgevoerd. Anderzijds kan de aangelegenheid waarnaar in paragraaf 49(c) wordt verwezen aan het einde van de controle worden meegedeeld, en kunnen de aangelegenheden waarnaar in paragraaf 49(d)-(e) wordt verwezen worden meegedeeld wanneer ze zich voordoen. -### 1:. Voorbeeldteksten van een oordeel met beperking in het geval dat het opdrachtteam op groepsniveau niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren (Zie Par. A19) +### 1:. Voorbeeldteksten van een oordeel met beperking in het geval dat het opdrachtteam op groepsniveau niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren (Zie Par. A19) -Voor een voorbeeldtekst van een oordeel met beperking in het geval dat het opdrachtteam op groepsniveau niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren wordt verwezen naar HRA deel 3. +Voor een voorbeeldtekst van een oordeel met beperking in het geval dat het opdrachtteam op groepsniveau niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen om daarop het controleoordeel op groepsniveau te baseren wordt verwezen naar HRA deel 3. -### 2:. Voorbeelden van aangelegenheden waarin het opdrachtteam op groepsniveau inzicht verkrijgt (Zie Par. A23) +### 2:. Voorbeelden van aangelegenheden waarin het opdrachtteam op groepsniveau inzicht verkrijgt (Zie Par. A23) De genoemde voorbeelden hebben betrekking op een breed scala aan aangelegenheden. Niet alle aangelegenheden zijn evenwel relevant voor iedere controleopdracht op groepsniveau, en de lijst met voorbeelden is niet noodzakelijkerwijs volledig. @@ -8825,7 +8825,7 @@ c. *Aangelegenheden met betrekking tot consolidatieaanpassingen:* 6. de stappen die zijn genomen om te komen tot de reële waarde van verworven activa en overgenomen verplichtingen, procedures voor het afschrijven van goodwill (indien van toepassing), alsmede het toetsen van goodwill op bijzondere waardevermindering, in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; 7. regelingen met een meerderheidsaandeelhouder of minderheidsbelangen met betrekking tot verliezen die door een groepsonderdeel zijn geleden (bijvoorbeeld een verplichting van hetminderheidsbelang om een dergelijk verlies te compenseren). -### 3:. Voorbeelden van omstandigheden en gebeurtenissen die kunnen wijzen op risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van een groep (Zie Par. A30) +### 3:. Voorbeelden van omstandigheden en gebeurtenissen die kunnen wijzen op risico’s op een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten van een groep (Zie Par. A30) De genoemde voorbeelden hebben betrekking op een breed scala aan omstandigheden en gebeurtenissen. Niet alle omstandigheden en gebeurtenissen zijn echter relevant voor iedere controleopdracht op groepsniveau, en de lijst met voorbeelden is niet noodzakelijkerwijs volledig. @@ -8844,7 +8844,7 @@ De genoemde voorbeelden hebben betrekking op een breed scala aan omstandigheden – een agressieve belastingplanning binnen de groep of grote geldtransacties met entiteiten in belastingparadijzen; – frequente vervangingen van accountants die belast waren met de controle van de financiële overzichten van groepsonderdelen. -### 4:. Voorbeeldteksten van bevestigingen van de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. A35) +### 4:. Voorbeeldteksten van bevestigingen van de accountant van een groepsonderdeel (Zie Par. A35) Voor voorbeeldteksten van bevestigingen van de accountant van een groepsonderdeel wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -8890,7 +8890,7 @@ d. significante tekortkomingen in de interne beheersing die de accountant van he – een verzoek dat *het* opdrachtteam op groepsniveau zo snel mogelijk op de hoogte wordt gesteld van elke significante of ongebruikelijke gebeurtenis; – *een verzoek dat de in paragraaf 41 genoemde aangelegenheden aan het opdrachtteam op groepsniveau worden meegedeeld wanneer de werkzaamheden met betrekking tot de financiële informatie van het groepsonderdeel zijn afgerond.* -### 6:. Gevolgen significantie groepsonderdeel voor de controlewerkzaamheden (figuur) (Zie Par. A47) +### 6:. Gevolgen significantie groepsonderdeel voor de controlewerkzaamheden (figuur) (Zie Par. A47) *[afbeelding]* @@ -8904,7 +8904,7 @@ d. significante tekortkomingen in de interne beheersing die de accountant van he a. het gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie bij het verkrijgen van controle-informatie; en b. het gebruikmaken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen onder de aansturing, het toezicht en de beoordeling van de accountant. -2 Deze Standaard is niet van toepassing als de entiteit niet over een interne auditfunctie beschikt. (Zie Par. A2) +2 Deze Standaard is niet van toepassing als de entiteit niet over een interne auditfunctie beschikt. (Zie Par. A2) 3 Indien de entiteit over een interne auditfunctie beschikt, zijn de vereisten in deze Standaard die betrekking hebben op het gebruikmaken van de werkzaamheden van die functie niet van toepassing als: a. de verantwoordelijkheden en activiteiten van de interne auditfunctie niet relevant zijn voor de controle; of @@ -8912,7 +8912,7 @@ b. de accountant, op basis van zijn voorlopige inzicht in de interne auditfuncti Niets in deze Standaard vereist van de accountant dat hij van de werkzaamheden van de interne auditfunctie gebruik maakt om de aard of timing van controlewerkzaamheden die door de accountant zelf moeten worden uitgevoerd, aan te passen, of de mate ervan te verminderen; dit blijft een beslissing van de accountant bij het vaststellen van de algehele controleaanpak. 4 Verder zijn de vereisten in deze Standaard die betrekking hebben op directe ondersteuning niet van toepassing als de accountant niet gepland heeft om gebruik te maken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen. -5 In sommige rechtsgebieden kan het de accountant door wet- of regelgeving worden verboden, of tot op zekere hoogte worden beperkt, om gebruik te maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie of om gebruik te maken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen. De Standaarden doen geen afbreuk aan wet- of regelgeving die een controle van de financiële overzichten regelt.430Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, en het uitvoeren van een controle volgens de Standaarden*, paragraaf A55. Dergelijke verboden of beperkingen zullen derhalve het naleven van de Standaarden door de accountant niet in de weg staan. (Zie Par. A31) +5 In sommige rechtsgebieden kan het de accountant door wet- of regelgeving worden verboden, of tot op zekere hoogte worden beperkt, om gebruik te maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie of om gebruik te maken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen. De Standaarden doen geen afbreuk aan wet- of regelgeving die een controle van de financiële overzichten regelt.430Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, en het uitvoeren van een controle volgens de Standaarden*, paragraaf A55. Dergelijke verboden of beperkingen zullen derhalve het naleven van de Standaarden door de accountant niet in de weg staan. (Zie Par. A31) #### . Relatie tussen Standaard 315 en Standaard 610 (Herzien 2013) @@ -8943,7 +8943,7 @@ c. indien van interne auditors gebruikt wordt gemaakt om directe ondersteuning t 14 In het kader van de Standaarden hebben de volgende termen de hierna weergegeven betekenis: a. *interne auditfunctie* – Een functie van een entiteit die assurance- en adviesactiviteiten uitvoert die zijn opgezet om de effectiviteit van de governance-, risicobeheersings- en interne beheersingsprocessen van de entiteit te evalueren en te verbeteren; -b. *directe ondersteuning* – Het gebruikmaken van interne auditors om controlewerkzaamheden uit te voeren onder de aansturing, het toezicht en de beoordeling van de accountant. (Zie Par. A1, A2, A3 en A4) +b. *directe ondersteuning* – Het gebruikmaken van interne auditors om controlewerkzaamheden uit te voeren onder de aansturing, het toezicht en de beoordeling van de accountant. (Zie Par. A1, A2, A3 en A4) ### . Vereisten @@ -8953,59 +8953,59 @@ b. *directe ondersteuning* – Het gebruikmaken van interne auditors om controle 15 De accountant dient te bepalen of van de werkzaamheden van de interne auditfunctie voor de doeleinden van de controle gebruik kan worden gemaakt door het volgende te evalueren: -a. de mate waarin de organisatorische positie en relevante beleidslijnen en procedures van de interne auditfunctie de objectiviteit van de interne auditors ondersteunen; (Zie Par. A5, A6, A7, A8 en A9) -b. het competentieniveau van de interne auditfunctie; en (Zie Par. A5, A6, A7, A8 en A9) -c. of de interne auditfunctie een systematische en gedisciplineerde benadering hanteert, inclusief kwaliteitsbeheersing. (Zie Par. A10 en A11) +a. de mate waarin de organisatorische positie en relevante beleidslijnen en procedures van de interne auditfunctie de objectiviteit van de interne auditors ondersteunen; (Zie Par. A5, A6, A7, A8 en A9) +b. het competentieniveau van de interne auditfunctie; en (Zie Par. A5, A6, A7, A8 en A9) +c. of de interne auditfunctie een systematische en gedisciplineerde benadering hanteert, inclusief kwaliteitsbeheersing. (Zie Par. A10 en A11) 16 De accountant dient geen gebruik te maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie indien de accountant vaststelt dat: a. de organisatorische positie en relevante beleidslijnen en procedures van de interne auditfunctie niet op adequate wijze de objectiviteit van de interne auditors ondersteunen; b. het de interne auditfunctie aan voldoende competentie ontbreekt; of -c. de interne auditfunctie geen systematische en gedisciplineerde benadering hanteert, inclusief kwaliteitsbeheersing. (Zie Par. A12, A13 en A14) +c. de interne auditfunctie geen systematische en gedisciplineerde benadering hanteert, inclusief kwaliteitsbeheersing. (Zie Par. A12, A13 en A14) ##### . Bepalen van de aard en de mate van de werkzaamheden van de interne auditfunctie waarvan gebruik kan worden gemaakt -17 Als basis voor het bepalen van de gebieden waarop en de mate waarin van de werkzaamheden van de interne auditfunctie gebruik kan worden gemaakt, dient de accountant de aard en reikwijdte van de werkzaamheden die door de interne auditfunctie zijn uitgevoerd of die zijn gepland om te worden uitgevoerd, en de relevantie daarvan voor de algehele controleaanpak en voor het controleprogramma van de accountant in overweging te nemen. (Zie Par. A15, A16 en A17) -18 De accountant dient alle significante oordeelsvormingen in de controleopdracht uit te voeren en dient, om bovenmatig gebruik van de werkzaamheden van de interne auditfunctie te voorkomen, te plannen om minder gebruik te maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie, en meer werkzaamheden zelf uit te voeren: (Zie Par. A15, A16 en A17) +17 Als basis voor het bepalen van de gebieden waarop en de mate waarin van de werkzaamheden van de interne auditfunctie gebruik kan worden gemaakt, dient de accountant de aard en reikwijdte van de werkzaamheden die door de interne auditfunctie zijn uitgevoerd of die zijn gepland om te worden uitgevoerd, en de relevantie daarvan voor de algehele controleaanpak en voor het controleprogramma van de accountant in overweging te nemen. (Zie Par. A15, A16 en A17) +18 De accountant dient alle significante oordeelsvormingen in de controleopdracht uit te voeren en dient, om bovenmatig gebruik van de werkzaamheden van de interne auditfunctie te voorkomen, te plannen om minder gebruik te maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie, en meer werkzaamheden zelf uit te voeren: (Zie Par. A15, A16 en A17) a. naarmate er meer sprake is van oordeelsvorming bij: 1. het plannen en uitvoeren van relevante controlewerkzaamheden; en -2. het evalueren van de verzamelde controle-informatie; (Zie Par. A18 en A19) -b. naarmate de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen hoger zijn, waarbij speciale aandacht dient te worden besteed aan significante risico’s; (Zie Par. A20, A21 en A22) +2. het evalueren van de verzamelde controle-informatie; (Zie Par. A18 en A19) +b. naarmate de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen hoger zijn, waarbij speciale aandacht dient te worden besteed aan significante risico’s; (Zie Par. A20, A21 en A22) c. naarmate de organisatorische positie en relevante beleidslijnen en procedures van de interne auditfunctie op minder adequate wijze de objectiviteit van de interne auditors ondersteunen; en d. naarmate het competentieniveau van de interne auditfunctie lager is. -19 De accountant dient tevens te evalueren of, in zijn totaliteit, het gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie in de geplande mate er nog steeds in zou resulteren dat de accountant voldoende bij de controle betrokken is, gezien de ongedeelde verantwoordelijkheid van de accountant voor het controleoordeel dat tot uitdrukking wordt gebracht. (Zie Par. A15, A16, A17, A18, A19, A20, A21 en A22) -20 De accountant dient bij het communiceren met de met governance belaste personen van een overzicht van de geplande reikwijdte en timing van de controle overeenkomstig Standaard 260435Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 15. aan te geven hoe de accountant gepland heeft gebruik te maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie. (Zie Par. A23) +19 De accountant dient tevens te evalueren of, in zijn totaliteit, het gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie in de geplande mate er nog steeds in zou resulteren dat de accountant voldoende bij de controle betrokken is, gezien de ongedeelde verantwoordelijkheid van de accountant voor het controleoordeel dat tot uitdrukking wordt gebracht. (Zie Par. A15, A16, A17, A18, A19, A20, A21 en A22) +20 De accountant dient bij het communiceren met de met governance belaste personen van een overzicht van de geplande reikwijdte en timing van de controle overeenkomstig Standaard 260435Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 15. aan te geven hoe de accountant gepland heeft gebruik te maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie. (Zie Par. A23) #### . Gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie -21 Indien de accountant van plan is gebruik te maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie dient de accountant het geplande gebruik van zijn werkzaamheden met de interne auditfunctie te bespreken als basis voor de coördinatie van hun respectievelijke activiteiten. (Zie Par. A24, A25 en A26) +21 Indien de accountant van plan is gebruik te maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie dient de accountant het geplande gebruik van zijn werkzaamheden met de interne auditfunctie te bespreken als basis voor de coördinatie van hun respectievelijke activiteiten. (Zie Par. A24, A25 en A26) 22 De accountant dient de rapportages van de interne auditfunctie te lezen, die verband houden met de werkzaamheden van de interne auditfunctie waarvan de accountant van plan is gebruik te maken, om inzicht te verwerven in de aard en omvang van controlewerkzaamheden die deze heeft uitgevoerd en de daaruit voortvloeiende bevindingen. 23 De accountant dient voldoende controlewerkzaamheden uit te voeren betreffende de inhoud van het werk van de interne auditfunctie als geheel waarvan de accountant van plan is gebruik te maken, om het adequaat zijn van de werkzaamheden te bepalen voor de doeleinden van de controle, inclusief het evalueren of: a. de werkzaamheden van de interne auditfunctie op behoorlijke wijze zijn gepland, uitgevoerd, hierop toezicht is gehouden, beoordeeld en gedocumenteerd; b. voldoende en geschikte informatie is verkregen om de interne auditfunctie in staat te stellen redelijke conclusies te trekken; en -c. de getrokken conclusies onder de gegeven omstandigheden passend zijn en de rapportages die door de interne auditfunctie zijn opgesteld consistent zijn met de uitkomsten van de uitgevoerde werkzaamheden. (Zie Par. A27, A28, A29 en A30) +c. de getrokken conclusies onder de gegeven omstandigheden passend zijn en de rapportages die door de interne auditfunctie zijn opgesteld consistent zijn met de uitkomsten van de uitgevoerde werkzaamheden. (Zie Par. A27, A28, A29 en A30) 24 De aard en reikwijdte van de controlewerkzaamheden van de accountant dienen in te spelen op de evaluatie door de accountant van: a. de mate van hierbij betrokken oordeelsvorming; b. het ingeschatte risico van een afwijking van materieel belang; c. de mate waarin de organisatorische positie en relevante beleidslijnen en procedures van de interne auditfunctie de objectiviteit van de interne auditors ondersteunen; en -d. het competentieniveau van de interne auditfunctie;436Zie paragraaf 16. (Zie Par. A27, A28 en A29) en +d. het competentieniveau van de interne auditfunctie;436Zie paragraaf 16. (Zie Par. A27, A28 en A29) en -dienen het opnieuw uitvoeren van bepaalde werkzaamheden te omvatten. (Zie Par. A30) +dienen het opnieuw uitvoeren van bepaalde werkzaamheden te omvatten. (Zie Par. A30) 25 De accountant dient tevens te evalueren of zijn conclusies met betrekking tot de interne auditfunctie in paragraaf 13 van deze Standaard en de bepaling van de aard en mate van het gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie voor de doeleinden van de controle in paragrafen 16 en 17 van deze Standaard nog passend blijven. #### . Bepalen of, in welke gebieden, en in welke mate er gebruik kan worden gemaakt van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen ##### . Bepalen of er gebruik kan worden gemaakt van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen voor de doeleinden van de controle -26 De accountant kan door wet- of regelgeving worden verboden om directe ondersteuning te verkrijgen van interne auditors. Indien dit het geval is, zijn de paragrafen 27, 28, 29, 30, 31, 32, 33, 34, 35 en 37 niet van toepassing. (Zie Par. A31) +26 De accountant kan door wet- of regelgeving worden verboden om directe ondersteuning te verkrijgen van interne auditors. Indien dit het geval is, zijn de paragrafen 27, 28, 29, 30, 31, 32, 33, 34, 35 en 37 niet van toepassing. (Zie Par. A31) 27 Indien het gebruikmaken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen niet door wet- of regelgeving wordt verboden, en de accountant van plan is gebruik te maken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen voor de controle, dient de accountant het bestaan en de significantie van bedreigingen voor de objectiviteit en het competentieniveau van de interne auditors die dergelijke ondersteuning zullen verlenen, te evalueren. De evaluatie van de accountant van het bestaan en de significantie van bedreigingen voor de objectiviteit van de interne auditors dient een verzoek om inlichtingen aan de interne auditors te omvatten met betrekking tot belangen en relaties die een bedreiging kunnen vormen voor hun objectiviteit. (Zie Par A32, A33 en A34) 28 De accountant dient geen gebruik te maken van een interne auditor om directe ondersteuning te verlenen indien: a. er significante bedreigingen bestaan voor de objectiviteit van de interne auditor; of -b. het de interne auditor ontbreekt aan voldoende competentie om de voorgestelde werkzaamheden uit te voeren. (Zie Par. A32, A33 en A34) +b. het de interne auditor ontbreekt aan voldoende competentie om de voorgestelde werkzaamheden uit te voeren. (Zie Par. A32, A33 en A34) ##### . Bepalen van de aard en omvang van het werk dat kan worden toegewezen aan interne auditors die directe ondersteuning verlenen @@ -9016,14 +9016,14 @@ a. de mate van oordeelsvorming die hoort bij: 1. het plannen en uitvoeren van de relevante controlewerkzaamheden; en 2. het evalueren van de verzamelde controle-informatie; b. het ingeschatte risico van een afwijking van materieel belang; en -c. de evaluatie van de accountant van het bestaan en de significantie van bedreigingen voor zowel de objectiviteit als het competentieniveau van de interne auditors die dergelijke ondersteuning zullen verlenen. (Zie Par. A35, A36, A37, A38 en A39) +c. de evaluatie van de accountant van het bestaan en de significantie van bedreigingen voor zowel de objectiviteit als het competentieniveau van de interne auditors die dergelijke ondersteuning zullen verlenen. (Zie Par. A35, A36, A37, A38 en A39) 30 De accountant dient geen gebruik te maken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen bij het uitvoeren van werkzaamheden die: -a. betrekking hebben op het uitvoeren van significante oordeelsvorming in de controle; (Zie Par. A19) -b. betrekking hebben op hoger ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang waar de mate van oordeelsvorming die vereist is bij het uitvoeren van de relevante controlewerkzaamheden of bij het evalueren van de verzamelde controle-informatie meer dan beperkt is; (Zie Par. A38) +a. betrekking hebben op het uitvoeren van significante oordeelsvorming in de controle; (Zie Par. A19) +b. betrekking hebben op hoger ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang waar de mate van oordeelsvorming die vereist is bij het uitvoeren van de relevante controlewerkzaamheden of bij het evalueren van de verzamelde controle-informatie meer dan beperkt is; (Zie Par. A38) c. betrekking hebben op het werk waarbij de interne auditors betrokken zijn geweest en waarover aan het management of de met governance belaste personen door de interne auditfunctie reeds is gerapporteerd, of waarover nog zal worden gerapporteerd; of -d. betrekking hebben op beslissingen die de accountant maakt overeenkomstig deze Standaard met betrekking tot de interne auditfunctie en het gebruikmaken van de werkzaamheden of de directe ondersteuning hiervan. (Zie Par. A35, A36, A37, A38 en A39) -31 Nadat op passende wijze is geëvalueerd of en, zo ja, in welke mate er gebruik kan worden gemaakt van interne auditors om voor de controle directe ondersteuning te verlenen, dient de accountant bij het communiceren met de met governance belaste personen van een overzicht van de geplande reikwijdte en timing van de controle overeenkomstig Standaard260437Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 15., de aard en reikwijdte te communiceren van het geplande gebruik van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen, om tot onderlinge afstemming te komen dat dergelijk gebruik niet overmatig is in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A39) +d. betrekking hebben op beslissingen die de accountant maakt overeenkomstig deze Standaard met betrekking tot de interne auditfunctie en het gebruikmaken van de werkzaamheden of de directe ondersteuning hiervan. (Zie Par. A35, A36, A37, A38 en A39) +31 Nadat op passende wijze is geëvalueerd of en, zo ja, in welke mate er gebruik kan worden gemaakt van interne auditors om voor de controle directe ondersteuning te verlenen, dient de accountant bij het communiceren met de met governance belaste personen van een overzicht van de geplande reikwijdte en timing van de controle overeenkomstig Standaard260437Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 15., de aard en reikwijdte te communiceren van het geplande gebruik van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen, om tot onderlinge afstemming te komen dat dergelijk gebruik niet overmatig is in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A39) 32 De accountant dient te evalueren, of in zijn totaliteit, het gebruikmaken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen, samen met het geplande gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie er nog steeds toe zou leiden dat de accountant voldoende bij de controle betrokken is gelet op de ongedeelde verantwoordelijkheid van de accountant voor het controleoordeel dat tot uitdrukking wordt gebracht. #### . Gebruikmaken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen @@ -9037,7 +9037,7 @@ b. van de interne auditors schriftelijke overeenstemming te verkrijgen dat zij s a. dienen de aard, timing en omvang van de aansturing, het toezicht en beoordeling er blijk van te geven dat de interne auditors niet onafhankelijk zijn van de entiteit en dienen in te spelen op de uitkomst van de evaluatie van de factoren in paragraaf 29 van deze Standaard; en b. dienen de beoordelingswerkzaamheden te omvatten dat de accountant sommige werkzaamheden die door de interne auditors zijn uitgevoerd afstemt met de onderliggende controle-informatie. -De aansturing, het toezicht en de beoordeling door de accountant van de werkzaamheden die door de interne auditors zijn uitgevoerd dienen voor de accountant voldoende te zijn om zich ervan te vergewissen dat de interne auditors voldoende en geschikte controle-informatie hebben verkregen om de conclusies die op die werkzaamheden zijn gebaseerd te onderbouwen. (Zie Par. A40 en A41) +De aansturing, het toezicht en de beoordeling door de accountant van de werkzaamheden die door de interne auditors zijn uitgevoerd dienen voor de accountant voldoende te zijn om zich ervan te vergewissen dat de interne auditors voldoende en geschikte controle-informatie hebben verkregen om de conclusies die op die werkzaamheden zijn gebaseerd te onderbouwen. (Zie Par. A40 en A41) 35 Bij het aansturen van, toezien op en beoordelen van de werkzaamheden die door interne auditors zijn uitgevoerd dient de accountant alert te blijven op aanwijzingen dat de evaluaties van de accountants in paragraaf 27 niet langer geschikt zijn. #### . Documentatie @@ -9062,7 +9062,7 @@ e. de werkdocumenten die zijn opgesteld door de interne auditors die bij de cont ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Definitie van de interne auditfunctie (Zie Par. 2 en 14a) +#### . Definitie van de interne auditfunctie (Zie Par. 2 en 14a) A1 De doelstellingen en reikwijdte van interne auditfuncties omvatten doorgaans assurance- en adviserende activiteiten die zijn opgezet om de effectiviteit van de governanceprocessen, van de risicobeheersing en van de interne beheersing van de entiteit te evalueren en te verbeteren, zoals: @@ -9088,7 +9088,7 @@ Bovendien kan de accountant gebruikmaken van interne auditors om controlewerkzaa ##### . Het evalueren van de interne auditfunctie -###### . Objectiviteit en competentie (Zie Par. 15(a)–(b)) +###### . Objectiviteit en competentie (Zie Par. 15(a)–(b)) A5 De accountant past professionele oordeelsvorming toe bij het bepalen of voor de doeleinden van de controle gebruik kan worden gemaakt van de werkzaamheden van de interne auditfunctie voor de doeleinden van de controle en bij het bepalen in welke mate en in welke omstandigheden daarvan gebruik kan worden gemaakt. A6 De mate waarin de organisatorische positie en de relevante beleidslijnen en procedures van de interne auditfunctie de objectiviteit van de interne auditors ondersteunen, alsmede het competentieniveau van de functie, zijn bijzonder belangrijk bij het bepalen of er van de werkzaamheden van de interne auditfunctie gebruik wordt gemaakt en, zo ja, bij het bepalen van de aard en omvang van het gebruik van de werkzaamheden van de functie dat passend is in de omstandigheden. @@ -9108,7 +9108,7 @@ A8 Competentie van de interne auditfunctie verwijst naar het verkrijgen en onder • of de interne auditors lid zijn van relevante beroepsorganisaties die hun verplichten om de relevante professionele standaarden na te leven, met inbegrip van vereisten inzake permanente educatie. A9 Objectiviteit en competentie kunnen worden gezien als een continuüm. Hoe meer de organisatorische positie en relevante beleidslijnen en procedures van de interne auditfunctie op adequate wijze de objectiviteit van de interne auditors ondersteunen en hoe hoger het competentieniveau van de interne auditfunctie is, des te waarschijnlijker is het dat de accountant gebruik kan maken van de interne auditfunctie en dat op meerdere gebieden. Een organisatorische positie en relevante beleidslijnen en procedures die de objectiviteit van de interne auditors sterk ondersteunen, kunnen echter het gebrek aan voldoende competentie van de interne auditfunctie niet compenseren. Evenmin kan een hoog competentieniveau van de interne auditfunctie een organisatorische positie en beleidslijnen en procedures die de objectiviteit van de interne auditors niet adequaat ondersteunen, compenseren. -#### . Het toepassen van een systematische en gedisciplineerde benadering (Zie Par. 15(c)) +#### . Het toepassen van een systematische en gedisciplineerde benadering (Zie Par. 15(c)) A10 Het toepassen van een systematische en gedisciplineerde benadering voor het plannen, uitvoeren, toezicht houden op, beoordelen en documenteren van haar activiteiten onderscheidt de activiteiten van de interne auditfunctie van andere activiteiten inzake het monitoren van de interne beheersing die binnen de entiteit kunnen worden uitgevoerd. A11 Factoren die van invloed kunnen zijn op de vaststelling door de accountant of de interne auditfunctie een systematische en gedisciplineerde benadering toepast, zijn onder meer de volgende: @@ -9116,7 +9116,7 @@ A11 Factoren die van invloed kunnen zijn op de vaststelling door de accountant o • het bestaan, adequaat zijn en gebruik van gedocumenteerde interne auditwerkzaamheden of van leidraden die gebieden omvatten zoals risico-inschattingen, werkprogramma’s, documentatie en verslaggeving, waarvan de aard en omvang in verhouding staan tot de grootte en de omstandigheden van een entiteit; • of de interne auditfunctie toereikende beleidslijnen en procedures voor kwaliteitsbeheersing heeft, bijvoorbeeld beleidslijnen en procedures voortvloeiend uit wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing444De wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing. Vooralsnog is dit RKB1. Dit zal op termijn NVAAia/NVAAoa worden. die van toepassing zouden zijn op een internal auditfunctie – zoals die welke in verband staan met leiding, human resources en opdrachtuitvoering – of vereisten inzake kwaliteitsbeheersing voortvloeiend uit Standaarden die door de relevante beroepsorganisaties voor interne auditors zijn opgesteld. Dergelijke organisaties kunnen tevens andere passende eisen vaststellen, zoals het uitvoeren van periodieke externe kwaliteitsbeoordelingen. -##### . Omstandigheden waarin van de werkzaamheden van de interne auditfunctie geen gebruik kan worden gemaakt (Zie Par. 16) +##### . Omstandigheden waarin van de werkzaamheden van de interne auditfunctie geen gebruik kan worden gemaakt (Zie Par. 16) A12 De evaluatie van de accountant of de organisatorische positie en relevante beleidslijnen en procedures van de interne auditfunctie op adequate wijze de objectiviteit van de interne auditors ondersteunen, het competentieniveau van de interne auditfunctie, en of deze een systematische en gedisciplineerde benadering hanteert, kan erop wijzen dat de risico’s ten aanzien van de kwaliteit van de werkzaamheden van de interne auditfunctie te significant zijn en dat het derhalve niet gepast is om de werkzaamheden van de interne auditfunctie te gebruiken als controle-informatie. A13 Het in overweging nemen van de factoren in paragrafen A7, A8 en A11 van deze Standaard, afzonderlijk en in zijn totaliteit, is van belang omdat een individuele factor vaak niet voldoende is om te concluderen dat er voor de doeleinden van de controle geen gebruik kan worden gemaakt van de werkzaamheden van de interne auditfunctie. De organisatorische positie van de interne auditfunctie is bijvoorbeeld in het bijzonder van belang bij het evalueren van bedreigingen voor de objectiviteit van de interne auditors. Indien de interne auditfunctie aan het management rapporteert zou dit als een significante bedreiging voor de objectiviteit van de interne auditfunctie worden beschouwd, tenzij andere factoren zoals die in paragraaf A7 van deze Standaard zijn beschreven gezamenlijk voldoende maatregelen verlenen om de objectiviteit te waarborgen. @@ -9124,7 +9124,7 @@ A14 DeViO stelt dat een bedreiging als gevolg van zelftoetsing ontstaat wanneer ##### . Bepalen van de aard en omvang van de werkzaamheden van de interne auditfunctie waarvan gebruik kan worden gemaakt -###### . Factoren van invloed op de bepaling van de aard en omvang van de werkzaamheden van de interne auditfunctie waarvan gebruik kan worden gemaakt (Zie Par. 17, 18 en 19) +###### . Factoren van invloed op de bepaling van de aard en omvang van de werkzaamheden van de interne auditfunctie waarvan gebruik kan worden gemaakt (Zie Par. 17, 18 en 19) A15 Zodra de accountant heeft bepaald dat er van de werkzaamheden van de interne auditfunctie voor de doeleinden van de controle gebruik kan worden gemaakt, is een eerste overweging of de geplande aard en reikwijdte van de werkzaamheden van de interne auditfunctie die zijn uitgevoerd, of gepland zijn om te worden uitgevoerd, relevant zijn voor de algehele controleaanpak die en het controleprogramma dat de accountant overeenkomstig Standaard 300446Standaard 300, *Planning van een controle van financiële overzichten*. heeft opgesteld. A16 Voorbeelden van werkzaamheden van de interne auditfunctie waarvan door de accountant gebruik kan worden gemaakt zijn: @@ -9137,7 +9137,7 @@ A16 Voorbeelden van werkzaamheden van de interne auditfunctie waarvan door de ac • in sommige omstandigheden, controles of beoordelingen van de financiële informatie van dochtermaatschappijen die geen significante groepsonderdelen van de groep zijn (waar dit niet strijdig is met de vereisten van Standaard 600).447Standaard 600, *Speciale overwegingen – Controles van financiële overzichten van de groep (inclusief de werkzaamheden van accountants van groepsonderdelen)*. A17 De vaststelling door de accountant van de geplande aard en mate van het gebruik van de werkzaamheden van de interne auditfunctie zal worden beïnvloed door de evaluatie van de accountant van de mate waarin de organisatorische positie en de relevante beleidslijnen en procedures van de interne auditfunctie op adequate wijze de objectiviteit van de interne auditors ondersteunen, alsmede door het competentieniveau van de interne auditfunctie in paragraaf 16 van deze Standaard. Bovendien zijn zowel de mate van oordeelsvorming die noodzakelijk is bij het plannen, uitvoeren en evalueren van dergelijke werkzaamheden, als het ingeschatte risico van een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen input voor de vaststelling door de accountant. Verder zijn er omstandigheden waarin de accountant voor de doeleinden van de controle geen gebruik kan maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie, zoals in paragraaf 14 van deze Standaard staat beschreven. -###### . Oordeelsvorming bij het plannen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het evalueren van resultaten (Zie Par. 18(a), 30(a)) +###### . Oordeelsvorming bij het plannen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het evalueren van resultaten (Zie Par. 18(a), 30(a)) A18 Hoe groter het belang van de oordeelsvorming toe te passen bij het plannen en uitvoeren van de controlewerkzaamheden en bij het evalueren van de controle-informatie is, des te meer werkzaamheden zullen overeenkomstig paragraaf 18 van deze Standaard door de accountant zelf uitgevoerd moeten worden, omdat gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie alleen niet voldoende en geschikte controle-informatie aan de accountant zal verlenen. A19 Aangezien de accountant de ongedeelde verantwoordelijkheid heeft voor het controleoordeel dat tot uitdrukking wordt gebracht, is het noodzakelijk dat de accountant in de controleopdracht significante oordeelsvormingen uitvoert overeenkomstig paragraaf 18. Significante oordeelsvormingen omvatten het volgende: @@ -9148,19 +9148,19 @@ A19 Aangezien de accountant de ongedeelde verantwoordelijkheid heeft voor het co • het evalueren van significante schattingen; en • het evalueren van de toereikendheid van de in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen, en andere aangelegenheden die de controleverklaring beïnvloeden. -###### . Ingeschat risico van een afwijking van materieel belang (Zie Par. 18(b)) +###### . Ingeschat risico van een afwijking van materieel belang (Zie Par. 18(b)) A20 Voor een bepaald rekeningsaldo en een bepaalde transactiestroom of toelichting geldt dat hoe hoger een ingeschat risico op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen is, des te meer oordeelsvorming er vaak betrokken is bij het plannen en uitvoeren van de controlewerkzaamheden en het evalueren van de uitkomsten daarvan. In dergelijke omstandigheden zal de accountant meer werkzaamheden overeenkomstig paragraaf 16 van deze Standaard zelf moeten uitvoeren, en derhalve minder gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie bij het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie. Verder geldt, zoals uitgelegd in Standaard 200448Standaard 200, paragraaf A29., dat naarmate de risico’s op een afwijking van materieel belang hoger zijn, des te overtuigender de controle-informatie die door de accountant wordt vereist moet zijn, en des te meer werkzaamheden de accountant daarom zelf zal moeten uitvoeren. A21 Zoals in Standaard 315 wordt uitgelegd, vereisen significante risico’s speciale aandacht en zal de mogelijkheid van de accountant om gebruik te maken van de interne auditfunctie met betrekking tot significante risico’s daardoor worden beperkt tot werkzaamheden die een beperkte oordeelsvorming vergen. Bovendien is het onwaarschijnlijk dat in die gevallen waar de risico’s op een afwijking van materieel belang anders zijn dan laag, het gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie op zichzelf, het controlerisico tot een aanvaardbaar niveau terug brengt. Het gebruikmaken van werkzaamheden van de interne auditfunctie elimineert niet de noodzaak van de accountant sommige toetsingen zelf uit te voeren. A22 Het uitvoeren van werkzaamheden overeenkomstig deze Standaard kan voor de accountant aanleiding vormen om de inschatting door de accountant van de risico’s op een afwijking van materieel belang opnieuw te evalueren. Deze evaluatie kan ook de vaststelling door de accountant van de vraag of er van de werkzaamheden van interne auditfunctie gebruik kan worden gemaakt en of verdere toepassing van deze Standaard noodzakelijk is, beïnvloeden. -###### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 20) +###### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 20) A23 Overeenkomstig Standaard 260449Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 15. wordt van de accountant vereist om de met governance belaste personen een overzicht van de geplande reikwijdte en timing van de controle te geven. Het geplande gebruik van de werkzaamheden van de interne auditfunctie vormt een integrerend onderdeel van de algehele controleaanpak van de accountant en is derhalve relevant voor de met governance belaste personen met betrekking tot hun inzicht in de voorgestelde controleaanpak. #### . Gebruikmaken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie -##### . Het bespreken en coördineren met de interne auditfunctie (Zie Par. 21) +##### . Het bespreken en coördineren met de interne auditfunctie (Zie Par. 21) A24 Bij het bespreken van het geplande gebruik van hun werkzaamheden met de interne auditfunctie als basis voor het coördineren van de respectievelijke activiteiten, kan het nuttig zijn om het volgende aan de orde te stellen: @@ -9182,7 +9182,7 @@ A26 Standaard 200 Standaard 200, paragraaf 15 en A18. behandelt het belang van planning en uitvoering van de controle met een professioneel-kritische instelling door de accountant, inclusief het alert zijn op informatie die de betrouwbaarheid van documenten en reacties op verzoeken om inlichtingen die als controle-informatie worden gebruikt, ter discussie stelt. Derhalve kan communicatie met de interne auditfunctie gedurende de uitvoering van de opdracht gelegenheid bieden aan interne auditors om aangelegenheden die de werkzaamheden van de accountant kunnen beïnvloeden onder de aandacht van de accountant te brengen.451Standaard 315, paragraaf A116. De accountant is dan in staat om met dergelijke informatie rekening houden bij het identificeren en inschatten van risico’s op een afwijking van materieel belang. Bovendien, indien dergelijke informatie kan wijzen op een verhoogd risico van een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten, of op feitelijke, vermoede of vermeende fraude, is de accountant in staat om hiermee rekening te houden bij het identificeren van een risico van een afwijking van materieel belang als gevolg van fraude overeenkomstig Standaard 240.452Standaard 315, paragraaf A11 in relatie tot Standaard 240, *Verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten.* -##### . Procedures om het adequaat zijn van de werkzaamheden van de interne auditfunctie te bepalen (Zie Par. 23–24) +##### . Procedures om het adequaat zijn van de werkzaamheden van de interne auditfunctie te bepalen (Zie Par. 23–24) A27 De controlewerkzaamheden van de accountant betreffende de inhoud van het werk van de interne auditfunctie als geheel waarvan de accountant van plan is deze te gebruiken, bieden een basis voor het evalueren van de algehele kwaliteit van de werkzaamheden van de interne auditfunctie en de objectiviteit waarmee ze zijn uitgevoerd. A28 De werkzaamheden die de accountant kan uitvoeren om de kwaliteit van de uitgevoerde werkzaamheden en de conclusies die door de interne auditfunctie zijn getrokken te evalueren, ter aanvulling op het opnieuw uitvoeren overeenkomstig paragraaf 22, omvatten: @@ -9199,13 +9199,13 @@ A29 Op gebieden waarbij: moet de accountant zelf meer werkzaamheden uitvoeren op de kern van de werkzaamheden van de interne auditfunctie, om de beslissing om gebruik te maken van de inhoud van het werk van de interne auditfunctie bij het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie waarop het controleoordeel wordt gebaseerd, te ondersteunen. -###### . Het opnieuw uitvoeren (Zie Par. 24) +###### . Het opnieuw uitvoeren (Zie Par. 24) A30 In het kader van deze Standaard heeft het opnieuw uitvoeren betrekking op het onafhankelijk uitvoeren van werkzaamheden door de accountant om de conclusies die door de interne auditfunctie zijn getrokken, te valideren. Deze doelstelling kan worden bereikt door elementen te onderzoeken die reeds door de interne auditfunctie zijn onderzocht, of, waar het niet mogelijk is om dit te doen, kan dezelfde doelstelling tevens worden bereikt door voldoende andere vergelijkbare elementen te onderzoeken die niet daadwerkelijk door de interne auditfunctie zijn onderzocht. Het opnieuw uitvoeren verschaft meer overtuigende onderbouwing van de toereikendheid van de werkzaamheden van de interne auditfunctie in vergelijking met andere werkzaamheden die de accountant in paragraaf A28 kan uitvoeren. Het is voor de accountant niet noodzakelijk dat hij op elk gebied waarvoor hij gebruik maakt van de inhoud van het werk van de interne auditfunctie deze werkzaamheden opnieuw uitvoert, echter het in bepaalde mate opnieuw uitvoeren betreffende de inhoud van het werk van de interne auditfunctie waar de accountant van plan is gebruik te maken, is in overeenstemming met paragraaf 24. Het is waarschijnlijk dat de accountant bij het opnieuw uitvoeren focust op die gebieden waar er door de interne auditfunctie meer oordeelsvorming is toegepast bij het plannen, uitvoeren en evalueren van de uitkomsten van de controlewerkzaamheden en in gebieden met een hoger risico op een afwijking van materieel belang. #### . Bepalen of, in welke gebieden, en in welke mate er gebruik kan worden gemaakt van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen -##### . Bepalen of er gebruik kan worden gemaakt van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen voor de doeleinden van de controle (Zie Par. 5, 26, 27 en 28) +##### . Bepalen of er gebruik kan worden gemaakt van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen voor de doeleinden van de controle (Zie Par. 5, 26, 27 en 28) A31 Er zijn rechtsgebieden waar het de accountant door wet- of regelgeving wordt verboden om gebruik te maken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen. Dan is het voor de accountants op groepsniveau relevant om te overwegen of dit verbod ook geldt voor interne auditors van een groepsonderdeel en, zo ja, om hierop in te spelen in de communicatie met de accountants van groepsonderdelen.453Standaard 600, paragraaf 40(b). A32 Zoals in paragraaf A7 van deze Standaard wordt vermeld, verwijst objectiviteit naar het vermogen om het voorgestelde werk uit te voeren zonder toe te staan dat vooringenomenheid, belangenconflicten of ongepaste invloed van anderen professionele oordeelsvormingen doorbreken. Bij het evalueren van het bestaan en de significantie van bedreigingen voor de objectiviteit van een interne auditor, kunnen de volgende factoren relevant zijn: @@ -9219,7 +9219,7 @@ Materiaal dat door relevante beroepsorganisaties voor interne auditors wordt uit A33 Er kunnen ook bepaalde omstandigheden zijn waarin de significantie van de bedreigingen voor de objectiviteit van een interne auditor zodanig is dat er geen waarborgen zijn die deze terug zouden kunnen brengen tot een aanvaardbaar niveau. Het adequaat zijn van waarborgen wordt bijvoorbeeld door de significantie van de werkzaamheden in de context van de controle beïnvloed. Daarom is het op grond van paragraaf 30(a) en (b) verboden gebruik te maken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen met betrekking tot het uitvoeren van werkzaamheden die te maken hebben met het uitvoeren van significante oordeelsvorming in de controle of die te maken hebben met hogere risico’s op een afwijking van materieel belang waar de vereiste oordeelsvorming bij het uitvoeren van relevante controlewerkzaamheden of bij het evalueren van de verzamelde controle-informatie meer dan beperkt is. Dit zou tevens het geval zijn waar de betrokken werkzaamheden een bedreiging als gevolg van zelftoetsing vormen, wat de reden is dat het interne auditors verboden wordt om werkzaamheden uit te voeren in de omstandigheden beschreven in paragraaf 30(c) en (d). A34 Bij het evalueren van het competentieniveau van een interne auditor kunnen vele van de factoren in paragraaf A8 van deze Standaard ook relevant zijn, toegepast in de context van individuele interne auditors en de werkzaamheden die hun kunnen worden toegewezen. -##### . Bepalen van de aard en omvang van het werk dat kan worden toegewezen aan interne auditors die directe ondersteuning verlenen (Zie Par. 29, 30 en 31) +##### . Bepalen van de aard en omvang van het werk dat kan worden toegewezen aan interne auditors die directe ondersteuning verlenen (Zie Par. 29, 30 en 31) A35 Paragrafen A15, A16, A17, A18, A19, A20, A21 en A22 van deze Standaard verlenen relevante leidraden bij het bepalen van de aard en omvang van de werkzaamheden die aan interne auditors kunnen zijn toegewezen. A36 Bij het bepalen van de aard van de werkzaamheden die aan interne auditors kunnen worden toegewezen let de accountant erop om dergelijke werkzaamheden te beperken tot die gebieden die geschikt zijn om te worden toegewezen. Voorbeelden van activiteiten en taken die niet geschikt zijn om gebruik te maken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen omvatten de volgende: @@ -9230,7 +9230,7 @@ A37 Aangezien het van de accountant, overeenkomstig Standaard 505456Standaard 50 A38 De mate van betrokken oordeelsvorming en het risico van een afwijking van materieel belang zijn tevens relevant bij het bepalen van de werkzaamheden die aan interne auditors die directe ondersteuning verlenen kunnen worden toegewezen. In omstandigheden waar bijvoorbeeld de waardering van de vorderingen wordt ingeschat als een gebied met een hoger risico zou de accountant het checken van de juistheid van de ouderdom van deze vorderingen kunnen toewijzen aan een interne auditor die directe ondersteuning verleend. Omdat de evaluatie van de toereikendheid van de voorziening op basis van de ouderdom echter meer dan beperkte oordeelsvorming zou inhouden, zou het niet passend zijn om de laatstgenoemde taak aan een interne auditor die directe ondersteuning verleent toe te wijzen. A39 Ongeacht de aansturing, het toezicht en de beoordeling door de accountant kan het overmatig gebruik van interne auditors die directe ondersteuning verlenen, percepties beïnvloeden met betrekking tot de onafhankelijkheid in het kader van de externe controleopdracht. -#### . Gebruikmaken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen (Zie Par. 34) +#### . Gebruikmaken van interne auditors om directe ondersteuning te verlenen (Zie Par. 34) A40 Personen binnen de interne auditfunctie zijn niet onafhankelijk van de entiteit zoals van de accountant wordt vereist bij het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de financiële overzichten. Daarom zal de betrokkenheid van de accountant bij het aansturen van, toezicht houden op, en beoordelen van de werkzaamheden die door interne auditors zijn uitgevoerd, over het algemeen van een andere aard en uitgebreider zijn dan wanneer leden van het opdrachtteam de werkzaamheden uitvoeren. A41 Bij het aansturen van interne auditors kan de accountant de interne auditors er bijvoorbeeld aan herinneren om kwesties op het gebied van financiële verslaggeving en controle die tijdens de controle zijn geïdentificeerd, onder de aandacht van de accountant te brengen. Bij het beoordelen van de werkzaamheden die door de interne auditors zijn uitgevoerd, omvatten de overwegingen van de accountant de vraag of de verkregen controle-informatie in de omstandigheden voldoende en geschikt is, alsmede of deze controle-informatie de getrokken conclusies ondersteunt. @@ -9266,7 +9266,7 @@ b. indien gebruik wordt gemaakt van de werkzaamheden van een door de accountant 6 Voor de toepassing van de Standaarden hebben de volgende termen de hierna weergegeven betekenis: -a. *door de accountant ingeschakelde deskundige* – Een persoon of organisatie die beschikt over deskundigheid op een ander gebied dan financiële verslaggeving of controle en van wie/waarvan de werkzaamheden op dat gebied door de accountant worden gebruikt om hem te helpen bij het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie. Een door de accountant ingeschakelde deskundige kan een door de accountant ingeschakelde interne deskundige (die een partner of staf is, met inbegrip van tijdelijke staf, van het kantoor van de accountant of een kantoor dat deel uitmaakt van het netwerk) of een door de accountant ingeschakelde externe deskundige zijn; (Zie Par. A1, A2 en A3) +a. *door de accountant ingeschakelde deskundige* – Een persoon of organisatie die beschikt over deskundigheid op een ander gebied dan financiële verslaggeving of controle en van wie/waarvan de werkzaamheden op dat gebied door de accountant worden gebruikt om hem te helpen bij het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie. Een door de accountant ingeschakelde deskundige kan een door de accountant ingeschakelde interne deskundige (die een partner of staf is, met inbegrip van tijdelijke staf, van het kantoor van de accountant of een kantoor dat deel uitmaakt van het netwerk) of een door de accountant ingeschakelde externe deskundige zijn; (Zie Par. A1, A2 en A3) b. *deskundigheid* – Vaardigheden, kennis en ervaring op een bepaald gebied; c. *door het management ingeschakelde deskundige* – Een persoon of organisatie die over deskundigheid beschikt op een ander gebied dan financiële verslaggeving of controle en van wie/waarvan de werkzaamheden op dat gebied door de entiteit worden gebruikt om haar te helpen bij het opstellen van de financiële overzichten. @@ -9274,57 +9274,57 @@ c. *door het management ingeschakelde deskundige* – Een persoon of organisatie #### . Het vaststellen van de noodzaak voor een door de accountant ingeschakelde deskundige -7 Indien deskundigheid op een ander gebied dan financiële verslaggeving of controle noodzakelijk is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, dient de accountant vast te stellen of hij gebruik zal maken van de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige. (Zie Par. A4, A5, A6, A7, A8 en A9) +7 Indien deskundigheid op een ander gebied dan financiële verslaggeving of controle noodzakelijk is om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, dient de accountant vast te stellen of hij gebruik zal maken van de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige. (Zie Par. A4, A5, A6, A7, A8 en A9) #### . Aard, timing en omvang van controlewerkzaamheden -8 De aard, timing en omvang van de werkzaamheden van de accountant met betrekking tot de vereisten in paragraaf 9-13 van deze Standaard zullen afhankelijk van de omstandigheden variëren. Bij het vaststellen van de aard, timing en omvang van die werkzaamheden dient de accountant rekening te houden met aangelegenheden, waaronder: (Zie Par. A10) +8 De aard, timing en omvang van de werkzaamheden van de accountant met betrekking tot de vereisten in paragraaf 9-13 van deze Standaard zullen afhankelijk van de omstandigheden variëren. Bij het vaststellen van de aard, timing en omvang van die werkzaamheden dient de accountant rekening te houden met aangelegenheden, waaronder: (Zie Par. A10) a. de aard van de aangelegenheid waarop de werkzaamheden van die deskundige betrekking hebben; b. de risico’s van een afwijking van materieel belang in de aangelegenheid waarop de werkzaamheden van die deskundige betrekking hebben; c. de kennis van de accountant van en zijn ervaring met eerdere werkzaamheden die door die deskundige zijn uitgevoerd; en -d. de vraag of die deskundige onderworpen is aan de beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing van het kantoor van de accountant. (Zie Par. A11, A12 en A13) +d. de vraag of die deskundige onderworpen is aan de beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing van het kantoor van de accountant. (Zie Par. A11, A12 en A13) #### . De competentie, capaciteiten en objectiviteit van de door de accountant ingeschakelde deskundige -9 De accountant dient te evalueren of de door de accountant ingeschakelde deskundige over de competentie, capaciteiten en objectiviteit beschikt die noodzakelijk zijn voor de doeleinden van de accountant. In het geval van een door de accountant ingeschakelde externe deskundige, dient de evaluatie van de objectiviteit te omvatten het verzoeken om inlichtingen met betrekking tot belangen en relaties die een bedreiging kunnen vormen voor de objectiviteit van die deskundige. (Zie Par. A14, A15, A16, A17, A18, A19 en A20) +9 De accountant dient te evalueren of de door de accountant ingeschakelde deskundige over de competentie, capaciteiten en objectiviteit beschikt die noodzakelijk zijn voor de doeleinden van de accountant. In het geval van een door de accountant ingeschakelde externe deskundige, dient de evaluatie van de objectiviteit te omvatten het verzoeken om inlichtingen met betrekking tot belangen en relaties die een bedreiging kunnen vormen voor de objectiviteit van die deskundige. (Zie Par. A14, A15, A16, A17, A18, A19 en A20) #### . Het verwerven van inzicht in het deskundigheidsgebied van een door de accountant ingeschakelde deskundige -10 De accountant dient voldoende inzicht te verwerven in het deskundigheidsgebied van de door de accountant ingeschakelde deskundige teneinde de accountant in staat te stellen: (Zie Par. A21-A22) +10 De accountant dient voldoende inzicht te verwerven in het deskundigheidsgebied van de door de accountant ingeschakelde deskundige teneinde de accountant in staat te stellen: (Zie Par. A21-A22) a. de aard, reikwijdte en doelstellingen vast te stellen van de werkzaamheden van die deskundige voor de doeleinden van de accountant; en b. de adequaatheid van die werkzaamheden voor de doeleinden van de accountant te evalueren. #### . Overeenstemming met de door de accountant ingeschakelde deskundige -11 De accountant dient, wanneer passend schriftelijk, overeenstemming te bereiken met de door de accountant ingeschakelde deskundige over de volgende aangelegenheden: (Zie Par. A23, A24, A25, A26) +11 De accountant dient, wanneer passend schriftelijk, overeenstemming te bereiken met de door de accountant ingeschakelde deskundige over de volgende aangelegenheden: (Zie Par. A23, A24, A25, A26) -a. De aard, reikwijdte en doelstellingen van de werkzaamheden van die deskundige; (Zie Par. A27) -b. De respectieve rollen en verantwoordelijkheden van de accountant en die deskundige; (Zie Par. A28, A29) -c. De aard, timing en omvang van de communicatie tussen de accountant en die deskundige, met inbegrip van de vorm van enige rapportage die door die deskundige zal worden verstrekt; alsmede (Zie Par. A30) -d. De noodzaak voor de door de accountant ingeschakelde deskundige om geheimhoudingsvereisten in acht te nemen. (Zie Par. A31) +a. De aard, reikwijdte en doelstellingen van de werkzaamheden van die deskundige; (Zie Par. A27) +b. De respectieve rollen en verantwoordelijkheden van de accountant en die deskundige; (Zie Par. A28, A29) +c. De aard, timing en omvang van de communicatie tussen de accountant en die deskundige, met inbegrip van de vorm van enige rapportage die door die deskundige zal worden verstrekt; alsmede (Zie Par. A30) +d. De noodzaak voor de door de accountant ingeschakelde deskundige om geheimhoudingsvereisten in acht te nemen. (Zie Par. A31) #### . Het evalueren van het adequaat zijn van de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige -12 De accountant dient de adequaatheid van de werkzaamheden van de door hem ingeschakelde deskundige voor de doeleinden van de accountant te evalueren, met inbegrip van: (Zie Par. A32) +12 De accountant dient de adequaatheid van de werkzaamheden van de door hem ingeschakelde deskundige voor de doeleinden van de accountant te evalueren, met inbegrip van: (Zie Par. A32) -a. de relevantie en redelijkheid van de bevindingen of conclusies van die deskundige, alsmede de consistentie ervan met overige controle-informatie; (Zie Par. A33, A34) -b. indien de werkzaamheden van die deskundige het gebruik van significante veronderstellingen en methoden inhouden, de relevantie en redelijkheid van die veronderstellingen en methoden in de gegeven omstandigheden; en (Zie Par. A35, A36 en A37) -c. indien de werkzaamheden van die deskundige het gebruik omvatten van brongegevens die significant zijn voor de werkzaamheden van die deskundige, de relevantie, volledigheid en nauwkeurigheid van die brongegevens. (Zie Par. A38, ) -13 Indien de accountant bepaalt dat de werkzaamheden van de door hem ingeschakelde deskundige niet adequaat zijn voor de doeleinden van de accountant, dient de accountant: (Zie Par. A40) +a. de relevantie en redelijkheid van de bevindingen of conclusies van die deskundige, alsmede de consistentie ervan met overige controle-informatie; (Zie Par. A33, A34) +b. indien de werkzaamheden van die deskundige het gebruik van significante veronderstellingen en methoden inhouden, de relevantie en redelijkheid van die veronderstellingen en methoden in de gegeven omstandigheden; en (Zie Par. A35, A36 en A37) +c. indien de werkzaamheden van die deskundige het gebruik omvatten van brongegevens die significant zijn voor de werkzaamheden van die deskundige, de relevantie, volledigheid en nauwkeurigheid van die brongegevens. (Zie Par. A38, ) +13 Indien de accountant bepaalt dat de werkzaamheden van de door hem ingeschakelde deskundige niet adequaat zijn voor de doeleinden van de accountant, dient de accountant: (Zie Par. A40) a. met die deskundige de aard en omvang van verdere door die deskundige uit te voeren werkzaamheden overeen te komen; of b. aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren die in de gegeven omstandigheden passend zijn. #### . Verwijzing naar de door de accountant ingeschakelde deskundige in de controleverklaring -14 De accountant dient in een controleverklaring die een goedkeurend oordeel bevat niet te verwijzen naar de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige, tenzij hij hiertoe op grond van wet- of regelgeving verplicht is. Indien de wet- of regelgeving een dergelijke verwijzing vereist, dient de accountant in de controleverklaring aan te geven dat deze verwijzing niets afdoet aan zijn verantwoordelijkheid voor het oordeel van de accountant. (Zie Par. A41) -15 Indien de accountant in de controleverklaring verwijst naar de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige omdat een dergelijke verwijzing relevant is voor het begrijpen van een aanpassing in het oordeel van de accountant, dan dient de accountant in de controleverklaring aan te geven dat een dergelijke verwijzing de verantwoordelijkheid van de accountant voor dat oordeel niet vermindert. (Zie Par. A42) +14 De accountant dient in een controleverklaring die een goedkeurend oordeel bevat niet te verwijzen naar de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige, tenzij hij hiertoe op grond van wet- of regelgeving verplicht is. Indien de wet- of regelgeving een dergelijke verwijzing vereist, dient de accountant in de controleverklaring aan te geven dat deze verwijzing niets afdoet aan zijn verantwoordelijkheid voor het oordeel van de accountant. (Zie Par. A41) +15 Indien de accountant in de controleverklaring verwijst naar de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige omdat een dergelijke verwijzing relevant is voor het begrijpen van een aanpassing in het oordeel van de accountant, dan dient de accountant in de controleverklaring aan te geven dat een dergelijke verwijzing de verantwoordelijkheid van de accountant voor dat oordeel niet vermindert. (Zie Par. A42) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Definitie van een door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 6 (a)) +#### . Definitie van een door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 6 (a)) A1 Deskundigheid op een ander gebied dan financiële verslaggeving of controle kan onder meer deskundigheid omvatten met betrekking tot: @@ -9337,7 +9337,7 @@ A1 Deskundigheid op een ander gebied dan financiële verslaggeving of controle k A2 In veel gevallen zal het maken van onderscheid tussen deskundigheid op het gebied van financiële verslaggeving of controle en deskundigheid op een ander gebied duidelijk zijn, zelfs als het een gespecialiseerd gebied van financiële verslaggeving of controle betreft. Bijvoorbeeld een persoon met deskundigheid op het gebied van de toepassing van methoden voor de administratieve verwerking van uitgestelde winstbelasting kan vaak gemakkelijk worden onderscheiden van een deskundige in belastingrecht. De eerste is geen deskundige voor de toepassing van deze Standaard, aangezien dit deskundigheid op het gebied van financiële verslaggeving inhoudt; de laatste is wel een deskundige voor de toepassing van deze Standaard, aangezien dit juridische deskundigheid inhoudt. Soortgelijke vormen van onderscheid kunnen ook worden gemaakt op andere gebieden, bijvoorbeeld het onderscheid tussen deskundigheid op het gebied van methoden voor de administratieve verwerking van financiële instrumenten en deskundigheid op het gebied van complexe modellen voor het waarderen van financiële instrumenten. In sommige gevallen, met name in het geval van een nieuw gebied van financiële verslaggeving of controle, zal het maken van een onderscheid tussen gespecialiseerde gebieden van financiële verslaggeving of controle en deskundigheid op een ander gebied evenwel een kwestie van professionele oordeelsvorming zijn. De van toepassing zijnde beroepsregels en standaarden met betrekking tot opleidings- en competentievereisten voor accountants kunnen de accountant helpen bij het toepassen van die oordeelsvorming.459Bijvoorbeeld International Education Standard 8, *CompetenceRequirementsfor Audit Professionals*, kan een hulpmiddel hiertoe vormen. A3 Het is noodzakelijk om oordeelsvorming toe te passen wanneer wordt overwogen hoe de vereisten van deze Standaard worden beïnvloed door het feit dat een door de accountant ingeschakelde deskundige een persoon of organisatie kan zijn. Wanneer bijvoorbeeld de competentie, capaciteiten en objectiviteit van een door de accountant ingeschakelde deskundige worden geëvalueerd, kan het zijn dat de deskundige een organisatie is waarvan de accountant eerder gebruik heeft gemaakt, maar dat de accountant geen eerdere ervaring heeft opgedaan met de individuele deskundige die de organisatie voor die bepaalde opdracht heeft toegewezen; of het omgekeerde kan het geval zijn, dat wil zeggen dat de accountant bekend kan zijn met de werkzaamheden van een individuele deskundige, maar niet met de organisatie waaraan die deskundige zich heeft verbonden. In beide gevallen kunnen zowel de persoonlijke eigenschappen van de persoon als de bestuurlijke eigenschappen van de organisatie (zoals de stelsels voor kwaliteitsbeheersing die de organisatie implementeert) relevant zijn voor de evaluatie van de accountant. -#### . Het vaststellen van de noodzaak van een door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 7) +#### . Het vaststellen van de noodzaak van een door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 7) A4 Het kan noodzakelijk zijn dat een door de accountant ingeschakelde deskundige de accountant assisteert op een of meer van de volgende punten: @@ -9355,7 +9355,7 @@ A7 Een accountant die geen deskundige is op een ander relevant gebied dan financ • een bespreking met accountants die soortgelijke opdrachten hebben uitgevoerd. A8 In andere gevallen kan de accountant echter bepalen dat het noodzakelijk is, of ervoor kiezen, om gebruik te maken van een door de accountant ingeschakelde deskundige om te assisteren bij het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie. Bij het besluiten of gebruik wordt gemaakt van een door de accountant ingeschakelde deskundige kunnen onder meer de volgende punten worden overwogen: -• de vraag of het management bij het opstellen van de financiële overzichten gebruik heeft gemaakt van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. A9); +• de vraag of het management bij het opstellen van de financiële overzichten gebruik heeft gemaakt van een door het management ingeschakelde deskundige (Zie Par. A9); • de aard en significantie van de aangelegenheid, met inbegrip van de complexiteit ervan; • de risico’s op een afwijking van materieel belang in de aangelegenheid; • de verwachte aard van de werkzaamheden om in te spelen op geïdentificeerde risico’s, met inbegrip van: de kennis van de accountant van en zijn ervaring met de werkzaamheden van deskundigen met betrekking tot dergelijke aangelegenheden, alsmede de beschikbaarheid van alternatieve bronnen van controle-informatie. @@ -9374,7 +9374,7 @@ Standaard 500 Standaard 500, paragraaf 8 omvat vereisten en richtlijnen met betrekking tot de invloed van de competentie, capaciteiten en objectiviteit van door het management ingeschakelde deskundigen op de betrouwbaarheid van de controle-informatie. -#### . Aard, timing en omvang van controlewerkzaamheden (Zie Par. 8) +#### . Aard, timing en omvang van controlewerkzaamheden (Zie Par. 8) A10 De aard, timing en omvang van controlewerkzaamheden betreffende de vereisten in de paragrafen 9–13 van deze Standaard variëren naar gelang van de omstandigheden. De volgende factoren kunnen bijvoorbeeld wijzen op de noodzaak voor andere of uitgebreidere werkzaamheden dan anders het geval zou zijn: @@ -9383,7 +9383,7 @@ A10 De aard, timing en omvang van controlewerkzaamheden betreffende de vereisten • de door de accountant ingeschakelde deskundige voert werkzaamheden uit die een integrerend onderdeel zijn van de controle in plaats van te worden geraadpleegd om een advies te geven over een individuele aangelegenheid; • de deskundige is een door de accountant ingeschakelde externe deskundige en is bijgevolg niet onderworpen aan de beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing van het kantoor. -##### . De beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing van het kantoor van de accountant (Zie Par. 8(e)) +##### . De beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing van het kantoor van de accountant (Zie Par. 8(e)) A11 Een door de accountant ingeschakelde interne deskundige kan een partner of staf zijn, met inbegrip van tijdelijke staf, van het kantoor van de accountant en bijgevolg onderworpen zijn aan de beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing van dat kantoor overeenkomstig wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing464Afhankelijk van de situatie *Wet toezicht accountantsorganisaties* (Wta)/*Besluit toezicht accountantsorganisaties *(Bta)/*Verordening accountantsorganisaties* (VAO) of *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten *(NVAK assurance).. Een andere mogelijkheid is dat de door de accountant ingeschakelde interne deskundige een partner of werknemer is, met inbegrip van tijdelijke werknemers, van een kantoor dat tot het netwerk behoort, dat mogelijk gemeenschappelijke beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing deelt met het kantoor van de accountant. A12 Een door de accountant ingeschakelde externe deskundige is geen lid van het opdrachtteam en is niet onderworpen aan beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing overeenkomstigwet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing465Afhankelijk van de situatie *Wet toezicht accountantsorganisaties* (Wta)/*Besluit toezicht accountantsorganisaties* (Bta)/*Verordening accountantsorganisaties* (VAO) of *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten* (NVAK assurance).. In sommige rechtsgebieden kan op grond van wet- of regelgeving echter vereist zijn dat een door de accountant ingeschakelde externe deskundige als een lid van het opdrachtteam wordt behandeld, en daardoor kan deze onderworpen zijn aan relevante ethische voorschriften, met inbegrip van onafhankelijkheidsvoorschriften, en overige beroepsvereisten zoals door die wet- of regelgeving gesteld. @@ -9397,7 +9397,7 @@ A13 Opdrachtteams mogen steunen op het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het Dergelijk vertrouwen doet niets af aan de verantwoordelijkheid van de accountant om aan de vereisten van deze Standaard te voldoen. -#### . De competentie, capaciteiten en objectiviteit van de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 9) +#### . De competentie, capaciteiten en objectiviteit van de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 9) A14 De competentie, capaciteiten en objectiviteit van een door de accountant ingeschakelde deskundige zijn factoren die van significante invloed zijn op de vraag of de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige adequaat zullen zijn voor de doeleinden van de accountant. Competentie heeft betrekking op de aard en het niveau van deskundigheid van de door de accountant ingeschakelde deskundige. Capaciteit heeft betrekking op de mogelijkheid van de door de accountant ingeschakelde deskundige om die competentie in de omstandigheden van de opdracht uit te oefenen. Voorbeelden van factoren die de capaciteit kunnen beïnvloeden, zijn de geografische locatie en de beschikbaarheid van tijd en middelen. Objectiviteit heeft betrekking op de mogelijke effecten die tendentie, tegenstrijdige belangen of de invloed van derden kunnen hebben op de professionele of zakelijke oordeelsvorming van de door de accountant ingeschakelde deskundige. A15 Informatie met betrekking tot de competentie, capaciteiten en objectiviteit van een door de accountant ingeschakelde deskundige kan uit diverse bronnen afkomstig zijn, zoals: @@ -9407,7 +9407,7 @@ A15 Informatie met betrekking tot de competentie, capaciteiten en objectiviteit • besprekingen met andere accountants of anderen die bekend zijn met de werkzaamheden van die deskundige; • kennis van de kwalificaties van de deskundige, zijn lidmaatschap van een beroeps- of branchevereniging, zijn beroepsvergunning of andere vormen van externe erkenning; • door die deskundige gepubliceerde artikelen of boeken; -• de beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing van het kantoor van de accountant (Zie Par. A11, A12 en A13). +• de beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing van het kantoor van de accountant (Zie Par. A11, A12 en A13). A16 Aangelegenheden die relevant zijn voor het evalueren van de competentie, capaciteiten en objectiviteit van de door de accountant ingeschakelde deskundige omvatten de vraag of de werkzaamheden van die deskundige onderworpen zijn aan standaarden voor technische uitvoering of aan andere beroeps- of sectorgebonden vereisten, bijvoorbeeld ethische voorschriften en andere lidmaatschapsvereisten van een beroepsorganisatie of branchevereniging, accreditatiestandaarden van een vergunningverlenende instantie, of vereisten die door wet- of regelgeving zijn opgelegd. A17 Andere aangelegenheden die relevant kunnen zijn, zijn onder meer: @@ -9427,17 +9427,17 @@ b. de eventueel van toepassing zijnde maatregelen met die deskundige te bespreke In sommige gevallen kan het ook passend zijn dat de accountant een schriftelijke bevestiging van de door de accountant ingeschakelde externe deskundige verkrijgt over eventuele belangen of relaties met de entiteit waarvan die deskundige kennis heeft. -#### . Het verwerven van inzicht in de deskundigheid van de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 10) +#### . Het verwerven van inzicht in de deskundigheid van de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 10) A21 De accountant kan inzicht verwerven in het deskundigheidsgebied van de door de accountant ingeschakelde deskundige op de in paragraaf A7 beschreven wijzen of door middel van besprekingen met die deskundige. A22 Aspecten van het deskundigheidsgebied van de door de accountant ingeschakelde deskundige die relevant zijn voor het inzicht van de accountant zijn onder meer: -• de vraag of het deskundigheidsgebied van die deskundige specialisaties bevat die relevant zijn voor de controle (Zie Par. A17); +• de vraag of het deskundigheidsgebied van die deskundige specialisaties bevat die relevant zijn voor de controle (Zie Par. A17); • de vraag of beroeps- of andere standaarden, alsmede door wet- of regelgeving gestelde vereisten van toepassing zijn; • welke veronderstellingen en methoden, met inbegrip van modellen indien van toepassing, de door de accountant ingeschakelde deskundige gebruikt, alsmede de vraag of deze algemeen aanvaard zijn binnen het deskundigheidsgebied van die deskundige en geschikt zijn voor de doeleinden van financiële verslaggeving; • de aard van interne en externe gegevens of informatie die de door de accountant ingeschakelde deskundige gebruikt. -#### . Overeenstemming met de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 11) +#### . Overeenstemming met de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 11) A23 De aard, reikwijdte en doelstellingen van de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige kunnen aanzienlijk variëren naar gelang van de omstandigheden, evenals de respectieve taken en verantwoordelijkheden van de accountant en de door de accountant ingeschakelde deskundige, alsmede de aard, timing en omvang van de communicatie tussen de accountant en de door de accountant ingeschakelde deskundige. Het is daarom vereist dat de accountant en de door de accountant ingeschakelde deskundige over deze aangelegenheden overeenstemming bereiken, ongeacht de vraag of de deskundige een door de accountant ingeschakelde externe of interne deskundige is. A24 De in paragraaf 8 vermelde aangelegenheden kunnen van invloed zijn op de mate van detaillering en formaliteit van de overeenstemming tussen de accountant en de door de accountant ingeschakelde deskundige, met inbegrip van de vraag of het passend is dat de overeenstemming schriftelijk wordt vastgelegd. De volgende factoren kunnen bijvoorbeeld een indicatie zijn voor de noodzaak van een meer gedetailleerde overeenkomst dan anders het geval zou zijn geweest, of voor de noodzaak om de overeenkomst schriftelijk vast te leggen: @@ -9454,35 +9454,35 @@ A26 Als er geen sprake is van een schriftelijke overeenkomst tussen de accountan • planningmemoranda of daarmee verband houdende werkdocumenten zoals het controleprogramma; • de beleidslijnen en procedures van het kantoor van de accountant. In het geval van een door de accountant ingeschakelde interne deskundige kunnen de beleidslijnen en procedures waaraan die deskundige onderworpen is specifieke beleidslijnen en procedures inhouden die betrekking hebben op de werkzaamheden van die deskundige. De omvang van documentatie in de werkdocumenten van de accountant is afhankelijk van de aard van dergelijke beleidslijnen en procedures. Mogelijk is bijvoorbeeld geen documentatie vereist in de werkdocumenten van de accountant als het kantoor van de accountant beschikt over gedetailleerde protocollen die de omstandigheden omvatten waarin gebruik wordt gemaakt van de werkzaamheden van een dergelijke deskundige. -#### . Aard, reikwijdte en doelstellingen van werkzaamheden (Zie Par. 11(a)) +#### . Aard, reikwijdte en doelstellingen van werkzaamheden (Zie Par. 11(a)) A27 Bij het overeenkomen van de aard, reikwijdte en doelstellingen van de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige kan het vaak relevant zijn om alle relevante standaarden voor technische uitvoering of andere beroeps- of sectorgebonden vereisten die de expert zal volgen, te bespreken. -##### . Respectieve rollen en verantwoordelijkheden Zie Par. 11 (b)) +##### . Respectieve rollen en verantwoordelijkheden Zie Par. 11 (b)) A28 Overeenstemming over de respectieve taken en verantwoordelijkheden van de accountant en de door de accountant ingeschakelde deskundige kan omvatten: • de vraag of de accountant of de door de accountant ingeschakelde deskundige gedetailleerde toetsingen van brongegevens zal uitvoeren; -• toestemming aan de accountant om de bevindingen of conclusies van de door de accountant ingeschakelde deskundige met de entiteit en anderen te bespreken, alsmede om indien noodzakelijk details van bevindingen of conclusies van die deskundige op te nemen in de onderbouwing voor een aangepast oordeel in de controleverklaring; (Zie Par. A42). +• toestemming aan de accountant om de bevindingen of conclusies van de door de accountant ingeschakelde deskundige met de entiteit en anderen te bespreken, alsmede om indien noodzakelijk details van bevindingen of conclusies van die deskundige op te nemen in de onderbouwing voor een aangepast oordeel in de controleverklaring; (Zie Par. A42). • eventuele overeenstemming om de door de accountant ingeschakelde deskundige te informeren over de conclusies van de accountant met betrekking tot de werkzaamheden van die deskundige. ##### . Werkdocumenten A29 Overeenstemming over de respectieve taken en verantwoordelijkheden van de accountant en de door de accountant ingeschakelde deskundige kan ook inhouden het overeenkomen van toegang tot, alsmede het bewaren van, elkaars werkdocumenten. Als de door de accountant ingeschakelde deskundige een lid is van het opdrachtteam, vormen de werkdocumenten van die deskundige een deel van de controledocumentatie. Tenzij er een overeenkomst bestaat waaruit het tegendeel blijkt, zijn de werkdocumenten van de door de accountant ingeschakelde externe deskundigen van henzelf en vormen deze geen onderdeel van de controledocumentatie. -##### . Communicatie (Zie: Par. 11c)) +##### . Communicatie (Zie: Par. 11c)) A30 Effectieve wederzijdse communicatie bevordert de juiste integratie van de aard, timing en omvang van de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige en overige werkzaamheden voor de controle, alsmede de passende aanpassing van de doelstellingen van de door de accountant ingeschakelde deskundige in de loop van de controle. Als bijvoorbeeld de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige betrekking hebben op de conclusies van de accountant inzake een significant risico, kunnen zowel een formeel schriftelijk verslag over de conclusie van de werkzaamheden van die deskundige als mondelinge rapportages naarmate de werkzaamheden vorderen, geschikt zijn. Het aanwijzen van specifieke partners of staf die contacten zullen onderhouden met de door de accountant ingeschakelde deskundige, alsmede van procedures voor de communicatie tussen die deskundige en de entiteit bevordert tijdige en effectieve communicatie, met name bij grotere opdrachten. -##### . Geheimhouding (Zie: Par. 11(d)) +##### . Geheimhouding (Zie: Par. 11(d)) A31 Het is noodzakelijk dat de geheimhoudingsmaatregelen van relevante ethische voorschriften die op de accountant van toepassing zijn, ook van toepassing zijn op de door de accountant ingeschakelde deskundige. Aanvullende vereisten kunnen door wet- of regelgeving worden opgelegd. De entiteit kan ook hebben verzocht dat specifieke maatregelen voor geheimhouding worden overeengekomen met door de accountant ingeschakelde externe deskundigen. -#### . Het evalueren van het adequaat zijn van de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 12) +#### . Het evalueren van het adequaat zijn van de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 12) A32 De evaluatie door de accountant van de competentie, capaciteiten en objectiviteit van de door de accountant ingeschakelde deskundige, het bekend zijn van de accountant met het deskundigheidsgebied van de door de accountant ingeschakelde deskundige, alsmede de aard van de werkzaamheden die worden uitgevoerd door de door de accountant ingeschakelde deskundige zijn van invloed op de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden voor het evalueren van de adequaatheid van de werkzaamheden van die deskundige voor de doeleinden van de accountant. -##### . De bevindingen en conclusies van de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 12 (a)) +##### . De bevindingen en conclusies van de door de accountant ingeschakelde deskundige (Zie Par. 12 (a)) A33 Specifieke werkzaamheden om de adequaatheid van de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige voor de doeleinden van de accountant te evalueren, zijn onder meer: @@ -9507,7 +9507,7 @@ A34 Relevante factoren bij het evalueren van de relevantie en redelijkheid van d ##### . Veronderstellingen, methoden en brongegevens -###### . Veronderstellingen en methoden (Zie Par. 12(b)) +###### . Veronderstellingen en methoden (Zie Par. 12(b)) A35 Als de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige bestaan uit het evalueren van onderliggende veronderstellingen en methoden, met inbegrip van modellen indien van toepassing, waarvan het management bij het maken van een schatting gebruik heeft gemaakt, is het waarschijnlijk dat de werkzaamheden van de accountant voornamelijk gericht zijn op het evalueren of de door de accountant ingeschakelde deskundige die veronderstellingen en methoden adequaat heeft beoordeeld. Als de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige bestaan uit het ontwikkelen van een puntschatting of een schattingsinterval van de accountant ter vergelijking met de puntschatting van het management, kunnen de werkzaamheden van de accountant voornamelijk gericht zijn op het evalueren van de veronderstellingen en methoden, met inbegrip van modellen, in voorkomend geval, waarvan de door de accountant ingeschakelde deskundige gebruik heeft gemaakt. A36 Standaard 540 @@ -9522,7 +9522,7 @@ A37 Als de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige het • afhankelijk zijn van het gebruik van gespecialiseerde modellen; en • consistent zijn met die van het management en, indien dat niet het geval is, de reden voor en de effecten van de verschillen. -###### . Brongegevens waarvan de door de accountant ingeschakelde deskundige gebruikmaakt (Zie Par. 12(c)) +###### . Brongegevens waarvan de door de accountant ingeschakelde deskundige gebruikmaakt (Zie Par. 12(c)) A38 Als de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige het gebruik van brongegevens omvatten die significant zijn voor de werkzaamheden van die deskundige, kunnen onder meer de volgende werkzaamheden worden gebruikt om die gegevens te toetsen: @@ -9530,16 +9530,16 @@ A38 Als de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige het • het beoordelen van de gegevens op volledigheid en interne consistentie. A39 In veel gevallen kan de accountant brongegevens toetsen. In andere gevallen, als de brongegevens waarvan de door de accountant ingeschakelde deskundige gebruikmaakt van zeer technische aard zijn in relatie tot het gebied van de deskundige, is het echter mogelijk dat die deskundige de brongegevens toetst. Indien de door de accountant ingeschakelde deskundige de brongegevens heeft getoetst, kan het door de accountant verzoeken om inlichtingen bij die deskundige, of toezicht op of beoordeling van de toetsingen van die deskundige, voor de accountant een passende wijze zijn om de relevantie, volledigheid en nauwkeurigheid van die gegevens te evalueren. -##### . Niet-adequate werkzaamheden (Zie Par. 13) +##### . Niet-adequate werkzaamheden (Zie Par. 13) A40 Indien de accountant concludeert dat de werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige niet adequaat zijn voor de doeleinden van de accountant en de accountant niet in staat is om de aangelegenheid op te lossen door middel van de aanvullende controlewerkzaamheden zoals vereist op grond van paragraaf 13, die mogelijk verdere werkzaamheden omvatten die zowel door de deskundige als door de accountant worden uitgevoerd, of het in dienst nemen of inschakelen van nog een deskundige inhouden, kan het noodzakelijk zijn om in de controleverklaring een aangepast oordeel tot uitdrukking te brengen overeenkomstig Standaard 705, omdat de accountant geen voldoende en geschikte controle-informatie heeft verkregen.468Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, paragraaf 6(b). -#### . Verwijzing naar de door de accountant ingeschakelde deskundige in de controleverklaring (Zie Par. 14– ) +#### . Verwijzing naar de door de accountant ingeschakelde deskundige in de controleverklaring (Zie Par. 14– ) A41 In sommige gevallen is het mogelijk dat wet- of regelgeving een verwijzing naar de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige vereist, bijvoorbeeld met het oog op transparantie in de publieke sector. A42 In sommige omstandigheden kan het passend zijn om in een controleverklaring die een aangepast oordeel bevat, naar de door de accountant ingeschakelde deskundige te verwijzen teneinde de aard van de aanpassing uit te leggen. In dergelijke omstandigheden is het mogelijk dat de accountant de toestemming van de door de accountant ingeschakelde deskundige nodig heeft voordat hij een dergelijke verwijzing maakt. -### . Overwegingen voor overeenstemming tussen de accountant en de door de accountant ingeschakelde externe deskundige (Zie Par. A25) +### . Overwegingen voor overeenstemming tussen de accountant en de door de accountant ingeschakelde externe deskundige (Zie Par. A25) In deze bijlage worden aangelegenheden opgesomd die de accountant kan overwegen op te nemen in een eventuele overeenkomst met een door de accountant ingeschakelde externe deskundige. De onderstaande lijst is illustratief en is niet uitputtend; hij is slechts bedoeld als een leidraad die kan worden gebruikt in samenhang met de overwegingen die in deze Standaard zijn uiteengezet. Het al dan niet toevoegen van bepaalde aangelegenheden in de overeenkomst is afhankelijk van de omstandigheden van de opdracht. De lijst kan ook een hulpmiddel vormen bij het overwegen van de op te nemen aangelegenheden in een overeenkomst met een door de accountant ingeschakelde interne deskundige @@ -9640,20 +9640,20 @@ c. *goedkeurend oordeel* – Het door de accountant tot uitdrukking gebrachte oo a. de conclusie van de accountant, overeenkomstig Standaard 330, of voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen;477Standaard 330, *Inspelen door de accountant op ingeschatte risico’s*, paragraaf 26. b. de conclusie van de accountant, overeenkomstig Standaard 450, of de niet-gecorrigeerde afwijkingen afzonderlijk of gezamenlijk van materieel belang zijn; 478Standaard 450, *Evaluatie van tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen*, paragraaf 11 en c. de evaluaties die op grond van de paragrafen 12, 13, 14 en 15 zijn vereist. -12 De accountant dient te evalueren of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten zijn opgesteld in overeenstemming met de vereisten gesteld door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Deze evaluatie dient onder meer in te houden dat de kwalitatieve aspecten van de praktijken van de entiteit inzake administratieve verwerking worden overwogen, met inbegrip van indicaties van een mogelijke tendentie in de oordeelsvormingen van het management. (Zie Par. A1, A2 en A3) +12 De accountant dient te evalueren of de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten zijn opgesteld in overeenstemming met de vereisten gesteld door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Deze evaluatie dient onder meer in te houden dat de kwalitatieve aspecten van de praktijken van de entiteit inzake administratieve verwerking worden overwogen, met inbegrip van indicaties van een mogelijke tendentie in de oordeelsvormingen van het management. (Zie Par. A1, A2 en A3) 13 In het bijzonder dient de accountant te evalueren of, in het licht van de vereisten gesteld door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving: a. de financiële overzichten op adequate wijze informatie verschaffen over de belangrijke geselecteerde en toegepaste grondslagen voor financiële verslaggeving; b. de geselecteerde en toegepaste grondslagen voor financiële verslaggeving consistent zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, en passend zijn; c. de door het management gemaakte schattingen redelijk zijn; d. de in de financiële overzichten gepresenteerde informatie relevant, betrouwbaar, vergelijkbaar en begrijpelijk is; -e. de financiële overzichten adequate toelichtingen verschaffen om de beoogde gebruikers in staat te stellen het effect van transacties en gebeurtenissen van materieel belang op de in de financiële overzichten bekendgemaakte informatie te begrijpen; en (Zie Par. A4) +e. de financiële overzichten adequate toelichtingen verschaffen om de beoogde gebruikers in staat te stellen het effect van transacties en gebeurtenissen van materieel belang op de in de financiële overzichten bekendgemaakte informatie te begrijpen; en (Zie Par. A4) f. de in de financiële overzichten gebruikte terminologie, met inbegrip van de titel van elk financieel overzicht, passend is. 14 Indien de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een getrouw-beeld-stelsel, zal de evaluatie die op grond van de paragrafen 12 en is vereist, mede de vraag omvatten of de financiële overzichten een getrouwe weergave vormen. De evaluatie door de accountant van de vraag of de financiële overzichten een getrouwe weergave vormen dient in te houden dat het volgende wordt overwogen: a. de algehele presentatie, structuur en inhoud van de financiële overzichten; en b. de vraag of de financiële overzichten, met inbegrip van de daarmee verband houdende toelichtingen, de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeven op een wijze die een getrouwe weergave vormt. -15 De accountant dient te evalueren of de financiële overzichten op adequate wijze verwijzen naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, dan wel op adequate wijze hiervan een beschrijving geven. (Zie Par. A5, A6, A7, A8, A9 en A10) +15 De accountant dient te evalueren of de financiële overzichten op adequate wijze verwijzen naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, dan wel op adequate wijze hiervan een beschrijving geven. (Zie Par. A5, A6, A7, A8, A9 en A10) #### . Vorm van het oordeel @@ -9664,26 +9664,26 @@ a. tot de conclusie komt dat, op basis van de verkregen controle-informatie, de b. niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen om te concluderen dat de financiële overzichten als geheel vrij zijn van een afwijking van materieel belang, dient hij het oordeel in de controleverklaring aan te passen overeenkomstig Standaard 705. -18 Indien de financiële overzichten, opgesteld in overeenstemming met de vereisten gesteld door een getrouw-beeld-stelsel, geen getrouwe weergave vormen, dient de accountant deze aangelegenheid met het management te bespreken en, afhankelijk van de vereisten gesteld door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving alsmede van de wijze waarop deze aangelegenheid wordt opgelost, dient hij te bepalen of het noodzakelijk is het oordeel in de controleverklaring aan te passen overeenkomstig Standaard 705. (Zie Par. A11) -19 Als de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een compliance-stelsel, wordt niet van de accountant vereist om te evalueren of de financiële overzichten een getrouwe weergave vormen. Indien de accountant evenwel, in uiterst zeldzame omstandigheden, tot de conclusie komt dat dergelijke financiële overzichten misleidend zijn, dient hij deze aangelegenheid met het management te bespreken, en afhankelijk van de wijze waarop deze aangelegenheid wordt opgelost, dient hij te bepalen of, en op welke wijze, hij hierover communiceert in de controleverklaring. (Zie Par. A12) +18 Indien de financiële overzichten, opgesteld in overeenstemming met de vereisten gesteld door een getrouw-beeld-stelsel, geen getrouwe weergave vormen, dient de accountant deze aangelegenheid met het management te bespreken en, afhankelijk van de vereisten gesteld door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving alsmede van de wijze waarop deze aangelegenheid wordt opgelost, dient hij te bepalen of het noodzakelijk is het oordeel in de controleverklaring aan te passen overeenkomstig Standaard 705. (Zie Par. A11) +19 Als de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een compliance-stelsel, wordt niet van de accountant vereist om te evalueren of de financiële overzichten een getrouwe weergave vormen. Indien de accountant evenwel, in uiterst zeldzame omstandigheden, tot de conclusie komt dat dergelijke financiële overzichten misleidend zijn, dient hij deze aangelegenheid met het management te bespreken, en afhankelijk van de wijze waarop deze aangelegenheid wordt opgelost, dient hij te bepalen of, en op welke wijze, hij hierover communiceert in de controleverklaring. (Zie Par. A12) #### . Controleverklaring -20 De controleverklaring dient op schrift te worden gesteld. (Zie Par. A13 en ) +20 De controleverklaring dient op schrift te worden gesteld. (Zie Par. A13 en ) ##### . Controleverklaring voor controles die zijn uitgevoerd overeenkomstig de Standaarden ###### . Titel -21 De controleverklaring dient een titel te hebben die duidelijk aangeeft dat het een verklaring van een onafhankelijke accountant betreft. (Zie Par. A15) +21 De controleverklaring dient een titel te hebben die duidelijk aangeeft dat het een verklaring van een onafhankelijke accountant betreft. (Zie Par. A15) ###### . Geadresseerde -22 De controleverklaring dient te worden geadresseerd zoals vereist is in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A16) +22 De controleverklaring dient te worden geadresseerd zoals vereist is in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A16) ###### . Inleidende paragraaf -23 De inleidende paragraaf in de controleverklaring dient: (Zie Par. A17, A18 en A19) +23 De inleidende paragraaf in de controleverklaring dient: (Zie Par. A17, A18 en A19) a. de entiteit te identificeren waarvan de financiële overzichten zijn gecontroleerd; b. te vermelden dat de financiële overzichten zijn gecontroleerd; @@ -9695,14 +9695,14 @@ e. de datum of periode te specificeren waarop elk financieel overzicht dat tot d 24 Deze sectie van de controleverklaring beschrijft de verantwoordelijkheden van de personen in de organisatie die verantwoordelijk zijn voor het opstellen van de financiële overzichten. De controleverklaring hoeft niet specifiek te verwijzen naar het ‘management’, maar dient de term te gebruiken die passend is in de context van het wettelijk kader in het desbetreffende rechtsgebied. In sommige rechtsgebieden kan de passende referentie de met governance belaste personen zijn. 25 De controleverklaring dient een sectie te omvatten met de titel *Verantwoordelijkheid van het management [of andere passende term] voor de financiële overzichten*. -26 De controleverklaring dient de verantwoordelijkheid van het management voor het opstellen van de financiële overzichten te beschrijven. De beschrijving dient een uitleg te bevatten dat het management verantwoordelijk is voor het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, alsmede voor de interne beheersing die het management noodzakelijk acht om het opstellen van financiële overzichten die vrij zijn van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten, mogelijk te maken. (Zie Par. A20, A21, A22 en A23) +26 De controleverklaring dient de verantwoordelijkheid van het management voor het opstellen van de financiële overzichten te beschrijven. De beschrijving dient een uitleg te bevatten dat het management verantwoordelijk is voor het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, alsmede voor de interne beheersing die het management noodzakelijk acht om het opstellen van financiële overzichten die vrij zijn van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten, mogelijk te maken. (Zie Par. A20, A21, A22 en A23) 27 Indien de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een getrouw-beeld-stelsel, zal de uitleg over de verantwoordelijkheid van het management voor de financiële overzichten in de controleverklaring verwijzen naar ‘het opstellen en getrouw weergeven van deze financiële overzichten’ of ‘het opstellen van financiële overzichten die een getrouw beeld geven’, naargelang passend in de gegeven omstandigheden. ###### . Verantwoordelijkheid van de accountant 28 De controleverklaring dient een sectie te omvatten met als titel *Verantwoordelijkheid van de accountant*. -29 In de controleverklaring dient te worden vermeld dat het de verantwoordelijkheid van de accountant is om op basis van de controle een oordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking te brengen. (Zie Par. A24) -30 In de controleverklaring dient te worden vermeld dat de controle is uitgevoerd overeenkomstig *Nederlands recht*. In de controleverklaring dient tevens te worden uitgelegd dat deze standaarden vereisen dat de accountant ethische voorschriften naleeft en dat de accountant de controle plant en uitvoert teneinde een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen over de vraag of de financiële overzichten vrij zijn van een afwijking van materieel belang. (Zie Par. A25) +29 In de controleverklaring dient te worden vermeld dat het de verantwoordelijkheid van de accountant is om op basis van de controle een oordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking te brengen. (Zie Par. A24) +30 In de controleverklaring dient te worden vermeld dat de controle is uitgevoerd overeenkomstig *Nederlands recht*. In de controleverklaring dient tevens te worden uitgelegd dat deze standaarden vereisen dat de accountant ethische voorschriften naleeft en dat de accountant de controle plant en uitvoert teneinde een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen over de vraag of de financiële overzichten vrij zijn van een afwijking van materieel belang. (Zie Par. A25) 31 In de controleverklaring dient een controle te worden beschreven door te vermelden dat: a. een controle het uitvoeren van werkzaamheden behelst om controle-informatie te verkrijgen over de bedragen en toelichtingen die in de financiële overzichten zijn opgenomen; @@ -9717,22 +9717,22 @@ c. een controle tevens het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde gron 35 Indien een goedkeurend oordeel tot uitdrukking wordt gebracht over financiële overzichten die in overeenstemming met een getrouw-beeld-stelsel zijn opgesteld, dient het oordeel van de accountant, tenzij anderszins door de wet- of regelgeving vereist, een van de volgende formuleringen te gebruiken, die beschouwd worden als zijnde equivalent: a. de financiële overzichten vormen in alle van materieel belang zijnde opzichten een getrouwe weergave, in overeenstemming met [het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving]; of -b. de financiële overzichten geven een getrouw beeld van ... in overeenstemming met [het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving]. (Zie Par. A27, A28, A29, A30, A31, A32 en A33) -36 Bij het tot uitdrukking brengen van een goedkeurend oordeel over financiële overzichten die in overeenstemming met een compliance-stelsel zijn opgesteld, dient het oordeel van de accountant te vermelden dat de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten zijn opgesteld in overeenstemming met [het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving]. (Zie Par. A27, A29, A30, A31, A32 en A33) +b. de financiële overzichten geven een getrouw beeld van ... in overeenstemming met [het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving]. (Zie Par. A27, A28, A29, A30, A31, A32 en A33) +36 Bij het tot uitdrukking brengen van een goedkeurend oordeel over financiële overzichten die in overeenstemming met een compliance-stelsel zijn opgesteld, dient het oordeel van de accountant te vermelden dat de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten zijn opgesteld in overeenstemming met [het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving]. (Zie Par. A27, A29, A30, A31, A32 en A33) 37 Indien de in de controleverklaring opgenomen verwijzing naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving geen referentie is aan de *International Financial Reporting Standards* die door de International Accounting Standards Board (IASB) zijn uitgebracht, noch aan de *International Public Sector Accounting Standards *die door de International Public Sector Accounting Standards Board zijn uitgebracht, noch aan *Titel 9 Boek 2 BW* dient het oordeel van de accountant het rechtsgebied van oorsprong van het stelsel te vermelden. ###### . Overige rapporteringsverantwoordelijkheden -38 Indien de accountant in de controleverklaring over de financiële overzichten andere rapporteringsverplichtingen behandelt naast zijn verantwoordelijkheid overeenkomstig de Standaarden om over de financiële overzichten te rapporteren, dienen deze overige rapporteringsverplichtingen te worden behandeld in een aparte sectie in de controleverklaring met als subtitel *Verklaring betreffende overige door wet- of regelgeving gestelde vereisten*, of anderszins naargelang passend ten aanzien van de inhoud van de sectie. (Zie Par. A34 en A35) -39 Indien de controleverklaring een aparte sectie inzake overige rapporteringsverplichtingen omvat, dienen de titels, vermeldingen en uiteenzettingen waarnaar in de paragrafen 23–37 wordt verwezen te worden opgenomen onder de subtitel *Verklaring betreffende de financiële overzichten*. De *Verklaring betreffende overige door wet- of regelgeving gestelde vereisten* dient te volgen op de *Verklaring betreffende de financiële overzichten*. (Zie Par. A36) +38 Indien de accountant in de controleverklaring over de financiële overzichten andere rapporteringsverplichtingen behandelt naast zijn verantwoordelijkheid overeenkomstig de Standaarden om over de financiële overzichten te rapporteren, dienen deze overige rapporteringsverplichtingen te worden behandeld in een aparte sectie in de controleverklaring met als subtitel *Verklaring betreffende overige door wet- of regelgeving gestelde vereisten*, of anderszins naargelang passend ten aanzien van de inhoud van de sectie. (Zie Par. A34 en A35) +39 Indien de controleverklaring een aparte sectie inzake overige rapporteringsverplichtingen omvat, dienen de titels, vermeldingen en uiteenzettingen waarnaar in de paragrafen 23–37 wordt verwezen te worden opgenomen onder de subtitel *Verklaring betreffende de financiële overzichten*. De *Verklaring betreffende overige door wet- of regelgeving gestelde vereisten* dient te volgen op de *Verklaring betreffende de financiële overzichten*. (Zie Par. A36) ###### . Handtekening van de accountant -40 De controleverklaring dient te worden ondertekend. (Zie Par. A37) +40 De controleverklaring dient te worden ondertekend. (Zie Par. A37) ###### . Datum van de controleverklaring -41 De controleverklaring dient niet vroeger te worden gedateerd dan de datum waarop de accountant voldoende en geschikte controle-informatie heeft verkregen waarop hij zijn oordeel over de financiële overzichten baseert, met inbegrip van informatie die aantoont dat: (Zie Par. A38, A39, A40 en A41) +41 De controleverklaring dient niet vroeger te worden gedateerd dan de datum waarop de accountant voldoende en geschikte controle-informatie heeft verkregen waarop hij zijn oordeel over de financiële overzichten baseert, met inbegrip van informatie die aantoont dat: (Zie Par. A38, A39, A40 en A41) a. alle overzichten die de financiële overzichten vormen, met inbegrip van de daarmee verband houdende toelichtingen, zijn opgesteld; en b. de personen met de erkende bevoegdheid hebben beweerd dat zij verantwoordelijkheid hebben genomen voor die financiële overzichten. @@ -9743,7 +9743,7 @@ b. de personen met de erkende bevoegdheid hebben beweerd dat zij verantwoordelij ##### . Controleverklaring voorgeschreven door wet- of regelgeving -43 Indien op grond van de wet- of regelgeving van een specifiek rechtsgebied van de accountant wordt vereist dat hij zich houdt aan een specifieke opmaak of formulering in de controleverklaring, mag de controleverklaring slechts naar de Standaarden verwijzen als ze ten minste elk van de volgende elementen bevat: (Zie Par. A42) +43 Indien op grond van de wet- of regelgeving van een specifiek rechtsgebied van de accountant wordt vereist dat hij zich houdt aan een specifieke opmaak of formulering in de controleverklaring, mag de controleverklaring slechts naar de Standaarden verwijzen als ze ten minste elk van de volgende elementen bevat: (Zie Par. A42) a. een titel; b. een geadresseerde, zoals door de omstandigheden van de opdracht vereist; @@ -9753,27 +9753,27 @@ e. een beschrijving van de verantwoordelijkheid van de accountant om een oordeel • een verwijzing naar de Standaarden en de wet- of regelgeving; en • een beschrijving van een controle overeenkomstig deze standaarden. -f. een oordeelsparagraaf waarin een oordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking wordt gebracht en een verwijzing naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dat bij het opstellen van de financiële overzichten is gebruikt (met inbegrip van de vermelding van het rechtsgebied van oorsprong van het stelsel inzake financiële verslaggeving dat noch de International Financial Reporting Standards, noch de International Public Sector Accounting Standards is (Zie Par. 37); +f. een oordeelsparagraaf waarin een oordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking wordt gebracht en een verwijzing naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dat bij het opstellen van de financiële overzichten is gebruikt (met inbegrip van de vermelding van het rechtsgebied van oorsprong van het stelsel inzake financiële verslaggeving dat noch de International Financial Reporting Standards, noch de International Public Sector Accounting Standards is (Zie Par. 37); g. de handtekening van de accountant; h. de datum van de controleverklaring; en i. het adres van de accountant. ##### . Controleverklaring voor controles uitgevoerd overeenkomstig zowel andere controlestandaarden van een specifiek rechtsgebied als de NV COS -44 Van een accountant kan vereist worden een controle uit te voeren overeenkomstig andere controlestandaarden van een specifiek rechtsgebied of van een internationale instantie die standaarden vaststelt (de ‘andere controlestandaarden’), maar hij kan bovendien de NV COS hebben nageleefd bij de uitvoering van de controle. Indien dit het geval is, mag de accountant in zijn controleverklaring verwijzen naar NV COS in aanvulling op de andere controlestandaarden, maar de accountant dient dit alleen te doen als: (Zie Par. A43 en A44) +44 Van een accountant kan vereist worden een controle uit te voeren overeenkomstig andere controlestandaarden van een specifiek rechtsgebied of van een internationale instantie die standaarden vaststelt (de ‘andere controlestandaarden’), maar hij kan bovendien de NV COS hebben nageleefd bij de uitvoering van de controle. Indien dit het geval is, mag de accountant in zijn controleverklaring verwijzen naar NV COS in aanvulling op de andere controlestandaarden, maar de accountant dient dit alleen te doen als: (Zie Par. A43 en A44) a. er geen conflict is tussen de vereisten van de andere controlestandaarden en die van de NV COS dat ertoe zou leiden dat de accountant (i) een ander oordeel vormt, of (ii) geen paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden opneemt die in de bijzondere omstandigheden op grond van de NV COS vereist is; en b. de controleverklaring ten minste elk van de in paragraaf 43(a)(i) uiteengezette elementen bevat indien de accountant gebruikmaakt van de door de andere controlestandaarden gespecificeerde opmaak of formulering. Verwijzingen wet- of regelgeving in paragraaf 43(e) dienen te worden gelezen als verwijzingen naar de andere controlestandaarden. De controleverklaring dient daarbij deze andere controlestandaarden te vermelden. 45 *In het geval de controleverklaring verwijst naar zowel de andere controlestandaarden als de NV COS, dient de controleverklaring het rechtsgebied van oorsprong van de andere controlestandaarden te vermelden.* -#### . Aanvullende informatie gepresenteerd met de financiële overzichten (Zie Par. A45, A46, A47, A48, A49, A50 en A51) +#### . Aanvullende informatie gepresenteerd met de financiële overzichten (Zie Par. A45, A46, A47, A48, A49, A50 en A51) 46 Indien aanvullende informatie die niet wordt vereist door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving wordt gepresenteerd met de gecontroleerde financiële overzichten, dient de accountant te evalueren of die aanvullende informatie op duidelijke wijze van de gecontroleerde financiële overzichten wordt onderscheiden. Indien dergelijke aanvullende informatie niet op duidelijke wijze van de gecontroleerde financiële overzichten wordt onderscheiden, dient de accountant het management te verzoeken om de wijze waarop de niet gecontroleerde aanvullende informatie wordt gepresenteerd, te wijzigen. Als het management dat weigert, dient de accountant in zijn controleverklaring uiteen te zetten dat die aanvullende informatie niet is gecontroleerd. 47 Aanvullende informatie die niet wordt vereist door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving maar die toch een integrerend deel uitmaakt van de financiële overzichten omdat ze vanwege de aard ervan en de wijze waarop ze is gepresenteerd niet op duidelijke wijze van de gecontroleerde financiële overzichten kan worden onderscheiden, dient door het oordeel van de accountant te worden omvat. ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Kwalitatieve aspecten van de praktijken van de entiteit inzake administratieve verwerking (Zie Par. 12) +#### . Kwalitatieve aspecten van de praktijken van de entiteit inzake administratieve verwerking (Zie Par. 12) A1 Het management maakt een aantal oordeelsvormingen met betrekking tot de in de financiële overzichten opgenomen bedragen en toelichtingen. A2 Standaard 260 omvat een uiteenzetting van de kwalitatieve aspecten van praktijken inzake administratieve verwerking.479Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, bijlage 2. Bij het in aanmerking nemen van de kwalitatieve aspecten van de praktijken van de entiteit inzake administratieve verwerking, is het mogelijk dat de accountant zich bewust wordt van mogelijke tendentie in de oordeelsvormingen van het management. De accountant kan tot de conclusie komen dat het cumulatieve effect van het gebrek aan neutraliteit, samen met het effect van niet-gecorrigeerde afwijkingen, ertoe leidt dat de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang bevatten. Indicaties voor een gebrek aan neutraliteit dat een effect kan hebben op de evaluatie door de accountant van de vraag of de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang bevatten, zijn onder meer: @@ -9782,11 +9782,11 @@ a. de selectieve correctie van afwijkingen die tijdens de controle onder de aand b. mogelijke tendentie bij het management bij het maken van schattingen. A3 Standaard 540 behandelt mogelijke tendentie bij het management bij het maken van schattingen.480Standaard 540, *De controle van schattingen, met inbegrip van schattingen van reële waarde, alsmede van de toelichtingen daarop*, paragraaf 21. Indicaties voor mogelijke tendentie bij het management vormen geen afwijkingen bij het trekken van conclusies over de redelijkheid van individuele schattingen. Zij kunnen echter wel van invloed zijn op de evaluatie door de accountant van de vraag of de financiële overzichten als geheel vrij zijn van een afwijking van materieel belang. -#### . Toelichting van het effect van transacties en gebeurtenissen van materieel belang op de in de financiële overzichten bekendgemaakte informatie (Zie Par. 13(e)) +#### . Toelichting van het effect van transacties en gebeurtenissen van materieel belang op de in de financiële overzichten bekendgemaakte informatie (Zie Par. 13(e)) A4 Het is gebruikelijk dat financiële overzichten die in overeenstemming met een stelsel voor algemene doeleinden zijn opgesteld de financiële positie, de financiële prestaties en de kasstromen van een entiteit presenteren. In dergelijke omstandigheden evalueert de accountant of de financiële overzichten adequate toelichtingen verschaffen om de beoogde gebruikers in staat te stellen het effect van de van materieel belang zijnde transacties en gebeurtenissen op de financiële positie, de financiële prestaties en de kasstromen van de entiteit te begrijpen. -#### . Beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 15) +#### . Beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 15) A5 Zoals in Standaard 200 uiteengezet, vereist het opstellen van de financiële overzichten door het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen, dat in de financiële overzichten een adequate beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving wordt opgenomen.481Standaard 200, paragraaf A2 en A3. Deze beschrijving is belangrijk omdat ze de gebruikers van de financiële overzichten informeert over het stelsel waarop de financiële overzichten zijn gebaseerd. A6 Een beschrijving dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een bepaald van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving is alleen passend als de financiële overzichten in overeenstemming zijn met alle door dat stelsel gestelde vereisten die van toepassing zijn gedurende de periode waarop de financiële overzichten betrekking hebben. @@ -9798,23 +9798,23 @@ A8 Soms wordt in financiële overzichten gesteld dat zij zijn opgesteld in overe A9 Financiële overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met een bepaald stelsel inzake financiële verslaggeving en die een toelichting of aanvullend overzicht bevatten met een aansluiting van de resultaten met die welke onder een ander stelsel zouden worden weergegeven, zijn niet opgesteld in overeenstemming met dat andere stelsel. Dit is omdat de financiële overzichten niet alle informatie omvatten op de wijze die door dat andere stelsel wordt vereist. A10 De financiële overzichten kunnen evenwel zijn opgesteld in overeenstemming met één van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving en daarnaast in de toelichting beschrijven in welke mate ze in overeenstemming zijn met een ander stelsel (bijvoorbeeld financiële overzichten opgesteld in overeenstemming met het nationale stelsel die tevens beschrijven in welke mate zij in overeenstemming zijn met de International Financial Reporting Standards). Een dergelijke beschrijving betreft aanvullende financiële informatie, wordt – zoals in paragraaf 47 uiteengezet – beschouwd als een integrerend onderdeel van de financiële overzichten, en wordt bijgevolg door het oordeel van de accountant omvat. -#### . Vorm van het oordeel (Zie Par. 18 en 19) +#### . Vorm van het oordeel (Zie Par. 18 en 19) A11 Er kunnen zich gevallen voordoen waarin financiële overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met de door een getrouw-beeld-stelsel gestelde vereisten geen getrouwe weergave vormen. Als dit het geval is, kan het management in de financiële overzichten aanvullende toelichtingen opnemen naast die welke het stelsel specifiek vereist of, in uiterst zeldzame omstandigheden, afwijken van een door het stelsel gesteld vereiste opdat de financiële overzichten een getrouwe weergave vormen. A12 Het zal uiterst zelden voorkomen dat de accountant financiële overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met een compliance-stelsel als misleidend beschouwt indien, overeenkomstig Standaard 210, de accountant heeft vastgesteld dat het stelsel aanvaardbaar is.482Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten*, paragraaf 6(a). -#### . Controleverklaring (Zie Par. 20) +#### . Controleverklaring (Zie Par. 20) A13 Een schriftelijke verklaring omvat zowel verklaringen uitgebracht in *hard copy* formaat als verklaringen die op electronische wijze tot stand zijn gekomen. A14 De bijlage bevat voorbeelden van controleverklaringen over financiële overzichten waarin de in de paragrafen 21–42 uiteengezette elementen zijn opgenomen. ##### . Controleverklaring voor controles uitgevoerd overeenkomstig de Standaarden -###### . Titel (Zie Par. 21) +###### . Titel (Zie Par. 21) A15 Een titel die aangeeft dat de verklaring een verklaring van een onafhankelijke accountant is, bijvoorbeeld *Controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, bevestigt dat de accountant alle relevante ethische voorschriften met betrekking tot onafhankelijkheid heeft nageleefd en onderscheidt bijgevolg de controleverklaring van de onafhankelijke accountant van verklaringen die door anderen zijn uitgebracht. -###### . Geadresseerde (Zie Par. 22) +###### . Geadresseerde (Zie Par. 22) A16 Wet- of regelgeving specificeert vaak aan wie de controleverklaring in dat specifieke rechtsgebied moet worden geadresseerd. De controleverklaring wordt gewoonlijk geadresseerd aan de personen voor wie de verklaring wordt opgesteld, vaak ofwel aan de aandeelhouders, ofwel aan de met governance belaste personen van de entiteit waarvan de financiële overzichten worden gecontroleerd. @@ -9824,7 +9824,7 @@ A17 In de inleidende paragraaf wordt bijvoorbeeld vermeld dat de accountant de b A18 Indien de accountant op de hoogte is van het feit dat de gecontroleerde financiële overzichten zullen worden opgenomen in een document dat andere informatie bevat, zoals een jaarrapport, kan de accountant overwegen, indien de vorm van de presentatie dit toelaat, de nummers te vermelden van de pagina’s waarop de gecontroleerde financiële overzichten zijn gepresenteerd. Dit helpt de gebruikers te bepalen op welke financiële overzichten de controleverklaring betrekking heeft. A19 Het oordeel van de accountant omvat de volledige set financiële overzichten zoals gedefinieerd door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Bijvoorbeeld in het geval van vele stelsels voor algemene doeleinden omvatten de financiële overzichten: een balans, een winst-en-verliesrekening, een mutatieoverzicht van het eigen vermogen, een kasstroomoverzicht, een overzicht van de belangrijke gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. In bepaalde rechtsgebieden kan aanvullende informatie eveneens worden beschouwd als een integrerend onderdeel van de financiële overzichten. -###### . De verantwoordelijkheid van het management voor de financiële overzichten (Zie Par. 26) +###### . De verantwoordelijkheid van het management voor de financiële overzichten (Zie Par. 26) A20 Standaard 200 zet het uitgangspunt uiteen met betrekking tot de verantwoordelijkheden van het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen, op basis waarvan een controle overeenkomstig de Standaarden wordt uitgevoerd.483Standaard 200, paragraaf 13(j). Het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen aanvaarden de verantwoordelijkheid voor het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, met inbegrip van de getrouwe weergave ervan, indien relevant. Het management aanvaardt tevens de verantwoordelijkheid voor de interne beheersing die het noodzakelijk acht om het mogelijk te maken financiële overzichten op te stellen die vrij zijn van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten. De beschrijving van de verantwoordelijkheden van het management in de controleverklaring omvat een verwijzing naar beide verantwoordelijkheden, aangezien dit helpt de gebruikers duidelijk te maken op basis van welk uitgangspunt een controle is uitgevoerd. A21 Er kunnen zich omstandigheden voordoen waarin het voor de accountant passend is om de beschrijving van de verantwoordelijkheid van het management in paragraaf 26 uit te breiden teneinde de aanvullende verantwoordelijkheden weer te geven die relevant zijn voor het opstellen van de financiële overzichten in de context van het specifieke rechtsgebied of gegeven de aard van de entiteit. @@ -9873,36 +9873,36 @@ A33 Zoals in paragraaf A10 aangegeven, is het mogelijk dat in financiële overzi a. indien de toelichting met betrekking tot het in overeenstemming zijn met het andere stelsel misleidend is, wordt een aangepast oordeel tot uitdrukking gebracht overeenkomstig Standaard 705; b. indien de toelichting niet misleidend is, maar de accountant van oordeel is dat ze van een dusdanig belang is dat ze fundamenteel is voor het begrip van de gebruikers van de financiële overzichten, wordt een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden toegevoegd overeenkomstig Standaard 706, waarbij de aandacht wordt gevestigd op de toelichting. -###### . Overige rapporteringsverantwoordelijkheden (Zie Par. 38-39) +###### . Overige rapporteringsverantwoordelijkheden (Zie Par. 38-39) A34 In bepaalde rechtsgebieden kan de accountant naast zijn verantwoordelijkheid op grond van de Standaarden om te rapporteren over de financiële overzichten ook aanvullende verantwoordelijkheden hebben om over overige aangelegenheden te rapporteren. Zo is het mogelijk dat de accountant wordt gevraagd te rapporteren over bepaalde aangelegenheden indien zij in de loop van de controle van de financiële overzichten onder zijn aandacht komen. Ook is het mogelijk dat de accountant wordt gevraagd te rapporteren over aanvullende specifieke werkzaamheden, of om een oordeel tot uitdrukking te brengen over specifieke aangelegenheden, zoals de adequaatheid van de administratie en vastleggingen. Controlestandaarden in het specifieke rechtsgebied verschaffen vaak leidraden over de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot specifieke aanvullende rapporteringsverantwoordelijkheden in dat rechtsgebied. A35 In sommige gevallen is het mogelijk dat de relevante wet- of regelgeving vereist of toestaat dat de accountant over deze overige verantwoordelijkheden rapporteert in de controleverklaring over de financiële overzichten. In andere gevallen kan het vereist of toegestaan zijn dat de accountant daarover rapporteert in een afzonderlijke verklaring. A36 Deze overige rapporteringsverantwoordelijkheden worden behandeld in een aparte sectie van de controleverklaring teneinde op duidelijke wijze het onderscheid te maken tussen deze verantwoordelijkheden en de verantwoordelijkheid van de accountant op grond van de Standaarden om over de financiële overzichten te rapporteren. In het geval dit relevant is, kan deze sectie (een) subtitel(s) bevatten die de inhoud van de paragraaf (paragrafen) over de overige rapporteringsverantwoordelijkheden beschrijft (beschrijven). A36A *Op grond van de wettelijke verplichting ingevolge artikel 2:393 lid 5 onder f BW dient de accountant in de controleverklaring een oordeel te geven over de verenigbaarheid van het jaarverslag met de jaarrekening zoals vereist in artikel 2:391 lid 4 BW.* -###### . Handtekening door de accountant (Zie Par. 40) +###### . Handtekening door de accountant (Zie Par. 40) A37 De handtekening van de accountant wordt geplaatst hetzij in naam van het auditkantoor, in persoonlijke naam van de accountant, hetzij beide, naargelang passend voor het specifieke rechtsgebied. Naast de handtekening van de accountant, kan in bepaalde rechtsgebieden van de accountant worden vereist om in de controleverklaring zijn professionele accountancy-titel te vermelden dan wel het feit te vermelden dat de accountant of het kantoor, naargelang passend, erkend is door de passende instantie die in dat rechtsgebied de vergunningen verstrekt. -###### . Datum van de controleverklaring (Zie Par. 41) +###### . Datum van de controleverklaring (Zie Par. 41) A38 De datum van de controleverklaring informeert de gebruikers van de controleverklaring dat de accountant rekening heeft gehouden met de effecten van gebeurtenissen en transacties waarvan hij kennis heeft gekregen en die tot op die datum hebben plaatsgevonden. De verantwoordelijkheid van de accountant voor gebeurtenissen en transacties na de datum van de controleverklaring wordt behandeld in Standaard 560.489Standaard 560, *Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode*, paragraaf 10-17 A39 Omdat het oordeel van de accountant betrekking heeft op de financiële overzichten en de financiële overzichten onder de verantwoordelijkheid van het management vallen, is de accountant niet in een positie om te concluderen dat voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen totdat informatie is verkregen die aantoont dat alle overzichten die samen de financiële overzichten vormen, met inbegrip van de daarmee verband houdende toelichtingen, zijn opgesteld en het management de verantwoordelijkheid daarvoor heeft aanvaard. A40 In sommige rechtsgebieden wijst de wet- of regelgeving de personen of instanties (bijvoorbeeld de bestuurders) aan die verantwoordelijk zijn voor het concluderen dat alle overzichten die samen de financiële overzichten vormen, met inbegrip van de daarmee verband houdende toelichtingen, zijn opgesteld, en specificeert de wet- of regelgeving het noodzakelijke goedkeuringsproces. In dergelijke gevallen wordt informatie verkregen die deze goedkeuring vόόr het dateren van de verklaring over de financiële overzichten aantoont. In andere rechtsgebieden wordt het goedkeuringsproces evenwel niet voorgeschreven in wet- of regelgeving. In dergelijke gevallen wordt overwogen welke procedures de entiteit volgt bij het opstellen en finaliseren van haar financiële overzichten in het licht van haar management- en governancestructuren, om te bepalen welke personen of welke instantie bevoegd is om te concluderen dat alle overzichten die samen de financiële overzichten vormen, met inbegrip van de daarmee verband houdende toelichtingen, zijn opgesteld. In sommige gevallen specificeert de wet- of regelgeving op welk moment in het proces van verslaggeving over de financiële overzichten de controle geacht wordt te zijn afgerond. A41 In sommige rechtsgebieden is de finale goedkeuring van de financiële overzichten door de aandeelhouders vereist alvorens de financiële overzichten op publieke wijze bekend worden gemaakt. In deze rechtsgebieden is de finale goedkeuring door aandeelhouders niet noodzakelijk voor de accountant om te concluderen dat voldoende en geschikte controle-informatie is verkregen. De goedkeuringsdatum van de financiële overzichten in het kader van Standaarden is de eerdere datum waarop de personen met de erkende bevoegdheid bepalen dat alle overzichten waaruit de financiële overzichten bestaan, met inbegrip van de daarmee verband houdende toelichtingen, zijn opgesteld en dat de personen met erkende bevoegdheid hebben verklaard dat zij daarvoor verantwoordelijk zijn. -##### . Controleverklaring voorgeschreven door wet- of regelgeving (Zie Par. 43) +##### . Controleverklaring voorgeschreven door wet- of regelgeving (Zie Par. 43) A42 In Standaard 200 wordt uiteengezet dat van de accountant mogelijk vereist wordt dat hij naast de Standaarden ook de door wet- of regelgever gestelde vereisten naleeft.490Standaard 200, paragraaf A55. Als dit het geval is, kan de accountant verplicht zijn om in de controleverklaring een opmaak of formulering te gebruiken die verschilt van hetgeen in deze Standaard wordt beschreven. Zoals in paragraaf 4 uiteengezet, bevordert consistentie in de controleverklaring, indien de controle overeenkomstig de Standaarden is uitgevoerd, de geloofwaardigheid in de wereldwijde markt door het gemakkelijker herkenbaar maken van die controles die in overeenstemming met wereldwijd erkende standaarden zijn uitgevoerd. Indien de verschillen tussen de door de wet- of regelgever gestelde vereisten en de Standaarden alleen betrekking hebben op de opmaak en formulering van de controleverklaring en ten minste elk van de in paragraaf 43(a)(i) genoemde elementen in de controleverklaring zijn opgenomen, is het mogelijk dat de controleverklaring naar de International Standards on Auditing verwijst. Bijgevolg wordt de accountant in dergelijke omstandigheden geacht de vereisten van de Standaarden te hebben nageleefd, zelfs als de in de controleverklaring gebruikte opmaak en formulering worden gespecificeerd door de rapporteringsvereisten gesteld door de wet- of regelgeving. Indien specifieke vereisten gesteld in een bepaald rechtsgebied niet in strijd zijn met de Standaarden, draagt de toepassing van de in deze Standaard gebruikte opmaak en formulering ertoe bij dat de gebruikers van de controleverklaring de controleverklaring gemakkelijker herkennen als een verklaring over een controle die overeenkomstig de Standaarden is uitgevoerd. (Standaard 210 behandelt omstandigheden waarin wet- of regelgeving de opmaak of formulering van de controleverklaring voorschrijft in termen die op significante wijze verschillen van de vereisten van de Standaarden.) -##### . Controleverklaring voor controles uitgevoerd overeenkomstig zowel andere controlestandaarden als de NV COS (Zie Par. 44) +##### . Controleverklaring voor controles uitgevoerd overeenkomstig zowel andere controlestandaarden als de NV COS (Zie Par. 44) A43 De accountant kan in de controleverklaring verwijzen naar het feit dat de controle is uitgevoerd overeenkomstig zowel de NV COS als de andere controlestandaarden indien de accountant naast de relevante nationale controlestandaarden ook elk van de voor de controle relevante Standaarden naleeft.491Standaard 200, paragraaf A56. A44 Een verwijzing naar zowel de NV COS als de andere controlestandaarden is niet passend als er een conflict is tussen de vereisten in de NV COS en die in de andere controlestandaarden dat de accountant ertoe zou brengen een ander oordeel te vormen of een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden niet op te nemen die in de gegeven omstandigheden door de *NV COS vereist is*. Zo verbieden bepaalde nationale controlestandaarden de accountant om een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden op te nemen om de nadruk te leggen op een probleem inzake continuïteit, terwijl Standaard 570 vereist dat de accountant in dergelijke omstandigheden een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden toevoegt.492Standaard 570, *Continuïteit*, paragraaf 19. In een dergelijk geval verwijst de controleverklaring alleen naar de controlestandaarden (hetzij de NV COS, hetzij de andere controlestandaarden) overeenkomstig welke de controleverklaring is opgesteld. -#### . Aanvullende informatie gepresenteerd met de financiële overzichten (Zie Par. 46 en 47) +#### . Aanvullende informatie gepresenteerd met de financiële overzichten (Zie Par. 46 en 47) A45 In bepaalde omstandigheden is het mogelijk dat de entiteit op grond van wet- of regelgeving of standaarden verplicht is of vrijwillig kan kiezen om samen met de financiële overzichten aanvullende informatie te presenteren die niet door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving is vereist. Zo is het mogelijk dat aanvullende informatie wordt gepresenteerd om de gebruikers meer inzicht te verschaffen in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving of om nadere uitleg te geven over specifieke elementen van de financiële overzichten. Dergelijke informatie wordt gewoonlijk gepresenteerd in aanvullende bijlagen of als aanvullende toelichtingen. A46 Het oordeel van de accountant omvat aanvullende informatie die niet op duidelijke wijze van de financiële overzichten kan worden onderscheiden vanwege de aard ervan en de wijze waarop ze is gepresenteerd. Dit zou bijvoorbeeld het geval zijn als de toelichtingen op de financiële overzichten een uitleg omvatten van de mate waarin de financiële overzichten in overeenstemming zijn met een ander stelsel inzake financiële verslaggeving. Het oordeel van de accountant zou tevens toelichtingen of aanvullende bijlagen omvatten waarnaar in de financiële overzichten wordt verwezen. @@ -9915,7 +9915,7 @@ a. eventuele verwijzingen vanuit de financiële overzichten naar niet-gecontrole b. de niet-gecontroleerde aanvullende informatie buiten de financiële overzichten te plaatsen of, indien dat in de gegeven omstandigheden niet mogelijk is, ten minste de niet-gecontroleerde toelichtingen aan het einde van de vereiste toelichtingen op de financiële overzichten te plaatsen en duidelijk aan te geven dat zij niet gecontroleerd zijn. Niet-gecontroleerde toelichtingen die tussen de gecontroleerde toelichtingen worden gevoegd, kunnen verkeerd worden geïnterpreteerd als zijnde gecontroleerd. A51 Het feit dat aanvullende informatie niet gecontroleerd is, ontheft de accountant niet van zijn verantwoordelijkheid om die informatie te lezen teneinde van materieel belang zijnde inconsistenties met de gecontroleerde financiële overzichten te identificeren. De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot niet-gecontroleerde aanvullende informatie zijn consistent met die welke in Standaard 720 zijn beschreven.493Standaard 720, *De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot andere informatie in documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen*. -### . voorbeeldteksten van controleverklaringen over financiële overzichten (Zie Par. A14) +### . voorbeeldteksten van controleverklaringen over financiële overzichten (Zie Par. A14) Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen betreffende financiële overzichten wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -9925,26 +9925,26 @@ Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen betreffende financiële overzicht #### . Toepassingsgebied van deze Standaard -1 Deze Standaard behandelt de vorm en inhoud van de controleverklaring die wordt uitgebracht als resultaat van een controle van een volledige set van financiële overzichten voor algemene doeleinden bij een organisatie van openbaar belang (oob) welke gecontroleerd wordt in overeenstemming met artikel 2:393, van het burgerlijk wetboek. (Zie Par. A1) -2 Deze Standaard geeft aanvullingen op de Standaarden 260, 570, 700, 705 en 706. Waar een vereiste in deze Standaard in tegenspraak is met de genoemde Standaarden, prevaleert de vereiste in deze Standaard. (Zie Par. A2) -3 Met deze Standaard wordt geregeld dat oob’s in Nederland een uitgebreidere controleverklaring krijgen bij financiële overzichten over boekjaren die afsluiten op of na 15 december 2014. Uitgangspunt bij deze uitgebreidere controleverklaring zijn: +1 Deze Standaard behandelt de vorm en inhoud van de controleverklaring die wordt uitgebracht als resultaat van een controle van een volledige set van financiële overzichten voor algemene doeleinden bij een organisatie van openbaar belang (oob) welke gecontroleerd wordt in overeenstemming met artikel 2:393, van het burgerlijk wetboek. (Zie Par. A1) +2 Deze Standaard geeft aanvullingen op de Standaarden 260, 570, 700, 705 en 706. Waar een vereiste in deze Standaard in tegenspraak is met de genoemde Standaarden, prevaleert de vereiste in deze Standaard. (Zie Par. A2) +3 Met deze Standaard wordt geregeld dat oob’s in Nederland een uitgebreidere controleverklaring krijgen bij financiële overzichten over boekjaren die afsluiten op of na 15 december 2014. Uitgangspunt bij deze uitgebreidere controleverklaring zijn: • de voorgestelde ISA Standaarden zoals die naar aanleiding van de IAASB vergadering in september 2014 zijn voorgelegd aan de PIOB; -• elementen uit artikel 10 van de ‘VERORDENING (EU) Nr. 537/2014 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 16 april 2014 betreffende specifieke eisen voor de wettelijke controles van financiële overzichten van organisaties van openbaar belang en tot intrekking van Besluit 2005/909/EG van de Commissie’; +• elementen uit artikel 10 van de ‘VERORDENING (EU) Nr. 537/2014 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 16 april 2014 betreffende specifieke eisen voor de wettelijke controles van financiële overzichten van organisaties van openbaar belang en tot intrekking van Besluit 2005/909/EG van de Commissie’; • specifiek Nederlandse elementen op grond van discussies met de politiek en met andere stakeholders; en -• ontwikkelingen in het Verenigd Koninkrijk waar sinds 2013 een verplichting bestaat voor een uitgebreidere controleverklaring bij beursfondsen. (Zie Par. A3) +• ontwikkelingen in het Verenigd Koninkrijk waar sinds 2013 een verplichting bestaat voor een uitgebreidere controleverklaring bij beursfondsen. (Zie Par. A3) 4 Deze Standaard is van toepassing op de controleverklaring die wordt uitgebracht als resultaat van een controle van een volledige set van financiële overzichten voor algemene doeleinden bij een oob. Deze Standaard kan worden toegepast bij de controleverklaringen van andere entiteiten. Als deze Standaard wordt toegepast voor de controleverklaring bij andere entiteiten dan moeten alle vereisten, met uitzondering van de vereisten in de paragrafen 16–24 en 29, verplicht worden toegepast. #### . Ingangsdatum -5 *Voor de ingangsdatum wordt verwezen naar de slotbepalingen*.494Hier wordt gedoeld op de slotbepalingen van de NV COS. In deze bepalingen zal worden opgenomen dat de verklaring verplicht is voor oob’s voor boekjaren die afsluiten op of na 15 december 2014. +5 *Voor de ingangsdatum wordt verwezen naar de slotbepalingen*.494Hier wordt gedoeld op de slotbepalingen van de NV COS. In deze bepalingen zal worden opgenomen dat de verklaring verplicht is voor oob’s voor boekjaren die afsluiten op of na 15 december 2014. ### . Doelstelling 6 De doelstellingen van de accountant zijn om: a. de verklaring zodanig te structureren dat de belangrijkste zaken eerst worden vermeld; -b. meer inzicht te geven in zijn controle onder andere door het vermelden van de kernpunten van de controle, de materialiteit en de reikwijdte van een groepscontrole in aanvulling op de vereisten met betrekking tot de controleverklaring zoals vereist in Standaard 700; (Zie Par. A3); +b. meer inzicht te geven in zijn controle onder andere door het vermelden van de kernpunten van de controle, de materialiteit en de reikwijdte van een groepscontrole in aanvulling op de vereisten met betrekking tot de controleverklaring zoals vereist in Standaard 700; (Zie Par. A3); c. de controleverklaring entiteit-specifiek te maken. ### . Definities @@ -9955,7 +9955,7 @@ c. de controleverklaring entiteit-specifiek te maken. #### . Controleverklaring bij een volledige set van financiële overzichten voor algemene doeleinden bij een organisatie van openbaar belang -8 De controleverklaring dient op schrift te worden gesteld en de volgende elementen te bevatten. (Zie Par. A4) +8 De controleverklaring dient op schrift te worden gesteld en de volgende elementen te bevatten. (Zie Par. A4) #### . Titel @@ -10077,15 +10077,15 @@ d. beschrijving van een controle door aan te geven wat de verantwoordelijkheden ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -A1 De in de Standaard genoemde volledige set van financiële overzichten voor algemene doeleinden wordt in het burgerlijk wetboek aangeduid als de jaarrekening. (Zie Par. 1) -A2 Deze Standaard is een tijdelijke Standaard. Zodra de herziene ISA’s 260, 570, 700, 705 en 706 en de nieuwe standaard 701 van de IAASB worden opgenomen in de NV COS, zal deze Standaard worden ingetrokken of aangepast. Dit zal naar verwachting eind 2015 gebeuren voor boekjaren die eindigen op of na 15 december 2015. (Zie Par. 2) -A3 Met deze Standaard vindt een vroegtijdige implementatie plaats van de uitgebreidere controleverklaring in Nederland. Hierbij is aansluiting gezocht bij de ontwikkelingen in de IAASB en de EU. Daarnaast zijn specifiek Nederlandse aspecten toegevoegd op grond van de discussies in de politiek en de regelgeving in de UK. Bij het toepassen van deze Standaarden wordt accountants geadviseerd kennis te nemen van de voorgestelde ISA’s 260, 570, 700, 701, 570 en 705 van de IAASB en ISA (UK and Ireland) 700 van de FRC. De NBA zal de in haar optiek relevante informatie opnemen op haar website. (Zie Par. 3) +A1 De in de Standaard genoemde volledige set van financiële overzichten voor algemene doeleinden wordt in het burgerlijk wetboek aangeduid als de jaarrekening. (Zie Par. 1) +A2 Deze Standaard is een tijdelijke Standaard. Zodra de herziene ISA’s 260, 570, 700, 705 en 706 en de nieuwe standaard 701 van de IAASB worden opgenomen in de NV COS, zal deze Standaard worden ingetrokken of aangepast. Dit zal naar verwachting eind 2015 gebeuren voor boekjaren die eindigen op of na 15 december 2015. (Zie Par. 2) +A3 Met deze Standaard vindt een vroegtijdige implementatie plaats van de uitgebreidere controleverklaring in Nederland. Hierbij is aansluiting gezocht bij de ontwikkelingen in de IAASB en de EU. Daarnaast zijn specifiek Nederlandse aspecten toegevoegd op grond van de discussies in de politiek en de regelgeving in de UK. Bij het toepassen van deze Standaarden wordt accountants geadviseerd kennis te nemen van de voorgestelde ISA’s 260, 570, 700, 701, 570 en 705 van de IAASB en ISA (UK and Ireland) 700 van de FRC. De NBA zal de in haar optiek relevante informatie opnemen op haar website. (Zie Par. 3) #### . Voorbeeldtekst -A4 In de bijlage is een voorbeeld van een verklaring ter illustratie opgenomen. (Zie Par. 8) +A4 In de bijlage is een voorbeeld van een verklaring ter illustratie opgenomen. (Zie Par. 8) -### . Voorbeeld van een Nederlandse controleverklaring voor organisaties van openbaar belang voor boekjaren die afsluiten op of na 15 december 2014 +### . Voorbeeld van een Nederlandse controleverklaring voor organisaties van openbaar belang voor boekjaren die afsluiten op of na 15 december 2014 Deze verklaring is gebaseerd op de volgende uitgangspunten: @@ -10115,18 +10115,18 @@ Wij hebben de jaarrekening *201X van* ABC N.V. (de vennootschap) te *vestigingsp Naar ons oordeel: -• geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en samenstelling van het vermogen van ABC N.V. op *31 december 201X* en van het resultaat en de kasstromen over *201X*, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals aanvaard binnen de Europese Unie (EU-IFRS) en met Titel 9 Boek 2 BW; -• geeft de enkelvoudige jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en samenstelling van het vermogen van ABC N.V. op *31 december 201X* en van het resultaat over *201X* in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW. +• geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en samenstelling van het vermogen van ABC N.V. op *31 december 201X* en van het resultaat en de kasstromen over *201X*, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals aanvaard binnen de Europese Unie (EU-IFRS) en met Titel 9 Boek 2 BW; +• geeft de enkelvoudige jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en samenstelling van het vermogen van ABC N.V. op *31 december 201X* en van het resultaat over *201X* in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW. De geconsolideerde jaarrekening bestaat uit: -1. de geconsolideerde balans per *31 december 201X*; +1. de geconsolideerde balans per *31 december 201X*; 2. de volgende overzichten over *201X*: de geconsolideerde winst-en-verliesrekening, het geconsolideerde overzicht van gerealiseerde en niet- gerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht; en 3. de toelichting met een overzicht van de belangrijke grondslagen voor financiële verslaggeving en overige toelichtingen. De enkelvoudige jaarrekening bestaat uit: -1. de enkelvoudige balans per *31 december 201X*; +1. de enkelvoudige balans per *31 december 201X*; 2. de enkelvoudige winst-en-verliesrekening over *201X*; en 3. de toelichting met een overzicht van de belangrijke grondslagen voor financiële verslaggeving en overige toelichtingen. @@ -10227,7 +10227,7 @@ Wij zijn door de raad van commissarissen op *dd-mm-jj* benoemd als accountant va #### . Soorten aangepaste oordelen -2 Deze Standaard stelt drie soorten aangepaste oordelen vast: een oordeel met beperking, een afkeurend oordeel en een oordeelonthouding. De beslissing welke soort aangepast oordeel passend is, hangt af van: (Zie Par. A1) +2 Deze Standaard stelt drie soorten aangepaste oordelen vast: een oordeel met beperking, een afkeurend oordeel en een oordeelonthouding. De beslissing welke soort aangepast oordeel passend is, hangt af van: (Zie Par. A1) a. de aard van de aangelegenheid die tot de aanpassing leidt, dat wil zeggen de vraag of de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten of, in het geval van een onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, mogelijk een afwijking van materieel belang bevatten; en b. de oordeelsvorming van de accountant over de diepgaande invloed van de gevolgen of mogelijke gevolgen van de aangelegenheid op de financiële overzichten. @@ -10260,8 +10260,8 @@ b. *aangepast oordeel* – Een oordeel met beperking, een afkeurend oordeel of e 6 De accountant dient het oordeel in de controleverklaring aan te passen wanneer: -a. hij op basis van de verkregen controle-informatie tot de conclusie komt dat de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang bevatten; of (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A6 en A7) -b. de accountant niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen om te concluderen dat de financiële overzichten als geheel geen afwijking van materieel belang bevatten. (Zie Par. A8, A9, A10, A11 en A12) +a. hij op basis van de verkregen controle-informatie tot de conclusie komt dat de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang bevatten; of (Zie Par. A2, A3, A4, A5, A6 en A7) +b. de accountant niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen om te concluderen dat de financiële overzichten als geheel geen afwijking van materieel belang bevatten. (Zie Par. A8, A9, A10, A11 en A12) #### . Het bepalen van het soort aanpassing van het oordeel van de accountant @@ -10290,38 +10290,38 @@ b. hij niet in staat is voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen a. indien de accountant tot de conclusie komt dat de mogelijke gevolgen van eventuele niet-gedetecteerde afwijkingen voor de financiële overzichten van materieel belang zouden kunnen zijn maar geen diepgaande invloed zouden kunnen hebben, dient hij een oordeel met beperking tot uitdrukking te brengen; of b. indien de accountant tot de conclusie komt dat de mogelijke gevolgen van eventuele niet-gedetecteerde afwijkingen voor de financiële overzichten zowel van materieel belang zouden kunnen zijn als een diepgaande invloed zouden kunnen hebben zodat een oordeel met beperking niet adequaat zou zijn om de ernst van de situatie over te brengen, dient hij: -1. de controleopdracht terug te geven, indien dit overeenkomstig de van toepassing zijnde wet- of regelgeving praktisch uitvoerbaar en mogelijk is; of (Zie Par. A13 en ) +1. de controleopdracht terug te geven, indien dit overeenkomstig de van toepassing zijnde wet- of regelgeving praktisch uitvoerbaar en mogelijk is; of (Zie Par. A13 en ) 2. indien het teruggeven van de controleopdracht vóór het uitbrengen van de controleverklaring niet praktisch uitvoerbaar of mogelijk is, een oordeelonthouding over de financiële overzichten te formuleren. -14 Indien de accountant de controleopdracht teruggeeft zoals beschreven in paragraaf 13(b)(i), dient hij, alvorens hij de opdracht teruggeeft, alle aangelegenheden met betrekking tot tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen die tot een aanpassing van het oordeel zouden hebben geleid aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A15) +14 Indien de accountant de controleopdracht teruggeeft zoals beschreven in paragraaf 13(b)(i), dient hij, alvorens hij de opdracht teruggeeft, alle aangelegenheden met betrekking tot tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen die tot een aanpassing van het oordeel zouden hebben geleid aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A15) ##### . Andere overwegingen met betrekking tot een afkeurend oordeel of oordeelonthouding -15 Als de accountant het noodzakelijk acht een afkeurend oordeel of een oordeelonthouding over de financiële overzichten als geheel tot uitdrukking te brengen, dient de controleverklaring niet tevens een goedkeurend oordeel met betrekking tot hetzelfde stelsel inzake financiële verslaggeving over een enkel financieel overzicht of over een of meer specifieke elementen, rekeningen of posten van een financieel overzicht te bevatten. In deze omstandigheden zou het opnemen van een dergelijk goedkeurend oordeel in dezelfde verklaring496Standaard 805, *Bijzondere overwegingen – Controles van een enkel financieel overzicht en controles van specifieke elementen, rekeningen of posten van een financieel overzicht*, behandelt omstandigheden waarin de accountant de opdracht krijgt een afzonderlijk oordeel over een of meer elementen, rekeningen of posten van een financieel overzicht tot uitdrukking te brengen. in tegenspraak zijn met het afkeurend oordeel of de oordeelonthouding van de accountant over de financiële overzichten als geheel. (Zie Par. A16) +15 Als de accountant het noodzakelijk acht een afkeurend oordeel of een oordeelonthouding over de financiële overzichten als geheel tot uitdrukking te brengen, dient de controleverklaring niet tevens een goedkeurend oordeel met betrekking tot hetzelfde stelsel inzake financiële verslaggeving over een enkel financieel overzicht of over een of meer specifieke elementen, rekeningen of posten van een financieel overzicht te bevatten. In deze omstandigheden zou het opnemen van een dergelijk goedkeurend oordeel in dezelfde verklaring496Standaard 805, *Bijzondere overwegingen – Controles van een enkel financieel overzicht en controles van specifieke elementen, rekeningen of posten van een financieel overzicht*, behandelt omstandigheden waarin de accountant de opdracht krijgt een afzonderlijk oordeel over een of meer elementen, rekeningen of posten van een financieel overzicht tot uitdrukking te brengen. in tegenspraak zijn met het afkeurend oordeel of de oordeelonthouding van de accountant over de financiële overzichten als geheel. (Zie Par. A16) #### . Vorm en inhoud van de controleverklaring indien het oordeel wordt aangepast ##### . Paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing -16 Wanneer de accountant het oordeel over de financiële overzichten aanpast, dient hij, naast de specifieke elementen die op grond van Standaard 700 vereist zijn, tevens een paragraaf in de controleverklaring op te nemen die een beschrijving geeft van de aangelegenheid die tot de aanpassing heeft geleid. De accountant dient deze paragraaf direct vóór de oordeelsparagraaf in de controleverklaring te plaatsen en dient de titel *Onderbouwing van het oordeel met beperking*, *Onderbouwing van het afkeurend oordeel*, of *Onderbouwing van de oordeelonthouding*, naargelang passend, te gebruiken. (Zie Par. A17) -17 Indien de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten die verband houdt met specifieke bedragen in de financiële overzichten (met inbegrip van kwantitatieve toelichtingen), dient de accountant in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing een beschrijving en kwantificering van de financiële gevolgen van de afwijking op te nemen, tenzij dit praktisch onuitvoerbaar is. Indien het niet praktisch uitvoerbaar is de financiële gevolgen te kwantificeren, dient de accountant dit in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing te vermelden. (Zie Par. A18) +16 Wanneer de accountant het oordeel over de financiële overzichten aanpast, dient hij, naast de specifieke elementen die op grond van Standaard 700 vereist zijn, tevens een paragraaf in de controleverklaring op te nemen die een beschrijving geeft van de aangelegenheid die tot de aanpassing heeft geleid. De accountant dient deze paragraaf direct vóór de oordeelsparagraaf in de controleverklaring te plaatsen en dient de titel *Onderbouwing van het oordeel met beperking*, *Onderbouwing van het afkeurend oordeel*, of *Onderbouwing van de oordeelonthouding*, naargelang passend, te gebruiken. (Zie Par. A17) +17 Indien de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten die verband houdt met specifieke bedragen in de financiële overzichten (met inbegrip van kwantitatieve toelichtingen), dient de accountant in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing een beschrijving en kwantificering van de financiële gevolgen van de afwijking op te nemen, tenzij dit praktisch onuitvoerbaar is. Indien het niet praktisch uitvoerbaar is de financiële gevolgen te kwantificeren, dient de accountant dit in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing te vermelden. (Zie Par. A18) 18 Indien de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten die verband houdt met beschrijvende toelichtingen, dient de accountant in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing een uitleg op te nemen over de wijze waarop de toelichtingen een afwijking van materieel belang bevatten. 19 Indien de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten die verband houdt met het niet toelichten van informatie die moet worden toegelicht, dient de accountant: a. de niet-toelichting te bespreken met de met governance belaste personen; b. in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing de aard van de weggelaten informatie te beschrijven; en -c. tenzij dit op grond van wet- of regelgeving verboden is, de weggelaten informatie op te nemen, mits dit praktisch uitvoerbaar is en de accountant voldoende en geschikte controle-informatie over de weggelaten informatie heeft verkregen. (Zie Par. A19) +c. tenzij dit op grond van wet- of regelgeving verboden is, de weggelaten informatie op te nemen, mits dit praktisch uitvoerbaar is en de accountant voldoende en geschikte controle-informatie over de weggelaten informatie heeft verkregen. (Zie Par. A19) 20 Indien de aanpassing het resultaat is van de onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, dient de accountant de redenen voor deze onmogelijkheid in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing op te nemen. -21 Zelfs indien de accountant een afkeurend oordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking heeft gebracht of een oordeelonthouding heeft geformuleerd, dient hij in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing de redenen te beschrijven voor alle andere aangelegenheden waarvan de accountant kennis heeft en die een aanpassing van het oordeel zouden hebben vereist, alsmede de gevolgen daarvan. (Zie Par. A20) +21 Zelfs indien de accountant een afkeurend oordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking heeft gebracht of een oordeelonthouding heeft geformuleerd, dient hij in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing de redenen te beschrijven voor alle andere aangelegenheden waarvan de accountant kennis heeft en die een aanpassing van het oordeel zouden hebben vereist, alsmede de gevolgen daarvan. (Zie Par. A20) ##### . Oordeelsparagraaf -22 Als de accountant het controleoordeel aanpast, dient hij voor de oordeelsparagraaf de titel *Oordeel met beperking*, *Afkeurend oordeel* of *Oordeelonthouding*, naargelang passend, te hanteren. (Zie Par. A21, A23 en A24) +22 Als de accountant het controleoordeel aanpast, dient hij voor de oordeelsparagraaf de titel *Oordeel met beperking*, *Afkeurend oordeel* of *Oordeelonthouding*, naargelang passend, te hanteren. (Zie Par. A21, A23 en A24) 23 Als de accountant vanwege een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten een oordeel met beperking tot uitdrukking brengt, dient hij in de oordeelsparagraaf te vermelden dat naar zijn oordeel, uitgezonderd de gevolgen van de aangelegenheid (aangelegenheden) beschreven in de paragraaf *Onderbouwing van het oordeel met beperking*: a. de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten een getrouwe weergave vormen (of een getrouw beeld geven) in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving als de verslaggeving in overeenstemming is met een getrouw-beeld-stelsel; of b. de financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten zijn opgesteld in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving als de verslaggeving in overeenstemming is met een compliance-stelsel. -Als de aanpassing het gevolg is van de onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, dient de accountant de overeenkomstige formulering ‘uitgezonderd voor de mogelijke gevolgen van de aangelegenheid (aangelegenheden) ...’ te gebruiken voor het aangepaste oordeel. (Zie Par. A22) +Als de aanpassing het gevolg is van de onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen, dient de accountant de overeenkomstige formulering ‘uitgezonderd voor de mogelijke gevolgen van de aangelegenheid (aangelegenheden) ...’ te gebruiken voor het aangepaste oordeel. (Zie Par. A22) 24 Als de accountant een afkeurend oordeel tot uitdrukking brengt, dient hij in de oordeelsparagraaf te vermelden dat, naar zijn oordeel, vanwege het belang van de aangelegenheid (aangelegenheden) beschreven in de paragraaf *Onderbouwing van het afkeurend oordeel*: a. de financiële overzichten geen getrouwe weergave vormen (of geen getrouw beeld geven) in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving als de verslaggeving in overeenstemming is met een getrouw-beeld-stelsel; of @@ -10341,15 +10341,15 @@ b. geen oordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking brengt. #### . Communicatie met de met governance belaste personen -28 Als de accountant verwacht het oordeel in de controleverklaring aan te passen, dient hij de omstandigheden die tot de verwachte aanpassing hebben geleid alsmede de voorgestelde formulering van de aanpassing aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A25) +28 Als de accountant verwacht het oordeel in de controleverklaring aan te passen, dient hij de omstandigheden die tot de verwachte aanpassing hebben geleid alsmede de voorgestelde formulering van de aanpassing aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A25) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Soorten aangepaste oordelen (Zie Par. 2) +#### . Soorten aangepaste oordelen (Zie Par. 2) A1 De onderstaande tabel laat zien op welke wijze de door de accountant toegepaste oordeelsvorming over de aard van de aangelegenheid die tot de aanpassing leidt, alsmede de mate waarin de gevolgen of mogelijke gevolgen voor de financiële overzichten een diepgaande invloed hebben, van invloed zijn op het soort oordeel dat tot uitdrukking wordt gebracht. -#### . Aard van afwijkingen van materieel belang (Zie Par. 6(a)) +#### . Aard van afwijkingen van materieel belang (Zie Par. 6(a)) A2 Standaard 700 vereist van de accountant dat hij, teneinde een oordeel over de financiële overzichten te vormen, concludeert of al dan niet een redelijke mate van zekerheid is verkregen over de vraag of de financiële overzichten als geheel geen afwijking van materieel belang bevatten. Deze conclusie houdt rekening met de evaluatie door de accountant van eventuele niet-gecorrigeerde afwijkingen in de financiële overzichten overeenkomstig Standaard 450.497Standaard 450, *Evaluatie van tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen*, paragraaf 4(a). A3 Standaard 450 definieert een afwijking als een verschil tussen het bedrag, de classificatie, de presentatie of de toelichting van een in een financieel overzicht gerapporteerd element en het bedrag, de classificatie, de presentatie of de toelichting dat/die vereist is opdat het element in overeenstemming is met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Bijgevolg kan een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten ontstaan met betrekking tot: @@ -10381,7 +10381,7 @@ a. de financiële overzichten niet alle toelichtingen bevatten die op grond van b. de toelichtingen in de financiële overzichten niet in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving worden gepresenteerd; of c. de financiële overzichten niet de nodige toelichtingen verschaffen om een getrouwe weergave te vormen. -#### . Aard van de onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen (Zie Par. 6(b)) +#### . Aard van de onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen (Zie Par. 6(b)) A8 De onmogelijkheid van de accountant om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen (hetgeen ook een beperking in de reikwijdte van de controle wordt genoemd) kan voortkomen uit: @@ -10403,13 +10403,13 @@ A12 Voorbeelden van de onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informa • het management de accountant belet om de voorraadopname bij te wonen; • het management de accountant belet om externe bevestiging van specifieke rekeningsaldi te verzoeken. -#### . Gevolg van de onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen vanwege een door het management opgelegde beperking nadat de accountant de opdracht heeft aanvaard (Zie Par. 13(b) en 14) +#### . Gevolg van de onmogelijkheid om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen vanwege een door het management opgelegde beperking nadat de accountant de opdracht heeft aanvaard (Zie Par. 13(b) en 14) A13 De praktische uitvoerbaarheid van het teruggeven van een controleopdracht kan afhankelijk zijn van het stadium van voltooiing van de opdracht op het moment dat het management de beperking in de reikwijdte van de controle oplegt. Als de accountant de controle grotendeels heeft voltooid, kan hij besluiten om de controle voor zover als mogelijk is te voltooien, een oordeelonthouding te formuleren en de beperking in de reikwijdte toe te lichten in de paragraaf *Onderbouwing van de oordeelonthouding* alvorens de opdracht terug te geven. A14 In bepaalde omstandigheden is het wellicht niet mogelijk om de controleopdracht terug te geven als de accountant op grond van wet- of regelgeving verplicht is de controleopdracht voort te zetten. Dit kan het geval zijn voor een accountant die is aangesteld om de financiële overzichten van entiteiten in de publieke sector te controleren. Ook kan dit het geval zijn in rechtsgebieden waar de accountant is aangesteld om financiële overzichten te controleren die op een specifieke periode betrekking hebben of waar de accountant voor een specifieke periode is aangesteld en het verboden is de controleopdracht terug te geven vóór de controle van die financiële overzichten is voltooid, respectievelijk vóór het einde van die verslagperiode. De accountant kan het ook noodzakelijk achten om in de controleverklaring een paragraaf inzake overige aangelegenheden op te nemen.498Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, paragraaf A5. A15 Als de accountant tot de conclusie komt dat het noodzakelijk is de controleopdracht terug te geven vanwege een beperking in de reikwijdte van de controle, kan hij op grond van beroepsvereisten of wet- of regelgeving verplicht zijn om aangelegenheden die betrekking hebben op het teruggeven van de opdracht mee te delen aan regelgevers of toezichthouders of aan de eigenaren van de entiteit. -#### . Andere overwegingen met betrekking tot een afkeurend oordeel of een oordeelonthouding (Zie Par. 15) +#### . Andere overwegingen met betrekking tot een afkeurend oordeel of een oordeelonthouding (Zie Par. 15) A16 Hierna volgen voorbeelden van rapporteringsomstandigheden die niet in tegenspraak zouden zijn met een afkeurend oordeel of oordeelonthouding van de accountant: @@ -10418,7 +10418,7 @@ A16 Hierna volgen voorbeelden van rapporteringsomstandigheden die niet in tegens #### . Vorm en inhoud van de controleverklaring indien het oordeel wordt aangepast -##### . Paragraaf over de onderbouwing voor de aanpassing (Zie Par. 16, 17, 19(b) en 21) +##### . Paragraaf over de onderbouwing voor de aanpassing (Zie Par. 16, 17, 19(b) en 21) A17 Consistentie in de controleverklaring bevordert het begrip van gebruikers en het identificeren van ongewone omstandigheden wanneer deze zich voordoen. Hoewel uniformiteit in de formulering van een aangepast oordeel en in de beschrijving van de onderbouwing voor de aanpassing misschien niet mogelijk is, is consistentie in zowel de vorm als inhoud van de controleverklaring gewenst. A18 Een voorbeeld van de financiële gevolgen van afwijkingen van materieel belang die de accountant kan beschrijven in de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing in de controleverklaring, is de kwantificering van de gevolgen voor de winstbelasting, de winst vóór belastingen, het nettoresultaat en het eigen vermogen indien voorraden te hoog worden opgenomen. @@ -10428,7 +10428,7 @@ a. de toelichtingen niet door het management zijn opgesteld of om een andere red b. op grond van de oordeelsvorming van de accountant de toelichtingen veel te omvangrijk zouden zijn in verhouding tot de controleverklaring. A20 Een afkeurend oordeel of een oordeelonthouding die verband houdt met een specifieke aangelegenheid die in de paragraaf ter onderbouwing van de beperking is beschreven, is geen rechtvaardiging voor het weglaten van een beschrijving van andere vastgestelde aangelegenheden die anderszins een aanpassing van het oordeel van de accountant zouden hebben vereist. In dergelijke gevallen kan de toelichting van dergelijke andere aangelegenheden waarvan de accountant kennis heeft, relevant zijn voor gebruikers van de financiële overzichten. -##### . Oordeelsparagraaf (Zie Par. 22–23) +##### . Oordeelsparagraaf (Zie Par. 22–23) A21 Het opnemen van deze paragraaftitel maakt het voor de gebruiker duidelijk dat het oordeel van de accountant aangepast is en geeft het soort aanpassing aan. A22 Als de accountant een oordeel met beperking tot uitdrukking brengt, zou het niet passend zijn om in de oordeelsparagraaf formuleringen te gebruiken zoals ‘met de voorgaande uitleg’ of ‘behoudens’, aangezien deze niet duidelijk of krachtig genoeg zijn. @@ -10438,7 +10438,7 @@ A22 Als de accountant een oordeel met beperking tot uitdrukking brengt, zou het A23 De voorbeelden 1 en 2 in de bijlage bevatten controleverklaringen met respectievelijk een oordeel met beperking en een afkeurend oordeel vanwege het feit dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten. A24 Voorbeeld 3 in de bijlage bevat een controleverklaring met een oordeel met beperking vanwege het feit dat de accountant niet in staat was voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. Voorbeeld 4 bevat een oordeelonthouding vanwege de onmogelijkheid om over een enkel element van de financiële overzichten voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. Voorbeeld 5 bevat een oordeelonthouding vanwege de onmogelijkheid om over meerdere elementen van de financiële overzichten voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen. In elk van de twee laatstgenoemde gevallen zijn de mogelijke gevolgen van deze onmogelijkheid voor de financiële overzichten zowel van materieel belang als van diepgaande invloed. -#### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 28) +#### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 28) A25 Het bespreken met de met governance belaste personen van de omstandigheden die leiden tot een verwachte aanpassing van het oordeel van de accountant en van de voorgestelde formulering van de aanpassing: @@ -10446,7 +10446,7 @@ a. maakt het voor de accountant mogelijk om de met governance belaste personen i b. maakt het voor de accountant mogelijk om te trachten overeenstemming te bereiken met de met governance belaste personen over de feiten van de aangelegenheid (aangelegenheden) die aanleiding geeft (geven) tot de verwachte aanpassing(en), of om aangelegenheden waarover een verschil van mening met het management bestaat te bevestigen; en c. geeft de met governance belaste personen de gelegenheid, in voorkomend geval, om aan de accountant verdere informatie en uitleg te verschaffen over de aangelegenheid (aangelegenheden) die aanleiding geeft (geven) tot de verwachte aanpassing(en). -### . Voorbeelden van controleverklaringen waarbij het oordeel is aangepast (Zie Par. A23 en A24) +### . Voorbeelden van controleverklaringen waarbij het oordeel is aangepast (Zie Par. A23 en A24) Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen met aanpassingen van het oordeel wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -10484,27 +10484,27 @@ b. *paragraaf inzake overige aangelegenheden* – Een in de controleverklaring o #### . Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden in de controleverklaring -6 Als de accountant het noodzakelijk acht de aandacht van gebruikers te vestigen op een in de financiële overzichten gepresenteerde of toegelichte aangelegenheid die op grond van de oordeelsvorming van de accountant dermate belangrijk is dat ze fundamenteel is voor het begrip van gebruikers van de financiële overzichten, dient de accountant in de controleverklaring een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden op te nemen mits hij voldoende en geschikte controle-informatie heeft verkregen waaruit blijkt dat de aangelegenheid geen afwijking van materieel belang vormt in de financiële overzichten. In een dergelijke paragraaf dient alleen te worden verwezen naar in de financiële overzichten gepresenteerde of toegelichte informatie. (Zie Par. A1, A2) +6 Als de accountant het noodzakelijk acht de aandacht van gebruikers te vestigen op een in de financiële overzichten gepresenteerde of toegelichte aangelegenheid die op grond van de oordeelsvorming van de accountant dermate belangrijk is dat ze fundamenteel is voor het begrip van gebruikers van de financiële overzichten, dient de accountant in de controleverklaring een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden op te nemen mits hij voldoende en geschikte controle-informatie heeft verkregen waaruit blijkt dat de aangelegenheid geen afwijking van materieel belang vormt in de financiële overzichten. In een dergelijke paragraaf dient alleen te worden verwezen naar in de financiële overzichten gepresenteerde of toegelichte informatie. (Zie Par. A1, A2) 7 Als de accountant in de controleverklaring een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden opneemt, dient hij: a. deze direct na de oordeelsparagraaf in de controleverklaring op te nemen; b. de titel *Benadrukking van bepaalde aangelegenheden* of een andere geschikte titel te gebruiken; c. in de paragraaf een duidelijke verwijzing op te nemen naar de benadrukte aangelegenheid en naar de plaats waar in de financiële overzichten relevante toelichtingen kunnen worden gevonden die de aangelegenheid volledig beschrijven; en -d. aan te geven dat het oordeel van de accountant niet is aangepast met betrekking tot de benadrukte aangelegenheid. (Zie Par. A3, ) +d. aan te geven dat het oordeel van de accountant niet is aangepast met betrekking tot de benadrukte aangelegenheid. (Zie Par. A3, ) #### . Paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring -8 Indien de accountant het noodzakelijk acht een andere aangelegenheid te communiceren dan degenen die welke in de financiële overzichten weergegeven of toegelicht zijn die, naar het oordeel van de accountant, relevant is voor het begrip van gebruikers van de controle, de verantwoordelijkheden van de accountant of de controleverklaring en dit niet is verboden door wet of regelgeving, dan dient de accountant dit in de controleverklaring te doen in een paragraaf met de titel *Overige aangelegenheid* of een andere geschikte titel. De accountant dient deze paragraaf direct na de oordeelsparagraaf en een eventuele paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden toe te voegen, dan wel op een andere plaats in de controleverklaring indien de inhoud van de paragraaf inzake overige aangelegenheden relevant is voor de sectie *Overige rapporteringsverantwoordelijkheden*. (Zie Par. A5, A6, A7, A8, A9, A10 en A11) +8 Indien de accountant het noodzakelijk acht een andere aangelegenheid te communiceren dan degenen die welke in de financiële overzichten weergegeven of toegelicht zijn die, naar het oordeel van de accountant, relevant is voor het begrip van gebruikers van de controle, de verantwoordelijkheden van de accountant of de controleverklaring en dit niet is verboden door wet of regelgeving, dan dient de accountant dit in de controleverklaring te doen in een paragraaf met de titel *Overige aangelegenheid* of een andere geschikte titel. De accountant dient deze paragraaf direct na de oordeelsparagraaf en een eventuele paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden toe te voegen, dan wel op een andere plaats in de controleverklaring indien de inhoud van de paragraaf inzake overige aangelegenheden relevant is voor de sectie *Overige rapporteringsverantwoordelijkheden*. (Zie Par. A5, A6, A7, A8, A9, A10 en A11) #### . Communicatie met de met governance belaste personen -9 Indien de accountant verwacht dat hij in de controleverklaring een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden of een paragraaf inzake overige aangelegenheden zal opnemen, dient hij deze verwachting en de voorgestelde formulering van deze paragraaf aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A12) +9 Indien de accountant verwacht dat hij in de controleverklaring een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden of een paragraaf inzake overige aangelegenheden zal opnemen, dient hij deze verwachting en de voorgestelde formulering van deze paragraaf aan de met governance belaste personen mee te delen. (Zie Par. A12) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten #### . Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden in de controleverklaring -##### . Omstandigheden waarin een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden nodig kan zijn (Zie Par. 6) +##### . Omstandigheden waarin een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden nodig kan zijn (Zie Par. 6) A1 Voorbeelden van omstandigheden waarin de accountant het noodzakelijk kan achten een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden op te nemen, zijn: @@ -10513,7 +10513,7 @@ A1 Voorbeelden van omstandigheden waarin de accountant het noodzakelijk kan acht • een grote ramp die een significant effect heeft gehad, of nog steeds heeft, op de financiële positie van de entiteit. A2 Een overvloedig gebruik van paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden vermindert de effectiviteit van de communicatie van de accountant over dergelijke aangelegenheden. Bovendien kan het in een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden opnemen van meer informatie dan in de financiële overzichten is gepresenteerd of toegelicht impliceren dat de aangelegenheid niet op passende wijze is gepresenteerd of toegelicht; daarom beperkt paragraaf 6 het gebruik van een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden tot aangelegenheden die in de financiële overzichten zijn gepresenteerd of toegelicht. -##### . Het in de controleverklaring opnemen van een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden (Zie Par. 7) +##### . Het in de controleverklaring opnemen van een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden (Zie Par. 7) A3 Het in de controleverklaring opnemen van een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden heeft geen invloed op het oordeel van de accountant. Een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden is geen substituut voor: @@ -10521,7 +10521,7 @@ a. het door de accountant tot uitdrukking brengen van een oordeel met beperking b. toelichtingen in de financiële overzichten die het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van het management vereist. A4 De voorbeeldverklaring in bijlage 3 bevat een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden in een controleverklaring die een oordeel met beperking bevat. -#### . Paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring (Zie Par. 8) +#### . Paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring (Zie Par. 8) ##### . Omstandigheden waarin een paragraaf inzake overige aangelegenheden nodig kan zijn @@ -10546,11 +10546,11 @@ A9 Financiële overzichten die voor een specifiek doel zijn opgesteld, kunnen zi A10 De inhoud van een paragraaf inzake overige aangelegenheden laat duidelijk zien dat van een dergelijke overige aangelegenheid niet is vereist in de financiële overzichten te worden gepresenteerd en toegelicht. Een paragraaf inzake overige aangelegenheden bevat geen informatie die wetgeving, regelgeving of andere professionele standaarden, bijvoorbeeld ethische standaarden die betrekking hebben op de geheimhouding van informatie, de accountant verbiedt te verstrekken. Een paragraaf inzake overige aangelegenheden bevat ook geen informatie die is vereist te worden verstrekt door het management. A11 De plaats van een paragraaf inzake overige aangelegenheden is afhankelijk van de aard van de mee te delen informatie. Als een paragraaf inzake overige aangelegenheden wordt opgenomen om de aandacht van de gebruikers te vestigen op een aangelegenheid die relevant is voor hun begrip van de controle van de financiële overzichten, wordt de paragraaf direct na de oordeelsparagraaf en eventuele paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden opgenomen. Als een paragraaf inzake overige aangelegenheden wordt opgenomen om de aandacht van de gebruikers te vestigen op een aangelegenheid die betrekking heeft op andere rapporteringsverantwoordelijkheden die in de controleverklaring worden behandeld, mag de paragraaf worden opgenomen in de sectie met de subtitel *Verklaring over overige vereisten op grond van wet- en regelgeving*. Indien relevant voor alle verantwoordelijkheden van de accountant of voor het begrip van gebruikers van de controleverklaring, mag de paragraaf inzake overige aangelegenheden ook worden opgenomen als een aparte sectie na de *Verklaring betreffende de financiële overzichten* en de *Verklaring betreffende overige op grond van wet- en regelgeving gestelde vereisten*. -#### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 9) +#### . Communicatie met de met governance belaste personen (Zie Par. 9) A12 Dergelijke communicatie maakt het mogelijk de met governance belaste personen in kennis te stellen van de aard van eventuele specifieke aangelegenheden die de accountant in de controleverklaring wil benadrukken en biedt hen de gelegenheid om, indien nodig, verdere verduidelijking te krijgen van de accountant. Als een paragraaf inzake overige aangelegenheden met betrekking tot een bepaalde aangelegenheid in de controleverklaring bij elke latere opdracht opnieuw wordt opgenomen, kan de accountant bepalen dat het niet nodig is de informatie bij elke opdracht te herhalen. -### 1:. Lijst van Standaarden die vereisten voor paragrafen ter benadrukking van aangelegenheden bevatten (Zie Par. 2) +### 1:. Lijst van Standaarden die vereisten voor paragrafen ter benadrukking van aangelegenheden bevatten (Zie Par. 2) Deze bijlage noemt paragrafen in andere Standaarden die van de accountant vereisen dat hij in bepaalde omstandigheden een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden in de controleverklaring opneemt. De lijst is geen substituut voor het overwegen van de vereisten en de daarop betrekking hebbende toepassingsgerichte en overige verklarende teksten in Standaarden: @@ -10559,7 +10559,7 @@ Deze bijlage noemt paragrafen in andere Standaarden die van de accountant vereis – Standaard 570, *Continuïteit, * paragraaf 19; – Standaard 800, *Bijzondere overwegingen – Controles van financiële overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met stelsels voor bijzondere doeleinden,* paragraaf 14. -### 2:. Lijst van Standaarden die vereisten voor paragrafen inzake overige aangelegenheden bevatten (Zie Par. 2) +### 2:. Lijst van Standaarden die vereisten voor paragrafen inzake overige aangelegenheden bevatten (Zie Par. 2) Deze bijlage noemt paragrafen in andere Standaarden die van de accountant vereisen dat hij in bepaalde omstandigheden een paragraaf inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring opneemt. De lijst is geen substituut voor het overwegen van de vereisten en de daarop betrekking hebbende toepassingsgerichte en overige verklarende teksten in Standaarden: @@ -10567,7 +10567,7 @@ Deze bijlage noemt paragrafen in andere Standaarden die van de accountant vereis – Standaard 710, *Ter vergelijking opgenomen informatie – Overeenkomstige cijfers en vergelijkende financiële overzichten,* paragraaf 13–14, 16–17 en 19; – Standaard 720, *De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot andere informatie in documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen,* paragraaf 10(a). -### 3:. Voorbeeldteksten van controleverklaringen met een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden (zie Par. A4) +### 3:. Voorbeeldteksten van controleverklaringen met een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden (zie Par. A4) Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen met een paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -10619,18 +10619,18 @@ Voor de toepassing van deze Standaard moeten verwijzingen naar ‘voorgaande ver a. de ter vergelijking opgenomen informatie overeenkomt met de in de voorgaande verslagperiode gepresenteerde bedragen en andere toelichtingen of, indien passend, is herzien; en b. de grondslagen voor financiële verslaggeving die in de ter vergelijking opgenomen informatie zijn weerspiegeld, consistent zijn met die welke in de lopende verslagperiode zijn toegepast dan wel, indien zich veranderingen hebben voorgedaan in de grondslagen voor financiële verslaggeving, of deze veranderingen naar behoren administratief zijn verwerkt en op adequate wijze zijn gepresenteerd en toegelicht. 8 Indien de accountant tijdens het uitvoeren van de controle van de lopende verslagperiode zich bewust wordt van een mogelijke afwijking van materieel belang in de ter vergelijking opgenomen informatie, dient hij aanvullende controlewerkzaamheden uit te voeren die in de gegeven omstandigheden noodzakelijk zijn om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen teneinde te bepalen of er een afwijking van materieel belang bestaat. Als de accountant de financiële overzichten van de voorgaande verslagperiode had gecontroleerd, dient hij ook de relevante vereisten van Standaard 560505Standaard 560, *Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode*, paragraaf 14-17. na te leven. Indien de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode zijn herzien, dient de accountant te bepalen dat de ter vergelijking opgenomen informatie overeenkomt met de herziene financiële overzichten. -9 Zoals vereist door Standaard 580506Standaard 580, *Schriftelijke bevestigingen*, paragraaf 14. dient de accountant schriftelijke bevestigingen te vragen voor alle periodes waarnaar hij in zijn oordeel verwijst. De accountant dient ook een specifieke schriftelijke bevestiging te verkrijgen met betrekking tot elke correctie van een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode die de ter vergelijking opgenomen informatie beïnvloedt. (Zie Par. A1) +9 Zoals vereist door Standaard 580506Standaard 580, *Schriftelijke bevestigingen*, paragraaf 14. dient de accountant schriftelijke bevestigingen te vragen voor alle periodes waarnaar hij in zijn oordeel verwijst. De accountant dient ook een specifieke schriftelijke bevestiging te verkrijgen met betrekking tot elke correctie van een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode die de ter vergelijking opgenomen informatie beïnvloedt. (Zie Par. A1) #### . Rapportering over de controle ##### . Vergelijkende cijfers -10 Wanneer vergelijkende cijfers worden gepresenteerd, dient de accountant in zijn oordeel niet naar de vergelijkende cijfers te verwijzen, behalve in de omstandigheden die in de paragrafen 11, 12, en 14 zijn beschreven. (Zie Par. A2) +10 Wanneer vergelijkende cijfers worden gepresenteerd, dient de accountant in zijn oordeel niet naar de vergelijkende cijfers te verwijzen, behalve in de omstandigheden die in de paragrafen 11, 12, en 14 zijn beschreven. (Zie Par. A2) 11 Als de eerder uitgebrachte controleverklaring over de voorgaande verslagperiode een oordeel met beperking, een oordeelonthouding of een afkeurend oordeel bevatte en de aangelegenheid die aanleiding gaf tot de aanpassing, niet is opgelost, dient de accountant zijn oordeel over de financiële overzichten over de lopende verslagperiode aan te passen. In de paragraaf ter onderbouwing van de aanpassing in de controleverklaring dient de accountant: a. in de beschrijving van de aangelegenheid die aanleiding gaf tot de aanpassing te verwijzen naar zowel de cijfers voor de lopende verslagperiode als de vergelijkende cijfers indien de gevolgen of mogelijke gevolgen van de aangelegenheid voor de cijfers voor de lopende verslagperiode van materieel belang zijn; of -b. in andere gevallen uit te leggen dat het controleoordeel is aangepast vanwege de gevolgen of mogelijke gevolgen van de niet-opgeloste aangelegenheid voor de vergelijkbaarheid van de cijfers voor de lopende verslagperiode en de vergelijkende cijfers. (Zie Par. A3, A4 en A5) -12 Als de accountant controle-informatie verkrijgt dat er in de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode sprake is van een afwijking van materieel belang waarover eerder een goedkeurend oordeel is uitgebracht, en de vergelijkende cijfers niet naar behoren zijn aangepast of er geen passende toelichtingen zijn gegeven, dient de accountant een oordeel met beperking of een afkeurend oordeel tot uitdrukking te brengen in de controleverklaring over de financiële overzichten over de lopende verslagperiode, aangepast met betrekking tot de daarin opgenomen vergelijkende cijfers. (Zie Par. A6) +b. in andere gevallen uit te leggen dat het controleoordeel is aangepast vanwege de gevolgen of mogelijke gevolgen van de niet-opgeloste aangelegenheid voor de vergelijkbaarheid van de cijfers voor de lopende verslagperiode en de vergelijkende cijfers. (Zie Par. A3, A4 en A5) +12 Als de accountant controle-informatie verkrijgt dat er in de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode sprake is van een afwijking van materieel belang waarover eerder een goedkeurend oordeel is uitgebracht, en de vergelijkende cijfers niet naar behoren zijn aangepast of er geen passende toelichtingen zijn gegeven, dient de accountant een oordeel met beperking of een afkeurend oordeel tot uitdrukking te brengen in de controleverklaring over de financiële overzichten over de lopende verslagperiode, aangepast met betrekking tot de daarin opgenomen vergelijkende cijfers. (Zie Par. A6) ##### . Financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode die door een voorgaande accountant zijn gecontroleerd @@ -10638,7 +10638,7 @@ b. in andere gevallen uit te leggen dat het controleoordeel is aangepast vanwege a. dat de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode door de voorgaande accountant zijn gecontroleerd; b. het soort oordeel dat door de voorgaande accountant tot uitdrukking is gebracht en, indien het een aangepast oordeel betrof, de redenen daarvoor; en -c. de datum van die verklaring. (Zie Par. A7) +c. de datum van die verklaring. (Zie Par. A7) ##### . Niet-gecontroleerde financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode @@ -10646,8 +10646,8 @@ c. de datum van die verklaring. (Zie Par. A7) ##### . Vergelijkende financiële overzichten -15 Wanneer vergelijkende financiële overzichten worden gepresenteerd, dient de accountant in zijn oordeel te verwijzen naar elke verslagperiode waarover financiële overzichten zijn gepresenteerd en waarvoor een controleoordeel tot uitdrukking is gebracht. (Zie Par. A8 en A9) -16 Wanneer de accountant rapporteert over financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode in samenhang met de controle van de lopende verslagperiode dient hij, indien het oordeel van de accountant over die financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode afwijkt van het oordeel dat de accountant eerder tot uitdrukking bracht, de essentiële redenen voor het afwijkende oordeel toe te lichten in een paragraaf inzake overige aangelegenheden overeenkomstig Standaard 706508Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, paragraaf 8.. (Zie Par. A10) +15 Wanneer vergelijkende financiële overzichten worden gepresenteerd, dient de accountant in zijn oordeel te verwijzen naar elke verslagperiode waarover financiële overzichten zijn gepresenteerd en waarvoor een controleoordeel tot uitdrukking is gebracht. (Zie Par. A8 en A9) +16 Wanneer de accountant rapporteert over financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode in samenhang met de controle van de lopende verslagperiode dient hij, indien het oordeel van de accountant over die financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode afwijkt van het oordeel dat de accountant eerder tot uitdrukking bracht, de essentiële redenen voor het afwijkende oordeel toe te lichten in een paragraaf inzake overige aangelegenheden overeenkomstig Standaard 706508Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, paragraaf 8.. (Zie Par. A10) ##### . Financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode die door een voorgaande accountant zijn gecontroleerd @@ -10658,7 +10658,7 @@ b. het soort oordeel dat door de voorgaande accountant tot uitdrukking is gebrac c. de datum van die verklaring, tenzij de controleverklaring van de voorgaande accountant over de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode opnieuw wordt uitgebracht samen met de financiële overzichten. -18 Indien de accountant concludeert dat er sprake is van een afwijking van materieel belang die invloed heeft op de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode waarover de voorgaande accountant eerder een goedkeurende verklaring heeft uitgebracht, dient de accountant de afwijking mee te delen aan het management op het passende verantwoordelijkheidsniveau en, tenzij alle met governance belaste personen bij het leiden van de entiteit betrokken zijn,509Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 13. de met governance belaste personen, en dient hij te verzoeken dat de voorgaande accountant wordt geïnformeerd. Als de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode worden gewijzigd en de voorgaande accountant ermee instemt om een nieuwe controleverklaring over de gewijzigde financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode uit te brengen, dient de accountant alleen over de lopende verslagperiode te rapporteren. (Zie Par. A11) +18 Indien de accountant concludeert dat er sprake is van een afwijking van materieel belang die invloed heeft op de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode waarover de voorgaande accountant eerder een goedkeurende verklaring heeft uitgebracht, dient de accountant de afwijking mee te delen aan het management op het passende verantwoordelijkheidsniveau en, tenzij alle met governance belaste personen bij het leiden van de entiteit betrokken zijn,509Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*, paragraaf 13. de met governance belaste personen, en dient hij te verzoeken dat de voorgaande accountant wordt geïnformeerd. Als de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode worden gewijzigd en de voorgaande accountant ermee instemt om een nieuwe controleverklaring over de gewijzigde financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode uit te brengen, dient de accountant alleen over de lopende verslagperiode te rapporteren. (Zie Par. A11) ##### . Niet-gecontroleerde financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode @@ -10668,7 +10668,7 @@ tenzij de controleverklaring van de voorgaande accountant over de financiële ov #### . Controlewerkzaamheden -##### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 9) +##### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 9) A1 In het geval van vergelijkende financiële overzichten wordt om schriftelijke bevestigingen verzocht voor alle periodes waarnaar in het oordeel van de accountant wordt verwezen, omdat het management opnieuw moet bevestigen dat zijn eerdere schriftelijke bevestigingen met betrekking tot de voorgaande verslagperiode nog steeds passend zijn. In het geval van vergelijkende cijfers wordt om schriftelijke bevestigingen verzocht voor alleen de financiële overzichten over de lopende verslagperiode, omdat het oordeel van de accountant betrekking heeft op deze financiële overzichten, die de vergelijkende cijfers bevatten. De accountant verzoekt echter om een specifieke schriftelijke bevestiging met betrekking tot elke correctie van een afwijking van materieel belang in de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode die de ter vergelijking opgenomen informatie beïnvloedt. @@ -10676,36 +10676,36 @@ A1 In het geval van vergelijkende financiële overzichten wordt om schriftelijke ##### . Vergelijkende cijfers -###### . Geen verwijzing in het oordeel van de accountant (Zie Par. 10) +###### . Geen verwijzing in het oordeel van de accountant (Zie Par. 10) A2 De accountant verwijst in zijn oordeel niet naar de vergelijkende cijfers, omdat zijn oordeel betrekking heeft op de financiële overzichten over de lopende verslagperiode als geheel, met inbegrip van de vergelijkende cijfers. -###### . Aanpassing in de controleverklaring, welke niet is opgelost, over de voorgaande verslagperiode (Zie Par. 11) +###### . Aanpassing in de controleverklaring, welke niet is opgelost, over de voorgaande verslagperiode (Zie Par. 11) A3 Wanneer de eerder uitgebrachte controleverklaring over de voorgaande verslagperiode een oordeel met beperking, een oordeelonthouding of een afkeurend oordeel bevatte en de aangelegenheid die aanleiding gaf tot het aangepaste oordeel, is opgelost en naar behoren in de financiële overzichten administratief is verwerkt of toegelicht in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, hoeft de accountant in zijn oordeel over de lopende verslagperiode niet naar de eerdere aanpassing te verwijzen. A4 Wanneer het eerder tot uitdrukking gebrachte oordeel van de accountant over de voorgaande verslagperiode werd aangepast, is het mogelijk dat de niet-opgeloste aangelegenheid die aanleiding gaf tot de aanpassing, niet relevant is voor de cijfers voor de lopende verslagperiode. Een oordeel met beperking, een oordeelonthouding of een afkeurend oordeel (naargelang toepasselijk) kan toch vereist zijn voor de financiële overzichten over de lopende verslagperiode vanwege de gevolgen of mogelijke gevolgen van de niet-opgeloste aangelegenheid voor de vergelijkbaarheid van de huidige en vergelijkende cijfers. A5 Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen indien de financiële overzichten betreffende de voorgaande periode zijn gecontroleerd door een voorgaande accountant, wordt verwezen naar HRA deel 3. -###### . Afwijkingen in financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode (Zie Par. 12) +###### . Afwijkingen in financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode (Zie Par. 12) A6 Als de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode waarin afwijkingen voorkomen, niet zijn gewijzigd en de controleverklaring niet opnieuw is uitgebracht maar de vergelijkende cijfers naar behoren zijn aangepast of passende toelichtingen zijn opgenomen in de financiële overzichten over de lopende verslagperiode, kan in de controleverklaring een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden worden opgenomen waarin de omstandigheden worden beschreven en waarin, indien relevant, wordt verwezen naar toelichtingen die de in de financiële overzichten te vinden aangelegenheid volledig beschrijven. (Zie Standaard 706) -###### . Financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode die door een voorgaande accountant zijn gecontroleerd (Zie Par. 13) +###### . Financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode die door een voorgaande accountant zijn gecontroleerd (Zie Par. 13) A7 Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen indien de financiële overzichten betreffende de voorgaande periode zijn gecontroleerd door een voorgaande accountant, wordt verwezen naar HRA deel 3. ##### . Vergelijkende financiële overzichten -###### . Verwijzing in het oordeel van de accountant (Zie Par. 15) +###### . Verwijzing in het oordeel van de accountant (Zie Par. 15) A8 Omdat de controleverklaring over vergelijkende financiële overzichten betrekking heeft op de financiële overzichten van elke gepresenteerde verslagperiode, kan de accountant een oordeel met beperking of een afkeurend oordeel tot uitdrukking brengen, een oordeelonthouding formuleren dan wel een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden opnemen met betrekking tot een of meer verslagperioden, en tegelijk een ander oordeel tot uitdrukking brengen over de financiële overzichten over de andere verslagperiode. A9 Voorbeeld 4 van de bijlage bevat een voorbeeld ter illustratie van de controleverklaring als van de accountant wordt vereist dat hij rapporteert over de financiële overzichten over zowel de lopende als voorgaande verslagperiode in samenhang met de controle van het lopende jaar en de voorgaande verslagperiode een aangepast oordeel bevatte en de aangelegenheid, die aanleiding gaf tot de aanpassing, niet is opgelost. -###### . Oordeel over de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode dat verschilt van het eerdere oordeel (Zie Par. 16) +###### . Oordeel over de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode dat verschilt van het eerdere oordeel (Zie Par. 16) A10 Als wordt gerapporteerd over de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode in samenhang met de controle van de lopende verslagperiode, kan het oordeel over de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode verschillen van het eerder tot uitdrukking gebrachte oordeel, indien de accountant tijdens de controle van de lopende verslagperiode zich bewust wordt van omstandigheden of gebeurtenissen die de financiële overzichten over een voorgaande verslagperiode op een van materieel belang zijnde wijze beïnvloeden. In sommige rechtsgebieden kan de accountant aanvullende rapporteringsverantwoordelijkheden hebben die bedoeld zijn om te voorkomen dat men in de toekomst vertrouwt op de eerder uitgebrachte controleverklaring over de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode. -###### . Financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode die door een voorgaande accountant zijn gecontroleerd (Zie Par. 18) +###### . Financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode die door een voorgaande accountant zijn gecontroleerd (Zie Par. 18) A11 Het is mogelijk dat de voorgaande accountant niet in staat of niet bereid is om de controleverklaring bij de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode opnieuw uit te brengen. In een paragraaf inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring kan worden vermeld dat de voorgaande accountant heeft gerapporteerd over de financiële overzichten over de voorgaande verslagperiode voordat deze werden gecorrigeerd. Bovendien kan, als de accountant een controleopdracht heeft gekregen en voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgt om overtuigd te zijn van de geschiktheid van de wijziging, de controleverklaring ook de volgende paragraaf bevatten: @@ -10717,8 +10717,8 @@ Als onderdeel van onze controle van de financiële overzichten over 20X2 hebben #### . Toepassingsgebied van deze Standaard -1 Deze Standaard behandelt de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot andere informatie in documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten en de daarbij horende controleverklaring zijn opgenomen. Bij het ontbreken van enig afzonderlijk vereiste in de specifieke omstandigheden van de opdracht, heeft de controleverklaring geen betrekking op andere informatie en heeft de accountant geen specifieke verantwoordelijkheid om te bepalen of de andere informatie al dan niet naar behoren is weergegeven. De accountant leest de andere informatie echter omdat de geloofwaardigheid van de gecontroleerde financiële overzichten kan worden ondermijnd door van materieel belang zijnde inconsistenties tussen de gecontroleerde financiële overzichten en andere informatie. (Zie Par. A1) -2 In deze Standaard verwijzen ‘documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen’ naar jaarrapporten (of soortgelijke documenten) verstrekt aan eigenaren (of soortgelijke belanghebbenden) waarin gecontroleerde financiële overzichten en de daarbij horende controleverklaring zijn opgenomen. Deze Standaard kan ook worden toegepast, zo nodig aangepast aan de omstandigheden, op andere documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen, zoals documenten die bij effectenemissies worden gebruikt.511Zie Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden*, paragraaf 2. (Zie Par. A2) +1 Deze Standaard behandelt de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot andere informatie in documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten en de daarbij horende controleverklaring zijn opgenomen. Bij het ontbreken van enig afzonderlijk vereiste in de specifieke omstandigheden van de opdracht, heeft de controleverklaring geen betrekking op andere informatie en heeft de accountant geen specifieke verantwoordelijkheid om te bepalen of de andere informatie al dan niet naar behoren is weergegeven. De accountant leest de andere informatie echter omdat de geloofwaardigheid van de gecontroleerde financiële overzichten kan worden ondermijnd door van materieel belang zijnde inconsistenties tussen de gecontroleerde financiële overzichten en andere informatie. (Zie Par. A1) +2 In deze Standaard verwijzen ‘documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen’ naar jaarrapporten (of soortgelijke documenten) verstrekt aan eigenaren (of soortgelijke belanghebbenden) waarin gecontroleerde financiële overzichten en de daarbij horende controleverklaring zijn opgenomen. Deze Standaard kan ook worden toegepast, zo nodig aangepast aan de omstandigheden, op andere documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen, zoals documenten die bij effectenemissies worden gebruikt.511Zie Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden*, paragraaf 2. (Zie Par. A2) #### . Ingangsdatum @@ -10732,7 +10732,7 @@ Als onderdeel van onze controle van de financiële overzichten over 20X2 hebben 5 Voor de toepassing van de Standaarden hebben de volgende termen de hierna weergegeven betekenis: -a. *andere informatie* – Financiële of niet-financiële informatie (niet zijnde de financiële overzichten en de daarbij horende controleverklaring) die op grond van wet- of regelgeving of omdat dit gebruikelijk is, is opgenomen in een document waarin gecontroleerde financiële overzichten en de daarbij horende controleverklaring zijn opgenomen; (Zie Par. A3, ) +a. *andere informatie* – Financiële of niet-financiële informatie (niet zijnde de financiële overzichten en de daarbij horende controleverklaring) die op grond van wet- of regelgeving of omdat dit gebruikelijk is, is opgenomen in een document waarin gecontroleerde financiële overzichten en de daarbij horende controleverklaring zijn opgenomen; (Zie Par. A3, ) b. *inconsistentie* – Andere informatie die strijdig is met informatie die in de gecontroleerde financiële overzichten is opgenomen. Een van materieel belang zijnde inconsistentie kan twijfel doen ontstaan over de controlebevindingen die gebaseerd zijn op eerder verkregen controle-informatie en mogelijk over de onderbouwing van het controleoordeel over de financiële overzichten; c. *onjuiste voorstelling van zaken* – Andere informatie die geen verband houdt met aangelegenheden die in de gecontroleerde financiële overzichten zijn vermeld en die onjuist is vermeld of gepresenteerd. Een van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken kan de geloofwaardigheid ondermijnen van het document waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen. @@ -10741,7 +10741,7 @@ c. *onjuiste voorstelling van zaken* – Andere informatie die geen verband houd #### . Het lezen van andere informatie 6 De accountant dient de andere informatie te lezen teneinde eventuele van materieel belang zijnde inconsistenties met de gecontroleerde financiële overzichten te identificeren. -7 De accountant dient passende afspraken te maken met het management of de met governance belaste personen om de andere informatie vóór de datum van de controleverklaring te verkrijgen. Indien het niet mogelijk is alle andere informatie vóór de datum van de controleverklaring te verkrijgen, dient de accountant deze andere informatie zo spoedig mogelijk te lezen. (Zie Par. A5) +7 De accountant dient passende afspraken te maken met het management of de met governance belaste personen om de andere informatie vóór de datum van de controleverklaring te verkrijgen. Indien het niet mogelijk is alle andere informatie vóór de datum van de controleverklaring te verkrijgen, dient de accountant deze andere informatie zo spoedig mogelijk te lezen. (Zie Par. A5) #### . Van materieel belang zijnde inconsistenties @@ -10754,35 +10754,35 @@ c. *onjuiste voorstelling van zaken* – Andere informatie die geen verband houd a. in de controleverklaring een paragraaf inzake overige aangelegenheden op te nemen waarin de van materieel belang zijnde inconsistentie wordt beschreven overeenkomstig Standaard 706;513Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, paragraaf 8. of b. de controleverklaring niet af te geven; of -c. de opdracht terug te geven, indien dat op basis van de van toepassing zijnde wet- of regelgeving mogelijk is. (Zie Par. A6–A7) +c. de opdracht terug te geven, indien dat op basis van de van toepassing zijnde wet- of regelgeving mogelijk is. (Zie Par. A6–A7) ##### . Van materieel belang zijnde inconsistenties geïdentificeerd in andere informatie die na de datum van de controleverklaring is verkregen 11 Indien een herziening van de gecontroleerde financiële overzichten nodig is, dient de accountant de relevante vereisten in Standaard 560514Standaard 560, *Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode*, paragraaf 10–17. na te leven. -12 Indien een herziening van de andere informatie nodig is en het management ermee instemt de herziening uit te voeren, dient de accountant de werkzaamheden uit te voeren die in de gegeven omstandigheden nodig zijn. (Zie Par. A8) -13 Indien een herziening van de andere informatie nodig is maar het management de herziening weigert uit te voeren, dient de accountant zijn punt van zorg met betrekking tot de andere informatie aan de met governance belaste personen bekend te maken, tenzij alle met governance belaste personen bij het leiden van de entiteit betrokken zijn, en eventuele verdere passende maatregelen te nemen. (Zie Par. A9) +12 Indien een herziening van de andere informatie nodig is en het management ermee instemt de herziening uit te voeren, dient de accountant de werkzaamheden uit te voeren die in de gegeven omstandigheden nodig zijn. (Zie Par. A8) +13 Indien een herziening van de andere informatie nodig is maar het management de herziening weigert uit te voeren, dient de accountant zijn punt van zorg met betrekking tot de andere informatie aan de met governance belaste personen bekend te maken, tenzij alle met governance belaste personen bij het leiden van de entiteit betrokken zijn, en eventuele verdere passende maatregelen te nemen. (Zie Par. A9) #### . Van materieel belang zijnde onjuiste voorstellingen van zaken -14 Indien de accountant tijdens het lezen van de andere informatie teneinde van materieel belang zijnde inconsistenties te identificeren zich bewust wordt van een kennelijk van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken, dient hij deze aangelegenheid met het management te bespreken. (Zie Par. A10) +14 Indien de accountant tijdens het lezen van de andere informatie teneinde van materieel belang zijnde inconsistenties te identificeren zich bewust wordt van een kennelijk van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken, dient hij deze aangelegenheid met het management te bespreken. (Zie Par. A10) 15 Indien de accountant na deze besprekingen nog steeds van mening is dat er een kennelijk van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken bestaat, dient hij het management te verzoeken een deskundige derde te raadplegen, zoals de juridisch adviseur van de entiteit, en dient hij rekening te houden met het verkregen advies. -16 Indien de accountant tot de conclusie komt dat de andere informatie een van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken bevat die het management weigert te corrigeren, dient de accountant zijn punt van zorg met betrekking tot de andere informatie aan de met governance belaste personen bekend te maken, tenzij alle met governance belaste personen bij het leiden van de entiteit betrokken zijn, en eventuele verdere passende maatregelen te nemen. (Zie Par. A11) +16 Indien de accountant tot de conclusie komt dat de andere informatie een van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken bevat die het management weigert te corrigeren, dient de accountant zijn punt van zorg met betrekking tot de andere informatie aan de met governance belaste personen bekend te maken, tenzij alle met governance belaste personen bij het leiden van de entiteit betrokken zijn, en eventuele verdere passende maatregelen te nemen. (Zie Par. A11) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten #### . Toepassingsgebied van deze Standaard -##### . Aanvullende verantwoordelijkheden, op grond van wet- of regelgeving, met betrekking tot andere informatie (Zie Par. 1) +##### . Aanvullende verantwoordelijkheden, op grond van wet- of regelgeving, met betrekking tot andere informatie (Zie Par. 1) A1 De accountant kan op grond van wet- of regelgeving aanvullende verantwoordelijkheden hebben met betrekking tot andere informatie die buiten het toepassingsgebied van deze Standaard vallen. In sommige rechtsgebieden wordt van de accountant vereist dat hij bijvoorbeeld specifieke werkzaamheden toepast met betrekking tot bepaalde andere informatie, zoals vereiste aanvullende gegevens, uitvoert of een oordeel tot uitdrukking brengt over de betrouwbaarheid van in de andere informatie beschreven prestatie-indicatoren. Indien dergelijke verplichtingen bestaan, worden de aanvullende verantwoordelijkheden van de accountant bepaald door de aard van de opdracht alsmede door wetgeving, regelgeving en professionele standaarden. Als deze andere informatie niet is opgenomen of tekortkomingen bevat, kan van de accountant vereist zijn dat hij op grond van wet- of regelgeving in de controleverklaring naar deze aangelegenheid verwijst. -##### . Documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen (Zie Par. 2) +##### . Documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen (Zie Par. 2) ###### . Overwegingen die specifiek voor kleinere entiteiten zijn A2 Het is minder waarschijnlijk dat kleinere entiteiten documenten publiceren waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen, tenzij ze hiertoe op grond van wet- of regelgeving verplicht zijn. Een voorbeeld van een dergelijk document is een begeleidend rapport dat door de met governance belaste personen is opgesteld omdat ze wettelijk daartoe verplicht zijn. Voorbeelden van andere informatie die deel kan uitmaken van een document waarin de gecontroleerde financiële overzichten van een kleinere entiteit zijn opgenomen, zijn een gedetailleerde winst-en-verliesrekening en een managementrapport. -#### . Definitie van andere informatie (Zie Par. 5(a)) +#### . Definitie van andere informatie (Zie Par. 5(a)) A3 Andere informatie kan bijvoorbeeld zijn: @@ -10799,13 +10799,13 @@ A4 Voor de toepassing van de Standaarden omvat andere informatie bijvoorbeeld ni • informatie die is opgenomen in briefings voor analisten; • informatie die is opgenomen op de website van de entiteit. -#### . Het lezen van andere informatie (Zie Par. 7) +#### . Het lezen van andere informatie (Zie Par. 7) A5 Het verkrijgen van de andere informatie vóór de datum van de controleverklaring stelt de accountant in staat mogelijke van materieel belang zijnde inconsistenties en kennelijk van materieel belang zijnde onjuiste voorstellingen van zaken tijdig met het management op te lossen. Een afspraak met het management over het tijdstip waarop de andere informatie beschikbaar zal zijn, kan nuttig zijn. #### . Van materieel belang zijnde inconsistenties -##### . Van materieel belang zijnde inconsistenties geïdentificeerd in andere informatie die vóór de datum van de controleverklaring is verkregen (Zie Par. 10) +##### . Van materieel belang zijnde inconsistenties geïdentificeerd in andere informatie die vóór de datum van de controleverklaring is verkregen (Zie Par. 10) A6 Als het management de andere informatie weigert te herzien, kan de accountant een eventuele beslissing over verdere maatregelen baseren op het advies van zijn juridisch adviseur. @@ -10813,12 +10813,12 @@ A6 Als het management de andere informatie weigert te herzien, kan de accountant A7 In de publieke sector is het niet altijd mogelijk een opdracht terug te geven of een controleverklaring niet af te geven. In dergelijke gevallen kan de accountant een rapport met gedetailleerde informatie over de inconsistentie aan de passende wettelijke instantie verstrekken. -##### . Van materieel belang zijnde inconsistenties geïdentificeerd in andere informatie die na de datum van de controleverklaring is verkregen (Zie Par. 12–13) +##### . Van materieel belang zijnde inconsistenties geïdentificeerd in andere informatie die na de datum van de controleverklaring is verkregen (Zie Par. 12–13) A8 Als het management ermee instemt de andere informatie te herzien, kunnen de werkzaamheden van de accountant bestaan uit het beoordelen van de door het management genomen stappen om ervoor te zorgen dat personen die de eerder gepubliceerde financiële overzichten, de daarbij horende controleverklaring en de andere informatie hebben ontvangen, over de herziening worden geïnformeerd. A9 Als het management weigert over te gaan tot de herziening van die andere informatie waarvan de accountant concludeert dat deze noodzakelijk is, kunnen de passende verdere maatregelen van de accountant onder meer bestaan uit het verzoeken om advies bij zijn juridisch adviseur. -#### . Van materieel belang zijnde onjuiste voorstellingen van zaken (Zie Par. 14, 15 en 16) +#### . Van materieel belang zijnde onjuiste voorstellingen van zaken (Zie Par. 14, 15 en 16) A10 Als een kennelijk van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken met het management wordt besproken, is de accountant mogelijk niet in staat om de validiteit van sommige in de andere informatie opgenomen toelichtingen en de antwoorden van het management op zijn verzoeken om inlichtingen te evalueren, en kan hij tot de conclusie komen dat er valide verschillen in oordeel of van mening bestaan. A11 Als de accountant tot de conclusie komt dat er een van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken bestaat die het management weigert te corrigeren, kunnen de passende verdere maatregelen van de accountant onder meer bestaan uit het verzoeken om advies bij zijn juridisch adviseur. @@ -10849,8 +10849,8 @@ c. het vormen van een oordeel en het rapporteren over de financiële overzichten 6 In het kader van de Standaarden hebben de volgende termen de hieronder weergegeven betekenissen: -a. *financiële overzichten voor bijzondere doeleinden* – Financiële overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met stelsels voor bijzondere doeleinden; (Zie Par. A4) -b. *stelsel voor bijzondere doeleinden* – Een stelsel inzake financiële verslaggeving dat is opgezet om te voldoen aan de informatiebehoeften van specifieke gebruikers. Het stelsel inzake financiële verslaggeving kan een getrouw-beeld-stelsel of een compliance-stelsel zijn.516Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de standaarden*, paragraaf 13 (Zie Par. A1, A2, A3 en A4) +a. *financiële overzichten voor bijzondere doeleinden* – Financiële overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met stelsels voor bijzondere doeleinden; (Zie Par. A4) +b. *stelsel voor bijzondere doeleinden* – Een stelsel inzake financiële verslaggeving dat is opgezet om te voldoen aan de informatiebehoeften van specifieke gebruikers. Het stelsel inzake financiële verslaggeving kan een getrouw-beeld-stelsel of een compliance-stelsel zijn.516Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de standaarden*, paragraaf 13 (Zie Par. A1, A2, A3 en A4) 7 Met de term ‘financiële overzichten’ wordt in deze Standaard aangeduid ‘een volledige set van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden, met inbegrip van de daarop betrekking hebbende toelichtingen’. De daarop betrekking hebbende toelichtingen bestaan gewoonlijk uit een overzicht van belangrijke gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. De vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving bepalen de vorm en inhoud van de financiële overzichten, alsmede waaruit een volledige set van financiële overzichten bestaat. ### . Vereisten @@ -10859,7 +10859,7 @@ b. *stelsel voor bijzondere doeleinden* – Een stelsel inzake financiële versl ##### . Aanvaardbaarheid van het stelsel inzake financiële verslaggeving -8 Standaard 210 vereist van de accountant om de aanvaardbaarheid te bepalen van het stelsel inzake financiële verslaggeving dat is toegepast bij het opstellen van de financiële overzichten. Bij een controle van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient de accountant inzicht te verwerven in: (Zie Par. A5, A6, A7 en A8) +8 Standaard 210 vereist van de accountant om de aanvaardbaarheid te bepalen van het stelsel inzake financiële verslaggeving dat is toegepast bij het opstellen van de financiële overzichten. Bij een controle van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient de accountant inzicht te verwerven in: (Zie Par. A5, A6, A7 en A8) a. het doel waarvoor de financiële overzichten worden opgesteld; b. de beoogde gebruikers; en @@ -10867,12 +10867,12 @@ c. de door het management ondernomen stappen om te bepalen dat het van toepassin #### . Overwegingen bij het plannen en uitvoeren van de controle -9 Standaard 200 vereist van de accountant om alle Standaarden die relevant zijn voor de controle na te leven.517Standaard 200, paragraaf 18. Bij het plannen en uitvoeren van een controle van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient de accountant te bepalen of het toepassen van de Standaarden speciale overweging verdient in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A9, A10, A11 en A12) +9 Standaard 200 vereist van de accountant om alle Standaarden die relevant zijn voor de controle na te leven.517Standaard 200, paragraaf 18. Bij het plannen en uitvoeren van een controle van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient de accountant te bepalen of het toepassen van de Standaarden speciale overweging verdient in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A9, A10, A11 en A12) 10 Standaard 315 vereist van de accountant om inzicht te verwerven in het kiezen en toepassen van grondslagen voor financiële verslaggeving door de entiteit518Standaard 315, *Risico’s op een afwijking van materieel belang identificeren en inschatten door inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving*, paragraaf 11(c).. Indien de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met de bepalingen van een contract dient de accountant inzicht te verwerven in alle significante interpretaties van het contract die het management heeft gemaakt bij het opstellen van die financiële overzichten. Een interpretatie is significant als het aannemen van een andere redelijke interpretatie een van materieel belang zijnde verschil zou opleveren in de informatie zoals deze is weergegeven in de financiële overzichten. #### . Het vormen van een oordeel en overwegingen bij het rapporteren -11 Bij het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient de accountant de vereisten zoals omschreven in Standaard 700 toe te passen.519Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten*. (Zie Par. A13) +11 Bij het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient de accountant de vereisten zoals omschreven in Standaard 700 toe te passen.519Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten*. (Zie Par. A13) ##### . Beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving @@ -10884,11 +10884,11 @@ b. indien het management de keuze heeft uit verschillende stelsels inzake financ ##### . De lezers er op attenderen dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden -14 De controleverklaring betreffende financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient een paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden te bevatten die de lezers van de controleverklaring er op attendeert dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden en dat de financiële overzichten derhalve ongeschikt kunnen zijn voor een ander doel. De accountant dient deze alinea onder een passend kopje op te nemen. (Zie Par. A14, ) +14 De controleverklaring betreffende financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient een paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden te bevatten die de lezers van de controleverklaring er op attendeert dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden en dat de financiële overzichten derhalve ongeschikt kunnen zijn voor een ander doel. De accountant dient deze alinea onder een passend kopje op te nemen. (Zie Par. A14, ) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Definitie van een stelsel voor bijzondere doeleinden (Zie Par. 6) +#### . Definitie van een stelsel voor bijzondere doeleinden (Zie Par. 6) A1 Voorbeelden van stelsels voor bijzondere doeleinden zijn: @@ -10902,33 +10902,33 @@ A4 Het is mogelijk dat financiële overzichten die zijn opgesteld volgens een st #### . Overwegingen bij het aanvaarden van de opdracht -##### . Aanvaardbaarheid van het stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 8) +##### . Aanvaardbaarheid van het stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 8) A5 Bij financiële overzichten voor bijzondere doeleinden zijn de financiële informatiebehoeften van de beoogde gebruikers de belangrijkste factoren bij het bepalen van de aanvaardbaarheid van het bij het opstellen van de financiële overzichten toegepaste stelsel inzake financiële verslaggeving. A6 Het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving kan de standaarden voor financiële verslaggeving bevatten die zijn vastgesteld door een organisatie die bevoegd is of erkend wordt om standaarden voor financiële overzichten voor bijzondere doeleinden uit te vaardigen. In dat geval worden die standaarden als aanvaardbaar beschouwd voor dat doel indien de organisatie een vastgesteld en transparant proces volgt waarin de zienswijzen van relevante belanghebbenden overwogen en beschouwd worden. In sommige rechtsgebieden kan wet- of regelgeving het stelsel inzake financiële verslaggeving voorschrijven dat door het management gebruikt dient te worden bij het opstellen van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden voor een bepaalde soort entiteit. Een regelgever of toezichthouder kan bijvoorbeeld bepalingen inzake financiële verslaggeving vaststellen om te voldoen aan de vereisten van die regelgever of toezichthouder. Indien er geen aanleiding is om het tegendeel aan te nemen, wordt een dergelijk stelsel inzake financiële verslaggeving aanvaardbaar geacht voor financiële overzichten voor bijzondere doeleinden die door een dergelijke entiteit worden opgesteld. A7 Wanneer de standaarden voor financiële verslaggeving waarnaar in alinea A6 wordt verwezen, worden aangevuld met vereisten op grond van wet- of regelgeving, vereist Standaard 210 van de accountant om te bepalen of er tegenstrijdigheden bestaan tussen de standaarden inzake financiële verslaggeving en de aanvullende vereisten en schrijft Standaard 210 de acties voor die de accountant moet ondernemen indien dergelijke tegenstrijdigheden bestaan.522Standaard 210, paragraaf 18. A8 In het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving kunnen de bepalingen inzake financiële verslaggeving opgenomen zijn van een contract, dan wel andere bronnen dan de in alinea’s A6 en A7 genoemde. In dat geval wordt de aanvaardbaarheid van het stelsel inzake financiële verslaggeving in de omstandigheden van de opdracht bepaald door na te gaan of het stelsel blijk geeft van kenmerken die gewoonlijk aanwezig zijn in aanvaardbare stelsels inzake financiële verslaggeving zoals omschreven in bijlage 2 van Standaard 210. In geval van een stelsel voor bijzondere doeleinden is voor een bepaalde opdracht het relatieve belang van elk van de kenmerken zoals die gewoonlijk in aanvaardbare stelsels inzake financiële verslaggeving aanwezig zijn een zaak van professionele oordeelsvorming. De verkoper en de koper kunnen ten behoeve van het vaststellen van de intrinsieke waarde van een entiteit op de datum van de verkoop van die entiteit bijvoorbeeld overeen zijn gekomen dat zeer voorzichtige schattingen van voorzieningen voor oninbare vorderingen in hun geval passend zijn, ook al is dergelijke financiële informatie niet neutraal in vergelijking met informatie die is opgesteld in overeenstemming met een stelsel inzake financiële verslaggeving voor algemene doeleinden. -#### . Overwegingen bij het plannen en uitvoeren van de controle (Zie Par. 9) +#### . Overwegingen bij het plannen en uitvoeren van de controle (Zie Par. 9) A9 Standaard 200 vereist van de accountant om te voldoen aan (a) relevante ethische voorschriften, waaronder de voorschriften met betrekking tot onafhankelijkheid, verband houdend met controleopdrachten van financiële overzichten, en (b) alle Standaarden die relevant zijn voor de controle. Standaard 200 vereist eveneens van de accountant om zich te houden aan elk van de vereisten van een Standaard, tenzij in het geval van de controle de gehele Standaard niet relevant is of een vereiste niet relevant is omdat die voorwaardelijk is en aan de voorwaarde niet wordt voldaan. In uitzonderlijke gevallen kan de accountant het noodzakelijk achten om af te wijken van een relevante vereiste in een Standaard door alternatieve controlewerkzaamheden uit te voeren om het doel van de betreffende vereiste te bereiken.523Standaard 200, paragraaf 14, 18, 22 en 23. A10 Het toepassen van sommige van de vereisten van de Standaarden bij de controle van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden kan speciale overwegingen van de accountant vereisen. In Standaard 320 zijn bijvoorbeeld oordeelsvormingen over aangelegenheden die van materieel belang zijn voor gebruikers van de financiële overzichten gebaseerd op de gemeenschappelijke financiële informatiebehoeften van de gebruikers als groep.524Standaard 320, *Materialiteit bij de planning en uitvoering van een controle*, paragraaf 2. In het geval van een controle van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden zijn die oordeelsvormingen gebaseerd op een beoordeling van de financiële informatiebehoeften van de beoogde gebruikers. A11 Bij financiële overzichten voor bijzondere doeleinden, zoals overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met de vereisten van een contract, kan het management met de beoogde gebruikers een grenswaarde overeenkomen waar beneden tijdens de controle geïdentificeerde afwijkingen niet zullen worden gecorrigeerd of anderszins worden aangepast. Het bestaan van een dergelijke grenswaarde ontslaat de accountant echter niet van de verplichting om overeenkomstig Standaard 320 de materialiteit te bepalen in overeenstemming met Standaard 320 ten behoeve van het plannen en uitvoeren van de controle van de financiële overzichten voor bijzondere doeleinden. A12 Communicatie met de met governance belaste personen overeenkomstig de Standaarden is gebaseerd op de relatie tussen de met governance belaste personen en de financiële overzichten die aan controle onderworpen zijn, in het bijzonder op de vraag of de met governance belaste personen verantwoordelijk zijn voor het houden van toezicht op het opstellen van die financiële overzichten. In het geval van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden hebben de met governance belaste personen mogelijk deze verantwoordelijkheid niet; bijvoorbeeld wanneer de financiële informatie slechts wordt opgesteld voor gebruik door het management. In dergelijke gevallen zijn de in Standaard 260525Standaard 260, *Communicatie met de met governance belaste personen*. gestelde vereisten mogelijk niet relevant voor de controle van de financiële overzichten voor bijzondere doeleinden, behalve wanneer de accountant tevens verantwoordelijk is voor de controle van de financiële overzichten voor algemene doeleinden van de entiteit of wanneer de accountant bijvoorbeeld met de met governance belaste personen van de entiteit is overeengekomen om voor hen relevante aangelegenheden die tijdens de controle van de financiële overzichten voor bijzondere doeleinden zijn geïdentificeerde aan hen te communiceren. -#### . Het vormen van een oordeel en overwegingen bij het rapporteren (Zie Par. 11) +#### . Het vormen van een oordeel en overwegingen bij het rapporteren (Zie Par. 11) A13 De bijlage van deze Standaard bevat voorbeelden van controleverklaringen betreffende financiële overzichten voor bijzondere doeleinden. -##### . De lezers er op attenderen dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden (Zie Par. 14) +##### . De lezers er op attenderen dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden (Zie Par. 14) A14 De financiële overzichten voor bijzondere doeleinden kunnen gebruikt worden voor andere doeleinden dan die waarvoor zij waren bedoeld. Een regelgever of toezichthouder kan bijvoorbeeld van bepaalde entiteiten vereisen om de financiële overzichten voor bijzondere doeleinden openbaar te maken. Om misverstanden te voorkomen attendeert de accountant de gebruikers van de controleverklaring er op dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden en dat zij derhalve mogelijk niet geschikt zijn voor een ander doel. -##### . Beperking van verspreiding of gebruik (Zie Par. 14) +##### . Beperking van verspreiding of gebruik (Zie Par. 14) A15 Naast de waarschuwing zoals vereist op grond van paragraaf 14 kan de accountant het tevens passend achten om erop te wijzen dat de controleverklaring slechts is bedoeld voor de specifieke gebruikers. Afhankelijk van de wet- of regelgeving in het specifieke rechtsgebied kan dit worden bereikt door de beperking van verspreiding of gebruik van de controleverklaring. In deze omstandigheden kan de alinea waarnaar in paragraaf 14 wordt verwezen worden uitgebreid om daarin deze andere aangelegenheden op te nemen en kan de titel van de alinea dienovereenkomstig worden aangepast. -### . Voorbeelden van controleverklaringen betreffende financiële overzichten voor bijzondere doeleinden (Zie Par. A13) +### . Voorbeelden van controleverklaringen betreffende financiële overzichten voor bijzondere doeleinden (Zie Par. A13) Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen betreffende financiële overzichten voor bijzondere doeleinden wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -10938,7 +10938,7 @@ Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen betreffende financiële overzicht #### . Toepassingsgebied van deze Standaard -1 De Standaarden in de reeksen 100 tot en met 700 zijn van toepassing op een controle van financiële overzichten en dienen voor zover noodzakelijk te worden toegepast onder de omstandigheden wanneer deze worden toegepast bij controles van overige historische financiële informatie. Deze Standaard behandelt bijzondere overwegingen bij het toepassen van die Standaarden op een controle van een enkel financieel overzicht, of een controle van een specifiek element, rekening of post van een financieel overzicht. Het enkele financieel overzicht, of het specifieke element, de specifieke rekening of de specifieke post van een financieel overzicht kan worden opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor algemene dan wel bijzondere doeleinden. Indien opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden, dan is ook Standaard 800526Standaard 800, *Bijzondere overwegingen – Controles van financiële overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met stelsels voor bijzondere doeleinden.* op de controle van toepassing. (Zie Par. A1, A2, A3 en A4) +1 De Standaarden in de reeksen 100 tot en met 700 zijn van toepassing op een controle van financiële overzichten en dienen voor zover noodzakelijk te worden toegepast onder de omstandigheden wanneer deze worden toegepast bij controles van overige historische financiële informatie. Deze Standaard behandelt bijzondere overwegingen bij het toepassen van die Standaarden op een controle van een enkel financieel overzicht, of een controle van een specifiek element, rekening of post van een financieel overzicht. Het enkele financieel overzicht, of het specifieke element, de specifieke rekening of de specifieke post van een financieel overzicht kan worden opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor algemene dan wel bijzondere doeleinden. Indien opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden, dan is ook Standaard 800526Standaard 800, *Bijzondere overwegingen – Controles van financiële overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met stelsels voor bijzondere doeleinden.* op de controle van toepassing. (Zie Par. A1, A2, A3 en A4) 2 Deze Standaard is niet van toepassing op de rapportage van een accountant van een groepsonderdeel die is uitgebracht als resultaat van werkzaamheden die zijn uitgevoerd op de financiële informatie van een groepsonderdeel op het verzoek van een opdrachtteam op groepsniveau voor de doeleinden van een controle van de financiële overzichten van een groep. (Zie Standaard 600527Standaard 600, *Bijzondere overwegingen – Controles van financiële overzichten van een groep (inclusief de werkzaamheden van accountants van groepsonderdelen).*) 3 Deze Standaard doet geen afbreuk aan de vereisten van de overige Standaarden; noch is zij erop gericht alle bijzondere overwegingen te behandelen die relevant kunnen zijn in de omstandigheden van de opdracht. @@ -10968,23 +10968,23 @@ c. *een enkel financieel overzicht of een specifiek element van een financieel o ##### . Toepassing van de Standaarden -7 Standaard 200 vereist van de accountant om te voldoen aan alle Standaarden die relevant zijn voor de controle.528Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden.* In het geval van een controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht, is deze vereiste van toepassing ongeacht of de accountant tevens de opdracht heeft om de volledige set van financiële overzichten van de entiteit te controleren. Indien de accountant niet tevens de opdracht heeft om de volledige set van financiële overzichten van de entiteit te controleren, dan dient de accountant te bepalen of de controle overeenkomstig de Standaarden van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van die financiële overzichten uitvoerbaar is. (Zie Par. A5, ) +7 Standaard 200 vereist van de accountant om te voldoen aan alle Standaarden die relevant zijn voor de controle.528Standaard 200, *Algehele doelstellingen van de onafhankelijke accountant, alsmede het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden.* In het geval van een controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht, is deze vereiste van toepassing ongeacht of de accountant tevens de opdracht heeft om de volledige set van financiële overzichten van de entiteit te controleren. Indien de accountant niet tevens de opdracht heeft om de volledige set van financiële overzichten van de entiteit te controleren, dan dient de accountant te bepalen of de controle overeenkomstig de Standaarden van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van die financiële overzichten uitvoerbaar is. (Zie Par. A5, ) ##### . Aanvaardbaarheid van het stelsel inzake financiële verslaggeving -8 Standaard 210 vereist van de accountant om de aanvaardbaarheid vast te stellen van het stelsel inzake financiële verslaggeving dat wordt toegepast bij het opstellen van de financiële overzichten.529Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten, *paragraaf 6(a). In het geval van een controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht, dient dit te omvatten of het toepassen van het stelsel inzake financiële verslaggeving zal resulteren in een presentatie die voorziet in adequate toelichtingen om de beoogde gebruikers in staat te stellen om de informatie die bekend wordt gemaakt in het financieel overzicht of in het element, alsmede de invloed van transacties van materieel belang en gebeurtenissen op de in het financieel overzicht of in het element bekendgemaakte informatie te begrijpen. (Zie Par. A7) +8 Standaard 210 vereist van de accountant om de aanvaardbaarheid vast te stellen van het stelsel inzake financiële verslaggeving dat wordt toegepast bij het opstellen van de financiële overzichten.529Standaard 210, *Overeenkomen van de voorwaarden van controleopdrachten, *paragraaf 6(a). In het geval van een controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht, dient dit te omvatten of het toepassen van het stelsel inzake financiële verslaggeving zal resulteren in een presentatie die voorziet in adequate toelichtingen om de beoogde gebruikers in staat te stellen om de informatie die bekend wordt gemaakt in het financieel overzicht of in het element, alsmede de invloed van transacties van materieel belang en gebeurtenissen op de in het financieel overzicht of in het element bekendgemaakte informatie te begrijpen. (Zie Par. A7) ##### . Vorm van het oordeel -9 Standaard 210 vereist dat de overeengekomen voorwaarden van de controleopdracht de verwachte vorm omvatten van eventuele rapportages die door de accountant moeten worden uitgebracht.530Standaard 210, paragraaf 10(e). In het geval van een controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht, dient de accountant in overweging te nemen of de verwachte vorm van het oordeel passend is onder de omstandigheden. (Zie Par. A8, ) +9 Standaard 210 vereist dat de overeengekomen voorwaarden van de controleopdracht de verwachte vorm omvatten van eventuele rapportages die door de accountant moeten worden uitgebracht.530Standaard 210, paragraaf 10(e). In het geval van een controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht, dient de accountant in overweging te nemen of de verwachte vorm van het oordeel passend is onder de omstandigheden. (Zie Par. A8, ) #### . Overwegingen bij het plannen en uitvoeren van de controle -10 Standaard 200 stelt dat de Standaarden geschreven zijn in de context van een controle van financiële overzichten; zij moeten worden aangepast voor zover noodzakelijk onder de omstandigheden wanneer zij worden toegepast bij controles van overige historisch financiële informatie.531Standaard 200, paragraaf 2.532Standaard 200, paragraaf 13 (f), licht toe dat de term ‘financiële overzichten’ gewoonlijk verwijst naar de volledige set van financiële overzichten zoals vastgesteld door de eisen gesteld door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële overzichten. Bij het plannen en uitvoeren van de controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht, dient de accountant alle Standaarden die relevant zijn voor de controle aan te passen voor zover noodzakelijk is in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A10, A11, A12, A13 en A14) +10 Standaard 200 stelt dat de Standaarden geschreven zijn in de context van een controle van financiële overzichten; zij moeten worden aangepast voor zover noodzakelijk onder de omstandigheden wanneer zij worden toegepast bij controles van overige historisch financiële informatie.531Standaard 200, paragraaf 2.532Standaard 200, paragraaf 13 (f), licht toe dat de term ‘financiële overzichten’ gewoonlijk verwijst naar de volledige set van financiële overzichten zoals vastgesteld door de eisen gesteld door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële overzichten. Bij het plannen en uitvoeren van de controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht, dient de accountant alle Standaarden die relevant zijn voor de controle aan te passen voor zover noodzakelijk is in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A10, A11, A12, A13 en A14) #### . Het vormen van een oordeel en overwegingen bij het rapporteren -11 Bij het vormen van een oordeel en het rapporteren over een enkel financieel overzicht of over een specifiek element van een financieel overzicht, dient de accountant de vereisten in Standaard 700533Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten.* toe te passen, aangepast voor zover noodzakelijk in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A15, ) +11 Bij het vormen van een oordeel en het rapporteren over een enkel financieel overzicht of over een specifiek element van een financieel overzicht, dient de accountant de vereisten in Standaard 700533Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en het rapporteren over financiële overzichten.* toe te passen, aangepast voor zover noodzakelijk in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A15, ) ##### . Rapporteren over de volledige set van financiële overzichten van de entiteit en over een enkel financieel overzicht of over een specifiek element van die financiële overzichten @@ -10993,8 +10993,8 @@ c. *een enkel financieel overzicht of een specifiek element van een financieel o ##### . Aangepast oordeel, paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden of paragraaf inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring betreffende de volledige set van financiële overzichten van de entiteit -14 Indien het oordeel in de controleverklaring betreffende de volledige set van financiële overzichten van een entiteit is aangepast, of indien die verklaring een paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden, dan wel een paragraaf inzake overige aangelegenheden omvat, dient de accountant de invloed vast te stellen die dit kan hebben op de controleverklaring betreffende een enkel financieel overzicht of over een specifiek element van die financiële overzichten. Wanneer dit passend wordt geacht, zal de accountant het oordeel over het enkele financieel overzicht of over het specifieke element van een financieel overzicht aanpassen, dan wel een paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden of een paragraaf inzake overige aangelegenheden, al naargelang het geval, toevoegen aan de controleverklaring. (Zie Par. A17) -15 Indien de accountant concludeert dat het noodzakelijk is om een afkeurend oordeel tot uitdrukking te brengen over, of om een oordeelonthouding over de volledige set van financiële overzichten als geheel van de entiteit te formuleren, dan staat Standaard 705 niet toe dat de accountant in dezelfde controleverklaring een goedkeurend oordeel opneemt over een enkel financieel overzicht dat deel uitmaakt van die financiële overzichten of over een specifiek element dat deel uitmaakt van die financiële overzichten.534Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant, *paragraaf 15. Dit is omdat een dergelijk goedkeurend oordeel het afkeurende oordeel of de oordeelonthouding over de volledige set van financiële overzichten als geheel van de entiteit zou tegenspreken. (Zie Par. A18) +14 Indien het oordeel in de controleverklaring betreffende de volledige set van financiële overzichten van een entiteit is aangepast, of indien die verklaring een paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden, dan wel een paragraaf inzake overige aangelegenheden omvat, dient de accountant de invloed vast te stellen die dit kan hebben op de controleverklaring betreffende een enkel financieel overzicht of over een specifiek element van die financiële overzichten. Wanneer dit passend wordt geacht, zal de accountant het oordeel over het enkele financieel overzicht of over het specifieke element van een financieel overzicht aanpassen, dan wel een paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden of een paragraaf inzake overige aangelegenheden, al naargelang het geval, toevoegen aan de controleverklaring. (Zie Par. A17) +15 Indien de accountant concludeert dat het noodzakelijk is om een afkeurend oordeel tot uitdrukking te brengen over, of om een oordeelonthouding over de volledige set van financiële overzichten als geheel van de entiteit te formuleren, dan staat Standaard 705 niet toe dat de accountant in dezelfde controleverklaring een goedkeurend oordeel opneemt over een enkel financieel overzicht dat deel uitmaakt van die financiële overzichten of over een specifiek element dat deel uitmaakt van die financiële overzichten.534Standaard 705, *Aanpassingen van het oordeel in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant, *paragraaf 15. Dit is omdat een dergelijk goedkeurend oordeel het afkeurende oordeel of de oordeelonthouding over de volledige set van financiële overzichten als geheel van de entiteit zou tegenspreken. (Zie Par. A18) 16 Indien de accountant concludeert dat het noodzakelijk is om een afkeurend oordeel tot uitdrukking te brengen over, dan wel om een oordeelonthouding over de volledige set van financiële overzichten als geheel van de entiteit te formuleren, maar de accountant, in de context van een separate controle van een specifiek element dat in die financiële overzichten is opgenomen, het desalniettemin passend acht om een goedkeurend oordeel over dat element tot uitdrukking te brengen, dient de accountant dit alleen te doen indien: a. wet- of regelgeving de accountant niet verhindert om dit te doen; @@ -11004,7 +11004,7 @@ c. het specifieke element geen groot deel vormt van de volledige set van financi ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1) +#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1) A1 Standaard 200 definieert de term ‘historische financiële informatie’ als informatie die tot uitdrukking is gebracht in financiële termen in relatie tot een bepaalde entiteit, voornamelijk ontleend aan het administratieve systeem van die entiteit, over economische gebeurtenissen die zich voordeden in vroegere tijdsperioden of over economische voorwaarden of omstandigheden op bepaalde momenten in het verleden.535Standaard 200, paragraaf 13(g). A2 Standaard 200 definieert de term ‘financiële overzichten’ als een gestructureerde weergave van historische financiële informatie, met inbegrip van de daarop betrekking hebbende toelichtingen, bedoeld om economische middelen of verplichtingen van de entiteit op een zeker tijdstip of de veranderingen die zich daarin gedurende een periode hebben voorgedaan te communiceren in overeenstemming met een stelsel inzake financiële verslaggeving. De term verwijst gewoonlijk naar een volledige set van financiële overzichten zoals die is bepaald door de eisen die door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving zijn gesteld.536Standaard 200, paragraaf 13(f). @@ -11038,7 +11038,7 @@ A9 In het geval van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element Het besluit van de accountant over de verwachte vorm van het oordeel is een zaak van professionele oordeelsvorming. Het kan worden beïnvloed door de vraag of het gebruik van de bewoordingen ‘geeft een getrouwe weergave, in alle van materieel belang zijnde opzichten’ of ‘geeft een getrouw beeld’ in het oordeel van de accountant over een enkel financieel overzicht of over een specifiek element van een financieel overzicht dat is opgesteld in overeenstemming met een getrouw-beeld-stelsel, over het algemeen in het desbetreffende rechtsgebied wordt geaccepteerd. -#### . Overwegingen bij het plannen en uitvoeren van de controle (Zie Par. 10) +#### . Overwegingen bij het plannen en uitvoeren van de controle (Zie Par. 10) A10 De relevantie van elke Standaard vereist een zorgvuldige overweging. Zelfs wanneer alleen een specifiek element van een financieel overzicht het onderwerp van de controle uitmaakt, zijn de Standaarden zoals Standaard 240,543Standaard 240, *Verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot fraude in het kader van een controle van financiële overzichten.*Standaard 550544Standaard 550, *Verbonden partijen.* en Standaard 570 in beginsel relevant. Dit is omdat het element een afwijking zou kunnen bevatten die het gevolg is van fraude, van het effect van transacties met verbonden partijen of van de niet correcte toepassing van de continuïteitsveronderstelling onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. A11 Bovendien zijn de Standaarden geschreven in de context van een controle van financiële overzichten; ze dienen te worden aangepast voor zover noodzakelijk onder de omstandigheden wanneer ze worden toegepast op de controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht.545Standaard 200, paragraaf 2. Zo zouden bijvoorbeeld schriftelijke bevestigingen door het management over de volledige set van financiële overzichten kunnen worden vervangen door schriftelijke bevestigingen over de presentatie van het financieel overzicht of van het element in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. @@ -11046,17 +11046,17 @@ A12 Bij de controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek elem A13 De individuele financiële overzichten die een volledige set van financiële overzichten vormen en veel van de elementen van die financiële overzichten, met inbegrip van de daarop betrekking hebbende toelichtingen zijn onderling gerelateerd. Dienovereenkomstig is het mogelijk dat de accountant niet in staat is bij de controle van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht om het financieel overzicht of het element geïsoleerd in overweging te nemen. Dientengevolge is het mogelijk dat de accountant werkzaamheden moet uitvoeren met betrekking tot de onderling gerelateerde elementen om de doelstelling van de controle te bereiken. A14 Bovendien is het mogelijk dat de materialiteit die voor een enkel financieel overzicht of voor een specifiek element van een financieel overzicht is vastgesteld lager is dan de materialiteit die voor de volledige set van financiële overzichten van de entiteit is vastgesteld; dit zal van invloed zijn op de aard, timing en omvang van de controlewerkzaamheden en op de evaluatie van de niet gecorrigeerde afwijkingen. -#### . Het vormen van een oordeel en overwegingen inzake het rapporteren (Zie Par. 11) +#### . Het vormen van een oordeel en overwegingen inzake het rapporteren (Zie Par. 11) A15 Standaard 700 vereist van de accountant om, bij het vormen van een oordeel, te evalueren of de financiële overzichten voorzien in adequate toelichtingen om de beoogde gebruikers in staat te stellen de invloed van de van materieel belang zijnde transacties en gebeurtenissen op de informatie die bekend wordt gemaakt in de financiële overzichten te begrijpen.546Standaard 700, paragraaf 13(e). In het geval van een enkel financieel overzicht of van een specifiek element van een financieel overzicht is het van belang dat het financieel overzicht of het element, met inbegrip van de daarop betrekking hebbende toelichtingen, met het oog op de door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving gestelde eisen, voorziet in adequate toelichtingen om de beoogde gebruikers in staat te stellen om de informatie die bekend wordt gemaakt in het financieel overzicht of in het element te begrijpen, alsmede de invloed van transacties en gebeurtenissen van materieel belang op de informatie die in het financieel overzicht of in het element bekend wordt gemaakt. A16 Bijlage 2 van deze Standaard bevat voorbeelden van controleverklaringen betreffende een enkel financieel overzicht en betreffende een specifiek element van een financieel overzicht. -##### . Aangepast oordeel, paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden of paragraaf inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring betreffende de volledige set van financiële overzichten van de entiteit (Zie Par. 14 en ) +##### . Aangepast oordeel, paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden of paragraaf inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring betreffende de volledige set van financiële overzichten van de entiteit (Zie Par. 14 en ) A17 Zelfs wanneer het aangepaste oordeel over de volledige set van financiële overzichten van de entiteit, de paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden dan wel de paragraaf inzake overige aangelegenheden geen verband houdt met het gecontroleerde financieel overzicht of met het gecontroleerde element, is het nog steeds mogelijk dat de accountant het passend acht om naar de aanpassing te verwijzen in een paragraaf inzake overige aangelegenheden in een controleverklaring betreffende het financieel overzicht of element omdat de accountant van oordeel is dat dit relevant is voor het begrip van de gebruikers van het gecontroleerde financieel overzicht of van het gecontroleerde element, dan wel van de daarmee verband houdende controleverklaring (Zie Standaard 706).547Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant,* paragraaf 6. A18 In de controleverklaring betreffende de volledige set van financiële overzichten van een entiteit zijn de oordeelonthouding met betrekking tot de operationele resultaten en kasstromen, daar waar relevant, en een goedkeurend oordeel met betrekking tot de financiële positie toegestaan, aangezien de oordeelonthouding wordt uitgebracht met betrekking tot alleen de resultaten en kasstromen en niet met betrekking tot de financiële overzichten als geheel.548Standaard 510, *Initiële controle-opdrachten – Beginsaldi*, paragraaf A8, alsmede Standaard 705, paragraaf A16. -### 1:. Voorbeelden van specifieke elementen, rekeningen of items van een financieel overzicht (Zie Par. A3) +### 1:. Voorbeelden van specifieke elementen, rekeningen of items van een financieel overzicht (Zie Par. A3) – vorderingen, voorziening voor dubieuze vorderingen, voorraad, de verplichting voor opgebouwde uitkeringen van een privaat pensioenplan, de vastgelegde waarde van geïdentificeerde immateriële activa, of de verplichting tot ‘incurred but not reported’ claims in een verzekeringsportefeuille, met inbegrip van daarmee verband houdende toelichtingen; – een overzicht van extern beheerde activa en resultaten uit een privaat pensioenplan, met inbegrip van daarmee verband houdende toelichtingen; @@ -11064,9 +11064,9 @@ A18 In de controleverklaring betreffende de volledige set van financiële overzi – een overzicht van uitgaven in relatie tot een lease property met inbegrip van verklarende toelichtingen; – een overzicht van winstdeling of van bonussen voor werknemers, met inbegrip van verklarende toelichtingen. -### 2:. Voorbeelden van controleverklaringen betreffende een enkel financieel overzicht en betreffende een specifiek element van een financieel overzicht (Zie Par. A16) +### 2:. Voorbeelden van controleverklaringen betreffende een enkel financieel overzicht en betreffende een specifiek element van een financieel overzicht (Zie Par. A16) -Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen betreffende een enkel financieel overzicht en betreffende een specifiek element van een financieel overzicht verwijzen wij u naar HRA deel 3 op www.nba.nl/Vaktechniek/Verklaringen/voorbeeldverklaringen-voorbeeldbrieven/. +Voor voorbeeldteksten van controleverklaringen betreffende een enkel financieel overzicht en betreffende een specifiek element van een financieel overzicht verwijzen wij u naar HRA deel 3 op www.nba.nl/Vaktechniek/Verklaringen/voorbeeldverklaringen-voorbeeldbrieven/. ## 810. Opdrachten om te rapporteren betreffende samengevatte financiële overzichten @@ -11102,16 +11102,16 @@ c. *samengevatte financiële overzichten* – Historische financiële informatie #### . Aanvaarding van de opdracht -5 De accountant dient een opdracht om te rapporteren betreffende samengevatte financiële overzichten overeenkomstig deze Standaard alleen te aanvaarden wanneer de accountant de opdracht heeft gekregen tot het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden van de financiële overzichten waarvan de samengevatte financiële overzichten zijn afgeleid. (Zie Par. A1) -6 Voordat de accountant een opdracht aanvaardt om te rapporteren betreffende samengevatte financiële overzichten, dient hij: (Zie Par. A2) +5 De accountant dient een opdracht om te rapporteren betreffende samengevatte financiële overzichten overeenkomstig deze Standaard alleen te aanvaarden wanneer de accountant de opdracht heeft gekregen tot het uitvoeren van een controle overeenkomstig de Standaarden van de financiële overzichten waarvan de samengevatte financiële overzichten zijn afgeleid. (Zie Par. A1) +6 Voordat de accountant een opdracht aanvaardt om te rapporteren betreffende samengevatte financiële overzichten, dient hij: (Zie Par. A2) -a. te bepalen of de toegepaste criteria aanvaardbaar zijn; (Zie Par. A3, A4, A5, A6 en A7) +a. te bepalen of de toegepaste criteria aanvaardbaar zijn; (Zie Par. A3, A4, A5, A6 en A7) b. de overeenstemming van het management te verkrijgen dat deze zijn verantwoordelijkheid erkent en begrijpt: 1. voor het opstellen van de samengevatte financiële overzichten in overeenstemming met de toegepaste criteria; 2. om de gecontroleerde financiële overzichten zonder onnodige problemen beschikbaar te stellen voor de beoogde gebruikers van de samengevatte financiële overzichten (of, indien wet- of regelgeving bepaalt dat de gecontroleerde financiële overzichten niet beschikbaar hoeven te worden gesteld voor de beoogde gebruikers van de samengevatte financiële overzichten en de criteria vaststelt voor het opstellen van de samengevatte financiële overzichten, om die wet- of regelgeving in de samengevatte financiële overzichten te beschrijven); alsmede 3. om de controleverklaring bij de samengevatte financiële overzichten op te nemen in elk document dat de samengevatte financiële overzichten bevat en dat aangeeft dat de accountant daarover heeft gerapporteerd. -c. overeenstemming te bereiken met het management over de vorm van het oordeel dat tot uitdrukking moet worden gebracht bij de samengevatte financiële overzichten (Zie Par. 9, 10 en 11). +c. overeenstemming te bereiken met het management over de vorm van het oordeel dat tot uitdrukking moet worden gebracht bij de samengevatte financiële overzichten (Zie Par. 9, 10 en 11). #### . Aard van de werkzaamheden @@ -11127,11 +11127,11 @@ c. evalueren of de samengevatte financiële overzichten op adequate wijze de toe d. de samengevatte financiële overzichten vergelijken met de gerelateerde informatie in de gecontroleerde financiële overzichten, teneinde te bepalen of de samengevatte financiële overzichten overeenkomen met of herberekend kunnen worden vanuit de gerelateerde informatie in de gecontroleerde financiële overzichten; e. evalueren of de samengevatte financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met de toegepaste criteria; f. evalueren, in het licht van het doel van de samengevatte financiële overzichten, of de samengevatte financiële overzichten de noodzakelijke informatie bevatten, alsmede of deze zich op een geschikt aggregatieniveau bevinden zodat zij onder de omstandigheden niet misleidend zijn; -g. evalueren of de gecontroleerde financiële overzichten zonder onnodige problemen beschikbaar zijn voor de beoogde gebruikers van de samengevatte financiële overzichten, tenzij wet- of regelgeving bepaalt dat deze niet beschikbaar hoeven te worden gesteld en de criteria vaststelt voor het opstellen van de samengevatte financiële overzichten. (Zie Par. A8) +g. evalueren of de gecontroleerde financiële overzichten zonder onnodige problemen beschikbaar zijn voor de beoogde gebruikers van de samengevatte financiële overzichten, tenzij wet- of regelgeving bepaalt dat deze niet beschikbaar hoeven te worden gesteld en de criteria vaststelt voor het opstellen van de samengevatte financiële overzichten. (Zie Par. A8) #### . Vorm van het oordeel -9 Wanneer de accountant heeft geconcludeerd dan een goedkeurend oordeel over de samengevatte financiële overzichten passend is, dient het oordeel van de accountant, tenzij wet- of regelgeving anders vereist, gebruik te maken van één van de volgende bewoordingen: (Zie Par. A9) +9 Wanneer de accountant heeft geconcludeerd dan een goedkeurend oordeel over de samengevatte financiële overzichten passend is, dient het oordeel van de accountant, tenzij wet- of regelgeving anders vereist, gebruik te maken van één van de volgende bewoordingen: (Zie Par. A9) a. de samengevatte financiële overzichten zijn in alle van materieel belang zijnde opzichten consistent met de gecontroleerde financiële overzichten, in overeenstemming met [de toegepaste criteria]; of b. de samengevatte financiële overzichten zijn een getrouwe samenvatting van de gecontroleerde financiële overzichten, in overeenstemming met [de toegepaste criteria]. @@ -11143,7 +11143,7 @@ b. te evalueren of de gebruikers van de samengevatte financiële overzichten het #### . Timing van de werkzaamheden en gebeurtenissen die plaatsvinden na de datum van de controleverklaring betreffende de gecontroleerde financiële overzichten -12 De controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten kan van een latere datum zijn dan de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten. In dergelijke gevallen dient de controleverklaring bij de samengevatte financiële overzichten te vermelden dat de samengevatte financiële overzichten en de gecontroleerde financiële overzichten geen weergave zijn van de invloed van gebeurtenissen die plaatsvonden na de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten die mogelijk een aanpassing van, dan wel een toelichting in de gecontroleerde financiële overzichten vereisen. (Zie Par. A10) +12 De controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten kan van een latere datum zijn dan de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten. In dergelijke gevallen dient de controleverklaring bij de samengevatte financiële overzichten te vermelden dat de samengevatte financiële overzichten en de gecontroleerde financiële overzichten geen weergave zijn van de invloed van gebeurtenissen die plaatsvonden na de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten die mogelijk een aanpassing van, dan wel een toelichting in de gecontroleerde financiële overzichten vereisen. (Zie Par. A10) 13 De accountant kan zich bewust worden van feiten die al bestonden op de datum van de controleverklaring betreffende de gecontroleerde financiële overzichten, maar waarvan de accountant voordien zich niet bewust was. In dergelijke gevallen dient de accountant de controleverklaring bij samengevatte financiële overzichten niet uit te brengen voordat de afweging van de accountant van dergelijke feiten met betrekking tot de gecontroleerde financiële overzichten overeenkomstig Standaard 560551Standaard 560, *Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode.* is afgerond. #### . De controleverklaring betreffende samengevatte financiële overzichten @@ -11154,28 +11154,28 @@ b. te evalueren of de gebruikers van de samengevatte financiële overzichten het A15) -a. een titel die duidelijk aangeeft dat het de verklaring van een onafhankelijke accountant is; (Zie Par. A11) -b. een geadresseerde; (Zie Par. A12) +a. een titel die duidelijk aangeeft dat het de verklaring van een onafhankelijke accountant is; (Zie Par. A11) +b. een geadresseerde; (Zie Par. A12) c. een inleidende paragraaf die: -1. de samengevatte financiële overzichten aanduidt waarover de accountant rapporteert, met inbegrip van de titel van elk overzicht dat is opgenomen in de samengevatte financiële overzichten; (Zie Par. A13) +1. de samengevatte financiële overzichten aanduidt waarover de accountant rapporteert, met inbegrip van de titel van elk overzicht dat is opgenomen in de samengevatte financiële overzichten; (Zie Par. A13) 2. de gecontroleerde financiële overzichten aanduidt; 3. verwijst naar de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten, de datum van die verklaring alsmede, los van paragraaf 17 en 18, het feit dat een goedkeurend oordeel tot uitdrukking is gebracht bij de gecontroleerde financiële overzichten; 4. stelt dat indien de datum van de controleverklaring bij de samengevatte financiële overzichten later is dan de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten, de samengevatte financiële overzichten en de gecontroleerde financiële overzichten geen weergave zijn van de invloed van gebeurtenissen die hebben plaatsgehad na de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten; alsmede 5. een vermelding bevat die aangeeft dat de samengevatte financiële overzichten niet alle toelichtingen bevatten die vereist zijn op grond van het stelsel inzake financiële verslaggeving dat is toegepast bij het opstellen van de gecontroleerde financiële overzichten, alsmede dat het lezen van de samengevatte financiële overzichten het lezen van de gecontroleerde financiële overzichten niet kan vervangen. d. een beschrijving van de verantwoordelijkheid van het management553Of een andere term die geschikt is in de context van het juridische stelsel in het specifieke rechtsgebied. voor de samengevatte financiële overzichten waarin wordt uitgelegd dat het management554Of een andere term die geschikt is in de context van het juridische stelsel in het specifieke rechtsgebied. verantwoordelijk is voor het opstellen van de samengevatte financiële overzichten in overeenstemming met de toegepaste criteria; e. een vermelding dat de accountant verantwoordelijk is voor het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de samengevatte financiële overzichten op basis van de op grond van deze Standaard vereiste werkzaamheden; -f. een paragraaf waarin op duidelijke wijze een oordeel tot uitdrukking wordt gebracht (Zie Par. 9, 10 en 11); +f. een paragraaf waarin op duidelijke wijze een oordeel tot uitdrukking wordt gebracht (Zie Par. 9, 10 en 11); g. de ondertekening door de accountant; -h. de datum van de controleverklaring; (Zie Par. A14) +h. de datum van de controleverklaring; (Zie Par. A14) i. het adres van de accountant. -15 Indien de geadresseerde van de samengevatte financiële overzichten niet dezelfde is als de geadresseerde van de controleverklaring betreffende de gecontroleerde financiële overzichten, dient de accountant de juistheid van het hanteren van een andere geadresseerde te evalueren. (Zie Par. A12) -16 De accountant dient de controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten niet eerder te dateren dan: (Zie Par. A14) +15 Indien de geadresseerde van de samengevatte financiële overzichten niet dezelfde is als de geadresseerde van de controleverklaring betreffende de gecontroleerde financiële overzichten, dient de accountant de juistheid van het hanteren van een andere geadresseerde te evalueren. (Zie Par. A12) +16 De accountant dient de controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten niet eerder te dateren dan: (Zie Par. A14) a. de datum waarop de accountant voldoende en geschikte controle-informatie heeft verworven om daarop het oordeel te baseren, met inbegrip van informatie waaruit blijkt dat de samengevatte financiële overzichten zijn opgesteld en dat degenen met de erkende bevoegdheid hebben verklaard dat zij de verantwoordelijkheid hiervoor op zich hebben genomen; alsmede b. de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten. -##### . Aanpassingen van het oordeel, paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden of paragraaf inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring betreffende de gecontroleerde financiële overzichten (Zie Par. A15) +##### . Aanpassingen van het oordeel, paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden of paragraaf inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring betreffende de gecontroleerde financiële overzichten (Zie Par. A15) 17 Wanneer de controleverklaring betreffende de gecontroleerde financiële overzichten een oordeel met beperking, een paragraaf ter benadrukking van aangelegenheden of een paragraaf inzake overige aangelegenheden bevat, maar de accountant zich ervan heeft vergewist dat de samengevatte financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten consistent zijn met of een getrouwe samenvatting zijn van de gecontroleerde financiële overzichten, in overeenstemming met de toegepaste criteria, dient de controleverklaring bij de samengevatte financiële overzichten naast de in paragraaf 14 genoemde elementen: @@ -11192,7 +11192,7 @@ c. te vermelden dat, als gevolg van het afkeurende oordeel of de oordeelonthoudi ##### . Aangepast oordeel over de samengevatte financiële overzichten -19 Indien de samengevatte financiële overzichten niet in alle van materieel belang zijnde opzichten consistent zijn met, dan wel geen getrouwe samenvatting zijn van de gecontroleerde financiële overzichten, in overeenstemming met de toegepaste criteria, en het management niet instemt met het maken van de noodzakelijke aanpassingen, dient de accountant een afkeurend oordeel tot uitdrukking te brengen over de samengevatte financiële overzichten. (Zie Par. A15) +19 Indien de samengevatte financiële overzichten niet in alle van materieel belang zijnde opzichten consistent zijn met, dan wel geen getrouwe samenvatting zijn van de gecontroleerde financiële overzichten, in overeenstemming met de toegepaste criteria, en het management niet instemt met het maken van de noodzakelijke aanpassingen, dient de accountant een afkeurend oordeel tot uitdrukking te brengen over de samengevatte financiële overzichten. (Zie Par. A15) #### . Beperking van verspreiding of gebruik dan wel het attenderen van lezers op de verslaggevingsgrondslagen @@ -11200,35 +11200,35 @@ c. te vermelden dat, als gevolg van het afkeurende oordeel of de oordeelonthoudi #### . Vergelijkende cijfers -21 Indien de gecontroleerde financiële overzichten vergelijkende cijfers bevatten maar de samengevatte financiële overzichten dat niet doen, dient de accountant te bepalen of een dergelijke omissie redelijk is in de omstandigheden van de opdracht. De accountant dient de invloed te bepalen van een onredelijke omissie op de controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten. (Zie Par. A16) -22 Indien de samengevatte financiële overzichten vergelijkende cijfers bevatten waarover gerapporteerd werd door een andere accountant, dient de controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten ook de aangelegenheden te bevatten die Standaard 710 van de accountant vereist om op te nemen in de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten.555Standaard 710,*Ter vergelijking opgenomen informatie – Vergelijkende cijfers en vergelijkende financiële overzichten*. (Zie Par. A17) +21 Indien de gecontroleerde financiële overzichten vergelijkende cijfers bevatten maar de samengevatte financiële overzichten dat niet doen, dient de accountant te bepalen of een dergelijke omissie redelijk is in de omstandigheden van de opdracht. De accountant dient de invloed te bepalen van een onredelijke omissie op de controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten. (Zie Par. A16) +22 Indien de samengevatte financiële overzichten vergelijkende cijfers bevatten waarover gerapporteerd werd door een andere accountant, dient de controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten ook de aangelegenheden te bevatten die Standaard 710 van de accountant vereist om op te nemen in de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten.555Standaard 710,*Ter vergelijking opgenomen informatie – Vergelijkende cijfers en vergelijkende financiële overzichten*. (Zie Par. A17) #### . Niet gecontroleerde aanvullende informatie die wordt gepresenteerd samen met samengevatte financiële overzichten -23 De accountant dient te evalueren of alle niet gecontroleerde aanvullende informatie die wordt gepresenteerd samen met de samengevatte financiële overzichten, duidelijk wordt onderscheiden ten opzichte van de samengevatte financiële overzichten. Indien de accountant concludeert dat de presentatie door de entiteit van de niet gecontroleerde aanvullende informatie niet duidelijk wordt onderscheiden ten opzichte van de samengevatte financiële overzichten, dient de accountant het management te verzoeken om de presentatie van de niet gecontroleerde aanvullende informatie te wijzigen. Indien het management weigert dit te doen, dient de accountant in de controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten uit te leggen dat dergelijke informatie niet is omvat door die verklaring. (Zie Par. A18) +23 De accountant dient te evalueren of alle niet gecontroleerde aanvullende informatie die wordt gepresenteerd samen met de samengevatte financiële overzichten, duidelijk wordt onderscheiden ten opzichte van de samengevatte financiële overzichten. Indien de accountant concludeert dat de presentatie door de entiteit van de niet gecontroleerde aanvullende informatie niet duidelijk wordt onderscheiden ten opzichte van de samengevatte financiële overzichten, dient de accountant het management te verzoeken om de presentatie van de niet gecontroleerde aanvullende informatie te wijzigen. Indien het management weigert dit te doen, dient de accountant in de controleverklaring betreffende de samengevatte financiële overzichten uit te leggen dat dergelijke informatie niet is omvat door die verklaring. (Zie Par. A18) #### . Andere informatie in documenten die samengevatte financiële overzichten bevatten -24 De accountant dient andere informatie te lezen die is opgenomen in een document dat de samengevatte financiële overzichten en de daarop betrekking hebbende controleverklaring bevat om alle van materieel belang zijnde inconsistenties ten opzichte van de samengevatte financiële overzichten te identificeren. Indien de accountant bij het lezen van de andere informatie een van materieel belang zijnde inconsistentie identificeert, dient de accountant te bepalen of de samengevatte financiële overzichten dan wel de andere informatie moeten worden herzien. Indien de accountant bij het lezen van de andere informatie zich bewust wordt van een duidelijke van materieel belang zijnde daadwerkelijke afwijking, dient de accountant de aangelegenheid met het management te bespreken. (Zie Par. A19) +24 De accountant dient andere informatie te lezen die is opgenomen in een document dat de samengevatte financiële overzichten en de daarop betrekking hebbende controleverklaring bevat om alle van materieel belang zijnde inconsistenties ten opzichte van de samengevatte financiële overzichten te identificeren. Indien de accountant bij het lezen van de andere informatie een van materieel belang zijnde inconsistentie identificeert, dient de accountant te bepalen of de samengevatte financiële overzichten dan wel de andere informatie moeten worden herzien. Indien de accountant bij het lezen van de andere informatie zich bewust wordt van een duidelijke van materieel belang zijnde daadwerkelijke afwijking, dient de accountant de aangelegenheid met het management te bespreken. (Zie Par. A19) #### . Associëren van de accountant -25 Indien de accountant zich ervan bewust wordt dat de entiteit van plan is er melding van te maken dat de accountant gerapporteerd heeft over samengevatte financiële overzichten in een document dat de samengevatte financiële overzichten bevat, maar niet van plan is om de daarop betrekking hebbende controleverklaring toe te voegen, dient de accountant het management te verzoeken de controleverklaring aan het document toe te voegen. Indien het management dat niet doet dient de accountant andere passende acties te bepalen en uit te voeren die zijn opgezet om te voorkomen dat het management de accountant op ongepaste wijze in verband brengt met de samengevatte financiële overzichten in dat document. (Zie Par. A20) +25 Indien de accountant zich ervan bewust wordt dat de entiteit van plan is er melding van te maken dat de accountant gerapporteerd heeft over samengevatte financiële overzichten in een document dat de samengevatte financiële overzichten bevat, maar niet van plan is om de daarop betrekking hebbende controleverklaring toe te voegen, dient de accountant het management te verzoeken de controleverklaring aan het document toe te voegen. Indien het management dat niet doet dient de accountant andere passende acties te bepalen en uit te voeren die zijn opgezet om te voorkomen dat het management de accountant op ongepaste wijze in verband brengt met de samengevatte financiële overzichten in dat document. (Zie Par. A20) 26 Het is mogelijk dat de accountant de opdracht heeft te rapporteren betreffende de financiële overzichten van een entiteit, maar niet de opdracht heeft om te rapporteren over de samengevatte financiële overzichten. Indien in dit geval de accountant zich ervan bewust wordt dat de entiteit van plan is om een vermelding op te nemen in een document dat verwijst naar de accountant en naar het feit dat de samengevatte financiële overzichten zijn afgeleid van de door de accountant gecontroleerde financiële overzichten, dient de accountant zich ervan te vergewissen dat: a. de verwijzing naar de accountant wordt gemaakt in de context van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten; en b. de vermelding niet de indruk wekt dat de accountant heeft gerapporteerd over de samengevatte financiële overzichten. -Indien noch aan (a) noch aan (b) wordt voldaan, dient de accountant het management te verzoeken de vermelding zodanig te wijzigen dat die daaraan wel voldoet, dan wel in het document niet naar de accountant te verwijzen. Anderzijds kan de entiteit de accountant de opdracht geven om te rapporteren over de samengevatte financiële overzichten en om de daarop betrekking hebbende controleverklaring aan het document toe te voegen. Indien het management de vermelding niet wijzigt, de verwijzing naar de accountant niet schrapt, dan wel een controleverklaring over de samengevatte financiële overzichten niet toevoegt aan het document dat de samengevatte financiële overzichten bevat, dient de accountant het management te informeren dat de accountant het niet eens is met de verwijzing naar de accountant en dient de accountant andere passende acties te bepalen en uit te voeren die zijn opgezet om te voorkomen dat het management op ongepaste wijze naar de accountant verwijst. (Zie Par. A20) +Indien noch aan (a) noch aan (b) wordt voldaan, dient de accountant het management te verzoeken de vermelding zodanig te wijzigen dat die daaraan wel voldoet, dan wel in het document niet naar de accountant te verwijzen. Anderzijds kan de entiteit de accountant de opdracht geven om te rapporteren over de samengevatte financiële overzichten en om de daarop betrekking hebbende controleverklaring aan het document toe te voegen. Indien het management de vermelding niet wijzigt, de verwijzing naar de accountant niet schrapt, dan wel een controleverklaring over de samengevatte financiële overzichten niet toevoegt aan het document dat de samengevatte financiële overzichten bevat, dient de accountant het management te informeren dat de accountant het niet eens is met de verwijzing naar de accountant en dient de accountant andere passende acties te bepalen en uit te voeren die zijn opgezet om te voorkomen dat het management op ongepaste wijze naar de accountant verwijst. (Zie Par. A20) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Aanvaarding van de opdracht (Zie Par. 5– ) +#### . Aanvaarding van de opdracht (Zie Par. 5– ) A1 De controle van de financiële overzichten waarvan de samengevatte financiële overzichten zijn afgeleid verschaft de accountant de noodzakelijke kennis om zich te kwijten van zijn verantwoordelijkheden met betrekking tot de samengevatte financiële overzichten in overeenstemming met deze Standaard. Het toepassen van deze Standaard zal geen voldoende en geschikte informatie verschaffen om daarop het oordeel over de samengevatte financiële overzichten te baseren indien de accountant niet ook de financiële overzichten heeft gecontroleerd waarvan de samengevatte financiële overzichten zijn afgeleid. A2 De overeenstemming van het management over de aangelegenheden die beschreven zijn in paragraaf 6 kan blijken uit de schriftelijke aanvaarding van de opdrachtvoorwaarden door het management. -##### . Criteria (Zie Par. 6(a)) +##### . Criteria (Zie Par. 6(a)) A3 Het opstellen van samengevatte financiële overzichten vereist van het management om de informatie vast te stellen die dient te worden weergegeven in de samengevatte financiële overzichten zodat deze in alle van materieel belang zijnde opzichten consistent zijn met dan wel een getrouwe samenvatting zijn van de gecontroleerde financiële overzichten. Omdat samengevatte financiële overzichten naar hun aard geaggregeerde informatie en beperkte toelichting bevatten, bestaat er een verhoogd risico dat zij niet de noodzakelijke informatie bevatten om onder de omstandigheden niet misleidend te zijn. Dit risico neemt toe wanneer er geen vastgestelde criteria bestaan voor het opstellen van samengevatte financiële overzichten. A4 Tot factoren die van invloed kunnen zijn op het bepalen door de accountant van de aanvaardbaarheid van de toegepaste criteria behoren: @@ -11245,9 +11245,9 @@ b. op duidelijke wijze beschrijven bij wie of waar de gecontroleerde financiële c. de toegepaste criteria op adequate wijze uiteenzetten; d. overeenkomen met of kunnen worden herberekend vanuit de daaraan gerelateerde informatie in de gecontroleerde financiële overzichten; alsmede e. in het licht van het doel van de samengevatte financiële overzichten, de noodzakelijke informatie bevatten alsmede zich op een geschikt aggregatieniveau bevinden zodat zij onder de gegeven omstandigheden niet misleidend zijn. -A7 Adequate uiteenzetting van het samengevatte karakter van de samengevatte financiële overzichten en de aanduiding van de gecontroleerde financiële overzichten, waarnaar wordt verwezen in paragraaf A6(a), kan worden verschaft door bijvoorbeeld een titel als *Samengevatte financiële overzichten opgesteld vanuit de gecontroleerde financiële overzichten van het jaar geëindigd op 31 december 20XX.* +A7 Adequate uiteenzetting van het samengevatte karakter van de samengevatte financiële overzichten en de aanduiding van de gecontroleerde financiële overzichten, waarnaar wordt verwezen in paragraaf A6(a), kan worden verschaft door bijvoorbeeld een titel als *Samengevatte financiële overzichten opgesteld vanuit de gecontroleerde financiële overzichten van het jaar geëindigd op 31 december 20XX.* -#### . Het evalueren van de beschikbaarheid van de gecontroleerde financiële overzichten (Zie Par. 8(g)) +#### . Het evalueren van de beschikbaarheid van de gecontroleerde financiële overzichten (Zie Par. 8(g)) A8 De evaluatie van de accountant of de gecontroleerde financiële overzichten zonder onnodige problemen beschikbaar zijn voor de beoogde gebruikers van de samengevatte financiële overzichten, wordt beïnvloed door factoren zoals: @@ -11255,11 +11255,11 @@ A8 De evaluatie van de accountant of de gecontroleerde financiële overzichten z • de vraag of de gecontroleerde financiële overzichten openbaar zijn gemaakt; of • de vraag of het management een proces heeft vastgesteld waardoor de beoogde gebruikers van de samengevatte financiële overzichten rechtstreekse toegang kunnen verkrijgen tot de gecontroleerde financiële overzichten. -#### . Vorm van het oordeel (Zie Par. 9) +#### . Vorm van het oordeel (Zie Par. 9) A9 Een conclusie gebaseerd op een evaluatie van de controle-informatie die is verkregen door het uitvoeren van de in paragraaf 8 genoemde werkzaamheden, dat een goedkeurend oordeel over de samengevatte financiële overzichten passend is, stelt de accountant in staat om een oordeel tot uitdrukking te brengen dat één van de bewoordingen uit paragraaf 9 bevat. De beslissing van de accountant over de vraag welke bewoordingen hij zal gebruiken, kan worden beïnvloed door algemeen aanvaard gebruik in het desbetreffende rechtsgebied. -#### . Timing van werkzaamheden en gebeurtenissen na de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten (Zie Par. 12) +#### . Timing van werkzaamheden en gebeurtenissen na de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten (Zie Par. 12) A10 De werkzaamheden die beschreven zijn in paragraaf 8 worden dikwijls uitgevoerd tijdens of direct na de controle van de financiële overzichten. Wanneer de accountant rapporteert betreffende de samengevatte financiële overzichten na het afronden van de controle van de financiële overzichten, wordt van de accountant niet vereist om aanvullende controle-informatie te verkrijgen over de gecontroleerde financiële overzichten, noch dat hij rapporteert betreffende de invloed van gebeurtenissen die plaatsvonden na de datum van de controleverklaring bij de gecontroleerde financiële overzichten, aangezien de samengevatte financiële overzichten zijn afgeleid van de gecontroleerde financiële overzichten en deze niet actualiseren. @@ -11267,23 +11267,23 @@ A10 De werkzaamheden die beschreven zijn in paragraaf 8 worden dikwijls uitgevoe ##### . Elementen van de controleverklaring -###### . Titel (Zie Par. 14(a)) +###### . Titel (Zie Par. 14(a)) A11 Een titel die aangeeft dat de verklaring de verklaring is van een onafhankelijke accountant, bijvoorbeeld, *Verklaring van de onafhankelijke accountant*, bevestigt dat de accountant heeft voldaan aan alle relevante ethische voorschriften met betrekking tot onafhankelijkheid. Dit onderscheidt de verklaring van de onafhankelijke accountant van door anderen uitgebrachte rapportages. -###### . Geadresseerde (Zie: Par. 14(b), 15) +###### . Geadresseerde (Zie: Par. 14(b), 15) A12 Tot factoren, die van invloed kunnen zijn op de evaluatie door de accountant van de juistheid van de geadresseerde van de samengevatte financiële overzichten, behoren de opdrachtvoorwaarden, de aard van de entiteit, alsmede het doel van de samengevatte financiële overzichten. -###### . Inleidende paragraaf (Zie Par. 14(c)(i)) +###### . Inleidende paragraaf (Zie Par. 14(c)(i)) A13 Wanneer de accountant zich ervan bewust is dat de samengevatte financiële overzichten zullen worden opgenomen in een document dat andere informatie bevat, kan de accountant overwegen, indien de presentatievorm dit toelaat, om de paginanummers te identificeren waarop de samengevatte financiële overzichten worden weergegeven. Dit ondersteunt lezers bij het identificeren van de samengevatte financiële overzichten waarop de controleverklaring betrekking heeft. -###### . Datum van de controleverklaring (Zie Par. 14(h), 16) +###### . Datum van de controleverklaring (Zie Par. 14(h), 16) A14 De persoon of personen met erkende bevoegdheid om te concluderen dat de samengevatte financiële overzichten zijn opgesteld en daarvoor verantwoordelijkheid te nemen, hangt/hangen af van de opdrachtvoorwaarden, de aard van de entiteit en het doel van de samengevatte financiële overzichten. -###### . Voorbeelden (Zie Par. 14, 17–19) +###### . Voorbeelden (Zie Par. 14, 17–19) A15 De bijlage bij deze Standaard bevat voorbeelden van controleverklaringen betreffende samengevatte financiële overzichten die: @@ -11291,12 +11291,12 @@ a. goedkeurende oordelen bevatten; b. zijn afgeleid van gecontroleerde financiële overzichten waarbij de accountant aangepaste oordelen heeft uitgebracht; alsmede c. een aangepast oordeel bevatten. -#### . Vergelijkende cijfers (Zie Par. 21–22) +#### . Vergelijkende cijfers (Zie Par. 21–22) A16 Indien de gecontroleerde financiële overzichten vergelijkende cijfers bevatten, is er sprake van een veronderstelling dat de samengevatte financiële overzichten eveneens vergelijkende cijfers zouden bevatten. Vergelijkende cijfers in de gecontroleerde financiële overzichten kunnen worden beschouwd als vergelijkende cijfers dan wel als ter vergelijking opgenomen financiële informatie. Standaard 710 beschrijft hoe dit verschil van invloed is op de controleverklaring betreffende de financiële overzichten, met inbegrip van met name verwijzing naar andere accountants die de financiële overzichten over de voorgaande periode hebben gecontroleerd. A17 Omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de bepaling van de accountant of een omissie van vergelijkende cijfers redelijk is, omvatten de aard en het doel van de samengevatte financiële overzichten, de toegepaste criteria, alsmede de informatiebehoeften van de beoogde gebruikers van de samengevatte financiële overzichten. -#### . Niet gecontroleerde aanvullende informatie die wordt gepresenteerd samen met samengevatte financiële overzichten (Zie Par. 23) +#### . Niet gecontroleerde aanvullende informatie die wordt gepresenteerd samen met samengevatte financiële overzichten (Zie Par. 23) A18 Standaard 700 @@ -11304,7 +11304,7 @@ A18 Standaard 700 Standaard 700, *Het vormen van een oordeel en rapporteren over financiële overzichten*, paragraaf 46 en 47. bevat vereisten en leidraden die moeten worden toegepast wanneer niet gecontroleerde aanvullende informatie wordt gepresenteerd samen met gecontroleerde financiële overzichten die, aangepast voor zover noodzakelijk in de gegeven omstandigheden, van dienst kunnen zijn bij het toepassen van de vereiste in paragraaf 23. -#### . Andere informatie in documenten die samengevatte financiële overzichten bevatten (Zie Par. 24) +#### . Andere informatie in documenten die samengevatte financiële overzichten bevatten (Zie Par. 24) A19 Standaard 720 @@ -11312,11 +11312,11 @@ A19 Standaard 720 Standaard 720, *De verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot andere informatie in documenten waarin gecontroleerde financiële overzichten zijn opgenomen.* bevat vereisten en leidraden met betrekking tot het lezen van andere informatie die is opgenomen in een document dat de gecontroleerde financiële overzichten en de daarop betrekking hebbende controleverklaring bevat, alsmede vereisten en leidraden die inspelen op van materieel belang zijnde inconsistenties en van materieel belang zijnde daadwerkelijke afwijkingen. Aangepast voor zover noodzakelijk in de gegeven omstandigheden, kunnen deze van dienst zijn bij het toepassen van de vereisten uit paragraaf 24. -#### . Associëren van de accountant (Zie Par. 25– ) +#### . Associëren van de accountant (Zie Par. 25– ) A20 Tot andere passende acties die de accountant kan ondernemen wanneer het management niet de actie onderneemt waartoe is verzocht, kunnen behoren het informeren van de beoogde gebruikers en overige bekende derde gebruikers over de ongepaste verwijzing naar de accountant. De handelwijze van de accountant hangt af van de wettelijke rechten en verplichtingen van de accountant. Derhalve kan de accountant het passend achten om juridisch advies in te winnen. -### . Voorbeelden van verklaringen betreffende samengevatte financiële overzichten (Zie Par. A15) +### . Voorbeelden van verklaringen betreffende samengevatte financiële overzichten (Zie Par. A15) Voor voorbeeldteksten van verklaringen betreffende samengevatte financiële overzichten wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -11326,20 +11326,20 @@ Voor voorbeeldteksten van verklaringen betreffende samengevatte financiële over #### . Toepassingsgebied van deze Standaard -1 Deze Standaard voor beoordelingsopdrachten behandelt het volgende: (Zie Par. A1) +1 Deze Standaard voor beoordelingsopdrachten behandelt het volgende: (Zie Par. A1) a. de verantwoordelijkheden van de accountant wanneer deze is ingeschakeld om een beoordeling van financiële overzichten uit te voeren, wanneer de accountant niet betrokken is bij de controle van de financiële overzichten van de entiteit; en b. de vorm en inhoud van de beoordelingsverklaring bij de financiële overzichten. -2 Deze Standaard behandelt niet een beoordeling van financiële overzichten of van tussentijdse financiële informatie van een entiteit door een accountant die als de onafhankelijke accountant betrokken is bij de controle van de financiële overzichten van de entiteit. (Zie Par. A2) +2 Deze Standaard behandelt niet een beoordeling van financiële overzichten of van tussentijdse financiële informatie van een entiteit door een accountant die als de onafhankelijke accountant betrokken is bij de controle van de financiële overzichten van de entiteit. (Zie Par. A2) 3 Deze Standaard moet worden toegepast, voor zover noodzakelijk aangepast, op beoordelingen van andere historische financiële informatie. Opdrachten met een beperkte mate van zekerheid anders dan beoordelingen van historische financiële informatie worden onder Standaard 3000 uitgevoerd559Standaard 3000, *Assurance-opdrachten anders dan opdrachten tot controle of beoordeling van historische financiële informatie.*. ##### . Relatie met de regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing -4 Kwaliteitsbeheersingssystemen, beleidslijnen en procedures vallen onder de verantwoordelijkheid van het kantoor. Regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing is van toepassing op accountantskantoren met betrekking tot opdrachten van een kantoor tot het beoordelen van financiële informatie560De *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten (NVAK assurance)*, artikel 4.. De bepalingen van deze Standaard met betrekking tot kwaliteitsbeheersing op het niveau van individuele beoordelingsopdrachten hanteren als uitgangspunt dat het kantoor onderhevig is aan de NVAK assurance (Zie Par. A3, A4 en A5) +4 Kwaliteitsbeheersingssystemen, beleidslijnen en procedures vallen onder de verantwoordelijkheid van het kantoor. Regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing is van toepassing op accountantskantoren met betrekking tot opdrachten van een kantoor tot het beoordelen van financiële informatie560De *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten (NVAK assurance)*, artikel 4.. De bepalingen van deze Standaard met betrekking tot kwaliteitsbeheersing op het niveau van individuele beoordelingsopdrachten hanteren als uitgangspunt dat het kantoor onderhevig is aan de NVAK assurance (Zie Par. A3, A4 en A5) #### . De opdracht tot het beoordelen van financiële overzichten -5 Het beoordelen van financiële overzichten is een opdracht met een beperkte mate van zekerheid, zoals beschreven in *Het Stramien voor Assurance-opdrachten* (het Stramien).561*Het Stramien*, paragraaf 7 en 11. (Zie Par. A6 en A7) +5 Het beoordelen van financiële overzichten is een opdracht met een beperkte mate van zekerheid, zoals beschreven in *Het Stramien voor Assurance-opdrachten* (het Stramien).561*Het Stramien*, paragraaf 7 en 11. (Zie Par. A6 en A7) 6 Bij een beoordeling van financiële overzichten brengt de accountant een conclusie tot uitdrukking met als doel om de mate van vertrouwen van de beoogde gebruikers, met betrekking tot het opstellen van de financiële overzichten van een entiteit in overeenstemming met een van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving, te versterken. De conclusie van de accountant is gebaseerd op het feit dat de accountant een beperkte mate van zekerheid verkrijgt. De beoordelingsverklaring omvat een beschrijving van de aard van een beoordelingsopdracht als context voor de lezers van de verklaring om de conclusie te begrijpen. 7 De accountant verzoekt voornamelijk om inlichtingen en voert cijferanalyses uit om voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen. Deze informatie vormt de basis voor een conclusie over de financiële overzichten als geheel, die in overeenstemming met de vereisten van deze Standaard tot uitdrukking wordt gebracht. 8 Indien de accountant zich bewust wordt van een aangelegenheid die hem ertoe brengt te veronderstellen dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang kunnen bevatten, zet de accountant aanvullende werkzaamheden op en voert hij deze uit. De accountant doet dit voor zover hij dit in de situatie noodzakelijk acht, om in staat te zijn overeenkomstig deze Standaard een conclusie te vormen over de financiële overzichten. @@ -11364,11 +11364,11 @@ b. te rapporteren over de financiële overzichten als geheel en om te communicer 15 In alle gevallen waar er geen beperkte mate van zekerheid kan worden verkregen en een conclusie met beperking in de beoordelingsverklaring in de omstandigheden onvoldoende is, vereist deze Standaard dat de accountant: • een onthouding van een conclusie formuleert in de uitgebrachte verklaring; of -• indien van toepassing, de opdracht teruggeeft indien teruggave onder van toepassing zijnde wet- of regelgeving mogelijk is. (Zie Par. A8, A9 en A10, A115 en A116) +• indien van toepassing, de opdracht teruggeeft indien teruggave onder van toepassing zijnde wet- of regelgeving mogelijk is. (Zie Par. A8, A9 en A10, A115 en A116) ### . Definities -16 De begrippenlijst562Zie Begrippenlijst. omvat de termen die in deze Standaard worden gedefinieerd en omvat tevens beschrijvingen van andere termen uit deze Standaard als hulpmiddel bij een consistente toepassing en interpretatie. De termen ‘management’ en ‘de met governance belaste personen’ worden bijvoorbeeld in deze Standaard gebruikt zoals ze in de begrippenlijst gedefinieerd zijn. (Zie Par. A11 en A12) +16 De begrippenlijst562Zie Begrippenlijst. omvat de termen die in deze Standaard worden gedefinieerd en omvat tevens beschrijvingen van andere termen uit deze Standaard als hulpmiddel bij een consistente toepassing en interpretatie. De termen ‘management’ en ‘de met governance belaste personen’ worden bijvoorbeeld in deze Standaard gebruikt zoals ze in de begrippenlijst gedefinieerd zijn. (Zie Par. A11 en A12) 17 In het kader van deze Standaard hebben de volgende termen de hierna weergegeven betekenissen: a. *cijferanalyses* – Evaluaties van financiële informatie door analyse van plausibele relaties tussen zowel financiële als niet-financiële gegevens. Voor zover noodzakelijk worden bij cijferanalyses tevens geïdentificeerde fluctuaties of relaties onderzocht die inconsistent zijn met andere relevante informatie of die significant verschillen van de verwachte waarden; @@ -11376,7 +11376,7 @@ b. *opdrachtrisico* – Het risico dat de accountant een niet-passende conclusie c. *financiële overzichten voor algemene doeleinden* – Financiële overzichten die zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor algemene doeleinden; d. *stelsel voor algemene doeleinden* – Een stelsel inzake financiële verslaggeving opgesteld om te voorzien in de gemeenschappelijke financiële behoefte van een brede groep gebruikers. Het stelsel inzake financiële verslaggeving kan een getrouw beeld stelsel zijn, of een compliance-stelsel; e. *verzoek om inlichtingen* – Een verzoek om inlichtingen bestaat uit het zoeken naar informatie van goed ingelichte personen binnen of buiten de entiteit; -f. *beperkte mate van zekerheid* – Het niveau van zekerheid dat is verkregen waar het opdrachtrisico naar een niveau is teruggebracht dat in de omstandigheden van de opdracht aanvaardbaar is, maar waar dat risico groter is dan bij een opdracht met een redelijke mate van zekerheid, als de basis voor het tot uitdrukking brengen van een conclusie overeenkomstig deze Standaard. De combinatie van de aard, timing en omvang van werkzaamheden voor het verzamelen van assurance-informatie is voor de accountant tenminste voldoende om een zinvol niveau van zekerheid te verkrijgen. Om zinvol te kunnen zijn, zal het niveau van zekerheid dat door de accountant is verkregen waarschijnlijk het vertrouwen van de beoogde gebruikers van de financiële overzichten versterken; (Zie Par. A13) +f. *beperkte mate van zekerheid* – Het niveau van zekerheid dat is verkregen waar het opdrachtrisico naar een niveau is teruggebracht dat in de omstandigheden van de opdracht aanvaardbaar is, maar waar dat risico groter is dan bij een opdracht met een redelijke mate van zekerheid, als de basis voor het tot uitdrukking brengen van een conclusie overeenkomstig deze Standaard. De combinatie van de aard, timing en omvang van werkzaamheden voor het verzamelen van assurance-informatie is voor de accountant tenminste voldoende om een zinvol niveau van zekerheid te verkrijgen. Om zinvol te kunnen zijn, zal het niveau van zekerheid dat door de accountant is verkregen waarschijnlijk het vertrouwen van de beoogde gebruikers van de financiële overzichten versterken; (Zie Par. A13) g. *accountant* – De term omvat de opdrachtpartner of andere leden van het opdrachtteam, of, naar gelang van toepassing, het kantoor. Wanneer deze Standaard uitdrukkelijk bedoelt dat een vereiste of verantwoordelijkheid door de opdrachtpartner moet worden vervuld, wordt de term ‘opdrachtpartner’ in plaats van term ‘accountant’ gebruikt. ‘Opdrachtpartner’ en ‘kantoor’ moeten worden gelezen als verwijzende naar de termen die in de publieke sector als hun equivalent daarvan worden gebruikt, wanneer dit relevant is; h. *professionele oordeelsvorming* – Het toepassen van relevante training, kennis en ervaring, binnen de context die door assurance-, financiële verslaggevings- en ethische standaarden worden verschaft, bij het maken van geïnformeerde beslissingen over de handelswijzen die in de omstandigheden van de beoordelingsopdracht passend zijn; i. *relevante ethische voorschriften* – Ethische voorschriften waaraan het opdrachtteam onderhevig is bij het uitvoeren van beoordelingsopdrachten. Deze voorschriften omvatten doorgaans de Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants (VGBA), samen met de nationale vereisten die stringenter zijn; @@ -11393,7 +11393,7 @@ n. *compliance-stelsel* – De term ‘compliance-stelsel’ wordt gebruikt om t #### . Het uitvoeren van een beoordelingsopdracht overeenkomstig deze Standaard -18 De accountant dient inzicht te hebben in de gehele tekst van deze Standaard, inclusief de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten om de doelstellingen van de Standaard te begrijpen en de vereisten naar behoren toe te passen. (Zie Par. A14) +18 De accountant dient inzicht te hebben in de gehele tekst van deze Standaard, inclusief de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten om de doelstellingen van de Standaard te begrijpen en de vereisten naar behoren toe te passen. (Zie Par. A14) ##### . Het naleven van relevante vereisten @@ -11402,24 +11402,24 @@ n. *compliance-stelsel* – De term ‘compliance-stelsel’ wordt gebruikt om t #### . Ethische voorschriften -21 De accountant dient alle relevante ethische voorschriften na te leven, inclusief de vereisten die betrekking hebben op onafhankelijkheid. (Zie Par. A15 en A16) +21 De accountant dient alle relevante ethische voorschriften na te leven, inclusief de vereisten die betrekking hebben op onafhankelijkheid. (Zie Par. A15 en A16) #### . Professioneel-kritische instelling en professionele oordeelsvorming -22 De accountant dient de opdracht met een professioneel-kritische instelling te plannen en uit te voeren. Hij dient daarbij te erkennen dat er omstandigheden kunnen zijn die ertoe leiden dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten. (Zie Par. A17, A18, A19 en A20) -23 De accountant dient professionele oordeelsvorming toe te passen bij het uitvoeren van een beoordelingsopdracht. (Zie Par. A21, A22, A23, A24 en A25) +22 De accountant dient de opdracht met een professioneel-kritische instelling te plannen en uit te voeren. Hij dient daarbij te erkennen dat er omstandigheden kunnen zijn die ertoe leiden dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang bevatten. (Zie Par. A17, A18, A19 en A20) +23 De accountant dient professionele oordeelsvorming toe te passen bij het uitvoeren van een beoordelingsopdracht. (Zie Par. A21, A22, A23, A24 en A25) #### . Kwaliteitsbeheersing op het niveau van de opdracht -24 De opdrachtpartner dient te beschikken over competentie op het gebied van assurance-vaardigheden en -technieken en op het gebied van financiële verslaggeving, die passend zijn in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A26) -25 De opdrachtpartner dient verantwoordelijkheid te nemen voor: (Zie Par. A27, A28, A29 en A30) +24 De opdrachtpartner dient te beschikken over competentie op het gebied van assurance-vaardigheden en -technieken en op het gebied van financiële verslaggeving, die passend zijn in de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A26) +25 De opdrachtpartner dient verantwoordelijkheid te nemen voor: (Zie Par. A27, A28, A29 en A30) a. de algehele kwaliteit van iedere beoordelingsopdracht die aan de partner is toegewezen; -b. de aansturing van, het toezicht op en het plannen en uitvoeren van de beoordelingsopdracht in overeenstemming met professionele standaarden en de van toepassing zijnde vereisten vanuit wet- en regelgeving; (Zie Par. A31) +b. de aansturing van, het toezicht op en het plannen en uitvoeren van de beoordelingsopdracht in overeenstemming met professionele standaarden en de van toepassing zijnde vereisten vanuit wet- en regelgeving; (Zie Par. A31) c. de geschiktheid van de beoordelingsverklaring onder de gegeven omstandigheden; en d. de uitvoering van de opdracht in overeenstemming met de beleidslijnen inzake kwaliteitsbeheersing van het kantoor, inclusief het volgende: -1. zich ervan vergewissen dat geschikte procedures met betrekking tot de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en opdrachten zijn gevolgd, en dat getrokken conclusies passend zijn. Hierbij is de overweging inbegrepen of er informatie is die ertoe zou kunnen leiden dat de opdrachtpartner concludeert dat het bij het management ontbreekt aan integriteit; (Zie Par. A32 en A33) +1. zich ervan vergewissen dat geschikte procedures met betrekking tot de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en opdrachten zijn gevolgd, en dat getrokken conclusies passend zijn. Hierbij is de overweging inbegrepen of er informatie is die ertoe zou kunnen leiden dat de opdrachtpartner concludeert dat het bij het management ontbreekt aan integriteit; (Zie Par. A32 en A33) 2. zich ervan vergewissen dat het opdrachtteam gezamenlijk over de gepaste competentie en capaciteiten beschikt, inclusief assurance-vaardigheden en -technieken en deskundigheid in financiële verslaggeving, om: a. de beoordelingsopdracht overeenkomstig professionele standaarden en de van toepassing zijnde vereisten vanuit wet- en regelgeving uit te voeren; en @@ -11442,23 +11442,23 @@ b. een verklaring mogelijk te maken die onder de gegeven omstandigheden passend ##### . Factoren die de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en beoordelingsopdrachten beïnvloeden -29 Tenzij op grond van wet- of regelgeving vereist, dient de accountant een beoordelingsopdracht niet te aanvaarden indien: (Zie Par. A34 en A35) +29 Tenzij op grond van wet- of regelgeving vereist, dient de accountant een beoordelingsopdracht niet te aanvaarden indien: (Zie Par. A34 en A35) a. de accountant zich er niet van heeft kunnen vergewissen: -1. *dat er sprake is van een rationeel doel voor de opdracht; of (Zie Par. A36)* -2. *dat een beoordelingsopdracht in de omstandigheden passend zou zijn. (Zie Par. A37)* +1. *dat er sprake is van een rationeel doel voor de opdracht; of (Zie Par. A36)* +2. *dat een beoordelingsopdracht in de omstandigheden passend zou zijn. (Zie Par. A37)* b. *de ac*countant reden heeft om aan te nemen dat er aan de relevante ethische voorschriften, inclusief onafhankelijkheid, niet zal worden voldaan; -c. de eerste inschatting van de accountant aangaande de omstandigheden van de opdracht aanwijst dat de informatie die nodig is om de beoordelingsopdracht uit te kunnen voeren waarschijnlijk niet beschikbaar of onbetrouwbaar is; (Zie Par. A38) -d. de accountant redenen heeft om de integriteit van het management zodanig in twijfel te trekken dat het waarschijnlijk een goede uitvoering van de beoordeling zal beïnvloeden; of (Zie Par. A37(b)) +c. de eerste inschatting van de accountant aangaande de omstandigheden van de opdracht aanwijst dat de informatie die nodig is om de beoordelingsopdracht uit te kunnen voeren waarschijnlijk niet beschikbaar of onbetrouwbaar is; (Zie Par. A38) +d. de accountant redenen heeft om de integriteit van het management zodanig in twijfel te trekken dat het waarschijnlijk een goede uitvoering van de beoordeling zal beïnvloeden; of (Zie Par. A37(b)) e. het management of de met governance belaste personen een beperking opleggen in de reikwijdte van de werkzaamheden van de accountant in de voorwaarden van een voorgestelde beoordelingsopdracht. Dit in zodanige mate dat de accountant veronderstelt dat die beperking erin zal resulteren dat de accountant een onthouding van een conclusie over de financiële overzichten zal formuleren. ##### . Randvoorwaarden voor het aanvaarden van een beoordelingsopdracht -30 Voorafgaand aan het aanvaarden van een beoordelingsopdracht dient de accountant: (Zie Par. A39) +30 Voorafgaand aan het aanvaarden van een beoordelingsopdracht dient de accountant: (Zie Par. A39) -a. te bepalen of het stelsel inzake financiële verslaggeving dat wordt toegepast bij het opstellen van de financiële overzichten aanvaardbaar is. Dit is inclusief, in het geval van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden, het verwerven van inzicht in het doel waarvoor de financiële overzichten zijn opgesteld en in de beoogde gebruikers; en (Zie Par. A40, A41, A42, A43, A44, A45 en A46) -b. de overeenstemming van het management te verkrijgen dat het zijn verantwoordelijkheid erkent en begrijpt: (Zie Par. A47, A48, A49 en A50) +a. te bepalen of het stelsel inzake financiële verslaggeving dat wordt toegepast bij het opstellen van de financiële overzichten aanvaardbaar is. Dit is inclusief, in het geval van financiële overzichten voor bijzondere doeleinden, het verwerven van inzicht in het doel waarvoor de financiële overzichten zijn opgesteld en in de beoogde gebruikers; en (Zie Par. A40, A41, A42, A43, A44, A45 en A46) +b. de overeenstemming van het management te verkrijgen dat het zijn verantwoordelijkheid erkent en begrijpt: (Zie Par. A47, A48, A49 en A50) 1. voor het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, inclusief de getrouwe weergave ervan, indien relevant; 2. voor een zodanige interne beheersing die het management noodzakelijk acht om het opstellen van de financiële overzichten mogelijk te maken die geen afwijking van materieel belang bevatten die het gevolg is van fraude of van fouten; @@ -11477,47 +11477,47 @@ c. of, en zo ja, hoe de aangelegenheid in de beoordelingsverklaring moet worden ##### . Aanvullende overwegingen wanneer de formulering van de beoordelingsverklaring door wet- of regelgeving wordt voorgeschreven 33 De beoordelingsverklaring die voor de beoordelingsopdracht wordt uitgebracht, verwijst alleen naar deze Standaard indien de verklaring voldoet aan de vereisten van paragraaf 86. -34 In sommige gevallen, wanneer de beoordeling wordt uitgevoerd conform van toepassing zijnde wet- of regelgeving van een rechtsgebied, kan relevante wet- of regelgeving de lay-out of de formulering van de beoordelingsverklaring voorschrijven in een vorm of in termen die significant afwijken van de vereisten in deze Standaard. In die gevallen dient de accountant te evalueren of gebruikers de zekerheid die door de beoordeling van de financiële overzichten wordt verkregen verkeerd kunnen begrijpen en, zo ja, of aanvullende informatie in de beoordelingsverklaring mogelijke misverstanden kan beperken. (Zie Par. A51 en A142) -35 Indien de accountant concludeert dat een aanvullende uitleg in de beoordelingsverklaring mogelijke misverstanden niet kan beperken, dient de accountant de beoordelingsopdracht niet te aanvaarden tenzij dit op grond van wet- of regelgeving is vereist. Een beoordeling die wordt uitgevoerd in overeenstemming met dergelijke wet- of regelgeving voldoet niet aan deze Standaard. Derhalve dient de accountant in de beoordelingsverklaring geen verwijzingen op te nemen dat de beoordeling overeenkomstig deze Standaard is uitgevoerd. (Zie Par. A51 en A142) +34 In sommige gevallen, wanneer de beoordeling wordt uitgevoerd conform van toepassing zijnde wet- of regelgeving van een rechtsgebied, kan relevante wet- of regelgeving de lay-out of de formulering van de beoordelingsverklaring voorschrijven in een vorm of in termen die significant afwijken van de vereisten in deze Standaard. In die gevallen dient de accountant te evalueren of gebruikers de zekerheid die door de beoordeling van de financiële overzichten wordt verkregen verkeerd kunnen begrijpen en, zo ja, of aanvullende informatie in de beoordelingsverklaring mogelijke misverstanden kan beperken. (Zie Par. A51 en A142) +35 Indien de accountant concludeert dat een aanvullende uitleg in de beoordelingsverklaring mogelijke misverstanden niet kan beperken, dient de accountant de beoordelingsopdracht niet te aanvaarden tenzij dit op grond van wet- of regelgeving is vereist. Een beoordeling die wordt uitgevoerd in overeenstemming met dergelijke wet- of regelgeving voldoet niet aan deze Standaard. Derhalve dient de accountant in de beoordelingsverklaring geen verwijzingen op te nemen dat de beoordeling overeenkomstig deze Standaard is uitgevoerd. (Zie Par. A51 en A142) ##### . Het overeenkomen van de opdrachtvoorwaarden 36 Voorafgaand aan het uitvoeren van de opdracht dient de accountant de opdrachtvoorwaarden overeen te komen met het management of met de met governance belaste personen, in voorkomend geval. -37 De overeengekomen opdrachtvoorwaarden dienen te worden vastgelegd in een opdrachtbevestiging of in een andere geschikte schriftelijke overeenkomst, en dient het volgende te omvatten: (Zie Par. A52, A53, A54 en A56) +37 De overeengekomen opdrachtvoorwaarden dienen te worden vastgelegd in een opdrachtbevestiging of in een andere geschikte schriftelijke overeenkomst, en dient het volgende te omvatten: (Zie Par. A52, A53, A54 en A56) a. het beoogd gebruik en verspreiding van de financiële overzichten en, voor zover van toepassing, eventuele beperkingen betreffende het gebruik of de verspreiding ervan; b. identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; c. de doelstelling en reikwijdte van de beoordelingsopdracht; d. de verantwoordelijkheden van de accountant; -e. de verantwoordelijkheden van het management, inclusief die in paragraaf 30(b); (Zie Par. A47, A48, A49, A50 en A55) +e. de verantwoordelijkheden van het management, inclusief die in paragraaf 30(b); (Zie Par. A47, A48, A49, A50 en A55) f. een vermelding dat de opdracht geen controle betreft en dat de accountant geen controleoordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking zal brengen; en g. een verwijzing naar de verwachte vorm en inhoud van de verklaring die door de accountant zal worden uitgebracht en een vermelding dat er omstandigheden kunnen zijn waardoor de verklaring kan afwijken van zijn verwachte vorm en inhoud. ###### . Doorlopende opdrachten -38 Bij doorlopende beoordelingsopdrachten dient de accountant te evalueren of er omstandigheden zijn die vereisen dat de opdrachtvoorwaarden worden herzien. Dit met inbegrip van veranderingen in de overwegingen inzake de opdrachtaanvaarding. Tevens dient de accountant te evalueren of de noodzaak bestaat om het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden. (Zie Par. A57) +38 Bij doorlopende beoordelingsopdrachten dient de accountant te evalueren of er omstandigheden zijn die vereisen dat de opdrachtvoorwaarden worden herzien. Dit met inbegrip van veranderingen in de overwegingen inzake de opdrachtaanvaarding. Tevens dient de accountant te evalueren of de noodzaak bestaat om het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden. (Zie Par. A57) ##### . Aanvaarding van een wijziging in de voorwaarden van de beoordelingsopdracht -39 De accountant dient niet in te stemmen met een verandering in de opdrachtvoorwaarden indien er geen redelijke rechtvaardiging voor deze verandering bestaat. (Zie Par. A58, A59 en A60) -40 Indien de accountant, voorafgaand aan het voltooien van de beoordelingsopdracht, wordt verzocht om de opdracht te veranderen in een opdracht waarbij geen zekerheid wordt verschaft, dient de accountant te bepalen of er een redelijke rechtvaardiging bestaat om dit te doen. (Zie Par. A61 en A62) +39 De accountant dient niet in te stemmen met een verandering in de opdrachtvoorwaarden indien er geen redelijke rechtvaardiging voor deze verandering bestaat. (Zie Par. A58, A59 en A60) +40 Indien de accountant, voorafgaand aan het voltooien van de beoordelingsopdracht, wordt verzocht om de opdracht te veranderen in een opdracht waarbij geen zekerheid wordt verschaft, dient de accountant te bepalen of er een redelijke rechtvaardiging bestaat om dit te doen. (Zie Par. A61 en A62) 41 Indien de opdrachtvoorwaarden wijzigen tijdens de opdracht dienen de accountant en het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, nieuwe opdrachtvoorwaarden overeen te komen en vast te leggen in een opdrachtbevestiging of in een andere geschikte schriftelijke overeenkomst. #### . Communicatie met het management en de met governance belaste personen -42 De accountant dient met het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, tijdens de beoordelingsopdracht tijdig aangelegenheden betreffende de beoordelingsopdracht te communiceren. Dit betreft de aangelegenheden die op grond van professionele oordeelsvorming van de accountant, belangrijk genoeg zijn om de aandacht van het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, te verdienen. (Zie Par. A63, A64, A65, A66, A67, A68 en A69) +42 De accountant dient met het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, tijdens de beoordelingsopdracht tijdig aangelegenheden betreffende de beoordelingsopdracht te communiceren. Dit betreft de aangelegenheden die op grond van professionele oordeelsvorming van de accountant, belangrijk genoeg zijn om de aandacht van het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, te verdienen. (Zie Par. A63, A64, A65, A66, A67, A68 en A69) #### . Het uitvoeren van de opdracht ##### . Materialiteit in een beoordeling van financiële overzichten -43 De accountant dient de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel te bepalen en deze materialiteit toe te passen bij het opzetten van de werkzaamheden en bij het evalueren van de resultaten die vanuit die werkzaamheden zijn verkregen. (Zie Par. A70, A71, A72 en A73) -44 De accountant dient de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel te herzien wanneer hij zich gedurende de beoordeling bewust wordt van informatie die ertoe zou hebben geleid om aanvankelijk een ander bedrag te bepalen. (Zie Par. A74) +43 De accountant dient de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel te bepalen en deze materialiteit toe te passen bij het opzetten van de werkzaamheden en bij het evalueren van de resultaten die vanuit die werkzaamheden zijn verkregen. (Zie Par. A70, A71, A72 en A73) +44 De accountant dient de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel te herzien wanneer hij zich gedurende de beoordeling bewust wordt van informatie die ertoe zou hebben geleid om aanvankelijk een ander bedrag te bepalen. (Zie Par. A74) ##### . Het inzicht van de accountant -45 De accountant dient inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving, en in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, om gebieden in de financiële overzichten te kunnen identificeren waar zich waarschijnlijk afwijkingen van materieel belang voor zullen doen. Daarmee verschaft hij zich een basis voor het opzetten van werkzaamheden om op die gebieden in te spelen. (Zie Par. A75, A76 en A77) -46 Het inzicht van de accountant dient het volgende te bevatten: (Zie Par. A78, A87 en A89) +45 De accountant dient inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving, en in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, om gebieden in de financiële overzichten te kunnen identificeren waar zich waarschijnlijk afwijkingen van materieel belang voor zullen doen. Daarmee verschaft hij zich een basis voor het opzetten van werkzaamheden om op die gebieden in te spelen. (Zie Par. A75, A76 en A77) +46 Het inzicht van de accountant dient het volgende te bevatten: (Zie Par. A78, A87 en A89) a. relevante sector, regelgevende en andere externe factoren, inclusief het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; b. de aard van de entiteit, inclusief: @@ -11532,11 +11532,11 @@ d. de keuze en toepassing door de entiteit van grondslagen voor financiële vers ##### . Het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden -47 Bij het verkrijgen van voldoende en geschikte assurance-informatie als basis voor een conclusie over de financiële overzichten als geheel, dient de accountant cijferanalyses op te zetten en uit te voeren en te verzoeken om inlichtingen: (Zie Par. A79, A80, A81, A82, A83, A87 en A89) +47 Bij het verkrijgen van voldoende en geschikte assurance-informatie als basis voor een conclusie over de financiële overzichten als geheel, dient de accountant cijferanalyses op te zetten en uit te voeren en te verzoeken om inlichtingen: (Zie Par. A79, A80, A81, A82, A83, A87 en A89) a. om in te spelen op alle elementen die van materieel belang zijn in de financiële overzichten, inclusief toelichtingen; en b. om zich te richten op het inspelen op gebieden in de financiële overzichten waar het waarschijnlijk is dat afwijkingen van materieel belang zich voor zullen doen. -48 De verzoeken om inlichtingen door de accountant bij het management en anderen binnen de entiteit, in voorkomend geval, dienen het volgende te omvatten: (Zie Par. A84, A85, A86 en A87) +48 De verzoeken om inlichtingen door de accountant bij het management en anderen binnen de entiteit, in voorkomend geval, dienen het volgende te omvatten: (Zie Par. A84, A85, A86 en A87) a. de wijze waarop het management significante schattingen maakt die onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving vereist zijn; b. het identificeren van verbonden partijen en transacties met verbonden partijen, inclusief het doel van die transacties; @@ -11553,11 +11553,11 @@ d. het bestaan van feitelijke, vermoede of vermeende: 1. fraude of illegale handelingen die de entiteit beïnvloeden; en 2. het niet-naleven van bepalingen van wet- of regelgeving die in het algemeen geacht worden van directe invloed te zijn op de vaststelling van bedragen en toelichtingen in de financiële overzichten die van materieel belang zijn. Zoals wet- en regelgeving op het gebied van belastingen en pensioenen. e. of het management gebeurtenissen heeft geïdentificeerd en geadresseerd die zich voordoen tussen de datum van de financiële overzichten en de datum van de beoordelingsverklaring waarvoor een aanpassing van of een toelichting in de financiële overzichten is vereist; -f. de basis voor de inschatting van het management met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven; (Zie Par. A88) +f. de basis voor de inschatting van het management met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven; (Zie Par. A88) g. of er gebeurtenissen of omstandigheden zijn die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven; h. verbintenissen, contractuele verplichtingen of voorwaardelijke gebeurtenissen die van materieel belang zijn en die de financiële overzichten van de entiteit inclusief toelichtingen beïnvloeden of hebben beïnvloed; en i. niet-monetaire transacties of transacties zonder tegenprestatie die van materieel belang zijn gedurende de financiële verslaggevingsperiode. -49 Bij het opzetten van cijferanalyses dient de accountant te overwegen of de gegevens uit de administratieve systemen en de administratie van de entiteit adequaat zijn voor het doel van het uitvoeren van cijferanalyses. (Zie Par. A89, A90 en A91) +49 Bij het opzetten van cijferanalyses dient de accountant te overwegen of de gegevens uit de administratieve systemen en de administratie van de entiteit adequaat zijn voor het doel van het uitvoeren van cijferanalyses. (Zie Par. A89, A90 en A91) ###### . Werkzaamheden om op specifieke omstandigheden in te spelen @@ -11577,12 +11577,12 @@ c. de zakelijke redenen (of het gebrek daaraan) van die transacties. a. de aangelegenheid te communiceren aan het gepaste niveau van senior management of de met governance belaste personen in voorkomend geval; b. te verzoeken om een inschatting van het management van de eventuele effecten op de financiële overzichten; c. het eventuele effect van de inschatting van het management van de effecten van fraude of het niet-naleven van wet- of regelgeving die aan de accountant zijn gecommuniceerd in overweging te nemen in relatie tot de conclusie van de accountant over de financiële overzichten en in relatie tot de beoordelingsverklaring; en -d. te bepalen of hij de verplichting heeft om het bestaan of het vermoeden van fraude of illegale handelingen aan een instantie buiten de entiteit te rapporteren. (Zie Par. A92) +d. te bepalen of hij de verplichting heeft om het bestaan of het vermoeden van fraude of illegale handelingen aan een instantie buiten de entiteit te rapporteren. (Zie Par. A92) ###### . Continuïteit 53 Een beoordeling van de financiële overzichten omvat het in overweging nemen van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven. Bij het in overweging nemen van de inschatting van het management van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven dient de accountant dezelfde periode te omvatten als de periode die het management heeft gehanteerd om zijn inschatting te maken zoals vereist door het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, of door wet- of regelgeving indien een langere periode gespecificeerd wordt. -54 Indien, tijdens het uitvoeren van de beoordeling, de accountant zich bewust wordt van gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, dient de accountant: (Zie Par. A93) +54 Indien, tijdens het uitvoeren van de beoordeling, de accountant zich bewust wordt van gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, dient de accountant: (Zie Par. A93) a. bij het management te verzoeken om inlichtingen omtrent plannen voor toekomstige handelingen die invloed hebben op de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, de haalbaarheid van die plannen en of het management veronderstelt dat de uitkomsten van die plannen de situatie met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven zal verbeteren; b. de resultaten van die verzoeken om informatie te evalueren om te overwegen of de reactie van het management voldoende basis verschaft om: @@ -11593,15 +11593,15 @@ c. de reacties van het management in overweging te nemen in het licht van alle r ###### . Gebruikmaken van de werkzaamheden die door anderen zijn uitgevoerd -55 Bij het uitvoeren van de beoordeling kan het voor de accountant noodzakelijk zijn om gebruik te maken van werkzaamheden die door andere accountants zijn uitgevoerd, of van de werkzaamheden van een individu of organisatie dat/die over de deskundigheid beschikt in een ander kennisveld dan financiële verslaggeving of assurance. Indien de accountant tijdens het uitvoeren van de beoordeling gebruik maakt van de werkzaamheden die door een andere accountant of deskundige zijn uitgevoerd, dient de accountant passende maatregelen te nemen om zich ervan te vergewissen dat de werkzaamheden adequaat zijn uitgevoerd voor de doeleinden van de accountant. (Zie Par. A80) +55 Bij het uitvoeren van de beoordeling kan het voor de accountant noodzakelijk zijn om gebruik te maken van werkzaamheden die door andere accountants zijn uitgevoerd, of van de werkzaamheden van een individu of organisatie dat/die over de deskundigheid beschikt in een ander kennisveld dan financiële verslaggeving of assurance. Indien de accountant tijdens het uitvoeren van de beoordeling gebruik maakt van de werkzaamheden die door een andere accountant of deskundige zijn uitgevoerd, dient de accountant passende maatregelen te nemen om zich ervan te vergewissen dat de werkzaamheden adequaat zijn uitgevoerd voor de doeleinden van de accountant. (Zie Par. A80) ###### . Het aansluiten van de financiële overzichten op de onderliggende administratie -56 De accountant dient assurance-informatie te verkrijgen dat de financiële overzichten overeenstemmen met of aansluiten op de onderliggende administratie van de entiteit. (Zie Par. A94) +56 De accountant dient assurance-informatie te verkrijgen dat de financiële overzichten overeenstemmen met of aansluiten op de onderliggende administratie van de entiteit. (Zie Par. A94) ###### . Aanvullende werkzaamheden wanneer de accountant zich ervan bewust wordt dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang kunnen bevatten -57 De accountant kan zich bewust worden van een aangelegenheid waardoor hij veronderstelt dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang kunnen bevatten. In dat geval zet de accountant aanvullende werkzaamheden op en voert deze uit, zodanig dat deze voldoende zijn om de accountant in staat te stellen om: (Zie Par. A95, A96, A97, A98 en A99) +57 De accountant kan zich bewust worden van een aangelegenheid waardoor hij veronderstelt dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang kunnen bevatten. In dat geval zet de accountant aanvullende werkzaamheden op en voert deze uit, zodanig dat deze voldoende zijn om de accountant in staat te stellen om: (Zie Par. A95, A96, A97, A98 en A99) a. te concluderen dat de aangelegenheid-/heden er waarschijnlijk niet toe zal/zullen leiden dat de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang bevatten; of b. te bepalen dat de aangelegenheid-/heden er toe zal/zullen leiden dat de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang bevatten. @@ -11618,13 +11618,13 @@ c. zo ja, bij het management te verzoeken om inlichtingen omtrent de wijze waaro #### . Schriftelijke bevestigingen -61 De accountant dient het management te verzoeken om hem een schriftelijke bevestiging te verschaffen dat het management zijn verantwoordelijkheden die beschreven staan in de overeengekomen opdrachtvoorwaarden is nagekomen. De schriftelijke bevestigingen dienen te omvatten dat: (Zie Par. A100, A101 en A102) +61 De accountant dient het management te verzoeken om hem een schriftelijke bevestiging te verschaffen dat het management zijn verantwoordelijkheden die beschreven staan in de overeengekomen opdrachtvoorwaarden is nagekomen. De schriftelijke bevestigingen dienen te omvatten dat: (Zie Par. A100, A101 en A102) a. het management zijn verantwoordelijkheden voor het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving is nagekomen, inclusief waar relevant hun getrouwe weergave. Tevens bevestigt het management dat het aan de accountant alle relevante informatie en toegang tot informatie heeft verschaft zoals in de opdrachtvoorwaarden beschreven staat; en b. alle transacties zijn verwerkt en in de financiële overzichten zijn weergegeven. Wet- of regelgeving kan aan het management de eis stellen om schriftelijke openbare verklaringen te maken over zijn verantwoordelijkheden. Indien de accountant bepaalt dat in dergelijke verklaringen, sommige of alle bevestigingen zijn opgenomen die door subparagrafen (a)–(b) zijn vereist, dan hoeven de relevante aangelegenheden die door dergelijke verklaringen worden omvat niet in de schriftelijke bevestiging te worden opgenomen. -62 De accountant dient tevens het management om schriftelijke bevestigingen te verzoeken waarin het management bevestigt dat het het volgende aan de accountant heeft toegelicht: (Zie Par. A101) +62 De accountant dient tevens het management om schriftelijke bevestigingen te verzoeken waarin het management bevestigt dat het het volgende aan de accountant heeft toegelicht: (Zie Par. A101) a. de identiteit van de verbonden partijen en van alle relaties en transacties met de verbonden partijen van de entiteit waarvan het management zich bewust is; b. significante feiten met betrekking tot fraude of vermoede fraude die bij het management bekend zijn en die de entiteit kunnen hebben beïnvloed; @@ -11633,7 +11633,7 @@ d. alle informatie die relevant is voor het gebruik van de continuïteitsveronde e. dat alle gebeurtenissen die plaatsvinden na de datum van de financiële overzichten en waarvoor het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving aanpassing of toelichting vereist, daadwerkelijk zijn aangepast of toegelicht; f. verbintenissen, contractuele verplichtingen of voorwaardelijke gebeurtenissen die van materieel belang zijn die de financiële overzichten van de entiteit hebben beïnvloed of kunnen beïnvloeden, inclusief toelichtingen; en g. niet-monetaire transacties of transacties zonder tegenprestatie die van materieel belang zijn en die door de entiteit zijn aangegaan in de financiële verslaggevingsperiode die in aanmerking is genomen. -63 Indien het management één of meer van de gevraagde schriftelijke bevestigingen niet verschaft, dient de accountant: (Zie Par. A100) +63 Indien het management één of meer van de gevraagde schriftelijke bevestigingen niet verschaft, dient de accountant: (Zie Par. A100) a. de aangelegenheid te bespreken met het management of de met governance belaste personen in voorkomend geval; b. de integriteit van het management opnieuw te evalueren, en het effect dat dit kan hebben op de betrouwbaarheid van de (mondelinge of schriftelijke) bevestigingen en op de assurance-informatie in het algemeen te evalueren; en @@ -11649,12 +11649,12 @@ b. het management de op grond van paragraaf 61 vereiste bevestigingen niet versc #### . Het evalueren van assurance-informatie verkregen uit de uitgevoerde werkzaamheden -66 De accountant dient te evalueren of er voldoende en geschikte assurance-informatie is verkregen uit de uitgevoerde werkzaamheden. Zo niet, dan dient de accountant andere werkzaamheden uit te voeren die de accountant in de omstandigheden noodzakelijk acht om over de financiële overzichten een conclusie te kunnen vormen. (Zie Par. A103) -67 Het is mogelijk dat de accountant niet in staat is voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen om een conclusie te kunnen vormen. Dan dient de accountant de effecten die dergelijke beperkingen hebben op de reikwijdte van de beoordeling met het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen te bespreken. (Zie Par. A104 en 105) +66 De accountant dient te evalueren of er voldoende en geschikte assurance-informatie is verkregen uit de uitgevoerde werkzaamheden. Zo niet, dan dient de accountant andere werkzaamheden uit te voeren die de accountant in de omstandigheden noodzakelijk acht om over de financiële overzichten een conclusie te kunnen vormen. (Zie Par. A103) +67 Het is mogelijk dat de accountant niet in staat is voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen om een conclusie te kunnen vormen. Dan dient de accountant de effecten die dergelijke beperkingen hebben op de reikwijdte van de beoordeling met het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen te bespreken. (Zie Par. A104 en 105) ##### . Het evalueren van het effect op de beoordelingsverklaring -68 De accountant dient de assurance-informatie die is verkregen uit de uitgevoerde werkzaamheden te evalueren om het effect op de beoordelingsverklaring te bepalen. (Zie Par. A103) +68 De accountant dient de assurance-informatie die is verkregen uit de uitgevoerde werkzaamheden te evalueren om het effect op de beoordelingsverklaring te bepalen. (Zie Par. A103) #### . Het vormen van de conclusie van de accountant over de financiële overzichten @@ -11662,7 +11662,7 @@ b. het management de op grond van paragraaf 61 vereiste bevestigingen niet versc 69 Bij het vormen van de conclusie over de financiële overzichten dient de accountant: -a. te evalueren of de financiële overzichten op adequate wijze verwijzen naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving of op adequate wijze hiervan een beschrijving geven; (Zie Par. A106 en A107) +a. te evalueren of de financiële overzichten op adequate wijze verwijzen naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving of op adequate wijze hiervan een beschrijving geven; (Zie Par. A106 en A107) b. te overwegen of, in de context van de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en de resultaten van de uitgevoerde werkzaamheden: 1. de terminologie die in de financiële overzichten wordt gehanteerd, inclusief de titel van elk financieel overzicht, geschikt is; @@ -11670,12 +11670,12 @@ b. te overwegen of, in de context van de vereisten van het van toepassing zijnde 3. de geselecteerde en toegepaste grondslagen voor financiële verslaggeving consistent zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, en geschikt zijn; 4. de door het management gemaakte schattingen redelijk lijken; 5. de in de financiële overzichten gepresenteerde informatie relevant, betrouwbaar, vergelijkbaar en begrijpelijk lijkt; en -6. de financiële overzichten adequate toelichtingen verschaffen om de beoogde gebruikers in staat te stellen de effecten van de van materieel belang zijnde transacties en gebeurtenissen op de informatie die bekend wordt gemaakt in de financiële overzichten, te begrijpen. (Zie Par. A108, A109 en A110) +6. de financiële overzichten adequate toelichtingen verschaffen om de beoogde gebruikers in staat te stellen de effecten van de van materieel belang zijnde transacties en gebeurtenissen op de informatie die bekend wordt gemaakt in de financiële overzichten, te begrijpen. (Zie Par. A108, A109 en A110) 70 De accountant dient de invloed te overwegen van: a. niet-gecorrigeerde afwijkingen die tijdens de beoordeling, en in de beoordeling van de financiële overzichten van de entiteit van het voorgaande jaar, zijn geïdentificeerd op de financiële overzichten als geheel; en -b. de kwalitatieve aspecten van de praktijken inzake administratieve verwerking van de entiteit, inclusief indicatoren van mogelijke tendentie bij oordeelsvormingen van het management. (Zie Par. A111 en A112) -71 Indien de financiële overzichten zijn opgesteld door gebruik te maken van een getrouw-beeld stelsel, dient de overweging van de accountant tevens het volgende te omvatten: (Zie Par. A109) +b. de kwalitatieve aspecten van de praktijken inzake administratieve verwerking van de entiteit, inclusief indicatoren van mogelijke tendentie bij oordeelsvormingen van het management. (Zie Par. A111 en A112) +71 Indien de financiële overzichten zijn opgesteld door gebruik te maken van een getrouw-beeld stelsel, dient de overweging van de accountant tevens het volgende te omvatten: (Zie Par. A109) a. de algehele presentatie, structuur en inhoud van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel; en b. of de financiële overzichten, inclusief de gerelateerde toelichtingen, de onderliggende transacties en gebeurtenissen zodanig lijken weer te geven dat een getrouwe weergave bereikt wordt of, in voorkomend geval, een getrouw beeld wordt gegeven in de context van de financiële overzichten als geheel. @@ -11687,7 +11687,7 @@ b. of de financiële overzichten, inclusief de gerelateerde toelichtingen, de on ###### . Goedkeurende conclusie 73 De accountant dient in de beoordelingsverklaring een goedkeurende conclusie tot uitdrukking te brengen over de financiële overzichten als geheel. Dit indien hij een beperkte mate van zekerheid heeft verkregen om te kunnen concluderen dat hem niets is gebleken op grond waarvan hij zou moeten concluderen dat de financiële overzichten, niet in alle van materieel belang zijnde opzichten, zijn opgesteld in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. -74 Wanneer de accountant een goedkeurende conclusie tot uitdrukking brengt, dient de accountant, tenzij anders vereist door wet- of regelgeving, één van de volgende zinnen te gebruiken, indien passend: (Zie Par. A113 en A114) +74 Wanneer de accountant een goedkeurende conclusie tot uitdrukking brengt, dient de accountant, tenzij anders vereist door wet- of regelgeving, één van de volgende zinnen te gebruiken, indien passend: (Zie Par. A113 en A114) a. ‘Op grond van onze beoordeling is ons niets gebleken op basis waarvan wij zouden moeten concluderen dat de financiële overzichten, in alle van materieel belang zijnde opzichten, niet getrouw zijn weergegeven (of geen getrouw beeld geven), ... in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving’, (voor financiële overzichten die zijn opgesteld op basis van een getrouw-beeld stelsel); of b. ‘Op grond van onze beoordeling is ons niets gebleken op basis waarvan wij zouden moeten concluderen dat de financiële overzichten, niet in alle van materieel belang zijnde opzichten, zijn opgesteld in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving’, (voor financiële overzichten die zijn opgesteld door gebruik te maken van een compliance-stelsel). @@ -11729,7 +11729,7 @@ c. de aard van weggelaten informatie te beschrijven indien de afwijking van mate a. een conclusie met beperking tot uitdrukking te brengen indien de accountant concludeert dat de mogelijke effecten van eventuele niet-ontdekte afwijkingen op de financiële overzichten van materieel belang zouden kunnen zijn maar niet van diepgaande invloed; of b. een onthouding van een conclusie te formuleren indien de accountant concludeert dat de mogelijke effecten van eventuele niet-ontdekte afwijkingen op de financiële overzichten zowel van materieel belang als van diepgaande invloed zouden kunnen zijn. -82 De accountant dient de opdracht terug te geven indien zich de volgende omstandigheden voordoen: (Zie Par. A115, A116 en A117) +82 De accountant dient de opdracht terug te geven indien zich de volgende omstandigheden voordoen: (Zie Par. A115, A116 en A117) a. als gevolg van een beperking in de reikwijdte van de beoordeling die door het management is opgelegd nadat de accountant de opdracht heeft aanvaard, is de accountant niet in staat voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen om een conclusie te kunnen vormen over de financiële overzichten; b. de accountant heeft bepaald dat de mogelijke effecten op de financiële overzichten van niet-ontdekte afwijkingen van materieel belang en van diepgaande invloed zijn; en @@ -11746,7 +11746,7 @@ b. de accountant derhalve geen conclusie tot uitdrukking brengt over de financi #### . De beoordelingsverklaring -86 De beoordelingsverklaring voor de beoordelingsopdracht dient in schriftelijke vorm te zijn en dient de volgende elementen te omvatten: (Zie Par. A118, A119, A120, A121, A142 en A144) +86 De beoordelingsverklaring voor de beoordelingsopdracht dient in schriftelijke vorm te zijn en dient de volgende elementen te omvatten: (Zie Par. A118, A119, A120, A121, A142 en A144) a. een titel die duidelijk aangeeft dat het de verklaring betreft van een onafhankelijke accountant in het kader van een beoordelingsopdracht; b. de geadresseerde(n), zoals door de omstandigheden van de opdracht wordt vereist; @@ -11755,7 +11755,7 @@ c. een inleidende paragraaf die 1. de beoordeelde financiële overzichten identificeert, inclusief de identificatie van de titel van elk overzicht dat is opgenomen in de set van financiële overzichten, de datum en de verslagperiode die door elk financieel overzicht wordt omvat; 2. refereert aan de samenvatting van belangrijke gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen; en 3. stelt dat de financiële overzichten beoordeeld zijn; -d. een beschrijving van de verantwoordelijkheid van het management voor het opstellen van de financiële overzichten, inclusief een toelichting dat het management verantwoordelijk is voor: (Zie Par. A122, A123, A124 en A125) +d. een beschrijving van de verantwoordelijkheid van het management voor het opstellen van de financiële overzichten, inclusief een toelichting dat het management verantwoordelijk is voor: (Zie Par. A122, A123, A124 en A125) 1. het opstellen van de financiële overzichten in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, inclusief de getrouwe weergave ervan, indien relevant; 2. een zodanige interne beheersing die het management noodzakelijk acht om het opstellen van de financiële overzichten mogelijk te maken die geen afwijking van materieel belang bevatten, die het gevolg zijn van fraude of van fouten; @@ -11763,8 +11763,8 @@ e. indien de financiële overzichten financiële overzichten voor bijzondere doe 1. een beschrijving van het doel waarvoor de financiële overzichten zijn opgesteld en, indien noodzakelijk, de beoogde gebruikers of een verwijzing naar een toelichting in de financiële overzichten voor bijzondere doeleinden die die informatie bevat; en 2. het is mogelijk dat het management de keuze heeft uit verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving bij het opstellen van de betreffende financiële overzichten. Dan verwijst de uiteenzetting van de verantwoordelijkheid van het management voor de financiële overzichten tevens naar de verantwoordelijkheid van het management voor het bepalen dat het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving aanvaardbaar is in de gegeven omstandigheden; -f. een beschrijving van de verantwoordelijkheid van de accountant om een conclusie over de financiële overzichten tot uitdrukking te brengen, inclusief een verwijzing naar deze Standaard en, voor zover relevant, naar de van toepassing zijnde wet- of regelgeving; (Zie Par. A126 en A127 en A143) -g. een beschrijving van een beoordeling van financiële overzichten en de beperkingen hiervan, en de volgende vermeldingen: (Zie Par. A128) +f. een beschrijving van de verantwoordelijkheid van de accountant om een conclusie over de financiële overzichten tot uitdrukking te brengen, inclusief een verwijzing naar deze Standaard en, voor zover relevant, naar de van toepassing zijnde wet- of regelgeving; (Zie Par. A126 en A127 en A143) +g. een beschrijving van een beoordeling van financiële overzichten en de beperkingen hiervan, en de volgende vermeldingen: (Zie Par. A128) 1. een beoordelingsopdracht onder deze Standaard is een opdracht met een beperkte mate van zekerheid; 2. de accountant voert werkzaamheden uit, die voornamelijk bestaan uit het verzoeken om inlichtingen bij het management en anderen binnen de entiteit, in voorkomend geval, en het toepassen van cijferanalyses, en evalueert de verkregen assurance-informatie; en @@ -11772,14 +11772,14 @@ g. een beschrijving van een beoordeling van financiële overzichten en de beperk h. een paragraaf onder de titel *Conclusie* die het volgende omvat: 1. de conclusie van de accountant over de financiële overzichten als geheel in overeenstemming met paragrafen 72–85, naar gelang passend; en -2. een verwijzing naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dat is gebruikt om de financiële overzichten op te stellen, inclusief de identificatie van het rechtsgebied van herkomst van het stelsel inzake financiële verslaggeving indien dit geen *International Financial Reporting Standards* of *International Financial Reporting Standards for Small and Medium-sizedEntities* zijn die door de International Accounting Standards Board zijn uitgebracht, of geen *International Public Sector Accounting Standards* die door de International Public Sector Accounting Standards Board zijn uitgebracht; (Zie Par. A129 en A130) +2. een verwijzing naar het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dat is gebruikt om de financiële overzichten op te stellen, inclusief de identificatie van het rechtsgebied van herkomst van het stelsel inzake financiële verslaggeving indien dit geen *International Financial Reporting Standards* of *International Financial Reporting Standards for Small and Medium-sizedEntities* zijn die door de International Accounting Standards Board zijn uitgebracht, of geen *International Public Sector Accounting Standards* die door de International Public Sector Accounting Standards Board zijn uitgebracht; (Zie Par. A129 en A130) i. wanneer de conclusie van de accountant over de financiële overzichten is aangepast: 1. een paragraaf onder een passende titel die, in voorkomend geval, de aangepaste conclusie van de accountant bevat in overeenstemming met paragraaf 72 en 75–85 in voorkomend geval; en -2. een paragraaf, onder een passende titel, die een beschrijving verschaft van de aangelegenheden die leidden tot de aanpassing; (Zie Par. A131) +2. een paragraaf, onder een passende titel, die een beschrijving verschaft van de aangelegenheden die leidden tot de aanpassing; (Zie Par. A131) j. een verwijzing naar de verplichting van de accountant onder deze Standaard om de relevante ethische voorschriften na te leven; -k. de datum van de beoordelingsverklaring; (Zie Par. A138, A139, A140 en A141) -l. de ondertekening van de accountant; en (Zie Par. A132) +k. de datum van de beoordelingsverklaring; (Zie Par. A138, A139, A140 en A141) +l. de ondertekening van de accountant; en (Zie Par. A132) m. de locatie in het rechtsgebied waar de accountant werkzaam is. ##### . Paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragraaf inzake overige aangelegenheden in de beoordelingsverklaring @@ -11787,7 +11787,7 @@ m. de locatie in het rechtsgebied waar de accountant werkzaam is. ###### . Paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden 87 De accountant kan het nodig achten de aandacht van gebruikers te vestigen op een aangelegenheid die is weergegeven of toegelicht in de financiële overzichten die op grond van oordeelsvorming van de accountant van zodanig belang is dat deze van fundamenteel belang is voor het begrip van gebruikers van de financiële overzichten563Standaard 706, *Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden in de controleverklaring van de onafhankelijke accountant*, paragrafen A1 en A2 geven een nadere toelichting.. In dergelijke gevallen dient de accountant een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden in de beoordelingsverklaring op te nemen. Dit op voorwaarde dat de accountant voldoende en geschikte assurance-informatie heeft verkregen om te concluderen dat de aangelegenheid waarschijnlijk geen afwijking van materieel belang bevat zoals deze in de financiële overzichten is weergegeven. Een dergelijke paragraaf dient alleen te refereren aan informatie die in de financiële overzichten is weergegeven of toegelicht. -88 De beoordelingsverklaring bij financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden te bevatten. Deze attendeert de gebruikers van de beoordelingsverklaring er op dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden en dat als gevolg daarvan de financiële overzichten niet voor een ander doel geschikt kunnen zijn. (Zie Par. A133 en A134) +88 De beoordelingsverklaring bij financiële overzichten voor bijzondere doeleinden dient een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden te bevatten. Deze attendeert de gebruikers van de beoordelingsverklaring er op dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden en dat als gevolg daarvan de financiële overzichten niet voor een ander doel geschikt kunnen zijn. (Zie Par. A133 en A134) 89 De accountant dient een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden op te nemen direct na de paragraaf die de conclusie van de accountant bevat over de financiële overzichten onder de titel *Benadrukking van bepaalde aangelegenheden* of ander passende titel. ###### . Paragrafen inzake overige aangelegenheden @@ -11796,18 +11796,18 @@ m. de locatie in het rechtsgebied waar de accountant werkzaam is. ##### . Overige rapporteringsverantwoordelijkheden -91 Een accountant kan worden verzocht om overige rapporteringsverantwoordelijkheden in de beoordelingsverklaring over de financiële overzichten te adresseren. Deze zijn aanvullend op de verantwoordelijkheden van de accountant onder deze Standaard om te rapporteren over de financiële overzichten. In dergelijke situaties dient de accountant die overige rapporteringsverantwoordelijkheden te adresseren in een aparte sectie in de beoordelingsverklaring getiteld *Verklaring betreffende overige door de wet- of regelgeving gestelde eisen* na de sectie van de verklaring getiteld *Verklaring betreffende de financiële overzichten*.(Zie Par. A135, A136 en A137) +91 Een accountant kan worden verzocht om overige rapporteringsverantwoordelijkheden in de beoordelingsverklaring over de financiële overzichten te adresseren. Deze zijn aanvullend op de verantwoordelijkheden van de accountant onder deze Standaard om te rapporteren over de financiële overzichten. In dergelijke situaties dient de accountant die overige rapporteringsverantwoordelijkheden te adresseren in een aparte sectie in de beoordelingsverklaring getiteld *Verklaring betreffende overige door de wet- of regelgeving gestelde eisen* na de sectie van de verklaring getiteld *Verklaring betreffende de financiële overzichten*.(Zie Par. A135, A136 en A137) ##### . Datum van de beoordelingsverklaring -92 De accountant dient de verklaring niet eerder te dateren dan de datum waarop de accountant voldoende en geschikte assurance-informatie heeft verkregen als de onderbouwing voor de conclusie van de accountant over de financiële overzichten, De accountant heeft zich ervan vergewist dat: (Zie Par. A138, A139, A140 en A141) +92 De accountant dient de verklaring niet eerder te dateren dan de datum waarop de accountant voldoende en geschikte assurance-informatie heeft verkregen als de onderbouwing voor de conclusie van de accountant over de financiële overzichten, De accountant heeft zich ervan vergewist dat: (Zie Par. A138, A139, A140 en A141) a. alle overzichten die de financiële overzichten vormen onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, inclusief de daarop betrekking hebbende toelichtingen, voor zover van toepassing, zijn opgesteld; en b. degenen met de erkende bevoegdheid hebben beweerd dat zij verantwoordelijkheid hebben genomen voor die financiële overzichten. #### . Documentatie -93 Het opstellen van de documentatie van de beoordeling verschaft assurance-informatie dat de beoordeling overeenkomstig deze Standaard, en in overeenstemming met door wet- of regelgeving gestelde eisen waar relevant, is uitgevoerd. Tevens verschaft de documentatie een voldoende en geschikte vastlegging van de onderbouwing voor de beoordelingsverklaring. De accountant dient de volgende aspecten van de opdracht tijdig te documenteren, op toereikende wijze om een ervaren accountant in staat te stellen om, zonder eerder met de opdracht te maken hebben gehad, het volgende te begrijpen: (Zie Par. A145) +93 Het opstellen van de documentatie van de beoordeling verschaft assurance-informatie dat de beoordeling overeenkomstig deze Standaard, en in overeenstemming met door wet- of regelgeving gestelde eisen waar relevant, is uitgevoerd. Tevens verschaft de documentatie een voldoende en geschikte vastlegging van de onderbouwing voor de beoordelingsverklaring. De accountant dient de volgende aspecten van de opdracht tijdig te documenteren, op toereikende wijze om een ervaren accountant in staat te stellen om, zonder eerder met de opdracht te maken hebben gehad, het volgende te begrijpen: (Zie Par. A145) a. de aard, timing en omvang van de werkzaamheden die zijn uitgevoerd om deze Standaard en van toepassing zijnde vereisten vanuit wet- en regelgeving na te leven; b. resultaten die uit de werkzaamheden zijn verkregen, en de conclusies van de accountant die zijn gevormd op basis van die resultaten; en @@ -11821,7 +11821,7 @@ b. wie de uitgevoerde werkzaamheden heeft beoordeeld voor het doel van kwaliteit ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1 en 2) +#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1 en 2) A1 Bij het uitvoeren van een beoordeling van financiële overzichten kan de accountant ertoe gehouden zijn om te voldoen aan door wet- of regelgeving gestelde eisen die kunnen afwijken van de vereisten die in deze Standaard zijn vastgesteld. Terwijl de accountant de aspecten van deze Standaard in deze omstandigheden nuttig kan vinden, is het de verantwoordelijkheid van de accountant om zeker te stellen dat alle relevante juridische, regelgevende en beroepsverplichtingen worden nageleefd. @@ -11829,7 +11829,7 @@ A1 Bij het uitvoeren van een beoordeling van financiële overzichten kan de acco A2 Er kan om beoordelingsopdrachten overeenkomstig deze Standaard worden verzocht voor groepsonderdelen door de groepsaccountant 564Standaard 600, *Speciale overwegingen – Controles van financiële overzichten van de groep* (inclusief de werkzaamheden van accountants van groepsonderdelen), paragraaf A52. Een dergelijke beoordelingsopdracht die overeenkomstig deze Standaard is uitgevoerd kan gepaard gaan met een verzoek van de groepsaccountant om aanvullende werkzaamheden uit te voeren voor zover die noodzakelijk zijn in de omstandigheden van de controleopdracht op groepsniveau. -##### . Relatie met de NVAK-assurance (Zie Par. 4) +##### . Relatie met de NVAK-assurance (Zie Par. 4) A3 De NVAK assurance behandelen de verantwoordelijkheden van het kantoor om diens kwaliteitsbeheersingsysteem voor assurance-opdrachten, inclusief beoordelingsopdrachten, op te zetten en te onderhouden. Deze verantwoordelijkheden zijn gericht op het opzetten van:565*NVAK-assurance (RA)*, artikel 5 en *NVAK-assurance (AA),*artikel 5 @@ -11848,12 +11848,12 @@ a. het kantoor en zijn personeel voldoen aan professionele standaarden en aan de b. de door het kantoor of opdrachtpartners uitgebrachte rapportages in de omstandigheden passend zijn566*NVAK-assurance (AA)*, artikel e.v. en *NVAK-assurance (RA)*, artikel 4. A5 Nationale vereisten die de verantwoordelijkheden van het kantoor behandelen om een kwaliteitsbeheersingssysteem op te zetten en te onderhouden zijn minstens zo veeleisend als *Wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing* wanneer zij inspelen op alle elementen waarnaar wordt verwezen in alinea A3 en zij het kantoor verplichtingen opleggen om de doelen van de vereisten die in *Wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing* staan beschreven te behalen. -#### . De opdracht tot het beoordelen van financiële overzichten (Zie Par. 5–8 en 14) +#### . De opdracht tot het beoordelen van financiële overzichten (Zie Par. 5–8 en 14) A6 Beoordelingen van financiële overzichten kunnen worden uitgevoerd voor een brede groep entiteiten die variëren in type of omvang, of in complexiteitsniveau van hun financiële verslaggeving. In bepaalde rechtsgebieden kan een beoordeling van financiële overzichten van bepaalde soorten entiteiten tevens onderworpen zijn aan plaatselijke wet- en regelgeving en gerelateerde verslaggevingsvereisten. A7 Beoordelingen kunnen in allerlei omstandigheden worden uitgevoerd. Ze kunnen bijvoorbeeld vereist zijn voor entiteiten die zijn vrijgesteld van een verplichte controle uit hoofde van wet- en regelgeving. Er kan tevens op vrijwillige basis om beoordelingen worden verzocht, zoals bij het uitvoeren van financiële verslaggeving met betrekking tot de voorwaarden van een privaat contract, of ter ondersteuning bij financieringsregelingen. -#### . Doelstellingen (Zie Par. 15) +#### . Doelstellingen (Zie Par. 15) A8 Deze Standaard vereist van de accountant dat hij over de financiële overzichten een onthouding van een conclusie formuleert indien: @@ -11869,7 +11869,7 @@ b. omstandigheden betreffende de aard of timing van de werkzaamheden van de acco c. beperkingen die door het management of de met governance belaste personen van de entiteit worden opgelegd. A10 Deze Standaard zet vereisten en leidraden voor de accountant uiteen wanneer de accountant een beperking in de reikwijdte tegenkomt voorafgaand aan het aanvaarden van een beoordelingsopdracht of tijdens de opdracht. -#### . Definities (Zie Par. 16) +#### . Definities (Zie Par. 16) ##### . Het gebruik van de termen ‘management’ en ‘de met governance belaste personen’ @@ -11881,15 +11881,15 @@ A12 Verschillende verantwoordelijkheden met betrekking tot het opstellen van fin Bijvoorbeeld, in kleine entiteiten is er vaak geen scheiding in management en governance functies. In grotere entiteiten is het management vaak verantwoordelijk voor de uitvoering van de zaken of activiteiten van de entiteit en de verslaggeving daaromtrent, terwijl de met governance belaste personen toezicht houden op het management. In sommige rechtsgebieden is de verantwoordelijkheid voor het opstellen van financiële overzichten voor een entiteit de juridische verantwoordelijkheid van de met governance belaste personen terwijl in andere rechtsgebieden het de verantwoordelijkheid is van het management. -##### . Beperkte mate van zekerheid – Gebruik van de term voldoende en geschikte assurance-informatie (Zie Par. 17f) +##### . Beperkte mate van zekerheid – Gebruik van de term voldoende en geschikte assurance-informatie (Zie Par. 17f) A13 Voldoende en geschikte assurance-informatie is vereist om een beperkte mate van zekerheid te verkrijgen om de conclusie van de accountant te ondersteunen. Assurance-informatie is cumulatief van aard en wordt primair verkregen uit werkzaamheden die worden uitgevoerd tijdens de beoordeling. -#### . Het uitvoeren van een beoordelingsopdracht overeenkomstig deze Standaard (Zie Par. 18) +#### . Het uitvoeren van een beoordelingsopdracht overeenkomstig deze Standaard (Zie Par. 18) A14 Deze Standaard doet geen afbreuk aan wet- of regelgeving die een beoordeling van financiële overzichten regelt. In het geval dat dergelijke wet- of regelgeving afwijkt van de vereisten gesteld in deze Standaard, zal een beoordeling die alleen in overeenstemming met zulke wet- of regelgeving wordt uitgevoerd, niet automatisch voldoen aan deze Standaard. -#### . Ethische voorschriften (Zie Par. 21) +#### . Ethische voorschriften (Zie Par. 21) A15 De Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants (VGBA) stelt de fundamentele beginselen van de beroepsethiek vast die accountants moeten naleven en verschaft een conceptueel raamwerk voor het toepassen van die beginselen. De fundamentele beginselen omvatten: @@ -11904,7 +11904,7 @@ A16 In het geval van een opdracht om financiële overzichten te beoordelen verei #### . Professioneel-kritische instelling en professionele oordeelsvorming -##### . Professioneel-kritische instelling (Zie Par. 22) +##### . Professioneel-kritische instelling (Zie Par. 22) A17 Een professioneel-kritische instelling is noodzakelijk voor de kritische inschatting van assurance-informatie bij een beoordeling. Dit omvat het ter discussie stellen van inconsistenties en het onderzoeken van tegenstrijdige assurance-informatie. Het omvat ook het ter discussie stellen van de betrouwbaarheid van reacties op verzoeken om inlichtingen en overige informatie die is verkregen van het management en de met governance belaste personen. Het houdt ook het overwegen in van het voldoende en geschikt zijn van de verkregen assurance-informatie in het licht van de omstandigheden van de opdracht. A18 Een professioneel-kritische instelling houdt onder meer in het alert zijn op bijvoorbeeld het volgende: @@ -11920,7 +11920,7 @@ A19 Het handhaven van een professioneel-kritische instelling gedurende de beoord • het gebruiken van onjuiste veronderstellingen bij het bepalen van de aard, timing en omvang van de werkzaamheden die tijdens de beoordeling zijn uitgevoerd en het evalueren van de resultaten daarvan. A20 Van de accountant kan niet worden verwacht dat hij eerdere ervaringen ten aanzien van de eerlijkheid en integriteit van het management en de met governance belaste personen negeert. Echter, de opvatting dat het management en de met governance belaste personen eerlijk en integer zijn, ontslaat de accountant niet van de noodzaak om een professioneel-kritische instelling te handhaven. Ook is het niet toegestaan dat hij zich tevreden stelt met assurance-informatie die niet adequaat is voor het doel van de beoordeling. -##### . Professionele oordeelsvorming (Zie Par. 23) +##### . Professionele oordeelsvorming (Zie Par. 23) A21 Professionele oordeelsvorming is van essentieel belang voor het op passende wijze uitvoeren van een beoordelingsopdracht. Dit is zo omdat interpretatie van relevante ethische voorschriften, de vereisten van deze Standaard en de behoefte aan weloverwogen beslissingen tijdens het uitvoeren van een beoordelingsopdracht, de toepassing van relevante kennis en ervaring met de feiten en omstandigheden van de opdracht worden vereist. Professionele oordeelsvorming is in het bijzonder noodzakelijk: @@ -11940,7 +11940,7 @@ A24 Professionele oordeelsvorming kan worden geëvalueerd: • passend is in het licht van, en consistent is met, de feiten en omstandigheden die bekend zijn bij de accountant tot aan de datum van de verklaring. A25 Professionele oordeelsvorming moet worden toegepast gedurende de opdracht. Deze dient tevens op passende wijze te worden gedocumenteerd overeenkomstig de vereisten van deze Standaard. Professionele oordeelsvorming mag niet worden aangevoerd ter rechtvaardiging van beslissingen die niet onderbouwd zijn anders dan door de feiten en de omstandigheden van de opdracht of door de verkregen assurance-informatie. -#### . Kwaliteitsbeheersing op het niveau van de opdracht (Zie Par. 24 en 25) +#### . Kwaliteitsbeheersing op het niveau van de opdracht (Zie Par. 24 en 25) A26 Assurance-vaardigheden en -technieken omvatten: @@ -11973,7 +11973,7 @@ A30 Een tekortkoming in het kwaliteitsbeheersingssysteem van het kantoor wijst e • een beoordelingsopdracht niet was uitgevoerd overeenkomstig de professionele standaarden, noch in overeenstemming met de van toepassing zijnde vereisten vanuit wet- en regelgeving; of • dat de beoordelingsverklaring niet passend was. -##### . Het toewijzen van opdrachtteams (Zie Par. 25b) +##### . Het toewijzen van opdrachtteams (Zie Par. 25b) A31 Bij het overwegen van de passende competentie en capaciteiten die van het opdrachtteam als geheel worden verwacht, kan de opdrachtpartner aangelegenheden betreffende het team beschouwen zoals: @@ -11984,7 +11984,7 @@ A31 Bij het overwegen van de passende competentie en capaciteiten die van het op • het vermogen om professionele oordeelsvorming toe te passen; • inzicht in de beleidslijnen en procedures van het kantoor inzake kwaliteitsbeheersing. -##### . Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en beoordelingsopdrachten (Zie Par. 25 d (i)) +##### . Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en beoordelingsopdrachten (Zie Par. 25 d (i)) A32 De NVAK assurance vereisen van het kantoor om informatie te verkrijgen die in de gegeven omstandigheden noodzakelijk wordt geacht: @@ -11998,15 +11998,15 @@ Informatie die voor de opdrachtpartner een hulpmiddel vormt bij het bepalen of a • significante aangelegenheden die zich hebben voorgedaan tijdens de huidige of een vorige beoordelingsopdracht en de implicaties hiervan voor het voortzetten van de relatie. A33 De opdrachtpartner kan redenen hebben om de integriteit van het management zodanig in twijfel te trekken dat het waarschijnlijk een goede uitvoering van de beoordeling zal beïnvloeden. In dit geval is het onder deze Standaard niet passend om de opdracht te aanvaarden, tenzij dit door wet- of regelgeving wordt vereist. Dit kan er namelijk toe leiden dat de accountant op ongepaste wijze met de financiële overzichten van de entiteit geassocieerd wordt. -#### . Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en beoordelingsopdrachten (Zie Par. 29) +#### . Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en beoordelingsopdrachten (Zie Par. 29) A34 De overweging van de accountant inzake het continueren van de opdracht en relevante ethische voorschriften, inclusief onafhankelijkheid, vindt gedurende de opdracht plaats, omdat condities en wijzigingen in omstandigheden zich voordoen. Het uitvoeren van initiële werkzaamheden ten aanzien van continuering van de opdracht en evaluatie van relevante ethische voorschriften (inclusief onafhankelijkheid) aan het begin van een opdracht, geeft richting aan de beslissingen en activiteiten van de accountant voorafgaand aan het uitvoeren van andere significante activiteiten voor de opdracht. -##### . Factoren die de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en beoordelingsopdrachten beïnvloeden (Zie Par. 29) +##### . Factoren die de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en beoordelingsopdrachten beïnvloeden (Zie Par. 29) A35 Assurance-opdrachten kunnen alleen worden aanvaard wanneer de opdracht bepaalde kenmerken567*Stramien*, paragraaf 17. vertoont die bevorderlijk zijn voor het behalen van de doelstellingen van de accountant die voor de opdracht zijn gespecificeerd. -###### . Rationeel doel (Zie Par. 29 a (i)) +###### . Rationeel doel (Zie Par. 29 a (i)) A36 Het kan onwaarschijnlijk zijn dat er voor de opdracht een rationeel doel bestaat indien, bijvoorbeeld: @@ -12014,19 +12014,19 @@ a. er een significante beperking bestaat in de reikwijdte van de werkzaamheden v b. de accountant vermoedens heeft dat de opdrachtgevende partij voornemens is om de naam van de accountant op een ongepaste manier met de financiële overzichten te verbinden; of c. de opdracht bedoeld is om te voldoen aan de door wet- of regelgeving gestelde eisen en dergelijke wet- of regelgeving vereist dat de financiële overzichten worden gecontroleerd. -###### . Beoordelingsopdracht is gepast (Zie Par. 29 a(ii)) +###### . Beoordelingsopdracht is gepast (Zie Par. 29 a(ii)) A37 Wanneer het voorlopige inzicht van de accountant in de omstandigheden van de opdracht aangeeft dat het aanvaarden van een beoordelingsopdracht niet gepast zou zijn, kan de accountant overwegen om een ander soort opdracht aan te bevelen. Afhankelijk van de omstandigheden kan de accountant bijvoorbeeld ervan overtuigd zijn dat het uitvoeren van een controleopdracht gepaster zou zijn dan een beoordelingsopdracht. In andere gevallen, indien de omstandigheden van de opdracht het uitvoeren van een assurance-opdracht beletten, kan de accountant een samenstellingsopdracht aanbevelen of, een andere opdracht inzake administratieve dienstverlening, in voorkomend geval. -###### . Informatie die noodzakelijk is om de beoordelingsopdracht uit te kunnen voeren (Zie Par. 29c) +###### . Informatie die noodzakelijk is om de beoordelingsopdracht uit te kunnen voeren (Zie Par. 29c) A38 Een voorbeeld waarbij de accountant redenen zou kunnen hebben om te betwijfelen dat de informatie die noodzakelijk is om de beoordeling uit te voeren beschikbaar of betrouwbaar zal zijn, is wanneer vermoed wordt dat de administratie die noodzakelijk is voor de doeleinden van het uitvoeren van cijferanalyses, substantieel onjuist of onvolledig is. Deze overweging is niet gericht op de behoefte die zich tijdens een beoordelingsopdracht kan voordoen om het management behulpzaam te zijn bij het aanbevelen van afsluitende journaalposten die vereist zijn om de financiële overzichten die door het management zijn opgesteld, te voltooien. -##### . Randvoorwaarden voor het aanvaarden van een beoordelingsopdracht (Zie Par. 30) +##### . Randvoorwaarden voor het aanvaarden van een beoordelingsopdracht (Zie Par. 30) A39 Voorafgaand aan het aanvaarden van de opdracht, vereist deze Standaard van de accountant om bepaalde aangelegenheden vast te stellen, waarvoor het noodzakelijk is dat de accountant en het management van de entiteit overeenstemming bereiken en welke binnen de beheersing van de entiteit liggen. -###### . Het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 30a) +###### . Het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 30a) A40 Een voorwaarde voor het aanvaarden van een assurance-opdracht is dat de criteria,568*Stramien*, paragraaf 34. waar in de definitie van een assurance-opdracht naar wordt verwezen, voor de beoogde gebruikers geschikt zijn569*Stramien*, paragraaf 17b(ii).. In het kader van deze Standaard verschaft het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving de criteria die de accountant hanteert om de financiële overzichten te beoordelen inclusief – waar relevant – de getrouwe weergave van de financiële overzichten. Bepaalde stelsels inzake financiële verslaggeving zijn getrouw-beeld stelsels terwijl andere compliance-stelsels zijn. De vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving bepalen de vorm en de inhoud van de financiële overzichten, inclusief wat een complete set van financiële overzichten vormt. @@ -12047,7 +12047,7 @@ A45 Onder deze Standaard wordt van de accountant vereist om de opdracht te weige • het management niet instemt om het stelsel inzake financiële verslaggeving te gebruiken dat naar het oordeel van de accountant aanvaardbaar is. A46 Tekortkomingen in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving die erop wijzen dat het stelsel niet aanvaardbaar is, kunnen pas nadat de beoordelingsopdracht is aanvaard aan het licht komen. Wanneer het gebruik van dat stelsel inzake financiële verslaggeving niet door wet- of regelgeving wordt voorgeschreven, kan het management ertoe besluiten om een ander stelsel dat wel aanvaardbaar is aan te nemen. Wanneer het management dit doet, wordt van de accountant onder deze Standaard vereist om met het management de nieuwe opdrachtvoorwaarden overeen te komen om de wijziging in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving weer te geven. -###### . Verantwoordelijkheden van het management en de met governance belaste personen (Zie Par. 30b en 37e) +###### . Verantwoordelijkheden van het management en de met governance belaste personen (Zie Par. 30b en 37e) A47 De financiële overzichten die onderworpen zijn aan beoordeling, zijn die van de entiteit, opgesteld door het management van de entiteit onder de supervisie van de met governance belaste personen. Deze Standaard legt het management en de met governance belaste personen geen verantwoordelijkheden op of doet geen afbreuk aan wet- en regelgeving die deze verantwoordelijkheden bepalen. Een beoordeling overeenkomstig deze Standaard wordt echter uitgevoerd vanuit het uitgangspunt dat het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen bepaalde verantwoordelijkheden hebben erkend die essentieel zijn voor het uitvoeren van de beoordeling. De beoordeling van de financiële overzichten ontslaat het management en de met governance belaste personen niet van hun verantwoordelijkheden. A48 Als onderdeel van zijn verantwoordelijkheid voor het opstellen van de financiële overzichten wordt van het management vereist: @@ -12059,7 +12059,7 @@ Deze oordelen worden gevormd binnen de context van het van toepassing zijnde ste A49 Vanwege de significantie van de randvoorwaarden voor het uitvoeren van een beoordeling van financiële overzichten is van de accountant onder deze Standaard vereist om overeenstemming van het management te verkrijgen dat deze zijn verantwoordelijkheden begrijpt voordat de opdracht wordt aanvaard. De accountant kan zowel mondeling als schriftelijk de overeenstemming van het management verkrijgen. De overeenstemming van het management wordt vervolgens opgenomen in de schriftelijke opdrachtvoorwaarden. A50 Indien het management, en in voorkomend geval, de met governance belaste personen, hun verantwoordelijkheden met betrekking tot de financiële overzichten niet erkennen of weigeren te erkennen is het niet passend om de opdracht te aanvaarden, tenzij dit op grond van wet- of regelgeving van de accountant wordt vereist. In omstandigheden waar van de accountant niettemin vereist wordt om de beoordelingsopdracht te aanvaarden, kan het nodig zijn dat de accountant aan het management en aan de met governance belaste personen, waar deze verschillen, het belang van deze aangelegenheden en de implicaties voor de opdracht uitlegt. -##### . Aanvullende overwegingen wanneer de formulering van de beoordelingsverklaring door wet- of regelgeving wordt voorgeschreven (Zie Par. 34 en 35) +##### . Aanvullende overwegingen wanneer de formulering van de beoordelingsverklaring door wet- of regelgeving wordt voorgeschreven (Zie Par. 34 en 35) A51 Deze Standaard vereist van de accountant dat hij het naleven van deze Standaard niet weergeeft, tenzij de accountant alle vereisten van deze Standaard die voor de beoordelingsopdracht relevant zijn heeft nageleefd. Wet- of regelgeving kan aangelegenheden voorschrijven die er doorgaans toe zouden leiden dat de accountant de opdracht weigert waar het mogelijk is om dit te doen, bijvoorbeeld wanneer: @@ -12070,7 +12070,7 @@ Onder deze Standaard voldoet een beoordeling die in deze situaties is uitgevoerd ##### . Het overeenkomen van de opdrachtvoorwaarden -###### . Opdrachtbevestiging of een andere schriftelijke overeenkomst (Zie Par. 37) +###### . Opdrachtbevestiging of een andere schriftelijke overeenkomst (Zie Par. 37) A52 Het ligt in het belang van zowel het management en de met governance belaste personen als de accountant, dat de accountant voorafgaand aan het uitvoeren van de beoordelingsopdracht een opdrachtbevestiging verstuurt om misverstanden met betrekking tot de opdracht te voorkomen. @@ -12089,15 +12089,15 @@ A53 De vorm en inhoud van de opdrachtbevestiging kan voor iedere opdracht versch A54 De groepsaccountant kan erom verzoeken dat een accountant een beoordeling uitvoert van de financiële informatie van een groepsonderdeel. Afhankelijk van de instructies van de groepsaccountant kan een beoordeling van de financiële informatie van een groepsonderdeel overeenkomstig deze Standaard worden uitgevoerd. De groepsaccountant kan tevens additionele werkzaamheden specificeren die de werkzaamheden die onder deze Standaard zijn uitgevoerd aan vullen. Als de accountant die de beoordeling uitvoert, de controlerende accountant van de financiële overzichten van het groepsonderdeel is, wordt de beoordeling niet overeenkomstig deze Standaard uitgevoerd. -###### . Verantwoordelijkheden van het management die worden voorgeschreven door wet- of regelgeving (Zie Par. 37e) +###### . Verantwoordelijkheden van het management die worden voorgeschreven door wet- of regelgeving (Zie Par. 37e) A55 De accountant kan in bepaalde omstandigheden tot de conclusie komen dat het niet noodzakelijk is om bepaalde opdrachtvoorwaarden in een opdrachtbevestiging vast te leggen. In dat geval wordt van de accountant nog steeds vereist om schriftelijke overeenstemming van het management, en in voorkomend geval, de met governance belaste personen te krijgen dat zij hun verantwoordelijkheden volgend uit deze Standaard erkennen en begrijpen zoals dat onder deze Standaard is vereist. Deze schriftelijke overeenkomst kan de bewoordingen van de wet- of regelgeving gebruiken indien de wet- of regelgeving verantwoordelijkheden voor het management vaststelt die gelijke werking hebben als degenen die in deze Standaard zijn beschreven. -###### . Voorbeeld van een opdrachtbevestiging (Zie Par. 37) +###### . Voorbeeld van een opdrachtbevestiging (Zie Par. 37) A56 Een voorbeeld van een opdrachtbevestiging voor een beoordelingsopdracht wordt in Bijlage 1 van deze Standaard uiteengezet. -###### . Doorlopende opdrachten (Zie Par. 38) +###### . Doorlopende opdrachten (Zie Par. 38) A57 De accountant kan beslissen om niet iedere verslagperiode een nieuwe opdrachtbevestiging of een andere schriftelijke overeenkomst te sturen. De volgende factoren kunnen er echter op wijzen dat het passend is om de voorwaarden van de beoordelingsopdracht te herzien of om het management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden: @@ -12111,7 +12111,7 @@ A57 De accountant kan beslissen om niet iedere verslagperiode een nieuwe opdrach ##### . Aanvaarding van een wijziging in de voorwaarden van de beoordelingsopdracht -###### . Verzoek tot wijziging in de voorwaarden van de beoordelingsopdracht (Zie Par. 39) +###### . Verzoek tot wijziging in de voorwaarden van de beoordelingsopdracht (Zie Par. 39) A58 Een verzoek van de entiteit aan de accountant om de voorwaarden van de beoordelingsopdracht te wijzigen kan het gevolg zijn van factoren als: @@ -12126,7 +12126,7 @@ A60 Daarentegen hoeft een wijziging niet als aanvaardbaar te worden gezien, indi om het door de accountant tot uitdrukking brengen van een aangepaste conclusie te voorkomen. -###### . Verzoek tot wijziging in de aard van de opdracht (Zie Par. 40) +###### . Verzoek tot wijziging in de aard van de opdracht (Zie Par. 40) A61 Het kan voor een accountant die de opdracht had een beoordeling overeenkomstig deze Standaard uit te voeren, nodig zijn om de wettelijke of contractuele implicaties van de wijziging te beoordelen in aanvulling op de aangelegenheden waarnaar in deze Standaard wordt verwezen. Dit gebeurt voordat een wijziging in een beoordelingsopdracht naar een andere soort opdracht of aan assurance verwante opdracht wordt overeengekomen. A62 Indien de accountant tot de conclusie komt dat er een redelijke rechtvaardiging is om de beoordelingsopdracht te wijzigen in een andere soort opdracht of een aan assurance verwante opdracht, kunnen de tot de wijzigingsdatum verrichte werkzaamheden voor de beoordelingsopdracht relevant zijn voor de gewijzigde opdracht. Echter, het vereiste uit te voeren werk en het uit te brengen rapport horen zodanig te zijn dat zij passend zijn voor de herziene opdracht. Om te voorkomen dat de lezer in verwarring wordt gebracht zal de rapportage betreffende de andere opdracht of de aan assurance verwante opdracht geen verwijzingen bevatten naar: @@ -12134,7 +12134,7 @@ A62 Indien de accountant tot de conclusie komt dat er een redelijke rechtvaardig a. de oorspronkelijke beoordelingsopdracht; of b. enige werkzaamheden die uitgevoerd zouden kunnen zijn tijdens de oorspronkelijke beoordelingsopdracht. Behalve wanneer de beoordelingsopdracht is gewijzigd in een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden en dus een verwijzing naar de uitgevoerde werkzaamheden een normaal onderdeel vormt van de rapportage. -#### . Communicatie met het management en de met governance belaste personen (Zie Par. 42) +#### . Communicatie met het management en de met governance belaste personen (Zie Par. 42) A63 Bij een beoordelingsopdracht neemt de communicatie van de accountant met het management en de met governance belaste personen de vorm aan van: @@ -12166,7 +12166,7 @@ A69 Tenzij vereist door wet- of regelgeving, kan het nodig zijn dat de accountan #### . Het uitvoeren van de opdracht -##### . Materialiteit in een beoordeling van financiële overzichten (Zie Par. 43) +##### . Materialiteit in een beoordeling van financiële overzichten (Zie Par. 43) A70 De overweging van de accountant van de materialiteit vindt plaats binnen de context van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Sommige stelsels inzake financiële verslaggeving beschrijven het concept van materialiteit binnen de context van het opstellen en het presenteren van financiële overzichten. Ook al kunnen stelsels inzake financiële verslaggeving materialiteit in verschillende termen omschrijven, in het algemeen beschrijven zij dat: @@ -12184,14 +12184,14 @@ A72 Vaststelling van materialiteit door de accountant is een kwestie van profess Bovendien wordt het mogelijke effect van afwijkingen op specifieke gebruikers, wiens informatiebehoeften aanzienlijk kunnen verschillen, doorgaans niet in overweging genomen. Dit gebeurt alleen als de beoordelingsopdracht wordt uitgevoerd voor financiële overzichten die zijn bedoeld om aan bepaalde behoeften van specifieke gebruikers te voldoen. A73 De oordeelsvorming van de accountant over wat van materieel belang is met betrekking tot de financiële overzichten als geheel blijft hetzelfde ongeacht het niveau van zekerheid dat door een accountant wordt verkregen als de basis voor het tot uitdrukking brengen van de conclusie over de financiële overzichten. -###### . Het herzien van materialiteit (Zie Par. 44) +###### . Het herzien van materialiteit (Zie Par. 44) A74 Het kan noodzakelijk zijn dat de bepaling van de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel door de accountant tijdens de beoordeling moet worden herzien als gevolg van: • een wijziging van de omstandigheden die zich tijdens de beoordeling hebben voorgedaan (bijvoorbeeld een beslissing om een groot deel van de activiteiten van de entiteit af te stoten); • nieuwe informatie of een wijziging in het inzicht van de accountant in de entiteit en haar omgeving als gevolg van het uitvoeren van werkzaamheden voor de beoordeling overeenkomstig deze Standaard (bijvoorbeeld indien het tijdens de beoordeling erop lijkt alsof actuele financiële resultaten waarschijnlijk aanzienlijk verschillen van de geanticipeerde financiële resultaten aan het einde van de verslagperiode die werden gebruikt om aanvankelijk de materialiteit voor de financiële overzichten als geheel te bepalen). -##### . Het inzicht van de accountant (Zie Par. 45–46) +##### . Het inzicht van de accountant (Zie Par. 45–46) A75 De accountant hanteert professionele oordeelsvorming om de mate van het inzicht in de entiteit en haar omgeving te bepalen dat is vereist om de beoordeling van de financiële overzichten van de entiteit overeenkomstig deze Standaard uit te kunnen voeren. De voornaamste overweging van de accountant betreft de vraag of het verworven inzicht voldoende is om de doelstelling van de accountant voor deze opdracht te bereiken. De breedte en diepte van het algehele inzicht dat de accountant verwerft, is minder dan het inzicht dat het management heeft. A76 Het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving is een voortdurend, dynamisch proces van het verzamelen, bijwerken en analyseren van informatie gedurende de beoordelingsopdracht. Het inzicht van de accountant wordt iteratief gedurende het uitvoeren van de opdracht verworven en toegepast. Het wordt bijgewerkt wanneer er zich wijzigingen in de voorwaarden en omstandigheden voordoen. Initiële werkzaamheden voor aanvaarding en continuering van de opdracht op het moment van aanvang van een beoordelingsopdracht zijn gebaseerd op het voorlopige inzicht van de accountant in de entiteit en de omstandigheden van de opdracht. Bij een voortgezette cliëntrelatie omvat het inzicht van de accountant kennis die in voorgaande uitgevoerde opdrachten door de accountant is verkregen met betrekking tot de financiële overzichten van de entiteit en overige financiële informatie. @@ -12208,7 +12208,7 @@ A78 Bij het verkrijgen van inzicht in de entiteit en haar omgeving en in het ste • de procedures van de entiteit voor het vastleggen, het classificeren en samenvatten van transacties, het verzamelen van informatie die in de financiële overzichten kan worden opgenomen en daaraan gerelateerde toelichtingen; • de soorten aangelegenheden die aanpassingen in de administratieve verwerking in de financiële overzichten van de entiteit in voorgaande verslagperioden vereisen. -##### . Het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden (Zie Par. 47 en 55) +##### . Het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden (Zie Par. 47 en 55) A79 De geplande aard, timing en omvang van de werkzaamheden die de accountant in overweging neemt en die hij noodzakelijk acht om voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen als basis voor een conclusie over de financiële overzichten als geheel worden beïnvloed door: @@ -12222,7 +12222,7 @@ A82 Het feit dat de accountant het nodig kan achten om andere werkzaamheden uit A83 De accountant kan overwegen de administratie te beoordelen met het oog op het onderkennen van significante of ongebruikelijke transacties die bij de beoordeling specifieke aandacht kunnen vereisen. -###### . Verzoeken om inlichtingen (Zie Par. 46–48) +###### . Verzoeken om inlichtingen (Zie Par. 46–48) A84 Bij een beoordeling omvat het verzoeken om inlichtingen het zoeken naar informatie van het management en andere personen binnen de entiteit die de accountant in de omstandigheden van de opdracht nodig acht. De accountant kan, indien gepast, verzoeken om inlichtingen ook uitbreiden om niet-financiële gegevens te verkrijgen. Het evalueren van reacties die door het management worden gegeven is een integraal onderdeel van het proces van verzoeken om inlichtingen. A85 Afhankelijk van de omstandigheden van de opdracht kunnen verzoeken om inlichtingen ook verzoeken omvatten over: @@ -12239,11 +12239,11 @@ A86 Assurance-informatie die door middel van verzoeken om inlichtingen is verkre Het toepassen van een professioneel-kritische instelling bij het evalueren van reacties die door het management zijn gegeven is van belang. Hierdoor kan de accountant evalueren of er aangelegenheden zijn die ertoe leiden dat hij veronderstelt dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang kunnen bevatten. A87 Het verzoeken om inlichtingen vormt tevens een hulpmiddel voor de accountant bij het verkrijgen of actualiseren van het inzicht van de accountant in de entiteit en haar omgeving. Hierdoor is hij in staat om gebieden in de financiële overzichten te onderkennen waar afwijkingen van materieel belang waarschijnlijk voor zullen komen. -###### . Verzoeken om inlichtingen met betrekking tot het vermogen van de entiteit om haar continuïteit te handhaven (Zie Par. 48f) +###### . Verzoeken om inlichtingen met betrekking tot het vermogen van de entiteit om haar continuïteit te handhaven (Zie Par. 48f) A88 Bij kleinere entiteiten kan het vaak voorkomen dat het management geen inschatting heeft opgesteld van de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, maar in plaats daarvan op zijn kennis van de bedrijfsactiviteiten en van verwachte toekomstige ontwikkelingen steunt. In deze omstandigheden kan het passend zijn om de vooruitzichten op de middellange en lange termijn en de financiering van de entiteit met het management te bespreken. Dit is inclusief het in overweging nemen of de beweringen van het management niet inconsistent zijn met het inzicht van de accountant in de entiteit. -###### . Cijferanalyses (Zie Par. 46–47 en 49) +###### . Cijferanalyses (Zie Par. 46–47 en 49) A89 Bij een beoordeling van financiële overzichten vormt het uitvoeren van cijferanalyses een hulpmiddel voor de accountant bij: @@ -12268,11 +12268,11 @@ A91 De overweging van de accountant of de gegevens die voor de cijferanalyses wo ###### . Werkzaamheden om op specifieke omstandigheden in te spelen -####### . Fraude en het niet-naleven van wet- of regelgeving (Zie Par. 52d) +####### . Fraude en het niet-naleven van wet- of regelgeving (Zie Par. 52d) A92 Het is mogelijk dat de accountant fraude of illegale handelingen heeft onderkend of hier vermoedens van heeft. Dan is van de accountant onder deze Standaard vereist om te bepalen of er een verantwoordelijkheid bestaat om te rapporteren over het plaatsvinden of het vermoeden hiervan aan een partij buiten de entiteit. Hoewel de beroepsplicht van de accountant inzake de geheimhouding van cliëntengegevens hem kan verhinderen zulke zaken te rapporteren, is het mogelijk dat de wettelijke verplichtingen van de accountant in bepaalde omstandigheden prevaleren boven de geheimhoudingsplicht. -###### . Gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan met betrekking tot het gebruik van de continuïteitsveronderstelling in de financiële overzichten (Zie Par. 54) +###### . Gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen ontstaan met betrekking tot het gebruik van de continuïteitsveronderstelling in de financiële overzichten (Zie Par. 54) A93 De hieronder genoemde factoren geven voorbeelden van gebeurtenissen of omstandigheden die, afzonderlijk of collectief, gerede twijfel kunnen doen ontstaan over de continuïteitsveronderstelling. De opsomming is niet limitatief en evenmin betekent het bestaan van één of meer van de elementen dat er altijd een onzekerheid bestaat over de vraag of de entiteit haar continuïteit kan handhaven. @@ -12301,11 +12301,11 @@ A93 De hieronder genoemde factoren geven voorbeelden van gebeurtenissen of omsta Het belang van dergelijke gebeurtenissen of omstandigheden kan vaak door andere factoren worden beperkt. Het effect van het niet in staat zijn van een entiteit haar normale schulden af te lossen kan bijvoorbeeld worden opgevangen door plannen van het management om adequate kasstromen in stand te houden met alternatieve middelen zoals het afstoten van activa, het aanpassen van het tijdschema van aflossingen van leningen, of door het verkrijgen van aanvullend kapitaal. Op soortgelijke manier kan het verlies van een belangrijke leverancier worden beperkt door de beschikbaarheid van een geschikte alternatieve bron van toelevering. -##### . Het aansluiten van de financiële overzichten op de onderliggende administratie (Zie Par. 56) +##### . Het aansluiten van de financiële overzichten op de onderliggende administratie (Zie Par. 56) A94 De accountant verkrijgt doorgaans assurance-informatie dat de financiële overzichten overeenstemmen met, of aansluiten op, de onderliggende administratie. Dit gebeurt door bedragen en rekeningen in de financiële overzichten te volgen naar de relevante administratie, zoals het grootboek, of een samenvatting of schema die de overeenstemming of aansluiting weergeeft van de bedragen in de financiële overzichten met de onderliggende administratie (zoals een saldibalans). -##### . Het uitvoeren van aanvullende werkzaamheden (Zie Par. 57) +##### . Het uitvoeren van aanvullende werkzaamheden (Zie Par. 57) A95 Aanvullende werkzaamheden zijn onder deze Standaard vereist indien de accountant zich bewust wordt van een aangelegenheid die ertoe leidt dat de accountant veronderstelt dat de financiële overzichten een afwijking van materieel belang kunnen bevatten. A96 De reactie van de accountant bij het uitvoeren van aanvullende werkzaamheden met betrekking tot een element dat ertoe heeft geleid dat de accountant veronderstelt dat deze in de financiële overzichten een afwijking van materieel belang zou kunnen bevatten zal, afhankelijk van de omstandigheden, variëren. Dit is een afhankelijk van de professionele oordeelsvorming van de accountant. @@ -12331,13 +12331,13 @@ c. ertoe leiden dat de accountant veronderstelt dat de vorderingen waarschijnlij 1. aanvullende werkzaamheden uit te blijven voeren totdat de accountant of (a) of (b) bereikt; of 2. indien de accountant niet in staat is om te kunnen concluderen dat de situatie er waarschijnlijk niet toe zal leiden dat de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang bevatten óf om te bepalen dat de aangelegenheid er wel toe leidt dat de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang bevatten, dan is er sprake van een beperking in de reikwijdte. Dan is de accountant niet in staat om een goedkeurende conclusie over de financiële overzichten tot uitdrukking te brengen. -#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 61–63) +#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 61–63) A100 Schriftelijke bevestigingen zijn een belangrijke bron van assurance-informatie bij een beoordelingsopdracht. Indien het management de verzochte schriftelijke bevestigingen aanpast of niet verschaft kan het de accountant alert maken op de mogelijkheid dat er één of meerdere significante kwesties kunnen bestaan. Verder kan een verzoek om schriftelijke bevestigingen, eerder dan mondelinge, in veel gevallen het management ertoe aanzetten aan dergelijke aangelegenheden nadrukkelijker aandacht te besteden. Hierdoor wordt de kwaliteit van de bevestigingen verbeterd. A101 Ter aanvulling op de schriftelijke bevestigingen die onder deze Standaard zijn vereist kan de accountant overwegen of het noodzakelijk is om te verzoeken om overige schriftelijke bevestigingen met betrekking tot de financiële overzichten. Deze kunnen bijvoorbeeld noodzakelijk zijn om de assurance-informatie van de accountant te voltooien met betrekking tot bepaalde elementen of toelichtingen die in de financiële overzichten worden weergegeven. Dit in het geval dat de accountant dergelijke bevestigingen van belang acht bij het vormen van een aangepaste of goedkeurend conclusie over de financiële overzichten. A102 In sommige gevallen kan het management in de schriftelijke bevestigingen een voorbehoud in de formulering opnemen waaruit blijkt dat bevestigingen naar beste weten worden opgesteld. Het is voor de accountant redelijk om dergelijke formulering te aanvaarden, indien de accountant zich ervan heeft vergewist dat de bevestigingen zijn gemaakt door degenen met de juiste verantwoordelijkheden en kennis van de aangelegenheden die in de bevestigingen zijn opgenomen. -#### . Het evalueren van assurance-informatie verkregen uit de uitgevoerde werkzaamheden (Zie Par. 66–68) +#### . Het evalueren van assurance-informatie verkregen uit de uitgevoerde werkzaamheden (Zie Par. 66–68) A103 In sommige omstandigheden kan de accountant geen assurance-informatie hebben verkregen waarvan de accountant had verwacht deze te verkrijgen vanuit de verzochte inlichtingen en cijferanalyses waarbij er wordt ingespeeld op specifieke omstandigheden. In deze gevallen overweegt de accountant dat de uit de werkzaamheden verkregen assurance-informatie niet voldoende en geschikt is om een conclusie te kunnen vormen over de financiële overzichten. De accountant kan: @@ -12353,12 +12353,12 @@ A105 Beperkingen in de reikwijdte van de beoordeling die door het management wor #### . Het vormen van de conclusie van de accountant over de financiële overzichten -##### . Beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 69a) +##### . Beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 69a) A106 De beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in de financiële overzichten is belangrijk omdat deze gebruikers van de financiële overzichten inlicht over het stelsel waarop de financiële overzichten zijn gebaseerd. Indien de financiële overzichten financiële overzichten voor bijzondere doeleinden betreffen, kunnen zij zijn opgesteld op basis van een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden dat alleen voor de betrokken partij en de accountant beschikbaar is. Beschrijving van het stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden dat wordt gebruikt is belangrijk aangezien de financiële overzichten voor bijzondere doeleinden niet geschikt kunnen zijn voor ander gebruik dan het beoogd gebruik dat voor de financiële overzichten voor bijzondere doeleinden is geïdentificeerd. A107 Een beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving die onnauwkeurige kwalificerende of beperkende bewoordingen omvat (bijvoorbeeld ‘de financiële overzichten zijn hoofdzakelijk in overeenstemming met International Financial Reporting Standards’) is geen adequate beschrijving van dat stelsel.Het kan gebruikers van de financiële overzichten misleiden. -##### . Toelichting van effecten van transacties en gebeurtenissen van materieel belang op informatie die in de financiële overzichten wordt bekendgemaakt (Zie Par. 69b vi en 71) +##### . Toelichting van effecten van transacties en gebeurtenissen van materieel belang op informatie die in de financiële overzichten wordt bekendgemaakt (Zie Par. 69b vi en 71) A108 Van de accountant is onder deze Standaard vereist om te evalueren of de financiële overzichten adequate toelichtingen verschaffen. Dit om de beoogde gebruikers in staat te stellen om het effect te begrijpen van transacties en gebeurtenissen die van materieel belang zijn op de financiële positie, de financiële prestaties en kasstromen van de entiteit. A109 In het geval van financiële overzichten die in overeenstemming met de vereisten van een getrouw-beeld stelsel zijn opgesteld, kan het nodig zijn dat het management aanvullende toelichtingen in de financiële overzichten opneemt die verder gaan dan de toelichtingen die specifiek door het stelsel vereist zijn. Het kan ook nodig zijn dat het management, in buitengewoon zeldzame omstandigheden, afwijkt van een door het stelsel gestelde eis om de getrouwe weergave van de financiële overzichten te bereiken. @@ -12367,7 +12367,7 @@ A109 In het geval van financiële overzichten die in overeenstemming met de vere A110 Het zal voor de accountant buitengewoon zeldzaam zijn om financiële overzichten die in overeenstemming met een compliance-stelsel zijn opgesteld als misleidend te zien. Dit indien, overeenkomstig deze Standaard, de accountant op het tijdstip van de opdrachtaanvaarding heeft bepaald dat het stelsel aanvaardbaar is. -##### . Kwalitatieve aspecten van de praktijken inzake administratieve verwerking van de entiteit (Zie Par. 70b) +##### . Kwalitatieve aspecten van de praktijken inzake administratieve verwerking van de entiteit (Zie Par. 70b) A111 Bij het in overweging nemen van de kwalitatieve aspecten van de praktijken inzake administratieve verwerking van de entiteit, kan de accountant zich bewust worden van mogelijke tendentie met betrekking tot de oordeelsvormingen van het management. De accountant kan tot de conclusie komen dat het cumulatieve effect van een gebrek aan neutraliteit, samen met het effect van duidelijke niet-gecorrigeerde afwijkingen, ervoor zorgt dat de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang bevatten. Indicatoren van een gebrek aan neutraliteit die een effect kunnen hebben op de evaluatie door de accountant van de vraag of de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang kunnen bevatten omvatten de volgende: @@ -12375,7 +12375,7 @@ A111 Bij het in overweging nemen van de kwalitatieve aspecten van de praktijken • mogelijke tendentie van het management bij het maken van schattingen. A112 Indicatoren van mogelijke tendentie door het management betekenen niet automatisch dat er afwijkingen in het kader van het trekken van conclusies over de redelijkheid van individuele schattingen bestaan. Zij kunnen echter een effect hebben op de overweging van de accountant of de financiële overzichten als geheel een afwijking van materieel belang kunnen bevatten. -###### . Het vormen van de conclusie (Zie Par. 74) +###### . Het vormen van de conclusie (Zie Par. 74) ####### . Beschrijving van de informatie die de financiële overzichten presenteren @@ -12385,7 +12385,7 @@ A113 In het geval dat de financiële overzichten overeenkomstig een getrouw-beel A114 Of de zin ‘in alle van materieel belang zijnde opzichten, getrouw zijn weergegeven’ of ‘geeft een getrouw beeld’ in een willekeurig rechtsgebied wordt gebruikt, wordt bepaald door wet- of regelgeving die de beoordeling van de financiële overzichten in dat rechtsgebied regelt, of door algemeen aanvaarde praktijk in dat rechtsgebied. Indien wet- of regelgeving het gebruik van verschillende formuleringen vereist, heeft dit geen invloed op het vereiste in deze Standaard voor de accountant om de getrouwe weergave van de financiële overzichten te evalueren in overeenstemming met een getrouw-beeld stelsel. -##### . Het niet in staat zijn om een conclusie te vormen als gevolg van een beperking in de reikwijdte van de beoordeling die door het management is opgelegd nadat de opdracht is aanvaard (Zie Par. 15 en 82) +##### . Het niet in staat zijn om een conclusie te vormen als gevolg van een beperking in de reikwijdte van de beoordeling die door het management is opgelegd nadat de opdracht is aanvaard (Zie Par. 15 en 82) A115 De uitvoerbaarheid van het teruggeven van een beoordelingsopdracht kan afhankelijk zijn van de fase van voltooiing van de opdracht op het moment dat het management de beperking in reikwijdte oplegt. Indien de accountant de beoordeling grotendeels heeft voltooid, kan de accountant ervoor kiezen om: @@ -12398,36 +12398,36 @@ A116 In bepaalde omstandigheden kan het teruggeven van de opdracht niet mogelijk A117 Wanneer de accountant concludeert dat het teruggeven van de opdracht noodzakelijk is vanwege een beperking in de reikwijdte kan er voor de accountant een professionele, wettelijke of regelgevende vereiste bestaan om aangelegenheden op het gebied van teruggave van de opdracht aan regelgevers of eigenaren van de entiteit te communiceren. -#### . De beoordelingsverklaring (Zie Par. 86–92) +#### . De beoordelingsverklaring (Zie Par. 86–92) A118 De schriftelijke verklaring omvat zowel verklaringen die zijn uitgebracht in hard copy als verklaringen die op elektronische wijze uit zijn gebracht. -##### . Elementen van de beoordelingsverklaring (Zie Par. 86) +##### . Elementen van de beoordelingsverklaring (Zie Par. 86) A119 Een titel die aangeeft dat de verklaring de verklaring van een onafhankelijke accountant betreft, bijvoorbeeld ‘beoordelingsverklaring van de onafhankelijke accountant’ bevestigt dat de accountant heeft voldaan aan alle onafhankelijkheidsvoorschriften en onderscheidt derhalve de verklaring van de onafhankelijke accountant van de rapporten die door anderen zijn uitgegeven. A120 Wet- of regelgeving kan specificeren aan wie de beoordelingsverklaring moet worden geadresseerd in dat specifieke rechtsgebied. De beoordelingsverklaring is doorgaans geadresseerd aan hen voor wie de verklaring is opgesteld, vaak zijn dat of de aandeelhouders of de met governance belaste personen van de entiteit waarvan de financiële overzichten worden beoordeeld. A121 Wanneer de accountant zich ervan bewust is dat de financiële overzichten die beoordeeld zijn zullen worden opgenomen in een document dat andere informatie bevat, zoals een jaarrapport, kan de accountant overwegen, indien de vorm van de presentatie dit toestaat, de paginanummers waarop de financiële informatie wordt gepresenteerd te identificeren. Dit ondersteunt de gebruikers in het identificeren van de financiële overzichten waarop de beoordelingsverklaring betrekking heeft. -###### . De verantwoordelijkheid van het management voor de financiële overzichten (Zie Par. 86 d) +###### . De verantwoordelijkheid van het management voor de financiële overzichten (Zie Par. 86 d) A122 De vereiste van deze Standaard dat de accountant de overeenstemming van het management moet verkrijgen dat deze zijn verantwoordelijkheden erkent en begrijpt, zowel in relatie tot het opstellen van de financiële overzichten als in relatie tot de beoordelingsopdracht, is essentieel voor het uitvoeren van de beoordeling en de rapportage over de opdracht. De beschrijving van de verantwoordelijkheden van het management in de beoordelingsverklaring verschaft context aan de lezers van de beoordelingsverklaring over de verantwoordelijkheden van het management zoals deze zich verhouden tot de uitgevoerde beoordelingsopdracht. A123 De beoordelingsverklaring hoeft niet specifiek te verwijzen naar ‘het management’ maar kan in plaats daarvan verwijzen naar de term die in de context van het juridisch stelsel gepast is in dat bepaalde rechtsgebied. In sommige rechtsgebieden kan de passende referentie de met governance belaste personen van de entiteit zijn. A124 Er kunnen zich omstandigheden voordoen waarin het voor de accountant passend is om de beschrijving van de verantwoordelijkheden van het management zoals in deze Standaard staat beschreven uit te breiden. Dit om aanvullende verantwoordelijkheden weer te geven die relevant zijn voor het opstellen van de financiële overzichten in de context van een rechtsgebied, of als gevolg van het soort entiteit. A125 In bepaalde rechtsgebieden is het mogelijk dat wet- of regelgeving die de verantwoordelijkheden van het management voorschrijft op specifieke wijze verwijst naar een verantwoordelijkheid voor het adequaat zijn van de administratie en vastleggingen of administratieve systeem. Omdat de administratie, vastleggingen of systemen een integraal onderdeel van interne beheersing zijn, maakt deze Standaard geen gebruik van deze beschrijvingen of verwijst zij hier niet specifiek naar. -###### . De verantwoordelijkheid van de accountant (Zie Par. 86 f) +###### . De verantwoordelijkheid van de accountant (Zie Par. 86 f) A126 De beoordelingsverklaring vermeldt dat de verantwoordelijkheid van de accountant ligt bij het tot uitdrukking brengen van een conclusie over de financiële overzichten op basis van de uitgevoerde beoordeling. Dit gebeurt om de verantwoordelijkheid van de accountant te laten contrasteren met de verantwoordelijkheid van het management voor het opstellen van de financiële overzichten. -###### . Verwijzing naar de standaarden (Zie Par. 86 f) +###### . Verwijzing naar de standaarden (Zie Par. 86 f) A127 De verwijzing naar de standaarden die door de accountant worden gehanteerd voor de beoordeling maakt de gebruikers van de beoordelingsverklaring duidelijk dat de beoordeling is uitgevoerd in overeenstemming met vastgestelde standaarden. -###### . Communicatie van de aard van een beoordeling van financiële overzichten (Zie Par. 86 g) +###### . Communicatie van de aard van een beoordeling van financiële overzichten (Zie Par. 86 g) A128 De beschrijving van de aard van een beoordelingsopdracht in de beoordelingsverklaring legt de reikwijdte en beperkingen uit van de opdracht die ten behoeve van de lezers van de verklaring is uitgevoerd. Deze uitleg verduidelijkt, om twijfel te voorkomen, dat de beoordeling geen controle betreft en dat de accountant derhalve geen controleoordeel over de financiële overzichten tot uitdrukking brengt. -###### . Beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en de wijze waarop dit de conclusie van de accountant kan beïnvloeden (Zie Par. 86 i en ii) +###### . Beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en de wijze waarop dit de conclusie van de accountant kan beïnvloeden (Zie Par. 86 i en ii) A129 De identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in de conclusie van de accountant is bedoeld om de gebruikers van de beoordelingsverklaring te wijzen op de context waarin die conclusie tot uitdrukking is gebracht. Het is niet bedoeld om de evaluatie zoals vereist op grond van paragraaf 30(a) in te perken. Het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving wordt aangegeven in termen als: @@ -12436,15 +12436,15 @@ A129 De identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële v ‘... in overeenstemming met de in Rechtsgebied X algemeen aanvaarde verslaggevingsprincipes ...’. A130 Wanneer het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving standaarden voor financiële verslaggeving en wettelijke of regelgevende vereisten omvat, wordt het stelsel aangegeven in termen als ‘... overeenkomstig International Financial Reporting Standards en de door de vennootschapswet van Rechtsgebied X gestelde eisen’. -###### . Paragraaf over de onderbouwing van de aanpassing wanneer de conclusie is aangepast (Zie Par. 85 h, ii) +###### . Paragraaf over de onderbouwing van de aanpassing wanneer de conclusie is aangepast (Zie Par. 85 h, ii) A131 Een afkeurende conclusie of een onthouding van een conclusie die gebaseerd is op een specifieke aangelegenheid die beschreven wordt in de paragraaf over de onderbouwing van de aanpassing, rechtvaardigt niet het weglaten van een beschrijving van overige geïdentificeerde aangelegenheden die anders een aanpassing van de conclusie van de accountant zouden hebben vereist. In dergelijke gevallen kan de toelichting van dergelijke overige aangelegenheden waarvan de accountant zich bewust is, relevant zijn voor gebruikers van de financiële overzichten. -###### . Ondertekening door de accountant (Zie Par. 86 l) +###### . Ondertekening door de accountant (Zie Par. 86 l) A132 De ondertekening van de accountant is uit naam van het kantoor van de accountant óf de persoonlijke naam van de individuele accountant, of beiden, naar gelang wat gepast is in het betreffende rechtsgebied. Naast de ondertekening van de accountant kan van de accountant in bepaalde rechtsgebieden worden vereist om een verklaring op te nemen in de beoordelingsverklaring over beroepsaanduiding of -erkenning door de passende instantie die in dat rechtsgebied de vergunningen heeft verstrekt. -##### . De lezers er op attenderen dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden (Zie Par. 88) +##### . De lezers er op attenderen dat de financiële overzichten zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden (Zie Par. 88) A133 De financiële overzichten voor bijzondere doeleinden kunnen gebruikt worden voor andere doeleinden dan die waarvoor zij waren bedoeld. Een regelgever of toezichthouder kan bijvoorbeeld van bepaalde entiteiten vereisen om de financiële overzichten voor bijzondere doeleinden openbaar te maken. Om misverstanden te voorkomen is het van belang dat de accountant de gebruikers van de beoordelingsverklaring erop attendeert dat de financiële overzichten in overeenstemming met een stelsel voor bijzondere doeleinden zijn opgesteld en derhalve niet geschikt kunnen zijn voor een ander doel. @@ -12452,13 +12452,13 @@ A133 De financiële overzichten voor bijzondere doeleinden kunnen gebruikt worde A134 Het is onder deze Standaard vereist om de lezer van de beoordelingsverklaring erop te attenderen dat de financiële overzichten zijn opgesteld door gebruik te maken van een stelsel voor bijzondere doeleinden. Daarnaast kan de accountant overwegen of het gepast is om aan te geven dat de beoordelingsverklaring alleen bedoeld is voor specifieke gebruikers. Afhankelijk van de wet- of regelgeving van het betreffende rechtsgebied kan dit worden bereikt door een beperking op de verspreiding of het gebruik van de beoordelingsverklaring op te leggen. In deze omstandigheden kan de paragraaf waarin de lezer alert wordt gemaakt op het gebruik van een stelsel voor bijzondere doeleinden worden uitgebreid met deze overige aangelegenheden en kan de titel dienovereenkomstig worden aangepast. -##### . Overige rapporteringsverantwoordelijkheden (Zie Par. 91) +##### . Overige rapporteringsverantwoordelijkheden (Zie Par. 91) A135 In sommige rechtsgebieden kan de accountant aanvullende verantwoordelijkheden hebben om te rapporteren over overige aangelegenheden die aanvullend zijn op de verantwoordelijkheid van de accountant onder deze Standaard. De accountant kan bijvoorbeeld worden gevraagd om te rapporteren over bepaalde aangelegenheden indien deze tijdens het verloop van de beoordeling van de financiële overzichten onder de aandacht van de accountant komen. Aan de andere kant kan de accountant worden gevraagd om aanvullende gespecificeerde werkzaamheden uit te voeren en hierover te rapporteren of om een conclusie tot uitdrukking te brengen over specifieke aangelegenheden zoals het adequaat zijn van de administratie en vastleggingen. Standaarden betreffende opdrachten om in het specifieke rechtsgebied financiële overzichten te beoordelen kunnen leidraden verschaffen voor de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot specifieke aanvullende rapporteringsverantwoordelijkheden in dat rechtsgebied. A136 In sommige gevallen is het mogelijk dat de relevante wet- of regelgeving vereist of toestaat dat de accountant rapporteert over deze overige verantwoordelijkheden in de beoordelingsverklaring over de financiële overzichten. In andere gevallen kan het vereist of toegestaan zijn dat de accountant daarover in een afzonderlijke rapportage rapporteert. A137 Deze overige rapporteringsverantwoordelijkheden worden in een aparte sectie van de beoordelingsverklaring behandeld om deze duidelijk te onderscheiden van de verantwoordelijkheid van de accountant onder deze Standaard te rapporteren over de financiële overzichten. Waar relevant kan deze sectie subtitels bevatten die de inhoud van de paragraaf inzake overige rapporteringsverantwoordelijkheden beschrijven. In sommige rechtsgebieden kunnen de aanvullende rapporteringsverantwoordelijkheden worden behandeld in een rapport dat losstaat van de beoordelingsverklaring dat voor de beoordeling van de financiële overzichten is verschaft. -##### . Datum van de beoordelingsverklaring (Zie Par. 86k en 92) +##### . Datum van de beoordelingsverklaring (Zie Par. 86k en 92) A138 De datum van de beoordelingsverklaring informeert de gebruikers van de beoordelingsverklaring dat de accountant de invloed van gebeurtenissen en transacties in overweging heeft genomen waarvan hij zich bewust werd en die hebben plaatsgevonden tot op die datum. A139 De conclusie van de accountant wordt verschaft over de financiële overzichten en de financiële overzichten vallen onder de verantwoordelijkheid van het management. De accountant verkeert niet in de positie om te concluderen dat voldoende en geschikte assurance-informatie is verkregen totdat de accountant zich ervan heeft vergewist dat alle overzichten die de financiële overzichten vormen, inclusief daarop betrekking hebbende toelichtingen, zijn opgesteld en het management de verantwoordelijkheid hiervoor op zich heeft genomen. @@ -12468,29 +12468,29 @@ A141 In bepaalde rechtsgebieden is de uiteindelijke goedkeuring door de aandeelh • degenen met de erkende bevoegdheid bepalen dat alle overzichten die de financiële overzichten vormen, inclusief de daarop betrekking hebbende toelichtingen, zijn opgesteld; en • dat degenen met de erkende bevoegdheid hebben beweerd dat zij daarvoor verantwoordelijk zijn. -##### . Beoordelingsverklaring voorgeschreven door wet- of regelgeving (Zie Par. 34–35 en 86) +##### . Beoordelingsverklaring voorgeschreven door wet- of regelgeving (Zie Par. 34–35 en 86) A142 Consistentie in de beoordelingsverklaring, wanneer de beoordeling overeenkomstig deze Standaard is uitgevoerd, bevordert de geloofwaardigheid in de wereldwijde markt door het gemakkelijker identificeerbaar maken van die beoordelingen van financiële overzichten die werden uitgevoerd in overeenstemming met wereldwijd erkende standaarden. De beoordelingsverklaring kan naar deze Standaard verwijzen wanneer de verschillen tussen de wettelijke of regelgevende vereisten en deze Standaard alleen betrekking hebben op de lay-out of formulering van de beoordelingsverklaring en de verklaring tenminste voldoet aan de vereisten van alinea 86 van deze Standaard. Dienovereenkomstig wordt in dergelijke omstandigheden verwacht dat de accountant de vereisten van deze Standaard heeft nageleefd, zelfs wanneer de in de beoordelingsverklaring gebruikte lay-out en bewoordingen worden voorgeschreven door wettelijke of regelgevende verslaggevingsvereisten. In het geval de specifieke vereisten in een bepaald rechtsgebied niet conflicteren met deze Standaard, vormt het aannemen van de lay-out en bewoordingen die in deze Standaard worden gebruikt een hulpmiddel voor gebruikers van de beoordelingsverklaring om de gemakkelijker de beoordelingsverklaring te herkennen als een verklaring betreffende een beoordeling van financiële overzichten die overeenkomstig deze Standaard is uitgevoerd. Omstandigheden waar wet- of regelgeving de lay-out of bewoordingen van de beoordelingsverklaring voorschrijft in termen die aanzienlijk afwijken van de vereisten van deze Standaard, worden in de vereisten van deze Standaard op het gebied van opdrachtaanvaarding van beoordelingsopdrachten en in voortzetten van cliëntrelaties geadresseerd. -##### . Beoordelingsverklaring voor beoordelingen die zijn uitgevoerd overeenkomstig zowel andere standaarden als de NV COS (Zie Par. 86 f) +##### . Beoordelingsverklaring voor beoordelingen die zijn uitgevoerd overeenkomstig zowel andere standaarden als de NV COS (Zie Par. 86 f) A143 Wanneer, ter aanvulling op het naleven van de vereisten van deze Standaard uit de NV COS, de accountant tevens andere standaarden naleeft, kan de verklaring verwijzen naar de beoordeling die overeenkomstig deze Standaard en andere standaarden is uitgevoerd voor opdrachten tot het beoordelen van financiële overzichten. Een verwijzing naar zowel deze Standaard als naar andere standaarden is echter niet passend als er een conflict bestaat tussen de vereisten van deze Standaard en die in andere standaarden, die de accountant ertoe zou brengen om een andere conclusie te vormen of om geen paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden op te nemen die, in de bijzondere omstandigheden, door deze Standaard vereist is. In een dergelijk geval verwijzen de beoordelingsverklaringen alleen naar de relevante standaarden (deze Standaard of andere standaarden) in overeenstemming waarmee de beoordelingsverklaring is opgesteld. -##### . Voorbeelden van verklaringen (Zie Par. 86) +##### . Voorbeelden van verklaringen (Zie Par. 86) A144 Bijlage 2 van deze Standaard bevat voorbeelden van beoordelingsverklaringen voor een beoordeling van financiële overzichten waarin de verslaggevingsvereisten van deze Standaard zijn opgenomen. #### . Documentatie -##### . Tijdigheid van opdrachtdocumentatie (Zie Par. 93) +##### . Tijdigheid van opdrachtdocumentatie (Zie Par. 93) -A145 Wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing vereist van de kantoren dat zij beleidslijnen en procedures vaststellen voor het tijdig voltooien van de samenstelling van opdrachtdossiers570Een geschikt tijdsbestek waarbinnen de samenstelling van het definitieve opdrachtdossier moet worden afgerond, is gewoonlijk niet meer dan 2 maanden na de datum van de verklaring (gelijk aan de periode die geldt voor controledossiers zoals gesuggereerd in Standaard 230, paragraafA21).. +A145 Wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing vereist van de kantoren dat zij beleidslijnen en procedures vaststellen voor het tijdig voltooien van de samenstelling van opdrachtdossiers570Een geschikt tijdsbestek waarbinnen de samenstelling van het definitieve opdrachtdossier moet worden afgerond, is gewoonlijk niet meer dan 2 maanden na de datum van de verklaring (gelijk aan de periode die geldt voor controledossiers zoals gesuggereerd in Standaard 230, paragraafA21).. -### 1:. Voorbeeld van een opdrachtbevestiging voor een opdracht tot het beoordelen van financiële overzichten (Zie Par. A56) +### 1:. Voorbeeld van een opdrachtbevestiging voor een opdracht tot het beoordelen van financiële overzichten (Zie Par. A56) Voor een voorbeeldtekst van een opdrachtbevestiging bij een beoordelingsopdracht wordt verwezen naar HRA deel 3. -### 2:. Voorbeeld van beoordelingsverklaringen (Zie Par. A144) +### 2:. Voorbeeld van beoordelingsverklaringen (Zie Par. A144) Voor voorbeeldteksten van beoordelingsverklaringen betreffende financiële overzichten voor algemene doeleinden wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -12954,7 +12954,7 @@ b. indien in de opdrachtvoorwaarden specifiek vereist is dat een conclusie moet ### . Specifieke aspecten publieke sector -1 Deze Standaard voor assurance-opdrachten is van toepassing voor alle accountants werkzaam binnen de publieke sector die onafhankelijk zijn van de entiteit waarvoor zij assurance-opdrachten uitvoeren. Indien accountant binnen de publieke sector niet onafhankelijk zijn van de entiteit waarvoor zij een assurance-opdracht uitvoeren dient deze Standaard te worden toegepast met een speciale verwijzing naar de aanwijzingen in voetnoot 2. +1 Deze Standaard voor assurance-opdrachten is van toepassing voor alle accountants werkzaam binnen de publieke sector die onafhankelijk zijn van de entiteit waarvoor zij assurance-opdrachten uitvoeren. Indien accountant binnen de publieke sector niet onafhankelijk zijn van de entiteit waarvoor zij een assurance-opdracht uitvoeren dient deze Standaard te worden toegepast met een speciale verwijzing naar de aanwijzingen in voetnoot 2. ## 3400. Onderzoek van toekomstgerichte financiële informatie @@ -13087,14 +13087,14 @@ Een voorbeeld daarvan kan zijn een onvoldoende toelichting over de invloed van w #### . Toepassingsgebied van deze Standaard -1 Deze Standaard behandelt de assurance-opdrachten die door een accountant580Op grond van de *Nadere Voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten (NVAK assurance)* artikel 10 kunnen ook andere toegelaten professionals zoals de RE deze opdrachten uitvoeren. worden uitgevoerd om voor gebruikende entiteiten en hun accountants een rapportage te verstrekken. Deze rapportage betreft de interne beheersingsmaatregelen van een serviceorganisatie die aan de gebruikende entiteiten een dienst verleent die waarschijnlijk relevant is voor de interne beheersing van de gebruikende entiteiten in relatie tot de financiële verslaggeving. Deze Standaard vult Standaard 402 aan zodat de rapportages opgesteld in overeenstemming met deze Standaard, geschikt zijn de onder Standaard 402581Standaard 402, *Overwegingen met betrekking tot controles van entiteiten die gebruik maken van een serviceorganisatie*. passende assurance-informatie te verschaffen. (Zie Par. A1) +1 Deze Standaard behandelt de assurance-opdrachten die door een accountant580Op grond van de *Nadere Voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten (NVAK assurance)* artikel 10 kunnen ook andere toegelaten professionals zoals de RE deze opdrachten uitvoeren. worden uitgevoerd om voor gebruikende entiteiten en hun accountants een rapportage te verstrekken. Deze rapportage betreft de interne beheersingsmaatregelen van een serviceorganisatie die aan de gebruikende entiteiten een dienst verleent die waarschijnlijk relevant is voor de interne beheersing van de gebruikende entiteiten in relatie tot de financiële verslaggeving. Deze Standaard vult Standaard 402 aan zodat de rapportages opgesteld in overeenstemming met deze Standaard, geschikt zijn de onder Standaard 402581Standaard 402, *Overwegingen met betrekking tot controles van entiteiten die gebruik maken van een serviceorganisatie*. passende assurance-informatie te verschaffen. (Zie Par. A1) 2 In het *Stramien voor Assurance-opdrachten* (het Stramien) staat aangegeven dat een assurance-opdracht een opdracht met een ‘redelijke mate van zekerheid’ of een opdracht met een ‘beperkte mate van zekerheid’ kan zijn, dat een assurance-opdracht een ‘assertion-based’ opdracht of een ‘direct reporting’ opdracht kan zijn alsmede dat de assurance-conclusie voor een ‘assertion-based opdracht’ in termen van de bewering van de verantwoordelijke partij verwoord kan worden of direct in termen van het object van onderzoek en de criteria582*Het Stramien,* paragraaf 10, 11 en 57.. In deze Standaard worden alleen ‘assertion-based’ opdrachten behandeld die een redelijke mate van zekerheid uitdrukken, waarbij de assurance-conclusie direct met betrekking tot het object van onderzoek en de criteria wordt verwoord583Paragraaf 13 en 52 (k) van deze Standaard.. 3 Deze Standaard is alleen van toepassing wanneer de serviceorganisatie verantwoordelijk is voor, of anderszins in staat is om een bewering te doen over de geschikte opzet van interne beheersingsmaatregelen. In deze Standaard worden niet de assurance-opdrachten behandeld: a. om uitsluitend te rapporteren over de vraag of interne beheersingsmaatregelen van een serviceorganisatie zo werken als staat beschreven; of b. om te rapporteren over interne beheersingsmaatregelen van een serviceorganisatie anders dan die beheersmaatregelen die verband houden met een dienst die waarschijnlijk relevant is voor de interne beheersing van de gebruikende entiteiten in relatie tot de financiële verslaggeving (bijvoorbeeld, interne beheersingsmaatregelen die de productie of kwaliteitsbeheersing van de gebruikende entiteiten beïnvloeden). -Desalniettemin worden in deze Standaard enige leidraden verschaft voor dergelijke opdrachten die onder Standaard 3000584Standaard 3000, *Assurance-opdrachten anders dan opdrachten tot controle of beoordeling van historische financiële informatie*. worden uitgevoerd. (Zie Par. A2) +Desalniettemin worden in deze Standaard enige leidraden verschaft voor dergelijke opdrachten die onder Standaard 3000584Standaard 3000, *Assurance-opdrachten anders dan opdrachten tot controle of beoordeling van historische financiële informatie*. worden uitgevoerd. (Zie Par. A2) 4 Naast het uitbrengen van het assurance-rapport betreffende interne beheersingsmaatregelen kan een accountant van de serviceorganisatie ook ingehuurd zijn om rapporten te verschaffen, die niet in deze Standaard behandeld worden zoals de volgende: a. een rapportage betreffende de transacties of saldi van een gebruikende entiteit die door een serviceorganisatie worden onderhouden; of @@ -13127,10 +13127,10 @@ b. te rapporteren over de aangelegenheden die hierboven bij (a) staan vermeld in a. *uitsluitingsmethode (Carve-out methode)* – een methode van omgaan met de diensten die worden verleend door een subserviceorganisatie. Hierbij omvat de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem de aard van de diensten die door een subservice-organissatie worden verleend. De relevante interne beheersingsdoelstellingen en de daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen van de subserviceorganisatie zijn echter uitgesloten van de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem alsmede van de reikwijdte van de opdracht van de accountant van de serviceorganisatie. De beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem en de reikwijdte van de opdracht van de accountant van de serviceorganisatie bevatten interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie die de effectiviteit van de interne beheersingsmaatregelen van een subserviceorganisatie monitort, wat in kan houden dat de serviceorganisatie een assurance-rapport betreffende de interne beheersingsmaatregelen van de subserviceorganisatie beoordeelt; b. *aanvullende interne beheersingsmaatregelen van de gebruikende entiteit* – Interne beheersingsmaatregelen waarvan de serviceorganisatie, bij het opzetten van de dienst, aanneemt dat zij door de gebruikende entiteiten zullen worden geïmplementeerd en die, indien noodzakelijk om de interne beheersingsdoelstellingen te bereiken, in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld; c. *interne beheersingsdoelstelling* – Het doel of doeleinde van een bepaald aspect van interne beheersingsmaatregelen. Interne beheersingsdoelstellingen houden verband met risico’s waar de interne beheersingsmaatregelen naar streven deze te mitigeren; -d. *interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie* – Interne beheersingsmaatregelen over het bereiken van een interne beheersingsdoelstelling die door het assurance-rapport van de accountant wordt omvat; (Zie Par. A3) +d. *interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie* – Interne beheersingsmaatregelen over het bereiken van een interne beheersingsdoelstelling die door het assurance-rapport van de accountant wordt omvat; (Zie Par. A3) e. *interne beheersingsmaatregelen van een subserviceorganisatie* – Interne beheersingsmaatregelen van een subserviceorganisatie die een redelijke mate van zekerheid verschaffen over het bereiken van een interne beheersingsdoelstelling; f. *criteria* – Benchmarks die gebruikt worden om een object van onderzoek te evalueren of te meten inclusief, waar relevant, benchmarks voor presentatie en toelichting; -g. *opname methode (Inclusive methode)* – Methode hoe er wordt omgegaan met de diensten die door een subserviceorganisatie worden verleend. Hierbij omvat de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem de aard van de diensten die door de subserviceorganisatie worden verleend. De relevante interne beheersingsdoelstellingen van die subserviceorganisatie en daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen zijn opgenomen in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem en in de reikwijdte van de opdracht van de accountant van de serviceorganisatie; (Zie Par. A4) +g. *opname methode (Inclusive methode)* – Methode hoe er wordt omgegaan met de diensten die door een subserviceorganisatie worden verleend. Hierbij omvat de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem de aard van de diensten die door de subserviceorganisatie worden verleend. De relevante interne beheersingsdoelstellingen van die subserviceorganisatie en daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen zijn opgenomen in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem en in de reikwijdte van de opdracht van de accountant van de serviceorganisatie; (Zie Par. A4) h. *interne auditfunctie* – Een beoordelingsactiviteit, opgesteld of verleend als een dienst aan de serviceorganisatie. De taken daarvan omvatten onder andere het onderzoeken, evalueren en monitoren van het adequaat zijn en de effectiviteit van de interne beheersing; i. *interne auditors* – Die individuen die de activiteiten van de interne auditfunctie uitvoeren. Interne auditors kunnen tot een interne auditafdeling of vergelijkbare functie behoren; j. *een rapportage over de beschrijving en de opzet van interne beheersingsmaatregelen van een serviceorganisatie (in deze Standaard wordt daarnaar verwezen als een ‘type 1 rapport’)* – Een rapportage die bestaat uit: @@ -13170,11 +13170,11 @@ s. *gebruikende entiteit* – Een entiteit die gebruik maakt van een serviceorga #### . Ethische voorschriften -11 De accountant van de serviceorganisatie dient de relevante ethische voorschriften in relatie tot assurance-opdrachten na te leven, waaronder die voorschriften die betrekking hebben op de onafhankelijkheid. (Zie Par. A5) +11 De accountant van de serviceorganisatie dient de relevante ethische voorschriften in relatie tot assurance-opdrachten na te leven, waaronder die voorschriften die betrekking hebben op de onafhankelijkheid. (Zie Par. A5) #### . Management en de met governance belaste personen -12 Waar op grond van deze Standaard van de accountant van de serviceorganisatie vereist wordt dat hij verzoekt om inlichtingen van, of bevestigingen verzoekt bij, communiceert met, of anderszins in interactie staat met de serviceorganisatie, dient de accountant van de serviceorganisatie de juiste persoon of personen binnen het management van de serviceorganisatie of governancestructuur met wie die interactie plaatsvindt te bepalen. Dit dient onder meer in te houden het beschouwen van welke persoon of personen de geschikte verantwoordelijkheden voor en kennis van de betrokken aangelegenheden hebben. (Zie Par. A6) +12 Waar op grond van deze Standaard van de accountant van de serviceorganisatie vereist wordt dat hij verzoekt om inlichtingen van, of bevestigingen verzoekt bij, communiceert met, of anderszins in interactie staat met de serviceorganisatie, dient de accountant van de serviceorganisatie de juiste persoon of personen binnen het management van de serviceorganisatie of governancestructuur met wie die interactie plaatsvindt te bepalen. Dit dient onder meer in te houden het beschouwen van welke persoon of personen de geschikte verantwoordelijkheden voor en kennis van de betrokken aangelegenheden hebben. (Zie Par. A6) #### . Aanvaarding en continuering @@ -13182,19 +13182,19 @@ s. *gebruikende entiteit* – Een entiteit die gebruik maakt van een serviceorga a. te bepalen of: -1. de accountant van de serviceorganisatie de capaciteiten en de competentie bezit om de opdracht uit te voeren; (Zie Par. A7) +1. de accountant van de serviceorganisatie de capaciteiten en de competentie bezit om de opdracht uit te voeren; (Zie Par. A7) 2. de toe te passen criteria bij de serviceorganisatie om de beschrijving van haar systeem op te stellen, voor de gebruikende entiteit en hun accountants geschikt en beschikbaar zijn; en 3. de reikwijdte van de opdracht en de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem niet zo beperkt zullen zijn dat het onwaarschijnlijk is dat zij voor de gebruikende entiteiten en hun accountants nuttig zijn. Wanneer er sprake is van een subserviceorganisaite, is de accountant van een serviceorganisatie die de diensten van de subserviceorganisatie gebruikt ook een accountant van de gebruiker. b. de instemming van de serviceorganisatie te verkrijgen dat zij haar verantwoordelijkheid erkent en begrijpt: -1. voor het opstellen van de beschrijving van haar systeem en de bijgaande bewering van de serviceorganisatie, inclusief de volledigheid, nauwkeurigheid en de methode van presentatie van die beschrijving en bewering; (Zie Par. A8) -2. om een redelijke basis te hebben voor de bewering van de serviceorganisatie die met de beschrijving van haar systeem samengaat: (Zie Par. A9) +1. voor het opstellen van de beschrijving van haar systeem en de bijgaande bewering van de serviceorganisatie, inclusief de volledigheid, nauwkeurigheid en de methode van presentatie van die beschrijving en bewering; (Zie Par. A8) +2. om een redelijke basis te hebben voor de bewering van de serviceorganisatie die met de beschrijving van haar systeem samengaat: (Zie Par. A9) 3. voor het in de bewering van de serviceorganisatie aangeven van de criteria die zij hanteerde bij het beschrijven van haar systeem; 4. voor het in de beschrijving van haar systeem aangeven van: a. de interne beheersingsdoelstellingen; en b. de partij die deze doelstellingen specificeerde wanneer deze gespecificeerd zijn door wet- of regelgeving, of een andere partij (bijvoorbeeld een gebruikersgroep of een beroepsorganisatie); -5. voor het identificeren van risico’s die het bereiken van interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van haar systeem staan vermeld in gevaar brengen, en het opzetten en implementeren van interne beheersingsmaatregelen om een redelijke mate van zekerheid te verschaffen dat die risico’s het bereiken van de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van haar systeem staan aangegeven niet zullen verhinderen, en daarmee dat de aangegeven interne beheersingsdoelstellingen zullen worden bereikt; en (Zie Par. A10) +5. voor het identificeren van risico’s die het bereiken van interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van haar systeem staan vermeld in gevaar brengen, en het opzetten en implementeren van interne beheersingsmaatregelen om een redelijke mate van zekerheid te verschaffen dat die risico’s het bereiken van de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van haar systeem staan aangegeven niet zullen verhinderen, en daarmee dat de aangegeven interne beheersingsdoelstellingen zullen worden bereikt; en (Zie Par. A10) 6. om de accountant van de serviceorganisatie: a. toegang te verschaffen tot alle informatie zoals vastleggingen, documentatie en andere aangelegenheden, met inbegrip van service level agreements waarvan de serviceorganisatie op de hoogte is dat deze relevant is voor de beschrijving van het systeem van de serviceorganisatie en de bijgaande bewering van de serviceorganisatie; @@ -13203,7 +13203,7 @@ c. onbeperkte toegang te verschaffen tot de personen binnen de serviceorganisati ##### . De aanvaarding van een wijziging in de voorwaarden van de opdracht -14 Indien de serviceorganisatie voor de afronding van de opdracht verzoekt om een wijziging in de reikwijdte van de opdracht, dient de accountant van de serviceorganisatie zich ervan te vergewissen dat er een redelijke rechtvaardiging bestaat voor die wijziging. (Zie Par. A11 en A12) +14 Indien de serviceorganisatie voor de afronding van de opdracht verzoekt om een wijziging in de reikwijdte van de opdracht, dient de accountant van de serviceorganisatie zich ervan te vergewissen dat er een redelijke rechtvaardiging bestaat voor die wijziging. (Zie Par. A11 en A12) #### . Het beoordelen van de geschiktheid van de criteria @@ -13226,36 +13226,36 @@ c. of de beschrijving informatie weglaat of verkeerd voorstelt die relevant is v a. de serviceorganisatie de risico’s heeft geïdentificeerd die het bereiken van de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van haar systeem staan vermeld in gevaar brengen; en b. de interne beheersingsmaatregelen die in die beschrijving zijn geïdentificeerd, indien zij werken zoals beschreven, een redelijke mate van zekerheid verschaffen dat die risico’s het bereiken van de vermelde interne beheersingsdoelstellingen niet verhinderen. -18 Bij het beoordelen van de geschiktheid van de criteria om de werking van interne beheersingsmaatregelen te evalueren bij het verschaffen van een redelijke mate van zekerheid dat de vermelde interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving zijn geïdentificeerd bereikt zullen worden, dient de accountant van de serviceorganisatie te bepalen of de criteria ten minste de vraag bevatten of de interne beheersingsmaatregelen gedurende de gespecificeerde verslagperiode consistent zijn toegepast. Dit houdt onder meer in of er handmatige interne beheersingsmaatregelen zijn toegepast door personen die de geschikte competentie en bevoegdheid hebben. (Zie Par. A13, A14 en A15) +18 Bij het beoordelen van de geschiktheid van de criteria om de werking van interne beheersingsmaatregelen te evalueren bij het verschaffen van een redelijke mate van zekerheid dat de vermelde interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving zijn geïdentificeerd bereikt zullen worden, dient de accountant van de serviceorganisatie te bepalen of de criteria ten minste de vraag bevatten of de interne beheersingsmaatregelen gedurende de gespecificeerde verslagperiode consistent zijn toegepast. Dit houdt onder meer in of er handmatige interne beheersingsmaatregelen zijn toegepast door personen die de geschikte competentie en bevoegdheid hebben. (Zie Par. A13, A14 en A15) #### . Materialiteit -19 Bij het plannen en het uitvoeren van de opdracht dient de accountant van de serviceorganisatie de materialiteit met betrekking tot de getrouwe weergave van de beschrijving, de geschiktheid van de opzet van de interne beheersingsmaatregelen en, in het geval van een type 2 rapport, de werking van interne beheersingsmaatregelen in aanmerking te nemen. (Zie Par. A16, A17 en A18) +19 Bij het plannen en het uitvoeren van de opdracht dient de accountant van de serviceorganisatie de materialiteit met betrekking tot de getrouwe weergave van de beschrijving, de geschiktheid van de opzet van de interne beheersingsmaatregelen en, in het geval van een type 2 rapport, de werking van interne beheersingsmaatregelen in aanmerking te nemen. (Zie Par. A16, A17 en A18) #### . Het verwerven van inzicht in het systeem van de serviceorganisatie -20 De accountant van de serviceorganisatie dient inzicht in het systeem van de serviceorganisatie te verkrijgen, met inbegrip van interne beheersingsmaatregelen die bij de reikwijdte van de opdracht zijn inbegrepen. (Zie Par. A19 en A20) +20 De accountant van de serviceorganisatie dient inzicht in het systeem van de serviceorganisatie te verkrijgen, met inbegrip van interne beheersingsmaatregelen die bij de reikwijdte van de opdracht zijn inbegrepen. (Zie Par. A19 en A20) #### . Het verkrijgen van assurance-informatie met betrekking tot de beschrijving -21 De accountant van de serviceorganisatie dient de beschrijving van de serviceorganisatie van haar system te verkrijgen en te lezen en dient te evalueren of die aspecten van de beschrijving die bij de reikwijdte van de opdracht zijn inbegrepen getrouw zijn weergegeven, met inbegrip van de vraag of: (Zie Par. A21 en A22) +21 De accountant van de serviceorganisatie dient de beschrijving van de serviceorganisatie van haar system te verkrijgen en te lezen en dient te evalueren of die aspecten van de beschrijving die bij de reikwijdte van de opdracht zijn inbegrepen getrouw zijn weergegeven, met inbegrip van de vraag of: (Zie Par. A21 en A22) -a. de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld in de gegeven omstandigheden redelijk zijn; (Zie Par. A23) +a. de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld in de gegeven omstandigheden redelijk zijn; (Zie Par. A23) b. interne beheersingsmaatregelen geïdentificeerd in die beschrijving zijn geïmplementeerd; c. aanvullende interne beheersingsmaatregelen van de gebruikende entiteit, indien aanwezig, adequaat zijn beschreven; en d. diensten die door een subservice organisatie, indien aanwezig, zijn uitgevoerd adequaat zijn beschreven, met inbegrip van of de opname methode (inclusive methode) of de uitsluitingsmethode (carve-out methode) is gehanteerd met betrekking tot die diensten. -22 De accountant van de serviceorganisatie dient middels overige werkzaamheden in combinatie met verzoeken om inlichtingen te bepalen of het systeem van de serviceorganisatie is geïmplementeerd. Die overige werkzaamheden dienen observatie en inspectie van vastleggingen en overige documentatie te bevatten van de manier waarop het systeem van de serviceorganisatie werkt en interne beheersingsmaatregelen zijn toegepast. (Zie Par. A24) +22 De accountant van de serviceorganisatie dient middels overige werkzaamheden in combinatie met verzoeken om inlichtingen te bepalen of het systeem van de serviceorganisatie is geïmplementeerd. Die overige werkzaamheden dienen observatie en inspectie van vastleggingen en overige documentatie te bevatten van de manier waarop het systeem van de serviceorganisatie werkt en interne beheersingsmaatregelen zijn toegepast. (Zie Par. A24) #### . Het verkrijgen van assurance-informatie met betrekking tot de opzet van interne beheersingsmaatregelen -23 De accountant van de serviceorganisatie dient te bepalen welke van de interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie noodzakelijk zijn om de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld te bereiken en dient te beoordelen of die interne beheersingsmaatregelen op afdoende wijze zijn opgezet. De bepaling hiervan dient het volgende te bevatten: (Zie Par. A25, A26 en A27) +23 De accountant van de serviceorganisatie dient te bepalen welke van de interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie noodzakelijk zijn om de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld te bereiken en dient te beoordelen of die interne beheersingsmaatregelen op afdoende wijze zijn opgezet. De bepaling hiervan dient het volgende te bevatten: (Zie Par. A25, A26 en A27) a. het identificeren van de risico’s die het bereiken van de interne beheersingsdoelstellingen die de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld in gevaar brengen; en b. het evalueren van de koppeling van interne beheersingsmaatregelen geïdentificeerd in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem aan deze risico’s. #### . Het verkrijgen van assurance-informatie met betrekking tot de werking van de interne beheersingsmaatregelen -24 Wanneer een type 2 rapport wordt verstrekt dient de accountant van de serviceorganisatie die interne beheersingsmaatregelen te toetsen waarvan de accountant van de serviceorganisatie heeft bepaald dat zij noodzakelijk zijn om de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de service-organisatie van haar systeem staan vermeld te bereiken, en dient hij hun werking gedurende de verslagperiode vast te stellen. De assurance-informatie die in eerdere opdrachten is verkregen over de toereikende werking van interne beheersingsmaatregelen in eerdere verslagperiodes verschaft geen basis voor een vermindering van het toetsen, zelfs niet wanneer die is aangevuld met assurance-informatie die tijdens de lopende verslagperiode is verkregen. (Zie Par. A28, A29, A30, A31 en A32) +24 Wanneer een type 2 rapport wordt verstrekt dient de accountant van de serviceorganisatie die interne beheersingsmaatregelen te toetsen waarvan de accountant van de serviceorganisatie heeft bepaald dat zij noodzakelijk zijn om de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de service-organisatie van haar systeem staan vermeld te bereiken, en dient hij hun werking gedurende de verslagperiode vast te stellen. De assurance-informatie die in eerdere opdrachten is verkregen over de toereikende werking van interne beheersingsmaatregelen in eerdere verslagperiodes verschaft geen basis voor een vermindering van het toetsen, zelfs niet wanneer die is aangevuld met assurance-informatie die tijdens de lopende verslagperiode is verkregen. (Zie Par. A28, A29, A30, A31 en A32) 25 Bij het opzetten en het uitvoeren van de toetsing van interne beheersingsmaatregelen dient de accountant van de serviceorganisatie: a. overige werkzaamheden uit te voeren in combinatie met verzoeken om inlichtingen om assurance-informatie te verkrijgen over: @@ -13263,13 +13263,13 @@ a. overige werkzaamheden uit te voeren in combinatie met verzoeken om inlichting 1. de wijze waarop de interne beheersingsmaatregel was toegepast; 2. de consistentie waarmee de interne beheersingsmaatregel was toegepast; en 3. de vraag door wie of met welke middelen de interne beheersingsmaatregel is toegepast; -b. vast te stellen of de te toetsen interne beheersingsmaatregelen afhankelijk zijn van andere interne beheersingsmaatregelen (indirecte interne beheersingsmaatregelen) en, zo ja, of het noodzakelijk is om assurance-informatie te verkrijgen die de werking van die indirecte interne beheersingsmaatregelen onderbouwt; en (Zie Par. A33 en A34) -c. methodes te bepalen voor het selecteren van elementen ter toetsing die effectief zijn in het bereiken van de doelstellingen van de controlemaatregel. (Zie Par. A35 en A36) +b. vast te stellen of de te toetsen interne beheersingsmaatregelen afhankelijk zijn van andere interne beheersingsmaatregelen (indirecte interne beheersingsmaatregelen) en, zo ja, of het noodzakelijk is om assurance-informatie te verkrijgen die de werking van die indirecte interne beheersingsmaatregelen onderbouwt; en (Zie Par. A33 en A34) +c. methodes te bepalen voor het selecteren van elementen ter toetsing die effectief zijn in het bereiken van de doelstellingen van de controlemaatregel. (Zie Par. A35 en A36) 26 Bij het bepalen van de omvang van de toetsing van interne beheersingsmaatregelen dient de accountant van de serviceorganisatie aangelegenheden, met inbegrip van de kenmerken van de te toetsen populatie te overwegen, hetgeen omvat de aard van de interne beheersingsmaatregelen, de frequentie van hun toepassing (bijvoorbeeld maandelijks, dagelijks, een aantal keren per dag) en de verwachte mate van deviatie. ##### . Het gebruiken van steekproeven -27 Wanneer de accountant van de serviceorganisatie gebruik maakt van steekproeven dient de accountant van de serviceorganisatie: (Zie Par. A35 en A36) +27 Wanneer de accountant van de serviceorganisatie gebruik maakt van steekproeven dient de accountant van de serviceorganisatie: (Zie Par. A35 en A36) a. het doel van de controlemaatregel en de kenmerken van de populatie van waaruit de steekproef zal worden genomen bij het opzetten van de steekproef te overwegen; b. een afdoende grootte van de steekproef te bepalen die het steekproefrisico tot een aanvaardbaar laag niveau verlaagt; @@ -13282,7 +13282,7 @@ e. indien hij niet in staat is om de opgezette werkzaamheden, of geschikte ander 28 De accountant van de serviceorganisatie dient de aard en de oorzaak van de geïdentificeerde deviaties te onderzoeken en dient te bepalen of: a. geïdentificeerde deviaties binnen de verwachte mate van deviatie en aanvaardbaar zijn; daarom verschaft de reeds uitgevoerde toetsing een geschikte basis om te concluderen dat de interne beheersingsmaatregel gedurende de gespecificeerde verslagperiode effectief werkt; -b. aanvullende toetsing van de interne beheersingsmaatregel of overige interne beheersingsmaatregelen noodzakelijk zijn om tot een conclusie te komen dat de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot een bepaalde interne beheersingsdoelstelling gedurende de gespecificeerde verslagperiode effectief werken; of (Zie Par. A25) +b. aanvullende toetsing van de interne beheersingsmaatregel of overige interne beheersingsmaatregelen noodzakelijk zijn om tot een conclusie te komen dat de interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot een bepaalde interne beheersingsdoelstelling gedurende de gespecificeerde verslagperiode effectief werken; of (Zie Par. A25) c. de uitgevoerde toetsing een geschikte basis verschaft om te concluderen dat de interne beheersingsmaatregel gedurende de gespecificeerde verslagperiode niet effectief werkte. 29 In de zeer zeldzame gevallen waar de accountant van de serviceorganisatie overweegt dat een ontdekte deviatie in een steekproef een a-typische fout is en er geen enkele andere interne beheersingsmaatregelen zijn geïdentificeerd die het voor de accountant van de serviceorganisatie mogelijk maken te concluderen dat de relevante interne beheersingsdoelstelling gedurende de gespecificeerde verslagperiode wordt behaald, dient de accountant van de serviceorganisatie een hoge mate van zekerheid te verkrijgen dat een dergelijk deviatie niet representatief is voor de populatie. De accountant van de serviceorganisatie dient deze mate van zekerheid te verkrijgen door aanvullende werkzaamheden uit te voeren om voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen dat de deviatie geen invloed heeft op het resterende deel van de populatie. @@ -13290,7 +13290,7 @@ c. de uitgevoerde toetsing een geschikte basis verschaft om te concluderen dat d ##### . Het verwerven van inzicht in de interne auditfunctie -30 Indien de serviceorganisatie een interne auditfunctie heeft, dient de accountant van de serviceorganisatie een inzicht in de aard van de verantwoordelijkheden van de interne auditfunctie te verwerven alsmede in de werkzaamheden die worden uitgevoerd om te bepalen of het waarschijnlijk is dat de interne auditfunctie relevant is voor de opdracht. (Zie Par. A37) 588In deze Standaard worden geen gevallen behandeld waarbij de interne auditors directe ondersteuning verlenen aan de accountant van de serviceorganisatie bij het uitvoeren van controlewerkzaamheden. +30 Indien de serviceorganisatie een interne auditfunctie heeft, dient de accountant van de serviceorganisatie een inzicht in de aard van de verantwoordelijkheden van de interne auditfunctie te verwerven alsmede in de werkzaamheden die worden uitgevoerd om te bepalen of het waarschijnlijk is dat de interne auditfunctie relevant is voor de opdracht. (Zie Par. A37) 588In deze Standaard worden geen gevallen behandeld waarbij de interne auditors directe ondersteuning verlenen aan de accountant van de serviceorganisatie bij het uitvoeren van controlewerkzaamheden. ##### . Bepalen of en in welke mate van de werkzaamheden van de interne auditors gebruik kan worden gemaakt @@ -13304,7 +13304,7 @@ a. de objectiviteit van de interne auditfunctie; b. de technische competentie van de interne auditors; c. of de werkzaamheden van de interne auditors waarschijnlijk met voldoende professionele zorgvuldigheid worden uitgevoerd; en d. of het waarschijnlijk is dat er effectieve communicatie zal plaatsvinden tussen de interne auditors en de accountant van de serviceorganisaties. -33 Bij het bepalen van de geplande invloed van de werkzaamheden van de interne auditors op de aard, timing of omvang van de werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie, dient de accountant van de serviceorganisatie te overwegen: (Zie Par. A38) +33 Bij het bepalen van de geplande invloed van de werkzaamheden van de interne auditors op de aard, timing of omvang van de werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie, dient de accountant van de serviceorganisatie te overwegen: (Zie Par. A38) a. de aard en de reikwijdte van de gespecificeerde werkzaamheden die door de interne auditors zijn uitgevoerd of uitgevoerd moeten worden; b. de significantie van die werkzaamheden voor de conclusies van de accountant van de serviceorganisatie; en @@ -13312,7 +13312,7 @@ c. de mate van subjectiviteit die is gehanteerd bij de evaluatie van de assuranc ##### . Gebruik maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie -34 Om gebruik te maken van specifieke werkzaamheden van de interne auditors, dient de accountant van de serviceorganisatie die werkzaamheden te evalueren en daarop werkzaamheden uit te voeren om te bepalen of zij adequaat zijn voor de doeleinden van de accountant van de serviceorganisatie. (Zie Par. A39) +34 Om gebruik te maken van specifieke werkzaamheden van de interne auditors, dient de accountant van de serviceorganisatie die werkzaamheden te evalueren en daarop werkzaamheden uit te voeren om te bepalen of zij adequaat zijn voor de doeleinden van de accountant van de serviceorganisatie. (Zie Par. A39) 35 Om het adequaat zijn van specifieke werkzaamheden die door de interne auditors zijn uitgevoerd voor de doeleinden van de accountant van de serviceorganisatie te bepalen, dient de accountant van de serviceorganisatie te evalueren of: a. de werkzaamheden zijn uitgevoerd door interne auditors die beschikken over adequate vaktechnische training en vaardigheid; @@ -13323,12 +13323,12 @@ e. uitzonderingen die voor de opdracht of ongebruikelijke aangelegenheden die do ##### . Effect op het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie -36 Indien er gebruik is gemaakt van de werkzaamheden van de interne auditfunctie dient de accountant van de serviceorganisatie in de sectie van het assurance-rapport dat zijn oordeel bevat niet te verwijzen naar die werkzaamheden. (Zie Par. A40) -37 In het geval van een type 2 rapport, indien er gebruik is gemaakt van de werkzaamheden van de interne auditfunctie bij het toetsen van interne beheersingsmaatregelen, dient het onderdeel van het as-surance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie, dat de toetsing door de accountant van de serviceorganisatie van de interne beheersingsmaatregelen en de resultaten daarvan beschrijft, een beschrijving van het werk van de interne auditor en van de werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie met betrekking tot die werkzaamheden te bevatten. (Zie Par. A41) +36 Indien er gebruik is gemaakt van de werkzaamheden van de interne auditfunctie dient de accountant van de serviceorganisatie in de sectie van het assurance-rapport dat zijn oordeel bevat niet te verwijzen naar die werkzaamheden. (Zie Par. A40) +37 In het geval van een type 2 rapport, indien er gebruik is gemaakt van de werkzaamheden van de interne auditfunctie bij het toetsen van interne beheersingsmaatregelen, dient het onderdeel van het as-surance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie, dat de toetsing door de accountant van de serviceorganisatie van de interne beheersingsmaatregelen en de resultaten daarvan beschrijft, een beschrijving van het werk van de interne auditor en van de werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie met betrekking tot die werkzaamheden te bevatten. (Zie Par. A41) #### . Schriftelijke bevestigingen -38 De accountant van de serviceorganisatie dient de serviceorganisatie te verzoeken om schriftelijke bevestigingen te verschaffen die: (Zie Par. 42) +38 De accountant van de serviceorganisatie dient de serviceorganisatie te verzoeken om schriftelijke bevestigingen te verschaffen die: (Zie Par. 42) a. de bewering opnieuw bevestigen die samengaat met de beschrijving van het systeem; b. vermelden dat de serviceorganisatie alle relevante informatie en overeengekomen toegang aan de accountant van de serviceorganisatie heeft verschaft; en @@ -13339,12 +13339,12 @@ c. vermelden dat de serviceorganisatie de accountant van de serviceorganisatie h 3. gevallen waarin interne beheersingsmaatregelen niet hebben gewerkt zoals stond beschreven; en 4. alle gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode, die de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem omvat tot aan de datum van het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie, die een significantie invloed zouden kunnen hebben op het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie. 39 De schriftelijke bevestigingen dienen in de vorm van een bevestigingsbrief geadresseerd aan de accountant van de serviceorganisatie te zijn. De datum van de schriftelijke bevestigingen dient zo dicht als praktisch uitvoerbaar is bij, maar niet na, de datum van het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie te liggen. -40 Indien, na de aangelegenheid met de accountant van de serviceorganisatie te hebben besproken, de serviceorganisatie niet één of meerdere schriftelijke bevestigingen verschaft die in overeenstemming met paragraaf 38(a) en (b) van deze Standaard zijn verzocht, dient de accountant van de serviceorganisatie een oordeelonthouding te formuleren. (Zie Par. A43) +40 Indien, na de aangelegenheid met de accountant van de serviceorganisatie te hebben besproken, de serviceorganisatie niet één of meerdere schriftelijke bevestigingen verschaft die in overeenstemming met paragraaf 38(a) en (b) van deze Standaard zijn verzocht, dient de accountant van de serviceorganisatie een oordeelonthouding te formuleren. (Zie Par. A43) #### . Overige informatie 41 De accountant van de serviceorganisatie dient de eventuele overige informatie te lezen die is inbegrepen bij een document dat de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem en het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie bevat, om eventuele met die beschrijving van materieel belang zijnde inconsistenties te identificeren. De accountant van de serviceorganisatie kan tijdens het lezen van de overige informatie met als doel de van materieel belang zijnde inconsistenties te identificeren, kennis krijgen van een duidelijke afwijking van de feiten in die overige informatie. -42 Indien de accountant van de serviceorganisatie kennis krijgt van een van materieel belang zijnde inconsistentie of een duidelijke afwijking van de feiten, dient de accountant van de serviceorganisatie de aangelegenheid met de serviceorganisatie te bespreken. Indien de accountant van de serviceorganisatie concludeert dat er in de overige informatie een van materieel belang zijnde inconsistentie of een afwijking van de feiten bestaat waarvan de serviceorganisatie weigert deze te corrigeren, dient de accountant van de serviceorganisatie verder passende actie te ondernemen. (Zie Par. A44 en A45) +42 Indien de accountant van de serviceorganisatie kennis krijgt van een van materieel belang zijnde inconsistentie of een duidelijke afwijking van de feiten, dient de accountant van de serviceorganisatie de aangelegenheid met de serviceorganisatie te bespreken. Indien de accountant van de serviceorganisatie concludeert dat er in de overige informatie een van materieel belang zijnde inconsistentie of een afwijking van de feiten bestaat waarvan de serviceorganisatie weigert deze te corrigeren, dient de accountant van de serviceorganisatie verder passende actie te ondernemen. (Zie Par. A44 en A45) #### . Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode @@ -13367,7 +13367,7 @@ c. wie de werkzaamheden heeft beoordeeld en de datum en omvang van een dergelijk 48 De accountant van de serviceorganisatie dient de besprekingen met de serviceorganisatie en overige over significante aangelegenheden te documenteren met inbegrip van de aard van de besproken significante aangelegenheden en wanneer en met wie deze besprekingen plaatsvonden. 49 Indien de accountant van de serviceorganisatie informatie heeft geïdentificeerd die inconsistent is met de uiteindelijke conclusie van de accountant van de serviceorganisatie met betrekking tot een significante aangelegenheid, dient de accountant van de serviceorganisatie te documenteren op welke wijze de accountant van de serviceorganisatie de inconsistentie heeft behandeld. 50 De accountant van de serviceorganisatie dient de documentatie in een opdrachtdossier samen te stellen en het administratieve proces van samenstelling van het definitieve dossier tijdig na de datum van zijn assurance-rapport te voltooien589Een geschikt tijdsbestek waarbinnen de samenstelling van het definitieve opdrachtdossier moet worden afgerond, is gewoonlijk niet meer dan 2 maanden na de datum van het assurance-rapport (gelijk aan de periode die geldt voor controledossiers zoals gesuggereerd in Standaard 230, paragraaf A21).. -51 Nadat het samenstellen van het definitieve opdrachtdossier is voltooid, dient de accountant van de serviceorganisatie geen documentatie te vernietigen of te verwijderen voordat de bewaarperiode is afgelopen. (Zie Par. A46) +51 Nadat het samenstellen van het definitieve opdrachtdossier is voltooid, dient de accountant van de serviceorganisatie geen documentatie te vernietigen of te verwijderen voordat de bewaarperiode is afgelopen. (Zie Par. A46) 52 Indien de accountant van de serviceorganisatie het noodzakelijk acht om bestaande opdrachtdocumentatie aan te passen of nieuwe documentatie nadat de samenstelling van het definitieve opdrachtdossier is voltooid, toe te voegen en die documentatie geen invloed heeft op de rapportage van de accountant van de serviceorganisatie, dient de accountant van de serviceorganisatie, ongeacht de aard van de aanpassingen of de toevoegingen, het volgende te documenteren: a. de specifieke redenen voor het aanbrengen daarvan; en @@ -13377,7 +13377,7 @@ b. wanneer en door wie ze werden aangebracht en beoordeeld. ##### . De inhoud van het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie -53 Het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie dient de volgende basiselementen te bevatten: (Zie Par. A47) +53 Het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie dient de volgende basiselementen te bevatten: (Zie Par. A47) a. een titel die duidelijk aangeeft dat de rapportage een assurance-rapport is van een onafhankelijke accountant; b. een geadresseerde; @@ -13388,7 +13388,7 @@ c. het aanduiden van: 3. indien de beschrijving naar de behoefte aan aanvullende interne beheersingsmaatregelen van een gebruikende entiteit verwijst, een vermelding dat de accountant van de serviceorganisatie de geschiktheid van de opzet of de werking van aanvullende interne beheersingsmaatregelen van een gebruikende entiteit niet heeft geëvalueerd, en dat de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld alleen maar kunnen worden bereikt, indien de aanvullende interne beheersingsmaatregelen van een gebruikende entiteit samen met de interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie op afdoende wijze zijn opgezet of werken; 4. Indien diensten door een subserviceorganisatie worden uitgevoerd, de aard van de activiteiten die door de subserviceorganisatie worden uitgevoerd zoals die staan beschreven in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem en of er van de opname methode (inclusive methode) of de uitsluitingmethode (carve-out methode) met betrekking tot die diensten gebruik is gemaakt. Waar er van de uitsluitingmethode (carve-out methode) gebruik is gemaakt, een vermelding dat de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem de interne beheersingsdoelstellingen en daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen van relevante subserviceorganisaties uitsluit en dat werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie zich niet uitstrekken tot de interne beheersingsmaatregelen van de subserviceorganisatie. Waar er gebruik is gemaakt van de opname methode (inclusive methode), een vermelding dat de beschrijving van de subserviceorganisatie van haar systeem de interne beheersingsdoelstellingen en de daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie omvat, en dat de werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie zich uitstrekten tot de interne beheersingsmaatregelen van de subserviceorganisatie. d. aanduiding van de criteria en de partij die de interne beheersingsdoelstellingen specificeert; -e. een vermelding dat de rapportage en, in het geval van een type 2 rapport, de beschrijving van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen alleen voor gebruikende entiteiten en hun accountants, die afdoende inzicht hebben om deze te beschouwen zijn bedoeld, samen met overige informatie met inbegrip van informatie over interne beheersingsmaatregelen die door gebruikende entiteiten zelf worden uitgevoerd, wanneer zij de risico’s op afwijkingen van materieel belang in de financiële overzichten van gebruikende entiteiten inschatten; (Zie Par. A48) +e. een vermelding dat de rapportage en, in het geval van een type 2 rapport, de beschrijving van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen alleen voor gebruikende entiteiten en hun accountants, die afdoende inzicht hebben om deze te beschouwen zijn bedoeld, samen met overige informatie met inbegrip van informatie over interne beheersingsmaatregelen die door gebruikende entiteiten zelf worden uitgevoerd, wanneer zij de risico’s op afwijkingen van materieel belang in de financiële overzichten van gebruikende entiteiten inschatten; (Zie Par. A48) f. een vermelding dat de serviceorganisatie verantwoordelijk is voor: 1. het opstellen van de beschrijving van haar systeem en de bijgaande bewering, met inbegrip van de volledigheid, nauwkeurigheid en de methode van presentatie van die beschrijving en die bewering; @@ -13412,11 +13412,11 @@ a. de beschrijving van het systeem van de serviceorganisatie, dat op de gespecif b. de interne beheersingsmaatregelen die betrekking hebben op de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem vermeld staat, op de gespecificeerde datum op afdoende wijze zijn opgezet. l. de datum van het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie, die niet eerder zal zijn dan de datum waarop de accountant van de serviceorganisatie voldoende en geschikte assurance-informatie heeft verkregen waar hij zijn oordeel op baseert; m. de naam van de accountant van de serviceorganisatie en de locatie in het rechtsgebied waarin de accountant van de serviceorganisatie werkzaam is. -54 In het geval van een type 2 rapport dient het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie een separate sectie na het oordeel, of een bijlage, te bevatten die de uitgevoerde toetsingen van de interne beheersingsmaatregelen en de resultaten daarvan beschrijft. Bij het beschrijven van die toetsingen dient de accountant van de serviceorganisatie duidelijk te vermelden welke interne beheersingsmaatregelen zijn getoetst, aan te duiden of de getoetste elementen alle of een selectie van de elementen in de populatie weergeven en de aard van de getoetste elementen op afdoende gedetailleerde wijze aan te geven om de gebruikende accountant in staat te stellen de invloed van dergelijke toetsingen op hun risico-inschattingen te bepalen. Indien er deviaties zijn geïdentificeerd, dient de accountant van de serviceorganisatie de omvang van de uitgevoerde toetsen die leidde naar het identificeren van de deviaties, erbij te betrekken (met inbegrip van de grootte van de steekproef waar er van een steekproef gebruik werd gemaakt), en het aantal en de aard van de geconstateerde deviaties. De accountant van de serviceorganisatie dient deviaties te rapporteren zelfs als, op basis van de uitgevoerde toetsingen, de accountant van de serviceorganisatie geconcludeerd heeft dat de gerelateerde beheersing doelstelling was bereikt. (Zie Par. A18 en A49) +54 In het geval van een type 2 rapport dient het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie een separate sectie na het oordeel, of een bijlage, te bevatten die de uitgevoerde toetsingen van de interne beheersingsmaatregelen en de resultaten daarvan beschrijft. Bij het beschrijven van die toetsingen dient de accountant van de serviceorganisatie duidelijk te vermelden welke interne beheersingsmaatregelen zijn getoetst, aan te duiden of de getoetste elementen alle of een selectie van de elementen in de populatie weergeven en de aard van de getoetste elementen op afdoende gedetailleerde wijze aan te geven om de gebruikende accountant in staat te stellen de invloed van dergelijke toetsingen op hun risico-inschattingen te bepalen. Indien er deviaties zijn geïdentificeerd, dient de accountant van de serviceorganisatie de omvang van de uitgevoerde toetsen die leidde naar het identificeren van de deviaties, erbij te betrekken (met inbegrip van de grootte van de steekproef waar er van een steekproef gebruik werd gemaakt), en het aantal en de aard van de geconstateerde deviaties. De accountant van de serviceorganisatie dient deviaties te rapporteren zelfs als, op basis van de uitgevoerde toetsingen, de accountant van de serviceorganisatie geconcludeerd heeft dat de gerelateerde beheersing doelstelling was bereikt. (Zie Par. A18 en A49) ##### . Aangepaste oordelen -55 Indien de accountant van de serviceorganisatie concludeert dat: (Zie Par. A50, A51 en A52) +55 Indien de accountant van de serviceorganisatie concludeert dat: (Zie Par. A50, A51 en A52) a. de beschrijving van de serviceorganisatie het systeem, zoals dit is opgezet en geïmplementeerd, in alle van materieel belang zijnde aspecten, niet getrouw weergeeft; b. de interne beheersingsmaatregelen die verband houden met de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving staan vermeld, niet op afdoende wijze zijn opgezet, in alle van materieel belang zijnde opzichten; @@ -13425,33 +13425,33 @@ d. de accountant van de serviceorganisatie niet in staat is om voldoende en gesc #### . Overige communicatieverantwoordelijkheden -56 Indien de accountant van de serviceorganisatie kennis krijgt van het niet-naleven van wet-en regelgeving, fraude of niet-gecorrigeerde fouten die toe te schrijven zijn aan de serviceorganisatie en die duidelijk triviaal zijn en een of meerdere gebruikende entiteiten kunnen beïnvloeden, dient de accountant van de serviceorganisatie te bepalen of de aangelegenheid op de geschikte wijze is gecommuniceerd aan de getroffen gebruikende entiteiten. Indien de aangelegenheid niet op die manier is besproken en de serviceorganisatie niet bereid is om dat te doen, dient de accountant van de serviceorganisatie passende actie te ondernemen. (Zie Par. A53) +56 Indien de accountant van de serviceorganisatie kennis krijgt van het niet-naleven van wet-en regelgeving, fraude of niet-gecorrigeerde fouten die toe te schrijven zijn aan de serviceorganisatie en die duidelijk triviaal zijn en een of meerdere gebruikende entiteiten kunnen beïnvloeden, dient de accountant van de serviceorganisatie te bepalen of de aangelegenheid op de geschikte wijze is gecommuniceerd aan de getroffen gebruikende entiteiten. Indien de aangelegenheid niet op die manier is besproken en de serviceorganisatie niet bereid is om dat te doen, dient de accountant van de serviceorganisatie passende actie te ondernemen. (Zie Par. A53) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1 en 3) +#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1 en 3) A1 Interne beheersing is een proces dat is opgezet om een redelijke mate van zekerheid te verschaffen betreffende het bereiken van de doelstellingen die verband houden met de betrouwbaarheid van de financiële verslaggeving, de effectiviteit en efficiency van activiteiten en het naleven van toepasselijke wet- en regelgeving. Interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot doelstellingen met betrekking tot de activiteiten en het naleven van wet- en regelgeving van een serviceorganisatie kunnen relevant zijn voor de interne beheersing van een gebruikende entiteit in relatie tot de financiële verslaggeving. Dergelijke interne beheersingsmaatregelen maken deel uit van de beweringen betreffende de presentatie en toelichting met betrekking tot saldi, transactiestromen of toelichtingen, of zij maken deel uit van assurance-informatie die de gebruikende accountant evalueert of hier gebruik van maakt bij het toepassen van de controlewerkzaamheden. De interne beheersingsmaatregelen, bijvoorbeeld, van een serviceorganisatie die de loonkosten verwerkt, die betrekking hebben op het tijdig afdragen van de wettelijke inhoudingen op het loon aan overheidsautoriteiten zijn mogelijk relevant voor een gebruikende entiteit aangezien late afdrachten op rente en boetes kunnen uitlopen die voor een gebruikende entiteit zouden resulteren in een schuld. Op vergelijkbare wijze worden de interne beheersingsmaatregelen betreffende de aanvaardbaarheid van investeringstransacties vanuit een regelgevend perspectief mogelijk gezien als relevant voor de presentatie en toelichting van de transacties en rekeningsaldi van een gebruikende entiteit in haar financiële overzichten. De bepaling of de interne beheersingsmaatregelen bij een serviceorganisatie die verband houden met activiteiten en naleving waarschijnlijk relevant zijn voor de interne beheersing van gebruikende entiteiten in relatie tot de financiële verslaggeving is een aangelegenheid van professionele oordeelsvorming, waarbij de interne beheersingsdoelstellingen die door de serviceorganisatie zijn opgezet en de geschiktheid van de criteria in acht moeten worden genomen. A2 De serviceorganisatie kan niet in staat zijn om te beweren dat het systeem op afdoende wijze is opgezet wanneer, bijvoorbeeld, de serviceorganisatie met een systeem werkt dat door een gebruikende entiteit is opgezet of in een contract tussen de gebruikende entiteit en de serviceorganisatie is vastgelegd. Vanwege de onlosmakelijke verbinding tussen de geschikte opzet van de interne beheersings-maatregelen en hun werking, zal het ontbreken van een bewering met betrekking tot de geschiktheid van de opzet de accountant van de serviceorganisatie waarschijnlijk beletten te concluderen dat de interne beheersingsmaatregelen een redelijke mate van zekerheid verschaffen dat de interne beheersingsdoelstellingen zijn bereikt en bijgevolg de accountant van de serviceorganisatie beletten te oordelen over de werking van interne beheersingsmaatregelen. Als andere mogelijkheid kan de accountant ervoor kiezen een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden te aanvaarden om de toetsingen van interne beheersingsmaatregelen of een assurance-opdracht op basis van Standaard 3000 uit te voeren om te kunnen concluderen of, op basis van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen, de interne beheersingsmaatregelen werken zoals staat beschreven. -#### . Definities (Zie Par. 9(d) en 9(g)) +#### . Definities (Zie Par. 9(d) en 9(g)) A3 De definitie van ‘interne beheersingsmaatregelen bij een serviceorganisatie’ omvat aspecten van informatiesystemen van gebruikende entiteiten die door de serviceorganisatie zijn onderhouden en kunnen ook aspecten van een of meer van de componenten van interne beheersing van een serviceorganisatie bevatten. Het kan bijvoorbeeld aspecten bevatten van de beheersingsomgeving, het monitoren en beheersingsactiviteiten van een serviceorganisatie wanneer deze verband houden met de verleende diensten. Het bevat echter geen interne beheersingsmaatregelen van een serviceorganisatie die geen verband houden met het bereiken van de beheersing doelstellingen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld, zoals interne beheersingsmaatregelen die verband houden met het opstellen van de financiële overzichten van de serviceorganisatie zelf. -A4 Wanneer er van de opname methode (inclusive methode) gebruik wordt gemaakt, zijn de vereisten in deze Standaard ook van toepassing op de diensten die door de subserviceorganisatie worden verleend, met inbegrip van het verkrijgen van overeenstemming met betrekking tot de aangelegenheden in Par. 13 (b)(i)-(v) zoals die op de subserviceorganisatie in plaats van de serviceorganisatie zijn toegepast. Het uitvoeren van werkzaamheden bij de subserviceorganisatie leidt tot coördinatie en communicatie tussen de serviceorganisatie, de subserviceorganisatie en de accountant van de serviceorganisatie. De opname methode (inclusive methode) is doorgaans alleen haalbaar indien de serviceorganisatie en de subserviceorganisatie met elkaar zijn verbonden of als het contract tussen de serviceorganisatie en de subserviceorganisatie hierin voorziet. +A4 Wanneer er van de opname methode (inclusive methode) gebruik wordt gemaakt, zijn de vereisten in deze Standaard ook van toepassing op de diensten die door de subserviceorganisatie worden verleend, met inbegrip van het verkrijgen van overeenstemming met betrekking tot de aangelegenheden in Par. 13 (b)(i)-(v) zoals die op de subserviceorganisatie in plaats van de serviceorganisatie zijn toegepast. Het uitvoeren van werkzaamheden bij de subserviceorganisatie leidt tot coördinatie en communicatie tussen de serviceorganisatie, de subserviceorganisatie en de accountant van de serviceorganisatie. De opname methode (inclusive methode) is doorgaans alleen haalbaar indien de serviceorganisatie en de subserviceorganisatie met elkaar zijn verbonden of als het contract tussen de serviceorganisatie en de subserviceorganisatie hierin voorziet. -#### . Ethische voorschriften (Zie Par. 11) +#### . Ethische voorschriften (Zie Par. 11) A5 De accountant van de serviceorganisatie is onderhevig aan de relevante onafhankelijkheidsvereisten die gewoonlijk bestaan uit de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants tezamen met de daarop gebaseerde Nadere Voorschriften. Bij het uitvoeren van een opdracht overeenkomstig deze Standaard wordt op grond van de Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants niet van de accountant van de serviceorganisatie vereist dat hij onafhankelijk is van elke gebruikende entiteit. -#### . Management en de met governance belaste personen (Zie Par. 12) +#### . Management en de met governance belaste personen (Zie Par. 12) A6 De beheers- en goverancestructuren lopen per rechtsgebied en per entiteit uiteen, waardoor ze invloeden zoals verschillende culturele en juridische achtergronden en kenmerken van grootte en eigendom weerspiegelen. Een dergelijke verscheidenheid houdt in dat het voor deze Standaard niet mogelijk is om voor alle opdrachten de personen te specificeren met wie de accountant van de serviceorganisatie in interactie moet staan met betrekking tot bepaalde aangelegenheden. De serviceorganisatie kan bijvoorbeeld een segment zijn van een derde organisatie en geen gescheiden juridische entiteit. In dergelijke gevallen is het mogelijk dat voor het identificeren van geschikt managementpersoneel of de met governance belaste personen bij wie de schriftelijke bevestigingen moeten worden verzocht, het toepassen van professionele oordeelsvorming is vereist. #### . Aanvaarding en continuering -##### . Capaciteiten en competentie om de opdracht uit te kunnen voeren (Zie Par. 13(a)(i)) +##### . Capaciteiten en competentie om de opdracht uit te kunnen voeren (Zie Par. 13(a)(i)) A7 Relevante capaciteiten en competentie om de opdracht uit te voeren bevatten onder meer de volgende aangelegenheden: @@ -13460,38 +13460,38 @@ A7 Relevante capaciteiten en competentie om de opdracht uit te voeren bevatten o • ervaring met het evalueren van risico’s aangezien deze verband houden met de geschikte opzet van interne beheersingsmaatregelen; en • ervaring met het opzetten en het uitvoeren van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen en met het evalueren van de resultaten. -##### . De bewering van een serviceorganisatie (Zie Par. 13(b)(i)) +##### . De bewering van een serviceorganisatie (Zie Par. 13(b)(i)) A8 De weigering door een serviceorganisatie om een schriftelijke bewering te verschaffen, volgende op een overeenkomst van de accountant van de serviceorganisatie om een opdracht te aanvaarden of te continueren, geeft een beperking in reikwijdte aan die ertoe leidt dat de accountant van de serviceorganisatie de opdracht teruggeeft. Indien wet- of regelgeving de accountant van de serviceorganisatie niet toestaat de opdracht terug te geven, formuleert de accountant van de serviceorganisatie een oordeelonthouding. -##### . Een redelijke basis voor de bewering van de serviceorganisatie (Zie Par. 13(b)(i)) +##### . Een redelijke basis voor de bewering van de serviceorganisatie (Zie Par. 13(b)(i)) A9 In het geval van een type 2 rapport, houdt de bewering van de serviceorganisatie onder meer een vermelding in dat de interne beheersingsmaatregelen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld gedurende de gespecificeerde verslagperiode effectief werkten. Deze bewering kan gebaseerd zijn op de monitoringactiviteiten van de serviceorganisatie. Het monitoren van interne beheersingsmaatregelen is een proces om de effectiviteit van interne beheersingsmaatregelen in de loop van de tijd vast te stellen. Het houdt onder meer het tijdig bepalen van de effectiviteit van de interne beheersingsmaatregelen in, het identificeren en rapporteren van tekortkomingen aan geschikte personen binnen de serviceorganisatie en het nemen van de noodzakelijke corrigerende acties. De serviceorganisatie brengt het monitoren van interne beheersingsmaatregelen tot stand middels voortdurende activiteiten, separate evaluaties of een combinatie van beiden. Hoe groter de mate van effectiviteit van voortdurende monitoringactiviteiten, des te kleiner de behoefte aan separate evaluaties. Voortdurende monitoringactiviteiten zijn vaak opgenomen in de normale terugkerende activiteiten van een serviceorganisatie en bevatten regelmatige leidinggevende en toezichthoudende activiteiten. Interne auditors of personeelsleden die vergelijkbare functies bekleden kunnen een bijdrage leveren aan het monitoren van de activiteiten van de serviceorganisatie. Monitoringactiviteiten kunnen ook het gebruik maken van informatie die door externe partijen wordt gecommuniceerd, inhouden, zoals klachten van cliënten en commentaar van regelgevers of toezichthouders die mogelijk op problemen wijzen of de nadruk leggen op gebieden die behoefte hebben aan verbetering. Het feit dat de accountant van de serviceorganisatie over de werking van interne beheersingsmaatregelen zal rapporteren, is geen vervanging voor de processen van de serviceorganisatie zelf om een redelijke basis voor haar bewering te verschaffen. -##### . Het identificeren van risico’s (Zie Par. 13(b)(iv)) +##### . Het identificeren van risico’s (Zie Par. 13(b)(iv)) A10 Zoals staat vermeld in paragraaf 9(c), houden interne beheersingsdoelstellingen verband met risico’s waar de interne beheersingsmaatregelen ernaar streven deze te mitigeren. Het risico dat een transactie bijvoorbeeld op het verkeerde bedrag of in de verkeerde verslagperiode wordt vastgelegd kan als een interne beheersingsdoelstelling tot uitdrukking worden gebracht dat transacties op het juiste bedrag en in de juiste verslagperiode worden vastgelegd. De serviceorganisatie is verantwoordelijk voor het identificeren van de risico’s die het bereiken van de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van haar systeem staan vermeld in gevaar brengen. De serviceorganisatie kan een formeel of informeel proces hebben om relevante risico’s te identificeren. Een formeel proces kan het inschatten van de significantie van geïdentificeerde risico’s inhouden, het inschatten van de waarschijnlijkheid dat zij zullen voorkomen en het besluiten welke acties moeten worden ondernomen om op die risico’s in te spelen. Daar de interne beheersingsdoelstellingen echter verband houden met risico’s waar interne beheersingsmaatregelen naar streven deze te mitigeren, kan weldoordachte identificatie van interne beheersingsdoelstellingen bij het opzetten en implementeren het systeem van de serviceorganisatie zelf bestaan uit een informeel proces voor het identificeren van relevante risico’s. -##### . Aanvaarding van een wijziging in de voorwaarden van de opdracht (Zie Par. 14) +##### . Aanvaarding van een wijziging in de voorwaarden van de opdracht (Zie Par. 14) A11 Een verzoek tot het wijzigen van de reikwijdte van de opdracht heeft mogelijk geen redelijke rechtvaardiging wanneer het verzoek bijvoorbeeld is gedaan om bepaalde interne beheersingsdoelstellingen uit te sluiten van de reikwijdte van de opdracht vanwege de waarschijnlijkheid dat het oordeel van de accountant van de serviceorganisatie aangepast zou worden; of de serviceorganisatie zal de accountant geen schriftelijke bewering verschaffen en het verzoek wordt gedaan om de opdracht onder Standaard 3000 uit te voeren. A12 Een verzoek tot het wijzigen van de reikwijdte van de opdracht kan een redelijke rechtvaardiging hebben wanneer het verzoek bijvoorbeeld is gedaan om een subserviceorganisatie van de opdracht uit te sluiten wanneer de serviceorganisatie geen toegang voor de accountant van de serviceorganisatie kan regelen, en de methode waarvan gebruik wordt gemaakt bij het behandelen van de diensten die door die subserviceorganisatie worden verleend is gewijzigd van de opname methode (inclusive methode) naar de uitsluitingmethode (carve-out methode). -#### . Het beoordelen van de geschiktheid van de criteria (Zie Par. 15, 16, 17 en 18) +#### . Het beoordelen van de geschiktheid van de criteria (Zie Par. 15, 16, 17 en 18) A13 Het is nodig dat criteria voor de beoogde gebruikers beschikbaar zijn om het hen mogelijk te maken inzicht te verkrijgen in de basis voor de bewering van de serviceorganisatie betreffende de getrouwe weergave van haar systeem, de geschiktheid van het opzetten van interne beheersingsmaatregelen en, in het geval van een type 2 rapport, de werking van interne beheersingsmaatregelen die verband houden met de interne beheersingsdoelstellingen. A14 Op grond van Standaard 3000 wordt er van de accountant vereist dat hij, onder andere, de geschiktheid van criteria en de toepasselijkheid van het object van onderzoek beoordeelt590Standaard 3000, paragraaf 18 en 19.. Het object van onderzoek is de onderliggende conditie van belang voor de beoogde gebruikers van een assurance-rapport. De volgende tabel identificeert het object van onderzoek en minimale criteria voor elk van de oordelen in type 1 en type 2 rapporten. A15 Paragraaf 16(a) identificeert een aantal elementen die in voorkomend geval bij de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem zijn inbegrepen. Deze elementen kunnen niet geschikt zijn indien het beschreven systeem geen systeem is dat transacties verwerkt, indien het systeem bijvoorbeeld verband houdt met algemene interne beheersingsmaatregelen (general controls) met betrekking tot de hosting van een IT-applicatie, maar niet met de interne beheersingsmaatregelen die in de applicatie zelf zijn verankerd. -#### . Materialiteit (Zie Par. 19 en 54) +#### . Materialiteit (Zie Par. 19 en 54) A16 Bij een opdracht om verslag uit te brengen over de interne beheersingsmaatregelen bij een serviceorganisatie houdt het begrip materialiteit verband met het systeem waarover gerapporteerd wordt, niet met de financiële overzichten van gebruikende entiteiten. De accountant van de serviceorganisatie plant werkzaamheden en voert deze uit om te bepalen of de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem in alle van materieel belang zijnde opzichten getrouw is weergegeven, of de interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie op afdoende wijze en in alle van materieel belang zijnde opzichten zijn opgezet en, in het geval van een type 2 rapport, of de interne beheersingsmaatregelen in alle van materieel belang zijnde opzichten effectief werken. Het begrip materialiteit houdt rekening met het feit dat het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie informatie over het systeem van de serviceorganisatie verschaft om aan de algemene informatiebehoefte van een brede groep gebruikende entiteiten en hun accountants te voldoen die inzicht hebben in de manier waarop er gebruik is gemaakt van dat systeem. A17 Materialiteit met betrekking tot de getrouwe weergave van de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem, en met betrekking tot de opzet van interne beheersingsmaatregelen, houdt voornamelijk het in overweging nemen van kwalitatieve factoren in, bijvoorbeeld: of de beschrijving de significante aspecten van het verwerken van significante transacties omvat; of de beschrijving relevante informatie weglaat of verkeerd voorstelt; en het vermogen van interne beheersingsmaatregelen, zoals ze zijn opgezet, om een redelijke mate van zekerheid te verschaffen dat interne beheersingsdoelstellingen zouden worden bereikt. Materialiteit met betrekking tot het oordeel van de accountant van de serviceorganisatie over de werking van interne beheersingsmaatregelen houdt het in overweging nemen van zowel kwantitatieve als kwalitatieve factoren in, bijvoorbeeld: de toelaatbare mate en waargenomen mate waarin wordt afgeweken (een kwantitatieve aangelegenheid) en de aard en oorzaak van een waargenomen deviatie (een kwalitatieve aangelegenheid). A18 Het begrip materialiteit wordt niet toegepast bij het, in de beschrijving van de toetsingen van interne beheersingsmaatregelen, openbaar maken van de resultaten van die toetsingen wanneer deviaties zijn geïdentificeerd. Dit is zo omdat, in de bijzondere omstandigheden van een specifieke gebruikende entiteit of accountant van de gebruiker, de deviatie significantie kan hebben naast het feit dat zij, naar het oordeel van de accountant van de serviceorganisatie, voorkomt dat een interne beheersingsmaatregel effectief werkt. De interne beheersingsmaatregel waarmee de deviatie verband houdt, kan bijvoorbeeld bijzonder significant zijn bij het voorkomen dat een bepaald soort fout die mogelijk in bepaalde omstandigheden in de omstandigheden van de financiële overzichten van een gebruikende entiteit van materieel belang zou kunnen zijn. -#### . Het verwerven van inzicht in het systeem van de serviceorganisatie (Zie Par. 20) +#### . Het verwerven van inzicht in het systeem van de serviceorganisatie (Zie Par. 20) A19 Het verwerven van inzicht in het systeem van de serviceorganisatie, met inbegrip van interne beheersingsmaatregelen die bij de reikwijdte van de opdracht zijn opgenomen, ondersteunt de accountant van de serviceorganisatie bij: @@ -13507,7 +13507,7 @@ A20 De werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie om dit inzicht • het inspecteren van een selectie van overeenkomsten tussen de serviceorganisatie en gebruikende entiteiten om hun gemeenschappelijke voorwaarden te identificeren; • het herhalen van de uitvoering van de interne beheersingsmaatregelen. -#### . Het verkrijgen van assurance informatie met betrekking tot de beschrijving (Zie Par. 21 en 22) +#### . Het verkrijgen van assurance informatie met betrekking tot de beschrijving (Zie Par. 21 en 22) A21 Het in overweging nemen van de volgende vragen kan de accountant van de serviceorganisatie ondersteunen bij het bepalen of die aspecten van de beschrijving die bij de reikwijdte van de opdracht zijn inbegrepen in alle van materieel belang zijnde opzichten getrouw zijn weergegeven: @@ -13531,7 +13531,7 @@ A23 Op grond van paragraaf 21(a) wordt er van de accountant van de serviceorgani • waar de vermelde interne beheersingsdoelstellingen door de serviceorganisatie zijn gespecificeerd, zijn zij daar volledig? Een complete set van interne beheersingsdoelstellingen kan aan een brede groep van accountants van de gebruiker een stelsel verschaffen om het effect van interne beheersingsmaatregelen bij de serviceorganisatie op de beweringen te beoordelen die doorgaans in de financiële overzichten van de gebruikende entiteiten zijn vastgelegd. A24 De werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie om te bepalen of het systeem van de serviceorganisatie geïmplementeerd is, kan gelijk zijn aan, en uitgevoerd worden in samenhang met, werkzaamheden om een inzicht in dat systeem te verwerven. Zij kunnen ook het traceren van elementen door het systeem van de serviceorganisatie inhouden en, in het geval van een type 2 rapport, specifieke verzoeken om inlichtingen over de wijzigingen in interne beheersingsmaatregelen die gedurende die verslagperiode zijn geïmplementeerd. Wijzigingen die significant zijn voor gebruikende entiteiten of hun accountants zijn bij de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem inbegrepen. -#### . Het verkrijgen van assurance informatie met betrekking tot de opzet van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 23 en 28(b)) +#### . Het verkrijgen van assurance informatie met betrekking tot de opzet van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 23 en 28(b)) A25 Vanuit het oogpunt van een gebruikende entiteit of een accountant van de gebruiker is een interne beheersingsmaatregel op afdoende wijze opgezet indien zij, individueel of in combinatie met overige interne beheersingsmaatregelen, wanneer zij naar tevredenheid wordt nageleefd, een redelijke mate van zekerheid zou verschaffen dat afwijkingen van materieel belang worden voorkomen of zijn gedetecteerd of gecorrigeerd. Een serviceorganisatie of een accountant van de serviceorganisatie is echter niet op de hoogte van de omstandigheden bij individuele gebruikende entiteiten die zouden bepalen of een afwijking van het materieel belang die het gevolg is van een deviatie van een interne beheersingsmaatregel voor die gebruikende entiteiten van materieel belang is. Derhalve is, vanuit het oogpunt van een accountant van de serviceorganisatie, een interne beheersingsmaatregel op afdoende wijze opgezet, indien zij, individueel of in combinatie van overige interne beheersingsmaatregelen, wanneer zij naar tevredenheid wordt nageleefd, een redelijke mate van zekerheid zou verschaffen dat de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld, worden bereikt. A26 Een accountant van de serviceorganisatie kan overwegen gebruik te maken van stroomschema’s, vragenlijsten of beslissingstabellen om het inzicht in de opzet van interne beheersingsmaatregelen te bevorderen. @@ -13539,7 +13539,7 @@ A27 Interne beheersingsmaatregelen kunnen uit een aantal activiteiten bestaan di #### . Het verkijgen van assurance informatie met betrekking tot de werking van de interne beheersingsmaatregelen -##### . Het vaststellen van de werking (Zie Par. 24) +##### . Het vaststellen van de werking (Zie Par. 24) A28 Vanuit het oogpunt van een gebruikende entiteit of een accountant van de gebruiker werkt een interne beheersingsmaatregel effectief indien, individueel of in combinatie met overige interne beheersings-maatregelen, zij een redelijke mate van zekerheid verschaft dat de afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van fouten, worden voorkomen, of gedetecteerd en gecorrigeerd. Een serviceorganisatie of een accountant van de serviceorganisatie, is echter niet op de hoogte van de omstandigheden bij individuele entiteiten die zouden bepalen of een afwijking die het gevolg is van een deviatie van een interne beheersingsmaatregel is voorgekomen en, zo ja, of deze van materieel belang is. Daarom werkt, vanuit het oogpunt van de accountant van de serviceorganisatie een interne beheersingsmaatregel effectief indien, individueel of in combinatie met overige interne beheersings-maatregelen, zij een redelijke mate van zekerheid verschaft dat de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem staan vermeld, worden bereikt. Op vergelijkbare wijze bevindt een serviceorganisatie of een accountant van de serviceorganisatie zich niet in een positie om te bepalen of een waargenomen deviatie van een interne beheersingsmaatregel zou resulteren in een afwijking van materieel belang vanuit het oogpunt van een individuele gebruikende entiteit. A29 Het verkrijgen van inzicht in interne beheersingsmaatregelen dat voldoende is om een oordeel te vormen over de geschiktheid van hun opzet is niet voldoende assurance-informatie met betrekking tot hun werking, tenzij er een bepaald automatisme bestaat dat zorgt voor de consistente werking van de interne beheersingsmaatregelen zoals deze zijn opgezet en geïmplementeerd. Het verkrijgen van informatie over bijvoorbeeld het implementeren van een handmatige interne beheersingsmaatregel op een gegeven tijdstip verschaft geen assurance-informatie over de werking van interne beheersingsmaatregelen op andere tijdstippen. Vanwege de inherente consistentie van geautomatiseerde gegevensverwerking, kan het uitvoeren van werkzaamheden om de opzet van een geautomatiseerd interne beheersingsmaatregel te bepalen, en of deze geïmplementeerd is, mogelijk als assurance-informatie dienen die de werking van de interne beheersingsmaatregelen aantoont, afhankelijk van de beoordeling en toetsing van overige interne beheersingsmaatregelen zoals die over de wijzigingen in programma’s. @@ -13547,12 +13547,12 @@ A30 Om nuttig te zijn voor de accountant van de gebruiker, omvat een type 2 rapp A31 Bepaalde interne beheersingsmaatregelen kunnen geen assurance-informatie achterlaten over hun werking die op een latere datum kan worden getoetst en derhalve kan de accountant van de service-organisatie het noodzakelijk achten om op verschillende tijdstippen gedurende de verslagperiode de werking van dergelijke interne beheersingsmaatregelen te toetsen. A32 De accountant van de serviceorganisatie verschaft een oordeel over de werking van interne beheersingsmaatregelen gedurende iedere verslagperiode en daarom is er voldoende geschikte assurance-informatie over de werking van interne beheersingsmaatregelen gedurende de lopende verslagperiode vereist, zodat de accountant van de serviceorganisatie dat oordeel kan verschaffen. Kennis van deviaties die in eerdere opdrachten zijn waargenomen kan er echter toe leiden dat de accountant van de serviceorganisatie de omvang van het toetsen gedurende de lopende verslagperiode vergroot. -##### . Het toetsen van indirecte beheersingsmaatregelen (Zie Par. 25(b)) +##### . Het toetsen van indirecte beheersingsmaatregelen (Zie Par. 25(b)) A33 In sommige omstandigheden kan het noodzakelijk zijn om assurance-informatie te verkrijgen die de werking van indirecte beheersingsmaatregelen ondersteunt. Wanneer de accountant van de service-organisatie bijvoorbeeld besluit om de effectiviteit van een beoordeling van uitzonderingsrapportages te toetsen die verkopen boven de toegestane kredietlimieten gedetailleerd beschrijven, is die beoordeling en de daarmee verband houdende follow-up de interne beheersingsmaatregel die voor de accountant van de serviceorganisatie direct relevant is. Interne beheersingsmaatregelen betreffende de nauwkeurigheid van de informatie in de rapportages (bijvoorbeeld, de algemene interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot IT (general IT controls) worden beschreven als ‘indirecte’ interne beheersingsmaatregelen. A34 Vanwege de inherente consistentie van geautomatiseerde gegevensverwerking, kan assurance-informatie over het implementeren van een geautomatiseerde interne beheersingsmaatregel op het niveau van de applicatie (application control), in combinatie met assurance-informatie over de werking van de algemene interne beheersingsmaatregelen van de serviceorganisatie (in het bijzonder, interne beheersingsmaatregelen betreffende wijzigingen) ook substantiële assurance-informatie over die werking verschaffen. -##### . Manieren om elementen voor het toetsen te selecteren (Zie Par. 25(c) en 27) +##### . Manieren om elementen voor het toetsen te selecteren (Zie Par. 25(c) en 27) A35 De manieren om elementen voor het toetsen te selecteren die beschikbaar zijn voor de accountant van de serviceorganisatie: @@ -13563,11 +13563,11 @@ A36 Terwijl selectief onderzoek van specifieke elementen vaak een effectieve man #### . De werkzaamheden van een interne auditfunctie -##### . Het verwerven van inzicht in de interne auditfunctie (Zie Par. 30) +##### . Het verwerven van inzicht in de interne auditfunctie (Zie Par. 30) A37 Een interne auditfunctie kan verantwoordelijk zijn voor het verschaffen van analyses, evaluatie, zekerheid, aanbevelingen en overige informatie voor het management en de met governance belaste personen. Een interne auditfunctie bij een serviceorganisatie kan activiteiten uitvoeren die verband houden met het interne beheersingssysteem van de serviceorganisatie zelf of activiteiten die verband houden met de diensten en systemen, met inbegrip van interne beheersingsmaatregelen, die de serviceorganisatie aan gebruikende entiteiten verschaft. -##### . Bepalen of en in welke mate er van de werkzaamheden van de interne auditors gebruik kan worden gemaakt (Zie Par. 33) +##### . Bepalen of en in welke mate er van de werkzaamheden van de interne auditors gebruik kan worden gemaakt (Zie Par. 33) A38 Bij het bepalen van de geplande invloed van de werkzaamheden van de interne auditors op de aard, timing of omvang van de werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie, kunnen de volgende factoren wijzen op de behoefte aan andere of minder uitgebreide werkzaamheden dan anders het geval zou zijn geweest: @@ -13575,7 +13575,7 @@ A38 Bij het bepalen van de geplande invloed van de werkzaamheden van de interne • de werkzaamheden van de interne auditors die verband houden met interne beheersingsmaatregelen die voor de conclusies van de accountant van de serviceorganisatie minder significant zijn; • op grond van de werkzaamheden die door de interne auditors zijn uitgevoerd, of nog uitgevoerd moeten worden, worden geen subjectieve of complexe oordelen vereist. -##### . Gebruik maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie (Zie Par. 34) +##### . Gebruik maken van de werkzaamheden van de interne auditfunctie (Zie Par. 34) A39 De aard, timing en omvang van de werkzaamheden van de accountant van de serviceorganisatie betreffende specifieke werkzaamheden van de interne auditors zal afhankelijk zijn van de inschatting van de significantie van die werkzaamheden op de conclusies van de accountant van de serviceorganisatie (bijvoorbeeld de significantie van de risico’s waar de getoetste interne beheersingsmaatregelen ernaar streven deze te mitigeren), de evaluatie van de interne auditfunctie en de evaluatie van de specifieke werkzaamheden van de interne auditors. Dergelijke werkzaamheden kunnen omvatten: @@ -13583,7 +13583,7 @@ A39 De aard, timing en omvang van de werkzaamheden van de accountant van de serv • het onderzoeken van andere soortgelijke elementen; en • het observeren van werkzaamheden die door de interne auditors zijn uitgevoerd. -##### . Het effect op het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. 36 en 37) +##### . Het effect op het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. 36 en 37) A40 Ongeacht de mate van autonomie en objectiviteit van de interne auditfunctie is een dergelijke functie niet onafhankelijk van de serviceorganisatie zoals van de accountant van de serviceorganisatie bij het uitvoeren van de opdracht wel wordt verwacht. De accountant van de serviceorganisatie heeft de ongedeelde verantwoordelijkheid voor het oordeel dat in het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie tot uitdrukking wordt gebracht en die verantwoordelijkheid wordt niet verminderd doordat de accountant van de serviceorganisatie gebruik maakt van de werkzaamheden van de interne auditors. A41 De beschrijving van de accountant van de serviceorganisatie van de werkzaamheden die door de interne auditfunctie worden uitgevoerd kan op meerdere manier worden weergegeven, zoals: @@ -13591,12 +13591,12 @@ A41 De beschrijving van de accountant van de serviceorganisatie van de werkzaamh • door introductiemateriaal op te nemen in de beschrijving van de toetsing van interne beheersingsmaatregelen die erop wijst dat er van bepaalde werkzaamheden van de interne auditfunctie gebruik werd gemaakt bij het uitvoeren van toetsingen van interne beheersingsmaatregelen; • de toeschrijving van individuele toetsingen aan de interne auditafdeling. -#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 38 en 40) +#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 38 en 40) -A42 De schriftelijke bevestigingen die op grond van paragraaf 38 worden vereist staan los van, en zijn een aanvulling op, de bewering van de serviceorganisatie zoals die in Par. 9(o) staat beschreven. +A42 De schriftelijke bevestigingen die op grond van paragraaf 38 worden vereist staan los van, en zijn een aanvulling op, de bewering van de serviceorganisatie zoals die in Par. 9(o) staat beschreven. A43 Indien de serviceorganisatie de schriftelijke bevestigingen die overeenkomstig paragraaf 38 (c) van deze Standaard worden vereist niet verschaft, kan het voor het oordeel van de accountant van de serviceorganisatie van toepassing zijn om overeenkomstig paragraaf 55(d) van deze Standaard te worden aangepast. -#### . Overige informatie (Zie Par. 42) +#### . Overige informatie (Zie Par. 42) A44 Op grond van de Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants wordt er van de accountant van de serviceorganisatie vereist dat hij niet met informatie mag worden geassocieerd waarvan de accountant van de serviceorganisatie aanneemt dat de informatie: @@ -13612,30 +13612,30 @@ A45 Indien de serviceorganisatie weigert om de overige informatie te verwijderen • het niet verstrekken van het assurance-rapport totdat de aangelegenheid is opgelost; • de opdracht teruggeven. -#### . Documentatie (Zie Par. 51) +#### . Documentatie (Zie Par. 51) A46 In de wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing wordt er vereist dat er beleidslijnen en procedures worden vastgesteld voor het tijdig afronden van het samenstellen van opdrachtdossiers.593Volgens Standaard 230 is een geschikte termijn waarbinnen de samenstelling van het definitieve controledossier moet worden afgerond, in het algemeen een termijn van niet meer dan 2 maanden na de datum van de controleverklaring. #### . Het opstellen van het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie -##### . Inhoud van het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. 53) +##### . Inhoud van het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. 53) A47 Voorbeelden ter illustratie van assurance-rapporten van accountant van de serviceorganisatie en daarmee verband houdende beweringen van serviceorganisaties staan in bijlagen 1 en 2. -##### . Beoogde gebruikers en doeleinden van het assurnance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. 53(e)) +##### . Beoogde gebruikers en doeleinden van het assurnance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. 53(e)) A48 De criteria waarvan gebruik wordt gemaakt voor opdrachten om te rapporten betreffende interne beheersingsmaatregelen bij een serviceorganisatie zijn alleen relevant voor de doeleinden van het verschaffen van informatie over het systeem van de serviceorganisatie, met inbegrip van interne beheersingsmaatregelen, aan degenen die inzicht hebben op welke wijze er van het systeem gebruik is gemaakt bij de financiële verslaggeving door gebruikende entiteiten. Dienovereenkomstig staat dit in het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie vermeld. De accountant van de serviceorganisatie kan het passend achten om bewoordingen op te nemen die de specifieke verspreiding van het assurance-rapport onder anderen dan de beoogde gebruikers, of het gebruik ervan voor andere doeleinden, beperkt. -##### . Beschrijving van de toetsingen van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 54) +##### . Beschrijving van de toetsingen van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 54) A49 Bij het beschrijven van de aard van de toetsingen van interne beheersingsmaatregelen voor een type 2 rapport, worden de lezers van het assurance-rapport van de accountant van de serviceorganisatie ondersteund als de accountant van de serviceorganisatie het volgende opneemt: • de resultaten van alle toetsingen waar deviaties zijn geïdentificeerd, zelfs als er overige interne beheersingsmaatregelen zijn geïdentificeerd die de accountant van de serviceorganisatie in staat stellen te concluderen dat de relevante interne beheersingsdoelstelling is bereikt of de getoetste interne beheersingsmaatregel nadien van de beschrijving van de serviceorganisatie van haar systeem is verwijderd; • informatie over de veroorzakende factoren van geïdentificeerde deviaties, tot de mate waarin de accountant van de serviceorganisatie die factoren heeft geïdentificeerd. -##### . Aangepaste oordelen (Zie Par. 55) +##### . Aangepaste oordelen (Zie Par. 55) -A50 Voorbeelden ter illustratie van elementen van aangepaste assurance-rapporten van de accountant van de serviceorganisatie staan in bijlage 3. +A50 Voorbeelden ter illustratie van elementen van aangepaste assurance-rapporten van de accountant van de serviceorganisatie staan in bijlage 3. A51 Zelfs als de accountant van de serviceorganisatie een afkeurend oordeel tot uitdrukking heeft gebracht of een oordeelonthouding heeft geformuleerd, kan het gepast zijn in de paragraaf voor de onderbouwing van het aangepaste oordeel de redenen voor overige aangelegenheden te beschrijven waarvan de accountant van de serviceorganisatie weet dat op grond daarvan een aanpassing van het oordeel zou zijn vereist, alsmede de effecten daarvan. A52 Wanneer een oordeelonthouding wordt geformuleerd vanwege een beperking in de reikwijdte, is het doorgaans niet passend om de uitgevoerde werkzaamheden te vermelden noch om vermeldingen die de kenmerken van de opdracht van een accountant van de serviceorganisatie beschrijven op te nemen; door dit wel te doen zou de oordeelonthouding kunnen worden overschaduwd. @@ -13649,7 +13649,7 @@ A53 Geschikte activiteiten om in te spelen op de omstandigheden die paragraaf 56 • het aanpassen van het oordeel van de accountant van de serviceorganisatie of het toevoegen van een paragraaf inzake overige aangelegenheden; • het teruggeven van de opdracht. -### 1:. Voorbeeld van de beweringen van de serviceorganisatie (Zie Par. A47) +### 1:. Voorbeeld van de beweringen van de serviceorganisatie (Zie Par. A47) De volgende voorbeelden van de beweringen van een serviceorganisatie zijn bestemd als leidraden en dienen niet op uitputtende wijze te worden gebruikt en zijn niet op alle situaties van toepassing. @@ -13701,11 +13701,11 @@ b. de interne beheersingsmaatregelen die verband houden met de interne beheersin 1. de risico’s die het bereiken van de interne beheersingsdoelstellingen die in de beschrijving staan vermeld in gevaar brengen, werden onderkend; en 2. de onderkende interne beheersingsmaatregelen, indien zij werkzaam zijn zoals beschreven, een redelijke mate van zekerheid zouden verschaffen dat die risico’s het bereiken van de vermelde interne beheersingsdoelstellingen niet zouden verhinderen. -### 2:. Voorbeelden van de assurance-rapporten van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. A47) +### 2:. Voorbeelden van de assurance-rapporten van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. A47) Voor voorbeeldteksten van assurance-rapporten betreffende interne beheersingsmaatregelen bij een serviceorganisatie wordt verwezen naar HRA deel 3. -### 3:. Voorbeelden van aangepaste assurance-rapporten van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. A50) +### 3:. Voorbeelden van aangepaste assurance-rapporten van de accountant van de serviceorganisatie (Zie Par. A50) Voor voorbeeldteksten van assurance-rapporten betreffende interne beheersingsmaatregelen bij een serviceorganisatie wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -13726,7 +13726,7 @@ c. om investeerders en anderen op vrijwillige basis te informeren. Vrijwillige v #### . Toepassingsgebied van deze Standaard 2 Deze Standaard behandelt assurance-opdrachten betreffende emissieverslagen van een entiteit. -3 De conclusie van de accountant in een assurance-opdracht kan betrekking hebben op informatie in aanvulling op het emissieverslag. Bijvoorbeeld wanneer de accountant is ingehuurd om te rapporteren over een duurzaamheidsverslag waarvan het emissieverslag slechts een onderdeel is. In die gevallen geldt het volgende: (Zie Par. A1 en A2) +3 De conclusie van de accountant in een assurance-opdracht kan betrekking hebben op informatie in aanvulling op het emissieverslag. Bijvoorbeeld wanneer de accountant is ingehuurd om te rapporteren over een duurzaamheidsverslag waarvan het emissieverslag slechts een onderdeel is. In die gevallen geldt het volgende: (Zie Par. A1 en A2) a. deze Standaard is van toepassing op assurance-werkzaamheden die worden uitgevoerd met betrekking tot emissieverslagen, behalve wanneer het emissieverslag een relatief klein onderdeel is van de algehele informatie die onderworpen is aan assurance; en b. standaard 3000 @@ -13737,8 +13737,8 @@ b. standaard 3000 4 Deze Standaard behandelt niet en voorziet niet in specifieke leidraden voor assurance-opdrachten om te rapporteren over: a. emissieverslagen anders dan van broeikasgassen, bijvoorbeeld stikstofoxiden (NO_X) en zwaveldioxide (SO_2). Deze Standaard kan desalniettemin leidraden verschaffen voor dergelijke opdrachten;595NO_X (d.w.z. NO en NO_2, die verschillen van het broeikasgas distikstofmonoxide’(lachgas), N_2O) en SO_2 zijn meer gerelateerd aan ‘zure regen’ dan aan klimaatverandering. -b. overige informatie inzake broeikasgassen, zoals de ‘voetafdruk’ van de levenscyclus van een product, hypothetische ‘nulmeting’ informatie, en belangrijke prestatie-indicatoren die zijn gebaseerd op emissiegegevens; of (Zie Par. A3) -c. instrumenten, processen of mechanismen, zoals compensatieprojecten, welke andere entiteiten gebruiken ter aftrek van emissies. Echter, indien een emissieverslag van een entiteit de aftrek van emissies omvat die zijn onderworpen aan assurance, dan zijn de vereisten van deze Standaard van toepassing met betrekking tot deze aftrek van emissies (Zie Par. 76(f)). +b. overige informatie inzake broeikasgassen, zoals de ‘voetafdruk’ van de levenscyclus van een product, hypothetische ‘nulmeting’ informatie, en belangrijke prestatie-indicatoren die zijn gebaseerd op emissiegegevens; of (Zie Par. A3) +c. instrumenten, processen of mechanismen, zoals compensatieprojecten, welke andere entiteiten gebruiken ter aftrek van emissies. Echter, indien een emissieverslag van een entiteit de aftrek van emissies omvat die zijn onderworpen aan assurance, dan zijn de vereisten van deze Standaard van toepassing met betrekking tot deze aftrek van emissies (Zie Par. 76(f)). ##### . ‘assertion-based’ en ‘direct reporting’ opdrachten @@ -13748,15 +13748,15 @@ c. instrumenten, processen of mechanismen, zoals compensatieprojecten, welke and 6 Het Stramien licht toe dat een assurance-opdracht óf een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid kan zijn, óf een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid.597*Stramien*, paragraaf 11. Deze Standaard behandelt zowel assurance-opdrachten met een redelijke mate als met een beperkte mate van zekerheid. 7 Zowel bij assurance-opdrachten met een redelijke mate als met een beperkte mate van zekerheid betreffende een emissieverslag kiest de accountant een combinatie van assurance-werkzaamheden. Bijvoorbeeld inspectie, waarneming ter plaatse, bevestiging, herberekening, het opnieuw uitvoeren, cijferanalyses en het verzoeken om inlichtingen. Het bepalen van de uit te voeren assurance-werkzaamheden bij een specifieke opdracht is een zaak van professionele oordeelsvorming. Aangezien emissieverslagen een breed scala aan omstandigheden omvatten, is het waarschijnlijk dat de aard, timing en omvang van werkzaamheden van opdracht tot opdracht aanzienlijk verschillen. -8 Tenzij dit anders is aangegeven, is iedere vereiste van deze Standaard zowel bij assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid als bij die met een beperkte mate van zekerheid van toepassing. Het niveau van zekerheid dat is verkregen in een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid is lager dan bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. Derhalve zullen de werkzaamheden die de accountant zal uitvoeren bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid variëren in aard van en ook beperkter in omvang zijn dan bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid.598*Stramien*, paragraaf 53 en Standaard 3000, paragraaf 37. Vereisten die enkel op een van de twee types opdrachten van toepassing zijn, worden na de paragraafnummers gepresenteerd in kolommen met de letter ‘B’ (beperkte mate van zekerheid) of met ‘R’ (redelijke mate van zekerheid).* Ook al zijn bepaalde werkzaamheden alleen vereist bij assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid, ze kunnen nog steeds geschikt zijn voor bepaalde assurance-opdrachten met een beperkte mate van zekerheid (zie ook paragraaf A90 waarin de voornaamste verschillen zijn aangegeven tussen de verdere werkzaamheden van de accountant bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid en een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid betreffende een emissieverslag). (Zie Par. A4 en A90) +8 Tenzij dit anders is aangegeven, is iedere vereiste van deze Standaard zowel bij assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid als bij die met een beperkte mate van zekerheid van toepassing. Het niveau van zekerheid dat is verkregen in een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid is lager dan bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. Derhalve zullen de werkzaamheden die de accountant zal uitvoeren bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid variëren in aard van en ook beperkter in omvang zijn dan bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid.598*Stramien*, paragraaf 53 en Standaard 3000, paragraaf 37. Vereisten die enkel op een van de twee types opdrachten van toepassing zijn, worden na de paragraafnummers gepresenteerd in kolommen met de letter ‘B’ (beperkte mate van zekerheid) of met ‘R’ (redelijke mate van zekerheid).* Ook al zijn bepaalde werkzaamheden alleen vereist bij assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid, ze kunnen nog steeds geschikt zijn voor bepaalde assurance-opdrachten met een beperkte mate van zekerheid (zie ook paragraaf A90 waarin de voornaamste verschillen zijn aangegeven tussen de verdere werkzaamheden van de accountant bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid en een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid betreffende een emissieverslag). (Zie Par. A4 en A90) *VOOR DE LEESBAARHEID ZIJN DEZE PARGRAFEN ONDER ELKAAR GEPLAATST IN PLAATS VAN IN KOLOMMEN ##### . De relatie met -9 Het uitvoeren van assurance-opdrachten anders dan controles of beoordelingen van historische financiële informatie, vereist dat de accountant in overeenstemming met Standaard 3000 handelt. Standaard 3000 bevat vereisten voor onder andere onderwerpen als de aanvaarding, planning van opdrachten, assurance-informatie en documentatie hierbij, die van toepassing zijn bij alle assurance-opdrachten inclusief opdrachten overeenkomstig deze Standaard. Deze Standaard geeft een nadere invulling van een assurance-opdracht om te rapporteren over het emissieverslag van een entiteit naast de algemene uitgangspunten van Standaard 3000. Het Stramien, dat de elementen en doelstellingen van een assurance-opdracht definieert en beschrijft, biedt context voor het begrijpen van deze Standaard en Standaard 3000. (Zie Par. A17) -10 Het naleven van Standaard 3000 vereist onder andere dat de accountant handelt in overeenstemming met de onafhankelijkheidsvoorschriften en vereisten van de Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants en de procedures voor kwaliteitsbeheersing implementeert die van toepassing zijn op de individuele opdracht.599Standaard 3000, paragraaf 4 en 6. (Zie Par. A5 en A6) -11 Daar waar de opdracht onderworpen is aan plaatselijke wet- of regelgeving of aan de bepalingen van een emissiehandelssysteem, doet deze Standaard geen afbreuk aan die wet- of regelgeving of bepalingen. Wanneer plaatselijke wet- of regelgeving of de bepalingen van een emissiehandelssysteem verschillen van deze Standaard, zal een opdracht die is uitgevoerd in overeenstemming met plaatselijke wet- of regelgeving of de bepalingen van een specifiek systeem niet automatisch overeenkomen met deze Standaard. De accountant heeft het recht om het naleven van deze Standaard te vermelden ter aanvulling op het naleven van plaatselijke wet- of regelgeving of op de bepalingen van het emissiehandelssysteem. Dit geldt alleen wanneer aan alle van toepassing zijnde vereisten van deze Standaard is voldaan. (Zie Par. A7) +9 Het uitvoeren van assurance-opdrachten anders dan controles of beoordelingen van historische financiële informatie, vereist dat de accountant in overeenstemming met Standaard 3000 handelt. Standaard 3000 bevat vereisten voor onder andere onderwerpen als de aanvaarding, planning van opdrachten, assurance-informatie en documentatie hierbij, die van toepassing zijn bij alle assurance-opdrachten inclusief opdrachten overeenkomstig deze Standaard. Deze Standaard geeft een nadere invulling van een assurance-opdracht om te rapporteren over het emissieverslag van een entiteit naast de algemene uitgangspunten van Standaard 3000. Het Stramien, dat de elementen en doelstellingen van een assurance-opdracht definieert en beschrijft, biedt context voor het begrijpen van deze Standaard en Standaard 3000. (Zie Par. A17) +10 Het naleven van Standaard 3000 vereist onder andere dat de accountant handelt in overeenstemming met de onafhankelijkheidsvoorschriften en vereisten van de Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants en de procedures voor kwaliteitsbeheersing implementeert die van toepassing zijn op de individuele opdracht.599Standaard 3000, paragraaf 4 en 6. (Zie Par. A5 en A6) +11 Daar waar de opdracht onderworpen is aan plaatselijke wet- of regelgeving of aan de bepalingen van een emissiehandelssysteem, doet deze Standaard geen afbreuk aan die wet- of regelgeving of bepalingen. Wanneer plaatselijke wet- of regelgeving of de bepalingen van een emissiehandelssysteem verschillen van deze Standaard, zal een opdracht die is uitgevoerd in overeenstemming met plaatselijke wet- of regelgeving of de bepalingen van een specifiek systeem niet automatisch overeenkomen met deze Standaard. De accountant heeft het recht om het naleven van deze Standaard te vermelden ter aanvulling op het naleven van plaatselijke wet- of regelgeving of op de bepalingen van het emissiehandelssysteem. Dit geldt alleen wanneer aan alle van toepassing zijnde vereisten van deze Standaard is voldaan. (Zie Par. A7) #### . Ingangsdatum @@ -13784,12 +13784,12 @@ d. *cap andtrade* – een systeem met een absoluut emissieplafond, dat emissiere e. *vergelijkende informatie* – informatie over hoeveelheden en andere toelichtingen in het emissieverslag over een of meer voorgaande verslagperioden; f. *emissies* – de broeikasgassen die, zijn geëmitteerd in de atmosfeer of zouden zijn geëmitteerd indien de broeikasgassen niet zijn afgevangen en opgeslagen. Emissies kunnen worden onderverdeeld in: -1. directe emissies (ook wel Scope 1 emissies genoemd): emissies door bronnen die eigendom zijn van de entiteit of die onder directe zeggenschap staan van de entiteit; (Zie Par. A8) +1. directe emissies (ook wel Scope 1 emissies genoemd): emissies door bronnen die eigendom zijn van de entiteit of die onder directe zeggenschap staan van de entiteit; (Zie Par. A8) 2. indirecte emissies: emissies ten gevolge van de activiteiten van de entiteit maar die geëmitteerd worden uit bronnen die geen eigendom zijn, of onder directe zeggenschap staan van de entiteit. Indirecte emissies kunnen verder worden onderverdeeld in: -a. scope 2 emissies: emissies die het gevolg zijn van energie die aan de entiteit wordt geleverd en door haar wordt geconsumeerd; (Zie Par. A9) -b. scope 3 emissies: alle overige indirecte emissies; (Zie Par. A10) -g. *aftrek van emissies* – alle elementen die zijn opgenomen in het emissieverslag van de entiteit die zijn afgetrokken van het totaal aan gerapporteerde emissies, maar geen verwijdering zijn; gewoonlijk omvat dit aangekochte compensatie, maar het kan ook een scala aan andere instrumenten of mechanismen omvatten, zoals emissierechten die zijn erkend door een systeem (al dan niet van regelgevers of toezichthouders) waar de entiteit deel van uitmaakt; (Zie Par. A11 en A12) +a. scope 2 emissies: emissies die het gevolg zijn van energie die aan de entiteit wordt geleverd en door haar wordt geconsumeerd; (Zie Par. A9) +b. scope 3 emissies: alle overige indirecte emissies; (Zie Par. A10) +g. *aftrek van emissies* – alle elementen die zijn opgenomen in het emissieverslag van de entiteit die zijn afgetrokken van het totaal aan gerapporteerde emissies, maar geen verwijdering zijn; gewoonlijk omvat dit aangekochte compensatie, maar het kan ook een scala aan andere instrumenten of mechanismen omvatten, zoals emissierechten die zijn erkend door een systeem (al dan niet van regelgevers of toezichthouders) waar de entiteit deel van uitmaakt; (Zie Par. A11 en A12) h. *emissiefactor* – een rekenkundige factor of ratio voor het omzetten van de omvang van een activiteit (bijvoorbeeld het aantal liters geconsumeerde brandstof, de afgelegde kilometers, het aantal dieren in het boerenbedrijf, of de tonnen geproduceerd product) naar de omvang van de broeikasgasemissies; i. *emissiehandelssysteem* – een marktmechanisme gericht op het beheersen van broeikasgassen om via economische stimulansen de reductie van broeikasgasemissies te bereiken; j. *entiteit* – de juridische entiteit, economische entiteit of het identificeerbare gedeelte van een juridische of economische entiteit (bijvoorbeeld, één fabriek of andere vorm van inrichting, zoals een stortterrein) of een combinatie van juridische of andere entiteiten of van onderdelen van die entiteiten (bijvoorbeeld een joint venture) waarop de emissies in het emissieverslag betrekking hebben; @@ -13799,10 +13799,10 @@ m. *emissieverslag* – een verantwoording met een uiteenzetting van de samenste n. *broeikasgassen* – kooldioxide (CO_2) en andere gassen waarvan de van toepassing zijnde criteria vereisen dat zij worden opgenomen in het emissieverslag, zoals: methaan, distikstofmonoxide (lachgas), zwavelhexafluoride, fluorkoolwaterstoffen, perfluorkoolstoffen, en chloorfluorkoolwaterstoffen. Andere broeikasgassen dan kooldioxide worden vaak uitgedrukt in termen die een equivalent zijn van kooldioxide (CO_2-e); o. *organisatorische afbakening* – de grens die bepaalt welke activiteiten worden opgenomen in het emissieverslag van de entiteit; p. *uitvoeringsmaterialiteit* – de hoeveelheid of hoeveelheden die door de accountant zijn vastgesteld als lager dan de materialiteit betreffende het emissieverslag. Dit om de kans dat het totaal van niet-gecorrigeerde en niet-gedetecteerde afwijkingen de materialiteit voor het emissieverslag overstijgt, tot een passend laag niveau terug te brengen. Indien van toepassing refereert de uitvoeringsmaterialiteit ook naar de hoeveelheid of hoeveelheden die door de accountant zijn vastgesteld als lager dan het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus voor bepaalde soorten emissies of toelichtingen; -q. *aangekochte CO2 compensatie* – een aftrek van emissies waarin een entiteit betaalt voor het verminderen van de emissies van een andere entiteit (reductie van emissies) of het toenemen van de emissieverwijdering van een andere entiteit in vergelijking met een hypothetische nulmeting; (Zie Par. A13) +q. *aangekochte CO2 compensatie* – een aftrek van emissies waarin een entiteit betaalt voor het verminderen van de emissies van een andere entiteit (reductie van emissies) of het toenemen van de emissieverwijdering van een andere entiteit in vergelijking met een hypothetische nulmeting; (Zie Par. A13) r. *kwantificering* – het proces om de hoeveelheid broeikasgassen te bepalen ten gevolge van de emissie (of verwijdering) van specifieke bronnen (of reservoirs) die direct of direct zijn gerelateerd aan de entiteit; -s. *verwijdering* – de broeikasgassen die de entiteit, tijdens de relevante verslagperiode, uit de atmosfeer heeft verwijderd of die zouden zijn uitgestoten in de atmosfeer als ze niet waren afgevangen en naar een reservoir waren geleid; (Zie Par. A14) -t. *significante inrichting* – een inrichting die van individuele significantie is als gevolg van de omvang van de emissies in verhouding tot de totale emissies die zijn opgenomen in het emissieverslag of die door zijn specifieke aard of omstandigheden aanleiding geeft tot bijzondere risico’s op afwijkingen van materieel belang; (Zie Par. A15 en A16) +s. *verwijdering* – de broeikasgassen die de entiteit, tijdens de relevante verslagperiode, uit de atmosfeer heeft verwijderd of die zouden zijn uitgestoten in de atmosfeer als ze niet waren afgevangen en naar een reservoir waren geleid; (Zie Par. A14) +t. *significante inrichting* – een inrichting die van individuele significantie is als gevolg van de omvang van de emissies in verhouding tot de totale emissies die zijn opgenomen in het emissieverslag of die door zijn specifieke aard of omstandigheden aanleiding geeft tot bijzondere risico’s op afwijkingen van materieel belang; (Zie Par. A15 en A16) u. *reservoir* – een fysieke eenheid of proces dat de broeikasgassen uit de atmosfeer verwijdert; v. *bron* – een fysieke eenheid of proces dat broeikasgassen in de atmosfeer uitstoot; w. *soort emissies* – een groepering van emissies op basis van bijvoorbeeld de emissiebron, het soort gas, regio of inrichting; @@ -13812,7 +13812,7 @@ x. *opdrachtpartner* – De partner of andere persoon binnen het kantoor die ver #### -15 De accountant dient niet te vermelden dat de opdracht is uitgevoerd in overeenstemming met deze Standaard tenzij hij deze heeft uitgevoerd in overeenstemming met alle vereisten van zowel deze Standaard als Standaard 3000. (Zie Par. A5, A6, A17, A21, A22, A37, A127) +15 De accountant dient niet te vermelden dat de opdracht is uitgevoerd in overeenstemming met deze Standaard tenzij hij deze heeft uitgevoerd in overeenstemming met alle vereisten van zowel deze Standaard als Standaard 3000. (Zie Par. A5, A6, A17, A21, A22, A37, A127) #### . Aanvaarding en continuering van de opdracht @@ -13821,32 +13821,32 @@ x. *opdrachtpartner* – De partner of andere persoon binnen het kantoor die ver 16 De opdrachtpartner dient: a. voldoende vaardigheden, kennis en ervaring op het gebied van assurance te hebben, en voldoende competentie te hebben in het kwantificeren en rapporteren over emissies om verantwoordelijkheid voor de assurance-conclusie te accepteren; en -b. zich ervan te vergewissen dat het opdrachtteam tezamen met door de accountant ingeschakelde externe deskundigen over de noodzakelijke deskundigheid beschikken, inclusief het kwantificeren van en het rapporteren over emissies, en deskundigheid in assurance om de assurance-opdracht overeenkomstig deze Standaard uit te voeren. (Zie Par. A18 en A19) +b. zich ervan te vergewissen dat het opdrachtteam tezamen met door de accountant ingeschakelde externe deskundigen over de noodzakelijke deskundigheid beschikken, inclusief het kwantificeren van en het rapporteren over emissies, en deskundigheid in assurance om de assurance-opdracht overeenkomstig deze Standaard uit te voeren. (Zie Par. A18 en A19) ##### . Randvoorwaarden voor de opdracht 17 Om vast te stellen of aan de randvoorwaarden voor de opdracht wordt voldaan: -a. dient de opdrachtpartner vast te stellen dat zowel het emissieverslag als de opdracht voldoende reikwijdte hebben om van nut te zijn voor de beoogde gebruikers, waarbij met name wordt gekeken of het gezien de omstandigheden redelijk is dat: (Zie Par. A20) +a. dient de opdrachtpartner vast te stellen dat zowel het emissieverslag als de opdracht voldoende reikwijdte hebben om van nut te zijn voor de beoogde gebruikers, waarbij met name wordt gekeken of het gezien de omstandigheden redelijk is dat: (Zie Par. A20) 1. significante emissies (gemeten of eenvoudig meetbaar) zijn uitgesloten van het emissieverslag; 2. significante emissies uitgesloten zijn van de assurance-opdracht; en -3. een beperkte of een redelijke mate van zekerheid die in het assurance-rapport wordt beschreven over ‘aftrek van emissies’ ook duidelijk is en wordt begrepen door de opdrachtgevende partij. (Zie Par. A11 en A12) -b. Bij het inschatten van de geschiktheid van de van toepassing zijnde criteria, zoals vereist op grond van Standaard 3000,602Standaard 3000, paragraaf 19. dient de accountant te bepalen of de criteria tenminste de volgende aspecten omvatten: (Zie Par. A23, A24, A25 en A26) +3. een beperkte of een redelijke mate van zekerheid die in het assurance-rapport wordt beschreven over ‘aftrek van emissies’ ook duidelijk is en wordt begrepen door de opdrachtgevende partij. (Zie Par. A11 en A12) +b. Bij het inschatten van de geschiktheid van de van toepassing zijnde criteria, zoals vereist op grond van Standaard 3000,602Standaard 3000, paragraaf 19. dient de accountant te bepalen of de criteria tenminste de volgende aspecten omvatten: (Zie Par. A23, A24, A25 en A26) -1. de methode voor het bepalen van de organisatorische afbakening van de entiteit; (Zie Par. A27 en A28) +1. de methode voor het bepalen van de organisatorische afbakening van de entiteit; (Zie Par. A27 en A28) 2. de broeikasgassen waarover verantwoording wordt afgelegd; 3. aanvaardbare kwantificeringsmethoden inclusief methoden voor het maken van aanpassingen aan het basisjaar (indien van toepassing); en -4. adequate toelichtingen zodat de beoogde gebruikers inzicht verwerven in de significante oordelen die zijn gevormd bij het opstellen van het emissieverslag. (Zie Par. A29, A30, A31, A32, A33 en A34) +4. adequate toelichtingen zodat de beoogde gebruikers inzicht verwerven in de significante oordelen die zijn gevormd bij het opstellen van het emissieverslag. (Zie Par. A29, A30, A31, A32, A33 en A34) c. De accountant dient een schriftelijke mededeling van de entiteit te verkrijgen dat deze erkent en begrijpt wat haar verantwoordelijkheid is inzake: 1. het opzetten, implementeren en handhaven van zodanige interne beheersingsmaatregelen die de entiteit noodzakelijk acht om een emissieverslag op te stellen dat geen afwijkingen van materieel belang bevat, als gevolg van fraude of van fouten; -2. het opstellen van haar emissieverslag in overeenstemming met de van toepassing zijnde criteria; en (Zie Par. A35) -3. het in haar emissieverslag refereren naar of beschrijven van de van toepassing zijnde criteria waarvan zij gebruik hebben gemaakt en, wanneer dit niet meteen naar voren komt uit de omstandigheden van de opdracht, wie deze heeft ontwikkeld. (Zie Par. A36) +2. het opstellen van haar emissieverslag in overeenstemming met de van toepassing zijnde criteria; en (Zie Par. A35) +3. het in haar emissieverslag refereren naar of beschrijven van de van toepassing zijnde criteria waarvan zij gebruik hebben gemaakt en, wanneer dit niet meteen naar voren komt uit de omstandigheden van de opdracht, wie deze heeft ontwikkeld. (Zie Par. A36) ###### . Overeenstemming over de opdrachtvoorwaarden -18 De overeengekomen opdrachtvoorwaarden die worden vereist door Standaard 3000603Standaard 3000, paragraaf 10. dienen te omvatten: (Zie Par. A37) +18 De overeengekomen opdrachtvoorwaarden die worden vereist door Standaard 3000603Standaard 3000, paragraaf 10. dienen te omvatten: (Zie Par. A37) a. de doelstelling en reikwijdte van de opdracht; b. de verantwoordelijkheden van de accountant; @@ -13857,61 +13857,61 @@ f. een erkenning dat de entiteit instemt met het verstrekken van schriftelijke b #### . Planning -19 Bij het plannen van de opdracht zoals vereist op grond van Standaard 3000604Standaard 3000, paragraaf 12., dient de accountant: (Zie Par. A38, A39, A40 en A41) +19 Bij het plannen van de opdracht zoals vereist op grond van Standaard 3000604Standaard 3000, paragraaf 12., dient de accountant: (Zie Par. A38, A39, A40 en A41) a. de kenmerken van de opdracht te identificeren die de reikwijdte daarvan bepalen; b. zich te vergewissen van de rapportagedoelstellingen van de opdracht om de timing van de opdracht te plannen en de vereiste soort communicatie te bepalen; c. de factoren te overwegen die op grond van het professionele oordeel van de accountant significant zijn voor het aansturen van de werkzaamheden van het opdrachtteam; d. de uitkomsten te overwegen van de werkzaamheden bij het aanvaarden of continueren van een opdracht en, voor zover van toepassing, na te gaan of de kennis verkregen uit andere opdrachten voor de entiteit, die zijn uitgevoerd door de opdrachtpartner, relevant is; -e. de aard, timing en omvang vast te stellen van de middelen die noodzakelijk zijn om de opdracht uit te voeren inclusief de betrokkenheid van deskundigen en van andere accountants; en (Zie Par. A42 en A43) +e. de aard, timing en omvang vast te stellen van de middelen die noodzakelijk zijn om de opdracht uit te voeren inclusief de betrokkenheid van deskundigen en van andere accountants; en (Zie Par. A42 en A43) f. de invloed van een eventuele interne auditfunctie van de entiteit op de opdracht te bepalen. #### . Materialiteit bij de planning en de uitvoering van de opdracht ##### . Het vaststellen van de materialiteit en de uitvoeringsmaterialiteit bij het plannen van de opdracht -20 Bij het vaststellen van de algehele opdrachtaanpak dient de accountant de materialiteit voor het emissieverslag te bepalen. (Zie Par. A44, A45, A46, A47, A48, A49 en A50) +20 Bij het vaststellen van de algehele opdrachtaanpak dient de accountant de materialiteit voor het emissieverslag te bepalen. (Zie Par. A44, A45, A46, A47, A48, A49 en A50) 21 De accountant dient de uitvoeringsmaterialiteit in het kader van de inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang vast te stellen en voor het bepalen van de aard, timing en omvang van verdere werkzaamheden. ##### . Wijzigingen tijdens uitvoering van de opdracht -22 De accountant dient de materialiteit voor het emissieverslag te herzien wanneer hij zich tijdens de opdracht bewust wordt van informatie die ertoe zou hebben geleid dat de accountant aanvankelijk een andere hoeveelheid zou hebben vastgesteld. (Zie Par. A51) +22 De accountant dient de materialiteit voor het emissieverslag te herzien wanneer hij zich tijdens de opdracht bewust wordt van informatie die ertoe zou hebben geleid dat de accountant aanvankelijk een andere hoeveelheid zou hebben vastgesteld. (Zie Par. A51) #### . Het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving inclusief haar interne beheersing, en het inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang ##### . Het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving -23 De accountant dient inzicht te verwerven in: (Zie Par. A52 en A53) +23 De accountant dient inzicht te verwerven in: (Zie Par. A52 en A53) a. de relevante sectorspecifieke factoren, regelgeving en andere externe factoren inclusief de van toepassing zijnde criteria; b. de aard van de entiteit inclusief; -1. de aard van de activiteiten die zijn opgenomen in de organisatorische afbakening van de entiteit inclusief: (Zie Par. A27 en A28) +1. de aard van de activiteiten die zijn opgenomen in de organisatorische afbakening van de entiteit inclusief: (Zie Par. A27 en A28) a. de bronnen en de volledigheid van emissies en eventuele reservoirs en aftrek van emissies; b. in hoeverre zij bijdragen aan de algehele emissies van de entiteit; en -c. de onzekerheden die gepaard gaan met de gerapporteerde hoeveelheden in het emissieverslag. (Zie Par. A54, A55, A56, A57, A58 en A59) +c. de onzekerheden die gepaard gaan met de gerapporteerde hoeveelheden in het emissieverslag. (Zie Par. A54, A55, A56, A57, A58 en A59) 2. wijzigingen ten opzichte van de voorgaande verslagperiode in de aard of omvang van activiteiten inclusief de vraag of er sprake is geweest van fusies, acquisities of verkoop van emissiebronnen of van de uitbesteding van activiteiten met significante emissies; en -3. de frequentie en de aard van onderbrekingen in de activiteiten; (Zie Par. A60) +3. de frequentie en de aard van onderbrekingen in de activiteiten; (Zie Par. A60) c. de selectie en het toepassen van kwantificeringsmethoden en rapporteringsgrondslagen van de entiteit, inclusief de redenen voor wijzigingen daarin en de mogelijkheid van het dubbeltellen van emissies in het emissieverslag; d. de vereisten van de van toepassing zijnde criteria die relevant zijn voor schattingen, inclusief de toelichtingen daarop; -e. de eventuele doelstelling en strategie van de entiteit inzake klimaatverandering en gerelateerde economische-, regelgevings- fysieke en reputatie-risico’s; (Zie Par. A61) +e. de eventuele doelstelling en strategie van de entiteit inzake klimaatverandering en gerelateerde economische-, regelgevings- fysieke en reputatie-risico’s; (Zie Par. A61) f. het toezicht op en de verantwoordelijkheid voor emissie informatie binnen de entiteit; g. de vraag of de entiteit een interne auditfunctie heeft en, indien dit het geval is, wat de werkzaamheden en voornaamste bevindingen met betrekking tot emissies zijn. ##### . Werkzaamheden om inzicht te verwerven en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten -24 De werkzaamheden voor het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten, dienen het volgende te omvatten: (Zie Par. A52, A53 en A62) +24 De werkzaamheden voor het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten, dienen het volgende te omvatten: (Zie Par. A52, A53 en A62) a. het verzoeken om inlichtingen aan degenen binnen de entiteit die, op grond van de oordeelsvorming van de accountant, informatie hebben die waarschijnlijk kan ondersteunen bij het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude of van fouten; -b. cijferanalyses; (Zie Par. A63, A64 en A65) -c. observatie en inspectie. (Zie Par. A66, A67 en A68) +b. cijferanalyses; (Zie Par. A63, A64 en A65) +c. observatie en inspectie. (Zie Par. A66, A67 en A68) ##### . Het verwerven van inzicht in de interne beheersing van de entiteit ###### . Bij beperkte mate van zekerheid 25B -25B Voor interne beheersing die relevant is voor het kwantificeren van en rapporteren over emissies, als basis voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang, dient de accountant door middel van het verzoeken om inlichtingen, inzicht te verwerven in: (zie Par. A52, A53, A69 en A70) +25B Voor interne beheersing die relevant is voor het kwantificeren van en rapporteren over emissies, als basis voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang, dient de accountant door middel van het verzoeken om inlichtingen, inzicht te verwerven in: (zie Par. A52, A53, A69 en A70) a. de interne beheersingsomgeving; b. het informatiesysteem inclusief de gerelateerde bedrijfsprocessen en communicatie van rollen en verantwoordelijkheden inzake het rapporteren over emissies en significante aangelegenheden die hier verband mee houden; en @@ -13919,24 +13919,24 @@ c. het risico-inschattingsproces van de entiteit. ###### . Bij redelijke mate van zekerheid 25R–26R -25R De accountant dient inzicht te verwerven in de hierna volgende componenten van de interne beheersing van de entiteit die relevant zijn voor het kwantificeren van en rapporteren over emissies als basis voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang: (Zie Par. A52 en A53, A70) +25R De accountant dient inzicht te verwerven in de hierna volgende componenten van de interne beheersing van de entiteit die relevant zijn voor het kwantificeren van en rapporteren over emissies als basis voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang: (Zie Par. A52 en A53, A70) a. de interne beheersingsomgeving; b. het informatiesysteem inclusief de gerelateerde bedrijfsprocessen en communicatie van rollen en verantwoordelijkheden inzake het rapporteren over emissies en significante aangelegenheden die hier verband mee houden; c. het risico-inschattingsproces van de entiteit; -d. interne beheersingsactiviteiten die relevant zijn voor de opdracht en waarvan de accountant het noodzakelijk acht om daarin inzicht te verwerven om de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen in te schatten en om verdere werkzaamheden te kunnen opzetten en uitvoeren inspelend op de ingeschatte risico’s. Voor een assurance-opdracht is het niet nodig dat de accountant inzicht verwerft in alle interne beheersingsactiviteiten in relatie met iedere significante soort emissie en de toelichting hierop in het emissieverslag of met elke bewering die daarvoor relevant is; en (Zie Par. A71 en A72) +d. interne beheersingsactiviteiten die relevant zijn voor de opdracht en waarvan de accountant het noodzakelijk acht om daarin inzicht te verwerven om de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen in te schatten en om verdere werkzaamheden te kunnen opzetten en uitvoeren inspelend op de ingeschatte risico’s. Voor een assurance-opdracht is het niet nodig dat de accountant inzicht verwerft in alle interne beheersingsactiviteiten in relatie met iedere significante soort emissie en de toelichting hierop in het emissieverslag of met elke bewering die daarvoor relevant is; en (Zie Par. A71 en A72) e. het monitoren van de interne beheersingsmaatregelen. -26R Tijdens het verwerven van inzicht zoals vereist door paragraaf 25R dient de accountant de opzet van de interne beheersingsmaatregelen te evalueren en vast te stellen of deze zijn geïmplementeerd, door het uitvoeren van werkzaamheden in aanvulling op het verzoeken om inlichtingen bij personeelsleden van de entiteit. (Zie Par. A52 en A53) +26R Tijdens het verwerven van inzicht zoals vereist door paragraaf 25R dient de accountant de opzet van de interne beheersingsmaatregelen te evalueren en vast te stellen of deze zijn geïmplementeerd, door het uitvoeren van werkzaamheden in aanvulling op het verzoeken om inlichtingen bij personeelsleden van de entiteit. (Zie Par. A52 en A53) ##### . Overige werkzaamheden om inzicht te verwerven en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten -27 Als de opdrachtpartner andere opdrachten voor de entiteit heeft uitgevoerd, dient de opdrachtpartner te overwegen of de verkregen informatie relevant is voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang. (Zie Par. A73) +27 Als de opdrachtpartner andere opdrachten voor de entiteit heeft uitgevoerd, dient de opdrachtpartner te overwegen of de verkregen informatie relevant is voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang. (Zie Par. A73) 28 De accountant dient bij het management om inlichtingen te verzoeken en waar nodig bij anderen binnen de entiteit om te bepalen of zij op de hoogte zijn van: • feitelijke, vermoede of vermeende fraude; of • het niet naleven van wet- en regelgeving; -die van invloed is op het emissieverslag. (Zie Par. A84, A85 en A86) +die van invloed is op het emissieverslag. (Zie Par. A84, A85 en A86) 29 De opdrachtpartner, andere kernleden van het opdrachtteam en belangrijke door de accountant ingeschakelde externe deskundigen, dienen te overleggen over de vatbaarheid van het emissieverslag van de entiteit voor een afwijking van materieel belang als gevolg van fraude of van fouten; en het hanteren van de van toepassing zijnde criteria in het licht van de feiten en omstandigheden waarmee de entiteit te maken heeft. De opdrachtpartner dient te bepalen welke aangelegenheden gecommuniceerd worden met de leden van het opdrachtteam en met door de accountant ingeschakelde externe deskundigen die niet aan dit overleg hebben deelgenomen. 30 De accountant dient te evalueren of de kwantificeringsmethoden en rapporteringsgrondslagen van de entiteit inclusief het bepalen van de organisatorische afbakening van de entiteit: @@ -13945,11 +13945,11 @@ die van invloed is op het emissieverslag. (Zie Par. A84, A85 en A86) ###### . Het op locatie uitvoeren van werkzaamheden bij inrichtingen van de entiteit -31 De accountant dient vast te stellen of het onder de omstandigheden van de opdracht noodzakelijk is om werkzaamheden op locatie uit te voeren bij significante inrichtingen. (Zie Par. A15, A16, A74, A75, A76 en A77) +31 De accountant dient vast te stellen of het onder de omstandigheden van de opdracht noodzakelijk is om werkzaamheden op locatie uit te voeren bij significante inrichtingen. (Zie Par. A15, A16, A74, A75, A76 en A77) ###### . Interne auditafdeling -32 Indien de entiteit beschikt over een interne auditfunctie die relevant is voor de opdracht, dient de accountant: (Zie Par. A78) +32 Indien de entiteit beschikt over een interne auditfunctie die relevant is voor de opdracht, dient de accountant: (Zie Par. A78) a. te bepalen of en in welke mate gebruik wordt gemaakt van specifieke werkzaamheden van de interne auditfunctie; en b. Indien gebruik wordt gemaakt van specifieke werkzaamheden van de interne auditfunctie, te bepalen of die werkzaamheden adequaat zijn in het kader van de opdracht. @@ -13960,8 +13960,8 @@ b. Indien gebruik wordt gemaakt van specifieke werkzaamheden van de interne audi 33B De accountant dient de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten: -a. op het niveau van het emissieverslag; en (Zie Par. A79 en A80) -b. voor soorten emissies die van materieel belang zijn en toelichtingen hierop, (Zie Par. A81) +a. op het niveau van het emissieverslag; en (Zie Par. A79 en A80) +b. voor soorten emissies die van materieel belang zijn en toelichtingen hierop, (Zie Par. A81) als basis voor het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden waarvan de aard, timing en omvang; c. inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang; en @@ -13971,53 +13971,53 @@ d. de accountant in staat stellen om een beperkte mate van zekerheid te verkrijg 33R De accountant dient de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten: -a. op het niveau van het emissieverslag; en (Zie Par. A79 en A80) -b. op het niveau van beweringen voor soorten emissies die van materieel belang zijn en toelichtingen hierop, (Zie Par. A81 en A82) +a. op het niveau van het emissieverslag; en (Zie Par. A79 en A80) +b. op het niveau van beweringen voor soorten emissies die van materieel belang zijn en toelichtingen hierop, (Zie Par. A81 en A82) -als basis voor het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden waarvan de aard, timing en omvang: (Zie Par. A83) +als basis voor het opzetten en uitvoeren van werkzaamheden waarvan de aard, timing en omvang: (Zie Par. A83) c. inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang; en d. de accountant in staat stellen om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen of het emissieverslag in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming met de van toepassing zijnde criteria is opgesteld. ###### . Oorzaken voor risico’s op een afwijking van materieel belang -34 Bij het uitvoeren van de werkzaamheden die vereist zijn op grond van paragraaf 33B of 33R, dient de accountant ten minste het volgende in aanmerking te nemen: (Zie Par. A84, A85, A86, A87, A88 en A89) +34 Bij het uitvoeren van de werkzaamheden die vereist zijn op grond van paragraaf 33B of 33R, dient de accountant ten minste het volgende in aanmerking te nemen: (Zie Par. A84, A85, A86, A87, A88 en A89) -a. de waarschijnlijkheid van een opzettelijke afwijking in het emissieverslag; (Zie Par. A84, A85 en A86) -b. de waarschijnlijkheid van het niet naleven van bepalingen van algemeen erkende wet- en regelgeving die directe invloed heeft op de inhoud van het emissieverslag; (Zie Par. A87) -c. de waarschijnlijkheid van een weglating van een mogelijk significante emissie; (Zie Par. A88(a)) -d. significante economische veranderingen of veranderingen op het gebied van regelgeving; (Zie Par. A88(b)) -e. de aard van activiteiten; (Zie Par. A88(c)) -f. de aard van kwantificeringsmethoden; (Zie Par. A88(d)) -g. de mate van complexiteit bij het bepalen van de organisatorische afbakening en of verbonden partijen erbij betrokken zijn; (Zie Par. A27 en A28) -h. of er sprake is van significante emissies die buiten het normale verloop van bedrijfsactiviteiten van de entiteit vallen of die anderszins ongebruikelijk lijken; (Zie Par. A88(e)) -i. de mate van subjectiviteit bij de kwantificering van emissies; (Zie Par. A88(e)) -j. of Scope 3 emissies in het emissieverslag zijn opgenomen; en (Zie Par. A88(f)) -k. de wijze waarop de entiteit significante schattingen maakt en de gegevens waarop deze zijn gebaseerd. (Zie Par. A88(g)) +a. de waarschijnlijkheid van een opzettelijke afwijking in het emissieverslag; (Zie Par. A84, A85 en A86) +b. de waarschijnlijkheid van het niet naleven van bepalingen van algemeen erkende wet- en regelgeving die directe invloed heeft op de inhoud van het emissieverslag; (Zie Par. A87) +c. de waarschijnlijkheid van een weglating van een mogelijk significante emissie; (Zie Par. A88(a)) +d. significante economische veranderingen of veranderingen op het gebied van regelgeving; (Zie Par. A88(b)) +e. de aard van activiteiten; (Zie Par. A88(c)) +f. de aard van kwantificeringsmethoden; (Zie Par. A88(d)) +g. de mate van complexiteit bij het bepalen van de organisatorische afbakening en of verbonden partijen erbij betrokken zijn; (Zie Par. A27 en A28) +h. of er sprake is van significante emissies die buiten het normale verloop van bedrijfsactiviteiten van de entiteit vallen of die anderszins ongebruikelijk lijken; (Zie Par. A88(e)) +i. de mate van subjectiviteit bij de kwantificering van emissies; (Zie Par. A88(e)) +j. of Scope 3 emissies in het emissieverslag zijn opgenomen; en (Zie Par. A88(f)) +k. de wijze waarop de entiteit significante schattingen maakt en de gegevens waarop deze zijn gebaseerd. (Zie Par. A88(g)) #### . De algehele manieren van inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang en verdere werkzaamheden -35 De accountant dient algehele manieren op te zetten en te implementeren om op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van het emissieverslag in te spelen. (Zie Par. A90, A91, A92 en A93) -36 De accountant dient verdere werkzaamheden op te zetten en uit te voeren waarvan de aard, timing en omvang inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang, rekening houdend met het niveau van zekerheid dat redelijk of beperkt is. (Zie Par. A90) +35 De accountant dient algehele manieren op te zetten en te implementeren om op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van het emissieverslag in te spelen. (Zie Par. A90, A91, A92 en A93) +36 De accountant dient verdere werkzaamheden op te zetten en uit te voeren waarvan de aard, timing en omvang inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang, rekening houdend met het niveau van zekerheid dat redelijk of beperkt is. (Zie Par. A90) ##### . Bij beperkte mate van zekerheid 37B, 42B–44B -37B Bij het opzetten en uitvoeren van de verdere werkzaamheden overeenkomstig paragraaf 36 dient de accountant: (Zie Par. A90, A94) +37B Bij het opzetten en uitvoeren van de verdere werkzaamheden overeenkomstig paragraaf 36 dient de accountant: (Zie Par. A90, A94) -a. de redenen te beschouwen die bij een inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang worden gegeven voor van materieel belang zijnde soorten emissies en toelichtingen hierop; en (Zie Par. A95) -b. meer overtuigende assurance-informatie te verkrijgen naarmate het risico door de accountant hoger wordt ingeschat. (Zie Par. A97) +a. de redenen te beschouwen die bij een inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang worden gegeven voor van materieel belang zijnde soorten emissies en toelichtingen hierop; en (Zie Par. A95) +b. meer overtuigende assurance-informatie te verkrijgen naarmate het risico door de accountant hoger wordt ingeschat. (Zie Par. A97) ###### . Cijferanalyses die worden uitgevoerd om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang -42B Bij het opzetten en uitvoeren van cijferanalyses dient de accountant: (Zie Par. A90(c), A100, A101 en A102) +42B Bij het opzetten en uitvoeren van cijferanalyses dient de accountant: (Zie Par. A90(c), A100, A101 en A102) a. de geschiktheid van bepaalde cijferanalyses te bepalen, waarbij hij rekening houdt met de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang en eventuele detailcontroles; b. de betrouwbaarheid van gegevens op basis waarvan de verwachting van de accountant ten aanzien van vastgelegde hoeveelheden of ratio’s is ontwikkeld, te evalueren waarbij hij rekening houdt met de bron, de vergelijkbaarheid en de aard en de relevantie van de beschikbare informatie en met interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot het opstellen daarvan; en c. een verwachting met betrekking tot vastgelegde hoeveelheden of ratio’s te ontwikkelen. -43B Indien cijferanalyses fluctuaties of relaties identificeren die inconsistent zijn met andere relevante informatie of die significant afwijken van verwachte hoeveelheden of ratio’s, dient de accountant de entiteit om inlichtingen te verzoeken over deze verschillen. De accountant dient de antwoorden op deze verzoeken om inlichtingen in overweging te nemen om te bepalen of andere werkzaamheden noodzakelijk zijn in de omstandigheden. (Zie Par. A90(c)) +43B Indien cijferanalyses fluctuaties of relaties identificeren die inconsistent zijn met andere relevante informatie of die significant afwijken van verwachte hoeveelheden of ratio’s, dient de accountant de entiteit om inlichtingen te verzoeken over deze verschillen. De accountant dient de antwoorden op deze verzoeken om inlichtingen in overweging te nemen om te bepalen of andere werkzaamheden noodzakelijk zijn in de omstandigheden. (Zie Par. A90(c)) ###### . Werkzaamheden met betrekking tot schattingen -44B Op basis van de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant: (Zie Par. A103 en A104) +44B Op basis van de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant: (Zie Par. A103 en A104) a. te evalueren of: @@ -14027,21 +14027,21 @@ b. te overwegen of andere werkzaamheden noodzakelijk zijn in de omstandigheden. ##### . Bij redelijke mate van zekerheid 37R–45R -37R Bij het opzetten en uitvoeren van de verdere werkzaamheden overeenkomstig paragraaf 36 dient de accountant: (Zie Par. A90, A94) +37R Bij het opzetten en uitvoeren van de verdere werkzaamheden overeenkomstig paragraaf 36 dient de accountant: (Zie Par. A90, A94) -a. de redenen te beschouwen die bij een inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang worden gegeven op het niveau van beweringen voor van materieel belang zijnde soorten emissies en toelichtingen hierop, inclusief: (Zie Par. A95) +a. de redenen te beschouwen die bij een inschatting van de risico’s op een afwijking van materieel belang worden gegeven op het niveau van beweringen voor van materieel belang zijnde soorten emissies en toelichtingen hierop, inclusief: (Zie Par. A95) 1. de waarschijnlijkheid van een afwijking van materieel belang vanwege specifieke kenmerken van de relevante soort emissies of toelichting hierop (d.w.z. het inherente risico); en -2. de vraag of de accountant voornemens is op de werking van interne beheersings-maatregelen te steunen bij het bepalen van de aard, timing en omvang van andere werkzaamheden; en (Zie Par. A96) -b. meer overtuigende assurance-informatie te verkrijgen naarmate het risico door de accountant hoger wordt ingeschat. (Zie Par. A97) +2. de vraag of de accountant voornemens is op de werking van interne beheersings-maatregelen te steunen bij het bepalen van de aard, timing en omvang van andere werkzaamheden; en (Zie Par. A96) +b. meer overtuigende assurance-informatie te verkrijgen naarmate het risico door de accountant hoger wordt ingeschat. (Zie Par. A97) ###### . Het toetsen van interne beheersingsmaatregelen -38R De accountant dient toetsingen van interne beheersingsmaatregelen op te zetten en uit te voeren om voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen met betrekking tot de werking van relevante interne beheersingsmaatregelen als: (Zie Par. A90(a)) +38R De accountant dient toetsingen van interne beheersingsmaatregelen op te zetten en uit te voeren om voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen met betrekking tot de werking van relevante interne beheersingsmaatregelen als: (Zie Par. A90(a)) -a. de accountant voornemens is op de werking van interne beheersingsmaatregelen te steunen bij het bepalen van de aard, timing en omvang van andere werkzaamheden; en (Zie Par. A96) -b. andere werkzaamheden dan het toetsen van interne beheersingsmaatregelen op zich geen voldoende en geschikte assurance-informatie kunnen verschaffen op het niveau van beweringen. (Zie Par. A98) -39R Indien wordt gedetecteerd dat er afwijkingen zijn van de interne beheersingsmaatregelen waarop de accountant voornemens is te steunen, dient de accountant om specifieke inlichtingen te verzoeken om inzicht te verwerven in deze aangelegenheden en de potentiële gevolgen daarvan. Hij dient te bepalen of: (Zie Par. A90) +a. de accountant voornemens is op de werking van interne beheersingsmaatregelen te steunen bij het bepalen van de aard, timing en omvang van andere werkzaamheden; en (Zie Par. A96) +b. andere werkzaamheden dan het toetsen van interne beheersingsmaatregelen op zich geen voldoende en geschikte assurance-informatie kunnen verschaffen op het niveau van beweringen. (Zie Par. A98) +39R Indien wordt gedetecteerd dat er afwijkingen zijn van de interne beheersingsmaatregelen waarop de accountant voornemens is te steunen, dient de accountant om specifieke inlichtingen te verzoeken om inzicht te verwerven in deze aangelegenheden en de potentiële gevolgen daarvan. Hij dient te bepalen of: (Zie Par. A90) a. de toetsingen van interne beheersingsmaatregelen die zijn uitgevoerd een passende basis vormen voor het steunen op deze interne beheersingsmaatregelen; b. aanvullende toetsingen van interne beheersingsmaatregelen noodzakelijk zijn; of @@ -14049,28 +14049,28 @@ c. op de mogelijke risico’s op een afwijking van materieel belang moet worden ###### . Andere werkzaamheden dan het toetsen van interne beheersingsmaatregelen -40R Ongeacht de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant detailcontroles of cijferanalyses op te zetten en uit te voeren in aanvulling op het toetsen van interne beheersingsmaatregelen, indien aanwezig, voor ieder type van materieel belang zijnde emissies en toelichting hierop. (Zie Par. A90 en A94) -41R De accountant dient in overweging te nemen of werkzaamheden inzake externe bevestigingen dienen te worden uitgevoerd. (Zie Par. A90 en A99) +40R Ongeacht de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant detailcontroles of cijferanalyses op te zetten en uit te voeren in aanvulling op het toetsen van interne beheersingsmaatregelen, indien aanwezig, voor ieder type van materieel belang zijnde emissies en toelichting hierop. (Zie Par. A90 en A94) +41R De accountant dient in overweging te nemen of werkzaamheden inzake externe bevestigingen dienen te worden uitgevoerd. (Zie Par. A90 en A99) ###### . Cijferanalyses die worden uitgevoerd om in te spelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang -42R Bij het opzetten en uitvoeren van cijferanalyses dient de accountant: (Zie Par. A90(c), A100, A101 en A102) +42R Bij het opzetten en uitvoeren van cijferanalyses dient de accountant: (Zie Par. A90(c), A100, A101 en A102) a. de geschiktheid van bepaalde cijferanalyses te bepalen voor gegeven beweringen, waarbij hij rekening houdt met de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang en eventuele detailcontroles voor deze beweringen; b. de betrouwbaarheid van gegevens op basis waarvan de verwachting van de accountant ten aanzien van vastgelegde hoeveelheden of ratio’s is ontwikkeld, te evalueren waarbij hij rekening houdt met de bron, de vergelijkbaarheid en de aard en de relevantie van de beschikbare informatie en met interne beheersingsmaatregelen met betrekking tot het opstellen daarvan; en c. een verwachting van vastgelegde hoeveelheden of ratio’s te ontwikkelen die voldoende nauwkeurig is om afwijkingen van materieel belang te identificeren. -43R Indien cijferanalyses fluctuaties of relaties identificeren die inconsistent zijn met andere relevante informatie of die significant afwijken van verwachte hoeveelheden of ratio’s, dient de accountant dergelijke verschillen te onderzoeken door: (Zie Par. A90(c)) +43R Indien cijferanalyses fluctuaties of relaties identificeren die inconsistent zijn met andere relevante informatie of die significant afwijken van verwachte hoeveelheden of ratio’s, dient de accountant dergelijke verschillen te onderzoeken door: (Zie Par. A90(c)) a. de entiteit om inlichtingen te verzoeken en aanvullende assurance-informatie te verkrijgen die relevant is voor de reacties van de entiteit; en b. andere werkzaamheden uit te voeren voor zover noodzakelijk in de omstandigheden. ###### . Werkzaamheden met betrekking tot schattingen -44R Op basis van de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant te evalueren of: (Zie Par. A103 en A104) +44R Op basis van de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang dient de accountant te evalueren of: (Zie Par. A103 en A104) a. de entiteit de vereisten van de van toepassing zijnde criteria die relevant zijn voor schattingen op passende wijze heeft toegepast; en b. de methoden voor het maken van schattingen passend zijn en op consistente wijze zijn toegepast, en of eventuele wijzigingen in gerapporteerde schattingen of in de methode om deze te maken ten opzichte van de voorgaande periode in de omstandigheden passend zijn. -45R Bij het inspelen op een ingeschat risico van een afwijking van materieel belang dient de accountant, rekening houdend met de aard van de schattingen, één of meer van de hier volgende werkzaamheden te ondernemen: (Zie Par. A103) +45R Bij het inspelen op een ingeschat risico van een afwijking van materieel belang dient de accountant, rekening houdend met de aard van de schattingen, één of meer van de hier volgende werkzaamheden te ondernemen: (Zie Par. A103) a. toetsen hoe de entiteit de schatting heeft gemaakt en de gegevens waarop deze is gebaseerd. Hierbij dient de accountant te evalueren of: @@ -14084,31 +14084,31 @@ c. ontwikkelen van een puntschatting of een interval om de schatting van de enti ##### . Het nemen van steekproeven -46 Wanneer er gebruik wordt gemaakt van steekproeven, dient de accountant bij het opzetten van de steekproef de procedure en de kenmerken van de populatie waaruit de steekproef zal worden getrokken, in overweging te nemen. (Zie Par. A90(b), A105) +46 Wanneer er gebruik wordt gemaakt van steekproeven, dient de accountant bij het opzetten van de steekproef de procedure en de kenmerken van de populatie waaruit de steekproef zal worden getrokken, in overweging te nemen. (Zie Par. A90(b), A105) ##### . Fraude en wet- en regelgeving -47 De accountant dient op passende wijze in te spelen op fraude of vermoede fraude en op niet-naleving of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving die tijdens de opdracht worden geïdentificeerd. (Zie Par. A106 en A107) +47 De accountant dient op passende wijze in te spelen op fraude of vermoede fraude en op niet-naleving of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving die tijdens de opdracht worden geïdentificeerd. (Zie Par. A106 en A107) ##### . Werkzaamheden met betrekking tot het aggregatieproces van het emissieverslag ###### . Bij beperkte mate van zekerheid 48B–49B -48B De werkzaamheden van de accountant met betrekking tot het aggregatieproces van het emissieverslag dienen te bestaan uit: (Zie Par. A108) +48B De werkzaamheden van de accountant met betrekking tot het aggregatieproces van het emissieverslag dienen te bestaan uit: (Zie Par. A108) a. het aansluiten of afstemmen van het emissieverslag op de onderliggende vastleggingen; en b. het verwerven, door het verzoeken om inlichtingen bij de entiteit, van inzicht in aanpassingen van materieel belang die zijn gemaakt tijdens het opstellen van het emissieverslag en de overweging of verdere werkzaamheden noodzakelijk zijn in de omstandigheden. ###### . Het bepalen of aanvullende werkzaamheden noodzakelijk zijn bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid -49B De accountant kan zich bewust worden van een aangelegenheid of aangelegenheden waardoor hij veronderstelt dat het emissieverslag een afwijking van materieel belang bevat. In dat geval dient de accountant aanvullende werkzaamheden op te zetten en uit te voeren die voldoende zijn om hem in staat te stellen om: (Zie Par. A109 en A110) +49B De accountant kan zich bewust worden van een aangelegenheid of aangelegenheden waardoor hij veronderstelt dat het emissieverslag een afwijking van materieel belang bevat. In dat geval dient de accountant aanvullende werkzaamheden op te zetten en uit te voeren die voldoende zijn om hem in staat te stellen om: (Zie Par. A109 en A110) a. te concluderen dat de aangelegenheid of aangelegenheden er waarschijnlijk niet toe leidt/leiden dat het emissieverslag een afwijking van materieel belang bevat; of -b. te bepalen dat de aangelegenheid of aangelegenheden ertoe leidt/leiden dat het emissieverslag een afwijking van materieel belang bevat. (Zie Par. A111) +b. te bepalen dat de aangelegenheid of aangelegenheden ertoe leidt/leiden dat het emissieverslag een afwijking van materieel belang bevat. (Zie Par. A111) ###### . Bij redelijke mate van zekerheid 48R–49R -48R De werkzaamheden van de accountant met betrekking tot het aggregatieproces van het emissieverslag dienen te bestaan uit: (Zie Par. A108) +48R De werkzaamheden van de accountant met betrekking tot het aggregatieproces van het emissieverslag dienen te bestaan uit: (Zie Par. A108) a. het aansluiten of afstemmen van het emissieverslag op de onderliggende vastleggingen; en b. het onderzoeken van de aanpassingen van materieel belang die zijn gemaakt tijdens het opstellen van het emissieverslag. @@ -14121,11 +14121,11 @@ b. het onderzoeken van de aanpassingen van materieel belang die zijn gemaakt tij • als er nieuwe informatie is verkregen; en • deze informatie tegenstrijdig lijkt met de assurance-informatie waarop hij zijn eerste inschatting heeft gebaseerd; -dient de accountant de inschatting bij te stellen en de geplande werkzaamheden daarop af te stemmen. (Zie Par. A109) +dient de accountant de inschatting bij te stellen en de geplande werkzaamheden daarop af te stemmen. (Zie Par. A109) ##### . Accumulatie van geïdentificeerde afwijkingen -50 De accountant dient afwijkingen die tijdens de opdracht worden geïdentificeerd te accumuleren met uitzondering van die afwijkingen die duidelijk triviaal zijn. (Zie Par. A112) +50 De accountant dient afwijkingen die tijdens de opdracht worden geïdentificeerd te accumuleren met uitzondering van die afwijkingen die duidelijk triviaal zijn. (Zie Par. A112) ##### . Het in overweging nemen van geïdentificeerde afwijkingen naarmate de opdracht vordert @@ -14149,12 +14149,12 @@ b. het totaal van tijdens de opdracht verzamelde afwijkingen de materialiteit na 57 Wanneer de accountant voornemens is gebruik te maken van de werkzaamheden van andere accountants, dient de accountant: -a. duidelijk met die andere accountants te communiceren over de reikwijdte en timing van hun werkzaamheden en over hun bevindingen; en (Zie Par. A113 en A114) -b. te evalueren of de verkregen assurance-informatie en het proces voor het opnemen van gerelateerde informatie in het emissieverslag van daaraan gerelateerde informatie voldoende en geschikt is. (Zie Par. A115) +a. duidelijk met die andere accountants te communiceren over de reikwijdte en timing van hun werkzaamheden en over hun bevindingen; en (Zie Par. A113 en A114) +b. te evalueren of de verkregen assurance-informatie en het proces voor het opnemen van gerelateerde informatie in het emissieverslag van daaraan gerelateerde informatie voldoende en geschikt is. (Zie Par. A115) #### . Schriftelijke bevestigingen -58 De accountant dient schriftelijke bevestigingen te vragen van een persoon of personen binnen de entiteit met de juiste verantwoordelijkheden voor en kennis van de desbetreffende aangelegenheden: (Zie Par. A116) +58 De accountant dient schriftelijke bevestigingen te vragen van een persoon of personen binnen de entiteit met de juiste verantwoordelijkheden voor en kennis van de desbetreffende aangelegenheden: (Zie Par. A116) a. dat zij aan hun verantwoordelijkheden hebben voldaan voor het opstellen van het emissieverslag, inclusief vergelijkende informatie waar van toepassing, in overeenstemming met de van toepassing zijnde criteria zoals deze zijn beschreven in de opdrachtvoorwaarden; b. dat zij de accountant alle relevante informatie en toegang hebben verschaft zoals is overeengekomen in de opdrachtvoorwaarden en alle relevante aangelegenheden in het emissieverslag hebben weergegeven; @@ -14170,20 +14170,20 @@ b. de entiteit de op grond van de paragrafen 58(a) en (b) vereiste schriftelijke #### . Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode -61 De accountant dient: (Zie Par. A117) +61 De accountant dient: (Zie Par. A117) a. te overwegen of gebeurtenissen die zich voordoen tussen de datum van het emissieverslag en de datum van het assurance-rapport een aanpassing van of een toelichting in het emissieverslag vereisen. Hij dient ook te evalueren of de verkregen assurance-informatie voldoende en geschikt is met betrekking tot de vraag of dergelijke gebeurtenissen op passende wijze, in overeenstemming met de van toepassing zijnde criteria in het emissieverslag zijn weergegeven; en b. op passende wijze in te spelen op feiten die de accountant bekend worden na de datum van het assurance-rapport en die, wanneer zij hem op die datum bekend waren geweest, tot een aanpassing in het assurance-rapport hadden kunnen leiden. #### . Ter vergelijking opgenomen informatie -62 Indien ter vergelijking opgenomen informatie gepresenteerd wordt met de huidige emissie informatie en de conclusie van de accountant een deel van of alle ter vergelijking opgenomen informatie omvat, dienen de werkzaamheden van de accountant met betrekking tot de ter vergelijking opgenomen informatie de evaluatie te omvatten of: (Zie Par. A118, A119, A120 en A121) +62 Indien ter vergelijking opgenomen informatie gepresenteerd wordt met de huidige emissie informatie en de conclusie van de accountant een deel van of alle ter vergelijking opgenomen informatie omvat, dienen de werkzaamheden van de accountant met betrekking tot de ter vergelijking opgenomen informatie de evaluatie te omvatten of: (Zie Par. A118, A119, A120 en A121) -a. de ter vergelijking opgenomen informatie overeenkomt met de hoeveelheden en andere toelichtingen die zijn weergegeven in de voorgaande verslagperiode of, indien van toepassing, op een juiste wijze is aangepast en dat die aanpassing op adequate wijze is toegelicht; en (Zie Par. A121) +a. de ter vergelijking opgenomen informatie overeenkomt met de hoeveelheden en andere toelichtingen die zijn weergegeven in de voorgaande verslagperiode of, indien van toepassing, op een juiste wijze is aangepast en dat die aanpassing op adequate wijze is toegelicht; en (Zie Par. A121) b. de kwantificeringsgrondslagen die in de ter vergelijking opgenomen informatie worden weergegeven consistent zijn met de grondslagen die in de huidige verslagperiode worden toegepast of, indien zich veranderingen hebben voorgedaan, deze op correcte wijze zijn toegepast en op adequate wijze zijn toegelicht. 63 Ongeacht of de conclusie van de accountant de ter vergelijking opgenomen informatie omvat, indien de accountant zich bewust wordt dat er mogelijk sprake is van een afwijking van materieel belang in de weergegeven ter vergelijking opgenomen informatie, dient de accountant: -a. de aangelegenheid te bespreken met die persoon of personen binnen de entiteit met de juiste verantwoordelijkheden voor en kennis van de desbetreffende aangelegenheden en werkzaamheden uit te voeren die onder de omstandigheden passend zijn; en (Zie Par. A122 en A123) +a. de aangelegenheid te bespreken met die persoon of personen binnen de entiteit met de juiste verantwoordelijkheden voor en kennis van de desbetreffende aangelegenheden en werkzaamheden uit te voeren die onder de omstandigheden passend zijn; en (Zie Par. A122 en A123) b. het effect op het assurance-rapport in overweging te nemen. Indien de ter vergelijking opgenomen informatie een afwijking van materieel belang bevat, en de ter vergelijking opgenomen informatie niet is aangepast: 1. wanneer de conclusie van de accountant de ter vergelijking opgenomen informatie omvat, dient de accountant een conclusie met beperking of een afkeurende conclusie in het assurance-rapport tot uitdrukking te brengen; of @@ -14191,16 +14191,16 @@ b. het effect op het assurance-rapport in overweging te nemen. Indien de ter ver #### . Andere informatie -64 De accountant dient andere informatie te lezen die is opgenomen in de documenten die het emissieverslag en het assurance-rapport daarbij bevatten. Indien die andere informatie naar het oordeel van de accountant de geloofwaardigheid van het emissieverslag en van het assurance-rapport zou kunnen ondermijnen, dan dient hij de aangelegenheid met de entiteit te bespreken en verdere passende maatregelen te nemen. (Zie Par. A124, A125 en A126) +64 De accountant dient andere informatie te lezen die is opgenomen in de documenten die het emissieverslag en het assurance-rapport daarbij bevatten. Indien die andere informatie naar het oordeel van de accountant de geloofwaardigheid van het emissieverslag en van het assurance-rapport zou kunnen ondermijnen, dan dient hij de aangelegenheid met de entiteit te bespreken en verdere passende maatregelen te nemen. (Zie Par. A124, A125 en A126) #### . Documentatie -65 Bij het documenteren van de aard, timing en omvang van de uitgevoerde werkzaamheden dient de accountant vast te leggen: (Zie Par. A127) +65 Bij het documenteren van de aard, timing en omvang van de uitgevoerde werkzaamheden dient de accountant vast te leggen: (Zie Par. A127) a. de onderscheidende kenmerken van de specifieke elementen of aangelegenheden die zijn getoetst; b. wie de werkzaamheden heeft uitgevoerd en de datum waarop deze werden afgerond; en c. wie de uitgevoerde werkzaamheden heeft beoordeeld en de datum en de omvang van deze beoordeling. -66 De accountant dient discussies over significante aangelegenheden met de entiteit en met anderen te documenteren, inclusief de aard van de besproken significante aangelegenheden, het tijdstip van bespreking en de namen van de personen die hieraan hebben deelgenomen. (Zie Par. A127) +66 De accountant dient discussies over significante aangelegenheden met de entiteit en met anderen te documenteren, inclusief de aard van de besproken significante aangelegenheden, het tijdstip van bespreking en de namen van de personen die hieraan hebben deelgenomen. (Zie Par. A127) ##### . Kwaliteitsbeheersing @@ -14213,7 +14213,7 @@ d. de aard en reikwijdte van en de conclusies gebaseerd op consultaties die werd ##### . Aangelegenheden die zich openbaren na de datum van het assurance-rapport -68 Indien in uitzonderlijke omstandigheden de accountant na de datum van het assurance-rapport nieuwe of aanvullende werkzaamheden uitvoert of tot nieuwe conclusies komt, dient hij te documenteren: (Zie Par. A128) +68 Indien in uitzonderlijke omstandigheden de accountant na de datum van het assurance-rapport nieuwe of aanvullende werkzaamheden uitvoert of tot nieuwe conclusies komt, dient hij te documenteren: (Zie Par. A128) a. de omstandigheden die zich hebben voorgedaan; b. de nieuwe of aanvullende werkzaamheden die zijn uitgevoerd, de verkregen assurance-informatie, de getrokken conclusies en de gevolgen daarvan voor het assurance-rapport; en @@ -14221,7 +14221,7 @@ c. wanneer en door wie de daaruit voortvloeiende wijzigingen in de opdrachtdocum ##### . Samenstellen van het definitieve opdrachtdossier -69 De accountant dient de opdrachtdocumentatie samen te voegen in een opdrachtdossier en het administratieve proces van het samenstellen van het definitieve opdrachtdossier tijdig na de datum van de assurance-rapport te voltooien. Nadat het samenstellen van het definitieve opdrachtdossier is voltooid dient de accountant geen enkele opdrachtdocumentatie, van welke aard ook, te vernietigen of te verwijderen, voordat de bewaarperiode is afgelopen. (Zie Par. A129) +69 De accountant dient de opdrachtdocumentatie samen te voegen in een opdrachtdossier en het administratieve proces van het samenstellen van het definitieve opdrachtdossier tijdig na de datum van de assurance-rapport te voltooien. Nadat het samenstellen van het definitieve opdrachtdossier is voltooid dient de accountant geen enkele opdrachtdocumentatie, van welke aard ook, te vernietigen of te verwijderen, voordat de bewaarperiode is afgelopen. (Zie Par. A129) 70 In andere dan de in paragraaf 68 bedoelde omstandigheden, waarin de accountant het noodzakelijk acht om veranderingen aan te brengen in de bestaande opdrachtdocumentatie of om nieuwe elementen aan de opdrachtdocumentatie toe te voegen nadat de samenstelling van het definitieve opdrachtdossier is voltooid, dient hij, ongeacht de aard van de veranderingen of toevoegingen, te documenteren: a. de specifieke redenen voor het aanbrengen daarvan; en @@ -14229,7 +14229,7 @@ b. wanneer en door wie zij werden aangebracht en beoordeeld. #### . Opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling -71 Een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling kan vereist zijn op grond van wet- of regelgeving of omdat het kantoor heeft bepaald dat een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling noodzakelijk is. Voor die opdrachten dient de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar een objectieve evaluatie uit te voeren van de significante oordelen die het opdrachtteam heeft gevormd en van de conclusies die zijn getrokken bij het formuleren van het assurance-rapport. Deze evaluatie dient betrekking te hebben op: (Zie Par. A130) +71 Een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling kan vereist zijn op grond van wet- of regelgeving of omdat het kantoor heeft bepaald dat een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling noodzakelijk is. Voor die opdrachten dient de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar een objectieve evaluatie uit te voeren van de significante oordelen die het opdrachtteam heeft gevormd en van de conclusies die zijn getrokken bij het formuleren van het assurance-rapport. Deze evaluatie dient betrekking te hebben op: (Zie Par. A130) a. besprekingen van significante aangelegenheden met de opdrachtpartner, inclusief de deskundigheid van het opdrachtteam met betrekking tot het kwantificeren en rapporteren over emissies en assurance; b. beoordeling van het emissieverslag en van het voorgestelde assurance-rapport; @@ -14252,7 +14252,7 @@ d. evaluatie van de conclusies die zijn getrokken bij het formuleren van het ass a. de kwantificeringsmethoden en rapporteringsgrondslagen die zijn geselecteerd en toegepast, consistent zijn met de van toepassing zijnde criteria en geschikt zijn; b. de schattingen die zijn gemaakt bij het opstellen van het emissieverslag redelijk zijn; c. de in het emissieverslag gepresenteerde informatie relevant, betrouwbaar, volledig, vergelijkbaar en begrijpelijk is; -d. het emissieverslag voorziet in adequate toelichtingen van de van toepassing zijnde criteria en overige aangelegenheden, inclusief onzekerheden, zodat de beoogde gebruikers de significante oordelen die zijn gevormd bij het opstellen ervan kunnen begrijpen; en (Zie Par. A29, A131, A132 en A133) +d. het emissieverslag voorziet in adequate toelichtingen van de van toepassing zijnde criteria en overige aangelegenheden, inclusief onzekerheden, zodat de beoogde gebruikers de significante oordelen die zijn gevormd bij het opstellen ervan kunnen begrijpen; en (Zie Par. A29, A131, A132 en A133) e. de in het emissieverslag gebruikte terminologie passend is. 75 De evaluatie die op grond van paragrafen 73B en 73R is vereist, dient de overweging te bevatten van: @@ -14261,7 +14261,7 @@ b. wanneer dit passend is in de context van de criteria, de bewoording van de as #### . Inhoud van het assurance-rapport -76 Het assurance-rapport dient de volgende basiselementen te bevatten: (Zie Par. A134) +76 Het assurance-rapport dient de volgende basiselementen te bevatten: (Zie Par. A134) a. een titel die duidelijk aangeeft dat het rapport een onafhankelijk assurance-rapport is voor opdrachten met een beperkte of met een redelijke mate van zekerheid; b. de geadresseerde van het assurance-rapport; @@ -14269,28 +14269,28 @@ c. identificatie van het emissieverslag, inclusief de periode(n) die het omvat. • een duidelijke identificatie van de informatie die onderworpen is aan assurance en de informatie die werd uitgesloten; • samen met een vermelding dat de accountant geen werkzaamheden heeft uitgevoerd die betrekking hebben op de uitgesloten informatie; en -• dat daarover derhalve geen conclusie tot uitdrukking wordt gebracht. (Zie Par. A120, A135) -d. een beschrijving van de verantwoordelijkheden van de entiteit; (Zie Par. A35) -e. een vermelding dat kwantificering van broeikasgassen onderworpen is aan inherente onzekerheid; (Zie Par. A54, A55, A56, A57, A58 en A59) -f. indien het emissieverslag aftrek van emissies omvat die is omvat in de conclusie van de accountant, identificatie van die aftrek en een vermelding van de verantwoordelijkheid van de accountant daarvoor; (Zie Par. A136, A137, A138 en A139) +• dat daarover derhalve geen conclusie tot uitdrukking wordt gebracht. (Zie Par. A120, A135) +d. een beschrijving van de verantwoordelijkheden van de entiteit; (Zie Par. A35) +e. een vermelding dat kwantificering van broeikasgassen onderworpen is aan inherente onzekerheid; (Zie Par. A54, A55, A56, A57, A58 en A59) +f. indien het emissieverslag aftrek van emissies omvat die is omvat in de conclusie van de accountant, identificatie van die aftrek en een vermelding van de verantwoordelijkheid van de accountant daarvoor; (Zie Par. A136, A137, A138 en A139) g. identificatie van de van toepassing zijnde criteria; 1. identificatie van de wijze waarop toegang tot die criteria wordt verkregen; -2. indien die criteria alleen voor specifieke beoogde gebruikers beschikbaar zijn of alleen voor een specifieke doelstelling relevant zijn, een vermelding dat het gebruik van het assurance-rapport is beperkt tot die beoogde gebruikers of tot die doelstelling; en (Zie Par. A140 en A141) -3. indien vastgestelde criteria dienen te worden aangevuld met toelichtingen in het emissieverslag om ervoor te zorgen dat die criteria geschikt zijn, identificatie van de desbetreffende toelichting(en). (Zie Par. A131) +2. indien die criteria alleen voor specifieke beoogde gebruikers beschikbaar zijn of alleen voor een specifieke doelstelling relevant zijn, een vermelding dat het gebruik van het assurance-rapport is beperkt tot die beoogde gebruikers of tot die doelstelling; en (Zie Par. A140 en A141) +3. indien vastgestelde criteria dienen te worden aangevuld met toelichtingen in het emissieverslag om ervoor te zorgen dat die criteria geschikt zijn, identificatie van de desbetreffende toelichting(en). (Zie Par. A131) h. een beschrijving van de verantwoordelijkheid van de accountant, waaronder: 1. een vermelding dat de opdracht werd uitgevoerd overeenkomstig Standaard 3410, Assurance-opdrachten betreffende emissieverslagen; en -2. een samenvatting van de werkzaamheden van de accountant. In het geval van een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid dient te worden vermeld dat de uitgevoerde werkzaamheden bij een dergelijke assurance-opdracht in aard verschillen van en ook beperkter in omvang zijn dan bij assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid. Als gevolg hiervan is het niveau van assurance bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid substantieel lager dan bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. (Zie Par. A142, 143 en A144). +2. een samenvatting van de werkzaamheden van de accountant. In het geval van een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid dient te worden vermeld dat de uitgevoerde werkzaamheden bij een dergelijke assurance-opdracht in aard verschillen van en ook beperkter in omvang zijn dan bij assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid. Als gevolg hiervan is het niveau van assurance bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid substantieel lager dan bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. (Zie Par. A142, 143 en A144). i. de conclusie van de accountant of het emissieverslag in alle van materieel belang zijnde opzichten is opgesteld in overeenstemming met de van toepassing zijnde criteria. In het geval van een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid wordt deze uitgedrukt in positieve vorm. In het geval van een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid in negatieve vorm; j. indien de accountant een aangepaste conclusie tot uitdrukking brengt, een duidelijke beschrijving van alle redenen daarvoor; -k. de ondertekening door de accountant; (Zie Par. A145) +k. de ondertekening door de accountant; (Zie Par. A145) l. de datum van het assurance-rapport; m. de locatie in het rechtsgebied waar de accountant kantoor houdt. ##### . Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden -77 Indien de accountant het noodzakelijk acht om: (Zie Par. A146, A147, A148, A149, A150, A151 en A152) +77 Indien de accountant het noodzakelijk acht om: (Zie Par. A146, A147, A148, A149, A150, A151 en A152) a. de aandacht van de gebruikers te vestigen op een aangelegenheid die wordt weergegeven of toegelicht in het emissieverslag die, op grond van de oordeelsvorming van de accountant, van zodanig belang is dat deze fundamenteel is voor het begrip van de beoogde gebruikers van het emissieverslag (een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden); of b. een andere aangelegenheid te communiceren dan degenen die in het emissieverslag zijn weergegeven of toegelicht die, op grond van de oordeelsvorming van de accountant, relevant is voor het begrijpen van de opdracht, van de verantwoordelijkheden van de accountant of van het assurance-rapport door de beoogde gebruikers (een paragraaf inzake overige aangelegenheden); @@ -14303,26 +14303,26 @@ en dit niet wordt verboden door wet- of regelgeving, dient de accountant een der a. tekortkomingen in de interne beheersing die, op grond van het professionele oordeelsvorming van de accountant, van voldoende belang zijn om aandacht te verdienen; b. geïdentificeerde of vermoede fraude; en -c. aangelegenheden over het niet-naleven van wet- en regelgeving, behalve wanneer de aangelegenheden duidelijk triviaal zijn. (Zie Par. A87) +c. aangelegenheden over het niet-naleven van wet- en regelgeving, behalve wanneer de aangelegenheden duidelijk triviaal zijn. (Zie Par. A87) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten #### . Inleiding -##### . Assurance-opdrachten die informatie omvatten in aanvulling op het emissieverslag (Zie Par. 3) +##### . Assurance-opdrachten die informatie omvatten in aanvulling op het emissieverslag (Zie Par. 3) A1 In sommige gevallen kan de accountant een assurance-opdracht uitvoeren inzake een rapport waarin broeikasgasinformatie is opgenomen, maar waarbij deze broeikasgasinformatie geen emissieverslag vormt zoals gedefinieerd in paragraaf 14(m). In die gevallen kan deze Standaard leidraden bevatten voor dergelijke opdrachten. A2 Wanneer een emissieverslag een relatief klein onderdeel is van de algehele informatie die door de conclusie van de accountant wordt omvat, is de mate waarin deze Standaard relevant is een kwestie van professionele oordeelsvorming door de accountant in de omstandigheden van de opdracht. -##### . Belangrijke prestatie-indicatoren die zijn gebaseerd op gegevens inzake broeikasgassen (Zie Par. 4(b)) +##### . Belangrijke prestatie-indicatoren die zijn gebaseerd op gegevens inzake broeikasgassen (Zie Par. 4(b)) A3 Een voorbeeld van een belangrijke prestatie-indicator die is gebaseerd op gegevens inzake broeikasgassen, is het gewogen gemiddelde van emissies van voertuigen die zijn vervaardigd door een entiteit gedurende een periode waarvan wet- of regelgeving in sommige rechtsgebieden vereist dat deze wordt berekend en toegelicht. -##### . Werkzaamheden voor opdrachten met een redelijke mate van zekerheid en met een beperkte mate van zekerheid (Zie Par. 8) +##### . Werkzaamheden voor opdrachten met een redelijke mate van zekerheid en met een beperkte mate van zekerheid (Zie Par. 8) -A4 Sommige werkzaamheden die alleen vereist zijn voor assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid kunnen desalniettemin geschikt zijn voor sommige assurance-opdrachten met een beperkte mate van zekerheid. Zo is het bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid bijvoorbeeld niet vereist om inzicht in de interne beheersingsactiviteiten te verwerven. Echter, in sommige gevallen, kan de accountant desalniettemin besluiten dat het toetsen van interne beheersingsmaatregelen, en derhalve het verwerven van inzicht in relevante interne beheersingsactiviteiten, noodzakelijk is bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid. Dit kan het geval zijn wanneer informatie alleen op elektronische wijze wordt vastgelegd, verwerkt of gerapporteerd (Zie ook Par. A90). +A4 Sommige werkzaamheden die alleen vereist zijn voor assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid kunnen desalniettemin geschikt zijn voor sommige assurance-opdrachten met een beperkte mate van zekerheid. Zo is het bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid bijvoorbeeld niet vereist om inzicht in de interne beheersingsactiviteiten te verwerven. Echter, in sommige gevallen, kan de accountant desalniettemin besluiten dat het toetsen van interne beheersingsmaatregelen, en derhalve het verwerven van inzicht in relevante interne beheersingsactiviteiten, noodzakelijk is bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid. Dit kan het geval zijn wanneer informatie alleen op elektronische wijze wordt vastgelegd, verwerkt of gerapporteerd (Zie ook Par. A90). -##### . Onafhankelijkheid (Zie Par. 10 en 15) +##### . Onafhankelijkheid (Zie Par. 10 en 15) A5 De Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) past een benadering toe van bedreigingen en maatregelen voor onafhankelijkheid. Het naleven van de verplichting om een assurance-opdracht onafhankelijk uit te voeren zou kunnen worden bedreigd door een breed scala van omstandigheden. Veel bedreigingen vallen binnen de volgende categorieën: @@ -14333,7 +14333,7 @@ A5 De Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdr • intimidatie, bijvoorbeeld het onder druk gezet worden om de omvang van uitgevoerde werkzaamheden terug te brengen om vergoedingen te verminderen, of de dreiging van het terugtrekken van de registratie van de accountant door een registratieautoriteit die verbonden is aan de industriële sector van de entiteit. A6 Maatregelen die zijn gecreëerd door het beroep, wet- of regelgeving, of maatregelen in de werkomgeving kunnen de onafhankelijke uitvoering van de opdracht waarborgen. -##### . Plaatselijke wet- en regelgeving en de bepalingen van een emissiehandelssysteem (Zie Par. 11) +##### . Plaatselijke wet- en regelgeving en de bepalingen van een emissiehandelssysteem (Zie Par. 11) A7 Plaatselijke wet- of regelgeving of de bepalingen van een emissiehandelssysteem kunnen: @@ -14345,7 +14345,7 @@ Plaatselijke wet- of regelgeving of de bepalingen van een emissiehandelssysteem #### . Definities -##### . Emissies (Zie Par. 14(f), Bijlage 1) +##### . Emissies (Zie Par. 14(f), Bijlage 1) A8 Scope 1 emissies omvatten onder meer: @@ -14364,12 +14364,12 @@ A10 Scope 3 emissies kunnen emissies omvatten die worden geassocieerd met, bijvo Scope 3 emissies worden verder besproken in paragrafen A31, A32, A33 en A34. -##### . Aftrek van emissies (Zie Par. 14(g), 17(a)(iii), Bijlage 1) +##### . Aftrek van emissies (Zie Par. 14(g), 17(a)(iii), Bijlage 1) A11 In sommige gevallen omvat de aftrek van emissies rechtsgebied-specifieke rechten en compensaties waarvoor geen vastgesteld verband bestaat tussen de hoeveelheid emissies die volgens de criteria mag worden afgetrokken en de vermindering van emissies die kan optreden als gevolg van betalingen of van andere maatregelen die de entiteit heeft genomen om de aftrek van emissies te claimen. -A12 Daar waar het emissieverslag van een entiteit aftrek van emissies omvat die binnen de reikwijdte van de opdracht valt, zijn, in voorkomend geval, de vereisten van deze Standaard die betrekking hebben op aftrek van emissies van toepassing (Zie ook Par. A136, A137, A138 en A139). +A12 Daar waar het emissieverslag van een entiteit aftrek van emissies omvat die binnen de reikwijdte van de opdracht valt, zijn, in voorkomend geval, de vereisten van deze Standaard die betrekking hebben op aftrek van emissies van toepassing (Zie ook Par. A136, A137, A138 en A139). -##### . Aangekochte compensatie (Zie Par. 14(q), Bijlage 1) +##### . Aangekochte compensatie (Zie Par. 14(q), Bijlage 1) A13 Wanneer de entiteit een compensatie van een andere entiteit aankoopt, kan die andere entiteit het geld dat zij bij de verkoop ontvangt gebruiken: @@ -14379,11 +14379,11 @@ A13 Wanneer de entiteit een compensatie van een andere entiteit aankoopt, kan di In sommige rechtsgebieden kan compensatie alleen worden aangekocht als het verminderen van emissies of een toegenomen verwijdering al heeft plaatsgevonden. -##### . Verwijdering (Zie Par. 14(s), Bijlage 1) +##### . Verwijdering (Zie Par. 14(s), Bijlage 1) A14 Verwijdering kan worden gerealiseerd door broeikasgassen op te slaan in geologische reservoirs (bijvoorbeeld ondergronds) of biologische reservoirs (bijvoorbeeld bomen). Wanneer het emissieverslag het verwijderen van broeikasgassen omvat die de entiteit anders in de atmosfeer zou hebben uitgestoten, worden deze gewoonlijk in het emissieverslag op basis van de bruto-omvang gerapporteerd. D.w.z dat zowel de bron als het reservoir in het emissieverslag zijn gekwantificeerd. Wanneer verwijdering is omvat in de conclusie van de accountant, zijn, in voorkomend geval, de vereisten van deze Standaard die betrekking hebben op die verwijdering van toepassing. -##### . Significante inrichting Zie Par. 14(t), 31) +##### . Significante inrichting Zie Par. 14(t), 31) A15 Naarmate de individuele bijdrage van een inrichting aan de totale emissies die zijn opgenomen in het emissieverslag toeneemt, neemt gewoonlijk het risico op een afwijking van materieel belang in het emissieverslag ook toe. De accountant kan een percentage op een gekozen benchmark toepassen als een hulpmiddel bij het identificeren van inrichtingen die van individuele significantie zijn. Dit als gevolg van de omvang van hun emissies in verhouding tot de geaggregeerde emissies die zijn opgenomen in het emissieverslag. Het vaststellen van een benchmark en het bepalen van een percentage dat daarop moet worden toegepast brengen het toepassen van professionele oordeelsvorming met zich mee. Zo kan de accountant bijvoorbeeld inrichtingen met meer dan 15% van de totale omvang van de productie als significante inrichtingen beschouwen. Onder de omstandigheden kan er volgens de professionele oordeelsvorming van de accountant echter een hoger of lager percentage als geschikt worden vastgesteld. @@ -14403,12 +14403,12 @@ A17 Standaard 3000 omvat een aantal vereisten die van toepassing zijn op alle as #### . Aanvaarding en continuering van de opdracht -##### . Competentie (Zie Par. 16(b)) +##### . Competentie (Zie Par. 16(b)) A18 Broeikasgascompetenties kunnen omvatten: • een algemeen inzicht in klimaatwetenschap, inclusief de wetenschappelijke processen die broeikasgassen in verband brengen met klimaatverandering; -• inzicht in wie de beoogde gebruikers van de informatie in het emissieverslag van de entiteit zijn en in de wijze waarop zij die informatie waarschijnlijk zullen gebruiken; (Zie Par. A47) +• inzicht in wie de beoogde gebruikers van de informatie in het emissieverslag van de entiteit zijn en in de wijze waarop zij die informatie waarschijnlijk zullen gebruiken; (Zie Par. A47) • inzicht in emissiehandelssystemen met betrekking tot emissies en daarmee verband houdende marktmechanismen, waar relevant; • kennis van de eventueel van toepassing zijnde wet- en regelgeving, die van invloed is op de wijze waarop de entiteit haar emissies zou dienen te rapporteren en die bijvoorbeeld ook een grens kan stellen aan de emissies van de entiteit; • kwantificering van broeikasgassen en meetmethoden, inclusief de daarmee geassocieerde wetenschappelijke en schattingsonzekerheden en beschikbare alternatieve methodologieën; @@ -14439,7 +14439,7 @@ Deskundigheid op het gebied van wetenschap en techniek zijn allemaal anders. • de werking van fysieke sensoren en andere kwantificeringsmethoden en de selectie van geschikte emissiefactoren. -##### . Reikwijdte van het emissieverslag en van de opdracht (Zie Par. 17(a)) +##### . Reikwijdte van het emissieverslag en van de opdracht (Zie Par. 17(a)) A20 Voorbeelden van omstandigheden waarin de redenen voor het uitsluiten van bekende emissiebronnen uit het emissieverslag, of het uitsluiten van de toegelichte emissiebronnen uit de opdracht niet redelijk kunnen zijn, omvatten die omstandigheden waarin: @@ -14447,7 +14447,7 @@ A20 Voorbeelden van omstandigheden waarin de redenen voor het uitsluiten van bek • de entiteit onderdeel is van een grotere juridische entiteit waarbij sprake is van significante emissies waarover niet wordt gerapporteerd als gevolg van de wijze waarop de organisatorische afbakening is bepaald wanneer dit de beoogde gebruikers waarschijnlijk zal misleiden; • de emissies waarover de accountant rapporteert zijn slechts een klein deel van de totale emissies die in het emissieverslag zijn opgenomen. -###### . Het beoordelen van de geschiktheid van het object van onderzoek (Zie Par. 15) +###### . Het beoordelen van de geschiktheid van het object van onderzoek (Zie Par. 15) A21 Standaard 3000 vereist van de accountant dat hij de geschiktheid van het object van onderzoek beoordeelt.606Standaard 3000, paragraaf 18. In het geval van een emissieverslag zijn de emissies van de entiteit (en, indien van toepassing, de verwijdering en de aftrek van emissies) het object van onderzoek van de opdracht. Dat object van onderzoek zal geschikt zijn als onder meer de emissies van de entiteit consistent gekwantificeerd kunnen worden met gebruik van geschikte criteria.607*Stramien*, paragraaf 34, 35, 36, 37 en 38, en Standaard 3000, paragraaf19, 20 en 21. A22 Broeikasgasbronnen kunnen worden gekwantificeerd door: @@ -14457,7 +14457,7 @@ b. het meten van een surrogaatactiviteit, zoals brandstofconsumptie en het berek ##### . Het beoordelen van de geschiktheid van de criteria -###### . Speciaal ontwikkelde en vastgestelde criteria (Zie Par. 17(b)) +###### . Speciaal ontwikkelde en vastgestelde criteria (Zie Par. 17(b)) A23 Geschikte criteria hebben over het algemeen de volgende kenmerken: relevantie, volledigheid, betrouwbaarheid, neutraliteit en begrijpelijkheid. Criteria kunnen ‘speciaal ontwikkeld’ zijn, of ze kunnen zijn ‘vastgesteld’, d.w.z. opgenomen in wet- of regelgeving of uitgegeven door bevoegde en erkende instanties van deskundigen die een transparant zorgvuldig proces volgen.609*Stramien*, paragraaf 36–37. Ook al kan van criteria die zijn vastgesteld door een regelgever of toezichthouder worden verondersteld dat zij relevant zijn wanneer die regelgever of toezichthouder de beoogde gebruiker is, sommige vastgestelde criteria kunnen zijn ontwikkeld voor een specifiek doel en ongeschikt zijn om onder andere omstandigheden te worden toegepast. @@ -14469,23 +14469,23 @@ A24 Speciaal ontwikkelde criteria kunnen geschikt zijn wanneer de entiteit bijvo A25 De van toepassing zijnde criteria kunnen bestaan uit vastgestelde criteria die zijn aangevuld met toelichtingen bij het emissieverslag, specifieke grenzen, methoden, veronderstellingen, emissiefactoren, etc. In sommige gevallen is het mogelijk dat vastgestelde criteria niet geschikt zijn, zelfs niet wanneer deze met toelichtingen zijn aangevuld bij het emissieverslag, bijvoorbeeld wanneer zij de aangelegenheden die paragraaf 17(b) worden vermeld, niet omvatten. A26 Het zij opgemerkt dat de geschiktheid van de van toepassing zijnde criteria niet wordt beïnvloed door het niveau van assurance. D.w.z. dat indien zij niet geschikt zijn voor een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid zij ook niet geschikt zijn voor een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid en vice versa. -##### . Activiteiten die zijn opgenomen in de organisatorische afbakening van de entiteit (Zie Par. 17(b)(i), 23(b)(i), 34(g)) +##### . Activiteiten die zijn opgenomen in de organisatorische afbakening van de entiteit (Zie Par. 17(b)(i), 23(b)(i), 34(g)) A27 Het vaststellen welke activiteiten waarvan de entiteit de eigenaar is of zeggenschap over heeft, worden opgenomen in het emissieverslag van de entiteit, staat bekend als het vaststellen van de organisatorische afbakening van de entiteit. In sommige gevallen omschrijven wet- en regelgeving de grenzen van de entiteit voor het rapporteren over de emissies van broeikasgassen in het kader van regelgevende doeleinden. In andere gevallen kunnen de van toepassing zijnde criteria de mogelijkheid bieden om te kiezen tussen verschillende methoden voor het bepalen van de organisatorische afbakening van de entiteit. Bijvoorbeeld de criteria die de mogelijkheid bieden om te kiezen tussen een aanpak die het emissieverslag van de entiteit laat aansluiten op haar financiële overzichten en een andere aanpak die bijvoorbeeld joint ventures en verbonden entiteiten verschillend behandelt. Het bepalen van de organisatorische afbakening van de entiteit kan een analyse van complexe organisatorische structuren vereisen, zoals joint ventures, maatschappen en trustmaatschappijen, en complexe of ongebruikelijke contractuele relaties. Een inrichting kan bijvoorbeeld in het bezit zijn van de ene partij, operationeel zijn onder een andere partij en uitsluitend materialen voor weer een andere partij verwerken. A28 Het bepalen van de organisatorische afbakening van de entiteit wijkt af van wat sommige criteria beschrijven als het bepalen van de ‘operationele afbakening’ van de entiteit. De operationele afbakening houdt verband met welke categorieën van Scope 1, 2 en 3 emissies in het emissieverslag zullen worden opgenomen en wordt bepaald na het vaststellen van de organisatorische afbakening. -##### . Adequate toelichtingen (Zie Par. 17(b)(iv), 74(d)) +##### . Adequate toelichtingen (Zie Par. 17(b)(iv), 74(d)) A29 In regelgeving op het gebied van verslaggeving zijn toelichtingen die in de relevante wet- of regelgeving worden gespecificeerd adequaat voor het rapporteren aan de regelgever of toezichthouder. Het in het emissieverslag toelichten van dergelijke aangelegenheden als degenen die hierna volgen, kan in omstandigheden waarin vrijwillig wordt gerapporteerd noodzakelijk zijn om de beoogde gebruikers inzicht te laten verwerven in significante oordelen die zijn gevormd bij het opstellen van het emissieverslag: -a. welke activiteiten zijn opgenomen in de organisatorische afbakening van de entiteit en de methode die is gebruikt bij het bepalen van die afbakening indien de van toepassing zijnde criteria de mogelijkheid bieden om te kiezen tussen verschillende methoden (Zie Par. A27 en A28); +a. welke activiteiten zijn opgenomen in de organisatorische afbakening van de entiteit en de methode die is gebruikt bij het bepalen van die afbakening indien de van toepassing zijnde criteria de mogelijkheid bieden om te kiezen tussen verschillende methoden (Zie Par. A27 en A28); b. significante kwantificeringsmethoden en geselecteerde rapporteringsgrondslagen, inclusief: -1. de methode die is gebruikt om te bepalen welke Scope 1 en Scope 2 emissies in het emissieverslag zijn opgenomen (Zie Par. A30); +1. de methode die is gebruikt om te bepalen welke Scope 1 en Scope 2 emissies in het emissieverslag zijn opgenomen (Zie Par. A30); 2. alle significante interpretaties die zijn gemaakt in het toepassen van de van toepassing zijnde criteria in de omstandigheden van de entiteit. Dit inclusief gegevensbronnen en toelichting van de methode waarvan gebruik wordt gemaakt en de redenering daarvoor, wanneer de mogelijkheid wordt geboden om te kiezen tussen verschillende methoden of gebruik wordt gemaakt van methoden die specifiek zijn voor de entiteit; en 3. de wijze waarop de entiteit bepaalt of emissies waarover reeds is gerapporteerd, dienen te worden aangepast. c. de categorisering van emissies in het emissieverslag. Zoals genoemd in paragraaf A14, wanneer het emissieverslag het verwijderen van broeikasgassen omvat die de entiteit anders in de atmosfeer zou hebben uitgestoten, worden zowel de emissies als de verwijdering daarvan gewoonlijk in het emissieverslag op basis van de bruto-omvang gerapporteerd. D.w.z. dat zowel de bron als het reservoir in het emissieverslag zijn gekwantificeerd; -d. een vermelding die betrekking heeft op de onzekerheden die relevant zijn voor de entiteit en het kwantificeren van haar emissies, inclusief: hun oorzaken; hoe daarmee is omgegaan; en, daar waar het emissieverslag Scope 3 emissies omvat, een uiteenzetting van: (Zie Par. A31, A32, A33 en A34) +d. een vermelding die betrekking heeft op de onzekerheden die relevant zijn voor de entiteit en het kwantificeren van haar emissies, inclusief: hun oorzaken; hoe daarmee is omgegaan; en, daar waar het emissieverslag Scope 3 emissies omvat, een uiteenzetting van: (Zie Par. A31, A32, A33 en A34) 1. de aard van Scope 3 emissies, inclusief het feit dat het voor een entiteit niet praktisch uitvoerbaar is om alle Scope 3 emissies in haar emissieverslag op te nemen; en 2. de basis voor het selecteren van die Scope 3 emissiebronnen die erin zijn opgenomen; en @@ -14505,26 +14505,26 @@ A34 Het kan ook passend zijn om Scope 3 emissies van de opdracht uit te sluiten. • de kwantificeringsmethoden waarvan gebruik wordt gemaakt objectief worden geselecteerd; en • ze volledig worden beschreven samen met de onzekerheden die gepaard gaan met het gebruik ervan. -###### . De verantwoordelijkheid van de entiteit voor het opstellen van het emissieverslag (Zie Par. 17(b)(iv), 76(d)) +###### . De verantwoordelijkheid van de entiteit voor het opstellen van het emissieverslag (Zie Par. 17(b)(iv), 76(d)) A35 Zoals vermeld in paragraaf A70 kunnen er zorgen over de staat en betrouwbaarheid van de vastleggingen van de entiteit zijn. Deze kunnen er bij sommige opdrachten toe leiden dat de accountant concludeert dat het onwaarschijnlijk is dat er voldoende en geschikte assurance-informatie beschikbaar zal zijn om een goedkeurende conclusie over het emissieverslag te onderbouwen. Dit kan zich voordoen wanneer de entiteit weinig ervaring heeft met het opstellen van emissieverslagen. In dergelijke omstandigheden kan het voor het kwantificeren van en rapporteren over emissies geschikter zijn om onderworpen te zijn aan een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden of aan een adviesopdracht. Dit ter voorbereiding op een assurance-opdracht in een latere periode. -##### . Wie hebben de criteria ontwikkeld (Zie Par. 17(c)(iii)) +##### . Wie hebben de criteria ontwikkeld (Zie Par. 17(c)(iii)) A36 Het emissieverslag kan zijn opgesteld voor regelgeving op het gebied van verslaggeving of voor een emissiehandelssysteem waarbij de van toepassing zijnde criteria en de rapportagevorm zijn beschreven. Dan is het waarschijnlijk dat uit de opdrachtomstandigheden blijkt dat de regelgever of de instantie die verantwoordelijk is voor de regeling de criteria heeft ontwikkeld. In omstandigheden waarin vrijwillig wordt gerapporteerd kan het echter onduidelijk zijn wie de criteria heeft ontwikkeld, tenzij dit in de toelichtingen bij het emissieverslag is vermeld. -##### . Het veranderen van de opdrachtvoorwaarden (Zie Par. 15 en 18) +##### . Het veranderen van de opdrachtvoorwaarden (Zie Par. 15 en 18) A37 Standaard 3000 vereist van de accountant dat hij niet akkoord gaat met een wijziging in de opdrachtvoorwaarden als er geen redelijke rechtvaardiging bestaat om dat te doen.610Standaard 3000, paragraaf 11. Er kan mogelijk geen redelijke rechtvaardiging bestaan voor een verzoek om de reikwijdte van de opdracht te wijzigen wanneer het verzoek bijvoorbeeld is gedaan om bepaalde emissiebronnen van de reikwijdte van de opdracht uit te sluiten. Dit vanwege de waarschijnlijkheid dat de conclusie van de accountant zou worden aangepast. -#### . Planning (Zie Par. 19) +#### . Planning (Zie Par. 19) A38 Bij het vaststellen van de algehele opdrachtaanpak kan het relevant zijn om de nadruk die is gelegd op verschillende aspecten van de opzet en het bestaan van het informatiesysteem inzake broeikasgassen te beschouwen. In sommige gevallen kan de entiteit zich bijvoorbeeld buitengewoon bewust zijn van de noodzaak voor adequate interne beheersing om te zorgen voor de betrouwbaarheid van gerapporteerde informatie. Dit terwijl in andere gevallen de entiteit zich meer kan hebben gericht op het accuraat vaststellen van de wetenschappelijke, operationele of technische kenmerken van de informatie die wordt verzameld. A39 Kleinere opdrachten of eenvoudigere opdrachten (zie paragraaf A19) kunnen door een heel klein opdrachtteam worden uitgevoerd. Bij een kleiner opdrachtteam verlopen de coördinatie van en de communicatie tussen de teamleden eenvoudiger. Het tot stand brengen van de algehele opdrachtaanpak voor een kleinere opdracht of voor een eenvoudigere opdracht, hoeft niet ingewikkeld of tijdrovend te zijn. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk dat een kort memorandum op basis van besprekingen met de entiteit dienstdoet als vastlegging van de opdrachtaanpak mits de aangelegenheden die in paragraaf 19 zijn vermeld ook worden omvat. A40 De accountant kan beslissen om bepaalde delen van de planning met de entiteit te bespreken bij het bepalen van de reikwijdte van de opdracht of om het uitvoeren en beheren van de opdracht te bevorderen (bijvoorbeeld om bepaalde geplande werkzaamheden af te stemmen op het werk van het personeel van de entiteit). Hoewel dergelijke besprekingen veelvuldig plaatsvinden, blijven de algehele opdrachtaanpak en het opdrachtprogramma de verantwoordelijkheid van de accountant. Bij het bespreken van de aangelegenheden die zijn opgenomen in de algehele opdrachtaanpak of het opdrachtprogramma moet er op worden gelet dat de effectiviteit van de opdracht niet wordt aangetast. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk dat de effectiviteit van de opdracht wordt aangetast door werkzaamheden te voorspelbaar te maken als de aard en timing hiervan in detail worden besproken met de entiteit. A41 Het uitvoeren van een assurance-opdracht is een iteratief proces. Tijdens de uitvoering van de geplande werkzaamheden kan de verkregen assurance-informatie de accountant ertoe brengen de aard, timing of omvang van andere geplande werkzaamheden aan te passen. In sommige gevallen kan er informatie onder de aandacht van de accountant komen die op significante wijze verschilt van hetgeen in een vroeger stadium van de opdracht werd verwacht. Systematische fouten die worden ontdekt bij het op locatie uitvoeren van werkzaamheden bij geselecteerde inrichtingen, kunnen er bijvoorbeeld op wijzen dat het noodzakelijk is om ook andere inrichtingen te bezoeken. -##### . Plannen om gebruik te maken van de werkzaamheden van deskundigen of van andere accountants (Zie Par. 19(e)) +##### . Plannen om gebruik te maken van de werkzaamheden van deskundigen of van andere accountants (Zie Par. 19(e)) A42 Het is mogelijk dat de opdracht wordt uitgevoerd door een multidisciplinair team dat bestaat uit een of meerdere deskundigen Dit gebeurt voornamelijk bij relatief complexe opdrachten waarbij het waarschijnlijk is dat specialistische kennis inzake het kwantificeren van en rapporteren over emissies vereist is (zie paragraaf A19). Standaard 3000 bevat een aantal vereisten met betrekking tot het gebruikmaken van de werkzaamheden van een deskundige die wellicht nodig zijn om te overwegen in de planningsfasewanneer de aard, timing en omvang van de middelen die noodzakelijk zijn om de opdracht uit te voeren, worden vastgesteld.611Standaard 3000, paragraaf 26, 27, 28, 29, 30, 31 en 32. A43 Het is mogelijk gebruik te maken van de werkzaamheden van een andere accountant die bijvoorbeeld betrekking hebben op: @@ -14542,7 +14542,7 @@ Relevante overwegingen wanneer het opdrachtteam van plan is om een andere accoun #### . Materialiteit bij de planning en de uitvoering van de opdracht -##### . Het vaststellen van materialiteit bij het plannen van de opdracht (Zie Par. 20 en 21) +##### . Het vaststellen van materialiteit bij het plannen van de opdracht (Zie Par. 20 en 21) A44 De criteria kunnen het concept van materialiteit in de context van het opstellen en het weergeven van het emissieverslag beschrijven. Hoewel criteria verschillende termen kunnen gebruiken om materialiteit te beschrijven, omvat het concept van materialiteit in het algemeen dat: @@ -14554,7 +14554,7 @@ A46 Vaststelling van materialiteit door de accountant is een kwestie van profess a. een redelijke kennis hebben van met broeikasgassen verband houdende activiteiten en bereid zijn om de informatie in het emissieverslag met een redelijke toewijding te bestuderen; b. begrijpen dat het emissieverslag is opgesteld en daarbij een bepaalde mate van zekerheid is verstrekt rekening houdend met materialiteitsniveaus, en begrip hebben van de concepten van materialiteit die zijn opgenomen in de van toepassing zijnde criteria; -c. begrijpen dat het kwantificeren van emissies onzekerheden omvat (Zie Par. A54, A55, A56, A57, A58 en A59); en +c. begrijpen dat het kwantificeren van emissies onzekerheden omvat (Zie Par. A54, A55, A56, A57, A58 en A59); en d. redelijke beslissingen nemen op basis van de informatie in het emissieverslag. A47 Beoogde gebruikers en hun informatiebehoefte kunnen bijvoorbeeld omvatten: @@ -14585,7 +14585,7 @@ A50 Kwalitatieve factoren omvatten onder meer: • de aard van de entiteit, haar aanpak op het gebied van klimaatverandering en vooruitgang inzake doelstellingen die daar betrekking op hebben; • de sector en de economische en gereglementeerde omgeving waarin de entiteit opereert. -##### . Herziening naarmate de opdracht vordert (Zie Par. 22) +##### . Herziening naarmate de opdracht vordert (Zie Par. 22) A51 Het kan noodzakelijk zijn om de materialiteit te herzien als gevolg van: @@ -14595,12 +14595,12 @@ A51 Het kan noodzakelijk zijn om de materialiteit te herzien als gevolg van: Het kan bijvoorbeeld tijdens de opdracht blijken dat de daadwerkelijke emissies waarschijnlijk in aanzienlijke mate zullen verschillen van de emissies die aanvankelijk werden gebruikt om de materialiteit te bepalen. De accountant kan tijdens de opdracht tot de conclusie komen dat een lagere materialiteit (en, voor zover van toepassing, het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus voor bepaalde types emissies of toelichtingen hierop) dan degene die aanvankelijk werd vastgesteld, passend is voor het emissieverslag. Dan kan het noodzakelijk zijn om de uitvoeringsmaterialiteit, en de aard, timing en omvang van verdere werkzaamheden te herzien. -#### . Het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving inclusief haar interne beheersing, en het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 23, 24, 25B, 25R en 26R) +#### . Het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving inclusief haar interne beheersing, en het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 23, 24, 25B, 25R en 26R) A52 De accountant maakt gebruik van professionele oordeelsvorming om de omvang te bepalen van het inzicht en van de aard, timing en omvang van werkzaamheden. Dit betreft de werkzaamheden voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die vereist zijn om een redelijke of beperkte mate van zekerheid te verkrijgen. Het belangrijkste aandachtspunt van de accountant is of het verworven inzicht en of het identificeren en inschatten van risico’s voldoende zijn in het kader van de doelstelling die in deze Standaard is vastgesteld. Het inzicht dat de accountant nodig heeft is minder diepgaand dan het inzicht dat het management bezit om de entiteit te besturen. Zowel de diepgang van het inzicht als de aard, timing en omvang van werkzaamheden voor het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang zijn kleiner voor een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid dan voor een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. A53 Het verwerven van inzicht en het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang is een iteratief proces. Werkzaamheden voor het verwerven van inzicht in de entiteit en haar omgeving en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten, verschaffen op zich niet voldoende en geschikte assurance-informatie waarop de conclusie van de accountant kan worden gebaseerd. -##### . Onzekerheid (Zie Par. 23(b)(i)c, 76(e)) +##### . Onzekerheid (Zie Par. 23(b)(i)c, 76(e)) A54 Het kwantificeringproces van broeikasgassen is slechts zelden 100% accuraat als gevolg van: @@ -14615,7 +14615,7 @@ A55 Het feit dat het kwantificeren van de emissies van een entiteit aan onzekerh A56 De situatie in paragraaf A55 kan worden vergeleken met kwantificering in overeenstemming met criteria die gebruikmaken van modellen en veronderstellingen op basis van de specifieke omstandigheden van een entiteit. Het gebruikmaken van modellen en veronderstellingen die specifiek zijn voor een entiteit zal waarschijnlijk tot een accuratere kwantificering leiden dan het gebruikmaken van bijvoorbeeld gemiddelde emissiefactoren voor een bepaalde sector. Dit zal waarschijnlijk ook leiden tot bijkomende risico’s op een afwijking van materieel belang die betrekking hebben op de wijze waarop tot de modellen en veronderstellingen die specifiek zijn voor de entiteit tot stand zijn gekomen. Zoals vermeld in paragraaf A55 zal de informatie in het emissieverslag gewoonlijk van een bepaalde mate van zekerheid kunnen worden voorzien, zolang de veronderstellingen en de modellen redelijk zijn in de omstandigheden en op adequate wijze zijn toegelicht. A57 In sommige gevallen kan de accountant echter beslissen dat het niet passend is om een assurance-opdracht te aanvaarden als de invloed van onzekerheid op de informatie in het emissieverslag erg hoog is. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer: -• een significant deel van de gerapporteerde emissies van de entiteit afkomstig is van diffuse bronnen (zie Par. A8) die niet worden gemonitord en waarvan de schattingsmethoden niet voldoende geavanceerd zijn; of +• een significant deel van de gerapporteerde emissies van de entiteit afkomstig is van diffuse bronnen (zie Par. A8) die niet worden gemonitord en waarvan de schattingsmethoden niet voldoende geavanceerd zijn; of • wanneer een significant deel van de gerapporteerde verwijdering van de entiteit kan worden toegeschreven aan biologische reservoirs. Het zij opgemerkt dat beslissingen over de vraag of een assurance-opdracht in dergelijke omstandigheden moet worden aanvaard niet worden beïnvloed door het niveau van assurance. D.w.z. dat indien het niet geschikt is voor een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid het ook niet geschikt is voor een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid en vice versa. @@ -14624,25 +14624,25 @@ A59 Aangezien onzekerheid een significant kenmerk is van alle emissieverslagen, ##### . De entiteit en haar omgeving -###### . Onderbrekingen in de activiteiten (Zie Par. 23(b)(iii)) +###### . Onderbrekingen in de activiteiten (Zie Par. 23(b)(iii)) A60 Onderbrekingen kunnen incidenten omvatten die zich onverwacht kunnen voordoen, zoals stopzettingen, of die gepland zijn, bijvoorbeeld als onderdeel van een onderhoudsprogramma. In sommige gevallen kunnen de activiteiten van periodieke aard zijn, bijvoorbeeld wanneer een inrichting alleen wordt gebruikt in piekperiodes. -###### . Doelstellingen en strategieën met betrekking tot klimaatverandering (Zie Par. 23(e)) +###### . Doelstellingen en strategieën met betrekking tot klimaatverandering (Zie Par. 23(e)) A61 Het in overweging nemen van de eventuele strategie van de entiteit met betrekking tot klimaatverandering en gerelateerde economische, regelgevings, fysieke en reputatierisico’s kan de accountant ondersteunen bij het identificeren van afwijkingen van materieel belang. Als de entiteit bijvoorbeeld toezeggingen heeft gedaan om klimaatneutraal te worden kan dit voorzien in een stimulans om te lage emissies weer te geven zodat het lijkt alsof het doel binnen de gestelde tijd is gehaald. Aan de andere kant, als de entiteit ervan uitgaat dat zij in de toekomst onderworpen zal zijn aan een gereguleerd emissiehandelssysteem, kan dit een stimulans zijn om in de tussentijd te hoge emissies weer te geven. Dit om de mogelijkheid te vergroten dat de entiteit een grotere compensatie zal ontvangen bij de introductie van het systeem. -##### . Werkzaamheden om inzicht te verwerven en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten (Zie Par. 24) +##### . Werkzaamheden om inzicht te verwerven en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten (Zie Par. 24) A62 Ook al wordt het van de accountant vereist dat hij alle werkzaamheden in paragraaf 24 uitvoert bij het verwerven van het vereiste inzicht in de entiteit, hij hoeft niet voor elk aspect van dit inzicht alle werkzaamheden uit te voeren. -##### . Cijferanalyses om inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten (Zie Par. 24(b)) +##### . Cijferanalyses om inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten (Zie Par. 24(b)) A63 Cijferanalyses die worden uitgevoerd om inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten, kunnen aspecten van de entiteit identificeren waarvan de accountant zich niet bewust was. Dit kan helpen bij het inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang om een basis te verschaffen voor het opzetten en implementeren van manieren van inspelen op de ingeschatte risico’s. Cijferanalyses kunnen bijvoorbeeld het vergelijken van de emissie van broeikasgassen van diverse inrichtingen met de productiecijfers van die inrichtingen omvatten. A64 Cijferanalyses kunnen een hulpmiddel vormen bij het identificeren van het bestaan van ongebruikelijke gebeurtenissen en hoeveelheden, ratio’s en trends die zouden kunnen wijzen op aangelegenheden die implicaties hebben voor de opdracht. Ongebruikelijke of onverwachte verbanden die worden geïdentificeerd, kunnen de accountant ondersteunen bij het identificeren van de risico’s op een afwijking van materieel belang. A65 Wanneer dergelijke cijferanalyses echter gebruikmaken van gegevens op een hoog aggregatieniveau (wat het geval kan zijn bij cijferanalyses die worden uitgevoerd om een inzicht te verwerven in de entiteit en haar omgeving en om de risico’s op een afwijking van materieel belang te identificeren en in te schatten), geven de uitkomsten van de cijferanalyses slechts een eerste globale indicatie of er al dan niet sprake is van een afwijking van materieel belang. Overige assurance-informatie kan verzameld zijn bij het identificeren van de risico’s op een afwijking van materieel belang. Deze kan in combinatie met de uitkomst van die cijferanalyses in dergelijke gevallen de accountant ondersteunen bij het verwerven van inzicht in, en het evalueren van, de resultaten van de cijferanalyses. -###### . Observatie en inspectie (Zie Par. 24(c)) +###### . Observatie en inspectie (Zie Par. 24(c)) A66 Observatie bestaat uit het kijken naar een proces dat of procedure die door anderen wordt uitgevoerd. Bijvoorbeeld de observatie van de accountant van het kalibreren van de monitoringsinstrumenten door de personeelsleden van de entiteit of van de uitvoering van interne beheersingsactiviteiten. Observatie verschaft assurance-informatie over de uitvoering van een proces of van een procedure. Deze is echter beperkt tot het tijdstip waarop de waarneming plaatsheeft en door het feit dat de handeling wordt waargenomen. Dit kan invloed hebben op de wijze waarop het proces of de procedure wordt uitgevoerd. A67 Onder inspectie vallen: @@ -14656,7 +14656,7 @@ A68 Observatie en inspectie kunnen verzoeken om inlichtingen bij het management • rapporten die zijn opgesteld voor het management of de met governance belaste personen, zoals interne of externe rapporten die betrekking hebben op de managementsystemen van de entiteit inzake het milieu; • rapporten die zijn opgesteld door het management (zoals de kwartaalrapporten van het management) en de met governance belaste personen (zoals de notulen van vergaderingen van de raad van bestuur). -##### . Het verwerven van inzicht in de interne beheersing van de entiteit (Zie Par. 25B, 25R en 26R) +##### . Het verwerven van inzicht in de interne beheersing van de entiteit (Zie Par. 25B, 25R en 26R) A69 Bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid wordt niet van de accountant vereist dat hij inzicht verwerft in alle componenten van de interne beheersing van de entiteit die relevant zijn voor het kwantificeren van en rapporteren over emissies zoals dit wordt vereist bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. Bovendien wordt niet van de accountant vereist dat hij de opzet van interne beheersingsmaatregelen evalueert en vaststelt of deze zijn geïmplementeerd. Daarom is het bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid vaak niet noodzakelijk om een gedetailleerd inzicht te verwerven in de componenten van de interne beheersing van de entiteit. Het kan vaak wel passend zijn om bij de entiteit te verzoeken om inlichtingen over interne beheersingsactiviteiten en het monitoren van de interne beheersingsmaatregelen die relevant zijn voor de kwantificering van en het rapporteren over emissies. A70 Het inzicht van de accountant in de relevante componenten van interne beheersing kan twijfel doen ontstaan of er voldoende en geschikte assurance-informatie beschikbaar is voor de accountant om de opdracht af te ronden. Bijvoorbeeld (zie ook paragrafen A71 en A72, A92 en A93, en A96): @@ -14664,16 +14664,16 @@ A70 Het inzicht van de accountant in de relevante componenten van interne beheer • zorgen over de integriteit van degenen die het emissieverslag opstellen kunnen zo ernstig zijn dat de accountant de conclusie trekt dat het risico van het geven van een verkeerde voorstelling in het emissieverslag door het management zodanig is dat een opdracht niet kan worden uitgevoerd; • zorgen over de staat en betrouwbaarheid van de vastleggingen van de entiteit kunnen ertoe leiden dat de accountant de conclusie trekt dat het onwaarschijnlijk is dat er voldoende en geschikte assurance-informatie beschikbaar zal zijn om een goedkeurende conclusie over het emissieverslag te onderbouwen. -##### . Interne beheersingsactiviteiten relevant voor de opdracht (Zie Par. 25R(d)) +##### . Interne beheersingsactiviteiten relevant voor de opdracht (Zie Par. 25R(d)) A71 De oordeelsvorming van de accountant over de vraag of bepaalde interne beheersingsactiviteiten relevant zijn voor de opdracht kan beïnvloed zijn door de mate van geavanceerdheid, documentatie en formaliteit van de informatiesystemen van de entiteit. Dit is inclusief de daarmee verband houdende bedrijfsprocessen, die relevant zijn voor het rapporteren over emissies. Naarmate het rapporteren over emissies zich ontwikkelt, is het te verwachten dat de mate van geavanceerdheid, documentatie en formaliteit van de informatiesystemen en daarmee verband houdende interne beheersingsactiviteiten die relevant zijn voor het kwantificeren van en het rapporteren over emissies, zich ook ontwikkelen. -A72 In het geval van zeer kleine entiteiten of onderontwikkelde informatiesystemen zijn met name de interne beheersingsactiviteiten waarschijnlijk meer elementair, minder goed gedocumenteerd en mogelijk alleen op informele basis beschikbaar. Wanneer dit het geval is, zal de accountant het waarschijnlijk minder noodzakelijk achten om inzicht te verwerven in specifieke beheersingsactiviteiten om een inschatting te maken van de risico’s op een afwijking van materieel belang. Hij zal dan verdere werkzaamheden opzetten die inspelen op de ingeschatte risico’s. Aan de andere kant kan het in bepaalde gereguleerde systemen een vereiste zijn dat de informatiesystemen en interne beheersingsactiviteiten formeel worden gedocumenteerd en dat hun opzet wordt goedgekeurd door de regelgever of toezichthouder. Maar zelfs in een aantal van deze gevallen is het mogelijk dat niet alle relevante gegevensstromen en daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen worden gedocumenteerd. Het kan bijvoorbeeld waarschijnlijker zijn dat interne beheersingsactiviteiten die betrekking hebben op het verzamelen van brongegevens uit het continu monitoren geavanceerd en goed-gedocumenteerd zijn en formeler zijn dan interne beheersingsactiviteiten die betrekking hebben op latere verwerking van gegevens en het rapporteren hierover. (zie ook Par. A70, A92 en A93 en A96). +A72 In het geval van zeer kleine entiteiten of onderontwikkelde informatiesystemen zijn met name de interne beheersingsactiviteiten waarschijnlijk meer elementair, minder goed gedocumenteerd en mogelijk alleen op informele basis beschikbaar. Wanneer dit het geval is, zal de accountant het waarschijnlijk minder noodzakelijk achten om inzicht te verwerven in specifieke beheersingsactiviteiten om een inschatting te maken van de risico’s op een afwijking van materieel belang. Hij zal dan verdere werkzaamheden opzetten die inspelen op de ingeschatte risico’s. Aan de andere kant kan het in bepaalde gereguleerde systemen een vereiste zijn dat de informatiesystemen en interne beheersingsactiviteiten formeel worden gedocumenteerd en dat hun opzet wordt goedgekeurd door de regelgever of toezichthouder. Maar zelfs in een aantal van deze gevallen is het mogelijk dat niet alle relevante gegevensstromen en daarmee verband houdende interne beheersingsmaatregelen worden gedocumenteerd. Het kan bijvoorbeeld waarschijnlijker zijn dat interne beheersingsactiviteiten die betrekking hebben op het verzamelen van brongegevens uit het continu monitoren geavanceerd en goed-gedocumenteerd zijn en formeler zijn dan interne beheersingsactiviteiten die betrekking hebben op latere verwerking van gegevens en het rapporteren hierover. (zie ook Par. A70, A92 en A93 en A96). -##### . Overige opdrachten die voor de entiteit worden uitgevoerd (Zie Par. 27) +##### . Overige opdrachten die voor de entiteit worden uitgevoerd (Zie Par. 27) A73 Informatie die is verkregen uit het uitvoeren van overige opdrachten voor de entiteit kan verband houden met bijvoorbeeld aspecten van de interne beheersingsomgeving van de entiteit. -##### . Het op locatie uitvoeren van werkzaamheden bij inrichtingen van de entiteit (Zie Par. 31) +##### . Het op locatie uitvoeren van werkzaamheden bij inrichtingen van de entiteit (Zie Par. 31) A74 Het op locatie bij een inrichting (vaak aangeduid als een ‘locatiebezoek’) uitvoeren van observaties en inspecties naast andere werkzaamheden, kan belangrijk zijn bij het bouwen op het verkregen inzicht in de entiteit dat de accountant ontwikkelt tijdens het uitvoeren van werkzaamheden op het hoofdkantoor. Van de accountant kan worden verwacht dat zijn inzicht in de entiteit en het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid uitgebreider is dan bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid. Derhalve zal het aantal inrichtingen waar de werkzaamheden op locatie worden uitgevoerd in het geval van een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid gewoonlijk groter zijn dan bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid. A75 Het op locatie uitvoeren van werkzaamheden bij een inrichting (of het door een andere accountant laten uitvoeren van dergelijke werkzaamheden ten behoeve van de accountant) kan gedaan worden: @@ -14700,14 +14700,14 @@ A77 Om een adequate verslaggeving van de totale emissies te verkrijgen, kan de a • de ervaring van de relevante personeelsleden bij verschillende inrichtingen; • het na verloop van tijd afwisselen van de selectie van inrichtingen. -##### . Interne auditafdeling (Zie Par. 32) +##### . Interne auditafdeling (Zie Par. 32) A78 De interne auditfunctie van de entiteit is waarschijnlijk relevant voor de opdracht: • als de aard van de verantwoordelijkheden en activiteiten van de interne auditfunctie verband houden met het kwantificeren van en het rapporteren over emissies; en • de accountant verwacht gebruik te maken van de interne auditfunctie om de aard of de timing van de uit te voeren werkzaamheden aan te passen, of de omvang hiervan te verkleinen. -##### . Risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van het emissieverslag (Zie Par. 33B(a) en 33R(a)) +##### . Risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van het emissieverslag (Zie Par. 33B(a) en 33R(a)) A79 Risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van het emissieverslag betreffen de risico’s die een diepgaande invloed hebben op het emissieverslag als geheel. Dergelijke risico’s zijn niet noodzakelijkerwijs risico’s die in verband kunnen worden gebracht met een specifieke soort emissies of specifiek niveau van toelichtingen. Zij zijn eerder het gevolg van situaties die de risico’s op een afwijking van materieel belang in het algemeen kunnen vergroten, bijvoorbeeld door het doorbreken van de interne beheersing door het management. Risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van het emissieverslag kunnen in het bijzonder relevant zijn bij de overweging van de accountant van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. A80 Risico’s op het niveau van het emissieverslag kunnen in het bijzonder het gevolg zijn van een tekortschietende interne beheersingsomgeving. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk dat tekortkomingen zoals een gebrek aan competentie bij het management een diepgaande invloed kunnen uitoefenen op het emissieverslag en een algehele manier van inspelen van de accountant vereisen. Andere risico’s op het niveau van het emissieverslag kunnen bijvoorbeeld omvatten: @@ -14723,7 +14723,7 @@ A80 Risico’s op het niveau van het emissieverslag kunnen in het bijzonder het • fouten in conversie van eenheden bij het consolideren van informatie van inrichtingen; • inadequate toelichting van wetenschappelijke onzekerheden en belangrijke veronderstellingen die verband houden met schattingen. -##### . Het gebruik van beweringen (Zie Par. 33B(b) en 33R(b)) +##### . Het gebruik van beweringen (Zie Par. 33B(b) en 33R(b)) A81 De accountant maakt gebruik van beweringen bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. Hij kan er gebruik van maken bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid om de verschillende soorten mogelijke afwijkingen die kunnen voorkomen te beschouwen. A82 Bij het bevestigen dat het emissieverslag is opgesteld in overeenstemming met de van toepassing zijnde criteria doet de entiteit expliciet of impliciet beweringen met betrekking tot de kwantificering, presentatie en toelichting van emissies. Beweringen vallen binnen de volgende categorieën en kunnen de volgende vormen aannemen: @@ -14743,26 +14743,26 @@ b. Beweringen over de presentatie en toelichtingen: 4. nauwkeurigheid en kwantificering – kwantificering van emissies en daarmee verband houdende informatie die is opgenomen in het emissieverslag, worden op juiste wijze toegelicht; 5. consistentie – kwantificeringsgrondslagen zijn consistent met die in de voorgaande periode of wijzigingen zijn gerechtvaardigd en op correcte wijze toegepast en op adequate wijze toegelicht; en de eventuele vergelijkende informatie, is weergegeven zoals in de voorgaande periode of op passende wijze aangepast. -##### . Het steunen op de interne beheersing (Zie Par. 33R) +##### . Het steunen op de interne beheersing (Zie Par. 33R) A83 De inschatting van de accountant van de risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van beweringen kan een verwachting omvatten dat de interne beheersingsmaatregelen effectief werken (d.w.z. dat de accountant voornemens is op de werking van interne beheersingsmaatregelen te steunen bij het bepalen van de aard, timing en omvang van overige werkzaamheden). In dat geval wordt op grond van paragraaf 38R van de accountant vereist dat hij toetsingen opzet en uitvoert om de werking van die interne beheersingsmaatregelen te toetsen. -##### . Oorzaken voor risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 34) +##### . Oorzaken voor risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 34) -###### . Fraude (Zie Par. 28, 34(a)) +###### . Fraude (Zie Par. 28, 34(a)) A84 Afwijkingen in het emissieverslag kunnen het gevolg zijn van fraude of van fouten. De onderscheidende factor tussen fraude en fouten is of de onderliggende handeling die resulteert in de afwijking in het emissieverslag al dan niet opzettelijk is. A85 Stimulansen voor opzettelijke afwijkingen in het emissieverslag kunnen aan het licht komen. Dit kan als bijvoorbeeld een significant bestanddeel van de beloning van degenen die direct bij het proces inzake het rapporteren van emissies betrokken zijn, of die de gelegenheid hebben om hier invloed op uit te oefenen, afhankelijk is van het behalen van agressieve doelstellingen met betrekking tot broeikasgassen. Zoals vermeld in paragraaf A61 kunnen andere stimulansen om te hoge of te lage emissies weer te geven het resultaat zijn van de eventuele strategie van de entiteit met betrekking tot klimaatverandering en de gerelateerde economische, regelgevings-, fysieke en reputatierisico’s. A86 Hoewel de term ‘fraude’ in juridische zin breed wordt geïnterpreteerd, is de accountant in het kader van deze Standaard gericht op fraude die een afwijking van materieel belang in het emissieverslag veroorzaakt. Hoewel de accountant kan vermoeden of, in zeldzame gevallen, kan identificeren dat fraude voorkomt, stelt hij niet juridisch vast dat fraude heeft plaatsgevonden. -###### . Het niet-naleven van wet- en regelgeving (Zie Par. 34(b), 78(c)) +###### . Het niet-naleven van wet- en regelgeving (Zie Par. 34(b), 78(c)) A87 Deze Standaard onderscheidt de verantwoordelijkheden van de accountant met betrekking tot het naleven van twee verschillende categorieën van wet- en regelgeving als volgt: -a. de bepalingen van die wet- en regelgeving die gewoonlijk worden beschouwd als zijnde van directe invloed op de vaststelling van materiële hoeveelheden en toelichtingen hierop in het emissieverslag, in die zin dat zij de gerapporteerde hoeveelheden en toelichtingen in het emissieverslag van een entiteit bepalen. Par. 34(b) vereist dat de accountant de waarschijnlijkheid overweegt van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van het niet naleven van bepalingen van dergelijke wet- en regelgeving bij het uitvoeren van de werkzaamheden die worden vereist in paragrafen 33B of 33R; en +a. de bepalingen van die wet- en regelgeving die gewoonlijk worden beschouwd als zijnde van directe invloed op de vaststelling van materiële hoeveelheden en toelichtingen hierop in het emissieverslag, in die zin dat zij de gerapporteerde hoeveelheden en toelichtingen in het emissieverslag van een entiteit bepalen. Par. 34(b) vereist dat de accountant de waarschijnlijkheid overweegt van een afwijking van materieel belang die het gevolg is van het niet naleven van bepalingen van dergelijke wet- en regelgeving bij het uitvoeren van de werkzaamheden die worden vereist in paragrafen 33B of 33R; en b. andere wet- en regelgeving die niet van directe invloed is op het bepalen van de hoeveelheden en toelichtingen hierop in het emissieverslag. De naleving hiervan kan echter fundamenteel zijn voor de operationele aspecten van het bedrijf, voor het vermogen van een entiteit om haar bedrijfsactiviteiten voort te zetten, of voor het vermijden van sancties van materieel belang (bijvoorbeeld het naleven van de voorwaarden van een vergunning voor het uitvoeren van een activiteit of het naleven van regelgeving inzake het milieu). Het handhaven van een professioneel kritische instelling gedurende de opdracht, zoals vereist op grond van Standaard 3000613Standaard 3000, paragraaf 14., is belangrijk. Dit in de context van het alert blijven op de mogelijkheid dat werkzaamheden die zijn toegepast met als doel een conclusie over het emissieverslag te vormen, gevallen van geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van dergelijke wet- en regelgeving onder de aandacht van de accountant kunnen brengen. -###### . Andere oorzaken voor risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 34) +###### . Andere oorzaken voor risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 34) A88 Voorbeelden van factoren waarnaar in paragraaf 34(c)-(k) wordt verwezen, omvatten: @@ -14791,7 +14791,7 @@ e. significante niet-routinematige emissies of aangelegenheden die het toepassen f. het opnemen van Scope 3 emissies: 1. waarbij de brongegevens waarvan gebruik wordt gemaakt bij het kwantificeren niet door de entiteit worden beheerd; of -2. waarbij de kwantificeringsmethoden waarvan gewoonlijk gebruik wordt gemaakt onnauwkeurig zijn of tot grote verschillen in de gerapporteerde emissies kunnen leiden (Zie Par. A31, A32, A33 en A34). +2. waarbij de kwantificeringsmethoden waarvan gewoonlijk gebruik wordt gemaakt onnauwkeurig zijn of tot grote verschillen in de gerapporteerde emissies kunnen leiden (Zie Par. A31, A32, A33 en A34). g. aangelegenheden waarmee de accountant rekening kan houden bij het verwerven van inzicht in de wijze waarop de entiteit significante schattingen maakt en de gegevens waarop zij zijn gebaseerd omvatten bijvoorbeeld: 1. inzicht in de gegevens waarop schattingen zijn gebaseerd; @@ -14814,7 +14814,7 @@ A89 Voorbeelden van andere factoren die kunnen leiden tot risico’s op een afwi #### . De algehele manieren van inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang en verdere werkzaamheden -##### . Assurance-opdrachten met een beperkte en met een redelijke mate van zekerheid (Zie Par. 8, 35, 35A, 36, 37, 38, 39, 40 en 41R, 42B en 43R, 46) +##### . Assurance-opdrachten met een beperkte en met een redelijke mate van zekerheid (Zie Par. 8, 35, 35A, 36, 37, 38, 39, 40 en 41R, 42B en 43R, 46) A90 Het niveau van zekerheid dat wordt verkregen bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid is lager dan bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. Daarom zullen de werkzaamheden die de accountant uitvoert bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid in aard variëren van, en ook beperkter in omvang zijn dan voor assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid. De voornaamste verschillen tussen de algehele manieren van inspelen van de accountant op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang en verdere werkzaamheden voor een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid en een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid in een emissieverslag zijn als volgt: @@ -14837,7 +14837,7 @@ Bovendien kan de accountant wanneer hij cijferanalyses uitvoert voor een assuran • gebruikmaken van meer geaggregeerde gegevens. Bijvoorbeeld gegevens op regionaal niveau in plaats van op inrichtingsniveau, of maandelijkse gegevens in plaats van wekelijkse gegevens; • gebruikmaken van gegevens die niet zijn onderworpen aan afzonderlijke werkzaamheden om de betrouwbaarheid ervan in dezelfde mate te testen als het geval zou zijn bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. -##### . De algehele manieren van inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 35) +##### . De algehele manieren van inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 35) A91 De algehele manieren van inspelen op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang op het niveau van het emissieverslag kan het volgende omvatten: @@ -14854,9 +14854,9 @@ A92 Het inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang op he • meer werkzaamheden aan het einde van de verslagperiode in plaats van op een tussentijdse datum uit te voeren; • meer uitgebreide assurance-informatie te verkrijgen uit andere werkzaamheden dan het toetsen van interne beheersingsmaatregelen; • het vergroten van de steekproefomvang en de omvang van werkzaamheden, zoals het aantal inrichtingen waar werkzaamheden worden uitgevoerd. -A93 Dergelijke overwegingen zijn daarom in belangrijke mate van invloed op de algehele benadering van de accountant. Bijvoorbeeld op de relatieve nadruk die wordt gelegd op het toetsen van interne beheersingsmaatregelen in vergelijking met andere werkzaamheden. (Zie ook Par. A70, A71 en A72 en A96) +A93 Dergelijke overwegingen zijn daarom in belangrijke mate van invloed op de algehele benadering van de accountant. Bijvoorbeeld op de relatieve nadruk die wordt gelegd op het toetsen van interne beheersingsmaatregelen in vergelijking met andere werkzaamheden. (Zie ook Par. A70, A71 en A72 en A96) -##### . Voorbeelden van verdere werkzaamheden (Zie Par. 37B en 37R, 40R) +##### . Voorbeelden van verdere werkzaamheden (Zie Par. 37B en 37R, 40R) A94 Verdere werkzaamheden kunnen bijvoorbeeld omvatten: @@ -14872,7 +14872,7 @@ A94 Verdere werkzaamheden kunnen bijvoorbeeld omvatten: • het controleren van de nauwkeurigheid van berekeningen en de geschiktheid van gebruikte berekeningsmethoden (bijvoorbeeld de omzetting en aggregatie van input metingen); • het aansluiten van vastgelegde gegevens met brondocumenten, zoals vastleggingen van de productie, vastleggingen van brandstofverbruik en facturen voor ingekochte energie. -##### . Factoren die van invloed kunnen zijn op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 37B(a) en 37R(a)) +##### . Factoren die van invloed kunnen zijn op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 37B(a) en 37R(a)) A95 Factoren die van invloed kunnen zijn op de ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang omvatten: @@ -14888,11 +14888,11 @@ A95 Factoren die van invloed kunnen zijn op de ingeschatte risico’s op een afw • de beleidslijnen en procedures inzake kwaliteitsbeheersing die worden geïmplementeerd in testlaboratoria, zowel intern als extern; • de complexiteit van criteria en van kwantificerings- en rapporteringsgrondslagen, inclusief de wijze waarop de organisatorische afbakening wordt bepaald. -##### . De werking van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 37R(a)(ii), 38R(a)) +##### . De werking van interne beheersingsmaatregelen (Zie Par. 37R(a)(ii), 38R(a)) A96 In het geval van zeer kleine entiteiten of onderontwikkelde informatiesystemen kunnen mogelijk niet veel interne beheersingsactiviteiten door de accountant worden geïdentificeerd. Het kan ook zijn dat de mate waarin hun bestaan of werking is gedocumenteerd door de entiteit beperkt is. Daarom kan het voor de accountant efficiënter zijn om verdere werkzaamheden uit te voeren die hoofdzakelijk bestaan uit andere werkzaamheden dan het toetsen van interne beheersingsmaatregelen. In sommige zeldzame gevallen maakt het ontbreken van interne beheersingsactiviteiten of van andere componenten van interne beheersing het onmogelijk om voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen (zie ook paragrafen A70, A71 en A72 en A92 en A93). -##### . Het overtuigende karakter van de assurance-informatie (Zie Par. 37B(b) en 37R(b)) +##### . Het overtuigende karakter van de assurance-informatie (Zie Par. 37B(b) en 37R(b)) A97 Om meer overtuigende assurance-informatie te verkrijgen vanwege een hoger ingeschat risico op een afwijking van materieel belang kan de accountant de hoeveelheid assurance-informatie vergroten. Hij kan ook assurance-informatie verkrijgen die relevanter of betrouwbaarder is. Bijvoorbeeld door bevestigende assurance-informatie te verkrijgen vanuit een aantal onafhankelijke bronnen. @@ -14903,7 +14903,7 @@ A98 Het kwantificeren van emissies kan processen omvatten die in hoge mate geaut • is de assurance-informatie wellicht alleen in elektronische vorm beschikbaar en hangt de vraag of deze voldoende en geschikt is af van de effectiviteit van de interne beheersingsmaatregelen inzake de nauwkeurigheid en de volledigheid daarvan; • is de kans dat informatie op onjuiste wijze tot stand komt of wordt gewijzigd en dat dit niet wordt gedetecteerd, groter als passende interne beheersingsmaatregelen niet effectief werken. -##### . Werkzaamheden inzake bevestigingen (Zie Par. 41R) +##### . Werkzaamheden inzake bevestigingen (Zie Par. 41R) A99 Werkzaamheden inzake externe bevestigingen kunnen relevante assurance-informatie verschaffen over informatie als: @@ -14915,18 +14915,18 @@ A99 Werkzaamheden inzake externe bevestigingen kunnen relevante assurance-inform • de voorwaarden van overeenkomsten, contracten of transacties tussen een entiteit en andere partijen, of informatie over de vraag of andere partijen bepaalde emissies al dan niet in hun emissieverslag opnemen bij het in overweging nemen van de organisatorische afbakening van de entiteit; • de resultaten van in laboratoria uitgevoerde analyses van steekproeven (bijvoorbeeld de calorische waarde van monsters van inputs). -##### . Cijferanalyses die worden uitgevoerd om in te spelen op ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 42B en 42R) +##### . Cijferanalyses die worden uitgevoerd om in te spelen op ingeschatte risico’s op een afwijking van materieel belang (Zie Par. 42B en 42R) A100 In veel gevallen staat de vaste verhouding van fysieke of chemische verbanden tussen bepaalde emissies en andere meetbare verschijnselen toe dat er krachtige cijferanalyses worden opgezet (bijvoorbeeld het verband tussen brandstofverbruik en de emissies van koolstofdioxide en distikstofmonoxide (lachgas)). A101 Zo is het ook mogelijk dat er een redelijk voorspelbaar verband bestaat tussen emissies en financiële of operationele informatie (bijvoorbeeld de relatie tussen Scope 2 emissies afkomstig van elektriciteit en het grootboeksaldo voor de inkoop van elektriciteit of van het aantal werkzame uren). Andere cijferanalyses omvatten mogelijk vergelijkingen van informatie over de emissies van de entiteit met externe gegevens zoals sectorgemiddelden. Of het analyseren van trends gedurende de verslagperiode voor het identificeren van tegenstrijdigheden zodat deze verder onderzocht kunnen worden en het analyseren van trends gedurende meerdere verslagperioden. Dit om vast te stellen of deze consistent zijn met andere omstandigheden zoals het verwerven of het afstoten van inrichtingen. A102 Cijferanalyses kunnen in het bijzonder effectief zijn wanneer uitgesplitste gegevens direct beschikbaar zijn. Of wanneer de accountant aanleiding heeft om de gegevens waarvan gebruik gemaakt zal worden, als betrouwbaar te beschouwen, zoals wanneer deze afkomstig zijn van een goed beheerste bron. In sommige gevallen zijn de te gebruiken gegevens vastgelegd in het systeem van financiële verslaggeving. Zij kunnen ook zijn ingevoerd in een ander informatiesysteem parallel met het invoeren van daarmee verband houdende financiële gegevens en een aantal algemene interne beheersingsmaatregelen die op die input worden toegepast. Bijvoorbeeld de hoeveelheid ingekochte brandstof zoals die is vastgelegd op facturen van leveranciers kan bijvoorbeeld input zijn onder dezelfde voorwaarden als waaronder relevante facturen in een crediteurensysteem worden opgenomen. In sommige gevallen kunnen gegevens die gebruikt zullen worden een integrale input zijn voor operationele besluiten. Derhalve kunnen zij onderworpen zijn aan nauwgezetter onderzoek door het uitvoerend personeel of onderworpen zijn aan afzonderlijke externe controlemaatregelen (bijvoorbeeld als onderdeel van een joint venture overeenkomst of toezicht door een regelgever of toezichthouder). -##### . Werkzaamheden met betrekking tot schattingen (Zie Par. 44B, 44R en 45R) +##### . Werkzaamheden met betrekking tot schattingen (Zie Par. 44B, 44R en 45R) A103 In sommige gevallen kan het passend zijn voor de accountant om te evalueren hoe de entiteit alternatieve veronderstellingen of resultaten in overweging heeft genomen en waarom zij deze heeft verworpen. A104 Bij sommige assurance-opdrachten met een beperkte mate van zekerheid kan het voor de accountant passend zijn om één of meer van de werkzaamheden die zijn geïdentificeerd in paragraaf 45R uit te voeren. -##### . Het nemen van steekproeven (Zie Par. 46) +##### . Het nemen van steekproeven (Zie Par. 46) A105 Het nemen van steekproeven omvat: @@ -14938,7 +14938,7 @@ d. het evalueren van: 1. de resultaten van de steekproef, inclusief het op de populatie projecteren van in de steekproef ontdekte afwijkingen bij detailcontroles; en 2. de vraag of het gebruikmaken van steekproeven een passende basis heeft verschaft om conclusies te kunnen trekken over de populatie die is getoetst. -##### . Fraude en wet- en regelgeving (Zie Par. 47) +##### . Fraude en wet- en regelgeving (Zie Par. 47) A106 Bij het inspelen op fraude of vermoede fraude die tijdens de opdracht wordt geïdentificeerd kan het bijvoorbeeld passend zijn dat de accountant: @@ -14954,18 +14954,18 @@ A107 De handelingen die in paragraaf A106 worden vermeld, kunnen geschikt zijn v a. de conclusie trekt dat de niet-naleving van materiële invloed is op het emissieverslag en niet op adequate wijze in het emissieverslag is weergegeven; of b. door de entiteit wordt gehinderd in het verkrijgen van voldoende en geschikte assurance-informatie om te evalueren of het niet-naleven dat van materieel belang kan zijn op het emissieverslag, heeft plaatsgevonden, of waarschijnlijk heeft plaatsgevonden. In dit geval is paragraaf 51 van Standaard 3000 van toepassing. -##### . Werkzaamheden met betrekking tot het aggregatieproces van het emissieverslag (Zie Par. 48B en 48R) +##### . Werkzaamheden met betrekking tot het aggregatieproces van het emissieverslag (Zie Par. 48B en 48R) A108 Zoals vermeld in paragraaf is het te verwachten dat naarmate het rapporteren over emissies zich ontwikkelt, dit ook geldt voor de mate van geavanceerdheid, documentatie en formaliteit van de informatiesystemen die relevant zijn voor het kwantificeren van en het rapporteren over emissies. Bij onderontwikkelde informatiesystemen kan het aggregatieproces heel informeel zijn. Bij meer geavanceerde systemen kan het aggregatieproces systematischer zijn en formeel worden gedocumenteerd. De aard en ook de omvang van de werkzaamheden van de accountant met betrekking tot aanpassingen en de wijze waarop de accountant het emissieverslag afstemt met of aansluit op de onderliggende administratie hangt af van: • de aard en complexiteit van het kwantificerings- en verslaggevingsproces van de entiteit; en • de daarmee verband houdende risico’s op een afwijking van materieel belang. -##### . Aanvullende werkzaamheden (Zie Par. 49B en 49R) +##### . Aanvullende werkzaamheden (Zie Par. 49B en 49R) A109 Een assurance-opdracht is een iteratief proces en er kan informatie onder de aandacht van de accountant komen die op significante wijze afwijkt van de informatie waarop de bepaling van geplande werkzaamheden was gebaseerd. Als de accountant de geplande werkzaamheden uitvoert, kan de verkregen assurance-informatie ervoor zorgen dat de accountant aanvullende werkzaamheden uitvoert. Dergelijke werkzaamheden kunnen inhouden dat de accountant de entiteit verzoekt om de aangelegenheid of aangelegenheden die hij heeft geïdentificeerd te onderzoeken en om aanpassingen in het emissieverslag te maken als dit passend is. -##### . Vaststellen of aanvullende werkzaamheden noodzakelijk zijn bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid (Zie Par. 49B en 49B(b)) +##### . Vaststellen of aanvullende werkzaamheden noodzakelijk zijn bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid (Zie Par. 49B en 49B(b)) A110 De accountant kan zich bewust worden van een aangelegenheid (of aangelegenheden) die ertoe leidt dat de accountant veronderstelt dat het emissieverslag een afwijking van materieel belang bevat. Bij locatiebezoeken kan de accountant bijvoorbeeld een mogelijke emissiebron identificeren die niet lijkt te zijn opgenomen in het emissieverslag. In die gevallen verzoekt de accountant om verdere inlichtingen of de mogelijke bron in het emissieverslag is opgenomen. De omvang van aanvullende werkzaamheden die, overeenkomstig paragraaf 49B, worden uitgevoerd is een kwestie van professionele oordeelsvorming. Hoe groter de waarschijnlijkheid dat een afwijking van materieel belang zich voordoet, hoe meer overtuigende assurance-informatie de accountant verkrijgt. A111 Het is mogelijk dat er in het geval van een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid een aangelegenheid (of aangelegenheden) onder de aandacht van de accountant komt die ertoe leidt dat de accountant zou moeten concluderen dat het emissieverslag mogelijk een afwijking van materieel belang kan bevatten. Dan vereist paragraaf 49B van de accountant dat hij aanvullende werkzaamheden opzet en uitvoert. Als de accountant na het uitvoeren hiervan echter niet in staat is om voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen om: @@ -14975,13 +14975,13 @@ A111 Het is mogelijk dat er in het geval van een assurance-opdracht met een bepe is er sprake van een beperking in de reikwijdte. -##### . Accumulatie van geïdentificeerde afwijkingen (Zie Par. 50) +##### . Accumulatie van geïdentificeerde afwijkingen (Zie Par. 50) A112 De accountant kan een hoeveelheid vaststellen waaronder afwijkingen duidelijk triviaal zullen zijn en niet hoeven te worden geaccumuleerd. Dit omdat de accountant verwacht dat de accumulatie van zulke hoeveelheden duidelijk geen invloed van materieel belang zal hebben op het emissieverslag. ‘Duidelijk triviaal’ is geen andere uitdrukking voor ‘niet van materieel belang’. Aangelegenheden die duidelijk triviaal zijn, zullen van een geheel andere (kleinere) orde van grootte zijn, dan de materialiteit die overeenkomstig deze Standaard is vastgesteld. Dit zullen aangelegenheden zijn die duidelijk onbelangrijk zijn, ongeacht of ze afzonderlijk of op geaggregeerde wijze in overweging worden genomen en ongeacht of ze naar enige criteria van omvang, aard of omstandigheden worden beoordeeld. Wanneer enige onzekerheid bestaat over de vraag of een of meerdere elementen duidelijk triviaal zijn, wordt de aangelegenheid niet beschouwd als zijnde duidelijk triviaal. #### . Gebruikmaken van de werkzaamheden van andere accountants -##### . Het communiceren met andere accountants (Zie Par. 57(a)) +##### . Het communiceren met andere accountants (Zie Par. 57(a)) A113 Relevante aangelegenheden die het opdrachtteam met andere accountants kan bespreken met betrekking tot: @@ -14995,7 +14995,7 @@ kunnen het volgende omvatten: • de uitvoeringsmaterialiteit voor de werkzaamheden van de andere accountant, die lager kan zijn dan de uitvoeringsmaterialiteit voor het emissieverslag (en, voor zover van toepassing, lager dan het materialiteitsniveau of de materialiteitsniveaus voor specifieke soorten emissies of toelichtingen hierop) en de grenswaarde waarboven afwijkingen in het emissieverslag niet als duidelijk triviaal kun worden beschouwd; • geïdentificeerde risico’s op een afwijking van materieel belang in het emissieverslag die relevant zijn voor de werkzaamheden van de andere accountant. En een verzoek dat de andere accountant overige risico’s die tijdens de opdracht zijn geïdentificeerd die van materieel belang kunnen zijn voor het emissieverslag en zijn manieren van inspelen op die risico’s tijdig communiceert. -##### . Communicatie van andere accountants (Zie Par. 57(a)) +##### . Communicatie van andere accountants (Zie Par. 57(a)) A114 Relevante aangelegenheden die het opdrachtteam de andere accountant kan verzoeken te communiceren omvatten: @@ -15009,7 +15009,7 @@ A114 Relevante aangelegenheden die het opdrachtteam de andere accountant kan ver • alle overige aangelegenheden die relevant kunnen zijn voor het emissieverslag of waarop de andere accountant de aandacht van het opdrachtteam wil vestigen, inclusief uitzonderingen die zijn vastgelegd in de schriftelijke bevestigingen die de andere accountant aan de entiteit heeft verzocht; • het totaal van de bevindingen, de conclusies of het oordeel van de andere accountant. -##### . Assurance-informatie (Zie Par. 57(b)) +##### . Assurance-informatie (Zie Par. 57(b)) A115 Relevante overwegingen bij het verkrijgen van assurance-informatie met betrekking tot de werkzaamheden van de andere accountant kunnen omvatten: @@ -15017,11 +15017,11 @@ A115 Relevante overwegingen bij het verkrijgen van assurance-informatie met betr • besprekingen met de andere accountant over de vatbaarheid voor afwijkingen van materieel belang in de relevante informatie; • het beoordelen van de documentatie van de andere accountant inzake de geïdentificeerde risico’s op een afwijking van materieel belang, het inspelen op die risico’s en conclusies. Deze documentatie kan de vorm aannemen van een memorandum dat de conclusie van de andere accountant weergeeft over de geïdentificeerde significante risico’s. -#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 58) +#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 58) A116 In aanvulling op de op grond van paragraaf 58 vereiste schriftelijke bevestigingen, kan de accountant het noodzakelijk achten om andere schriftelijke bevestigingen te verzoeken. De persoon of personen aan wie de accountant om schriftelijke bevestigingen verzoekt, zal gewoonlijk een lid van het senior management zijn of van de met governance belaste personen. Management- en governancestructuren kunnen per rechtsgebied en entiteit verschillen als gevolg van invloeden zoals verschillende culturele en juridische achtergronden, en de grootte en eigendomsstructuur. Derhalve is het voor deze Standaard niet mogelijk om voor alle opdrachten de juiste persoon of personen te specificeren die om schriftelijke bevestigingen verzocht worden. De entiteit kan bijvoorbeeld een inrichting zijn die op zich geen afzonderlijke juridische entiteit is. In die gevallen kan professionele oordeelsvorming nodig zijn bij het identificeren van het juiste management of de met governance belaste personen van wie om schriftelijke bevestigingen worden verzocht. -#### . Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode (Zie Par. 61) +#### . Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode (Zie Par. 61) A117 Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode kunnen bijvoorbeeld omvatten: @@ -15032,7 +15032,7 @@ A117 Gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode kunnen bijvoorbeeld om • de beschikbaarheid van nauwkeurigere kwantificeringsmethoden; of • het ontdekken van een significante fout. -#### . Ter vergelijking opgenomen informatie (Zie Par. 62 en 63, 76(c)) +#### . Ter vergelijking opgenomen informatie (Zie Par. 62 en 63, 76(c)) A118 Wet- of regelgeving of de opdrachtvoorwaarden kunnen de vereisten specificeren inzake de presentatie, verslaggeving en zekerheid van de ter vergelijking opgenomen informatie in het emissieverslag. Een belangrijk verschil tussen financiële overzichten en een emissieverslag is dat de hoeveelheden die in een emissieverslag worden gepresenteerd de emissies meten voor een afzonderlijke periode en niet gebaseerd zijn op cumulatieve hoeveelheden in de tijd. Daarom is de gepresenteerde ter vergelijking opgenomen informatie niet van invloed op informatie van het lopende jaar, tenzij emissies in de verkeerde verslagperiode zijn vastgelegd en de hoeveelheden daardoor mogelijk gebaseerd zijn op de onjuiste beginperiode voor metingen. A119 Indien een emissieverslag verwijzingen naar reductie van emissies bevat, of een soortgelijke vergelijking van informatie tussen verslagperioden, is het belangrijk dat de accountant de geschiktheid van de vergelijkingen in overweging neemt. Deze kunnen ongeschikt zijn als gevolg van: @@ -15042,7 +15042,7 @@ b. significante wijzigingen in omzettingsfactoren; of c. inconsistentie in bronnen of waarderingsmethoden. A120 Het is mogelijk dat de ter vergelijking opgenomen informatie wordt gepresenteerd met de huidige informatie over emissies, maar dat sommige of alle ter vergelijking opgenomen informatie niet door de conclusie van de accountant is omvat. Dan is het belangrijk dat de status van dergelijke informatie duidelijk wordt gemeld in zowel het emissieverslag als in het assurance-rapport. -##### . Aanpassingen (Zie Par. 62(a)) +##### . Aanpassingen (Zie Par. 62(a)) A121 Het kan nodig zijn om de hoeveelheden broeikasgassen die in een voorgaande periode zijn gerapporteerd aan te passen in overeenstemming met wet- of regelgeving of de van toepassing zijnde criteria vanwege bijvoorbeeld: @@ -15051,12 +15051,12 @@ A121 Het kan nodig zijn om de hoeveelheden broeikasgassen die in een voorgaande • de beschikbaarheid van accuratere kwantificeringsmethoden; of • het ontdekken van een significante fout. -##### . Het uitvoeren van werkzaamheden met betrekking tot de ter vergelijking opgenomen informatie (Zie Par. 63(a)) +##### . Het uitvoeren van werkzaamheden met betrekking tot de ter vergelijking opgenomen informatie (Zie Par. 63(a)) A122 Bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid die zekerheid met betrekking tot de ter vergelijking opgenomen informatie bevat, zijn de uit te voeren werkzaamheden in overeenstemming met de vereisten in paragraaf 49B als de accountant zich bewust wordt van mogelijke afwijkingen van materieel belang in de ter vergelijking opgenomen informatie. In het geval van een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid dienen de uit te voeren werkzaamheden voldoende te zijn om een oordeel over de ter vergelijking opgenomen informatie te vormen. A123 Als de opdracht geen zekerheid over ter vergelijking opgenomen informatie bevat, is het vereist om, in de omstandigheden die worden behandeld in paragraaf 63(a), werkzaamheden uit te voeren om te voldoen aan de ethische verplichtingen van de accountant. Dit om niet opzettelijk te worden geassocieerd met onjuiste of misleidende informatie van materieel belang. -#### . Andere informatie (Zie Par. 64) +#### . Andere informatie (Zie Par. 64) A124 Een emissieverslag kan worden gepubliceerd met andere informatie die niet door de conclusie van de accountant is omvat. Een emissieverslag kan bijvoorbeeld zijn opgenomen in het jaarverslag of het duurzaamheidsverslag van de entiteit of het kan zijn opgenomen als onderdeel van andere specifieke informatie over klimaatverandering zoals: @@ -15077,7 +15077,7 @@ A126 Verdere maatregelen die passend kunnen zijn wanneer andere informatie de ge #### . Documentatie -##### . Documentatie van de uitgevoerde werkzaamheden en van de verkregen assurance-informatie (Zie Par. 15, 65 en 66) +##### . Documentatie van de uitgevoerde werkzaamheden en van de verkregen assurance-informatie (Zie Par. 15, 65 en 66) A127 Standaard 3000 vereist van de accountant dat hij aangelegenheden documenteert die significant zijn voor het verschaffen van assurance-informatie ter onderbouwing van het assurance-rapport en waaruit blijkt dat de opdracht overeenkomstig de Standaarden is uitgevoerd.615Standaard 3000, paragraaf 42. Hierna volgen voorbeelden van aangelegenheden waarvan het mogelijk passend is om ze op te nemen in de opdrachtdocumentatie: @@ -15106,15 +15106,15 @@ A127 Standaard 3000 vereist van de accountant dat hij aangelegenheden documentee • afwijkingen die tijdens de opdracht geaccumuleerd zijn en of deze gecorrigeerd zijn; en • de conclusie van de accountant of niet-gecorrigeerde afwijkingen, afzonderlijk of in totaal, van materieel belang zijn en de basis voor die conclusie. -##### . Aangelegenheden die zich openbaren na de datum van het assurance-rapport (Zie Par. 68) +##### . Aangelegenheden die zich openbaren na de datum van het assurance-rapport (Zie Par. 68) A128 Tot de buitengewone omstandigheden behoren ook de gebeurtenissen waarvan de accountant kennis verkrijgt na de datum van het assurance-rapport, maar die op die datum wel bestonden. Wanneer ze op die datum bekend waren geweest, hadden ze aanleiding kunnen geven tot een wijziging van het emissieverslag of een aanpassing door de accountant van de conclusie in het assurance-rapport. Bijvoorbeeld het ontdekken van een niet-gecorrigeerde significante fout. De daaruit voortvloeiende wijzigingen in de opdrachtdocumentatie worden beoordeeld overeenkomstig de beleidslijnen en procedures van het kantoor met betrekking tot beoordelingsverantwoordelijkheden zoals die worden vereist door de NVAK assurance. Hierbij neemt de opdrachtpartner de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor de aangebrachte veranderingen op zich.616*Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van assurance-opdrachten*, artikel 14. -##### . Samenstellen van het definitieve opdrachtdossier (Zie Par. 69) +##### . Samenstellen van het definitieve opdrachtdossier (Zie Par. 69) A129 Wet- en regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing vereist van de kantoren dat zij beleidslijnen en procedures vaststellen voor het tijdig voltooien van de samenstelling van opdrachtdossiers617Een geschikt tijdsbestek waarbinnen de samenstelling van het definitieve opdrachtdossier moet worden afgerond, is gewoonlijk niet meer dan 2 maanden na de datum van het assurancerapport (gelijk aan de periode die geldt voor controledossiers zoals gesuggereerd in Standaard 230, paragraaf A21).. -#### . Opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling (Zie Par. 71) +#### . Opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling (Zie Par. 71) A130 Andere aangelegenheden die in overweging kunnen worden genomen bij een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling omvatten: @@ -15124,7 +15124,7 @@ A130 Andere aangelegenheden die in overweging kunnen worden genomen bij een opdr #### . Het vormen van de assurance-conclusie -##### . Het beschrijven van de van toepassing zijnde criteria Zie Par. 74(d), 76(g)(iv) +##### . Het beschrijven van de van toepassing zijnde criteria Zie Par. 74(d), 76(g)(iv) A131 Het opstellen van het emissieverslag door de entiteit vereist het opnemen van een adequate beschrijving van de van toepassing zijnde criteria in de toelichting bij het emissieverslag. Die beschrijving informeert de beoogde gebruikers over het gehanteerde stelsel waarop het emissieverslag is gebaseerd. Dit is met name van belang als er sprake is van significante verschillen tussen verschillende criteria met betrekking tot hoe bepaalde aangelegenheden in een emissieverslag worden behandeld. Bijvoorbeeld: @@ -15136,22 +15136,22 @@ A133 Een beschrijving van de van toepassing zijnde criteria die onnauwkeurige kw #### . Inhoud van het assurance-rapport -##### . Voorbeelden van assurance-rapporten Zie Par. 76 +##### . Voorbeelden van assurance-rapporten Zie Par. 76 A134 Bijlage 2 bevat voorbeelden van assurance-rapporten over emissieverslagen waarin de elementen zijn verwerkt die in paragraaf 76 uiteen zijn gezet. -##### . Informatie die niet door de conclusie van de accountant is omvat Zie Par. 76(c) +##### . Informatie die niet door de conclusie van de accountant is omvat Zie Par. 76(c) A135 Het is mogelijk dat het emissieverslag informatie omvat, zoals vergelijkende cijfers, die niet onderworpen is aan assurance. Om misverstanden en misplaatst vertrouwen in informatie waarover geen bepaalde mate van zekerheid wordt verstrekt te voorkomen, wordt die informatie in het emissieverslag en in het assurance-rapport van de accountant gewoonlijk als zodanig aangeduid. -###### . Aftrek van emissies Zie Par. 76(f) +###### . Aftrek van emissies Zie Par. 76(f) A136 Wanneer het emissieverslag aftrek van emissies omvat, kan de bewoording van de vermelding die in het assurance-rapport wordt opgenomen, aanzienlijk variëren afhankelijk van de omstandigheden. A137 De beschikbaarheid van relevante en betrouwbare informatie die betrekking heeft op compensaties en andere aftrek van emissies varieert enorm. Dit geldt daardoor ook voor de assurance-informatie die beschikbaar is voor accountants om de geclaimde aftrek van emissies van de entiteit te onderbouwen. A138 De aard van de aftrek van emissies is gevarieerd en de hoeveelheid en de aard van werkzaamheden die door de accountant kunnen worden toegepast op aftrek van emissies zijn vaak beperkt. Derhalve vereist deze Standaard identificatie in het assurance-rapport van die eventuele aftrek van emissies die zijn omvat door de conclusie van de accountant en een vermelding van de verantwoordelijkheid van de accountant met betrekking tot deze aftrek. A139 Een vermelding van de verantwoordelijkheid van de accountant met betrekking tot de aftrek van emissies kan als volgt worden verwoord wanneer de aftrek van emissies bestaat uit compensaties: ‘Het emissieverslag omvat een aftrek van de emissies van ABC voor het jaar van yyy ton CO_2-e die verband houdt met compensaties. Wij hebben werkzaamheden uitgevoerd om te zien of deze compensaties gedurende het jaar zijn verworven en of de beschrijving ervan in het emissieverslag een redelijke samenvatting is van de relevante contracten en daarmee verband houdende documentatie. Wij hebben echter geen werkzaamheden uitgevoerd die betrekking hebben op de externe leveranciers van deze compensaties en brengen geen oordeel tot uitdrukking of de compensaties het resultaat zijn van, of zullen resulteren in, een reductie van yyy ton CO_2-e.’. -##### . Gebruik van het assurance-rapport Zie Par. 76(g)(iii) +##### . Gebruik van het assurance-rapport Zie Par. 76(g)(iii) A140 Naast het identificeren van de geadresseerde van het assurance-rapport kan de accountant het passend achten om bewoordingen op te nemen in de kern van het assurance-rapport die het doel specificeren waarvoor, of de beoogde gebruikers voor wie, het rapport werd opgesteld. Wanneer het emissieverslag bijvoorbeeld in het publieke domein wordt gebracht, kan het passend zijn om een vermelding op te nemen in de toelichting bij het emissieverslag en bij het assurance-rapport waarin staat dat het rapport is bedoeld voor gebruikers die: @@ -15160,7 +15160,7 @@ A140 Naast het identificeren van de geadresseerde van het assurance-rapport kan • ook begrijpen dat het emissieverslag is opgesteld en dat daarbij een bepaalde mate van zekerheid is afgegeven rekening houdend met geschikte materialiteitsniveaus. A141 Daarnaast kan de accountant het passend achten om in specifieke bewoordingen de verspreiding van het assurance-rapport te beperken aan anderen dan de beoogde gebruikers, en ook het gebruik ervan voor andere doeleinden te beperken. -##### . Een samenvatting van de werkzaamheden van de accountant Zie Par. 76(h)(ii) +##### . Een samenvatting van de werkzaamheden van de accountant Zie Par. 76(h)(ii) A142 Het assurance-rapport van een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid volgt gewoonlijk standaard bewoordingen en geeft slechts een korte beschrijving van uitgevoerde werkzaamheden. De reden daarvan is dat het gedetailleerd beschrijven van de specifieke uitgevoerde werkzaamheden, de gebruikers niet zou helpen om te begrijpen dat, in alle gevallen waar een goedkeurend rapport wordt uitgebracht, voldoende en geschikte assurance-informatie is verkregen om de accountant in staat te stellen een oordeel tot uitdrukking te brengen. A143 Bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid is het uitvoeren van een evaluatie van de aard, timing en omvang van uitgevoerde werkzaamheden essentieel voor de beoogde gebruikers om de conclusie te begrijpen. De beschrijving van de werkzaamheden van de accountant bij een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid is daarom gedetailleerder dan die bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. Het kan ook passend zijn om een beschrijving op te nemen van niet-uitgevoerde werkzaamheden die gewoonlijk wel worden uitgevoerd bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. Echter, een volledige identificatie van al die werkzaamheden is misschien niet mogelijk omdat het vereiste inzicht van de accountant en zijn inschatting van risico’s op afwijkingen van materieel belang minder zijn dan bij een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid. Factoren om in overweging te nemen bij het bepalen hiervan en de mate van te verstrekken detaillering, omvatten: @@ -15177,11 +15177,11 @@ A144 Bij de beschrijving van de uitgevoerde werkzaamheden in het assurance-rappo Het is ook belangrijk dat de beschrijving van de werkzaamheden niet de indruk wekt dat er een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden is uitgevoerd. In de meeste gevallen zal de beschrijving ook niet het volledige werkplan in detail weergeven. -##### . De ondertekening door de accountant Zie Par. 76(k) +##### . De ondertekening door de accountant Zie Par. 76(k) A145 De ondertekening door de accountant is hetzij in naam van het kantoor van de accountant, in persoonlijke naam van de accountant, hetzij beide, naar gelang passend voor het specifieke rechtsgebied. In aanvulling op de ondertekening door de accountant kan het in bepaalde rechtsgebieden van de accountant worden vereist om in het assurance-rapport zijn professionele accountancy-titel te vermelden of het feit te vermelden dat de accountant of het kantoor, in voorkomend geval, erkend is door de passende instantie die in dat rechtsgebied de vergunningen verstrekt. -##### . Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden Zie Par. 77 +##### . Paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden en paragrafen inzake overige aangelegenheden Zie Par. 77 A146 Een wijdverbreid gebruik van paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden of inzake overige aangelegenheden vermindert de werking van de communicatie van de accountant over dergelijke aangelegenheden. A147 Een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden kan passend zijn wanneer bijvoorbeeld: @@ -15194,29 +15194,29 @@ A149 De inhoud van een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden o • de aangelegenheid waarop de nadruk wordt gelegd: en • de plaats waar relevante toelichtingen in het emissieverslag gevonden kunnen worden die de aangelegenheid volledig beschrijven. -Het geeft ook aan dat de conclusie van de accountant niet is aangepast met betrekking tot de benadrukte aangelegenheid. (Zie Par. A125) -A150 De inhoud van een paragraaf inzake overige aangelegenheden laat duidelijk zien dat het niet vereist is om een dergelijke overige aangelegenheid in het emissieverslag weer te geven en toe te lichten. Paragraaf 77 beperkt het gebruik van een paragraaf inzake overige aangelegenheden voor aangelegenheden die relevant zijn voor het begrip van de gebruikers van de opdracht, de verantwoordelijkheden van de accountant of het assurance-rapport, die de accountant noodzakelijk acht om in het assurance-rapport op te nemen. (Zie Par. A124). +Het geeft ook aan dat de conclusie van de accountant niet is aangepast met betrekking tot de benadrukte aangelegenheid. (Zie Par. A125) +A150 De inhoud van een paragraaf inzake overige aangelegenheden laat duidelijk zien dat het niet vereist is om een dergelijke overige aangelegenheid in het emissieverslag weer te geven en toe te lichten. Paragraaf 77 beperkt het gebruik van een paragraaf inzake overige aangelegenheden voor aangelegenheden die relevant zijn voor het begrip van de gebruikers van de opdracht, de verantwoordelijkheden van de accountant of het assurance-rapport, die de accountant noodzakelijk acht om in het assurance-rapport op te nemen. (Zie Par. A124). A151 De accountant kan in het assurance-rapport zijn aanbevelingen over aangelegenheden zoals verbeteringen aan het informatiesysteem van de entiteit opnemen. Dit kan betekenen dat die aangelegenheden niet op passende wijze zijn behandeld bij het opstellen van het emissieverslag. Dergelijke aanbevelingen kunnen bijvoorbeeld in een management letter worden gecommuniceerd of in een bespreking met de met governance belaste personen. Overwegingen die relevant zijn bij het besluit om aanbevelingen in het assurance-rapport op te nemen zijn onder meer: • of hun aard relevant is voor de informatiebehoefte van beoogde gebruikers; en • of zij op passende wijze zijn verwoord om ervoor te zorgen dat ze niet verkeerd worden geïnterpreteerd als een beperking van de conclusie van de accountant over het emissieverslag. A152 Een paragraaf inzake overige aangelegenheden bevat geen informatie waarvoor het de accountant door wet- en, regelgeving of andere professionele standaarden verboden is deze te verschaffen. Het gaat hier bijvoorbeeld om ethische standaarden die betrekking hebben op geheimhouding van informatie. Een paragraaf inzake overige aangelegenheden bevat ook geen informatie waarvan wordt vereist dat het management daarin voorziet. -### 1:. Emissies, verwijdering en aftrek van emissies (Zie Par. A8, A9, A10, A11, A12, A13 en A14) +### 1:. Emissies, verwijdering en aftrek van emissies (Zie Par. A8, A9, A10, A11, A12, A13 en A14) #### . Emissies, verwijdering en aftrek van emissies *[afbeelding]* -a. directe, of Scope 1, emissies (Zie Par. A8); -b. verwijdering (emissies die binnen de grens van de entiteit worden gegenereerd, maar ook binnen die grens worden opgevangen en opgeslagen in plaats van deze in de atmosfeer uit te stoten. Ze worden gewoonlijk op basis van hun bruto-omvang verwerkt, d.w.z. als Scope 1 emissie en een verwijdering) (Zie Par. A14); -c. verwijdering (broeikasgassen die de entiteit uit de atmosfeer heeft gehaald) (Zie Par. A14); -d. stappen die de entiteit onderneemt om haar emissies te verlagen. Dergelijke stappen kunnen de verlaging omvatten van Scope 1 emissies (bijvoorbeeld het gebruikmaken van zuinigere voertuigen), Scope 2 emissies (bijvoorbeeld de installatie van zonnepanelen om de hoeveelheid ingekochte elektriciteit terug te brengen), of Scope 3 emissies (bijvoorbeeld het aantal zakelijke reizen terugbrengen of het verkopen van producten die minder energieverbruik vereisen). De entiteit kan dergelijke stappen bespreken in de toelichting bij het emissieverslag. Ze zijn echter alleen van invloed op de kwantificering van emissies in het licht van het emissieverslag van de entiteit voor zover de gerapporteerde emissies lager zijn dan dat ze anders zouden zijn of dat zij een vermindering van emissies inhouden in overeenstemming met de van toepassing zijnde criteria (Zie Par. A11); -e. scope 2 emissies (Zie Par. A9); -f. scope 3 emissies (Zie Par. A10); -g. aftrek van emissies inclusief aangekochte compensatie (Zie Par. A11, A12 en A13). +a. directe, of Scope 1, emissies (Zie Par. A8); +b. verwijdering (emissies die binnen de grens van de entiteit worden gegenereerd, maar ook binnen die grens worden opgevangen en opgeslagen in plaats van deze in de atmosfeer uit te stoten. Ze worden gewoonlijk op basis van hun bruto-omvang verwerkt, d.w.z. als Scope 1 emissie en een verwijdering) (Zie Par. A14); +c. verwijdering (broeikasgassen die de entiteit uit de atmosfeer heeft gehaald) (Zie Par. A14); +d. stappen die de entiteit onderneemt om haar emissies te verlagen. Dergelijke stappen kunnen de verlaging omvatten van Scope 1 emissies (bijvoorbeeld het gebruikmaken van zuinigere voertuigen), Scope 2 emissies (bijvoorbeeld de installatie van zonnepanelen om de hoeveelheid ingekochte elektriciteit terug te brengen), of Scope 3 emissies (bijvoorbeeld het aantal zakelijke reizen terugbrengen of het verkopen van producten die minder energieverbruik vereisen). De entiteit kan dergelijke stappen bespreken in de toelichting bij het emissieverslag. Ze zijn echter alleen van invloed op de kwantificering van emissies in het licht van het emissieverslag van de entiteit voor zover de gerapporteerde emissies lager zijn dan dat ze anders zouden zijn of dat zij een vermindering van emissies inhouden in overeenstemming met de van toepassing zijnde criteria (Zie Par. A11); +e. scope 2 emissies (Zie Par. A9); +f. scope 3 emissies (Zie Par. A10); +g. aftrek van emissies inclusief aangekochte compensatie (Zie Par. A11, A12 en A13). -### 2:. Voorbeelden van assurance-rapporten betreffende –emissieverslagen (Zie Par. A134) +### 2:. Voorbeelden van assurance-rapporten betreffende –emissieverslagen (Zie Par. A134) Voor voorbeeldteksten van assurance-rapporten betreffende emissieverslagen wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -15229,7 +15229,7 @@ Voor voorbeeldteksten van assurance-rapporten betreffende emissieverslagen wordt 1 Deze Standaard voor Assurance-opdrachten (Standaard) behandelt assurance-opdrachten met een redelijke mate van zekerheid die door een accountant618In de EU worden deze opdrachten conform de EC Prospectus verordening door een accountant uitgevoerd. worden uitgevoerd teneinde te rapporteren over het opstellen van pro forma financiële informatie door de verantwoordelijke partij619Het *Stramien voor assurance-opdrachten* (Stramien), paragraaf 25 en 26, omschrijft de betekenis van de term ‘verantwoordelijke partij’. die in een prospectus is opgenomen. Deze Standaard is van toepassing waar: • dergelijke rapportage op grond van effectenrecht of de regelgeving van de effectenbeurs (‘relevante wet- of regelgeving’) in het rechtsgebied waarin de prospectus wordt uitgegeven, is vereist; of -• deze rapportage een algemeen aanvaarde praktijk is in een dergelijk rechtsgebied. (Zie Par. A1) +• deze rapportage een algemeen aanvaarde praktijk is in een dergelijk rechtsgebied. (Zie Par. A1) ##### . De aard van de verantwoordelijkheid van de accountant @@ -15238,22 +15238,22 @@ Voor voorbeeldteksten van assurance-rapporten betreffende emissieverslagen wordt ##### . Doel van pro forma financiële informatie die in een prospectus is opgenomen -4 Het doel van pro forma financiële informatie die in een prospectus is opgenomen is uitsluitend om de invloed die een significante gebeurtenis of transactie op niet-aangepaste financiële informatie van de entiteit heeft, te illustreren alsof de gebeurtenis of de transactie had plaatsgevonden op een eerdere geselecteerde datum ten behoeve van de illustratie. Dit wordt bereikt door het toepassen van pro forma aanpassingen op de niet-aangepaste financiële informatie. Pro forma financiële informatie geeft niet de werkelijke financiële positie, de financiële prestaties of de kasstromen van de entiteit weer. (Zie Par. A2 en A3) +4 Het doel van pro forma financiële informatie die in een prospectus is opgenomen is uitsluitend om de invloed die een significante gebeurtenis of transactie op niet-aangepaste financiële informatie van de entiteit heeft, te illustreren alsof de gebeurtenis of de transactie had plaatsgevonden op een eerdere geselecteerde datum ten behoeve van de illustratie. Dit wordt bereikt door het toepassen van pro forma aanpassingen op de niet-aangepaste financiële informatie. Pro forma financiële informatie geeft niet de werkelijke financiële positie, de financiële prestaties of de kasstromen van de entiteit weer. (Zie Par. A2 en A3) ##### . Het opstellen van pro forma financiële informatie 5 Het opstellen van pro forma financiële informatie betreft het door de verantwoordelijke partij verzamelen, rubriceren, samenvatten en presenteren van financiële informatie die de invloed illustreert van een significante gebeurtenis of transactie op niet-aangepaste financiële informatie van de entiteit alsof de gebeurtenis had plaatsgevonden of de transactie was gesloten op de geselecteerde datum. Stappen die bij dit proces horen, bevatten: -• het identificeren van de bron van de niet-aangepaste financiële informatie die wordt gebruikt bij het opstellen van de pro forma financiële informatie, en het ontlenen van de niet-aangepaste financiële informatie aan die bron; (Zie Par. A4 en A5) +• het identificeren van de bron van de niet-aangepaste financiële informatie die wordt gebruikt bij het opstellen van de pro forma financiële informatie, en het ontlenen van de niet-aangepaste financiële informatie aan die bron; (Zie Par. A4 en A5) • het maken van pro forma aanpassingen op de niet-aangepaste financiële informatie voor het doel waarvoor de pro forma financiële informatie wordt gepresenteerd; en • het presenteren van de resulterende pro forma financiële informatie met daarbij behorende toelichtingen. ##### . De aard van een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid -6 Een assurance-opdracht om met een redelijke mate van zekerheid te rapporteren over het opstellen van pro forma financiële informatie omvat het uitvoeren van de werkzaamheden die in deze Standaard uiteen zijn gezet teneinde te beoordelen of de van toepassing zijnde criteria, die door de verantwoordelijke partij worden gebruikt bij het opstellen van de pro forma financiële informatie, een redelijke basis verschaffen voor het presenteren van de significante effecten die direct toe te schrijven zijn aan de gebeurtenis of de transactie, en om voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen of: (Zie Par. A6) +6 Een assurance-opdracht om met een redelijke mate van zekerheid te rapporteren over het opstellen van pro forma financiële informatie omvat het uitvoeren van de werkzaamheden die in deze Standaard uiteen zijn gezet teneinde te beoordelen of de van toepassing zijnde criteria, die door de verantwoordelijke partij worden gebruikt bij het opstellen van de pro forma financiële informatie, een redelijke basis verschaffen voor het presenteren van de significante effecten die direct toe te schrijven zijn aan de gebeurtenis of de transactie, en om voldoende en geschikte assurance-informatie te verkrijgen of: (Zie Par. A6) • de gerelateerde pro forma aanpassingen volgens de criteria zijn verwerkt; en -• de gerelateerde pro forma aanpassingen in de pro forma financiële informatie naar behoren zijn verwerkt ten opzichte van de niet-aangepaste financiële informatie (Zie Par. 11(c)). +• de gerelateerde pro forma aanpassingen in de pro forma financiële informatie naar behoren zijn verwerkt ten opzichte van de niet-aangepaste financiële informatie (Zie Par. 11(c)). Het omvat tevens het evalueren van de algehele presentatie van de pro forma financiële informatie. De opdracht omvat echter niet dat de accountant rapportages of oordelen over historische financiële informatie die gebruikt zijn bij het opstellen van de pro forma financiële informatie, actualiseert of opnieuw uitgeeft. Ook omvat de opdracht niet dat de accountant een controle of beoordeling uitvoert van de financiële informatie die gebruikt is bij het opstellen van de pro forma financiële informatie. @@ -15280,17 +15280,17 @@ b. overeenkomstig de bevindingen van de accountant te rapporteren. 11 In het kader van deze Standaard hebben de volgende termen de hierna weergegeven betekenissen: -a. *van toepassing zijnde criteria* – De criteria die door de verantwoordelijke partij worden gebruikt bij het opstellen van de pro forma financiële informatie. Criteria kunnen worden vastgesteld door een geautoriseerde of erkende instantie die standaarden vaststelt dan wel door wet- of regelgeving. Indien vastgestelde criteria niet bestaan, worden zij door de verantwoordelijke partij ontwikkeld. (Zie Par. A7, A8 en A9) +a. *van toepassing zijnde criteria* – De criteria die door de verantwoordelijke partij worden gebruikt bij het opstellen van de pro forma financiële informatie. Criteria kunnen worden vastgesteld door een geautoriseerde of erkende instantie die standaarden vaststelt dan wel door wet- of regelgeving. Indien vastgestelde criteria niet bestaan, worden zij door de verantwoordelijke partij ontwikkeld. (Zie Par. A7, A8 en A9) b. *pro forma aanpassingen* – In relatie tot niet-aangepaste financiële informatie omvatten deze: 1. aanpassingen op niet-aangepaste financiële informatie die de invloed van een significante gebeurtenis of transactie (‘gebeurtenis’ of ‘transactie’) illustreren alsof de gebeurtenis of de transactie had plaatsgevonden op een eerdere geselecteerde datum ten behoeve van de illustratie; en -2. aanpassingen op niet-aangepaste financiële informatie die noodzakelijk zijn om de pro forma financiële informatie op te stellen op een basis die consistent is met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van de verslaggevende entiteit (‘entiteit’) en haar grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel. (Zie Par. A15 en A16) +2. aanpassingen op niet-aangepaste financiële informatie die noodzakelijk zijn om de pro forma financiële informatie op te stellen op een basis die consistent is met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van de verslaggevende entiteit (‘entiteit’) en haar grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel. (Zie Par. A15 en A16) Pro forma aanpassingen omvatten de relevante financiële informatie van een bedrijfsactiviteit die is of wordt overgenomen (‘overgenomen activiteit’), of een bedrijfsactiviteit die is of wordt gedesinvesteerd (‘verkochte entiteit’), in de mate dat dergelijke informatie wordt gebruikt bij het opstellen van de pro forma financiële informatie (‘financiële informatie met betrekking tot de overgenomen activiteit of de verkochte activiteit’). -c. *pro forma financiële informatie* – Financiële informatie die samen met aanpassingen wordt getoond om de invloed van een significante gebeurtenis of transactie op niet-aangepaste financiële informatie te illustreren alsof de gebeurtenis of de transactie had plaatsgevonden op een geselecteerde eerdere datum ten behoeve van de illustratie. In deze Standaard wordt verondersteld dat pro forma financiële informatie wordt gepresenteerd in kolommen die bestaan uit (a) de niet-aangepaste financiële informatie; (b) de pro forma aanpassingen; en (c) de resulterende pro forma financiële informatie in de laatste kolom; (Zie Par. A2) +c. *pro forma financiële informatie* – Financiële informatie die samen met aanpassingen wordt getoond om de invloed van een significante gebeurtenis of transactie op niet-aangepaste financiële informatie te illustreren alsof de gebeurtenis of de transactie had plaatsgevonden op een geselecteerde eerdere datum ten behoeve van de illustratie. In deze Standaard wordt verondersteld dat pro forma financiële informatie wordt gepresenteerd in kolommen die bestaan uit (a) de niet-aangepaste financiële informatie; (b) de pro forma aanpassingen; en (c) de resulterende pro forma financiële informatie in de laatste kolom; (Zie Par. A2) d. *prospectus* – Een document dat wordt uitgegeven conform de door wet- of regelgeving gestelde vereisten met betrekking tot de effecten van de entiteit waarvan het de bedoeling is dat een externe partij hierover een investeringsbeslissing zou dienen te nemen; e. *gepubliceerde financiële informatie* – Financiële informatie van de entiteit of van een overgenomen activiteit of een verkochte activiteit die openbaar is gemaakt; -f. *niet-aangepaste financiële informatie* – Financiële informatie van de entiteit waarop door de verantwoordelijke partij de pro forma aanpassingen worden toegepast. (Zie Par. A4 en A5) +f. *niet-aangepaste financiële informatie* – Financiële informatie van de entiteit waarop door de verantwoordelijke partij de pro forma aanpassingen worden toegepast. (Zie Par. A4 en A5) ### . Vereisten @@ -15302,13 +15302,13 @@ f. *niet-aangepaste financiële informatie* – Financiële informatie van de en 13 Voorafgaand aan aanvaarding van een opdracht om te rapporteren of pro forma financiële informatie die in een prospectus is opgenomen, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria is opgesteld, dient de accountant: -a. vast te stellen dat de accountant over de capaciteiten en de competentie beschikt om de opdracht uit te kunnen voeren; (Zie Par. A10) +a. vast te stellen dat de accountant over de capaciteiten en de competentie beschikt om de opdracht uit te kunnen voeren; (Zie Par. A10) b. op basis van de beschikbare kennis van de omstandigheden van de opdracht en een bespreking met de verantwoordelijke partij, vast te stellen dat de van toepassing zijnde criteria geschikt zijn en dat het niet waarschijnlijk is dat de pro forma financiële informatie misleidend zal zijn voor het doel waarvoor het is bedoeld; -c. de bewoordingen van het door de relevante wet- of regelgeving voorgeschreven oordeel, indien aanwezig, te evalueren om te kunnen bepalen dat de accountant naar waarschijnlijkheid in staat zal zijn om een oordeel tot uitdrukking te brengen zoals voorgeschreven op basis van het uitvoeren van de werkzaamheden die in deze Standaard worden gespecificeerd; (Zie Par. A54, A55 en A56) +c. de bewoordingen van het door de relevante wet- of regelgeving voorgeschreven oordeel, indien aanwezig, te evalueren om te kunnen bepalen dat de accountant naar waarschijnlijkheid in staat zal zijn om een oordeel tot uitdrukking te brengen zoals voorgeschreven op basis van het uitvoeren van de werkzaamheden die in deze Standaard worden gespecificeerd; (Zie Par. A54, A55 en A56) d. als de bronnen waaraan de niet-aangepaste financiële informatie en financiële informatie van elke overgenomen activiteit of verkochte entiteit is ontleend, gecontroleerd of beoordeeld zijn en er sprake is van een aangepast controleoordeel of beoordelingsconclusie of het rapport bevat een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden, te overwegen of de relevante wet- of regelgeving toestaat om gebruik te maken van het aangepaste controleoordeel of de beoordelingsconclusie of het rapport met een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden, of hiernaar te verwijzen in het rapport; -e. indien de historische financiële informatie van de entiteit nooit is gecontroleerd of beoordeeld, te overwegen of de accountant voldoende inzicht in de entiteit en haar administratieve en financiële verslaggevingspraktijken kan verwerven teneinde de opdracht uit te voeren; (Zie Par. A31) +e. indien de historische financiële informatie van de entiteit nooit is gecontroleerd of beoordeeld, te overwegen of de accountant voldoende inzicht in de entiteit en haar administratieve en financiële verslaggevingspraktijken kan verwerven teneinde de opdracht uit te voeren; (Zie Par. A31) f. indien de gebeurtenis of de transactie een overname omvat en de historische informatie van de overgenomen activiteit nooit gecontroleerd of beoordeeld is, te overwegen of de accountant voldoende inzicht in de overgenomen activiteit en haar praktijken van administratieve verwerking en financiële verslaggeving kan verwerven teneinde de opdracht uit te kunnen voeren; en -g. de overeenstemming van de verantwoordelijke partij te verkrijgen dat deze zijn verantwoordelijkheid erkent en begrijpt voor: (Zie Par. A11 en A12) +g. de overeenstemming van de verantwoordelijke partij te verkrijgen dat deze zijn verantwoordelijkheid erkent en begrijpt voor: (Zie Par. A11 en A12) 1. het op adequate wijze toelichten en beschrijven van de van toepassing zijnde criteria aan de beoogde gebruikers indien deze niet openbaar zijn gemaakt; 2. het opstellen van pro forma financiële informatie op basis van de van toepassing zijnde criteria; en @@ -15325,13 +15325,13 @@ d. wanneer dit in het kader van de opdracht noodzakelijk is, toegang tot de juis 14 De accountant dient te beoordelen of de van toepassing zijnde criteria geschikt zijn, zoals door Standaard 3000 wordt vereist622Standaard 3000, paragraaf 19. en dient in het bijzonder vast te stellen dat zij minstens inhouden dat: -a. de niet-aangepaste financiële informatie aan een geschikte bron wordt ontleend; (Zie Par. A4 en A5, A27) +a. de niet-aangepaste financiële informatie aan een geschikte bron wordt ontleend; (Zie Par. A4 en A5, A27) b. de pro forma aanpassingen: -1. direct toe te schrijven zijn aan de gebeurtenis of transactie; (Zie Par. A13) -2. met feiten kunnen worden onderbouwd; en (Zie Par. A14) -3. consistent zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van de entiteit en haar grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel; en (Zie Par. A15 en A16) -c. passende presentatie wordt verzorgd en toelichtingen worden verschaft teneinde de beoogde gebruikers in staat te stellen de gegeven informatie te begrijpen. (Zie Par. A2 en A3, A42) +1. direct toe te schrijven zijn aan de gebeurtenis of transactie; (Zie Par. A13) +2. met feiten kunnen worden onderbouwd; en (Zie Par. A14) +3. consistent zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van de entiteit en haar grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel; en (Zie Par. A15 en A16) +c. passende presentatie wordt verzorgd en toelichtingen worden verschaft teneinde de beoogde gebruikers in staat te stellen de gegeven informatie te begrijpen. (Zie Par. A2 en A3, A42) 15 Bovendien dient de accountant te beoordelen of de van toepassing zijnde criteria: a. consistent zijn met relevante wet- of regelgeving en hiermee niet in strijd zijn; en @@ -15339,43 +15339,43 @@ b. naar waarschijnlijkheid niet zullen resulteren in pro forma financiële infor ##### . Materialiteit -16 Bij het plannen en uitvoeren van de opdracht dient de accountant de materialiteit te overwegen met betrekking tot het evalueren of de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria is opgesteld. (Zie Par. A17 en A18) +16 Bij het plannen en uitvoeren van de opdracht dient de accountant de materialiteit te overwegen met betrekking tot het evalueren of de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria is opgesteld. (Zie Par. A17 en A18) ##### . Het verwerven van inzicht in de wijze waarop de verantwoordelijke partij de pro forma financiële in-formatie heeft opgesteld en andere omstandigheden met betrekking tot de opdracht -17 De accountant dient inzicht te verwerven in: (Zie Par. A19) +17 De accountant dient inzicht te verwerven in: (Zie Par. A19) a. De gebeurtenis of transactie waarover de pro forma financiële informatie wordt opgesteld; -b. Hoe de verantwoordelijke partij de pro financiële informatie heeft opgesteld; (Zie Par. A20 en A21) -c. De aard van de entiteit inclusief iedere overgenomen activiteit of verkochte activiteit, met inbegrip van: (Zie Par. A22 en A23) +b. Hoe de verantwoordelijke partij de pro financiële informatie heeft opgesteld; (Zie Par. A20 en A21) +c. De aard van de entiteit inclusief iedere overgenomen activiteit of verkochte activiteit, met inbegrip van: (Zie Par. A22 en A23) 1. hun activiteiten; 2. hun activa en verplichtingen; en 3. de manier waarop deze zijn gestructureerd en hoe ze zijn gefinancierd; -d. Relevante factoren op het gebied van de sector, wet- en regelgeving en overige externe factoren die van toepassing zijn op de entiteit en iedere overgenomen activiteit of verkochte activiteit; en (Zie Par. A24, A25 en A26) +d. Relevante factoren op het gebied van de sector, wet- en regelgeving en overige externe factoren die van toepassing zijn op de entiteit en iedere overgenomen activiteit of verkochte activiteit; en (Zie Par. A24, A25 en A26) e. Het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en de administratieve en financiële verslaggevingspraktijken van de entiteit en van iedere overgenomen activiteit of verkochte activiteit, met inbegrip van hun selectie en toepassing van grondslagen voor financiële verslaggeving. ##### . Het verkrijgen van assurance-informatie over de geschiktheid van de bron waaruit de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend -18 De accountant dient te bepalen of de verantwoordelijke partij de niet-aangepaste financiële informatie aan een geschikte bron heeft ontleend. (Zie Par. A27 en A28) -19 Indien er geen controle- of beoordelingsverklaring bestaat over de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend dient de accountant werkzaamheden uit te voeren om zich ervan te vergewissen dat de bron geschikt is. (Zie Par. A29, A30 en A31) +18 De accountant dient te bepalen of de verantwoordelijke partij de niet-aangepaste financiële informatie aan een geschikte bron heeft ontleend. (Zie Par. A27 en A28) +19 Indien er geen controle- of beoordelingsverklaring bestaat over de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend dient de accountant werkzaamheden uit te voeren om zich ervan te vergewissen dat de bron geschikt is. (Zie Par. A29, A30 en A31) 20 De accountant dient vast te stellen of de verantwoordelijke partij de niet-aangepaste financiële informatie op juiste wijze aan de bron heeft ontleend. ##### . Het verkrijgen van assurance-informatie over de geschiktheid van de pro forma aanpassingen -21 Bij het evalueren of de pro forma aanpassingen passend zijn, dient de accountant te bepalen of de verantwoordelijke partij de pro forma aanpassingen heeft geïdentificeerd welke noodzakelijk zijn om de invloed van de gebeurtenis of transactie te illustreren op de datum of over de verslagperiode van de illustratie. (Zie Par. A32) +21 Bij het evalueren of de pro forma aanpassingen passend zijn, dient de accountant te bepalen of de verantwoordelijke partij de pro forma aanpassingen heeft geïdentificeerd welke noodzakelijk zijn om de invloed van de gebeurtenis of transactie te illustreren op de datum of over de verslagperiode van de illustratie. (Zie Par. A32) 22 Bij het bepalen of de pro forma aanpassingen overeenkomen met de van toepassing zijnde criteria dient de accountant vast te stellen of zij: -a. direct toe te schrijven zijn aan de gebeurtenis of transactie; (Zie Par. A13) -b. met feiten kunnen worden onderbouwd. Indien de financiële informatie van de overgenomen activiteit of de verkochte activiteit in de pro forma aanpassingen is opgenomen en er geen controle- of een beoordelingsverklaring bestaat over de bron waaraan dergelijke financiële informatie is ontleend, dient de accountant werkzaamheden uit te voeren om zich ervan te vergewissen dat de financiële informatie met feiten kan worden onderbouwd; en (Zie Par. A14, A33, A34, A35, A36, A37 en A38) -c. consistent zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van de entiteit en haar grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel. (Zie Par. A15 en A16) +a. direct toe te schrijven zijn aan de gebeurtenis of transactie; (Zie Par. A13) +b. met feiten kunnen worden onderbouwd. Indien de financiële informatie van de overgenomen activiteit of de verkochte activiteit in de pro forma aanpassingen is opgenomen en er geen controle- of een beoordelingsverklaring bestaat over de bron waaraan dergelijke financiële informatie is ontleend, dient de accountant werkzaamheden uit te voeren om zich ervan te vergewissen dat de financiële informatie met feiten kan worden onderbouwd; en (Zie Par. A14, A33, A34, A35, A36, A37 en A38) +c. consistent zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van de entiteit en haar grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel. (Zie Par. A15 en A16) ##### . Een aangepast controleoordeel of een aangepaste beoordelingsconclusie of een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden met betrekking tot de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend of de bron waaruit de informatie van de overgenomen activiteit of verkochte activiteit is ontleend 23 Een aangepast controleoordeel of een aangepaste beoordelingsconclusie kan tot uitdrukking zijn gebracht met betrekking tot óf de bron waaraan de niet-aangepaste informatie is ontleend óf de bron waaraan de financiële informatie van de overgenomen activiteit of verkochte activiteit is ontleend, of er kan een rapportage zijn uitgebracht waarin een paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden is opgenomen met betrekking tot een dergelijke bron. In dergelijke omstandigheden, indien de relevante wet- of regelgeving het gebruik van een dergelijke bron niet verbiedt, dient de accountant het volgende te evalueren: -a. De potentiële consequentie van de vraag of de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria is opgesteld; (Zie Par. A39) -b. Welke verdere gepaste actie moet worden ondernomen; en (Zie Par. A40) +a. De potentiële consequentie van de vraag of de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria is opgesteld; (Zie Par. A39) +b. Welke verdere gepaste actie moet worden ondernomen; en (Zie Par. A40) c. De vraag of er een eventuele invloed is op de mogelijkheid van de accountant om te rapporteren in overeenstemming met de voorwaarden van de opdracht, met inbegrip van een eventuele invloed op zijn assurance-rapport. ##### . Ongeschikte bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend of pro forma aanpassingen welke niet gepast zijn @@ -15383,7 +15383,7 @@ c. De vraag of er een eventuele invloed is op de mogelijkheid van de accountant 24 Indien, op basis van de uitgevoerde werkzaamheden, de accountant identificeert dat de verantwoordelijke partij: a. Gebruik heeft gemaakt van een ongeschikte bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie wordt ontleend; of -b. Een pro forma aanpassing heeft weggelaten die diende te worden opgenomen, een pro forma aanpassing heeft toegepast die niet in overeenstemming is met de van toepassing zijnde criteria of op een andere ongepaste wijze een aanpassing heeft toegepast, dient de accountant de aangelegenheid met de verantwoordelijke partij te bespreken. Indien de accountant het niet eens wordt met de verantwoordelijke partij over het oplossen van de aangelegenheid, dient de accountant te evalueren welke verdere actie hij dient te ondernemen. (Zie Par. A40) +b. Een pro forma aanpassing heeft weggelaten die diende te worden opgenomen, een pro forma aanpassing heeft toegepast die niet in overeenstemming is met de van toepassing zijnde criteria of op een andere ongepaste wijze een aanpassing heeft toegepast, dient de accountant de aangelegenheid met de verantwoordelijke partij te bespreken. Indien de accountant het niet eens wordt met de verantwoordelijke partij over het oplossen van de aangelegenheid, dient de accountant te evalueren welke verdere actie hij dient te ondernemen. (Zie Par. A40) ##### . Het verkrijgen van assurance-informatie over de berekeningen binnen de pro forma financiële informatie @@ -15393,23 +15393,23 @@ b. Een pro forma aanpassing heeft weggelaten die diende te worden opgenomen, een 26 De accountant dient de presentatie van de pro forma financiële informatie te evalueren. Dit omvat mede een overweging van: -a. de algehele presentatie en structuur van de pro forma financiële informatie, met inbegrip van de vraag of deze duidelijk gekenmerkt is om het te kunnen onderscheiden van historische of overige financiële informatie; (Zie Par. A2 en A3) -b. de vraag of de pro forma financiële informatie en de daarmee verband houdende verklarende toelichtingen de invloed van de gebeurtenis of transactie illustreren op een manier die niet misleidend is; (Zie Par. A41) -c. de vraag of gepaste toelichtingen bij de pro forma financiële informatie worden verschaft om de beoogde gebruikers in staat te stellen om de overgebrachte informatie te begrijpen; en (Zie Par. A42) -d. de vraag of de accountant zich bewust is geworden van eventuele significante gebeurtenissen na de datum van de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend die een verwijzing vanuit, of een toelichting in, de pro forma financiële informatie kan vereisen. (Zie Par. A43) -27 De accountant dient de overige informatie die is opgenomen in de prospectus, die de pro forma financiële informatie bevat, samen met de pro forma financiële informatie te lezen, om eventuele van materieel belang zijnde inconsistenties te identificeren. Indien, bij het lezen van de overige informatie, de accountant een van materieel belang zijnde inconsistentie identificeert of zich bewust wordt van een van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken, dient de accountant de aangelegenheden met de verantwoordelijke partij te bespreken. Indien een correctie van de aangelegenheid noodzakelijk is en de verantwoordelijke partij weigert om dit te doen, dient de accountant verdere gepaste actie te ondernemen. (Zie Par. A44) +a. de algehele presentatie en structuur van de pro forma financiële informatie, met inbegrip van de vraag of deze duidelijk gekenmerkt is om het te kunnen onderscheiden van historische of overige financiële informatie; (Zie Par. A2 en A3) +b. de vraag of de pro forma financiële informatie en de daarmee verband houdende verklarende toelichtingen de invloed van de gebeurtenis of transactie illustreren op een manier die niet misleidend is; (Zie Par. A41) +c. de vraag of gepaste toelichtingen bij de pro forma financiële informatie worden verschaft om de beoogde gebruikers in staat te stellen om de overgebrachte informatie te begrijpen; en (Zie Par. A42) +d. de vraag of de accountant zich bewust is geworden van eventuele significante gebeurtenissen na de datum van de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend die een verwijzing vanuit, of een toelichting in, de pro forma financiële informatie kan vereisen. (Zie Par. A43) +27 De accountant dient de overige informatie die is opgenomen in de prospectus, die de pro forma financiële informatie bevat, samen met de pro forma financiële informatie te lezen, om eventuele van materieel belang zijnde inconsistenties te identificeren. Indien, bij het lezen van de overige informatie, de accountant een van materieel belang zijnde inconsistentie identificeert of zich bewust wordt van een van materieel belang zijnde onjuiste voorstelling van zaken, dient de accountant de aangelegenheden met de verantwoordelijke partij te bespreken. Indien een correctie van de aangelegenheid noodzakelijk is en de verantwoordelijke partij weigert om dit te doen, dient de accountant verdere gepaste actie te ondernemen. (Zie Par. A44) #### . Schriftelijke bevestigingen 28 De accountant dient bij de verantwoordelijke partij te verzoeken om schriftelijke bevestigingen dat: -a. bij het opstellen van de pro forma financiële informatie de verantwoordelijke partij alle gepaste pro forma aanpassingen heeft geïdentificeerd die noodzakelijk zijn om de invloed van de gebeurtenis of de transactie te kunnen illustreren op de datum of over de verslagperiode van de illustratie; en (Zie Par. A45) +a. bij het opstellen van de pro forma financiële informatie de verantwoordelijke partij alle gepaste pro forma aanpassingen heeft geïdentificeerd die noodzakelijk zijn om de invloed van de gebeurtenis of de transactie te kunnen illustreren op de datum of over de verslagperiode van de illustratie; en (Zie Par. A45) b. de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria is opgesteld. #### . Het vormen van het oordeel -29 De accountant dient een oordeel te vormen of de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria door de verantwoordelijke partij is opgesteld. (Zie Par. A46, A47 en A48) -30 Om dat oordeel te kunnen vormen, dient de accountant te concluderen of de accountant voldoende en geschikte assurance-informatie heeft verkregen of het opstellen van de pro forma financiële informatie geen van materieel belang zijnde weglatingen, of onjuist gebruik of onjuiste toepassing van een pro forma aanpassing bevat. Die conclusie dient mede een evaluatie te bevatten of de verantwoordelijke partij op adequate wijze de van toepassing zijnde criteria heeft toegelicht en omschreven voor zover deze niet openbaar beschikbaar zijn. (Zie Par. A49 en A50) +29 De accountant dient een oordeel te vormen of de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria door de verantwoordelijke partij is opgesteld. (Zie Par. A46, A47 en A48) +30 Om dat oordeel te kunnen vormen, dient de accountant te concluderen of de accountant voldoende en geschikte assurance-informatie heeft verkregen of het opstellen van de pro forma financiële informatie geen van materieel belang zijnde weglatingen, of onjuist gebruik of onjuiste toepassing van een pro forma aanpassing bevat. Die conclusie dient mede een evaluatie te bevatten of de verantwoordelijke partij op adequate wijze de van toepassing zijnde criteria heeft toegelicht en omschreven voor zover deze niet openbaar beschikbaar zijn. (Zie Par. A49 en A50) #### . Vorm van het oordeel @@ -15432,11 +15432,11 @@ c. te overwegen juridisch advies in te winnen. #### . Het opstellen van het assurance-rapport -35 Het assurance-rapport dient de volgende basiselementen te bevatten: (Zie Par. A57) +35 Het assurance-rapport dient de volgende basiselementen te bevatten: (Zie Par. A57) -a. een titel die duidelijk aangeeft dat het rapport een onafhankelijk assurance-rapport betreft; (Zie Par. A51) -b. geadresseerde(n), zoals in de opdrachtvoorwaarden overeen is gekomen; (Zie Par. A52) -c. inleidende paragrafen die het volgende aanduiden: (Zie Par. A53) +a. een titel die duidelijk aangeeft dat het rapport een onafhankelijk assurance-rapport betreft; (Zie Par. A51) +b. geadresseerde(n), zoals in de opdrachtvoorwaarden overeen is gekomen; (Zie Par. A52) +c. inleidende paragrafen die het volgende aanduiden: (Zie Par. A53) 1. de pro forma financiële informatie; 2. de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend en of er wel of geen controle- of een beoordelingsverklaring over een dergelijke bron is gepubliceerd; @@ -15457,7 +15457,7 @@ a. de gerelateerde pro forma aanpassingen die criteria juist ten uitvoer brengen b. de pro forma financiële informatie de juiste toepassing van die aanpassingen op de niet-aangepaste financiële informatie weergeeft; 2. de geselecteerde procedures afhankelijk zijn van de oordeelsvorming van de accountant, daarbij rekening houdend met het inzicht van de accountant in de aard van de entiteit, de gebeurtenis of transactie waarover de pro forma financiële informatie is opgesteld, en overige relevante omstandigheden van de opdracht; en 3. de opdracht tevens het evalueren van de algehele presentatie van de pro forma financiële informatie omvat; -h. tenzij anders wordt vereist op grond van wet- of regelgeving, het oordeel van de accountant waarbij gebruik wordt gemaakt van één van de volgende zinnen, die geacht worden equivalent te zijn: (Zie Par. A54, A55 en A56) +h. tenzij anders wordt vereist op grond van wet- of regelgeving, het oordeel van de accountant waarbij gebruik wordt gemaakt van één van de volgende zinnen, die geacht worden equivalent te zijn: (Zie Par. A54, A55 en A56) 1. de pro forma financiële informatie is, in alle van materieel belang zijnde opzichten, opgesteld op basis van de [van toepassing zijnde criteria]; 2. de pro forma financiële informatie is naar behoren opgesteld op basis van de vermelde grondslagen; @@ -15467,18 +15467,18 @@ k. de locatie in het rechtsgebied waar de accountant werkzaam is. ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten -#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1) +#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. 1) A1 Deze Standaard behandelt geen situaties waar pro forma financiële informatie wordt verschaft als onderdeel van de financiële overzichten van de entiteit conform de vereisten van een van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving. -#### . Doel van pro forma financiële informatie die in een prospectus is opgenomen (Zie Par. 4, 11(c), 14(c), 26(a)) +#### . Doel van pro forma financiële informatie die in een prospectus is opgenomen (Zie Par. 4, 11(c), 14(c), 26(a)) A2 De pro forma financiële informatie wordt vergezeld door daarbij behorende verklarende toelichtingen die vaak de aangelegenheden toelichten die in paragraaf A42 uiteen worden gezet. -A3 Verschillende presentaties van pro forma financiële informatie kunnen in de prospectus worden opgenomen afhankelijk van de aard van de gebeurtenis of transactie en de wijze waarop de verantwoordelijke partij voornemens is de invloed van een dergelijke gebeurtenis of transactie op de niet-aangepaste informatie van de entiteit te illustreren. De entiteit kan bijvoorbeeld een aantal bedrijfsactiviteiten overnemen voorafgaand aan een beursintroductie. In dergelijke omstandigheden kan de verantwoordelijke partij ervoor kiezen om een pro forma balans te presenteren om de invloed van de overnames op de financiële positie en de belangrijkste ratio’s van de entiteit (zoals solvabiliteit) te illustreren alsof de overgenomen bedrijven op een eerdere datum gecombineerd waren met de entiteit. De verantwoordelijke partij kan er tevens voor kiezen om een pro forma winst- en verliesrekening te presenteren om te illustreren wat de operationele resultaten over de verslagperiode die op die datum eindigde hadden kunnen zijn. In dergelijke gevallen kan de aard van de pro forma financiële informatie worden omschreven door titels als ‘Pro forma balans per 31 december, 20X1’ en ‘Pro forma winst- en verliesrekening voor het boekjaar eindigend op 31 december 20X1’. +A3 Verschillende presentaties van pro forma financiële informatie kunnen in de prospectus worden opgenomen afhankelijk van de aard van de gebeurtenis of transactie en de wijze waarop de verantwoordelijke partij voornemens is de invloed van een dergelijke gebeurtenis of transactie op de niet-aangepaste informatie van de entiteit te illustreren. De entiteit kan bijvoorbeeld een aantal bedrijfsactiviteiten overnemen voorafgaand aan een beursintroductie. In dergelijke omstandigheden kan de verantwoordelijke partij ervoor kiezen om een pro forma balans te presenteren om de invloed van de overnames op de financiële positie en de belangrijkste ratio’s van de entiteit (zoals solvabiliteit) te illustreren alsof de overgenomen bedrijven op een eerdere datum gecombineerd waren met de entiteit. De verantwoordelijke partij kan er tevens voor kiezen om een pro forma winst- en verliesrekening te presenteren om te illustreren wat de operationele resultaten over de verslagperiode die op die datum eindigde hadden kunnen zijn. In dergelijke gevallen kan de aard van de pro forma financiële informatie worden omschreven door titels als ‘Pro forma balans per 31 december, 20X1’ en ‘Pro forma winst- en verliesrekening voor het boekjaar eindigend op 31 december 20X1’. #### . Het opstellen van pro forma financiële informatie -##### . Niet-aangepaste financiële informatie (Zie Par. 5, 11(f) en 14(a)) +##### . Niet-aangepaste financiële informatie (Zie Par. 5, 11(f) en 14(a)) A4 In veel gevallen zal de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend, gepubliceerde financiële informatie betreffen zoals jaarlijkse of tussentijdse financiële overzichten. A5 Afhankelijk van hoe de verantwoordelijke partij ervoor kiest de invloed van de gebeurtenis of transactie te illustreren, kan de niet-aangepaste financiële informatie bestaan uit of: @@ -15486,13 +15486,13 @@ A5 Afhankelijk van hoe de verantwoordelijke partij ervoor kiest de invloed van d • een of meerdere enkele financiële overzichten, zoals een overzicht van de financiële positie en een overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten; of • financiële informatie die op gepaste wijze is verkort vanuit een volledige set van financiële overzichten, bijvoorbeeld een balans. -#### . De aard van een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid (Zie Par. 6) +#### . De aard van een assurance-opdracht met een redelijke mate van zekerheid (Zie Par. 6) A6 In deze Standaard betekent het omschrijven van de pro forma financiële informatie als zijnde ‘naar behoren opgesteld’ dat de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria door de verantwoordelijke partij is opgesteld. #### . Definities -##### . Van toepassing zijnde criteria (Zie Par. 11(a)) +##### . Van toepassing zijnde criteria (Zie Par. 11(a)) A7 Indien vastgestelde criteria voor het opstellen van de pro forma financiële informatie niet bestaan, zal de verantwoordelijke partij de criteria hebben ontwikkeld op basis van bijvoorbeeld hetgeen gebruikelijk is in een bepaalde sector of de criteria van een rechtsgebied dat vastgestelde criteria heeft ontwikkeld, en dat feit hebben toegelicht. A8 De van toepassing zijnde criteria voor het opstellen van pro forma financiële informatie zullen in de omstandigheden geschikt zijn als zij voldoen aan de benchmarks die in paragraaf 14 uiteen zijn gezet. @@ -15503,7 +15503,7 @@ A9 De bijbehorende verklarende toelichtingen kunnen enkele aanvullende bijzonder #### . Opdrachtaanvaarding -##### . Capaciteiten en competentie om de opdracht uit te kunnen voeren (Zie Par. 13(a)) +##### . Capaciteiten en competentie om de opdracht uit te kunnen voeren (Zie Par. 13(a)) A10 De VGBA vereist dat de accountant gepaste professionele kennis en vaardigheid onderhoudt, met inbegrip van bewustzijn en begrip van relevante, technische, professionele en bedrijfsontwikkelingen om deskundige professionele dienstverlening te kunnen verlenen.624VGBA, artikelen 13-16. In de context van deze vereiste van de VGBA omvatten relevante capaciteiten en competentie om de opdracht uit te voeren tevens aangelegenheden zoals de volgende: @@ -15513,7 +15513,7 @@ A10 De VGBA vereist dat de accountant gepaste professionele kennis en vaardighei • bekendheid met het proces van het opstellen van een prospectus en het noteren van effecten op de effectenbeurs; • kennis van de stelsels inzake financiële verslaggeving die worden gebruikt bij het opstellen van de bronnen waaraan de niet-aangepaste financiële informatie en, indien van toepassing, de financiële informatie van de overgenomen activiteit(en) is ontleend. -##### . De verantwoordelijkheden van de verantwoordelijke partij (Zie Par. 13(g)) +##### . De verantwoordelijkheden van de verantwoordelijke partij (Zie Par. 13(g)) A11 Een opdracht overeenkomstig deze Standaard wordt vanuit het uitgangspunt uitgevoerd dat de verantwoordelijke partij heeft erkend en begrepen dat zij de verantwoordelijkheden heeft die in paragraaf 13(g) uiteen worden gezet. In sommige rechtsgebieden kunnen dergelijke verantwoordelijkheden in de relevante wet- of regelgeving zijn gespecificeerd. In andere rechtsgebieden kan er weinig of geen wettelijke of regelgevende bepaling van dergelijke verantwoordelijkheden bestaan. Een assurance-opdracht om te rapporteren of pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria is opgesteld, is gebaseerd op de veronderstelling dat: @@ -15527,11 +15527,11 @@ A12 Indien wet- of regelgeving op afdoende gedetailleerde wijze de voorwaarden v ##### . Het beoordelen van de geschiktheid van de van toepassing zijnde criteria -###### . Direct toe te schrijven aanpassingen (Zie Par. 14(b)(i) en 22(a)) +###### . Direct toe te schrijven aanpassingen (Zie Par. 14(b)(i) en 22(a)) A13 Het is noodzakelijk dat de pro forma aanpassingen direct toe te schrijven zijn aan de gebeurtenis of transactie om te vermijden dat de pro forma financiële informatie aangelegenheden weergeeft die niet uitsluitend voortkomen uit de gebeurtenis of die geen integraal onderdeel zijn van de transactie. Direct toe te schrijven aanpassingen sluiten die aanpassingen uit die gerelateerd zijn aan toekomstige gebeurtenissen of die afhankelijk zijn van te ondernemen acties nadat de transactie eenmaal is voltrokken, zelfs wanneer dergelijke acties van fundamenteel belang zijn voor de entiteit die de transactie aangaat (bijvoorbeeld het sluiten van overbodige productielocaties na een overname). -###### . Aanpassingen die met feiten kunnen worden onderbouwd (Zie Par. 14(b)(ii), 22(b)) +###### . Aanpassingen die met feiten kunnen worden onderbouwd (Zie Par. 14(b)(ii), 22(b)) A14 Het is tevens noodzakelijk dat de pro forma aanpassingen met feiten kunnen worden onderbouwd om een betrouwbare basis voor de pro forma financiële informatie te kunnen verschaffen. Met feiten te onderbouwen aanpassingen zijn objectief vast te stellen. Bronnen van feitelijke onderbouwing voor de pro forma aanpassingen zijn bijvoorbeeld: @@ -15545,7 +15545,7 @@ A14 Het is tevens noodzakelijk dat de pro forma aanpassingen met feiten kunnen w • arbeidsovereenkomsten; • acties van de met governance belaste personen. -###### . Aanpassingen die consistent zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van de entiteit en haar grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel (Zie Par. 11(b)(ii), 14(b)(iii), 22(c)) +###### . Aanpassingen die consistent zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van de entiteit en haar grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel (Zie Par. 11(b)(ii), 14(b)(iii), 22(c)) A15 Als de pro forma financiële informatie betekenisvol wil zijn, is het noodzakelijk dat de pro forma aanpassingen consistent zijn met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving van de entiteit en haar grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel. In de context van een bedrijfscombinatie bijvoorbeeld, omvat het opstellen van de pro forma financiële informatie op basis van de van toepassing zijnde criteria het overwegen van aangelegenheden zoals: @@ -15556,7 +15556,7 @@ A16 Het overwegen van de geschiktheid van de grondslagen voor financiële versla • of de verantwoordelijke partij gepaste grondslagen voor financiële verslaggeving heeft geselecteerd die dienen te worden gebruikt bij de administratieve verwerking van dergelijke financiële instrumenten onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; en • of het op gepaste wijze dergelijke grondslagen heeft toegepast bij het opstellen van de pro forma financiële informatie. -##### . Materialiteit (Zie Par. 16) +##### . Materialiteit (Zie Par. 16) A17 Materialiteit met betrekking tot de vraag of de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria is opgesteld, is niet afhankelijk van een enkele kwantitatieve maatstaf. In plaats daarvan is het afhankelijk van de omvang en aard van de weglating of de onjuiste toepassing van een element van het opstellen zoals in paragraaf A18 wordt beschreven, ongeacht of deze opzettelijk is. Oordeelsvorming over deze aspecten van omvang en aard zal, op zijn beurt, afhankelijk zijn van aangelegenheden zoals: @@ -15575,7 +15575,7 @@ A18 Het risico dat de pro forma financiële informatie wordt geacht niet te zijn • een rekenkundige of administratieve fout in de berekeningen binnen de pro forma financiële informatie; • niet-adequate, incorrecte of weggelaten toelichtingen. -##### . Het verwerven van inzicht in de wijze waarop de verantwoordelijke partij de pro forma financiële informatie heeft opgesteld en andere omstandigheden met betrekking tot de opdracht (Zie Par. 17) +##### . Het verwerven van inzicht in de wijze waarop de verantwoordelijke partij de pro forma financiële informatie heeft opgesteld en andere omstandigheden met betrekking tot de opdracht (Zie Par. 17) A19 De accountant kan dit inzicht verwerven middels een combinatie van werkzaamheden zoals: @@ -15584,7 +15584,7 @@ A19 De accountant kan dit inzicht verwerven middels een combinatie van werkzaamh • het lezen van relevante ondersteunende documentatie zoals contracten of overeenkomsten; • het lezen van notulen van vergaderingen van de met governance belaste personen. -###### . Hoe de verantwoordelijke partij de pro financiële informatie heeft opgesteld (Zie Par. 17(b)) +###### . Hoe de verantwoordelijke partij de pro financiële informatie heeft opgesteld (Zie Par. 17(b)) A20 De accountant kan inzicht verwerven in de wijze waarop de verantwoordelijke partij de pro forma financiële informatie heeft opgesteld door bijvoorbeeld het volgende in overweging te nemen: @@ -15597,12 +15597,12 @@ A20 De accountant kan inzicht verwerven in de wijze waarop de verantwoordelijke • de benadering van de verantwoordelijke partij voor het identificeren van gepaste toelichtingen om de pro forma financiële informatie te ondersteunen. A21 Factoren die bij een bedrijfscombinatie of verkochte activiteit kunnen leiden tot complexiteit bij het opstellen van de pro forma financiële informatie, zijn onder meer de allocatie van inkomsten, overheadkosten, en activa en verplichtingen over of tussen de relevante bedrijfsactiviteiten. Derhalve is het van belang dat de accountant inzicht heeft in de benadering en de criteria van de verantwoordelijke partij voor dergelijke allocaties en dat de verklarende toelichtingen die bij de pro forma financiële informatie horen deze aangelegenheden toelichten. -###### . De aard van de entiteit en van elke overgenomen activiteit of verkochte activiteit (Zie Par. 17(c)) +###### . De aard van de entiteit en van elke overgenomen activiteit of verkochte activiteit (Zie Par. 17(c)) A22 Een overgenomen activiteit kan een entiteit met rechtspersoonlijkheid of een afzonderlijk identificeerbare activiteit zonder rechtspersoonlijkheid binnen een andere entiteit zijn zoals een divisie, branche of productlijn. Een verkochte activiteit kan een entiteit met rechtspersoonlijkheid zijn zoals een dochterbedrijf of joint venture of een afzonderlijk identificeerbare activiteit zonder rechtspersoonlijkheid binnen de entiteit zijn zoals een divisie, branche of productlijn. A23 De accountant kan het gehele of een deel van het vereiste inzicht in de entiteit en elke overgenomen activiteit of verkochte activiteit en hun omgevingen hebben, indien de accountant hun financiële informatie heeft gecontroleerd of beoordeeld. -###### . Relevante factoren op het gebied van de sector, wet- en regelgeving en overige externe factoren (Zie Par. 17(d)) +###### . Relevante factoren op het gebied van de sector, wet- en regelgeving en overige externe factoren (Zie Par. 17(d)) A24 Relevante factoren op het gebied van de sector omvatten de omstandigheden van de sector zoals de concurrentie omgeving, relaties met leverancier en klanten en technologische ontwikkelingen. Voorbeelden van aangelegenheden die de accountant in overweging kan nemen zijn: @@ -15624,7 +15624,7 @@ A26 Voorbeelden van overige externe factoren die de entiteit en, indien van toep ##### . Het verkrijgen van assurance-informatie over de geschiktheid van de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend -###### . Relevante factoren om in overweging te nemen (Zie Par. 14(a) en 18) +###### . Relevante factoren om in overweging te nemen (Zie Par. 14(a) en 18) A27 Factoren die de geschiktheid van de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend beïnvloeden, omvatten de vraag of er een controle- of een beoordelingsverklaring over de bron bestaat en de vraag of de bron: @@ -15636,7 +15636,7 @@ A28 Een controle- of een beoordelingsverklaring over de bron waaraan de niet-aan • om inzicht te verkrijgen in de entiteit en haar administratieve en financiële verslaggevingspraktijken conform de vereisten van paragrafen 17(c) en (e): en • dat hij zich ervan vergewist dat de bron waaraan de niet-aangepaste informatie is ontleend, passend is. -###### . Geen controle- of beoordelingsverklaring over de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend (Zie Par. 19) +###### . Geen controle- of beoordelingsverklaring over de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend (Zie Par. 19) A29 Indien er geen controle- of beoordelingsverklaring bestaat over de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend, is het voor de accountant noodzakelijk dat hij werkzaamheden uitvoert met betrekking tot de geschiktheid van die bron. Factoren die de aard en omvang van deze werkzaamheden kunnen beïnvloeden omvatten bijvoorbeeld: @@ -15657,13 +15657,13 @@ A30 De financiële overzichten van de entiteit voor de verslagperiode direct voo • het ondersteunen van de informatie die door de verantwoordelijke partij wordt verschaft als reactie op de verzoeken om informatie van de accountant wanneer de reacties inconsistent lijken te zijn met het inzicht van de accountant in de entiteit of de omstandigheden van de opdracht; • het vergelijken van de bron met de overeenkomende financiële informatie van de voorgaande verslagperiode en, naar gelang van toepassing, met de direct daaraan voorafgaande jaarlijkse of tussentijdse financiële informatie, en het bespreken van significante wijzigingen met de verantwoordelijke partij. -###### . Historische financiële informatie van de entiteit die nog niet eerder is gecontroleerd of beoordeeld (Zie Par. 13(e)) +###### . Historische financiële informatie van de entiteit die nog niet eerder is gecontroleerd of beoordeeld (Zie Par. 13(e)) A31 Anders dan in het geval van een entiteit die in het kader van de transactie gevormd is en waar niet eerder enige handelsactiviteit heeft plaatsgevonden, is het niet waarschijnlijk dat relevante wet- of regelgeving een entiteit toe zal staan een prospectus uit te brengen als haar historische financiële informatie nog niet eerder gecontroleerd of beoordeeld is. ##### . Het verkrijgen van assurance-informatie over de geschiktheid van de pro forma aanpassingen -###### . Identificatie van geschikte pro forma aanpassingen (Zie Par. 21) +###### . Identificatie van geschikte pro forma aanpassingen (Zie Par. 21) A32 Op basis van het inzicht van de accountant, in de wijze waarop de verantwoordelijke partij de pro forma financiële informatie heeft opgesteld en in de andere omstandigheden met betrekking tot de opdracht, kan de accountant assurance-informatie verkrijgen of de verantwoordelijke partij op gepaste wijze de noodzakelijke pro forma aanpassingen heeft geïdentificeerd middels een combinatie van werkzaamheden zoals: @@ -15675,7 +15675,7 @@ A32 Op basis van het inzicht van de accountant, in de wijze waarop de verantwoor • het verkrijgen van assurance-informatie van het toezicht van de verantwoordelijke partij op het overig personeel van de entiteit dat betrokken is bij het opstellen van de pro forma financiële informatie; • het uitvoeren van cijferanalyses. -###### . Onderbouwende feiten voor financiële informatie van elke overgenomen activiteit of verkochte activiteit die in de pro forma aanpassingen is opgenomen (Zie Par. 22(b)) +###### . Onderbouwende feiten voor financiële informatie van elke overgenomen activiteit of verkochte activiteit die in de pro forma aanpassingen is opgenomen (Zie Par. 22(b)) ####### . Financiële informatie van een verkochte activiteit @@ -15707,11 +15707,11 @@ A38 De financiële overzichten van de overgenomen activiteit voor de verslagperi ##### . Een aangepast controleoordeel of een aangepaste beoordelingsconclusie of paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden met betrekking tot de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend of de bron waaraan de informatie van de overgenomen activiteit of verkochte activiteit is ontleend -###### . Potentiële consequentie (Zie Par. 23(a)) +###### . Potentiële consequentie (Zie Par. 23(a)) A39 Niet alle aangepaste controleoordelen, beoordelingsconclusies of paragrafen ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden met betrekking tot óf de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend óf de bron waaraan de financiële informatie van de overgenomen activiteit of verkochte activiteit is ontleend kunnen bepalen of de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria kan worden opgesteld. Een controleoordeel met beperking kan bijvoorbeeld over de financiële overzichten van de entiteit tot uitdrukking zijn gebracht vanwege het ontbreken van de toelichting van beloning voor de met governance belaste personen zoals op grond van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving is vereist. Indien dit het geval is en deze financiële overzichten als de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend worden gebruikt, kan een dergelijke beperking geen gevolgen hebben voor de vraag of de balansen en de winst- en verliesrekeningen, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria kunnen worden opgesteld. -###### . Verdere gepaste actie (Zie Par. 23(b) en 24) +###### . Verdere gepaste actie (Zie Par. 23(b) en 24) A40 Verdere gepaste actie die de accountant kan ondernemen omvat bijvoorbeeld: @@ -15725,7 +15725,7 @@ A40 Verdere gepaste actie die de accountant kan ondernemen omvat bijvoorbeeld: ##### . Het evalueren van de presentatie van de pro forma financiële informatie -###### . Het vermijden om te worden geassocieerd met misleidende financiële informatie (Zie Par. 26(b)) +###### . Het vermijden om te worden geassocieerd met misleidende financiële informatie (Zie Par. 26(b)) A41 De VGBA vereist dat een accountant niet bewust wordt geassocieerd met rapportages, aangiften, communicaties of overige informatie waarvan de accountant veronderstelt dat deze:626VGBA, artikel 9. @@ -15733,7 +15733,7 @@ a. materieel onjuist of misleidend is; b. op onzorgvuldige wijze is verstrekt; of c. niet volledig is of een verkeerde indruk wekt als gevolg waarvan de bewering als misleidend kan worden ervaren. -###### . Toelichtingen die bij de pro forma financiële informatie horen (Zie Par. 14(c) en 26(c)) +###### . Toelichtingen die bij de pro forma financiële informatie horen (Zie Par. 14(c) en 26(c)) A42 Passende toelichtingen kunnen aangelegenheden omvatten zoals: @@ -15745,11 +15745,11 @@ A42 Passende toelichtingen kunnen aangelegenheden omvatten zoals: Relevante wet- of regelgeving kan deze of andere specifieke toelichtingen vereisen. -###### . Het in overweging nemen van significante gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode (Zie Par. 26(d)) +###### . Het in overweging nemen van significante gebeurtenissen na de einddatum van de verslagperiode (Zie Par. 26(d)) A43 Aangezien de accountant niet rapporteert over de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend, is van de accountant niet vereist om werkzaamheden uit te voeren om gebeurtenissen na de datum van de bron te identificeren die een aanpassing van, of toelichting in, een dergelijke bron vereisen. Niettemin is het voor de accountant noodzakelijk om te overwegen of er eventuele significante gebeurtenissen na de datum van de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend onder de aandacht van de accountant zijn gekomen die een verwijzing naar of toelichting in de verklarende toelichtingen voor de pro forma financiële informatie vereisen om te voorkomen dat de laatste misleidend is. Een dergelijke overweging is gebaseerd op het uitvoeren van werkzaamheden onder deze Standaard of op de kennis van de entiteit en de omstandigheden van de opdracht van de accountant. Na de datum van de bron waaraan de niet-aangepaste financiële informatie is ontleend kan de entiteit bijvoorbeeld een kapitaaltransactie zijn aangegaan die betrekking heeft op de omzetting van haar converteerbare schuld in eigen vermogen, waarvan het niet-toelichten erin zou kunnen resulteren dat de pro forma financiële informatie misleidend is. -###### . Inconsistentie met overige informatie die van materieel belang is (Zie Par. 27) +###### . Inconsistentie met overige informatie die van materieel belang is (Zie Par. 27) A44 Verdere passende actie die de accountant kan ondernemen indien de verantwoordelijke partij weigert om de pro forma financiële informatie of de overige informatie op juiste wijze te herzien omvat bijvoorbeeld: @@ -15760,13 +15760,13 @@ A44 Verdere passende actie die de accountant kan ondernemen indien de verantwoor • het niet verstrekken van de verklaring of het teruggeven van de opdracht; • juridisch advies inwinnen. -#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 28(a)) +#### . Schriftelijke bevestigingen (Zie Par. 28(a)) A45 In bepaalde omstandigheden kunnen de soorten van betrokken transacties van de verantwoordelijke partij vereisen dat deze de grondslagen voor financiële verslaggeving voor de pro forma aanpassingen selecteert die de entiteit niet eerder heeft hoeven verwoorden omdat deze geen dergelijke transacties was aangegaan. In een dergelijk geval kan de accountant de verantwoordelijke partij verzoeken om de schriftelijke bevestigingen uit te breiden teneinde op te nemen dat de geselecteerde grondslagen voor financiële verslaggeving bestaan uit de door de entiteit aangenomen grondslagen voor die soorten transacties. #### . Het vormen van het oordeel -##### . Zekerheid over verdere aangelegenheden die op grond van relevante wet- of regelgeving zijn vereist (Zie Par. 29) +##### . Zekerheid over verdere aangelegenheden die op grond van relevante wet- of regelgeving zijn vereist (Zie Par. 29) A46 Relevante wet- of regelgeving kan van de accountant vereisen om een oordeel tot uitdrukking te brengen over aangelegenheden anders dan de vraag of de pro forma financiële informatie, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de van toepassing zijnde criteria is opgesteld. In sommige van deze omstandigheden hoeft het voor de accountant niet noodzakelijk te zijn om aanvullende werkzaamheden uit te voeren. De relevante wet- of regelgeving kan bijvoorbeeld vereisen dat de accountant een oordeel tot uitdrukking brengt of de basis waarop de verantwoordelijke partij de pro forma financiële informatie heeft opgesteld consistent is met de grondslagen voor financiële verslaggeving van de entiteit. Het naleven van de vereisten in paragrafen 18 en 22(c) van deze Standaard verschaft een basis voor het uitdrukken van een dergelijk oordeel. A47 In andere gevallen kan het nodig zijn dat de accountant aanvullende controlewerkzaamheden uitvoert. De aard en omvang van dergelijke aanvullende werkzaamheden zal verschillen afhankelijk van de aard van andere aangelegenheden aan de hand waarvan de relevante wet- of regelgeving van de accountant vereist om een oordeel tot uitdrukking te brengen. @@ -15775,32 +15775,32 @@ A47 In andere gevallen kan het nodig zijn dat de accountant aanvullende controle A48 De relevante wet- of regelgeving kan van de accountant vereisen om in het assurance-rapport een expliciete vermelding op te nemen die de verantwoordelijkheid van de accountant voor de verklaring veronderstelt of bevestigt. Het opnemen van een dergelijke wettelijke of regelgevende vermelding in het assurance-rapport is niet in strijd met de vereisten van deze Standaard. -##### . Het toelichten van de van toepassing zijnde criteria (Zie Par. 30) +##### . Het toelichten van de van toepassing zijnde criteria (Zie Par. 30) A49 De verantwoordelijke partij hoeft in de verklarende toelichtingen die bij de pro forma financiële informatie horen niet de criteria te herhalen die door de relevante wet- of regelgeving zijn voorgeschreven of die zijn uitgevaardigd door een geautoriseerde of erkende instantie die standaarden vaststelt (standards setting organization). Dergelijke criteria zullen als onderdeel van het verslaggevingsregime openbaar worden gemaakt en zijn derhalve impliciet aanwezig in het opstellen van de pro forma financiële informatie van de verantwoordelijke partij. A50 Indien de verantwoordelijke partij specifieke criteria heeft ontwikkeld is het noodzakelijk dat die criteria worden toegelicht zodat gebruikers een goed begrip kunnen krijgen van de wijze waarop de pro forma financiële informatie door de verantwoordelijke partij is opgesteld. #### . Het opstellen van het assurance-rapport -##### . Titel (Zie Par. 35(a)) +##### . Titel (Zie Par. 35(a)) A51 Een titel die aangeeft dat de rapportage een rapportage van een onafhankelijke accountant betreft, zoals *Assurance-rapport van de onafhankelijke accountant over het opstellen van pro forma financiële informatie die in een prospectus is opgenomen* bevestigt dat de accountant alle relevante ethische voorschriften met betrekking tot onafhankelijkheid heeft nageleefd zoals dat door Standaard 3000 is vereist.627Standaard 3000, paragraaf 4. Dit onderscheidt de rapportage van de onafhankelijke accountant van de rapportages die door anderen worden uitgebracht. -##### . Geadresseerde(n) (Zie Par. 35(b)) +##### . Geadresseerde(n) (Zie Par. 35(b)) A52 De relevante wet- of regelgeving kan de geadresseerde(n) in de rapportage specificeren. Anders kan de accountant met de entiteit overeen komen wie de geadresseerde(n) zal/zullen zijn als onderdeel van de voorwaarden van de opdracht. -##### . Inleidende paragrafen (Zie Par. 35(c)) +##### . Inleidende paragrafen (Zie Par. 35(c)) A53 Waar de pro forma financiële informatie in een prospectus zal worden opgenomen die andere informatie bevat, kan de accountant overwegen, indien de vorm van de presentatie dit toestaat, een verwijzing op te nemen die de sectie identificeert waar de pro forma financiële informatie wordt gepresenteerd. Dit ondersteunt de gebruikers om de pro forma financiële informatie waaraan het assurance-rapport is gerelateerd te identificeren. -##### . Oordeel (Zie Par. 13(c) en 35(h)) +##### . Oordeel (Zie Par. 13(c) en 35(h)) A54 De vraag of de zin ‘pro forma financiële informatie is, in alle van materieel belang zijnde opzichten, op basis van de [van toepassing zijnde criteria] opgesteld’, of de zin ‘pro forma is naar behoren opgesteld, op basis van de vermelde grondslagen’ wordt gebruikt om in een willekeurig rechtsgebied een oordeel tot uitdrukking te brengen, wordt bepaald door de wet- of regelgeving die de verslaggeving over pro forma financiële informatie in dat rechtsgebied regelt of door algemeen aanvaard gebruik in dat rechtsgebied. A55 De relevante wet- of regelgeving in sommige rechtsgebieden kan de bewoordingen van het oordeel van de accountant voorschrijven in termen die anders zijn dan die hierboven staan gespecificeerd.628Een voorbeeld van specifieke regelgeving is de *EC Prospectus Verordening*. Deze vereist expliciet een dubbele conclusie. In het door onafhankelijke accountants opgestelde assurance-rapport moet worden vermeld dat, naar hun oordeel:•de pro forma financiële informatie naar behoren is opgesteld op basis van de vermelde grondslagen;•deze grondslagen in overeenstemming zijn met de door de uitgevende instelling gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving. Waar dit het geval is, kan het voor de accountant noodzakelijk zijn dat hij oordeelsvorming toepast om te bepalen of het uitvoeren van de werkzaamheden die in deze Standaard uiteen zijn gezet de accountant in staat zouden stellen om het oordeel tot uitdrukking te brengen in de bewoordingen die door wet- of regelgeving zijn voorgeschreven, of dat er verdere werkzaamheden nodig zouden zijn. A56 Wanneer de accountant concludeert dat het uitvoeren van de werkzaamheden die in deze Standaard uiteen zijn gezet voldoende zou zijn om de accountant in staat te stellen het oordeel tot uitdrukking te brengen in de bewoordingen die op grond van wet- of regelgeving zijn voorgeschreven, kan het passend zijn om die bewoordingen als equivalent te beschouwen aan de twee alternatieve bewoordingen van het oordeel dat in deze Standaard gespecificeerd wordt. -##### . Voorbeeld van een rapportage (Zie Par. 35) +##### . Voorbeeld van een rapportage (Zie Par. 35) A57 Voor een assurance-rapport met een goedkeurend oordeel wordt verwezen naar HRA deel 3. @@ -15812,7 +15812,7 @@ Voor een assurance-rapport met een goedkeurend oordeel wordt verwezen naar HRA d ### . Inleiding -#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. A1 en A2) +#### . Toepassingsgebied van deze Standaard (Zie Par. A1 en A2) 1 Deze Standaard ondersteunt de accountant bij het uitvoeren van een assurance-opdracht inzake een maatschappelijk verslag. Deze Standaard is van toepassing op zowel assurance-opdrachten inzake maatschappelijke verslagen die zijn gericht op het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid (kortheidshalve: een controleopdracht) als op assurance-opdrachten inzake maatschappelijke verslagen die zijn gericht op het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid (kortheidshalve: een beoordelingsopdracht). Een mengvorm van beide soorten opdrachten is eveneens aanvaardbaar. In het laatste geval dient een duidelijke identificatie van de beide delen plaats te vinden. @@ -15825,7 +15825,7 @@ Aangezien deze Standaard van toepassing is op zowel controleopdrachten als beoor ### . Definities -4 In deze Standaard wordt verstaan onder: (Zie Par. A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9 en A10) +4 In deze Standaard wordt verstaan onder: (Zie Par. A3, A4, A5, A6, A7, A8, A9 en A10) • *Externe materiedeskundige:* een materiedeskundige van buiten de eigen entiteit. • *Beoogde (groepen van) gebruikers:* de belanghebbenden bij de gedragingen van de entiteit en de inhoud van het maatschappelijk verslag van die entiteit. @@ -15838,7 +15838,7 @@ Aangezien deze Standaard van toepassing is op zowel controleopdrachten als beoor #### . Algemeen en opdrachtaanvaarding -##### . Opdrachtbevestiging (Zie: Par. A11, A12, A13, A14, A15, A16 en A17) +##### . Opdrachtbevestiging (Zie: Par. A11, A12, A13, A14, A15, A16 en A17) 5 Voorafgaand aan het aanvaarden van de assurance-opdracht dient de accountant vast te stellen dat: @@ -15855,12 +15855,12 @@ f. de verwachting gerechtvaardigd is dat toereikende assurance-informatie kan wo 10 **De accountant dient in de opdrachtbevestiging vast te leggen dat hij alle relevante bevindingen, die voor het bestuur van de verslaggevende entiteit respectievelijk de organen belast met governance van belang zijn, tijdig schriftelijk aan de betrokkenen rapporteert.** 11 **De accountant dient in de opdrachtbevestiging vast te leggen dat hij bij aanwijzingen van fraude volgens de geldende regelgeving voor accountants zal handelen.** -##### . Beoordelen van de verslaggevingscriteria (Zie Par. A18, A19, A20, A21, A22, A23 en A24) +##### . Beoordelen van de verslaggevingscriteria (Zie Par. A18, A19, A20, A21, A22, A23 en A24) 12 De accountant dient te beoordelen of de door de bestuur van de entiteit gekozen algemeen aanvaarde en specifiek ontwikkelde verslaggevingscriteria toepasbaar zijn. Indien de keuzes van de criteria naar zijn oordeel niet of niet in voldoende mate toepasbaar zijn, dient hij de opdracht niet te aanvaarden dan wel dit in het assurance-rapport te vermelden. 13 De accountant dient het besluitingvormingsproces van het bestuur van de entiteit omtrent de keuze van de informatie en de diepgang ervan in het verslag (verslaggevingsmaterialiteit) te beoordelen en minimaal vast te stellen dat het verslag niet misleidend is of kan zijn als gevolg van onder- of overbelichting van bepaalde groepen van beoogde gebruikers en/of onderwerpen en/of informatie over deze onderwerpen en dat wordt voldaan aan de gerchtvaardigde informatiebehoefte van de beoogde gebruikers. -##### . Deskundigheid (Zie Par. A25) +##### . Deskundigheid (Zie Par. A25) 14 De accountant dan wel het assurance-team dient te beschikken over de voor het uitvoeren van de assurance-opdracht benodigde deskundigheid, te weten kennis, ervaring en vaardigheden in de volgende gebieden: @@ -15870,7 +15870,7 @@ c. management- en informatiesystemen; d. externe verslaggeving en verslaggevingsrichtlijnen en relevante maatschappelijke en politieke ‘issues’. 15 De accountant dient een assurance team met voldoende ervaring en vaardigheden op de hiervoor genoemde kennisgebieden samen te stellen, dat in staat is de vereiste assurance-informatie te identificeren en te verzamelen. Het assurance-team kan multidisciplinair zijn met daarin opgenomen personen uit andere beroepsgroepen (materiedeskundigen). De accountant dient een zodanig inzicht in de relevante onderwerpen van het maatschappelijk verslag te hebben dat hij zijn verantwoordelijkheid als leider van een assurance team kan dragen. -##### . Samenwerken met externe materiedeskundigen (Zie Par. A26 en A27) +##### . Samenwerken met externe materiedeskundigen (Zie Par. A26 en A27) 16 Indien de accountant gebruik maakt van een externe materiedeskundige dient hij te handelen conform Standaard 620, ‘Gebruikmaken van de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige’. 17 Indien de accountant gebruik maakt van een externe materiedeskundige dient hij met hem overeen te komen dat zij met elkaar over de planning en uitvoering van de opdracht overleggen en dat de materiedeskundige zijn bevindingen schriftelijk aan de accountant rapporteert. De accountant dient de werkzaamheden van de materiedeskundige en de uitkomsten daarvan te beoordelen. @@ -15879,20 +15879,20 @@ d. externe verslaggeving en verslaggevingsrichtlijnen en relevante maatschappeli 18 Indien de accountant gebruik maakt van een bij de verslaggevende entiteit functionerende interne accountant dient hij te handelen conform Standaard 610, ‘Gebruikmaken van de werkzaamheden van interne accountants’. -#### . Risicoanalyse (Zie Par. A28, A29, A30, A31, A32, A33, A34 en A35) +#### . Risicoanalyse (Zie Par. A28, A29, A30, A31, A32, A33, A34 en A35) 19 De accountant dient een goed inzicht te verkrijgen in de branche waarin de verslaggevende entiteit werkzaam is en in de kenmerken van de entiteit zelf, inclusief de belangrijke bedrijfsrisico’s met betrekking tot het maatschappelijk verantwoord ondernemen en de verslaggeving daaromtrent. 20 De accountant dient een goed inzicht te verkrijgen in de corporate governance, de interne beheersingsomgeving en de beheersingsactiviteiten. Hij dient een zodanig inzicht in de interne beheersingsomgeving te verkrijgen dat dit voldoende is om de integriteit van het bestuur, de toezichthouders en de uitvoerende functionarissen in de entiteit vast te kunnen stellen, alsmede van de houding van organen die zijn belast met governance waaromtrent in het maatschappelijk verslag verantwoording wordt afgelegd. 21 De accountant dient een inschatting van het inherente risico en het interne beheersingsrisico van de verslaggevende entiteit te maken, die is gericht op de factoren die van materieel belang kunnen zijn voor de inhoud van het maatschappelijk verslag. -#### . Systeemgerichte werkzaamheden (Zie Par. A36, A37, A38, A39, A40, A41, A42 en ) +#### . Systeemgerichte werkzaamheden (Zie Par. A36, A37, A38, A39, A40, A41, A42 en ) 22 De accountant dient te beoordelen of de relevante informatiesystemen aan de daaraan te stellen eisen voldoen. Indien zij daaraan niet voldoen, dient hij na te gaan of hij door het uitvoeren van gegevensgerichte werkzaamheden in staat is toereikende assurance-informatie te verkrijgen. Indien dat niet het geval is, dient hij na te gaan wat daarvan de invloed op zijn assurance-rapport is. 23 *Controleopdrachten*: Indien de accountant op de interne beheersingsmaatregelen kan en wil steunen, dient hij de effectiviteit van de werking daarvan vast te stellen. *Beoordelingsopdrachten*: De toetsing van de effectiviteit van de werking van de interne beheersingsmaatregelen behoort niet tot de werkzaamheden van een beoordelingsopdracht. -#### . Gegevensgerichte werkzaamheden (Zie Par. A44, A45 en A46) +#### . Gegevensgerichte werkzaamheden (Zie Par. A44, A45 en A46) 24 Ongeacht het vastgestelde niveau van inherent risico en intern beheersingsrisico dient de accountant bepaalde gegevensgerichte werkzaamheden uit te voeren: @@ -15912,15 +15912,15 @@ c. afstemmen van informatie met documenten. Indien de accountant redenen heeft aan te nemen dat de informatie waarop de beoordeling zich richt onjuistheden van materieel belang bevat, dient hij die aanvullende werkzaamheden te verrichten die voor het vormen van zijn vakkundige oordeelsvorming noodzakelijk zijn. -#### . Totaalbeeld maatschappelijk verslag (Zie Par. A47) +#### . Totaalbeeld maatschappelijk verslag (Zie Par. A47) 25 De accountant dient het totaalbeeld van het maatschappelijk verslag te evalueren. Daarbij dient hij in ieder geval vast te stellen dat de verstrekte informatie niet misleidend is, het verslag qua inhoud evenwichtig is en de behandelde onderwerpen duidelijk en toereikend zijn toegelicht. -#### . Bijzonderheden voor multi-locaties (Zie Par. A48 en A49) +#### . Bijzonderheden voor multi-locaties (Zie Par. A48 en A49) 26 Voor de planning en de uitvoering van de werkzaamheden voor multi-locatie-organisaties dient de accountant te overwegen onderscheid aan te brengen tussen de relevantie van groepsonderdelen en locaties op basis van hun aard of omvang en/of hun specifieke risico’s. -#### . Verkrijgen van aanvullende assurance-informatie (Zie Par. A50) +#### . Verkrijgen van aanvullende assurance-informatie (Zie Par. A50) 27 De accountant dient een schriftelijke mededeling van het bestuur te verkrijgen waarin deze haar verantwoordelijkheid voor de inhoud van het maatschappelijk verslag bevestigt en verklaart dat zij het verslaggevingsbeleid van de entiteit en de gehanteerde criteria toereikend acht en dat alle informatie die naar haar mening van materieel belang is voor de beoogde gebruikers in het verslag is opgenomen. 28 Indien de entiteit over een Raad van Commissarissen beschikt, dient de accountant in het gesprek met deze Raad te vragen naar haar visie inzake het verslaggevingsbeleid van de entiteit, de gehanteerde verslaggevingscriteria en de toereikendheid van het maatschappelijk verslag als geheel. @@ -15932,7 +15932,7 @@ Indien de accountant redenen heeft aan te nemen dat de informatie waarop de beoo 32 De accountant dient alle belangrijke overwegingen en beslissingen voor het accepteren van de opdracht, het eventueel wijzigen van de opdracht, het plannen van de werkzaamheden en zijn bevindingen die zijn verkregen bij de uitvoering van die werkzaamheden in zijn dossier vast te leggen conform Standaard 230, ‘Controledocumentatie’. -#### . Het assurance-rapport (Zie Par. A51, A52, A53, A54, A55, A56, A57, A58, A59, A60, A61, A62, A63, A64, A65, A66 en A67) +#### . Het assurance-rapport (Zie Par. A51, A52, A53, A54, A55, A56, A57, A58, A59, A60, A61, A62, A63, A64, A65, A66 en A67) 33 De accountant dient aan te geven welke onderdelen van het maatschappelijk verslag zijn gecontroleerd, welke zijn beoordeeld en welke buiten de opdracht zijn gebleven. Het assurance-rapport dient een aantal verplichte basiselementen te bevatten. 34 Indien er sprake is van een beperking in het onderzoek dan wel in het verslag, dient de accountant dit in zijn assurance-rapport tot uitdrukking te brengen, en te verwijzen naar de in het maatschappelijk verslag opgenomen motivering van het bestuur van de entiteit. @@ -15947,7 +15947,7 @@ Indien de accountant redenen heeft aan te nemen dat de informatie waarop de beoo ### . Toepassingsgerichte aanwijzingen -#### . Het maatschappelijk verslag (Zie Par. 1 en 2) +#### . Het maatschappelijk verslag (Zie Par. 1 en 2) A1 Deze standaard kent parallellen met en verschillen ten opzichte van de controle van historische financiële informatie. Deze verschillen hebben vooral betrekking op de volgende zaken: @@ -15968,7 +15968,7 @@ e. De risicobenadering als onderdeel van de werkzaamheden blijft belangrijk, maa f. Omdat relatief veel informatie in een maatschappelijk verslag kwalitatief van aard is, zal voor die informatie de nadruk op interviews, de toetsing op deze informatie van de systemen van interne beheersing, het beoordelen van de integriteit van de voor die informatie verantwoordelijke functionarissen, de evaluatie van de naleving van gedragscodes en dergelijke liggen. g. De rapportering van de conclusies in het assurance-rapport kan (vooralsnog) niet tot uniforme teksten worden gestandaardiseerd. -#### . Definities (Zie Par. 4) +#### . Definities (Zie Par. 4) A3 De beoogde gebruikers staan centraal voor de verslaggevende entiteit en voor de accountant. Deze Standaard hanteert daarbij de volgende begrippen: @@ -16012,7 +16012,7 @@ A10 Het begrip ‘representatieve vertegenwoordiger van beoogde gebruikers(groep #### . Algemeen en opdrachtaanvaarding -##### . Opdrachtbevestiging (Zie Par. 5, 6, 7, 8, 9, 10 en 11) +##### . Opdrachtbevestiging (Zie Par. 5, 6, 7, 8, 9, 10 en 11) A11 De accountant overlegt bij de aanvaarding van de opdracht met het bestuur van de verslaggevende entiteit over de wijze waarop laatstgenoemde van plan is invulling te geven aan de verslaggevingscriteria. Dit overleg heeft tot doel eventuele verschillen van opvatting inzake het verslaggevingsbeleid en/of de relevantie, volledigheid en mate van nauwkeurigheid van bepaalde onderwerpen vooraf weg te nemen. A12 Bij de opdrachtaanvaarding wordt vastgelegd dat negatieve bevindingen zo spoedig mogelijk schriftelijk worden gemeld aan het bestuur van de verslaggevende entiteit en tevens aan de Raad van Commissarissen. @@ -16028,7 +16028,7 @@ A17 De voorwaarden voor het accepteren van deze vormen van beperkingen zijn dat: a. die beperkingen in het verslag door het bestuur van de verslaggevende entiteit op duidelijke wijze worden aangegeven en gemotiveerd en waarbij waar het mogelijk is, wordt aangeduid hoe hiermee in de toekomst zal worden omgegaan; b. naar het oordeel van de accountant sprake blijft van een rationele opdracht ten behoeve van beoogde gebruikers, waarbij laatstgenoemden, door de beperkingen, redelijkerwijze niet misleid worden of kunnen worden. -##### . Beoordelen van de verslaggevingscriteria (Zie Par. 12 en 13) +##### . Beoordelen van de verslaggevingscriteria (Zie Par. 12 en 13) A18 Een assurance-opdracht bevat een aantal essentiële elementen en een daarvan is het beschikbaar zijn van ‘toepasbare criteria’ (suitable criteria) (zie Stramien, de paragrafen 34–38). De accountant beoordeelt in het kader van de beslissing tot het aanvaarden van de opdracht de van toepassing zijnde verslaggevingscriteria. A19 De vijf kenmerken die het Stramien voor assurance-opdrachten voor de toepasbaarheid (‘suitability’) van verslaggevingscriteria bevat, zijn relevantie, volledigheid, betrouwbaarheid, neutraliteit en begrijpelijkheid. @@ -16043,7 +16043,7 @@ A23 De accountant beoordeelt de aanvaardbaarheid van het verslaggevingsbeleid. B • de consistentie van het verslaggevingsbeleid. A24 Wanneer informatie die van belang kan worden geacht voor bepaalde groepen van beoogde gebruikers ontbreekt, geeft de verslaggevende entiteit daarvoor een adequate motivering in het maatschappelijk verslag. Een argument kan zijn een noodzakelijk geachte en door de accountant als argument aanvaarde geheimhouding van gevoelige informatie. -##### . Deskundigheid (Zie Par. 14 en 15) +##### . Deskundigheid (Zie Par. 14 en 15) A25 De deskundigheid van de accountant voor het onderzoeken van een maatschappelijk verslag bestaat uit de volgende elementen: @@ -16065,12 +16065,12 @@ A25 De deskundigheid van de accountant voor het onderzoeken van een maatschappel • inzicht in de opvattingen, visies en belangen van beoogde gebruikers en hun gerechtvaardigde informatiebehoeften; • bekendheid met de maatschappelijke omgeving van de verslaggevende entiteit. -##### . Samenwerken met externe materiedeskundigen (Zie Par. 16 en 17) +##### . Samenwerken met externe materiedeskundigen (Zie Par. 16 en 17) A26 De ongedeelde verantwoordelijkheid van de accountant staat voorop. Bij het gebruikmaken van een externe materiedeskundige communiceert de accountant zijn ongedeelde verantwoordelijkheid ook voor de uitvoering van de werkzaamheden gedaan door de externe materiedeskundige met het bestuur van de entiteit. A27 Het verdient aanbeveling dat de accountant in het assurance-rapport melding maakt van de inbreng van de externe materiedeskundige ten aanzien van de betrokken onderdelen van de opdracht. Dit kan bijvoorbeeld plaatsvinden bij de beschrijving van de werkzaamheden. Deze vermelding is zinvol voor de beoogde gebruikers van het assurance-rapport en kan de geloofwaardigheid van de conclusies verhogen. Deze vermelding doet geen afbreuk aan de ongedeelde verantwoordelijkheid van de accountant jegens de beoogde gebruikers van het assurance-rapport en zij tast evenmin de strekking van het assurance-rapport aan. Indien de inbreng van een externe materiedeskundige in het assurance-rapport wordt vermeld, wordt daaraan toegevoegd dat de accountant de ongedeelde verantwoordelijkheid voor de hele opdracht draagt en wordt het assurance-rapport alleen door de accountant ondertekend. -#### . Risicoanalyse (Zie Par. 19, 20 en 21) +#### . Risicoanalyse (Zie Par. 19, 20 en 21) A28 De accountant past bij de assurance-opdracht inzake het maatschappelijk verslag in beginsel dezelfde begrippen, methoden en technieken toe als bij de onderzoeken van historische financiële informatie. De begrippen die bij de uitvoering in het bijzonder relevant zijn, zijn vastgelegd in Standaard 300 tot en met 330 inzake risico-inschatting en het inspelen op ingeschatte risico’s. A29 Bij veel verslaggevende entiteiten die een assurance-opdracht inzake hun maatschappelijk verslag geven, fungeert tevens een accountant die de jaarrekening controleert. In het overleg van de accountant met de andere binnen de verslaggevende entiteit functionerende accountants bespreekt hij de kwaliteit van de corporate governance, de beheersingsomgeving en de beheersingsactiviteiten binnen de entiteit. Voorts neemt hij kennis van de significante elementen uit de risicoanalyse en de bevindingen van de accountant die de jaarrekening controleert en de interne accountant voor zover die van belang (kunnen) zijn voor het onderzoek van het maatschappelijk verslag. @@ -16103,7 +16103,7 @@ A35 Interne beheersingsrisico’s ontstaan onder meer doordat: • signalering van ongewenste situaties krijgt op een hoger niveau binnen de entiteit onvoldoende follow-up omdat bekend is dat toezichthouders bepaalde afwijkingen boven de (emissie)norm gedogen. • gevoelige informatie wordt bewust achtergehouden. -#### . Systeemgerichte werkzaamheden (Zie Par. 22 en 23) +#### . Systeemgerichte werkzaamheden (Zie Par. 22 en 23) A36 De accountant kan de opzet van de informatiesystemen en de interne beheersingsmaatregelen beoordelen door middel van interviews met het hoogste niveau van management dat verantwoordelijk is voor het financiële, het milieu- en het sociale beleid van de verslaggevende entiteit alsmede het kennisnemen van de beschrijvingen van de interne beheersingsmaatregelen dienaangaande. Hierbij geeft hij aandacht aan de wijze waarop het bestuur van de verslaggevende entiteit met maatschappelijk verantwoord ondernemen en de verslaggeving op dat gebied omgaat, alsmede aan het interne toezicht op de naleving van geldende wetten, regels, gedragscodes en standaarden. Bevindingen vanuit interviews worden zo veel mogelijk onderbouwd met de beschrijvingen van de interne beheersingsmaatregelen. @@ -16126,7 +16126,7 @@ A41 De mate van diepgang van inzicht in de hiervoor genoemde maatregelen is afha A42 De werkzaamheden die zijn genoemd in paragraaf T 40 omvatten onder meer interviews met het hoogste niveau van management dat verantwoordelijk is voor het milieu- en het sociale beleid van de verslaggevende entiteit, waarbij aandacht aan het interne toezicht op de naleving van geldende wetten, regels, gedragscodes en dergelijke wordt gegeven. Waar dat nodig is, worden ook interviews gehouden met functionarissen binnen de entiteit die geen directe belanghebbenden zijn bij de uitkomsten van het onderzoek, zoals R&D-functionarissen. A43 Indien de accountant concludeert dat hij geen gebruik kan maken van de interne beheersingsmaatregelen gaat hij na wat het effect hiervan op aard, tijdsfasering en omvang van te verrichten gegevensgerichte werkzaamheden c.q. op de aard van het assurance-rapport is. -#### . Gegevensgerichte werkzaamheden (Zie Par. 24) +#### . Gegevensgerichte werkzaamheden (Zie Par. 24) A44 Een aanzienlijk deel van de informatie in het maatschappelijk verslag is doorgaans kwalitatief van aard (bijvoorbeeld informatie omtrent de strategie van de entiteit, haar beleid en gedragsregels en haar relatie met groepen van beoogde gebruikers). Voor dit soort informatie verkrijgt de accountant assurance-informatie door gebruik te maken van een combinatie van technieken, die veelal inhouden: @@ -16145,11 +16145,11 @@ A46 Voorbeelden van detailcontroles zijn: • het onderzoeken van een tijdige invoer van belangrijke gegevens in systemen; • het opnieuw berekenen en/of het opnieuw uitvoeren van metingen van belangrijke emissies in de lucht of de productie van gevaarlijke afvalstoffen. -#### . Totaalbeeld maatschappelijk verslag (Zie Par. 25) +#### . Totaalbeeld maatschappelijk verslag (Zie Par. 25) A47 Om het totaalbeeld van het maatschappelijk verslag te evalueren, is het over het algemeen zinvol dat de accountant gericht mediaonderzoek verricht. Dit is vooral van belang als een toets op de volledigheid van de in het maatschappelijk verslag behandelde onderwerpen. -#### . Bijzonderheden voor multi-locaties (Zie Par. 26) +#### . Bijzonderheden voor multi-locaties (Zie Par. 26) A48 De assurance-opdracht inzake een maatschappelijk verslag van een groep van ondernemingen die bestaat uit regionaal gespreide vestigingen en/of verschillende juridische entiteiten of business units, hierna samengevat onder de term multi-locaties, brengt enkele bijzonderheden met zich mee. Deze bijzonderheden hangen ten dele samen met verschillen in cultuur, wettelijke bepalingen en rechtspraak. Daarnaast zijn er bijzonderheden die samenhangen met de structuur van de entiteit, waarbij kan worden gedacht aan: @@ -16165,11 +16165,11 @@ A49 De keuze van de afzonderlijk te onderzoeken groepsonderdelen hangt af van he • de effectiviteit van de interne beheersingsomgeving, in het bijzonder de directe betrokkenheid van het centrale management bij de monitoring van de voor het maatschappelijk verslag relevante activiteiten bij de desbetreffende groepsonderdelen; • de kwaliteit van de lokale interne beheersingsmaatregelen. -#### . Verkrijgen van aanvullende assurance-informatie (Zie Par. 27, 28, 29, 30 en 31) +#### . Verkrijgen van aanvullende assurance-informatie (Zie Par. 27, 28, 29, 30 en 31) A50 Een schriftelijke mededeling (‘letter of representation’) van het bestuur van de verslaggevende entiteit is ter bevestiging dat aan de accountant geen relevante informatie is onthouden en dat zich na afloop van de verslagperiode tot aan het moment van het afgeven van de schriftelijke mededeling geen gebeurtenissen hebben voorgedaan waarvan de gevolgen ten onrechte niet in het maatschappelijk verslag zijn verwerkt. De visie van de Raad van Commissarissen aangaande de aspecten met betrekking tot het maatschappelijk verslag kunnen onder meer worden vastgelegd in de notulen van het gesprek dat de accountant met de Raad heeft, welke notulen de accountant in zijn dossier opneemt. -#### . Het assurance-rapport (Zie Par. 33, 34, 35, 36, 37 en 38) +#### . Het assurance-rapport (Zie Par. 33, 34, 35, 36, 37 en 38) A51 De basiselementen van een assurance-rapport zijn: @@ -16281,11 +16281,11 @@ Het verdient aanbeveling dat de accountant bij een beoordelingsopdracht in de pa Deze Standaard kan echter eveneens nuttige aanwijzingen geven voor opdrachten met betrekking tot prospectussen opgesteld voor effectentransacties die niet onder de Nederlandse wet- en regelgeving en/of de wet- en regelgeving van de Europese Unie vallen. Deze Standaard is niet van toepassing op opdrachten voor prospectussen inzake aanbiedingen van effecten in de Verenigde Staten. 2 De paragrafen 5–16 van deze Standaard zijn van toepassing op alle assurance- en overige opdrachten met betrekking tot prospectussen, ongeacht of deze voor een specifieke gebruikersgroep of voor algemeen gebruik worden uitgevoerd. De overige paragrafen betreffen specifieke uitgangspunten voor: -a. opdrachten met betrekking tot historische financiële informatie (Zie Par. 17–23); -b. opdrachten met betrekking tot winstprognoses (Zie Par. 24–65); -c. opdrachten met betrekking tot pro forma financiële informatie (Zie Par. 66–98) VERVALLEN; -d. opdrachten met betrekking tot financiële informatie inzake ‘comfort letters’ (Zie Par. 99–128); en -e. opdrachten met betrekking tot bestuurdersverklaringen betreffende het werkkapitaal (Zie Par. 129–134). +a. opdrachten met betrekking tot historische financiële informatie (Zie Par. 17–23); +b. opdrachten met betrekking tot winstprognoses (Zie Par. 24–65); +c. opdrachten met betrekking tot pro forma financiële informatie (Zie Par. 66–98) VERVALLEN; +d. opdrachten met betrekking tot financiële informatie inzake ‘comfort letters’ (Zie Par. 99–128); en +e. opdrachten met betrekking tot bestuurdersverklaringen betreffende het werkkapitaal (Zie Par. 129–134). De opdrachten onder c. met betrekking tot pro forma financiële informatie zijn beschreven in Standaard 3420. @@ -16434,7 +16434,7 @@ c. **het vaststellen dat de informatie op de juiste wijze uit de historische fin ### . Werkzaamheden met betrekking tot opdrachten inzake winstprognoses 24 De paragrafen 25–65 van deze Standaard zijn gebaseerd op Standaard 3400 *Onderzoek van toekomstgerichte financiële informatie* en stellen grondslagen en essentiële werkzaamheden vast, en geven aanwijzingen aan de accountant die een opdracht heeft inzake een winstprognose die overeenkomstig de bepalingen van de Prospectusrichtlijn in een prospectus zal worden opgenomen. Deze paragrafen zijn een aanvulling op paragrafen 5–16 van deze Standaard. De Europese Prospectusrichtlijn schrijft echter een specifieke formulering van de oordeelsparagraaf in het assurancerapport voor; bijgevolg is het deel over rapportering met betrekking tot prospectieve financiële informatie (paragraaf 27–30 van Standaard 3400) niet van toepassing. -25 In een winstprognose kan ook historische financiële informatie zijn opgenomen met betrekking tot een verstreken periode. Bijvoorbeeld, in een prognose die op 15 oktober 20XX is opgesteld aangaande de winst over het jaar eindigend op 31 december 20XX kunnen ook de resultaten voor de periode van zes maanden eindigend op 30 juni 20XX zoals opgenomen in de halfjaarlijkse rapportage van de uitgevende entiteit en de bedragen die uit de managementrapportage van het bestuur over de maanden juli en augustus zijn overgenomen. +25 In een winstprognose kan ook historische financiële informatie zijn opgenomen met betrekking tot een verstreken periode. Bijvoorbeeld, in een prognose die op 15 oktober 20XX is opgesteld aangaande de winst over het jaar eindigend op 31 december 20XX kunnen ook de resultaten voor de periode van zes maanden eindigend op 30 juni 20XX zoals opgenomen in de halfjaarlijkse rapportage van de uitgevende entiteit en de bedragen die uit de managementrapportage van het bestuur over de maanden juli en augustus zijn overgenomen. 26 Met een winstverwachting wordt bedoeld: historische financiële informatie over een financiële periode die is afgesloten, maar waarover nog geen resultaten zijn gepubliceerd. 27 De vereisten voor ‘winstprognoses’ zijn ook van toepassing op vergelijkbare opstellingen die bijvoorbeeld onder de titel ‘winstverwachting’ of ‘winstraming’ worden uitgebracht. @@ -16564,7 +16564,7 @@ k. **de ondertekening (naam accountant met vermelding naam accountantspraktijk). #### . Aanpassingen van de conclusie in het assurancerapport -64 **Op grond van de Prospectusrichtlijn dienen conclusies positief en zonder bedenkingen te worden geformuleerd.** (Zie ook Par. 9) +64 **Op grond van de Prospectusrichtlijn dienen conclusies positief en zonder bedenkingen te worden geformuleerd.** (Zie ook Par. 9) #### . Toestemming @@ -16841,31 +16841,31 @@ p. **ondertekening (naam accountant met vermelding naam accountantspraktijk).** 1 Deze standaard behandelt de verantwoordelijkheden van de accountant648Zie Definities, par. 17; wanneer een term voor het eerst voorkomt vóór paragraaf 17 wordt daarnaar verwezen.: • wanneer deze de opdracht heeft gekregen om het management te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie zonder enige zekerheid over die historische financiële informatie te verkrijgen; en -• overeenkomstig deze standaard over de opdracht te rapporteren. (Zie Par. A1, A1A en A2) +• overeenkomstig deze standaard over de opdracht te rapporteren. (Zie Par. A1, A1A en A2) 2 Deze standaard *is gericht op* samenstellingsopdrachten649Zie Definities, par. 17; wanneer een term voor het eerst voorkomt vóór paragraaf 17 wordt daarnaar verwezen. voor historische financiële informatie *waarbij*: • *de standaard moet worden toegepast in het geval van het opstellen en presenteren van jaarrekeningen welke worden opgemaakt op grond van titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek en van (andere) financiële overzichten;* • *de standaard kan worden toegepast in het geval van het opstellen en presenteren van andere historische financiële informatiedan genoemd in de vorige bullet.* -Deze standaard kan ook worden toegepast, waar nodig aangepast, op samenstellingsopdrachten voor financiële informatie anders dan historische financiële informatie en op samenstellingsopdrachten voor niet-financiële informatie. (Zie Par. A3, A3A, A3B en A4) -2A *Deze standaard is niet van toepassing wanneer een accountant in het kader van zijn controle- of beoordelingsopdracht wordt gevraagd om een entiteit te ondersteunen bij het opstellen van historische financiële informatie. Het bovenstaande geldt alleen wanneer de accountant deze werkzaamheden zelf uitvoert of laat uitvoeren door een accountant werkzaam bij het Nederlandse deel van het netwerk dat de controle- of beoordelingsopdracht uitvoert (Zie Par. A3C).* +Deze standaard kan ook worden toegepast, waar nodig aangepast, op samenstellingsopdrachten voor financiële informatie anders dan historische financiële informatie en op samenstellingsopdrachten voor niet-financiële informatie. (Zie Par. A3, A3A, A3B en A4) +2A *Deze standaard is niet van toepassing wanneer een accountant in het kader van zijn controle- of beoordelingsopdracht wordt gevraagd om een entiteit te ondersteunen bij het opstellen van historische financiële informatie. Het bovenstaande geldt alleen wanneer de accountant deze werkzaamheden zelf uitvoert of laat uitvoeren door een accountant werkzaam bij het Nederlandse deel van het netwerk dat de controle- of beoordelingsopdracht uitvoert (Zie Par. A3C).* 3 *Door bespreking met het management, of een andere opdrachtgevende partij verkrijgt een accountant inzicht in het beoogde gebruik en de verspreidingskring. Dit kan leiden tot de keuze om de standaard toe te passen bij historische financiële informatie, anders dan een financieel overzicht. De volgende factoren kunnen de accountant daarbij behulpzaam zijn:* Of externe partijen, anders dan de beoogde gebruikers van de samengestelde historische financiële informatie, de accountant waarschijnlijk met de historische financiële informatie zullen associëren en er een risico bestaat dat het niveau van de betrokkenheid van de accountant bij de informatie verkeerd zou worden begrepen, bijvoorbeeld: • indien de historische financiële informatie bedoeld is voor gebruik door partijen anders dan het management of de met governance belaste personen^1, of als deze kan worden verschaft aan, of verkregen door, partijen die niet de beoogde gebruikers van die informatie zijn; -• indien de naam van de accountant met de historische financiële informatie wordt geïdentificeerd. (Zie Par. A5) +• indien de naam van de accountant met de historische financiële informatie wordt geïdentificeerd. (Zie Par. A5) ##### . Relatie met de regelgeving op het gebied van kwaliteitsbeheersing -4 Het stelsel van kwaliteitsbeheersing is de verantwoordelijkheid van het kantoor. Als een accountantskantoor samenstellingsopdrachten uitvoert, gelden de *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van aan assurance verwante opdrachten (NVAK-aav*)650NVAK-aav artikel 2.. In deze standaard zijn bepalingen over kwaliteitsbeheersing op het niveau van afzonderlijke samenstellingsopdrachten opgenomen. Hierbij is het uitgangspunt dat het kantoor onderworpen is aan de *NVAK-aav*. (Zie Par. A6, A7, A8, A9, A10 en A11) +4 Het stelsel van kwaliteitsbeheersing is de verantwoordelijkheid van het kantoor. Als een accountantskantoor samenstellingsopdrachten uitvoert, gelden de *Nadere voorschriften accountantskantoren ter zake van aan assurance verwante opdrachten (NVAK-aav*)650NVAK-aav artikel 2.. In deze standaard zijn bepalingen over kwaliteitsbeheersing op het niveau van afzonderlijke samenstellingsopdrachten opgenomen. Hierbij is het uitgangspunt dat het kantoor onderworpen is aan de *NVAK-aav*. (Zie Par. A6, A7, A8, A9, A10 en A11) #### . De samenstellingsopdracht -5 Het management kan een accountant verzoeken om te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie van een entiteit. Voor gebruikers van historische financiële informatie is de waarde van een samenstellingsopdracht, in overeenstemming met deze standaard, gelegen in het toepassen van de deskundigheid van de accountant op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving. Daarnaast leeft de accountant gedrags- en beroepsregels na, waaronder relevante ethische voorschriften, en communiceert hij duidelijk over de aard en omvang van zijn betrokkenheid bij de samengestelde historische financiële informatie. (Zie Par. A12, A13, A14 en A15) +5 Het management kan een accountant verzoeken om te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie van een entiteit. Voor gebruikers van historische financiële informatie is de waarde van een samenstellingsopdracht, in overeenstemming met deze standaard, gelegen in het toepassen van de deskundigheid van de accountant op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving. Daarnaast leeft de accountant gedrags- en beroepsregels na, waaronder relevante ethische voorschriften, en communiceert hij duidelijk over de aard en omvang van zijn betrokkenheid bij de samengestelde historische financiële informatie. (Zie Par. A12, A13, A14 en A15) 6 Een samenstellingsopdracht is geen assurance-opdracht. Van de accountant wordt derhalve bij een samenstellingsopdracht niet vereist om de nauwkeurigheid of de volledigheid van de door het management verschafte informatie voor het samenstellen te verifiëren, of anderszins onderbouwende informatie te verzamelen om een controleoordeel of een beoordelingsconclusie over het opstellen van de historische financiële informatie tot uitdrukking te brengen. -7 Het management blijft verantwoordelijk voor de historische financiële informatie en voor de basis waarop deze is opgesteld en gepresenteerd. Die verantwoordelijkheid omvat het toepassen door het management van oordeelsvormingen die voor het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie zijn vereist, inclusief de selectie en toepassing van passende grondslagen voor financiële verslaggeving en, waar nodig, het ontwikkelen van redelijke schattingen. (Zie Par. A12 en A13) -8 Deze standaard legt het management of de met governance belaste personen geen verantwoordelijkheden op of doet geen afbreuk aan wet- en regelgeving die deze verantwoordelijkheden bepalen. Het uitgangspunt voor een opdracht die overeenkomstig deze standaard wordt uitgevoerd, is dat het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen bepaalde verantwoordelijkheden hebben aanvaard die fundamenteel zijn voor de uitvoering van de samenstellingsopdracht. (Zie Par. A12 en A13) +7 Het management blijft verantwoordelijk voor de historische financiële informatie en voor de basis waarop deze is opgesteld en gepresenteerd. Die verantwoordelijkheid omvat het toepassen door het management van oordeelsvormingen die voor het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie zijn vereist, inclusief de selectie en toepassing van passende grondslagen voor financiële verslaggeving en, waar nodig, het ontwikkelen van redelijke schattingen. (Zie Par. A12 en A13) +8 Deze standaard legt het management of de met governance belaste personen geen verantwoordelijkheden op of doet geen afbreuk aan wet- en regelgeving die deze verantwoordelijkheden bepalen. Het uitgangspunt voor een opdracht die overeenkomstig deze standaard wordt uitgevoerd, is dat het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen bepaalde verantwoordelijkheden hebben aanvaard die fundamenteel zijn voor de uitvoering van de samenstellingsopdracht. (Zie Par. A12 en A13) 9 Historische financiële informatie die het onderwerp is van een samenstellingsopdracht kan voor diverse doeleinden zijn vereist, waaronder: a. het naleven van verplichte vereisten inzake periodieke financiële verslaggeving die in wet- of regelgeving zijn vastgesteld; of @@ -16874,7 +16874,7 @@ b. voor doeleinden die niet gerelateerd zijn aan verplichte financiële verslagg • die is opgesteld voor het management of de met governance belaste personen op een basis die voor hun specifieke doeleinden geschikt is (zoals het opstellen van historische financiële informatie voor intern gebruik); • in de vorm van periodieke financiële verslaggeving die voor externe partijen onder een contract of andere vorm van overeenkomst wordt uitgevoerd (zoals historische financiële informatie die aan een financierende instantie wordt verschaft om de toekenning of voortzetting van financiële bijdrage te ondersteunen); • voor doeleinden in verband met een transactie, bijvoorbeeld om een transactie waarbij de eigendomsstructuur of financieringsstructuur van de entiteit verandert, te ondersteunen (zoals een fusie of een overname). -10 Verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving kunnen gebruikt worden om historische financiële informatie op te stellen en te presenteren. Dit kan variëren van eenvoudige door de entiteit gekozen grondslagen voor financiële verslaggeving tot vastgestelde verslaggevingsstandaarden. Het stelsel inzake financiële verslaggeving dat door het management wordt gehanteerd om de historische financiële informatie op te stellen en te presenteren, zal afhankelijk zijn van de aard van de entiteit en het beoogde gebruik van de historische financiële informatie. (Zie Par. A16, A17 en A18) +10 Verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving kunnen gebruikt worden om historische financiële informatie op te stellen en te presenteren. Dit kan variëren van eenvoudige door de entiteit gekozen grondslagen voor financiële verslaggeving tot vastgestelde verslaggevingsstandaarden. Het stelsel inzake financiële verslaggeving dat door het management wordt gehanteerd om de historische financiële informatie op te stellen en te presenteren, zal afhankelijk zijn van de aard van de entiteit en het beoogde gebruik van de historische financiële informatie. (Zie Par. A16, A17 en A18) #### . Autoriteit van deze standaard @@ -16903,21 +16903,21 @@ b. *afwijking* – Een verschil tussen het bedrag, de rubricering, de presentati c. *de met governance belaste personen* * – De persoon (personen) of organisatie(s), (bijvoorbeeld een trustee van een vennootschap), met verantwoordelijkheid voor het uitoefenen van toezicht op de strategische richting van de entiteit en op de verantwoordingsplicht van de entiteit. Deze verantwoordelijkheid omvat het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving. Voor bepaalde entiteiten in sommige rechtsgebieden kan ook leidinggevend personeel behoren tot de met governance belaste personen, bijvoorbeeld bij het dagelijks bestuur betrokken leden van een governanceorgaan van een entiteit in de private of publieke sector of een eigenaar-bestuurder; (Zie Par.A12)* d. *financiële overzichten* - *– Een gestructureerde weergave van historische financiële informatie, met inbegrip van de daarop betrekking hebbende toelichtingen, bedoeld om de economische middelen of verplichtingen die een entiteit op een zeker tijdstip heeft, of de veranderingen die zich daarin over een tijdsperiode hebben voorgedaan, in overeenstemming met een stelsel inzake financiële verslaggeving te communiceren. De daarop betrekking hebbende toelichtingen omvatten gewoonlijk een overzicht van belangrijke gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. De term ‘financiële overzichten’ verwijst gewoonlijk naar een complete set financiële overzichten zoals vastgelegd door de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, maar kan ook verwijzen naar één enkel financieel overzicht;(Zie Par. A3A)* + *– Een gestructureerde weergave van historische financiële informatie, met inbegrip van de daarop betrekking hebbende toelichtingen, bedoeld om de economische middelen of verplichtingen die een entiteit op een zeker tijdstip heeft, of de veranderingen die zich daarin over een tijdsperiode hebben voorgedaan, in overeenstemming met een stelsel inzake financiële verslaggeving te communiceren. De daarop betrekking hebbende toelichtingen omvatten gewoonlijk een overzicht van belangrijke gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. De term ‘financiële overzichten’ verwijst gewoonlijk naar een complete set financiële overzichten zoals vastgelegd door de vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, maar kan ook verwijzen naar één enkel financieel overzicht;(Zie Par. A3A)* e. *historische financiële informatie* - *– Informatie betreffende een specifieke entiteit die in financiële termen is uitgedrukt, in eerste instantie ontleend is aan het administratieve systeem van die entiteit en betrekking heeft op economische gebeurtenissen die in verslagperioden in het verleden hebben plaatsgevonden of op economische situaties of omstandigheden die zich op bepaalde momenten in het verleden hebben voorgedaan; (Zie Par. A3A)* + *– Informatie betreffende een specifieke entiteit die in financiële termen is uitgedrukt, in eerste instantie ontleend is aan het administratieve systeem van die entiteit en betrekking heeft op economische gebeurtenissen die in verslagperioden in het verleden hebben plaatsgevonden of op economische situaties of omstandigheden die zich op bepaalde momenten in het verleden hebben voorgedaan; (Zie Par. A3A)* f. *management* - *– De persoon (personen) met de met het dagelijks bestuur verband houdende verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de activiteiten van de entiteit. Voor bepaalde entiteiten in sommige rechtsgebieden behoren sommige of alle met governance belaste personen tot het management, bijvoorbeeld bij het dagelijks bestuur betrokken leden van een governance-orgaan of een eigenaar-bestuurder; (Zie Par. A12)* + *– De persoon (personen) met de met het dagelijks bestuur verband houdende verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de activiteiten van de entiteit. Voor bepaalde entiteiten in sommige rechtsgebieden behoren sommige of alle met governance belaste personen tot het management, bijvoorbeeld bij het dagelijks bestuur betrokken leden van een governance-orgaan of een eigenaar-bestuurder; (Zie Par. A12)* g. *opdrachtpartner* – De partner of andere persoon binnen het kantoor die verantwoordelijk is voor de opdracht, voor de uitvoering daarvan en voor de rapportage die namens het kantoor wordt uitgebracht en aan wie, indien vereist, door een beroepsorganisatie of een wettelijke of regelgevende instantie passende bevoegdheden zijn toegekend; h. *opdrachtteam* – Alle partners en staf die de opdracht uitvoeren, alsmede alle door het kantoor of een kantoor dat tot een netwerk behoort ingehuurde personen, die werkzaamheden voor de opdracht uitvoeren. Uitgesloten zijn dus door het kantoor dan wel door een kantoor dat tot het netwerk behoort ingeschakelde externe deskundigen; i. *publicatiestukken* *– Een jaarrekening die openbaar wordt gemaakt op grond van artikel 2:394 BW, niet zijnde de inrichtingsjaarrekening;* -j. *relevante ethische voorschriften* – Ethische voorschriften waaraan het opdrachtteam onderworpen is wanneer dit samenstellingsopdrachten uitvoert en die gewoonlijk uit de Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants (VGBA) bestaan, samen met nationale vereisten die stringenter zijn; (Zie Par. A21) +j. *relevante ethische voorschriften* – Ethische voorschriften waaraan het opdrachtteam onderworpen is wanneer dit samenstellingsopdrachten uitvoert en die gewoonlijk uit de Verordening Gedrags- en Beroepsregels Accountants (VGBA) bestaan, samen met nationale vereisten die stringenter zijn; (Zie Par. A21) k. *samenstellingsopdracht* – Een opdracht waarbij een accountant deskundigheid inzake administratieve verwerking en financiële verslaggeving toepast om: • het management te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie van een entiteit in overeenstemming met een van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving; en • hierover te rapporteren zoals dat door deze standaard wordt vereist. In deze standaard worden in deze context de woorden ‘samenstellen’, ‘het samenstellen’ en ‘samengesteld’ gebruikt. -l. *van toepassing zijnd(e) stelsel inzake financiële verslaggeving* – Het stelsel inzake financiële verslaggeving dat door het management en, in voorkomend geval, door de met governance belaste personen wordt gehanteerd bij het opstellen van de historische financiële informatie, dat aanvaardbaar is in het licht van de aard van de entiteit en de doelstelling van die historische financiële informatie, dan wel dat op grond van wet- of regelgeving is vereist. (Zie Par. A30, A31 en A32) +l. *van toepassing zijnd(e) stelsel inzake financiële verslaggeving* – Het stelsel inzake financiële verslaggeving dat door het management en, in voorkomend geval, door de met governance belaste personen wordt gehanteerd bij het opstellen van de historische financiële informatie, dat aanvaardbaar is in het licht van de aard van de entiteit en de doelstelling van die historische financiële informatie, dan wel dat op grond van wet- of regelgeving is vereist. (Zie Par. A30, A31 en A32) ### . Vereisten @@ -16932,22 +16932,22 @@ l. *van toepassing zijnd(e) stelsel inzake financiële verslaggeving* – Het st #### . Ethische voorschriften -21 De accountant dient relevante ethische voorschriften na te leven. (Zie Par. A19, A20 en A21) +21 De accountant dient relevante ethische voorschriften na te leven. (Zie Par. A19, A20 en A21) #### . Professionele oordeelsvorming -22 De accountant dient professionele oordeelsvorming toe te passen bij het uitvoeren van een samenstellingsopdracht. (Zie Par. A22, A23 en A24) +22 De accountant dient professionele oordeelsvorming toe te passen bij het uitvoeren van een samenstellingsopdracht. (Zie Par. A22, A23 en A24) #### . Kwaliteitsbeheersing op het niveau van de opdracht 23 De opdrachtpartner dient verantwoordelijkheid te nemen voor: a. de algehele kwaliteit van iedere samenstellingsopdracht die aan die opdrachtpartner is toegewezen; en -b. het uitvoeren van de opdracht in overeenstemming met het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor, door: (Zie Par. A25). +b. het uitvoeren van de opdracht in overeenstemming met het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor, door: (Zie Par. A25). -1. het volgen van passende procedures met betrekking tot de aanvaarding en continuering van relaties met cliënten en opdrachten; (Zie Par. A26) +1. het volgen van passende procedures met betrekking tot de aanvaarding en continuering van relaties met cliënten en opdrachten; (Zie Par. A26) 2. zich ervan te vergewissen dat het opdrachtteam collectief over de passende competentie en capaciteiten beschikt om de samenstellingsopdracht uit te voeren; -3. het alert zijn op aanwijzingen van het niet-naleven van relevante ethische voorschriften door leden van het opdrachtteam, en het bepalen van de passende actie als er aangelegenheden onder de aandacht van de opdrachtpartner komen die erop wijzen dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften niet hebben nageleefd; (Zie Par. A27) +3. het alert zijn op aanwijzingen van het niet-naleven van relevante ethische voorschriften door leden van het opdrachtteam, en het bepalen van de passende actie als er aangelegenheden onder de aandacht van de opdrachtpartner komen die erop wijzen dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften niet hebben nageleefd; (Zie Par. A27) 4. de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de opdracht in overeenstemming met professionele standaarden en door wet- en regelgeving gestelde eisen; en 5. het nemen van de verantwoordelijkheid voor het onderhouden van geschikte opdrachtdocumentatie. @@ -16957,31 +16957,31 @@ b. het uitvoeren van de opdracht in overeenstemming met het stelsel van kwalitei 24 De accountant dient de opdracht niet te aanvaarden tenzij de accountant de opdrachtvoorwaarden met het management, of een andere opdrachtgevende partij, overeen is gekomen, inclusief: -a. het beoogde gebruik en de verspreiding van de historische financiële informatie en eventuele beperkingen betreffende het gebruik of de verspreiding ervan; (Zie Par. A20, A28 en A29, A32 en A33) -b. identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; (Zie Par. A20, A30, A31, A32 en A33) -c. de doelstelling en reikwijdte van de samenstellingsopdracht; (Zie Par. A20) -d. de verantwoordelijkheden van de accountant, inclusief het vereiste om relevante ethische voorschriften na te leven; (Zie Par. A20) -e. de verantwoordelijkheden van het management voor: (Zie Par. A34, A35 en A36) +a. het beoogde gebruik en de verspreiding van de historische financiële informatie en eventuele beperkingen betreffende het gebruik of de verspreiding ervan; (Zie Par. A20, A28 en A29, A32 en A33) +b. identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; (Zie Par. A20, A30, A31, A32 en A33) +c. de doelstelling en reikwijdte van de samenstellingsopdracht; (Zie Par. A20) +d. de verantwoordelijkheden van de accountant, inclusief het vereiste om relevante ethische voorschriften na te leven; (Zie Par. A20) +e. de verantwoordelijkheden van het management voor: (Zie Par. A34, A35 en A36) 1. de historische financiële informatie, en voor het opstellen en presenteren daarvan, in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dat aanvaardbaar is gelet op het beoogde gebruik van de historische financiële informatie en de beoogde gebruikers; 2. de nauwkeurigheid en de volledigheid van de vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie die door het management worden verschaft voor de samenstellingsopdracht; en -3. oordeelsvormingen die bij het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie nodig zijn, inclusief die waarvoor de accountant in de loop van de samenstellingsopdracht ondersteuning kan bieden; (Zie Par. A22) +3. oordeelsvormingen die bij het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie nodig zijn, inclusief die waarvoor de accountant in de loop van de samenstellingsopdracht ondersteuning kan bieden; (Zie Par. A22) f. de verwachte vorm en inhoud van de samenstellingsverklaring. -25 De accountant dient, voorafgaand aan het uitvoeren van de opdracht, de overeengekomen opdrachtvoorwaarden in een opdrachtbevestiging of andere schriftelijke overeenkomst vast te leggen. (Zie Par. A37, A38 en A39) +25 De accountant dient, voorafgaand aan het uitvoeren van de opdracht, de overeengekomen opdrachtvoorwaarden in een opdrachtbevestiging of andere schriftelijke overeenkomst vast te leggen. (Zie Par. A37, A38 en A39) ##### . Doorlopende opdrachten -26 Voor doorlopende samenstellingsopdrachten dient de accountant te evalueren of omstandigheden, inclusief veranderingen in de overwegingen inzake de opdrachtaanvaarding, vereisen dat de opdrachtvoorwaarden worden herzien. Tevens evalueert hij of het nodig is om het management te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden. (Zie Par. A40) +26 Voor doorlopende samenstellingsopdrachten dient de accountant te evalueren of omstandigheden, inclusief veranderingen in de overwegingen inzake de opdrachtaanvaarding, vereisen dat de opdrachtvoorwaarden worden herzien. Tevens evalueert hij of het nodig is om het management te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden. (Zie Par. A40) #### . Communicatie met het management en de met governance belaste personen -27 De accountant dient met het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, tijdens de samenstellingsopdracht tijdig aangelegenheden betreffende de samenstellingsopdracht te communiceren. Dit betreft de aangelegenheden die, op grond van professionele oordeelsvorming van de accountant, belangrijk genoeg zijn om de aandacht van het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, te verdienen. (Zie Par. A41) +27 De accountant dient met het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, tijdens de samenstellingsopdracht tijdig aangelegenheden betreffende de samenstellingsopdracht te communiceren. Dit betreft de aangelegenheden die, op grond van professionele oordeelsvorming van de accountant, belangrijk genoeg zijn om de aandacht van het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, te verdienen. (Zie Par. A41) #### . Het uitvoeren van de opdracht ##### . Het inzicht van de accountant -28 De accountant dient voldoende inzicht in de volgende aangelegenheden te verwerven om de samenstellingsopdracht te kunnen uitvoeren: (Zie Par. A42, A43 en A44) +28 De accountant dient voldoende inzicht in de volgende aangelegenheden te verwerven om de samenstellingsopdracht te kunnen uitvoeren: (Zie Par. A42, A43 en A44) a. de activiteiten van de entiteit, inclusief het administratieve systeem en administratieve vastleggingen van de entiteit; en b. het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, inclusief de toepassing hiervan in de sector van de entiteit. @@ -16989,61 +16989,61 @@ b. het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, inclusief ##### . Het samenstellen van historische financiële informatie 29 De accountant dient de historische financiële informatie samen te stellen door gebruik te maken van vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie inclusief significante oordeelsvormingen die door het management worden verschaft. -30 Als de accountant in de loop van het samenstellen van de historische financiële informatie ondersteuning voor significante oordeelsvormingen heeft geboden, dient hij deze te bespreken met het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen. (Zie Par. A45) -31 Voorafgaand aan de afronding van de samenstellingsopdracht dient de accountant de samengestelde historische financiële informatie te lezen in het licht van het inzicht van de accountant in de activiteiten van de entiteit, en in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A46) +30 Als de accountant in de loop van het samenstellen van de historische financiële informatie ondersteuning voor significante oordeelsvormingen heeft geboden, dient hij deze te bespreken met het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen. (Zie Par. A45) +31 Voorafgaand aan de afronding van de samenstellingsopdracht dient de accountant de samengestelde historische financiële informatie te lezen in het licht van het inzicht van de accountant in de activiteiten van de entiteit, en in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A46) 32 Indien de accountant zich gedurende de samenstellingsopdracht ervan bewust wordt dat de vastleggingen, documenten, uitleg of overige informatie, inclusief significante oordeelsvormingen, die door het management worden verschaft niet compleet, niet nauwkeurig of anderszins onbevredigend zijn – *waaronder vermoede fraude of het vermoede niet-naleven van wet- en regelgeving* -, dient de accountant dat onder de aandacht van het management te brengen. Hij dient ook om de aanvullende of gecorrigeerde informatie te verzoeken. -33 Indien de accountant niet in staat is om de opdracht te voltooien omdat het management geen vastleggingen, documenten, uitleg of overige informatie, inclusief significante oordeelsvormingen, verschaft zoals was verzocht, dan dient de accountant de opdracht terug te geven. Hij dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor teruggave. (Zie Par. A52) +33 Indien de accountant niet in staat is om de opdracht te voltooien omdat het management geen vastleggingen, documenten, uitleg of overige informatie, inclusief significante oordeelsvormingen, verschaft zoals was verzocht, dan dient de accountant de opdracht terug te geven. Hij dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor teruggave. (Zie Par. A52) 34 Indien de accountant zich er tijdens het verloop van de opdracht van bewust wordt dat: -a. de samengestelde historische financiële informatie niet op adequate wijze het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving beschrijft of daarnaar verwijst; (Zie Par. A47) -b. aanpassingen aan de samengestelde historische financiële informatie vereist zijn zodat de historische financiële informatie geen afwijking van materieel belang bevat; of (Zie Par. A48, A49 en A50) -c. de samengestelde historische financiële informatie op andere wijze misleidend is – *waaronder vermoede fraude of het vermoede niet-naleven van wet- en regelgeving* –, (Zie Par. A51) +a. de samengestelde historische financiële informatie niet op adequate wijze het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving beschrijft of daarnaar verwijst; (Zie Par. A47) +b. aanpassingen aan de samengestelde historische financiële informatie vereist zijn zodat de historische financiële informatie geen afwijking van materieel belang bevat; of (Zie Par. A48, A49 en A50) +c. de samengestelde historische financiële informatie op andere wijze misleidend is – *waaronder vermoede fraude of het vermoede niet-naleven van wet- en regelgeving* –, (Zie Par. A51) dan dient de accountant de geschikte aanpassingen aan het management voor te stellen. -35 Indien het management weigert, of het de accountant niet toestaat de voorgestelde aanpassingen aan de samengestelde historische financiële informatie aan te brengen, dient de accountant de opdracht terug te geven. Hij dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor de teruggave. (Zie Par. A52) +35 Indien het management weigert, of het de accountant niet toestaat de voorgestelde aanpassingen aan de samengestelde historische financiële informatie aan te brengen, dient de accountant de opdracht terug te geven. Hij dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor de teruggave. (Zie Par. A52) 36 Indien teruggave van de opdracht niet mogelijk is, dient de accountant te bepalen welke professionele en wettelijke verantwoordelijkheden in de omstandigheden van toepassing zijn. -37 De accountant dient een erkenning van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen te verkrijgen dat het de verantwoordelijkheid heeft genomen voor de definitieve versie van de samengestelde historische financiële informatie. (Zie Par. A62) +37 De accountant dient een erkenning van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen te verkrijgen dat het de verantwoordelijkheid heeft genomen voor de definitieve versie van de samengestelde historische financiële informatie. (Zie Par. A62) #### . Documentatie -38 De accountant dient het volgende in de opdrachtdocumentatie op te nemen: (Zie Par. A53, A54 en A55) +38 De accountant dient het volgende in de opdrachtdocumentatie op te nemen: (Zie Par. A53, A54 en A55) a. significante aangelegenheden die zich tijdens de samenstellingsopdracht voordoen en hoe de accountant hiermee is omgegaan; b. een aansluiting van de samengestelde historische financiële informatie op de onderliggende vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie die door het management is verschaft; en -c. een kopie van de definitieve versie van de samengestelde historische financiële informatie waarvoor het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen hun verantwoordelijkheid hebben erkend, en de samenstellingsverklaring. (Zie Par. A62) +c. een kopie van de definitieve versie van de samengestelde historische financiële informatie waarvoor het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen hun verantwoordelijkheid hebben erkend, en de samenstellingsverklaring. (Zie Par. A62) #### . De samenstellingsverklaring 39 Een belangrijk doel van de samenstellingsverklaring is het duidelijk communiceren van de aard van de samenstellingsopdracht en de rol en de verantwoordelijkheden van de accountant tijdens de opdracht. De samenstellingsverklaring is geen middel om een oordeel of een conclusie over de historische financiële informatie tot uitdrukking te brengen, in welke vorm dan ook. -40 De samenstellingsverklaring die voor de samenstellingsopdracht wordt uitgebracht dient schriftelijk te zijn en dient de volgende elementen te omvatten: (Zie Par. A56, A57, A61 en A63) +40 De samenstellingsverklaring die voor de samenstellingsopdracht wordt uitgebracht dient schriftelijk te zijn en dient de volgende elementen te omvatten: (Zie Par. A56, A57, A61 en A63) a. de titel van de verklaring; -b. de geadresseerde(n), zoals door de opdrachtvoorwaarden wordt vereist; (Zie Par. A58) +b. de geadresseerde(n), zoals door de opdrachtvoorwaarden wordt vereist; (Zie Par. A58) c. een vermelding dat de accountant de historische financiële informatie heeft samengesteld op basis van de informatie die door het management is verschaft; d. een beschrijving van de verantwoordelijkheden van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen met betrekking tot de samenstellingsopdracht en met betrekking tot de historische financiële informatie; e. identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en, indien er een stelsel voor bijzondere doeleinden wordt gehanteerd, een beschrijving van of een verwijzing naar de beschrijving van dat stelsel voor bijzondere doeleinden in de historische financiële informatie; f. identificatie van de historische financiële informatie, inclusief de titel van ieder element van de historische financiële informatie indien deze meer dan één element bevat, en vermelding van de datum van de historische financiële informatie of de verslagperiode waarop de historische financiële informatie betrekking heeft; g. een beschrijving van de verantwoordelijkheden van de accountant bij het samenstellen van de historische financiële informatie, waaronder dat de opdracht overeenkomstig deze standaard is uitgevoerd en dat de accountant relevante ethische voorschriften heeft nageleefd; h. een beschrijving van wat een samenstellingsopdracht overeenkomstig deze standaard inhoudt; -i. uitleg dat van de accountant niet vereist wordt de kwaliteit of de volledigheid van de informatie die door het management ten behoeve van de samenstelling wordt verschaft, te verifiëren; (Zie Par. A61A) -j. indien de historische financiële informatie is opgesteld door gebruik te maken van een stelsel voor bijzondere doeleinden, een toelichtende paragraaf die: (Zie Par. A59, A60 en A61) +i. uitleg dat van de accountant niet vereist wordt de kwaliteit of de volledigheid van de informatie die door het management ten behoeve van de samenstelling wordt verschaft, te verifiëren; (Zie Par. A61A) +j. indien de historische financiële informatie is opgesteld door gebruik te maken van een stelsel voor bijzondere doeleinden, een toelichtende paragraaf die: (Zie Par. A59, A60 en A61) 1. het doel beschrijft waarvoor, en, indien nodig, de beoogde gebruikers voor wie, de historische financiële informatie is opgesteld, of een verwijzing naar een toelichting in de historische financiële informatie bevat die deze informatie toelicht; en 2. de aandacht van de lezers van de verklaring vestigt op het feit dat de historische financiële informatie overeenkomstig een stelsel voor bijzondere doeleinden is opgesteld en dat als gevolg daarvan de informatie mogelijk niet voor andere doeleinden geschikt is; k. de datum van de samenstellingsverklaring; l. de handtekening van de accountant; en m. het adres van de accountant. -41 De accountant dient de verklaring te dateren op de datum waarop de accountant de samenstellingsopdracht overeenkomstig deze standaard heeft voltooid. (Zie Par. A62) +41 De accountant dient de verklaring te dateren op de datum waarop de accountant de samenstellingsopdracht overeenkomstig deze standaard heeft voltooid. (Zie Par. A62) ##### . Uitzondering op de rapporteringsvereiste bij publicatiestukken -41A *In het geval van publicatiestukken kan toepassing van de paragrafen 40 en 41 achterwege blijven.* (Zie Par. A56) +41A *In het geval van publicatiestukken kan toepassing van de paragrafen 40 en 41 achterwege blijven.* (Zie Par. A56) ### . Toepassingsgerichte en overige verklarende teksten #### . Toepassingsgebied van deze standaard -##### . Algemene overwegingen (Zie Par. 1) +##### . Algemene overwegingen (Zie Par. 1) A1 In een samenstellingsopdracht waar de opdrachtgevende partij een andere partij is dan het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen, kan deze standaard worden toegepast en voor zover nodig aangepast. A1A *Deze standaard is van toepassing op een accountant, waaronder een intern- of overheidsaccountant, die op grond van een overeenkomst van opdracht specifiek het samenstellen van historische financiële informatie is overeengekomen;* @@ -17057,7 +17057,7 @@ A1A *Deze standaard is van toepassing op een accountant, waaronder een intern- o • *een accountant die op een tijdelijke basis werkzaam is als hoofd financiële administratie, controller of in een vergelijkbare functie en de resultaten van zijn werkzaamheden presenteert onder de naam van de entiteit van zijn opdrachtgever.* A2 De betrokkenheid van een accountant bij diensten of activiteiten in het kader van ondersteuning van het management van een entiteit bij het opstellen en het presenteren van de historische financiële informatie van de entiteit kan vele vormen aannemen. Wanneer de accountant de opdracht heeft gekregen om onder deze standaard een entiteit dergelijke diensten of activiteiten te verschaffen, wordt de associatie van de accountant met de historische financiële informatie gecommuniceerd door de samenstellingsverklaring, in de vorm die door deze standaard is vereist. De samenstellingsverklaring van de accountant bevat de expliciete bewering van de accountant dat hij deze standaard naleeft. -##### . Het toepassingsgebied van de standaard (Zie Par. 2) +##### . Het toepassingsgebied van de standaard (Zie Par. 2) A3 Deze standaard heeft betrekking op opdrachten waar de accountant het management ondersteunt bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie. @@ -17074,7 +17074,7 @@ Deze standaard mag ook worden toegepast, voor zover nodig aangepast, wanneer de *Zie bijlage ‘Stroomschema toepassingsgebied Standaard 4410’.* -##### . Gebruik van de termen ‘financiële overzichten’ en ‘historische financiële informatie’ (Zie Par. 2, 17(d), 17(e) +##### . Gebruik van de termen ‘financiële overzichten’ en ‘historische financiële informatie’ (Zie Par. 2, 17(d), 17(e) A3A *Financiële overzichten vormen een onderdeel van historische financiële informatie.* @@ -17111,7 +17111,7 @@ A3B *De betrokkenheid van een accountant bij het opstellen van een jaarrekening A3C *Het afgeven van een controle- of een beoordelingsverklaring en een samenstellingsverklaring door één kantoor of een ander onderdeel van het Nederlandse netwerk is maatschappelijk niet wenselijk en kan tot verwarring leiden. Bovendien worden de vereisten in het kader van de uitvoering van een samenstellingsopdracht inhoudelijk afgedekt door de standaarden voor controle- of beoordelingsopdrachten waardoor het verplicht toepassen van deze standaard maatschappelijk geen meerwaarde heeft.* A4 Accountants kunnen tevens opdrachten aanvaarden om het management te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van niet-financiële informatie, bijvoorbeeld emissieverslagen en kengetallen. In die omstandigheden kan de accountant deze standaard toepassen, voor zover noodzakelijk aangepast, als dat voor die soorten opdrachten relevant is. -###### . Overwegingen die relevant zijn voor het toepassen van deze standaard (Zie Par. 3) +###### . Overwegingen die relevant zijn voor het toepassen van deze standaard (Zie Par. 3) A5 *Door (vrijwillig) gebruik te maken van deze standaard, wordt de verantwoordelijkheid van de accountant ten opzichte van het management geregeld en wordt zijn betrokkenheid bij de samengestelde informatie duidelijk gemaakt bij de gebruikers in de vorm van een samenstellingsverklaring. Standaard 4410 is een hulpmiddel voor een accountant waarmee hij invulling kan geven aan de VGBA. Hij kan zo voorkomen dat zijn betrokkenheid bij bepaalde informatie door een ander verkeerd wordt begrepen dan wel onjuist wordt voorgesteld (het laatste is beschreven in artikel 10 van de VGBA).* @@ -17149,7 +17149,7 @@ A11 Een tekortkoming in het stelsel van kwaliteitsbeheersing van het kantoor wij #### . De samenstellingsopdracht -##### . Gebruik van de term ‘management’ en ‘de met governance belaste personen’ (Zie Par. 5, 7 en 8, 17(c), 17(f)) +##### . Gebruik van de term ‘management’ en ‘de met governance belaste personen’ (Zie Par. 5, 7 en 8, 17(c), 17(f)) A12 De respectieve verantwoordelijkheden van het management en de met governance belaste personen zullen tussen rechtsgebieden en tussen soorten entiteiten verschillen. Deze verschillen beïnvloeden de manier waarop de accountant de vereisten van deze standaard toepast met betrekking tot het management of de met governance belaste personen. Derhalve is de zinsnede ‘management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen’ die op verschillende plekken in deze standaard wordt gebruikt, bedoeld om de accountant alert te maken op het feit dat verschillende omgevingen van entiteiten verschillende management- en governancestructuren en -regelingen kunnen hebben. A13 Verschillende verantwoordelijkheden met betrekking tot het opstellen van historische financiële informatie en externe financiële verslaggeving vallen onder hetzij het management, hetzij de met governance belaste personen afhankelijk van factoren als: @@ -17161,12 +17161,12 @@ In veel kleine entiteiten is er vaak geen onderscheid in de rollen op het gebied In sommige rechtsgebieden is het opstellen van de financiële overzichten voor een entiteit in overeenstemming met een gespecificeerd stelsel de verantwoordelijkheid van de met governance belaste personen, in andere rechtsgebieden is dit de verantwoordelijkheid van het management. -##### . Betrokkenheid bij andere activiteiten met betrekking tot het opstellen en presenteren van historische financiële informatie (Zie Par. 5, 17(e)) +##### . Betrokkenheid bij andere activiteiten met betrekking tot het opstellen en presenteren van historische financiële informatie (Zie Par. 5, 17(e)) A14 De uitvoering van een samenstellingsopdracht zal variëren afhankelijk van de omstandigheden van de opdracht. In elk geval zal er sprake zijn van het ondersteunen van het management bij het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie van de entiteit in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Dit gebeurt op basis van informatie die door het management wordt verschaft. Bij sommige samenstellingsopdrachten kan het management de historische financiële informatie zelf al (*geheel of gedeeltelijk*) in een conceptversie of in een voorlopige vorm hebben opgesteld. A15 Naast de samenstellingsopdracht kan een accountant ook de opdracht krijgen om namens het management bepaalde andere activiteiten te ondernemen. Zo kan de accountant worden verzocht om tevens de onderliggende administratieve gegevens te verzamelen, te rubriceren en samen te vatten in de vorm van administratieve vastleggingen tot en met de productie van een saldibalans. De saldibalans zou dan als de onderliggende informatie worden gebruikt waaruit de accountant de historische financiële informatie kan samenstellen die het onderwerp is van een samenstellingsopdracht die overeenkomstig deze standaard wordt uitgevoerd. Dit is vaak het geval bij kleinere entiteiten die niet beschikken over goed ontwikkelde administratieve systemen, of bij entiteiten die het opstellen van de administratie bij voorkeur aan externe dienstverleners uitbesteden. Deze standaard heeft geen betrekking op dergelijke aanvullende activiteiten die de accountant zou kunnen uitvoeren om het management in andere gebieden te ondersteunen, voorafgaand aan het samenstellen van de historische financiële informatie van de entiteit. -##### . Stelsels inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 10) +##### . Stelsels inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 10) A16 De historische financiële informatie kan zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel inzake financiële verslaggeving dat erop gericht is te voorzien in: @@ -17185,7 +17185,7 @@ A18 Voorbeelden van stelsels inzake financiële verslaggeving voor bijzondere do • grondslagen voor financiële verslaggeving die in de historische financiële informatie van een bepaalde entiteit worden gebruikt die geschikt zijn voor het beoogde gebruik van de historische financiële informatie en de omstandigheden van de entiteit (bijvoorbeeld, financiële verslaggeving op kasbasis met geselecteerde toerekeningen, zoals debiteuren en crediteuren, die leiden tot een balans en een winst-en-verliesrekening; of het gebruik van een vastgesteld stelsel inzake financiële verslaggeving dat is aangepast om te voldoen aan het specifieke doel waarvoor de historische financiële informatie is opgesteld); • de financiële verslaggeving op kasbasis die leidt tot een overzicht van ontvangsten en uitgaven (bijvoorbeeld ten behoeve van het toewijzen van het kasoverschot aan de eigenaren van een gebouw; of om mutaties vast te leggen in de kleine kas van een club). -#### . Ethische voorschriften (Zie Par. 21) +#### . Ethische voorschriften (Zie Par. 21) A19 De VGBA legt de fundamentele beginselen van de beroepsethiek vast die accountants moeten naleven en verschaft een conceptueel raamwerk voor de toepassing van die beginselen. De fundamentele beginselen zijn: @@ -17197,7 +17197,7 @@ e. vertrouwelijkheid. Bij het naleven van de VGBA is het vereist dat bedreigingen voor het door de accountant naleven van relevante ethische voorschriften worden geïdentificeerd en hierop op passende wijze wordt ingespeeld. -##### . Ethische overwegingen met betrekking tot de associatie van de accountant met informatie (Zie Par. 21, 24(a)–(d)) +##### . Ethische overwegingen met betrekking tot de associatie van de accountant met informatie (Zie Par. 21, 24(a)–(d)) A20 De VGBA653* VGBA artikel 9.* vereist van de accountant die betrokken is bij of in verband wordt gebracht met informatie die materieel onjuist, onvolledig of misleidend is, dat hij: @@ -17206,11 +17206,11 @@ A20 De VGBA653* VGBA artikel 9.* vereist van de accountant die betrokken is bij Indien dit niet mogelijk is distantieert de accountant zich van deze informatie. Deze eisen vormen een invulling van het fundamentele beginsel integriteit. -##### . Onafhankelijkheid (Zie Par. 17(j), 21) +##### . Onafhankelijkheid (Zie Par. 17(j), 21) A21 De Verordening inzake de onafhankelijke uitvoering van assurance-opdrachten is niet van toepassing op samenstellingsopdrachten. -#### . Professionele oordeelsvorming (Zie Par. 22, 24(e)(iii)) +#### . Professionele oordeelsvorming (Zie Par. 22, 24(e)(iii)) A22 Professionele oordeelsvorming is van essentieel belang voor het op passende wijze uitvoeren van een samenstellingsopdracht. Dit is zo omdat de interpretatie van relevante ethische voorschriften en van de vereisten van deze standaard, en de behoefte aan weloverwogen beslissingen tijdens het uitvoeren van een samenstellingsopdracht, de toepassing van relevante kennis van en ervaring met de feiten en van de omstandigheden van de opdracht vereisen. Professionele oordeelsvorming is noodzakelijk, in het bijzonder wanneer bij de opdracht het management van de entiteit wordt ondersteund met betrekking tot het nemen van beslissingen over: @@ -17229,7 +17229,7 @@ A24 Het toepassen van professionele oordeelsvorming bij afzonderlijke opdrachten • het inzicht van de accountant in de activiteiten van de entiteit, inclusief haar administratieve systeem, en in de toepassing van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in de sector waarin de entiteit werkzaam is; • de mate waarin voor het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie het toepassen van oordeelsvorming door het management is vereist. -#### . Kwaliteitsbeheersing op het niveau van de opdracht (Zie Par. 23(b)) +#### . Kwaliteitsbeheersing op het niveau van de opdracht (Zie Par. 23(b)) A25 Bij het nemen van verantwoordelijkheid voor de algehele kwaliteit van elke opdracht, wordt door de handelingen van de opdrachtpartner en passende signalen aan de andere leden van het opdrachtteam het belang van het bereiken van kwaliteit van de opdracht benadrukt door het volgende: @@ -17237,7 +17237,7 @@ a. het uitvoeren van werkzaamheden die voldoen aan professionele standaarden en b. het naleven van de van toepassing zijnde procedures van het kantoor met betrekking tot kwaliteitsbeheersing; en c. het uitbrengen van de samenstellingsverklaring overeenkomstig deze standaard. -##### . Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en samenstellingsopdrachten (Zie Par. 23(b)(i)) +##### . Aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en samenstellingsopdrachten (Zie Par. 23(b)(i)) A26 *In aansluiting op de NVAK-aav* wordt van het kantoor vereist om die informatie te verkrijgen die in de gegeven omstandigheden noodzakelijk wordt geacht: @@ -17253,12 +17253,12 @@ A27 *In de NVAK-aav is opgenomen dat het kantoor zich inspant om ervoor te zorge #### . Aanvaarding en continuering van de opdracht -##### . Het identificeren van het beoogd gebruik van de historische financiële informatie (Zie Par. 24(a)) +##### . Het identificeren van het beoogd gebruik van de historische financiële informatie (Zie Par. 24(a)) A28 Het beoogd gebruik van de historische financiële informatie wordt geïdentificeerd door verwijzing naar van toepassing zijnde wet- of regelgeving, dan wel andere regelingen die met betrekking tot het verstrekken van historische financiële informatie van de entiteit zijn vastgesteld, waarbij rekening wordt gehouden met de behoeften aan historische financiële informatie van partijen binnen of buiten de entiteit die de beoogde gebruikers zijn. Voorbeelden zijn historische financiële informatie waarvan vereist is te worden verschaft door een entiteit in verband met het doen van transacties of van financieringsaanvragen met externe partijen zoals leveranciers, banken of andere verschaffers van financiering of financiële middelen. A29 Het door de accountant identificeren van het beoogd gebruik van de historische financiële informatie betreft ook inzicht in factoren zoals het/de bijzondere doel(en) van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen of een andere opdrachtgevende partij waarin bedoeld is te voorzien door om de samenstellingsopdracht te verzoeken. Zo kan een instantie die financiële bijdragen toekent van de entiteit vereisen om historische financiële informatie te verschaffen die door een accountant is samengesteld om informatie over bepaalde aspecten van de activiteiten van een entiteit te verkrijgen. Deze historische financiële informatie wordt in een gespecificeerde vorm opgesteld, om het toekennen van een financiële bijdrage of het continueren van een bestaande financiële bijdrage te onderbouwen. -##### . Identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 17(l), 24(b)) +##### . Identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 17(l), 24(b)) A30 Het besluit over het stelsel inzake financiële verslaggeving dat het management hanteert voor de historische financiële informatie wordt genomen in de context van het beoogde gebruik van de historische financiële informatie zoals is beschreven in de overeengekomen opdrachtvoorwaarden en de vereisten van de van toepassing zijnde wet- of regelgeving. A31 Hieronder staan voorbeelden van factoren die erop wijzen dat het relevant kan zijn om te overwegen of het stelsel inzake financiële verslaggeving aanvaardbaar is: @@ -17268,18 +17268,18 @@ A31 Hieronder staan voorbeelden van factoren die erop wijzen dat het relevant ka • de vraag of het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving wordt voorgeschreven of gespecificeerd, hetzij in van toepassing zijnde wet- of regelgeving, of in een contract of andere vorm van overeenkomst met een externe partij, of als onderdeel van regelingen inzake governance of verantwoordingsplicht die door de entiteit vrijwillig zijn gehanteerd; • de aard en vorm van de historische financiële informatie (om) op te stellen en te presenteren onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, bijvoorbeeld een volledige set van financiële overzichten, een enkel financieel overzicht of historische financiële informatie die is gepresenteerd in een andere opmaak die partijen van een contract zijn overeengekomen, of een andere vorm van overeenkomst. -##### . Relevante factoren wanneer historische financiële informatie voor een bepaald doel is bedoeld (Zie Par. 24(a)–(b)) +##### . Relevante factoren wanneer historische financiële informatie voor een bepaald doel is bedoeld (Zie Par. 24(a)–(b)) A32 De opdrachtgevende partij komt doorgaans met de beoogde gebruikers de aard en vorm van historische financiële informatie die is bedoeld voor een bepaald doel overeen, bijvoorbeeld zoals gespecificeerd onder de bepalingen van de financiële verslaggeving van een contract of een projectsubsidie of zoals noodzakelijk is om de transacties of activiteiten van de entiteit te onderbouwen. Het relevante contract kan het gebruik van een vastgesteld stelsel inzake financiële verslaggeving vereisen, zoals een stelsel inzake financiële verslaggeving voor algemene doeleinden dat door een bevoegde of erkende instantie die standaarden vaststelt of dat door wet- en regelgeving is vastgesteld. Anderzijds kunnen de contractpartijen het gebruik van een stelsel voor algemene doeleinden met wijzigingen of aanpassingen overeenkomen die voorzien in hun specifieke behoeften. In dat geval kan het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in de historische financiële informatie en in de samenstellingsverklaring worden beschreven als zijnde de bepalingen van de financiële verslaggeving van het gespecificeerde contract in plaats van met verwijzing naar het aangepaste stelsel inzake financiële verslaggeving. In dergelijke gevallen is het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving een stelsel voor bijzondere doeleinden, ook al kan de samengestelde historische financiële informatie breder beschikbaar worden gesteld en van de accountant wordt vereist dat hij alle relevante rapporteringsvereisten van deze standaard naleeft. A33 Wanneer het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden is, wordt door deze standaard van de accountant vereist om eventuele beperkingen in het beoogde gebruik of in de verspreidingskring van de historische financiële informatie in de opdrachtbevestiging vast te leggen, en in de samenstellingsverklaring te vermelden dat de historische financiële informatie is opgesteld door gebruik te maken van een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden, en derhalve mogelijk niet geschikt is voor andere doeleinden. -##### . Verantwoordelijkheden van het management (Zie Par. 24(e)) +##### . Verantwoordelijkheden van het management (Zie Par. 24(e)) A34 Onder deze standaard wordt van de accountant vereist om de overeenstemming van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen te verkrijgen inzake de verantwoordelijkheden van het management met betrekking tot zowel de historische financiële informatie als de samenstellingsopdracht. De overeenstemming is een voorwaarde die voorafgaat aan de aanvaarding van de opdracht. In kleinere entiteiten kunnen het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen niet goed geïnformeerd zijn over wat die verantwoordelijkheden precies inhouden, inclusief die welke zich voordoen bij van toepassing zijnde wet- of regelgeving. Om de instemming van een geïnformeerd management te verkrijgen, kan de accountant het noodzakelijk achten om die verantwoordelijkheden met het management te bespreken voorafgaand aan verkrijgen van de instemming van het management hierover. A35 Indien het management zijn verantwoordelijkheden in de context van een samenstellingsopdracht niet erkent, is de accountant niet in staat om de opdracht uit te voeren, en is het voor de accountant niet passend om de opdracht te aanvaarden tenzij dit onder van toepassing zijnde wet- of regelgeving is vereist. In omstandigheden waaronder het van de accountant niettemin vereist is om de opdracht te aanvaarden, kan de accountant het nodig achten om met het management te communiceren over het belang van deze aangelegenheden en de implicaties voor de opdracht. A36 De accountant kan zich beroepen op het management om nauwkeurig, volledig en tijdig alle informatie te verschaffen die voor de samenstellingsopdracht relevant is. De vorm van de informatie die ten behoeve van de opdracht door het management is verschaft, zal in verschillende opdrachtomstandigheden verschillen. In grote lijnen zal dit vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie omvatten die relevant zijn voor de samenstelling van de historische financiële informatie, gebruikmakend van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. De verschafte informatie kan bijvoorbeeld informatie bevatten over veronderstellingen van het management, bedoelingen of plannen. Deze liggen ten grondslag aan de ontwikkeling van schattingen die noodzakelijk zijn voor het samenstellen van de informatie onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. -##### . Opdrachtbevestiging of een andere schriftelijke overeenkomst (Zie Par. 25) +##### . Opdrachtbevestiging of een andere schriftelijke overeenkomst (Zie Par. 25) A37 Het is in het belang van zowel het management, eventuele andere opdrachtgevende partijen, als de accountant, dat de accountant vóór het uitvoeren van de samenstellingsopdracht een opdrachtbevestiging verstuurt naar het management en, voor zover van toepassing, de opdrachtgevende partijen, om misverstanden met betrekking tot de samenstellingsopdracht te voorkomen. Een opdrachtbevestiging bevestigt de aanvaarding van de opdracht door de accountant en bevestigt aangelegenheden als: @@ -17301,9 +17301,9 @@ A38 De vorm en inhoud van de opdrachtbevestiging kan voor iedere opdracht versch ###### . Voorbeeld van een opdrachtbevestiging -A39 Een voorbeeld van een opdrachtbevestiging voor een samenstellingsopdracht wordt in HRA deel 3 opgenomen. +A39 Een voorbeeld van een opdrachtbevestiging voor een samenstellingsopdracht wordt in HRA deel 3 opgenomen. -##### . Doorlopende opdrachten (Zie Par. 26) +##### . Doorlopende opdrachten (Zie Par. 26) A40 De accountant kan beslissen om niet iedere verslagperiode een nieuwe opdrachtbevestiging of een andere schriftelijke overeenkomst te sturen. De volgende factoren kunnen er echter op duiden dat het passend is om de voorwaarden van de samenstellingsopdracht te herzien, of om het management of, voor zover van toepassing, de opdrachtgevende partij, te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden: @@ -17315,13 +17315,13 @@ A40 De accountant kan beslissen om niet iedere verslagperiode een nieuwe opdrach • een wijziging in door wet-of regelgeving gestelde eisen die invloed hebben op de entiteit; • een wijziging in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. -#### . Communicatie met het management en de met governance belaste personen (Zie Par. 27) +#### . Communicatie met het management en de met governance belaste personen (Zie Par. 27) A41 De geschikte timing voor communicatie zal afhankelijk zijn van de omstandigheden van de samenstellingsopdracht. Relevante omstandigheden omvatten de significantie en aard van de aangelegenheid en elke verwachte te ondernemen actie door het management of de met governance belaste personen. Het kan bijvoorbeeld passend zijn om een significante moeilijkheid die zich tijdens de opdracht heeft voorgedaan zo snel mogelijk te communiceren indien het management of de met governance belaste personen in staat zijn om de accountant te ondersteunen bij het verhelpen van de moeilijkheid. #### . Het uitvoeren van de opdracht -##### . Het inzicht van de accountant (Zie Par. 28) +##### . Het inzicht van de accountant (Zie Par. 28) A42 Het verwerven van inzicht in de activiteiten van de entiteit, inclusief het administratieve systeem en vastleggingen van de entiteit, is een voortdurend proces dat gedurende de samenstellingsopdracht plaatsvindt. Het inzicht geeft een referentiekader waarbinnen de accountant professionele oordeelsvorming toepast bij het samenstellen van de historische financiële informatie. A43 De omvang van het inzicht dat de accountant heeft of dat hij over de activiteiten van de entiteit verwerft, is minder dan waarover het management beschikt. Het is gericht op het niveau dat voor de accountant voldoende is om onder de opdrachtvoorwaarden de historische financiële informatie te kunnen samenstellen. @@ -17336,21 +17336,21 @@ A44 Voorbeelden van aangelegenheden die de accountant in overweging kan nemen bi ##### . Het samenstellen van de historische financiële informatie -###### . Significante oordeelsvormingen (Zie Par. 30) +###### . Significante oordeelsvormingen (Zie Par. 30) A45 Bij sommige samenstellingsopdrachten biedt de accountant geen ondersteuning aan het management bij significante oordeelsvormingen. Bij andere opdrachten kan de accountant bijvoorbeeld dergelijke ondersteuning bieden met betrekking tot een vereiste schatting of door het management te ondersteunen bij het overwegen van passende grondslagen voor financiële verslaggeving. Waar ondersteuning geboden wordt, is het nodig te overleggen zodat het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen inzicht hebben in en hun verantwoordelijkheid nemen voor de significante oordeelsvormingen die in de historische financiële informatie zijn weerspiegeld. -###### . Het lezen van de historische financiële informatie (Zie Par. 31) +###### . Het lezen van de historische financiële informatie (Zie Par. 31) A46 De accountant leest de historische financiële informatie ter ondersteuning bij het voldoen aan de ethische verplichtingen die voor de samenstellingsopdracht relevant zijn. ###### . Het voorstellen van aanpassingen aan de historische financiële informatie -####### . Verwijzing naar of beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 34(a)) +####### . Verwijzing naar of beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving (Zie Par. 34(a)) A47 Er kunnen omstandigheden bestaan wanneer het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving een vastgesteld stelsel inzake financiële verslaggeving is met significante afwijkingen daarvan. Indien de beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in de samengestelde historische financiële informatie een verwijzing maakt naar het vastgestelde stelsel met significante afwijkingen, kan het noodzakelijk zijn dat de accountant in overweging neemt of de verwijzing naar het vastgestelde stelsel in de omstandigheden van de opdracht misleidend is. -###### . Aanpassingen voor afwijkingen van materieel belang en om te zorgen dat de informatie niet misleidend is (Zie Par. 34(b)–(c)) +###### . Aanpassingen voor afwijkingen van materieel belang en om te zorgen dat de informatie niet misleidend is (Zie Par. 34(b)–(c)) A48 Het overwegen van de materialiteit door de accountant vindt plaats binnen de context van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Sommige stelsels inzake financiële verslaggeving behandelen het concept van materialiteit binnen de context van het opstellen en het presenteren van historische financiële informatie. Ook al kunnen stelsels inzake financiële verslaggeving materialiteit in verschillende termen omschrijven, in het algemeen zetten zij uiteen dat: @@ -17366,11 +17366,11 @@ A50 De perceptie van de accountant ten aanzien van de behoeften van gebruikers v • redelijke economische beslissingen nemen op basis van de informatie in de historische financiële informatie. A51 Het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving kan als uitgangspunt bevatten dat de historische financiële informatie is opgesteld op basis van continuïteit. Indien de accountant zich ervan bewust wordt dat er onzekerheden bestaan met betrekking tot het vermogen van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, kan de accountant, in voorkomend geval een meer passende presentatie onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving voorstellen of passende toelichtingen voorstellen met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, om dat stelsel na te leven en om te voorkomen dat de historische financiële informatie misleidend is. -###### . Omstandigheden die van de accountant vereisen dat hij de opdracht teruggeeft (Zie Par. 33 en 35) +###### . Omstandigheden die van de accountant vereisen dat hij de opdracht teruggeeft (Zie Par. 33 en 35) A52 In omstandigheden die zijn aangegeven in de vereisten van deze standaard en waarbij het noodzakelijk is om de opdracht terug te geven, verschaft de verantwoordelijkheid om het management en de met governance belaste personen op de hoogte te stellen van de redenen voor teruggave, de gelegenheid om de ethische verplichtingen van de accountant uit te leggen. -#### . Documentatie (Zie Par. 38) +#### . Documentatie (Zie Par. 38) A53 De documentatie die door deze standaard wordt vereist dient een aantal doelen, waaronder de volgende: @@ -17379,23 +17379,23 @@ A53 De documentatie die door deze standaard wordt vereist dient een aantal doele A54 De accountant kan tevens overwegen of hij een kopie van de saldibalans van de entiteit, een samenvatting van significante vastleggingen of andere informatie die de accountant heeft gebruikt om de samenstelling uit te voeren, in de opdrachtdocumentatie op te nemen. A55 De accountant legt vast hoe de samengestelde historische financiële informatie aansluit op de onderliggende vastleggingen, documenten, uitleg en andere informatie die door het management zijn verschaft ten behoeve van de samenstellingsopdracht. Hij kan hierbij bijvoorbeeld een schema bijhouden dat de aansluiting laat zien van de rekeningsaldi in het grootboek van de entiteit met de samengestelde historische financiële informatie, inclusief aanpassingen via journaalposten of andere aanpassingen in de historische financiële informatie die de accountant met het management in de loop van de opdracht is overeengekomen. -#### . De samenstellingsverklaring (Zie Par. 40 en 41A) +#### . De samenstellingsverklaring (Zie Par. 40 en 41A) A56 De schriftelijke verklaring omvat zowel verklaringen die zijn uitgebracht in hard copy als verklaringen die op elektronische wijze zijn uitgebracht. *Het uitbrengen van een samenstellingsverklaring maakt onderdeel uit van een samenstellingsopdracht. De enige uitzondering hierop is een samenstellingsverklaring bij publicatiestukken: bij die samenstellingsopdracht, uit te voeren in overeenstemming met deze standaard, mag een samenstellingsverklaring achterwege blijven. Ingeval van een wettelijke controle wordt bij publicatiestukken op grond van Titel 9 Boek 2 BW een controleverklaring vereist. Vooralsnog lijkt in het maatschappelijk verkeer geen behoefte te zijn aan een samenstellingsverklaring bij publicatiestukken.* A57 De accountant kan ervan op de hoogte zijn dat de samengestelde historische financiële informatie en de samenstellingsverklaring zullen worden opgenomen in een document dat andere informatie bevat, zoals een jaarrapport. Hij kan dan overwegen, indien de presentatievorm dit toelaat, de nummers van de pagina’s waarop de historische financiële informatie wordt gepresenteerd te vermelden. Dit ondersteunt de gebruikers om de historische financiële informatie te identificeren waarop de samenstellingsverklaring betrekking heeft. -##### . Geadresseerden van de verklaring (Zie Par. 40(b)) +##### . Geadresseerden van de verklaring (Zie Par. 40(b)) A58 In wet- of regelgeving kan worden gespecificeerd aan wie de samenstellingsverklaring te adresseren in het specifieke rechtsgebied. De samenstellingsverklaring wordt doorgaans geadresseerd aan de partij die de accountant de opdracht heeft gegeven, gewoonlijk het management van de entiteit. -##### . Historische financiële informatie die is opgesteld door gebruik te maken van een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden (Zie Par. 40 (j)) +##### . Historische financiële informatie die is opgesteld door gebruik te maken van een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden (Zie Par. 40 (j)) A59 Indien de historische financiële informatie is opgesteld door gebruik te maken van een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden, is het onder deze standaard vereist dat de samenstellingsverklaring de aandacht van de lezers van de verklaring vestigt op het stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden dat in de historische financiële informatie wordt gebruikt. Tevens is het vereist om te vermelden dat de historische financiële informatie derhalve mogelijk niet geschikt is voor andere doeleinden. Dit kan worden aangevuld door een additionele clausule die de verspreiding of het gebruik, of beide, van de samenstellingsverklaring aan alleen de beoogde gebruikers beperkt. A60 Historische financiële informatie die is opgesteld voor een bepaald doel kan door andere partijen dan de beoogde gebruikers worden verkregen die de informatie zouden willen gebruiken voor andere doeleinden dan die waarvoor de informatie bedoeld was. Zo kan een regelgever of toezichthouder van bepaalde entiteiten vereisen dat zij financiële overzichten verschaffen die zijn opgesteld door gebruik te maken van een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden, en dat die financiële overzichten openbaar zijn. Het feit dat die financiële overzichten ook beschikbaar zijn voor andere partijen dan de beoogde gebruikers houdt niet in dat deze financiële overzichten dan financiële overzichten voor algemene doeleinden zouden worden. De vermeldingen van de accountant die moeten worden opgenomen in de samenstellingsverklaring zijn noodzakelijk om de aandacht van de lezers te vestigen op het feit dat de financiële overzichten zijn opgesteld onder een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden en derhalve mogelijk niet geschikt zijn voor andere doeleinden. -###### . Beperking in gebruik en verspreiding van de samenstellingsverklaring (Zie Par. 40) +###### . Beperking in gebruik en verspreiding van de samenstellingsverklaring (Zie Par. 40) A61 De accountant kan het passend achten om erop te wijzen dat de samenstellingsverklaring slechts is bestemd voor de specifieke gebruikers van de historische financiële informatie. Afhankelijk van de wet- of regelgeving van het bepaalde rechtsgebied kan dit worden bereikt door een beperking in de verspreiding van de samenstellingsverklaring of het gebruik hiervan, of beide, aan alleen de beoogde gebruikers. @@ -17403,11 +17403,11 @@ A61 De accountant kan het passend achten om erop te wijzen dat de samenstellings A61A *De vereisten met betrekking tot de in de verklaring op te nemen elementen staan er borg voor dat op een deugdelijke wijze wordt toegelicht wat de opdrachtgever en eventuele andere lezers van de verklaring mogen verwachten van de accountant bij een samenstelopdracht. Er geldt dan ook geen vereiste voor de accountant om in zijn verklaring tot uitdrukking te brengen dat er geen sprake is van een controle- of beoordelingsverklaring. Accountants kunnen een dergelijke zinsnede wel opnemen, bijvoorbeeld om convergentie te bereiken binnen een internationaal netwerk.* -##### . Het voltooien van de samenstellingsopdracht en het dateren van de samenstellingsverklaring (Zie Par. 37, 38 en 41) +##### . Het voltooien van de samenstellingsopdracht en het dateren van de samenstellingsverklaring (Zie Par. 37, 38 en 41) A62 Het proces dat binnen de entiteit bestaat voor het vaststellen van de historische financiële informatie door het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen is voor de accountant een relevante overweging bij het voltooien van de samenstellingsopdracht. Afhankelijk van de aard en het doel van de historische financiële informatie kan er een vastgesteld goedkeuringsproces bestaan waarbij van het management of de met governance belaste personen wordt vereist dat zij dit volgen, of waarbij dat wordt voorgeschreven in van toepassing zijnde wet- en regelgeving, voor het opstellen en afronden van historische financiële informatie of financiële overzichten van de entiteit. -###### . Voorbeelden van rapporten (Zie Par. 40) +###### . Voorbeelden van rapporten (Zie Par. 40) A63 HRA deel 3 bevat voorbeelden van samenstellingsverklaringen waarin de vereiste elementen van de verklaring zijn opgenomen. @@ -17501,7 +17501,7 @@ h. **het tijdstip van uitvoering en de basis voor de bepaling van het honorarium i. **de te verwachten vorm van de rapportage, of indien van toepassing het ontbreken van een rapportage;** j. **beperkingen in en condities met betrekking tot de verspreiding van het rapport;** k. **eventuele tussentijdse aanpassing van de opdrachtbevestiging.** -20 Gedurende de dienstverlening of op grond van de resultaten daarvan kan de opdrachtgever verzoeken om aanvullende informatie of ondersteuning. **Belangrijke veranderingen in de oorspronkelijke aard en omvang van de opdracht gedurende het onderzoek dienen schriftelijk te worden vastgelegd in een gewijzigde of aanvullende opdrachtbevestiging of in de rapportage.** Het is aan de opdrachtgever en andere gebruikers (zie Par. 27) om de toereikendheid van de overeengekomen werkzaamheden te beoordelen. +20 Gedurende de dienstverlening of op grond van de resultaten daarvan kan de opdrachtgever verzoeken om aanvullende informatie of ondersteuning. **Belangrijke veranderingen in de oorspronkelijke aard en omvang van de opdracht gedurende het onderzoek dienen schriftelijk te worden vastgelegd in een gewijzigde of aanvullende opdrachtbevestiging of in de rapportage.** Het is aan de opdrachtgever en andere gebruikers (zie Par. 27) om de toereikendheid van de overeengekomen werkzaamheden te beoordelen. ### . Planning @@ -17553,36 +17553,36 @@ k. **naam en adres van de beroepsbeoefenaar.** 1. Standaard 702N is niet van toepassing op een controle van financiële historische informatie waarvan -a. de verslagperiode voor 15 december 2014 is of wordt gesloten; en -b. de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. -2. De Nadere voorschriften controle- en overige Standaarden zoals deze zijn inwerking zijn getreden op 16 januari 2011 blijven van toepassing op een opdracht waarvan: +a. de verslagperiode voor 15 december 2014 is of wordt gesloten; en +b. de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. +2. De Nadere voorschriften controle- en overige Standaarden zoals deze zijn inwerking zijn getreden op 16 januari 2011 blijven van toepassing op een opdracht waarvan: -a. de verslagperiode is gestart voor 15 december 2013; en -b. de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. +a. de verslagperiode is gestart voor 15 december 2013; en +b. de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. 3. In aanvulling op het voorgaande lid hoeft Standaard 3420 niet te worden toegepast op een opdracht: -a. die voor 1 januari 2014 is aanvaard; en -b. waarvan de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. -4. Standaarden 200 tot en met 810 van de Nadere voorschriften controle- en overige Standaarden zoals deze in werking zijn getreden op 1 juli 2007 blijven van toepassing op een opdracht waarvan: +a. die voor 1 januari 2014 is aanvaard; en +b. waarvan de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. +4. Standaarden 200 tot en met 810 van de Nadere voorschriften controle- en overige Standaarden zoals deze in werking zijn getreden op 1 juli 2007 blijven van toepassing op een opdracht waarvan: -a. de verslagperiode voor 15 december 2010 is geëindigd; en -b. de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. +a. de verslagperiode voor 15 december 2010 is geëindigd; en +b. de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. 5. Standaard 3402 is niet van toepassing op een assurance-opdracht van een accountant van een serviceorganisatie waarvan: -a. de verslagperiode eindigt vóór 15 juni 2011; en -b. het assurance-rapport wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. +a. de verslagperiode eindigt vóór 15 juni 2011; en +b. het assurance-rapport wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. 6. Standaard 3850N is niet van toepassing op een assurance- of overige opdracht waarvan: -a. de prospectus is overeengekomen vóór 1 juli 2010; en -b. de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. +a. de prospectus is overeengekomen vóór 1 juli 2010; en +b. de verklaring wordt gedateerd uiterlijk op 31 december 2016. ### . Intrekking -De NV COS met terugwerkende kracht in werking getreden op 1 januari 2015 worden ingetrokken. +De NV COS met terugwerkende kracht in werking getreden op 1 januari 2015 worden ingetrokken. ### . Inwerkingtreding -Deze nadere voorschriften treden in werking op de eerste dag na publicatie in de Staatscourant en werken terug tot en met 1 april 2016. +Deze nadere voorschriften treden in werking op de eerste dag na publicatie in de Staatscourant en werken terug tot en met 1 april 2016. ### . Citeertitel