2022-10-01 | BWBR0012287 | Vreemdelingencirculaire 2000 (A)

This commit is contained in:
Coornhert 2022-10-01 12:00:00 +00:00
parent eda92a4d5b
commit 55de0881f9

View file

@ -23,7 +23,7 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| amv | alleenstaande minderjarige vreemdeling |
| Anw | Algemene nabestaandenwet |
| AOW | Algemene Ouderdomswet |
| APV | Algemene Plaatselijke Verordening |
| APV AVG | Algemene Plaatselijke Verordening Algemene verordening gegevensbescherming |
| awb | Algemene wet bestuursrecht |
| B&W | college van burgemeester en wethouders |
| Benelux | België, Nederland, Luxemburg |
@ -31,13 +31,11 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| BMA | Bureau Medische Advisering |
| BRP | basisregistratie personen |
| BuPo | Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten |
| BuWav | Besluit uitvoering wet arbeid vreemdelingen |
| BuZa | (Minister/Ministerie van) Buitenlandse Zaken |
| BVID | Basisvoorziening Identiteitsvaststelling |
| BuWav | Besluit uitvoering wet arbeid vreemdelingen 2022 |
| BuZa bv | (Minister/Ministerie van) Buitenlandse Zaken besloten vennootschap |
| BVID BVV | Basisvoorziening Identiteitsvaststelling Basisvoorziening vreemdelingensysteem |
| BW | Burgerlijk Wetboek |
| BZK | (Minister/Ministerie van) Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties |
| bv | besloten vennootschap |
| BVV | Basisvoorziening vreemdelingensysteem |
| Cao | collectieve arbeidsovereenkomst |
| CIR | Centraal Insolventieregister |
| COA | Centraal Orgaan opvang asielzoekers |
@ -110,14 +108,14 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| Rbtv | Register beëdigde tolken en vertalers |
| REAN | Return and Emigration of Aliens from the Netherlands |
| ROC | Regionaal Opleidingscentrum |
| RuWav | Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2014 |
| RuWav | Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022 |
| Rva | Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 |
| Rvb | Regeling verstrekkingen bepaalde categorieën vreemdelingen |
| rvc | raad van commissarissen |
| RvR | Raad voor Rechtsbijstand |
| RWN | Rijkswet op het Nederlanderschap |
| SBB | stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven |
| SGC | Verordening (EU) nr. 2016/399 van het Europees Parlement en de Raad betreffende een Uniecode voor de overschrijding van de grenzen door personen (Schengengrenscode) |
| SGC | Verordening (EU) nr. 2016/399 van het Europees parlement en de Raad betreffende een Uniecode voor de overschrijding van de grenzen door personen (Schengengrenscode) |
| SIRENE | Supplementary Information Request at the National Entries |
| SIS | Schengen Informatiesysteem |
| Stb. | Staatsblad |
@ -152,9 +150,7 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| WAO | Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering |
| Wav | Wet arbeid vreemdelingen |
| WAZ | regeling Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen |
| Wbp | Wet bescherming persoonsgegevens |
| WBV | Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire |
| Wcad | Wet conflictenrecht adoptie |
| WGA | Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsongeschikten |
| WHP | Working Holiday Program |
| WHS | Working Holiday Scheme |
@ -164,14 +160,12 @@ citeertitel: Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
| WIN | Wet inburgering nieuwkomers |
| WML | Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag |
| wo | wetenschappelijk onderwijs |
| Wob | Wet openbaarheid bestuur |
| Wobka | Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie |
| WSF | Wet op de Studiefinanciering |
| Wsw | Wet sociale werkvoorziening |
| WvSr | Wetboek van Strafrecht |
| WvSv | Wetboek van Strafvordering |
| WW | Werkloosheidswet |
| Wwb | Wet werk en bijstand |
| ZHP | Zeehavenpolitie |
| Zvw | Zorgverzekeringswet |
| ZW | Ziektewet |
@ -1599,10 +1593,14 @@ De beleidsregels zijn een aanvulling op of een uitwerking van de volgende artike
Een terugkeerbesluit bevat de volgende elementen:
• de vaststelling dat een vreemdeling niet (langer) rechtmatig in Nederland verblijft;
• de plicht om Nederland, het grondgebied van de EU (met uitzondering van Ierland), EER en Zwitserland te verlaten;
• de termijn waarbinnen de vreemdeling aan zijn vertrekplicht moet voldoen; en
• het benoemen van het land/de landen waarnaar de vreemdeling moet terugkeren voor zover dat land/die landen bekend is/zijn.
a. de vaststelling dat een vreemdeling niet (langer) rechtmatig in Nederland verblijft;
b. de plicht om de lidstaten van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein te verlaten;
c. de termijn waarbinnen de vreemdeling aan zijn vertrekplicht moet voldoen; en
d. het benoemen van het land/de landen waarnaar de vreemdeling moet terugkeren voor zover dat land/die landen bekend is/zijn.
Ad b.
Een vreemdeling met een terugkeerbesluit, een zwaar inreisverbod en rechtmatig verblijf in een andere lidstaat van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein voldoet met zijn vertrek naar de verblijfgevende lidstaat of een ander hiervoor genoemd land niet aan zijn terugkeerverplichting. De vreemdeling voldoet aan deze terugkeerverplichting als hij vertrekt naar een land buiten de EU, Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein.
### 2. Zelfstandig vertrek
@ -2189,20 +2187,18 @@ De documenten met betrekking tot de identiteit van de vreemdeling moeten offici
Het ontbreken van documenten ter staving van de identiteit en nationaliteit valt de vreemdeling niet toe te rekenen, indien:
hij heeft aangetoond dat hij vanwege de regering van het land waarvan hij onderdaan is, niet of niet meer in het bezit van een geldig document voor grensoverschrijding kan worden gesteld; of
hij heeft aangetoond dat de enige mogelijkheid voor de afgifte of verlenging van een geldig document voor grensoverschrijding vereist dat hij in persoon terugkeert naar het land van herkomst.
hij heeft aangetoond dat hij vanwege de regering van het land waarvan hij onderdaan is, niet of niet meer in het bezit van een geldig document voor grensoverschrijding kan worden gesteld; of
hij heeft aangetoond dat de enige mogelijkheid voor de afgifte of verlenging van een geldig document voor grensoverschrijding vereist dat hij in persoon terugkeert naar het land van herkomst.
Aan het vereiste om middels documenten de identiteit en nationaliteit aan te tonen wordt niet voorbijgegaan om de enkele reden dat de vreemdeling in Nederland een medische behandeling ondergaat.
In de situatie dat de vreemdeling wel zijn identiteit en nationaliteit heeft aangetoond middels documenten, legt de IND het medisch advies ter informatie voor aan de vreemdeling en biedt hem daarbij de mogelijkheid om aan de hand van documenten zoals bedoeld in A3/7.1.5 aannemelijk te maken dat de medische zorg voor hem ontoegankelijk is. De IND geeft de vreemdeling een termijn van twee weken om te reageren.
In de situatie dat de vreemdeling wel zijn identiteit en nationaliteit heeft aangetoond middels documenten, legt de IND het medisch advies ter informatie voor aan de vreemdeling en biedt hem daarbij de mogelijkheid om aan de hand van documenten zoals bedoeld in A3/7.1.5 aannemelijk te maken dat de medische zorg voor hem ontoegankelijk is. De IND geeft de vreemdeling een termijn van vier weken om te reageren.
De omstandigheid dat een vreemdeling enkel aangeeft dat de kosten voor een medische behandeling hoog zijn of dat de plek, waar de medische behandeling kan plaatsvinden, ver weg is van de woonplaats van de vreemdeling, vormt onvoldoende reden om een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM aan te nemen.
De IND kent geen betekenis toe aan niet onderbouwde stellingen over enig beletsel dat in de weg staat aan het verkrijgen van toegang tot de benodigde zorg.
Als de vreemdeling heeft gereageerd op het verzoek van de IND en daarbij voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de medische zorg voor hem niet toegankelijk is, dan vraagt de IND in beginsel aan de DT&V te onderzoeken of de vreemdeling direct aansluitend op zijn terugkeer feitelijke toegang tot medische zorg zal kunnen krijgen.
De IND zal in een dergelijk geval in het besluit opnemen dat uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw wordt verleend in afwachting van het uitvoeren van de in dat besluit genoemde voorwaarden (zie verder paragraaf A3/7.3.2.2 Vc).
Om te beoordelen of de medische zorg niet toegankelijk is voor de vreemdeling worden bewijsstukken gevraagd die inzicht geven in de kosten van de medische behandeling in relatie tot het inkomen van de vreemdeling. Ook gaat het om bewijsstukken over de afstand tussen de woonplaats van de vreemdeling en de zorginstelling (in het land van herkomst) en eventueel diens reismogelijkheden in relatie tot de medische klachten.
Als er sprake is van een vertrekmoratorium voor het gebied waar de medische zorg beschikbaar is, zal de IND ambtshalve concluderen dat de medische zorg niet toegankelijk is.
@ -2413,11 +2409,9 @@ De vreemdeling wordt op moment van (het voornemen tot) afwijzen van de aanvraag
###### 7.3.2.4. Toepassing van
In de verlengde asielprocedure kan de IND toepassing geven aan hetgeen gesteld is in paragraaf A3/7.3.2.2 Vc.
In de verlengde asielprocedure kan in afwachting van definitieve besluitvorming uitstel van vertrek worden verleend op grond van artikel 64 Vw, als de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd wordt afgewezen en de intentie bestaat om BMA-onderzoek op te starten, dan wel reeds opgestart is, in het kader van artikel 64 Vw na ontvangst van de bewijsmiddelen en -stukken.
In de verlengde asielprocedure kan in afwachting van definitieve besluitvorming uitstel van vertrek worden verleend op grond van artikel 64 Vw, als de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd wordt afgewezen en de intentie bestaat om BMA-onderzoek op te starten, dan wel reeds opgestart is, in het kader van artikel 64 Vw na ontvangst van de bewijsmiddelen en stukken.
De vreemdeling wordt op moment van (het voornemen tot) afwijzen van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd een toestemmingsverklaring en een verklaring paspoort bij medische omstandigheden toegezonden en erop gewezen dat de uitzetting achterwege blijft op grond van artikel 64 Vw, voor een periode van zes maanden of zoveel korter tot dat een ambtshalve besluit wordt genomen.
De vreemdeling wordt op het moment van (het voornemen tot) afwijzen van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd een toestemmingsverklaring en een verklaring paspoort bij medische omstandigheden toegezonden en erop gewezen dat de uitzetting achterwege blijft op grond van artikel 64 Vw, voor een periode van zes maanden of zoveel korter totdat een ambtshalve besluit wordt genomen.
Als de IND het BMA advies afwacht dan wordt de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen nadat het BMA advies is afgerond.
@ -2648,21 +2642,16 @@ Bij het besluit tot het uitvaardigen van een inreisverbod weegt de IND of de amb
#### 2.3. Aanvang en duur van het inreisverbod
De IND, de politie, KMar en ZHP bepalen de duur van een inreisverbod. Ingevolge artikel 66a, vierde lid, Vw wordt de duur van het inreisverbod berekend met ingang van de datum waarop de vreemdeling Nederland daadwerkelijk heeft verlaten. Onder Nederland wordt verstaan de lidstaten van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein (verder: de lidstaten). Met een inreisverbod wordt de toegang tot en het verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor een bepaalde termijn verboden.
De IND, de politie, KMar en ZHP bepalen de duur van een inreisverbod. Ingevolge artikel 66a, vierde lid, Vw wordt de duur van het inreisverbod berekend met ingang van de datum waarop de vreemdeling de lidstaten van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein daadwerkelijk heeft verlaten. Met een inreisverbod wordt de toegang tot en het verblijf op het grondgebied van de lidstaten van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein voor een bepaalde termijn verboden.
Vreemdeling met verblijfsrecht in een andere lidstaat
Als de vreemdeling een verblijfsrecht heeft in een andere lidstaat en aan hem een inreisverbod is uitgevaardigd, begint de termijn voor de duur van het inreisverbod te lopen als de vreemdeling:
• het grondgebied van de lidstaten verlaat, of
• vertrekt naar en verblijft in de lidstaat waar hij verblijfsrecht heeft.
Als de vreemdeling een verblijfsrecht heeft in een andere lidstaat van de EU (met uitzondering van Ierland) aangevuld met Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein en aan hem een inreisverbod is uitgevaardigd, begint de termijn voor de duur van het inreisverbod te lopen als de vreemdeling het grondgebied van Nederland verlaat.
De IND of de ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen vaardigt een inreisverbod uit voor zover mogelijk voor de maximale duur zoals die in artikel 6.5a Vb is genoemd.
De IND of de ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen vaardigt, op grond van artikel 66a, tweede lid, Vw, een inreisverbod uit voor de duur van één jaar, in de volgende gevallen:
• de vrije termijn, als bedoeld in artikel 3.3 Vb, is met meer dan drie dagen maar niet meer dan 90 dagen overschreden; of
• de vreemdeling is onder meer in het toezicht aangetroffen en voldoet niet of niet langer aan de voorwaarden bedoeld in artikel 12 Vw en artikel 6 SGC, tenzij de vreemdeling onderbouwt dat dit is te wijten aan omstandigheden die de vreemdeling niet zijn toe te rekenen.
• de vreemdeling is bijvoorbeeld in het toezicht aangetroffen en voldoet niet of niet langer aan de voorwaarden bedoeld in artikel 12 Vw en artikel 6 SGC, tenzij de vreemdeling onderbouwt dat dit is te wijten aan omstandigheden die de vreemdeling niet zijn toe te rekenen.
De IND of de ambtenaar belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen vaardigt, op grond van artikel 66a, tweede lid, Vw, een inreisverbod uit voor de duur van twee jaar in geval de vrije termijn, als bedoeld in artikel 3.3 Vb, met meer dan 90 dagen is overschreden.
@ -2906,7 +2895,7 @@ De vreemdeling hoeft geen verklaring als bedoeld in artikel 6.6 lid 4 onder d Vb
De IND neemt uitsluitend in de volgende drie situaties aan dat er sprake is van bijzondere feiten en omstandigheden die leiden tot de inwilliging van de aanvraag tot opheffing van de ongewenstverklaring:
a. strijdigheid met het recht op familie- of gezinsleven dan wel privéleven, bedoeld in artikel 8 EVRM;
b. strijdigheid met artikel 3 EVRM is duurzaam en het handhaven van de ongewenstverklaring is disproportioneel;
b. strijdigheid met artikel 3 EVRM welke duurzaam is en het handhaven van de ongewenstverklaring is disproportioneel;
c. artikel 3.105c of artikel 3.105e Vb is van toepassing.
Bij de beoordeling van de aanvraag tot opheffing van de ongewenstverklaring, betrekt de IND in ieder geval alle feiten en omstandigheden die zijn genoemd in de paragrafen B7/3.8 en B9/14 Vc, voor zover deze feiten en omstandigheden sinds de ongewenstverklaring zijn gewijzigd.
@ -2918,9 +2907,9 @@ Als een ongewenst verklaarde vreemdeling aannemelijk heeft gemaakt dat zijn teru
• of artikel 3 EVRM zich duurzaam verzet tegen uitzetting van de vreemdeling naar het land van herkomst; en zo ja
• of de gevolgen van het handhaven van de ongewenstverklaring voor de vreemdeling disproportioneel zijn, afgewogen tegen het belang van de Nederlandse Staat.
Voor een beschrijving van de term duurzaam onder 1. wordt verwezen naar paragraaf C2/6.2.8 Vc.
Voor een beschrijving van de term duurzaam onder *ad b* wordt verwezen naar paragraaf C2/7.10.2.6 Vc.
Een vreemdeling moet in ieder geval voldoen aan een grotere inspanningsverplichting om aan te tonen dat er geen derde land is waar hij zich kan vestigen als:
Een vreemdeling heeft een grotere inspanningsverplichting om aan te tonen dat er geen derde land is waar hij zich kan vestigen als:
• aan hem artikel 1F Vluchtelingenverdrag is tegengeworpen; of
• hij een gevaar vormt voor de nationale veiligheid.
@ -2939,6 +2928,8 @@ De IND heft de ongewenstverklaring niet op en verleent de vreemdeling geen verbl
#### 3.7. Tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring
De IND kan op grond van artikel 6.7 Vb in zeer uitzonderlijke en dringende gevallen een ongewenstverklaring tijdelijk opheffen. De IND stelt bij een tijdelijke opheffing voorwaarden aan de plaats van binnenkomst en de duur van het verblijf in Nederland. De IND beoordeelt een aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring aan de hand van het beleidskader opgenomen in paragraaf A4/3.7.1 t/m A4/3.7.6 Vc. De IND beoordeelt een aanvraag die is ingediend door een internationaal strafhof of tribunaal aan de hand van het specifieke beleidskader in paragraaf A4/3.7.7 Vc.
##### 3.7.1. Vorm van de aanvraag
Een aanvraag tot tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring moet schriftelijk bij de IND worden ingediend, door uitsluitend één van de hierna genoemden:
@ -2947,7 +2938,7 @@ Een aanvraag tot tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring moet schrifteli
• de gemachtigde van de vreemdeling; of
• een instantie die stelt een bijzonder belang te hebben bij de komst van de vreemdeling naar Nederland.
De IND verstaat onder instantie in ieder geval het OM of een internationaal straftribunaal. Als de aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring wordt ingediend door het OM, moet een Hoofdofficier van Justitie deze ondertekenen. Als de aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring wordt ingediend door een internationaal straftribunaal, moet een persoon van het niveau van een Hoofdofficier van Justitie, waaronder een rechter, deze ondertekenen.
De IND verstaat onder instantie in ieder geval het OM of een internationaal strafhof of tribunaal. Als de aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring wordt ingediend door het OM, moet een Hoofdofficier van Justitie deze ondertekenen. Als de aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring wordt ingediend door een internationaal strafhof of tribunaal, moet een persoon van het niveau van een Hoofdofficier van Justitie, onder wie een rechter, deze ondertekenen.
##### 3.7.2. Inhoud van de aanvraag
@ -2956,18 +2947,22 @@ De aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring moet in ieder gev
• volledige personalia van de vreemdeling, inclusief eventuele aliassen waarvan hij zich eerder heeft bediend;
• datum en plaats van binnenkomst van de vreemdeling;
• vluchtnummers van de heen- en terugvlucht van de vreemdeling;
• reden en noodzaak van de komst van de vreemdeling;
• type, nummer en geldigheidsduur van het reisdocument van de vreemdeling;
• reden en noodzaak van de komst van de vreemdeling. Als de komst van de vreemdeling noodzakelijk is voor een strafzaak bevatten deze gegevens in ieder geval informatie over (de actuele stand en/of het te verwachten verloop van) de strafzaak alsmede de rol die de vreemdeling speelt in de strafzaak;
• het belang van de aanvragende instantie bij de komst van de vreemdeling naar Nederland, als de aanvrager niet de vreemdeling of zijn gemachtigde is;
• het belang dat de vreemdeling heeft bij zijn komst naar Nederland, als de vreemdeling of zijn gemachtigde de aanvrager is;
• verblijfplaats(en) van de vreemdeling gedurende zijn verblijf hier te lande; en
• garanties omtrent het verblijf en de kosten van het verblijf van de vreemdeling.
De vreemdeling, de gemachtigde van de vreemdeling of een instantie die stelt een bijzonder belang te hebben bij de komst van de vreemdeling naar Nederland geeft aan wat de redenen zijn voor het eventueel niet (kunnen) verstrekken van deze gegevens. De IND betrekt dit bij de beoordeling van de aanvraag.
##### 3.7.3. Beoordeling van de aanvraag
De IND willigt in ieder geval in de volgende situaties de aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring in:
De IND kan in de volgende situaties de aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring inwilligen:
a. Er is sprake van zwaarwegende familieomstandigheden;
b. De komst van de vreemdeling naar Nederland is noodzakelijk in verband met een getuigenis in een rechtszaak;
c. De komst van de vreemdeling naar Nederland is noodzakelijk in verband met een eigen rechtszaak.
c. De komst van de vreemdeling naar Nederland is noodzakelijk in verband met een eigen strafzaak.
De IND weegt bij de beoordeling van de aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring altijd de omstandigheden af tegen de ernst en actualiteit van de feiten die aan de ongewenstverklaring ten grondslag hebben gelegen.
@ -2976,30 +2971,48 @@ De IND neemt uitsluitend aan dat er een noodzaak tot de komst van de vreemdeling
De IND neemt niet aan dat er een noodzaak tot de komst van de vreemdeling bestaat bij:
• een civiele zaak; of
• vreemdelingrechtelijke zaak.
een bestuursrechtelijke zaak, waaronder inbegrepen een vreemdelingrechtelijke zaak.
Bij de behandeling door de rechtbank van een civiele of vreemdelingrechtelijke zaak kan worden volstaan met de gemachtigde van de vreemdeling.
Bij de behandeling door de rechtbank van een civiele of een bestuursrechtelijke zaak, waaronder begrepen een vreemdelingrechtelijke zaak kan, worden volstaan met de gemachtigde van de vreemdeling.
In andere zaken dan civiele of vreemdelingrechtelijke neemt de IND uitsluitend aan dat er een noodzaak tot de komst van de vreemdeling bestaat als:
In andere zaken dan civiele of een bestuursrechtelijke, waaronder begrepen een vreemdelingrechtelijke, neemt de IND uitsluitend aan dat er een noodzaak tot de komst van de vreemdeling bestaat als:
• de rechtbank kenbaar maakt dat de vreemdeling aanwezig moet zijn; of
• als een gemachtigde niet kan volstaan.
De vreemdeling moet aannemelijk maken dat sprake is van één van de situaties genoemd onder a, b of c.
##### 3.7.4. Voorwaarden aan de tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring
##### 3.7.4. Gevaar voor de nationale veiligheid
De IND heft een ongewenstverklaring van een vreemdeling die een gevaar vormt voor de nationale veiligheid slechts tijdelijk op als aannemelijk is dat de nationale veiligheid niet in gevaar komt met de komst van de vreemdeling naar Nederland. Deze voorwaarde geldt in aanvulling op de voorwaarden a, b en c uit paragraaf A4/3.7.3 Vc.
De IND betrekt bij de beoordeling of de nationale veiligheid in gevaar komt met de komst van de vreemdeling naar Nederland met name de volgende belangen:
• het belang van strafrechtelijke vervolging en het voorkomen van straffeloosheid;
• het belang van de nationale veiligheid. De IND neemt als uitgangspunt dat een eerder geconstateerd gevaar voor de nationale veiligheid nog geruime tijd actueel blijft. De vreemdeling of de aanvrager kan feiten en omstandigheden aanvoeren waaruit blijkt dat het gevaar voor de nationale veiligheid verminderd of verdwenen is. Dit kan ook uit informatie van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten blijken;
• de mogelijkheden van vertrek uit Nederland na afloop van de strafrechtelijke procedure. Hierbij betrekt de IND onder meer of een (geldig) reisdocument beschikbaar is of verkregen kan worden.
De IND maakt bij elke aanvraag een individuele afweging van deze belangen. De IND legt dit voor aan Onze Minister. De IND besluit slechts tot tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring met instemming van Onze Minister.
Het bovenstaande is van overeenkomstige toepassing op vreemdelingen die om andere redenen dan vanwege nationale veiligheid ongewenst zijn verklaard, maar die op het moment van beoordeling van de aanvraag om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring een gevaar vormen voor de nationale veiligheid.
##### 3.7.5. Voorwaarden aan de tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring
Aan de komst van de vreemdeling naar Nederland en de tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring stelt de IND alle volgende voorwaarden:
• De komst en de duur van de tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring worden beperkt tot de tijd die nodig is voor het doel waarvoor de vreemdeling naar Nederland komt;
• Binnenkomst in en vertrek uit Nederland moeten geschieden via een buitengrens;
• De komst en de duur van de tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring worden beperkt tot de tijd die nodig is voor het doel waarvoor de vreemdeling naar Nederland komt. Als de vreemdeling een gevaar vormt voor de nationale veiligheid en als de vreemdeling overkomt om strafrechtelijk te worden vervolgd, betreft het de tijd die nodig is voor het doel de duur van de strafrechtelijke procedure of de duur van de eventuele strafexecutie;
• Binnenkomst in en vertrek uit Nederland moeten geschieden via een Nederlandse grensdoorlaatpost;
• De tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring gaat in op het moment van binnenkomst van de vreemdeling in Nederland.
##### 3.7.5. Binnenkomst, toezicht en vertrek
##### 3.7.6. Binnenkomst, toezicht en vertrek
De ambtenaar belast met de grensbewaking controleert de binnenkomst in en het vertrek uit Nederland van de vreemdeling van wie de ongewenstverklaring tijdelijk is opgeheven. De IND stelt de ambtenaren belast met de grensbewaking op de hoogte van de komst van de vreemdeling naar Nederland. Bij vertrek van de vreemdeling uit Nederland stellen de ambtenaren belast met de grensbewaking de IND van het moment van het vertrek op de hoogte. Tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring gaat gepaard met tijdelijke toegangsverlening aan een met het oog op weigering van toegang in het SIS gesignaleerde vreemdeling, op grond van artikel 6, vijfde lid, onder c, SGC. De ambtenaar belast met de grensbewaking hanteert de handelwijze zoals beschreven in paragraaf A2/12 Vc.
De ambtenaar belast met de grensbewaking controleert de binnenkomst in en het vertrek uit Nederland van de vreemdeling van wie de ongewenstverklaring tijdelijk is opgeheven. De IND stelt de ambtenaren belast met de grensbewaking op de hoogte van de komst van de vreemdeling naar Nederland. Bij vertrek van de vreemdeling uit Nederland stellen de ambtenaren belast met de grensbewaking de IND van het moment van het vertrek op de hoogte. Tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring gaat gepaard met tijdelijke toegangsverlening aan een met het oog op weigering van toegang in het SIS gesignaleerde vreemdeling.
De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen houdt tijdens het verblijf van de vreemdeling in Nederland toezicht op hem. Welke vorm van toezicht geïndiceerd is, beziet de ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen per vreemdeling. De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen stemt de toe te passen vorm van toezicht af met de instantie die om het verblijf van de vreemdeling in Nederland heeft verzocht.
De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen houdt tijdens het verblijf van de vreemdeling in Nederland toezicht op hem. Welke vorm van toezicht geïndiceerd is, beziet de ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen per vreemdeling. De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen stemt de toe te passen vorm van toezicht af met de instantie die om het verblijf van de vreemdeling in Nederland heeft verzocht. De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen past in het bijzonder maatregelen, zoals bijvoorbeeld vrijheidsbeperkende maatregelen, toe met het oog op het waarborgen van de nationale veiligheid, als de vreemdeling een gevaar vormt voor de nationale veiligheid.
##### 3.7.7. Aanvraag van een internationaal strafhof of tribunaal
De IND beoordeelt een aanvraag van een internationaal strafhof of tribunaal om tijdelijke opheffing van de ongewenstverklaring primair aan de hand van de afspraken tussen Nederland en het tribunaal, zoals bijvoorbeeld vervat in een zetelverdrag of een andere overeenkomst.
#### 3.8. EU-/EER-onderdanen, Zwitserse onderdanen en familieleden