2003-08-01 | BWBR0004259 | Bekostigingsbesluit WEC

This commit is contained in:
Coornhert 2003-08-01 12:00:00 +00:00
parent e0f1dcdf46
commit 5a5c43fbf9

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Bekostigingsbesluit WEC
bwb_id: BWBR0004259
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '1997-06-20'
datum_inwerkingtreding: '2003-08-01'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0004259
citeertitel: Bekostigingsbesluit WEC
---
@ -28,7 +28,9 @@ afdeling: afdeling als bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de wet;
instelling: instelling als bedoeld in artikel 8, eerste lid, tweede volzin, van de wet, tenzij het tegendeel blijkt;
nevenvestiging: een nevenvestiging van een instelling, genoemd in artikel X van de Wet van 31 mei 1995, houdende wijziging van de Interimwet op het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs en van enkele andere wetten inzake samenvoeging van de schoolsoorten onderwijs aan blinde kinderen en onderwijs aan slechtziende kinderen tot de schoolsoort onderwijs aan visueel gehandicapte kinderen (*Stb.* 1995, 319);
regionaal expertisecentrum: een regionaal expertisecentrum als bedoeld in artikel 28b van de wet;
nevenvestiging: een nevenvestiging als bedoeld in de artikelen 76a en 76b van de wet dan wel een nevenvestiging van een instelling, genoemd in artikel X van de Wet van 31 mei 1995, houdende wijziging van de Interimwet op het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs en van enkele andere wetten inzake samenvoeging van de schoolsoorten onderwijs aan blinde kinderen en onderwijs aan slechtziende kinderen tot de schoolsoort onderwijs aan visueel gehandicapte kinderen (*Stb.* 1995, 319);
openbare school: door een of meer gemeenten, al dan niet te zamen met een of meer privaatrechtelijke rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid, in stand gehouden school;
@ -47,11 +49,11 @@ teldatum: een van de data, bedoeld in artikel 118 van de wet;
commissie: de commissie, bedoeld in artikel 41, tweede lid, van de wet;
leerling: een leerling die op grond van artikel 41 van de wet tot een school is toegelaten;
leerling: een leerling die toelaatbaar is verklaard tot een van de onderwijssoorten die door de school worden verzorgd dan wel tot het cluster waartoe de school behoort alsmede een leerling, die toelaatbaar is verklaard tot een andere onderwijssoort binnen het cluster, bedoeld in artikel 2, vierde lid, van de wet dan de onderwijssoort die door de school wordt verzorgd en die met toepassing van artikel 76a van de wet, bij de school is ingeschreven, tenzij anders bepaald;
schooljaar: het tijdvak van 1 augustus tot en met 31 juli daaraanvolgend;
ambulante begeleiding: de begeleiding door een aan een school, niet zijnde een instelling, verbonden leraar van een of meer leerlingen van een basisschool, een speciale school voor basisonderwijs, een school voor voortgezet onderwijs of een school voor voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in deel II van de Wet op het voortgezet onderwijs die zonder deze begeleiding zou onderscheidenlijk zouden zijn aangewezen op het onderwijs dat de school verzorgt, alsmede de ondersteuning van een basisschool, een speciale school voor basisonderwijs, een school voor voortgezet onderwijs of een school voor voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in deel II van de Wet op het voortgezet onderwijs bij de opvang van zodanige leerlingen door een leraar, orthopedagoog, psycholoog of logopedist van de school;
ambulante begeleiding: de begeleiding, bedoeld in artikel 8a, derde lid onder b, van de wet;
lokaal voor motorische therapie: ruimte van 120 m^2 of minder die is bedoeld voor onderwijs in lichamelijke oefening aan leerlingen van 6 jaar en ouder;
@ -81,7 +83,18 @@ Het bevoegd gezag geeft binnen twee weken na beslissing tot opheffing van de sch
### Artikel 5
**1.** De directeur van een school draagt er zorg voor dat een overzichtelijke administratie van de gegevens van de leerlingen met inbegrip van het gemeenschappelijk rapport, bedoeld in artikel 41, zevende lid, van de wet, en van hun ouders, alsmede van de inschrijving, de uitschrijving en het verzuim van de leerlingen op de school aanwezig is. In deze administratie wordt een onderverdeling gemaakt naar leerlingen van de hoofdvestiging en leerlingen van elk van de nevenvestigingen van een instelling. De directeur draagt er zorg voor dat de volledige administratie op de hoofdvestiging aanwezig is.
**1.**
De directeur van een school draagt er zorg voor dat een overzichtelijke administratie van de gegevens van de leerlingen met inbegrip van het gemeenschappelijk rapport, bedoeld in artikel 41, zesde lid, van de wet, en van hun ouders, alsmede van de inschrijving, de uitschrijving en het verzuim van de leerlingen op de school aanwezig is. In deze administratie wordt een onderverdeling gemaakt naar:
- leerlingen van de hoofdvestiging,
- leerlingen van elk van de nevenvestigingen,
- leerlingen die toelaatbaar zijn verklaard tot een van de onderwijssoorten die door de school worden verzorgd dan wel tot het cluster, bedoeld in artikel 2, vierde lid onder d, van de wet, waartoe de school behoort,
- leerlingen die zijn toegelaten op basis van de formatie, bedoeld in artikel 117, zesde lid, van de wet,
- leerlingen die zijn toegelaten op basis van de formatie, bedoeld in artikel 117, achtste lid, van de wet en
- leerlingen, die toelaatbaar zijn verklaard tot een andere onderwijssoort binnen het cluster, bedoeld in artikel 2, vierde lid, van de wet, dan de onderwijssoort die door de school wordt verzorgd en die op de school zijn ingeschreven met toepassing van artikel 76a van de wet.
De directeur draagt er zorg voor dat de volledige administratie op de hoofdvestiging aanwezig is.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen voorschriften worden gegeven omtrent de wijze waarop de leerlingenadministratie wordt ingericht.
@ -111,23 +124,23 @@ c. een schriftelijke verklaring van de ouders of de leerling die meerderjarig en
### Artikel 8
**1.** Onverminderd het bepaalde in artikel artikel 41, tiende lid, van de wet, blijven de gegevens die in de leerlingenadministratie zijn opgenomen daarvan in ieder geval deel uitmaken gedurende 5 jaar nadat de desbetreffende leerling van de school is uitgeschreven.
**1.** Onverminderd het bepaalde in artikel artikel 41, negende lid, van de wet, blijven de gegevens die in de leerlingenadministratie zijn opgenomen daarvan in ieder geval deel uitmaken gedurende 5 jaar nadat de desbetreffende leerling van de school is uitgeschreven.
**2.** Het gemeenschappelijk rapport, bedoeld in artikel 41, zevende lid, van de wet, wordt in elk geval binnen acht weken na het verstrijken van de termijn, bedoeld in het eerste lid, vernietigd.
**2.** Het gemeenschappelijk rapport, bedoeld in artikel 41, zesde lid, van de wet, wordt in elk geval binnen acht weken na het verstrijken van de termijn, bedoeld in het eerste lid, vernietigd.
### Artikel 9
**1.** Voor de toepassing van het bepaalde in de wet worden, onverminderd het bepaalde in artikel 7, en artikel 10, vijfde lid, de leerlingen op een school meegeteld die op een teldatum op die school staan ingeschreven, tenzij zij vanaf het begin van het schooljaar tot de teldatum meer dan de helft van het aantal schooldagen zonder geldige reden hebben verzuimd.
**1.** Voor de toepassing van het bepaalde in de wet worden, onverminderd het bepaalde in artikel 7, en artikel 10, vijfde lid, de leerlingen op een school meegeteld die toelaatbaar zijn verklaard tot een van de onderwijssoorten die door de school worden verzorgd dan wel tot het cluster, bedoeld in artikel 2, vierde lid onder d, van de wet, waartoe de school behoort en die op een teldatum op die school staan ingeschreven, tenzij zij vanaf het begin van het schooljaar tot de teldatum meer dan de helft van het aantal schooldagen zonder geldige reden hebben verzuimd.
**2.** Voor de toepassing van het eerste lid wordt ten aanzien van de leerplichtige leerling als geldige reden aangemerkt een vrijstelling van geregeld schoolbezoek als bedoeld in de Leerplichtwet 1969 (*Stb.* 1971, 406). Ten aanzien van de niet-leerplichtige leerling worden als geldige reden aangemerkt dezelfde gronden als die welke leiden tot een vrijstelling als bedoeld in de vorige volzin.
**3.** Indien een teldatum valt op een dag waarop geen onderwijs wordt gegeven, worden op de eerstvolgende schooldag de leerlingen geteld, die op de teldatum stonden ingeschreven.
**4.** Een leerling kan slechts op 1 school voor de bekostiging meetellen, behoudens het bepaalde in artikel 15 van het Onderwijskundig besluit WEC.
**4.** Een leerling kan slechts op 1 school voor de bekostiging meetellen.
### Artikel 10
**1.** Binnen 2 weken na een teldatum zendt het bevoegd gezag van een school aan Onze Minister, de inspecteur, gedeputeerde staten en, indien het een bijzondere school betreft, eveneens aan burgemeester en wethouders, een opgave van het aantal leerlingen overeenkomstig het bepaalde in artikel 9. De opgave, bedoeld in de eerste volzin dient onderverdeeld te zijn in leerlingen, bedoeld in de begripsomschrijving van leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond in artikel 1 van het Formatiebesluit WEC en overige leerlingen. Indien het een instelling betreft wordt de opgave tevens onderverdeeld in de leerlingen van de hoofdvestiging en de leerlingen van elk van de nevenvestigingen van die instelling.
**1.** Binnen 2 weken na een teldatum zendt het bevoegd gezag van een school aan Onze Minister, de inspecteur, gedeputeerde staten en, indien het een bijzondere school betreft, eveneens aan burgemeester en wethouders, een opgave van het aantal leerlingen overeenkomstig het bepaalde in artikel 9. De opgave, bedoeld in de eerste volzin dient onderverdeeld te zijn in leerlingen, bedoeld in de begripsomschrijving van leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond in artikel 1 van het Formatiebesluit WEC en overige leerlingen. Indien de school een nevenvestiging heeft, wordt de opgave tevens onderverdeeld in de leerlingen van de hoofdvestiging en de leerlingen van elk van de nevenvestigingen.
**2.** Indien op 16 januari de formatie opnieuw wordt berekend op grond van artikel 9 van het Formatiebesluit WEC, doet het bevoegd gezag binnen 2 weken nadat de formatie opnieuw is berekend mededeling van het aantal leerlingen waarop de opnieuw berekende formatie is gebaseerd, aan Onze Minister, de inspecteur, en indien het een bijzondere school betreft, eveneens aan burgemeester en wethouders.
@ -137,9 +150,11 @@ c. een schriftelijke verklaring van de ouders of de leerling die meerderjarig en
**5.** Indien als gevolg van de wijzigingen op grond van artikel 7 een wijziging optreedt in de in het eerste lid bedoelde opgave, doet het bevoegd gezag van de school waarvan de leerling is respectievelijk leerlingen zijn uitgeschreven, binnen 6 weken na de teldatum daarvan mededeling aan Onze Minister, de inspecteur, gedeputeerde staten en, indien het een bijzondere school betreft, eveneens aan burgemeester en wethouders.
### Artikel
### Artikel 10a
Vervallen
**1.** Voor 15 oktober zendt het regionaal expertisecentrum aan Onze Minister, een opgave van het aantal leerlingen dat in de periode van 12 maanden direct voorafgaand aan 1 oktober een bevestigende beoordeling als bedoeld in artikel 28c, eerste lid, van de wet, heeft ontvangen.
**2.** Bij ministeriële regeling wordt vastgesteld op welke wijze de opgave, bedoeld in het eerste lid, wordt gedaan.
### Titel IV. Boekhoudvoorschriften
@ -171,6 +186,22 @@ c. reserveringen.
**6.** Het bevoegd gezag van een bijzondere instelling draagt zorg voor een zodanige administratie van de financiële gegevens van elk van de onder zijn beheer staande instellingen, dat daarmee een financiële jaarverslaggeving als bedoeld in artikel 69 van de wet kan worden opgesteld.
### Artikel 11a
**1.** Het regionaal expertisecentrum draagt zorg voor een overzichtelijke en deugdelijke administratie van de financiële gegevens.
**2.** De administratie omvat alle ontvangsten, gesplitst naar de ontvangsten ingevolge artikel 71a, 131, eerste lid onder b, en 133, van de wet en de overige ontvangsten, en alle uitgaven onderscheiden naar personele uitgaven, uitgaven voor materiële voorzieningen en uitgaven ten behoeve van voorzieningen in de huisvesting.
**3.**
De administratie omvat een overzicht van:
- vorderingen,
- schulden en
- reserveringen.
**4.** Aan het einde van ieder kalenderjaar wordt voor het regionaal expertisecentrum een overzicht opgesteld en in de administratie opgenomen van alle uitgaven en ontvangsten die op het desbetreffende kalenderjaar betrekking hebben volgens de in het tweede lid aangegeven verdeling. In dit overzicht dient in elk geval te worden aangegeven tot welk bedrag uitgaven ten laste van onderscheidenlijk de rijksvergoeding of eigen middelen zijn gedaan.
## Hoofdstuk II
## Hoofdstuk III. Vergoeding voor de uitgaven voor de materiële voorzieningen ten behoeve van de instandhouding voor scholen en schoolbaden van scholen, niet zijnde instellingen
@ -208,16 +239,19 @@ Het normatief bepaalde aantal te huisvesten groepen leerlingen, bedoeld in artik
| b. slechthorende kinderen | 12 | 7 |
| c. kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden die niet tevens behoren tot de onder a of b bedoelde kinderen | 12 | 7 |
| f. lichamelijk gehandicapte kinderen | 12 | 7 |
| h. langdurig zieke kinderen | 13 | 7 |
| h. 1°. langdurig zieke kinderen met een lichamelijke handicap | 13 | 7 |
| 2°. langdurig zieke kinderen anders dan met een lichamelijke handicap | 12 | 7 |
| i. vervallen | | |
| j. zeer moeilijk lerende kinderen | 12 | 12 |
| k. zeer moeilijk opvoedbare kinderen | 12 | 7 |
| l. vervallen | | |
| m. kinderen in scholen verbonden aan pedologische instituten | 10 | 7 |
| n. meervoudig gehandicapte kinderen | 7*Tenzij bij beschikking van Onze Minister anders is vastgesteld. | 7*Tenzij bij beschikking van Onze Minister anders is vastgesteld. |
| m. kinderen in scholen verbonden aan pedologische instituten | 12 | 7 |
| n. meervoudig gehandicapte kinderen | 7 *Tenzij bij beschikking van Onze Minister anders is vastgesteld. | 7 *Tenzij bij beschikking van Onze Minister anders is vastgesteld. |
**2.** Het normatief bepaalde aantal te huisvesten groepen leerlingen, bedoeld in het eerste lid, wordt voor het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs, onderscheidenlijk het onderwijs aan een afdeling, afzonderlijk berekend en de uitkomst van de afzonderlijke berekeningen wordt naar boven afgerond op een geheel getal.
**3.** Voor scholen, waaraan formatie als bedoeld in artikel 117, achtste lid, van de wet is toegekend, wordt het aantal leerlingen op basis waarvan die formatie is toegekend, voor de toepassing van dit artikel aangemerkt als leerlingen.
### Artikel
Vervallen
@ -595,7 +629,23 @@ c. het formulier voor de verstrekking van de gegevens bedoeld in het eerste lid
**2.** Van de financiële jaarverslaggeving maakt een jaarrekening deel uit. De jaarrekening gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid, afgegeven door een door het bevoegd gezag aangewezen accountant. Bij de aanwijzing van de accountant wordt verzekerd dat aan Onze Minister op diens verzoek inzicht wordt geboden in de controlerapporten van de accountant.
## Hoofdstuk IX. Overgangs- en slotbepalingen
## Hoofdstuk IX. Regionale expertisecentra
### Artikel 56a
**1.** De vergoeding voor een regionaal expertisecentrum bedraagt € 27 200, vermeerderd met € 9 100 voor elke aan het regionaal expertisecentrum deelnemende school en vermeerderd met € 155 voor elke leerling die in de periode van 12 maanden direct voorafgaand aan 1 oktober van het voorafgaande schooljaar een bevestigende beoordeling als bedoeld in artikel 28c, eerste lid, van de wet, heeft ontvangen, welk aantal leerlingen wordt verhoogd met 15%.
**2.** Het Rijk verstrekt elke maand van het schooljaar een twaalfde gedeelte van de vergoeding, bedoeld in het eerste lid.
**3.** De bedragen, bedoeld in het eerste lid, worden jaarlijks per 1 augustus, telkens te rekenen met het laatstelijk aangepaste bedrag, bij ministeriële regeling aangepast en wel voor 90% van het bedrag aan de ontwikkeling van de gemiddelde personeelslasten in het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs in het voorafgaande kalenderjaar en voor 10% van het bedrag aan de prijsontwikkeling, overeenkomstig de prijsmutatie van de netto materiële consumptie, zoals opgenomen in de Macro Economische Verkenning, die naar verwachting zal optreden tussen het prijsniveau in het jaar voorafgaande aan het jaar waarin het bedrag wordt aangepast, en het jaar waarin het bedrag wordt aangepast.
### Artikel 56b
**1.** Het regionaal expertisecentrum brengt desgevraagd aan Onze Minister verslag uit over zijn werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.
**2.** Het regionaal expertisecentrum legt jaarlijks voor 1 mei over het voorafgaande kalenderjaar rekening en verantwoording af van het geldelijk beheer en in voorkomend geval van de besteding van formatierekeneenheden, waarbij tevens een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt overgelegd, waaruit blijkt dat de vergoeding is besteed in overeenstemming met de bepalingen van de wet.
## Hoofdstuk X. Overgangs- en slotbepalingen
### Artikel 57