diff --git a/wet/wet-gewasbeschermingsmiddelen-en-biociden/BWBR0021670/README.md b/wet/wet-gewasbeschermingsmiddelen-en-biociden/BWBR0021670/README.md index 29885402964..17b311936f4 100644 --- a/wet/wet-gewasbeschermingsmiddelen-en-biociden/BWBR0021670/README.md +++ b/wet/wet-gewasbeschermingsmiddelen-en-biociden/BWBR0021670/README.md @@ -373,7 +373,7 @@ In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: ### Artikel 44 -De in artikel 42 bedoelde verboden gelden niet in de respijtperiode bedoeld in artikel 52 van verordening (EU) Nr. 528/2012. +De in artikel 43 bedoelde verboden gelden niet in de respijtperiode bedoeld in artikel 52 van verordening (EU) Nr. 528/2012. ### Artikel 45 @@ -384,7 +384,7 @@ b. de etikettering van biociden, bedoeld in artikel 69, derde lid, onder b, van ### Artikel 46 -**1.** Onze Minister kan ter uitvoering van artikel 55 van verordening (EU) Nr. 528/2012 ambtshalve of op aanvraag vrijstelling verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 42, eerste lid, om te handelen in strijd met artikel 17, eerste lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012 en van de voorwaarden van artikel 19 van verordening (EU) Nr. 528/2012 inzake het verlenen van een toelating voor een biocide. +**1.** Onze Minister kan ter uitvoering van artikel 55 van verordening (EU) Nr. 528/2012 ambtshalve of op aanvraag vrijstelling verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 43, eerste lid, om te handelen in strijd met artikel 17, eerste lid, van verordening (EU) Nr. 528/2012 en van de voorwaarden van artikel 19 van verordening (EU) Nr. 528/2012 inzake het verlenen van een toelating voor een biocide. **2.** Indien een onverwijlde voorziening noodzakelijk is, kan Onze Minister bepalen dat de vrijstelling onmiddellijk in werking treedt. In dat geval wordt het vrijstellingsbesluit, in afwijking van artikel 3:42, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht op elektronische wijze bekendgemaakt. @@ -539,7 +539,7 @@ c de geldende veiligheidsinstructies voor het gewasbeschermingsmiddel. ### Artikel 74 -**1.** Het binnen Nederland brengen, de productie, de opslag en het vervoer van niet-toegelaten biociden zijn in afwijking van artikel 42 toegestaan, indien aangetoond kan worden dat de biociden zijn bestemd voor gebruik in een andere lidstaat van de Europese Unie waar de biociden wel zijn toegelaten, of voor gebruik in een derde land en aldaar niet verboden zijn, en is voldaan aan bij regeling van Onze Minister gestelde voorschriften. +**1.** Het binnen Nederland brengen, de productie, de opslag en het vervoer van niet-toegelaten biociden zijn in afwijking van artikel 43 toegestaan, indien aangetoond kan worden dat de biociden zijn bestemd voor gebruik in een andere lidstaat van de Europese Unie waar de biociden wel zijn toegelaten, of voor gebruik in een derde land en aldaar niet verboden zijn, en is voldaan aan bij regeling van Onze Minister gestelde voorschriften. **2.** De productie, de opslag en het vervoer van niet-toegelaten gewasbeschermingsmiddelen zijn in afwijking van artikel 20 toegestaan, indien aangetoond kan worden dat de gewasbeschermingsmiddelen zijn bestemd voor gebruik in een andere lidstaat van de Europese Unie en het bewuste gewasbeschermingsmiddel daar is toegelaten, of voor gebruik in een derde land, en is voldaan aan bij regeling van Onze Minister gestelde voorschriften in verband met het kunnen controleren dat het bewuste middel niet op het Nederlandse grondgebied wordt gebruikt dan wel daadwerkelijk wordt uitgevoerd. @@ -590,27 +590,11 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ove **2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen ter uitvoering van artikel 8 van richtlijn 2009/128/EG regels worden gesteld over een keuring van in gebruik zijnde apparatuur voor de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen. Deze regels omvatten de keuringsfrequentie, de keuringseisen, de keuringsinstanties, het in rekening te brengen tarief voor de keuring en de mogelijkheid van vrijstelling voor aan te wijzen types apparatuur. -**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan ter uitvoering van het tweede lid de medewerking worden gevorderd van het bestuur van een bedrijfslichaam als bedoeld in artikel 66 van de Wet op de bedrijfsorganisatie. - -**4.** Indien de in het derde lid bedoelde medewerking bestaat uit het stellen van regels of nadere regels bij verordening, behoeft zodanige verordening de goedkeuring van Onze Minister. - -**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat tuchtrechtelijke maatregelen worden gesteld op overtreding van de in het vierde lid bedoelde regels of nadere regels. - -**6.** In afwijking van artikel 46 van de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004, is in voorkomend geval de instemming vereist van Onze Minister. - -**7.** In afwijking van artikel 82 kan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden bepaald dat met het toezicht op de naleving van de regels of nadere regels waarvoor tuchtrechtelijke maatregelen zijn gesteld, de bij besluit van het betrokken bedrijfslichaam aangewezen personen zijn belast. Dat besluit behoeft de goedkeuring van Onze Minister. - -**8.** Een tuchtrechtelijke maatregel vindt geen toepassing, indien, na overleg met het bedrijfslichaam, Onze Minister besluit tot het opleggen van een bestuurlijke boete of de officier van justitie besluit dat de desbetreffende overtreding strafrechtelijk wordt afgedaan. - -**9.** De voordracht voor een krachtens dit artikel vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. +**3.** De voordracht voor een krachtens dit artikel vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. ### Artikel 80a -**1.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen of biociden in specifieke gebieden als bedoeld in artikel 12 van richtlijn 2009/128/EG. Deze regels kunnen een verbod inhouden dan wel zijn gericht op een vermindering van het gebruik van alle of een bepaald type gewasbeschermingsmiddelen of biociden in bij die maatregel aangewezen gebieden. - -**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan ter uitvoering van artikel 13, eerste lid, van richtlijn 2009/128/EG de medewerking worden gevorderd van het bestuur van een bedrijfslichaam als bedoeld in artikel 66 van de Wet op de bedrijfsorganisatie. - -**3.** Op de in het tweede lid bedoelde medewerking is artikel 80, vierde tot en met achtste lid, van overeenkomstige toepassing. +Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen of biociden in specifieke gebieden als bedoeld in artikel 12 van richtlijn 2009/128/EG. Deze regels kunnen een verbod inhouden dan wel zijn gericht op een vermindering van het gebruik van alle of een bepaald type gewasbeschermingsmiddelen of biociden in bij die maatregel aangewezen gebieden. ### Artikel 81 @@ -982,7 +966,7 @@ Vervallen **3.** De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en de daarop berustende bepalingen, zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van de Wet van 24 maart 2011 houdende wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden in verband met de implementatie van Europese regelgeving op het gebied van het op de markt brengen en het duurzame gebruik van gewasbeschermingsmiddelen (Stb. 235), blijft van toepassing op aanvragen tot toelating, in de in artikel 80, vijfde lid, van verordening (EG) 1107/2009 bedoelde gevallen, totdat op die aanvragen is beslist. -**4.** De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en de daarop berustende bepalingen, zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van de Wet van 6 november 2013 houdende wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter uitvoering van Verordening (EU) Nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (PbEU, L 167) (Stb. 459) blijven voor zover nodig van toepassing in de in artikel 89, tweede lid, van verordening (EG) Nr. 528/2012 bedoelde gevallen. +**4.** De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en de daarop berustende bepalingen, zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van de Wet van 6 november 2013 houdende wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter uitvoering van Verordening (EU) Nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (PbEU, L 167) (Stb. 459) blijven voor zover nodig van toepassing in de in artikelen 89, tweede lid, en 93 van verordening (EG) Nr. 528/2012 bedoelde gevallen. ### Paragraaf 2. Wijzigingsbepalingen