2024-01-01 | BWBR0027466 | Wet veiligheidsregio’s
This commit is contained in:
parent
176889517f
commit
5b2425a7ea
1 changed files with 37 additions and 18 deletions
|
|
@ -27,7 +27,8 @@ In deze wet en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
- *GHOR:* de geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio, belast met de coördinatie, aansturing en regie van de geneeskundige hulpverlening en met de advisering van andere overheden en organisaties op dat gebied;
|
||||
- *Regionale Ambulancevoorziening:* de rechtspersoon, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Wet ambulancezorgvoorzieningen;
|
||||
- *Veiligheidsberaad:* de voorzitters van de veiligheidsregio’s gezamenlijk;
|
||||
- *korpschef:* de korpschef, bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012.
|
||||
- *korpschef:* de korpschef, bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012;
|
||||
- *milieubelastende activiteit:* milieubelastende activiteit als bedoeld in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. De gemeente
|
||||
|
||||
|
|
@ -138,7 +139,7 @@ a. een beschrijving van de beoogde operationele prestaties van de diensten en or
|
|||
b. een uitwerking, met inachtneming van de omstandigheden in de betrokken veiligheidsregio, van door Onze Minister vastgestelde landelijke doelstellingen als bedoeld in artikel 37;
|
||||
c. een informatieparagraaf waarin een beschrijving wordt gegeven van de informatievoorziening binnen en tussen de onder a bedoelde diensten en organisaties;
|
||||
d. een oefenbeleidsplan;
|
||||
e. een beschrijving van de niet-wettelijke adviesfunctie, bedoeld in artikel 10, onder b;
|
||||
e. een beschrijving van de niet-wettelijke adviesfunctie, bedoeld in artikel 10, onder b, waaronder de adviesfunctie met betrekking tot omgevingsplannen, en van de wijze waarop de gemeenten het bestuur van de veiligheidsregio in de gelegenheid stellen zijn adviesfunctie uit te oefenen met betrekking tot omgevingsplannen;
|
||||
f. de voor de brandweer geldende opkomsttijden en een beschrijving van de aanwezigheid van brandweerposten in de gemeenten alsmede de overige voorzieningen en maatregelen, noodzakelijk voor de brandweer om daaraan te voldoen.
|
||||
|
||||
**2a.** Voorafgaand aan de vaststelling van het beleidsplan overlegt de burgemeester van een gemeente in het gebied van de veiligheidsregio met de gemeenteraad over het ontwerpbeleidsplan.
|
||||
|
|
@ -175,7 +176,13 @@ c. een analyse waarin de weging en inschatting van de gevolgen van de soorten br
|
|||
|
||||
### Artikel 17
|
||||
|
||||
**1.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen categorieën inrichtingen, categorieën rampen en luchtvaartterreinen worden aangewezen waarvoor het bestuur van de veiligheidsregio een rampbestrijdingsplan vaststelt. In dat plan worden de maatregelen opgenomen die bij een ramp in die categorieën dan wel op die luchtvaartterreinen moeten worden genomen.
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het bestuur van de veiligheidsregio stelt een rampbestrijdingsplan vast voor:
|
||||
|
||||
a. locaties waarop een of meer bij algemene maatregel van bestuur aangewezen milieubelastende activiteiten worden verricht;
|
||||
b. inrichtingen en rampen die behoren tot een bij de maatregel, bedoeld onder a, aangewezen categorie;
|
||||
c. luchthavens die bij de maatregel, bedoeld onder a, zijn aangewezen.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -186,7 +193,7 @@ b. het raadplegen van de bevolking bij het opstellen van het plan en van belangr
|
|||
c. het periodiek beproeven en actualiseren van het plan;
|
||||
d. de bekendmaking van een besluit als bedoeld in het derde lid.
|
||||
|
||||
**3.** Het bestuur van de veiligheidsregio kan op grond van de ingevolge artikel 48 verschafte informatie besluiten dat voor een krachtens het eerste lid aangewezen inrichting geen rampbestrijdingsplan behoeft te worden vastgesteld.
|
||||
**3.** Het bestuur van de veiligheidsregio kan op grond van de ingevolge artikel 48 verschafte informatie besluiten dat voor een locatie als bedoeld in het eerste lid, onder a, of een inrichting als bedoeld in het eerste lid, onder b, geen rampbestrijdingsplan behoeft te worden vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Artikel 18
|
||||
|
||||
|
|
@ -288,19 +295,19 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 31
|
||||
|
||||
**1.** Het bestuur van de veiligheidsregio kan een inrichting die in geval van een brand of ongeval bijzonder gevaar kan opleveren voor de openbare veiligheid, aanwijzen als bedrijfsbrandweerplichtig.
|
||||
**1.** Het bestuur van de veiligheidsregio kan als bedrijfsbrandweerplichtig aanwijzen een locatie waarop een of meer bij algemene maatregel van bestuur aangewezen milieubelastende activiteiten worden verricht, of een inrichting die behoort tot een bij die maatregel aangewezen categorie, als de milieubelastende activiteiten die op die locatie worden verricht of die inrichting in geval van een brand of ongeval bijzonder gevaar kunnen opleveren voor de openbare veiligheid.
|
||||
|
||||
**2.** Het hoofd of de bestuurder van een aangewezen inrichting draagt er zorg voor dat in die inrichting kan worden beschikt over een bedrijfsbrandweer, die voldoet aan de bij de aanwijzing gestelde eisen inzake personeel en materieel.
|
||||
**2.** Degene die een milieubelastende activiteit op een aangewezen locatie verricht of een aangewezen inrichting exploiteert, draagt er zorg voor dat op die locatie of in die inrichting kan worden beschikt over een bedrijfsbrandweer die voldoet aan de bij de aanwijzing gestelde eisen.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid vindt de aanwijzing plaats door Onze Minister indien het een inrichting betreft die is gelegen op of deel uitmaakt van een terrein dat bij de krijgsmacht in gebruik is, voor zover er gegevens in het geding zijn waarvan de geheimhouding door het belang van de veiligheid van de Staat is geboden. Voordat een aanwijzing plaatsvindt, hoort Onze Minister het hoofd of de bestuurder van de inrichting.
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid vindt de aanwijzing plaats door Onze Minister indien het een locatie of inrichting betreft die is gelegen op of deel uitmaakt van een terrein dat bij de krijgsmacht in gebruik is, voor zover er gegevens in het geding zijn waarvan de geheimhouding door het belang van de veiligheid van de Staat is geboden.
|
||||
|
||||
**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt bepaald welke categorieën inrichtingen kunnen worden aangewezen en op welke wijze tot de aanwijzing kan worden besloten, en kan worden bepaald aan welke eisen het personeel en het materieel moeten voldoen.
|
||||
**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, de wijze waarop tot de aanwijzing kan worden besloten, en de eisen waaraan degene, bedoeld in het tweede lid, moet voldoen.
|
||||
|
||||
**5.** Het hoofd of de bestuurder van een inrichting als bedoeld in het vierde lid verstrekt het bestuur van de veiligheidsregio dan wel Onze Minister de nodige inlichtingen ten behoeve van de uitoefening van de in dit artikel bedoelde bevoegdheid tot aanwijzing.
|
||||
**5.** Degene die een milieubelastende activiteit verricht of een inrichting exploiteert, verstrekt het bestuur van de veiligheidsregio dan wel Onze Minister de nodige inlichtingen ten behoeve van de uitoefening van de in dit artikel bedoelde bevoegdheid tot aanwijzing.
|
||||
|
||||
**6.** Het hoofd of bestuurder van een aangewezen inrichting verstrekt het bestuur van de veiligheidsregio dan wel Onze Minister voor 1 februari van ieder jaar een overzicht van de werkelijke sterkte van de bedrijfsbrandweer op 1 januari van dat jaar.
|
||||
**6.** Degene die een milieubelastende activiteit op een aangewezen locatie verricht of een aangewezen inrichting exploiteert, verstrekt het bestuur van de veiligheidsregio dan wel Onze Minister voor 1 februari van ieder jaar een overzicht van de werkelijke sterkte van de bedrijfsbrandweer op 1 januari van dat jaar.
|
||||
|
||||
**7.** Het hoofd of de bestuurder van een aangewezen inrichting draagt er zorg voor dat de bedrijfsbrandweer ter zake van optreden dat noodzakelijk is ter bestrijding van brand of van gevaar anderszins binnen de inrichting, de aanwijzingen opvolgt van degene die op grond van een wettelijk voorschrift met de feitelijke leiding van die bestrijding is belast.
|
||||
**7.** Degene die een milieubelastende activiteit op een aangewezen locatie verricht of een aangewezen inrichting exploiteert, draagt er zorg voor dat de bedrijfsbrandweer ter zake van optreden dat noodzakelijk is ter bestrijding van brand of van gevaar anderszins op de locatie of binnen de inrichting, de aanwijzingen opvolgt van degene die op grond van een wettelijk voorschrift met de feitelijke leiding van die bestrijding is belast.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 5. De GHOR
|
||||
|
||||
|
|
@ -419,9 +426,9 @@ De voorzitters van de veiligheidsregio’s en de commissarissen van de Koning en
|
|||
|
||||
### Artikel 45
|
||||
|
||||
**1.** Gedeputeerde staten dragen zorg voor de productie en het beheer van een geografische kaart waarop de in de veiligheidsregio aanwezige risico’s zijn aangeduid, op basis van het risicoprofiel, bedoeld in artikel 15. De risicokaart vermeldt de plaatsgebonden en geografisch te onderscheiden risico’s alsmede de gegevens die zijn opgenomen in het openbare register, bedoeld in artikel 12.12 van de Wet milieubeheer. De kaart is openbaar.
|
||||
**1.** Gedeputeerde staten dragen zorg voor de productie en het beheer van een geografische kaart waarop de in de veiligheidsregio aanwezige risico’s zijn aangeduid, op basis van het risicoprofiel, bedoeld in artikel 15. De risicokaart vermeldt de plaatsgebonden en geografisch te onderscheiden risico’s alsmede de gegevens die zijn opgenomen in het landelijk register, bedoeld in artikel 20.11, onder b, van de Omgevingswet. De kaart is openbaar.
|
||||
|
||||
**2.** De colleges van burgemeester en wethouders in de provincie de instantie, bedoeld in artikel 12.12, derde lid, van de Wet milieubeheer, leveren gedeputeerde staten de voor de uitvoering van het eerste lid benodigde gegevens.
|
||||
**2.** De colleges van burgemeester en wethouders in de provincie de instantie die is belast met het beheer van het landelijk register, bedoeld in artikel 20.11, onder b, van de Omgevingswet, leveren gedeputeerde staten de voor de uitvoering van het eerste lid benodigde gegevens.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de in de risicokaart op te nemen categorieën van rampen en crises, over de productie, het beheer en de vormgeving van de risicokaart, over de wijze waarop en de frequentie waarmee de daarvoor benodigde gegevens dienen te worden aangeleverd en over de wijze waarop toegang kan worden verkregen tot onderdelen van de risicokaart.
|
||||
|
||||
|
|
@ -449,7 +456,7 @@ De voorzitters van de veiligheidsregio’s en de commissarissen van de Koning en
|
|||
|
||||
**1.** Eenieder die beschikt over relevante veiligheidstechnische gegevens, verschaft het bestuur van de veiligheidsregio de informatie die nodig is voor een adequate voorbereiding van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing. Dit geldt niet voor zover deze informatie reeds op grond van andere voorschriften is verschaft of kan worden verkregen.
|
||||
|
||||
**2.** Het bestuur van de veiligheidsregio kan bevelen dat een inrichting die behoort tot een krachtens artikel 17 aangewezen categorie niet in werking gesteld of gehouden wordt, indien degenen die de inrichting in werking zal hebben of heeft, niet aan de in het eerste lid bedoelde verplichting tot informatieverstrekking voldoet.
|
||||
**2.** Het bestuur van de veiligheidsregio kan bevelen dat een milieubelastende activiteit op een locatie als bedoeld in artikel 17, eerste lid, onder a, niet wordt verricht of een inrichting als bedoeld in artikel 17, eerste lid, onder b, niet wordt geëxploiteerd, indien degene die de milieubelastende activiteit verricht of gaat verrichten of de inrichting exploiteert of gaat exploiteren niet aan de in het eerste lid bedoelde verplichting tot informatieverstrekking voldoet.
|
||||
|
||||
**3.** Indien voor gegevens als bedoeld in het eerste lid of een deel daarvan geheimhouding door het belang van de veiligheid van de Staat geboden is, verstrekt degene die daarover beschikt op aanwijzing van Onze betrokken Minister deze gegevens tezamen met de gegevens waarvoor geheimhouding niet is geboden, aan Onze betrokken Minister.
|
||||
|
||||
|
|
@ -461,7 +468,7 @@ De voorzitters van de veiligheidsregio’s en de commissarissen van de Koning en
|
|||
|
||||
### Artikel 49
|
||||
|
||||
**1.** Het bestuur van de veiligheidsregio maakt de gegevens openbaar die het krachtens artikel 48, eerste lid, heeft ontvangen ten behoeve van de vaststelling van rampbestrijdingsplannen voor de krachtens artikel 17 aangewezen categorieën inrichtingen. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden daarover nadere regels gesteld.
|
||||
**1.** Het bestuur van de veiligheidsregio maakt de gegevens openbaar die het krachtens artikel 48, eerste lid, heeft ontvangen ten behoeve van de vaststelling van rampbestrijdingsplannen voor de locaties en inrichtingen, bedoeld in artikel 17, eerste lid, onder a en b. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden daarover nadere regels gesteld.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -470,7 +477,7 @@ Artikel 5.1, tweede en vijfde lid, van de Wet open overheid is op het verstrekk
|
|||
a. de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer;
|
||||
b. het voorkomen van sabotage.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Wet open overheid is op het op verzoek verstrekken van informatie over de overige gegevens die krachtens artikel 48, eerste lid, en over de gegevens die krachtens artikel 50, eerste en tweede lid, zijn ontvangen, ten aanzien van de inrichtingen waarop richtlijn nr. 96/82/EG van de Raad van de Europese Unie van 9 december 1996 betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken (PbEG L 10) betrekking heeft, uitsluitend van toepassing, voor zover die gegevens een vertrouwelijk karakter hebben.
|
||||
**3.** Artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Wet open overheid is op het op verzoek verstrekken van informatie over de overige gegevens die krachtens artikel 48, eerste lid, en over de gegevens die krachtens artikel 50, eerste en tweede lid, zijn ontvangen, ten aanzien van de inrichtingen waarop Richtlijn 2012/18/EU van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken, houdende wijziging en vervolgens intrekking van Richtlijn 96/82/EG van de Raad (PbEU 2012, L 197) betrekking heeft, uitsluitend van toepassing, voor zover die gegevens een vertrouwelijk karakter hebben.
|
||||
|
||||
**4.** Artikel 5.1, vierde lid, van de Wet open overheid is op het op verzoek verstrekken van informatie over gegevens als bedoeld in het derde lid uitsluitend van toepassing, voor zover die gegevens een vertrouwelijk karakter hebben.
|
||||
|
||||
|
|
@ -609,7 +616,7 @@ De voorzitters van de veiligheidsregio’s geven de commissaris van de Koning al
|
|||
Onverminderd artikel 57, eerste lid, zijn met het toezicht op de naleving van
|
||||
|
||||
a. het bij of krachtens artikel 30 en 31 bepaalde, of
|
||||
b. het bij of krachtens artikel 48 bepaalde ten aanzien van de krachtens artikel 17 aangewezen inrichtingen,
|
||||
b. het bij of krachtens artikel 48 bepaalde ten aanzien van de locaties en inrichtingen, bedoeld in artikel 17, eerste lid, onder a en b,
|
||||
|
||||
belast de ambtenaren die bij besluit van het bestuur van de veiligheidsregio zijn aangewezen. Van dit besluit wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
|
|
@ -629,7 +636,19 @@ belast de ambtenaren die bij besluit van het bestuur van de veiligheidsregio zij
|
|||
|
||||
### Artikel 63
|
||||
|
||||
Het bestuur van de veiligheidsregio is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van het bij of krachtens artikel 31 bepaalde alsmede het bij of krachtens artikel 48 bepaalde ten aanzien van de krachtens artikel 17 aangewezen inrichtingen, tot welke bevoegdheid mede behoort het stilleggen of gedeeltelijk buiten werking stellen of verzegelen van de inrichting dan wel het verzegelen of verwijderen van hetgeen zich in de inrichting bevindt.
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het bestuur van de veiligheidsregio is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van:
|
||||
|
||||
a. het bij of krachtens artikel 31 bepaalde; en
|
||||
b. het bij of krachtens artikel 48 bepaalde ten aanzien van de locaties en inrichtingen, bedoeld in artikel 17, eerste lid, onder a en b.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Tot de bevoegdheid tot oplegging van een last onder bestuursdwang behoort mede:
|
||||
|
||||
a. het stilleggen van een milieubelastende activiteit of inrichting, het geheel of gedeeltelijk buiten werking stellen van een inrichting of het verzegelen van een locatie of inrichting; en
|
||||
b. het verzegelen of verwijderen van hetgeen zich op de locatie of in de inrichting bevindt.
|
||||
|
||||
### Artikel 64
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue