diff --git a/wet/pensioen-en-spaarfondsenwet/BWBR0002089/README.md b/wet/pensioen-en-spaarfondsenwet/BWBR0002089/README.md index 6283bb45d30..74691888ae7 100644 --- a/wet/pensioen-en-spaarfondsenwet/BWBR0002089/README.md +++ b/wet/pensioen-en-spaarfondsenwet/BWBR0002089/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Pensioen- en spaarfondsenwet bwb_id: BWBR0002089 type: wet status: geldend -datum_inwerkingtreding: '2003-12-19' +datum_inwerkingtreding: '2006-01-19' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0002089 citeertitel: Pensioen- en spaarfondsenwet --- @@ -26,7 +26,16 @@ g. "deelnemer": ieder, ten bate van wie gelden in een fonds als bedoeld onder b, h. "bijdrage": iedere onder de naam van bijdrage, spaarbijdrage, premie, spaarpremie, inleg, contributie, koopsom, dan wel, indien de betaling in termijnen is overeengekomen, aflossing, of onder welke andere naam ook, ineens of periodiek verschuldigde geldsom bestemd voor de verzekering van pensioen of voor het sparen voor een uitkering bij wijze van oudedagsverzorging; i. "Onze Minister": Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; j. "Pensioen- & Verzekeringskamer ": de Pensioen- & Verzekeringskamer , bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993; -k. "nabestaandenpensioen": weduwen-, weduwnaars-, partner- of wezenpensioen. +k. "nabestaandenpensioen": weduwen-, weduwnaars-, partner- of wezenpensioen; +l. «pensioeninstelling uit een andere lidstaat»: een op basis van kapitaaldekking gefinancierde instelling, ongeacht de rechtsvorm, die zetel heeft in een andere lidstaat dan Nederland en die onafhankelijk van enige bijdragende onderneming of bedrijfstak is opgericht met als doel het verstrekken van arbeidsgerelateerde pensioenuitkeringen op basis van een als volgt gesloten overeenkomst: + +1°. individueel of collectief tussen een of meerdere werkgevers en een of meerdere werknemers of hun respectievelijke vertegenwoordigers, of +2°. met zelfstandigen, + +en die hiermee rechtstreeks verband houdende werkzaamheden verricht; +m. «bijdragende onderneming»: een onderneming of ander lichaam, ongeacht of deze een of meer natuurlijke personen of rechtspersonen die optreden als werkgever of zelfstandige, dan wel een combinatie daarvan, omvat of hieruit bestaat, en die aan een pensioenfonds, beroepspensioenfonds of pensioeninstelling uit een andere lidstaat bijdragen betaalt; +n. «zetel»: de plaats waar een rechtspersoon volgens zijn statuten of reglementen is gevestigd of, indien het een pensioenfonds of pensioeninstelling uit een andere lidstaat betreft, de plaats waar deze volgens zijn statuten of reglementen is gevestigd en zijn hoofdbestuur heeft of, indien het een pensioeninstelling uit een andere lidstaat betreft die geen rechtspersoon is of een natuurlijke persoon betreft, de plaats waar die pensioeninstelling of persoon zijn hoofdbestuur heeft; +o. «lidstaat»: een lidstaat van de Europese Unie alsmede een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte. **2.** @@ -69,6 +78,7 @@ Een werkgever, die aan personen, verbonden aan zijn onderneming, toezeggingen om a. hetzij toe te treden tot een bedrijfstakpensioenfonds; b. hetzij aan de onderneming een ondernemingspensioenfonds te verbinden; c. hetzij voorzieningen te treffen overeenkomstig het bepaalde in het vierde lid; +d. hetzij de toezeggingen omtrent pensioen onder te brengen bij een pensioeninstelling uit een andere lidstaat, die beschikt over een daartoe verleende vergunning, bedoeld in artikel 32r, onderdeel a, en de bevoegde autoriteiten in kennis heeft gesteld als bedoeld in artikel 32r, onderdeel b; een en ander met inachtneming van de bepalingen van deze wet. @@ -88,7 +98,7 @@ d. op een toezegging respectievelijk een deel van een toezegging omtrent pensioe **4.** -Voorzieningen, als bedoeld in het eerste lid, onder *c,* kan een werkgever treffen door: +Voorzieningen, als bedoeld in het eerste lid, onder c, kan een werkgever treffen door: A. Vervallen B. verzekeringsovereenkomsten te sluiten met een verzekeraar: @@ -107,10 +117,12 @@ Onze Minister stelt regelen vast met betrekking tot het geval een werkgever zijn **8.** Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent het begrip «toezegging omtrent pensioen», bedoeld in het eerste lid. Daarbij kunnen vrijwillige pensioenvoorzieningen onderscheidenlijk deelnemingen in een pensioenfonds of pensioenregeling, anders dan bedoeld in het negende en tiende lid, worden gelijkgesteld met pensioenvoorzieningen op grond van een toezegging omtrent pensioen onderscheidenlijk deelnemingen ter uitvoering van een toezegging omtrent pensioen. -**9.** Met pensioenvoorzieningen op grond van een toezegging omtrent pensioen worden gelijkgesteld vrijwillige pensioenvoorzieningen en regelingen als bedoeld in artikel 13, vierde lid, onderdeel *a*, onder 3° en 4°, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993. +**9.** Met pensioenvoorzieningen op grond van een toezegging omtrent pensioen worden gelijkgesteld vrijwillige pensioenvoorzieningen en regelingen als bedoeld in artikel 13, vierde lid, onderdeel a, onder 3° en 4°, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993. **10.** Met deelneming in een pensioenfonds ter uitvoering van een toezegging omtrent pensioen wordt gelijkgesteld deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds op grond van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000. +**11.** Wanneer een werkgever het voornemen heeft de toezeggingen omtrent pensioen onder te brengen bij een pensioeninstelling uit een andere lidstaat, is artikel 27 van de Wet op de ondernemingsraden hierop van overeenkomstige toepassing. + ### Artikel 2a **1.** Ingeval een werkgever een toezegging omtrent pensioen doet, mogen personen, verbonden aan zijn onderneming, niet worden uitgesloten van deelneming aan de betreffende pensioenregeling vanwege het minder dan de volledige arbeidstijd werkzaam zijn. @@ -190,11 +202,13 @@ b. indien ten aanzien van de aan de verkrijgende onderneming verbonden werknemer **5.** De statuten en reglementen van een pensioen- of spaarfonds moeten bepalingen inhouden, beantwoordende aan de voorschriften van de artikelen 5, 6, 6a, 6b, 6c, eerste en tiende lid, 7a tot en met 10b, 17, 17a en 32b en indien van toepassing aan de voorschriften van de artikelen 2b, 2c en 32ba, een en ander onverminderd het bepaalde in artikel 7. +**6.** Een pensioenfonds verricht slechts activiteiten in verband met pensioenuitkeringen en werkzaamheden die daarmee verband houden. + ### Artikel 5 **1.** Het dagelijks beleid van een pensioen- of spaarfonds wordt bepaald door ten minste twee personen. -**2.** De deskundigheid van de personen die het beleid van een pensioen- of spaarfonds bepalen of mede bepalen, dient naar het oordeel van de Pensioen- & Verzekeringskamer voldoende te zijn met het oog op de belangen van de bij het fonds betrokken deelnemers, gewezen deelnemers en overige belanghebbenden. +**2.** De deskundigheid, reputatie, beroepskwalificatie en beroepservaring van de personen die het beleid van een pensioen- of spaarfonds bepalen of mede bepalen, dient naar het oordeel van de Pensioen- & Verzekeringskamer voldoende te zijn met het oog op de belangen van de bij het fonds betrokken deelnemers, gewezen deelnemers en overige belanghebbenden. **3.** De voornemens, de handelingen of de antecedenten van de personen die het beleid van het pensioen- of spaarfonds bepalen of mede bepalen, mogen de Pensioen- & Verzekeringskamer geen aanleiding geven tot het oordeel dat, met het oog op de belangen, bedoeld in het tweede lid, de betrouwbaarheid van deze personen niet buiten twijfel staat. @@ -406,29 +420,82 @@ b. die heeft voldaan aan de vereiste procedure als bedoeld in de artikelen 111, ### Artikel 9a -**1.** De bezittingen van een pensioenfonds, moeten, tezamen met de te verwachten inkomsten, toereikend zijn ter dekking van de uit de statuten en reglementen voortvloeiende pensioenverplichtingen. +**1.** De aanspraak, bedoeld in artikel 8, tweede lid, dient voor de deelnemer in elk geval steeds aan het einde van ieder kalenderjaar dan wel, indien dat eerder is, bij beëindiging van de deelneming, volledig te zijn gefinancierd. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan op grond van bijzondere omstandigheden een langere termijn, van ten hoogste dertien weken, toestaan voor financiering als bedoeld in dit lid. -**2.** De aanspraak, bedoeld in artikel 8, tweede lid, dient voor de deelnemer in elk geval steeds aan het einde van ieder kalenderjaar dan wel, indien dat eerder is, bij beëindiging van de deelneming, volledig te zijn gefinancierd. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan op grond van bijzondere omstandigheden een langere termijn, van ten hoogste dertien weken, toestaan voor financiering als bedoeld in dit lid. +**2.** + +Een pensioenfonds stelt toereikende technische voorzieningen vast met betrekking tot het geheel van uit de statuten en reglementen voortvloeiende pensioenverplichtingen en beschikt te allen tijde over voldoende en passende activa om deze technische voorzieningen te dekken. De technische voorzieningen worden elk jaar berekend. De berekening wordt uitgevoerd en gewaarmerkt door een actuaris op grond van met het bij of krachtens deze wet bepaalde overeenstemmende actuariële methoden en met inachtneming van de volgende beginselen: + +a. het minimumbedrag van de technische voorzieningen wordt berekend aan de hand van een voldoende prudente actuariële waardering, rekening houdend met alle verplichtingen inzake uitkeringen en inzake bijdragen, overeenkomstig de door het fonds uitgevoerde pensioenregeling. Het minimumbedrag moet voldoende zijn om te waarborgen dat de uitbetaling van reeds verschuldigde pensioenen aan de pensioengerechtigden, kan worden voortgezet, en om de verplichtingen te weerspiegelen die voortvloeien uit de opgebouwde pensioenrechten van de deelnemers. De economische en actuariële hypothesen die voor de waardering van de passiva worden gehanteerd, worden eveneens op prudente wijze bepaald, waarbij een redelijke marge voor negatieve afwijkingen in acht wordt genomen, indien van toepassing; +b. de toegepaste maximale rentepercentages worden op prudente wijze bepaald. Bij de bepaling van deze prudente rentepercentages wordt rekening gehouden met: + +1°. het rendement van de overeenkomstige activa die door het pensioenfonds worden beheerd en met de toekomstige beleggingsopbrengsten, of +2°. marktrendementen van kwalitatief hoogwaardige of staatsobligaties; +c. de voor de berekening van de technische voorzieningen gebruikte tabellen inzake overlijden of arbeidsongeschiktheid en levensverwachting worden gebaseerd op prudente beginselen, rekening houdend met de hoofdkenmerken van de deelnemersgroep en de pensioenregelingen, in het bijzonder de verwachte veranderingen in de relevante risico's; +d. de methode en de grondslag van de berekening van de technische voorzieningen blijven van boekjaar tot boekjaar ongewijzigd, tenzij wijzigingen daarin gerechtvaardigd zijn als gevolg van een verandering van de juridische, demografische of economische omstandigheden die aan de hypothesen ten grondslag liggen. + +**3.** + +Een pensioenfonds dat niet volledig het risico, bedoeld in artikel 9, eerste lid, heeft overgedragen of herverzekerd houdt, naast de technische voorzieningen, permanent bij wijze van buffer een eigen vermogen aan dat: + +a. in overeenstemming is met het soort risico en de aard van het eigen vermogen met betrekking tot het geheel van de uit de statuten en reglementen voortvloeiende pensioenverplichtingen; +b. vrij is van alle voorzienbare verplichtingen; en +c. dient als veiligheidskapitaal om verschillen op te vangen tussen de verwachte en daadwerkelijke uitgaven en winsten. + +**4.** Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de berekening van het minimumbedrag van het eigen vermogen, bedoeld in het derde lid, overeenkomstig de artikelen 27 en 28 van richtlijn nr. 2002/83/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 5 november 2002 betreffende levensverzekering (PbEG L 345/24). + +### Artikel 9aa + +**1.** Een pensioenfonds kan, indien het fonds geen bijdragen ontvangt van een bijdragende onderneming die zetel heeft in een andere lidstaat dan Nederland, in afwijking van artikel 9a, tweede lid, gedurende een korte periode over onvoldoende activa beschikken, mits het fonds beschikt over een daartoe opgesteld en door de Pensioen- & Verzekeringskamer goedgekeurd herstelplan. + +**2.** Wanneer een pensioenfonds niet meer over voldoende activa beschikt, dient het een concreet en haalbaar herstelplan in om tijdig de activa, die noodzakelijk zijn om de technische voorzieningen volledig te dekken, te herstellen. Het herstelplan houdt rekening met de gehele, specifieke situatie van het fonds. + +**3.** Wanneer een pensioenregeling tijdens de periode, bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt beëindigd, stelt het pensioenfonds de Pensioen- & Verzekeringskamer hiervan op de hoogte en stelt het fonds een procedure vast om de op de beëindigde pensioenregeling betrekking hebbende activa en passiva aan een ander pensioenfonds, verzekeraar of pensioeninstelling uit een andere lidstaat over te dragen, welke procedure ter kennis van de Pensioen- & Verzekeringskamer wordt gebracht. + +**4.** Het pensioenfonds stelt, wanneer het derde lid van toepassing is, een algemeen overzicht van de procedure, bedoeld in het derde lid, beschikbaar voor de deelnemers, gewezen deelnemers, hun pensioengerechtigde nagelaten betrekkingen of de vertegenwoordigers van de genoemde personen in overeenstemming met het vertrouwelijkheidsbeginsel. ### Artikel 9b -**1.** Belegging van de daartoe beschikbare gelden van een pensioenfonds of een spaarfonds moet op solide wijze geschieden. +**1.** Belegging van de daartoe beschikbare gelden van een spaarfonds moet op solide wijze geschieden. -**2.** Vorderingen van een ondernemingspensioenfonds of een spaarfonds op de werkgever, alsmede belegging in aandelen in diens onderneming zijn toegelaten tot een bedrag gelijk aan het twintigste deel van de bezittingen van het fonds, vermeerderd met een bedrag gelijk aan de vrije reserve van dat fonds. Het bedrag van deze vorderingen en aandelen mag evenwel het tiende deel van de bezittingen van het fonds niet overschrijden. +**2.** Vorderingen van een spaarfonds op de werkgever, alsmede belegging in aandelen in diens onderneming zijn toegelaten tot een bedrag gelijk aan het twintigste deel van de bezittingen van het fonds, vermeerderd met een bedrag gelijk aan de vrije reserve van dat fonds. Het bedrag van deze vorderingen en aandelen mag evenwel het tiende deel van de bezittingen van het fonds niet overschrijden. -**3.** Ten aanzien van een ondernemingspensioenfonds mag van het tweede lid worden afgeweken, voor zover de werkgever nieuwe financiële verplichtingen op zich heeft genomen, alsook voor zover het betreft financiële verplichtingen van de werkgever, die verband houden met verhogingen van aanspraken op pensioen over reeds verstreken jaren; zulks onder voorwaarde dat de aanpassing aan dat lid wordt nagestreefd volgens een plan waarmee de Pensioen- & Verzekeringskamer heeft ingestemd. +**3.** Het tweede lid is tot 23 september 2010 van overeenkomstige toepassing op een pensioenfonds of beroepspensioenfonds, tenzij het fonds bijdragen ontvangt van ondernemingen die zetel hebben in een andere lidstaat dan Nederland, in welk geval artikel 9ba, eerste lid, onderdeel f, van toepassing is. + +### Artikel 9ba + +**1.** + +Een pensioenfonds voert een beleggingsbeleid dat in overeenstemming is met de prudent person-regel en met name met de volgende voorschriften: + +a. de activa worden belegd in het belang van de deelnemers, gewezen deelnemers, gepensioneerden en hun pensioengerechtigde nagelaten betrekkingen; +b. de activa worden op zodanige wijze belegd dat de veiligheid, de kwaliteit, de liquiditeit en het rendement van de portefeuille als geheel zijn gewaarborgd. Activa die ter dekking van de technische voorzieningen worden aangehouden, worden voorts belegd op een wijze die strookt met de aard en de duur van de verwachte toekomstige pensioenuitkeringen; +c. de activa worden hoofdzakelijk op gereglementeerde markten belegd. Beleggingen in niet tot de handel op een gereglementeerde financiële markt toegelaten activa, worden tot een prudent niveau beperkt; +d. beleggingen in derivaten zijn toegestaan voorzover deze bijdragen tot een vermindering van het beleggingsrisico of een doeltreffend portefeuillebeheer vergemakkelijken. Dergelijke beleggingen worden op een prudente basis gewaardeerd, met inachtneming van de onderliggende activa, en worden mede in aanmerking genomen bij de waardering van de activa van het fonds. Het pensioenfonds vermijdt voorts een bovenmatig risico met betrekking tot één en dezelfde tegenpartij en tot andere derivatenverrichtingen; +e. de activa worden naar behoren gediversifieerd zodat een bovenmatige afhankelijkheid van of vertrouwen in bepaalde activa, of een bepaalde emittent of groep van ondernemingen en risicoaccumulatie in de portefeuille als geheel worden vermeden. Beleggingen in activa, uitgegeven door dezelfde emittent of door emittenten die tot dezelfde groep behoren, mogen het pensioenfonds niet blootstellen aan bovenmatige risicoconcentratie; +f. beleggingen in de bijdragende onderneming worden beperkt tot ten hoogste 5% van de portefeuille als geheel, en ingeval de bijdragende onderneming tot een groep behoort, worden beleggingen in de ondernemingen die tot dezelfde groep als de bijdragende onderneming behoren, beperkt tot ten hoogste 10% van de portefeuille. Wanneer een groep van ondernemingen aan het pensioenfonds bijdragen betaalt, geschieden beleggingen in deze bijdragende ondernemingen prudent, waarbij rekening wordt gehouden met de noodzaak van een behoorlijke diversificatie. + +**2.** Het eerste lid, onderdelen e en f, is niet van toepassing op beleggingen in staatsobligaties. + +**3.** Het eerste lid, onderdeel f, is niet van toepassing tot 23 september 2010, tenzij het pensioenfonds bijdragen ontvangt van ondernemingen die zetel hebben in een andere lidstaat dan Nederland. + +**4.** Het is een pensioenfonds verboden leningen aan te gaan of namens derde partijen als garant op te treden, tenzij de lening tijdelijk wordt aangegaan voor liquiditeitsdoelstellingen. ### Artikel 9c -**1.** Het pensioenfonds, stelt een actuariële en bedrijfstechnische nota vast waarin in elk geval een omschrijving is opgenomen van de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het bepaalde bij en krachtens de artikelen 9a, 9b en 9d. Het spaarfonds stelt een bedrijfstechnische nota vast waarin in elk geval een omschrijving is opgenomen van de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het bepaalde bij en krachtens de artikelen 9b en 9d. +**1.** Het pensioenfonds, stelt een actuariële en bedrijfstechnische nota vast waarin in elk geval een omschrijving is opgenomen van de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het bepaalde in het tweede lid en het bepaalde bij en krachtens de artikelen 9a, 9aa, 9b, 9ba en 9d. Het spaarfonds stelt een bedrijfstechnische nota vast waarin in elk geval een omschrijving is opgenomen van de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het bepaalde bij en krachtens de artikelen 9b en 9d. -**2.** Het bestuur van het fonds legt de in het eerste lid bedoelde nota alsmede iedere wijziging daarvan onverwijld over aan de Pensioen- & Verzekeringskamer. +**2.** Een pensioenfonds beschikt over goede administratieve en boekhoudkundige procedures en adequate interne controlemechanismen. -**3.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan regels stellen met betrekking tot de tijdstippen en de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het tweede lid. +**3.** In de actuariële en bedrijfstechnische nota wordt een verklaring inzake beleggingsbeginselen opgenomen welke verklaring ten minste onderwerpen omvat als toegepaste wegingsmethoden voor beleggingsrisico's, de risicobeheersprocedures en de strategische allocatie van activa in het licht van de aard en de looptijd van de pensioenverplichtingen. Deze verklaring wordt om de drie jaren en voorts onverwijld na iedere belangrijke wijziging van het beleggingsbeleid herzien. + +**4.** Het bestuur van het fonds legt de in het eerste lid bedoelde nota alsmede iedere wijziging daarvan onverwijld over aan de Pensioen- & Verzekeringskamer. + +**5.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan regels stellen met betrekking tot de tijdstippen en de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het vierde lid. ### Artikel 9d -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de artikelen 9a, 9b en 9c. Daarbij kan worden bepaald dat in geval van overdracht of herverzekering als bedoeld in artikel 9, artikel 9c en die regels niet van toepassing zijn dan wel anderszins daarvan mag worden afgeweken. +Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de artikelen 9a, 9aa, 9b en 9c. Daarbij kan worden bepaald dat in geval van overdracht of herverzekering als bedoeld in artikel 9, artikel 9c en die regels, met uitzondering van artikel 9c, derde lid, niet van toepassing zijn dan wel anderszins daarvan mag worden afgeweken. ### Artikel 10 @@ -436,7 +503,7 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met **2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de eisen waaraan de financiële opzet in relatie tot het draagvlak van een pensioenfonds moet voldoen teneinde de nakoming van de uit de pensioenregeling voortvloeiende verplichtingen op zodanige wijze te waarborgen dat toepassing kan worden gegeven aan het eerste lid. Deze regels kunnen verschillend worden gesteld voor verschillende categorieën van verzekerde risico's, van pensioenfondsen. -**3.** Zodra het fonds verplichtingen heeft ten aanzien waarvan artikel 9, eerste lid, geen toepassing heeft gevonden doet het bestuur van het fonds daarvan onverwijld mededeling aan de Pensioen- & Verzekeringskamer. Het bepaalde bij en krachtens artikel 9c, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing. +**3.** Zodra het fonds verplichtingen heeft ten aanzien waarvan artikel 9, eerste lid, geen toepassing heeft gevonden doet het bestuur van het fonds daarvan onverwijld mededeling aan de Pensioen- & Verzekeringskamer. Het bepaalde bij en krachtens artikel 9c, vierde en vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 10a @@ -462,7 +529,7 @@ b. de deskundigheid en betrouwbaarheid van het bestuur. **1.** Het boekjaar van een pensioenfonds of een spaarfonds loopt van 1 januari tot en met 31 december. -**2.** Het bestuur van een pensioenfonds of een spaarfonds legt aan de Pensioen- & Verzekeringskamer jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar een jaarrekening, een jaarverslag en overige gegevens over het verstreken boekjaar over, waarin een volledig beeld van de financiële toestand van het fonds gegeven wordt en waaruit ten genoegen van die kamer blijkt dat wordt voldaan aan het bepaalde bij en krachtens deze wet en dat de belangen van de bij het fonds betrokken deelnemers, gewezen deelnemers en overige belanghebbenden voldoende gewaarborgd geacht kunnen worden. +**2.** Het bestuur van een pensioenfonds of een spaarfonds legt aan de Pensioen- & Verzekeringskamer jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar een jaarrekening, een jaarverslag en overige gegevens over het verstreken boekjaar over, waarin een volledig beeld van de financiële toestand van het fonds gegeven wordt en waaruit ten genoegen van die kamer blijkt dat wordt voldaan aan het bepaalde bij en krachtens deze wet en dat de belangen van de bij het fonds betrokken deelnemers, gewezen deelnemers en overige belanghebbenden voldoende gewaarborgd geacht kunnen worden. In de jaarrekening en het jaarverslag wordt rekening gehouden met iedere door het fonds uitgevoerde pensioenregeling. **3.** Het bestuur van een fonds ten aanzien waarvan artikel 10 toepassing vindt legt aan de Pensioen- & Verzekeringskamer bovendien jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar een actuarieel verslag betreffende het fonds over, voorzien van de verklaring van een actuaris. @@ -540,6 +607,28 @@ Onverminderd het bepaalde in artikel 8, vierde lid, verstrekt het bestuur van ee Het fonds kan een vergoeding vragen van de aan de opgave verbonden kosten. +### Artikel 17b + +**1.** + +Het bestuur van een pensioenfonds verstrekt op verzoek aan de deelnemers, gewezen deelnemers, gepensioneerden en hun pensioengerechtigde nagelaten betrekkingen en hun vertegenwoordigers: + +a. voldoende inlichtingen over de rechten en plichten van de bij de pensioenregeling betrokken partijen; +b. voldoende inlichtingen over de financiële, technische en andere aan de pensioenregeling verbonden risico's; +c. voldoende inlichtingen over de aard en spreiding van de risico's; +d. de jaarrekeningen en de jaarverslagen; +e. binnen een redelijke termijn, alle relevante informatie over wijzigingen in de voorschriften inzake de pensioenregeling; +f. de in artikel 9c, derde lid, bedoelde verklaring inzake de beleggingsbeginselen; +g. duidelijke en wezenlijke gegevens over: + +1°. indien van toepassing, het richtniveau van de pensioenuitkeringen; +2°. het niveau van de uitkeringen in geval van beëindiging van de deelneming; +3°. wanneer de deelnemer het beleggingsrisico draagt, alle beschikbare beleggingsmogelijkheden, indien van toepassing, en de feitelijke beleggingsportefeuille, evenals gegevens over de risicopositie en de kosten in verband met de beleggingen; +4°. de modaliteiten voor de afkoop van de aanspraken op pensioen, onder aanwending van de afkoopsom om pensioen of aanspraken op pensioen te verwerven bij een ander pensioenfonds, beroepspensioenfonds, verzekeraar of pensioeninstelling uit een andere lidstaat in geval van beëindiging van de dienstbetrekking; +h. beknopte informatie over de situatie van het pensioenfonds en over het actuele financieringsniveau van hun totale individuele aanspraken. + +**2.** Bij de ingang van zijn pensioen op grond van een pensioenregeling, ontvangt de pensioengerechtigde de nodige informatie over de uitkeringen waarop hij recht heeft en over de wijze van uitbetaling. + ### Artikel 18 Ieder der bestuurders van een pensioenfonds of van een spaarfonds is verplicht te zorgen, dat het bepaalde bij of krachtens deze wet alsmede de bepalingen van de statuten en reglementen van het fonds worden nageleefd en dat, voor zover het een pensioenfonds betreft, het beleid van dat fonds gevoerd wordt overeenkomstig de in artikel 9c bedoelde actuariële en bedrijfstechnische nota. @@ -552,13 +641,15 @@ Een pensioenfonds, een spaarfonds, een werkgever en een verzekeraar als bedoeld **1.** Het toezicht op de uitvoering van deze wet berust bij de Pensioen- & Verzekeringskamer. -**2.** Onze Minister kan met betrekking tot de uitvoering van de artikelen 2a, 2b, 2c, 3b, 6a, 6d, 7, 8, 8a, 8b, 8c, 25, 29, 32, 32a, 32b, 32 ba, 32c, 32e, 32f, 32g en 32h aan de Pensioen- & Verzekeringskamer aanwijzingen van algemene aard geven betreffende de uitoefening van de haar bij of krachtens deze wet opgelegde taak. +**2.** De Pensioen- & Verzekeringskamer beheert een register waarin alle pensioenfondsen met zetel in Nederland worden ingeschreven. In het register wordt, indien van toepassing, vermeld in welke lidstaten een fonds pensioenregelingen uitvoert. + +**3.** Onze Minister kan met betrekking tot de uitvoering van de artikelen 2a, 2b, 2c, 3b, 6a, 6d, 7, 8, 8a, 8b, 8c, 25, 29, 32, 32a, 32b, 32 ba, 32c, 32e, 32f, 32g en 32h aan de Pensioen- & Verzekeringskamer aanwijzingen van algemene aard geven betreffende de uitoefening van de haar bij of krachtens deze wet opgelegde taak. ### Artikel 20a -**1.** Onze Minister is bevoegd aan de Pensioen- & Verzekeringskamer de gegevens of inlichtingen te vragen die naar zijn oordeel nodig zijn voor een onderzoek naar de toereikendheid van deze wet of de wijze waarop de Pensioen- & Verzekeringskamer deze wet uitvoert of heeft uitgevoerd, indien dat ter wille van het bedrijfseconomisch toezicht nodig blijkt, alsmede gegevens of inlichtingen die betrekking hebben op de uitvoering van de artikelen, genoemd in artikel 20, tweede lid. +**1.** Onze Minister is bevoegd aan de Pensioen- & Verzekeringskamer de gegevens of inlichtingen te vragen die naar zijn oordeel nodig zijn voor een onderzoek naar de toereikendheid van deze wet of de wijze waarop de Pensioen- & Verzekeringskamer deze wet uitvoert of heeft uitgevoerd, indien dat ter wille van het bedrijfseconomisch toezicht nodig blijkt, alsmede gegevens of inlichtingen die betrekking hebben op de uitvoering van de artikelen, genoemd in artikel 20, derde lid. -**2.** De Pensioen- & Verzekeringskamer is verplicht aan Onze Minister de in het eerste lid bedoelde gegevens of inlichtingen te verstrekken. Indien Onze Minister de Pensioen- & Verzekeringskamer vraagt bepaalde gegevens of inlichtingen te verstrekken die ingevolge het bij of krachtens deze wet bepaalde omtrent afzonderlijke pensioen- of spaarfondsen zijn verstrekt of zijn verkregen, en die geen betrekking hebben op de uitvoering van de artikelen, genoemd in artikel 20, tweede lid, is de Pensioen- & Verzekeringskamer niet verplicht deze gegevens of inlichtingen te verstrekken, indien deze betrekking hebben op of herleidbaar zijn tot een afzonderlijk pensioenfonds, spaarfonds, rechtspersoon, vennootschap of natuurlijke persoon, met uitzondering van gegevens of inlichtingen die betrekking hebben op of herleidbaar zijn tot een pensioenfonds of een spaarfonds dat in staat van faillissement is verklaard of op grond van een rechterlijke uitspraak is ontbonden. +**2.** De Pensioen- & Verzekeringskamer is verplicht aan Onze Minister de in het eerste lid bedoelde gegevens of inlichtingen te verstrekken. Indien Onze Minister de Pensioen- & Verzekeringskamer vraagt bepaalde gegevens of inlichtingen te verstrekken die ingevolge het bij of krachtens deze wet bepaalde omtrent afzonderlijke pensioen- of spaarfondsen zijn verstrekt of zijn verkregen, en die geen betrekking hebben op de uitvoering van de artikelen, genoemd in artikel 20, derde lid, is de Pensioen- & Verzekeringskamer niet verplicht deze gegevens of inlichtingen te verstrekken, indien deze betrekking hebben op of herleidbaar zijn tot een afzonderlijk pensioenfonds, spaarfonds, rechtspersoon, vennootschap of natuurlijke persoon, met uitzondering van gegevens of inlichtingen die betrekking hebben op of herleidbaar zijn tot een pensioenfonds of een spaarfonds dat in staat van faillissement is verklaard of op grond van een rechterlijke uitspraak is ontbonden. **3.** Onze Minister is bevoegd een derde op te dragen de gegevens of inlichtingen die hem ingevolge het tweede lid zijn verstrekt te onderzoeken en aan hem verslag uit te brengen. Tevens kan Onze Minister de derde die in zijn opdracht handelt, machtigen namens hem gegevens of inlichtingen in te winnen, in welk geval het eerste en tweede lid van overeenkomstige toepassing zijn. @@ -602,7 +693,7 @@ Een pensioenfonds, een spaarfonds, een werkgever en een verzekeraar als bedoeld **4.** Het fonds, de werkgever en de verzekeraar zijn verplicht de zakelijke gegevens en bescheiden in Nederland beschikbaar te hebben en deze gedurende ten minste zeven jaren na het boekjaar waarop ze betrekking hebben beschikbaar te houden. -**5.** Het vierde lid is niet van toepassing op een verzekeraar met zetel in een andere lidstaat van de Europese Unie. +**5.** Het vierde lid is niet van toepassing op een verzekeraar met zetel in een andere lidstaat van de Europese Unie of een pensioeninstelling uit een andere lidstaat. ### Artikel 23 @@ -626,7 +717,7 @@ e. organisaties van andere belanghebbenden, behorende tot bij koninklijk besluit ### Artikel 23a -**1.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan een last onder dwangsom opleggen ter zake van overtreding van voorschriften, gesteld bij of krachtens de artikelen 2, eerste en vierde lid, 2b, eerste, derde, en vijfde lid, 2c, 3, eerste lid, 4, eerste, tweede en vierde lid, 5, eerste tot en met zevende lid, 5a, eerste lid, 6a, 6b, tweede en vierde lid, 6d, derde lid, 7, 7a, 8, vijfde en zesde lid, 9, 9a, eerste en tweede lid, 9b, 9c, 10, derde lid, 10a, 10b, 18, 19, 21, zesde lid, 22, tweede en vierde lid, 23, tweede lid, 23l, eerste en derde lid, en 32b, tweede lid. +**1.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan een last onder dwangsom opleggen ter zake van overtreding van voorschriften, gesteld bij of krachtens de artikelen 2, eerste en vierde lid, 2b, eerste, derde, en vijfde lid, 2c, 3, eerste lid, 4, eerste, tweede, vierde en zesde lid, 5, eerste tot en met zevende lid, 5a, eerste lid, 6a, 6b, tweede en vierde lid, 6d, derde lid, 7, 7a, 8, vijfde en zesde lid, 9, 9a, 9aa, 9b, 9ba, 9c, 10, derde lid, 10a, 10b, 17b, 18, 19, 21, zesde lid, 22, tweede en vierde lid, 23, tweede lid, 23l, eerste en derde lid, 32b, tweede lid, 32i en 32o. **2.** De artikelen 5:32, tweede tot en met vijfde lid, en 5:33 tot en met 5:35 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van toepassing. @@ -634,7 +725,7 @@ e. organisaties van andere belanghebbenden, behorende tot bij koninklijk besluit ### Artikel 23b -**1.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van voorschriften, gesteld bij of krachtens de artikelen 2, eerste en vierde lid, 2b, eerste, derde en vijfde lid, 2c, 3, eerste lid, 3a, derde en vierde lid, 4, eerste, tweede en vierde lid, 5, eerste tot en met zevende lid, 5a, eerste lid, 6a, 6b, tweede en vierde lid, 6c, eerste lid, 6d, derde lid, 7, 7a, 8, vijfde en zesde lid, 9, 9a, eerste en tweede lid, 9b, 9c, 10, derde lid, 10a, 10b, 11, eerste en tweede lid, 18, 19, 21, zesde lid, 22, tweede en vierde lid, 23, tweede lid, 23l, eerste en derde lid, en 32b, tweede lid. +**1.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van voorschriften, gesteld bij of krachtens de artikelen 2, eerste en vierde lid, 2b, eerste, derde en vijfde lid, 2c, 3, eerste lid, 3a, derde en vierde lid, 4, eerste, tweede, vierde en zesde lid, 5, eerste tot en met zevende lid, 5a, eerste lid, 6a, 6b, tweede en vierde lid, 6c, eerste lid, 6d, derde lid, 7, 7a, 8, vijfde en zesde lid, 9, 9a, 9aa, 9b, 9ba, 9c, 10, derde lid, 10a, 10b, 17b, 11, eerste en tweede lid, 18, 19, 21, zesde lid, 22, tweede en vierde lid, 23, tweede lid, 23l, eerste en derde lid, 32b, tweede lid, 32i en 32o. **2.** De bestuurlijke boete komt toe aan de Pensioen- & Verzekeringskamer. @@ -889,13 +980,17 @@ Ingeval het bepaalde in artikel 5 van de Wet verevening pensioenrechten bij sche ### Artikel 32d -In de artikelen 32e tot en met 32h wordt verstaan onder: +In de artikelen 32d tot en met 32u wordt verstaan onder: -a. pensioenregeling: een pensioenregeling op grond van een pensioentoezegging in de zin van artikel 2, eerste lid, dan wel een andere pensioenregeling welke niet bij of krachtens een wet is vastgesteld; +a. pensioenregeling: + +1°. een pensioenregeling op grond van een pensioentoezegging in de zin van artikel 2, eerste lid, of een andere pensioenregeling welke niet bij of krachtens een wet is vastgesteld dan wel, +2°. indien de bijdragende onderneming zetel heeft in een andere lidstaat dan Nederland, een overeenkomst, een trustakte of voorschriften waarin is bepaald welke pensioenuitkeringen worden toegezegd en onder welke voorwaarden; b. pensioen: pensioen op grond van een pensioenregeling als bedoeld onder a; c. deelnemer: een deelnemer aan een pensioenregeling als bedoeld onder a; -d. lidstaat: een lidstaat van de Europese Unie; -e. gedetacheerd werknemer: een werknemer die in een andere lidstaat wordt gedetacheerd om daar te werken en die krachtens titel II van verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van de Europese gemeenschappen van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op loontrekkenden en hun gezinnen, die zich binnen de gemeenschap verplaatsen (PbEG L 149), onderworpen blijft aan de wetgeving van de lidstaat van oorsprong. +d. gedetacheerd werknemer: een werknemer die in een andere lidstaat wordt gedetacheerd om daar te werken en die krachtens titel II van verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van de Europese gemeenschappen van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op loontrekkenden en hun gezinnen, die zich binnen de gemeenschap verplaatsen (PbEG L 149), onderworpen blijft aan de wetgeving van de lidstaat van oorsprong; +e. richtlijn 2003/41/EG: richtlijn nr. 2003/41/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 3 juni 2003 betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (PbEG L 235/10); +f. bevoegde autoriteiten: de nationale autoriteiten van andere lidstaten dan Nederland die op grond van artikel 6, onderdeel g, van richtlijn 2003/41/EG zijn aangewezen om de in die richtlijn vastgelegde taken te verrichten. ### Artikel 32e @@ -917,6 +1012,96 @@ Het orgaan dat de pensioenregeling uitvoert, betaalt het pensioen op verzoek van **2.** De informatie die op grond van het eerste lid wordt verstrekt is ten minste overeenkomstig de informatie die wordt verstrekt aan deelnemers en gewezen deelnemers die in Nederland blijven. +### Artikel 32i + +Het is een pensioenfonds verboden bijdragen te ontvangen van een bijdragende onderneming die zetel heeft in een andere lidstaat dan Nederland: + +a. zonder een daartoe door de Pensioen- & Verzekeringskamer verleende vergunning; en +b. zonder de Pensioen- & Verzekeringskamer van het voornemen daartoe in kennis te hebben gesteld, op de wijze, bedoeld in artikel 32l, en met inachtneming van artikel 32o. + +### Artikel 32j + +De vergunning, bedoeld in artikel 32i, onderdeel a, wordt op aanvraag door de Pensioen- & Verzekeringskamer verleend wanneer het fonds: + +a. is ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 20, tweede lid; en +b. voldoet aan de artikelen 3a, 5, tweede lid, 9a, tweede lid, en 17b. + +### Artikel 32k + +De Pensioen- & Verzekeringskamer kan de vergunning, bedoeld in artikel 32i, onderdeel a, geheel of gedeeltelijk intrekken of daaraan nadere voorschriften verbinden wanneer: + +a. het pensioenfonds niet langer voldoet aan artikel 32j; +b. de bij de aanvraag verstrekte gegevens onjuist of onvolledig zijn en de verstrekking van de juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot verlening van de vergunning zou hebben geleid; +c. de verlening van de vergunning anderszins onjuist was en het fonds dit wist of behoorde te weten, of +d. van de vergunning gedurende twee jaren, na de dagtekening van de beschikking waarbij de vergunning is verleend, geen gebruik is gemaakt. + +### Artikel 32l + +**1.** Een pensioenfonds stelt de Pensioen- & Verzekeringskamer in kennis van een voornemen bijdragen te gaan ontvangen van een bijdragende onderneming met zetel in een andere lidstaat dan Nederland. + +**2.** + +De kennisgeving, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een opgave van: + +a. de lidstaat waarvan de voor bedrijfspensioenvoorziening geldende sociale en arbeidswetgeving van toepassing is op de rechtsverhouding tussen de bijdragende onderneming en de werknemers; +b. de naam van de bijdragende onderneming; en +c. de voornaamste kenmerken van de pensioenregeling die voor die onderneming zal worden uitgevoerd. + +### Artikel 32m + +**1.** De Pensioen- & Verzekeringskamer doet binnen drie maanden na ontvangst van de gegevens, bedoeld in artikel 32l, tweede lid, mededeling van deze gegevens aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waarvan de voor bedrijfspensioenvoorziening geldende sociale en arbeidswetgeving van toepassing is op de rechtsverhouding tussen de bijdragende onderneming en de werknemers of op degene die een vrij beroep uitoefent, tenzij het pensioenfonds niet beschikt over de vergunning, bedoeld in artikel 32i, of de Pensioen- & Verzekeringskamer reden heeft te betwijfelen dat de administratieve structuur of de financiële positie van het pensioenfonds, of de goede reputatie en de beroepskwalificaties of beroepservaring van de personen die het fonds besturen met de in die lidstaat voorgenomen activiteiten verenigbaar zijn. + +**2.** De Pensioen- & Verzekeringskamer doet gelijktijdig mededeling aan het fonds van de verstrekking van de gegevens aan de bevoegde autoriteiten, bedoeld in het eerste lid. + +**3.** De Pensioen- & Verzekeringskamer doet mededeling aan het fonds van informatie over de toepasselijke bepalingen van sociale en arbeidswetgeving, ontvangen van de bevoegde autoriteiten, bedoeld in het eerste lid. + +### Artikel 32n + +**1.** De Pensioen- & Verzekeringskamer verbiedt een pensioenfonds bijdragen te ontvangen van een onderneming met een zetel in een andere lidstaat wanneer de Pensioen- & Verzekeringskamer reden heeft tot twijfel als bedoeld in artikel 32m, eerste lid, of het fonds niet beschikt over een vergunning, bedoeld in artikel 32i, onderdeel a. + +**2.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan een fonds verbieden nog langer bijdragen te ontvangen van een bijdragende onderneming met zetel in een andere lidstaat wanneer door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waarvan de voor bedrijfspensioenvoorziening geldende sociale en arbeidswetgeving van toepassing is, melding heeft gemaakt van een door het fonds gemaakte inbreuk op de toepasselijke sociale en arbeidswetgeving. + +**3.** De Pensioen- & Verzekeringskamer legt een verbod als bedoeld in dit artikel op in de vorm van een aanwijzing als bedoeld in artikel 23. + +### Artikel 32o + +**1.** Een pensioenfonds kan na ontvangst van de mededeling, bedoeld in artikel 32m, derde lid, dan wel nadat twee maanden zijn verstreken na ontvangst van de mededeling, bedoeld in artikel 32m, tweede lid, beginnen met het uitvoeren van de voorgenomen pensioenregeling. + +**2.** Het fonds neemt bij de uitvoering van de pensioenregeling de op bedrijfspensioenvoorziening toepasselijke sociale en arbeidswetgeving en de voorschriften die krachtens de artikelen 11 en 18, zevende lid, van richtlijn 2003/41/EG moeten worden nageleefd, in acht. De Nederlandse sociale en arbeidswetgeving is niet van toepassing op de uitvoering van de pensioenregeling. + +### Artikel 32p + +De Pensioen- & Verzekeringskamer neemt, in coördinatie met de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waarvan de voor bedrijfspensioenvoorziening geldende sociale en arbeidswetgeving van toepassing is op de pensioenregeling, de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat een pensioenfonds of beroepspensioenfonds een einde maakt aan een vastgestelde inbreuk op de toepasselijke regelgeving. + +### Artikel 32q + +**1.** De Pensioen- & Verzekeringskamer informeert, binnen twee maanden na de datum van ontvangst van gegevens als bedoeld in artikel 32l, tweede lid, de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit een andere lidstaat haar zetel heeft en die deze gegevens hebben verstrekt, over de bepalingen van de Nederlandse sociale en arbeidswetgeving die van toepassing zijn op de pensioenregeling waaraan wordt bijgedragen door de in Nederland zetel hebbende bijdragende onderneming en de artikelen 17, 17a en 17b. + +**2.** De Pensioen- & Verzekeringskamer stelt de bevoegde autoriteiten, bedoeld in het eerste lid, in kennis van elke significante wijziging in de op de pensioenregeling toepasselijke sociale en arbeidswetgeving die gevolgen kan hebben voor de kenmerken van de pensioenregeling en voorts van iedere wijziging in de artikelen 17, 17a en 17b. + +### Artikel 32r + +Het is een pensioeninstelling uit een andere lidstaat verboden bijdragen te aanvaarden van een in Nederland zetel hebbende bijdragende onderneming zonder: + +a. een daartoe verleende vergunning van de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit een andere lidstaat haar zetel heeft; en +b. zonder de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling zetel heeft in kennis te hebben gesteld van het voornemen een pensioenregeling uit te voeren voor een in Nederland gevestigde bijdragende onderneming. + +### Artikel 32s + +De Pensioen- & Verzekeringskamer is verplicht nauw samen te werken met de Europese Commissie en de bevoegde autoriteiten uit andere lidstaten dan Nederland, zoals voorgeschreven door richtlijn 2003/41/EG. + +### Artikel 32t + +Wanneer bij het toezicht door de Pensioen- & Verzekeringskamer blijkt dat een pensioeninstelling uit een andere lidstaat bij de uitvoering van een pensioenregeling waaraan wordt bijgedragen door een in Nederland zetel hebbende bijdragende onderneming in strijd met de Nederlandse sociale en arbeidswetgeving of de artikelen 17, 17a en 17b handelt, stelt de Pensioen- & Verzekeringskamer de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling haar zetel heeft hiervan onverwijld in kennis, onder mededeling van deze kennisgeving aan de pensioeninstelling uit een andere lidstaat. + +### Artikel 32u + +**1.** Indien een pensioeninstelling uit een andere lidstaat inbreuk blijft maken op de op de pensioenregeling toepasselijke Nederlandse sociale en arbeidswetgeving, in weerwil van de door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de pensioeninstelling uit een andere lidstaat haar zetel heeft getroffen maatregelen of omdat die bevoegde autoriteiten geen passende maatregelen hebben getroffen, kan de Pensioen- & Verzekeringskamer, na die bevoegde autoriteiten daarvan in kennis te hebben gesteld, passende maatregelen nemen om de inbreuk op de toepasselijke regelgeving door de pensioeninstelling te beëindigen en, voorzover zulks volstrekt noodzakelijk is, de pensioeninstelling te beletten activiteiten te verrichten voor de Nederlandse bijdragende onderneming. + +**2.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan, ter uitvoering van het eerste lid, de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 23 tot en met 23b, toepassen. + +**3.** De Pensioen- & Verzekeringskamer kan, na toepassing van artikel 32t, de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 23 tot en met 23b, toepassen wanneer een pensioeninstelling uit een andere lidstaat artikel 32r niet naleeft. + ### Artikel 33 Van burgerlijke rechtsvorderingen ter zake van deelneming in en uitkering uit een fonds, waarop deze wet van toepassing is, neemt de kantonrechter kennis.