2025-12-23 | BWBR0049474 | Regeling specifieke uitkering aanvullende seksuele gezondheidzorg
This commit is contained in:
parent
1cb1f43d62
commit
5becab36e2
1 changed files with 32 additions and 32 deletions
|
|
@ -145,27 +145,27 @@ h. € 143.022,– voor de GGD Regio Utrecht.
|
|||
|
||||
De uitkering voor activiteiten, bedoeld in artikel 3.1, in het kader van soa-zorg, seksualiteitshulpverlening en de coördinatie daarvan bedraagt voor het kalenderjaar 2025 ten hoogste:
|
||||
|
||||
a. € 17.070.904,– voor de GGD van de gemeente Amsterdam;
|
||||
b. € 6.556.754,– voor de GGD Regio Gelderland Zuid;
|
||||
c. € 2.681.122,– voor de GGD Groningen;
|
||||
d. € 4.267.959,– voor de afdeling GGD van de Dienst OCW van de gemeente Den Haag;
|
||||
e. € 5.992.438,– voor de GGD Rotterdam-Rijnmond;
|
||||
f. € 5.520.565,– voor de GGD van het openbaar lichaam Hart voor Brabant;
|
||||
g. € 2.969.047,– voor de GGD Zuid-Limburg;
|
||||
h. € 2.246.707,– voor de GGD Regio Utrecht.
|
||||
a. € 17.778.322,– voor de GGD van de gemeente Amsterdam;
|
||||
b. € 6.828.466,– voor de GGD Regio Gelderland Zuid;
|
||||
c. € 2.792.228,– voor de GGD Groningen;
|
||||
d. € 4.444.823,– voor de afdeling GGD van de Dienst OCW van de gemeente Den Haag;
|
||||
e. € 6.240.765,– voor de GGD Rotterdam-Rijnmond;
|
||||
f. € 5.749.337,– voor de GGD van het openbaar lichaam Hart voor Brabant;
|
||||
g. € 3.092.084,– voor de GGD Zuid-Limburg;
|
||||
h. € 2.339.811,– voor de GGD Regio Utrecht.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
De uitkering voor activiteiten, bedoeld in artikel 3.1, in het kader van soa-zorg, seksualiteitshulpverlening en de coördinatie daarvan bedraagt voor het kalenderjaar 2026 ten hoogste:
|
||||
|
||||
a. € 15.363.813,60 voor de GGD van de gemeente Amsterdam;
|
||||
b. € 5.901.078,60 voor de GGD Regio Gelderland Zuid;
|
||||
c. € 2.413.009,80 voor de GGD Groningen;
|
||||
d. € 3.841.163,10 voor de afdeling GGD van de Dienst OCW van de gemeente Den Haag;
|
||||
e. € 5.393.194,20 voor de GGD Rotterdam-Rijnmond;
|
||||
f. € 4.968.508,50 voor de GGD van het openbaar lichaam Hart voor Brabant;
|
||||
g. € 2.672.142,30 voor de GGD Zuid-Limburg;
|
||||
h. € 2.022.036,30 voor de GGD Regio Utrecht.
|
||||
a. € 17.067.189,12 voor de GGD van de gemeente Amsterdam;
|
||||
b. € 6.555.327,36 voor de GGD Regio Gelderland Zuid;
|
||||
c. € 2.680.538,88 voor de GGD Groningen;
|
||||
d. € 4.267.030,08 voor de afdeling GGD van de Dienst OCW van de gemeente Den Haag;
|
||||
e. € 5.991.134,40 voor de GGD Rotterdam-Rijnmond;
|
||||
f. € 5.519.363,52 voor de GGD van het openbaar lichaam Hart voor Brabant;
|
||||
g. € 2.968.400,64 voor de GGD Zuid-Limburg;
|
||||
h. € 2.246.218,56 voor de GGD Regio Utrecht.
|
||||
|
||||
**5.** De minister kan de maximumbedragen van de uitkering jaarlijks indexeren.
|
||||
|
||||
|
|
@ -260,27 +260,27 @@ h. € 73.628,– voor de GGD Regio Utrecht.
|
|||
|
||||
De uitkering voor activiteiten in het kader van PrEP-zorg, bedoeld in artikel 4.1, en de coördinatie daarvan bedraagt voor het kalenderjaar 2025 ten hoogste:
|
||||
|
||||
a. € 897.107,– voor de GGD van de gemeente Amsterdam;
|
||||
b. € 355.400,– voor de GGD Regio Gelderland Zuid;
|
||||
c. € 165.484,– voor de GGD Groningen;
|
||||
d. € 200.821,– voor de afdeling GGD van de Dienst OCW van de gemeente Den Haag;
|
||||
e. € 364.382,– voor de GGD Rotterdam-Rijnmond;
|
||||
f. € 324.112,– voor de GGD van het openbaar lichaam Hart voor Brabant;
|
||||
g. € 165.821,– voor de GGD Zuid-Limburg;
|
||||
h. € 176.709,– voor de GGD Regio Utrecht.
|
||||
a. € 934.283,– voor de GGD van de gemeente Amsterdam;
|
||||
b. € 370.128,– voor de GGD Regio Gelderland Zuid;
|
||||
c. € 172.342,– voor de GGD Groningen;
|
||||
d. € 209.143,– voor de afdeling GGD van de Dienst OCW van de gemeente Den Haag;
|
||||
e. € 379.482,– voor de GGD Rotterdam-Rijnmond;
|
||||
f. € 337.543,– voor de GGD van het openbaar lichaam Hart voor Brabant;
|
||||
g. € 172.693,– voor de GGD Zuid-Limburg;
|
||||
h. € 184.032,– voor de GGD Regio Utrecht.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De uitkering voor activiteiten in het kader van PrEP-zorg, bedoeld in artikel 4.1, en de coördinatie daarvan bedraagt voor het kalenderjaar 2026 ten hoogste:
|
||||
|
||||
a. € 807.396,30 voor de GGD van de gemeente Amsterdam;
|
||||
b. € 319.860,00 voor de GGD Regio Gelderland Zuid;
|
||||
c. € 148.935,60 voor de GGD Groningen;
|
||||
d. € 180.738,90 voor de afdeling GGD van de Dienst OCW van de gemeente Den Haag;
|
||||
e. € 327.943,80 voor de GGD Rotterdam-Rijnmond;
|
||||
f. € 291.700,80 voor de GGD van het openbaar lichaam Hart voor Brabant;
|
||||
g. € 149.238,90 voor de GGD Zuid-Limburg;
|
||||
h. € 159.038,10 voor de GGD Regio Utrecht.
|
||||
a. € 896.911,68 voor de GGD van de gemeente Amsterdam;
|
||||
b. € 355.322,88 voor de GGD Regio Gelderland Zuid;
|
||||
c. € 165.448,32 voor de GGD Groningen;
|
||||
d. € 200.777,28 voor de afdeling GGD van de Dienst OCW van de gemeente Den Haag;
|
||||
e. € 364.302,72 voor de GGD Rotterdam-Rijnmond;
|
||||
f. € 324.041,28 voor de GGD van het openbaar lichaam Hart voor Brabant;
|
||||
g. € 165.785,28 voor de GGD Zuid-Limburg;
|
||||
h. € 176.670,72 voor de GGD Regio Utrecht.
|
||||
|
||||
**4.** De minister kan de maximumbedragen van de uitkering jaarlijks indexeren.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue