2010-09-01 | BWBR0001903 | Wetboek van Strafvordering
This commit is contained in:
parent
beaf191cc2
commit
5ca6d074a3
1 changed files with 44 additions and 1 deletions
|
|
@ -937,7 +937,7 @@ c. het bevel tot voorlopige hechtenis was gegeven terzake van verdenking van een
|
|||
Een bevel tot voorlopige hechtenis kan worden gegeven in geval van verdenking van:
|
||||
|
||||
a. een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld;
|
||||
b. een der misdrijven omschreven in de artikelen 132, 138a, 138b, 139c, 139d, eerste en tweede lid, 161sexies, eerste lid, onder 1°, en tweede lid,137c, tweede lid, 137d, tweede lid, 137e, tweede lid, 137g, tweede lid, 254a, 248d, 248e, 285, eerste lid, 285b, 300, eerste lid, 321, 323a, 326c, tweede lid, 350, 350a, 351, 395, 417bis en 420quater van het Wetboek van Strafrecht;
|
||||
b. een der misdrijven omschreven in de artikelen 132, 138a, 138b, 139c, 139d, eerste en tweede lid, 141a, 161sexies, eerste lid, onder 1°, en tweede lid,137c, tweede lid, 137d, tweede lid, 137e, tweede lid, 137g, tweede lid, 184a, 254a, 248d, 248e, 285, eerste lid, 285b, 300, eerste lid, 321, 323a, 326c, tweede lid, 350, 350a, 351, 395, 417bis en 420quater van het Wetboek van Strafrecht;
|
||||
c. een der misdrijven omschreven in:
|
||||
|
||||
artikel 122, eerste lid, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren;
|
||||
|
|
@ -7071,6 +7071,16 @@ Indien de rechter last geeft tot toepassing van de maatregel van terbeschikkings
|
|||
|
||||
**8.** Indien het openbaar ministerie een vordering doet tot toepassing van artikel 38la, is artikel 509q van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 509jbis
|
||||
|
||||
**1.** Indien een ter beschikking gestelde aan wie voorwaarden zijn gesteld als bedoeld in artikel 38, eerste lid, 38g, tweede lid of artikel 38h, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, een gestelde voorwaarde niet heeft nageleefd of anderszins het belang van de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen zulks eist, kan het openbaar ministerie op grond van artikel 38b of artikel 38i van het Wetboek van Strafrecht een met redenen omklede vordering indienen bij de rechtbank tot tijdelijke opname voor de duur van maximaal zeven weken in een door de rechtbank aangewezen inrichting. Deze tijdelijke opname kan plaatsvinden zonder bereidverklaring van de ter beschikking gestelde als bedoeld in artikel 38, derde lid, van het Wetboek van Strafrecht.
|
||||
|
||||
**2.** De termijn als bedoeld in het eerste lid kan door de rechtbank, op een met redenen omklede vordering van het openbaar ministerie, worden verlengd voor de duur van maximaal zeven weken indien het belang van de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen zulks eist.
|
||||
|
||||
**3.** De rechtbank doet zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval binnen drie dagen na indiening van de vordering, uitspraak op een vordering als bedoeld in het eerste of tweede lid. Deze uitspraak is dadelijk uitvoerbaar.
|
||||
|
||||
**4.** Artikel 509j, tweede tot en met vierde en zesde lid, is van overeenkomstige toepassing op een vordering als bedoeld in het eerste of tweede lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 509k
|
||||
|
||||
**1.** Strekt de vordering van het openbaar ministerie tot toepassing van artikel 38c, artikel 38k, dan wel artikel 38la, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, dan wordt aan de ter beschikking gestelde, zo hij geen raadsman heeft, door het bestuur van de raad voor rechtsbijstand op last van de voorzitter een raadsman toegevoegd.
|
||||
|
|
@ -7292,6 +7302,35 @@ reclasseringswerker: degene die ingevolge artikel 38p, vierde lid, van het Wetbo
|
|||
|
||||
**2.** De beslissing van het gerechtshof is niet aan enig gewoon rechtsmiddel onderworpen.
|
||||
|
||||
### Titel IID. Gedragsaanwijzing ter beëindiging van ernstige overlast
|
||||
|
||||
### Artikel 509hh
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De officier van justitie is bevoegd de verdachte tegen wie ernstige bezwaren bestaan een gedragsaanwijzing te geven in geval van verdenking van een strafbaar feit:
|
||||
|
||||
a. waardoor de openbare orde, gelet op de aard van het strafbare feit of de samenhang met andere strafbare feiten, dan wel de wijze waarop het strafbare feit is gepleegd, ernstig is verstoord, en waarbij grote vrees voor herhaling bestaat, dan wel
|
||||
b. in verband waarmee vrees bestaat voor ernstig belastend gedrag van de verdachte jegens personen, dan wel
|
||||
c. in verband waarmee vrees bestaat voor gedrag van de verdachte dat herhaald gevaar voor goederen oplevert.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De gedragsaanwijzing kan inhouden dat de verdachte wordt bevolen:
|
||||
|
||||
a. zich niet op te houden in een bepaald gebied,
|
||||
b. zich te onthouden van contact met een bepaalde persoon of bepaalde personen,
|
||||
c. zich op bepaalde tijdstippen te melden bij de daartoe aangewezen opsporingsambtenaar,
|
||||
d. zich te doen begeleiden bij hulpverlening die van invloed kan zijn op het plegen van strafbare feiten door de verdachte.
|
||||
|
||||
**3.** De gedragsaanwijzing wordt schriftelijk aan de verdachte bekend gemaakt, onder vermelding van de datum van ingang en de periode gedurende welke de gedragsaanwijzing van kracht blijft, alsmede de redenen die tot de gedragsaanwijzing hebben geleid.
|
||||
|
||||
**4.** De gedragsaanwijzing blijft maximaal 90 dagen van kracht dan wel, indien dit een kortere periode betreft, totdat het ter zake van het strafbare feit gewezen vonnis onherroepelijk is geworden. Wordt niet tijdig een onherroepelijk vonnis verkregen, dan kan de gedragsaanwijzing maximaal drie keer worden verlengd met een periode van maximaal 90 dagen. Verlenging is niet mogelijk indien tegen de verdachte geen vervolging is ingesteld. De rechter voor wie de verdachte gedagvaard is te verschijnen, kan de gedragsaanwijzing wijzigen. De rechter kan de gedragsaanwijzing opheffen indien hij van oordeel is dat niet of niet langer wordt voldaan aan de in het eerste lid gestelde voorwaarden voor het geven van de gedragsaanwijzing.
|
||||
|
||||
**5.** De verdachte kan tegen de gedragsaanwijzing en een verlenging daarvan in beroep komen bij de rechtbank, die zo spoedig mogelijk beslist. De verdachte kan zich door een raadsman laten bijstaan.
|
||||
|
||||
**6.** De officier van justitie wijzigt de gedragsaanwijzing of trekt die in indien nieuwe feiten of omstandigheden daartoe aanleiding geven.
|
||||
|
||||
### Titel III. Vervolging en berechting van rechterlijke ambtenaren
|
||||
|
||||
### Artikel 510
|
||||
|
|
@ -7893,6 +7932,10 @@ Tegen de beslissing tot afwijzing van eene door den officier van justitie kracht
|
|||
|
||||
**2.** Zij hebben toegang tot alle plaatsen, waar redelijkerwijs vermoed kan worden, dat een zodanig strafbaar feit wordt begaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 551a
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 552
|
||||
|
||||
De in artikel 141 bedoelde ambtenaren hebben toegang tot elke plaats, waarvan redelijkerwijs kan worden vermoed, dat zij door een handelaar als aangewezen bij algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 437 van het Wetboek van Strafrecht worden gebruikt. Artikel 90*bis* van het Wetboek van Strafrecht is van toepassing.
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue