diff --git a/amvb/besluit-kwaliteit-kinderopvang-en-peuterspeelzalen/BWBR0031621/README.md b/amvb/besluit-kwaliteit-kinderopvang-en-peuterspeelzalen/BWBR0031621/README.md index 11c0163c76e..50dc1825d21 100644 --- a/amvb/besluit-kwaliteit-kinderopvang-en-peuterspeelzalen/BWBR0031621/README.md +++ b/amvb/besluit-kwaliteit-kinderopvang-en-peuterspeelzalen/BWBR0031621/README.md @@ -18,12 +18,17 @@ citeertitel: Besluit kwaliteit kinderopvang en peuterspeelzalen In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: -a. *bemiddelingsmedewerker:* de medewerker, werkzaam bij het gastouderbureau, die bemiddelt tussen gastouder en vraagouder en die daartoe de voorziening voor gastouderopvang bezoekt; -b. *buitenschoolse opvang:* kinderopvang verzorgd door een kindercentrum voor kinderen in de leeftijd dat ze naar het basisonderwijs kunnen gaan, waarbij opvang wordt geboden voor of na de dagelijkse schooltijd evenals gedurende vrije dagen of middagen en in schoolvakanties; -c. *dagopvang:* kinderopvang verzorgd door een kindercentrum voor kinderen tot de leeftijd waarop zij het basisonderwijs volgen; -d. *groep:* een eenheid die bestaat uit een aantal kinderen met één of meer beroepskrachten dan wel uit een aantal door een gastouder op te vangen kinderen; -e. *vraagouder:* ouder die kinderopvang vraagt die geboden wordt door een gastouder; -f. *wet:* +a. *advies- en meldpunt kindermishandeling:* stichting als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de jeugdzorg bij de uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder e, van die wet; +b. *bemiddelingsmedewerker:* de medewerker, werkzaam bij het gastouderbureau, die bemiddelt tussen gastouder en vraagouder en die daartoe de voorziening voor gastouderopvang bezoekt; +c. *buitenschoolse opvang:* kinderopvang verzorgd door een kindercentrum voor kinderen in de leeftijd dat ze naar het basisonderwijs kunnen gaan, waarbij opvang wordt geboden voor of na de dagelijkse schooltijd evenals gedurende vrije dagen of middagen en in schoolvakanties; +d. *dagopvang:* kinderopvang verzorgd door een kindercentrum voor kinderen tot de leeftijd waarop zij het basisonderwijs volgen; +e. *groep:* een eenheid die bestaat uit een aantal kinderen met één of meer beroepskrachten dan wel uit een aantal door een gastouder op te vangen kinderen; +f. *huiselijk geweld:* huiselijk geweld als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning; +g. *kindermishandeling:* kindermishandeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de jeugdzorg; +h. *meldcode:* meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling; +i. *steunpunt huiselijk geweld:* steunpunt huiselijk geweld als bedoeld in artikel 21b van de Wet maatschappelijke ondersteuning; +j. *vraagouder:* ouder die kinderopvang vraagt die geboden wordt door een gastouder; +k. *wet:* Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen. ### Paragraaf 2. Kwaliteitseisen kindercentra @@ -37,15 +42,33 @@ De houder van een kindercentrum inventariseert jaarlijks de veiligheids- en gezo a. een beschrijving van de veiligheids- en gezondheidsrisico's die de opvang van kinderen in alle voor kinderen toegankelijke ruimtes in een kindercentrum, daaronder mede begrepen de buitenspeelruimte, met zich brengt; b. een plan van aanpak, waarin is aangegeven welke maatregelen en binnen welke termijn deze maatregelen zijn respectievelijk worden genomen in verband de in onderdeel a bedoelde risico's en de samenhang daartussen. -**2.** De houder van een kindercentrum stelt voor elk door hem geëxploiteerd kindercentrum een meldcode kindermishandeling vast ten behoeve van de personen die werkzaam zijn in het kindercentrum en zorgt dat deze personen daarvan op de hoogte zijn. - -**3.** +**2.** Bij ministeriële regeling kunnen in elk geval nadere regels worden gesteld met betrekking tot: a. de elementen die de inventarisatie, bedoeld in het eerste lid, minimaal bevat; -b. de wijze waarop de houder van een kindercentrum de inventarisatie openbaar maakt; -c. welke bepalingen een meldcode in ieder geval bevat of uit welke elementen een meldcode in ieder geval bestaat. +b. de wijze waarop de houder van een kindercentrum de inventarisatie openbaar maakt. + +### Artikel 2a + +**1.** + +De door de houder van een kindercentrum voor het personeel vast te stellen meldcode bevat ten minste de volgende elementen: + +a. een stappenplan, inhoudende een omschrijving van de stappen voor het omgaan door personeelsleden met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling; +b. een toebedeling van verantwoordelijkheden aan de diverse personeelsleden bij de stappen, bedoeld onder a, inclusief vermelding van de degene die eindverantwoordelijk is voor de beslissing over het al dan niet doen van een melding; +c. specifieke aandacht, indien van toepassing, voor bijzondere vormen van geweld, die speciale kennis en vaardigheden van personeel vereisen; +d. specifieke aandacht voor de wijze waarop personeel moet omgaan met gegevens waarvan zij het vertrouwelijk karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden. + +**2.** + +Het in het eerste lid, onder a, bedoelde stappenplan, bevat ten minste de volgende stappen: + +a. het in kaart brengen van de signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling; +b. collegiale consultatie en zo nodig raadplegen van het steunpunt huiselijk geweld, het advies- en meldpunt kindermishandeling of een deskundige op het gebied van letselduiding; +c. een gesprek met de ouders en, indien mogelijk, het kind; +d. het wegen van het risico op en de aard en de ernst van het huiselijk geweld of de kindermishandeling en bij twijfel altijd raadplegen van het steunpunt huiselijk geweld of het advies- en meldpunt kindermishandeling, en +e. beslissen: zelf hulp bieden of hulp organiseren dan wel het doen van een melding. ### Artikel 3 @@ -115,23 +138,22 @@ c. een lijst van ongevallen die hebben plaatsgevonden en, voor zover de oorzaak **1.** -De houder van een gastouderbureau hanteert voor elk door hem geëxploiteerd gastouderbureau een meldcode kindermishandeling. In deze meldcode is opgenomen: +De door de houder van een gastouderbureau voor de gastouders vast te stellen meldcode bevat ten minste de volgende elementen: -a. een definitie van kindermishandeling als bedoeld in de Wet op de jeugdzorg; -b. een duidelijke uitsplitsing van verantwoordelijkheden per organisatielaag in taken en bevoegdheden; -c. een duidelijk stappenplan voorzien van een heldere toelichting dat ten minste ingaat op de volgende te onderscheiden stappen: het vermoeden, het overleg, het plan van aanpak, het beslissen, het handelen, de evaluatie, de nazorg; -d. aandachtspunten voor de gesprekvoering met verschillende partijen en hulpmiddelen voor het doorlopen van het stappenplan; -e. een lijst van signalen per ontwikkelingsgebied uitgesplitst voor kinderen in de leeftijd tot vier jaar en kinderen in de leeftijd van vier jaar tot de leeftijd waarop het basisonderwijs voor die kinderen eindigt; -f. praktische informatie over de Bureaus Jeugdzorg en het Advies & Meldpunt Kindermishandeling. +a. een stappenplan, inhoudende een omschrijving van de stappen voor het omgaan door gastouders met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling; +b. een toebedeling van verantwoordelijkheden per gastouder bij de stappen, bedoeld onder a, inclusief vermelding van de gastouder die eindverantwoordelijk is voor de beslissing over het al dan niet doen van een melding; +c. specifieke aandacht, indien van toepassing, voor bijzondere vormen van geweld, die speciale kennis en vaardigheden van gastouders vereisen; +d. specifieke aandacht voor de wijze waarop gastouders moeten omgaan met gegevens waarvan zij het vertrouwelijk karakter kennen of redelijkerwijs moeten vermoeden. **2.** -In de meldcode wordt aandacht besteed aan: +Het in het eerste lid, onder a, bedoelde stappenplan, bevat ten minste de volgende stappen: -a. de mogelijke situatie waarin een persoon, werkzaam bij het gastouderbureau, een gastouder of een volwassen huisgenoot van de gastouder de vermoedelijke dader is; -b. de omgang met de Wet bescherming persoonsgegevens. - -**3.** De houder van een gastouderbureau zorgt ervoor dat de personen, werkzaam bij het gastouderbureau, en de gastouders op de hoogte zijn van de meldcode kindermishandeling. +a. het in kaart brengen van de signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling; +b. collegiale consultatie en zo nodig raadplegen van het steunpunt huiselijk geweld, het advies- en meldpunt kindermishandeling of een deskundige op het gebied van letselduiding; +c. een gesprek met de ouders en, indien mogelijk, het kind; +d. het wegen van het risico op en de aard en de ernst van het huiselijk geweld of de kindermishandeling en bij twijfel altijd raadplegen van het steunpunt huiselijk geweld of het advies- en meldpunt kindermishandeling, en +e. beslissen: zelf hulp bieden of hulp organiseren dan wel het doen van een melding. ### Artikel 9 @@ -250,15 +272,33 @@ De houder van een peuterspeelzaal inventariseert jaarlijks de veiligheids- en ge a. een beschrijving van de veiligheids- en gezondheidsrisico’s die het peuterspeelzaalwerk in alle voor kinderen toegankelijke ruimtes in een peuterspeelzaal, daaronder mede begrepen de buitenspeelruimte, met zich brengt; b. een plan van aanpak, waarin is aangegeven welke maatregelen en binnen welke termijn deze maatregelen zijn respectievelijk worden genomen in verband de in onderdeel a bedoelde risico’s en de samenhang daartussen. -**2.** De houder van een peuterspeelzaal stelt voor elke door hem geëxploiteerde peuterspeelzaal een meldcode kindermishandeling vast ten behoeve van de personen die werkzaam zijn in de peuterspeelzaal en zorgt dat deze personen daarvan op de hoogte zijn. - -**3.** +**2.** Bij ministeriële regeling kunnen in elk geval nadere regels worden gesteld met betrekking tot: a. de elementen die de inventarisatie, bedoeld in het eerste lid, minimaal bevat; -b. de wijze waarop de houder van een peuterspeelzaal de inventarisatie openbaar maakt; -c. welke bepalingen een meldcode in ieder geval bevat of uit welke elementen een meldcode in ieder geval bestaat. +b. de wijze waarop de houder van een peuterspeelzaal de inventarisatie openbaar maakt. + +### Artikel 17a + +**1.** + +De door de houder van een peuterspeelzaal voor het personeel vast te stellen meldcode bevat ten minste de volgende elementen: + +a. een stappenplan, inhoudende een omschrijving van de stappen voor het omgaan door personeelsleden met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling; +b. een toebedeling van verantwoordelijkheden aan de diverse personeelsleden werkzaam bij de peuterspeelzaal bij de stappen, bedoeld onder a, inclusief vermelding van de degene die eindverantwoordelijk is voor de beslissing over het al dan niet doen van een melding; +c. specifieke aandacht, indien van toepassing, voor bijzondere vormen van geweld, die speciale kennis en vaardigheden van personeel vereisen; +d. specifieke aandacht voor de wijze waarop personeel moet omgaan met gegevens waarvan zij het vertrouwelijk karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden. + +**2.** + +Het in het eerste lid, onder a, bedoelde stappenplan, bevat ten minste de volgende stappen: + +a. het in kaart brengen van de signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling; +b. collegiale consultatie en zo nodig raadplegen van het steunpunt huiselijk geweld, het advies- en meldpunt kindermishandeling of een deskundige op het gebied van letselduiding; +c. een gesprek met de ouders en, indien mogelijk, het kind; +d. het wegen van het risico op en de aard en de ernst van het huiselijk geweld of de kindermishandeling en bij twijfel altijd raadplegen van het steunpunt huiselijk geweld of het advies- en meldpunt kindermishandeling, en +e. beslissen: zelf hulp bieden of hulp organiseren dan wel het doen van een melding. ### Artikel 18 @@ -327,7 +367,7 @@ Het Besluit deskundigheidseisen gastouders kinderopvang wordt ingetrokken. ### Artikel 23 -Indien het bij Koninklijke boodschap van 27 oktober 2011 ingediende voorstel van wet tot wijziging van diverse wetten in verband met de invoering van de verplichting voor bepaalde instanties waar professionals werken en voor bepaalde zelfstandige professionals om te beschikken over een meldcode voor huiselijk geweld en kindermishandeling en de kennis en het gebruik daarvan te bevorderen, onderscheidenlijk die meldcode te hanteren (verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling), (Kamerstukken 33 062), tot wet is of wordt verheven en artikel X van die wet in werking is getreden of treedt dan berust dit besluit mede op de artikelen 1.51a en 2.91 van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen. +Vervallen ### Artikel 24