2006-02-21 | BWBR0019031 | Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet
This commit is contained in:
parent
7344aa1dc7
commit
5ec6832995
1 changed files with 7 additions and 7 deletions
|
|
@ -61,25 +61,25 @@ Als de kaarten, bedoeld in artikel 1, vierde lid, van de wet, worden vastgesteld
|
|||
|
||||
### Artikel 22
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van artikel 5c van de wet is de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond in enig kalenderjaar de oppervlakte landbouwgrond die op 15 mei van dat jaar tot het bedrijf behoort.
|
||||
Voor de toepassing van artikel 9 van de wet is de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond in enig kalenderjaar de oppervlakte landbouwgrond die op 15 mei van dat jaar tot het bedrijf behoort.
|
||||
|
||||
### Artikel 23
|
||||
|
||||
**1.** Voor de toepassing van artikel 5d, eerste lid, van de wet is de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond in enig kalenderjaar de op 15 mei van dat jaar beteelde oppervlakte landbouwgrond die tot het bedrijf behoort.
|
||||
**1.** Voor de toepassing van artikel 10, eerste lid, van de wet is de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond in enig kalenderjaar de op 15 mei van dat jaar beteelde oppervlakte landbouwgrond die tot het bedrijf behoort.
|
||||
|
||||
**2.** Ingeval de teelt van gewassen na het in het eerste lid bedoelde tijdstip aanvangt, wordt de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, bedoeld in het eerste lid, vermeerderd met de met deze gewassen beteelde oppervlakte landbouwgrond die op het tijdstip waarop de teelt aanvangt tot het bedrijf behoort.
|
||||
|
||||
**3.** De beteelde oppervlakte landbouwgrond wordt onderscheiden naar de geteelde gewassen, de toegepaste landbouwpraktijk, de ecologische kenmerken van een waterlichaam, de kenmerken van de bodem en de desbetreffende grondsoorten, bedoeld in artikel 5d, tweede lid, van de wet, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtens artikel 5d, eerste lid, van de wet, vastgestelde ministeriële regeling.
|
||||
**3.** De beteelde oppervlakte landbouwgrond wordt onderscheiden naar de geteelde gewassen, de toegepaste landbouwpraktijk, de ecologische kenmerken van een waterlichaam, de kenmerken van de bodem en de desbetreffende grondsoorten, bedoeld in artikel 10, tweede lid, van de wet, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in de krachtens artikel 10, eerste lid, van de wet, vastgestelde ministeriële regeling.
|
||||
|
||||
### Artikel 24
|
||||
|
||||
**1.** Voor de toepassing van artikel 5e, eerste lid, van de wet is de tot het bedrijf behorende oppervlakte grasland in enig kalenderjaar de oppervlakte grasland die op 15 mei van dat jaar tot het bedrijf behoort.
|
||||
**1.** Voor de toepassing van artikel 11, eerste lid, van de wet is de tot het bedrijf behorende oppervlakte grasland in enig kalenderjaar de oppervlakte grasland die op 15 mei van dat jaar tot het bedrijf behoort.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van artikel 5e, tweede lid, van de wet is de tot het bedrijf behorende oppervlakte bouwland in enig kalenderjaar de oppervlakte bouwland die op 15 mei van dat jaar tot het bedrijf behoort.
|
||||
**2.** Voor de toepassing van artikel 11, tweede lid, van de wet is de tot het bedrijf behorende oppervlakte bouwland in enig kalenderjaar de oppervlakte bouwland die op 15 mei van dat jaar tot het bedrijf behoort.
|
||||
|
||||
### Artikel 25
|
||||
|
||||
Voor de toepassing van de artikelen 5c, 5d, eerste lid en 5e, eerste lid, van de wet wordt de teeltvrije zone, bedoeld in de artikelen 13, 14 en 16 van het Lozingenbesluit open teelt en veehouderij, niet aangemerkt als tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond.
|
||||
Voor de toepassing van de artikelen 9, 10, eerste lid en 11, eerste lid, van de wet wordt de teeltvrije zone, bedoeld in de artikelen 13, 14 en 16 van het Lozingenbesluit open teelt en veehouderij, niet aangemerkt als tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond.
|
||||
|
||||
### Artikel 26
|
||||
|
||||
|
|
@ -651,7 +651,7 @@ e. de verantwoording van de vaststellingen.
|
|||
|
||||
### Artikel 71
|
||||
|
||||
**1.** Voor de toepassing van de krachtens artikel 5e, zesde lid, van de wet gestelde regels meldt de landbouwer zijn bedrijf uiterlijk 31 december van het desbetreffende jaar aan bij Onze Minister.
|
||||
**1.** Voor de toepassing van de krachtens artikel 11, zesde lid, van de wet gestelde regels meldt de landbouwer zijn bedrijf uiterlijk 31 december van het desbetreffende jaar aan bij Onze Minister.
|
||||
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde melding vindt plaats door indiening van het volledig en naar waarheid ingevulde en ondertekende daartoe bestemde formulier, dat door Onze Minister wordt verstrekt.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue