2014-07-01 | BWBR0007791 | Wet privatisering ABP

This commit is contained in:
Coornhert 2014-07-01 12:00:00 +00:00
parent e3d9a5e2ed
commit 5f2c201e45

View file

@ -87,33 +87,20 @@ l. personen in dienst van een B 3-instelling waarvan de aanwijzing op of na 1 ja
Tevens wordt als overheidswerknemer aangemerkt degene die in dienst is van:
a. de Stichting Pensioenfonds ABP;
b. een privaatrechtelijk lichaam dat met ingang van een datum gelegen na 31 december 1995 ,door Onze Minister, op grond van de doelstelling en financiële verhouding tot een of meer publiekrechtelijke lichamen, is aangewezen als lichaam waarvan de werknemers deelnemen in de Stichting Pensioenfonds ABP;
c. een privaatrechtelijk lichaam, waarvan de arbeidsvoorwaarden van de werknemers van dat lichaam overeenkomen met de arbeidsvoorwaarden van het personeel dat werkzaam is in een van de sectoren genoemd in artikel 1, onder q, onderdeel 1 tot en met 8, dat voor het tijdstip, bedoeld in artikel 21, derde lid, door Onze Minister, met inachtneming van artikel 3 is aangewezen als lichaam waarvan de werknemers deelnemen in de Stichting Pensioenfonds ABP.
b. een privaatrechtelijk lichaam dat tussen 31 december 1995 en het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet tot wijziging van de Wet privatisering ABP in verband met de wijziging van de aanwijzingsvoorwaarden voor deelneming in het ABP (Stb. 2001, 537) door Onze Minister op grond van de doelstelling en financiële verhouding tot een of meer publiekrechtelijke lichamen is aangewezen als lichaam waarvan de werknemers deelnemen in de Stichting Pensioenfonds ABP of dat daartoe vóór het genoemde tijdstip van inwerkingtreding het verzoek had gedaan;
c. een privaatrechtelijk lichaam, waarvan de arbeidsvoorwaarden van de werknemers van dat lichaam overeenkomen met de arbeidsvoorwaarden van het personeel dat werkzaam is in een van de sectoren genoemd in artikel 1, onder q, onderdeel 1 tot en met 8, dat tussen 16 november 2001 en het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet tot wijziging van de Wet privatisering ABP in verband met het schrappen van de aanwijzingsbevoegdheid om een privaatrechtelijk lichaam als lichaam waarvan de werknemers deelnemen in de Stichting Pensioenfonds ABP (Stb. 2014, 143), door Onze Minister is aangewezen als lichaam waarvan de werknemers deelnemen in de Stichting Pensioenfonds ABP.
**4.**
**4.** Onze Minister kan in overeenstemming met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij ministeriële regeling bepalen dat onderdelen van de arbeidsvoorwaarden van de werknemers en onderdelen van de arbeidsvoorwaarden van een sector, voor de vergelijking die volgt uit de toepassing van het derde lid, onder c, buiten beschouwing blijven.
De in het derde lid, onder c, bedoelde aanwijzing vindt uitsluitend plaats indien:
a. werknemers in dienst van het aan te wijzen lichaam overheidswerknemer zijn op de dag voorafgaande aan het tijdstip waarop de beoogde deelneming op basis van die aanwijzing in werking zal treden, en
b. het verzoek om aanwijzing een gezamenlijk verzoek is van werkgever en werknemers die bevoegd zijn tot vaststelling van de arbeidsvoorwaarden voor de werknemers van dat lichaam, dan wel een verzoek is van hun vertegenwoordigers.
**5.** Onze Minister kan in overeenstemming met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij ministeriële regeling bepalen dat onderdelen van de arbeidsvoorwaarden van de werknemers en onderdelen van de arbeidsvoorwaarden van een sector, voor de vergelijking die volgt uit de toepassing van het derde lid, onder c, buiten beschouwing blijven.
**6.** Voor de toepassing van de paragrafen 4, 9 en 10, alsmede van artikel 57 wordt tevens als overheidswerknemer aangemerkt degene die behoort tot het personeel van de Koninklijke Hofhouding, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet gevolgen privatisering ABP voor het personeel van de Koninklijke Hofhouding.
**5.** Voor de toepassing van de paragrafen 4, 9 en 10, alsmede van artikel 57 wordt tevens als overheidswerknemer aangemerkt degene die behoort tot het personeel van de Koninklijke Hofhouding, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet gevolgen privatisering ABP voor het personeel van de Koninklijke Hofhouding.
### Artikel 3
**1.** Een aanwijzing als bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel c, geschiedt door Onze Minister na overleg met Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en op voordracht van het bestuur van de Stichting Pensioenfonds ABP.
**1.** Een aanwijzing op grond van artikel B 3 van de Abp-wet wordt aangemerkt als een aanwijzing ingevolge artikel 2, derde lid, onderdeel b.
**2.** Onze Minister kan aan een aanwijzing voorwaarden verbinden.
**2.** Onze Minister kan, gehoord het bestuur van de Stichting Pensioenfonds ABP en de Nederlandsche Bank N.V., een aanwijzing uiterlijk voor het tijdstip, bedoeld in artikel 21, derde lid, intrekken indien het lichaam niet meer voldoet aan een of meer van de gestelde voorwaarden of aan de eisen als bedoeld in artikel 2, derde lid, onder b, onderscheidenlijk c.
**3.** In de voordracht, bedoeld in het eerste lid, geeft het bestuur van de Stichting Pensioenfonds ABP aan of wordt voldaan aan de te stellen eis inzake de arbeidsvoorwaarden, bedoeld in artikel 2, derde lid, onder c, alsmede of aan een aanwijzing voorwaarden dienen te worden verbonden.
**4.** Een aanwijzing op grond van artikel B 3 van de Abp-wet wordt aangemerkt als een aanwijzing ingevolge artikel 2, derde lid, onderdeel b .
**5.** Onze Minister kan, gehoord het bestuur van de Stichting Pensioenfonds ABP en de Nederlandsche Bank N.V., een aanwijzing uiterlijk voor het tijdstip, bedoeld in artikel 21, derde lid, intrekken indien het lichaam niet meer voldoet aan een of meer van de gestelde voorwaarden of aan de eisen als bedoeld in artikel 2, derde lid, onder b, onderscheidenlijk c.
**6.** Indien aan het vijfde lid toepassing wordt gegeven, is artikel 22, derde lid, van overeenkomstige toepassing.
**3.** Indien aan het vijfde lid toepassing wordt gegeven, is artikel 22, derde lid, van overeenkomstige toepassing.
### Paragraaf 2. De pensioenen van het overheidspersoneel en de Stichting Pensioenfonds ABP