2010-12-31 | BWBR0002828 | Vaarplichtwet
This commit is contained in:
parent
e824a424a6
commit
5f9c66f1d4
1 changed files with 38 additions and 12 deletions
|
|
@ -43,7 +43,9 @@ f. "vaarplichtige": hij, aan wie ingevolge artikel 2*a* de vaarplicht is opgeleg
|
|||
|
||||
### Artikel 2a
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
|
||||
|
||||
Onze Minister is bevoegd met inachtneming van artikel 3, eerste lid, aan zeelieden en gewezen zeelieden de vaarplicht op te leggen.
|
||||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
|
|
@ -126,11 +128,23 @@ b. die op enigerlei wijze de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 5 of 9 opze
|
|||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
|
||||
|
||||
**1.** Indien de kapitein gegronde reden heeft om aan te nemen dat het verblijf van een zeeman op het schip de orde aan boord of de veiligheid van het schip in gevaar brengt, kan hij deze in iedere haven, waar zulks is toegestaan, aan land doen zetten of de toegang tot het schip weigeren.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Indien de kapitein van oordeel is dat het vrije verblijf van een zeeman aan boord om een of meer van de redenen als in het eerste lid bedoeld niet langer verantwoord is, kan hij deze doen insluiten.
|
||||
|
||||
In dat geval doet de kapitein de zeeman in de eerste haven, waar zulks is toegestaan, aan land zetten.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister bevordert zoveel mogelijk, dat zeelieden, die ingevolge de toepassing van het bepaalde in de vorige leden achterblijven buiten het land van hun herkomst, zo spoedig mogelijk naar dat land worden teruggebracht.
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
|
||||
|
||||
De kapitein, die gebruik maakt van de bevoegdheden hem in het vorige artikel gegeven, is verplicht daarvan melding te maken in het scheepsdagboek. Hij stelt tevens zo spoedig mogelijk Onze Minister in kennis van de genomen maatregel en van de feiten, die tot deze maatregel aanleiding hebben gegeven.
|
||||
|
||||
### Artikel 12
|
||||
|
||||
|
|
@ -160,15 +174,26 @@ Met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie
|
|||
|
||||
### Artikel 16
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
|
||||
|
||||
Met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft hij die opzettelijk ernstige schade veroorzaakt of teweegbrengt aan een Nederlands, Surinaams of Nederlands Antilliaans schip.
|
||||
|
||||
### Artikel 17
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
|
||||
|
||||
De kapitein die zonder dringende reden opzettelijk geen gevolg geeft aan de aanwijzingen, hem gegeven door een bevoegde autoriteit van het Koninkrijk of een verbonden mogendheid, wordt gestraft:
|
||||
|
||||
a. met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie, indien hij daardoor zijn schip en de opvarenden aan ernstig gevaar blootstelt;
|
||||
b. met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van de vierde categorie, indien het feit het verlies van een schip of de dood van een opvarende ten gevolge heeft.
|
||||
|
||||
### Artikel 18
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
|
||||
|
||||
**1.** Met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie wordt gestraft de kapitein die een verplichting als bedoeld in artikel 11, eerste lid, opzettelijk niet nakomt.
|
||||
|
||||
**2.** Wanneer het niet nakomen van een van de in artikel 11, eerste lid, bedoelde verplichtingen aan de schuld van de kapitein te wijten is, wordt hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie opgelegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 19
|
||||
|
||||
|
|
@ -176,7 +201,9 @@ Met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie
|
|||
|
||||
### Artikel 20
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
|
||||
|
||||
Met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie wordt gestraft de zeeman die niet nakomt enig van overheidswege gesteld voorschrift voor de handhaving van de orde aan boord of ter bescherming van de algemene veiligheid.
|
||||
|
||||
### Artikel 21
|
||||
|
||||
|
|
@ -201,10 +228,9 @@ De artikelen 14 tot en met 22 zijn van toepassing, ongeacht waar het feit plaats
|
|||
Met de opsporing van de bij de artikelen 14 tot en met 21 strafbaar gestelde feiten zijn, onverminderd artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, belast:
|
||||
|
||||
a. de officieren der Koninklijke Marine, behorende tot het korps zee-officieren en voorzover zij in werkelijke dienst zijn, de tot dit korps behorende officieren der Koninklijke Marine Reserve, alsmede de overige officieren der Koninklijke Marine, daartoe door Onze Minister van Defensie aangewezen;
|
||||
b. de ambtenaren van de divisie Scheepvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat;
|
||||
c. de ambtenaren van de rijksbelastingdienst, bevoegd inzake douane;
|
||||
d. de ambtenaren van de buitenlandse dienst;
|
||||
e. de ambtenaren, daartoe door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat aangewezen.
|
||||
b. de ambtenaren van de rijksbelastingdienst, bevoegd inzake douane;
|
||||
c. de ambtenaren van de buitenlandse dienst;
|
||||
d. de ambtenaren, daartoe door Onze Minister aangewezen.
|
||||
|
||||
Deze ambtenaren zijn tevens belast met de opsporing van de feiten, strafbaar gesteld in de artikelen 179 tot en met 182 en 184 van het Wetboek van Strafrecht, voor zover deze feiten betrekking hebben op een bevel, vordering of handeling, gedaan of ondernomen door henzelf. De artikelen 5:13, 5:15, 5:16, 5:17 en 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
|
|
@ -214,7 +240,7 @@ De in artikel 24 bedoelde ambtenaren zijn bevoegd, met medeneming van de benodig
|
|||
|
||||
### Artikel 25a
|
||||
|
||||
**1.** Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast de ambtenaren, genoemd in artikel 24, onder a, b, d en e.
|
||||
**1.** Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast de ambtenaren, genoemd in artikel 24, onder a, c en d.
|
||||
|
||||
**2.** De toezichthouders beschikken niet over de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 5:18 en 5:19 van de Algemene wet bestuursrecht.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue