diff --git a/wet/kernenergiewet/BWBR0002402/README.md b/wet/kernenergiewet/BWBR0002402/README.md index 280ca93e0ec..76a2bdfe9f6 100644 --- a/wet/kernenergiewet/BWBR0002402/README.md +++ b/wet/kernenergiewet/BWBR0002402/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Kernenergiewet bwb_id: BWBR0002402 type: wet status: geldend -datum_inwerkingtreding: '1970-01-01' +datum_inwerkingtreding: '2017-08-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0002402 citeertitel: Kernenergiewet --- @@ -24,59 +24,120 @@ c. ertsen: ertsen die naar gewicht gerekend ten minste een tiende procent uraniu d. radioactieve stoffen: stoffen met uitzondering van splijtstoffen en ertsen, die in zodanige mate radionucliden bevatten dat zij, voorzover het de bescherming tegen ioniserende straling betreft, niet mogen worden verwaarloosd; e. ioniserende straling: röntgen- en gammastraling, alsmede corpusculaire straling, die in staat is ionenvorming te veroorzaken; f. toestel: toestel dat ioniserende straling kan uitzenden en geen radioactieve stof, splijtstof of erts bevat; -g. bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het geven van een beschikking. +g. bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het geven van een beschikking; +h. Autoriteit: Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming, genoemd in artikel 3, eerste lid. -**2.** De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur als in het eerste lid, onder b, bedoeld wordt Ons gedaan door Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. +**2.** De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur als in het eerste lid, onder b, bedoeld wordt Ons gedaan door Onze Ministers van Infrastructuur en Milieu en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. ### Artikel 2 Het bij of krachtens deze wet bepaalde is mede van toepassing op een verkenningsonderzoek, het opsporen of het winnen van delfstoffen of aardwarmte, dan wel het opslaan van stoffen voorzover dit plaatsvindt op het continentaal plat, bedoeld in de Mijnbouwwet. -## Hoofdstuk II. De Commissie Reactorveiligheid +## Hoofdstuk II. De autoriteit nucleaire veiligheid en stralingsbescherming ### Artikel 3 -Vervallen +**1.** Er is een Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming. + +**2.** De Autoriteit vervult haar taken in onafhankelijkheid. + +**3.** + +De Autoriteit heeft met betrekking tot nucleaire veiligheid en stralingsbescherming, de daarmee samenhangende crisisvoorbereiding, alsmede beveiliging en waarborgen tot taak: + +a. de uitvoering van de taken die haar bij of krachtens de wet zijn toegekend; +b. het toezicht op de naleving van bij of krachtens deze wet gestelde regels; +c. het evalueren, voorbereiden van en adviseren over het beleid en wet- en regelgeving op basis van haar specifieke kennis en deskundigheid; +d. het geven van voorlichting; +e. het deelnemen aan activiteiten van internationale organisaties; +f. het samenwerken met vergelijkbare buitenlandse autoriteiten van landen in de nabijheid van inrichtingen als bedoeld in artikel 15, onder b, onder meer door het uitwisselen en delen van informatie; +g. het onderhouden van relaties met andere dan de in onderdeel f bedoelde vergelijkbare buitenlandse autoriteiten en nationale en internationale organisaties; +h. het met kennis ondersteunen van nationale organisaties; +i. het doen en laten doen van onderzoek ten behoeve van de uitvoering van haar taken. ### Artikel 4 -Vervallen +**1.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de Autoriteit in het belang van nucleaire veiligheid, stralingsbescherming of beveiliging bij verordening regels kan stellen met betrekking tot organisatorische of technische onderwerpen. + +**2.** De Autoriteit stelt een verordening niet vast dan nadat van het ontwerp op geschikte wijze kennis is gegeven en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen een bij die bekendmaking door de Autoriteit vast te stellen termijn van ten minste vier weken na de dag waarop de kennisgeving is gedaan, zienswijzen schriftelijk ter kennis van de Autoriteit te brengen. ### Artikel 5 -Vervallen +**1.** De Autoriteit bestaat uit minimaal twee en maximaal drie leden, onder wie de voorzitter. + +**2.** Benoeming vindt plaats op grond van deskundigheid of ervaring, die nodig is voor de uitoefening van de taken van de Autoriteit. + +**3.** De leden worden benoemd voor een periode van vijf jaar. De leden kunnen eenmaal worden herbenoemd voor eenzelfde periode. + +**4.** In het geval van een vacature vormen de overige leden, in afwijking van het eerste lid, de Autoriteit. + +**5.** Onverminderd artikel 13, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen heeft een lid geen financiële of andere belangen waardoor zijn onpartijdigheid in het geding kan zijn. + +**6.** Een lid kan niet tevens zijn een aan een minister ondergeschikte ambtenaar. + +**7.** Het lidmaatschap van de Autoriteit wordt aangewezen als een vertrouwensfunctie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet veiligheidsonderzoeken. ### Artikel 6 -Vervallen +**1.** Onze Minister van Infrastructuur en Milieu benoemt, schorst en ontslaat de leden van de Autoriteit. + +**2.** Onze Minister van Infrastructuur en Milieu maakt een besluit tot ontslag bekend door kennisgeving van de zakelijke inhoud van dat besluit in de Staatscourant. De redenen van het ontslag worden in die kennisgeving openbaar gemaakt indien de betrokkene daarom verzoekt. ### Artikel 7 -Vervallen +Onze Minister van Infrastructuur en Milieu stelt de bezoldiging of schadeloosstelling van leden van de Autoriteit vast. ### Artikel 8 -Vervallen +De Autoriteit stelt procedures vast ter voorkoming of oplossing van belangenconflicten bij de uitoefening van haar taken. ### Artikel 9 -Vervallen +**1.** Onze Minister van Infrastructuur en Milieu stelt voldoende financiële middelen ter beschikking aan de Autoriteit ter uitoefening van haar taken. -### Artikel 9a - -Vervallen +**2.** Onze Minister van Infrastructuur en Milieu neemt in zijn begroting de Autoriteit als afzonderlijke begrotingspost op en voorziet deze post van een toelichting. ### Artikel 10 -Vervallen +Onze Minister van Infrastructuur en Milieu stelt ten behoeve van de uitvoering van haar taken, voldoende en gekwalificeerd personeel ter beschikking aan de Autoriteit. ### Artikel 11 -Vervallen +Onverminderd artikel 18, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen zendt de Autoriteit het jaarverslag, naast aan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, tevens aan Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Veiligheid en Justitie. ### Artikel 12 -Vervallen +**1.** Onverminderd artikel 20, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen verstrekt de Autoriteit desgevraagd naast aan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu tevens aan Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Veiligheid en Justitie alle voor de uitoefening van hun taak benodigde inlichtingen. Zij kunnen inzage vorderen van alle zakelijke gegevens en bescheiden, indien dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijs nodig is. + +**2.** Onze Ministers kunnen gezamenlijk nadere regels vaststellen over de verstrekking van gegevens of inlichtingen van de Autoriteit aan Onze Ministers en van Onze Ministers aan de Autoriteit. + +### Artikel 12a + +In afwijking van artikel 21, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandig bestuursorganen kan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu geen beleidsregels vaststellen met betrekking tot de taakuitoefening door de Autoriteit. + +### Artikel 12b + +**1.** De Autoriteit stelt een bestuursreglement vast. + +**2.** Het bestuursreglement behoeft goedkeuring van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu. + +**3.** Het bestuursreglement bevat alleen regels over de wijze van besluitvorming, het financiële beheer, de administratieve organisatie, vervanging van leden, vertegenwoordigingsbevoegdheid en procedures met het oog op een goede en zorgvuldige uitoefening van de taken. + +**4.** De Autoriteit maakt het bestuursreglement na de goedkeuring bekend in de Staatscourant. + +### Artikel 12c + +**1.** In afwijking van artikel 22, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen kan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu een besluit van de Autoriteit uitsluitend vernietigen wegens strijd met het recht. + +**2.** Onze Minister van Infrastructuur en Milieu stelt beide kamers der Staten-Generaal onverwijld in kennis van een besluit tot vernietiging van een besluit van de Autoriteit. + +### Artikel 12d + +Indien de Autoriteit haar taak ernstig verwaarloost, kan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu na overleg met Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport die de taakverwaarlozing aangaat of aangaan de noodzakelijke voorzieningen treffen. + +### Artikel 12e + +Onze Minister van Infrastructuur en Milieu stelt het verslag, bedoeld in artikel 39, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, op na overleg met Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. ## Hoofdstuk III. Splijtstoffen, ertsen en inrichtingen @@ -88,7 +149,7 @@ Vervallen **2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt de inrichting van het register geregeld en worden de gevallen aangewezen, waarin inlichtingen uit het register kunnen worden verstrekt. -**3.** Onze Minister van Economische Zaken is belast met het beheer van het register en de verstrekking van inlichtingen daaruit. +**3.** De Autoriteit is belast met het beheer van het register en de verstrekking van inlichtingen daaruit. ### Artikel 14 @@ -100,7 +161,7 @@ Vervallen ### Artikel 15 -Het is verboden zonder vergunning van Onze Minister van Economische Zaken: +Het is verboden zonder vergunning van de Autoriteit: a. splijtstoffen of ertsen te vervoeren, voorhanden te hebben, binnen of buiten Nederlands grondgebied te brengen of te doen brengen, dan wel zich daarvan te ontdoen; b. een inrichting, waarin kernenergie kan worden vrijgemaakt, splijtstoffen kunnen worden vervaardigd, bewerkt of verwerkt, dan wel splijtstoffen worden opgeslagen, op te richten, inwerking te brengen, in werking te houden, buiten gebruik te stellen of te wijzigen of een inrichting, waarin kernenergie kon worden vrijgemaakt, splijtstoffen konden worden vervaardigd, bewerkt of verwerkt, dan wel splijtstoffen werden opgeslagen, te ontmantelen; @@ -114,7 +175,7 @@ c. een uitrusting, geschikt om een vaartuig of ander vervoermiddel door middel v ### Artikel 15aa -Indien een vergunning als bedoeld in artikel 15, onder b, voor het wijzigen van een inrichting wordt aangevraagd en voor die inrichting al een of meer vergunningen krachtens deze wet zijn verleend, is artikel 2.6, eerste, tweede en vierde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van overeenkomstige toepassing. Onze Minister van Economische Zaken kan de rechten die de vergunninghouder aan de al eerder verleende vergunningen ontleende, niet wijzigen anders dan mogelijk zou zijn met toepassing van artikel 18a of artikel 19 van deze wet. +Indien een vergunning als bedoeld in artikel 15, onder b, voor het wijzigen van een inrichting wordt aangevraagd en voor die inrichting al een of meer vergunningen krachtens deze wet zijn verleend, is artikel 2.6, eerste, tweede en vierde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van overeenkomstige toepassing. De Autoriteit kan de rechten die de vergunninghouder aan de al eerder verleende vergunningen ontleende, niet wijzigen anders dan mogelijk zou zijn met toepassing van artikel 18a of artikel 19 van deze wet. ### Artikel 15b @@ -125,11 +186,10 @@ De vergunning kan slechts worden geweigerd in het belang van: a. de bescherming van mensen, dieren, planten en goederen; b. de veiligheid van de staat; c. de bewaring en beveiliging van splijtstoffen en ertsen en de beveiliging van inrichtingen als bedoeld in artikel 15, onder b; -d. de energievoorziening; -e. het zeker stellen van de betaling van de vergoeding, aan derden toekomende voor schade of letsel, hun toegebracht; -f. de nakoming van internationale verplichtingen. +d. het zeker stellen van de betaling van de vergoeding, aan derden toekomende voor schade of letsel, hun toegebracht; +e. de nakoming van internationale verplichtingen. -**2.** Onverminderd het eerste lid kan een vergunning voor het oprichten van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, worden geweigerd, indien de in de aanvraag beschreven techniek voor het vrijmaken van kernenergie, het vervaardigen, bewerken of verwerken van splijtstoffen dan wel het opslaan van splijtstoffen in de inrichting naar het oordeel van Onze Minister van Economische Zaken bij het in werking brengen van de inrichting zal zijn verouderd. +**2.** Onverminderd het eerste lid kan een vergunning voor het oprichten van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, worden geweigerd, indien de in de aanvraag beschreven techniek voor het vrijmaken van kernenergie, het vervaardigen, bewerken of verwerken van splijtstoffen dan wel het opslaan van splijtstoffen in de inrichting naar het oordeel van de Autoriteit bij het in werking brengen van de inrichting zal zijn verouderd. **3.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen naast de in het eerste lid bedoelde belangen andere belangen worden aangewezen. @@ -149,7 +209,7 @@ f. de nakoming van internationale verplichtingen. **1.** De aan een vergunning te verbinden voorschriften geven de doeleinden aan, die de vergunninghouder ter bescherming van de bij of krachtens artikel 15b aangewezen belangen op een door hem te bepalen wijze dient te verwezenlijken. -**2.** Voor zover dit naar het oordeel van Onze Minister van Economische Zaken noodzakelijk is, kunnen de voorschriften inhouden dat daarbij aangegeven middelen ter bescherming van de bij of krachtens artikel 15b aangewezen belangen moeten worden toegepast. +**2.** Voor zover dit naar het oordeel van de Autoriteit noodzakelijk is, kunnen de voorschriften inhouden dat daarbij aangegeven middelen ter bescherming van de bij of krachtens artikel 15b aangewezen belangen moeten worden toegepast. ### Artikel 15e @@ -159,7 +219,7 @@ f. de nakoming van internationale verplichtingen. ### Artikel 15f -**1.** De houder van een vergunning als bedoeld in artikel 15, onder b, voor het in werking brengen, in werking houden, buiten gebruik stellen of ontmantelen van een inrichting waarin kernenergie kan, onderscheidenlijk kon worden vrijgemaakt, stelt op een door Onze Ministers van Economische Zaken en van Financiën goedgekeurde wijze financiële zekerheid ter dekking van de kosten die voortvloeien uit het buiten gebruik stellen en de ontmanteling van de inrichting. +**1.** De houder van een vergunning als bedoeld in artikel 15, onder b, voor het in werking brengen, in werking houden, buiten gebruik stellen of ontmantelen van een inrichting waarin kernenergie kan, onderscheidenlijk kon worden vrijgemaakt, stelt op een door Onze Ministers van Infrastructuur en Milieu en van Financiën goedgekeurde wijze financiële zekerheid ter dekking van de kosten die voortvloeien uit het buiten gebruik stellen en de ontmanteling van de inrichting. **2.** De financiële zekerheid wordt in stand gehouden tot het tijdstip waarop Onze genoemde Ministers schriftelijk hebben verklaard dat de ontmanteling is voltooid. @@ -233,9 +293,9 @@ Vervallen ### Artikel 18a -**1.** Onze Minister van Economische Zaken beziet regelmatig of de beperkingen waaronder een vergunning is verleend, en de voorschriften die aan een vergunning zijn verbonden, nog toereikend zijn gezien de ontwikkelingen op het gebied van de technische mogelijkheden tot bescherming van mensen, dieren, planten en goederen. +**1.** De Autoriteit beziet regelmatig of de beperkingen waaronder een vergunning is verleend, en de voorschriften die aan een vergunning zijn verbonden, nog toereikend zijn gezien de ontwikkelingen op het gebied van de technische mogelijkheden tot bescherming van mensen, dieren, planten en goederen. -**2.** Onze Minister van Economische Zaken wijzigt de beperkingen waaronder de vergunning is verleend en de voorschriften die daaraan zijn verbonden, vult deze aan of trekt ze in, dan wel brengt alsnog beperkingen aan, of verbindt alsnog voorschriften aan de vergunning, voor zover blijkt dat de nadelige gevolgen die de betrokken activiteit voor mensen, dieren, planten en goederen veroorzaakt, gezien de ontwikkeling van de technische mogelijkheden tot bescherming daarvan verder kunnen worden beperkt. +**2.** De Autoriteit wijzigt de beperkingen waaronder de vergunning is verleend en de voorschriften die daaraan zijn verbonden, vult deze aan of trekt ze in, dan wel brengt alsnog beperkingen aan, of verbindt alsnog voorschriften aan de vergunning, voor zover blijkt dat de nadelige gevolgen die de betrokken activiteit voor mensen, dieren, planten en goederen veroorzaakt, gezien de ontwikkeling van de technische mogelijkheden tot bescherming daarvan verder kunnen worden beperkt. **3.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen in het belang van de bescherming van mensen, dieren, planten en goederen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop het eerste lid wordt toegepast met betrekking tot daarbij aangewezen categorieën van handelingen. Bij de maatregel kan worden bepaald dat daarbij gestelde regels slechts gelden in daarbij aangegeven categorieën van gevallen. @@ -243,27 +303,27 @@ Vervallen ### Artikel 19 -**1.** Onze Minister van Economische Zaken kan beperkingen waaronder een vergunning is verleend, en voorschriften die daaraan zijn verbonden, wijzigen, aanvullen of intrekken, dan wel alsnog beperkingen aanbrengen of voorschriften aan een vergunning verbinden ter bescherming van de bij of krachtens artikel 15b aangewezen belangen. +**1.** De Autoriteit kan beperkingen waaronder een vergunning is verleend, en voorschriften die daaraan zijn verbonden, wijzigen, aanvullen of intrekken, dan wel alsnog beperkingen aanbrengen of voorschriften aan een vergunning verbinden ter bescherming van de bij of krachtens artikel 15b aangewezen belangen. -**2.** Een ieder, met uitzondering van de vergunninghouder, kan Onze Minister van Economische Zaken verzoeken een vergunning in het belang van de bescherming van mensen, dieren, planten en goederen met toepassing van het eerste lid te wijzigen. +**2.** Een ieder, met uitzondering van de vergunninghouder, kan de Autoriteit verzoeken een vergunning in het belang van de bescherming van mensen, dieren, planten en goederen met toepassing van het eerste lid te wijzigen. -**3.** Op aanvraag van de vergunninghouder kan Onze Minister van Economische Zaken beperkingen waaronder een vergunning is verleend, en voorschriften die daaraan zijn verbonden, wijzigen, aanvullen of intrekken, dan wel alsnog beperkingen aanbrengen of voorschriften aan een vergunning verbinden. +**3.** Op aanvraag van de vergunninghouder kan de Autoriteit beperkingen waaronder een vergunning is verleend, en voorschriften die daaraan zijn verbonden, wijzigen, aanvullen of intrekken, dan wel alsnog beperkingen aanbrengen of voorschriften aan een vergunning verbinden. -**4.** In een geval als bedoeld in artikel 15b, vierde lid, trekt Onze Minister van Economische Zaken zo spoedig mogelijk nadat de betrokken algemene maatregel van bestuur is ingetrokken, de ingevolge die maatregel aan een vergunning verbonden voorschriften in. Tot het tijdstip waarop de beschikking tot intrekking van kracht wordt, blijven de voorschriften gelden. +**4.** In een geval als bedoeld in artikel 15b, vierde lid, trekt de Autoriteit zo spoedig mogelijk nadat de betrokken algemene maatregel van bestuur is ingetrokken, de ingevolge die maatregel aan een vergunning verbonden voorschriften in. Tot het tijdstip waarop de beschikking tot intrekking van kracht wordt, blijven de voorschriften gelden. ### Artikel 20 **1.** Op de voorbereiding van een beschikking krachtens artikel 18a, tweede lid, of artikel 19, eerste, tweede of derde lid, is – tenzij het een geval betreft als bedoeld in artikel 17, tweede lid – afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing en zijn paragraaf 3.5 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en afdeling 13.2 van de Wet milieubeheer van overeenkomstige toepassing. -**2.** Indien een verzoek wordt gedaan als bedoeld in artikel 19, tweede lid, stelt Onze Minister van Economische Zaken de houder van de betrokken vergunning daarvan in kennis. Deze wordt voor zover zijn belang dat vordert, mede als verzoeker beschouwd. +**2.** Indien een verzoek wordt gedaan als bedoeld in artikel 19, tweede lid, stelt de Autoriteit de houder van de betrokken vergunning daarvan in kennis. Deze wordt voor zover zijn belang dat vordert, mede als verzoeker beschouwd. ### Artikel 20a -**1.** Onze Minister van Economische Zaken kan de vergunning intrekken indien dat ter bescherming van de bij of krachtens artikel 15b aangewezen belangen noodzakelijk is. +**1.** De Autoriteit kan de vergunning intrekken indien dat ter bescherming van de bij of krachtens artikel 15b aangewezen belangen noodzakelijk is. **2.** Op de voorbereiding van een beschikking krachtens het eerste lid is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing en zijn paragraaf 3.5 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en afdeling 13.2 van de Wet milieubeheer van overeenkomstige toepassing, tenzij het een geval betreft als bedoeld in artikel 17, tweede lid. -**3.** Onze Minister van Economische Zaken kan een vergunning voor het ontmantelen van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, tevens intrekken wanneer de ontmanteling van die inrichting is voltooid. +**3.** De Autoriteit kan een vergunning voor het ontmantelen van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, tevens intrekken wanneer de ontmanteling van die inrichting is voltooid. ### Artikel 21 @@ -277,19 +337,19 @@ Vervallen **5.** Indien bij een maatregel krachtens het eerste lid tevens toepassing wordt gegeven aan het tweede lid, kan de verplichting worden opgelegd tot het melden van de handelingen ten aanzien waarvan de bij artikel 15 gestelde verboden niet gelden. -**6.** De artikelen 8.40, tweede lid, 8.41, tweede, derde en vierde lid en 8.42, eerste tot en met vijfde lid, van de Wet milieubeheer zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat onder "Onze Minister" wordt verstaan: Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid tezamen. +**6.** De artikelen 8.40, tweede lid, 8.41, tweede, derde en vierde lid en 8.42, eerste tot en met vijfde lid, van de Wet milieubeheer zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat onder "Onze Minister" wordt verstaan: Onze Ministers van Infrastructuur en Milieu en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid tezamen. ### Afdeling 3. Inbezitneming van splijtstoffen en ertsen ### Artikel 22 -**1.** Ieder, die zonder daartoe bevoegd te zijn splijtstoffen of ertsen, dan wel stoffen, waarvan hij redelijkerwijs moet vermoeden, dat het splijtstoffen of ertsen zijn, onder zich heeft of krijgt, is verplicht daarvan terstond aangifte te doen bij de burgemeester van de gemeente, waar die goederen zich bevinden. +**1.** Ieder, die zonder daartoe bevoegd te zijn splijtstoffen of ertsen, dan wel stoffen, waarvan hij redelijkerwijs moet vermoeden, dat het splijtstoffen of ertsen zijn, onder zich heeft of krijgt, is verplicht daarvan terstond aangifte te doen bij de Autoriteit. -**2.** De burgemeester geeft van de gedane aangifte onverwijld kennis aan een der krachtens artikel 58, eerste lid, aangewezen ambtenaren. +**2.** De Autoriteit geeft van de gedane aangifte kennis aan de burgemeester van de gemeente, waar die goederen zich bevinden. -**3.** De krachtens artikel 58, eerste lid, aangewezen ambtenaren zijn bevoegd met betrekking tot ongeoorloofd aanwezig bevonden splijtstoffen en ertsen en de voorwerpen, welke tot hun verpakking of berging dienen of hebben gediend, een last onder bestuursdwang op te leggen. +**3.** De Autoriteit is bevoegd met betrekking tot ongeoorloofd aanwezig bevonden splijtstoffen en ertsen en de voorwerpen, welke tot hun verpakking of berging dienen of hebben gediend, een last onder bestuursdwang op te leggen. -**4.** Door toepassing van bestuursdwang in bezit genomen goederen worden overgedragen aan een door Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan te wijzen instelling of persoon. Deze geeft van de overdracht kennis in de *Staatscourant* en een of meer nieuwsbladen. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de aanvraag om een aanwijzing. +**4.** Door toepassing van bestuursdwang in bezit genomen goederen worden overgedragen aan een door de Autoriteit aan te wijzen instelling of persoon. Deze geeft van de overdracht kennis in de *Staatscourant* en een of meer nieuwsbladen. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de aanvraag om een aanwijzing. ### Artikel 23 @@ -315,11 +375,11 @@ Vervallen De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur als in dit hoofdstuk bedoeld wordt Ons gedaan, indien het betreft: -a. een maatregel als in artikel 13 of 14 bedoeld: Onze Minister van Economische Zaken; +a. een maatregel als in artikel 13 of 14 bedoeld: Onze Minister van Infrastructuur en Milieu; b. een maatregel als in artikel 15b bedoeld: door Onze Ministers, wie het aangaat; -c. een maatregel als in artikel 16, 17 of 21 bedoeld: door Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. +c. een maatregel als in artikel 16, 17 of 21 bedoeld: door Onze Ministers van Infrastructuur en Milieu en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. -**2.** Ten aanzien van bij een algemene maatregel van bestuur, vastgesteld krachtens artikel 14, geregelde onderwerpen, kan Onze Minister van Economische Zaken nadere regels stellen. +**2.** Ten aanzien van bij een algemene maatregel van bestuur, vastgesteld krachtens artikel 14, geregelde onderwerpen, kan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu nadere regels stellen. ## Hoofdstuk IV. Radioactieve stoffen en toestellen @@ -331,7 +391,7 @@ Ieder die radioactieve stoffen bereidt, vervoert, voorhanden heeft, toepast, bin ### Artikel 29 -**1.** Het is verboden zonder vergunning van Onze Minister van Economische Zaken bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen radioactieve stoffen of in daarbij aan te wijzen gevallen radioactieve stoffen te bereiden, te vervoeren, voorhanden te hebben, toe te passen, binnen of buiten Nederlands grondgebied te brengen of te doen brengen, dan wel zich daarvan te ontdoen. +**1.** Het is verboden zonder vergunning van de Autoriteit bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen radioactieve stoffen of in daarbij aan te wijzen gevallen radioactieve stoffen te bereiden, te vervoeren, voorhanden te hebben, toe te passen, binnen of buiten Nederlands grondgebied te brengen of te doen brengen, dan wel zich daarvan te ontdoen. **2.** Voor zover het bij of krachtens het eerste lid bepaalde afwijkt van bij of krachtens andere wetten gestelde regelen, blijven deze buiten toepassing. @@ -345,7 +405,7 @@ In afwijking van het eerste lid zijn afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursre a. voor het vervoeren, het voorhanden hebben bij opslag in verband met het vervoer, het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van radioactieve stoffen, dan wel het voorhanden hebben of zich ontdoen van zodanige stoffen die zullen ontstaan tijdens het gebruik van splijtstoffen in een inrichting of uitrusting, ten aanzien waarvan een vergunning krachtens artikel 15, onder b of c, is vereist; b. voor het bereiden, voorhanden hebben, toepassen of zich ontdoen van radioactieve stoffen in overeenkomstige gevallen als bedoeld in artikel 17, derde lid; -c. voor medische toepassingen, indien naar het oordeel van Onze Minister van Economische Zaken het belang van de patiënt onverwijlde toepassing van die stoffen vereist. +c. voor medische toepassingen, indien naar het oordeel van de Autoriteit het belang van de patiënt onverwijlde toepassing van die stoffen vereist. In gevallen als bedoeld in de eerste volzin is met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwetparagraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de aanvraag om een vergunning. @@ -381,24 +441,19 @@ c. regelen, welke voorwaarden inhouden, waaraan vervoermiddelen, waarmede bij de **4.** Bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het eerste lid, kan een verplichting worden opgelegd tot het melden van bij die maatregel aangewezen handelingen. -**5.** - -Ten aanzien van het bepaalde in het vierde lid, zijn de artikelen 8.40, tweede lid, 8.41, tweede, derde en vierde lid, en 8.42, eerste tot en met vijfde lid, van de Wet milieubeheer van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat met betrekking tot de toepassing van artikel 8.41, derde lid, van die wet onder «Onze Minister» wordt verstaan: Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Economische Zaken, en: - -a. indien de in dat artikellid bedoelde nadere regels betrekking hebben op medische stralingstoepassingen, Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; -b. indien de in dat artikellid bedoelde nadere regels betrekking hebben op lozing in oppervlaktewater, Onze Minister van Infrastructuur en Milieu. +**5.** Ten aanzien van het bepaalde in het vierde lid, zijn de artikelen 8.40, tweede lid, 8.41, tweede, derde en vierde lid, en 8.42, eerste tot en met vijfde lid, van de Wet milieubeheer van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat met betrekking tot de toepassing van artikel 8.41, derde lid, van die wet onder «Onze Minister» wordt verstaan: Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Infrastructuur en Milieu, en indien de in dat artikellid bedoelde nadere regels betrekking hebben op medische stralingstoepassingen, Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. **6.** Indien bij een algemene maatregel van bestuur als in het eerste lid bedoeld wordt afgeweken van bij of krachtens andere wetten gestelde regelen, blijven deze in zoverre buiten toepassing. ### Artikel 33 -**1.** Ieder, die zonder daartoe bevoegd te zijn radioactieve stoffen dan wel stoffen, waarvan hij redelijkerwijs moet vermoeden dat het radioactieve stoffen zijn, onder zich heeft of krijgt, is verplicht daarvan terstond aangifte te doen bij de burgemeester van de gemeente, waar die goederen zich bevinden. +**1.** Ieder, die zonder daartoe bevoegd te zijn radioactieve stoffen dan wel stoffen, waarvan hij redelijkerwijs moet vermoeden dat het radioactieve stoffen zijn, onder zich heeft of krijgt, is verplicht daarvan terstond aangifte te doen bij de Autoriteit. -**2.** De burgemeester geeft van de gedane aangifte onverwijld kennis aan een der krachtens artikel 58, eerste lid, aangewezen ambtenaren. +**2.** De Autoriteit geeft van de gedane aangifte kennis aan de burgemeester van de gemeente, waar die goederen zich bevinden. -**3.** De krachtens artikel 58, eerste lid, aangewezen ambtenaren zijn bevoegd met betrekking tot ongeoorloofd aanwezig bevonden radioactieve stoffen en de voorwerpen, welke tot hun verpakking of berging dienen of hebben gediend, een last onder bestuursdwang op te leggen. +**3.** De krachtens artikel 58, eerste lid, onderdeel b, aangewezen ambtenaren en de Autoriteit zijn bevoegd met betrekking tot ongeoorloofd aanwezig bevonden radioactieve stoffen en de voorwerpen, welke tot hun verpakking of berging dienen of hebben gediend, een last onder bestuursdwang op te leggen. -**4.** Door toepassing van bestuursdwang in bezit genomen goederen worden overgedragen aan een door Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan te wijzen instelling of persoon. Deze geeft van de overdracht kennis in de *Staatscourant* en een of meer nieuwsbladen. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de aanvraag om een aanwijzing. +**4.** Door toepassing van bestuursdwang in bezit genomen goederen worden overgedragen aan een door de Autoriteit aan te wijzen instelling of persoon. Deze geeft van de overdracht kennis in de *Staatscourant* en een of meer nieuwsbladen. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de aanvraag om een aanwijzing. **5.** De artikelen 23 en 24 zijn van overeenkomstige toepassing. @@ -437,7 +492,7 @@ f. regelen, welke de verplichting inhouden tot melding van het gebruik van bij d ### Artikel 35 -De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur krachtens dit hoofdstuk wordt Ons gedaan door Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Indien de maatregel betrekking heeft op medische stralingstoepassingen, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport gedaan. Indien de maatregel betrekking heeft op lozing in oppervlaktewater, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu gedaan. +De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur krachtens dit hoofdstuk wordt Ons gedaan door Onze Ministers van Infrastructuur en Milieu en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Indien de maatregel betrekking heeft op medische stralingstoepassingen, wordt de voordracht mede door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport gedaan. ## Hoofdstuk V. Maatregelen met betrekking tot werkzaamheden of verblijf in ruimten @@ -447,7 +502,7 @@ De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatreg **2.** De ambtenaar, die een beschikking krachtens het eerste lid heeft vastgesteld, kan - zo nodig met behulp van de sterke arm - alle maatregelen treffen, die hij ter verzekering van de uitvoering van de beschikking nodig acht. -**3.** Een krachtens het eerste lid vastgestelde beschikking heeft een werkingsduur van één week, tenzij vóór het verstrijken van die termijn door Onze betrokken Ministers anders is bepaald. +**3.** Een krachtens het eerste lid vastgestelde beschikking heeft een werkingsduur van één week, tenzij vóór het verstrijken van die termijn door de Autoriteit anders is bepaald. ## Hoofdstuk Va. Metingen radioactiviteit en bedrijfsvoering @@ -467,17 +522,17 @@ e. regelen, welke de verplichting inhouden apparaten, dienende tot het meten van ### Artikel 37a -**1.** De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur als in artikel 37 bedoeld wordt gedaan door Onze Minister van Economische Zaken en, indien het een maatregel betreft met het oog op de arbeidsbescherming dan wel de medische aspecten van bescherming tegen ioniserende straling, Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid onderscheidenlijk Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. +**1.** De voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur als in artikel 37 bedoeld wordt gedaan door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu en, indien het een maatregel betreft met het oog op de arbeidsbescherming dan wel de medische aspecten van bescherming tegen ioniserende straling, Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid onderscheidenlijk Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. -**2.** Ten aanzien van bij een algemene maatregel van bestuur, vastgesteld krachtens het eerste lid, geregelde onderwerpen kan Onze Minister van Economische Zaken en, indien het een maatregel betreft met het oog op de arbeidsbescherming dan wel medische aspecten van bescherming tegen ioniserende straling, Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid onderscheidenlijk Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, nadere regels stellen. +**2.** Ten aanzien van bij een algemene maatregel van bestuur, vastgesteld krachtens het eerste lid, geregelde onderwerpen kan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu en, indien het een maatregel betreft met het oog op de arbeidsbescherming dan wel medische aspecten van bescherming tegen ioniserende straling, Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid onderscheidenlijk Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, nadere regels stellen. ### Artikel 37b -**1.** Indien naar het oordeel van Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de bedrijfsvoering van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, ernstige tekortkomingen vertoont, treffen zij alle maatregelen die zij met het oog op de omstandigheden geboden achten. +**1.** Indien naar het oordeel van de Autoriteit de bedrijfsvoering van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, ernstige tekortkomingen vertoont, treft zij alle maatregelen die zij met het oog op de omstandigheden geboden achten. **2.** Tot de in het eerste lid bedoelde maatregelen kunnen behoren het treffen van de nodige technische, organisatorische, personele en administratieve voorzieningen. -**3.** Indien de inrichting in gebruik is dan wel is bestemd voor gebruik bij de Nederlandse krijgsmacht of bij de krijgsmacht van een bondgenootschappelijke mogendheid, oefenen Onze Ministers hun bevoegdheid uit in overeenstemming met Onze Minister van Defensie, onderscheidenlijk de verantwoordelijke autoriteit van de desbetreffende mogendheid. +**3.** Indien de inrichting in gebruik is dan wel is bestemd voor gebruik bij de Nederlandse krijgsmacht of bij de krijgsmacht van een bondgenootschappelijke mogendheid, oefent de Autoriteit haar bevoegdheid uit in overeenstemming met Onze Minister van Defensie, onderscheidenlijk de verantwoordelijke autoriteit van de desbetreffende mogendheid. ## Hoofdstuk VI. Bepalingen met betrekking tot interventie bij ongevallen of langdurige blootstellingen alsmede de voorbereiding daarop @@ -487,7 +542,7 @@ e. regelen, welke de verplichting inhouden apparaten, dienende tot het meten van Voor de toepassing van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: -a. Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken; +a. Onze Minister: Onze Minister van Infrastructuur en Milieu; b. ongeval: gebeurtenis 1°. als gevolg waarvan straling vrijkomt of dreigt vrij te komen die tot een verhoogd risico leidt of kan leiden voor mens of milieu, of @@ -520,11 +575,9 @@ f. interventie: een verrichting, bestaande uit het treffen van maatregelen bij s ### Artikel 39 -**1.** Ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat zich een ongeval voordoet met een categorie A- of B-object is verplicht dit terstond te melden aan de burgemeester van de gemeente, waar hij zich bevindt. +**1.** Ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat zich een ongeval voordoet met een categorie A- of B-object is verplicht dit terstond te melden aan de burgemeester van de gemeente, waar hij zich bevindt en aan de Autoriteit. -**2.** De burgemeester geeft van de gedane melding onverwijld kennis aan Onze Minister. - -**3.** De exploitant van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder *b*, verschaft de burgemeester, al of niet op diens verzoek, onverwijld alle informatie die bij de uitoefening van diens taak nodig is. +**2.** De exploitant van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, verschaft de burgemeester en de Autoriteit, al of niet op hun verzoek, onverwijld alle informatie die bij de uitoefening van hun taak nodig is. ### Afdeling 2. Organisatie en coördinatie @@ -579,6 +632,14 @@ b. de wijze waarop de bevolking wordt gewaarschuwd, op de hoogte gehouden en bes c. instructies aan de bevolking die afhankelijk van de aard van het ongeval betrekking kunnen hebben op onder meer het gebruik van verontreinigde levensmiddelen, de hygiëne en ontsmetting, het verblijf binnenshuis, distributie en gebruik van beschermende stoffen en evacuatie; d. de diensten of personen bij wie nadere informatie kan worden ingewonnen. +### Artikel 43b + +**1.** De Autoriteit draagt er zorg voor dat de Nederlandse bevolking op passende wijze, in ieder geval langs elektronische weg op een algemeen toegankelijke wijze, informatie wordt verstrekt over ongewone gebeurtenissen binnen inrichtingen als bedoeld in artikel 15, onder b, en, voor zover daarover informatie beschikbaar is, over ongewone gebeurtenissen binnen vergelijkbare buitenlandse inrichtingen in de nabijheid van Nederland. + +**2.** De Autoriteit bericht Onze Minister jaarlijks vóór 1 juli over de ongewone gebeurtenissen die in het voorgaande jaar hebben plaatsgevonden. + +**3.** Bij de informatieverstrekking en het bericht wordt in ieder geval ingegaan op de oorzaak, omvang en gevolgen van de ongewone gebeurtenissen, alsmede op de bij de ongewone gebeurtenissen genomen maatregelen. + ### Artikel 44 Onze Minister, Onze Minister wie het aangaat, en het bestuur van de veiligheidsregio dragen er zorg voor dat de personen werkzaam bij diensten of organisaties die kunnen worden ingeschakeld bij de bestrijding van een ongeval met een categorie A-object of van een ongeval met een categorie B-object dat krachtens artikel 42 als een ongeval met een categorie A-object wordt bestreden, regelmatig worden geïnformeerd over de tot deze categorie behorende ongevallen, over de risico’s die zij bij de uitvoering van hun taak lopen, en over de daarbij te nemen voorzorgsmaatregelen. @@ -616,23 +677,21 @@ l. het telen en oogsten van land- en tuinbouwprodukten, het sluiten van kassen, ### Artikel 47 -**1.** Indien zich een ongeval voordoet met een categorie A-object, als bedoeld in artikel 38, onderdeel *c*, onder 1° of 2°, kan Onze Minister degene die het daarbij betrokken object onder zijn beheer heeft, bij beschikking bevelen de maatregelen te nemen die naar zijn oordeel nodig zijn om de gevolgen van dat ongeval zoveel mogelijk te beperken en ongedaan te maken. +**1.** Indien zich een ongeval voordoet met een categorie A-object, als bedoeld in artikel 38, onderdeel *c*, onder 1° of 2°, kan de Autoriteit degene die het daarbij betrokken object onder zijn beheer heeft, bij beschikking bevelen de maatregelen te nemen die naar haar oordeel nodig zijn om de gevolgen van dat ongeval zoveel mogelijk te beperken en ongedaan te maken. **2.** Tot de in het eerste lid bedoelde maatregelen kunnen behoren het stilleggen van de betrokken inrichting, het buiten werking stellen van de betrokken uitrusting of het beëindigen van het verblijf van het betrokken vervoermiddel in Nederland. -**3.** Indien de gevolgen van het ongeval zich waarschijnlijk zullen beperken tot de veiligheid binnen de betrokken inrichting, worden de in het eerste lid bedoelde bevelen gegeven door Onze Minister en Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid tezamen. +**3.** De burgemeester van de gemeente waar zich het ongeval heeft voorgedaan kan de Autoriteit verzoeken gebruik te maken van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid. Op dit verzoek wordt zo spoedig mogelijk beschikt. -**4.** De burgemeester van de gemeente waar zich het ongeval heeft voorgedaan kan Onze Minister, onderscheidenlijk Onze Minister en Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, verzoeken gebruik te maken van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste onderscheidenlijk derde lid. Op dit verzoek wordt zo spoedig mogelijk beschikt. - -**5.** Van een krachtens het eerste lid vastgestelde beschikking wordt mededeling gedaan door toezending van een afschrift aan de burgemeester van de gemeente, waar zich het ongeval heeft voorgedaan. +**4.** Van een krachtens het eerste lid vastgestelde beschikking wordt mededeling gedaan door toezending van een afschrift aan de burgemeester van de gemeente, waar zich het ongeval heeft voorgedaan. ### Artikel 48 -**1.** Indien zich een ongeval voordoet met een categorie A-object, als bedoeld in artikel 38, onderdeel *c*, onder 3°, kan Onze Minister van Defensie, in overeenstemming met Onze Minister en Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, degene die het daarbij betrokken object onder zijn beheer heeft, bij beschikking bevelen de maatregelen te nemen die naar zijn oordeel nodig zijn om de gevolgen van dat ongeval zoveel mogelijk te beperken en ongedaan te maken. Artikel 47, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing. +**1.** Indien zich een ongeval voordoet met een categorie A-object, als bedoeld in artikel 38, onderdeel *c*, onder 3°, kan Onze Minister van Defensie, in overeenstemming met Onze Minister en Onze Minister van Veiligheid en Justitie, degene die het daarbij betrokken object onder zijn beheer heeft, bij beschikking bevelen de maatregelen te nemen die naar zijn oordeel nodig zijn om de gevolgen van dat ongeval zoveel mogelijk te beperken en ongedaan te maken. Artikel 47, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing. **2.** De burgemeester van de gemeente waar zich het ongeval heeft voorgedaan, kan Onze Minister van Defensie verzoeken gebruik te maken van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid. Op dit verzoek wordt zo spoedig mogelijk beschikt. -**3.** Artikel 47, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing. +**3.** Artikel 47, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 49 @@ -650,7 +709,7 @@ l. het telen en oogsten van land- en tuinbouwprodukten, het sluiten van kassen, **1.** De voorzitter van de veiligheidsregio kan naar aanleiding van een ongeval met een categorie A-object bij verordening voorschriften vaststellen of kan, zonodig met behulp van de sterke arm, maatregelen treffen om de gevolgen van dat ongeval zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. De voorschriften en maatregelen kunnen onder meer betrekking hebben op de onderwerpen, bedoeld in artikel 46, tweede lid. -**2.** De voorzitter van de veiligheidsregio deelt de voorschriften of maatregelen die hij krachtens het eerste lid heeft vastgesteld of getroffen, onmiddellijk mee aan Onze Minister, Onze Minister wie het aangaat, en de commissaris van de Koning. +**2.** De voorzitter van de veiligheidsregio deelt de voorschriften of maatregelen die hij krachtens het eerste lid heeft vastgesteld of getroffen, onmiddellijk mee aan Onze Minister, Onze Minister wie het aangaat, de commissaris van de Koning en de Autoriteit. **3.** De voorzitter van de veiligheidsregio trekt de door hem vastgestelde voorschriften in en beëindigt de door hem getroffen maatregelen, zodra Onze Minister wie het aangaat, overeenkomstige regels stelt of overeenkomstige maatregelen treft krachtens artikel 46, eerste lid, of aan de voorzitter van de veiligheidsregio meedeelt dat de door deze vastgestelde voorschriften moeten worden ingetrokken of de door hem getroffen maatregelen moeten worden beëindigd. Onze Minister wie het aangaat, handelt hierbij voor zover mogelijk in overleg met de voorzitter van de veiligheidsregio. @@ -658,7 +717,7 @@ l. het telen en oogsten van land- en tuinbouwprodukten, het sluiten van kassen, ### Artikel 49c -De burgemeester deelt de bevelen en algemeen verbindende voorschriften die hij op grond van artikel 175 onderscheidenlijk 176 van de Gemeentewet bij een ongeval met een categorie B-object heeft gegeven, onmiddellijk mee aan Onze Minister, Onze Minister wie het aangaat, en aan de commissaris van de Koning. +De burgemeester deelt de bevelen en algemeen verbindende voorschriften die hij op grond van artikel 175 onderscheidenlijk 176 van de Gemeentewet bij een ongeval met een categorie B-object heeft gegeven, onmiddellijk mee aan Onze Minister, Onze Minister wie het aangaat, de commissaris van de Koning en de Autoriteit. ### Artikel 49d @@ -750,13 +809,18 @@ Vervallen ### Artikel 58 -**1.** Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast de bij besluit van Onze Ministers, wie het aangaat, aangewezen ambtenaren. +**1.** -**2.** Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wijzen, in overeenstemming met Onze Ministers wie het mede aangaat, ambtenaren aan belast met het meten van doses ioniserende straling en het bepalen van radioactieve besmetting, alsmede met de in artikel 37 bedoelde registratie daarvan. +Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast: -**3.** Met de uitoefening van de in het eerste en tweede lid bedoelde taken zijn mede belast de door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport daartoe aangewezen ambtenaren, bedoeld in artikel 25, eerste lid, onder *a*, van de Warenwet. +a. de bij besluit van de Autoriteit aangewezen ambtenaren die deel uitmaken van het personeel, bedoeld in artikel 10; +b. de bij besluit van Onze Ministers, wie het aangaat, aangewezen ambtenaren. -**4.** Onze betrokken Ministers stellen regelen betreffende de taakvervulling van de krachtens het eerste, tweede en derde lid aangewezen ambtenaren. +**2.** Onze Ministers van Infrastructuur en Milieu en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wijzen, in overeenstemming met Onze Ministers wie het mede aangaat, ambtenaren aan belast met het meten van doses ioniserende straling en het bepalen van radioactieve besmetting, alsmede met de in artikel 37 bedoelde registratie daarvan. + +**3.** Met de uitoefening van de in het eerste lid, onderdeel b, en het tweede lid bedoelde taken zijn mede belast de door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport daartoe aangewezen ambtenaren, bedoeld in artikel 25, eerste lid, onder *a*, van de Warenwet. + +**4.** Onze betrokken Ministers stellen regelen betreffende de taakvervulling van de krachtens het eerste lid, onderdeel b, en het tweede en derde lid aangewezen ambtenaren. **5.** Van een besluit als bedoeld in het eerste, tweede of derde lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de *Staatscourant*. @@ -788,7 +852,7 @@ Vervallen ### Artikel 65 -**1.** Onze Ministers, wie het aangaat, kunnen personen, die zijn aangewezen om de naleving van internationale overeenkomsten en door volkenrechtelijke organisaties genomen besluiten, geheel of gedeeltelijk betrekking hebbende op het gebied van de kernenergie of van de ioniserende straling, te controleren, toelaten deze taak te vervullen. +**1.** De Autoriteit kan personen, die zijn aangewezen om de naleving van internationale overeenkomsten en door volkenrechtelijke organisaties genomen besluiten, geheel of gedeeltelijk betrekking hebbende op het gebied van de kernenergie of van de ioniserende straling, te controleren, toelaten deze taak te vervullen. **2.** De artikelen 5:13 en 5:15 tot en met 5.20 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde personen. @@ -838,9 +902,9 @@ b. met behulp van zodanige gegevens, hulpmiddelen en materialen verrichte onderz **1.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt bepaald welke taken worden verricht door een deskundige en worden regels gesteld met betrekking tot de vaardigheden en bekwaamheden, waaraan deskundigen moeten voldoen. -**2.** Bij de maatregel kan worden bepaald dat daarbij aangewezen taken slechts mogen worden verricht door een persoon die met het oog op de uitvoering van die taken is ingeschreven in een door Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan te wijzen register. +**2.** Bij de maatregel kan worden bepaald dat daarbij aangewezen taken slechts mogen worden verricht door een persoon die met het oog op de uitvoering van die taken is ingeschreven in een door de Autoriteit beheerd register. -**3.** Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Economische Zaken beslissen op de aanvraag voor inschrijving in een register als bedoeld in het tweede lid. Zij zijn bevoegd de inschrijving door te halen. +**3.** De Autoriteit beslist op de aanvraag voor inschrijving in een register als bedoeld in het tweede lid. Zij is bevoegd de inschrijving door te halen. **4.** Een inschrijving in een register geldt voor een bepaalde tijd. Aan een inschrijving kunnen voorschriften worden verbonden. @@ -853,41 +917,31 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ove a. de wijze waarop de aanvraag voor inschrijving in een register wordt gedaan en de door de aanvrager te verschaffen gegevens en bescheiden; b. de gronden waarop en de gevallen waarin de inschrijving kan worden geweigerd, doorgehaald of geschorst; c. de vergoeding die is verschuldigd in verband met de inschrijving in een register; -d. de aanwijzing van een register; -e. het beheer van een register; -f. de taakverdeling tussen Onze in het tweede lid genoemde Ministers. +d. het beheer van een register. ### Artikel 69a -**1.** Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van Economische Zaken en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kunnen op verzoek een instelling aanwijzen die de bevoegdheden, bedoeld in artikel 69, derde lid, uitoefent. - -**2.** Aan de aanwijzing van een instelling, bedoeld in het eerste lid, kunnen voorschriften worden verbonden. - -**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de gronden waarop een instelling kan worden aangewezen, alsmede met betrekking tot de gronden waarop een aanwijzing kan worden ingetrokken dan wel gewijzigd. +Vervallen ### Artikel 69b -**1.** Een krachtens artikel 69a, eerste lid, aangewezen instelling verstrekt desgevraagd kosteloos aan Onze in dat artikellid genoemde Ministers de voor de uitoefening van hun taak benodigde inlichtingen. Onze genoemde Ministers kunnen inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden voor zover dat voor vervulling van hun taak redelijkerwijs nodig is. - -**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een krachtens artikel 69a, eerste lid, aangewezen instelling worden verplicht tot het periodiek opstellen en toezenden aan Onze genoemde Ministers van een verslag van de in artikel 69, tweede lid, bedoelde werkzaamheden en de rechtmatigheid en doeltreffendheid van die werkzaamheden en werkwijze in de afgelopen periode. +Vervallen ### Artikel 69c -**1.** Onze Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van Economische Zaken en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kunnen een krachtens artikel 69a, eerste lid, aangewezen instelling aanwijzingen geven met betrekking tot de uitoefening van haar taak. Zij treden daarbij niet in individuele gevallen. - -**2.** Een krachtens artikel 69a, eerste lid, aangewezen instelling is gehouden overeenkomstig de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, te handelen. +Vervallen ### Artikel 69d -Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorzieningen worden getroffen voor het geval een krachtens artikel 69a, eerste lid, aangewezen instelling haar uit deze wet voortvloeiende verplichtingen niet naar behoren nakomt. +Vervallen ### Artikel 70 **1.** Een krachtens deze wet verleende vergunning is persoonlijk. -**2.** Na het overlijden van een vergunninghouder blijft de vergunning gedurende vier weken van kracht ten behoeve van diens rechtverkrijgenden, die het bedrijf voortzetten, mits door of namens hen binnen een week na dit overlijden daarvan aan Onze Minister van Economische Zaken kennis wordt gegeven onder opgaaf van de namen van hen, die het bedrijf voortzetten. Wanneer binnen deze vier weken een aanvraag om een nieuwe vergunning is ingediend, blijft eerstbedoelde vergunning verder van kracht totdat op die aanvraag onherroepelijk is beslist. Gedurende het van kracht blijven van de vergunning kan zij overeenkomstig de artikelen 19 tot en met 20a worden gewijzigd of ingetrokken. +**2.** Na het overlijden van een vergunninghouder blijft de vergunning gedurende vier weken van kracht ten behoeve van diens rechtverkrijgenden, die het bedrijf voortzetten, mits door of namens hen binnen een week na dit overlijden daarvan aan de Autoriteit kennis wordt gegeven onder opgaaf van de namen van hen, die het bedrijf voortzetten. Wanneer binnen deze vier weken een aanvraag om een nieuwe vergunning is ingediend, blijft eerstbedoelde vergunning verder van kracht totdat op die aanvraag onherroepelijk is beslist. Gedurende het van kracht blijven van de vergunning kan zij overeenkomstig de artikelen 19 tot en met 20a worden gewijzigd of ingetrokken. -**3.** De vergunninghouder kan de vergunning geheel of gedeeltelijk aan een ander overdragen, indien daarvoor toestemming is gegeven door Onze Minister van Economische Zaken. Aan de toestemming kunnen voorschriften worden verbonden. +**3.** De vergunninghouder kan de vergunning geheel of gedeeltelijk aan een ander overdragen, indien daarvoor toestemming is gegeven door de Autoriteit. Aan de toestemming kunnen voorschriften worden verbonden. ### Artikel 70a @@ -924,7 +978,7 @@ b. op daartoe strekkend verzoek ontheffing verlenen. ### Artikel 76 -**1.** Het ontwerp van een algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 14, 15c, 15f, 16, 17, 17a, 18a, 21, 29, 32, 34, 37, 38a, 67, 68, 73 of 75 wordt overgelegd aan de beide kamers der Staten-Generaal en in de *Staatscourant* bekendgemaakt. Aan een ieder wordt de gelegenheid geboden binnen een bij die bekendmaking vast te stellen termijn van ten minste vier weken opmerkingen over het ontwerp schriftelijk ter kennis te brengen van Onze Ministers van Economische Zaken, van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en, behoudens ingeval het een maatregel krachtens artikel 21 betreft, van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. +**1.** Het ontwerp van een algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 4, 14, 15c, 15f, 16, 17, 17a, 18a, 21, 29, 32, 34, 37, 38a, 67, 68, 73 of 75 wordt overgelegd aan de beide kamers der Staten-Generaal en in de Staatscourant bekendgemaakt. Aan een ieder wordt de gelegenheid geboden binnen een bij die bekendmaking vast te stellen termijn van ten minste vier weken opmerkingen over het ontwerp schriftelijk ter kennis te brengen van Onze Ministers van Infrastructuur en Milieu, van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en, behoudens ingeval het een maatregel krachtens artikel 21 betreft, van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. **2.** Een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid wordt, nadat hij is vastgesteld, toegezonden aan beide kamers der Staten-Generaal. Hij treedt niet eerder in werking dan vier weken na de datum van uitgifte van het *Staatsblad* waarin hij is geplaatst.