2003-01-19 | BWBR0002844 | Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945

This commit is contained in:
Coornhert 2003-01-19 12:00:00 +00:00
parent a0e99dc497
commit 60ab781ae8

View file

@ -149,8 +149,8 @@ a. uit het laatstelijk door hem uitgeoefende beroep of bedrijf;
b. uit het laatstelijk voor het tot uiting komen van de ziekten of gebreken, of de verergering daarvan door hem uitgeoefende beroep of bedrijf;
c. uit het laatstelijk voor de vervolging door hem uitgeoefende beroep of bedrijf.
**3.** a. Indien het in het tweede lid bedoelde beroep of bedrijf buiten Nederland werd uitgeoefend, wordt behoudens ten aanzien van de uitkeringsgerechtigde, bedoeld onder b, bij de vaststelling van de grondslag waarnaar de uitkering wordt berekend, rekening gehouden met het meest vergelijkbare beroep of bedrijf in Nederland, alsmede met (vak)opleiding, bekwaamheid en andere factoren, welke terzake van belang kunnen zijn.
b. In afwijking van het bepaalde onder a wordt, indien de vervolging in het voormalige Nederlands-Indië heeft plaats gehad en de uitkeringsgerechtigde in Indonesië gevestigd is, de grondslag vastgesteld naar het inkomen in Indonesisch courant dat uit het aldaar uitgeoefende beroep of bedrijf zou zijn genoten.
**3.** a. Indien het in het tweede lid bedoelde beroep of bedrijf buiten Nederland werd uitgeoefend, wordt behoudens ten aanzien van de uitkeringsgerechtigde, bedoeld onder *b*, bij de vaststelling van de grondslag waarnaar de uitkering wordt berekend, rekening gehouden met het meest vergelijkbare beroep of bedrijf in Nederland, alsmede met (vak)opleiding, bekwaamheid en andere factoren, welke terzake van belang kunnen zijn.
b. In afwijking van het bepaalde onder *a* wordt, indien de vervolging in het voormalige Nederlands-Indië heeft plaats gehad en de uitkeringsgerechtigde in Indonesië gevestigd is, de grondslag vastgesteld naar het inkomen in Indonesisch courant dat uit het aldaar uitgeoefende beroep of bedrijf zou zijn genoten.
**4.** Bij de vaststelling van de grondslag, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, wordt geen rekening gehouden met de mogelijkheid van bevordering of verhoging van de vakbekwaamheid, uitbreiding van het bedrijf of andere dergelijke factoren.
@ -162,12 +162,12 @@ b. In afwijking van het bepaalde onder a wordt, indien de vervolging in het voor
De in de vorige leden, behoudens in het derde lid, onder b, bedoelde grondslag wordt bepaald op:
a. tenminste een bedrag van € 1.648,78 per maand per 1 juli 1976 voor een nabetaling over december 2001: € 2.138,01 en
b. ten hoogste een bedrag van € 3.422,80 per maand per 1 juli 1976 voor een nabetaling over december 2001: € 4.438,40.
a. tenminste een bedrag van € 1.711,27 per maand per 1 juli 1976 voor een nabetaling over december 2002: € 2.070,21en
b. ten hoogste een bedrag van € 3.552,52 per maand per 1 juli 1976 voor een nabetaling over december 2002: € 4.297,67.
**8.**
De in het derde lid, onder b, bedoelde grondslag wordt bepaald op:
De in het derde lid, onder *b*, bedoelde grondslag wordt bepaald op:
a. tenminste een bedrag van 23 000 rupiah per maand per 1 januari 2002: 1.417.911 rupiah en
b. ten hoogste een bedrag van 57 500 rupiah per maand per 1 januari 2002: 3.537.785 rupiah.
@ -187,20 +187,20 @@ Het bepaalde in deze paragraaf is niet van toepassing, indien de aanspraken op e
De uitkering bedraagt een percentage van de ingevolge artikel 8 vastgestelde grondslag, en wel:
a. 85% voor de gehuwde vervolgde, tenzij het bepaalde onder b van toepassing is;
b. 75% voor de gehuwde vervolgde, indien het inkomen van de echtgenoot, inkomsten uit vermogen daaronder niet begrepen, meer bedraagt dan 30% van het bedrag, bedoeld in artikel 8, zevende lid, onder *b*, onderscheidenlijk achtste lid, onder b;
b. 75% voor de gehuwde vervolgde, indien het inkomen van de echtgenoot, inkomsten uit vermogen daaronder niet begrepen, meer bedraagt dan 30% van het bedrag, bedoeld in artikel 8, zevende lid, onder b, onderscheidenlijk achtste lid, onder b;
c. 80% voor de ongehuwde vervolgde met minderjarige kinderen;
d. 75% voor de alleenstaande vervolgde;
e. 75% voor de weduwe en de weduwnaar van de vervolgde met minderjarige kinderen, met dien verstande dat de uitkering ten hoogste wordt bepaald op een bedrag van € 2.236,66 per maand per 1 juli 1976voor een nabetaling over december 2001: € 2.900,31;
f. 70% voor de weduwe en de weduwnaar van de vervolgde zonder minderjarige kinderen, met dien verstande dat de uitkering ten hoogste wordt bepaald op een bedrag van € 2.081,19 per maand per 1 juli 1976 voor een nabetaling over december 2001: € 2.698,70.
e. 75% voor de weduwe en de weduwnaar van de vervolgde met minderjarige kinderen, met dien verstande dat de uitkering ten hoogste wordt bepaald op een bedrag van € 2.321,43 per maand per 1 juli 1976 voor een nabetaling over december 2002: € 2.808,35;
f. 70% voor de weduwe en de weduwnaar van de vervolgde zonder minderjarige kinderen, met dien verstande dat de uitkering ten hoogste wordt bepaald op een bedrag van € 2.160,07 per maand per 1 juli 1976 voor een nabetaling over december 2002: € 2.613,14.
**2.**
a. De percentages, genoemd in het eerste lid, onder a, b, c en d, worden met 15 verminderd met ingang van de eerste dag van de maand waarin de uitkeringsgerechtigde de leeftijd van 65 jaar bereikt, tenzij artikel 8, derde lid, onder *b*, van toepassing is.
b. De percentages, genoemd in het eerste lid, onder *e* en *f*, worden met 20 verminderd met ingang van de eerste dag van de maand waarin de uitkeringsgerechtigde de leeftijd van 65 jaar bereikt, tenzij artikel 8, derde lid, onder *b*, van toepassing is.
a. De percentages, genoemd in het eerste lid, onder a, b, c en *d*, worden met 15 verminderd met ingang van de eerste dag van de maand waarin de uitkeringsgerechtigde de leeftijd van 65 jaar bereikt, tenzij artikel 8, derde lid, onder b, van toepassing is.
b. De percentages, genoemd in het eerste lid, onder e en f, worden met 20 verminderd met ingang van de eerste dag van de maand waarin de uitkeringsgerechtigde de leeftijd van 65 jaar bereikt, tenzij artikel 8, derde lid, onder b, van toepassing is.
**3.** In de in het eerste lid onder a, b, c en *d* genoemde percentages is een toeslagpercentage van 5 begrepen. Deze toeslag bedraagt niet minder dan een bedrag overeenkomende met 10% van de grondslag genoemd in artikel 8, zevende lid, onder a.
**3.** In de in het eerste lid onder a, b, c en d genoemde percentages is een toeslagpercentage van 5 begrepen. Deze toeslag bedraagt niet minder dan een bedrag overeenkomende met 10% van de grondslag genoemd in artikel 8, zevende lid, onder a.
**4.** Bij overlijden van de echtgenoot van de vervolgde blijft het uitkeringspercentage ongewijzigd tot en met de laatste dag van de maand, volgende op die, waarin het overlijden heeft plaatsgevonden.