2011-01-01 | BWBR0017745 | Wet financiering sociale verzekeringen
This commit is contained in:
parent
b7174d98d0
commit
6138f93d85
1 changed files with 72 additions and 97 deletions
|
|
@ -29,7 +29,7 @@ j. Algemeen Werkloosheidsfonds: het Algemeen Werkloosheidsfonds, genoemd in arti
|
|||
k. sectorfonds: een sectorfonds als bedoeld in artikel 94;
|
||||
l. Uitvoeringsfonds voor de overheid: het Uitvoeringsfonds voor de overheid, genoemd in artikel 106;
|
||||
m. Arbeidsongeschiktheidsfonds: het Arbeidsongeschiktheidsfonds, genoemd in artikel 112;
|
||||
n. Arbeidsongeschiktheidskas: de Arbeidsongeschiktheidskas, genoemd in artikel 113;
|
||||
n. vervallen;
|
||||
o. werknemer: de werknemer in de zin van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;
|
||||
p. overheidswerknemer: de werknemer bedoeld in artikel 1, onderdeel j, van de Werkloosheidswet;
|
||||
q. werkgever: de werkgever in de zin van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;
|
||||
|
|
@ -38,7 +38,7 @@ s. burgerservicenummer: het nummer, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de We
|
|||
sa. sociaal-fiscaalnummer: het nummer, bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel k, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen;
|
||||
t. inspecteur: de functionaris van de rijksbelastingdienst die als zodanig bij regeling van Onze Minister van Financiën is aangewezen;
|
||||
u. loontijdvak: het loontijdvak, bedoeld in artikel 25, eerste en vierde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964;
|
||||
v. premiebetalingstijdvak: het kalenderjaar;
|
||||
v. vervallen;
|
||||
w. Werkhervattingskas: de Werkhervattingskas, genoemd in artikel 113a;
|
||||
x. WGA-uitkering: de werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten, bedoeld in artikel 54 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -91,7 +91,7 @@ De maatstaf voor de heffing van de premie voor de volksverzekeringen is het prem
|
|||
|
||||
**1.** Voor de heffing van de premie voor de volksverzekeringen bij wege van aanslag wordt onder premie-inkomen verstaan het belastbare inkomen uit werk en woning, bepaald volgens de regels van hoofdstuk 3 van de Wet inkomstenbelasting 2001. De toerekening van de gemeenschappelijke inkomensbestanddelen van de premieplichtige en zijn partner geschiedt overeenkomstig artikel 2.17 van de Wet inkomstenbelasting 2001. In het geval de premieplichtige en zijn partner beiden belastingplichtig zijn, geldt de gemaakte keuze, bedoeld in artikel 2.17, tweede lid, van die wet, zowel voor de heffing van de inkomstenbelasting als voor de heffing van de premie voor de volksverzekeringen.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de heffing van de premie voor de volksverzekeringen bij wijze van inhouding wordt onder premie-inkomen verstaan het belastbare loon in de zin van de Wet op de loonbelasting 1964 met uitzondering van de eindheffingsbestanddelen, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdelen f en g, van die wet.
|
||||
**2.** Voor de heffing van de premie voor de volksverzekeringen bij wijze van inhouding wordt onder premie-inkomen verstaan het belastbare loon in de zin van de Wet op de loonbelasting 1964 met uitzondering van de eindheffingsbestanddelen, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdelen d tot en met g, van die wet.
|
||||
|
||||
**3.** Het premie-inkomen wordt tot geen hoger bedrag in aanmerking genomen dan het als tweede vermelde bedrag in kolom II van de tarieftabel in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001. In afwijking van de eerste volzin wordt het premie-inkomen van een premieplichtige die is geboren vóór 1 januari 1946 tot geen hoger bedrag in aanmerking genomen dan het als tweede vermelde bedrag in kolom II van de tarieftabel in artikel 2.10a van de Wet inkomstenbelasting 2001.
|
||||
|
||||
|
|
@ -196,15 +196,15 @@ b. een uitkering op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet a
|
|||
|
||||
### Artikel 17
|
||||
|
||||
**1.** Bij de berekening van het loon, waarnaar de premies op grond van dit hoofdstuk worden geheven, blijft het loon dat bij dezelfde werkgever meer heeft bedragen dan een door Onze Minister vastgesteld bedrag vermenigvuldigd met het aantal loontijdvakken van het premiebetalingstijdvak, voor dat meerdere buiten aanmerking. Voorts bedraagt het dagloon dat aan de uitkeringen op grond van de werknemersverzekeringen of vrijwillige werknemersverzekeringen ten grondslag ligt of wordt gelegd ten hoogste het bedrag, bedoeld in de eerste zin, met betrekking tot een loontijdvak van een dag.
|
||||
**1.** Het loon, waarnaar de premies op grond van dit hoofdstuk worden geheven, wordt bij dezelfde werkgever tot geen hoger bedrag in aanmerking genomen dan het door Onze Minister met betrekking tot het kalenderjaar vastgestelde bedrag. Voorts bedraagt het dagloon dat aan de uitkeringen op grond van de werknemersverzekeringen of vrijwillige werknemersverzekeringen ten grondslag ligt of wordt gelegd ten hoogste het bedrag, bedoeld in de eerste volzin, met betrekking tot een loontijdvak van een dag, waarbij het kalenderjaar wordt gesteld op 261 dagen.
|
||||
|
||||
**2.** Bij de berekening van het loon, waarnaar de premie op grond van afdeling 2 van dit hoofdstuk wordt geheven, blijft, wat betreft het door de werkgever en door de werknemer verschuldigde gedeelte van het deel van de premie dat ten gunste komt van het Algemeen Werkloosheidsfonds, het bij dezelfde werkgever genoten loon buiten aanmerking tot een door Onze Minister vastgesteld bedrag vermenigvuldigd met het aantal loontijdvakken van het premiebetalingstijdvak. Het bedrag, bedoeld in de eerste zin, kan voor de werkgever en voor de werknemer verschillend worden vastgesteld.
|
||||
**2.** Van het bij dezelfde werkgever genoten loon, waarnaar de premie op grond van afdeling 2 van dit hoofdstuk wordt geheven, blijft, wat betreft het deel van de premie dat ten gunste komt van het Algemeen Werkloosheidsfonds, buiten aanmerking tot een door Onze Minister met betrekking tot het kalenderjaar vastgesteld bedrag. Het bedrag, bedoeld in de eerste volzin, kan voor de werkgever en voor de werknemer verschillend worden vastgesteld.
|
||||
|
||||
**3.** De bedragen, bedoeld in het eerste en tweede lid, worden vastgesteld voor loontijdvakken waarvoor Onze Minister dit nodig acht. Indien een wijziging ingaat op een ander tijdstip dan 1 januari, vindt de vaststelling plaats in overeenstemming met Onze Minister van Financiën.
|
||||
**3.** De bedragen, bedoeld in het eerste en tweede lid, worden herleid en vastgesteld voor loontijdvakken waarin loon als bedoeld in artikel 16 wordt genoten waarvoor Onze Minister dit nodig acht. Voor de herleiding van het loontijdvak van een jaar naar een ander loontijdvak is artikel 25, eerste en vierde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van de toepassing voor het dagloon, bedoeld in het eerste lid, tweede volzin. Indien een wijziging ingaat op een ander tijdstip dan 1 januari, vindt de vaststelling plaats in overeenstemming met Onze Minister van Financiën.
|
||||
|
||||
**4.** Indien voor een werknemer die van verschillende werkgevers loon heeft genoten premie is betaald over een hoger loonbedrag dan het bedrag, bedoeld in het eerste lid, stelt de inspecteur bij voor bezwaar vatbare beschikking het bedrag van de teveel betaalde premie vast. Bij die vaststelling wordt het voor de premieheffing in aanmerking komende loon berekend naar evenredigheid van het ten laste van die werkgevers genoten loon, en blijft bij de berekening van het loon waarnaar de premie op grond van afdeling 2 van dit hoofdstuk, bedoeld in het tweede lid, wordt geheven, het voor premieberekening in aanmerking komende loon buiten aanmerking tot een evenredig deel van het bedrag, bedoeld in het tweede lid.
|
||||
**4.** Indien voor een werknemer die van verschillende werkgevers loon heeft genoten premie is betaald over een hoger loonbedrag dan het bedrag, bedoeld in het eerste lid, eerste volzin, stelt de inspecteur bij voor bezwaar vatbare beschikking het bedrag van de teveel betaalde premie vast. Bij die vaststelling wordt het voor de premieheffing in aanmerking komende loon berekend naar evenredigheid van het ten laste van die werkgevers genoten loon, en blijft bij de berekening van het loon waarnaar de premie op grond van afdeling 2 van dit hoofdstuk, bedoeld in het tweede lid, wordt geheven, het voor premieberekening in aanmerking komende loon buiten aanmerking tot een evenredig deel van het bedrag, bedoeld in het tweede lid.
|
||||
|
||||
**5.** Bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, kunnen regels worden gesteld voor de vaststelling van het voor premieberekening in aanmerking komende loon bij samenloop van loon dat gelijktijdig wordt genoten uit een dienstbetrekking in de zin van de Wet op de Loonbelasting 1964 en uit een vroegere dienstbetrekking in de zin van die wet dan wel bij het gelijktijdig genieten van meer dan één uitkering of toeslag als bedoeld in artikel 16, derde en vierde lid. In de te stellen regels wordt uitgegaan van een totaal loonbedrag, dat niet hoger is dan het bedrag in het eerste lid, waarbij niet meer dan één keer rekening wordt gehouden met dat bedrag.
|
||||
**5.** Bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, kunnen regels worden gesteld voor de vaststelling van het voor premieberekening in aanmerking komende loon bij samenloop van loon dat gelijktijdig wordt genoten uit een dienstbetrekking in de zin van de Wet op de Loonbelasting 1964 en uit een vroegere dienstbetrekking in de zin van die wet dan wel bij het gelijktijdig genieten van meer dan één uitkering of toeslag als bedoeld in artikel 16, derde en vierde lid. In de te stellen regels wordt uitgegaan van een totaal loonbedrag, dat niet hoger is dan het bedrag in het eerste lid, eerste volzin, waarbij niet meer dan één keer rekening wordt gehouden met dat bedrag.
|
||||
|
||||
**6.** Bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, kunnen nadere en zo nodig van de vorige leden afwijkende regels worden gesteld.
|
||||
|
||||
|
|
@ -220,12 +220,7 @@ b. een uitkering op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet a
|
|||
|
||||
### Artikel 19
|
||||
|
||||
Artikel 17, eerste tot en met derde lid, blijft buiten toepassing bij de berekening van het loon waarnaar de premies op grond van dit hoofdstuk worden geheven, ingeval in het premiebetalingstijdvak:
|
||||
|
||||
a. een werknemer zijn naam, adres, woonplaats of burgerservicenummer of, bij het ontbreken daarvan, zijn sociaal-fiscaalnummer niet aan de werkgever heeft verstrekt;
|
||||
b. bij een werknemer die loon uit tegenwoordige dienstbetrekking geniet, de werkgever zijn identiteit niet heeft vastgesteld en opgenomen in de loonadministratie overeenkomstig artikel 28, onderdeel e, van de Wet op de loonbelasting 1964;
|
||||
c. bij een werknemer die loon uit tegenwoordige dienstbetrekking geniet, vreemdeling is in de zin van de Vreemdelingenwet 2000 en niet behoort tot de categorie werknemers die op grond van overeenkomsten van internationaal recht is uitgezonderd van de verplichting tot het hebben van een geldige verblijfsvergunning als bedoeld in die wet en een geldige tewerkstellingsvergunning als bedoeld in de Wet arbeid vreemdelingen, de werkgever zijn verblijfsrechtelijke positie ter zake van het verrichten van arbeid niet heeft vastgesteld en opgenomen in de loonadministratie overeenkomstig artikel 28, onderdeel e, van de Wet op de loonbelasting 1964;
|
||||
d. de werknemer ter zake van de in de onderdelen a tot en met c bedoelde inlichtingen onjuiste gegevens heeft verstrekt en de werkgever dit weet of redelijkerwijs moet weten.
|
||||
Artikel 17, eerste tot en met derde lid, is niet van toepassing in de gevallen, bedoeld in artikel 26b, eerste volzin, van de Wet op de loonbelasting 1964.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 2. Inhouding en verbod van verhaal
|
||||
|
||||
|
|
@ -329,7 +324,7 @@ De premie wordt bij ministeriële regeling vastgesteld op een percentage van het
|
|||
|
||||
**2.** Op de in het eerste lid bedoelde inhouding is hoofdstuk 4 niet van toepassing.
|
||||
|
||||
### Afdeling 4. Arbeidsongeschiktheidsfonds, Arbeidsongeschiktheidskas en Werkhervattingskas
|
||||
### Afdeling 4. Arbeidsongeschiktheidsfonds en Werkhervattingskas
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 1. Premies en rijksbijdragen ten gunste van de fondsen
|
||||
|
||||
|
|
@ -337,15 +332,13 @@ De premie wordt bij ministeriële regeling vastgesteld op een percentage van het
|
|||
|
||||
**1.** De financiële middelen tot dekking van de uitgaven ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds, alsmede de financiële middelen voor het vormen en in stand houden van een reserve in dat fonds, worden verkregen door het heffen van de in artikel 36 bedoelde basispremie en door een bijdrage van het rijk als bedoeld in artikel 114, onderdeel f.
|
||||
|
||||
**2.** De financiële middelen tot dekking van de uitgaven ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas, alsmede de financiële middelen voor het vormen en in stand houden van een reserve in de Arbeidsongeschiktheidskas, worden verkregen door het heffen van de in artikel 37 bedoelde uniforme premie.
|
||||
|
||||
**3.** De financiële middelen tot dekking van de uitgaven ten laste van de Werkhervattingskas, alsmede de financiële middelen voor het vormen en in stand houden van een reserve in de Werkhervattingskas, worden verkregen door het heffen van de in artikel 38 bedoelde gedifferentieerde premie.
|
||||
**2.** De financiële middelen tot dekking van de uitgaven ten laste van de Werkhervattingskas, alsmede de financiële middelen voor het vormen en in stand houden van een reserve in de Werkhervattingskas, worden verkregen door het heffen van de in artikel 38 bedoelde gedifferentieerde premie.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 2. Premieplicht werkgever
|
||||
|
||||
### Artikel 34
|
||||
|
||||
**1.** De premie is verschuldigd door werkgevers in de zin van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en bestaat uit een basispremie, een uniforme premie en een gedifferentieerde premie.
|
||||
**1.** De premie is verschuldigd door werkgevers in de zin van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en bestaat uit een basispremie en een gedifferentieerde premie.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van artikel 20, tweede lid, kan de werkgever de met betrekking tot een werknemer door hem verschuldigde gedifferentieerde premie ten behoeve van de Werkhervattingskas, bedoeld in artikel 38, onder bij ministeriële regeling te bepalen voorwaarden, tot ten hoogste de helft verhalen op de werknemer.
|
||||
|
||||
|
|
@ -363,11 +356,7 @@ Bij ministeriële regeling wordt voor de berekening van de basispremie een voor
|
|||
|
||||
### Artikel 37
|
||||
|
||||
**1.** Het UWV stelt, onder goedkeuring van Onze Minister, voor de berekening van de uniforme premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas een percentage vast.
|
||||
|
||||
**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de wijze waarop het percentage, bedoeld in het eerste lid, wordt vastgesteld.
|
||||
|
||||
**3.** Indien Onze Minister zijn goedkeuring onthoudt aan een door het UWV vastgesteld percentage, stelt hij het percentage vast.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 38
|
||||
|
||||
|
|
@ -427,20 +416,20 @@ b. WGA uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbe
|
|||
|
||||
**6.** Onder een verzekeraar als bedoeld in het tweede lid wordt verstaan een financiële onderneming die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van levensverzekeraar of schadeverzekeraar mag uitoefenen.
|
||||
|
||||
**7.** De garantie, bedoeld in het tweede lid, wordt voor onbepaalde tijd gegeven. Deze garantie strekt zich uit tot rechtsopvolgers onder algemene titel van de eigenrisicodrager en tot het risico dat overgaat op de verkrijgende werkgever, bedoeld in artikel 63b, derde lid, van de Ziektewet, onderscheidenlijk artikel 75b, vierde en zesde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering respectievelijk artikel 84, derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. Deze garantie kan door de desbetreffende kredietinstelling of verzekeraar niet worden beëindigd zonder schriftelijke opzegging bij de inspecteur.
|
||||
**7.** De garantie, bedoeld in het tweede lid, wordt voor onbepaalde tijd gegeven. Deze garantie strekt zich uit tot rechtsopvolgers onder algemene titel van de eigenrisicodrager en tot het risico dat overgaat op de verkrijgende werkgever, bedoeld in artikel 63b, derde lid, van de Ziektewet, respectievelijk artikel 84, derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. Deze garantie kan door de desbetreffende kredietinstelling of verzekeraar niet worden beëindigd zonder schriftelijke opzegging bij de inspecteur.
|
||||
|
||||
**8.**
|
||||
|
||||
De garantie, bedoeld in het tweede lid, strekt zich niet uit tot:
|
||||
|
||||
a. ziekengeld onderscheidenlijk arbeidsongeschiktheidsuitkering dan wel WGA-uitkering ter zake van ongeschiktheid tot werken die is ontstaan door een omstandigheid als bedoeld in artikel 3:38 van de Wet op het financieel toezicht, door een omstandigheid die het gevolg is van een of meer terroristische handelingen voor zover de totale schade die in een kalenderjaar ten gevolge van dergelijke handelingen bij schade- of levensverzekeraars waarop de Wet op het financieel toezicht van toepassing is, zal worden gedeclareerd, naar verwachting van de Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschaden N.V. hoger zal zijn dan het door die maatschappij herverzekerde maximumbedrag per kalenderjaar, of door een kernongeval als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet aansprakelijkheid kernongevallen;
|
||||
a. ziekengeld dan wel WGA-uitkering ter zake van ongeschiktheid tot werken die is ontstaan door een omstandigheid als bedoeld in artikel 3:38 van de Wet op het financieel toezicht, door een omstandigheid die het gevolg is van een of meer terroristische handelingen voor zover de totale schade die in een kalenderjaar ten gevolge van dergelijke handelingen bij schade- of levensverzekeraars waarop de Wet op het financieel toezicht van toepassing is, zal worden gedeclareerd, naar verwachting van de Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschaden N.V. hoger zal zijn dan het door die maatschappij herverzekerde maximumbedrag per kalenderjaar, of door een kernongeval als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet aansprakelijkheid kernongevallen;
|
||||
b. de bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 63c van de Ziektewet.
|
||||
|
||||
**9.** De toestemming, bedoeld in het eerste lid, wordt door de inspecteur verleend met ingang van 1 januari of 1 juli van enig jaar, mits de aanvraag ten minste dertien weken voor de desbetreffende datum is ingediend. Aan een startende werkgever wordt op zijn verzoek toestemming verleend met ingang van het tijdstip waarop deze aanvangt werkgever te zijn.
|
||||
|
||||
**10.**
|
||||
|
||||
Het door de werkgever zelf dragen van het risico, bedoeld in het eerste lid, en het risico van de betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering:
|
||||
Het door de werkgever zelf dragen van het risico, bedoeld in het eerste lid:
|
||||
|
||||
a. eindigt met ingang van de dag waarop de schriftelijke garantie, bedoeld in het tweede lid, eindigt, onderscheidenlijk met ingang van de dag waarop de eigenrisicodrager in staat van faillissement is verklaard of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard dan wel de dag waarop hij ophoudt werkgever te zijn;
|
||||
b. wordt door de inspecteur op 1 januari of 1 juli van enig jaar beëindigd bij voor bezwaar vatbare beschikking op aanvraag van de werkgever, mits deze aanvraag ten minste dertien weken voor de desbetreffende datum is ingediend;
|
||||
|
|
@ -520,7 +509,7 @@ Aan een gemeente wordt geen toestemming verleend als bedoeld in artikel 40, aanh
|
|||
|
||||
### Artikel 46
|
||||
|
||||
De werkgever die zelf het risico draagt van de betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering is over het loon van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers en over de door hem te betalen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen de uniforme premie, bedoeld in artikel 37, niet verschuldigd.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 46a
|
||||
|
||||
|
|
@ -538,7 +527,7 @@ De werkgever die zelf het risico draagt van de betaling van de arbeidsongeschikt
|
|||
|
||||
De werkgever past een korting toe op het totaal van de door hem en zijn werknemers op grond van de artikelen 27 en 31 verschuldigde premies en de door hem op grond van afdeling 4 verschuldigde premies bij een dienstbetrekking met een werknemer:
|
||||
|
||||
a. die onmiddellijk voorafgaand aan de aanvang van de dienstbetrekking recht heeft op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet werk en inkomen kunstenaars, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen, de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen en de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers, of op wachtgeld als bedoeld in artikel 6, vierde lid, van de Werkloosheidswet, dan wel recht heeft op inkomensondersteuning op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten; en
|
||||
a. die onmiddellijk voorafgaand aan de aanvang van de dienstbetrekking recht heeft op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet werk en inkomen kunstenaars, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen, de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen en de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers, of op wachtgeld als bedoeld in artikel 6, vijfde lid, van de Werkloosheidswet, dan wel recht heeft op inkomensondersteuning op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten; en
|
||||
b. die op het moment van in dienst treden bij die werkgever 50 jaar of ouder is.
|
||||
|
||||
De korting wordt toegepast voor zolang de dienstbetrekking met die werknemer duurt doch ten hoogste gedurende de eerste drie jaar vanaf de aanvang van die dienstbetrekking.
|
||||
|
|
@ -629,7 +618,7 @@ c. voor een dienstbetrekking van die uitkeringsgerechtigde in het kalenderjaar n
|
|||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van het eerste lid worden dienstbetrekkingen tussen de werkgever en de uitkeringsgerechtigde geacht eenzelfde niet onderbroken dienstbetrekking te zijn, indien die dienstbetrekkingen elkaar met tussenpozen van niet meer dan eenendertig dagen zijn opgevolgd.
|
||||
|
||||
**3.** Voor de toepassing van deze paragraaf wordt onder uitkeringsgerechtigde verstaan: degene wiens inkomen uit en in verband met arbeid in het bedrijfs- en beroepsleven onmiddellijk voorafgaande aan de aanvang van de in het eerste lid, aanhef, bedoelde dienstbetrekking uitsluitend bestaat uit een uitkering of inkomensvoorziening op grond van de Wet werk en bijstand, de Wet investeren in jongeren, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de Werkloosheidswet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, de Toeslagenwet of uit een uitkering op grond van vergelijkbare regelingen dan wel uit een combinatie van deze uitkeringen en die bij het UWV als werkzoekende is geregistreerd.
|
||||
**3.** Voor de toepassing van deze paragraaf wordt onder uitkeringsgerechtigde verstaan: degene wiens inkomen uit en in verband met arbeid in het bedrijfs- en beroepsleven onmiddellijk voorafgaande aan de aanvang van de in het eerste lid, aanhef, bedoelde dienstbetrekking uitsluitend bestaat uit een uitkering of inkomensvoorziening op grond van de Wet werk en bijstand, de Wet investeren in jongeren, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de Werkloosheidswet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen de Toeslagenwet of uit een uitkering op grond van vergelijkbare regelingen dan wel uit een combinatie van deze uitkeringen en die bij het UWV als werkzoekende is geregistreerd.
|
||||
|
||||
**4.** Het derde lid is van overeenkomstige toepassing op de persoon die recht op arbeidsondersteuning heeft op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten.
|
||||
|
||||
|
|
@ -706,7 +695,7 @@ De rijksbelastingdienst heft de premie voor de volksverzekeringen en de premies
|
|||
|
||||
**1.** De premies voor de werknemersverzekeringen worden geheven met overeenkomstige toepassing van de voor de heffing van de loonbelasting geldende regels. Artikel 32d van de Wet op de loonbelasting 1964 is slechts van overeenkomstige toepassing indien degene aan wie het loon wordt afgestaan, werkgever van de werknemer is.
|
||||
|
||||
**2.** In de uitnodiging tot het doen van aangifte kan mede opgave worden verlangd van gegevens die noodzakelijk zijn ten behoeve van de vaststelling van de premiepercentages, bedoeld in de artikelen 27, 28, 31, 36, 37 en 38, alsmede ten behoeve van de doelen van de gegevensverwerking in de polisadministratie, bedoeld in artikel 33, tweede lid, onderdelen a en e, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, waarbij met betrekking tot die verlangde gegevens de regels die gelden voor de heffing van de loonbelasting van overeenkomstige toepassing zijn.
|
||||
**2.** In de uitnodiging tot het doen van aangifte kan mede opgave worden verlangd van gegevens die noodzakelijk zijn ten behoeve van de vaststelling van de premiepercentages, bedoeld in de artikelen 27, 28, 31, 36 en 38, alsmede ten behoeve van de doelen van de gegevensverwerking in de polisadministratie, bedoeld in artikel 33, tweede lid, onderdelen a en e, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, waarbij met betrekking tot die verlangde gegevens de regels die gelden voor de heffing van de loonbelasting van overeenkomstige toepassing zijn.
|
||||
|
||||
**3.** Een aanvraag tot het geven van een beschikking over het verzekerd zijn op grond van de werknemersverzekeringen kan door de werkgever uitsluitend bij de inspecteur worden ingediend. De inspecteur beslist bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
|
|
@ -785,7 +774,7 @@ Bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Financi
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De SVB kan op verzoek wegens gemoedsbezwaren tegen één of meer volksverzekeringen of werknemersverzekeringen ontheffen van de verplichtingen opgelegd op grond van de desbetreffende wetten en deze wet:
|
||||
De SVB kan op verzoek wegens gemoedsbezwaren tegen één of meer volksverzekeringen of alle werknemersverzekeringen ontheffen van de verplichtingen opgelegd op grond van de desbetreffende wetten en deze wet:
|
||||
|
||||
a. de persoon, die deze gemoedsbezwaren heeft;
|
||||
b. de rechtspersoon, waarbij natuurlijke personen zijn betrokken die deze gemoedsbezwaren hebben.
|
||||
|
|
@ -887,7 +876,7 @@ De financiële middelen tot dekking van de uitgaven voor de vrijwillige werkneme
|
|||
|
||||
**1.** De premie voor de vrijwillige verzekering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt berekend over het dagloon, bedoeld in artikel 84, eerste lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
|
||||
|
||||
**2.** De premie bedraagt een door het UWV te bepalen percentage van het in het eerste lid bedoelde dagloon, met dien verstande dat de premie niet meer bedraagt dan de in artikel 36 bedoelde basispremie, vermeerderd met het in artikel 37 bedoelde percentage voor de uniforme premie.
|
||||
**2.** De premie bedraagt een door het UWV te bepalen percentage van het in het eerste lid bedoelde dagloon, met dien verstande dat de premie niet meer bedraagt dan de in artikel 36 bedoelde basispremie.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 5
|
||||
|
||||
|
|
@ -903,7 +892,7 @@ De financiële middelen tot dekking van de uitgaven voor de vrijwillige werkneme
|
|||
|
||||
**1.** De premie voor de vrijwillige verzekering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen wordt berekend over het dagloon, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
|
||||
|
||||
**2.** De premie bedraagt een door het UWV te bepalen percentage van het in het eerste lid bedoelde dagloon, met dien verstande dat de premie niet meer bedraagt dan de in artikel 36 bedoelde basispremie, vermeerderd met het in artikel 37 bedoelde percentage voor de uniforme premie en een premieopslag die wordt berekend op grond van het in artikel 38, eerste lid, onderdeel a, bedoelde percentage.
|
||||
**2.** De premie bedraagt een door het UWV te bepalen percentage van het in het eerste lid bedoelde dagloon, met dien verstande dat de premie niet meer bedraagt dan de in artikel 36 bedoelde basispremie, vermeerderd met een premieopslag die wordt berekend op grond van het in artikel 38, eerste lid, onderdeel a, bedoelde percentage.
|
||||
|
||||
### Afdeling 3. Aanvullende bepalingen
|
||||
|
||||
|
|
@ -1138,7 +1127,7 @@ d. de op grond van enige wet over de uitkeringen, bedoeld in onderdeel a en b, d
|
|||
e. de bedragen, die op grond van artikel 104, vierde lid, door het UWV ten laste van het Algemeen Werkloosheidsfonds zijn gebracht;
|
||||
f. de subsidies op grond van de Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening havens;
|
||||
g. de bedragen van de kortingen oudere werknemer en arbeidsgehandicapte werknemer en van de premievrijstelling bij marginale arbeid, bedoeld in afdeling 6 van hoofdstuk 3, voorzover die worden toegepast op de premies berekend op grond van artikel 27;
|
||||
h. de op grond van artikel 2.8 van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen aan het Reïntegratiefonds af te dragen bedragen;
|
||||
h. vervallen;
|
||||
i. de tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang, bedoeld in artikel 1.29, eerste lid, van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen ten behoeve van de ouder die een persoon is als bedoeld in artikel 1.6, eerste lid, onderdeel h, van die wet, met uitzondering van hetgeen op grond van artikel 108 ten laste komt van het Uitvoeringsfonds voor de overheid;
|
||||
j. de op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg te betalen uitkeringen en de daaraan verbonden uitvoeringskosten, met uitzondering van hetgeen op grond van artikel 108 ten laste komt van het Uitvoeringsfonds voor de overheid;
|
||||
k. de kosten in verband met de uitvoering van artikel 30a van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen ten aanzien van personen, die een uitkering ontvangen als bedoeld in de onderdelen a en b en de kosten van de re-integratiemaatregelen, bedoeld in hoofdstuk VI van de Werkloosheidswet en hoofdstuk IIA van de Ziektewet ten aanzien van deze personen;
|
||||
|
|
@ -1184,7 +1173,7 @@ g. de kosten van de werkzaamheden, bedoeld in artikel 63a, vierde en vijfde lid,
|
|||
h. de kosten van onderzoek, bedoeld in artikel 32, eerste, tweede, derde en vierde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
|
||||
i. de bedragen van de premievrijstelling bij marginale arbeid, bedoeld in afdeling 6 van hoofdstuk 3, toegepast op de sectorpremie;
|
||||
j. de uitvoeringskosten, voorzover deze betrekking hebben op de uitvoering van de artikelen 38, vierde lid, 39 en 39a van de Ziektewet ten aanzien van anderen dan de personen, bedoeld in onderdeel c, en niet reeds op grond van onderdeel d ten laste van een sectorfonds worden gebracht, alsmede de uitvoeringskosten, voorzover deze betrekking hebben op de uitvoering van artikel 629, derde lid, onderdeel c, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;
|
||||
k. de kosten die in verband met de uitvoering van artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, ten aanzien van personen, die een uitkering ontvangen als bedoeld in onderdeel c.
|
||||
k. de kosten die in verband met de uitvoering van artikel 30a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, ten aanzien van personen, die een uitkering ontvangen als bedoeld in onderdeel c.
|
||||
|
||||
**2.** Het UWV is bevoegd in bijzondere gevallen voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel a, werkzaamheden in de ene sector gelijk te stellen met werkzaamheden in een andere sector.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1255,7 +1244,7 @@ e. de uitvoeringskosten, voorzover deze betrekking hebben op de in de onderdelen
|
|||
f. de op grond van enige wet over de uitkeringen, bedoeld in onderdeel a tot en met d door het UWV verschuldigde premies of vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht;
|
||||
g. de kosten van het onderzoek, bedoeld in artikel 32, eerste, tweede, derde en vierde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, indien dat op verzoek van een overheidswerkgever of overheidswerknemer is ingesteld;
|
||||
h. de uitvoeringskosten, voorzover betrekking hebbend op de uitvoering van de artikelen 38, vierde lid, 39 en 39a van de Ziektewet ten aanzien van overheidswerkgevers en overheidswerknemers, die niet reeds op grond van onderdeel c ten laste van dat fonds worden gebracht, voorzover deze betrekking hebben op de uitvoering van artikel 629, derde lid, onderdeel c, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;
|
||||
i. de op grond van artikel 2.8 van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen aan het Reïntegratiefonds af te dragen bedragen;
|
||||
i. vervallen;
|
||||
j. de op diens aanvraag aan de werkgever door het UWV te verlenen vergoeding van de schade, die de werkgever lijdt door toepassing van artikel 23, eerste lid, van de Werkloosheidswet en de daaraan verbonden uitvoeringskosten;
|
||||
k. de uitvoeringskosten verbonden aan werkzaamheden gericht op het ontvangen van bedragen, premies en bijdragen als bedoeld in artikel 107;
|
||||
l. de kosten van de werkzaamheden, bedoeld in artikel 63a, vierde en vijfde lid, van de Ziektewet alsmede de schade, bedoeld in het zesde lid van dat artikel, die wordt vergoed aan een eigenrisicodrager als bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel a, en de daaraan verbonden uitvoeringskosten;
|
||||
|
|
@ -1264,7 +1253,12 @@ n. de bedragen van de kortingen oudere werknemer en arbeidsgehandicapte werkneme
|
|||
o. de uitvoeringskosten die betrekking hebben op de uitvoering van artikel 32, vijfde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
|
||||
p. vergoedingen aan gemeenten die worden overeengekomen ter uitvoering van artikel 30a, derde lid, onderdeel a, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen voor zover dat artikel wordt toegepast ten aanzien van personen als bedoeld in artikel 24 van de Werkloosheidswet.
|
||||
|
||||
**2.** Ten laste van het Uitvoeringsfonds voor de overheid komen voorts de kosten die rechtstreeks verband houdende met de uitvoering van artikel 30a, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen ten aanzien van een betrokkene, indien deze ten tijde van het aanvangen van de werkzaamheden van het re-integratiebedrijf, bedoeld in het achtste lid van dat artikel, een uitkering als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, ontvangt ten laste van het Uitvoeringsfonds voor de overheid.
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Ten laste van het Uitvoeringsfonds voor de overheid komen voorts de kosten die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van artikel 30a van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen ten aanzien van een betrokkene, indien deze ten tijde van het aanvangen van de werkzaamheden van het re-integratiebedrijf, bedoeld in het achtste lid van dat artikel:
|
||||
|
||||
a. een uitkering ontvangt als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, en het UWV deze uitkering met toepassing van artikel 79 van de Werkloosheidswet niet kan verhalen op de overheidswerkgever; of
|
||||
b. een uitkering ontvangt als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid, onderdelen b, d en f, komen de uitkeringen, die worden betaald door een eigenrisicodrager als bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel a, of een werkgever die een onderneming verkrijgt als bedoeld in artikel 63b, derde lid, van de Ziektewet, en de door hem gemaakte kosten ter zake van de betaling van die uitkeringen en van de werkzaamheden, bedoeld in artikel 63a, eerste lid, van die wet, alsmede de op grond van enige wet over die uitkeringen verschuldigde premies of vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet die niet op die uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht, niet ten laste van het Uitvoeringsfonds voor de overheid.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1292,7 +1286,7 @@ Het UWV beheert en administreert afzonderlijk de in artikel 33, eerste lid, bedo
|
|||
|
||||
### Artikel 113
|
||||
|
||||
Het UWV beheert en administreert afzonderlijk de in artikel 33, tweede lid, bedoelde middelen tot dekking van de uitgaven alsmede de middelen benodigd voor het vormen en in stand houden van een reserve, in de vorm van een Arbeidsongeschiktheidskas die deel uitmaakt van het UWV.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 113a
|
||||
|
||||
|
|
@ -1302,8 +1296,8 @@ Het UWV beheert en administreert afzonderlijk de in artikel 33, derde lid, bedoe
|
|||
|
||||
Ten gunste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds komen:
|
||||
|
||||
a. de premies op grond van artikel 36, de premie op grond van artikel 75 voorzover deze niet ten gunste komt van de Arbeidsongeschiktheidskas en de premie op grond van artikel 76a voorzover deze niet ten gunste komt van de Werkhervattingskas;
|
||||
b. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 29a en 75f, eerste lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;
|
||||
a. de premies op grond van de artikelen 36 en 75 en de premie op grond van artikel 76a voor zover deze niet ten gunste komt van de Werkhervatttingskas;
|
||||
b. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 29a en 91i van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;
|
||||
c. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 57 en 90 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 115, eerste lid, onderdeel a;
|
||||
d. vervallen;
|
||||
e. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen;
|
||||
|
|
@ -1315,7 +1309,7 @@ h. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 76 en 99 van
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds komen, met inachtneming van de artikelen 56, 101, 104, 108, 117 en 117b en artikel 5:3 van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten:
|
||||
Ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds komen, met inachtneming van de artikelen 56, 104, 108 en 117b en artikel 5:3 van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten:
|
||||
|
||||
a. de door het UWV op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering te betalen uitkeringen;
|
||||
b. de door het UWV op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen te betalen uitkeringen;
|
||||
|
|
@ -1323,7 +1317,7 @@ c. de op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 2, en de op grond van arti
|
|||
d. de door het UWV op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen te betalen uitkeringen;
|
||||
e. de uitvoeringskosten, voor zover die betrekking hebben op de in de onderdelen a tot en met d bedoelde uitkeringen;
|
||||
f. de op grond van enige wet over de uitkeringen, bedoeld in de onderdelen a tot en met d, door het UWV verschuldigde premies of vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht;
|
||||
g. de gelden die door toepassing van artikel 118 worden overgeheveld naar de Arbeidsongeschiktheidskas of de Werkhervattingskas;
|
||||
g. de gelden die door toepassing van artikel 118 worden overgeheveld naar de Werkhervattingskas;
|
||||
h. vervallen;
|
||||
i. het gezamenlijke bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de vakantie-uitkeringen die niet zijn uitbetaald wegens het genieten van loon als bedoeld in artikel 44, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en dat op grond van artikel 44, vierde lid, van die wet wordt afgedragen aan ’s Rijks kas, vermeerderd met:
|
||||
|
||||
|
|
@ -1334,8 +1328,8 @@ k. de bedragen van de kortingen oudere werknemer en arbeidsgehandicapte werkneme
|
|||
l. het op grond van artikel 58, vierde lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, aan 's Rijks kas af te dragen bedrag;
|
||||
m. de kosten die verband houden met de uitvoering van artikel 30a van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
|
||||
n. de subsidie, bedoeld in artikel 32b van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
|
||||
o. hetgeen op grond van artikel 83, tweede lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen op het UWV wordt verhaald of hetgeen op grond van artikel 91e van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering door het UWV wordt vergoed;
|
||||
p. de op grond van artikel 2.8 van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen aan het Reïntegratiefonds af te dragen bedragen;
|
||||
o. hetgeen op grond van artikel 83, tweede lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen op het UWV wordt verhaald;
|
||||
p. vervallen;
|
||||
q. vergoedingen aan gemeenten die worden overeengekomen ter uitvoering van artikel 30a, derde lid, onderdeel a, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen voor zover betrekking hebbend op de uitvoering van een wettelijke arbeidsongeschiktheidsverzekering;
|
||||
r. de bedragen die op grond van artikel 104, vierde lid, ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds kunnen worden gebracht.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1343,57 +1337,11 @@ r. de bedragen die op grond van artikel 104, vierde lid, ten laste van het Arbei
|
|||
|
||||
### Artikel 116
|
||||
|
||||
Ten gunste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen:
|
||||
|
||||
a. de uniforme premie op grond van artikel 37, eerste lid en de premie op grond van artikel 75 voor zover deze de uniforme premie op grond van artikel 37, eerste lid, niet overschrijdt;
|
||||
b. de gelden die het UWV ontvangt met toepassing van artikel 57 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 117, eerste lid;
|
||||
c. de gelden die het UWV ontvangt met toepassing van verhaal als bedoeld in artikel 75a, vierde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en artikel 75b, vijfde lid en zevende lid, van die wet;
|
||||
d. de gelden die door toepassing van artikel 118 worden overgeheveld uit het Arbeidsongeschiktheidsfonds;
|
||||
e. de gelden die het UWV ontvangt met toepassing van verhaal als bedoeld in artikel 90 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 117, eerste lid;
|
||||
f. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 76, 83, derde lid, 84, tweede en vierde lid, en 99 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 117, eerste lid.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 117
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen gedurende de periode van vijf jaar met betrekking tot een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, te rekenen vanaf de dag waarop een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van die wet is ingegaan:
|
||||
|
||||
a. de door het UWV te betalen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkeringen door het UWV verschuldigde premies of vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht;
|
||||
b. het gezamenlijke bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de vakantie-uitkeringen die in de in de aanhef bedoelde periode niet zijn uitbetaald wegens het genieten van loon als bedoeld in artikel 44, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en dat op grond van artikel 44, vierde lid, van die wet wordt afgedragen aan ’s Rijks kas, vermeerderd met:
|
||||
|
||||
1°. het bedrag aan premies dat het UWV bij uitbetaling op grond van enige wet over dat bedrag verschuldigd zou zijn en dat niet op de uitkeringen in mindering kan worden gebracht, en
|
||||
2°. de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, van de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 41 van die wet, over dat bedrag.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vijf jaar aan op de dag waarop de in artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van die wet bedoelde ingetrokken arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingegaan. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van genoemde wet maar met toepassing van artikel 19 van die wet, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, van die wet geen toepassing kon vinden.
|
||||
|
||||
**3.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vijf jaar aan na het verstrijken van de in artikel 43, eerste lid, onderdeel b, van die wet bedoelde wachttijd. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, van genoemde wet maar met toepassing van artikel 19 van die wet, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, van die wet geen toepassing kon vinden.
|
||||
|
||||
**4.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend direct aansluitend op een wachttijd die op grond van artikel 19, zevende lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering is verlengd, of een tijdvak waarin recht bestaat op loon of bezoldiging dat op grond van artikel 24 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen is verlengd wordt de duur van de verlenging van de wachttijd respectievelijk de duur van de verlenging van bedoeld tijdvak in mindering gebracht op de periode van vijf jaar bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
**5.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering, respectievelijk een verhoging daarvan, niet wordt uitbetaald op grond van artikel 43d van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt de periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid, verlengd met het verlengde tijdvak waarin recht bestaat op ziekengeld op grond van artikel 29, negende lid, van de Ziektewet, op loon op grond van artikel 629 lid 11, onderdeel d, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, dan wel bezoldiging op grond van artikel 76a, zesde lid, van de Ziektewet.
|
||||
|
||||
**6.**
|
||||
|
||||
Het eerste lid is niet van toepassing indien:
|
||||
|
||||
a. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering betreft die op grond van artikel 71, eerste lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering door het UWV wordt betaald en op grond van artikel 71, derde lid, van die wet niet op de eigenrisicodrager wordt verhaald;
|
||||
b. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering betreft die op grond van artikel 75a, vierde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering door het UWV wordt betaald en niet kan worden verhaald op een kredietinstelling of verzekeraar als bedoeld in artikel 40;
|
||||
c. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering anders dan bedoeld in het tweede of derde lid betreft, toegekend aan een werknemer, die uit de dienstbetrekking waaruit de arbeidsongeschiktheidsuitkering is ontstaan, recht had op ziekengeld op grond van artikel 29b van de Ziektewet;
|
||||
d. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering anders dan bedoeld in het tweede of derde lid, betreft, toegekend aan een werknemer, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend in aansluiting op een voordien op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten toegekende uitkering, danwel het op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten toegekende recht op arbeidsondersteuning;
|
||||
e. het een uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering betreft voorzover deze uitkering verhoogd is als gevolg van de inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel A, van de Wet verhoging uitkeringshoogte arbeidsongeschiktheidswetten.
|
||||
|
||||
**7.** Het UWV bezigt de middelen die zijn gereserveerd ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas niet tot bestrijding van uitgaven ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas dan met toestemming van Onze Minister.
|
||||
|
||||
**8.** Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen voorts de bedragen van de kortingen oudere werknemer en arbeidsgehandicapte werknemer en de premievrijstelling bij marginale arbeid, bedoeld in afdeling 6 van hoofdstuk 3, toegepast op de uniforme premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas, bedoeld in artikel 37.
|
||||
|
||||
**9.**
|
||||
|
||||
Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen voorts:
|
||||
|
||||
a. de kosten die verband houden met de uitvoering van artikel 30a, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen ten aanzien van een uitkeringsgerechtigde, indien deze ten tijde van het aanvangen van de werkzaamheden van het re-integratiebedrijf, bedoeld in het achtste lid van dat artikel, recht heeft op een uitkering die ten laste komt van de Arbeidsongeschiktheidskas;
|
||||
b. de op grond van artikel 2.8 van de Wet invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen aan het Reïntegratiefonds af te dragen bedragen.
|
||||
|
||||
**10.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere en zonodig afwijkende regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 117a
|
||||
|
||||
|
|
@ -1437,7 +1385,7 @@ b. de loonkostensubsidie, bedoeld in artikel 37a van de Wet werk en inkomen naar
|
|||
|
||||
### Artikel 118
|
||||
|
||||
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de overheveling van gelden uit het Arbeidsongeschiktheidsfonds naar de Arbeidsongeschiktheidskas of Werkhervattingskas.
|
||||
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de overheveling van gelden uit het Arbeidsongeschiktheidsfonds naar de Werkhervattingskas.
|
||||
|
||||
### Afdeling 4. Geïntegreerd middelenbeheer
|
||||
|
||||
|
|
@ -1541,7 +1489,9 @@ De werkgever die in 2005 of 2006 zelf het risico droeg van betaling van WGA-uitk
|
|||
|
||||
### Artikel 122c
|
||||
|
||||
Artikel 47, aanhef en onderdeel b, zoals dat artikel luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van de wet van 29 december 2008 tot wijziging van de Wet financiering sociale verzekeringen en enige andere sociale verzekeringswetten in verband met de invoering van een premiekorting voor het in dienst nemen van uitkeringsgerechtigden van 50 jaar en ouder en het in dienst houden van werknemers van 62 jaar en ouder (Stb. 598), blijft van toepassing voor zover de betreffende premievrijstelling op die dag werd toegepast voor het in dienst hebben van werknemers van 54,5 jaar en ouder, tot die werknemers de leeftijd van 62 jaar hebben bereikt.
|
||||
**1.** Artikel 47, aanhef en onderdeel b, zoals dat artikel luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van de wet van 29 december 2008 tot wijziging van de Wet financiering sociale verzekeringen en enige andere sociale verzekeringswetten in verband met de invoering van een premiekorting voor het in dienst nemen van uitkeringsgerechtigden van 50 jaar en ouder en het in dienst houden van werknemers van 62 jaar en ouder (Stb. 598), blijft van toepassing voor zover de betreffende premievrijstelling op die dag werd toegepast voor het in dienst hebben van werknemers van 54,5 jaar en ouder, tot die werknemers de leeftijd van 62 jaar hebben bereikt.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op de premie die het UWV betaalt aan de werkgever op grond van artikel 11, tweede lid, van de Werkloosheidswet, artikel 11, derde lid, van de Ziektewet of artikel 10, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering met dien verstande dat ten aanzien van de premie die de werkgever in dat geval is verschuldigd, het eerste lid van toepassing blijft.
|
||||
|
||||
### Artikel 122ca
|
||||
|
||||
|
|
@ -1553,7 +1503,7 @@ De premie die op grond van artikel 27 is vastgesteld wordt met ingang van het ja
|
|||
|
||||
### Artikel 122e
|
||||
|
||||
Artikel 40, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen zoals dat lid luidde op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van de wet van 12 december 2007 houdende wijziging van de Wet financiering sociale verzekeringen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen in verband met het afschaffen van de mogelijkheid om eigenrisicodrager te worden voor de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en de Inkomensvoorziening voor volledig en duurzaam arbeidsongeschikten in het kader van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, het afschaffen van de premiedifferentiatie voor de Arbeidsongeschiktheidskas en enige andere wijzigingen (Stb. 557) blijft van toepassing bij overgang van de onderneming van de werkgever die zelf het risico draagt van betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, naar een werkgever, die daarmee de hoedanigheid van werkgever heeft verkregen, met dien verstande dat indien sprake is van meerdere rechtsvoorgangers, voor toepassing van dit artikel al deze rechtsvoorgangers zelf het risico dragen van betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering. De aanvraag tot voortzetting van het eigenrisicodragen wordt uiterlijk op het moment van overgang van de onderneming gedaan, waarbij een garantie als bedoeld in artikel 40, tweede lid, aan de inspecteur wordt overgelegd uiterlijk binnen vijf weken nadien.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 122f
|
||||
|
||||
|
|
@ -1561,7 +1511,32 @@ Artikel 104, derde lid, zoals dat luidde op de dag voor inwerkingtreding van art
|
|||
|
||||
### Artikel 122g
|
||||
|
||||
Artikel 52a vervalt met ingang van 1 januari 2011, tenzij voor die datum een voorstel van wet bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal is ingediend, dat een vergelijkbare regeling bevat voor arbeid in kleine banen.
|
||||
Artikel 52a vervalt met ingang van 1 januari 2012, tenzij voor die datum een voorstel van wet bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal is ingediend, dat een vergelijkbare regeling bevat voor arbeid in kleine banen.
|
||||
|
||||
### Artikel 122h
|
||||
|
||||
Alle vermogensbestanddelen die door het UWV, genoemd in hoofdstuk 5, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, afzonderlijk worden beheerd en geadministreerd in de vorm van een Arbeidsongeschiktheidskas als bedoeld in artikel 113, zoals dat luidde op de dag voor de inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel G, van de Wet Harmonisatie en vereenvoudiging socialezekerheidswetgeving, gaan over op het Arbeidsongeschiktheidsfonds, bedoeld artikel 112, overeenkomstig door Onze Minister te stellen regels.
|
||||
|
||||
### Artikel 122i
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 122j
|
||||
|
||||
Artikel 64, zoals dat luidde op dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel K, van de Wet harmonisatie en vereenvoudiging socialezekerheidswetgeving, blijft van toepassing op ontheffingen die op grond van dat artikel zijn verleend.
|
||||
|
||||
### Artikel 122k
|
||||
|
||||
**1.** Voor zover ter zake van het belastbare inkomen uit werk en woning artikel 10a.8 van de Wet inkomstenbelasting 2001 wordt toegepast, wordt voor de toepassing van artikel 8, eerste lid, eerste volzin, onder premie-inkomen verstaan het belastbare inkomen uit werk en woning, bepaald volgens de regels van hoofdstuk 3 van de Wet inkomstenbelasting 2001, met inachtneming van artikel 10a.8 van die wet.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Ingeval ter zake van het belastbare loon artikel 39c van de Wet op de loonbelasting 1964 wordt toegepast:
|
||||
|
||||
1°. wordt voor de toepassing van artikel 8, tweede lid, onder premie-inkomen verstaan het belastbare loon in de zin van de wet op de loonbelasting 1964 met uitzondering van de eindheffingsbestanddelen, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdelen e, onder 1°, f en g, van die wet, zoals dat op 31 december 2010 luidde:
|
||||
2°. behoren voor de toepassing van artikel 16, tweede lid, aanhef en onderdeel b, niet tot het loon eindheffingsbestanddelen als bedoel in artikel 31, eerste lid, onderdelen b tot en met h, van de Wet op de loonbelasting 1964, zoals dit op 31 december 2010 luidde.
|
||||
|
||||
**3.** Dit artikel komt te vervallen met ingang van de dag waarop artikel 39c van de Wet op de loonbelasting 1964 komt te vervallen.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 8. Slot- en strafbepalingen
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue