From 648f61f2bb01534ae4f07008e403306fc1d4afe4 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sat, 1 Jun 2002 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2002-06-01 | BWBR0003229 | Ambtenarenreglement Staten-Generaal --- .../BWBR0003229/README.md | 63 ++++++++----------- 1 file changed, 25 insertions(+), 38 deletions(-) diff --git a/amvb/ambtenarenreglement-staten-generaal/BWBR0003229/README.md b/amvb/ambtenarenreglement-staten-generaal/BWBR0003229/README.md index c1a1f6901e0..5c70f107abd 100644 --- a/amvb/ambtenarenreglement-staten-generaal/BWBR0003229/README.md +++ b/amvb/ambtenarenreglement-staten-generaal/BWBR0003229/README.md @@ -20,7 +20,9 @@ In dit besluit wordt verstaan onder: "Ambtenaar", degene, die krachtens het bepa "de Kamer", "het College van Senioren", "de Huishoudelijke Commissie", "het Presidium" en "de Griffier": de desbetreffende Kamer der Staten-Generaal, onderscheidenlijk het College van Senioren en de Huishoudelijke Commissie van de Eerste Kamer, het Presidium van de Tweede Kamer en de griffier van de desbetreffende Kamer; -"de Gemengde Commissie" en "de Directeur": de Commissie, onderscheidenlijk de directeur, bedoeld in het Reglement voor de openbaarmaking van het verslag van het verhandelde in de vergaderingen der Staten-Generaal; "de Gemengde Commissie van toezicht" en "de Griffier voor de interparlementaire betrekkingen der Staten-Generaal": de commissie, onderscheidenlijk de griffier bedoeld in het Reglement voor de Griffie voor de interparlementaire betrekkingen der Staten-Generaal. +"de Gemengde Commissie" en "de Directeur": de Commissie, onderscheidenlijk de directeur, bedoeld in het Reglement voor de openbaarmaking van het verslag van het verhandelde in de vergaderingen der Staten-Generaal; "de Gemengde Commissie van toezicht" en "de Griffier voor de interparlementaire betrekkingen der Staten-Generaal": de commissie, onderscheidenlijk de griffier bedoeld in het Reglement voor de Griffie voor de interparlementaire betrekkingen der Staten-Generaal; + +"arbeidsduurfactor": een breuk, waarvan de teller bestaat uit de voor de ambtenaar vastgestelde arbeidsduur en de noemer bestaat uit het getal 36. **2.** Tenzij anders is bepaald wordt voor de toepassing van dit besluit verstaan onder salaris, onderscheidenlijk bezoldiging, hetgeen daaronder wordt verstaan in het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984. @@ -388,12 +390,21 @@ Vervallen ### Artikel 34 -**1.** Met inachtneming van het bepaalde in dit hoofdstuk en van het bepaalde in of krachtens wetten, houdende regels tot beperking van de arbeidsduur, stelt het tot aanstelling bevoegd gezag voor de ambtenaren werktijdregelingen vast. Onder werktijdregeling wordt verstaan een voor een periode van langer dan een week opgesteld en van tevoren bekendgemaakt schema van aanvang en einde der dagelijkse werktijden. In de werktijdregeling is het aantal te werken uren, als bedoeld in het derde lid, opgenomen. +**1.** Met inachtneming van het bepaalde in dit hoofdstuk en van het bepaalde in of krachtens wetten, houdende regels tot beperking van de werktijd, stelt het bevoegd gezag voor de ambtenaren werktijdregelingen vast. Onder werktijdregeling wordt verstaan een van tevoren bekend gemaakt schema van aanvang en einde van de dagelijkse werktijden gedurende een bepaalde periode. Het in de werktijdregeling opgenomen aantal te werken uren op jaarbasis kan niet hoger zijn dan gemiddeld 40 uur per week. -**2.** De arbeidsduur bedraagt gemiddeld ten hoogste 36 uur per week. De werktijd wordt behoorlijk door rusttijd onderbroken. +**2.** -**3.** a. Voor de ambtenaar met een volledige arbeidsduur bedraagt het aantal te werken uren per jaar: het aantal kalenderdagen per jaar verminderd met het aantal zaterdagen en zondagen en niet op zaterdag of zondag vallende feestdagen, genoemd in het zevende lid, onder *a*, in dat jaar, vermenigvuldigd met 7,2. -b. Voor de ambtenaar met een onvolledige arbeidsduur bedraagt het aantal te werken uren per jaar een evenredig deel van het aantal te werken uren volgens de systematiek van de onder a opgenomen berekeningswijze. +De arbeidsduur bedraagt gemiddeld ten hoogste 36 uur per week. De werktijd wordt behoorlijk door rusttijd onderbroken. De ambtenaar kan bij het bevoegd gezag een aanvraag indienen om de arbeidsduur in hele uren vast te stellen op meer dan gemiddeld 36 uur per week, waarbij een maximum geldt van gemiddeld 40 uur per week. Deze aanvraag wordt toegewezen tenzij het dienstbelang zich daartegen verzet. + +Een aanvraag tot het vaststellen van de arbeidsduur op meer dan gemiddeld 36 uur per week wordt niet toegekend voor: + +a. de ambtenaar wiens gemiddelde wekelijkse werktijd op basis van artikel 34a is teruggebracht; +b. de ambtenaar die op basis van artikel 62a betaald ouderschapsverlof geniet; +c. de ambtenaar die op basis van artikel 63 buitengewoon verlof van lange duur geniet; +d. de ambtenaar aan wie op basis van artikel 124a, derde lid, gedeeltelijk ontslag is verleend; +e. de arbeidsgehandicapte in de zin van artikel 2 van de Wet op de (re)ïntegratie arbeidsgehandicapten, waarbij een verminderde arbeidsprestatie is vastgesteld. + +**3.** Het aantal te werken uren per jaar bedraagt: het aantal kalenderdagen per jaar verminderd met het aantal zaterdagen en zondagen en niet op zaterdag of zondag vallende feestdagen, genoemd in het zevende lid, onder a, in dat jaar, vermenigvuldigd met 7,2 en vervolgens vermenigvuldigd met de voor de ambtenaar geldende arbeidsduurfactor. **4.** Het aantal te werken uren, bedoeld in het derde lid, wordt rekenkundig afgerond. @@ -426,7 +437,7 @@ Van de voor de ambtenaar vastgestelde werktijdregeling kan slechts worden afgewe ### Artikel 34a -**1.** De gemiddelde wekelijkse werktijd van een ambtenaar van 57 jaar en ouder die daartoe een aanvraag heeft ingediend, wordt, met behoud van zijn arbeidsduur, teruggebracht met 15,8%, tenzij het dienstbelang zich daartegen verzet. +**1.** De gemiddelde wekelijkse werktijd van een ambtenaar van 57 jaar en ouder die daartoe een aanvraag heeft ingediend, wordt, met behoud van zijn arbeidsduur, teruggebracht met 15,8%, tenzij het dienstbelang zich daartegen verzet. De ambtenaar voor wie de arbeidsduur op meer dan gemiddeld 36 uur is vastgesteld, kan een aanvraag als bedoeld in de eerste volzin eerst indienen nadat op zijn aanvraag door het bevoegd gezag zijn arbeidsduur is vastgesteld op ten hoogste gemiddeld 36 uur. **2.** De in het eerste lid bedoelde ambtenaar dient op het moment van de vermindering van de werktijd tenminste 5 aaneengesloten jaren in dienst te zijn van het rijk. @@ -457,7 +468,7 @@ De ambtenaar heeft het recht om, op zijn verzoek, in deeltijd te gaan werken, te ### Artikel 34c -**1.** De ambtenaar kan bij het bevoegd gezag een aanvraag indienen om gedurende een kalenderjaar meer uren te werken dan het aantal uren dat op grond van artikel 34, derde en vierde lid, voor hem is vastgesteld. Voor de ambtenaar die een volledige werktijd heeft, bedraagt het aantal uren dat meer gewerkt mag worden maximaal 100 uren per jaar. Voor de ambtenaar met een onvolledige werktijd geldt een in evenredigheid lager aantal uren als maximum. +**1.** De ambtenaar kan bij het bevoegd gezag een aanvraag indienen om gedurende een kalenderjaar maximaal 100 uren meer uren te werken dan het aantal uren dat op grond van artikel 34, derde en vierde lid, voor hem is vastgesteld. Voor de ambtenaar met een onvolledige arbeidsduur geldt een in evenredigheid lager aantal uren als maximum. Het totaal van de arbeidsduur en het ingevolge dit lid toegewezen aantal meer te werken uren, bedraagt niet meer dan gemiddeld 40 uur per week. **2.** Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid wordt door het bevoegd gezag toegewezen indien het dienstbelang zich daartegen niet verzet. @@ -471,6 +482,8 @@ De ambtenaar heeft het recht om, op zijn verzoek, in deeltijd te gaan werken, te **3.** Per minder te werken uur wordt een inhouding op het salaris van de ambtenaar toegepast ten bedrage van het salaris per uur dat hij geniet op de krachtens artikel 34e, tweede lid, vastgestelde datum. +**4.** De ambtenaar voor wie de arbeidsduur op meer dan gemiddeld 36 uur is vastgesteld, kan een aanvraag als bedoeld in het eerste lid eerst indienen nadat op zijn aanvraag door het bevoegd gezag zijn arbeidsduur is vastgesteld op ten hoogste gemiddeld 36 uur. + ### Artikel 34e **1.** De ambtenaar kan minimaal een keer per kalenderjaar een aanvraag indienen als bedoeld in de artikelen 34c en 34d. @@ -528,7 +541,7 @@ Het tot aanstellen bevoegd gezag stelt voor de uitvoering van artikel 34h nadere **1.** De ambtenaar heeft jaarlijks aanspraak op vakantie met behoud van zijn volle bezoldiging. -**2.** De aanspraak op vakantie wordt uitgedrukt in hele uren. Zo nodig vindt afronding naar boven plaats. +**2.** De aanspraak op vakantie wordt uitgedrukt in hele uren. **3.** @@ -550,7 +563,7 @@ De op grond van het vierde lid geldende aanspraak op vakantie wordt verhoogd vol | van 55 tot en met 59 jaar | 21,6 uren | | vanaf 60 jaar | 28,8 uren. | -**6.** Voor de ambtenaar met onvolledige werktijd wordt de ingevolge de leden 4 en 5 geldende aanspraak op vakantie vastgesteld op een evenredig deel van de aanspraak bij een volledige werktijd. +**6.** De ingevolge het vierde en vijfde lid geldende aanspraak op vakantie wordt vermenigvuldigd met de voor de ambtenaar geldende arbeidsduurfactor. Zo nodig vindt afronding naar boven op hele uren plaats. **7.** Bij beëindiging of aanvang van het dienstverband in de loop van een kalenderjaar, wordt de aanspraak op vakantie vastgesteld naar evenredigheid van de dienst, die hij in dat jaar verricht heeft of zal verrichten. @@ -575,12 +588,14 @@ f. het minder werken op basis van artikel 34d van dit besluit. **11.** Met ingang van de dag dat de ambtenaar op grond van artikel 34a gedeeltelijk geen dienst verricht vervalt de in het vijfde lid bedoelde verhoging van de vakantieaanspraak. -**12.** Indien het belang van de dienst zich daartegen niet verzet, kan het tot aanstelling bevoegd gezag op aanvraag van de ambtenaar eenmaal per kalenderjaar zijn op grond van het vierde en vijfde lid geldende aanspraak op vakantie verlagen. Het aantal uren vakantie waarmee de aanspraak kan worden verlaagd bedraagt ten hoogste het aantal uren vakantie waarop de ambtenaar over het desbetreffende kalenderjaar aanspraak heeft, verminderd met 144 uur indien hij een volledige werktijd heeft en verminderd met een in evenredigheid lager aantal uren indien hij een onvolledige werktijd heeft. +**12.** Indien het belang van de dienst zich daartegen niet verzet, kan het tot aanstelling bevoegd gezag op aanvraag van de ambtenaar eenmaal per kalenderjaar zijn op grond van het vierde en vijfde lid geldende aanspraak op vakantie verlagen. Het aantal uren vakantie waarmee de aanspraak kan worden verlaagd bedraagt ten hoogste het aantal uren vakantie waarop de ambtenaar over het desbetreffende kalenderjaar aanspraak heeft, verminderd met: 144 uur vermenigvuldigd met de voor de ambtenaar geldende arbeidsduurfactor. Zo nodig vindt afronding naar boven op hele uren plaats. **13.** Het tot aanstelling bevoegd gezag stelt vast voor welke datum aanvragen als bedoeld in het twaalfde lid kunnen worden ingediend en geeft op of na die datum gelijktijdig beschikkingen op de voor die datum ingediende aanvragen. **14.** De ambtenaar wordt voor elk uur vakantie waarmee zijn aanspraak op vakantie overeenkomstig het twaalfde lid wordt verlaagd, een vergoeding toegekend ten bedrage van het salaris per uur dat hij geniet op de door het tot aanstelling bevoegd gezag krachtens het dertiende lid vastgestelde datum. +**15.** Indien de ambtenaar de vergoeding, genoemd in het veertiende lid, volledig inzet ten behoeve van verlofsparen, bedoeld in artikel 69a, bedraagt, in afwijking van het twaalfde lid, het aantal uren waarmee de aanspraak op vakantie kan worden verlaagd ten hoogste het aantal uren waarop de ambtenaar over het desbetreffende kalenderjaar aanspraak heeft, verminderd met: 108 uur vermenigvuldigd met de voor de ambtenaar geldende arbeidsduurfactor. Zo nodig vindt afronding naar boven op hele uren plaats. + ### Artikel 36 **1.** De ambtenaar is vrij te bepalen wanneer hij vakantie opneemt, voor zoveel de belangen van de dienst zich daartegen niet verzetten. @@ -885,28 +900,6 @@ d. een pleegkind dat blijkens verklaringen uit de gemeentelijke basisadministrat **4.** De vrouwelijke ambtenaar heeft recht op een bevallingsverlof van tien weken vanaf de dag volgend op die van de bevalling. Dit verlof wordt verlengd tot ten hoogste zestien weken, voor zover het zwangerschapsverlof voorafgaand aan de vermoedelijke datum van bevalling, om andere redenen dan wegens ziekte minder dan zes weken heeft bedragen. -### Artikel 62d - -**1.** De gewezen vrouwelijke ambtenaar, wier tijdstip van ingang van haar ontslag is gelegen in de periode, bedoeld in artikel 62c, eerste lid, behoudt haar aanspraak op bezoldiging vermeerderd met haar vakantie-uitkering. De aanspraak eindigt na 16 weken, te rekenen vanaf de eerste dag waarop haar zwangerschapsverlof als bedoeld in artikel 62c, derde lid, een aanvang heeft genomen. - -**2.** - -De gewezen ambtenaar, wier bevalling waarschijnlijk is binnen vier maanden na het tijdstip van ingang van haar ontslag, ontvangt haar laatstelijk genoten bezoldiging vermeerderd met haar vakantie-uitkering gedurende de periode die: - -a. aanvangt op de 41e dag voorafgaande aan de vermoedelijke datum van bevalling; en -b. eindigt op de 70e dag na de datum waarop de bevalling heeft plaatsgevonden. - -**3.** De periode, bedoeld in het tweede lid, wordt verlengd tot 16 weken, indien die periode door een voortijdige bevalling minder dan 16 weken heeft bedragen. - -**4.** - -De gewezen ambtenaar wier bevalling niet wordt verwacht binnen vier maanden na het tijdstip van ingang van haar ontslag, maar die niettemin binnen die termijn bevalt, ontvangt haar laatstelijk genoten bezoldiging vermeerderd met haar vakantie-uitkering gedurende de periode die: - -a. aanvangt op de datum van bevalling; en -b. eindigt op de 70e dag na de datum waarop de bevalling heeft plaatsgevonden. - -**5.** De artikelen 62c, vijfde en zesde lid, 75, tweede lid, en 83a, zijn van overeenkomstige toepassing. - ### Artikel 63 **1.** Buitengewoon verlof van lange duur kan aan de ambtenaar op zijn aanvraag worden verleend, al dan niet met behoud van bezoldiging en al dan niet onder bepaalde voorwaarden. @@ -1163,12 +1156,6 @@ c) indien de ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte zic Vervallen -### Artikel 75b - -**1.** Het bevoegd gezag is verplicht zo tijdig mogelijk zodanige maatregelen te treffen en voorschriften te geven als redelijkerwijs nodig is, opdat de ambtenaar, die in verband met ongeschiktheid ten gevolge van ziekte verhinderd is zijn arbeid te verrichten, in staat wordt gesteld de eigen of andere passende arbeid te verrichten. Indien vaststaat dat de eigen arbeid niet meer kan worden verricht en binnen het gezagsbereik van het tot aanstelling bevoegd gezag geen andere passende arbeid voorhanden is, bevordert het bevoegd gezag de inschakeling van de ambtenaar in voor hem passende arbeid buiten het gezagsbereik van het tot aanstelling bevoegd gezag. - -**2.** Uit hoofde van zijn verplichting, bedoeld in het eerste lid, stelt het bevoegd gezag in overeenstemming met de ambtenaar een plan van aanpak op als bedoeld in artikel 71a, tweede lid, van de WAO. Het plan van aanpak wordt met medewerking van de ambtenaar regelmatig geëvalueerd en zo nodig bijgesteld. - #### Paragraaf . Begin en einde van de tijdvakken van 52 en 26 weken ### Artikel 76