2018-03-01 | BWBR0031477 | Besluit geluid milieubeheer

This commit is contained in:
Coornhert 2018-03-01 12:00:00 +00:00
parent 33f3c5ff8b
commit 6514481d3d

View file

@ -37,16 +37,18 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- *situatie zonder maatregelen:* situatie waarin
a. een weg of spoorweg voldoet aan de akoestische kwaliteit, bedoeld in artikel 7 van dit besluit, tenzij overwegende bezwaren van technische aard zich hiertegen verzetten, en
b. geen andere geluidbeperkende maatregelen aanwezig zijn dan bedoeld in onderdeel a;
b. geen geluidbeperkende maatregelen aanwezig zijn;
- *wet:*
Wet milieubeheer;
- *woning:* gebouw of gedeelte van een gebouw dat voor bewoning is bestemd.
**2.** Indien de financiële doelmatigheid van een geluidbeperkende maatregel wordt bepaald in het kader van afdeling 11.3.6 van de wet, bestaat een cluster, in afwijking van het eerste lid, uit een saneringsobject of een verzameling bijeengelegen saneringsobjecten die een relevante verlaging van de geluidsbelasting vanwege een weg of spoorweg zou kunnen ondervinden van een aaneengesloten geluidbeperkende maatregel.
**3.** In afwijking van het eerste lid wordt bij de toepassing van dit besluit en de daarop berustende bepalingen onder gevel niet verstaan de gevel, die bij de procedures ten behoeve van de bouw van het betreffende geluidsgevoelige object op grond van artikel 1b, vijfde lid, van de Wet geluidhinder, niet als gevel in de zin van die wet is behandeld.
**3.** Indien de financiële doelmatigheid van een geluidbeperkende maatregel wordt bepaald in het kader van artikel 11.47 van de wet, bestaat een cluster, in afwijking van het eerste lid, uit een of meer bijeengelegen geluidsgevoelige objecten als bedoeld in artikel 11.47, tweede lid, van de wet die een relevante verlaging van de geluidsbelasting vanwege een weg of spoorweg zouden kunnen ondervinden van een aaneengesloten geluidbeperkende maatregel.
**4.**
**4.** In afwijking van het eerste lid wordt bij de toepassing van dit besluit en de daarop berustende bepalingen onder gevel niet verstaan de gevel, die bij de procedures ten behoeve van de bouw van het betreffende geluidsgevoelige object op grond van artikel 1b, vierde lid, van de Wet geluidhinder, niet als gevel in de zin van die wet is behandeld.
**5.**
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder een woning niet verstaan:
@ -386,7 +388,7 @@ e. voor zover van toepassing, de mate en de duur van de overschrijding van het g
f. de locaties waarvoor een overschrijdingsbesluit als bedoeld in artikel 11.49 van de wet geldt;
g. een analyse van de voor de geluidproductie relevante ontwikkelingen die zich in het kalenderjaar waar het verslag op ziet, hebben voorgedaan ten aanzien van de wegen en spoorwegen en de effecten hiervan op de geluidproductie.
**2.** Indien de berekende geluidproductie op een referentiepunt, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, 0,5 dB of minder onder het geldende geluidproductieplafond ligt en het een geluidproductieplafond als bedoeld in artikel 11.45, eerste lid, van de wet betreft, is in het verslag voorts een prognose opgenomen van het jaar waarin, gelet op de meest recente verkeersprognose, het geluidproductieplafond volledig zal zijn benut.
**2.** Indien de berekende geluidproductie op een referentiepunt, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, 0,5 dB of minder onder het geldende geluidproductieplafond ligt, is in het verslag voorts een prognose opgenomen van het jaar waarin, gelet op de meest recente verkeersprognose, het geluidproductieplafond volledig zal zijn benut.
**3.** Indien uit de prognose, bedoeld in het tweede lid, blijkt dat het geluidproductieplafond volledig benut zal zijn voor de laatste dag van het vijfde kalenderjaar na het jaar van toezending van het verslag, is in het verslag dat de prognose bevat of in het daaropvolgende verslag opgenomen op welke wijze de beheerder voornemens is te voorkomen dat het geluidproductieplafond zal worden overschreden.
@ -426,20 +428,14 @@ c. een geluidreductie realiseert die vrijwel gelijk is aan de nieuw te treffen m
**5.** Bij ministeriële regeling kunnen geluidbeperkende maatregelen worden aangewezen waarvoor de financiële doelmatigheid in afwijking van het eerste tot en met derde lid wordt bepaald door de werkelijke kosten van aanleg en onderhoud van een maatregel af te wegen tegen de geluidreductie die de maatregel kan realiseren en tegen het aantal geluidsgevoelige objecten in het cluster waar de maatregel voor is bedoeld.
**6.** In afwijking van het eerste lid is bij de toepassing van artikel 11.42 van de wet een geluidbeperkende maatregel of een deel daarvan niet financieel doelmatig indien de maatregel of het deel daarvan uitsluitend wordt afgewogen in het kader van artikel 11.42, tweede lid, van de wet en het aantal maatregelpunten, behorende bij de maatregel of het deel daarvan, hoger is dan het aantal reductiepunten, behorende bij de saneringsobjecten waarvoor de maatregel of het deel daarvan wordt afgewogen.
### Artikel 32
**1.** Het aantal reductiepunten behorende bij een cluster wordt bepaald door het optellen van de reductiepunten per woning, die overeenkomstig het tweede en derde lid worden gegenereerd door alle geluidsgevoelige objecten in het cluster.
**1.** Het aantal reductiepunten behorende bij een cluster wordt bepaald door het optellen van de reductiepunten per woning, die overeenkomstig het tweede lid worden gegenereerd door alle geluidsgevoelige objecten in het cluster.
**2.** Het aantal reductiepunten per woning op basis van de hoogste toekomstige geluidsbelasting op de woning vanwege een weg of spoorweg in de situatie zonder maatregelen is opgenomen in tabel 1 van bijlage 1.
**3.**
Ten behoeve van de toepassing van het eerste lid en tabel 1 van bijlage 1 worden andere geluidsgevoelige objecten dan woningen omgerekend naar woningen, waarbij wordt gelijkgesteld aan een woning:
a. elke vijftien strekkende meter geluidsbelaste gevel van een geluidsgevoelig object per bouwlaag;
b. een standplaats als bedoeld in artikel 1, onderdeel j, van de Wet op de huurtoeslag van de Huisvestingswet;
c. een ligplaats in het water, bestemd om door een woonschip te worden ingenomen.
### Artikel 33
**1.**
@ -455,10 +451,18 @@ die leiden tot de meeste geluidreductie.
### Artikel 34
**1.** De geluidreductie is het verschil tussen de toekomstige geluidsbelasting die door geluidsgevoelige objecten zou worden ondervonden vanwege een weg of spoorweg in de situatie zonder maatregelen, en de toekomstige geluidsbelasting vanwege een weg of spoorweg in de situatie dat er geluidbeperkende maatregelen getroffen zijn.
**1.** De geluidreductie is het verschil tussen de toekomstige geluidsbelasting die door woningen zou worden ondervonden vanwege een weg of spoorweg in de situatie zonder maatregelen, en de toekomstige geluidsbelasting vanwege een weg of spoorweg in de situatie dat er geluidbeperkende maatregelen getroffen zijn.
**2.** Ingeval de berekende toekomstige geluidsbelasting, in de situatie dat er geluidbeperkende maatregelen zijn getroffen, lager is dan de waarde in tabel 2 van bijlage 1, wordt bij toepassing van het eerste lid de waarde uit tabel 2 van bijlage 1 die op de betreffende situatie van toepassing is, gehanteerd als toekomstige geluidsbelasting vanwege de weg of spoorweg.
### Artikel 34a
Ten behoeve van de toepassing van artikel 32, artikel 34, eerste lid, en tabel 1 van bijlage 1 wordt gelijkgesteld aan een woning:
a. elke vijftien strekkende meter geluidsbelaste gevel van een geluidsgevoelig object, niet zijnde een woning, per bouwlaag;
b. een standplaats als bedoeld in artikel 1, onderdeel j, van de Wet op de huurtoeslag;
c. een ligplaats in het water, bestemd om door een woonschip te worden ingenomen.
## Hoofdstuk 7. Verzoek om vaststelling en wijziging van geluidproductieplafonds
### Artikel 35
@ -493,17 +497,31 @@ b. de resultaten van het akoestisch onderzoek, bedoeld in artikel 11.56, derde l
c. het tijdstip waarop naar verwachting met de uitvoering van de maatregelen ten behoeve van de sanering kan worden begonnen;
d. de verwachte duur van de uitvoering van de maatregelen ten behoeve van de sanering.
### Artikel 36a
Bij de wijziging van een geluidproductieplafond wordt het tweede tot en met het vijfde lid van artikel 11.42 van de wet buiten toepassing gelaten indien:
a. als gevolg van de wijziging van het geluidproductieplafond geen saneringsobjecten ontstaan;
b. als gevolg van de wijziging van het geluidproductieplafond de geluidsbelasting op de saneringsobjecten bij volledige benutting van het geluidproductieplafond niet toeneemt, en
c. een gecombineerde realisatie van in aanmerking komende geluidbeperkende maatregelen, gericht op het voldoen aan de waarde, bedoeld in artikel 11.30, tweede lid, respectievelijk artikel 11.42, tweede lid, van de wet, geen aanmerkelijke voordelen biedt.
## Hoofdstuk 8. De binnenwaarde
### Artikel 37
Ten aanzien van de geluidsgevoelige objecten als bedoeld in artikel 2, aanhef en onderdeel a tot en met g, die voor het aanbrengen van geluidwerende maatregelen aan de gevel in aanmerking worden genomen, is hoofdstuk 6 van het Besluit geluidhinder van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
Ten aanzien van de geluidsgevoelige objecten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel a tot en met g, die voor het aanbrengen van geluidwerende maatregelen aan de gevel in aanmerking worden genomen, is hoofdstuk 6 van het Besluit geluidhinder van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
a. de minister uitvoering geeft aan de artikelen 6.4, tweede en derde lid, 6.6, 6.8, vierde lid, en 6.9, tweede en derde lid;
a. de minister uitvoering geeft aan de artikelen 6.4, tweede en derde lid, 6.6, 6.8, vierde lid, en 6.9, tweede, derde en vierde lid;
b. in de artikelen 6.2, 6.5, 6.8 en 6.10 in plaats van «het bevoegd gezag» telkens wordt gelezen «de beheerder»;
c. in plaats van «andere geluidsgevoelige gebouwen» telkens wordt gelezen «geluidsgevoelige objecten als bedoeld in artikel 2, aanhef en onderdeel b tot en met g, van het Besluit geluid milieubeheer», en
d. in plaats van «andere geluidsgevoelige gebouw» telkens wordt gelezen «geluidsgevoelige object, bedoeld in artikel 2, aanhef en onderdeel b tot en met g, van het Besluit geluid milieubeheer».
### Artikel 37a
**1.** Geluidsgevoelige objecten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdelen a tot en met g, komen niet voor het aanbrengen van geluidwerende maatregelen in aanmerking indien de verwachting bestaat dat zij binnen vijf jaar na het onherroepelijk worden van een besluit tot vaststelling of wijziging van een geluidproductieplafond waarin toepassing is gegeven aan artikel 11.30, vierde of vijfde lid, van de wet of een besluit tot vaststelling van een saneringsplan als bedoeld in artikel 11.60 van de wet, zullen worden onteigend of dat de bewoning of het gebruik als geluidsgevoelig object om andere redenen binnen die termijn zal worden gestaakt.
**2.** Indien een geluidsgevoelig object op grond van het eerste lid niet in aanmerking komt voor het aanbrengen van geluidwerende maatregelen, wordt de eigenaar van het object hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.
## Hoofdstuk 9. Bijzondere bepaling inzake invoering geluidproductieplafonds
### Artikel 38