2022-01-01 | BWBR0018906 | Wet toelating zorginstellingen
This commit is contained in:
parent
4e36adcfb4
commit
6540a9ec07
1 changed files with 19 additions and 54 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Wet toelating zorginstellingen
|
|||
bwb_id: BWBR0018906
|
||||
type: wet
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2006-01-01'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2022-01-01'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0018906
|
||||
citeertitel: Wet toelating zorginstellingen
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -23,13 +23,10 @@ b. vervallen;
|
|||
c. College sanering: het College sanering zorginstellingen, genoemd in artikel 19;
|
||||
d. Zorginstituut: het Zorginstituut Nederland, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet;
|
||||
e. Fonds langdurige zorg: het Fonds langdurige zorg, genoemd in artikel 89 van de Wet financiering sociale verzekeringen;
|
||||
f. instelling: een organisatorisch verband dat een toelating heeft als bedoeld in artikel 5, eerste lid;
|
||||
g. exploitatie van een instelling: het in bedrijf hebben van een instelling.
|
||||
f. instelling: een organisatorisch verband dat zorg of een andere dienst verleent waarop aanspraak bestaat ingevolge artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg of ingevolge een zorgverzekering als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Zorgverzekeringswet.
|
||||
|
||||
**2.** Bij algemene maatregel van bestuur kan met betrekking tot daarbij aan te wijzen categorieën van instellingen worden bepaald dat delen van deze wet op die instellingen of een deel daarvan niet van toepassing zijn.
|
||||
|
||||
**3.** Bij algemene maatregel van bestuur kan met betrekking tot daarbij aan te wijzen categorieën van instellingen worden bepaald dat zij, al dan niet onder voorwaarden of beperkingen, voor de toepassing van artikel 5, eerste lid, worden aangemerkt als in het bezit van een toelating.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
**1.** Met het oog op de totstandkoming van een beleidsregel van de Nederlandse Zorgautoriteit op grond van artikel 57 van de Wet marktordening gezondheidszorg, kan bij ministeriële regeling met betrekking tot de instelling of instellingen waarvoor die beleidsregel geldt, worden bepaald dat delen van deze wet op die instellingen of een deel daarvan niet van toepassing zijn voor de duur van het in die beleidsregel bedoelde experiment.
|
||||
|
|
@ -40,32 +37,23 @@ g. exploitatie van een instelling: het in bedrijf hebben van een instelling.
|
|||
|
||||
**4.** Onze Minister evalueert de toepassing van dit artikel tijdig en tijdens de uitvoering van het experiment.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk II. Visie en beleidsregels
|
||||
## Hoofdstuk II. Winstoogmerk
|
||||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
**1.** Onze Minister maakt, gelet op de ontwikkelingen in de gezondheidszorg, ten minste eenmaal in de vier jaar zijn visie op een kwalitatief goed, doelmatig, evenwichtig en voor eenieder toegankelijk stelsel van gezondheidszorg bekend. In deze visie is tevens opgenomen hoe de bereikbaarheid van de acute zorg, daaronder begrepen de daaraan verbonden basiszorg, en van andere vormen van zorg ten aanzien waarvan aan de bereikbaarheid een bijzonder belang wordt gehecht, is gewaarborgd.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister zendt een afschrift van zijn visie aan beide kamers der Staten-Generaal.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
Onze Minister stelt, gezien zijn visie, bedoeld in artikel 3, beleidsregels vast omtrent de beoordeling van aanvragen om toelating als bedoeld in artikel 5, eerste lid. Deze beleidsregels bevatten in ieder geval criteria omtrent de spreiding van de in artikel 3 bedoelde vormen van zorg ten aanzien waarvan aan de bereikbaarheid een bijzonder belang wordt gehecht.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk III. Toelating en bouwprocedure
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
**1.** Een organisatorisch verband dat behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie van instellingen die zorg verlenen waarop aanspraak bestaat ingevolge artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg of ingevolge een zorgverzekering als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Zorgverzekeringswet, moet voor het verlenen van die zorg een toelating hebben van Onze Minister.
|
||||
|
||||
**2.** Een toelating kan aan instellingen met een winstoogmerk slechts worden verleend indien die instelling behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie.
|
||||
Een instelling heeft geen winstoogmerk, behoudens de bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën van instellingen.
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
Bij algemene maatregel van bestuur wordt vastgesteld:
|
||||
|
||||
a. de wijze waarop een aanvraag om een toelating bij Onze Minister wordt ingediend;
|
||||
b. welke gegevens bij de aanvraag worden overgelegd.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
|
|
@ -77,14 +65,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 9
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Onze Minister verleent een toelating, indien:
|
||||
|
||||
a. de exploitatie past in de beleidsregels, bedoeld in artikel 4;
|
||||
b. het organisatorisch verband voldoet aan bij algemene maatregel van bestuur te stellen eisen omtrent de bestuursstructuur, alsmede omtrent waarborgen voor een ordelijke en controleerbare bedrijfsvoering.
|
||||
|
||||
**2.** Van de verleende toelatingen doet Onze Minister mededeling in de Staatscourant en aan de beheerder van het register van zorgaanbieders, bedoeld in artikel 14 van de Wet aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens in de zorg alsmede, indien de toelating een instelling met artsen, psychotherapeuten of orthopedagogen-generalist betreft, de beheerder van de autorisatielijst van jeugdhulpaanbieders, bedoeld in artikel 7.2.7 van de Jeugdwet.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
|
|
@ -102,43 +83,25 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
**1.** Een instelling voldoet, voorzover van toepassing, aan de eisen, bedoeld in artikel 5, tweede lid, en artikel 9, eerste lid, onder b. Onze Minister kan aan een toelating andere voorschriften verbinden. De voorschriften kunnen worden gewijzigd of ingetrokken en nieuwe voorschriften kunnen worden gesteld.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister kan de toelating intrekken indien niet wordt voldaan aan de voorschriften, gesteld bij of krachtens het eerste lid.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Onze Minister kan op grond van de beleidsregels, bedoeld in artikel 4:
|
||||
|
||||
a. een toelating onder beperkingen verlenen;
|
||||
b. aan een verleende toelating alsnog beperkingen stellen;
|
||||
c. beperkingen wijzigen of intrekken;
|
||||
d. een toelating intrekken.
|
||||
|
||||
**2.** Alvorens over te gaan tot een maatregel als bedoeld in het eerste lid, onder b of d, stelt Onze Minister de zorgverzekeraars in de zin van artikel 1, onderdeel b, van de Zorgverzekeringswet, waarmee de instelling een overeenkomst heeft gesloten, het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de instelling zich bevindt, en het bestuur en medewerkers van de betrokken instelling de gelegenheid om binnen een door Onze Minister te bepalen termijn hun opmerkingen omtrent dit voornemen aan hem kenbaar te maken.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister doet van een beslissing tot beperking of intrekking van een toelating op grond van het eerste lid, onder b of d, mededeling in de Staatscourant en zendt een afschrift van deze beschikking aan het College sanering en aan de beheerder van het register van zorgaanbieders, bedoeld in artikel 14 van de Wet aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens in de zorg alsmede, indien het een beslissing tot beperking of intrekking van een toelating van een instelling met artsen, psychotherapeuten of orthopedagogen-generalist betreft, de beheerder van de autorisatielijst van jeugdhulpaanbieders, bedoeld in artikel 7.2.7 van de Jeugdwet.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 15
|
||||
|
||||
Het bestuur van een instelling stelt overeenkomstig door Onze Minister, voor zoveel nodig in overeenstemming met Onze Ministers die het mede aangaat, te stellen regelen de begroting, de balans en de resultatenrekening alsmede de daarbij behorende toelichting met betrekking tot de instelling vast en legt volledige afschriften daarvan ter inzage voor een ieder ter plaatse, door Onze Minister te bepalen.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 16
|
||||
|
||||
Het bestuur van een instelling, behorende tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie, verstrekt aan Onze Minister of aan een bij die maatregel aangewezen bestuursorgaan de bij of krachtens die maatregel omschreven gegevens betreffende de exploitatie van de instelling.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk V. Sanering
|
||||
|
||||
### Artikel 17
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het bestuur van een instelling wendt zich tot het College sanering binnen zes weken na bekendmaking van een beslissing tot:
|
||||
|
||||
a. beperking of intrekking van een toelating op grond van artikel 14, eerste lid, onder b of d;
|
||||
b. beëindiging van de uitvoering van bijzondere medische verrichtingen of beëindiging van het gebruik van apparatuur op grond van artikel 6, vijfde lid, van de Wet op bijzondere medische verrichtingen.
|
||||
**1.** Het bestuur van een instelling wendt zich tot het College sanering binnen zes weken na bekendmaking van een beslissing tot beëindiging van de uitvoering van bijzondere medische verrichtingen of beëindiging van het gebruik van apparatuur op grond van artikel 6, vijfde lid, van de Wet op bijzondere medische verrichtingen.
|
||||
|
||||
**2.** Het College sanering stelt de financiële gevolgen van sanering vast ter zake van een beslissing als bedoeld in het eerste lid, alsmede ter uitvoering van een beslissing als bedoeld in artikel 18.
|
||||
|
||||
|
|
@ -326,7 +289,7 @@ Het College sanering verstrekt desgevraagd aan Onze Minister de voor de uitoefen
|
|||
|
||||
### Artikel 35
|
||||
|
||||
Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast de ambtenaren van de Inspectie gezondheidszorg en jeugd alsmede de bij besluit van Onze Minister aangewezen personen.
|
||||
Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet, behoudens artikel 5, zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen personen.
|
||||
|
||||
### Artikel 36
|
||||
|
||||
|
|
@ -336,7 +299,7 @@ De in artikel 35 bedoelde personen beschikken niet over de bevoegdheden, genoemd
|
|||
|
||||
### Artikel 37
|
||||
|
||||
Onze Minister is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van artikel 5, eerste lid, van de bij of krachtens artikel 13 aan een toelating verbonden voorschriften, alsmede van de artikelen 15 en 16. Het College sanering is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, eerste en achtste lid, en 18, eerste en tweede lid.
|
||||
Het College sanering is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, eerste en achtste lid, en 18, eerste en tweede lid.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk IX. Rechtsbescherming
|
||||
|
||||
|
|
@ -348,7 +311,9 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 39
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
**1.** De artikelen 15, 16 en 37, zoals die artikelen luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel E, van de Aanpassingswet Wet toetreding zorgaanbieders, blijven ten aanzien van een instelling van toepassing voor zover die instelling in de periode, voorafgaand aan dat tijdstip aan de in de artikelen 15 en 16 opgenomen verplichtingen diende te voldoen.
|
||||
|
||||
**2.** Ten aanzien van bezwaar en beroep tegen een besluit dat ter handhaving van artikel 13 is genomen voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel E, van de Aanpassingswet Wet toetreding zorgaanbieders, is het recht zoals dat gold onmiddellijk voorafgaand aan dat tijdstip van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 40
|
||||
|
||||
|
|
@ -444,7 +409,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 63
|
||||
|
||||
De vaststelling van de algemene maatregelen van bestuur, bedoeld in artikel 1, tweede en derde lid, en de visie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, en het geven van beschikkingen door Onze Minister als bedoeld in de artikelen 13 en 14, een en ander voor zover zij betrekking hebben op academische ziekenhuizen als bedoeld in artikel 1.13 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, vinden plaats in overeenstemming met Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 64
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue