From 66b4405f4045bc7f134596236935d91ecc8790c1 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sun, 8 Feb 2009 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2009-02-08 | BWBR0023465 | Verordening varkensleveringen (PVV) 2007 --- .../BWBR0023465/README.md | 30 +++++++++---------- 1 file changed, 15 insertions(+), 15 deletions(-) diff --git a/pbo/verordening-varkensleveringen-pvv-2007/BWBR0023465/README.md b/pbo/verordening-varkensleveringen-pvv-2007/BWBR0023465/README.md index 81b0c12cdbf..1619a2d88f7 100644 --- a/pbo/verordening-varkensleveringen-pvv-2007/BWBR0023465/README.md +++ b/pbo/verordening-varkensleveringen-pvv-2007/BWBR0023465/README.md @@ -25,7 +25,7 @@ In deze verordening wordt verstaan onder: De voorzitter wijst op aanvraag van de ondernemer diens varkenshouderijbedrijf aan als een A-bedrijf, indien de ondernemer bij de aanvraag een conform bijlage III opgemaakt bedrijfsrapport van een geaccrediteerde keuringsinstantie waaruit blijkt dat het varkenshouderijbedrijf voldoet aan de in de onderdelen a. tot en met i. gestelde voorwaarden, alsmede een verklaring als bedoeld in het derde lid kan overleggen. a. Op het varkenshouderijbedrijf worden vrouwelijke varkens gehouden voor het bedrijfsmatig produceren van biggen; -b. Varkens die op het varkenshouderijbedrijf worden aangevoerd, worden gehuisvest in een van de rest van het varkenshouderijbedrijf afgescheiden toevoegstal, waarvan inrichting en gebruik voldoen aan de in bijlage l bij deze verordening opgenomen voorschriften, totdat uit een door een dierenarts na vier weken na aanvoer overeenkomstig bijlage II uitgevoerd serologisch onderzoek blijkt dat in de toevoegstal geen varkens zijn aangetroffen waarvan het bloed antilichamen tegen klassieke varkenspest of gE-antilichamen tegen de Ziekte van Aujeszky bevat; +b. Varkens die op het varkenshouderijbedrijf worden aangevoerd, worden gehuisvest in een van de rest van het varkenshouderijbedrijf afgescheiden toevoegstal, waarvan inrichting en gebruik voldoen aan de in bijlage l bij deze verordening opgenomen voorschriften, totdat uit een door een dierenarts na vier weken na aanvoer overeenkomstig bijlage II uitgevoerd serologisch onderzoek blijkt dat in de toevoegstal geen varkens zijn aangetroffen waarvan het bloed antilichamen tegen klassieke varkenspest of gB-antilichamen tegen de Ziekte van Aujeszky bevat; c. Bij het ontbreken van een toevoegstal als bedoeld in onderdeel b., tot zes weken na de laatste aanvoer van varkens worden geen varkens afgevoerd anders dan, hetzij rechtstreeks, hetzij via een verzamelcentrum, naar het slachthuis; d. Op het varkenshouderijbedrijf is een voorziening voor reiniging en ontsmetting van vervoermiddelen voor varkens aanwezig; e. De ondernemer van het varkenshouderijbedrijf verleent alle medewerking aan de reiniging en ontsmetting van het vervoermiddel waarmee de varkens zijn vervoerd; @@ -34,7 +34,7 @@ g. Op het varkenshouderijbedrijf is een douche aanwezig, die is gelegen in de on h. Het varkenshouderijbedrijf is voorzien van een erfafscheiding waardoor het betreden van het varkenshouderijbedrijf zonder de medewerking van de ondernemer niet mogelijk is; i. De ondernemer legt de gegevens met betrekking tot groepsmedicatie in het logboek, bedoeld in artikel 40, tweede lid, van de Diergeneesmiddelenwet vast. -**2.** De ondernemer overlegt tenminste eenmaal per jaar een conform bijlage III opgemaakt bedrijfsrapport van een geaccrediteerde keuringsinstantie aan de voorzitter. +**2.** De ondernemer laat één maal per jaar een bedrijfsrapport conform bijlage III opmaken door een geaccrediteerde keuringsinstantie, en overlegt deze ter verificatie van de aanwijzing, jaarlijks voor 1 juni, aan de voorzitter. **3.** De ondernemer overlegt eenmaal per maand een verklaring van een dierenarts waarin deze verklaart dat het in bijlage II bepaalde aantal op het varkenshouderijbedrijf aanwezige varkens serologisch is onderzocht en dat geen varkens zijn aangetroffen waarvan het bloed antilichamen tegen klassieke varkenspest of gE-antilichamen tegen de Ziekte van Aujeszky bevat, dan wel, in geval van leegstand, een verklaring van een geaccrediteerde keuringsinstantie dat de stallen van het varkenshouderijbedrijf ten tijde van de aanvraag leegstaan. @@ -51,7 +51,7 @@ De voorzitter wijst op aanvraag van de ondernemer diens varkenshouderijbedrijf a a. de ondernemer bij aanvraag en volgens het model in bijlage III opgesteld bedrijfsrapport overlegt van een geaccrediteerde keuringsinstantie waaruit blijkt dat het varkenshouderijbedrijf voldoet aan artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdelen d. tot en met i.; b. de ondernemer een verklaring als bedoeld in artikel 2, derde lid overlegt. -**2.** De ondernemer overlegt tenminste eenmaal per jaar een conform bijlage III opgemaakt bedrijfsrapport van een geaccrediteerde keuringsinstantie aan de voorzitter. +**2.** De ondernemer laat één maal per jaar een bedrijfsrapport conform bijlage III opmaken door een geaccrediteerde keuringsinstantie, en overlegt deze ter verificatie van de aanwijzing, jaarlijks voor 1 juni, aan de voorzitter. **3.** De ondernemer overlegt eenmaal per maand een verklaring als bedoeld in artikel 2, derde lid, aan de voorzitter. @@ -65,7 +65,7 @@ a. op het varkenshouderijbedrijf speenbiggen worden gehouden, uitsluitend afkoms b. de ondernemer bij de aanvraag een volgens het model in bijlage III opgesteld bedrijfsrapport overlegt van een geaccrediteerde keuringsinstantie waaruit blijkt dat het varkenshouderij voldoet aan artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdelen d. tot en met i.; c. de ondernemer een verklaring als bedoeld in artikel 2, derde lid overlegt. -**2.** De ondernemer overlegt tenminste eenmaal per jaar een conform bijlage III opgemaakt bedrijfsrapport van een geaccrediteerde keuringsinstantie aan de voorzitter. +**2.** De ondernemer laat één maal per jaar een bedrijfsrapport conform bijlage III opmaken door een geaccrediteerde keuringsinstantie, en overlegt deze ter verificatie van de aanwijzing, jaarlijks voor 1 juni, aan de voorzitter. **3.** De ondernemer overlegt eenmaal per maand een verklaring als bedoeld in artikel 2, derde lid, aan de voorzitter. @@ -77,7 +77,7 @@ De voorzitter wijst op aanvraag van de ondernemer diens varkenshouderijbedrijf a **1.** -De voorzitter kan de aanwijzing als A-bedrijf, B-bedrijf, C-bedrijf, E-bedrijf of F-bedrijf met onmiddellijke ingang schorsen voor een bepaalde termijn, indien: +De voorzitter kan de aanwijzing als A-bedrijf, de aanwijzing van een B-bedrijf, de aanwijzing van een C-bedrijf, de aanwijzing van een E-bedrijf of de aanwijzing van een F-bedrijf met onmiddellijke ingang schorsen voor een termijn van ten hoogste 12 weken, indien: a. het varkenshouderijbedrijf niet voldoet aan de eisen, bedoeld in de artikelen 2, 3, 4, 5 onderscheidenlijk 6, en veterinaire belangen de schorsing rechtvaardigen, dan wel; b. blijkt dat in een periode van twaalf maanden de ondernemer meer dan eenmaal varkens van het varkenshouderijbedrijf afvoert of doet afvoeren, dan wel op het varkenshouderijbedrijf ontvangt of aanvoert, zonder dat wordt voldaan aan de artikelen 12, 13, 14, 16 onderscheidenlijk 17. @@ -96,7 +96,9 @@ c. blijkt dat in een periode van twaalf maanden na de dagtekening van het beslui ### Artikel 8 -Aanvragen, verklaringen en bedrijfsrapporten als bedoeld in de artikelen 2, 3, 4, 5 en 6 worden ingediend bij het productschap. +**1.** Aanvragen, verklaringen en bedrijfsrapporten als bedoeld in de artikelen 2, 3, 4, 5 en 6 worden ingediend bij het productschap. + +**2.** Voor de aanwijzing als bedoeld in artikel 2, eerste lid, aanhef, de aanwijzing als bedoeld in artikel 4, eerste lid, aanhef, de aanwijzing als bedoeld in artikel 5, eerste lid, aanhef, alsmede voor de jaarlijkse verificatie van de aanwijzing, is de ondernemer een retributie verschuldigd. ### Paragraaf 3. Varkensleveringen @@ -116,7 +118,7 @@ e. een of meer varkens van een varkenshouderijbedrijf naar een varkenshouderijbe ### Artikel 11 -Indien na aanvang van het transport van varkens naar een lidstaat of een derde land, ingevolge artikel 59, tweede lid, onderdeel e., van de wet in samenhang met artikel 6, eerste lid, van het Besluit dierenvervoer 1994 geen certificaat wordt afgegeven, is het de ondernemer in afwijking van artikel 9 toegestaan, deze varkens op de dag dat dit certificaat geweigerd wordt weer op zijn bedrijf te ontvangen of aan te voeren en, na gedeeltelijke lossing, de niet geloste varkens vervolgens wederom van zijn bedrijf te vervoeren, af te voeren of te doen afvoeren. +Indien na aanvang van het transport van varkens naar een lidstaat of een derde land, ingevolge artikel 59, tweede lid, onderdeel e., van de wet in samenhang met artikel 5, eerste lid van de Regeling dierenvervoer 2007 geen certificaat wordt afgegeven, is het de ondernemer in afwijking van artikel 9 toegestaan, deze varkens op de dag dat dit certificaat geweigerd wordt weer op zijn bedrijf te ontvangen of aan te voeren en, na gedeeltelijke lossing, de niet geloste varkens vervolgens wederom van zijn bedrijf te vervoeren, af te voeren of te doen afvoeren. ### Artikel 12 @@ -128,7 +130,7 @@ a. vrouwelijke varkens worden aangevoerd afkomstig van ten hoogste één A-bedri b. mannelijke varkens worden aangevoerd afkomstig van ten hoogste één A-bedrijf, C-bedrijf, E-bedrijf, of varkenshouderijbedrijf buiten Nederland, spermawincentrum of quarantaineruimte; c. het biggen betreft afkomstig van het E-bedrijf waar het A-bedrijf aan heeft geleverd; d. in een periode van ten minste vijf weken voorafgaand aan de week van aanvoer geen varkens op het A-bedrijf zijn aangevoerd; -e. de aangevoerde varkens na aanvoer worden gehouden in een toevoegstal als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, totdat uit het in artikel 2, onderdeel b, bedoelde serologisch onderzoek blijkt dat geen varkens zijn aangetroffen waarvan het bloed antilichamen tegen klassieke varkenspest en gE-antilichamen tegen de ziekte van Aujeszky bevat, dan wel binnen vijf weken na aanvoer geen varkens worden afgevoerd anders dan rechtstreeks naar een slachthuis. +e. de aangevoerde varkens na aanvoer worden gehouden in een toevoegstal als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, totdat uit het in artikel 2, onderdeel b, bedoelde serologisch onderzoek blijkt dat geen varkens zijn aangetroffen waarvan het bloed antilichamen tegen klassieke varkenspest en gB-antilichamen tegen de Ziekte van Aujeszky bevat, dan wel binnen vijf weken na aanvoer geen varkens worden afgevoerd anders dan rechtstreeks naar een slachthuis. **2.** @@ -178,13 +180,11 @@ b. in een periode van twaalf maanden slechts varkens worden afgevoerd naar ten h **3.** Het afvoeren van varkens van een C-bedrijf naar een D-bedrijf overeenkomstig het tweede lid is slechts toegestaan voor varkens met een gewicht van ten minste 80 kg. -**4.** +**4.** De ondernemer die een A-bedrijf of E-bedrijf exploiteert doet bij de aanvraag, bedoeld in artikel 2 of 5, opgave van de samenstelling van het cluster als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdeel b. De ondernemers die de betreffende C-bedrijven exploiteren medeondertekenen deze opgave. De opgave bevat de verdeling onder de betreffende C-bedrijven van het aantal afvoeradressen, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, onder 1^e of 2^e. -De ondernemer die een A-bedrijf of E-bedrijf exploiteert doet bij de aanvraag, bedoeld in artikel 2 of 5, opgave van de samenstelling van het cluster als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdeel b. De ondernemers die de betreffende C-bedrijven exploiteren medeondertekenen deze opgave. +**5.** Het is de ondernemer die een C-bedrijf exploiteert slechts toegestaan één of meer varkens van dat bedrijf te vervoeren, te doen vervoeren, af te voeren of te doen afvoeren, als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, onder 1^e of 2^e, indien daarmee het aantal bij de verdeling aan dat bedrijf toebedeelde afleveradressen niet wordt overschreden. -De opgave bevat de verdeling onder de betreffende C-bedrijven van het aantal afvoeradressen, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, onder 1^e of 2^e. Het is de ondernemer die een C-bedrijf exploiteert slechts toegestaan een of meer varkens van dat bedrijf te vervoeren, doen vervoeren, af te voeren of te doen afvoeren, als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, onder 1^e of 2^e, indien daarmee het aantal bij de verdeling aan dat bedrijf toebedeelde afleveradressen niet wordt overschreden. - -**5.** De samenstelling van een cluster en de verdeling van het aantal afvoeradressen kunnen in een periode van twaalf maanden eenmaal worden gewijzigd. Een wijziging van de samenstelling van het cluster en de verdeling van het aantal afvoeradressen wordt bij het meldingsbureau gemeld voorafgaand aan de toepassing van de wijziging. Deze melding wordt mede ondertekend door de ondernemers die het A-bedrijf of E-bedrijf en de betreffende C-bedrijven uitoefenen. +**6.** De samenstelling van een cluster en de verdeling van het aantal afvoeradressen kunnen in een periode van twaalf maanden eenmaal worden gewijzigd. Een wijziging van de samenstelling van het cluster en de verdeling van het aantal afvoeradressen wordt bij het meldingsbureau gemeld voorafgaand aan de toepassing van de wijziging. Deze melding wordt mede ondertekend door de ondernemers die het A-bedrijf of E-bedrijf en de betreffende C-bedrijven uitoefenen. ### Artikel 15 @@ -237,7 +237,7 @@ d. de ondernemer van het varkenshouderijbedrijf medewerking verleent aan bestemm **3.** Op een levering als bedoeld in het eerste lid zijn de artikelen 12, eerste lid, onderdelen d en e en 13, eerste lid, onderdelen d en e, van overeenkomstige toepassing. -### Paragraaf 4. Melding van de varkensleveringen +### Paragraaf 4. Varkensleveringen ### Artikel 19 @@ -297,7 +297,7 @@ Op overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening worden tuchtre ### Artikel 24 -Het bestuur regelt bij verordening de wijze waarop de retributies, bedoeld in artikel 19, eerste lid en artikel 23, tweede lid, worden vastgesteld en opgelegd, alsmede de hoogte van de retributies. +Het bestuur regelt bij verordening de wijze waarop de retributies, bedoeld in artikel 8, tweede lid, artikel 19, eerste lid, en artikel 23, tweede lid, worden vastgesteld en opgelegd, alsmede de hoogte van de retributies. ### Artikel 24a