From 6728c62e4c29109ea61a42a8ab1020084ead9948 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 16 Nov 2010 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2010-11-16 | BWBR0002667 | Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen --- .../BWBR0002667/README.md | 28 +++++++++---------- 1 file changed, 13 insertions(+), 15 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-kerninstallaties-splijtstoffen-en-ertsen/BWBR0002667/README.md b/amvb/besluit-kerninstallaties-splijtstoffen-en-ertsen/BWBR0002667/README.md index 0155b445c77..1b008bce4ce 100644 --- a/amvb/besluit-kerninstallaties-splijtstoffen-en-ertsen/BWBR0002667/README.md +++ b/amvb/besluit-kerninstallaties-splijtstoffen-en-ertsen/BWBR0002667/README.md @@ -40,13 +40,11 @@ Dit besluit is niet van toepassing op het vervoeren, het voorhanden hebben bij o ### Artikel 3 -**1.** De aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 15 van de wet is gericht tot Onze Ministers, en, indien het medische stralingstoepassingen betreft, Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en wordt ingediend bij Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer met gelijktijdige toezending van een afschrift aan Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en, indien het medische stralingstoepassingen betreft, Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. +**1.** De aanvraag om een vergunning voor handelingen binnen een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet, of als aangewezen krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer, wordt ingediend door degene die de inrichting drijft. -**2.** De aanvraag om een vergunning voor handelingen binnen een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet, of als aangewezen krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer, wordt ingediend door degene die de inrichting drijft. +**2.** Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid betreft niet de handelingen die worden verricht door een persoon die in het bezit is van een vergunning voor het op steeds wisselende plaatsen verrichten van zodanige handelingen. -**3.** Een aanvraag als bedoeld in het tweede lid betreft niet de handelingen die worden verricht door een persoon die in het bezit is van een vergunning voor het op steeds wisselende plaatsen verrichten van zodanige handelingen. - -**4.** +**3.** De aanvraag bevat: @@ -57,15 +55,15 @@ d. een opgave van de tijdsduur, waarvoor de vergunning wordt verlangd; e. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die in de krachtens artikel 19 in samenhang met artikel 4, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming geldende regeling, als gerechtvaardigd is bekendgemaakt, een verwijzing naar die bekendmaking; f. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die niet of als niet-gerechtvaardigd is bekendgemaakt in de krachtens artikel 19 in samenhang met artikel 4, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming geldende regeling, een verzoek om rechtvaardiging van die handeling en tevens de gegevens met betrekking tot de economische, sociale en andere voordelen van de betrokken handeling en met betrekking tot de gezondheidsschade die erdoor kan worden toegebracht, die nodig zijn met het oog op de beoordeling van de gerechtvaardigdheid van de handeling. -**5.** Aanvragen om een vergunning, welke vallen onder verschillende bepalingen van de paragrafen 2 en 3, kunnen, voor zover die aanvragen betrekking hebben op dezelfde inrichting dan wel op inrichtingen, die tezamen een geheel vormen en die in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen, in de vorm van een enkele, samengestelde aanvraag worden ingediend. Op zodanige aanvraag zijn alle bepalingen van toepassing, welke betrekking hebben op de afzonderlijke aanvragen, waaruit zij is samengesteld, met dien verstande dat in gevallen, waarin onverkorte toepassing dezer bepalingen zou leiden tot meervoudige vermelding van eenzelfde gegeven, met een enkelvoudige vermelding kan worden volstaan. +**4.** Aanvragen om een vergunning, welke vallen onder verschillende bepalingen van de paragrafen 2 en 3, kunnen, voor zover die aanvragen betrekking hebben op dezelfde inrichting dan wel op inrichtingen, die tezamen een geheel vormen en die in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen, in de vorm van een enkele, samengestelde aanvraag worden ingediend. Op zodanige aanvraag zijn alle bepalingen van toepassing, welke betrekking hebben op de afzonderlijke aanvragen, waaruit zij is samengesteld, met dien verstande dat in gevallen, waarin onverkorte toepassing dezer bepalingen zou leiden tot meervoudige vermelding van eenzelfde gegeven, met een enkelvoudige vermelding kan worden volstaan. -**6.** Indien een aanvraag om een vergunning betrekking heeft op een inrichting of uitrusting, ten aanzien waarvan reeds eerder een aanvraag is ingediend, kan, voor zover bepaalde gegevens reeds bij de eerdere aanvraag zijn verstrekt en geen wijziging hebben ondergaan, naar die eerdere aanvraag worden verwezen. +**5.** Indien een aanvraag om een vergunning betrekking heeft op een inrichting of uitrusting, ten aanzien waarvan reeds eerder een aanvraag is ingediend, kan, voor zover bepaalde gegevens reeds bij de eerdere aanvraag zijn verstrekt en geen wijziging hebben ondergaan, naar die eerdere aanvraag worden verwezen. -**7.** Ieder Onzer Ministers kan de indiening van verdere afschriften van de aanvraag of van daarbij behorende bijlagen verlangen. +**6.** Onze Minister kan de indiening van verdere afschriften van de aanvraag of van daarbij behorende bijlagen verlangen. ### Artikel 3a -**1.** Indien binnen een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet, of als aangewezen krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer reeds splijtstoffen, ertsen of radioactieve stoffen voorhanden zijn, of toestellen worden gebruikt, heeft de risicoanalyse, bedoeld in de artikelen 4, eerste lid, onder e, en derde lid, onder e, 5, eerste lid, onder d, en tweede lid, onder d, 6, eerste lid, onder h, en 9, eerste lid, onder f, betrekking op de totaal ten gevolge van die inrichting ontvangen effectieve dosis. De berekening van de effectieve dosis, bedoeld in de eerste volzin, heeft geen betrekking op de effectieve dosis ten gevolge van handelingen van een persoon als bedoeld in artikel 3, derde lid. +**1.** Indien binnen een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet, of als aangewezen krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer reeds splijtstoffen, ertsen of radioactieve stoffen voorhanden zijn, of toestellen worden gebruikt, heeft de risicoanalyse, bedoeld in de artikelen 4, eerste lid, onder e, en derde lid, onder e, 5, eerste lid, onder d, en tweede lid, onder d, 6, eerste lid, onder h, en 9, eerste lid, onder f, betrekking op de totaal ten gevolge van die inrichting ontvangen effectieve dosis. De berekening van de effectieve dosis, bedoeld in de eerste volzin, heeft geen betrekking op de effectieve dosis ten gevolge van handelingen van een persoon als bedoeld in artikel 3, tweede lid. **2.** Bij regeling van Onze Ministers van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de risicoanalyses, bedoeld in de artikelen 4, eerste lid, onder e, en derde lid, onder e, 5, eerste lid, onder d, en tweede lid, onder d, 6, eerste lid, onder h en i, 9, eerste lid, onder f, en 10, tweede lid, onder b, ten 6°. @@ -413,9 +411,9 @@ Vervallen Aan een vergunning als bedoeld in artikel 15 van de wet worden voorschriften met het oog op de veiligheid van de staat verbonden, indien de vergunning uitsluitend of mede betrekking heeft op het doen van verrichtingen: -a. met gebruikmaking van gegevens, hulpmiddelen of materialen dan wel van een inrichting of een uitrusting, ten aanzien waarvan naar het oordeel van Onze Ministers, in overeenstemming met Onze Ministers, wie het mede aangaat, het belang van de veiligheid van de staat het opleggen van een verplichting tot geheimhouding of een beperking ten aanzien van het gebruik vereist, of -b. waarbij onderzoekingen worden verricht of werkmethoden worden toegepast, ten aanzien waarvan naar het oordeel van Onze Ministers, in overeenstemming met Onze Ministers, wie het mede aangaat, het belang van de veiligheid van de staat het opleggen van een verplichting tot geheimhouding vereist, of -c. welke blijkens een verklaring van Onze Ministers, wie het mede aangaat, van vitaal belang zijn voor de militaire of civiele verdediging. +a. met gebruikmaking van gegevens, hulpmiddelen of materialen dan wel van een inrichting of een uitrusting, ten aanzien waarvan naar het oordeel van Onze Minister het belang van de veiligheid van de staat het opleggen van een verplichting tot geheimhouding of een beperking ten aanzien van het gebruik vereist, of +b. waarbij onderzoekingen worden verricht of werkmethoden worden toegepast, ten aanzien waarvan naar het oordeel van Onze Minister het belang van de veiligheid van de staat het opleggen van een verplichting tot geheimhouding vereist, of +c. welke blijkens een verklaring van Onze Minister van vitaal belang zijn voor de militaire of civiele verdediging. **2.** @@ -425,10 +423,10 @@ a. ten aanzien van gegevens, hulpmiddelen, materialen, een inrichting of een uit b. gegevens, hulpmiddelen of materialen dan wel een inrichting of uitrusting als in het eerste lid bedoeld met inachtneming van in het voorschrift aangegeven beperkingen te gebruiken; c. terreinen, gebouwen en ruimten, waar verrichtingen als in het eerste lid bedoeld plaatsvinden dan wel gegevens, hulpmiddelen of materialen, met gebruikmaking waarvan zodanige verrichtingen plaatsvinden, worden bewaard, op een bij het voorschrift bepaalde wijze te beveiligen; d. het gebruik van gegevens, hulpmiddelen of materialen dan wel van een inrichting of uitrusting als in het eerste lid bedoeld, alsmede het aanwenden van uit zodanig gebruik voortvloeiende kennis op een bij het voorschrift bepaalde wijze te regelen; -e. Onze Ministers of in het voorschrift aangewezen Nederlandse controle-organen tijdig in kennis te stellen van een voorgenomen vervanging van de met de leiding van de onderneming of instelling, waaraan de vergunning is verleend, belaste persoon of personen; -f. alle of bepaalde verrichtingen uitsluitend te laten plaatsvinden door personen, ten aanzien van wie Onze bij het voorschrift aangewezen Minister heeft verklaard, dat naar zijn oordeel voldoende waarborgen aanwezig kunnen worden geacht, dat zij de verplichting met betrekking tot de geheimhouding naar behoren zullen vervullen; +e. Onze Minister of in het voorschrift aangewezen Nederlandse controle-organen tijdig in kennis te stellen van een voorgenomen vervanging van de met de leiding van de onderneming of instelling, waaraan de vergunning is verleend, belaste persoon of personen; +f. alle of bepaalde verrichtingen uitsluitend te laten plaatsvinden door personen, ten aanzien van wie Onze Minister heeft verklaard, dat naar zijn oordeel voldoende waarborgen aanwezig kunnen worden geacht, dat zij de verplichting met betrekking tot de geheimhouding naar behoren zullen vervullen; g. bij het voorschrift aangewezen organen, waaraan een taak is opgedragen terzake van de uitvoering van de wet, in het voorschrift omschreven inlichtingen te doen toekomen betreffende gegevens, hulpmiddelen of materialen, dan wel een inrichting of uitrusting als in het eerste lid bedoeld, alsmede een op het verstrekken van zodanige inlichtingen gerichte administratie te voeren, aan de hand waarvan de juistheid van de verstrekte inlichtingen op eenvoudige wijze kan worden aangetoond; -h. Onze bij het voorschrift aangewezen Minister of bij het voorschrift aangewezen Nederlandse controle-organen onverwijld in te lichten, indien ernstige inbreuken op de naleving van de met het oog op de veiligheid van de staat gegeven voorschriften dan wel spionage worden vermoed of ontdekt; +h. Onze Minister of bij het voorschrift aangewezen Nederlandse controle-organen onverwijld in te lichten, indien ernstige inbreuken op de naleving van de met het oog op de veiligheid van de staat gegeven voorschriften dan wel spionage worden vermoed of ontdekt; i. een aan de onderneming of instelling verbonden functionaris aan te wijzen, speciaal belast met het treffen van maatregelen ter uitvoering van de met het oog op de veiligheid van de staat aan de vergunning verbonden voorschriften, alsmede met het toezicht op de naleving van die maatregelen. ### Paragraaf 3. Bewaring en bewaking van splijtstoffen en ertsen