2015-07-01 | BWBR0020892 | Besluit uitvoering Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling

This commit is contained in:
Coornhert 2015-07-01 12:00:00 +00:00
parent 686dd1d14e
commit 67baf66c4f

View file

@ -135,13 +135,17 @@ De uitvoerder verstrekt de deelnemer bij beëindiging van de deelneming informat
a. de mogelijkheid van afkoop, bedoeld in artikel 66 van de Pensioenwet dan wel artikel 78 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling, voor zover er sprake is van een pensioenaanspraak onder de afkoopgrens;
b. het recht op waardeoverdracht, bedoeld in artikel 71 van de Pensioenwet dan wel artikel 82 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling, of de mogelijkheid tot waardeoverdracht, bedoeld in artikel 75 van de Pensioenwet dan wel artikel 86 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling;
c. de consequenties van arbeidsongeschiktheid;
d. het actueel zijn van een korte- of langetermijnherstelplan; en
d. het actueel zijn van een herstelplan of geactualiseerd herstelplan; en
e. het vervallen van de dekking tegen het risico op overlijden indien nabestaandenpensioen werd verworven op basis van risicofinanciering.
### Artikel 7
De uitvoerder verstrekt de gewezen partner bij scheiding informatie over de mogelijkheid van afkoop, bedoeld in artikel 68 van de Pensioenwet dan wel artikel 80 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling, voor zover sprake is van een pensioenaanspraak onder de afkoopgrens.
### Artikel 7a
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 8
**1.** De uitvoerder informeert een deelnemer voorafgaand aan de deelneming in de vrijwillige pensioenregeling over de inhoud van de vrijwillige pensioenregeling, waarbij artikel 2, eerste en tweede lid, en artikel 3 van overeenkomstige toepassing zijn.
@ -178,6 +182,51 @@ e. informatie over de aanstelling van een bewindvoerder als bedoeld in artikel 1
**8.** De uitvoerder verstrekt de deelnemer of gewezen deelnemer op verzoek informatie over de consequenties van uitruil als bedoeld in artikel 60, 61 of 62 van de Pensioenwet dan wel de artikelen 72, 73 of 74 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling voor de deelnemer.
### Artikel 9a
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 9b
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 9c
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 9d
**1.** Voor de elektronische verstrekking van informatie door middel van een externe berichtenbox wordt MijnOverheid.nl gebruikt.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de elektronische informatieverstrekking.
### Artikel 9e
**1.** Een vermindering van de pensioenaanspraken en pensioenrechten wordt door de uitvoerders binnen vier maanden verwerkt in de gegevens die door middel van het pensioenregister worden verstrekt.
**2.** Een andere wijziging van de pensioenaanspraken en pensioenrechten dan bedoeld in het eerste lid wordt door de uitvoerders binnen vier maanden nadat de wijziging in de administratie van de uitvoerders is doorgevoerd verwerkt in de gegevens die door middel van het pensioenregister worden verstrekt.
**3.**
Het pensioenregister geeft in ieder geval inzicht in de hoogte van het te bereiken pensioen door:
a. weergave in netto bedragen per maand en in bruto bedragen per jaar;
b. de mogelijkheid om ter vergelijking het huidige netto inkomen per maand in te voeren.
**4.** Met betrekking tot de keuzes ten aanzien van ouderdomspensioen worden in ieder geval de indicatieve gevolgen op het pensioeninkomen getoond van het vervroegen of uitstellen van de pensioeningangsdatum.
**5.** Met betrekking tot belangrijke gebeurtenissen worden in ieder geval bij nabestaandenpensioen de gevolgen getoond van overlijden op het moment van de uitvraag, na beëindiging van de deelneming en na pensionering.
### Artikel 9f
**1.** Artikel 9e, derde lid, onderdeel b, wordt gerealiseerd met ingang van 1 januari 2016.
**2.** Artikel 9e, eerste lid, en tweede lid, voor zover het betreft een collectieve wijziging, worden gerealiseerd met ingang van 1 maart 2016.
**3.** Artikel 9e, vierde en vijfde lid, worden gerealiseerd met ingang van 1 juli 2016.
**4.** Artikel 9e, tweede lid, voor zover het betreft een individuele wijziging, wordt gerealiseerd met ingang van 1 juli 2017.
### Artikel 10
De informatie op grond van de artikelen 21, 38 tot en met 45 en 46, eerste lid, onderdeel a, en tweede lid, van de Pensioenwet dan wel de artikelen 48 tot en met 56, 57, eerste lid, onderdeel a en tweede lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling wordt kosteloos verstrekt. De informatie op grond van artikel 9, eerste en achtste lid, wordt eveneens kosteloos verstrekt.
@ -289,12 +338,6 @@ Indien met de werkgever niet uitdrukkelijk een bepaalde verhouding tussen versch
## Hoofdstuk 6. Waardeoverdracht
### Artikel 17a
**1.** De deelnemer wiens verwerving van pensioenaanspraken in de door de ontvangende uitvoerder uitgevoerde pensioenregeling voor 1 januari 2015 een aanvang heeft genomen, vraagt een opgave als bedoeld in artikel 71, derde lid, van de Pensioenwet dan wel artikel 82, derde lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling binnen zes maanden na aanvang van de verwerving.
**2.** Indien op grond van artikel 74, eerste lid, van de Pensioenwet dan wel artikel 85, eerste lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling, de plichten van de overdragende en de ontvangende uitvoerder, bedoeld in artikel 71 van de Pensioenwet dan wel artikel 82 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling, herleven, wordt de in het eerste lid omschreven verplichting van de deelnemer om binnen zes maanden een opgave te vragen verlengd tot zes maanden na die herleving.
### Artikel 18
**1.**
@ -331,18 +374,6 @@ b. de betreffende werkgever is een kleine werkgever.
**5.** Indien op grond van de voorgaande leden de plicht tot waardeoverdracht niet geldt en de werkgever niet bereid is de aanvullende bijdragen te betalen, informeert de ontvangende pensioenuitvoerder de deelnemer hierover schriftelijk.
### Artikel 19b
**1.** De in artikel 71 van de Pensioenwet dan wel artikel 82 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling genoemde plicht tot waardeoverdracht geldt niet indien een aanvullende bijdrage van de oude of nieuwe werkgever noodzakelijk is en de aanvullende bijdrage meer bedraagt dan € 15.000, en meer dan 10% van de overdrachtswaarde.
**2.** Indien de overdragende uitvoerder bij vaststelling van de opgave of voorlopige opgave, bedoeld in artikel 18, of de ontvangende uitvoerder na ontvangst van de opgave of voorlopige opgave, bedoeld in artikel 18, vaststelt dat een aanvullende bijdrage van de oude of nieuwe werkgever noodzakelijk is die meer bedraagt dan € 15.000, en meer dan 10% van de overdrachtswaarde, wordt de betreffende werkgever gevraagd binnen een maand na ontvangst van het verzoek aan te geven of hij bereid is de aanvullende bijdrage te betalen. De overdragende uitvoerder informeert de ontvangende uitvoerder terstond na afloop van de gegeven termijn over hetgeen van de oude werkgever is vernomen.
**3.** Indien de werkgever niet binnen de gegeven termijn aangeeft bereid te zijn de aanvullende bijdragen te betalen, wordt aangenomen dat hij hiertoe niet bereid is.
**4.** Indien op grond van de voorgaande leden de plicht tot waardeoverdracht niet geldt en de werkgever niet bereid is de aanvullende bijdragen te betalen, informeert de ontvangende uitvoerder de deelnemer hierover schriftelijk.
**5.** Dit artikel is uitsluitend van toepassing indien de verwerving van pensioenaanspraken door de deelnemer in de door de ontvangende uitvoerder uitgevoerde pensioenregeling vanaf 1 januari 2015 een aanvang heeft genomen.
### Artikel 20
De ontvangende uitvoerder verstrekt de opgave of voorlopige opgave, bedoeld in artikel 18, binnen twee maanden na ontvangst aan de deelnemer onder vermelding van de aanspraken die zullen voortvloeien uit de waardeoverdracht en de wijze waarop de aanspraken in de pensioenregeling, ondergebracht bij de ontvangende uitvoerder, zullen worden behandeld. Bij de informatie over toeslagverlening is artikel 4 van overeenkomstige toepassing. Indien toepassing is gegeven aan artikel 19a wordt de termijn, bedoeld in dit artikel, met twee maanden verlengd.
@ -405,7 +436,7 @@ Overschrijding van de in dit hoofdstuk gestelde termijnen door de overdragende o
Bij de berekening van de overdrachtswaarde mogen buiten beschouwing blijven:
a. partnerpensioen dat is verzekerd op risicobasis, wezenpensioen en arbeidsongeschiktheidspensioen; en
b. aanspraken op partnerpensioen die achterblijven bij de overdragende uitvoerder.
b. aanspraken op partnerpensioen of nettopensioen die achterblijven bij de overdragende uitvoerder.
**4.**
@ -517,10 +548,10 @@ c. de aard van de nadere gegevens of inlichtingen.
De betrouwbaarheid van een persoon als bedoeld in artikel 31 staat niet buiten twijfel indien:
a. deze onherroepelijk veroordeeld is ter zake van een misdrijf, genoemd in onderdeel 1 van bijlage A, waarbij sinds het onherroepelijk worden van de uitspraak minder dan acht jaren zijn verstreken;
b. deze veroordeeld is ter zake van een misdrijf, genoemd in onderdeel 1 van bijlage A, waarbij de uitspraak nog niet onherroepelijk is of waarbij sinds het onherroepelijk worden van de uitspraak acht of meer jaren zijn verstreken;
a. deze onherroepelijk veroordeeld is ter zake van een misdrijf, genoemd in onderdeel 1 van de bijlage bij dit besluit, waarbij sinds het onherroepelijk worden van de uitspraak minder dan acht jaren zijn verstreken;
b. deze veroordeeld is ter zake van een misdrijf, genoemd in onderdeel 1 van de bijlage bij dit besluit, waarbij de uitspraak nog niet onherroepelijk is of waarbij sinds het onherroepelijk worden van de uitspraak acht of meer jaren zijn verstreken;
c. deze veroordeeld is ter zake van een overtreding van artikel 69 van de Algemene wet inzake de rijksbelastingen of artikel 65 van de Invorderingswet 1990, waarbij betrokkene veroordeeld is tot een gevangenisstraf of boete; of
d. deze een vergrijpboete van meer dan € 62.500 opgelegd heeft gekregen ter zake van een feit, genoemd in onderdeel 5 van bijlage A, en het besluit waarbij de vergrijpboete is opgelegd onherroepelijk is geworden of waarbij ten minste de rechter in eerste aanleg uitspraak heeft gedaan.
d. deze een vergrijpboete van meer dan € 62.500 opgelegd heeft gekregen ter zake van een feit, genoemd in onderdeel 5 van de bijlage bij dit besluit, en het besluit waarbij de vergrijpboete is opgelegd onherroepelijk is geworden of waarbij ten minste de rechter in eerste aanleg uitspraak heeft gedaan.
**2.** De Nederlandsche Bank kan op grond van de omstandigheden of belangen, genoemd in artikel 35, afwijken van het eerste lid, ten aanzien van de onderdelen b, c en d.
@ -590,7 +621,7 @@ b. de schriftelijk vastgelegde afspraken over de besteding van het vermogen van
### Artikel 36
**1.** De Stichting Autoriteit Financiële Markten houdt toezicht op de naleving van de regels, gesteld bij of krachtens de artikelen 21, eerste lid, tweede lid, tweede zin, vierde lid, 29, eerste lid, 29, zevende lid, voor zover het betreft de overeenkomstige toepassing van artikel 29, eerste lid, 33, voor zover het betreft communicatie en de klachtenregeling van verzekeraars en premiepensioeninstellingen, 36, 38 tot en met 47, 48, met uitzondering van de berekeningen ten behoeve van de kwalitatieve en beeldende maatstaf, 49 tot en met 51, 52, tweede tot en met zesde lid, 66, derde en vierde lid, 67, tweede lid, 68, tweede lid, 71, derde lid, voor zover het de opgave van pensioenaanspraken betreft, 74, tweede en derde lid, 76, derde en negende lid, voor zover het de opgave van pensioenaanspraken betreft, 83, tweede, lid, onderdeel a, voor zover het betrekking heeft op het informeren van de daarin genoemde personen en 134, tweede lid van de Pensioenwet.
**1.** De Stichting Autoriteit Financiële Markten houdt toezicht op de naleving van de regels, gesteld bij of krachtens de artikelen 21, eerste lid, tweede lid, tweede zin, vierde lid, 29, eerste lid, 29, zevende lid, voor zover het betreft de overeenkomstige toepassing van artikel 29, eerste lid, 33, voor zover het betreft communicatie en de klachtenregeling van verzekeraars en premiepensioeninstellingen, 36, 38 tot en met 51, met uitzondering van de berekeningen ten behoeve van de weergave op basis van scenarios, 52, tweede tot en met zesde lid, 66, derde en vierde lid, 67, tweede lid, 68, tweede lid, 71, derde lid, voor zover het de opgave van pensioenaanspraken betreft, 74, tweede en derde lid, 76, derde en negende lid, voor zover het de opgave van pensioenaanspraken betreft, 83, tweede, lid, onderdeel a, voor zover het betrekking heeft op het informeren van de daarin genoemde personen en 134, tweede lid van de Pensioenwet.
**2.** De Stichting Autoriteit Financiële Markten houdt toezicht op de naleving van de regels, gesteld bij of krachtens de artikelen 38, 39, eerste lid, 39, zevende lid, voor zover het betreft de overeenkomstige toepassing van artikel 39, eerste lid, 42, voor zover het betreft communicatie en de klachtenregeling van verzekeraars en premiepensioeninstellingen, 44, 48 tot en met 58, 59, met uitzondering van de berekeningen ten behoeve van de kwalitatieve en beeldende maatstaf, 60 tot en met 62, 63, tweede tot en met zesde lid, 78, derde en vierde lid, 79, tweede lid, 80, tweede lid, 82, derde lid, voor zover het de opgave van pensioenaanspraken betreft, 85, tweede en derde lid, 91, tweede, lid, onderdeel a, voor zover het betrekking heeft op het informeren van de daarin genoemde personen en 129, tweede lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling.
@ -629,6 +660,29 @@ d. het overnemen van elkaars oordeel.
**4.** De toezichthouder beschikt over een beschrijving van de administratieve organisatie en over een systeem van periodieke interne controle.
### Artikel 40a
**1.**
De gegevens van fondsen die door de Nederlandsche Bank op grond van artikel 204, derde lid, van de Pensioenwet dan wel artikel 198, derde lid, van de Wet verplichte beroepspensioenregeling, kunnen worden gepubliceerd, hebben betrekking op
a. de beleidsdekkingsgraad;
b. de reële dekkingsgraad;
c. het vereist eigen vermogen;
d. het belegd vermogen;
e. kwartaalrendementen;
f. de premie;
g. het aantal deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden;
h. de toeslagverlening;
i. de vermindering van pensioenaanspraken en pensioenrechten; en
j. de uitvoeringskosten, bedoeld in artikel 9b, tweede lid, onderdeel a.
**2.** De publicatie van de gegevens, bedoeld in het eerste lid, geschiedt niet eerder dan nadat tien werkdagen zijn verstreken na de dag waarop aan het fonds het besluit tot publicatie bekend is gemaakt.
**3.** Bij periodieke publicatie van de gegevens, bedoeld in het eerste lid, wordt jaarlijks aan het fonds, voorafgaand aan de eerste publicatie in dat jaar, het besluit tot publicatie bekend gemaakt, waarbij vermeld wordt op welke data de gegevens in dat jaar gepubliceerd zullen worden.
**4.** Indien wordt verzocht om een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, wordt de publicatie opgeschort totdat de voorzieningenrechter een uitspraak heeft gedaan.
## Hoofdstuk 9. Nettopensioen
### Artikel 41
@ -752,7 +806,6 @@ Overtreding van een voorschrift, gesteld in een hierna genoemd artikel van de Pe
| 87 | 2 |
| 91 | 1 |
| 94, tweede lid | 1 |
| 95 | 2 |
| 96 | 1 |
| 98 | 1 |
| 100 | 1 |
@ -853,7 +906,6 @@ Overtreding van een voorschrift, gesteld in een hierna genoemd artikel van de We
| 95 | 2 |
| 99 | 1 |
| 102, tweede lid | 1 |
| 103 | 2 |
| 104 | 1 |
| 105 | 1 |
| 106 | 1 |
@ -956,6 +1008,20 @@ Overtreding van een voorschrift gesteld in een hierna genoemd artikel van het Be
Artikel 35a is niet van toepassing op benoemingen tot bestuurder of lid van de raad van toezicht van een fonds voor 1 juli 2014.
### Artikel 52b
Wijzigt dit besluit.
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 52c
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 52d
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 53
**1.** Het Besluit verplichte beroepspensioenregeling wordt ingetrokken.