2017-08-30 | BWBR0015007 | Spoorwegwet
This commit is contained in:
parent
6e5760a3fd
commit
6846454611
1 changed files with 9 additions and 9 deletions
|
|
@ -72,7 +72,7 @@ In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt voorts verstaan onder:
|
|||
Een spoorweg wordt als hoofdspoorweg aangewezen, indien:
|
||||
|
||||
a. de spoorweg uitsluitend of overwegend bestemd is voor het verrichten van openbaar personenvervoer of goederenvervoer ten behoeve van internationale, nationale of regionale verbindingen en
|
||||
b. de Staat rechthebbende is ten aanzien van de spoorweg.
|
||||
b. de Staat rechthebbende is ten aanzien van de spoorweg dan wel een beheerder een recht van gebruik, huur of pacht heeft.
|
||||
|
||||
**3.** Dit lid is nog niet in werking getreden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -180,7 +180,7 @@ b. een vergunning dan wel nieuwe vergunning voor indienststelling, indien Onze M
|
|||
|
||||
**3.** Onze Minister eist op basis van het informatiedossier, bedoeld in het tweede lid, een vergunning respectievelijk een nieuwe vergunning voor indienststelling, indien de omvang van de voorgenomen verbetering of vernieuwing of de mogelijke gevolgen voor de veiligheid van een betrokken subsysteem dat noodzakelijk maakt of maken.
|
||||
|
||||
**4.** Artikel 8, tweede, derde en negende lid en het krachtens artikel 8, negende lid, bepaalde zijn van toepassing op de verlening van de vergunning respectievelijk van de nieuwe vergunning voor indienststelling, bedoeld in het derde lid, met dien verstande dat die leden van dat artikel toepassing vinden op de verbetering of vernieuwing.
|
||||
**4.** Artikel 8, tweede, derde en achtste lid en het krachtens artikel 8, achtste lid, bepaalde zijn van toepassing op de verlening van de vergunning respectievelijk van de nieuwe vergunning voor indienststelling, bedoeld in het derde lid, met dien verstande dat die leden van dat artikel toepassing vinden op de verbetering of vernieuwing.
|
||||
|
||||
**5.** Onze Minister kan op aanvraag op andere gronden dan genoemd in artikel 9, eerste lid, van richtlijn 2008/57/EG, met inachtneming van artikel 20 van die richtlijn, een of meer technische specificaties inzake interoperabiliteit, geheel of gedeeltelijk buiten toepassing laten.
|
||||
|
||||
|
|
@ -525,7 +525,7 @@ b. een B-certificaat voor de voorzieningen die de spoorwegonderneming overeenkom
|
|||
|
||||
**5.** Onze Minister verleent op aanvraag aan een beheerder, in afwijking van het eerste lid, een veiligheidscertificaat, indien hij beschikt over een op grond van artikel 16a verleende veiligheidsvergunning.
|
||||
|
||||
**5.** Een beheerder gebruikt een op grond van het vierde lid verleend veiligheidscertificaat slechts ten behoeve van de uitvoering van de taken, bedoeld in artikel 16, eerste lid.
|
||||
**6.** Een beheerder gebruikt een op grond van het vierde lid verleend veiligheidscertificaat slechts ten behoeve van de uitvoering van de taken, bedoeld in artikel 16, eerste lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 33
|
||||
|
||||
|
|
@ -630,7 +630,7 @@ c. uiterlijk een maand na het verstrekken van de resultaten van de tests, bedoel
|
|||
|
||||
**6.** Indien Onze Minister niet binnen de termijn, bedoeld in het vijfde lid, op het bezwaar heeft beslist, is de aanvullende vergunning voor indienststelling, bedoeld in artikel 36, vijfde lid, drie maanden na afloop van die termijn van rechtswege gegeven. Deze van rechtswege gegeven aanvullende vergunning voor indienststelling geldt alleen voor de hoofdspoorweginfrastructuur ten aanzien waarvan Onze Minister niet binnen de termijn, bedoeld in het vijfde lid, op het bezwaar heeft beslist. De artikelen 4:20b, tweede en derde lid, 4:20c en 4:20d van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**7.** Wanneer Onze Minister vaststelt dat de houder van de vergunning of de aanvullende vergunning voor indienststelling, bedoeld in artikel 36, derde of vijfde lid, niet langer aan de eisen voldoet, kan hij de vergunning of de aanvullende vergunning voor indienststelling intrekken. Wanneer Onze Minister de aanvullende vergunning voor indienststelling heeft ingetrokken, stelt hij de instantie die de vergunning voor indienststelling heeft verleend onverwijld in kennis van die intrekking. Tevens kan Onze Minister de vergunning of aanvullende vergunning voor indienststelling intrekken wanneer blijkt dat de vergunninghouder er gedurende het jaar dat volgde op de verlening niet het bedoelde gebruik van heeft gemaakt.
|
||||
**7.** Wanneer Onze Minister vaststelt dat de houder van de vergunning of de aanvullende vergunning voor indienststelling, bedoeld in artikel 36, derde of vijfde lid, niet langer aan de eisen voldoet, kan hij de vergunning of de aanvullende vergunning voor indienststelling intrekken. Onze Minister past bij intrekking van de vergunning of de aanvullende vergunning voor indienststelling, bedoeld in artikel 36, derde of vijfde lid, de procedure toe, bedoeld in artikel 10, vijfde lid, van richtlijn 2004/49/EG. Wanneer Onze Minister de aanvullende vergunning voor indienststelling heeft ingetrokken, stelt hij de instantie die de vergunning voor indienststelling heeft verleend onverwijld in kennis van die intrekking. Tevens kan Onze Minister de vergunning of aanvullende vergunning voor indienststelling intrekken wanneer blijkt dat de vergunninghouder er gedurende het jaar dat volgde op de verlening niet het bedoelde gebruik van heeft gemaakt.
|
||||
|
||||
### Artikel 36b
|
||||
|
||||
|
|
@ -745,11 +745,11 @@ b. een aanvullende vergunning voor indienststelling of nieuwe aanvullende vergun
|
|||
|
||||
### Artikel 38
|
||||
|
||||
**1.** Een EG-keuringsverklaring als de artikelen 36, zesde lid, en 36b, derde lid, voldoet aan bijlage V van richtlijn 2008/57/EG.
|
||||
**1.** Een EG-keuringsverklaring als bedoeld in de artikelen 36, zesde lid, en 36b, derde lid, voldoet aan bijlage V van richtlijn 2008/57/EG.
|
||||
|
||||
**2.** De afgifte van een EG-keuringsverklaring als de artikelen 36, zesde lid, en 36b, derde lid, geschiedt in overeenstemming met artikel 18 en bijlage VI van richtlijn 2008/57/EG.
|
||||
**2.** De afgifte van een EG-keuringsverklaring als bedoeld in de artikelen 36, zesde lid, en 36b, derde lid, geschiedt in overeenstemming met artikel 18 en bijlage VI van richtlijn 2008/57/EG.
|
||||
|
||||
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de afgifte, vorm en inhoud van EG-keuringsverklaringen als de artikelen 36, zesde lid, en 36b, derde lid, en over het informatiedossier, bedoeld in artikel 37b, tweede lid.
|
||||
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de afgifte, vorm en inhoud van EG-keuringsverklaringen als bedoeld in de artikelen 36, zesde lid, en 36b, derde lid, en over het informatiedossier, bedoeld in artikel 37b, tweede lid.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -762,7 +762,7 @@ b. de aanvullende vergunning voor indienststelling, bedoeld in de artikelen 36,
|
|||
|
||||
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over het registreren of bewaren van gegevens over:
|
||||
|
||||
a. de afgifte van de EG-keuringsverklaring, de artikelen 36, zesde lid, en 36b, derde lid;
|
||||
a. de afgifte van de EG-keuringsverklaring, bedoeld in de artikelen 36, zesde lid, en 36b, derde lid;
|
||||
b. de afgifte van de verklaring, bedoeld in de artikelen 36, zevende lid, en artikel 36b, derde lid, of van de verklaring, bedoeld in artikel 37b, negende lid;
|
||||
c. de aanvraag en de verlening van de vergunning voor indienststelling, bedoeld in de artikelen 36, derde lid, en 36b, derde lid, of van de vergunning voor indienststelling of nieuwe vergunning voor indienststelling, bedoeld artikel 37b, derde lid, en
|
||||
d. de aanvraag en de verlening van de aanvullende vergunning voor indienststelling, bedoeld in de artikelen 36, vijfde lid, en 36b, vierde lid, of van de aanvullende vergunning voor indienststelling of nieuwe vergunning voor indienststelling, bedoeld in artikel 37b, zesde lid.
|
||||
|
|
@ -1559,7 +1559,7 @@ Een wijziging of aanvulling van richtlijn 2012/34/EU, richtlijn 2004/49/EG, rich
|
|||
Onze Minister erkent op aanvraag:
|
||||
|
||||
a. aangemelde instanties;
|
||||
b. de instanties, belast met de toetsing, bedoeld in artikel 8, zesde lid, artikel 9, zevende lid, artikel 36, zevende lid, artikel 36b, achtste lid, en artikel 37b, negende lid.
|
||||
b. de instanties, belast met de toetsing, bedoeld in artikel 8, zesde lid, artikel 9, zevende lid, artikel 36, zevende lid, artikel 36b, negende lid, en artikel 37b, negende lid.
|
||||
|
||||
**2.** De instanties, de directeur en het personeel daarvan voldoen ten minste aan de toepasselijke eisen, neergelegd in bijlage VIII van richtlijn 2008/57/EG, en aan de bij ministeriële regeling vastgestelde eisen.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue