2013-07-01 | BWBR0008121 | Wet Justitie-subsidies

This commit is contained in:
Coornhert 2013-07-01 12:00:00 +00:00
parent 23a28ec3bf
commit 6899013dd7

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Wet Justitie-subsidies
bwb_id: BWBR0008121
type: wet
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2004-02-05'
datum_inwerkingtreding: '2013-03-07'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0008121
citeertitel: Wet Justitie-subsidies
---
@ -14,7 +14,7 @@ citeertitel: Wet Justitie-subsidies
### Artikel 1
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder Onze Minister: Onze Minister van Justitie.
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder Onze Minister: Onze Minister van Veiligheid en Justitie.
### Artikel 2
@ -25,9 +25,7 @@ b. niet op een wettelijk voorschrift berusten.
### Artikel 3
**1.** Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
**2.** Onze Minister kan voorschotten op een subsidie verlenen. Bij ministeriële regeling kunnen regels met betrekking tot de bevoorschotting worden gesteld.
Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
### Artikel 4
@ -212,19 +210,22 @@ Vervallen
Vervallen
## Hoofdstuk 3. CRIMINALITEITSPREVENTIE
## Hoofdstuk 3. Criminaliteitspreventie, het voorkomen van terrorisme, nazorg en vrijwilligersactiviteiten bij de sanctietoepassing
### Artikel 32
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder criminaliteitspreventie: activiteiten gericht op:
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
a. het weerhouden van potentiële plegers van strafbare feiten van het plegen daarvan;
- * criminaliteitspreventie:* activiteiten gericht op:
a. het weerhouden van potentiële plegers van strafbare feiten van het plegen of opnieuw plegen daarvan;
b. het verminderen van de gelegenheid tot het plegen van strafbare feiten, of
c. het voorkomen van slachtofferschap.
- * vrijwilligerswerk bij de sanctietoepassing:* activiteiten verricht door vrijwilligers ten behoeve van (ex-)justitieel ingeslotenen, gericht op reïntegratie van de (ex-)justitieel ingeslotenen in de samenleving.
### Artikel 33
**1.** Onze Minister kan per boekjaar subsidie verstrekken ten behoeve van de instandhouding van rechtspersonen die zich in overwegende mate met criminaliteitspreventie bezighouden.
**1.** Onze Minister kan subsidie verstrekken ten behoeve van de instandhouding van rechtspersonen die zich bezighouden met criminaliteitspreventie, het voorkomen van terrorisme, nazorg of vrijwilligersactiviteiten bij de sanctietoepassing.
**2.** Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.
@ -232,26 +233,26 @@ c. het voorkomen van slachtofferschap.
### Artikel 34
Onze Minister kan projectsubsidies verstrekken voor:
Onze Minister kan subsidies verstrekken voor activiteiten op het gebied van criminaliteitspreventie, het voorkomen van terrorisme, nazorg en vrijwilligersactiviteiten bij de sanctietoepassing, waarbij:
a. de bevordering van de toepassing van effectief gebleken preventieve maatregelen;
b. de ontwikkeling van en het experimenteren met preventieve maatregelen, of
c. de deskundigheidsbevordering en voorlichting op het gebied van criminaliteitspreventie.
a. de activiteiten worden bevorderd die effectief zijn gebleken;
b. activiteiten op dit gebied worden ontwikkeld of
c. de activiteiten zijn gericht op deskundigheidsbevordering.
### Artikel 35
**1.** Onze Minister kan beleidsregels vaststellen voor de verstrekking van projectsubsidies op het gebied van criminaliteitspreventie.
**1.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de subsidies, bedoeld in artikel 34.
**2.**
Deze beleidsregels bevatten in ieder geval:
Deze regels kunnen in ieder geval betreffen:
a. een uitwerking van de activiteiten, genoemd in artikel 32, die voor subsidie in aanmerking komen, en
b. een nadere omschrijving van aan de subsidie verbonden verplichtingen.
### Artikel 36
Onze Minister kan een subsidieplafond vaststellen voor activiteiten op het gebied van criminaliteitspreventie, waarvoor projectsubsidies kunnen worden verstrekt.
Onze Minister kan een subsidieplafond vaststellen voor subsidies als bedoeld in artikel 34. Hij bepaalt daarbij hoe het beschikbare bedrag wordt verdeeld.
### Artikel 37
@ -316,7 +317,7 @@ c. de stand van zaken met betrekking tot de beoordeling van eventuele aanvragen
### Artikel 44
Onze Minister beslist binnen zes weken op de aanvraag tot verlening van de subsidie.
Onze Minister beslist binnen dertien weken op de aanvraag tot verlening van de subsidie.
### Paragraaf 3. Verplichtingen van de subsidie-ontvanger
@ -346,9 +347,7 @@ e. de eigendom, het gebruik en de opslag van onderzoeksmateriaal.
### Artikel 47
**1.** De subsidie-ontvanger voert een zodanig ingerichte administratie, dat daaruit te allen tijde de voor de vaststelling van de subsidie van belang zijnde rechten en verplichtingen alsmede de betalingen en de ontvangsten kunnen worden nagegaan.
**2.** De administratie en de daartoe behorende bescheiden worden gedurende tien jaren bewaard.
Vervallen
### Paragraaf 4. De subsidievaststelling
@ -362,19 +361,13 @@ e. de eigendom, het gebruik en de opslag van onderzoeksmateriaal.
### Artikel 48a
**1.** Onze Minister kan aan een tolkencentrum zonder winstoogmerk per boekjaar subsidie verstrekken voor het verlenen van tolkdiensten.
**2.** Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.
**3.** De artikelen 10, 13 en 15 zijn van overeenkomstige toepassing.
**4.** Onze Minister kan aan een tolkencentrum zonder winstoogmerk subsidie verstrekken voor andere activiteiten op het gebied van tolkdiensten.
Vervallen
### Artikel 48b
Vervallen
## Hoofdstuk 4B. SCHULDHULPVERLENING
## Hoofdstuk 4B. Schuldsanering
### Artikel 48c
@ -401,7 +394,9 @@ c. de aan de subsidies voor de ontvanger verbonden verplichtingen voorzover niet
d. de verlening van voorschotten;
e. de vaststelling en verdeling van een of meer subsidieplafonds.
**2.** Onze Minister stelt een commissie van deskundigen in. De commissie heeft een tijdelijk karakter. De commissie adviseert over de uitvoering van de derde titel van de Faillissementswet.
**2.** Indien de subsidie wordt verstrekt aan een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, is, in afwijking van artikel 4:21, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, titel 4.2 van die wet van toepassing.
**3.** Onze Minister stelt een commissie van deskundigen in. De commissie heeft een tijdelijk karakter. De commissie adviseert over de uitvoering van de derde titel van de Faillissementswet.
## Hoofdstuk 4C. Reclassering
@ -424,7 +419,6 @@ In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
a. Halt-afdoening: een afdoening als bedoeld in artikel 77e van het Wetboek van Strafrecht.
b. Jeugdige: een verdachte in de leeftijd vanaf 12 tot en met 17 jaar.
c. Halt-bureau: een bureau dat in elk geval voorziet in de coördinatie en uitvoering van Halt-afdoeningen en dat zelf een door de minister aangewezen rechtspersoon is of onderdeel uitmaakt van een door de minister aangewezen rechtspersoon.
d. Stop-reactie: de reactie op strafbare feiten gepleegd door kinderen onder twaalf jaar, onder verantwoordelijkheid van het openbaar ministerie.
### Afdeling 2. Halt-bureaus
@ -434,15 +428,15 @@ d. Stop-reactie: de reactie op strafbare feiten gepleegd door kinderen onder twa
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen eisen worden gesteld aan het aanwijzen van een Halt-bureau en kan worden bepaald in welke gevallen de aanwijzing wordt opgeschort of ingetrokken.
**3.** De artikelen 13 en 15 zijn van overeenkomstige toepassing.
**3.** Afdeling 4.2.8. van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.
**4.** De artikelen 11 en 13 tot en met 15 zijn van overeenkomstige toepassing.
**4.** De artikelen 13 en 15 zijn van overeenkomstige toepassing.
**5.** Het Halt-bureau dient binnen 16 weken na afloop van het boekjaar een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.
**5.** Het Halt-bureau dient binnen dertien weken na afloop van het boekjaar een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.
### Artikel 48h
**1.** De subsidie aan de Halt-bureaus wordt bepaald door de kostprijzen voor de te onderscheiden categorieën Halt-afdoeningen, of samengevoegde categorieën Halt-afdoeningen, te vermenigvuldigen met het aantal afdoeningen voor de te onderscheiden categorieën Halt-afdoeningen, of samengevoegde categorieën Halt-afdoeningen.
**1.** De subsidie aan de Halt-bureaus wordt bepaald door de kostprijzen voor de te onderscheiden categorieën Halt-afdoeningen, onderdelen daarvan of samengevoegde categorieën Halt-afdoeningen, te vermenigvuldigen met het aantal afdoeningen voor de te onderscheiden categorieën Halt-afdoeningen, onderdelen daarvan of samengevoegde categorieën Halt-afdoeningen.
**2.** Bij ministeriële regeling worden verschillende categorieën Halt-afdoeningen en de daarbij behorende kostprijzen vastgesteld.
@ -450,7 +444,7 @@ d. Stop-reactie: de reactie op strafbare feiten gepleegd door kinderen onder twa
### Artikel 48i
**1.** Het Halt-bureau verstrekt aan Onze Minister uiterlijk vier weken na het einde van ieder trimester een opgave van het aantal afdoeningen, uitgesplitst naar de onderscheiden categorieën Halt-afdoeningen.
**1.** Het Halt-bureau verstrekt aan Onze Minister uiterlijk vier weken na het eind van ieder boekjaar een opgave van het aantal afdoeningen, uitgesplitst naar de onderscheiden categorieën Halt-afdoeningen of onderdelen daarvan.
**2.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald welke andere verplichtingen aan de subsidieverlening zijn verbonden.
@ -506,40 +500,52 @@ Voor zover het Halt-bureau geen onderdeel uitmaakt van een gemeente, behoeft het
### Artikel 48q
**1.** Onze Minister kan per boekjaar subsidie verstrekken aan de op grond van artikel 48g aangewezen Halt-bureaus ten behoeve van de coördinatie en uitvoering van de Stop-reactie.
Vervallen
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het bepaalde in het eerste lid.
**3.** Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.
**4.** De artikelen 13 en 15 zijn van overeenkomstige toepassing.
**5.** Het Halt-bureau dient binnen zestien weken na afloop van het boekjaar een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.
**6.** Artikel 48h tot en met artikel 48j zijn van overeenkomstige toepassing.
## Hoofdstuk 4E. Integratie
## Hoofdstuk 4E. Openbare orde en veiligheid
### Artikel 48r
**1.** Onze Minister voor Wonen, Wijken en Integratie kan per boekjaar subsidies verstrekken ter bevordering van de integratie van etnische groepen in de Nederlandse samenleving en ter voorkoming van criminaliteit door bedoelde groepen.
Onze Minister kan subsidies verstrekken ten behoeve van activiteiten inzake openbare orde en veiligheid die gericht zijn op:
**2.** Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.
**3.** De artikelen 3 tot en met 5, 13 en 15 zijn van overeenkomstige toepassing.
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het bepaalde in het eerste lid.
a. het verminderen van de gelegenheid tot het plegen van strafbare feiten;
b. het vergroten van de kennis en het inzicht in veiligheidsvraagstukken, alsmede het verder ontwikkelen van integraal veiligheidsbeleid;
c. het vergroten van de veiligheid in de samenleving in het algemeen, waaronder de handhaving van de openbare orde;
d. het ondersteunen van bijzondere activiteiten ten behoeve van de politie, brandweer en de rampenbestrijdingsorganisaties.
### Artikel 48s
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur of bij ministeriële regeling kunnen de activiteiten, bedoeld in artikel 48r, nader worden bepaald, alsmede criteria voor de verstrekking worden vastgesteld.
### Artikel 48t
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur of bij ministeriële regeling kunnen voor subsidies die verstrekt worden op grond van artikel 48r regels worden gesteld met betrekking tot:
a. de aanvraag van een subsidie en de besluitvorming daarover;
b. het bedrag van de subsidie dan wel de wijze waarop dit bedrag wordt bepaald;
c. de voorwaarden waaronder subsidie wordt verleend;
d. de aan de subsidie verbonden verplichtingen of te verbinden verplichtingen;
e. de vaststelling van de subsidie;
f. intrekking en wijziging van de subsidieverlening of subsidievaststelling;
g. de betaling van de subsidie en het verlenen van voorschotten;
h. het verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de subsidie in de praktijk, bedoeld in artikel 4:24 van de Algemene wet bestuursrecht.
## Hoofdstuk 4F. Parentale internationale kinderontvoering
### Artikel 48u
**1.**
Onze Minister voor Wonen, Wijken en Integratie kan projectsubsidies verstrekken voor activiteiten, die:
Onze Minister kan subsidie verstrekken aan een rechtspersoon voor:
a. de integratie van etnische groepen in de Nederlandse samenleving bevorderen;
b. de criminaliteit van bedoelde groepen voorkomen.
a. de instandhouding van een expertisecentrum dat gespecialiseerd is in zaken op het gebied van parentale internationale kinderontvoering;
b. overige activiteiten op het gebied van parentale internationale kinderontvoering.
**2.** De artikelen 3 tot en met 5 zijn van overeenkomstige toepassing.
**2.** Op een subsidie als bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder a, is afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.
**3.** Onze Minister kan een subsidieplafond vaststellen voor activiteiten als bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder b. Hij bepaalt daarbij hoe het beschikbare bedrag wordt verdeeld.
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het bepaalde in het eerste lid.
## Hoofdstuk 5. OVERIGE SUBSIDIES