diff --git a/amvb/besluit-studiefinanciering-2000/BWBR0011545/README.md b/amvb/besluit-studiefinanciering-2000/BWBR0011545/README.md index b932a4204bd..500af3e157b 100644 --- a/amvb/besluit-studiefinanciering-2000/BWBR0011545/README.md +++ b/amvb/besluit-studiefinanciering-2000/BWBR0011545/README.md @@ -116,7 +116,7 @@ Vervallen Aanspraak op aanvullende beurs als bedoeld in artikel 3.14, eerste lid, van de wet, voor wat betreft de aanvullende lening die voortvloeit uit de veronderstelde ouderlijke bijdrage van de weigerachtige of onvindbare ouder, bestaat in ieder geval, indien: a. sprake is van een ernstig en structureel conflict tussen ouder en studerende, -b. het gezag van de ouder is beƫindigd, +b. het gezag van de ouder is beƫindigd op grond van artikel 266 of 267 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, c. de studerende geen contact met de ouder heeft, d. sprake is van voor de studerende niet inbare alimentatie als bedoeld in titel 17 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, of e. gegevens over de verblijfplaats van de ouder niet kunnen worden achterhaald.