2014-01-01 | BWBR0034554 | Besluit vermindering verhuurderheffing 2014

This commit is contained in:
Coornhert 2014-01-01 12:00:00 +00:00
parent 50582223a9
commit 69b85a6e1a

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Besluit vermindering verhuurderheffing 2014
bwb_id: BWBR0034554
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2019-02-01'
datum_inwerkingtreding: '2014-01-01'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0034554
citeertitel: Besluit vermindering verhuurderheffing 2014
---
@ -14,25 +14,7 @@ citeertitel: Besluit vermindering verhuurderheffing 2014
### Artikel 1
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- *energielabelklasse:* energielabelklasse als bedoeld in artikel 2.1, achtste lid, van het Besluit energieprestatie gebouwen;
- *Wet:*
Wet maatregelen woningmarkt 2014 II.
## Hoofdstuk 1a. Vrijstelling van verhuurderheffing
### Artikel 1a
**1.** De aanvraag, bedoeld in artikel 1.6, zevende lid, van de wet wordt uiterlijk op 1 juli van het jaar volgend op het jaar van verwerving in eigendom respectievelijk realisatie van de huurwoning ingediend, om de betreffende woning voor vrijstelling in dat heffingsjaar in aanmerking te laten komen.
**2.** Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke gegevens moeten worden verstrekt bij de aanvraag, bedoeld in artikel 1.6, zevende lid, van de wet.
## Hoofdstuk 1b. Bewijsstukken heffingsvermindering
### Artikel 1b
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de bewijsstukken die de belastingplichtige, bedoeld in artikel 1.4 van de wet, moet overleggen om in aanmerking te komen voor de heffingsvermindering.
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder wet verstaan: Wet maatregelen woningmarkt 2014 II.
## Hoofdstuk 2. Grootschalige en kleinschalige verbouw
@ -40,7 +22,7 @@ Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de bewijs
**1.**
Onder grootschalige verbouw van huurwoningen als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel e, van de wet worden de volgende werkzaamheden of combinaties van werkzaamheden verstaan voor zover de investeringskosten voor die werkzaamheden of die combinaties per huurwoning meer bedragen dan € 62.500:
Onder grootschalige verbouw van huurwoningen als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b, van de wet worden de volgende werkzaamheden of combinaties van werkzaamheden verstaan voor zover de investeringskosten voor die werkzaamheden of die combinaties per huurwoning meer bedragen dan € 37.500:
a. het herstel van funderingen;
b. het herstel of de vervanging van wanden, gevels, buitenkozijnen, buitenramen en buitendeuren;
@ -50,13 +32,13 @@ e. het aanbrengen van liftconstructies;
f. een combinatie van de werkzaamheden, genoemd in de onderdelen a tot en met e, al dan niet in combinatie met de werkzaamheden, genoemd in artikel 3, eerste lid, onderdelen a tot en met o, of
g. werkzaamheden die noodzakelijkerwijs voortvloeien uit of samenhangen met de werkzaamheden of de combinatie van werkzaamheden, genoemd in de onderdelen a tot en met f.
**2.** Onder grootschalige verbouw van huurwoningen als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel e, van de wet wordt tevens verstaan een combinatie van de werkzaamheden, genoemd in artikel 3, eerste lid, onderdelen a tot en met o, voor zover de investeringskosten van die combinatie per huurwoning meer bedragen dan € 62.500.
**2.** Onder grootschalige verbouw van huurwoningen als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel b, van de wet wordt tevens verstaan een combinatie van de werkzaamheden, genoemd in artikel 3, eerste lid, onderdelen a tot en met o, voor zover de investeringskosten van die combinatie per huurwoning meer bedragen dan € 45.000.
### Artikel 3
**1.**
Onder kleinschalige verbouw van huurwoningen als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel h, van de wet worden de volgende werkzaamheden of combinaties van werkzaamheden verstaan voor zover de investeringskosten voor die werkzaamheden of die combinaties per huurwoning meer bedragen dan € 25.000, doch minder bedragen dan of gelijk zijn aan € 62.500:
Onder kleinschalige verbouw van huurwoningen als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel e, van de wet worden de volgende werkzaamheden of combinaties van werkzaamheden verstaan voor zover de investeringskosten voor die werkzaamheden of die combinaties per huurwoning meer bedragen dan € 25.000, doch minder bedragen dan of gelijk zijn aan € 45.000:
a. het opheffen van optrekkend of doorslaand vocht en van overmatig condensvocht inclusief zwambestrijding;
b. het herstel of de vervanging van dakconstructies, dakbedekkingen, goten en hemelwaterafvoer;
@ -74,56 +56,16 @@ m. het herstel van historische gevels;
n. een combinatie van de werkzaamheden, genoemd in de onderdelen a tot en met m, of
o. werkzaamheden die noodzakelijkerwijs voortvloeien uit of samenhangen met de werkzaamheden of de combinatie van werkzaamheden, genoemd in de onderdelen a tot en met n.
**2.** Onder kleinschalige verbouw van huurwoningen als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel h, van de wet wordt tevens verstaan de werkzaamheden of een combinatie van de werkzaamheden, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdelen a tot en met g, al dan niet in combinatie met de werkzaamheden, genoemd in het eerste lid, onderdelen a tot en met o, voor zover de investeringskosten voor die werkzaamheden of die combinaties per huurwoning minder bedragen dan of gelijk zijn aan € 62.500.
**2.** Onder kleinschalige verbouw van huurwoningen als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel e, van de wet wordt tevens verstaan de werkzaamheden of een combinatie van de werkzaamheden, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdelen a tot en met g, al dan niet in combinatie met de werkzaamheden, genoemd in het eerste lid, onderdelen a tot en met o, voor zover de investeringskosten voor die werkzaamheden of die combinaties per huurwoning minder bedragen dan of gelijk zijn aan € 37.500.
### Artikel 3a
Vervallen
### Artikel 3b
Indien toepassing wordt gegeven aan artikel 1.11, vierde lid, van de wet, kunnen bij ministeriële regeling de in de artikelen 2, eerste en tweede lid, en 3, eerste en tweede lid, genoemde bedragen worden gewijzigd.
## Hoofdstuk 3. Heffingsvermindering verduurzaming
## Hoofdstuk 3. Wijziging van de inkomensgrenzen
### Artikel 4
**1.** Een verduurzaming van categorie 1 als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel k, van de wet, is de verduurzaming van de huurwoning met een energielabelklasse G naar een energielabelklasse beter dan A++.
**2.**
Een verduurzaming van categorie 2 als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel l, van de wet, is de verduurzaming van de huurwoning:
a. met een energielabelklasse G naar een energielabelklasse A+ of beter;
b. met een energielabelklasse F naar een energielabelklasse A++ of beter; of
c. met een energielabelklasse E of F naar een energielabelklasse beter dan A++.
**3.**
Een verduurzaming van categorie 3 als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel m, van de wet, is de verduurzaming van de huurwoning:
a. met een energielabelklasse G naar een energielabelklasse B of beter;
b. met een energielabelklasse F naar een energielabelklasse A of beter;
c. met een energielabelklasse E of F naar een energielabelklasse A+ of beter;
d. met een energielabelklasse D of E naar een energielabelklasse A++ of beter; of
e. met een energielabelklasse C of D naar een energielabelklasse beter dan A++.
**4.**
Een verduurzaming van categorie 4 als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdeel n, van de wet, is een verduurzaming van de huurwoning:
a. met een energielabelklasse E of F naar een energielabelklasse B of beter;
b. met een energielabelklasse D of E naar een energielabelklasse A of beter;
c. met een energielabelklasse C of D naar een energielabelklasse A+ of beter;
d. met een energielabelklasse B of C naar een energielabelklasse A++ of beter; of
e. met energielabelklasse A naar een energielabelklasse beter dan A++.
De bedragen, genoemd in de artikelen 1, eerste lid, onderdeel a, en 10, tweede lid, eerste volzin, onderdelen a en b, van de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte, worden bij ministeriële regeling met ingang van 1 januari van elk jaar, voor het eerst op 1 januari 2014, gewijzigd met het percentage waarmee per 1 januari van het peiljaar het bedrag, genoemd in artikel 18, eerste lid, onderdeel d, van de Wet op de huurtoeslag, is gewijzigd.
## Hoofdstuk 4. Slotbepalingen
### Artikel 4a
Een verduurzaming als bedoeld in artikel 1.11, eerste lid, onderdelen k, l, m of n, van de wet, waarvoor een voorlopige investeringsverklaring is afgegeven voor 1 januari 2020, wordt beoordeeld overeenkomstig artikel 4 zoals dat luidde op 31 december 2020.
### Artikel 5
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2014.