2015-07-01 | BWBR0011470 | Wet personenvervoer 2000

This commit is contained in:
Coornhert 2015-07-01 12:00:00 +00:00
parent 4b0eb8f650
commit 6a84ef0d50

View file

@ -287,7 +287,7 @@ Vervallen
**3.** Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor grensoverschrijdend personenvervoer per trein waarbij slechts een station in Nederland wordt aangedaan.
**4.** Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor grensoverschrijdend personenvervoer per trein indien daarvan overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van de Spoorwegwet melding is gemaakt en daarvoor geen aanvraag als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, is gedaan.
**4.** Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor grensoverschrijdend personenvervoer per trein indien daarvan overeenkomstig artikel 57, vierde lid, van de Spoorwegwet melding is gemaakt en daarvoor geen aanvraag als bedoeld in artikel 19a, tweede lid, is gedaan.
**5.**
@ -319,18 +319,18 @@ c. de omzet van het openbaar vervoer hoofdzakelijk afkomstig is van de reizigers
### Artikel 19a
**1.** De Autoriteit Consument en Markt doet zo spoedig mogelijk na ontvangst van een melding als bedoeld in artikel 57, tweede of derde lid, van de Spoorwegwet, mededeling van die melding in de Staatscourant en aan de betrokken concessieverleners en concessiehouders en vermeldt daarbij de mogelijkheid van een aanvraag als bedoeld in het tweede lid, en de termijn voor indiening van die aanvraag.
**1.** De Autoriteit Consument en Markt doet zo spoedig mogelijk na ontvangst van een melding als bedoeld in artikel 57, vierde of vijfde lid, van de Spoorwegwet, mededeling van die melding in de Staatscourant en aan de betrokken concessieverleners en concessiehouders en vermeldt daarbij de mogelijkheid van een aanvraag als bedoeld in het tweede lid, en de termijn voor indiening van die aanvraag.
**2.**
De Autoriteit Consument en Markt stelt op daartoe strekkende aanvraag van een of meer concessieverleners of concessiehouders of de beheerder, bedoeld in artikel 1, onderdeel h, van de Spoorwegwet, vast of het ingevolge artikel 57, tweede of derde lid van de Spoorwegwet, gemelde voorgenomen vervoer:
De Autoriteit Consument en Markt stelt op daartoe strekkende aanvraag van een of meer concessieverleners of concessiehouders of de beheerder, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Spoorwegwet, vast of het ingevolge artikel 57, vierde of vijfde lid, van de Spoorwegwet, gemelde voorgenomen vervoer:
a. internationaal passagiersvervoer als hoofddoel heeft, of
b. het daarvan deel uitmakende vervoer van passagiers tussen stations in Nederland het economisch evenwicht van een of meer concessies van een spoorwegonderneming in gedrang brengt.
**3.** De Autoriteit Consument en Markt geeft de beschikking op de aanvraag binnen acht weken na ontvangst van de overeenkomstig artikel 6b van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt gevorderde gegevens en bescheiden.
**4.** De Autoriteit Consument en Markt doet mededeling van de aanvraag, en van de beschikking, bedoeld in het derde lid, aan de betrokken beheerder, bedoeld in artikel 1, onderdeel h, van de Spoorwegwet en doet mededeling van die beschikking in de Staatscourant.
**4.** De Autoriteit Consument en Markt doet mededeling van de aanvraag, en van de beschikking, bedoeld in het derde lid, aan de betrokken beheerder, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Spoorwegwet en doet mededeling van die beschikking in de Staatscourant.
**5.**
@ -556,7 +556,7 @@ b. een indirect ten behoeve van de verrichting van het openbaar vervoer waarvoor
**3.** De concessieverlener oefent zijn in het tweede lid neergelegde afwijkingsbevoegdheid slechts uit, indien hij voorafgaand aan de toepassing van artikel 27 dan wel artikel 44, derde lid, ter zake een beleidsregel heeft vastgesteld.
**4.** Indien toepassing van het eerste lid leidt tot overgang van een arbeidsplaats die niet herleidbaar is tot een individu, gaan naar de nieuwe concessiehouder over de rechten en verplichtingen, omschreven in artikel 38, die op dat tijdstip voor de voormalige concessiehouder voortvloeien uit de privaatrechtelijke of publiekrechtelijke arbeidsverhouding tussen hem en de persoon die, ware er sprake van een beëindiging van de arbeidsverhouding waarop het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 van toepassing is wegens bedrijfseconomische redenen, waarbij die arbeidsplaatsen zouden komen te vervallen, voor ontslag in aanmerking zou komen met inachtneming van de daarvoor geldende regels.
**4.** Indien toepassing van het eerste lid leidt tot overgang van een arbeidsplaats die niet herleidbaar is tot een individu, gaan naar de nieuwe concessiehouder over de rechten en verplichtingen, omschreven in artikel 38, die op dat tijdstip voor de voormalige concessiehouder voortvloeien uit de privaatrechtelijke of publiekrechtelijke arbeidsverhouding tussen hem en de persoon die, ware er sprake van een beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische omstandigheden waarop artikel 669, derde lid, onderdeel a, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing is, waarbij die arbeidsplaatsen zouden komen te vervallen, voor ontslag in aanmerking zou komen met inachtneming van de daarvoor geldende regels.
**5.** De voormalige concessiehouder is gedurende een jaar na de overgang naast de nieuwe concessiehouder hoofdelijk verbonden voor de nakoming van de verplichtingen uit de arbeidsverhouding die zijn ontstaan voor dat tijdstip.