diff --git a/zbo/tarievenregeling-kadaster/BWBR0037196/README.md b/zbo/tarievenregeling-kadaster/BWBR0037196/README.md index 8a81eac806d..ebdbc8f5f09 100644 --- a/zbo/tarievenregeling-kadaster/BWBR0037196/README.md +++ b/zbo/tarievenregeling-kadaster/BWBR0037196/README.md @@ -112,7 +112,7 @@ c. een mededeling omtrent de gekozen woonplaats inzake een schip. Voor het op verzoek vormen van percelen, anders dan bedoeld in artikel 7, derde lid, is per nieuw te vormen perceel verschuldigd, indien: a. percelen moeten worden gevormd met voorlopige grenzen: € 95,–, onverminderd de toepassing van het tarief overeenkomstig onderdeel d dan wel artikel 7, eerste lid; -b. percelen moeten worden gevormd anders dan bedoeld in onderdeel a met een oppervlakte van ten hoogste 100 centiare: € 150,–, met dien verstande dat de vorming ervan noodzakelijk is om de kadastrale grens tussen twee percelen in overeenstemming te brengen met het werkelijke gebruik; +b. percelen moeten worden gevormd anders dan bedoeld in onderdeel a met een oppervlakte van ten hoogste 100 centiare: € 156,–, met dien verstande dat de vorming ervan noodzakelijk is om de kadastrale grens tussen twee percelen in overeenstemming te brengen met het werkelijke gebruik; c. percelen moeten worden gevormd anders dan bedoeld in onderdelen a en b: € 420; d. de voorlopige grenzen, bedoeld in onderdeel a, definitief moeten worden ingemeten of geverifieerd: € 420; e. uitsluitend percelen op verzoek van een eigenaar of beperkt gerechtigde moeten worden samengevoegd: € 91,50, met dien verstande dat het samenvoegen van percelen, inclusief het verrichten van correcties van voorlopige grenzen, door middel van een door de Dienst aangeboden geautomatiseerde procedure, kosteloos is. @@ -121,8 +121,8 @@ e. uitsluitend percelen op verzoek van een eigenaar of beperkt gerechtigde moete Indien 50 of meer nieuw te vormen percelen als één samenhangend project kunnen worden ingemeten, is in afwijking van het eerste lid, onderdelen c en d, per perceel verschuldigd: -a. indien het een perceel betreft van ten hoogste 100 centiare: € 150,–; -b. in andere gevallen: € 345,–. +a. indien het een perceel betreft van ten hoogste 100 centiare: € 156,–; +b. in andere gevallen: € 342,–. ### Artikel 7 @@ -130,7 +130,7 @@ b. in andere gevallen: € 345,–. Onverminderd de verschuldigdheid van het tarief overeenkomstig artikel 2, is voor de inschrijving van een stuk, dat leidt tot een verkrijging onder bijzondere titel als bedoeld in artikel 80, derde lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek, of tot splitsing in appartementsrechten, van een perceel met een voorlopige grens als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel a, per perceel verschuldigd: -a. voor zover het perceel een oppervlakte heeft van ten hoogste 100 centiare en blijkens het stuk ten aanzien van dat perceel sprake is van een koopsom of tegenprestatie met een waarde van ten hoogste € 5.000,–, of, bij het ontbreken van een koopsom of tegenprestatie, een waarde van ten hoogste € 5.000,–: € 55,–; +a. voor zover het perceel een oppervlakte heeft van ten hoogste 100 centiare en blijkens het stuk ten aanzien van dat perceel sprake is van een koopsom of tegenprestatie met een waarde van ten hoogste € 6.500,–, of, bij het ontbreken van een koopsom of tegenprestatie, een waarde van ten hoogste € 6.500,–: € 61,–; b. in alle andere gevallen: € 630,–. **2.** @@ -158,7 +158,7 @@ b. uit een enkelvoudige splitsing van een definitief gevormd perceel, het betref **5.** Voor de controle op inschrijvingsvereisten van een niet door de Dienst vervaardigde netwerktekening is verschuldigd: achtmaal het bedrag, genoemd in artikel 27, onderdeel b, vermeerderd met € 36,– per tekening. -**6.** Voor het verrichten van een onderzoek naar ingeschreven beslagen en eisen tot vaststelling van de eigendom op grond van artikel 155 van de Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek, is per netwerk verschuldigd: € 50,–. +**6.** Voor het verrichten van een onderzoek naar ingeschreven beslagen en eisen tot vaststelling van de eigendom op grond van artikel 155 van de Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek, is per netwerk verschuldigd: € 52,–. ### Artikel 9 @@ -198,17 +198,17 @@ d. bij raadpleging op een van de kantoren van de Dienst: € 32,–. Voor het verrichten van onderzoeken in de openbare registers en een rechtszekerheidsregistratie is per object verschuldigd: -a. indien het een onderzoek betreft naar een specifiek ingeschreven notariële akte of ander specifiek ingeschreven stuk, een filiatie of eigendomsinformatie van een specifieke datum: € 50,–; +a. indien het een onderzoek betreft naar een specifiek ingeschreven notariële akte of ander specifiek ingeschreven stuk, een filiatie of eigendomsinformatie van een specifieke datum, respectievelijk van de afgifte van een verklaring als bedoeld in artikel 101, tweede lid, of 102, tweede lid, van de wet: € 52,–; b. indien het een periode-onderzoek betreft: -1. teruggaand tot maximaal het jaar 1989: € 75,–; -2. teruggaand tot maximaal het jaar 1950: € 150,–; -3. teruggaand tot maximaal het jaar 1838: € 275,–; -4. over een andere aangevraagde periode die ten hoogste vijftig jaar beslaat: € 150,–; +1. teruggaand tot maximaal het jaar 1989: € 78,–; +2. teruggaand tot maximaal het jaar 1950: € 156,–; +3. teruggaand tot maximaal het jaar 1838: € 286,–; +4. over een andere aangevraagde periode die ten hoogste vijftig jaar beslaat: € 156,–; c. indien het een onderzoek naar erfdienstbaarheden betreft, teruggaand tot maximaal: -1. het jaar 1950: € 150,–; -2. het jaar 1838: € 275,–; +1. het jaar 1950: € 156,–; +2. het jaar 1838: € 286; d. indien het andere onderzoeken betreft, het tarief als bedoeld in artikel 27, onderdeel b per kwartier te besteden tijd. ### Paragraaf 7. Raadplegen en verstrekken van gegevens uit registraties @@ -228,7 +228,7 @@ b. voor een checkservice, per raadpleging: € 0,30. **4.** -Voor de niet-geautomatiseerde verstrekking van een afschrift of een uittreksel als bedoeld in artikel 100, 101, eerste lid, of 102, eerste lid, van de wet, respectievelijk van een verklaring als bedoeld in artikel 101, tweede lid, of 102, tweede lid, van de wet is per object voor een hypothecair of een kadastraal bericht verschuldigd: +Voor de niet-geautomatiseerde verstrekking van een afschrift of een uittreksel als bedoeld in artikel 100, 101, eerste lid, of 102, eerste lid, van de wet, is per object voor een hypothecair of een kadastraal bericht verschuldigd: a. bij toezending per elektronische post: € 16,–; b. bij toezending in papieren vorm: € 18,–. @@ -287,7 +287,7 @@ b. ingeval in het afschrift meer dan 1.000.000 objecten zijn betrokken, per obje **3.** Na de eerste verstrekking, bedoeld in het tweede lid, is per kalenderjaar voor een abonnement op deze gegevens per 1.000 objecten verschuldigd: € 210,–. -**4.** Voor het opnieuw verstrekken van eerder verstrekte gegevens in het kader van een abonnement als bedoeld in het derde lid, is per verstrekking verschuldigd: achtmaal het bedrag, genoemd in artikel 27, onderdeel b. +**4.** Voor het opnieuw verstrekken van eerder verstrekte gegevens in het kader van een abonnement als bedoeld in het derde lid, is per verstrekking verschuldigd: het bedrag, genoemd in artikel 27, onderdeel b, per kwartier te besteden tijd. **5.** Voor een tweede mutatie-abonnement is eenmalig verschuldigd: zestien maal het bedrag, genoemd in artikel 27, onderdeel b. @@ -444,7 +444,10 @@ Voor een agrarisch rapport is verschuldigd: a. tot 15 percelen: € 54,–; b. tot 30 percelen: € 72,–; -c. tot 45 percelen: € 90,–. +c. tot 45 percelen: € 90,–; +d. tot 60 percelen: € 108,–; +e. tot 75 percelen: € 126,–; +f. tot 90 percelen: € 144,–. ### Artikel 22 @@ -535,13 +538,13 @@ c. vanaf de 100.001ste maphit, per maphit: € 0,03, tot een maximumbedrag van ### Artikel 25 -Voor het doen van een oriëntatieverzoek of een graafmelding als bedoeld in artikel 7 of 8 van de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten is verschuldigd: € 13,50. Dit tarief geldt ook voor een calamiteitenmelding als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van het Besluit informatie-uitwisseling ondergrondse netten en een INSPIRE aanvraag netinformatie die, overeenkomstig de Implementatiewet EG-richtlijn infrastructuur ruimtelijke informatie, als een ruimtelijke gegeven wordt verstrekt. +Voor het doen van een oriëntatieverzoek of een graafmelding als bedoeld in artikel 7 of 8 van de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten is verschuldigd: € 11,50. Dit tarief geldt ook voor een calamiteitenmelding als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van het Besluit informatie-uitwisseling ondergrondse netten en een INSPIRE aanvraag netinformatie die, overeenkomstig de Implementatiewet EG-richtlijn infrastructuur ruimtelijke informatie, als een ruimtelijke gegeven wordt verstrekt. ### Paragraaf 12. Uitzonderingen voor overheidsorganisaties ### Artikel 26 -**1.** Indien gegevens als bedoeld in artikel 13, eerste, tweede, vijfde lid, onderdeel a en zesde lid, artikel 14, artikel 15, tweede en derde lid, artikel 16, artikel 17, tweede lid, artikel 22, vijfde lid, onderdeel a en b, voor zover het de perceelstarieven betreft, worden gebruikt door een overheidsorganisatie als genoemd op ‘almanak.overheid.nl’ voor de uitoefening van een openbare taak, worden deze gegevens kosteloos verstrekt. +**1.** Indien gegevens als bedoeld in artikel 13, eerste, tweede, vijfde lid, onderdeel a en zesde lid, artikel 14, artikel 15, tweede en derde lid, artikel 16, artikel 17, tweede lid, artikel 22, vijfde lid, onderdeel a en b, voor zover het de perceelstarieven betreft, worden gebruikt door een overheidsorganisatie als genoemd op ‘organisaties.overheid.nl’ voor de uitoefening van een openbare taak, worden deze gegevens kosteloos verstrekt. **2.** In afwijking van het eerste lid is de aldaar bedoelde kosteloze verstrekking van gegevens niet van toepassing op notarissen en gerechtsdeurwaarders. @@ -555,16 +558,16 @@ Voor het doen van een oriëntatieverzoek of een graafmelding als bedoeld in arti Voor het uitvoeren van andere werkzaamheden op grond van de wet dan genoemd in deze regeling is per kwartier, of een gedeelte van een kwartier dat een medewerker van de Dienst daaraan heeft besteed, verschuldigd: -a. indien het een administratief medewerker betreft: € 20,50; -b. indien het een juridisch medewerker of technisch medewerker betreft: € 25,–; -c. indien het een senior juridisch medewerker of senior technisch medewerker betreft: € 27,50; -d. indien het een projectleider of technisch specialist betreft: € 30,50; -e. indien het een assistent projectmanager of GIS-specialist betreft: € 33,50; -f. indien het een projectmanager of senior GIS-specialist betreft: € 36,–. +a. indien het een administratief medewerker betreft: € 21,25; +b. indien het een juridisch medewerker of technisch medewerker betreft: € 26,–; +c. indien het een senior juridisch medewerker of senior technisch medewerker betreft: € 28,50; +d. indien het een projectleider of technisch specialist betreft: € 31,75; +e. indien het een assistent projectmanager of GIS-specialist betreft: € 34,75; +f. indien het een projectmanager of senior GIS-specialist betreft: € 37,50. ### Artikel 28 -Voor het op verzoek door de Dienst technisch vervaardigen, aanpassen of vormgeven van een kadasterstylesheet, dan wel het goedkeuren van een door een derde vervaardigde stylesheet, is per door de Dienst besteed kwartier, of een gedeelte van een kwartier, verschuldigd: € 44,–. +Voor het op verzoek door de Dienst technisch vervaardigen, aanpassen of vormgeven van een kadasterstylesheet, dan wel het goedkeuren van een door een derde vervaardigde stylesheet, is per door de Dienst besteed kwartier, of een gedeelte van een kwartier, verschuldigd: € 45,75. ### Artikel 29