2024-03-30 | BWBR0048365 | Subsidieregeling LLO-Katalysator (LLO-oplossingen energie- en grondstoffentransitie 2023–2026)
This commit is contained in:
parent
fdcb3e8c44
commit
6b802ffb69
1 changed files with 37 additions and 19 deletions
|
|
@ -79,9 +79,14 @@ Voor subsidieverstrekking op aanvragen die in de eerste aanvraagronde, bedoeld i
|
|||
a. € 2.250.000 beschikbaar is voor kleine projecten; en
|
||||
b. € 15.250.000 beschikbaar is voor grote projecten.
|
||||
|
||||
**2.** De subsidieplafonds voor de aanvraagronden als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdelen b en c, zullen door wijziging van deze regeling aan deze regeling worden toegevoegd. Daarbij wordt eveneens een onderverdeling gemaakt tussen het bedrag dat beschikbaar is voor kleine projecten, en het bedrag dat beschikbaar is voor grote projecten.
|
||||
**1a.**
|
||||
|
||||
**3.** Indien een beschikbaar bedrag voor een aanvraagronde als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel a of onderdeel b, niet volledig wordt benut, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het bedrag dat in de daaropvolgende aanvraagronde beschikbaar is.
|
||||
Voor subsidieverstrekking op aanvragen die in de tweede aanvraagronde, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, zijn ingediend, is een bedrag van € 20.500.000 beschikbaar, waarvan:
|
||||
|
||||
a. € 1.000.000 beschikbaar is voor kleine projecten; en
|
||||
b. € 19.500.000 beschikbaar is voor grote projecten.
|
||||
|
||||
**2.** De subsidieplafonds voor de aanvraagronde, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel c, zullen door wijziging van deze regeling aan deze regeling worden toegevoegd. Daarbij wordt eveneens een onderverdeling gemaakt tussen het bedrag dat beschikbaar is voor kleine projecten, en het bedrag dat beschikbaar is voor grote projecten.
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
|
|
@ -314,29 +319,34 @@ Aan de penvoerder die subsidie ontvangt voor een groot project, worden de volgen
|
|||
a. het project wordt afgerond binnen een termijn van ten hoogste vier kalenderjaren, gerekend vanaf het moment van subsidieverlening;
|
||||
b. de penvoerder van het samenwerkingsverband zendt jaarlijks een voortgangsrapportage aan de minister met gebruikmaking van het format dat daartoe door DUS-I beschikbaar is gesteld, voor de eerste keer een jaar na de datum van de subsidieverlening, gedurende de looptijd van het project aan de minister met uitzondering van het laatste jaar;
|
||||
c. de penvoerder zendt binnen 13 weken na de afronding van het project, doch uiterlijk binnen 13 weken na het einde van de in onderdeel a bedoelde termijn, een eindrapportage aan de minister met daarin een model van de LLO-oplossing, die is opgesteld met gebruikmaking van het format dat daartoe door DUS-I beschikbaar is gesteld;
|
||||
d. de penvoerder verleent gedurende de looptijd van de regeling op verzoek van de minister medewerking aan regionale of sectorale bijeenkomsten om aldaar de opgedane inzichten van het project toe te lichten;
|
||||
e. de penvoerder verleent gedurende vijf jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening medewerking aan een evaluatie van de doeltreffendheid en de effecten van de aan hem verleende subsidie, voor zover medewerking redelijkerwijs van hem kan worden verlangd;
|
||||
f. de penvoerder voert met betrekking tot de financiering van en de kosten en inkomsten uit economische activiteiten een gescheiden boekhouding, indien de penvoerder naast niet-economische activiteiten ook economische activiteiten verricht;
|
||||
g. de activiteiten bevoordelen geen individuele ondernemingen;
|
||||
h. de penvoerder maakt alle resultaten van activiteiten voor eenieder zonder onderscheid kosteloos toegankelijk en kan hiervoor de standaardlicentie CC-BY-SA, versie 4.0 van Creative Commons hanteren;
|
||||
i. de penvoerder verleent opdrachten aan derden voor uitvoering van de activiteiten, of een deel daarvan, op basis van transparante criteria en tegen marktconforme tarieven en houdt zich aan de toepasselijke wet- en regelgeving;
|
||||
j. de administratie en de daartoe behorende bescheiden worden gedurende 10 jaren na de vaststelling van de subsidie bewaard.
|
||||
d. indien sprake is van een subsidietoekenning als bedoeld in artikel 27, zesde lid, is de penvoerder verplicht om binnen vier maanden na ontvangst van de beschikkingsbrief een rapportage aan de Minister te sturen waarin hij aantoont dat de in de beschikking gestelde verbeteringen zijn doorgevoerd, en voert hij een toelichtingsgesprek met de beoordelingscommissie over de rapportage en de voortgang van het project. De beoordelingscommissie adviseert vervolgens de Minister over continuering van het project;
|
||||
e. de penvoerder verleent gedurende de looptijd van de regeling op verzoek van de minister medewerking aan regionale of sectorale bijeenkomsten om aldaar de opgedane inzichten van het project toe te lichten;
|
||||
f. de penvoerder verleent gedurende vijf jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening medewerking aan een evaluatie van de doeltreffendheid en de effecten van de aan hem verleende subsidie, voor zover medewerking redelijkerwijs van hem kan worden verlangd;
|
||||
g. de penvoerder voert met betrekking tot de financiering van en de kosten en inkomsten uit economische activiteiten een gescheiden boekhouding, indien de penvoerder naast niet-economische activiteiten ook economische activiteiten verricht;
|
||||
h. de activiteiten bevoordelen geen individuele ondernemingen;
|
||||
i. de penvoerder maakt alle resultaten van activiteiten voor eenieder zonder onderscheid kosteloos toegankelijk en kan hiervoor de standaardlicentie CC-BY-SA, versie 4.0 van Creative Commons hanteren;
|
||||
j. de penvoerder verleent opdrachten aan derden voor uitvoering van de activiteiten, of een deel daarvan, op basis van transparante criteria en tegen marktconforme tarieven en houdt zich aan de toepasselijke wet- en regelgeving;
|
||||
k. de administratie en de daartoe behorende bescheiden worden gedurende 10 jaren na de vaststelling van de subsidie bewaard.
|
||||
|
||||
### Artikel 24
|
||||
|
||||
**1.** Indien een aanvraag ingevolge artikel 27 voor subsidie in aanmerking komt, verleent de minister de subsidie. De Minister besluit binnen 22 weken op de aanvragen voor grote projecten.
|
||||
|
||||
**2.** De verantwoording over de verleende subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs met model G, onderdeel 2.
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid besluit de Minister voor subsidieaanvragen die zijn toegekend met een aanvullende verplichting als bedoeld in artikel 27, zesde lid, binnen 13 weken na ontvangst van de rapportage, bedoeld in artikel 23, onderdeel d, of het project alsnog als voldoende wordt beoordeeld. Indien de Minister op basis van de rapportage en het advies van de beoordelingscommissie op basis van het toelichtingsgesprek, het project als onvoldoende beoordeelt, kan de subsidieontvanger de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, niet voortzetten. De subsidieontvanger verantwoordt de niet-afgeronde activiteiten onder toepassing van het derde lid.
|
||||
|
||||
**3.** De penvoerder toont via een activiteitenverslag aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn.
|
||||
**3.** De verantwoording over de verleende subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs met model G, onderdeel 2.
|
||||
|
||||
**4.** De subsidie wordt uitsluitend besteed aan de activiteiten waarvoor deze wordt verleend. Niet-bestede middelen worden teruggevorderd.
|
||||
**4.** De penvoerder toont via een activiteitenverslag aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn.
|
||||
|
||||
**5.** De Minister stelt de subsidie vast binnen een jaar na ontvangst van de jaarverslaggeving over het laatste jaar van de projectperiode.
|
||||
**5.** De subsidie wordt uitsluitend besteed aan de activiteiten waarvoor deze wordt verleend. Niet-bestede middelen worden teruggevorderd.
|
||||
|
||||
**6.** De Minister stelt de subsidie vast binnen een jaar na ontvangst van de jaarverslaggeving over het laatste jaar van de projectperiode.
|
||||
|
||||
### Artikel 25
|
||||
|
||||
De subsidie voor een groot project wordt ieder kwartaal bij voorschot verleend, waarbij het eerste voorschot 35% van de totale toegekende subsidie bedraagt en de overige voorschotten als gelijke delen van het resterende subsidiebedrag worden uitgekeerd.
|
||||
**1.** De subsidie voor een groot project wordt ieder kwartaal bij voorschot verleend, waarbij het eerste voorschot 35% van de totale toegekende subsidie bedraagt en de overige voorschotten als gelijke delen van het resterende subsidiebedrag worden uitgekeerd.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid, wordt voor een toegekende subsidie op een aanvraag met beoordeling bijna voldoende als bedoeld in artikel 27, zesde lid, een voorschot toegekend van 20% van de totale toegekende subsidie. Na een positief besluit van de Minister op de rapportage, bedoeld in artikel 24, tweede lid, wordt de resterende 80% van het toegekende subsidiebedrag bevoorschot in gelijke delen per kwartaal van de resterende subsidieperiode.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 4. Beoordeling subsidieaanvragen en verdeling subsidie
|
||||
|
||||
|
|
@ -350,11 +360,17 @@ De subsidie voor een groot project wordt ieder kwartaal bij voorschot verleend,
|
|||
|
||||
**4.** Aanvragen voor kleine projecten worden alleen schriftelijk beoordeeld als voldoende of onvoldoende.
|
||||
|
||||
**5.** Aanvragen voor grote projecten die als voldoende zijn beoordeeld worden gerangschikt op basis van hun score zodanig dat een hoger toegekende puntenscore ook leidt tot een hogere rangschikking.
|
||||
**5.** Aanvragen voor grote projecten worden beoordeeld als voldoende, bijna voldoende of onvoldoende.
|
||||
|
||||
**6.** Voor aanvragen van kleine en grote projecten geldt dat de minimale score voldoende moet zijn op elk van de in bijlage 1 bedoelde criteria Impact, Kwaliteit en Verankering, om van een positief advies voorzien te worden.
|
||||
**6.** Aanvragen voor grote projecten die als voldoende zijn beoordeeld worden gerangschikt op basis van hun score zodanig dat een hoger toegekende puntenscore ook leidt tot een hogere rangschikking.
|
||||
|
||||
**7.**
|
||||
**7.** Voor aanvragen van kleine en grote projecten geldt dat de minimale score voldoende moet zijn op elk van de in bijlage 1 bedoelde criteria Impact, Kwaliteit en Verankering, om direct van een positief advies voorzien te worden.
|
||||
|
||||
**8.** De beoordelingscommissie kan adviseren om aanvragen voor grote projecten die niet op elk van de in bijlage 1 bedoelde criteria Impact, Kwaliteit en Verankering een voldoende scoren en waarbij het aannemelijk is dat het project met een extra kwaliteitsslag alsnog als voldoende kan worden beoordeeld, te beoordelen als bijna voldoende, waarbij de commissie adviseert over de verbeteringen die de subsidieaanvrager binnen uiterlijk vier maanden na ontvangst van de beschikking dient door te voeren om alsnog als voldoende te worden beoordeeld.
|
||||
|
||||
**9.** Aanvragen die zijn beoordeeld als bijna voldoende komen uitsluitend in aanmerking voor een positief advies en worden uitsluitend onderling gerangschikt, indien er na rangschikking van de als voldoende beoordeelde grote projectaanvragen nog budget resteert.
|
||||
|
||||
**10.**
|
||||
|
||||
De beoordelingscommissie kent een hoger aantal punten toe naarmate de score op Impact, Kwaliteit en Verankering hoger is, blijkend uit:
|
||||
|
||||
|
|
@ -365,7 +381,7 @@ d. de kwaliteit van het activiteitenplan waardoor het project uitvoerbaar en haa
|
|||
e. de kwaliteit van de begroting waaruit blijkt dat het project zo kostenefficiënt mogelijk wordt uitgevoerd en middelen effectief worden ingezet;
|
||||
f. er voldoende aandacht is voor de verduurzaming van de activiteiten, het versterken van het LLO-ecosysteem en de bijdrage aan de energie- en grondstoffentransitie.
|
||||
|
||||
**8.** Een toelichtingsgesprek met de beoordelingscommissie is een vast onderdeel bij de beoordelingsprocedure van een grote projectaanvraag.
|
||||
**11.** Een toelichtingsgesprek met de beoordelingscommissie is een vast onderdeel bij de beoordelingsprocedure van een grote projectaanvraag.
|
||||
|
||||
### Artikel 27
|
||||
|
||||
|
|
@ -373,12 +389,14 @@ f. er voldoende aandacht is voor de verduurzaming van de activiteiten, het verst
|
|||
|
||||
**2.** Indien in een aanvraagronde bij toewijzing van alle door de minister als voldoende beoordeelde aanvragen voor een klein project, het desbetreffende subsidieplafond, bedoeld in artikel 5, zou worden overschreden, bepaalt de minister de rangschikking van de aanvragen op basis van loting.
|
||||
|
||||
**3.** De minister bepaalt de rangschikking van de aanvragen voor grote projecten aan de hand van de kwaliteit van de aanvragen op basis van bijlage 1, en verdeelt het beschikbare bedrag op basis van deze rangschikking totdat het budget voor die aanvraagronde is uitgeput.
|
||||
**3.** De minister bepaalt de rangschikking van de als voldoende beoordeelde aanvragen voor grote projecten aan de hand van de kwaliteit van de aanvragen op basis van bijlage 1, en verdeelt het beschikbare bedrag op basis van deze rangschikking totdat het budget voor die aanvraagronde is uitgeput.
|
||||
|
||||
**4.** Indien de minister aan meerdere aanvragen een gelijk puntenaantal heeft toegekend, en het desbetreffende in artikel 5 bedoelde subsidieplafond ontoereikend is om alle gelijke gewaardeerde aanvragen te kunnen toewijzen, bepaalt de minister de rangschikking van deze aanvragen op basis van loting.
|
||||
|
||||
**5.** Indien in een aanvraagronde voor grote projecten budget resteert, maar een gerangschikt voorstel niet volledig te honoreren is, wordt aan de subsidieaanvrager voorgesteld met het nog resterende bedrag van het subsidiebudget zijn project in volledige of aangepaste vorm uit te voeren. Indien de betreffende aanvrager hiermee niet akkoord gaat wordt de aanvraag niet toegekend.
|
||||
|
||||
**6.** Indien in een aanvraagronde voor grote projecten na toepassing van het derde, vierde en vijfde lid van dit artikel budget resteert, kan de Minister de als bijna voldoende beoordeelde aanvragen toekennen met de aanvullende verplichting, bedoeld in artikel 23, onderdeel d. Ten aanzien van de rangschikking en toekenning van deze aanvragen zijn het derde, vierde en vijfde lid van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 5. Slotbepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 28
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue