diff --git a/kb/binnenvaartpolitiereglement/BWBR0003628/README.md b/kb/binnenvaartpolitiereglement/BWBR0003628/README.md index 39153de3102..7780b9a2026 100644 --- a/kb/binnenvaartpolitiereglement/BWBR0003628/README.md +++ b/kb/binnenvaartpolitiereglement/BWBR0003628/README.md @@ -65,6 +65,10 @@ z. een schip, dat rechtstreeks van zee komt of rechtstreeks naar zee gaat: een s aa. exploitant: de eigenaar, rompbevrachter of ieder ander die de zeggenschap heeft over het gebruik van een schip; bb. ADNR: het Reglement voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Rijn. +### Artikel 1.01a + +Een wijziging van richtlijn nr. 2002/59/EG gaat voor de toepassing van dit reglement gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld. + ### Artikel 1.02 **1.** @@ -149,7 +153,7 @@ c. voor een klein door spierkracht voortbewogen schip. Aan boord van een schip moeten de volgende bescheiden, voor zover deze door de daartoe gestelde wettelijke regelingen worden vereist, aanwezig zijn: a. de meetbrief van een schip; -b. de bescheiden vereist door het ADNR, Rn 10 381 en 210 381; +b. de bescheiden vereist door het ADNR, Rn 10 381 en 210 381; c. het vaarbewijs; d. het radardiploma, bedoeld in artikel 4A.02, eerste lid onder b; e. het Handboek voor de marifonie in de binnenvaart; @@ -2278,9 +2282,20 @@ Een schip, dat rechtstreeks van zee komt of rechtstreeks naar zee gaat, mag de i ### Artikel 10.07 -**1.** De schipper, de exploitant of de agent van een schip dat rechtstreeks van zee komt of rechtstreeks naar zee gaat, en dat een vrachtschip, een olie-, chemicaliën-, of gastanker, of een passagiersschip is, waarmee een schadelijke stof als bedoeld in artikel 1, onderdeel *e*, van de Wet voorkoming verontreiniging door schepen, of een gevaarlijke stof als bedoeld in artikel 130 van het Schepenbesluit 1965 wordt vervoerd, is verplicht overeenkomstig de daartoe gestelde regelen, voor de afvaart van dat schip uit een haven of van een ankerplaats, gegevens mede te delen aan de bevoegde autoriteit van de desbetreffende haven of ankerplaats, over het schip, het tijdstip van vertrek daarvan, de daarmee vervoerde lading of de uit te voeren reis. +**1.** De schipper, de exploitant of de agent van een zeegaand schip zijnde een vrachtschip, een olie-, chemicaliën-, of gastanker, of een passagiersschip dat naar zee vertrekt en waarmee een gevaarlijke stof als bedoeld in artikel 3, onderdeel g, of een schadelijke stof als bedoeld in artikel 3, onderdeel h, van richtlijn nr. 2002/59/EG wordt vervoerd, deelt voor de afvaart van dat schip uit een haven of van een ankerplaats aan de bevoegde autoriteit van de desbetreffende haven of ankerplaats de bij ministeriële regeling vastgestelde gegevens mede omtrent het schip, het tijdstip van vertrek daarvan, de daarmee vervoerde lading, het aantal personen aan boord en de uit te voeren reis, op een bij die regeling bepaalde wijze. -**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op een oorlogsschip of een ander schip van de overheid dat voor niet-commerciële doeleinden wordt gebruikt. +**2.** De bevoegde autoriteit kan ontheffing verlenen van de in het eerste lid bedoelde meldingsplicht met betrekking tot een zeeschip als bedoeld in dat lid, dat in lijndienst vaart tussen twee in Nederland gelegen havens of tussen een in Nederland gelegen haven en een haven gelegen in een andere staat, als wordt voldaan aan de voorschriften, bedoeld in artikel 15, eerste lid, onderdelen a en b, van richtlijn nr. 2002/59/EG. + +**3.** De bevoegde autoriteit trekt de ontheffing in wanneer niet meer wordt voldaan aan de voorschriften, bedoeld in het tweede lid. + +**4.** + +Het eerste lid is niet van toepassing op: + +a. een oorlogsschip, een ander marineschip of een ander schip in eigendom of in dienst van de overheid dat voor niet-commerciële doeleinden wordt gebruikt; +b een historisch schip of een replica daarvan, met inbegrip van een schip dat ontworpen is om traditionele vaardigheden en zeemanschap aan te moedigen en te bevorderen, dat als levend cultuurmonument volgens de traditionele beginselen van zeemanschap en techniek wordt bestuurd; +c een vissersschip; +d een pleziervaartuig met een lengte van minder dan 45 meter. ### Artikel 10.07a @@ -2455,47 +2470,47 @@ De gevaarlijke stoffen in de zin van de IMDG-code 1IMDG-code: International Mari ## Bijlage 13. Toegestane afmetingen van schepen op de vaarwegen bedoeld in artikel 9.02, eerste lid -^1 Op het pand Geldersche IJssel – Eefde (voorpand) evenveel minder dan 2,80 m als de buitenwaterstand sluis Eefde lager is dan NAP + 3,20 m. +^1 Op het pand Geldersche IJssel – Eefde (voorpand) evenveel minder dan 2,80 m als de buitenwaterstand sluis Eefde lager is dan NAP + 3,20 m. -^2 Bij waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. De drempeldiepte van de Meppelerdiep-brug ligt op NAP – 3,50 m. De keersluis in Zwartsluis wordt gesloten bij een waterstand hoger dan NAP + 0,50 m en bij een waterstand lager dan NAP – 0,50 m. +^2 Bij waterstand = NAP of zoveel minder dan de waterstand lager is dan NAP. De drempeldiepte van de Meppelerdiep-brug ligt op NAP – 3,50 m. De keersluis in Zwartsluis wordt gesloten bij een waterstand hoger dan NAP + 0,50 m en bij een waterstand lager dan NAP – 0,50 m. -^3 Bij een waterstand op de Waddenzee gelijk aan of boven NAP of op het IJsselmeer gelijk aan of boven NAP – 0,50 m, dan wel evenveel minder dan de waterstand lager is dan NAP respectievelijk NAP – 0,50 m. +^3 Bij een waterstand op de Waddenzee gelijk aan of boven NAP of op het IJsselmeer gelijk aan of boven NAP – 0,50 m, dan wel evenveel minder dan de waterstand lager is dan NAP respectievelijk NAP – 0,50 m. -^4 Bij waterstand Oosterschelde-zijde NAP – 1,50 m of hoger. +^4 Bij waterstand Oosterschelde-zijde NAP – 1,50 m of hoger. ^5 Kielspeling 10% van de waterdiepte. -^6 Bij een waterstand NAP + 1 m of zoveel minder als de buitenwaterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 1 m. +^6 Bij een waterstand NAP + 1 m of zoveel minder als de buitenwaterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 1 m. -^7 Bij een waterstand NAP + 1 m of zoveel minder als de waterstand bij sluis St. Andries v.w.b. de Maaszijde lager is dan NAP + 1 m dan wel v.w.b. de Waalzijde lager is dan NAP + 2 m. +^7 Bij een waterstand NAP + 1 m of zoveel minder als de waterstand bij sluis St. Andries v.w.b. de Maaszijde lager is dan NAP + 1 m dan wel v.w.b. de Waalzijde lager is dan NAP + 2 m. -^8 Bij een waterstand hoger dan of gelijk aan NAP – 0,75m of zoveel minder als de waterstand lager is dan NAP – 0,75 m. +^8 Bij een waterstand hoger dan of gelijk aan NAP – 0,75m of zoveel minder als de waterstand lager is dan NAP – 0,75 m. -^10 Bij een waterstand NAP + 40 m of hoger te Borgharen is het niet toegestaan de Gekanaliseerde Maas tussen het Maas-Waalkanaal en Maasbracht te bevaren. +^10 Bij een waterstand NAP + 40 m of hoger te Borgharen is het niet toegestaan de Gekanaliseerde Maas tussen het Maas-Waalkanaal en Maasbracht te bevaren. -^11 Of zoveel minder als de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 10,95 m. +^11 Of zoveel minder als de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 10,95 m. -^12 Of zoveel minder als de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 7,70 m. +^12 Of zoveel minder als de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 7,70 m. -^13 Of zoveel minder als de buitenof de binnenwaterstand lager is dan NAP + 7,20 m. +^13 Of zoveel minder als de buitenof de binnenwaterstand lager is dan NAP + 7,20 m. -^14 Bij een waterstand van NAP – 0,50 m of hoger of zoveel minder als de waterstand lager is dan NAP – 0,50 m. +^14 Bij een waterstand van NAP – 0,50 m of hoger of zoveel minder als de waterstand lager is dan NAP – 0,50 m. ^15 Schepen die gebruik maken van de hefopening in de spoor- en verkeersbrug Zutphen (km 928.150) moeten rekening houden met de volgende beperkingen: -^16 Of zoveel minder als de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 16,95 m. +^16 Of zoveel minder als de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 16,95 m. -^17 Of zoveel minder als de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 14,20 m. +^17 Of zoveel minder als de waterstand in het benedentoeleidingskanaal lager is dan NAP + 14,20 m. -^18 Bij een waterstand van NAP -0,40 m op het Amsterdam-Rijnkanaal of hoger of zoveel minder als de waterstand lager is. Bij een waterstand van NAP + 1,35 m of hoger of zoveel minder als de waterstand op de Lek bij de Koninginnesluis is. +^18 Bij een waterstand van NAP -0,40 m op het Amsterdam-Rijnkanaal of hoger of zoveel minder als de waterstand lager is. Bij een waterstand van NAP + 1,35 m of hoger of zoveel minder als de waterstand op de Lek bij de Koninginnesluis is. -^19 Bij een waterstand van NAP + 0,50 m of hoger of zoveel minder als de waterstand is bij de Doorslagsluis te Nieuwegein. +^19 Bij een waterstand van NAP + 0,50 m of hoger of zoveel minder als de waterstand is bij de Doorslagsluis te Nieuwegein. ^20 Bij een waterstand t.o.v. NAP, of zoveel hoger of zoveel minder als de waterstand t.o.v. NAP. ^21 Schepen langer dan 55 meter moeten zijn uitgerust met actieve kopbesturing. -^22 Bij een waterstand van NAP + 0,50 m of hoger of zoveel minder als de waterstand beneden NAP + 0,50 m. is. +^22 Bij een waterstand van NAP + 0,50 m of hoger of zoveel minder als de waterstand beneden NAP + 0,50 m. is. ## Bijlage 14. Ligplaats nemen