diff --git a/wet/wet-bevordering-integriteitsbeoordelingen-door-het-openbaar-bestuur/BWBR0013798/README.md b/wet/wet-bevordering-integriteitsbeoordelingen-door-het-openbaar-bestuur/BWBR0013798/README.md index 908356e587b..588bab895db 100644 --- a/wet/wet-bevordering-integriteitsbeoordelingen-door-het-openbaar-bestuur/BWBR0013798/README.md +++ b/wet/wet-bevordering-integriteitsbeoordelingen-door-het-openbaar-bestuur/BWBR0013798/README.md @@ -330,7 +330,7 @@ c. Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, voorzover het bestanden d. Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, voorzover het bestanden betreft waarvan de gegevens worden verwerkt door de Inspectiedienst SZW; e. Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, voorzover het bestanden betreft waarvan de gegevens worden verwerkt door de Dienst Recherchezaken; f. de in artikel 1, onderdeel f, van de Wet politieregisters bedoelde bestuursorganen, voorzover het een politieregister betreft; -g. het college van burgemeester en wethouders van een gemeente, voorzover het bestanden betreft waarvan de gegevens worden verwerkt door de gemeentelijke dienst die is belast met de uitvoering van de Algemene bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; +g. het college van burgemeester en wethouders van een gemeente, voorzover het bestanden betreft waarvan de gegevens worden verwerkt door de gemeentelijke dienst die is belast met de uitvoering van de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; h. het Landelijk instituut sociale verzekeringen, voorzover het bestanden betreft waarvan de gegevens worden verwerkt door de uitvoeringsinstellingen sociale verzekeringen; i. op voordracht van Onze Ministers, gedaan in overeenstemming met Onze Ministers wie het mede aangaat, bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorganen. De voordracht voor een krachtens dit lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.