2008-05-01 | BWBR0004045 | Werkloosheidswet

This commit is contained in:
Coornhert 2008-05-01 12:00:00 +00:00
parent d6286b4c35
commit 6e1a4b376a

View file

@ -608,7 +608,7 @@ De artikelen 24, eerste lid, onderdeel b, en 26, eerste lid, onderdelen d tot en
**3.** Indien de werknemer een verplichting, hem op grond van de artikelen 24, eerste lid, onderdeel b, onder 1° of 4°, of vijfde lid, of 26, artikel 55, tweede lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen of artikel 28, tweede lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen opgelegd, niet of niet behoorlijk is nagekomen, dan wel de verplichting, bedoeld in artikel 25 of de artikelen 28, tweede lid, en 29, eerste lid van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, niet binnen de door het UWV, onderscheidenlijk de CWI daarvoor vastgestelde termijn is nagekomen, weigert het UWV, de uitkering tijdelijk of blijvend, geheel of gedeeltelijk.
**4.** Indien de persoon, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdeel d, aanhef en onder 1°, van de Ziektewet, in de periode dat hij in de eerste dertien weken van zijn ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte een uitkering ontvangt op grond van deze wet een verplichting voortvloeiend uit artikel 45, eerste lid, van de Ziektewet niet is nagekomen, weigert het UWV de uitkering tijdelijk of blijvend, geheel of gedeeltelijk. Deze maatregel eindigt in ieder geval op het moment dat de persoon niet langer ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte.
**4.** Indien de verzekerde, bedoeld in de Ziektewet, die gedurende de eerste dertien weken van zijn ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte een uitkering ontvangt op grond van deze wet een verplichting voortvloeiend uit artikel 45, eerste lid, van de Ziektewet niet is nagekomen, weigert het UWV de uitkering tijdelijk of blijvend, geheel of gedeeltelijk.
**5.** Het opleggen van een maatregel op grond van het vierde lid blijft achterwege indien voor dezelfde gedraging een maatregel op grond van het eerste, tweede of derde lid kan worden opgelegd.
@ -620,7 +620,7 @@ De artikelen 24, eerste lid, onderdeel b, en 26, eerste lid, onderdelen d tot en
**9.** Het opleggen van een maatregel blijft achterwege indien voor dezelfde gedraging een boete als bedoeld in artikel 27a wordt opgelegd.
**10.** Het UWV stelt nadere regels met betrekking tot het derde, vierde en zesde lid.
**10.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot het derde, vierde en zesde lid.
### Artikel 27a