diff --git a/verdrag/verdrag-tussen-het-koninkrijk-der-nederlanden-en-de-republiek-oostenrijk-tot-het/BWBV0004204/README.md b/verdrag/verdrag-tussen-het-koninkrijk-der-nederlanden-en-de-republiek-oostenrijk-tot-het/BWBV0004204/README.md index eecc1ba4e4c..f6533f3c2a8 100644 --- a/verdrag/verdrag-tussen-het-koninkrijk-der-nederlanden-en-de-republiek-oostenrijk-tot-het/BWBV0004204/README.md +++ b/verdrag/verdrag-tussen-het-koninkrijk-der-nederlanden-en-de-republiek-oostenrijk-tot-het/BWBV0004204/README.md @@ -330,7 +330,7 @@ b) het bedrag van de Nederlandse belasting dat tot het overeenkomstig het eerste **3.** Indien een inwoner van Oostenrijk inkomen verkrijgt of vermogen bezit dat overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag in Nederland mag worden belast, stelt Oostenrijk, behoudens de bepalingen van het vierde lid, dat inkomen of vermogen vrij van belasting; Oostenrijk mag evenwel bij het berekenen van de belasting over het overige inkomen of vermogen van die inwoner het belasting tarief toepassen, dat van toepassing zou zijn geweest, indien het vrijgestelde inkomen of vermogen niet was vrijgesteld. -**4.** Indien een inwoner van Oostenrijk inkomen verkrijgt dat overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 10, tweede lid, 12, eerste lid, 13, tweede lid, 14, vijfde lid, en 18, eerste en tweede lid, in Nederland mag worden belast, verleent Oostenrijk een vermindering op de belasting naar het inkomen van die inwoner tot een bedrag dat gelijk is aan de in Nederland betaalde belasting. Deze vermindering overschrijdt echter niet dat deel van de belasting, zoals deze berekend is voor het verlenen van de vermindering, dat aan het uit Nederland verkregen inkomen kan worden toegerekend. +**4.** Indien een inwoner van Oostenrijk inkomen verkrijgt dat overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 10, tweede lid, 12, eerste lid, 13, tweede lid, en 14, vijfde lid, in Nederland mag worden belast, verleent Oostenrijk een vermindering op de belasting naar het inkomen van die inwoner tot een bedrag dat gelijk is aan de in Nederland betaalde belasting. Deze vermindering overschrijdt echter niet dat deel van de belasting, zoals deze berekend is voor het verlenen van de vermindering, dat aan het uit Nederland verkregen inkomen kan worden toegerekend. ## Hoofdstuk VI. Bijzondere bepalingen @@ -367,21 +367,15 @@ Deze bepaling mag niet aldus worden uitgelegd, dat zij een van de beide Staten v ### Artikel 27 -**1.** De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten wisselen de inlichtingen uit die naar verwachting van belang zijn voor de uitvoering van de bepalingen van dit Verdrag of voor de toepassing of handhaving van de nationale wetgeving met betrekking tot belastingen van elke soort en benaming die worden geheven ten behoeve van de Verdragsluitende Staten, of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan, voor zover de heffing van die belastingen ingevolge die wetgeving niet in strijd is met het Verdrag. De uitwisseling van inlichtingen wordt niet beperkt door de artikelen 1 en 2. +**1.** De bevoegde autoriteiten van de beide Staten wisselen zodanige inlichtingen uit als nodig zijn om uitvoering te geven aan dit Verdrag, in het bijzonder om fraude te voorkomen, alsmede om uitvoering te geven aan wettelijke voorzieningen tegen wetsontduiking met betrekking tot de belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is. De bevoegde autoriteiten van de beide Staten kunnen weigeren inlichtingen te verstrekken, die niet op grond van de bij de belastingautoriteiten aanwezige gegevens kunnen worden verstrekt, maar uitgebreide onderzoekingen noodzakelijk zouden maken. Elke aldus uitgewisselde inlichting wordt geheim gehouden en niet ter kennis gebracht van andere personen of autoriteiten dan die belast met de vaststelling of invordering van de belastingen die het onderwerp van dit Verdrag uitmaken. -**2.** Alle uit hoofde van het eerste lid door een Verdragsluitende Staat ontvangen inlichtingen worden op dezelfde wijze geheim gehouden als inlichtingen die volgens de nationale wetgeving van die Staat zijn verkregen en worden alleen ter kennis gebracht van personen of autoriteiten (daaronder begrepen rechterlijke instanties en administratiefrechtelijke lichamen) die betrokken zijn bij de vaststelling of invordering van, de handhaving of vervolging ter zake van, of de beslissing in beroepszaken betrekking hebbende op de in het eerste lid bedoelde belastingen, of het toezicht daarop. Deze personen of autoriteiten mogen van de inlichtingen alleen voor deze doeleinden gebruikmaken. Zij mogen de inlichtingen bekendmaken in openbare rechtszittingen of in gerechtelijke beslissingen. Niettegenstaande het voorgaande, mogen de door een Verdragsluitende Staat ontvangen inlichtingen voor andere doeleinden worden gebruikt wanneer dergelijke inlichtingen krachtens de wetgeving van beide Staten voor dergelijke doeleinden mogen worden gebruikt en de bevoegde autoriteit van de verstrekkende Staat een dergelijk gebruik toestaat. +**2.** -**3.** +In geen geval worden de bepalingen van het eerste lid aldus uitgelegd dat zij een van de beide Staten de verplichting opleggen: -In geen geval worden de bepalingen van het eerste en tweede lid zo uitgelegd dat zij een Verdragsluitende Staat de verplichting opleggen: - -a. administratieve maatregelen te nemen die in strijd zijn met de wetgeving of administratieve praktijk van die of van de andere Verdragsluitende Staat; -b. inlichtingen te verstrekken die niet verkrijgbaar zijn volgens de wetgeving of in de normale administratieve gang van zaken van die of van de andere Verdragsluitende Staat; -c. inlichtingen te verstrekken die een handels-, bedrijfs-, nijverheids- of beroepsgeheim of een fabrieks- of handelswerkwijze zouden onthullen, dan wel inlichtingen waarvan het verstrekken in strijd zou zijn met de openbare orde (ordre public). - -**4.** Indien inlichtingen worden verzocht door een Verdragsluitende Staat in overeenstemming met dit artikel, wendt de andere Verdragsluitende Staat zijn maatregelen inzake het verzamelen van inlichtingen aan om de verlangde inlichtingen te verkrijgen, ongeacht het feit dat de andere Staat ten behoeve van zijn eigen belastingheffing niet over dergelijke inlichtingen behoeft te beschikken. Op de in de vorige zin vervatte verplichting zijn de beperkingen van het derde lid van toepassing, maar deze beperkingen mogen in geen geval zodanig worden uitgelegd dat het een Verdragsluitende Staat toegestaan is uitsluitend op grond van het feit dat hij geen nationaal belang heeft bij dergelijke inlichtingen te weigeren inlichtingen te verstrekken. - -**5.** De bepalingen van het derde lid mogen in geen geval zodanig worden uitgelegd dat het een Verdragsluitende Staat toegestaan is het verschaffen van inlichtingen te weigeren uitsluitend op grond van het feit dat de betreffende gegevens berusten bij een bank, een andere financiƫle instelling, een gevolmachtigde, of een persoon die bij wijze van vertegenwoordiging of als vertrouwenspersoon optreedt, dan wel omdat deze betrekking hebben op eigendomsbelangen in een persoon. +a) maatregelen te nemen die in strijd zijn met de wetgeving of het gebruik van die of van de andere Staat; +b) bijzonderheden te verstrekken die niet verkrijgbaar zijn volgens de wetgeving of in de normale gang van zaken in de administratie van die of van de andere Staat; +c) inlichtingen te verstrekken die een handels-, bedrijfs-, nijverheids- of beroepsgeheim of een fabrieks- of handelswerkwijze zouden onthullen, dan wel inlichtingen waarvan het verstrekken in strijd zou zijn met de openbare orde. ### Artikel 28