2020-01-01 | BWBR0037948 | Tarievencode gas

This commit is contained in:
Coornhert 2020-01-01 12:00:00 +00:00
parent 7ef001027d
commit 6f379d8037

View file

@ -12,45 +12,213 @@ citeertitel: Tarievencode gas
## Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
### Paragraaf 1.1. Werkingssfeer
### Artikel 1.1
### Artikel 1.1.1
Deze code bevat de door netbeheerders jegens netgebruikers, waaronder afnemers, te hanteren tariefstructuren, zoals bedoeld in artikel 12a van de Gaswet.
Dit document bevat de door netbeheerders jegens netgebruikers, waaronder afnemers, te hanteren tariefstructuur die de elementen en wijze van berekening beschrijft van het tarief waarvoor transport van gas, met inbegrip van invoer, uitvoer en doorvoer van gas, de met het transport ondersteunende diensten ten behoeve van netgebruikers en het gebruik van een of meer installaties van het verwante bedrijf zullen worden doorgevoerd en van het tarief waarvoor de netbeheerder van het landelijk gastransportnet uitvoering zal geven aan zijn in artikel 10a, eerste lid, omschreven wettelijke taken, zoals bedoeld in artikel 12a van de Gaswet.
### Paragraaf 1.2. Overig
### Artikel 1.2.1
### Artikel 1.2
Begrippen, die in de verordening 715/2009, NC-BAL, NC-CAM, NC-TAR, Gaswet of de Begrippencode gas zijn gedefinieerd, hebben de in de verordening 715/2009, NC-BAL, NC-CAM, NC-TAR, Gaswet of Begrippencode gas gedefinieerde betekenis.
### Artikel 1.2.2
### Artikel 1.3
[Vervallen]
### Artikel 1.2.3
[Vervallen]
### Artikel 1.2.4
Indien een aansluit- en transportovereenkomst met de regionale netbeheerder in de loop van de maand wordt aangegaan, gewijzigd of beëindigd worden de maandelijks verschuldigde vergoedingen voor die maand op dagbasis bepaald en in rekening gebracht.
Indien een aansluit- en transportovereenkomst met de regionale netbeheerder in de loop van de maand wordt aangegaan, gewijzigd of beëindigd, worden de maandelijks verschuldigde vergoedingen voor die maand op dagbasis bepaald en in rekening gebracht.
## Hoofdstuk 2. Regionale netbeheerders
### Paragraaf 2.1. Algemeen
### Artikel 2.1.1
### Artikel 2.1
Dit hoofdstuk bevat de door regionale netbeheerders jegens netgebruikers, waaronder afnemers, te hanteren tariefstructuur die de elementen en wijze van berekening beschrijft van het tarief waarvoor: transport van gas, met inbegrip van invoer, uitvoer en doorvoer van gas, de met het transport ondersteunende diensten ten behoeve van netgebruikers en het gebruik van een of meer installaties van het verwante bedrijf zullen worden doorgevoerd, zoals bedoeld in artikel 12a van de Gaswet.
Dit hoofdstuk bevat de door regionale netbeheerders jegens netgebruikers, waaronder afnemers, te hanteren tariefstructuren, zoals bedoeld in artikel 12a van de Gaswet.
### Paragraaf 2.2. Tariefstructuur voor de transportdienst
### Artikel 2.2
#### Paragraaf 2.2.1. Beschrijving transportdienst
**1.** Per onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a t/m d van de Wet waardering onroerende zaak is er sprake van één aansluiting.
### Artikel 2.2.1.1
**2.** In afwijking van het eerste lid is er sprake van verschillende aansluitingen indien er sprake is van gasinstallaties of samenstel van gasinstallaties op een onroerende zaak die afzonderlijk met het gastransportnet zijn verbonden en die niet warmtezijdig en ook niet anderszins met elkaar verbonden zijn.
De transportdienst omvat het transporteren van gas voor netgebruikers door gebruik te maken van het regionale gastransportnet1Meters en aansluitingen worden buiten beschouwing gelaten, omdat deze tot het vrije domein behoren.. Hieronder wordt mede verstaan:
### Paragraaf 2.2. Algemene bepalingen voor de tariefstructuur voor de aansluitdienst
### Artikel 2.3
Kleinverbruikaansluitingen worden op grond van de aansluitcapaciteit ingedeeld in de volgende aansluitcategorieën:
¹ Deze indeling in gasmeters geldt alleen bij een overdruk van ≤ 200 mbar.
### Artikel 2.4
Grootverbruikaansluitingen worden op grond van de aansluitcapaciteit ingedeeld in de volgende aansluitcategorieën:
¹ Deze indeling in gasmeters geldt alleen bij een overdruk van ≤ 200 mbar.
### Artikel 2.5
**1.** De aansluitdienst omvat het verrichten van alle werkzaamheden en het leveren van alle benodigdheden om een aangeslotene te voorzien van een aansluiting en deze aansluiting te beheren en onderhouden, daaronder mede begrepen werkzaamheden die de netbeheerder aan de bestrating moet verrichten bij het voorzien van of het beheren en onderhouden van een aansluiting.
**2.** De reikwijdte van de standaardaansluiting beslaat het aansluitpunt, een inlaatafsluiter of hoofdkraan, een regelaar, en de verbindende leidingen tussen aansluitpunt en inlaatafsluiter of hoofdkraan. Onder regelaar wordt mede verstaan eventuele toebehoren om de leveringsdruk te realiseren op het overdrachtspunt. Onder verbindende leidingen wordt mede verstaan eventuele toebehoren om deze leidingen te dragen.
**3.** Componenten buiten de in het tweede lid genoemde reikwijdte die de netbeheerder aanlegt dan wel in standhoudt, vallen buiten het bereik van de aansluitdienst.
**4.** Behoudens werkzaamheden die nodig zijn om het aansluitpunt tot stand te brengen en te beheren en onderhouden, vallen werkzaamheden aan het gastransportnet van de netbeheerder, ongeacht de aard of bedoeling daarvan, niet onder het bereik van de aansluitdienst.
### Artikel 2.6
**1.** Voor het leveren van de aansluitdienst brengt de netbeheerder de aansluitvergoeding in rekening bij de aangeslotene.
**2.** De netbeheerder onderscheidt bij het in rekening brengen van de aansluitvergoeding uitsluitend de aansluitcategorieën zoals vermeldt in de artikelen 2.3 en 2.4.
**3.** De aansluitvergoeding wordt bepaald door de aansluitcategorie.
### Artikel 2.7
**1.**
De aansluitvergoeding dient ter dekking van de kosten die de netbeheerder maakt voor het leveren van de aansluitdienst. Deze kosten zijn te onderscheiden in:
a. kosten voor het voorzien van een nieuwe aansluiting als bedoeld in artikel 10, zesde lid, onderdeel a, van de Gaswet;
b. kosten voor het beheren en onderhouden van een aansluiting als bedoeld in artikel 10, zesde lid, onderdeel b van de Gaswet.
**2.** Met betrekking tot de in het eerste lid genoemde kosten geldt dat slechts de kosten in aanmerking worden genomen van werkzaamheden en benodigdheden die rechtstreeks met het voorzien van en het beheren en onderhouden van de aansluiting zijn gemoeid, waarbij de netbeheerder uitgaat van de aansluitcategorieën zoals genoemd in de artikelen 2.3 en 2.4 en van gemiddelde kosten van de standaardaansluiting in elk van die aansluitcategorieën.
### Artikel 2.8
**1.**
De aansluitvergoeding bestaat uit twee componenten:
a. Een eenmalige aansluitvergoeding ter dekking van de kosten genoemd in artikel 2.7, eerste lid onderdeel a;
b. Een periodieke aansluitvergoeding ter dekking van de kosten genoemd in artikel 2.7, eerste lid, onderdeel b.
**2.** Indien op schriftelijk verzoek van de aangeslotene wordt afgeweken van de standaardaansluiting, bijvoorbeeld door middel van het aanleggen van een meerstraatsaansluiting of het plaatsen van een extra scheidingsafsluiter, brengt de netbeheerder de meerkosten daarvan aanvullend op de standaard vergoeding in rekening bij de aangeslotene, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.10.
**3.** Voor aansluitingen met een aansluitcapaciteit groter dan 1.600 m^3(n)/uur en voor aansluitingen op een extrahogedruknet geldt een aansluitvergoeding dat is gebaseerd op de voorcalculatorische projectkosten zoals beschreven in artikel 2.10.
### Artikel 2.9
**1.** Bij wijziging van een aansluiting op verzoek van de aangeslotene brengt de netbeheerder een eenmalige bijdrage in rekening bij de aangeslotene tot een maximum van de eenmalige aansluitvergoeding zoals genoemd in artikel 2.8, eerste lid, onderdeel a plus eventueel en met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.10, eerste lid een eenmalige bijdrage voor het verwijderen dan wel fysiek afschakelen van de bestaande aansluiting.
**2.** Bij de beëindiging van de aansluitovereenkomst brengt de netbeheerder eventuele kosten voor het fysiek afschakelen of het verwijderen van de aansluiting via een eenmalige bijdrage in rekening bij de voormalig aangeslotene, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.10, eerste lid.
**3.** Indien de netbeheerder en de aangeslotene een nieuwe aansluitovereenkomst voor een reeds aangelegde en eerder beheerde aansluiting aangaan, brengt de netbeheerder de eventuele kosten voor het fysiek inschakelen van de aansluiting via een eenmalige bijdrage in rekening bij de aangeslotene, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.10, eerste lid.
### Artikel 2.10
De hoogte van de in artikel 2.8 en artikel 2.9 bedoelde voorcalculaties voor eenmalige werkzaamheden baseert de netbeheerder op de voorcalculatorische projectkosten, met toepassing van de standaardofferte voor werkzaamheden bedoeld in artikel 2.11.
### Artikel 2.11
**1.**
De standaardofferte splitst kosten voor de eenmalige of periodieke werkzaamheden uit naar de volgende verzamelposten:
a. bouwmaterialen en componenten;
b. arbeid;
c. inzet gereedschap en werktuigen;
d. transport en opslag;
e. kosten van overheidswege (niet BTW).
**2.** De standaardofferte splitst elk van de verzamelposten uit naar individueel te onderscheiden onderdelen.
**3.** De standaardofferte vermeldt van elk onderdeel een beschrijving, en voor zover mogelijk de eenheid, de hoeveelheid, de eenheidskosten en het subtotaal, bestaande uit de hoeveelheid vermenigvuldigd met de eenheidskosten.
**4.** De standaardofferte vermeldt van elke verzamelpost het totaal, een totaal van alle verzamelposten exclusief BTW, de BTW plus een specificatie van de BTW en het totaal van de offerte inclusief BTW.
### Artikel 2.12
Met betrekking tot elk van de werkzaamheden verwijderen van een aansluiting, fysiek afschakelen van een aansluiting en fysiek inschakelen van een aansluiting als bedoeld in artikel 2.9, kan de netbeheerder op de standaardofferte zoals omschreven in artikel 2.11 volstaan met het uitsplitsen van kosten naar de drie verzamelposten:
a. materiaal, gereedschap, transport en opslag;
b. arbeid;
c. kosten van overheidswege (niet BTW).
### Artikel 2.13
**1.**
De onder artikel 2.8, onderdeel a genoemde eenmalige aansluitvergoeding is opgebouwd uit twee componenten:
a. een vast tarief ter dekking van de kosten voor het voorzien van en in bedrijf nemen van een nieuwe aansluiting, met een lengte van maximaal 25 meter;
b. een vast tarief per meter ter dekking van de meerkosten van de aanleg als direct gevolg van het langer zijn van de aansluitleiding dan de in onderdeel a van dit artikel genoemde 25 meter.
**2.** De netbeheerder specificeert de componenten bedoeld in het eerste lid afzonderlijk op de factuur aan de aangeslotene.
**3.** De periodieke aansluitvergoeding, bedoeld in artikel 2.8, eerste lid, onderdeel b, bestaat uit een vast tarief.
### Artikel 2.14
**1.**
Ten behoeve van het bepalen van de vergoeding voor de meerlengte, bedoeld in artikel 2.13, eerste lid, onderdeel b geldt dat:
a. de meerlengte is voor kleinverbruikaansluitingen gemaximeerd op 1,3 maal de afstand tot het dichtstbijzijnde punt in het gastransportnet met een voor die aansluiting geschikte druk en voldoende capaciteit, gemeten in rechte lijn vanaf het overdrachtspunt.
b. de bepaling van de lengte van de aansluitleiding geschiedt ten opzichte van het gastransportnet zoals dat bestaat op het moment van aanleg van de aansluiting.
**2.**
In aanvulling op het eerste lid geldt voor het bepalen van de lengte van de aansluitleiding dat:
a. de netbeheerder de lengte van de aansluitleiding gelijk stelt aan de lengte van het tracé tussen het overdrachtspunt en het punt waarop wordt aangesloten in het gastransportnet of, indien van toepassing, een bestaande aansluiting;
b. voor zover het tracé van de aansluitleiding de openbare weg volgt, wordt gemeten over het hart van de betreffende openbare weg;
c. indien het punt waarop wordt aangesloten in het gastransportnet of een bestaande aansluiting onder of aan de openbare weg ligt, wordt gemeten tot aan het hart van de openbare weg ter plaatse.
**3.** Voor kleinverbruikaansluitingen waarbij sprake is van een geveldoorvoer, stelt de netbeheerder, in afwijking van het tweede lid, onderdeel a, de lengte van de aansluitleiding gelijk aan vier meter plus de lengte van het tracé tussen de gevel en het punt waarop wordt aangesloten in het gastransportnet of, indien van toepassing, een bestaande aansluiting.
### Artikel 2.15
**1.** De kosten voor straatwerk op de openbare weg en onroerende zaken van derden die ten behoeve van de aansluiting worden doorkruist, worden gedekt door middel van een standaard opslag in de aansluitvergoedingen als bedoeld in artikel 2.13.
**2.**
De standaard opslag is gebaseerd op de gemiddelde kosten van:
a. het opnemen, het dichtvleien en definitief terugleggen van alle soorten bestrating op de openbare weg en onroerende zaken van derden die doorkruist worden;
b. het opnemen en het dichtvleien van open verharding op de onroerende zaak van de aangeslotene.
**3.** Het opnemen en het dichtvleien van andere dan open verharding op de onroerende zaak van de aangeslotene wordt aanvullend op het standaardtarief in rekening gebracht.
### Artikel 2.16
**1.**
In het geval dat op een bestaande aansluiting een nieuwe aansluiting wordt gemaakt, zodat een deel van de bestaande aansluiting in een gastransportnet verandert, restitueert de netbeheerder onder de volgende voorwaarden aan de “eerst aangeslotene” een deel van de voor de aanleg van de bestaande aansluiting betaalde eenmalige aansluitvergoeding zoals genoemd in artikel 2.8, eerste lid, onderdeel a:
a. Deze restitutieregeling is niet van toepassing op kleinverbruikaansluitingen die zijn aangelegd voor 1 januari 2011;
b. Deze restitutieregeling is niet van toepassing op grootverbruikaansluitingen die zijn aangelegd voor 1 januari 2020;
c. Deze restitutieregeling is niet van toepassing op grootverbruikaansluitingen met een aansluitcapaciteit groter dan 1.600 m^3(n)/uur;
d. Gedurende de eerste zeven jaar na de ingebruikname van de aansluiting wordt de restitutie op initiatief van de netbeheerder verstrekt. Na zeven jaar wordt de restitutie verstrekt indien de aangeslotene hiertoe een schriftelijk, met bewijsstukken ondersteund, verzoek bij de netbeheerder indient.
**2.** De hoogte van de restitutie genoemd in het eerste lid wordt berekend als 1/39-deel van de restlevensduur van het tot gastransportnet te verworden deel van de bestaande aansluitleiding vermenigvuldigd met de restitutiebasis. De restlevensduur is daarbij gelijk aan 39 jaar minus de ouderdom van de bestaande aansluiting, dan wel nul jaar indien de bestaande aansluiting ouder is dan 39 jaar.
**3.** De ouderdom als bedoeld in het tweede lid, wordt bepaald ten opzichte van het moment van eerste registratie van de bestaande aansluiting.
**4.** De restitutiebasis als bedoeld in het tweede lid, is gelijk aan de lengte van het tot gastransportnet te verworden deel van de bestaande aansluitleiding vermenigvuldigd met het destijds voor de aanleg van de bestaande aansluitleiding in rekening gebrachte tarief genoemd in artikel 2.13, eerste lid, onderdeel b (meerlengte aansluitleiding), met een maximum van het deel van de destijds voor de aanleg in rekening gebrachte aansluitvergoeding als bedoeld in artikel 2.8, eerste lid, onderdeel a dat betrekking heeft op de vergoeding van meerlengte als bedoeld in artikel 2.13, eerste lid, onderdeel b.
### Artikel 2.17
**1.** Na aanleg van een nieuwe aansluiting zoals bedoeld in artikel 2.16, is artikel 2.16 van overeenkomstige toepassing op deze nieuwe aansluiting.
**2.** De termijnen bedoeld in artikel 2.16, onderdelen a en b zijn bedoeld ten opzichte van het moment van eerste registratie van de aansluiting.
**3.** Voor aansluitingen die op grond van artikel 2.16, eerste lid, onderdeel a niet zijn uitgesloten van toepassing van de restitutieregeling, heeft de netbeheerder de plicht om de eerstaangeslotene op de hoogte te stellen van het maken van een nieuwe aansluiting op de bestaande aansluiting, onder expliciete verwijzing naar de restitutieregeling.
**4.** De eerstaangeslotene als bedoeld in het derde lid, is de aangeslotene op wiens naam de bestaande aansluiting staat in het aansluitingenregister.
### Artikel 2.18
**1.** Indien een tijdelijke nieuwe aansluiting wordt gemaakt op een, bestaande aansluiting, is de restitutieregeling niet van toepassing.
**2.** Indien op enig moment de tijdelijke situatie geheel of gedeeltelijk permanent wordt, is de restitutieregeling alsnog van toepassing op de nieuw ontstane situatie alsof deze nieuwe situatie reeds vanaf het begin van de voorafgaande (tijdelijke) situatie bestond.
**3.** Ten behoeve van de restitutieregeling wordt een aansluiting geacht permanent te zijn niet later dan een jaar na eerste aanleg.
### Paragraaf 2.3. Algemene bepalingen voor de tariefstructuur voor de transportdienst
### Artikel 2.19
**1.**
De transportdienst omvat het transporteren van gas voor netgebruikers door gebruik te maken van het regionale gastransportnet. Hieronder wordt mede verstaan:
a. de instandhouding van het gastransportnet;
b. de handhaving van het drukniveau;
@ -59,521 +227,316 @@ d. de facturering;
e. dataverwerking;
f. marktfacilitering.
### Artikel 2.2.1.2
**2.** De transportdienst wordt per aansluiting in rekening gebracht.
Per onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a t/m d van de Wet waardering onroerende zaak is er sprake van één aansluiting. Indien er sprake is van gasinstallaties of samenstel van gasinstallaties op een onroerende zaak die afzonderlijk met het gastransportnet zijn verbonden en niet warmtezijdig en ook niet anderszins met elkaar zijn verbonden, is in uitzondering op deze regel sprake van verschillende aansluitingen.
### Artikel 2.20
### Artikel 2.2.1.3
**1.** De transporttarieven dienen ter dekking van de kosten van het door de netbeheerder beheerde gastransportnet voor zover deze kosten ten grondslag liggen aan de wettelijke taken van de netbeheerder ten aanzien van het gastransportnet, bedoeld in artikel 10 van de Gaswet.
De transportdienst wordt per aansluiting in rekening gebracht.
**2.**
#### Paragraaf 2.2.2. Kosten gedekt door de transporttarieven
### Artikel 2.2.2.1
De transporttarieven dienen ter dekking van de kosten van het door de netbeheerder beheerde gastransportnet voor zover deze kosten ten grondslag liggen aan de transportdienst of aan een transportondersteunende dienst zoals bedoeld in artikel 2.1.1.
### Artikel 2.2.2.2
De kosten, welke worden bepaald conform de Regulatorische Accountingregels voor Regionale Netbeheerders Gas2DTe, Regulatorische Accountingregels voor Regionale Netbeheerders Gas, oktober 2004. nummer: 101763/11. worden ingedeeld in twee categorieën:
De kosten, die worden bepaald conform de vigerende Regulatorische Accountingregels voor Regionale Netbeheerders Elektriciteit en Gas worden ingedeeld in twee categorieën:
a. de transportonafhankelijke kosten, zijnde alle kosten die geen directe relatie hebben met de benodigde transportcapaciteit of het transportvolume. Dit zijn:
administratiekosten;
kosten voor dataverwerking, alsmede de kosten voor allocatie, reconciliatie en validatie;
kosten voor marktfacilitering (kosten voor het beheer van het aansluitingenregister en het afhandelen van switch- en verhuisberichten);
factureringskosten;
kosten voor kwaliteitsbewaking van het gas;
kosten voor gebouwen en magazijnen niet behorende bij de netinfrastructuur;
kosten het opstellen van transportcontracten.
1°. administratiekosten;
2°. kosten voor dataverwerking, alsmede de kosten voor allocatie, reconciliatie en validatie;
3°. kosten voor marktfacilitering (kosten voor het beheer van het aansluitingenregister en het afhandelen van switch- en verhuisberichten);
4°. factureringskosten;
5°. kosten voor kwaliteitsbewaking van het gas;
6°. kosten voor gebouwen en magazijnen niet behorende bij de netinfrastructuur;
7°. kosten het opstellen van transportcontracten.
b. de transportafhankelijke kosten, zijnde alle kosten die een directe relatie hebben met de benodigde transportcapaciteit of het transportvolume. Dit zijn:
kosten inkoop bij andere netbeheerders;
kosten voor het gastransportnet;
kosten voor instandhouding van het gastransportnet;
kosten voor handhaving drukniveau;
kosten voor gebouwen en magazijnen behorende bij de netinfrastructuur.
1°. kosten inkoop bij andere netbeheerders;
2°. kosten voor het gastransportnet;
3°. kosten voor instandhouding van het gastransportnet;
4°. kosten voor handhaving drukniveau;
5°. kosten voor gebouwen en magazijnen behorende bij de netinfrastructuur.
### Paragraaf 2.3. De tariefstructuur van de transporttarieven voor afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m
### Paragraaf 2.4. De tariefstructuur van de transporttarieven voor kleinverbruikers
#### Paragraaf 2.3.1. Tariefcomponenten
### Artikel 2.21
### Artikel 2.3.1.1
De transporttarieven voor kleinverbruikers bestaan uit de volgende componenten:
De transporttarieven voor afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m^3(n)/uur bestaan uit de volgende componenten:
a. een transportonafhankelijk verbruikerstarief;
b. een transportafhankelijk verbruikerstarief.
a. een transportonafhankelijk verbruikerstarief (TOVT);
b. een transportafhankelijk verbruikerstarief-volume (TAVTv);
c. een transportafhankelijk verbruikerstarief-capaciteit (TAVTc).
### Artikel 2.22
#### Paragraaf 2.3.2. Indeling in tariefcategorie
**1.** De netbeheerder deelt de kleinverbruikaansluitingen in afnemerscategorieën in op basis van de aansluitcapaciteit en, voor zover van toepassing, het standaardjaarverbruik.
### Artikel 2.3.2.1
**2.** Ten behoeve van de indeling bedoeld in het eerste lid stelt de netbeheerder de aansluitcapaciteit gelijk aan de maximumcapaciteit van de geïnstalleerde gasmeter.
Voor de aansluitingen van afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m^3(n)/uur worden zes afnemerscategorieën onderscheiden. Iedere aansluiting wordt in één van deze categorieën ingedeeld. In Tabel 1 Tariefcategorieën zijn de verschillende afnemerscategorieën weergegeven.
**3.**
* Deze indeling in gasmeters geldt alleen bij een overdruk van ≤ 200 mbar.
De maximumcapaciteit, bedoeld in het tweede lid, is per type gasmeter bij een meetdruk lager dan of gelijk aan 200 mbar als volgt:
** Dit betreft het standaardjaarverbruik zoals bedoeld in artikel 2.1.3, onderdeel r, van de Informatiecode elektriciteit en gas.
a. G6: 10 m^3(n)/uur;
b. G10: 16 m^3(n)/uur;
c. G16: 25 m^3(n)/uur;
d. G25:40 m^3(n)/uur.
### Artikel 2.3.2.2
**4.**
Afnemers worden op basis van de grootte van de gasmeter ingedeeld in een afnemersgroep zoals weergegeven in Tabel 1 Tariefcategorieën. Voor de eerste drie afnemersgroepen geldt dat het standaardjaarverbruik bepaalt of afnemers in groep 1, 2 of 3 worden ingedeeld. Voor aansluitingen met een hoge druk (groter dan 200 mbar overdruk) of een extra hoge druk (groter dan 16 bar overdruk) geldt de procedure zoals is beschreven in artikel 2.3.2.3.
De maximumcapaciteit, bedoeld in het tweede lid, is per type gasmeter bij een meetdruk hoger dan 200 mbar gelijk aan de in het derde lid genoemde maximumcapaciteit, gecorrigeerd voor de meetdruk, volgens de formule:
### Artikel 2.3.2.3
C_n = C*(P/P_n)
Voor aansluitingen waarbij de gasmeter meet in de hoge druk (groter dan 200 mbar overdruk) of extra hoge druk (groter dan 16 bar overdruk) dient de capaciteit gecorrigeerd te worden voor druk. De correctie dient te geschieden door toepassing van onderstaande formule. Na toepassing hiervan wordt de aansluiting conform Tabel 1 Tariefcategorieën in de afnemersgroep ingedeeld.
Waarin:
De formule die hiervoor wordt gebruikt, luidt:
C: Maximumcapaciteit (m^3/uur) van de gasmeter;
C_n = C * (P/P_n)
C_n: Herleide capaciteit (m^3(n)/uur), gecorrigeerd voor druk;
waarin:
P: De absolute meetdruk in bar;
C = Maximum capaciteit (m^3/uur) van de gasmeter;
P_n: Absolute druk onder normaalconditie (1,01325 bar).
C_n = Herleide capaciteit (m^3(n)/uur), gecorrigeerd voor druk;
**5.**
P = De absolute meetdruk in bar;
Voor kleinverbruikaansluitingen worden de volgende zes afnemerscategorieën onderscheiden:
P_n = Absolute druk onder normaalconditie (1,01325 bar).
a. aansluitcapaciteit kleiner dan of gelijk aan 10 m^3(n)/uur en standaardjaarverbruik kleiner dan of gelijk aan 500 m^3(n; 35.17);
b. aansluitcapaciteit kleiner dan of gelijk aan 10 m^3(n)/uur en standaardjaarverbruik groter dan 500 m^3(n; 35.17) en kleiner dan of gelijk aan 4.000 m^3(n; 35,17);
c aansluitcapaciteit kleiner dan of gelijk aan 10 m^3(n)/uur en standaardjaarverbruik groter dan 4.000 m^3(n; 35,17);
d. aansluitcapaciteit groter dan 10 m^3(n)/uur en kleiner dan of gelijk aan 16 m^3(n)/uur;
e. aansluitcapaciteit groter dan 16 m^3(n)/uur en kleiner dan of gelijk aan 25 m^3(n)/uur;
f. aansluitcapaciteit groter dan 25 m^3(n)/uur en kleiner dan of gelijk aan 40 m^3(n)/uur.
### Artikel 2.3.2.4
**6.**
Voor de in 2.3.1 genoemde tariefcomponenten wordt uitgegaan van een waarde voor de transportcapaciteit die voor onbepaalde tijd geldt.
Bij de afnemerscategorieën bedoeld in het vijfde lid, onderdelen a t/m f horen respectievelijk de volgende rekencapaciteiten:
### Artikel 2.3.2.5
a. 1,5 m^3(n; 35,17)/uur;
b. 3 m^3(n; 35,17)/uur;
c. 6 m^3(n; 35,17)/uur;
d. 10 m^3(n; 35,17)/uur;
e. 16 m^3(n; 35,17)/uur;
f. 25 m^3(n; 35,17)/uur.
De procedure voor indeling in een andere afnemersgroep is als volgt:
**7.** Voor de componenten bedoeld in artikel 2.21 wordt uitgegaan van een waarde voor de transportcapaciteit die voor onbepaalde tijd geldt.
a. indien een afnemer met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m^3(n)/uur op grond van zijn benodigde maximale (gesommeerde) transportcapaciteit van mening is dat hij in aanmerking komt voor indeling in een andere afnemersgroep, dient hij daartoe een schriftelijk verzoek in bij de netbeheerder op wiens net zijn installatie is aangesloten;
### Artikel 2.23
De procedure voor indeling van een kleinverbruikaansluiting in een andere afnemerscategorie is als volgt:
a. indien een afnemer die beschikt over een kleinverbruikaansluiting op grond van zijn benodigde maximale (gesommeerde) transportcapaciteit van mening is dat hij in aanmerking komt voor indeling in een andere afnemersgroep,
dan dient hij daartoe een schriftelijk verzoek in bij de netbeheerder op wiens net zijn installatie is aangesloten;
b. de netbeheerder beoordeelt het verzoek, binnen vijf werkdagen na de dag van ontvangst van het verzoek, aan de hand van de volgende criteria:
kan de gevraagde transportcapaciteit geleverd worden op de aansluiting;
indien het een verzoek tot neerwaartse bijstelling behelst dan mag er gedurende de afgelopen 12 maanden geen bijstelling opwaarts hebben plaatsgevonden;
c. de netbeheerder doet de afnemer uiterlijk op de tiende werkdag na de dag van ontvangst van het verzoek schriftelijk verslag van zijn bevindingen. Bij honorering van het verzoek wordt de afnemer zonodig geadviseerd om contact op te nemen met zijn meetverantwoordelijke;
1°. kan de gevraagde transportcapaciteit geleverd worden op de aansluiting;
2°. indien het een verzoek tot neerwaartse bijstelling behelst dan mag er gedurende de afgelopen 12 maanden geen bijstelling opwaarts hebben plaatsgevonden.
c. de netbeheerder doet de afnemer uiterlijk op de tiende werkdag na de dag van ontvangst van het verzoek schriftelijk verslag van zijn bevindingen. Bij honorering van het verzoek wordt de afnemer zo nodig geadviseerd om contact op te nemen met zijn meetverantwoordelijke;
d. daarna neemt de afnemer contact op met zijn meetverantwoordelijke om ervoor te zorgen dat zijn metercapaciteit op kosten van de afnemer wordt bijgesteld door aanpassing (wisseling) van de meter;
e. indien de meetinrichting is aangepast, informeert de meetverantwoordelijke de netbeheerder;
f. vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand dat de netbeheerder van de meetverantwoordelijke vernomen heeft dat de metercapaciteit naar boven is bijgesteld, geldt voor de tariefstelling de hogere afnemersgroep, mits deze gereedmelding voor de 15e van de maand bij de netbeheerder ontvangen is. Bij gereedmelding na de 15e van de maand gaat de aangepaste tariefstelling een maand later in werking;
g. een bijstelling van de tariefstelling in een lagere afnemersgroep kan alleen plaatsvinden indien de metercapaciteit gedurende de afgelopen 12 maanden niet naar boven is bijgesteld. Op het moment dat aan deze voorwaarde is voldaan, geldt voor de tariefstelling vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand dat de netbeheerder van de meetverantwoordelijke vernomen heeft dat de metercapaciteit naar beneden is bijgesteld de lagere afnemersgroep, mits deze gereedmelding voor de 15e van de maand bij de netbeheerder ontvangen is. Bij gereedmelding na de 15e van de maand gaat de aangepaste tariefstelling een maand later in werking.
g. indien de metercapaciteit gedurende de afgelopen 12 maanden niet naar boven is bijgesteld, geldt voor de tariefstelling vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand dat de netbeheerder van de meetverantwoordelijke vernomen heeft dat de metercapaciteit naar beneden is bijgesteld de lagere afnemersgroep, mits deze gereedmelding voor de 15e van de maand bij de netbeheerder ontvangen is. Bij gereedmelding na de 15e van de maand gaat de aangepaste tariefstelling een maand later in werking.
#### Paragraaf 2.3.3. Het transportonafhankelijke verbruikerstarief voor afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m
### Artikel 2.24
### Artikel 2.3.3.1
**1.** Het transportonafhankelijke verbruikerstarief voor kleinverbruikers wordt bepaald door de aan deze aansluitingen toegerekende transportonafhankelijke kosten te delen door het aantal kleinverbruikaansluitingen.
Het transportonafhankelijke verbruikerstarief voor afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m^3(n)/uur (TOVT) wordt bepaald door de aan deze afnemers toegerekende transportonafhankelijke kosten te delen door het aantal aansluitingen van deze afnemers.
**2.** Het transportafhankelijke verbruikerstarief is een bedrag voor de periode van een jaar en wordt per aansluiting in rekening gebracht.
### Artikel 2.3.3.2
### Artikel 2.25
Het TOVT is een bedrag voor de periode van een jaar en wordt per aansluiting in rekening gebracht.
**1.** Het transportafhankelijke verbruikerstarief voor kleinverbruikers dekt de totale op basis van capaciteit aan deze aansluitingen toegerekende transportafhankelijke kosten. Het transportafhankelijke verbruikstarief wordt op basis van dagevenredigheid in rekening gebracht.
#### Paragraaf 2.3.4. Het transportafhankelijke verbruikerstarief-volume voor afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m
**2.** Het transportafhankelijke verbruikstarief wordt berekend door de totale op basis van capaciteit aan kleinverbruikaansluitingen toegerekende transportafhankelijke kosten te delen door de som van het aantal aansluitingen per afnemerscategorie vermenigvuldigd met de respectievelijke rekencapaciteiten overeenkomstig artikel 2.22, tweede lid.
### Artikel 2.3.4.1
**3.** Het transportafhankelijke verbruikstarief is een bedrag per kubieke meter Groningen gas per uur [m^3(n; 35,17)/uur] voor de periode van een jaar.
Het transportafhankelijke verbruikerstarief-volume voor afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m^3(n)/uur (TAVTv) is gelijk aan 0.
**4.** De netbeheerder brengt het transportafhankelijke verbruikstarief in rekening over de rekencapaciteit per aansluiting. Voor aansluitingen met meerdere verbindingen brengt de netbeheerder het transportafhankelijke verbruikstarief in rekening over de som van de rekencapaciteiten van die verbindingen.
#### Paragraaf 2.3.5. Het transportafhankelijke verbruikerstarief-capaciteit voor afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m
### Artikel 2.26
### Artikel 2.3.5.1
**1.** Indien een netbeheerder door faillissement van een leverancier als gevolg van toepassing van het leveranciersmodel zoals bedoeld in artikel 44b van de Gaswet tariefinkomsten derft, dan mogen deze gederfde inkomsten worden verrekend in de tarieven van de netbeheerder.
Het transportafhankelijke verbruikerstarief voor afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m^3(n)/uur (TAVTc) dekt de totale op basis van capaciteit aan deze afnemers toegerekende transportafhankelijke kosten. Het TAVTc wordt op basis van dagevenredigheid in rekening gebracht.
**2.** De in het eerste lid bedoelde verrekening heeft ten hoogste betrekking op de gederfde tariefinkomsten gedurende twee maanden voorafgaand aan het moment waarop de vergunninghouder in staat van faillissement is verklaard (jaar t). Dit is de datum waarop melding wordt gemaakt van het betreffende faillissement in de Nederlandse Staatscourant.
### Artikel 2.3.5.2
**3.** Het moment van de in het eerste lid bedoelde verrekening is in het jaar t+2 na het jaar waarin de vergunninghouder in staat van faillissement is verklaard. De netbeheerder dient dit verzoek tot correctie voor gederfde tariefinkomsten te doen met het tariefvoorstel voor het betreffende jaar. Daarbij moet de netbeheerder aan de Autoriteit Consument en Markt een overzicht overleggen, voorzien van goedkeurende accountantsverklaring, van de gederfde tariefinkomsten.
Het TAVTc wordt berekend door de totale op basis van capaciteit aan afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m^3(n)/uur toegerekende transportafhankelijke kosten te delen door de som van het aantal aansluitingen per afnemerscategorie vermenigvuldigd met de respectievelijke rekencapaciteiten uit tabel 2 in artikel 2.3.6.1.
**4.** Indien een netbeheerder, zoals bedoeld in het eerste lid, gederfde inkomsten verrekent, dan dient deze netbeheerder in het jaar van het einde van het faillissement van de betreffende vergunninghouder een verklaring van de curator bij de Autoriteit Consument en Markt te overleggen van de uitkomsten van het faillissement. Het einde van een faillissement is de dag waarop het einde van een faillissement wordt gepubliceerd in de Nederlandse Staatscourant. Inkomsten die de netbeheerder alsnog heeft kunnen verhalen op de failliete boedel worden in mindering gebracht op de tarieven twee jaar na het jaar van het einde van het faillissement van de vergunninghouder, zoals bedoeld in het eerste lid.
### Artikel 2.3.5.3
### Paragraaf 2.5. De tariefstructuur van de transporttarieven voor profielgrootverbruikers
Het TAVTc is een bedrag per kubieke meter Groningen gas per uur [m^3(n; 35,17)/uur] voor de periode van een jaar.
### Artikel 2.3.5.4
Het TAVTc wordt in rekening gebracht over de rekencapaciteit per aansluiting. Voor aansluitingen met meerdere verbindingen wordt het TAVTc berekend over de som van de rekencapaciteiten van die verbindingen.
#### Paragraaf 2.3.6. Rekencapaciteiten
### Artikel 2.3.6.1
De rekencapaciteit wordt gebruikt om de capaciteitsafhankelijke tarieven voor de in paragraaf 2.3.2 onderscheiden afnemerscategorieën te bepalen. De rekencapaciteiten zijn als volgt:
* Dit betreft het standaardjaarverbruik zoals bedoeld in artikel 2.1.3, onderdeel r, van de Informatiecode elektriciteit en gas.
### Artikel 2.3.6.2
Aansluitingen van afnemers met een aansluitcapaciteit van ten hoogste 40 m^3(n)/uur zonder meetinrichting worden tot afnemerscategorie 1 uit tabel 2 in artikel 2.3.6.1 gerekend, te weten met een capaciteit kleiner dan 10 m^3(n)/uur en een standaardjaarverbruik kleiner dan 500 m^3(n; 35,17).
#### Paragraaf 2.3.7. [Vervallen]
#### Paragraaf 2.3.8. Bijzondere bepalingen
### Artikel 2.3.8.1
Indien een netbeheerder door faillissement van een leverancier als gevolg van toepassing van het leveranciersmodel zoals bedoeld in artikel 44b van de Gaswet tariefinkomsten derft, dan mogen deze gederfde inkomsten worden verrekend in de tarieven van de netbeheerder.
### Artikel 2.3.8.2
De in artikel 2.3.8.1 bedoelde verrekening heeft ten hoogste betrekking op de gederfde tariefinkomsten gedurende twee maanden voorafgaand aan het moment waarop de vergunninghouder in staat van faillissement is verklaard (jaar t). Dit is de datum waarop melding wordt gemaakt van het betreffende faillissement in de Nederlandse Staatscourant.
### Artikel 2.3.8.3
Het moment van de in artikel 2.3.8.1 bedoelde verrekening is in het jaar t+2 na het jaar waarin de vergunninghouder in staat van faillissement is verklaard. De netbeheerder dient dit verzoek tot correctie voor gederfde tariefinkomsten te doen met het tariefvoorstel voor het betreffende jaar. Daarbij moet de netbeheerder aan de Autoriteit Consument en Markt een overzicht overleggen, voorzien van goedkeurende accountantsverklaring, van de gederfde tariefinkomsten.
### Artikel 2.3.8.4
Indien een netbeheerder, zoals bedoeld in artikel 2.3.8.1, gederfde inkomsten verrekent, dan dient deze netbeheerder in het jaar van het einde van het faillissement van de betreffende vergunninghouder een verklaring van de curator bij de Autoriteit Consument en Markt te overleggen van de uitkomsten van het faillissement. Het einde van een faillissement is de dag waarop het einde van een faillissement wordt gepubliceerd in de Nederlandse Staatscourant. Inkomsten die de netbeheerder alsnog heeft kunnen verhalen op de failliete boedel worden in mindering gebracht op de tarieven twee jaar na het jaar van het einde van het faillissement van de vergunninghouder, zoals bedoeld in artikel 2.3.8.1.
### Paragraaf 2.3a. De tariefstructuur van de transporttarieven voor profielgrootverbruikers
#### Paragraaf 2.3a.1. Tariefcomponenten
### Artikel 2.3a.1.1
### Artikel 2.27
De transporttarieven voor profielgrootverbruikers bestaan uit de volgende componenten:
a. een transportonafhankelijk verbruikerstarief (TOVT);
b. een transportafhankelijk verbruikerstarief (TAVT).
a. een transportonafhankelijk verbruikerstarief;
b. een transportafhankelijk verbruikerstarief.
#### Paragraaf 2.3a.2. Indeling in tariefcategorie
### Artikel 2.28
### Artikel 2.3a.2.1
**1.** De netbeheerder deelt de profielgrootverbruikaansluitingen in afnemerscategorieën in op basis van de aansluitcapaciteit.
Voor de aansluitingen van profielgrootverbuikers worden vijf afnemerscategorieën onderscheiden. Iedere aansluiting wordt in één van deze categorieën ingedeeld. In Tabel 3 Tariefcategorieën zijn de verschillende afnemerscategorieën weergegeven.
**2.** Ten behoeve van de indeling bedoeld in het eerste lid stelt de netbeheerder de aansluitcapaciteit gelijk aan de maximumcapaciteit van de geïnstalleerde gasmeter.
* Deze indeling in gasmeters geldt alleen bij een overdruk van ≤ 200 mbar.
**3.**
### Artikel 2.3a.2.2
De maximumcapaciteit, bedoeld in het tweede lid, is per type gasmeter bij een meetdruk lager dan of gelijk aan 200 mbar als volgt:
Afnemers worden op basis van de grootte van de gasmeter ingedeeld in een afnemerscategorie zoals weergegeven in Tabel 3 Tariefcategorieën. Voor aansluitingen met een hoge druk (groter dan 200 mbar overdruk) of een extra hoge druk (groter dan 16 bar overdruk) geldt de procedure zoals is beschreven in artikel 2.3a.2.3.
a. G40: 65 m^3(n)/uur;
b. G65: 100 m^3(n)/uur;
c. G100: 160 m^3(n)/uur;
d. G160: 250 m^3(n)/uur;
e. G250 en hoger: 400 m^3(n)/uur en hoger.
### Artikel 2.3a.2.3
**4.**
Voor aansluitingen waarbij de gasmeter meet in de hoge druk (groter dan 200 mbar overdruk) of extra hoge druk (groter dan 16 bar overdruk) dient de capaciteit gecorrigeerd te worden voor druk. De correctie dient te geschieden door toepassing van onderstaande formule. Na toepassing hiervan wordt de aansluiting conform Tabel 3 Tariefcategorieën in de afnemerscategorie ingedeeld.
De maximumcapaciteit, bedoeld in het tweede lid, is per type gasmeter bij een meetdruk hoger dan 200 mbar gelijk aan de in het derde lid genoemde maximumcapaciteit, gecorrigeerd voor de meetdruk, volgens de formule:
De formule die hiervoor wordt gebruikt, luidt:
C_n = C*(P/P_n)
C_n = C * (P/P_n)
Waarin:
waarin:
C: Maximumcapaciteit (m^3/uur) van de gasmeter;
C = Maximum capaciteit (m^3/uur) van de gasmeter;
C_n: Herleide capaciteit (m^3(n)/uur). gecorrigeerd voor druk;
C_n = Herleide capaciteit (m^3(n)/uur), gecorrigeerd voor druk;
P: De absolute meetdruk in bar;
P = De absolute meetdruk in bar;
P_n: Absolute druk onder normaalconditie (1,01325 bar).
P_n = Absolute druk onder normaalconditie (1,01325 bar).
**5.**
### Artikel 2.3a.2.4
Voor grootverbruikaansluitingen worden de volgende vijf afnemerscategorieën onderscheiden:
Voor de in 2.3a.1 genoemde tariefcomponenten wordt uitgegaan van een waarde voor de transportcapaciteit die voor onbepaalde tijd geldt.
a. aansluitcapaciteit groter dan 40 m^3(n)/uur en kleiner dan of gelijk aan 65 m^3(n)/uur;
b. aansluitcapaciteit groter dan 65 m^3(n)/uur en kleiner dan of gelijk aan 100 m^3(n)/uur;
c aansluitcapaciteit groter dan 100 m^3(n)/uur en kleiner dan of gelijk aan 160 m^3(n)/uur;
d. aansluitcapaciteit groter dan 160 m^3(n)/uur en kleiner dan of gelijk aan 250 m^3(n)/uur;
e. aansluitcapaciteit groter dan 250 m^3(n)/uur.
### Artikel 2.3a.2.5
**6.**
De procedure voor indeling in een andere afnemerscategorie is als volgt:
Bij de afnemerscategorieën bedoeld in het vijfde lid, onderdelen a t/m e horen respectievelijk de volgende rekencapaciteiten:
b. 40 m^3(n;35,17)/uur:
b. 65 m^3(n;35,17)/uur:
c. 100 m^3(n;35,17)/uur;
d. 160 m^3(n;35,17)/uur;
e. 250 m^3(n;35,17)/uur.
**7.** Voor de componenten bedoeld in artikel 2.27 wordt uitgegaan van een waarde voor de transportcapaciteit die voor onbepaalde tijd geldt.
### Artikel 2.29
De procedure voor indeling van een profielgrootverbruikaansluiting in een andere afnemerscategorie is als volgt:
a. indien een profielgrootverbruiker op grond van zijn benodigde maximale (gesommeerde) transportcapaciteit van mening is dat hij in aanmerking komt voor indeling in een andere afnemerscategorie, dient hij daartoe een schriftelijk verzoek in bij de netbeheerder op wiens net zijn installatie is aangesloten;
b. de netbeheerder beoordeelt het verzoek, binnen vijf werkdagen na de dag van ontvangst van het verzoek, aan de hand van de volgende criteria:
b. de netbeheerder beoordeelt het verzoek binnen vijf werkdagen na de dag van ontvangst van het verzoek, aan de hand van de volgende criteria:
kan de gevraagde transportcapaciteit geleverd worden op de aansluiting;
indien het een verzoek tot neerwaartse bijstelling behelst dan mag er gedurende de afgelopen 12 maanden geen bijstelling opwaarts hebben plaatsgevonden;
c. de netbeheerder doet de profielgrootverbruiker uiterlijk op de tiende werkdag na de dag van ontvangst van het verzoek schriftelijk verslag van zijn bevindingen. Bij honorering van het verzoek wordt de profielgrootverbruiker zonodig geadviseerd om contact op te nemen met zijn meetverantwoordelijke;
1°. kan de gevraagde transportcapaciteit geleverd worden op de aansluiting;
2°. indien het een verzoek tot neerwaartse bijstelling behelst dan mag er gedurende de afgelopen 12 maanden geen bijstelling opwaarts hebben plaatsgevonden.
c. de netbeheerder doet de profielgrootverbruiker uiterlijk op de tiende werkdag na de dag van ontvangst van het verzoek schriftelijk verslag van zijn bevindingen. Bij honorering van het verzoek wordt de profielgrootverbruiker zo nodig geadviseerd om contact op te nemen met zijn meetverantwoordelijke;
d. daarna neemt de profielgrootverbruiker contact op met zijn meetverantwoordelijke om ervoor te zorgen dat zijn metercapaciteit op kosten van de profielgrootverbruiker wordt bijgesteld door aanpassing (wisseling) van de meter;
e. indien de meetinrichting is aangepast, informeert de meetverantwoordelijke de netbeheerder;
f. vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand dat de netbeheerder van de meetverantwoordelijke vernomen heeft dat de metercapaciteit naar boven is bijgesteld, geldt voor de tariefstelling de hogere afnemersgroep, mits deze gereedmelding voor de 15e van de maand bij de netbeheerder ontvangen is. Bij gereedmelding na de 15e van de maand gaat de aangepaste tariefstelling een maand later in werking;
g. een bijstelling van de tariefstelling in een lagere afnemerscategorie kan alleen plaatsvinden indien de metercapaciteit gedurende de afgelopen 12 maanden niet naar boven is bijgesteld. Op het moment dat aan deze voorwaarde is voldaan, geldt voor de tariefstelling vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand dat de netbeheerder van de meetverantwoordelijke vernomen heeft dat de metercapaciteit naar beneden is bijgesteld de lagere afnemersgroep, mits deze gereedmelding voor de 15e van de maand bij de netbeheerder ontvangen is. Bij gereedmelding na de 15e van de maand gaat de aangepaste tariefstelling een maand later in werking.
f. vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand dat de netbeheerder van de meetverantwoordelijke vernomen heeft dat de metercapaciteit naar boven is bijgesteld, geldt voor de tariefstelling de hogere afnemerscategorie, mits deze gereedmelding voor de 15e van de maand bij de netbeheerder ontvangen is. Bij gereedmelding na de 15e van de maand gaat de aangepaste tariefstelling een maand later in werking;
g. indien de metercapaciteit gedurende de afgelopen 12 maanden niet naar boven is bijgesteld, geldt voor de tariefstelling vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand dat de netbeheerder van de meetverantwoordelijke vernomen heeft dat de metercapaciteit naar beneden is bijgesteld de lagere afnemerscategorie, mits deze gereedmelding voor de 15e van de maand bij de netbeheerder ontvangen is. Bij gereedmelding na de 15e van de maand gaat de aangepaste tariefstelling een maand later in werking.
#### Paragraaf 2.3a.3. Het transportonafhankelijke verbruikerstarief profielgrootverbruik (TOVT)
### Artikel 2.30
### Artikel 2.3a.3.1
**1.** Het transportonafhankelijke verbruikerstarief voor profielgrootverbruikers wordt bepaald door de aan deze aansluitingen toegerekende transportonafhankelijke kosten te delen door het aantal profielgrootverbruikaansluitingen.
Het transportonafhankelijke verbruikerstarief profielgrootverbruik (TOVT) wordt bepaald door de aan profielgrootverbruikers toegerekende transportonafhankelijke kosten te delen door het aantal aansluitingen van profielgrootverbruikers.
**2.** Het transportonafhankelijke verbruikerstarief is een bedrag voor de periode van een jaar en wordt per aansluiting in rekening gebracht.
### Artikel 2.3a.3.2
### Artikel 2.31
Het TOVT is een bedrag voor de periode van een jaar en wordt per aansluiting in rekening gebracht.
**1.** Het transportafhankelijke verbruikerstarief voor profielgrootverbruikers, dekt de totale op basis van capaciteit aan profielgrootverbruikaansluitingen toegerekende transportafhankelijke kosten.
#### Paragraaf 2.3a.4. Het transportafhankelijke verbruikerstarief-capaciteit profielgrootverbruik (TAVT)
**2.** Het transportonafhankelijke verbruikerstarief wordt berekend door de totale op basis van capaciteit aan profielgrootverbruikaansluitingen toegerekende transportafhankelijke kosten te delen door de som van het aantal profielgrootverbruikaansluitingen per afnemerscategorie vermenigvuldigd met de respectievelijke rekencapaciteiten overeenkomstig artikel 2.28, tweede lid.
### Artikel 2.3a.4.1
**3.** Het transportonafhankelijke verbruikerstarief is een bedrag per kubieke meter Groningen gas m^3(n;35,17)/uur voor de periode van een jaar.
Het transportafhankelijke verbruikerstarief profielgrootverbruik (TAVT) dekt de totale op basis van capaciteit aan profielgrootverbruikers toegerekende transportafhankelijke kosten. Het TAVT wordt berekend door de totale op basis van capaciteit aan profielgrootverbruikers toegerekende transportafhankelijke kosten te delen door de som van het aantal aansluitingen per afnemerscategorie vermenigvuldigd met de respectievelijke rekencapaciteiten uit tabel 4 in artikel 2.3a.5.1.
**4.** De netbeheerder brengt het transportafhankelijke verbruikstarief in rekening over de rekencapaciteit per aansluiting. Voor aansluitingen met meerdere verbindingen brengt de netbeheerder het transportafhankelijke verbruikstarief in rekening over de som van de rekencapaciteiten van die verbindingen.
### Artikel 2.3a.4.2
### Paragraaf 2.6. De tariefstructuur van de transporttarieven voor telemetriegrootverbruikers
Het TAVT is een bedrag per kubieke meter Groningen gas [m^3(n;35,17)/uur] voor de periode van een jaar.
### Artikel 2.3a.4.3
Het TAVT wordt in rekening gebracht over de rekencapaciteit per aansluiting. Voor aansluitingen bestaande uit meer verbindingen wordt het TAVT berekend over de som van de rekencapaciteiten van die verbindingen.
#### Paragraaf 2.3a.5. Rekencapaciteiten
### Artikel 2.3a.5.1
De rekencapaciteit wordt gebruikt om de capaciteitsafhankelijke tarieven voor de in paragraaf 2.3a.2 onderscheiden afnemerscategorieën te bepalen. De rekencapaciteiten zijn als volgt:
### Paragraaf 2.4. De tariefstructuur van de transporttarieven voor telemetriegrootverbruikers
#### Paragraaf 2.4.1. Structuur van de transporttarieven voor telemetriegrootverbruikers
### Artikel 2.4.1.1
### Artikel 2.32
De transporttarieven voor telemetriegrootverbruikers bestaan uit de volgende componenten:
a. een transportonafhankelijk verbruikerstarief (TOVTgv);
b. een transportafhankelijk verbruikerstarief-capaciteit (TAVTgv).
a. een transportonafhankelijk verbruikerstarief;
b. een transportafhankelijk verbruikerstarief-capaciteit.
#### Paragraaf 2.4.2. Het transportonafhankelijke verbruikstarief voor telemetriegrootverbruikers
### Artikel 2.33
### Artikel 2.4.2.1
**1.** Voor de in artikel 2.32 genoemde componenten wordt uitgegaan van een waarde voor de gecontracteerde transportcapaciteit die voor onbepaalde tijd geldt.
Het transportonafhankelijke verbruikerstarief voor telemetriegrootverbruikers (TOVTgv) wordt bepaald door de aan telemetriegrootverbruikers toegerekende transportonafhankelijke kosten te delen door het aantal aansluitingen van telemetriegrootverbruikers.
**2.** Onder gecontracteerde transportcapaciteit wordt verstaan de capaciteit (herleid naar m^3(n; 35,17)/uur) die een telemetriegrootverbruiker verwacht op enig moment in een kalenderjaar maximaal gedurende één uur nodig te hebben voor de betreffende aansluiting.
### Artikel 2.4.2.2
**3.**
Het TOVTgv is een bedrag voor de periode van een jaar en wordt per aansluiting in rekening gebracht.
Een telemetriegrootverbruiker heeft het recht om de gecontracteerde transportcapaciteit aan te passen, uitgezonderd:
#### Paragraaf 2.4.3. Het transportafhankelijke verbruikstarief voor telemetriegrootverbruikers
a. indien de telemetriegrootverbruiker verzoekt om verlaging van de gecontracteerde transportcapaciteit binnen 12 maanden na aanvang van een eerdere verhoging, tenzij er sprake is van sterk gewijzigde omstandigheden bij de telemetriegrootverbruiker die vooraf niet in redelijkheid hadden kunnen worden voorzien;
b. indien de netbeheerder niet op de gewenste termijn over voldoende transportcapaciteit kan beschikken.
### Artikel 2.4.3.1
**4.** Een aanpassing van de gecontracteerde transportcapaciteit is van kracht met ingang van de maand volgend op de instemming met en de uitvoering van het verzoek door de netbeheerder.
Het transportafhankelijke verbruikerstarief voor telemetriegrootverbruikers (TAVTgv) wordt berekend door de totale op basis van capaciteit aan telemetriegrootverbruikers toegerekende transportafhankelijke kosten te delen door de som van de door telemetriegrootverbruikers gecontracteerde transportcapaciteit.
**5.** Binnen 10 werkdagen na het indienen van het verzoek tot aanpassing van de transportcapaciteit informeert de netbeheerder de afnemer of hij instemt met het verzoek.
### Artikel 2.4.3.2
**6.** In het geval de netbeheerder niet instemt, licht de netbeheerder de reden hiervoor aan de afnemer toe. Daarnaast licht de netbeheerder aan de afnemer toe welke aanpassingen in het net dienen te worden gedaan om wel aan het verzoek te kunnen voldoen en op welke termijn deze aanpassingen gerealiseerd kunnen worden.
De transportafhankelijke tarieven voor telemetriegrootverbruikers kunnen erin voorzien dat de transportafhankelijke kosten worden onderbouwd aan de hand van een kostenverdeling op basis van drukniveaus. In het geval de netbeheerder hiertoe kiest dient een cascademodel gehanteerd te worden, hetgeen resulteert in een TAVTgv voor extra hoge druk, een voor hoge druk en een voor lage druk.
### Artikel 2.34
### Artikel 2.4.3.3
**1.** Het transportonafhankelijke verbruikerstarief voor telemetriegrootverbruikers wordt bepaald door de aan telemetriegrootverbruikaansluitingen toegerekende transportonafhankelijke kosten te delen door het aantal telemetriegrootverbruikaansluitingen.
De verdeelsleutel voor de kostentoerekening van de kosten van het EHD-net aan het HD- en LD-net volgens het cascadebeginsel is de volgende:
**2.** Het transportonafhankelijke verbruikstarief, bedoeld in het eerste lid, is een bedrag voor de periode van een jaar en wordt per aansluiting in rekening gebracht.
De verdeelsleutel voor de kostentoerekening van de kosten van het HD-net aan het LD-net volgens het cascadebeginsel is de volgende:
### Artikel 2.35
### Artikel 2.4.3.4
**1.** Het transportafhankelijke verbruikerstarief voor telemetriegrootverbruikers wordt berekend door de totale op basis van capaciteit aan telemetriegrootverbruikaansluitingen toegerekende transportafhankelijke kosten te delen door de som van de door telemetriegrootverbruikers gecontracteerde transportcapaciteit.
Het TAVTgv wordt op basis van de gecontracteerde transportcapaciteit per aansluiting in rekening gebracht. In dit verband wordt onder gecontracteerde transportcapaciteit verstaan de capaciteit (herleid naar m^3(n; 35,17)/uur) die een telemetriegrootverbruiker verwacht op enig moment in een kalenderjaar maximaal gedurende één uur nodig te hebben voor de betreffende aansluiting.
**2.** De netbeheerder kan bij de berekening van het transportafhankelijke verbruikerstarief, als bedoeld in het eerste lid, ervoor kiezen onderscheid te maken naar type net waarop telemetriegrootverbruikers zijn aangesloten.
### Artikel 2.4.3.5
**3.** Indien de netbeheerder onderscheid maakt naar type net, als bedoeld in het tweede lid, berekent hij de transportafhankelijke kosten voor telemetriegrootverbruikaansluitingen per type net. Hiertoe cascadeert de netbeheerder deze transportafhankelijke kosten van het extrahogedruknet door naar het hogedruknet en lagedruknet, en de transportafhankelijke kosten van het hogedruknet naar het lagedruknet.
In de in artikel 2.4.1.1 genoemde tariefdragers wordt uitgegaan van een waarde voor de gecontracteerde transportcapaciteit die voor onbepaalde tijd geldt.
**4.** Voor het cascaderen van de transportafhankelijke kosten van het extrahogedruknet aan het hogedruknet, als bedoeld in het derde lid, hanteert de netbeheerder het quotiënt van de afname, uitgedrukt in m^3(n)/uur, van het hogedruknet en lagedruknet die worden gevoed vanuit het betreffende extrahogedruknet, en de afname, uitgedrukt in m^3(n)/uur, van het betreffende lagedruknet, hogedruknet en extrahogedruknet samen.
### Artikel 2.4.3.6
**5.** Voor het cascaderen van de transportafhankelijke kosten van het hogedruknet aan het lagedruknet, als bedoeld in het derde lid, hanteert de netbeheerder het quotiënt van de afname, uitgedrukt in m^3(n)/uur, van het lagedruknet dat wordt gevoed vanuit het betreffende hogedruknet, en de afname, uitgedrukt in m^3(n)/uur, van het betreffende lagedruknet en hogedruknet samen.
Een telemetriegrootverbruiker heeft het recht om de gecontracteerde transportcapaciteit aan te passen, met uitzondering wanneer:
**6.** Het transportafhankelijke verbruikerstarief wordt op basis van de gecontracteerde transportcapaciteit per aansluiting in rekening gebracht.
a. de telemetriegrootverbruiker verzoekt om verlaging van de gecontracteerde transportcapaciteit binnen 12 maanden na aanvang van een eerdere verhoging, tenzij er sprake is van sterk gewijzigde omstandigheden bij de telemetriegrootverbruiker die vooraf niet in redelijkheid hadden kunnen worden voorzien;
b. de netbeheerder niet op de gewenste termijn over voldoende transportcapaciteit kan beschikken.
**7.** Wanneer een telemetriegrootverbruiker op enig moment de gecontracteerde transportcapaciteit overschrijdt dan brengt de netbeheerder hem een overschrijdingstarief in rekening over de hoeveelheid capaciteit waarmee de gecontracteerde capaciteit wordt overschreden. Deze vergoeding bestaat uit het transportafhankelijke verbruikerstarief en wordt met terugwerkende kracht voor het gehele contractjaar berekend, tenzij het contract op een later tijdstip in het jaar ingaat.
### Artikel 2.4.3.7
### Artikel 2.36
Een aanpassing van de gecontracteerde transportcapaciteit is van kracht met ingang van de maand volgend op de instemming met en de uitvoering van het verzoek door de netbeheerder. Binnen 10 werkdagen na het indienen van het verzoek tot aanpassing van de transportcapaciteit wordt de afnemer door de netbeheerder geïnformeerd of instemming wordt verleend. In het geval de netbeheerder geen instemming verleent wordt de reden hiervoor door de netbeheerder aan de afnemer toegelicht. Daarnaast ligt de netbeheerder aan de afnemer toe welke aanpassingen in het net dienen te worden gedaan om wel aan het verzoek te kunnen voldoen en op welke termijn deze aanpassingen gerealiseerd kunnen worden.
**1.** Indien een telemetriegrootverbruiker met de netbeheerder een afschakelbaar transportcontract heeft afgesloten en afschakeling daadwerkelijk heeft plaatsgevonden dan kent de netbeheerder hem gedurende twaalf maanden vanaf de maand dat de afschakeling heeft plaatsgevonden een korting toe.
### Artikel 2.4.3.8
**2.** De netbeheerder berekent de korting, bedoeld in het eerste lid, per m^3(n; 35,17)/uur door het quotiënt te nemen van de duur van de afschakelingen, uitgedrukt in dagen, en 365 en dat te vermenigvuldigen met het transportafhankelijke verbruikerstarief. De korting is onafhankelijk van de duur van de afschakeling op een dag.
Het transportafhankelijke tarief wordt bepaald op basis van gecontracteerde transportcapaciteit en uitgedrukt in Euros per kubieke meter Groningen gas [m^3(n; 35,17)] per uur per jaar.
**3.** Indien een afnemer met een afschakelbaar transportcontract een verzoek tot afschakeling niet opvolgt, brengt de netbeheerder een additioneel tarief in rekening bij deze afnemer.
### Artikel 2.4.3.9
**4.** De netbeheerder berekent het additionele tarief, bedoeld in het derde lid, per m^3(n; 35,17)/uur door het quotiënt te nemen van de duur van de door de netbeheerder gewenste afschakelingen die door de afnemer niet worden opgevolgd, uitgedrukt in dagen, en 365 en dat te vermenigvuldigen met het transportafhankelijke verbruikstarief. Het additionele tarief is onafhankelijk van de duur van de afschakeling op een dag.
Wanneer een telemetriegrootverbruiker op enig moment de gecontracteerde transportcapaciteit overschrijdt dan wordt hem een overschrijdingsvergoeding in rekening gebracht over de hoeveelheid capaciteit waarmee de gecontracteerde capaciteit wordt overschreden. Deze vergoeding wordt met terugwerkende kracht voor het gehele contractjaar berekend, tenzij het contract op een later tijdstip in het jaar ingaat, en bestaat uit het TAVTgv.
### Artikel 2.37
#### Paragraaf 2.4.4. Tarief voor afschakelbare contracten voor telemetriegrootverbruikers
**1.** Onder een dagcontract voor telemetriegrootverbruikers wordt een overeenkomst verstaan die een kortere looptijd heeft dan een jaar.
### Artikel 2.4.4.1
Indien een afnemer met de netbeheerder een afschakelbaar transportcontract heeft afgesloten en afschakeling daadwerkelijk heeft plaatsgevonden dan wordt hem gedurende twaalf maanden vanaf de maand dat de afschakeling heeft plaatsgevonden een korting toegekend. De korting per m^3(n; 35,17)/uur wordt bepaald door het quotiënt te nemen van de duur van de afschakelingen uitgedrukt in dagen en 365 en dat te vermenigvuldigen met het TAVTgv. De korting is onafhankelijk van de duur van de afschakeling op een dag.
### Artikel 2.4.4.2
Indien een verzoek van de netbeheerder tot afschakeling gericht aan de afnemer met een afschakelbaar transportcontract niet wordt opgevolgd dan wordt aan de afnemer een additioneel tarief in rekening gebracht per af te schakelen m^3(n; 35,17)/uur. Het additionele tarief per m^3(n; 35,17)/uur wordt bepaald door het quotiënt te nemen van de duur van de door de netbeheerder gewenste afschakelingen die door de afnemer niet worden opgevolgd uitgedrukt in dagen en 365 en dat te vermenigvuldigen met het TAVTgv. Het additionele tarief is onafhankelijk van de duur van de afschakeling op een dag.
#### Paragraaf 2.4.5. Tarief voor dagcontracten voor telemetriegrootverbruikers
### Artikel 2.4.5.1
Onder een dagcontract wordt een overeenkomst verstaan die een kortere looptijd heeft dan een jaar.
### Artikel 2.4.5.2
**2.**
Het tarief voor dagcontracten is opgebouwd uit de volgende tariefcomponenten:
a. het in rekening te brengen transportafhankelijke tarief per dag voor dagcontracten is gelijk aan het transportafhankelijke tarief voor jaarcontracten maal een maandfactor en gedeeld door 15. Voor een wintermaand, flankmaand of zomermaand is de maandfactor 0,3, 0,15 of 0,075.
b. wanneer een telemetriegrootverbruiker op enig moment de gecontracteerde dagcapaciteit overschrijdt dan wordt hem een overschrijdingsvergoeding in rekening gebracht over de hoeveelheid capaciteit waarmee de gecontracteerde capaciteit wordt overschreden. Deze vergoeding wordt met terugwerkende kracht voor de gehele dag berekend en bestaat uit het TAVTgv per dag.
a. het in rekening te brengen transportafhankelijke tarief per dag voor dagcontracten is gelijk aan het transportafhankelijke tarief voor jaarcontracten maal een maandfactor en gedeeld door 15. Voor een wintermaand, flankmaand of zomermaand is de maandfactor respectievelijk 0,3, 0,15 en 0,075.
b. wanneer een telemetriegrootverbruiker op enig moment de gecontracteerde dagcapaciteit overschrijdt brengt de netbeheerder hem een overschrijdingstarief in rekening over de hoeveelheid capaciteit waarmee de gecontracteerde capaciteit wordt overschreden. Deze vergoeding wordt met terugwerkende kracht voor de gehele dag berekend en bestaat uit het transportafhankelijke verbruikstarief per dag.
### Artikel 2.4.5.3
**3.**
De netbeheerder werkt mee aan een aanvraag voor een dagcontract, indien:
De netbeheerder gaat akkoord met de aanvraag voor een dagcontract, indien:
a. capaciteit beschikbaar is voor het transport van de desbetreffende hoeveelheid gas;
b. de aansluiting geschikt is voor de gewenste totale capaciteit;
c. de meetinrichting geschikt is voor de gewenste totale hoeveelheid capaciteit.
### Paragraaf 2.5. Tariefstructuur voor de aansluitdienst
### Artikel 2.38
#### Paragraaf 2.5.1. Algemene bepalingen
### Artikel 2.5.1.1
De aansluitdienst omvat voor aansluitingen met een capaciteit tot en met 40 m^3(n)/uur het verrichten van alle werkzaamheden en het leveren van alle benodigdheden die nodig zijn om een aansluiting aan te leggen en in stand te houden, daaronder mede begrepen straatwerk, zoals beschreven in artikel 2.5.1.10. De aansluitdienst omvat voorts voor aansluitingen met een capaciteit boven 40 m^3(n)/uur het verrichten van alle werkzaamheden en het leveren van alle benodigdheden die nodig zijn om een aansluitpunt aan te leggen en in stand te houden, daaronder mede begrepen straatwerk, zoals beschreven in artikel 2.5.1.10. Indien in deze paragraaf (2.5.1) wordt gesproken over een aansluiting, wordt hiermee bedoeld de volledige aansluiting indien de aansluiting een capaciteit heeft tot en met 40 m^3(n)/uur, behoudens daar waar expliciet een uitzondering hierop wordt gemaakt. Indien in deze paragraaf (2.5.1) wordt gesproken over een aansluiting, wordt hiermee bedoeld het aansluitpunt indien de aansluiting een capaciteit heeft boven 40 m^3(n)/uur, behoudens daar waar expliciet een uitzondering hierop wordt gemaakt.
### Artikel 2.5.1.2
Bijlage A bij deze Tarievencode gas beschrijft de reikwijdte van de aansluiting. Componenten buiten deze reikwijdte die de netbeheerder aanlegt dan wel in stand houdt, vallen buiten het bereik van de aansluitdienst.
### Artikel 2.5.1.3
Behoudens werkzaamheden die nodig zijn om het aansluitpunt tot stand te brengen en in stand te houden, vallen werkzaamheden aan het transportnet van de netbeheerder, ongeacht de aard of bedoeling daarvan, niet onder het bereik van de aansluitdienst.
### Artikel 2.5.1.4
Voor het leveren van de aansluitdienst brengt de netbeheerder de aansluitvergoeding in rekening bij de aangeslotene. Daarbij onderscheidt de netbeheerder uitsluitend de aansluitcategorieën zoals vermeld in de artikelen 2.5.2.3 en 2.5.3.3.
### Artikel 2.5.1.5
Met inachtneming van artikel 2.5.1.4 wordt de aansluitvergoeding bepaald door de aansluitcategorie die de aangeslotene wenst.
### Artikel 2.5.1.6
De aansluitvergoeding dient ter dekking van de kosten die de netbeheerder maakt voor het leveren van de aansluitdienst. Deze kosten zijn te onderscheiden in:
a. Kosten voor het aanleggen en in bedrijf nemen van een nieuwe aansluiting.
b. Kosten voor het in stand houden van een aansluiting.
### Artikel 2.5.1.7
Met betrekking tot de in artikel 2.5.1.6 genoemde kosten geldt dat slechts de kosten in aanmerking worden genomen van werkzaamheden en benodigdheden die rechtstreeks met de aanleg en instandhouding van de aansluiting zijn gemoeid, waarbij de netbeheerder uitgaat van de aansluitcategorieën zoals genoemd in de tabellen in de artikelen 2.5.2.3 en 2.5.3.3 en van gemiddelde kosten in elk van die aansluitcategorieën.
### Artikel 2.5.1.8
De aansluitvergoeding zoals bedoeld in artikel 2.5.1.6 bestaat uit twee componenten:
a. Een eenmalige aansluitvergoeding ter dekking van de kosten genoemd in artikel 2.5.1.6 onderdeel a.
b. Een periodieke aansluitvergoeding ter dekking van de kosten genoemd in artikel 2.5.1.6 onderdeel b.
### Artikel 2.5.1.9
De componenten van het onder artikel 2.5.2.1 genoemde tarief waaruit de eenmalige aansluitvergoeding bestaat worden afzonderlijk gespecificeerd op de factuur aan de aangeslotene.
### Artikel 2.5.1.10
Onder straatwerk worden de werkzaamheden verstaan die de netbeheerder aan de bestrating moet verrichten om een aansluiting te maken of in stand te houden. Hieronder wordt mede verstaan het openen, dichten en definitief terugleggen van alle soorten bestrating op de openbare weg, onroerende zaken van derden en onroerende zaken van de aangeslotene die doorkruist worden.
### Artikel 2.5.1.11
Bij wijziging van een aansluiting op verzoek van de aangeslotene wordt een eenmalige bijdrage in rekening gebracht tot een maximum van de eenmalige aansluitvergoeding zoals genoemd in artikel 2.5.1.8 onderdeel a plus eventueel en met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.5.1.15 een eenmalige bijdrage voor het verwijderen dan wel fysiek afschakelen van de bestaande aansluiting.
### Artikel 2.5.1.12
Bij de beëindiging van de aansluitovereenkomst worden eventuele kosten voor het fysiek afschakelen van de aansluiting dan wel het verwijderen van de aansluiting via een eenmalige bijdrage in rekening gebracht bij de “voormalige” aangeslotene, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.5.1.15.
### Artikel 2.5.1.13
Indien een nieuwe aansluitovereenkomst voor een reeds aangelegde en eerder beheerde aansluiting wordt aangegaan, worden de eventuele kosten voor het fysiek inschakelen van de aansluiting via een eenmalige bijdrage in rekening gebracht bij de aangeslotene met wie de nieuwe aansluitovereenkomst wordt aangegaan, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.5.1.15.
### Artikel 2.5.1.14
Indien een aangeslotene het aanleggen van de aansluiting en/of het in stand houden daarvan zelf zal verrichten of zal laten verrichten door een derde partij en daarbij de netbeheerder wel een deel van de werkzaamheden zal verrichten, dan brengt de netbeheerder de kosten voor de betreffende eenmalige werkzaamheden voor dat deel in rekening als een eenmalige vergoeding met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.5.1.15 en de kosten voor de betreffende periodieke werkzaamheden als een periodieke vergoeding met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.5.1.17. Indien daarbij de aansluiting een capaciteit heeft van meer dan 40 m^3(n)/uur en het gehele aansluitpunt valt onder de werkzaamheden van de netbeheerder, dan is op het aansluitpunt paragraaf 2.5.3 van toepassing en worden de kosten van het aansluitpunt onttrokken aan de systematiek van de artikelen 2.5.1.15 en 2.5.1.17.
### Artikel 2.5.1.15
De hoogte van de in de artikelen 2.5.1.11, 2.5.1.12, 2.5.1.13 en 2.5.1.14 bedoelde voorcalculaties voor eenmalige werkzaamheden is gebaseerd op de voorcalculatorische projectkosten, met toepassing van de standaard offerte/factuur voor eenmalige werkzaamheden in artikel 2.5.1.16.
### Artikel 2.5.1.16
Standaard offerte/factuur voor eenmalige werkzaamheden.
### Artikel 2.5.1.17
De in artikel 2.5.1.14 bedoelde voorcalculatie voor periodieke werkzaamheden bestaat uit vaste periodieke bedragen waarvan de netbeheerder de hoogte alsmede de vaste frequentie waarmee wordt gefactureerd aangeeft in de offerte. Daarbij neemt de netbeheerder de systematiek van artikel 2.5.1.15 in acht, met dien verstande dat de standaard offerte/factuur voor eenmalige werkzaamheden in artikel 2.5.1.16 in onderhavig geval de periodieke werkzaamheden en kosten specificeert. Eventuele kosten die een afwijkende of onregelmatige frequentie kennen, worden omgerekend naar de vaste facturatiefrequentie.
### Artikel 2.5.1.18
Slechts indien op schriftelijk verzoek van de aangeslotene wordt afgeweken van de standaard aansluiting, worden de meerkosten daarvan door de netbeheerder aanvullend op de standaard vergoeding in rekening gebracht, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in de artikelen 2.5.1.15 en 2.5.1.17. Binnen de definitie van standaard vallen daarbij in elk geval alle materialen, toebehoren en handelingen die nodig zijn om een aansluiting in de door de aangeslotene gewenste aansluitcategorie aan te leggen, te onderhouden en te beheren, als ware er geen verzoek tot afwijking.
### Artikel 2.5.1.19
Met betrekking tot elk van de werkzaamheden “verwijderen van een aansluiting“, ”fysiek afschakelen van een aansluiting” en “fysiek inschakelen van een aansluiting” zoals bedoeld in de artikelen 2.5.1.11 tot en met 2.5.1.13, kan de netbeheerder op de standaard offerte/factuur zoals omschreven in artikel 2.5.1.16 volstaan met het uitsplitsen van kosten naar de drie volgende verzamelposten:
Materiaal, gereedschap, transport en opslag;
Arbeid;
Kosten van overheidswege (niet BTW).
Onder deze verzamelposten mag de netbeheerder volstaan met het aangeven van “Niet van toepassing” onder “Eenheid”, “1” onder “Hoeveelheid A” en de totale kosten voor die post onder “Eenheidskosten (B)” en “Subtotaal (A*B)”.
### Artikel 2.5.1.20
Voor hetgeen bepaald is in artikel 2.5.1.8 geldt de volgende overgangsbepaling:
a. De vermogenskosten die voortvloeien uit het aanleggen en in bedrijf nemen van een nieuwe aansluiting kunnen, voor zover deze kosten gedekt worden door de aansluitvergoedingen van 2011, in de aansluitvergoedingen van 2011 geheel of gedeeltelijk worden gedekt door de in artikel 2.5.1.8 onderdeel b genoemde periodieke aansluitvergoeding in plaats van de in artikel 2.5.1.8 onderdeel a genoemde eenmalige aansluitvergoeding.
b. Maximaal de helft van de vermogenskosten die voortvloeien uit het aanleggen en in bedrijf nemen van een nieuwe aansluiting kunnen, voor zover deze kosten gedekt worden door de aansluitvergoedingen van 2012, in de aansluitvergoedingen van 2012 worden gedekt door de in artikel 2.5.1.8 onderdeel b genoemde periodieke aansluitvergoeding in plaats van de in artikel 2.5.1.8 onderdeel a genoemde eenmalige aansluitvergoeding.
#### Paragraaf 2.5.2. Specifieke bepalingen voor aansluitingen met een aansluitcapaciteit tot en met 40 m
### Artikel 2.5.2.1
De onder artikel 2.5.1.8 onderdeel a genoemde eenmalige aansluitvergoeding is opgebouwd uit twee componenten:
a. een vast tarief ter dekking van de kosten voor het aanleggen en in bedrijf nemen van een nieuwe aansluiting, uitgaande van een maximale lengte van de aansluitleiding van 25 meter.
b. een vast tarief per meter ter dekking van de meerkosten van de aanleg als direct gevolg van het langer zijn van de aansluitleiding dan de in onderdeel a van dit artikel genoemde 25 meter.
### Artikel 2.5.2.2
De onder artikel 2.5.1.8 onderdeel b genoemde periodieke vergoeding bestaat uit een vast tarief.
### Artikel 2.5.2.3
Tabel: aansluitcategorieën voor aansluitingen met een aansluitcapaciteit tot en met 40 m^3(n)/uur.
* Deze indeling in gasmeters geldt alleen bij een overdruk van ≤ 200 mbar.
### Artikel 2.5.2.4
In het geval dat op een bestaande aansluiting een nieuwe aansluiting wordt gemaakt, zodat een deel van de bestaande aansluitleiding in een transportnet verandert, zal de netbeheerder onder de volgende voorwaarden overgaan tot restitutie aan de “eerstaangeslotene” van een deel van de voor de aanleg van de bestaande aansluiting betaalde eenmalige aansluitvergoeding zoals genoemd in artikel 2.5.1.8 onderdeel a:
a. Deze restitutieregeling is niet van toepassing op aansluitingen die zijn aangelegd voor 1 januari 2011.
b. Gedurende de eerste zeven jaar wordt de restitutie op initiatief van de netbeheerder verstrekt. Na zeven jaar wordt de restitutie verstrekt indien de aangeslotene hiertoe een schriftelijk, met bewijsstukken ondersteund, verzoek bij de netbeheerder indient.
Na aanleg van de nieuwe aansluiting is dit artikel van overeenkomstige toepassing op deze nieuwe aansluiting. Met “eerstaangeslotene” wordt bedoeld de aangeslotene op wiens naam de bestaande aansluiting staat in het aansluitingenregister. De in de onderdelen a en b van dit artikel genoemde termijnen zijn bedoeld ten opzichte van het moment van eerste registratie van de aansluiting. Voor aansluitingen die op grond van onderdeel a niet zijn uitgesloten van toepassing van de restitutieregeling, heeft de netbeheerder de plicht om de “eerstaangeslotene” op de hoogte te stellen van het maken van een nieuwe aansluiting op de bestaande aansluiting, onder expliciete verwijzing naar de restitutieregeling.
### Artikel 2.5.2.5
De hoogte van de restitutie genoemd in artikel 2.5.2.4 wordt berekend als 1/39-deel van de restlevensduur van het tot transportnet te verworden deel van de bestaande aansluitleiding vermenigvuldigd met de restitutiebasis. De restlevensduur is daarbij gelijk aan 39 jaar minus de ouderdom van de bestaande aansluiting, dan wel nul jaar indien de bestaande aansluiting ouder is dan 39 jaar. De ouderdom wordt bepaald ten opzichte van het moment van eerste registratie van de bestaande aansluiting. De restitutiebasis is gelijk aan de lengte van het tot transportnet te verworden deel van de bestaande aansluitleiding vermenigvuldigd met het destijds voor de aanleg van de bestaande aansluitleiding in rekening gebrachte tarief genoemd in artikel 2.5.2.1 onderdeel b (meerlengte aansluitleiding), met een maximum van het deel van de destijds voor de aanleg in rekening gebrachte aansluitvergoeding als bedoeld in artikel 2.5.1.8 onderdeel a dat betrekking heeft op de vergoeding van meerlengte als bedoeld in artikel 2.5.2.1 onderdeel b.
### Artikel 2.5.2.6
Indien een tijdelijke nieuwe aansluiting wordt gemaakt op een, al dan niet tijdelijke, bestaande aansluiting, is de restitutieregeling niet van toepassing. Indien op enig moment de tijdelijke situatie geheel of gedeeltelijk permanent wordt, is de restitutieregeling alsnog van toepassing op de nieuw ontstane situatie alsof deze nieuwe situatie reeds vanaf het begin van de voorafgaande (tijdelijke) situatie bestond. Ten behoeve van de restitutieregeling wordt een aansluiting geacht een permanent karakter te hebben niet later dan een jaar na eerste aanleg.
### Artikel 2.5.2.7
Ten behoeve van het bepalen van de eenmalige vergoeding zoals bedoeld in artikel 2.5.2.1 onderdeel b (vergoeding voor meerlengte), bepaalt de netbeheerder de lengte van de aansluitleiding zoals bedoeld in artikel 2.5.2.1 als de lengte van het tracé tussen het overdrachtspunt en het punt in het gastransportnet of, indien van toepassing, de bestaande aansluiting waarop wordt aangesloten. Daar waar het tracé van de aansluitleiding de openbare weg volgt, wordt gemeten over het hart van de betreffende openbare weg. Indien het punt in het gastransportnet danwel de bestaande aansluiting waarop wordt aangesloten onder of aan de openbare weg ligt, wordt gemeten tot aan het hart van de openbare weg ter plaatse. De zodanig te bepalen meerlengte is gemaximeerd op 1,3 (één komma drie) maal de afstand tot het dichtstbijzijnde punt in het gastransportnet met een drukniveau dat tenminste gelijk is aan de leveringsdruk, gemeten in rechte lijn vanaf het overdrachtspunt. De met dit artikel bepaalde wijze van bepaling van de lengte van de aansluitleiding geschiedt ten opzichte van het gastransportnet zoals dat bestaat op het moment van aanleg van het aansluitpunt. Indien sprake is van een geveldoorvoer, wordt in het kader van dit artikel de lengte van de aansluitleiding bepaald op de som van vier meter en de in dit artikel voormelde systematiek waarbij daar waar “overdrachtspunt” staat “geveldoorvoer” gelezen dient te worden.
### Artikel 2.5.2.8
De kosten voor straatwerk zoals beschreven in artikel 2.5.1.10, dienen gedekt te worden door middel van een standaard opslag in de aansluitvergoedingen zoals genoemd in de artikelen 2.5.2.1 en 2.5.2.2. De standaard opslag dient daarbij gebaseerd te zijn op gemiddelde kosten.
#### Paragraaf 2.5.3. Specifieke bepalingen voor het aansluitpunt van aansluitingen met een aansluitcapaciteit boven 40 m
### Artikel 2.5.3.1
De onder artikel 2.5.1.8 onderdeel a genoemde eenmalige aansluitvergoeding bestaat uit een vast tarief.
### Artikel 2.5.3.2
De onder artikel 2.5.1.8 onderdeel b genoemde periodieke vergoeding bestaat uit een vast tarief.
### Artikel 2.5.3.3
Tabel: aansluitcategorieën voor aansluitingen met een aansluitcapaciteit boven 40 m^3(n)/uur.
* Deze indeling in gasmeters geldt alleen bij een overdruk van ≤ 200 mbar.
### Artikel 2.5.3.4
De kosten voor straatwerk zoals beschreven in artikel 2.5.1.10 en voor zover bedoeld voor het aanleggen en in stand houden van het aansluitpunt, dienen gedekt te worden door middel van een standaard opslag in de aansluitvergoedingen zoals genoemd in de artikelen 2.5.3.1 en 2.5.3.2. De standaard opslag dient daarbij gebaseerd te zijn op gemiddelde kosten.
### Artikel 2.5.3.5
De onder artikelen 2.5.3.1 en 2.5.3.2 bedoelde vergoedingen voor het aansluitpunt worden op de factuur afzonderlijk van de vergoedingen voor de “rest van de aansluiting” gespecificeerd.
In situaties als bedoeld in artikel XI. tweede lid van de Wet Voortgang energietransitie hanteert de netbeheerder een periodieke aansluitvergoeding die gebaseerd is op de kosten van het beheer en onderhoud van alleen het aansluitpunt.
## Hoofdstuk 3. Landelijk netbeheerder
@ -724,3 +687,5 @@ c. Het tarief kan bestaan uit vaste en variabele elementen.
d. Het tarief kan zowel eenmalig als verdeeld over verschillende periodes in rekening worden gebracht bij de afnemer. Over de looptijd van de dienst en verdeling van de kosten worden nadere afspraken gemaakt.
## Bijlage A. Standaard elementen van de aansluiting
Vervallen