2013-07-04 | BWBR0007312 | Wijzigingswet Wet op het Basisonderwijs, enz. (budgettering wachtgelden en instelling participatiefonds)

This commit is contained in:
Coornhert 2013-07-04 12:00:00 +00:00
parent fe80c84789
commit 700e0c7939

View file

@ -46,13 +46,11 @@ Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
### Artikel IX
De op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel A, artikel II, onderdeel A, artikel III, onderdeel A, en artikel IV, onderdelen B en D, geldende afvloeiingsregelingen, vastgesteld krachtens hoofdstuk I-G van het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel, alsmede de desbetreffende overgangsregelingen, vervallen met ingang van dat tijdstip. De eerste volzin is niet van toepassing ten aanzien van afvloeiingsregelingen en overgangsregelingen die ten behoeve van het personeel van een school of instelling van één onderwijssoort of een scholengemeenschap zijn vastgesteld door het bevoegd gezag dat slechts die school, instelling of scholengemeenschap in stand houdt.
Vervallen
### Artikel X
**1.** De benoeming van een personeelslid bij een of meer door het bevoegd gezag in stand gehouden scholen voor basisonderwijs, voor speciaal onderwijs, voor voortgezet speciaal onderwijs, voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, voor voortgezet onderwijs, voor beroepsbegeleidend onderwijs, dan wel bij een landelijk orgaan, bedoeld in respectievelijk artikel 34 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 34 van de Wet op de expertisecentra, artikel 39*a* van de Wet op het voortgezet onderwijs, artikel 2.47 of 2.56 van de Wet op het cursorisch beroepsonderwijs, zoals deze artikelen luidden op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, wordt met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet van rechtswege omgezet in een benoeming in algemene dienst van het bevoegd gezag, dan wel van het bestuur van het landelijk orgaan, in de zin van de genoemde artikelen, zoals die artikelen luiden met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.
**2.** De akte van aanstelling of de akte van benoeming van een personeelslid als bedoeld in het eerste lid, wordt met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet geacht te voldoen aan respectievelijk artikel 53, eerste lid, onderdeel h, of artikel 59, tweede lid, onderdeel h, van de Wet op het primair onderwijs, artikel 56, eerste lid, onderdeel h, of artikel 62, tweede lid, onderdeel h, van de Wet op de expertisecentra, artikel 43*a*, eerste lid, onderdeel *h*, of artikel 51, tweede lid, onderdeel *h*, van de Wet op het voortgezet onderwijs, of artikel 2.47, eerste lid, onderdeel *h*, of artikel 2.56, eerste lid, onderdeel *h*, van de Wet op het cursorisch beroepsonderwijs, zoals die artikelen luiden met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.
Vervallen
### Artikel XI
@ -60,7 +58,7 @@ Artikel 18*a* van de Kaderwet Volwasseneneducatie 1991 vindt toepassing naar aan
### Artikel XII
Zodra naar het oordeel van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen de rechtspersoon, bedoeld in de artikelen 184 van de Wet op het primair onderwijs, 170 van de Wet op de expertisecentra, 98*b* van de Wet op het voortgezet onderwijs, 3.53*a* en 3.72*a* van de Wet op het cursorisch beroepsonderwijs, 61, tweede lid, van de Kaderwet Volwasseneneducatie 1991 en 64 van de Wet op de onderwijsverzorging, zijn bij of krachtens de genoemde wetten opgedragen taken zodanig uitvoert dat de Tijdelijke wet arbeidsbemiddeling onderwijs niet langer noodzakelijk is, bevordert Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen de totstandkoming van een koninklijk besluit waarbij die wet vervalt, met dien verstande dat de artikelen met betrekking tot een vermindering van de rijksvergoeding van toepassing blijven op de vaststelling van die vergoeding.
Vervallen
### Artikel XIII