2020-07-16 | BWBR0011538 | Besluit staatsexamens vwo-havo-mavo 2000

This commit is contained in:
Coornhert 2020-07-16 12:00:00 +00:00
parent 62e53a48dd
commit 71932538dd

View file

@ -22,11 +22,10 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
- *College voor toetsen en examens:* College voor toetsen en examens, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Wet College voor toetsen en examens;
- *deeleindexamen:* het deeleindexamen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Eindexamenbesluit VO;
- *deelstaatsexamen:* het examen in één of meer van de voor het staatsexamen voorgeschreven vakken;
- *digitale examinering:* het voorbereiden, afnemen en afwikkelen van het centraal examen in één of meer vakken of de rekentoets met gebruikmaking van de daartoe door het College voor toetsen en examens beschikbaar gestelde programmatuur;
- *ER:* ernstige rekenproblemen als bedoeld in artikel 23b, eerste lid;
- *digitale examinering:* het voorbereiden, afnemen en afwikkelen van het centraal examen in één of meer vakken met gebruikmaking van de daartoe door het College voor toetsen en examens beschikbaar gestelde programmatuur;
- *gemengde leerweg:* de gemengde leerweg, bedoeld in artikel 10d van de wet;
- *havo:* hoger algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 8 van de wet;
- *herkansing:* het opnieuw deelnemen aan een toets van het centraal examen of het college-examen, daaronder niet begrepen de gelegenheid om de rekentoets opnieuw af te leggen;
- *herkansing:* het opnieuw deelnemen aan een toets van het centraal examen of het college-examen;
- *inspectie:* de inspectie, bedoeld in artikel 1 van de Wet op het onderwijstoezicht;
- *instelling voor educatie en beroepsonderwijs:* een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover het betreft door die instelling verzorgde opleidingen vavo;
- *kaderberoepsgerichte leerweg:* de kaderberoepsgerichte leerweg, bedoeld in artikel 10b van de wet;
@ -37,7 +36,6 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
- *opleiding vavo:* een opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover leidend tot het diploma vwo, het diploma havo of het diploma vmbo theoretische leerweg;
- *profiel:* een in artikel 10, 10b, 10d of 12 van de wet genoemd profiel;
- *profielwerkstuk:* het in artikel 4, derde lid, van het Eindexamenbesluit VO bedoelde profielwerkstuk;
- *rekentoets:* rekentoets als bedoeld in artikel 60, zesde lid, van de wet;
- *school:* een school voor vwo, een school voor havo of een school voor vmbo, tenzij anders blijkt;
- *staatsexamen:* het staatsexamen ter verkrijging van het diploma vwo, het diploma havo of het vmbo, met dien verstande dat het staatsexamen vmbo voor zover het betreft de basisberoepsgerichte leerweg, de kaderberoepsgerichte leerweg of de gemengde leerweg enkel in de algemene vakken wordt afgenomen;
- *theoretische leerweg:* de theoretische leerweg, bedoeld in artikel 10 van de wet;
@ -71,7 +69,7 @@ e. € 144 wat het examenjaar 2023 betreft.
**2a.**
Voor toelating tot deelstaatsexamens voor vakken waarin alleen het centraal examen of alleen het college-examen wordt afgelegd, of tot deelstaatsexamens die de rekentoets omvatten, is verschuldigd een bedrag van:
Voor toelating tot deelstaatsexamens voor vakken waarin alleen het centraal examen of alleen het college-examen wordt afgelegd is verschuldigd een bedrag van:
a. € 59 wat het examenjaar 2019 betreft,
b. € 62 wat het examenjaar 2020 betreft,
@ -109,7 +107,7 @@ b. de kandidaat die is ingeschreven aan een school voor voortgezet speciaal onde
De aanmelding kan strekken tot:
a. het verkrijgen van toelating tot het afleggen van het examen ten overstaan van het College voor toetsen en examens, of
b. het overleggen aan het College voor toetsen en examens van de in artikel 25, derde lid, bedoelde bewijsstukken ter verkrijging van het staatsexamendiploma, al dan niet in combinatie met het afleggen van het examen in een of meer vakken of rekentoets ten overstaan van het College voor toetsen en examens.
b. het overleggen aan het College voor toetsen en examens van de in artikel 25, derde lid, bedoelde bewijsstukken ter verkrijging van het staatsexamendiploma, al dan niet in combinatie met het afleggen van het examen in een of meer vakken ten overstaan van het College voor toetsen en examens.
**3.** Uit de aanmelding voor het staatsexamen blijkt tevens of sprake is van een of meer vrijstellingen of ontheffingen als bedoeld in de artikelen 10 en 11.
@ -125,7 +123,7 @@ b. het overleggen aan het College voor toetsen en examens van de in artikel 25,
**5.** Het centraal examen kent in elk kalenderjaar een eerste, tweede en derde tijdvak of een nader, door het College voor toetsen en examens, te bepalen tijdstip.
**6.** Voor de aanvang van het derde tijdvak zendt Onze Minister aan de inspectie een opgave met de kandidaten, de in het eerste of tweede tijdvak door die kandidaten behaalde cijfers, voor zover van toepassing de alsnog behaalde cijfers voor het college-examen, en een overzicht van het vak of de vakken of rekentoets waarin elke kandidaat zal worden geëxamineerd.
**6.** Voor de aanvang van het derde tijdvak zendt Onze Minister aan de inspectie een opgave met de kandidaten, de in het eerste of tweede tijdvak door die kandidaten behaalde cijfers, voor zover van toepassing de alsnog behaalde cijfers voor het college-examen, en een overzicht van het vak of de vakken waarin elke kandidaat zal worden geëxamineerd.
### Artikel 5
@ -139,12 +137,12 @@ Vervallen
De maatregelen, bedoeld in het eerste lid, die afhankelijk van de aard van de onregelmatigheid ook in combinatie met elkaar genomen kunnen worden, zijn:
a. het toekennen van het cijfer 1 voor een toets van het college-examen, de rekentoets of het centraal examen;
b. het ontzeggen van de deelname of de verdere deelname aan een of meer toetsen van het college-examen, de rekentoets of het centraal examen van het desbetreffende vak;
c. het ongeldig verklaren van de rekentoets of een of meer toetsen van het reeds afgelegde deel van het college-examen of het centraal examen;
a. het toekennen van het cijfer 1 voor een toets van het college-examen of het centraal examen;
b. het ontzeggen van de deelname of de verdere deelname aan een of meer toetsen van het college-examen of het centraal examen van het desbetreffende vak;
c. het ongeldig verklaren van een of meer toetsen van het reeds afgelegde deel van het college-examen of het centraal examen;
d. minder vergaande maatregelen dan die, bedoeld onder a tot en met c.
**3.** Indien de ontzegging, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, betrekking heeft op een kandidaat die de rekentoets en één of meer vakken dan wel in meer dan één vak examen aflegt, kan de ontzegging betrekking hebben op alle toetsen.
**3.** Indien de ontzegging, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, betrekking heeft op een kandidaat die één of meer vakken dan wel in meer dan één vak examen aflegt, kan de ontzegging betrekking hebben op alle toetsen.
**4.** Indien de onregelmatigheid pas wordt ontdekt na afloop van het examen, kan het College voor toetsen en examens de kandidaat het diploma, bedoeld in artikel 30, derde lid, of het certificaat, bedoeld in artikel 31, en de cijferlijst onthouden, of kan deze bepalen dat aan de betrokken kandidaat dat diploma of certificaat, en die cijferlijst, slechts kunnen worden uitgereikt na een hernieuwd examen in de door het College voor toetsen en examens aan te wijzen onderdelen en op de door deze te bepalen wijze.
@ -152,7 +150,7 @@ d. minder vergaande maatregelen dan die, bedoeld onder a tot en met c.
**6.** De kandidaat kan tegen een besluit waarbij een in het eerste lid bedoelde maatregel wordt genomen bezwaar maken bij het College voor toetsen en examens. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt vijf dagen nadat het besluit aan de kandidaat is bekendgemaakt op de voorgeschreven wijze. Het College voor toetsen en examens beslist binnen twee weken na ontvangst van het bezwaarschrift, tenzij het college deze termijn heeft verlengd met ten hoogste twee weken. Het College voor toetsen en examens stelt bij zijn beslissing zo nodig vast op welke wijze de kandidaat alsnog in de gelegenheid zal worden gesteld het examen geheel of gedeeltelijk af te leggen of opnieuw af te leggen. Het College voor toetsen en examens deelt zijn beslissing op het bezwaar mee aan de wettelijke vertegenwoordigers van de kandidaat die minderjarig is en aan de inspectie.
**7.** De kandidaat die onaangekondigd afwezig is bij het centraal examen in een vak of bij de rekentoets, dan wel met aankondiging maar zonder een door het College voor toetsen en examens aanvaarde reden, afwezig is bij enig onderdeel van het staatsexamen of deelstaatsexamen, is uitgesloten van verdere deelname aan het centraal examen in dat vak alsmede van deelname aan het college-examen in het desbetreffende vak, respectievelijk van verdere deelname aan de rekentoets.
**7.** De kandidaat die onaangekondigd afwezig is bij het centraal examen in een vak, dan wel met aankondiging maar zonder een door het College voor toetsen en examens aanvaarde reden, afwezig is bij enig onderdeel van het staatsexamen of deelstaatsexamen, is uitgesloten van verdere deelname aan het centraal examen in dat vak alsmede van deelname aan het college-examen in het desbetreffende vak.
## Hoofdstuk II. Inhoud van het staatsexamen
@ -189,8 +187,7 @@ c. vrijgesteld van het examen in een vak in de theoretische of gemengde leerweg
d. vrijgesteld van het examen in een vak in de basisberoepsgerichte of kaderberoepsgerichte leerweg van het vmbo op grond van een examen vwo, havo of vmbo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
e. vrijgesteld van het examen in een vak van het vwo, havo of vmbo op grond van het overeenkomstige examen, afgelegd in Curaçao, Sint Maarten, Aruba, Bonaire, Saba of Sint Eustatius, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
f. vrijgesteld van het profielwerkstuk vwo of havo, indien reeds eerder een profielwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op een of meer vakken van dezelfde schoolsoort, behorende tot het profiel van de kandidaat en waarvoor een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
g. vrijgesteld van het profielwerkstuk vmbo, indien reeds eerder een profielwerkstuk vmbo is gemaakt dat betrekking heeft op een thema uit dat profiel, en dat is beoordeeld als «voldoende» of «goed»;
h. vrijgesteld van de rekentoets, indien hij reeds de rekentoets heeft afgelegd die ten minste gelijk is aan het referentieniveau van de rekentoets voor de schoolsoort of leerweg waarin hij eindexamen doet.
g. vrijgesteld van het profielwerkstuk vmbo, indien reeds eerder een profielwerkstuk vmbo is gemaakt dat betrekking heeft op een thema uit dat profiel, en dat is beoordeeld als «voldoende» of «goed».
**2.** Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het eindcijfer of de beoordeling is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken.
@ -198,20 +195,13 @@ h. vrijgesteld van de rekentoets, indien hij reeds de rekentoets heeft afgelegd
**4.** In aanvulling op het eerste lid, onder a tot en met f, en derde lid, is de daar bedoelde kandidaat eveneens vrijgesteld indien het eindcijfer 5 of 4 is behaald, mits de kandidaat voldoet aan de voorwaarden van artikel 26 of artikel 26a om te slagen voor het staatsexamen.
**5.**
**5.** Bij ministeriële regeling worden nadere voorschriften gegeven voor de toepassing van het eerste lid.
Een kandidaat is vrijgesteld van de rekentoets indien:
a. hij het examen in het onderdeel rekenen, bedoeld in artikel 1 van het Examen- en kwalificatiebesluit beroepsopleidingen WEB heeft afgelegd, ten minste gelijk aan het referentieniveau van de rekentoets voor de school of leerweg waarin hij staatsexamen doet; en
b. er na het studiejaar waarin hij dit onderdeel rekenen heeft afgelegd nog geen twee schooljaren zijn verstreken.
**6.** Bij ministeriële regeling worden nadere voorschriften gegeven voor de toepassing van het eerste lid.
**7.** Artikel 52, negende lid, van het Eindexamenbesluit VO is van overeenkomstige toepassing.
**6.** Artikel 52, zevende lid, van het Eindexamenbesluit VO is van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 11
**1.** Onverminderd artikel 10 kan het College voor toetsen en examens op verzoek van de kandidaat die een diploma wil verwerven, ontheffing verlenen voor een examenvak of de rekentoets, indien de kandidaat op grond van eerder gevolgd onderwijs aantoonbaar in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden ter zake van het desbetreffende vak respectievelijk de rekentoets. De ontheffing kan slechts worden verleend op basis van een diploma, getuigschrift, certificaat of ander bewijsstuk, al of niet behaald in Nederland, dat door het College voor toetsen en examens wordt aanvaard als bewijs van voldoende kennis en vaardigheden. Indien het College voor toetsen en examens dit nodig oordeelt, onderzoekt het college of de kandidaat in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden.
**1.** Onverminderd artikel 10 kan het College voor toetsen en examens op verzoek van de kandidaat die een diploma wil verwerven, ontheffing verlenen voor een examenvak, indien de kandidaat op grond van eerder gevolgd onderwijs aantoonbaar in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden ter zake van het desbetreffende vak. De ontheffing kan slechts worden verleend op basis van een diploma, getuigschrift, certificaat of ander bewijsstuk, al of niet behaald in Nederland, dat door het College voor toetsen en examens wordt aanvaard als bewijs van voldoende kennis en vaardigheden. Indien het College voor toetsen en examens dit nodig oordeelt, onderzoekt het college of de kandidaat in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden.
**2.** Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het in dat lid bedoelde diploma, getuigschrift, certificaat of ander bewijsstuk is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken.
@ -265,7 +255,7 @@ Het college-examen bestaat uit een examendossier. Het examendossier is het gehee
Indien bij het College voor toetsen en examens, al dan niet naar aanleiding van mededelingen van de kandidaat, twijfel is gerezen over de juistheid van de beoordeling van het college-examen in enig vak of onderdeel van een vak, kan het College voor toetsen en examens die beoordeling ongeldig verklaren en een nieuw examen in dat vak of onderdeel opleggen.
### Afdeling 3. Centraal examen en rekentoets
### Afdeling 3. Centraal examen
### Artikel 17
@ -325,36 +315,17 @@ c. ook in het derde tijdvak verhinderd is, of wanneer hij het centraal examen in
### Artikel 23a
**1.** De bepalingen uit deze afdeling, met uitzondering van artikel 19, zijn van overeenkomstige toepassing op de rekentoets.
**2.** Het College voor toetsen en examens stelt nadere regels voor de uitvoering van de rekentoets. Het College voor toetsen en examens stelt in ieder geval een regeling vast voor de uitvoering van de correctie voor zover de rekentoets bestaat uit open vragen.
**3.** De regelingen, bedoeld in het eerste lid, treden slechts in werking na goedkeuring door Onze Minister. Onze Minister kan zijn goedkeuring onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang.
**4.** Het College voor toetsen en examens kan bij regeling bepalen dat het examen in de rekentoets niet onder toezicht van een of meer gecommitteerden staat.
**5.** Met inachtneming van de artikelen 23, zevende lid, 24, zesde lid, en 25, zesde lid, van het Eindexamenbesluit VO worden de beoordelingsnormen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, en lid 2a, van de Wet College voor toetsen en examens bij de beoordeling van de rekentoets toegepast.
Vervallen
### Artikel 23b
**1.** Er is een rekentoets ER waarbij de opgaven zijn aangepast voor kandidaten met ernstige rekenproblemen.
**2.** Het College voor toetsen en examens informeert de kandidaat tijdig voor de eerste gelegenheid om de rekentoets af te leggen over de mogelijkheid van het afleggen van de rekentoets ER alsmede over de mogelijke gevolgen voor doorstroom naar het vervolgonderwijs of voor de arbeidsmarkt.
**3.** Op verzoek van een kandidaat verleent het College voor toetsen en examens toestemming voor het afleggen van de rekentoets ER, indien de kandidaat aantoonbaar ernstige problemen heeft met de beheersing van de vereiste rekenvaardigheden.
**4.**
Er is in ieder geval sprake van aantoonbare ernstige rekenproblemen indien de kandidaat:
a. zich heeft ingespannen de vereiste rekenvaardigheden te leren, en
b. hij desondanks aanhoudend onvoldoende resultaten laat zien.
Vervallen
## Hoofdstuk IV. Uitslag, herkansing en diplomering
### Artikel 24
**1.** Het eindcijfer voor alle vakken en rekentoets van het staatsexamen en deelstaatsexamen wordt uitgedrukt in een geheel cijfer uit de reeks van 1 tot en met 10.
**1.** Het eindcijfer voor alle vakken van het staatsexamen en deelstaatsexamen wordt uitgedrukt in een geheel cijfer uit de reeks van 1 tot en met 10.
**2.** Het College voor toetsen en examens bepaalt het eindcijfer voor een vak op het rekenkundig gemiddelde van het cijfer voor het college-examen en het cijfer voor het centraal examen. Indien de uitkomst van deze berekening niet een geheel getal is, wordt dat getal indien het eerste cijfer achter de komma een 4 of lager is, naar beneden afgerond en indien dat cijfer een 5 of hoger is, naar boven afgerond.
@ -362,21 +333,17 @@ b. hij desondanks aanhoudend onvoldoende resultaten laat zien.
**4.** Indien voor een vak alleen een centraal examen wordt afgenomen, vormt het cijfer voor het centraal examen, afgerond overeenkomstig het tweede lid, het eindcijfer.
**5.** Van de cijfers die zijn behaald bij de gelegenheden om de rekentoets af te leggen, bedoeld in artikel 27a, geldt het hoogst behaalde cijfer, afgerond overeenkomstig het tweede lid, als eindcijfer voor de rekentoets.
**6.** In afwijking van het vijfde lid, bepaalt het College voor toetsen en examens in overleg met de kandidaat die gebruik heeft gemaakt van meerdere gelegenheden om de rekentoets af te leggen en gebruik heeft gemaakt van de rekentoets ER of van de mogelijkheid, bedoeld in artikel 27a, vijfde of zesde lid, welk cijfer voor de rekentoets, afgerond overeenkomstig het tweede lid, geldt als eindcijfer.
### Artikel 25
**1.** Het College voor toetsen en examens stelt vast of de kandidaat het examen heeft afgelegd in de rekentoets en in de voor het staatsexamen voorgeschreven vakken.
**1.** Het College voor toetsen en examens stelt vast of de kandidaat het examen heeft afgelegd in de voor het staatsexamen voorgeschreven vakken.
**2.** Het College voor toetsen en examens stelt de uitslag van het staatsexamen vast, met inachtneming van de artikelen 24 en 26 dan wel 26a.
**3.** De uitslag van het staatsexamen wordt, onverminderd de leden 3a tot en met 3c, vastgesteld op grond van de eindcijfers die zijn behaald voor een volledig staatsexamen dat in dat jaar is afgelegd.
**3a.** In afwijking van het derde lid kan de kandidaat het staatsexamen afleggen door voor de desbetreffende vakken en voor de rekentoets bewijsstukken te overleggen als bedoeld in lid 3c. De kandidaat maakt zijn voornemen daartoe bekend aan het College voor toetsen en examens
**3a.** In afwijking van het derde lid kan de kandidaat het staatsexamen afleggen door voor de desbetreffende vakken bewijsstukken te overleggen als bedoeld in lid 3c. De kandidaat maakt zijn voornemen daartoe bekend aan het College voor toetsen en examens
**3b.** Indien de kandidaat deelstaatsexamen aflegt, kan de kandidaat daaraan voorafgaand aan het College kenbaar maken, het volledig staatsexamen te willen afleggen door voor de ontbrekende vakken of voor de ontbrekende rekentoets, in aanvulling op de cijferlijst voor het deelstaatsexamen, aan het College bewijsstukken te overleggen als bedoeld in lid 3c.
**3b.** Indien de kandidaat deelstaatsexamen aflegt, kan de kandidaat daaraan voorafgaand aan het College kenbaar maken, het volledig staatsexamen te willen afleggen door voor de ontbrekende vakken, in aanvulling op de cijferlijst voor het deelstaatsexamen, aan het College bewijsstukken te overleggen als bedoeld in lid 3c.
**3c.**
@ -402,7 +369,7 @@ f. bewijzen van ontheffing als bedoeld in artikel 10, vierde lid, van het Eindex
De kandidaat die het staatsexamen van een leerweg in het vmbo heeft afgelegd, is geslaagd indien:
a. het rekenkundig gemiddelde van zijn bij het centraal examen behaalde cijfers ten minste 5,5 is;
b. hij voor het vak Nederlandse taal als eindcijfer 5 of meer heeft behaald en de rekentoets heeft afgelegd;
b. hij voor het vak Nederlandse taal als eindcijfer 5 of meer heeft behaald;
c. hij onverminderd onderdeel b:
1°. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 of meer en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald;
@ -430,10 +397,7 @@ e. als het een staatsexamen gemengde of theoretische leerweg betreft: hij voor h
De kandidaat die staatsexamen vwo of havo heeft afgelegd, is geslaagd indien:
a. het rekenkundig gemiddelde van zijn bij het centraal examen behaalde cijfers ten minste 5,5 is;
b. hij:
1°. voor een van de vakken Nederlandse taal en literatuur, Engelse taal en literatuur en voor zover van toepassing wiskunde A, B of C als eindcijfer 5 of meer heeft behaald en hij voor het andere vak dan wel andere hier genoemde vakken als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en
2°. de rekentoets heeft afgelegd;
b. hij voor een van de vakken Nederlandse taal en literatuur, Engelse taal en literatuur en voor zover van toepassing wiskunde A, B of C als eindcijfer 5 of meer heeft behaald en hij voor het andere vak dan wel andere hier genoemde vakken als eindcijfer 6 of meer heeft behaald;
c. hij onverminderd onderdeel b:
1°. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 of meer en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald;
@ -470,27 +434,17 @@ b. het recht om voor één door de kandidaat te kiezen vak waarin hij in dat jaa
### Artikel 27a
**1.** De kandidaat wordt binnen een kalenderjaar waarin hij deelstaatsexamen in de rekentoets doet eenmaal in de gelegenheid gesteld de rekentoets af te leggen.
**2.** In afwijking van het eerste lid wordt een kandidaat die opgaat voor het volledig staatsexamen van een school of leerweg binnen een kalenderjaar driemaal in de gelegenheid gesteld de rekentoets af te leggen.
**3.** Indien de kandidaat die opgaat voor het volledig staatsexamen in twee opeenvolgende kalenderjaren staatsexamen in de rekentoets doet, kan hij binnen deze periode viermaal gebruik maken van een gelegenheid om de rekentoets af te leggen.
**4.** De kandidaat stelt het College voor toetsen en examens voor een door het college te bepalen dag en tijdstip er schriftelijk van in kennis dat hij gebruik wil maken van een gelegenheid, bedoeld in het eerste lid.
**5.** Het College voor toetsen en examens kan ook bij de tweede of derde gelegenheid een kandidaat in de gelegenheid stellen gebruik te maken van de rekentoets ER of van de mogelijkheid tot het afleggen van de toets op een hoger niveau, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Staatsexamenbesluit VO en de artikelen 13, tweede lid, 22, tweede lid, 23, zevende lid, 24, vijfde lid, of 25, vijfde lid, van het Eindexamenbesluit VO.
**6.** Indien een kandidaat gebruik heeft gemaakt van de rekentoets ER of van de mogelijkheid tot het afleggen van de toets op een hoger niveau, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Staatsexamenbesluit VO en de artikelen 13, tweede lid, 22, tweede lid, 23, zevende lid, 24, vijfde lid, of 25, vijfde lid, van het Eindexamenbesluit VO stelt het College voor toetsen en examens de kandidaat in de gelegenheid bij de tweede of derde gelegenheid de rekentoets af te leggen zoals deze op grond van artikel 2, vierde lid, onder b, en lid 2a, van de Wet College voor toetsen en examens is vastgesteld voor de schoolsoort of leerweg waarin hij staatsexamen doet.
Vervallen
### Artikel 28
De kandidaat die recht heeft op de in artikel 27 bedoelde herkansing, is alsnog afgewezen indien hij niet binnen acht dagen na de in artikel 26, vierde lid, of artikel 26a, vijfde lid, bedoelde bekendmaking het College voor toetsen en examens ervan in kennis stelt dat hij zich aan de herkansing wenst te onderwerpen en daarbij schriftelijk opgeeft dat hij opnieuw wil deelnemen aan de rekentoets, of in welk vak hij opnieuw wil deelnemen aan het college-examen en in welk vak hij opnieuw wil deelnemen aan het centraal examen. Het College voor toetsen en examens bevestigt zo spoedig mogelijk aan de kandidaat schriftelijk de ontvangst van deze kennisgeving.
De kandidaat die recht heeft op de in artikel 27 bedoelde herkansing, is alsnog afgewezen indien hij niet binnen acht dagen na de in artikel 26, vierde lid, of artikel 26a, vijfde lid, bedoelde bekendmaking het College voor toetsen en examens ervan in kennis stelt dat hij zich aan de herkansing wenst te onderwerpen en daarbij schriftelijk opgeeft in welk vak hij opnieuw wil deelnemen aan het college-examen en in welk vak hij opnieuw wil deelnemen aan het centraal examen. Het College voor toetsen en examens bevestigt zo spoedig mogelijk aan de kandidaat schriftelijk de ontvangst van deze kennisgeving.
### Artikel 29
**1.** Het College voor toetsen en examens stelt vast op welke wijze het cijfer van de in artikel 27 bedoelde herkansing voor het college-examen wordt bepaald. In zijn overwegingen betrekt het college de cijfers voor die toetsen van het eerder afgelegde college-examen die betrekking hebben op niet tot de herkansing behorende onderdelen van het examenprogramma.
**2.** Het hoogste cijfer van de cijfers behaald bij de herkansing en bij het eerder afgelegde college-examen, centraal examen of de eerder afgelegde rekentoets geldt als definitief cijfer voor het college-examen, de rekentoets respectievelijk het centraal examen.
**2.** Het hoogste cijfer van de cijfers behaald bij de herkansing en bij het eerder afgelegde college-examen of centraal examen geldt als definitief cijfer voor het college-examen respectievelijk het centraal examen.
**3.** Na afloop van de herkansing wordt de uitslag definitief vastgesteld met overeenkomstige toepassing van de artikelen 24 tot en met 26a en wordt de uitslag schriftelijk aan de kandidaat bekendgemaakt.
@ -501,9 +455,9 @@ De kandidaat die recht heeft op de in artikel 27 bedoelde herkansing, is alsnog
Het College voor toetsen en examens reikt aan elke kandidaat die is afgewezen voor het staatsexamen, een cijferlijst uit waarop ten aanzien van de vakken waarin hij in dat jaar door het College voor toetsen en examens is geëxamineerd, zijn vermeld, voor zover van toepassing:
a. de cijfers voor het college-examen en het centraal examen,
b. de rekentoets, het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk vwo of havo,
b. het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk vwo of havo,
c. het thema en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo,
d. de eindcijfers voor de examenvakken en de rekentoets, alsmede
d. de eindcijfers voor de examenvakken, alsmede
e. de uitslag van het staatsexamen.
**2.**
@ -511,10 +465,10 @@ e. de uitslag van het staatsexamen.
Het College voor toetsen en examens reikt op grond van de definitieve uitslag aan elke kandidaat die is geslaagd voor het staatsexamen, een cijferlijst uit waarop ten aanzien van elk examenvak dat bij de bepaling van de uitslag is betrokken, zijn vermeld, voor zover van toepassing:
a. de cijfers voor het college-examen, het centraal examen, en in voorkomend geval het schoolexamen,
b. de rekentoets, het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk vwo of havo,
b. het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk vwo of havo,
c. het thema en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo,
d. de rekentoets en de vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, met voor zover van toepassing de cijfers voor de rekentoets en de desbetreffende vakken,
e. de eindcijfers voor de examenvakken en de rekentoets, alsmede
d. de vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, met voor zover van toepassing de cijfers voor de desbetreffende vakken,
e. de eindcijfers voor de examenvakken, alsmede
f. de uitslag van het staatsexamen.
**3.** Het College voor toetsen en examens draagt er zorg voor dat op grond van de definitieve uitslag aan elke voor het staatsexamen geslaagde kandidaat een diploma wordt uitgereikt waarop het profiel of de profielen zijn vermeld die bij de bepaling van de uitslag zijn betrokken.
@ -531,20 +485,18 @@ a. indien het betreft het staatsexamen vwo of het staatsexamen havo:
1°. de vakken culturele en kunstzinnige vorming en lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel worden niet vermeld op de cijferlijst;
2°. het vak maatschappijleer waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen vwo is vrijgesteld op grond van het bezit van een diploma havo, wordt niet vermeld op de cijferlijst;
3°. vakken of de rekentoets waarvoor de kandidaat is vrijgesteld op grond van artikel 9 van het Eindexamenbesluit VO of artikel 10 van dit besluit, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
4°. vakken of de rekentoets waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen vwo is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen havo of vmbo waarvan deze vwo-vakken deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
5°. vakken of de rekentoets waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen havo is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen vmbo waarvan de rekentoets deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld in artikel 14, achtste lid, van de wet, of de overeenkomstige rekentoets deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
3°. vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld op grond van artikel 9 van het Eindexamenbesluit VO of artikel 10 van dit besluit, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
4°. vakken waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen vwo is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen havo of vmbo waarvan deze vwo-vakken deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
5°. vakken waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen havo is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen vmbo waarvan deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld in artikel 14, achtste lid, van de wet, deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
6°. andere vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, worden vermeld op de cijferlijst, zonder vermelding van een cijfer;
b. indien het betreft het staatsexamen vmbo:
1°. de vakken behorende tot de beeldende vorming, muziek, dans, drama en lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel worden niet vermeld op de cijferlijst;
2°. vakken of de rekentoets waarvoor de kandidaat is vrijgesteld op grond van artikel 9 van het Eindexamenbesluit VO of artikel 10 van dit besluit, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
3°. vakken of de rekentoets waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen vmbo voor zover het betreft de theoretische leerweg of de gemengde leerweg is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen vmbo voor zover het betreft de kaderberoepsgerichte leerweg of de basisberoepsgerichte leerweg waarvan de rekentoets, deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld in artikel 10, negende lid, of artikel 10d, negende lid, van de wet, deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
2°. vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld op grond van artikel 9 van het Eindexamenbesluit VO of artikel 10 van dit besluit, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
3°. vakken waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen vmbo voor zover het betreft de theoretische leerweg of de gemengde leerweg is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen vmbo voor zover het betreft de kaderberoepsgerichte leerweg of de basisberoepsgerichte leerweg waarvan deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld in artikel 10, negende lid, of artikel 10d, negende lid, van de wet, deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
4°. andere vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, worden vermeld op de cijferlijst, zonder vermelding van een cijfer.
**7.** Indien de rekentoets waarvoor het eindcijfer is vastgesteld een rekentoets ER betreft, wordt op de cijferlijst bij vermelding van de rekentoets de toevoeging «ER» geplaatst.
**8.** Het College voor toetsen en examens tekent de diploma's en cijferlijsten.
**7.** Het College voor toetsen en examens tekent de diploma's en cijferlijsten.
### Artikel 30a
@ -610,28 +562,24 @@ Het College voor toetsen en examens reikt aan de kandidaat die deelstaatsexamen
a. de cijfers voor het college-examen en het centraal examen,
b. het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk vwo of havo,
c. het thema en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo,
d. de rekentoets, en
e. de eindcijfers voor de examenvakken dan wel de rekentoets.
c. het thema en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo, en
d. de eindcijfers voor de examenvakken.
**2.**
Het College voor toetsen en examens reikt aan de in het eerste lid bedoelde kandidaat, alsmede aan de kandidaat aan wie op grond van de definitieve uitslag niet op grond van artikel 30, derde lid, een diploma kan worden uitgereikt, een certificaat uit, waarop zijn vermeld, voor zover van toepassing:
a. het vak of de vakken waarvoor de kandidaat een eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
b. de rekentoets, indien de kandidaat een eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
c. het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk vwo of havo, en
d. het thema en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo, voor zover beoordeeld met «goed» of «voldoende».
b. het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk vwo of havo, en
c. het thema en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo, voor zover beoordeeld met «goed» of «voldoende».
**3.** Onze Minister stelt het model van het certificaat en de cijferlijst voor het deelstaatsexamen vast.
**4.** Het College voor toetsen en examens tekent de certificaten en de cijferlijsten voor het deelstaatsexamen.
**5.** Indien de rekentoets waarvoor het eindcijfer is vastgesteld een rekentoets ER betreft, wordt op het certificaat bij vermelding van de rekentoets de toevoeging «ER» geplaatst.
### Artikel 31a
In afwijking van de artikelen 30, eerste lid, onderdelen b en d, tweede lid, onderdelen b, d en e, en zesde lid, en 31, eerste lid, onderdelen b en d, wordt het eindcijfer voor de rekentoets in de basisberoepsgerichte leerweg van het vmbo geplaatst op een bijlage bij de cijferlijst.
Vervallen
### Artikel 32
@ -652,7 +600,7 @@ In afwijking van de artikelen 30, eerste lid, onderdelen b en d, tweede lid, ond
Tenzij sprake is van een objectief waarneembare lichamelijke handicap, geldt ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde aangepaste wijze van examineren dat:
a. een deskundigenverklaring voorligt die door een ter zake kundige psycholoog, orthopedagoog, neuroloog of psychiater is opgesteld,
b. de aanpassing voor zover betrekking hebbend op het centraal examen of de rekentoets in ieder geval kan bestaan uit een verlenging van de duur van de desbetreffende toets van het centraal examen of de rekentoets met ten hoogste 30 minuten, en
b. de aanpassing voor zover betrekking hebbend op het centraal examen in ieder geval kan bestaan uit een verlenging van de duur van de desbetreffende toets van het centraal examen met ten hoogste 30 minuten, en
c. een andere aanpassing slechts kan worden toegestaan voor zover daartoe in de onder a genoemde deskundigenverklaring ten aanzien van betrokkene een voorstel wordt gedaan dan wel indien de aanpassing aantoonbaar aansluit bij de begeleidingsadviezen, vermeld in die deskundigenverklaring.
**3.**
@ -673,13 +621,12 @@ b. enig ander vak waarbij het gebruik van de Nederlandse taal van overwegende be
Zo spoedig mogelijk na de vaststelling van de definitieve uitslag zendt het College voor toetsen en examens aan Onze Minister en aan de inspectie een lijst die voor iedere kandidaat die niet is geslaagd voor het staatsexamen, vermeldt, voor zover van toepassing:
a. de vakken waarin examen is afgelegd;
b. de rekentoets en het niveau waarop de rekentoets is afgelegd;
c. de cijfers van het college-examen;
d. het vak of de vakken waarop het profielwerkstuk vwo of havo betrekking heeft;
e. de beoordeling en het thema van het profielwerkstuk vmbo;
f. de cijfers van het centraal examen;
g. de eindcijfers;
h. de uitslag van het staatsexamen.
b. de cijfers van het college-examen;
c. het vak of de vakken waarop het profielwerkstuk vwo of havo betrekking heeft;
d. de beoordeling en het thema van het profielwerkstuk vmbo;
e. de cijfers van het centraal examen;
f. de eindcijfers;
g. de uitslag van het staatsexamen.
**2.**
@ -687,26 +634,24 @@ Zo spoedig mogelijk na de vaststelling van de definitieve uitslag zendt het Coll
a. het profiel of de profielen waarop het examen betrekking heeft;
b. de vakken die zijn vermeld op de cijferlijst;
c. de rekentoets en het niveau waarop de rekentoets is afgelegd, en of gebruik is gemaakt van de rekentoets ER bij de rekentoets waarvoor een eindcijfer is vastgesteld;
d. de cijfers van het college-examen of in voorkomend geval van het schoolexamen;
e. het vak of de vakken waarop het profielwerkstuk vwo of havo betrekking heeft;
f. de beoordeling en het thema van het profielwerkstuk vmbo;
g. de cijfers van het centraal examen;
h. de eindcijfers;
i. de vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, met voor zover van toepassing de cijfers voor de desbetreffende vakken;
j. de uitslag van het staatsexamen.
c. de cijfers van het college-examen of in voorkomend geval van het schoolexamen;
d. het vak of de vakken waarop het profielwerkstuk vwo of havo betrekking heeft;
e. de beoordeling en het thema van het profielwerkstuk vmbo;
f. de cijfers van het centraal examen;
g. de eindcijfers;
h. de vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, met voor zover van toepassing de cijfers voor de desbetreffende vakken;
i. de uitslag van het staatsexamen.
**3.**
Zo spoedig mogelijk na de vaststelling van de eindcijfers van de kandidaten die deelstaatsexamen hebben afgelegd, stuurt het College voor toetsen en examens aan Onze Minister en aan de inspectie een lijst die voor iedere kandidaat vermeldt, voor zover van toepassing:
a. de vakken die zijn vermeld op de cijferlijst;
b. de rekentoets en het niveau waarop de rekentoets is afgelegd, en of gebruik gemaakt is van de rekentoets ER bij de rekentoets waarvoor een eindcijfer is vastgesteld;
c. de cijfers van het college-examen;
d. het vak of de vakken waarop het profielwerkstuk vwo of havo betrekking heeft;
e. de beoordeling en het thema van het profielwerkstuk vmbo;
f. de cijfers van het centraal examen;
g. de eindcijfers.
b. de cijfers van het college-examen;
c. het vak of de vakken waarop het profielwerkstuk vwo of havo betrekking heeft;
d. de beoordeling en het thema van het profielwerkstuk vmbo;
e. de cijfers van het centraal examen;
f. de eindcijfers.
### Artikel 35