2017-01-01 | BWBR0004043 | Toeslagenwet
This commit is contained in:
parent
69cb05320d
commit
7361613e3a
1 changed files with 34 additions and 53 deletions
|
|
@ -80,7 +80,7 @@ Vervallen
|
|||
Recht op toeslag heeft een gehuwde, die:
|
||||
|
||||
a. recht heeft op loondervingsuitkering, en
|
||||
b. per dag een inkomen heeft dat lager is dan € 70,68.
|
||||
b. per dag een inkomen heeft dat lager is dan € 71,34.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -89,12 +89,12 @@ Behoudens het derde lid hebben voorts recht op toeslag een ongehuwde die de leef
|
|||
a. recht heeft op loondervingsuitkering, en
|
||||
b. per dag een inkomen heeft dat lager is dan:
|
||||
|
||||
1°. indien hij 23 jaar of ouder is: € 53,01;
|
||||
2°. indien hij 22 jaar is: € 41,91;
|
||||
3°. indien hij 21 jaar is: € 35,28;
|
||||
4°. indien hij 20 jaar is: € 29,49;
|
||||
5°. indien hij 19 jaar is: € 24,71
|
||||
6°. indien hij 18 jaar is: € 21,32.
|
||||
1°. indien hij 23 jaar of ouder is: € 53,28;
|
||||
2°. indien hij 22 jaar is: € 42,32;
|
||||
3°. indien hij 21 jaar is: € 35,68;
|
||||
4°. indien hij 20 jaar is: € 29,70;
|
||||
5°. indien hij 19 jaar is: € 24,93
|
||||
6°. indien hij 18 jaar is: € 21,47.
|
||||
|
||||
**3.** Geen recht op toeslag heeft de in het tweede lid bedoelde ongehuwde, die de leeftijd van 21 jaar nog niet heeft bereikt en behoort tot het huishouden van zijn ouders of pleegouders.
|
||||
|
||||
|
|
@ -111,9 +111,9 @@ Recht op toeslag heeft een ongehuwde die met een of meer meerderjarige personen
|
|||
a. recht heeft op loondervingsuitkering, en
|
||||
b. per dag een inkomen heeft dat lager is dan:
|
||||
|
||||
1°. indien hij 23 jaar of ouder is: € 34,24
|
||||
2°. indien hij 22 jaar is: € 27,40
|
||||
3°. indien hij 21 jaar is: € 22,90.
|
||||
1°. indien hij 23 jaar of ouder is: € 34,45
|
||||
2°. indien hij 22 jaar is: € 27,65
|
||||
3°. indien hij 21 jaar is: € 23,12.
|
||||
|
||||
**8.** Het zevende lid is niet van toepassing op ongehuwden die de leeftijd van 21 jaar nog niet hebben bereikt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -193,7 +193,7 @@ b. indien en voor zover het inkomen uit arbeid meer bedraagt dan het in onderdee
|
|||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
||||
**1.** Voor de persoon, bedoeld in artikel 2, eerste lid, is de toeslag gelijk aan het verschil tussen € 70,68 en het inkomen per dag.
|
||||
**1.** Voor de persoon, bedoeld in artikel 2, eerste lid, is de toeslag gelijk aan het verschil tussen € 71,34 en het inkomen per dag.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de persoon, bedoeld in artikel 2, tweede lid, is de toeslag gelijk aan het verschil tussen het in artikel 2, tweede lid, onderdeel b, bij de leeftijd van die persoon genoemd bedrag en het inkomen per dag.
|
||||
|
||||
|
|
@ -309,26 +309,21 @@ Teneinde hem daartoe in de gelegenheid te stellen kan het Uitvoeringsinstituut w
|
|||
|
||||
### Artikel 14a
|
||||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen legt een bestuurlijke boete op van ten hoogste het benadelingsbedrag wegens het niet of niet behoorlijk nakomen door degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger van de verplichting, bedoeld in artikel 12. De bestuurlijke boete is niet lager dan de boete die op grond van het derde lid zou worden opgelegd indien er geen sprake was van een benadelingsbedrag.
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen legt een bestuurlijke boete op van ten hoogste het benadelingsbedrag wegens het niet of niet behoorlijk nakomen door degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger van de verplichting, bedoeld in artikel 12. Indien de feiten en omstandigheden, bedoeld in artikel 12, niet of niet behoorlijk zijn medegedeeld en deze overtreding opzettelijk is begaan, bedraagt de bestuurlijke boete ten hoogste het bedrag van de vijfde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht. Indien de feiten en omstandigheden, bedoeld in artikel 12, niet of niet behoorlijk zijn medegedeeld en deze overtreding niet opzettelijk is begaan, bedraagt de bestuurlijke boete ten hoogste het bedrag van de derde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.
|
||||
|
||||
**2.** In dit artikel wordt onder benadelingsbedrag verstaan het brutobedrag dat als gevolg van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 12, ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan toeslag is ontvangen.
|
||||
|
||||
**3.** Indien het niet of niet behoorlijk nakomen door degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger van de verplichting, bedoeld in artikel 12, niet heeft geleid tot een benadelingsbedrag, legt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een bestuurlijke boete op van ten hoogste het bedrag van de tweede categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.
|
||||
|
||||
**4.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete als bedoeld in het derde lid en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing wegens het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 12, tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger een zodanige waarschuwing is gegeven.
|
||||
**4.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing wegens het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 12, in situaties die bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald, tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger een zodanige waarschuwing is gegeven.
|
||||
|
||||
**5.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen legt een bestuurlijke boete op wegens het niet of niet behoorlijk nakomen door degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger van de verplichting, bedoeld in artikel 12, als gevolg waarvan ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan toeslag is ontvangen, van ten hoogste 150 procent van het benadelingsbedrag indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van het begaan van de overtreding een eerdere bestuurlijke boete of strafrechtelijke sanctie is opgelegd wegens een eerdere overtreding, bestaande uit eenzelfde gedraging, die onherroepelijk is geworden.
|
||||
**5.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen legt een bestuurlijke boete op wegens het niet of niet behoorlijk nakomen door degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger van de verplichting, bedoeld in artikel 12, als gevolg waarvan ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan toeslag is ontvangen, van ten hoogste 150 procent van het benadelingsbedrag, met overeenkomstige toepassing van het eerste lid, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van het begaan van de overtreding een eerdere bestuurlijke boete of strafrechtelijke sanctie is opgelegd wegens een eerdere overtreding, bestaande uit eenzelfde gedraging, die onherroepelijk is geworden.
|
||||
|
||||
**6.** Onder eenzelfde gedraging als bedoeld in het vijfde lid wordt verstaan het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in de artikelen 12 van deze wet, 25 van de Werkloosheidswet, 70, eerste en tweede lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, 12, eerste lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, 80 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, 2:7, eerste lid, of 3:74 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, 27, eerste lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, 31, eerste lid, of 49 van de Ziektewet, als gevolg waarvan ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan uitkering, inkomensvoorziening, ziekengeld of toeslag is verleend.
|
||||
|
||||
**7.** In afwijking van het vijfde lid is het in dat lid genoemde tijdvak van vijf jaar tien jaar indien wegens de eerdere overtreding, bedoeld in het vijfde lid, degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger is gestraft met een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
|
||||
|
||||
**8.**
|
||||
|
||||
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan:
|
||||
|
||||
a. de bestuurlijke boete verlagen indien sprake is van verminderde verwijtbaarheid;
|
||||
b. afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn.
|
||||
**8.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn.
|
||||
|
||||
**9.** Degene aan wie een bestuurlijke boete is opgelegd, is verplicht desgevraagd aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de inlichtingen te verstrekken die voor de tenuitvoerlegging van de bestuurlijke boete van belang zijn.
|
||||
|
||||
|
|
@ -338,6 +333,10 @@ b. afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete indien daarvoor dringende
|
|||
|
||||
**12.** In afwijking van artikel 8:69 van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechter in beroep of hoger beroep het bedrag waarop de bestuurlijke boete is vastgesteld ook ten nadele van de degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger wijzigen.
|
||||
|
||||
**13.** Indien ten aanzien van een overtreding waarvoor een bestuurlijke boete is opgelegd geen sprake is geweest van opzet of grove schuld, en voorts is gebleken dat binnen een jaar nadat de bestuurlijke boete is opgelegd niet nogmaals een overtreding wegens eenzelfde gedraging als bedoeld in het zesde lid is begaan, is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bevoegd op verzoek van degene aan wie de bestuurlijke boete is opgelegd, de bestuurlijke boete geheel of gedeeltelijk kwijt te schelden bij medewerking aan een schuldregeling. Artikel 21, eerste, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**14.** Het besluit tot kwijtschelding, bedoeld in het dertiende lid, wordt ingetrokken of ten nadele van degene aan wie de bestuurlijke boete is opgelegd herzien indien binnen vijf jaar na het besluit tot kwijtschelding wederom een overtreding is begaan wegens eenzelfde gedraging als bedoeld in het zesde lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 14b
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
|
|
@ -360,7 +359,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 14g
|
||||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verrekent de bestuurlijke boete met een toeslag op grond van deze wet, een uitkering op grond van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen, de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen of de Wet arbeid en zorg, die degene aan wie de bestuurlijke boete is opgelegd ontvangt.
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verrekent de bestuurlijke boete en een eerdere bestuurlijke boete wegens eenzelfde gedraging als bedoeld in artikel 14a, vijfde lid, met een toeslag op grond van deze wet, een uitkering op grond van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen, de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen of de Wet arbeid en zorg, die degene aan wie de bestuurlijke boete is opgelegd ontvangt.
|
||||
|
||||
**2.** Onverminderd het eerste lid kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de bestuurlijke boete verrekenen met een vordering die degene aan wie de bestuurlijke boete is opgelegd op hem heeft.
|
||||
|
||||
|
|
@ -372,24 +371,12 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
Zolang degene die aanspraak maakt op een toeslag, zijn echtgenoot, of zijn wettelijke vertegenwoordiger zijn verplichting, bedoeld in artikel 14a, negende lid, niet of niet behoorlijk nakomt:
|
||||
|
||||
a. is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in afwijking van artikel 4.93, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht bevoegd tot verrekening van de bestuurlijke boete voor zover beslag op de vordering van de schuldeiser nietig zou zijn;
|
||||
a. is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in afwijking van artikel 4:93, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht bevoegd tot verrekening van de bestuurlijke boete voor zover beslag op de vordering van de schuldeiser nietig zou zijn;
|
||||
b. geldt de beslagvrije voet, bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, in afwijking van artikel 4:116 van de Algemene wet bestuursrecht, niet bij de invordering van een bestuurlijke boete bij dwangbevel.
|
||||
|
||||
### Artikel 14h
|
||||
|
||||
**1.** Bij de verrekening, bedoeld in artikel 14g, eerste lid, wordt de bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 14a, vijfde lid, door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, in afwijking van artikel 4:93, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, verrekend gedurende een tijdvak van ten hoogste vijf jaar vanaf het moment van de dagtekening waarop de bestuurlijke boete is opgelegd.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel 14g, eerste lid, en het eerste lid zijn van overeenkomstige toepassing op de verrekening van de bestuurlijke boete wegens eenzelfde gedraging als bedoeld in artikel 14a, zesde lid, indien en voor zover op het moment van verrekening, bedoeld in het eerste lid, de bestuurlijke boete door de overtreder niet is betaald.
|
||||
|
||||
**3.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan op verzoek van de overtreder besluiten het eerste lid en tweede lid niet of niet meer toe te passen indien, gelet op bijzondere omstandigheden, dringende redenen daartoe noodzaken.
|
||||
|
||||
**4.** De voorgaande leden laten de verrekening van de bestuurlijke boete op grond van artikel 14g, eerste lid, na het tijdvak, bedoeld in het eerste lid, onverlet.
|
||||
|
||||
**5.** Indien als gevolg van de verrekening, bedoeld in het eerste en tweede lid, algemene bijstand op grond van de Participatiewet wordt toegekend, wordt bij de verrekening een bij ministeriële regeling bepaald deel van de toeslag op grond van deze wet op aanvraag vrijgelaten in verband met zorgkosten, woonkosten en de kosten van kinderen. Het vrij te laten deel van de toeslag kan afhankelijk worden gesteld van de leefsituatie.
|
||||
|
||||
**6.** Voor de toepassing van het vijfde lid kunnen bij ministeriële regeling nadere regels worden gesteld.
|
||||
|
||||
**7.** Het vrijgelaten deel, bedoeld in het vijfde lid, is niet vatbaar voor beslag, waaronder begrepen beslag ingevolge faillissement of toepassing van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Paragraaf 5. De betaling van de toeslag
|
||||
|
||||
|
|
@ -744,39 +731,33 @@ Aan de persoon op wie artikel 4a van toepassing wordt als gevolg van de opzeggin
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel 8, derde lid, wordt voor de persoon, bedoeld in artikel 2, zevende lid, de toeslag zodanig vastgesteld dat deze gelijk is aan het verschil tussen
|
||||
In afwijking van artikel 8, derde lid, wordt voor de persoon, bedoeld in artikel 2, zevende lid, de toeslag zodanig vastgesteld dat deze gelijk is aan het verschil tussen
|
||||
|
||||
a. van 1 juli 2016 tot en met 31 december 2016
|
||||
|
||||
1°. indien hij 23 jaar of ouder is: € 48,30
|
||||
2°. indien hij 22 jaar is: € 38,32
|
||||
3°. indien hij 21 jaar is: € 32,12
|
||||
|
||||
en het inkomen per dag.
|
||||
a. vervallen.
|
||||
|
||||
b. in 2017
|
||||
|
||||
1°. indien hij 23 jaar of ouder is: € 43,59
|
||||
2°. indien hij 22 jaar is: € 34,66
|
||||
3°. indien hij 21 jaar is: € 28,89
|
||||
1°. indien hij 23 jaar of ouder is: € 43,83
|
||||
2°. indien hij 22 jaar is: € 34,95
|
||||
3°. indien hij 21 jaar is: € 29,17
|
||||
|
||||
en het inkomen per dag.
|
||||
|
||||
c. in 2018
|
||||
|
||||
1°. indien hij 23 jaar of ouder is: € 38,95
|
||||
2°. indien hij 22 jaar is: € 30,99
|
||||
3°. indien hij 21 jaar is: € 25,73
|
||||
1°. indien hij 23 jaar of ouder is: € 39,10
|
||||
2°. indien hij 22 jaar is: € 31,33
|
||||
3°. indien hij 21 jaar is: € 25,99
|
||||
|
||||
en het inkomen per dag.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid, onderdeel a, vervalt met ingang van 1 januari 2017.
|
||||
**2.** Het eerste lid, onderdeel a, vervalt met ingang van 1 januari 2017.
|
||||
|
||||
**3.** Het eerste lid, onderdeel b, vervalt met ingang van 1 januari 2018.
|
||||
**3.** Het eerste lid, onderdeel b, vervalt met ingang van 1 januari 2018.
|
||||
|
||||
**4.** In artikel 9 wordt «de artikelen 2, 8 en 44f» met ingang van 1 januari 2019 vervangen door: de artikelen 2 en 8.
|
||||
**4.** In artikel 9 wordt «de artikelen 2, 8 en 44f» met ingang van 1 januari 2019 vervangen door: de artikelen 2 en 8.
|
||||
|
||||
**5.** Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2019.
|
||||
**5.** Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2019.
|
||||
|
||||
### Artikel 44g
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue