2023-12-13 | BWBR0049033 | Regeling specifieke uitkering versnelling natuurinclusief isoleren
This commit is contained in:
parent
f6a4362667
commit
73839a170a
1 changed files with 18 additions and 33 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Regeling specifieke uitkering versnelling natuurinclusief isoleren
|
|||
bwb_id: BWBR0049033
|
||||
type: ministeriele-regeling
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2024-12-09'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2023-12-13'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0049033
|
||||
citeertitel: Regeling specifieke uitkering versnelling natuurinclusief isoleren
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -26,7 +26,11 @@ a. dieren van soorten, genoemd in:
|
|||
5°. onderdeel A van bijlage IX bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bedoeld in artikel 11.54, eerste lid, onder a, van het Besluit activiteiten leefomgeving; of
|
||||
b. vogelsoorten, als bedoeld in artikel 1 van Richtlijn 2009/147/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 inzake het behoud van de vogelstand (PbEU 2010, L 20).
|
||||
- *soortenmanagementplan:* een beleidsplan gericht op het versterken van de staat van instandhouding van beschermde diersoorten binnen een gemeente of enkele gemeenten, berustend op ecologisch onderzoek, dat wordt opgesteld met als doel het dienen als onderbouwing voor het aanvragen van een ontheffing, vergunning of vrijstelling van een verbod ten aanzien van beschermde diersoorten, als bedoeld in artikel 3.3, 3.8 en artikel 3.10, tweede lid, van de Wet natuurbescherming en artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder g van de Omgevingswet, dan wel ten aanzien van hun voorplantingsplaatsen, rustplaatsen of eieren, ter versnelling van de energiebesparende isolatie van de thermische schil van gebouwen in de gebouwde omgeving;
|
||||
- *Minister:* Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening.
|
||||
- *stedelijk gebied:* een toegelaten stedenbouwkundig samenstel van bebouwing voor wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel en horeca, en de daarbij behorende openbare of sociaal-culturele voorzieningen en infrastructuur, met uitzondering van stedelijk groen aan de rand van die bebouwing en lintbebouwing langs wegen, waterwegen of waterkeringen, toegelaten op grond van:
|
||||
|
||||
a. een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening, een inpassingsplan als bedoeld in artikel 3.26 of 3.28 van die wet of een beheersverordening als bedoeld in artikel 3.38 van die wet; of
|
||||
b. een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit.
|
||||
- *Minister:* Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
|
|
@ -41,7 +45,7 @@ d. het toezichthouden op en handhaven van voorschriften ter bescherming van besc
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De specifiek uitkering bedraagt in 2023 exclusief btw voor de provincie:
|
||||
De specifiek uitkering bedraagt exclusief btw voor de provincie:
|
||||
|
||||
a. Groningen: € 1.617.470;
|
||||
b. Fryslân: € 2.109.585;
|
||||
|
|
@ -56,24 +60,7 @@ j. Zeeland: € 1.429.871;
|
|||
k. Noord-Brabant: € 7.369.130; en
|
||||
l. Limburg: € 3.839.753.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De specifieke uitkering bedraagt in 2024 exclusief btw voor de provincie:
|
||||
|
||||
a. Groningen: € 1.968.918;
|
||||
b. Fryslân: € 2.660.544;
|
||||
c. Drenthe: € 1.946.228;
|
||||
d. Overijssel: € 3.620.557;
|
||||
e. Flevoland: € 979.648;
|
||||
f. Gelderland: € 6.651.783;
|
||||
g. Utrecht: € 3.552.814;
|
||||
h. Noord-Holland: € 7.108.109;
|
||||
i. Zuid-Holland: € 8.591.066;
|
||||
j. Zeeland: € 1.706.928;
|
||||
k. Noord-Brabant: € 7.844.810; en
|
||||
l. Limburg: € 4.098.777.
|
||||
|
||||
**3.** De specifieke uitkering wordt niet verstrekt voor BTW verschuldigd over kosten voor de activiteiten bedoeld in artikel 2 voor zover het bedrag van de BTW in aanmerking komt voor compensatie op grond van de Wet op het BTW-compensatiefonds.
|
||||
**2.** De specifieke uitkering wordt niet verstrekt voor BTW verschuldigd over kosten voor de activiteiten bedoeld in artikel 2 voor zover het bedrag van de BTW in aanmerking komt voor compensatie op grond van de Wet op het BTW-compensatiefonds.
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
|
|
@ -92,7 +79,7 @@ d. het ingeschatte bedrag dat de provincie aan BTW verschuldigd zal zijn.
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Gedeputeerde staten besteden het voor die provincie in de derde kolom van de tabel in bijlage I opgenomen bedrag voor de verdeling middelen voor ondersteunende taken provincies uiterlijk 31 december 2030 aan:
|
||||
Gedeputeerde staten besteden het voor die provincie in de derde kolom van de tabel in bijlage I opgenomen bedrag uiterlijk 31 december 2027 aan:
|
||||
|
||||
a. het adviseren van gemeenten over het soortenmanagementplan;
|
||||
b. het beoordelen van aanvragen van gemeenten van ontheffingen, vergunningen of vrijstellingen die worden onderbouwd met een soortenmanagementplan;
|
||||
|
|
@ -100,19 +87,21 @@ c. het realiseren of financieren van alternatieve verblijfplaatsen;
|
|||
d. het toezichthouden op en handhaven van voorschriften ter bescherming van beschermde diersoorten, in zoverre dit noodzakelijk is voor de uitvoering van de energiebesparende isolatie van de thermische schil van gebouwen in de gebouwde omgeving; of
|
||||
e. alle kosten die direct samenhangen met de activiteiten, bedoeld in artikel 2.
|
||||
|
||||
**2.** Gedeputeerde staten besteden ten minste van het voor die provincie in de derde kolom van de tabel in bijlage I opgenomen totale bedrag voor de verdeling van middelen voor ondersteunende taken van provincies, het voor die provincie in bijlage III opgenomen bedrag aan de activiteiten genoemd in het eerste lid, onderdeel c.
|
||||
**2.** Gedeputeerde staten besteden ten minste zestig procent van het voor die provincie in de derde kolom van de tabel in bijlage I opgenomen bedrag aan de activiteiten genoemd in het eerste lid, onderdeel c.
|
||||
|
||||
**3.** Gedeputeerde staten verstrekken uiterlijk 1 juli 2028 het voor die provincie in de tweede kolom van de tabel in bijlage I voor de verdeling van middelen ter verstrekking aan gemeenten voor soortenmanagementplannen opgenomen bedrag aan een deel van de gemeentes binnen hun provincie ten behoeve van activiteiten die gericht zijn op het voorbereiden, opstellen, implementeren of monitoren van soortenmanagementplannen, op een manier die naar hun oordeel bijdraagt aan een doelmatige versnelling van de isolatie van gebouwen.
|
||||
**3.** Gedeputeerde staten verstrekken uiterlijk 1 januari 2026 het voor die provincie in de tweede kolom van de tabel in bijlage I opgenomen bedrag aan een deel van de gemeentes binnen hun provincie ten behoeve van activiteiten die gericht zijn op het voorbereiden, opstellen, implementeren of monitoren van soortenmanagementplannen die ten minste het volledige stedelijk gebied van een gemeente beslaan, op een manier die naar hun oordeel bijdraagt aan een doelmatige versnelling van de isolatie van gebouwen.
|
||||
|
||||
**4.** Wanneer gedeputeerde staten op grond van het derde lid een bedrag verstrekken aan een gemeente, dan verstrekken zij het voor die gemeente in bijlage II opgenomen bedrag.
|
||||
|
||||
**5.** Middelen die door gedeputeerde staten worden verstrekt aan gemeenten dienen uiterlijk 31 december 2030 door gemeenten te zijn besteed.
|
||||
**5.** In afwijking van het vierde lid en onverminderd het achtste en negende lid, kan aan maximaal één gemeente in een provincie een lager bedrag, dan het voor die gemeente in bijlage II opgenomen bedrag, worden verstrekt op grond van het derde lid, indien het verstrekken van het voor die gemeente in bijlage II opgenomen bedrag ertoe zou leiden dat gedeputeerde staten in totaal meer zouden verstrekken dan het bedrag opgenomen in de tweede kolom van de tabel in bijlage I.
|
||||
|
||||
**6.** Gedeputeerde staten besteden de specifieke uitkering alleen aan activiteiten die na 1 januari 2021 zijn gestart.
|
||||
**6.** Middelen die door gedeputeerde staten worden verstrekt aan gemeenten dienen uiterlijk 31 december 2027 door gemeenten te zijn besteed.
|
||||
|
||||
**7.** In afwijking van het vierde lid, kunnen gedeputeerde staten een lager bedrag, dan het voor die gemeente in bijlage II opgenomen bedrag, op grond van het derde lid aan een gemeente verstrekken, indien de op het moment van verstrekking te verwachten werkelijke kosten lager liggen dan het voor die gemeente in bijlage II opgenomen bedrag.
|
||||
**7.** Gedeputeerde staten besteden de specifieke uitkering alleen aan activiteiten die na 1 januari 2021 zijn gestart.
|
||||
|
||||
**8.** Indien gedeputeerde staten op grond van het zevende lid een lager bedrag verstrekken dan het bedrag opgenomen in bijlage II, dan kunnen zij het verschil tussen het verstrekte bedrag en het voor die gemeente in bijlage II opgenomen bedrag verstrekken aan een andere gemeente, of andere gemeentes, voor activiteiten als bedoeld in het derde lid, op een wijze die naar opvatting van gedeputeerde staten bijdraagt aan een doelmatige versnelling van de isolatie van gebouwen, ook als daarmee in totaal een ander bedrag wordt verstrekt dan het voor die andere gemeente, of andere gemeentes, in bijlage II opgenomen bedrag.
|
||||
**8.** In afwijking van het vierde lid, kunnen gedeputeerde staten een lager bedrag, dan het voor die gemeente in bijlage II opgenomen bedrag, op grond van het derde lid aan een gemeente verstrekken, indien de op het moment van verstrekking te verwachten werkelijke kosten lager liggen dan het voor die gemeente in bijlage II opgenomen bedrag.
|
||||
|
||||
**9.** Indien gedeputeerde staten op grond van het achtste lid een lager bedrag verstrekken dan het bedrag opgenomen in bijlage II, dan kunnen zij het verschil tussen het verstrekte bedrag en het voor die gemeente in bijlage II opgenomen bedrag verstrekken aan een andere gemeente, of andere gemeentes, voor activiteiten als bedoeld in het derde lid, op een wijze die naar opvatting van gedeputeerde staten bijdraagt aan een doelmatige versnelling van de isolatie van gebouwen, ook als daarmee in totaal een ander bedrag wordt verstrekt dan het voor die andere gemeente, of andere gemeentes, in bijlage II opgenomen bedrag.
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
|
|
@ -132,7 +121,7 @@ e. alle kosten die direct samenhangen met de activiteiten, bedoeld in artikel 2.
|
|||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
||||
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2032, met dien verstande dat deze regeling van toepassing blijft op specifieke uitkeringen die voor die datum zijn verstrekt.
|
||||
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2029, met dien verstande dat deze regeling van toepassing blijft op specifieke uitkeringen die voor die datum zijn verstrekt.
|
||||
|
||||
### Artikel 9
|
||||
|
||||
|
|
@ -143,7 +132,3 @@ Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling specifieke uitkering versnelling na
|
|||
## Bijlage II. met de bedragen als bedoeld in
|
||||
|
||||
De bedragen exclusief btw die gemeenten ontvangen, indien zij door de gedeputeerde staten zijn geselecteerd voor een verstrekking:
|
||||
|
||||
## Bijlage III. met de bedragen als bedoeld in
|
||||
|
||||
Het gedeelte van de bedragen exclusief btw die provincies ontvangen voor ondersteunende taken, dat provincies ten minste moeten besteden aan het realiseren of financieren van alternatieve verblijfplaatsen:
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue