From 73ed6de9a0984fc5e5213217d277a33c8d056e21 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 12 Mar 2003 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2003-03-12 | BWBR0005416 | Gemeentewet --- wet/gemeentewet/BWBR0005416/README.md | 175 ++++++++++++++------------ 1 file changed, 95 insertions(+), 80 deletions(-) diff --git a/wet/gemeentewet/BWBR0005416/README.md b/wet/gemeentewet/BWBR0005416/README.md index 893cf99ca15..a97bebf5e8c 100644 --- a/wet/gemeentewet/BWBR0005416/README.md +++ b/wet/gemeentewet/BWBR0005416/README.md @@ -134,25 +134,26 @@ d. lid van de Algemene Rekenkamer; e. Nationale ombudsman; f. substituut-ombudsman als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman; g. commissaris van de Koning; -h. lid van gedeputeerde staten; -i. griffier der staten; -j. burgemeester; -k. wethouder; -l. lid van de rekenkamer; -m. lid van een deelraad; -n. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente; -o. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt. +h. gedeputeerde; +i. secretaris van de provincie; +j. griffier van de provincie; +k. burgemeester; +l. wethouder; +m. lid van de rekenkamer; +n. lid van een deelraad; +o. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente; +p. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt. **2.** -In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder k, kan een lid van de raad tevens wethouder zijn van de gemeente waar hij lid van de raad is gedurende het tijdvak dat: +In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder l, kan een lid van de raad tevens wethouder zijn van de gemeente waar hij lid van de raad is gedurende het tijdvak dat: a. aanvangt op de dag van de stemming voor de verkiezing van de leden van de raad en eindigt op het tijdstip waarop de wethouders ingevolge artikel 42, eerste lid, aftreden, of b. aanvangt op het tijdstip van zijn benoeming tot wethouder en eindigt op het tijdstip waarop de goedkeuring van de geloofsbrief van zijn opvolger als lid van de raad onherroepelijk is geworden of waarop het centraal stembureau heeft beslist dat geen opvolger kan worden benoemd. Hij wordt geacht ontslag te nemen als lid van de raad met ingang van het tijdstip waarop hij zijn benoeming tot wethouder aanvaardt. Artikel X 6 van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing. **3.** -In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder o, kan een lid van de raad tevens zijn: +In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder p, kan een lid van de raad tevens zijn: a. ambtenaar van de burgerlijke stand; b. vrijwilliger of ander persoon die uit hoofde van een wettelijke verplichting niet bij wijze van beroep hulpdiensten verricht; @@ -388,27 +389,29 @@ d. lid van de Algemene Rekenkamer; e. Nationale ombudsman; f. substituut-ombudsman als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman; g. commissaris van de Koning; -h. lid van gedeputeerde staten; -i. griffier der staten; -j. lid van de raad van een gemeente; -k. burgemeester; -l. lid van de rekenkamer; -m. lid van een deelraad; -n. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente; -o. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt; -p. ambtenaar, door of vanwege het Rijk of de provincie aangesteld, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op de gemeente; -q. functionaris die krachtens de wet of een algemene maatregel van bestuur het gemeentebestuur van advies dient. +h. gedeputeerde; +i. secretaris van de provincie; +j. griffier van de provincie; +k. lid van de rekenkamer van de provincie waarin de gemeente waar hij wethouder is, is gelegen; +l. lid van de raad van een gemeente; +m. burgemeester; +n. lid van de rekenkamer; +o. lid van een deelraad; +p. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente; +q. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt; +r. ambtenaar, door of vanwege het Rijk of de provincie aangesteld, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op de gemeente; +s. functionaris die krachtens de wet of een algemene maatregel van bestuur het gemeentebestuur van advies dient. **2.** -In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder j, kan een wethouder tevens lid zijn van de raad van de gemeente waar hij wethouder is gedurende het tijdvak dat: +In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder l, kan een wethouder tevens lid zijn van de raad van de gemeente waar hij wethouder is gedurende het tijdvak dat: a. aanvangt op de dag van de stemming voor de verkiezing van de leden van de raad en eindigt op het tijdstip waarop de wethouders ingevolge artikel 42, eerste lid, aftreden, of b. aanvangt op het tijdstip van zijn benoeming tot wethouder en eindigt op het tijdstip waarop de goedkeuring van de geloofsbrief van zijn opvolger als lid van de raad onherroepelijk is geworden of waarop het centraal stembureau heeft beslist dat geen opvolger kan worden benoemd. Hij wordt geacht ontslag te nemen als lid van de raad met ingang van het tijdstip waarop hij zijn benoeming tot wethouder aanvaardt. Artikel X 6 van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing. **3.** -In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder o, kan een wethouder tevens zijn: +In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder q, kan een wethouder tevens zijn: a. ambtenaar van de burgerlijke stand; b. vrijwilliger of ander persoon die uit hoofde van een wettelijke verplichting niet bij wijze van beroep hulpdiensten verricht; @@ -711,18 +714,20 @@ d. lid van de Algemene Rekenkamer; e. Nationale ombudsman; f. substituut-ombudsman als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman; g. commissaris van de Koning; -h. lid van gedeputeerde staten; -i. griffier der staten; -j. lid van een raad; -k. wethouder; -l. lid van de rekenkamer; -m. lid van een deelraad; -n. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente; -o. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt; -p. ambtenaar, door of vanwege het Rijk of de provincie aangesteld, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op de gemeente; -q. functionaris die krachtens de wet of een algemene maatregel van bestuur het gemeentebestuur van advies dient. +h. gedeputeerde; +i. secretaris van de provincie; +j. griffier van de provincie; +k. lid van de rekenkamer van de provincie waarin de gemeente waar hij burgemeester is, is gelegen; +l. lid van een raad; +m. wethouder; +n. lid van de rekenkamer; +o. lid van een deelraad; +p. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente; +q. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt; +r. ambtenaar, door of vanwege het Rijk of de provincie aangesteld, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op de gemeente; +s. functionaris die krachtens de wet of een algemene maatregel van bestuur het gemeentebestuur van advies dient. -**2.** In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder o, kan een burgemeester tevens ambtenaar van de burgerlijke stand zijn. +**2.** In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder q, kan een burgemeester tevens ambtenaar van de burgerlijke stand zijn. ### Artikel 69 @@ -879,22 +884,23 @@ c. lid van de Raad van State; d. lid van de Algemene Rekenkamer; e. Nationale ombudsman; f. substituut-ombudsman als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman; -g. commissaris van de Koning; -h. lid van gedeputeerde staten; -i. griffier der staten; -j. lid van de raad; -k. burgemeester van de betrokken gemeente; -l. wethouder van de betrokken gemeente; -m. lid van een deelraad van de betrokken gemeente; -n. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente van de betrokken gemeente; -o. lid van een commissie van de betrokken gemeente; -p. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt; -q. ambtenaar, door of vanwege het Rijk of de provincie aangesteld, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op de gemeente; -r. functionaris die krachtens de wet of een algemene maatregel van bestuur het gemeentebestuur van advies dient. +g. commissaris van de Koningin van de provincie waarin de gemeente waar hij lid van de rekenkamer is, is gelegen; +h. gedeputeerde van de provincie waarin de gemeente waar hij lid van de rekenkamer is, is gelegen; +i. secretaris van de provincie waarin de gemeente waar hij lid van de rekenkamer is, is gelegen; +j. griffier van de provincie waarin de gemeente waar hij lid van de rekenkamer is, is gelegen; +k. lid van de raad; +l. burgemeester van de betrokken gemeente; +m. wethouder van de betrokken gemeente; +n. lid van een deelraad van de betrokken gemeente; +o. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente van de betrokken gemeente; +p. lid van een commissie van de betrokken gemeente; +q. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt; +r. ambtenaar, door of vanwege het Rijk of de provincie aangesteld, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op de gemeente; +s. functionaris die krachtens de wet of een algemene maatregel van bestuur het gemeentebestuur van advies dient. **2.** -In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder p, kan een lid van de rekenkamer tevens zijn: +In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder q, kan een lid van de rekenkamer tevens zijn: a. ambtenaar van de burgerlijke stand; b. vrijwilliger of ander persoon die uit hoofde van een wettelijke verplichting niet bij wijze van beroep hulpdiensten verricht; @@ -942,25 +948,30 @@ De leden van de rekenkamer ontvangen een bij verordening van de raad vastgesteld ### Artikel 81l -In afwijking van artikel 81a kan de raad met de raad of de raden van een of meer andere gemeenten met toepassing van de artikelen 1 en 8, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen een gemeenschappelijke rekenkamer instellen. De artikelen 10, tweede en derde lid, 10a, 11, 15, 16, 17, 20, derde lid, 21, 22, 23, en 30 van die wet zijn niet van toepassing. +In afwijking van artikel 81a kan de raad met de raad of de raden van een of meer andere gemeenten met toepassing van de artikelen 1, en 8, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen of met provinciale staten van één of meer provincies, al dan niet met de raad of de raden van een of meer andere gemeenten tezamen, met toepassing van artikel 51 en 52, eerste lid, juncto artikel 8, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, een gemeenschappelijke rekenkamer instellen. De artikelen 10, tweede en derde lid, 10a, 11, 15, 16, 17, 20, derde lid, 21, 22, 23, 30 en 54 van die wet zijn niet van toepassing. ### Artikel 81m -**1.** De artikelen 81b tot en met 81f, 81h, 81i en 81j, eerste, derde en vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op de gemeenschappelijke rekenkamer, met dien verstande dat in de artikelen 81b tot en met 81d, 81i, tweede lid, en 81j, eerste lid, voor «de raad» telkens wordt gelezen: de raden van de deelnemende gemeenten gezamenlijk. +**1.** De artikelen 81b tot en met 81f, 81h, 81i en 81j, eerste, derde en vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op de gemeenschappelijke rekenkamer, met dien verstande dat in de artikelen 81b tot en met 81d, 81i, tweede lid, en 81j, eerste lid, voor «de raad» telkens wordt gelezen «de raden van de deelnemende gemeenten gezamenlijk» of, indien de rekenkamer mede is ingesteld door provincies, «provinciale staten en de raden van de deelnemende provincies en gemeenten gezamenlijk». -**2.** Artikel 81g is op de gemeenschappelijke rekenkamer van toepassing, met dien verstande dat voor «de raad» wordt gelezen: de raad van de gemeente die daartoe in de regeling waarbij de gemeenschappelijke rekenkamer is ingesteld, is aangewezen. +**2.** Artikel 81g is op de gemeenschappelijke rekenkamer van toepassing, met dien verstande dat voor «de raad» wordt gelezen «de raad van de gemeente die daartoe in de regeling waarbij de gemeenschappelijke rekenkamer is ingesteld, is aangewezen» of, indien de rekenkamer mede is ingesteld door provincies, «provinciale staten van de provincie of de raad van de gemeente die daartoe in de regeling waarbij de gemeenschappelijke regeling is ingesteld zijn of is aangewezen». ### Artikel 81n +Indien de raad of de raden van een of meer gemeenten met provinciale staten van een of meer provincies een gemeenschappelijke rekenkamer instellen, is, onverminderd artikel 81m, eerste lid, juncto artikel 81f, een lid van de rekenkamer niet tevens: + +a. lid van provinciale staten van een deelnemende provincie; +b. ambtenaar, door of vanwege het provinciebestuur van een deelnemende provincie aangesteld of daaraan ondergeschikt; +c. ambtenaar, door of vanwege het Rijk aangesteld, tot wiens taak het behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op de provincie; +d. functionaris, krachtens de wet of algemene maatregel van bestuur geroepen om het provinciebestuur van advies te dienen. + +### Artikel 81o + In de regeling waarbij de gemeenschappelijke rekenkamer wordt ingesteld, worden ten minste regels gesteld over: a. de benoeming, op voordracht van de voorzitter of het enige lid van de rekenkamer, van de ambtenaren die nodig zijn voor een goede uitoefening van de werkzaamheden van de rekenkamer; b. de vergoeding die de leden van de rekenkamer voor hun werkzaamheden ontvangen en de tegemoetkoming in de kosten. -### Artikel 81o - -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden - ### Hoofdstuk IVb. De rekenkamerfunctie ### Artikel 81o @@ -1066,18 +1077,20 @@ d. lid van de Algemene Rekenkamer; e. Nationale ombudsman; f. substituut-ombudsman als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman; g. commissaris van de Koning; -h. lid van gedeputeerde staten; -i. griffier der Staten; -j. lid van de raad; -k. burgemeester; -l. wethouder; -m. lid van de rekenkamer; -n. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente; -o. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt. +h. gedeputeerde; +i. secretaris van de provincie; +j. griffier van de provincie; +k. lid van de rekenkamer van de provincie waarin de gemeente waar hij lid van de deelraad is, is gelegen; +l. lid van de raad; +m. burgemeester; +n. wethouder; +o. lid van de rekenkamer; +p. lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente; +q. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt. **2.** -In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder o, kan een lid van een deelraad tevens zijn: +In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder q, kan een lid van een deelraad tevens zijn: a. ambtenaar, aangesteld of ondergeschikt aan het deelgemeentebestuur van een andere deelgemeente; b. ambtenaar van de burgerlijke stand; @@ -1086,7 +1099,7 @@ d. ambtenaar werkzaam voor een school voor openbaar onderwijs. **3.** -In de in artikel 87, tweede lid, bedoelde verordening kan worden bepaald dat in afwijking van het eerste lid, aanhef en onder n, een lid van een deelraad tevens lid van het dagelijks bestuur van de betrokken deelgemeente kan zijn gedurende het tijdvak dat: +In de in artikel 87, tweede lid, bedoelde verordening kan worden bepaald dat in afwijking van het eerste lid, aanhef en onder p, een lid van een deelraad tevens lid van het dagelijks bestuur van de betrokken deelgemeente kan zijn gedurende het tijdvak dat: a. aanvangt op de dag van de stemming voor de verkiezing van de leden van de deelraad en eindigt op het tijdstip waarop de leden van het dagelijks bestuur van een deelgemeente aftreden, of b. aanvangt op de dag van zijn benoeming tot lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente en eindigt op de dag waarop zijn opvolger als lid van de deelraad de eed of de verklaring en belofte heeft afgelegd of waarop vaststaat dat geen opvolger kan worden benoemd. In dat geval bepaalt de verordening tevens dat hij geacht wordt ontslag te nemen als lid van de deelraad met ingang van de dag waarop hij zijn benoeming tot lid van het dagelijks bestuur aanvaardt en dat artikel X 6 van de Kieswet van overeenkomstige toepassing is. @@ -1104,18 +1117,20 @@ d. lid van de Algemene Rekenkamer; e. Nationale ombudsman; f. substituut-ombudsman als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman; g. commissaris van de Koning; -h. lid van gedeputeerde staten; -i. griffier der staten; -j. lid van de raad; -k. burgemeester; -l. wethouder; -m. lid van de rekenkamer; -n. lid van een deelraad; -o. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt. +h. gedeputeerde; +i. secretaris van de provincie; +j. griffier van de provincie; +k. lid van de rekenkamer van de provincie waarin de gemeente waar hij lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente is, is gelegen; +l. lid van de raad; +m. burgemeester; +n. wethouder; +o. lid van de rekenkamer; +p. lid van een deelraad; +q. ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt. **2.** -In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder o, kan een lid van het dagelijks bestuur tevens zijn: +In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder q, kan een lid van het dagelijks bestuur tevens zijn: a. ambtenaar, aangesteld of ondergeschikt aan een deelgemeentebestuur van een andere deelgemeente; b. ambtenaar van de burgerlijke stand; @@ -1124,7 +1139,7 @@ d. ambtenaar werkzaam voor een school voor openbaar onderwijs. **3.** -In de in artikel 87, tweede lid, bedoelde verordening kan worden bepaald dat in afwijking van het eerste lid, aanhef en onder n, een lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente tevens lid van een deelraad van de betrokken deelgemeente kan zijn gedurende het tijdvak dat: +In de in artikel 87, tweede lid, bedoelde verordening kan worden bepaald dat in afwijking van het eerste lid, aanhef en onder p, een lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente tevens lid van een deelraad van de betrokken deelgemeente kan zijn gedurende het tijdvak dat: a. aanvangt op de dag van de stemming voor de verkiezing van de leden van de deelraad en eindigt op het tijdstip waarop de leden van het dagelijks bestuur van een deelgemeente aftreden, of b. aanvangt op de dag van zijn benoeming tot lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente en eindigt op de dag waarop zijn opvolger als lid van de deelraad de eed of de verklaring en belofte heeft afgelegd of waarop vaststaat dat geen opvolger kan worden benoemd. In dat geval bepaalt de verordening tevens dat hij geacht wordt ontslag te nemen als lid van de deelraad met ingang van de dag waarop hij zijn benoeming tot lid van het dagelijks bestuur aanvaardt en dat artikel X 6 van de Kieswet van overeenkomstige toepassing is. @@ -1328,24 +1343,24 @@ e. het uitsluitend dient tot het verkrijgen van informatie. ### Artikel 112 -Onze Minister wie het aangaat en het provinciaal bestuur doen het college desgevraagd mededeling van hun standpunten en voornemens met betrekking tot aangelegenheden die voor de gemeente van belang zijn, tenzij het openbaar belang zich daartegen verzet. +Onze Minister wie het aangaat en het provinciebestuur doen het college desgevraagd mededeling van hun standpunten en voornemens met betrekking tot aangelegenheden die voor de gemeente van belang zijn, tenzij het openbaar belang zich daartegen verzet. ### Artikel 113 -Onze Minister wie het aangaat en het provinciaal bestuur bieden het college desgevraagd de gelegenheid tot het plegen van overleg met betrekking tot aangelegenheden die voor de gemeente van belang zijn, tenzij het openbaar belang zich daartegen verzet. +Onze Minister wie het aangaat en het provinciebestuur bieden het college desgevraagd de gelegenheid tot het plegen van overleg met betrekking tot aangelegenheden die voor de gemeente van belang zijn, tenzij het openbaar belang zich daartegen verzet. ### Artikel 114 **1.** -Onze Minister wie het aangaat, onderscheidenlijk het provinciaal bestuur, stelt de betrokken colleges of een instantie die voor deze representatief kan worden geacht, zo nodig binnen een te stellen termijn, in de gelegenheid hun oordeel te geven omtrent voorstellen van wet, ontwerpen van algemene maatregel van bestuur, ontwerpen van ministeriële regeling, of ontwerpen van provinciale verordening waarbij: +Onze Minister wie het aangaat, onderscheidenlijk het provinciebestuur, stelt de betrokken colleges of een instantie die voor deze representatief kan worden geacht, zo nodig binnen een te stellen termijn, in de gelegenheid hun oordeel te geven omtrent voorstellen van wet, ontwerpen van algemene maatregel van bestuur, ontwerpen van ministeriële regeling, of ontwerpen van provinciale verordening waarbij: a. van de gemeentebesturen regeling of bestuur wordt gevorderd, of b. in betekenende mate wijziging wordt gebracht in de taken en bevoegdheden van de gemeentebesturen. **2.** Voorstellen als bedoeld in het eerste lid bevatten in de bijbehorende toelichting een weergave van de gevolgen voor de inrichting en werking van de gemeenten en een weergave van het in het eerste lid bedoelde oordeel van de betrokken colleges of representatieve instantie. -**3.** Onze Minister wie het aangaat, onderscheidenlijk het provinciaal bestuur, is niet verplicht vooraf het in het eerste lid bedoelde oordeel in te winnen indien zulks ten gevolge van dringende omstandigheden niet mogelijk is. In dat geval wordt het oordeel zo spoedig mogelijk ingewonnen en openbaar gemaakt. +**3.** Onze Minister wie het aangaat, onderscheidenlijk het provinciebestuur, is niet verplicht vooraf het in het eerste lid bedoelde oordeel in te winnen indien zulks ten gevolge van dringende omstandigheden niet mogelijk is. In dat geval wordt het oordeel zo spoedig mogelijk ingewonnen en openbaar gemaakt. ### Artikel 115 @@ -1369,7 +1384,7 @@ b. in betekenende mate wijziging wordt gebracht in de taken en bevoegdheden van ### Artikel 118 -Over al hetgeen de gemeente betreft dient het college Onze Ministers en het provinciaal bestuur desgevraagd van bericht en raad, tenzij dit uitdrukkelijk van de burgemeester wordt verlangd. +Over al hetgeen de gemeente betreft dient het college Onze Ministers en het provinciebestuur desgevraagd van bericht en raad, tenzij dit uitdrukkelijk van de burgemeester wordt verlangd. ### Artikel 119 @@ -1389,7 +1404,7 @@ Over al hetgeen de gemeente betreft dient het college Onze Ministers en het prov **2.** In de regelingen, bedoeld in de eerste volzin van het eerste lid, wordt tevens aangegeven hoe de financiële gevolgen van de informatieverstrekking voor de gemeente worden gecompenseerd. -**3.** Het provinciaal bestuur doet mededeling aan Onze Minister van de inwinning van systematische informatie ingevolge een provinciale verordening. +**3.** Het provinciebestuur doet mededeling aan Onze Minister van de inwinning van systematische informatie ingevolge een provinciale verordening. ### Artikel 121 @@ -1759,7 +1774,7 @@ g. de heffing van andere belastingen dan de belastingen, genoemd in artikel 225, **1.** De raad kan de naam van de gemeente wijzigen. -**2.** Het besluit van de raad wordt ter kennis gebracht van Onze Minister en het provinciaal bestuur. +**2.** Het besluit van de raad wordt ter kennis gebracht van Onze Minister en het provinciebestuur. **3.** Het besluit vermeldt de datum van ingang, die is gelegen ten minste een jaar na de datum van het besluit.