From 7420faf0ca5322bba6684022ff86a162de332098 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 1 Mar 2017 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2017-03-01 | BWBR0031814 | Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging vrijheidsbenemende en voorwaardelijke sancties --- .../BWBR0031814/README.md | 10 +++++----- 1 file changed, 5 insertions(+), 5 deletions(-) diff --git a/wet/wet-wederzijdse-erkenning-en-tenuitvoerlegging-vrijheidsbenemende-en-voorwaardel/BWBR0031814/README.md b/wet/wet-wederzijdse-erkenning-en-tenuitvoerlegging-vrijheidsbenemende-en-voorwaardel/BWBR0031814/README.md index a9239c79d83..71c1044b398 100644 --- a/wet/wet-wederzijdse-erkenning-en-tenuitvoerlegging-vrijheidsbenemende-en-voorwaardel/BWBR0031814/README.md +++ b/wet/wet-wederzijdse-erkenning-en-tenuitvoerlegging-vrijheidsbenemende-en-voorwaardel/BWBR0031814/README.md @@ -252,13 +252,13 @@ d. de feiten en omstandigheden waaronder het feit is begaan. **5.** Na de veroordeelde te hebben gehoord, kan de officier van justitie of de hulpofficier van justitie bevelen dat de opgeëiste persoon gedurende drie dagen, te rekenen vanaf het tijdstip van de aanhouding, in verzekering gesteld zal blijven. -**6.** Artikel 40 van het Wetboek van Strafvordering is van overeenkomstige toepassing. +**6.** Artikel 39 van het Wetboek van Strafvordering is van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 2:20 **1.** De rechter-commissaris in het arrondissement waar de veroordeelde in verzekering is gesteld, kan op vordering van de officier van justitie de bewaring van de veroordeelde bevelen. Alvorens een dergelijk bevel te geven, hoort de rechter-commissaris zo mogelijk de veroordeelde. -**2.** Aan de veroordeelde die overeenkomstig het eerste lid in bewaring wordt gesteld, wordt, zo hij nog geen raadsman heeft, een raadsman toegevoegd door het bureau rechtsbijstandvoorziening op last van de voorzitter van de rechtbank in het arrondissement waarin hij zich bevindt. De officier van justitie geeft de voorzitter onverwijld schriftelijk kennis dat toevoeging moet plaats hebben. +**2.** Voor de veroordeelde die geen raadsman heeft, wordt door het bestuur van de raad voor rechtsbijstand een raadsman aangewezen na mededeling door het openbaar ministerie dat ten aanzien van hem de bewaring is bevolen. ### Artikel 2:21 @@ -329,7 +329,7 @@ c. de veroordeelde naar de uitvoerende lidstaat is gevlucht of teruggekeerd naar **4.** Zo spoedig mogelijk na ontvangst van een tijdig ingediend bezwaarschrift onderzoekt de bijzondere kamer van het gerechtshof of Onze Minister bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid tot de voorgenomen beslissing kan komen. -**5.** De veroordeelde wordt bij het onderzoek gehoord, althans opgeroepen. Indien niet blijkt dat de veroordeelde reeds een raadsman heeft, geeft de voorzitter aan het bureau rechtsbijstandvoorziening last tot toevoeging van een raadsman. +**5.** De veroordeelde wordt bij het onderzoek gehoord, althans opgeroepen. In geval de veroordeelde geen raadsman heeft, geeft de voorzitter aan het bestuur van de raad voor rechtsbijstand last tot aanwijzing van een raadsman. **6.** De artikelen 21 tot en met 25 van het Wetboek van Strafvordering zijn van overeenkomstige toepassing. @@ -741,9 +741,9 @@ Op betekeningen, kennisgevingen en oproepingen gedaan krachtens deze wet, zijn d **1.** Deze wet treedt in de relatie met de lidstaten van de Europese Unie in de plaats van de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen. -**2.** Het eerste lid is niet van toepassing in relatie tot een andere lidstaat van de Europese Unie voor zover en voor zolang die lidstaat niet de maatregelen heeft getroffen die noodzakelijk zijn om te voldoen aan het kaderbesluit 2008/909/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 27 november 2008 inzake de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op strafvonnissen waarbij vrijheidsstraffen of tot vrijheidsbeneming strekkende maatregelen zijn opgelegd, met het oog op tenuitvoerlegging ervan in de Europese Unie (PbEU L 327) of het kaderbesluit 2008/947/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 27 november 2008 inzake de toepassing van het beginsel van de wederzijdse erkenning op vonnissen en proeftijdbeslissingen met het oog op het toezicht op proeftijdvoorwaarden en alternatieve straffen (PbEU L 337). +**2.** Het eerste lid is niet van toepassing in relatie tot een andere lidstaat van de Europese Unie voor zover en voor zolang die lidstaat niet de maatregelen heeft getroffen die noodzakelijk zijn om te voldoen aan het kaderbesluit 2008/909/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 27 november 2008 inzake de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op strafvonnissen waarbij vrijheidsstraffen of tot vrijheidsbeneming strekkende maatregelen zijn opgelegd, met het oog op tenuitvoerlegging ervan in de Europese Unie (PbEU L 327) of het kaderbesluit 2008/947/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 27 november 2008 inzake de toepassing van het beginsel van de wederzijdse erkenning op vonnissen en proeftijdbeslissingen met het oog op het toezicht op proeftijdvoorwaarden en alternatieve straffen (PbEU L 337). -**3.** Deze wet is niet van toepassing op rechterlijke uitspraken als bedoeld in artikel 2:1 die voor 5 december 2011 onherroepelijk zijn geworden. +**3.** Deze wet is niet van toepassing op rechterlijke uitspraken als bedoeld in artikel 2:1 die voor 5 december 2011 onherroepelijk zijn geworden. **4.** Deze wet is van toepassing indien de garantie van teruglevering, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Overleveringswet, voor de inwerkingtreding van deze wet is gegeven, maar de teruglevering plaatsvindt na de inwerkingtreding van deze wet.