From 747e4a5feb50956c941e6c6e24b98df45dd4c8c1 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 1 Sep 2023 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2023-09-01 | BWBR0011453 | Wet studiefinanciering 2000 --- .../BWBR0011453/README.md | 74 ++++++++----------- 1 file changed, 30 insertions(+), 44 deletions(-) diff --git a/wet/wet-studiefinanciering-2000/BWBR0011453/README.md b/wet/wet-studiefinanciering-2000/BWBR0011453/README.md index 930925d8b3f..b2e3989d31b 100644 --- a/wet/wet-studiefinanciering-2000/BWBR0011453/README.md +++ b/wet/wet-studiefinanciering-2000/BWBR0011453/README.md @@ -646,7 +646,7 @@ Voor een goede uitvoering van de artikelen 3.16b tot en met 3.16d worden bij min ### Artikel 3.16f -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +In afwijking van de artikelen 3.16a, tweede lid, en 3.16d, eerste lid, kan een student die een vergoeding als bedoeld in artikel 7.49a van de WHW betaalt voor het gebruikmaken van een educatieve module of premaster met een studielast van minder dan 60 studiepunten, Onze Minister verzoeken om de hoogte van het collegegeldkrediet of levenlanglerenkrediet dat hij per maand ontvangt, gelijk te stellen aan de vergoeding die hij naar rato per 5 studiepunten betaalt. ### Artikel 3.17 @@ -1055,10 +1055,11 @@ b. eenmalig het aantal maanden dat het resultaat is van het aantal studiepunten, ### Artikel 5.2a -De prestatiebeurs hoger onderwijs wordt op aanvraag eenmalig 1 jaar langer verstrekt, indien: +In aanvulling op artikel 5.2, eerste lid, wordt de prestatiebeurs hoger onderwijs op aanvraag eenmalig 1 jaar langer verstrekt, indien de aanvrager een ho-student betreft die: -a. het een ho-student betreft die met goed gevolg het afsluitende examen van een bacheloropleiding heeft behaald, voor zover bij ministeriële regeling aangewezen, of een daarmee gelijkgesteld diploma; en -b. deze ho-student is ingeschreven voor de hbo-lerarenopleiding, voor een daarbinnen te volgen eenjarig programma, waarvan in de onder a bedoelde ministeriële regeling is aangegeven dat die opleiding verwant is aan de onder a bedoelde opleiding. +a. het afsluitende examen van een bacheloropleiding heeft behaald of in het bezit is van een daarmee gelijkgesteld diploma; +b. is ingeschreven bij een aan een hogeschool verbonden opleiding gericht op het beroep van leraar in het voortgezet onderwijs; en +c. niet eerder een opleiding heeft afgerond welke is opgenomen in het onderdeel onderwijs van het register, bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, van de WHW. ### Artikel 5.2b @@ -1133,7 +1134,7 @@ Vervallen **3.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op de omzetting van de prestatiebeurs hoger onderwijs ingevolge artikel 5.7, zesde lid. -### Paragraaf 5.4. Omzettingsprocedure bij stoppen voor 1 februari of 1 september in eerste studiejaar +### Paragraaf 5.4. Omzettingsprocedure bij stoppen in het eerste studiejaar ### Artikel 5.10 @@ -1145,7 +1146,14 @@ Indien een ho-student in het studiejaar waarvoor hij op enig moment na 31 janua ### Artikel 5.11a -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** + +Onverminderd artikel 5.10 onderscheidenlijk artikel 5.11 wordt de prestatiebeurs van de ho-student die eerder een opleiding in het beroepsonderwijs heeft afgerond, omgezet in een gift, indien: + +a. hij uiterlijk op 31 augustus van het studiejaar waarvoor hij op enig moment voor het eerst prestatiebeurs hoger onderwijs geniet ophoudt studiefinanciering te genieten, en hij niet vóór 1 februari van het daaropvolgende studiejaar opnieuw studiefinanciering voor het volgen van hoger onderwijs krijgt toegekend; of +b. hij uiterlijk op 31 januari van het studiejaar volgend op het studiejaar waarvoor hij op enig moment op of na 1 februari voor het eerst prestatiebeurs hoger onderwijs geniet ophoudt studiefinanciering te genieten, en hij niet vóór de start van het daaropvolgende studiejaar opnieuw studiefinanciering voor het volgen van hoger onderwijs krijgt toegekend. + +**2.** De omzetting, bedoeld in het eerste lid, vindt plaats uiterlijk per 1 januari van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarin de periode eindigt waarin de student geen studiefinanciering toegekend mag hebben gekregen om aanspraak te kunnen maken op deze regeling. ### Paragraaf 5.5. Omzettingsprocedure eerste 12 maanden @@ -1236,22 +1244,7 @@ c. tot welk tijdstip een aanvraag kan worden ingediend. ### Artikel 6.2a -**1.** - -Aan de debiteur wordt gelijktijdig met de omzetting, bedoeld in artikel 5.7, een deel van de lening hoger onderwijs kwijtgescholden indien: - -a. aan de debiteur op grond van artikel 5.2b, eerste lid, voor een opleiding een extra jaar prestatiebeurs hoger onderwijs is toegekend; en -b. de desbetreffende bacheloropleiding of masteropleiding met goed gevolg is afgerond binnen de diplomatermijn hoger onderwijs. - -**2.** - -Voor de waarde van de kwijtschelding is bepalend het jaar waarin voor het eerst is voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid. De kwijtschelding bedraagt naar de maatstaf van 1 januari 2014 € 1.200 per 1 januari 2023: € 1.379,52. - -. - -**3.** Voor een debiteur aan wie op grond van artikel 5.2b, tweede lid, 6 maanden extra prestatiebeurs hoger onderwijs is toegekend en die binnen de diplomatermijn hoger onderwijs een associate degree-opleiding met goed gevolg heeft afgerond, zijn het eerste en tweede lid van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de waarde van de kwijtschelding 50% bedraagt van het bedrag, genoemd in het tweede lid. - -**4.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld voor een goede uitvoering van dit artikel. +Vervallen ### Artikel 6.3 @@ -1436,7 +1429,7 @@ Indien een debiteur gedurende een kalenderjaar op grond van zijn draagkracht min ### Artikel 6.19 -**1.** Met uitzondering van de artikelen 6.2a, 6.5, tweede, derde en vierde lid6.6, 6.7, eerste lid, tweede volzin, en tweede en derde lid, en 6.14 is paragraaf 6.1 van overeenkomstige toepassing op de terugbetaling van het levenlanglerenkrediet, waarbij deze lening wordt aangemerkt als een lening beroepsonderwijs. +**1.** Met uitzondering van de artikelen 6.5, tweede, derde en vierde lid6.6, 6.7, eerste lid, tweede volzin, en tweede en derde lid, en 6.14 is paragraaf 6.1 van overeenkomstige toepassing op de terugbetaling van het levenlanglerenkrediet, waarbij deze lening wordt aangemerkt als een lening beroepsonderwijs. **2.** @@ -1825,7 +1818,7 @@ Indien de partner van de debiteur ook een debiteur is en op beide debiteuren hoo ### Artikel 11.1 -**1.** Per 1 januari van ieder kalenderjaar wijzigt Onze Minister de bedragen, genoemd in de artikelen 3.9, tweede lid, 3.9a, 3.17, eerste en vierde lid, 3.18, met uitzondering van de maximale aanvullende beurs, 3.27, tweede lid, 4.7, 4.18, 5.2 en 6.2a, op een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te geven wijze aan de hand van de loon- of prijsontwikkelingen in het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar. +**1.** Per 1 januari van ieder kalenderjaar wijzigt Onze Minister de bedragen, genoemd in de artikelen 3.9, tweede lid, 3.9a, 3.18, met uitzondering van de maximale aanvullende beurs, 3.27, tweede lid, 4.7, 4.18 en 5.2, op een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te geven wijze aan de hand van de loon- of prijsontwikkelingen in het tweede daaraan voorafgaande kalenderjaar. **2.** Op een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen wijze kunnen bij ministeriële regeling de bedragen, genoemd in de artikelen 6.9, derde lid, 6.19, tweede lid, onderdeel b, en 10a.6, derde lid, gelet op de loonontwikkeling worden gewijzigd. @@ -2069,29 +2062,20 @@ In afwijking van artikel 3.18 gelden voor de thuiswonende onderscheidenlijk uitw ### Artikel 12.15 -**1.** In dit artikel wordt onder voucher begrepen: een vergoeding van Onze Minister, niet zijnde studiefinanciering in de zin van artikel 3.1, voor de kosten van het volgen van hoger onderwijs. +**1.** In dit artikel wordt onder tegemoetkoming begrepen: een tegemoetkoming van Onze Minister, niet zijnde studiefinanciering in de zin van artikel 3.1, in verband met het volgen van hoger onderwijs in een periode waarin de extra investeringen in het hoger onderwijs vanwege de Wet studievoorschot hoger onderwijs nog niet waren gedaan. **2.** -Een ieder die voldoet aan de volgende voorwaarden heeft aanspraak op een voucher: +Voor een tegemoetkoming komt in aanmerking, degene die: -a. hij heeft in één van de vier studiejaren vanaf 1 september 2015 voor het eerst studiefinanciering ontvangen voor het volgen van een bacheloropleiding in het hoger onderwijs; -b. hij heeft binnen de diplomatermijn hoger onderwijs met goed gevolg een hbo-bacheloropleiding of het geheel van een wo-bacheloropleiding en een wo-masteropleiding afgerond; en -c. hij heeft zich ingeschreven voor een associate degree-, bachelor- of masteropleiding dan wel een geaccrediteerde postinitiële masteropleiding als bedoeld in artikel 7.3b WHW in Nederland, voor een opleiding in het hoger onderwijs buiten Nederland, bedoeld in artikel 2.14, derde lid, of binnen die opleiding voor één of meer onderwijseenheden als bedoeld in artikel 7.3, tweede lid, WHW, in het tijdvak van het vijfde tot en met negende studiejaar volgend op de dag waarop Onze Minister de mededeling, bedoeld in artikel 7.9d WHW, heeft ontvangen. +a. in één van de vier studiejaren vanaf 1 september 2015 voor het eerst studiefinanciering heeft ontvangen voor het volgen van een bacheloropleiding in het hoger onderwijs; +b. binnen de diplomatermijn hoger onderwijs met goed gevolg een hbo-bacheloropleiding of het geheel van een wo-bacheloropleiding en een wo-masteropleiding heeft afgerond; en +c. niet eerder het gehele vouchertegoed van een voucher als bedoeld in artikel 12.15, zoals dit artikel luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel X, van de Wet herinvoering basisbeurs hoger onderwijs, heeft verzilverd. -**3.** Een voucher wordt uitsluitend op aanvraag verstrekt en is niet overdraagbaar aan derden. De aanspraak vervalt na afloop van het tijdvak, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c. - -**4.** - -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over onder meer: - -a. de wijze van verstrekking van de voucher; -b. de waarde van de voucher, die overeenkomstig artikel 11.1 wordt aangepast; -c. de aanvraag van een voucher; -d. de aan de voucher verbonden verplichtingen voor de rechthebbende of de instelling; -e. de wijze waarop de persoonsgegevens, benodigd voor de uitvoering van dit artikel, kunnen worden verwerkt. - -**5.** Artikel 1.7 is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat voor studerende wordt gelezen: de rechthebbende op een voucher. +3. De tegemoetkoming bedraagt voor een rechthebbende die de in het tweede lid, onderdeel c, bedoelde voucher niet heeft verzilverd € 1.835,94. Indien een rechthebbende de voucher reeds gedeeltelijk heeft verzilverd, bedraagt voor deze rechthebbende de tegemoetkoming de resterende waarde van de voucher, met een maximum van het bedrag genoemd in de eerste volzin. +4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de uitvoering van dit artikel en worden in ieder geval nadere regels gesteld over de wijze van verstrekking van de tegemoetkoming. +5. De tegemoetkoming wordt toegekend vanaf een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. +6. Artikel 1.7 is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat voor student wordt gelezen: rechthebbende op een tegemoetkoming. ### Artikel 12.16 @@ -2175,7 +2159,9 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden ### Artikel 12.31 -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Op een ho-student die vóór het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel M, van de Wet herinvoering basisbeurs hoger onderwijs, studiefinanciering ontving, blijft artikel 6.2a, zoals dat luidde voor dat tijdstip, van toepassing. + +**2.** Het bedrag, genoemd in artikel 6.2a, tweede lid, zoals dat luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel M, van de Wet herinvoering basisbeurs hoger onderwijs, wordt aangepast overeenkomstig artikel 11.1, zoals dat luidde voor dat tijdstip. ### Artikel 12.32 @@ -2191,7 +2177,7 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden ### Artikel 12.33 -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +Artikel 12.15, zoals dat artikel luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel X, van de Wet herinvoering basisbeurs hoger onderwijs, blijft van toepassing op een voor dat tijdstip ingediende aanvraag om een voucher als bedoeld in artikel 12.15, zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het genoemde tijdstip van inwerkingtreding, in te zetten. ## Hoofdstuk 13. Maatregelen voor studenten in verband met uitbraak COVID-19