diff --git a/wet/algemene-wet-bestuursrecht/BWBR0005537/README.md b/wet/algemene-wet-bestuursrecht/BWBR0005537/README.md index 6377e0a4c98..2394444ab9d 100644 --- a/wet/algemene-wet-bestuursrecht/BWBR0005537/README.md +++ b/wet/algemene-wet-bestuursrecht/BWBR0005537/README.md @@ -780,8 +780,6 @@ c. de aanvraag kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is. **7.** Indien er meer dan één aanvrager is, is de dwangsom aan ieder van de aanvragers voor een gelijk deel verschuldigd. -**8.** De in het tweede lid genoemde bedragen kunnen bij algemene maatregel van bestuur worden gewijzigd voorzover de consumentenprijsindex daartoe aanleiding geeft. - ### Artikel 4:18 Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was. @@ -2641,7 +2639,7 @@ Indien het beroep tegen een besluit op aanvraag is ingesteld door een ander dan **5.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de kosten waarop de vergoeding uitsluitend betrekking kan hebben en over de wijze waarop het bedrag van de kosten wordt vastgesteld. -## Hoofdstuk 8. Bijzondere bepalingen over beroep en hoger beroep bij de bestuursrechter +## Hoofdstuk 8. Bijzondere bepalingen over de wijze van procederen bij de bestuursrechter ### Titel 8.1. Algemene bepalingen over het beroep in eerste aanleg @@ -2692,13 +2690,14 @@ Geen beroep kan worden ingesteld tegen een besluit: a. inhoudende een weigering op grond van artikel 2:15, b. inhoudende een aanmaning als bedoeld in artikel 4:112 of een dwangbevel, -c. als bedoeld in artikel 7:1a, vierde lid, +c. als bedoeld in artikel 7:1a, vierde lid, 7:10, tweede, derde of vierde lid, of 7:24, derde tot en met zesde lid, d. inhoudende schorsing of vernietiging van een besluit van een ander bestuursorgaan, -e. als bedoeld in artikel 3:21, eerste lid, onderdeel b. +e. als bedoeld in artikel 3:21, eerste lid, onderdeel b, +f. inzake vergoeding van schade wegens onrechtmatig bestuurshandelen. **2.** -Geen beroep kan worden ingesteld tegen een besluit: +Onverminderd hoofdstuk 2 van de bij deze wet behorende Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak kan geen beroep worden ingesteld tegen een besluit: a. op grond van een in enig wettelijk voorschrift voor het geval van buitengewone omstandigheden toegekende bevoegdheid of opgelegde verplichting in deze omstandigheden genomen, b. genomen op grond van een wettelijk voorschrift ter beveiliging van de militaire belangen van het Koninkrijk of zijn bondgenoten, @@ -3098,7 +3097,7 @@ De bestuursrechter beslecht het hem voorgelegde geschil zoveel mogelijk definiti ### Artikel 8:45 -**1.** De bestuursrechter kan partijen en anderen verzoeken binnen een door haar te bepalen termijn schriftelijk inlichtingen te geven en onder hen berustende stukken in te zenden. +**1.** De bestuursrechter kan partijen en anderen verzoeken binnen een door hem te bepalen termijn schriftelijk inlichtingen te geven en onder hen berustende stukken in te zenden. **2.** Bestuursorganen zijn, ook als zij geen partij zijn, verplicht aan het verzoek, bedoeld in het eerste lid, te voldoen. Artikel 8:29 is van overeenkomstige toepassing. @@ -3108,7 +3107,7 @@ De bestuursrechter beslecht het hem voorgelegde geschil zoveel mogelijk definiti **5.** Op het verstrekken van inlichtingen of advies door de Europese Commissie is artikel 8:29 van overeenkomstige toepassing. -**6.** Partijen kunnen binnen vier weken na de dag van verzending aan hen van de inlichtingen of het advies van de Europese Commissie schriftelijk hun zienswijze met betrekking tot de inlichtingen of het advies naar voren brengen. De rechtbank kan deze termijn verlengen. +**6.** Partijen kunnen binnen vier weken na de dag van verzending aan hen van de inlichtingen of het advies van de Europese Commissie schriftelijk hun zienswijze met betrekking tot de inlichtingen of het advies naar voren brengen. De bestuursrechter kan deze termijn verlengen. ### Artikel 8:45a @@ -3294,13 +3293,13 @@ Vervallen ### Artikel 8:55c -Indien het beroep gegrond is, stelt de bestuursrechter desgevraagd tevens de hoogte van de ingevolge afdeling 4.1.3 verbeurde dwangsom vast. De artikelen 611a, vierde lid, 611b tot en met 611d en 611g van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering zijn van overeenkomstige toepassing. +Indien het beroep gegrond is, stelt de bestuursrechter desgevraagd tevens de hoogte van de ingevolge afdeling 4.1.3 verbeurde dwangsom vast. De artikelen 611c en 611g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering zijn van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 8:55d **1.** Indien het beroep gegrond is en nog geen besluit is bekendgemaakt, bepaalt de bestuursrechter dat het bestuursorgaan binnen twee weken na de dag waarop de uitspraak wordt verzonden alsnog een besluit bekendmaakt. -**2.** De bestuursrechter verbindt aan zijn uitspraak een nadere dwangsom voor iedere dag dat het bestuursorgaan in gebreke blijft de uitspraak na te leven. De artikelen 611a, vierde lid, 611b tot en met 611d en 611g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering zijn van overeenkomstige toepassing. +**2.** De bestuursrechter verbindt aan zijn uitspraak een nadere dwangsom voor iedere dag dat het bestuursorgaan in gebreke blijft de uitspraak na te leven. De artikelen 611c en 611g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering zijn van overeenkomstige toepassing. **3.** In bijzondere gevallen of indien de naleving van andere wettelijke voorschriften daartoe noopt, kan de bestuursrechter een andere termijn bepalen of een andere voorziening treffen. @@ -3516,17 +3515,11 @@ Indien de bestuursrechter een beschikking tot het opleggen van een bestuurlijke ### Artikel 8:73 -**1.** Indien de bestuursrechter het beroep gegrond verklaart, kan hij, indien daarvoor gronden zijn, op verzoek van een partij het bestuursorgaan veroordelen tot vergoeding van de schade die die partij lijdt. - -**2.** Indien de bestuursrechter de omvang van de schadevergoeding bij zijn uitspraak niet of niet volledig kan vaststellen, bepaalt hij in zijn uitspraak dat ter voorbereiding van een nadere uitspraak daarover het onderzoek wordt heropend. De bestuursrechter bepaalt daarbij op welke wijze het onderzoek wordt voortgezet. +Vervallen ### Artikel 8:73a -**1.** Ingeval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, kan de bestuursrechter, op verzoek van de indiener het bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:73 veroordelen tot vergoeding van de schade die de verzoeker lijdt. Het verzoek wordt gedaan tegelijk met de intrekking van het beroep. Indien aan dit vereiste niet is voldaan, wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. - -**2.** De bestuursrechter stelt de verzoeker zo nodig in de gelegenheid het verzoek schriftelijk toe te lichten en stelt het bestuursorgaan in de gelegenheid een verweerschrift in te dienen. Hij stelt hiervoor termijnen vast. Indien het verzoek mondeling wordt gedaan, kan de bestuursrechter bepalen dat het toelichten van het verzoek en het voeren van verweer onmiddellijk mondeling geschieden. - -**3.** Indien het toelichten van het verzoek en het voeren van verweer mondeling zijn geschied, sluit de bestuursrechter het onderzoek. In de overige gevallen zijn de afdelingen 8.2.4 en 8.2.5 van overeenkomstige toepassing. +Vervallen ### Artikel 8:74 @@ -3544,11 +3537,13 @@ Indien de bestuursrechter een beschikking tot het opleggen van een bestuurlijke **1.** In geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, kan het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 in de kosten worden veroordeeld. Het verzoek wordt gedaan tegelijk met de intrekking van het beroep. Indien aan dit vereiste niet is voldaan, wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. -**2.** Artikel 8:73a, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing. +**2.** De bestuursrechter stelt de verzoeker zo nodig in de gelegenheid het verzoek schriftelijk toe te lichten en stelt het bestuursorgaan in de gelegenheid een verweerschrift in te dienen. Hij stelt hiervoor termijnen vast. Indien het verzoek mondeling wordt gedaan, kan de bestuursrechter bepalen dat het toelichten van het verzoek en het voeren van verweer onmiddellijk mondeling geschieden. + +**3.** Indien het toelichten van het verzoek en het voeren van verweer mondeling zijn geschied, sluit de bestuursrechter het onderzoek. In de overige gevallen zijn de afdelingen 8.2.4 en 8.2.5 van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 8:76 -Voor zover een uitspraak strekt tot vergoeding van schade, griffierecht of proceskosten als bedoeld in de artikelen 8:73, 8:73a, 8:74, 8:75, 8:75a, 8:82, vierde lid, of artikel 8:87, derde lid, levert zij een executoriale titel op, die met toepassing van de voorschriften van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan worden tenuitvoergelegd. +Voor zover een uitspraak strekt tot vergoeding van griffierecht, proceskosten of schade als bedoeld in artikel 8:74, 8:75, 8:75a, 8:82, vierde lid, 8:87, derde lid, of 8:95 levert zij een executoriale titel op, die met toepassing van de voorschriften van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan worden tenuitvoergelegd. ### Artikel 8:77 @@ -3698,7 +3693,77 @@ c. de bestuursrechter uitspraak heeft gedaan. **3.** Indien een verzoek om opheffing of wijziging is gedaan door het bestuursorgaan of het beroepsorgaan en het verzoek geheel of gedeeltelijk wordt toegewezen, kan de uitspraak inhouden dat het betaalde griffierecht door de griffier aan het bestuursorgaan wordt terugbetaald. -### Titel 8.4 +### Titel 8.4. Schadevergoeding + +### Artikel 8:88 + +**1.** + +De bestuursrechter is bevoegd op verzoek van een belanghebbende een bestuursorgaan te veroordelen tot vergoeding van schade die de belanghebbende lijdt of zal lijden als gevolg van: + +a. een onrechtmatig besluit; +b. een andere onrechtmatige handeling ter voorbereiding van een onrechtmatig besluit; +c. het niet tijdig nemen van een besluit; +d. een andere onrechtmatige handeling van een bestuursorgaan waarbij een persoon als bedoeld in artikel 8:2, eerste lid, onder a, zijn nagelaten betrekkingen of zijn rechtverkrijgenden belanghebbende zijn. + +**2.** Het eerste lid is niet van toepassing indien het besluit van beroep bij de bestuursrechter is uitgezonderd. + +### Artikel 8:89 + +**1.** Indien de schade wordt veroorzaakt door een besluit waarover de Centrale Raad van Beroep of de Hoge Raad in enige of hoogste aanleg oordeelt, is de bestuursrechter bij uitsluiting bevoegd. + +**2.** In de overige gevallen is de bestuursrechter bevoegd voor zover de gevraagde vergoeding ten hoogste € 25 000 bedraagt met inbegrip van de tot aan de dag van het verzoek verschenen rente, en onverminderd het recht van de belanghebbende om op grond van andere wettelijke bepalingen schadevergoeding te vragen. + +**3.** De bestuursrechter is in de gevallen, bedoeld in het tweede lid, niet bevoegd indien de belanghebbende het verzoek heeft ingediend nadat hij terzake van de schade een geding bij de burgerlijke rechter aanhangig heeft gemaakt. + +**4.** Zolang het verzoek van de belanghebbende bij de bestuursrechter aanhangig is, verklaart de burgerlijke rechter een vordering tot vergoeding van de schade niet ontvankelijk. + +### Artikel 8:90 + +**1.** Het verzoek wordt schriftelijk ingediend bij de bestuursrechter die bevoegd is kennis te nemen van het beroep tegen het besluit. + +**2.** Ten minste acht weken voor het indienen van het in het eerste lid bedoelde verzoekschrift vraagt de belanghebbende het betrokken bestuursorgaan schriftelijk om vergoeding van de schade, tenzij dit redelijkerwijs niet van hem kan worden gevergd. + +### Artikel 8:91 + +**1.** Indien het verzoek wordt gedaan gedurende het beroep of het hoger beroep tegen het schadeveroorzakende besluit, wordt het ingediend bij de bestuursrechter waarbij het beroep of het hoger beroep aanhangig is. + +**2.** In dat geval is artikel 8:90, tweede lid, niet van toepassing. + +**3.** Indien het verzoek wordt gedaan in hoger beroep beslist de hogerberoepsrechter op het verzoek, tenzij hij het verzoek naar de rechtbank verwijst omdat het naar zijn oordeel behandeling door de rechtbank behoeft. + +### Artikel 8:92 + +**1.** + +Het verzoekschrift wordt ondertekend en bevat ten minste: + +a. de naam en het adres van de verzoeker; +b. de dagtekening; +c. een aanduiding van de oorzaak van de schade; +d. een opgave van de aard van de geleden of de te lijden schade en, voor zover redelijkerwijs mogelijk, het bedrag van de schade en een specificatie daarvan; +e. de gronden van het verzoek. + +**2.** Bij het verzoekschrift worden zo mogelijk een afschrift van het schadeveroorzakende besluit waarop het verzoekschrift betrekking heeft, en van het verzoek, bedoeld in artikel 8:90, tweede lid, overgelegd. + +**3.** Artikel 6:5, derde lid, is van overeenkomstige toepassing. + +### Artikel 8:93 + +Artikel 310 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek is van overeenkomstige toepassing op verzoeken om schadevergoeding op grond van deze titel. De verjaringstermijn vangt evenwel niet eerder aan dan de dag na die waarop: + +a. de vernietiging van het schadeveroorzakende besluit onherroepelijk is geworden, of +b. het bestuursorgaan de onrechtmatigheid van het besluit heeft erkend. + +### Artikel 8:94 + +**1.** Op het verzoek en de behandeling daarvan zijn de artikelen 6:6, 6:14, 6:15, 6:17, 6:21, 6:24, 8:8 tot en met 8:28, 8:29 tot en met 8:51, 8:52 tot en met 8:55, 8:56 tot en met 8:69, 8:71, 8:74 tot en met 8:80 en 8:81 tot en met 8:87 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen van overeenkomstige toepassing is indien de schade is veroorzaakt door een besluit als bedoeld in artikel 26 van die wet. + +**2.** In afwijking van het eerste lid is bij indiening van het verzoek overeenkomstig artikel 8:91 geen griffierecht verschuldigd. + +### Artikel 8:95 + +Indien de bestuursrechter het verzoek geheel of gedeeltelijk toewijst, veroordeelt hij het bestuursorgaan tot vergoeding van schade. ### Titel 8.5 @@ -3708,8 +3773,9 @@ c. de bestuursrechter uitspraak heeft gedaan. Een belanghebbende en het bestuursorgaan kunnen hoger beroep instellen tegen: -a. een uitspraak als bedoeld in artikel 8:66, eerste lid, of artikel 8:67, eerste lid, van de rechtbank, en -b. een uitspraak als bedoeld in artikel 8:86, eerste lid, van de voorzieningenrechter van de rechtbank. +a. een uitspraak als bedoeld in artikel 8:66, eerste lid, of artikel 8:67, eerste lid, van de rechtbank, +b. een uitspraak als bedoeld in artikel 8:86, eerste lid, van de voorzieningenrechter van de rechtbank, +c. een uitspraak van de rechtbank op een verzoekschrift als bedoeld in artikel 8:95. **2.** @@ -3733,7 +3799,9 @@ b. een andere beslissing van de rechtbank. ### Artikel 8:105 -Het hoger beroep wordt ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, tenzij een andere hogerberoepsrechter bevoegd is ingevolge hoofdstuk 4 van de bij deze wet behorende Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak dan wel ingevolge een ander wettelijk voorschrift. +**1.** Het hoger beroep wordt ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, tenzij een andere hogerberoepsrechter bevoegd is ingevolge hoofdstuk 4 van de bij deze wet behorende Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak dan wel ingevolge een ander wettelijk voorschrift. + +**2.** Het hoger beroep, bedoeld in artikel 8:104, eerste lid, aanhef en onder c, wordt ingesteld bij de hogerberoepsrechter die ingevolge het eerste lid bevoegd is of zou zijn te oordelen over een uitspraak van de rechtbank omtrent het schadeveroorzakende besluit. ### Artikel 8:106 @@ -3758,7 +3826,9 @@ b. tegen de uitspraak hoger beroep kan worden ingesteld bij een gerechtshof. **1.** Voor zover in deze titel niet anders is bepaald, zijn op het hoger beroep de titels 8.1 tot en met 8.3 van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van de artikelen 8:1 tot en met 8:10, 8:41, tweede lid, en 8:74. -**2.** Indien hoger beroep kan worden ingesteld bij een gerechtshof, is voorts hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen van toepassing. +**2.** Op het hoger beroep tegen een uitspraak als bedoeld in artikel 8:95 zijn voorts de afdelingen 8.2.2a, 8.2.4a en 8.2.7 en de artikelen 8:28a, 8:70 en 8:72 niet van toepassing. + +**3.** Indien hoger beroep kan worden ingesteld bij een gerechtshof, is voorts hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen van toepassing. ### Artikel 8:109 @@ -3774,15 +3844,33 @@ c. € 466 per 1 januari 2013: € 478als anders dan door een natuurlijke perso ### Artikel 8:110 -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Indien hoger beroep is ingesteld, kan degene die ook hoger beroep had kunnen instellen, incidenteel hoger beroep instellen. De voorschriften omtrent het hoger beroep zijn van toepassing, tenzij in deze titel anders is bepaald. + +**2.** Het incidenteel hoger beroep wordt ingesteld binnen zes weken nadat de hogerberoepsrechter de gronden van het hoger beroep aan de desbetreffende partij heeft verzonden. + +**3.** Binnen vier weken nadat de hogerberoepsrechter de gronden van het incidenteel hoger beroep aan partijen heeft verzonden, kunnen deze partijen schriftelijk hun zienswijze omtrent het incidenteel hoger beroep naar voren brengen. + +**4.** De hogerberoepsrechter kan de in het tweede en derde lid genoemde termijnen verlengen of, indien hij het hoger beroep behandelt met overeenkomstige toepassing van afdeling 8.2.3, verkorten. + +**5.** Voor het incidenteel hoger beroep is geen griffierecht verschuldigd. ### Artikel 8:111 -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** + +Niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep heeft geen gevolgen voor de ontvankelijkheid van het incidenteel hoger beroep, tenzij die niet-ontvankelijkheid het gevolg is van: + +a. overschrijding van de termijn voor het instellen van hoger beroep, +b. overschrijding van de termijn voor betaling van het griffierecht, of +c. de omstandigheid dat degene die het hoger beroep heeft ingesteld daartoe niet gerechtigd was. + +**2.** Intrekking van het hoger beroep na aanvang van de termijn voor het instellen van incidenteel hoger beroep heeft geen gevolgen voor de ontvankelijkheid van het incidenteel hoger beroep. ### Artikel 8:112 -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Incidenteel hoger beroep kan worden ingesteld onder de voorwaarde dat het hoger beroep gegrond is. + +**2.** Een voorwaardelijk incidenteel hoger beroep vervalt als het hoger beroep niet-ontvankelijk of ongegrond is, dan wel wordt ingetrokken. In het laatste geval deelt de griffier de indiener mee dat zijn hoger beroep is vervallen. ### Artikel 8:113 @@ -3823,7 +3911,7 @@ Indien de uitspraak is gedaan door een andere rechtbank dan de bevoegde, kan de **3.** Indien het hoger beroep schriftelijk wordt ingetrokken, wordt het verzoek schriftelijk gedaan. In dat geval zijn de artikelen 6:5 tot en met 6:9, 6:11, 6:14, 6:15, 6:17 en 6:21 van overeenkomstige toepassing. -**4.** Artikel 8:73a, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing. +**4.** Artikel 8:75a, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing. ### Titel 8.6. Herziening @@ -4428,9 +4516,9 @@ Vervallen ### Artikel 11:2 -**1.** De bij of krachtens deze wet vastgestelde bedragen worden jaarlijks met ingang van 1 januari bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex. Daarbij worden de bedragen rekenkundig afgerond op gehele euro’s. +**1.** Het bedrag van de vergoeding, bedoeld in artikel 4:113, eerste lid, en de bedragen, vastgesteld in de artikelen 8:41, tweede lid, en 8:109, eerste lid, en krachtens de artikelen 7:15, vierde lid, 7:28, vijfde lid, en 8:75, eerste lid, worden jaarlijks met ingang van 1 januari bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie aangepast aan de ontwikkeling van de consumentenprijsindex. Daarbij worden de bedragen rekenkundig afgerond op gehele euro’s. -**2.** Het eerste lid geldt niet voor de grensbedragen, genoemd in de artikelen 4:98, tweede lid, 4:113, tweede lid, en 5:53, eerste lid, en in artikel 1, onderdelen c en d, van de bij deze wet behorende Regeling verlaagd griffierecht. Deze bedragen kunnen bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie worden aangepast voor zover de consumentenprijsindex daartoe aanleiding geeft. +**2.** De overige bij of krachtens deze wet vastgestelde bedragen kunnen bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie worden aangepast voor zover de consumentenprijsindex daartoe aanleiding geeft. ### Artikel 11:3 @@ -4444,11 +4532,13 @@ Deze wet wordt aangehaald als: Algemene wet bestuursrecht. Tegen een besluit, genomen op grond van een in deze regeling genoemd voorschrift dan wel anderszins in deze regeling omschreven, kan geen bezwaar worden gemaakt. -Belemmeringenwet Privaatrecht: de artikelen 2, vijfde lid, en 3, tweede lid, voor zover de verplichting noodzakelijk is voor de uitvoering van werken als bedoeld in artikel 2.3, tweede lid, onderdelen b en c, van de Crisis- en herstelwet of voor de uitvoering van een of meer besluiten als bedoeld in: +Ambtenarenwet: -Dienstenwet: de artikelen 59a en 59c +Archiefwet 1995: artikel 38, betreffende de toepassing van de artikelen 124, 124a en hoofdstuk XVII van de Gemeentewet -Gemeentewet: de artikelen 85, tweede lid, 87a, eerste lid, 124i, 155d en 268, eerste lid, alsmede een beschikking tot ophouding als bedoeld in artikel 154a +Belemmeringenwet Privaatrecht: de artikelen 2, vijfde lid, en 3, tweede lid, voor zover de verplichting noodzakelijk is voor de uitvoering van werken als bedoeld in artikel 2.3, tweede lid, onderdelen a en b, van de Crisis- en herstelwet of voor de uitvoering van een of meer besluiten als bedoeld in: + +Gemeentewet: Huisvestingswet: artikel 40, eerste lid @@ -4462,7 +4552,7 @@ Mededingingswet: de artikelen 37, eerste lid, 44, eerste lid, en 47, eerste lid Monumentenwet 1988: artikel 29 -Provinciewet: de artikelen 83, tweede lid, 121g, 151d en 261, eerste lid +Provinciewet: Telecommunicatiewet, voor zover het betreft een besluit van de Autoriteit Consument en Markt, genomen op grond van: @@ -4472,6 +4562,8 @@ Vreemdelingenwet 2000: Waterschapswet: artikel 21, eerste lid, en artikel 41, vijfde lid +Waterwet: artikel 3.13, derde lid, betreffende de toepassing van artikel 121 van de Provinciewet + Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften: artikel 32 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht: @@ -4480,7 +4572,7 @@ Wet gemeenschappelijke regelingen: Wet luchtvaart: de artikelen 8.25f, eerste en tweede lid, en 8.25g, eerste lid -Wet milieubeheer: artikel 16.31, tweede lid +Wet milieubeheer: Wet Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten: de artikelen 2, eerste lid, 3 en 5 @@ -4530,13 +4622,13 @@ f. de Wet belastingen op milieugrondslag Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer: hoofdstuk IV -Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair onderwijs, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, dan wel Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie +Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair onderwijs, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, dan wel Onze Minister van Economische Zaken Besluit van 20 juni 1984, houdende vaststelling van een algemene maatregel van bestuur regelende de vergoeding van motorrijtuigenbelasting voor oorlogsgetroffenen (Stb. 1984, 364) -Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, dan wel Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie +Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, dan wel Onze Minister van Economische Zaken -Besluit ziekte en arbeidsongeschiktheid voor onderwijspersoneel primair onderwijs, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, dan wel Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie +Besluit ziekte en arbeidsongeschiktheid voor onderwijspersoneel primair onderwijs, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, dan wel Onze Minister van Economische Zaken Garantiewet Burgerlijk Overheidspersoneel Indonesië, met inbegrip van een besluit op grond van de Algemene oorlogsongevallenregeling