From 782f2eb58a801b090f71bbccc4081456967da0e1 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sun, 3 Feb 2019 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2019-02-03 | BWBR0034306 | Besluit basisregistratie personen --- .../besluit-basisregistratie-personen/BWBR0034306/README.md | 6 ++++++ 1 file changed, 6 insertions(+) diff --git a/amvb/besluit-basisregistratie-personen/BWBR0034306/README.md b/amvb/besluit-basisregistratie-personen/BWBR0034306/README.md index 5821fdc611d..ef135a04ef7 100644 --- a/amvb/besluit-basisregistratie-personen/BWBR0034306/README.md +++ b/amvb/besluit-basisregistratie-personen/BWBR0034306/README.md @@ -392,6 +392,12 @@ b. een buitenlands paspoort of ander reisdocument dan wel een buitenlandse natio Het college van burgemeester en wethouders van de voormalige bijhoudingsgemeente neemt met betrekking tot een ingeschrevene die geen ingezetene meer is binnen vier weken na diens schriftelijk verzoek daartoe kosteloos op de persoonslijst van de ingeschrevene de gegevens op als bedoeld in artikel 2.25 van de wet waaruit blijkt dat deze geen gebruik maakt van de geslachtsnaam van de echtgenoot, de eerdere echtgenoot, de geregistreerde partner of de eerdere geregistreerde partner. +### Artikel 35b + +**1.** Artikel 2.56a van de wet is van overeenkomstige toepassing op de ingeschrevene die geen ingezetene meer is, ouder is van een kind als bedoeld in artikel 2.7, eerste lid, onderdeel a, onder 2°, van de wet en op het moment van de geboorte van het kind als ingezetene was ingeschreven in het persoonsregister, bedoeld in het Besluit bevolkingsboekhouding. + +**2.** Het college van burgemeester en wethouders van de voormalige bijhoudingsgemeente is verantwoordelijk voor de bijhouding van de gegevens over het kind op de persoonslijst van de ouder, bedoeld in het eerste lid, op grond van het verzoek, bedoeld in artikel 2.56a van de wet. + ### Artikel 36 Een persoon die, in het kader van een aan Onze Minister gericht verzoek als bedoeld in artikel 2.81, derde lid, van de wet in samenhang met artikel 2.55 van de wet, vraagt om verstrekking van een kopie van de persoonsgegevens, bedoeld in artikel 15, derde lid, van de verordening, waarvoor kosten in rekening kunnen worden gebracht op grond van de verordening, is een recht verschuldigd dat gelijk is aan het recht dat het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar de inschrijfvoorziening is ondergebracht heft op grond van artikel 229 van de Gemeentewet voor het uitvoeren van eenzelfde verzoek dat aan het college is gericht op grond van artikel 2.81, vierde lid, van de wet.