2005-01-01 | BWBR0007168 | Wet belastingen op milieugrondslag

This commit is contained in:
Coornhert 2005-01-01 12:00:00 +00:00
parent 2204d734cb
commit 789341e2f2

View file

@ -110,15 +110,15 @@ i. onttrekkingen ten behoeve van landijsbanen.
### Artikel 9
**1.** Het tarief bedraagt per kubieke meter onttrokken grondwater € 0,1785.
**1.** Het tarief bedraagt per kubieke meter onttrokken grondwater € 0,1810.
**2.** In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief nihil voor onttrekkingen door middel van een inrichting waarbij grondwater wordt onttrokken en vervolgens in een gesloten systeem weer volledig wordt teruggevoerd in hetzelfde watervoerende pakket als waaraan het is onttrokken, in overeenstemming met de voorwaarden welke daartoe zijn gesteld in de vergunning die voor het onttrekken en terugvoeren van water is verleend ingevolge de Grondwaterwet.
**3.** In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief voor onttrekkingen met behulp van een OEDI per kubieke meter onttrokken grondwater € 0,0578 voor zover de in een jaar onttrokken hoeveelheid grondwater de in dat jaar geïnfiltreerde hoeveelheid water niet overschrijdt, met dien verstande dat in dat geval de onttrekking door middel van een oevergrondwaterwinning en de infiltratie niet in aanmerking worden genomen.
**3.** In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief voor onttrekkingen met behulp van een OEDI per kubieke meter onttrokken grondwater € 0,0586 voor zover de in een jaar onttrokken hoeveelheid grondwater de in dat jaar geïnfiltreerde hoeveelheid water niet overschrijdt, met dien verstande dat in dat geval de onttrekking door middel van een oevergrondwaterwinning en de infiltratie niet in aanmerking worden genomen.
### Artikel 10
De in artikel 6, tweede lid, bedoelde vermindering bedraagt per kubieke meter geïnfiltreerd water € 0,1495.
De in artikel 6, tweede lid, bedoelde vermindering bedraagt per kubieke meter geïnfiltreerd water € 0,1516.
### Afdeling 4a. Teruggaaf
@ -155,7 +155,7 @@ Voor de toepassing van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt ve
a. leidingwater: water dat door een waterleidingbedrijf of een afzonderlijke watervoorziening aan derden ter beschikking wordt gesteld, al dan niet van drinkwaterkwaliteit;
b. waterleidingbedrijf: een waterleidingbedrijf als bedoeld in de Waterleidingwet;
c. afzonderlijke watervoorziening: landgebonden voorziening, niet zijnde een waterleidingbedrijf, voor de winning of behandeling van water, dat met behulp van een leiding of distributienet als leidingwater ter beschikking wordt gesteld;
d. aansluiting: een aansluiting van een in Nederland gelegen onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met d, van de Wet waardering onroerende zaken, op het distributienet van een waterleidingbedrijf of van een afzonderlijke watervoorziening, waaruit leidingwater aan de verbruiker wordt geleverd; een aansluiting kan bestaan uit een of meer leveringspunten;
d. aansluiting: een aansluiting van een in Nederland gelegen onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met e, van de Wet waardering onroerende zaken, op het distributienet van een waterleidingbedrijf of van een afzonderlijke watervoorziening, waaruit leidingwater aan de verbruiker wordt geleverd; een aansluiting kan bestaan uit een of meer leveringspunten;
e. particuliere installatie voor centrale watervoorziening: een voorziening voor de levering van water aan meer dan een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdeel c, van de Wet waardering onroerende zaken, welke installatie permanent is aangesloten op het distributienet van een waterleidingbedrijf of van een afzonderlijke watervoorziening.
### Afdeling 2. Grondslag en belastingplicht
@ -208,7 +208,7 @@ b. in andere gevallen op het tijdstip van de uitreiking van de factuur.
### Artikel 11g
Het tarief bedraagt € 0,144 per kubieke meter.
Het tarief bedraagt € 0,146 per kubieke meter.
### Afdeling 5. Vrijstellingen
@ -271,17 +271,14 @@ ba. nuttige toepassing: nuttige toepassing als bedoeld in de Wet milieubeheer;
bb. storten: storten als bedoeld in de Wet milieubeheer;
c. inrichting: een inrichting als bedoeld in de Wet milieubeheer, werken daaronder niet begrepen, waarin afvalstoffen worden verwijderd;
d. niet-reinigbare verontreinigde baggerspecie: verontreinigde baggerspecie waarvan door middel van een verklaring van een door Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer aan te wijzen instelling is aangetoond dat deze niet reinigbaar is tot een nuttig toepasbaar product;
e. niet-reinigbare verontreinigde grond: verontreinigde grond waarvan door middel van een verklaring van een door Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer aan te wijzen instelling is aangetoond dat deze niet reinigbaar is tot een nuttig toepasbaar product;
f. ontinktingsresidu: de afvalstof die bij papier- en kartonfabrieken die oud papier als grondstof inzetten, ontstaat tijdens het proces waarbij het oud papier wordt ontinkt door middel van een flotatie- of wasproces;
g. stoffen: chemische elementen en hun verbindingen, zoals deze voorkomen in de natuur dan wel door menselijk toedoen worden voortgebracht;
h. preparaten: mengsels of oplossingen van stoffen;
i. volumieke massa: gewicht per volume-eenheid uitgedrukt in kilogram per kubieke meter;
j. percolaat: vloeistof die uit gestorte afvalstoffen komt of daarmee in contact is geweest;
k. stortgas: gas dat uit gestorte afvalstoffen vrijkomt als gevolg van biologische afbraakreacties.
e. ontinktingsresidu: de afvalstof die bij papier- en kartonfabrieken die oud papier als grondstof inzetten, ontstaat tijdens het proces waarbij het oud papier wordt ontinkt door middel van een flotatie- of wasproces;
f. stoffen: chemische elementen en hun verbindingen, zoals deze voorkomen in de natuur dan wel door menselijk toedoen worden voortgebracht;
g. preparaten: mengsels of oplossingen van stoffen;
h. volumieke massa: gewicht per volume-eenheid uitgedrukt in kilogram per kubieke meter;
i. percolaat: vloeistof die uit gestorte afvalstoffen komt of daarmee in contact is geweest;
j. stortgas: gas dat uit gestorte afvalstoffen vrijkomt als gevolg van biologische afbraakreacties.
**2.** Tot afvalstoffen worden niet gerekend die stoffen, preparaten en andere producten, die bestemd zijn te worden gebruikt voor bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen toepassingen die hetzij verband houden met de bedrijfsvoering van de inrichting, hetzij deel uitmaken van het bedrijfsproces dat leidt tot de nuttige toepassing of verwijdering van afvalstoffen.
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de bij de aanvraag van de verklaring, bedoeld in het eerste lid, onderdelen d en e, te verstrekken gegevens.
**2.** Voor de toepassing van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen worden niet tot afvalstoffen gerekend die stoffen, preparaten en andere producten, die voldoen aan de voorwaarden van bij algemene maatregel van bestuur opgesomde besluiten en regelingen volgens welke deze stoffen, preparaten en andere producten buiten inrichtingen met een stortplaats milieuhygiënisch verantwoord zijn toe te passen, dan wel bestemd zijn te worden gebruikt voor bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen toepassingen die hetzij verband houden met de bedrijfsvoering van de inrichting, hetzij deel uitmaken van het bedrijfsproces dat leidt tot de nuttige toepassing of verwijdering van afvalstoffen.
### Afdeling 2. Grondslag en belastingplicht
@ -328,8 +325,7 @@ Vrijgesteld is de definitieve verwijdering van:
a. baggerspecie voor zover de definitieve verwijdering geschiedt in een inrichting in de territoriale zee van Nederland;
b. baggerspecie door het storten ervan in oppervlaktewater dat in open verbinding staat met ander oppervlaktewater;
c. baggerspecie voor zover de definitieve verwijdering geschiedt in het kader van een door de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer aangewezen project inzake rivierverruiming, de baggerspecie afkomstig is uit het aangewezen projectgebied, en de baggerspecie wordt geborgen in dat projectgebied;
d. niet-reinigbare verontreinigde baggerspecie;
e. niet-reinigbare verontreinigde grond.
d. niet-reinigbare verontreinigde baggerspecie.
**2.** Bij regeling van Onze Minister worden voorwaarden en beperkingen gesteld waaronder de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, wordt verleend.
@ -339,12 +335,12 @@ e. niet-reinigbare verontreinigde grond.
Het tarief bedraagt in geval van:
a. Het storten van afvalstoffen:  € 83,61 per 1000 kilogram;
a. Het storten van afvalstoffen:  € 84,78 per 1000 kilogram;
b. het verbranden van afvalstoffen: nihil.
**2.**
In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, bedraagt het tarief € 13,79 per 1000 kilogram voor:
In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, bedraagt het tarief € 13,98 per 1000 kilogram voor:
a. afvalstoffen die uitsluitend bestaan uit de categorieën van afvalstoffen, genoemd in artikel 1, eerste lid, onder 17 en 21 van het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen;
b. gevaarlijke afvalstoffen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet milieubeheer;
@ -401,7 +397,8 @@ Voor de toepassing van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt ve
a. kolen: producten van de GN-codes 2701, 2702 en 2704;
b. brandstof: een stof met inbegrip van alle daaraan toegevoegde stoffen dienende voor verbranding met het doel de daarbij ontstane energie te benutten, bij welke verbranding verontreinigende stoffen in de buitenlucht kunnen geraken;
c. afleveren: het aan de voorraad onttrekken door een leverancier in verband met de afgifte aan of verzending naar een afnemer;
d. gebruiken: het aanwenden als brandstof.
d. gebruiken: het aanwenden als brandstof;
e. duaal gebruik: aanwenden van kolen zowel als verwarmingsbrandstof als voor andere doeleinden dan als motor- of verwarmingsbrandstof.
### Afdeling 2. Grondslag en belastingplicht
@ -437,13 +434,13 @@ De belasting wordt verschuldigd op het tijdstip waarop de aflevering of het gebr
### Artikel 25
**1.** Het tarief bedraagt per 1000 kilogram kolen € 12,28.
**1.** Het tarief bedraagt per 1000 kilogram kolen € 12,45.
**2.** In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief nihil voor kolen die worden afgeleverd met een buiten Nederland gelegen bestemming, mits kan worden aangetoond dat de desbetreffende brandstoffen in verband met de aflevering buiten Nederland zijn gebracht.
**3.** Op verzoek van de belastingplichtige wordt de belasting in afwijking van artikel 23 en van het eerste lid geheven per eenheid brandstof, uitgedrukt in zowel energie-inhoud als CO_2-emissie bij verbranding van de kolen. In dat geval zijn de in het vierde lid genoemde tarieven van toepassing. Bij inwilliging van het verzoek geldt zulks tot wederopzegging door belanghebbende doch ten minste voor vijf jaren. Een hernieuwd verzoek kan pas vijf jaren na die wederopzegging worden ingewilligd. De inspecteur beslist op het verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking.
**4.** De in het derde lid bedoelde tarieven bedragen € 0,2100 per gigajoule en € 2,5984 per 1000 kilogram CO_2.
**4.** De in het derde lid bedoelde tarieven bedragen € 0,2129 per gigajoule en € 2,6348 per 1000 kilogram CO_2.
**5.** Bij op voordracht van Onze Minister vast te stellen algemene maatregel van bestuur worden voorwaarden en beperkingen gesteld waaronder de regeling bedoeld in het derde lid wordt toegepast.
@ -455,15 +452,17 @@ De belasting wordt verschuldigd op het tijdstip waarop de aflevering of het gebr
**2.** Als installatie met een elektrisch rendement van minimaal 30% wordt aangemerkt een installatie met een gemiddeld gebruik van maximaal 12 megajoule per opgewekt kWh.
**3.** Bij op voordracht van Onze Minister vast te stellen algemene maatregel van bestuur worden voorwaarden en beperkingen gesteld waaronder de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid wordt verleend.
**3.** Vrijstelling van de belasting wordt verleend ter zake van duaal gebruik van kolen.
**4.** Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van de uitvoering van dit artikel.
**4.** Bij op voordracht van Onze Minister vast te stellen algemene maatregel van bestuur worden voorwaarden en beperkingen gesteld waaronder de vrijstellingen, bedoeld in het eerste en derde lid, worden verleend.
**5.** Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van de uitvoering van dit artikel.
### Afdeling 6. Teruggaaf
### Artikel 27
**1.** Aan degene die door derden aan hem afgeleverde kolen heeft aangewend anders dan als brandstof, wordt op zijn verzoek door de inspecteur een teruggaaf verleend van de belasting.
**1.** Aan degene die door derden aan hem afgeleverde kolen heeft aangewend anders dan als brandstof of voor duaal gebruik, wordt op zijn verzoek door de inspecteur een teruggaaf verleend van de belasting.
**2.** Aan degene die kolen aflevert met een buiten Nederland gelegen bestemming, dan wel buiten Nederland brengt teneinde daar door hem te worden afgeleverd of gebruikt, wordt op verzoek door de inspecteur een teruggaaf verleend van de belasting op de desbetreffende kolen.
@ -540,7 +539,7 @@ b. L: een liter bij een temperatuur van 15°C;
c. weg, motorrijtuig en pleziervaartuig: hetgeen ingevolge artikel 27, vijfde lid, van de Wet op de accijns onder deze begrippen wordt verstaan;
d. invoer: invoer in de zin van de Wet op de accijns;
e. uitslag: uitslag in de zin van de Wet op de accijns;
f. aansluiting: een aansluiting van een in Nederland gelegen onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen *a* tot en met *d*, van de Wet waardering onroerende zaken op een Nederlands distributienet waaruit elektriciteit of aardgas aan de verbruiker wordt geleverd; een aansluiting kan bestaan uit een of meer leveringspunten;
f. aansluiting: een aansluiting van een in Nederland gelegen onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen *a* tot en met *e*, van de Wet waardering onroerende zaken op een Nederlands distributienet waaruit elektriciteit of aardgas aan de verbruiker wordt geleverd; een aansluiting kan bestaan uit een of meer leveringspunten;
g. installatie voor warmtekrachtkoppeling: een installatie waarin aardgas wordt verstookt voor de gecombineerde opwekking van warmte en kracht met een totaal energetisch rendement van minimaal 60%, gebaseerd op de calorische onderwaarde van het gas. Onder het totaal energetisch rendement wordt verstaan de som van het rendement van de elektriciteitsopwekking en tweederde deel van het rendement van de productie van nuttig aan te wenden warmte, berekend op de onderste verbrandingswaarde van aardgas;
h. installatie voor blokverwarming: een gemeenschappelijke voorziening, niet zijnde een installatie voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in onderdeel *g*, voor de verwarming van meer dan een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdeel *c*, van de Wet waardering onroerende zaken;
i. hernieuwbare energiebronnen: wind, zonne-energie, aardwarmte, golfenergie, getijdenenergie, waterkracht, biomassa, stortgas, rioolwaterzuiveringsgas en biogas;
@ -596,7 +595,7 @@ d. elektriciteit heeft opgewekt door middel van een installatie voor warmtekrach
**6.** Als levering wordt niet aangemerkt het verbruik van een van de producten genoemd in artikel 36b, eerste lid, onderdelen d en e, indien die producten worden verbruikt voor de vervaardiging van producten als bedoeld in artikel 36b, eerste lid, onderdelen a tot en met e, alsmede lichte olie als bedoeld in artikel 26, tweede lid, van de Wet op de accijns en zware stookolie als bedoeld in artikel 26, vijfde lid, van de Wet op de accijns, in dezelfde inrichting waarin zij zijn ontstaan.
**7.** Bij op voordracht van Onze Minister vast te stellen algemene maatregel van bestuur worden voorwaarden en beperkingen gesteld waaronder het zesde lid toepassing vindt.
**7.** Bij op voordracht van Onze Minister vast te stellen algemene maatregel van bestuur worden voorwaarden en beperkingen gesteld waaronder het vijfde en zesde lid toepassing vinden.
**8.** Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van de uitvoering van dit artikel.
@ -668,83 +667,66 @@ b. in andere gevallen op het tijdstip van de uitreiking van de factuur.
Het tarief bedraagt voor:
a. halfzware olie, per 1000 L € 152,77;
b. gasolie, per 1000 L € 154,04;
c. vloeibaar gemaakt petroleumgas, per 1000 kilogram € 182,38;
a. halfzware olie, per 1000 L € 159,72;
b. gasolie, per 1000 L € 161,05;
c. vloeibaar gemaakt petroleumgas, per 1000 kilogram € 190,68;
d. aardgas, met een bovenste verbrandingswaarde van 35,17 megajoule, voor dat gedeelte van de geleverde hoeveelheid per verbruiksperiode van 12 maanden per aansluiting dat:
niet hoger is dan 5000 m^3, per m^3 € 0,1429;
hoger is dan 5000 m^3, maar niet hoger dan 170 000 m^3, per m^3 € 0,0727;
hoger is dan 170 000 m^3, maar niet hoger dan 1 000 000 m^3, per m^3 € 0,0227;
hoger is dan 1 000 000 m^3, maar niet hoger dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0113;
hoger is dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0106 voor niet-zakelijk verbruik en per m^3 € 0,0075 voor zakelijk verbruik;
e. hoogovengas, cokesovengas, kolengas en raffinaderijgas, per 1000 gigajoule € 124,24;
f. KV-gas, per 1000 gigajoule € 490,64;
niet hoger is dan 5000 m^3, per m^3 € 0,1494;
hoger is dan 5000 m^3, maar niet hoger dan 170 000 m^3, per m^3 € 0,1019;
hoger is dan 170 000 m^3, maar niet hoger dan 1 000 000 m^3, per m^3 € 0,0311;
hoger is dan 1 000 000 m^3, maar niet hoger dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0115;
hoger is dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0107 voor niet-zakelijk verbruik en per m^3 € 0,0076 voor zakelijk verbruik;
e. hoogovengas, cokesovengas, kolengas en raffinaderijgas, per 1000 gigajoule € 125,98;
f. KV-gas, per 1000 gigajoule € 497,51;
g. elektriciteit voor dat gedeelte van de geleverde hoeveelheid per verbruiksperiode van 12 maanden per aansluiting dat:
niet hoger is dan 10 000 kWh, per kWh € 0,0654;
hoger is dan 10 000 kWh, maar niet hoger dan 50 000 kWh, per kWh € 0,0212;
hoger is dan 50 000 kWh, maar niet hoger dan 10 000 000 kWh, per kWh € 0,0065;
niet hoger is dan 10 000 kWh, per kWh € 0,0699;
hoger is dan 10 000 kWh, maar niet hoger dan 50 000 kWh, per kWh € 0,0263;
hoger is dan 50 000 kWh, maar niet hoger dan 10 000 000 kWh, per kWh € 0,0086;
hoger is dan 10 000 000 kWh, per kWh € 0,0010 voor niet-zakelijk verbruik en per kWh € 0,0005 voor zakelijk verbruik.
**2.** In afwijking van het eerste lid, onderdelen *a, b* en *c*, bedraagt het tarief voor halfzware olie, gasolie en vloeibaar gemaakt petroleumgas bestemd voor het aandrijven van motorrijtuigen op de weg of van pleziervaartuigen nihil.
**2..** In afwijking van het eerste lid, onderdelen a, b en c, bedraagt het tarief nihil voor halfzware olie, gasolie en vloeibaar gemaakt petroleumgas bestemd voor het aandrijven van motorrijtuigen op de weg of van pleziervaartuigen of voor de voortstuwing van luchtvaartuigen.
**3.** In afwijking van het eerste lid, onderdelen a, b en c, bedraagt het tarief voor halfzware olie, gasolie en vloeibaar gemaakt petroleumgas als bedoeld in post a 32 van de bij de Wet op de omzetbelasting 1968 behorende Tabel I, onderscheidenlijk € 16,1629, € 16,2775 en € 19,4171, indien geen aansluiting aanwezig is voor aardgas.
**3.** In afwijking van het eerste lid, onderdelen a, b en c, bedraagt het tarief voor halfzware olie, gasolie en vloeibaar gemaakt petroleumgas als bedoeld in post a 32 van de bij de Wet op de omzetbelasting 1968 behorende Tabel I, onderscheidenlijk € 17,1484, € 17,2758 en € 20,6073, indien geen aansluiting aanwezig is voor aardgas.
**4.**
In afwijking van het eerste lid, onderdeel d, bedraagt het tarief voor aardgas als bedoeld in post a 32 van de bij de Wet op de omzetbelasting 1968 behorende Tabel I, voor aardgas met een bovenste verbrandingswaarde van 35,17 megajoule, voor dat gedeelte van de geleverde hoeveelheid per verbruiksperiode van 12 maanden per aansluiting dat:
niet hoger is dan 5000 m^3, per m^3 € 0,01295;
hoger is dan 5000 m^3, maar niet hoger dan 170 000 m^3, per m^3 € 0,01207;
hoger is dan 170 000 m^3, maar niet hoger dan 1 000 000 m^3, per m^3 € 0,01144;
hoger is dan 1 000 000 m^3, maar niet hoger dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0113;
hoger is dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0075.
niet hoger is dan 5000 m^3, per m^3 € 0,01378;
hoger is dan 5000 m^3, maar niet hoger dan 170 000 m^3, per m^3 € 0,01707;
hoger is dan 170 000 m^3, maar niet hoger dan 1 000 000 m^3, per m^3 € 0,01573;
hoger is dan 1 000 000 m^3, maar niet hoger dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0115;
hoger is dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0076.
**5.** Bij aardgas met een bovenste verbrandingswaarde lager of hoger dan 35,17 megajoule per m^3 worden de in het eerste lid, onderdeel d, vierde en zevende lid genoemde tarieven naar evenredigheid verlaagd, onderscheidenlijk verhoogd.
**5.** Bij aardgas met een bovenste verbrandingswaarde lager of hoger dan 35,17 megajoule per m^3 worden de in het eerste lid, onderdeel d, en vierde lid genoemde tarieven naar evenredigheid verlaagd, onderscheidenlijk verhoogd.
**6.**
**6.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel d, bedraagt het tarief voor aardgas € 0,1494 per m^3 voor de totale hoeveelheid aardgas die wordt geleverd aan een verbruiker die dat aardgas gebruikt voor een installatie voor blokverwarming.
Voorzover de belastingplichtige met betrekking tot de levering van elektriciteit een specifiek contract heeft gesloten met de verbruiker en beschikt over een met die levering overeenkomende hoeveelheid garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel x, van de Elektriciteitswet 1998, bedraagt het tarief, in afwijking van het eerste lid, onderdeel e, voor dat gedeelte van de geleverde hoeveelheid per verbruiksperiode van 12 maanden per aansluiting dat:
**7.** Zakelijk verbruik is verbruik door een zakelijke eenheid die zelfstandig, op ongeacht welke plaats, leveringen van goederen en diensten verricht, ongeacht het oogmerk of het resultaat van die economische activiteiten. Economische activiteiten omvatten alle werkzaamheden van een fabrikant, handelaar of verrichter van diensten, met inbegrip van de winning van delfstoffen, de landbouw en de uitoefening van vrije of daarmee gelijkgestelde beroepen. Rijks-, regionale en lokale overheden, alsmede andere publiekrechtelijke lichamen worden als zakelijke eenheid aangemerkt voorzover zij werkzaamheden of transacties verrichten die bij een behandeling als niet-zakelijke eenheid tot concurrentieverstoring van enige betekenis zouden leiden.
niet hoger is dan 10 000 kWh, per kWh  € 0,0504;
hoger is dan 10 000 kWh nihil.
**8.** Niet-zakelijk verbruik is het verbruik anders dan het zakelijk verbruik, bedoeld in het negende lid.
De eerste volzin is niet van toepassing met betrekking tot garanties van oorsprong die zijn geboekt ter zake van elektriciteit die is opgewekt door middel van waterkracht dan wel van elektriciteit uit biomassa die niet als zuivere biomassa kan worden aangemerkt.
**9.** Indien bij een aansluiting sprake is van zowel zakelijk als niet-zakelijk verbruik worden de tarieven genoemd in het eerste lid, onderdelen d en g, voor verbruik boven 10 000 000 m^3 respectievelijk 10 000 000 kWh toegepast naar evenredigheid van elk type verbruik. Indien het verbruik nagenoeg geheel bestaat uit zakelijk verbruik of niet-zakelijk verbruik, wordt het volledige verbruik als zodanig aangemerkt.
**7.**
**10.** Bij een verbruiksperiode korter dan wel langer dan 12 maanden worden de in het eerste lid, onderdelen d en g, en vierde lid, genoemde hoeveelheidsgrenzen naar evenredigheid verlaagd, onderscheidenlijk verhoogd.
Voorzover de belastingplichtige met betrekking tot de levering van stortgas, rioolwaterzuiveringsgas of biogas een specifiek contract heeft gesloten met de verbruiker, bedraagt het tarief, in afwijking van het eerste lid, onderdeel d, voor dat gedeelte van de geleverde hoeveelheid per verbruiksperiode van 12 maanden per aansluiting dat:
**11.** Bij op voordracht van Onze Minister vast te stellen algemene maatregel van bestuur worden voorwaarden en beperkingen gesteld waaronder de tarieven, bedoeld in het eerste lid, onderdelen d en g, worden toegepast.
niet hoger is dan 5000 m^3, per m^3 € 0,0577;
hoger is dan 5000 m^3, maar niet hoger dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0113;
hoger is dan 10 000 000 m^3, per m^3 € 0,0075.
**12.** Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van de toepassing van het derde, vierde, en negende lid.
**8.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel d, bedraagt het tarief voor aardgas € 0,1429 per m^3 voor de totale hoeveelheid aardgas die wordt geleverd aan een verbruiker die dat aardgas gebruikt voor een installatie voor blokverwarming.
**13.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel d, en het vierde lid, bedragen de tarieven nihil voor in artikel 36b, tweede lid, als aardgas aangemerkte producten voorzover deze als brandstof worden gebruikt in de inrichting waarin zij zijn ontstaan.
**9.** Zakelijk verbruik is verbruik door een zakelijke eenheid die zelfstandig, op ongeacht welke plaats, leveringen van goederen en diensten verricht, ongeacht het oogmerk of het resultaat van die economische activiteiten. Economische activiteiten omvatten alle werkzaamheden van een fabrikant, handelaar of verrichter van diensten, met inbegrip van de winning van delfstoffen, de landbouw en de uitoefening van vrije of daarmee gelijkgestelde beroepen. Rijks-, regionale en lokale overheden, alsmede andere publiekrechtelijke lichamen worden als zakelijke eenheid aangemerkt voorzover zij werkzaamheden of transacties verrichten die bij een behandeling als niet-zakelijke eenheid tot concurrentieverstoring van enige betekenis zouden leiden.
**14.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel e, bedraagt het tarief nihil voor hoogovengas, cokesovengas, kolengas en raffinaderijgas, voorzover deze als brandstof worden gebruikt in de inrichting waarin zij zijn ontstaan.
**10.** Niet-zakelijk verbruik is het verbruik anders dan het zakelijk verbruik, bedoeld in het negende lid.
**11.** Indien bij een aansluiting sprake is van zowel zakelijk als niet-zakelijk verbruik worden de tarieven genoemd in het eerste lid, onderdelen d en g, voor verbruik boven 10 000 000 m^3 respectievelijk 10 000 000 kWh toegepast naar evenredigheid van elk type verbruik. Indien het verbruik nagenoeg geheel bestaat uit zakelijk verbruik of niet-zakelijk verbruik, wordt het volledige verbruik als zodanig aangemerkt.
**12.** Bij een verbruiksperiode korter dan wel langer dan 12 maanden worden de in het eerste lid, onderdelen d en g, vierde, zesde en zevende lid, genoemde hoeveelheidsgrenzen naar evenredigheid verlaagd, onderscheidenlijk verhoogd.
**13.** Bij op voordracht van Onze Minister vast te stellen algemene maatregel van bestuur worden voorwaarden en beperkingen gesteld waaronder de tarieven, bedoeld in het eerste lid, onderdelen d en g, zesde en zevende lid, worden toegepast.
**14.** Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van de toepassing van derde, vierde, zesde, zevende en elfde lid.
**15.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel d, en het vierde lid, bedragen de tarieven nihil voor in artikel 36b, tweede lid, als aardgas aangemerkte producten voorzover deze als brandstof worden gebruikt in de inrichting waarin zij zijn ontstaan.
**16.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel e, bedraagt het tarief nihil voor hoogovengas, cokesovengas, kolengas en raffinaderijgas, voorzover deze als brandstof worden gebruikt in de inrichting waarin zij zijn ontstaan.
**17.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel d, het vierde, zevende en achtste lid, wordt, indien op basis van een contract tussen de belastingplichtige en de verbruiker de levering van aardgas gemeten wordt in Nm^3, de belasting verschuldigd over Nm^3. Daarbij worden de tarieven, zoals die met betrekking tot aardgas in het eerste lid, onderdeel d, het vierde, het zevende en het achtste lid, zijn vastgesteld per m^3, toegepast.
**15.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel d, vierde en zesde lid, wordt, indien op basis van een contract tussen de belastingplichtige en de verbruiker de levering van aardgas gemeten wordt in Nm^3, de belasting verschuldigd over Nm^3. Daarbij worden de tarieven, zoals die met betrekking tot aardgas in het eerste lid, onderdeel d, vierde en zesde lid, zijn vastgesteld per m^3, toegepast.
### Afdeling 5. Belastingvermindering en vrijstellingen
### Artikel 36j
**1.** Op de ter zake van de levering van aardgas en elektriciteit, bedoeld in artikel 36c, tweede en derde lid, verschuldigde belasting wordt een vermindering toegepast. De vermindering bedraagt € 181 per verbruiksperiode van 12 maanden per elektriciteitsaansluiting. Indien het bedrag van de over deze verbruiksperiode verschuldigde belasting lager is dan het bedrag van de vermindering, wordt het verschil aan de verbruiker terugbetaald.
**1.** Op de ter zake van de levering van aardgas en elektriciteit, bedoeld in artikel 36c, tweede en derde lid, verschuldigde belasting wordt een vermindering toegepast. De vermindering bedraagt € 194 per verbruiksperiode van 12 maanden per elektriciteitsaansluiting. Indien het bedrag van de over deze verbruiksperiode verschuldigde belasting lager is dan het bedrag van de vermindering, wordt het verschil aan de verbruiker terugbetaald.
**2.** Bij op voordracht van Onze Minister vast te stellen algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ter effectuering van de toepassing van het eerste lid. Daarbij worden tevens regels gesteld inzake administratieve verplichtingen alsmede strafbaarstelling van overtreding van het bij die regels gestelde.
@ -789,14 +771,14 @@ De teruggaaf bedraagt:
a. indien voornoemde producten zijn belast naar het tarief, bedoeld in artikel 36i, eerste lid, onderdelen a, b en c:
voor halfzware olie, per 1000 L € 138,34;
voor gasolie, per 1000 L € 139,51; en
voor vloeibaar gemaakt petroleumgas, per 1000 kilogram € 165,03;
voor halfzware olie, per 1000 L € 144,64;
voor gasolie, per 1000 L € 145,86; en
voor vloeibaar gemaakt petroleumgas, per 1000 kilogram € 172,54;
b. indien voornoemde producten zijn belast naar het tarief, bedoeld in artikel 36i, derde lid:
voor halfzware olie, per 1000 L € 1,7329;
voor gasolie, per 1000 L € 1,7475; en
voor vloeibaar gemaakt petroleumgas, per 1000 kilogram € 2,0671.
voor halfzware olie, per 1000 L € 2,0684;
voor gasolie, per 1000 L € 2,0858; en
voor vloeibaar gemaakt petroleumgas, per 1000 kilogram € 2,4673.
**2.** De teruggaaf, bedoeld in het eerste lid, wordt verleend aan degene die de brandstoffen voor eigen verbruik heeft betrokken.
@ -899,7 +881,7 @@ Vervallen
### Artikel 37a
De artikelen 10.1 en 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 zijn van overeenkomstige toepassing op de in de artikelen 9, eerste lid en derde lid, 10, 11g, 18, eerste lid, onderdeel a, en tweede lid, 25, eerste en vierde lid, 36i, eerste, derde, vierde, zesde, zevende en achtste lid, en 36l, eerste lid, onderdelen a en b, vermelde bedragen.
De artikelen 10.1 en 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 zijn van overeenkomstige toepassing op de in de artikelen 9, eerste lid en derde lid, 10, 11g, 18, eerste lid, onderdeel a, en tweede lid, 25, eerste en vierde lid, 36i, eerste, derde, vierde en zesde lid, en 36l, eerste lid, onderdelen a en b, vermelde bedragen.
### Artikel 38