From 78b1d5c51d75505eeb4b9c58739ba1046fcd9779 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sun, 27 Aug 2006 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2006-08-27 | BWBR0012288 | Vreemdelingencirculaire 2000 (C) --- .../BWBR0012288/README.md | 268 +++++++++--------- 1 file changed, 134 insertions(+), 134 deletions(-) diff --git a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md index 4745b1b41c6..1dd2a1ca265 100644 --- a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md +++ b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md @@ -9693,202 +9693,202 @@ Naar Joegoslavië kan worden teruggekeerd. #### 1. Datum -Deze versie van dit hoofdstuk is vastgesteld op 13 juli 2004 - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +Deze versie van dit hoofdstuk is vastgesteld op 11augustus 2006. #### 2. Achtergrond -Op 7 juni 2004 heeft de Minister van Buitenlandse Zaken een ambtsbericht uitgebracht over de situatie in Liberia (kenmerk DPV/AM-8438336/04). Het ambtsbericht is vrijgegeven op 29 juni 2004. +Dit hoofdstuk bevat het landgebonden asielbeleid voor Liberia. Het landgebonden asielbeleid is een uitwerking van het algemene beleid van C1 tot en met C6 en kan niet worden gezien als een uitzonderingsregeling. De algemene wet- en regelgeving blijft steeds de basis voor de individuele beoordeling van een asielaanvraag. - Naar aanleiding hiervan is besloten het normale beleid te laten gelden ten aanzien van personen van Liberiaanse nationaliteit. Dit is neergelegd in een brief aan de Voorzitter van de Tweede Kamer van 29 juni 2004. + De beleidsconclusies in dit hoofdstuk zijn mede gebaseerd op het algemeen ambtsbericht van de Minister van BuZa van 12 mei 2006 over de situatie in Liberia (kenmerk DPV/AM-903353). Dit ambtsbericht is vrijgegeven op 13 juni 2006. - Dit hoofdstuk bevat de uitvoeringsconsequenties van het vastgestelde beleid. + Voor een beschrijving van de actuele situatie wordt verwezen naar het ambtsbericht van de Minister van BuZa. -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +200616525-08-200611-08-20062006/27200616525-08-200611-08-20062006/2727-08-2006 -#### 3. Overgangsbeleid +#### 3. Besluitmoratorium -Het beleid zoals weergegeven in het gelijknamige hoofdstuk van 27 januari 2004 komt te vervallen met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze versie van het hoofdstuk. +Ten aanzien van asielzoekers uit Liberia is geen besluit genomen in de zin van artikel 43 Vw. -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +200616525-08-200611-08-20062006/27200616525-08-200611-08-20062006/2727-08-2006 -#### 4. Algemene situatie in Liberia +#### 4. Groepen van personen die verhoogde aandacht vragen -Liberia is een verwoest land in opbouw. Er is een overgangsregering die op grond van het vredesakkoord van 2003 is ingesteld. De overgangsregering staat onder leiding van Gyude Bryant. De huidige politieke situatie in Liberia wordt gekenmerkt door een welwillende regeringsvoorzitter, die zich echter in een zwakke positie bevindt en daardoor afhankelijk is van de internationale gemeenschap voor het in stand houden van zijn overgangskabinet. Deze overgangsregering, gesteund door de bevolking en het maatschappelijk middenveld, wordt van binnenuit ondermijnd door de corrupte en zelfzuchtige voormalig strijdende partijen die er deel van uitmaken, en wordt daarnaast mogelijk van buitenaf bedreigd door voormalig president Taylor. - - - Het land is opgedeeld in vier gebieden: een gebied dat onder leiding staat van de overgangsregering en United Nations Mission in Liberia (UNMIL), een gebied van de Liberians United for Reconciliation en Democracy (LURD), een gebied van de Movement for Democracy in Liberia (MODEL) en een gedeelte dat wordt gedomineerd door troepen van de voormalige regering. Hoewel gevechten tussen de drie gewapende partijen de afgelopen maanden vrijwel zijn uitgebleven, kan de veiligheid van de Liberiaanse burgerbevolking niet worden gegarandeerd. De Liberiaanse overgangsregering kan nog geen afdoende bescherming bieden. UNMIL heeft grote vooruitgang geboekt met de stationering van soldaten buiten Monrovia en de veiligheidssituatie in de gebieden waar UNMIL aanwezig is, is aanzienlijk verbeterd ten opzichte van de situatie in 2003. Toch is UNMIL nog niet in staat burgers volledig te vrijwaren van onveiligheid en ernstige mensenrechtenschendingen door de voormalige strijdende partijen. In de relatief veilige steden is de mensenrechtensituatie beter dan in de rest van het land. Het binnenland is ontoegankelijk en de veilige steden kunnen vanuit de binnenlanden veelal niet worden bereikt. Uit de weinige berichten die de buitenwereld vanuit het binnenland kunnen bereiken, blijkt dat oud-strijders (MODEL, LURD en troepen van de voormalige regering) zich nog steeds schuldig maken aan ernstige mensenrechtenschendingen. - - - Er zijn op voorhand geen personen of groepen aan te wijzen die, gezien het vorenstaande, in aanmerking komen voor prima facie vluchtelingschap. Dit heeft tot gevolg dat iedere asielzoeker zelf feiten en/of omstandigheden aannemelijk dient te maken die een geslaagd beroep op statusverlening op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a of b, Vreemdelingenwet, rechtvaardigen. Gelet op de huidige veiligheidssituatie in Liberia kan hiervan voor personen, behorend tot de hieronder uitgewerkte groeperingen, reeds sprake zijn indien slechts in gerichte mate blijkt van op de persoon gerichte daden van verdragsrechtelijke vervolging, dan wel van een reëel en persoonlijk risico om bij terugkeer te worden onderworpen aan folteringen of andere onmenselijke behandelingen. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +##### 4.1. Etnische groepen en minderheden -#### 5. Groepen van personen die verhoogde aandacht vragen +Tijdens de verslagperiode zijn er geen aanwijzingen bekend geworden op grond waarvan kan worden aangenomen dat personen door de Liberiaanse autoriteiten worden vervolgd vanwege hun etnische afkomst dan wel religie. Het behoren tot een specifieke bevolkingsgroep vormt derhalve geen reden betrokkene in het bezit te stellen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd. Uit het ambtsbericht komt voorts naar voren dat etnische groepen en minderheden, met uitzondering van niet-negroïde personen en daarmee niet-Liberiaanse personen, wettelijk gelijke rechten hebben. Laatstgenoemde personen lopen het risico te worden gediscrimineerd en kunnen geen beroep doen op het in de grondwet neergelegde verbod op etnische discriminatie. + + + Voor personen behorend tot bovengenoemde bevolkingsgroep, te weten de niet-negroïde bevolkingsgroep, geldt dat zij op grond van artikel 29, eerste lid, onder a of b, Vw, in aanmerking kunnen komen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, indien slechts in geringe mate blijk wordt gegeven van op de persoon gerichte daden van verdragsrechtelijke vervolging of van een reëel en persoonlijk risico om bij uitzetting te worden onderworpen aan folteringen of andere onmenselijke behandelingen, welke in verband gebracht kunnen worden met de etnische afkomst. + + + Ten aanzien van de etnische groep Mandingo wordt opgemerkt dat hoewel de situatie op het gebied van etnische conflicten en spanningen is verbeterd, leden van deze etnische groep in sommige gebieden, met name in de provincies Nimba en Lofa, risico lopen op een vijandige bejegening door de Lorma. De conflicten gaan over eigendomsrechten van huizen en grondgebied die terugkerende Mandingo’s claimen te hebben achtergelaten ten tijde van de oorlog. Hoewel het aantal conflicten zou teruglopen en de United Nations Mission in Liberia samen met traditionele leiders en lokale overheden verzoeningspogingen onderneemt, blijft de situatie van Mandingo’s om specifieke aandacht vragen. + + + Asielzoekers die claimen als Mandingo problemen te hebben ondervonden als gevolg van hun etnische achtergrond, dienen aannemelijk te maken dat deze achterstelling is gebaseerd op één van de gronden genoemd in het Verdrag. Tevens dient de asielzoeker aannemelijk te maken dat deze problemen zodanig zijn dat gesproken kan worden van discriminatie dan wel achterstelling en dat sprake is van op de persoon gerichte vervolging of een onhoudbare situatie. + + + Ten aanzien van het bestaan van een vlucht- en of vestigingsalternatief wordt verwezen naar C8/7.1. Het tegenwerpen van een vlucht- of vestigingsalternatief dient steeds per individueel geval te worden beoordeeld. Het is daarbij aan betrokkene om aannemelijk te maken dat hij zich niet elders in Liberia kan vestigen. + +200616525-08-200611-08-20062006/27200616525-08-200611-08-20062006/2727-08-2006 -##### 5.1. Etnische groepen en minderheden +##### 4.2. Personen die zich geprofileerd hebben als politieke tegenstander van het bewind -In het ambtsbericht komt naar voren dat etnische groepen en minderheden wettelijk gelijke rechten hebben met uitzondering van niet-negroïde personen. Deze personen lopen het risico te worden gediscrimineerd. De etnische groep Mandingo loopt in sommige gebieden risico op een vijandige bejegening doordat zij verdacht wordt van LURD-sympathieën en vanwege conflicten om landeigendom en andere bezittingen. Volgens de Britse hulporganisatie Oxfam bestaat er in de provincie Nimba ernstige spanningen tussen de Krahn enerzijds en de Mano en de Gio anderzijds. - - - Voor personen behorend tot bovengenoemde bevolkingsgroepen geldt dat zij in aanmerking kunnen komen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a of b, Vreemdelingenwet 2000, indien slechts in geringe mate blijk wordt gegeven van op de persoon gerichte daden van verdragsrechtelijke vervolging of van een reëel en persoonlijk risico om bij uitzetting te worden onderworpen aan folteringen of andere onmenselijke behandelingen, welke in verband gebracht kunnen worden met de etnische afkomst. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 - -##### 5.2. Personen die zich geprofileerd hebben als politiek tegenstander van het bewind - -Liberia kent achttien politieke partijen. Deze waren alle betrokken bij het sluiten van het vredesakkoord op 18 augustus 2003 en mochten gezamenlijk kandidaten leveren voor de overgangsregering en voor het overgangsparlement. - - +De grondwet garandeert de vrijheid van vereniging en vergadering. Zowel de overgangsregering als de huidige regering respecteert dit recht in de praktijk. Naast de al bestaande politieke partijen hebben zich 30 nieuwe partijen zonder problemen geregistreerd bij de Nationale Kiesraad. Derhalve vormt het lidmaatschap van en activiteiten voor een politieke partij op zichzelf geen grond voor de verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +200616525-08-200611-08-20062006/27200616525-08-200611-08-20062006/2727-08-2006 -##### 5.3. Journalisten +##### 4.3. Journalisten -In het algemeen respecteert de overgangsregering de persvrijheid. Dit neemt niet weg dat journalisten zich in hun berichtgeving beperkt voelen door intimidatie van verschillende zijden. Uit het bovengenoemde ambtsbericht blijkt dat in dit kader met name leden van de formeel ontbonden, Taylor-gezinde Anti Terrorist Unit in Monrovia worden genoemd, maar ook leden van de andere voormalige strijdende partijen zouden als intimiderend worden ervaren. In dit verband is geen melding gemaakt van het gebruik van fysiek geweld. Ook UNMIL zou volgens één bron journalisten soms willen beïnvloeden. +In het algemeen heeft de overgangsregering de persvrijheid gerespecteerd. De situatie van journalisten is in vergelijking met het vorige ambtsbericht verbeterd. Journalisten worden door de autoriteiten met rust gelaten en kunnen zonder hinder hun werk doen. Voorts zouden journalisten zich – voor zover bekend - niet onveilig voelen. + Het enkele feit dat iemand journalist is, is onvoldoende reden om tot statusverlening over te gaan. - - Het enkele feit dat iemand journalist is, is onvoldoende reden om tot statusverlening over te gaan. Gelet op de huidige veiligheidssituatie in Liberia komt een journalist reeds in aanmerking voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a of b, Vreemdelingenwet, indien slechts in geringe mate blijk wordt gegeven van op de persoon gerichte daden van verdragsrechtelijke vervolging of van een reëel en persoonlijk risico om bij uitzetting te worden onderworpen aan folteringen of andere onmenselijke behandelingen, welke in verband gebracht kunnen worden met zijn activiteiten als journalist. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +200616525-08-200611-08-20062006/27200616525-08-200611-08-20062006/2727-08-2006 -##### 5.4. Vrouwen +##### 4.4. Vrouwen -Het normale beleid, zoals weergegeven in subparagraaf C1/3.3.2, C1/4.2.11 en C1/4.3.2, is van toepassing. +Het normale beleid, zoals onder andere weergegeven in C1/3.3.2, C1/4.2.11 en C1/4.3.3 is van toepassing. Kort samengevat wordt er getoetst op: risico op genitale verminking, bescherming autoriteiten en vestigingsalternatief. Genitale verminking is in Liberia niet bij wet verboden en komt vooral voor op het platteland. De overheid biedt geen bescherming tegen de uitvoering van genitale verminking. + Hoewel er geen cijfers bekend zijn over het aantal meisjes dat besneden wordt in Liberia, komt besnijdenis volgens internationale hulpverleners veel voor. Eveneens is er geen informatie bekend over de leeftijd waarop meisjes doorgaans besneden worden. Vrouwenbesnijdenis vindt vooral op het platteland plaats. Voor zover bekend wordt in Liberia de ernstigste vorm, infibulatie, niet toegepast. - Indien een vrouw nog niet besneden is en dit in haar land van herkomst niet kan ontlopen, kan sprake zijn van een reëel risico voor een schending van artikel 3 EVRM. In die situatie kan op grond van artikel 29, eerste lid, onder b, Vreemdelingenwet 2000 een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd worden verleend. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 - -##### 5.5. Dienstplichtigen en deserteurs - -Het normale beleid, zoals weergegeven in subparagraaf C1/4.2.12 is van toepassing. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 - -##### 5.6. Schenders van mensenrechten - -Zowel leden van het leger, de politie en de veiligheidsdiensten, als leden van rebellenmilities of aan de autoriteiten gelieerde milities hebben zich in Liberia op grote schaal schuldig gemaakt aan het schenden van mensenrechten. + Nu veel gevluchte en ontheemde Liberianen terugkeren naar hun oorspronkelijke woonplaats, is de verwachting dat vrouwenbesnijdenis in omvang zal toenemen, omdat de sociale structuren in de gemeenschappen worden hersteld. Het is onduidelijk in hoeverre het voor vrouwen mogelijk is om zich te onttrekken aan genitale verminking. - Indien er aanwijzingen zijn dat artikel 1F Vluchtelingenverdrag van toepassing is, dient conform C3/10.14 contact te worden opgenomen met de unit 1F (proces Asiel). + Indien een vrouw nog niet is besneden en besnijdenis in haar land van herkomst niet kan ontlopen, kan sprake zijn van een reëel risico van een schending van artikel 3 EVRM. In die situatie kan op grond van artikel 29, eerste lid, onder b, Vw een verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd worden verleend. Dit kan ook gelden voor in Nederland geboren meisjes die bij terugkeer naar Liberia bedreigd worden met genitale verminking. In dergelijke gevallen kan op grond van artikel 29, eerste lid, onder b, Vw een verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd worden verleend. De ouder die genitale verminking van zijn/haar dochter vreest, kan eveneens in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning asiel op grond van artikel 29, eerste lid, onder b, Vw. -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +200616525-08-200611-08-20062006/27200616525-08-200611-08-20062006/2727-08-2006 -#### 6. Bijzondere aandachtspunten +##### 4.5. Dienstplichtigen en deserteurs -In deze paragraaf wordt ingegaan op meer algemene omstandigheden die van belang (kunnen) zijn bij de beoordeling of de asielzoeker in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning asiel. +Het normale beleid, zoals weergegeven in C1/4.2.12 is van toepassing. -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +200616525-08-200611-08-20062006/27200616525-08-200611-08-20062006/2727-08-2006 -##### 6.1. Categoriale bescherming +##### 4.6. Schenders van mensenrechten -Asielzoekers uit Liberia komen niet in aanmerking voor een verblijfsvergunning asiel op grond van artikel 29, eerste lid, onder d, Vreemdelingenwet. +De volgende groepen hebben in Liberia op grote schaal mensenrechten geschonden. Om die reden dient men er in het bijzonder op bedacht te zijn of personen die behoren tot deze groepen zich mogelijk schuldig hebben gemaakt aan gedragingen als omschreven in artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag. In dit verband wordt verwezen naar C8/7.4. + + + – + Anti Terrorist Unit + + + – + Independent National Patriotic Front of Liberia + + + – + Lofa Defence Force + + + – + Liberia Peace Council + + + – + Bong Defense Front + + + – + Liberians United for Reconciliation and Democracy + + + – + Movement for Democracy in Liberia + + + – + National Patriotic Front of Liberia + + + – + National Patriotic Party (hieronder vallen mogelijk voormalige rebellenleiders van de National Patriotic Front of Liberia) + + + – + Special Security Unit + + + – + State Security Service (inclusief Small Boys Unit) + + + – + United Liberation Movement for Democracy in Liberia-Johnson + + + – + United Liberation Movement for Democracy in Liberia-Kromah + + + – + Uitvoerders vrouwenbesnijdenis + + -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +200616525-08-200611-08-20062006/27200616525-08-200611-08-20062006/2727-08-2006 -##### 6.2. Besluitmoratorium +#### 5. Traumatabeleid -Ten aanzien van asielzoekers uit Liberia geldt niet langer een besluit in de zin van artikel 43 Vreemdelingenwet. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +Het algemene beleid, zoals weergegeven in C1/4.4, is van toepassing. Voor het overige zijn er met betrekking tot Liberia geen bijzonderheden. -##### 6.3. Besluitmoratorium en ingangsdatum verblijfsvergunning +#### 6. Categoriale bescherming -De verlening van de wettelijke beslistermijn op grond van het inmiddels verstreken besluitmoratorium heeft tot gevolg dat indien de verblijfsvergunning asiel wordt verleend, dit altijd geschiedt met een ingangsdatum die ligt na de datum van de aanvraag. - - - Blijkens artikel 44, derde lid van de Vreemdelingenwet wordt de verblijfsvergunning asiel in deze gevallen verleend met ingang van de datum waarop wordt ingewilligd, maar uiterlijk met een ingangsdatum één jaar na de datum van de aanvraag. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +Asielzoekers uit Liberia komen niet in aanmerking voor een verblijfsvergunning asiel op grond van artikel 29, eerste lid, onder d, Vw (zie C1/4.5). -##### 6.4. Veilig land van herkomst +#### 7. Verdere beleidsconclusies en aandachtspunten + +##### 7.1. Vlucht- en/of vestigingsalternatief + +Tot op heden werd geen vlucht- of vestigingsalternatief tegengeworpen. Daar de veiligheidssituatie inmiddels dermate stabiel wordt geacht, is het algemene beleid, zoals weergegeven in C1/3.3.3 weer van toepassing. + +##### 7.2. Veilig land van herkomst Liberia wordt niet beschouwd als een veilig land van herkomst. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 -##### 6.5. Veilig derde land / land van eerder verblijf +##### 7.3. Veilig derde land / land van eerder verblijf Liberia wordt niet beschouwd als een veilig derde land. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 -##### 6.6. Vlucht- en/of vestigingsalternatief +##### 7.4. Artikel 1F Vluchtelingenverdrag -Gezien de algehele situatie in Liberia wordt geen vlucht- en/of vestigingsalternatief tegengeworpen. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +Het beleid zoals neergelegd in C1/5.13.3 is van toepassing. Voor wat betreft de procedure in 1F-zaken wordt verwezen naar C3/10.14. In C8/4.6 van dit hoofdstuk is aangegeven ten aanzien van welke groepen sprake zou kunnen zijn van de bedoelde gedragingen. Voor de procedure omtrent getuigen van oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid wordt verwezen naar C3/10.15. -##### 6.7. Traumatabeleid +##### 7.5. Legale uitreis -Het algemene beleid, zoals weergegeven in paragraaf C1/4.4 is van toepassing. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +Volgens artikel 13 (b) van de Liberiaanse grondwet heeft iedere Liberiaanse burger het recht om zonder voorafgaande voorwaarden Liberia binnen te komen en te verlaten. -##### 6.8. Opvangmogelijkheden minderjarigen en bijzonderheden met betrekking tot het beleid inzake alleenstaande minderjarige vreemdelingen +Voor een beperkt aantal mensen is de internationale bewegingsvrijheid beknot. Door de verlenging op 20 december 2005 van het reisverbod voor belangrijke leden van de regering van oud-president Taylor, enkele leden van de LURD en MODEL, de krijgsmacht en hun partners, blijven er voor deze groep tot in ieder geval 20 december 2006 restricties bestaan ten aanzien van buitenlandse reizen. Onder hen bevinden zich ook een aantal huidige parlementsleden, zoals Jewel Taylor, Adolphus Dolo en Prince. -Ten aanzien van alleenstaande minderjarige vreemdelingen uit Liberia kan niet op voorhand worden geconcludeerd dat adequate opvang aanwezig is. De aanwezigheid van adequate opvang dient per individueel geval te worden vastgesteld. Het algemene beleid is van toepassing. Bij de feitelijke terugkeer moet de toegang tot een concrete opvangplaats geregeld zijn, tenzij betrokkene zich zelfstandig kan handhaven. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +Volgens artikel 13 (b) van de Liberiaanse grondwet heeft iedere Liberiaanse burger het recht om zonder voorafgaande voorwaarden Liberia binnen te komen en te verlaten. -##### 6.9. Driejarenbeleid +Voor een beperkt aantal mensen is de internationale bewegingsvrijheid beknot. Door de verlenging op 20 december 2005 van het reisverbod voor belangrijke leden van de regering van oud-president Taylor, enkele leden van de LURD en MODEL, de krijgsmacht en hun partners, blijven er voor deze groep tot in ieder geval 20 december 2006 restricties bestaan ten aanzien van buitenlandse reizen. Onder hen bevinden zich ook een aantal huidige parlementsleden, zoals Jewel Taylor, Adolphus Dolo en Prince. + +#### 8. Ambtshalve toets + +##### 8.1. Opvangmogelijkheden minderjarigen en bijzonderheden met betrekking tot het beleid inzake amv’s + +Ten aanzien van amv’s uit Liberia kan niet op voorhand worden geconcludeerd dat adequate opvang aanwezig is. De aanwezigheid van adequate opvang dient per individueel geval te worden vastgesteld. Het algemene beleid is van toepassing. Bij de feitelijke terugkeer moet de toegang tot een concrete opvangplaats geregeld zijn, tenzij betrokkene zich zelfstandig kan handhaven. + +##### 8.2. Driejarenbeleid Het algemene beleid, zoals weergegeven in C2/9, is van toepassing. - - Voor wat betreft het driejarenbeleid dienen de volgende periodes te worden meegerekend als relevante tijd: - - - De perioden van 10 mei 1996 tot 27 september 1996 (uitstel van vertrek-beleid) en van 27 september 1996 tot 27 maart 1998 (vvtv-beleid) dienen in voorkomende gevallen te worden meegerekend als relevant tijdsverloop. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 - -##### 6.10. Artikel 1F Vluchtelingenverdrag - -Het gestelde in C1/5/13.3 is van toepassing. In paragraaf 5 van dit hoofdstuk is aangegeven ten aanzien van welke groepen sprake zou kunnen zijn van de bedoelde gedragingen. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 - -##### 6.11. Legale uitreis - -Volgens artikel 13 (b) van de Liberiaanse grondwet heeft iedere Liberiaanse burger het recht om zonder voorafgaande voorwaarden Liberia binnen te komen en te verlaten op elk gewenst moment. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 - -#### 7. Procedurele aspecten - -Het gestelde in C3/10 tot en met C3/16 is van toepassing. Het onderzoek met betrekking tot gestelde feiten dient te worden opgestart bij het Gemeenschappelijk Centrum Kennis, Advies en Ontwikkeling van de Immigratie- en Naturalisatiedienst. Dit is ook van toepassing indien het onderzoek wordt verricht door derden, zoals het ministerie van Buitenlandse Zaken. - Een uitzondering hierop vormt het leeftijdsonderzoek in het kader van het beleid inzake alleenstaande minderjarige vreemdelingen, zie C5/24. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 - -#### 8. Terugkeer en uitzetting - -##### 8.1. Vertrekmoratorium - -Ten aanzien van asielzoekers uit Liberia geldt niet langer een besluit in de zin van artikel 45, vierde lid, Vreemdelingenwet. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 - -##### 8.2. Terug- en overnameovereenkomsten - -Met Liberia is geen overeenkomst gesloten met betrekking tot de terugname van eigen onderdanen. - -200413416-07-200413-07-2004200413416-07-200413-07-200418-07-2004 +200616525-08-200611-08-20062006/27200616525-08-200611-08-20062006/2727-08-2006 #### 9. Vertrekmoratorium +Ten aanzien van asielzoekers uit Liberia is geen besluit genomen in de zin van artikel 45, vierde lid, Vw. + #### 10. Overgangsrecht +Het beleid zoals weergegeven in het gelijknamige hoofdstuk van 13 juli 2004 komt te vervallen met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze versie van het hoofdstuk. + ### [8/51]. Het asielbeleid ten aanzien van Libië #### 1. Datum