2019-01-01 | BWBR0007230 | Uitvoeringsbesluit kostenverrekening en gegevensuitwisseling Wet waardering onroerende zaken

This commit is contained in:
Coornhert 2019-01-01 12:00:00 +00:00
parent b73ac1a902
commit 7b7f44265a

View file

@ -38,11 +38,13 @@ g. landelijke voorziening WOZ: een geautomatiseerde voorziening die gehouden wor
**2.** De kosten van de waardering komen ten laste van de afnemers.
**3.** De waterschappen betalen aan het Rijk een vergoeding van € 24.216.999 voor het aandeel van de waterschappen in de kosten van de waardering.
**3.** De waterschappen betalen aan het Rijk een vergoeding van € 21.810.013 voor het aandeel van de waterschappen in de kosten van de waardering.
**4.** Ingeval het in het derde lid genoemde bedrag hoger is dan € 21 810 013, wordt het verschil toegevoegd aan de algemene middelen van het Rijk.
**4.** Bij regeling van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties worden regels gesteld omtrent de verdeling over de individuele waterschappen van hetgeen de waterschappen samen aan het Rijk vergoeden voor het aandeel van de waterschappen in de kosten van de waardering, alsmede omtrent het tijdstip van de betaling aan het Rijk. Daarbij wordt de in het derde lid bedoelde vergoeding van de waterschappen gedeeld door het totale aantal objecten in alle waterschappen samen en over de individuele waterschappen verdeeld naar rato van het aantal objecten in die individuele waterschappen. Jaarlijks doet de Unie van Waterschappen aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een opgave van het aantal objecten per individueel waterschap. Daarbij kan de Unie van Waterschappen uitgaan van het aantal objecten in een voorgaand jaar, gecorrigeerd met een volumeopslag.
**5.** Bij regeling van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties worden regels gesteld omtrent de verdeling over de individuele waterschappen van hetgeen de waterschappen samen aan het Rijk vergoeden voor het aandeel van de waterschappen in de kosten van de waardering, alsmede omtrent het tijdstip van de betaling aan het Rijk. Daarbij wordt de in het derde lid bedoelde vergoeding van de waterschappen gedeeld door het totale aantal objecten in alle waterschappen samen en over de individuele waterschappen verdeeld naar rato van het aantal objecten in die individuele waterschappen. Jaarlijks doet de Unie van Waterschappen aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een opgave van het aantal objecten per individueel waterschap. Daarbij kan de Unie van Waterschappen uitgaan van het aantal objecten in een voorgaand jaar, gecorrigeerd met een volumeopslag.
**5.** De gemeenten betalen aan de Waarderingskamer een vergoeding voor het aandeel van de gemeenten in de kosten van de Waarderingskamer.
**6.** De Waarderingskamer stelt regels omtrent de verdeling over de gemeenten van de vergoeding voor het aandeel van de gemeenten in de kosten van de Waarderingskamer.
### Artikel 2a
@ -72,21 +74,23 @@ Vervallen
**2.** De afnemers voldoen hun aandeel in de begrote kosten binnen vier weken.
**3.** Na de goedkeuring door Onze Minister van het verslag van de Waarderingskamer als bedoeld in artikel 18 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, vindt de definitieve kostenverrekening plaats.
**3.** Na de goedkeuring door Onze Minister van het verslag van de Waarderingskamer als bedoeld in artikel 18 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, vindt de definitieve kostenverrekening plaats met de kosten van het jaar volgend op het jaar waarover dat verslag is vastgesteld.
### Artikel 6
**1.** De kosten van de landelijke voorziening WOZ komen ten laste van de afnemers. Het Rijk betaalt 40 percent, de gemeenten 45 percent en de waterschappen 15 percent.
**1.** De kosten van de landelijke voorziening WOZ komen ten laste van de afnemers. Het Rijk betaalt 40 percent, de gemeenten 45 percent en de waterschappen 15 percent.
**2.** De Waarderingskamer draagt zorg voor de verrekening van de vergoeding van de kosten van de landelijke voorziening WOZ door de afnemers met de Dienst.
**3.** De begroting voor de kosten van de landelijke voorziening WOZ wordt uiterlijk vastgesteld door de Waarderingskamer op 30 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarop die kosten betrekking hebben.
**3.** De begroting voor de kosten van de landelijke voorziening WOZ wordt vastgesteld overeenkomstig de begroting van de Waarderingskamer.
**4.** De waterschappen betalen aan het Rijk jaarlijks een vergoeding voor het aandeel van de waterschappen in de kosten van de landelijke voorziening WOZ. Het Rijk zorgt voor de betaling aan de Waarderingskamer. Artikel 2, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
**4.** De waterschappen betalen aan het Rijk jaarlijks een vergoeding voor het aandeel van de waterschappen in de kosten van de landelijke voorziening WOZ. Het Rijk zorgt voor de betaling aan de Waarderingskamer. Artikel 2, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
**5.** Het Rijk voldoet zijn aandeel in de begrote kosten binnen vier weken na vaststelling van de begroting aan de Waarderingskamer.
**6.** Na de goedkeuring door Onze Minister van de jaarrekening van de landelijke voorziening zoals opgemaakt door de Dienst, vindt de definitieve kostenverrekening plaats.
**6.** Na de goedkeuring door Onze Minister van de jaarrekening van de landelijke voorziening vindt de definitieve kostenverrekening plaats met de kosten van het jaar volgend op het jaar waarover die jaarrekening is vastgesteld.
**7.** De gemeenten betalen aan de Waarderingskamer een vergoeding voor het aandeel van de gemeenten in de kosten van de landelijke voorziening WOZ. De artikelen 2, zesde lid, en 5, tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
## Hoofdstuk 3. Gegevensbeheer